Programmabegroting 2024 - 2027 def.pdf
Tekst van het document
Ook hiervoor worden we wel in de algemene uitkering gekort en dat bedrag is nu opgenomen als eigen bijdrage. In dit programma zijn de cijfers voor de inkomensregelingen en participatie gebaseerd op de begroting van BBS. In de rijkbijdrage BUIG is rekening gehouden met compensatie voor de verhoging van het minimumloon dat ook gekoppeld is aan de uitkeringen. Voor de raming van de WSW is de begroting van RWA/Amfors de basis. 67
68
2.7 Volksgezondheid en milieu (Taakveld Volksgezondheid valt onder de commissie Samenleving, portefeuillehouder P. van Asselt. De taakvelden Riolering, Afval, en Begraafplaatsen en crematoria horen bij de commissie Ruimte, portefeuillehouder W. de Jong. Begraafbeleid behoort bij M. van de Groep.)
Omschrijving programma (missie) De gemeente heeft oog voor de gezondheid van haar inwoners, iedereen moet optimale kansen op gezondheid hebben en de gezondheidsverschillen moeten kleiner worden. Daarnaast streeft de gemeente naar een duurzame en leefbare gemeente. Het programma bestaat uit de volgende taakvelden: ▪ Volksgezondheid ▪ Riolering ▪ Afval ▪ Milieubeheer ▪ Begraafplaatsen en crematoria
Context en achtergrond Volksgezondheid Tot dit taakveld behoren maatregelen ter bescherming van de gezondheid van de bevolking als geheel, van specifieke risicogroepen, van jeugd en van ouderen. De ruimte die gemeenten hebben om eigen gezondheidsbeleid te voeren, wordt bepaald door wettelijke en financiële kaders. De Wet Publieke Gezondheid is het belangrijkste wettelijke kader. Op basis van deze wet is de gemeente verantwoordelijk voor publieke gezondheidszorg. Publieke gezondheidszorg richt zich op de zorg voor de gezondheid van de hele samenleving en voor risicogroepen. Het is de taak om de gezondheid van de inwoners te beschermen, te bewaken en te bevorderen. Daarmee vult het de reguliere zorg aan, die vooral gericht is op genezing en verzorging van individuele patiënten op het moment dat hun gezondheid al geschaad is. Een groot gedeelte van de taken op het gebied van gezondheid is wettelijk vastgelegd, met weinig beleidsvrijheid voor de gemeente. De GGDrU is daarbij de belangrijkste uitvoerder. Het betreft de volgende taken: ▪ gezondheidsbevordering algemeen ▪ jeugdgezondheidszorg ▪ preventieve ouderengezondheidszorg ▪ infectieziektebestrijding Naast de Wpg heeft de gemeente ook te maken met de landelijke nota gezondheidsbeleid. De landelijke speerpunten bieden aangrijpingspunten voor gemeenten om effectiever beleid te voeren.
Tot slot hebben we als gemeente te maken met het Nationaal preventieakkoord. Voor de komende jaren wordt vanuit dit akkoord ingezet op de thema’s roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. Deze thema’s en het thema drugs zijn ook meegenomen in ons lokaal preventieakkoord. Het zijn de thema’s die leiden tot een groot gezondheidsverlies en die een hoge ziektelast veroorzaken. In 2023 is het IZA en het GALA gesloten. Zorgverzekeraars, de VNG en het Ministerie van VWS hebben uitgesproken dat er een verschuiving moet plaatsvinden van zorg naar preventie. Het doel hiervan is om de zorg voor de toekomst goed, toegankelijk en betaalbaar te houden. Als gemeenten zijn we een belangrijke partner in deze akkoorden. In 2023 wordt een nieuw beleidskader opgesteld voor het jaar 2024 en verder. Bij het opmaken van deze begroting waren visie en uitgangpunten nog in ontwikkeling. Daarom is ervoor gekozen de context van het beleidskader 2019-2023 aan te houden.
69
Riolering, Afval en Milieubeheer De gemeente vergunt bedrijfsvestigingen en bewaakt de milieubelasting door bedrijven, zorgt voor gescheiden inzameling van huishoudelijk afval, streeft naar energiebesparing, stimuleert waar mogelijk duurzaam bouwen, houdt een goede riolering in stand en geeft voorlichting aan burgers en bedrijven. Voor de uitvoering van het beleid maakt de gemeente gebruik van aanwezige wet- en regelgeving waaronder de Wet milieubeheer. Daarnaast komt vanuit het Klimaatakkoord en rijksgelden (Klimaatakkoord, Energiearmoede, Isolatieaanpak) een aantal verplichtingen op de gemeente af, dit maakt deel uit van de landelijke energietransitie. Begraafplaatsen en crematoria Gemeente Bunschoten bezit twee begraafplaatsen en geen crematoria. Memento Mori is de oudste begraafplaats die in 1908 in gebruik is genomen. Een deel van deze begraafplaats is aangewezen als monument. De begraafplaats de Akker is in 2005 in gebruik genomen. Deze begraafplaats is gelegen aan de rand van de polder en heeft een moderne en parkachtige uitstraling. Naast reguliere graven is een ruimte voor islamitische graven, een urnenkelder en een ruimte om as uit te strooien na een crematie.
