Programmabegroting 2025 - 2028.pdf
Tekst van het document
▪ Forensenbelasting: deze belasting kan worden geheven van natuurlijke personen die niet in de gemeente wonen, maar die wel meer dan 90 dagen per jaar verblijf houden of die daar meer dan 90 dagen per jaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Vooral recreatiewoningen worden in deze heffing betrokken.
92
▪
Precariobelasting: deze belasting kan worden geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Met voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond wordt bedoeld grond in eigendom van de gemeente die strekt tot algemeen nut en waar eenieder belang bij kan hebben zoals parken, openbare wegen, pleinen etc. Bij de heffing van precariobelasting kan gedacht worden aan terrassen, standplaatsen, uitstallingen, circussen, reclameborden etc.
Bestemmingsheffingen ▪ Rioolheffing: met deze heffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: o de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater; o de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De belasting wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd en van gebruikers van percelen waarvoor hemelwater en/of grondwater wordt afgevoerd. Gelden alleen die laatste twee rubrieken, dan is het belang hiervoor beperkter en geldt daarom een goedkoper tarief. ▪ Afvalstoffenheffing: Op basis van de Wet Milieubeheer hebben gemeenten de wettelijke taak om zorg te dragen voor de verwijdering van afvalstoffen die afkomstig zijn van particuliere huishoudens. Hiervoor wordt afvalstoffenheffing in rekening gebracht als lokale belasting aan alle huisaansluitingen binnen de gemeente.
▪ BIZ bijdrage: de gemeenteraad kan onder de naam BIZ-bijdrage een heffing instellen op binnen een bepaald gebied in de gemeente (BI-zone) gelegen onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot woning dienen. De BIZ-bijdrage is een belasting die de kosten moet bestrijden, die verbonden zijn aan activiteiten die zijn gericht op het bevorderen van leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit of economisch belang in (relatie tot) de openbare ruimte van de BI-zone. De BIZ- bijdrage wordt geheven van een selectie van de gebruikers en/of eigenaren van de nietwoningen gelegen in de BI-zone (bijdrageplichtigen). De selectie komt tot stand op grond van een in de heffingsverordening te bepalen objectieve definitie. Als peilmoment geldt de situatie bij het begin van het kalenderjaar. In de verordening kan worden bepaald dat bij onroerende zaken die niet in gebruik zijn, de BIZ-bijdrage voor de ontbrekende gebruiker wordt geheven van de eigenaar. Rechten ▪ Begrafenisrechten: deze rechten worden geheven voor het begraven van een overledene op de gemeentelijke begraafplaatsen Memento Mori of De Akker. De aanvrager van deze dienst is belastingplichtig. Overigens vervullen begrafenisondernemers vaak een ondersteunende rol in zowel de begeleiding van de begrafenis als de financiële afwikkeling ervan.
▪ Marktgelden: deze rechten worden geheven ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten, bestaande uit het ter beschikking stellen van een standplaats voor het uitoefenen van de markthandel en daarmee verband houdende handelingen en/of gebruik van verstrekte hulpmiddelen. Het marktgeld wordt geheven van degene, die op de markt een standplaats inneemt. ▪ Havengelden: dit recht wordt geheven voor het met een vaartuig ligplaats nemen of het voor anker gaan in de gemeentelijke haven. Belastingplichtig is de schipper, de reder, de eigenaar van het vaartuig, degene aan wie het vaartuig in gebruik is gegeven of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. ▪ Leges: deze worden geheven voor gemeentelijke dienstverlening in de vorm van met name administratieve diensten, zoals het behandelen van aanvragen voor vergunningen en ontheffingen, het geven van inlichtingen, het verstrekken van afschriften, het afgeven van verklaringen, paspoorten, rijbewijzen etc. Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend.
93
Aanduiding van de lokale lastendruk Lokale lastendruk Met de hiervoor genoemde tariefmaatregelen 2025 voor de onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt een toename van de gemiddelde lastendruk voorzien van 6,84%. Dit geldt voor de gemiddelde burger van Bunschoten met een eigen woning en een meerpersoonshuishouden. Voor huurders geldt een gemiddelde stijging van 4,67%, omdat ze geen onroerendezaakbelastingen betalen, maar wel de andere twee heffingen. Nadrukkelijk wordt gesproken over gemiddelde lastendruk, omdat de effecten in incidentele gevallen afhankelijk zijn van de woningwaarde, de gezinssituatie en of men beschikt over een eigen woning of niet. Aan het eind van deze paragraaf is een overzicht toegevoegd van de ontwikkeling van de lokale lastendruk vanaf 2021 tot en met 2025 (periode van vijf jaar). Hierin is de lokale lastendruk voor genoemde heffingen nader uitgewerkt.
Beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente is vastgelegd in de kwijtscheldingsregeling van de gemeente Bunschoten. Hierin is opgenomen dat kwijtschelding voor de volgende gemeentelijke belastingen en rechten mogelijk is: ▪ onroerendezaakbelastingen: eigenarenbelasting voor woningen ▪ belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten: eigenarenbelasting voor woningen ▪ afvalstoffenheffing: het vastrecht eenpersoons- of meerpersoonshuishouden ▪ rioolheffing: gebruikersbelasting voor woningen Algemeen Bij het verlenen van kwijtschelding wordt voor de kosten van bestaan uitgegaan van 100% van de genormeerde bijstandsuitkeringen. Alleen in geval van pensioengerechtigden wordt hiervan sinds het jaar 2013 vanaf geweken door als norm te nemen 100% AOW met een deel van de tegemoetkoming koopkracht oudere belastingplichtigen. Aanleiding voor deze afwijking is de Wet geleidelijke afbouw van de dubbele heffingskorting, waardoor pensioengerechtigden in een nadeliger positie zouden komen te verkeren voor hun lokale kwijtscheldingsmogelijkheden. De raad heeft op deze tekortkoming in de wetgeving geanticipeerd door haar lokale kwijtscheldingsregeling hiervoor aan te passen. Verder heeft de raad kwijtschelding van privé belastingschulden van ondernemers mogelijk gemaakt. Het betreft voornamelijk de categorie ZZP-ers.
GBLT voert vanaf 2016 deze kwijtscheldingstaak voor de gemeente Bunschoten uit met de door de raad van de gemeente Bunschoten geformuleerde beleidsuitgangspunten.
Kostendekkingsoverzicht voor de verschillende leges en rechten Totaaloverzicht kostendekking leges en rechten 2024 en 2025 Heffingen Begroting 2024 Afvalstoffenheffing 100% Rioolheffing 100% Begraafrechten 100% Marktgelden 100% Leges algemene dienstverlening (hoofdstuk 1 75% Legesverordening) Leges omgevingsvergunning (hoofdstuk 2 Legesverordening) 71% Leges vallend onder Dienstenrichtlijn (hoofdstuk 3 100% Legesverordening)
Begroting 2025 100% 100% 100% 100% 76 % 92 % 100%
94
Afvalstoffenheffing Voorgesteld wordt de tarieven voor 2025 te verhogen met 6,40% inflatie. Bedragen in € x 1,Kosten afval Mutatie egalisatiereserve Aandeel straatvegen/papierbakken Afvalstoffenheffing Btw component Opbrengst oud papier/ kunststof/glas/zwerfafval/oud ijzer Verrekening groen/veegafval Dividend ROVA Totaal
Begroting 2024 Lasten Baten 2.792.364 9.097 45.000 2.705.000 224.000
Begroting 2025 Lasten Baten 2.910.044 26.823 45.000 2.895.000 224.000
276.261 40.000 49.200 3.070.461
221.667 40.000 49.200 3.205.867
3.070.461
3.205.867
Toelichting De kosten voor afval zijn geraamd op basis van de begrotingen van de AVU en de ROVA. Ook is een bedrag van € 50.000,- extra in de kosten meegenomen voor de werkzaamheden die GBLT verricht voor het opleggen van de aanslagen (besluit kadernota). De baten zijn geraamd op basis van de besluitvorming kadernota. Per saldo kan nog een bedrag van bijna € 27.000,- worden toegevoegd aan de egalisatiereserve. Rioolheffing Voorgesteld wordt de tarieven voor 2025 te verhogen met 1,40% (6,40% min korting 5%) inflatie. Bedragen in € x 1,Kosten riolering Aandeel baggeren grachten etc. Btw-component Mutatie reserve riolering, afschrijving basisvoorziening Rioolheffing Totaal
Begroting 2024 Lasten Baten 1.727.668 80.000 119.468
1.927.136
Begroting 2025 Lasten Baten 1.820.868 80.000 121.380
39.136 1.888.000 1.927.136
2.022.248
84.248 1.938.000 2.022.248
Toelichting De kosten voor de riolering zijn geraamd op basis van de rioolbeheerplannen. Gelet op de stand van de egalisatiereserve riolering en de verwachte autonome hogere opbrengsten rioolheffing is bij de kadernota besloten een korting van 5% te geven op normaal toe te passen inflatie van 6,40%. Begraafrechten Voorgesteld wordt de tarieven voor 2025 te verhogen met 6,40% inflatie. Bedragen in € x 1,Kosten begraven Mutatie egalisatiereserve Begraafrechten Totaal
Begroting 2024 Lasten Lasten 513.478 68.726 444.752 513.478 513.478
Begroting 2025 Lasten Baten 496.610
496.610
23.394 473.216 496.610
Toelichting De kostendekkendheid op de begraafrechten is de afgelopen jaren verbeterd door de besluitvorming die hierover heeft plaatsgevonden. Ten opzichte van de raming 2024 hoeft er minder onttrokken te worden aan de egalisatiereserve begraven.