Kaderstellende beleidsnota’s ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Coalitieakkoord 2022 - 2026 ‘Bouwen aan de toekomst’ Integraal beleidskader Sociaal domein 2024 - 2027 (onder voorbehoud van vaststelling door de raad) Lokaal Preventieakkoord 2021 Actieplan preventie alcohol en drugs onder jongeren 2022 – 2025 Gemeentelijk Water en Riolering Plan (GWRP) 2022 – 2026 Baggerplan Bunschoten 2013 - 2023 Beheerplan Oeververdediging en Frontmuren 2016 – 2030 Verbreed Basis Rioleringsplan 2019 Plan van Aanpak diffuse bronnen 2007 Quick Scan Wateroverlast Bunschoten Spakenburg oktober 2007 Parapluplan ‘Samen naar een duurzame afvalwaterketen’ 2014
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Baggerbeheerplan 2013 - 2023 Afvalstoffenverordening gemeente Bunschoten DVO ROVA gemeente Bunschoten Nota Integrale handhaving 2017 2020 DVO RUD gemeente Bunschoten Begraafplaats beheerplan gemeente Bunschoten 2015 – 2025 Nota Bodembeheer (inclusief bodemkwaliteitskaarten en PFAS) DVO energieloket Transitievisie Warmte met isolatieaanpak Afwegingskader grootschalige duurzame elektriciteit Voortgangsrapportage RES 2.0 en Stappenplan RES 3.0
Taakveld Volksgezondheid Wat willen we bereiken? ▪ ▪
Afname van het aantal inwoners met overgewicht. Afname van het aantal jeugdigen met problematisch alcoholgebruik
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Uitvoering geven aan het IZA en GALA. Uitvoering geven aan het actieplan preventie alcohol en drugs onder jongeren, waaronder het vergroten van bewustwording van de gevaren van alcoholgebruik bij minderjarigen. Uitvoering geven aan het Preventieakkoord Bunschoten. Stimuleren van gezonde kantines/ clubhuizen bij sportverenigingen. Verdere stimulering, advisering en begeleiding voor scholen volgens de Gezonde Schoolaanpak.
Zie voor het bevorderen van sport en bewegen het Taakveld Sportbeleid en activering (blz. 51). Indicatoren Volksgezondheid U treft vooralsnog alleen de verplichte landelijk indicatoren aan bij dit hoofdstuk. De nieuwe integrale beleidsnota Sociaal Domein, waarin weer nieuwe indicatoren zijn opgenomen, wordt eind 2023 aan de raad aangeboden. Bij het opstellen van de begroting waren deze nog niet bekend. 70
Taakveld Riolering Wat willen we bereiken? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Een optimaal functionerend rioleringsstelsel. Het rioolstelsel en de omgeving is voor zover mogelijk klimaat adaptief ingericht. Dat wil zeggen dat bij vervanging van het stelsel en de inrichting van de openbare ruimte er rekening is gehouden met klimaatontwikkelingen. De riool hoofdgemalen zijn veilig en schoon, voldoen aan de huidige wettelijke eisen en functioneren optimaal. Voor de gemeentelijke rioolleidingen op particulier terrein worden zakelijke rechten gevestigd. Doelmatig rioolbeheer vindt plaats zoals in het door de gemeenteraad vastgestelde GWRP 2022 - 2026 is aangegeven. Bewoners zijn zich bewust van het gebruik van de riolering. Bewoners zijn meer betrokken bij het klimaat adaptief inrichten van de openbare ruimte in de gemeente en de particuliere terreinen. Hiervoor is een regeling opgezet waarbij bewoners een bijdrage kunnen krijgen voor de aanleg van een “groen” dak.
Wat gaan we er voor doen? ▪
▪ ▪ ▪ ▪
De hoofdriolen worden volgens de methode van risico gestuurd beheer gereinigd en geïnspecteerd. Hierbij worden de relatief jonge minder belangrijke rioolstrengen minder vaak geïnspecteerd ten opzichte van de oudere rioolstrengen met een transportfunctie. In een aantal straten wordt de riolering vervangen. Het onderhoud van de rioolgemalen zal aanbesteed worden voor een langere periode. Het project “Vervanging hoofdriolen Schildersbuurt” wordt afgerond. De wijk heeft na het afronden van de werkzaamheden een meer klimaat adaptieve inrichting. Met het waterschap Vallei en Veluwe en het Platform Water Vallei en Eem werken we samen om de waterketen zo optimaal mogelijk in te richten. Bewoners stimuleren we met een bijdrage om platte daken te voorzien van vegetatie (groen dak). Verder informeren we de bewoners over het juiste gebruik van de riolering en worden zij bewust gemaakt van de verandering van het klimaat en de invloed daarvan op de leefomgeving.