95
Marktgelden Voorgesteld wordt de tarieven voor 2025 te verhogen met 6,40% inflatie. Bedragen in € x 1,Kosten markt Mutatie egalisatiereserve Marktgelden Opbrengst water/stroomverbruik Totaal
Begroting 2024 Lasten Baten 97.119
97.119
Begroting 2025 Lasten Baten 87.744 17.119 64.000 16.000 97.119
87.744
3.744 68.000 16.000 87.744
Toelichting: De kosten van de markt zijn in 2025 lager geraamd door een betere indicatie van de toerekening van de salariskosten (incl. overhead). Dit effect verwachten we ook bij de jaarrekening 2024 terug te zien. Voor het overige zijn er geen afwijkingen ten opzichte van 2024. Leges Voorgesteld wordt de tarieven voor 2025 met 6,40% te verhogen. Bedragen in € x 1,Algemene dienstverlening Omgevingsvergunningen Dienstenrichtlijn
Begroting 2024 Lasten Baten 393.000 295.000 672.000 616.000 5.000 5.000
Begroting 2025 Lasten Baten 473.000 357.000 715.000 655.000 5.000 5.000
Hoofdstuk 1. Algemene dienstverlening (onder andere leges burgerzaken/afdracht Rijksleges/overige leges) Toelichting: de opbrengst van de leges is bijgesteld op basis van de ontwikkelingen bij de jaarrekening 2023 en inflatie en het effect van de extra lasten/baten door de zogenaamde piek in de afgifte van reisdocumenten. Hoofdstuk 2. Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet Toelichting: De raming van de legesopbrengst 2025 is gebaseerd op de tarieven voor nieuwe Omgevingswet en de WKB, maar voorlopig gelijk gehouden aan de geraamde opbrengst 2024 gecorrigeerd met inflatie van 6,40%. Het is nu nog te vroeg om de raming goed te kunnen baseren op de invoering van de nieuwe omgevingswet, dit zal na het volledige jaar 2025 in medio 2026 getoetst gaan worden. De verwachte kostendekkendheid bedraagt 92% voor begrotingsjaar 2025 en is in vergelijking met voorgaande begrotingsjaren circa met 20% gestegen. Hoofdstuk 3. Dienstverlening vallend onder de Dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2(voornamelijk APV aangelegenheden) Toelichting: Beperkt effect en niet verder toe te lichten.
96
Overzicht lokale lastendruk (over de periode 2021 tot en met 2025) Tariefscenario 2025: ▪ Tariefstijging OZB eigenarenbelasting woningen = +11,40% (3,20% inflatie + 3,20% correctie inflatie + 5,00% extra) ▪ Tariefstijging afvalstoffenheffing/ nascheiding = +6,40% (3,20% inflatie + 3,20% correctie inflatie) Afvalstoffenheffing per huishouden = € 353,- voor meerpersoonshuishoudens en € 320,- voor eenpersoonshuishoudens. ▪ Tariefstijging rioolheffing = +1,40% (3,20% inflatie + 3,20% correctie inflatie - 5,00% korting) Rioolheffing – vastrecht voor woningen = € 185,Eigen woning Aanslag gemeentelijke belastingen bij gemiddelde woningwaarde en meerpersoonshuishouden Onroerendezaakbelastingen, eigenarenbelasting Afvalstoffenheffing per perceel/huishouden Rioolheffing standaardtarief Totaal (€) Percentage cumulatief Stijgingspercentage t.o.v. vorig jaar Stijging concreet bedrag t.o.v. vorig jaar (€) Inflatiepercentage
2021
2022
2023
2024
2025
288,00
292,00
314,00
334,00
368,00
272,00
289,00
312,00
332,00
353,00
156,36 716,36
158,50 739,50
171,00 797,00
182,00 848,00
185,00 906,00
100
103,23 3,23
111,26 7,78
118,38 6,40
126,47 6,84
23,14
57,50
51,00
58,00
1,40
7,90
6,40
6,40
2,20
Huurwoning Aanslag gemeentelijke belastingen bij gemiddelde woningwaarde en meerpersoonshuishouden Afvalstoffenheffing per perceel/huishouden Rioolheffing standaardtarief Totaal (€) Percentage cumulatief Stijgingspercentage t.o.v. vorig jaar Stijging concreet bedrag t.o.v. vorig jaar (€) Inflatiepercentages
2021
2022
2023
2024
2025
272,00
289,00
312,00
332,00
353,00
156,36 428,36
158,50 447,50
171,00 483,00
182,00 514,00
185,00 538,00
100
104,47 4,47
112,76 7,93
119,99 6,42
125,60 4,67
19,14
35,50
31,00
24,00
1,40
7,90
6,40
6,40
1,70
97
98
3.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing is opgenomen in artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: ▪ De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. ▪ Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat tenminste een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, de risico’s en het beleid daarover. Ook, sinds de begroting 2016, zijn enkele kengetallen verplicht in deze paragraaf, met een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Bunschoten in staat is middelen vrij te maken om financiële risico’s op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid van de gemeentelijke dienstverlening‘.
Deze formulering is zo gekozen, omdat het niet wenselijk is, vooral na de doorgevoerde bezuinigingen, dat er opnieuw moet worden bezuinigd en/of omgebogen indien zich onverwachts substantiële tegenvallers voordoen.
Notitie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is een indicator voor de robuustheid van de financiële positie van de gemeente. Om te kunnen vaststellen of het weerstandsvermogen voldoende is, moeten de belangrijkste risico’s worden geïnventariseerd en gerelateerd aan de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om de financiële gevolgen van dergelijke niet begrote zaken te kunnen opvangen. Ook voor de grondexploitaties is het van belang de risico’s te onderkennen. Een overzicht reserves staat aan het eind van deze paragraaf opgenomen. Uit dit overzicht blijkt dat de reserve algemene dienst ultimo 2025 € 23,2 miljoen bedraagt.
Overzicht weerstandsvermogen Op de volgende pagina staat een overzicht van de weerstandscapaciteit. Een toelichting op deze tabel is hieronder te lezen. Het begrip onbenutte belastingcapaciteit is afgeleid van de normen die worden gehanteerd voor een artikel 12 gemeente. De onbenutte belastingcapaciteit voor Bunschoten wordt berekend op € 3,0 miljoen per 1 januari 2025. Het artikel 12 beleid voor de onderdelen riolering en afval blijft onveranderd 100% kostendekkend. In de begroting is dat ook het uitganspunt, waarbij wordt opgemerkt dat hierbij ook de mutaties in de egalisatiereserves zijn meegenomen. Voor wat betreft de totale jaarlijkse exploitatie is er een weerstandscapaciteit van gemiddeld € 3,1 miljoen (afgerond). Het weerstandsvermogen van de algemene dienst is € 23.228.000,-. Dit is de reserve algemene dienst. De ratio van het weerstandsvermogen wordt bepaald door de reserve algemene dienst à € 23.228.000,- te delen door de geïnventariseerde financiële risico’s à € 8.000.000,-. Dit betekent een ratio van het weerstandsvermogen van 2,9. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de gemeente Bunschoten de mogelijke financiële risico’s goed kan dekken. De risico’s binnen de grondexploitatie zijn in 2022 geactualiseerd bij het MPG. Uitgangspunt van de gewenste stand van de reserve is € 1 miljoen plus de geïnventariseerde risico’s (€ 2,5 miljoen).
99