Taakveld Afval Wat willen we bereiken? ▪ ▪
Een schone gemeente en een functionele grondstoffen- en restafvalinzameling. Op effectieve en efficiënte wijze continueren van het systeem van nascheiding.
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪ ▪
Naar aanleiding van de eerdere evaluatie van het systeem van nascheiding de verbeterpunten verder uitwerken en invoeren. Het verminderen van de vervuiling van het GFT door inzet van voorlopers, controles en eventueel handhaving. Samen met de AVU en ROVA werken aan het terugdringen van afval en het bevorderen van het hergebruik van grondstoffen.
Taakveld Milieubeheer Wat willen we bereiken? ▪
Het behouden en zo mogelijk verbeteren van een duurzame leefomgevingskwaliteit in Bunschoten, waarbij de milieutaken op adequaat niveau zijn. Om de milieudoelstellingen te bereiken kunnen onder andere juridische (regelgeving, convenanten) en economische (subsidie/belasting) middelen ingezet worden. De gemeente werkt lokaal en in regieverband aan de energietransitie, daarbij is participatie van groot belang. De mogelijkheden voor het verbeteren van een duurzame leefomgevingskwaliteit worden gezocht aan de hand van twee centrale vragen: o Hoe moet de ruimte, bedrijvigheid, samenleving en overheidsorganisatie zich vanuit een ‘duurzaamheids- en leefbaarheidsbril’ ontwikkelen? o Welke bijdrage kunnen de Bunschotense gebieden, bedrijven, burgers en overheidsorganen leveren aan het realiseren van een duurzame leefomgevingskwaliteit? 71
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Met betrokken partijen invulling geven aan actuele onderwerpen op het gebied van leefbaarheid, zoals afvalinzameling en -scheiding, het besparen van energie in en het isoleren van de gebouwde omgeving en het opwekken van duurzame energie. Integraliteit met betrekking tot het onderwerp klimaatadaptatie verder vormgeven. Werken met de Omgevingswet per 1 januari 2024. Voorbereiden op de Inpassing van de Wet bodembescherming in de Omgevingswet met daarbij de overgang van de bevoegd gezag rol van provincie naar gemeente. Voorbereiden van de implementatie van de Omgevingswet op het gebied van milieu en duurzaamheid. In het kader van de Omgevingswet samenwerken met RUD. Voorbereiden overdracht bodemtaken van provincie naar gemeente. Integraal samenwerken met handhavers in de gemeentelijke organisatie en daarbuiten (bijvoorbeeld het Waterschap in het discrepantieproject), vanuit het vastgestelde Actualisatie Integrale Handhavingsbeleid. De informatieplicht energiebesparing implementeren door voorlichting richting bedrijven en het overdragen van het toezicht aan de RUD. Voorlichting aan bedrijven over verduurzaming zetten we voort via de aangestelde duurzaamheidsadviseurs voor bedrijven en contacten met de lokale bedrijven(kring).
Vanuit de RES werkt de gemeente regionaal samen aan onderzoek naar grootschalige opwek van elektriciteit, regionale warmtebronnen en oplossingsrichtingen voor netcongestie. De potentie van zonne-energie langs de A1 wordt onderzocht samen met Rijkswaterstaat en aangrenzende gemeenten. Vanuit het lokale Afwegingskader grootschalige duurzame elektriciteit onderzoekt de gemeente de potentie van zonne-energie op grootschalige daken en hoe dit kan worden gestimuleerd in combinatie met oplossingsrichtingen voor netcongestie. Vanuit de Transitievisie Warmte wordt een isolatieaanpak opgesteld. Onderdeel van dit traject is het opstellen van een soortenmanagementplan, dit om kwetsbare diersoorten te beschermen. Energiebesparende maatregelen worden aangeboden aan onder meer huishoudens in energiearmoede en woningen met lage energielabels. Voorlichting over verduurzaming gericht op woningen vindt plaats via het energieloket, vrijwillige energiecoaches, de gemeentewebsite en verschillende verduurzamingsacties. Een inspiratiegids met duurzaamheidsmogelijkheden voor kleine tot grote ruimtelijke plannen is in ontwikkeling. Voor duurzame mobiliteit werken aan het verder verdichten van een netwerk van openbare laadpunten. Ook worden ontwikkelingen rond snelladen en slim laden gevolgd.
▪
Taakveld Begraafplaatsen en crematoria Wat willen we bereiken? ▪
Nette begraafplaatsen en begrafenissen, waarbij orde, respect, rust en netheid de belangrijkste uitgangspunten zijn.
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪ ▪ ▪
Uitvoering geven aan het reguliere begraafbeleid. Het beheren en onderhouden van de begraafplaatsen op een hoog onderhoudsniveau. Het ruimen van graven op begraafplaats Memento Mori. Het voorbereiden van de werkzaamheden voor de herinrichting, inclusief de aanleg van drainage, van het vrijkomende grafveld op begraafplaats Memento Mori.
72
Verbonden partijen Volksgezondheid en milieu Gemeentelijke GezondheidsDienst regio Utrecht De GGDrU beschermt, bewaakt en bevordert de gezondheid van de gemeenten in het werkgebied. Zij doet dit door de risico’s voor gezondheid te signaleren, te voorkomen en de gezondheid van de inwoners te bevorderen. Ook als er incidenten uitbreken in de regio zorgt de GGDrU voor snelle hulpverlening, in samenwerking met de VRU. Afvalverwijdering Utrecht De AVU werkt samen met en in opdracht van de Utrechtse gemeenten in de afvalketen en draagt zorg voor de overslag, het transport en de verwerking van het huishoudelijk afval van de deelnemende gemeenten in de provincie Utrecht. Regionale uitvoeringsdienst Utrecht De RUD Utrecht voert vergunningverlenings-, handhavings- en adviestaken uit voor de provincie Utrecht en 11 andere gemeenten waaronder Bunschoten. De manier waarop de RUD en haar opdrachtgevers samenwerken en de verdeling van taken en bevoegdheden zijn vastgelegd in een gemeenschappelijke regeling. De vergunningverleners en toezichthouders werken aan een schoon milieu, natuurbehoud en een veilige leefomgeving. N.V. ROVA Holding De ROVA zamelt de huishoudelijke afvalstoffen in, in de gemeente Bunschoten. Vitens N.V.
Vitens NV heeft als missie een duurzame, efficiënte en effectieve watervoorziening binnen het voorzieningsgebied van de aangesloten bedrijven, voor de verschillende deelmarkten en doeleinden van waterverbruik, volgens de hoogste standaards op het gebied van kwaliteit, gezondheid en beschikbaarheid, gebaseerd op een integraal beheerde en duurzaam ingerichte waterketen.
Indicatoren Volksgezondheid en milieu Indicator
Eenheid
Bron
Omvang huishoudelijk restafval Hernieuwbare elektriciteit
KG per inwoner
CBS
%
Rijkswaterstaat Klimaatmonitor
Bunschoten 2021 36
Nederland 2021 169
14,8
33,2
73
Wat mag het kosten? Programma Volksgezondheid en milieu (bedragen x € 1.000,-) Rekening Raming Raming 2022 2023 2024
Meerjarenraming 2025 2026
2027
Lasten programmaonderdeel Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
1.047 1.606 2.996 1.058 410
1.178 1.818 2.984 1.308 431
1.291 1.927 3.061 1.386 513
1.291 1.955 3.060 1.373 517
1.247 1.987 3.039 975 517
1.156 1.964 3.038 969 517
Totaal lasten
7.117
7.719
8.179
8.196
7.765
7.645
Baten programmaonderdeel Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
3 1.633 2.836 57 486
145 1.663 2.858 411 418
135 1.888 3.070 414 445
135 1.888 3.110 418 445
91 1.888 3.150 25 445
0 1.888 3.190 25 445
Totaal baten
5.015
5.495
5.953
5.996
5.599
5.548
Saldo programmaonderdeel Volksgezondheid Riolering Afval Milieubeheer Begraafplaatsen en crematoria
1.044 -27 159 1.001 -76
1.033 155 126 897 13
1.156 39 -9 972 69
1.156 67 -50 955 72
1.156 99 -112 950 73
1.156 76 -152 944 72
Totaal saldo
2.102
2.224
2.227
2.200
2.166
2.097
Investeringen (Bedragen x €1,-)
2024
2025
2026
2027
Afsluiten duikers
16.500
16.500
16.500
-
Vervanging actualisering gemeentelijk Rioleringsplan
-
25.000
-
-
Vervanging actualisering basis Rioleringsplan
-
22.500
-
-
Vervanging/renovatie riolering 2022 e.v.
-
363.700
439.000
691.000
Vervangen gemalen
-
-
-
85.500
Aanleg 4e grafheuvel begraafplaats De Akker
197.000
-
-
-
Vervangen gereedschappen voor begraafplaatsen
31.842
-
-
-
Riolering klimaat stresstest, BRP en GWRP
-
37.000
-
-
Schildersbuurt integrale herinrichting
-
640.000
-
-
Kast, elektr. en mechanisch deel hoofdgemalen
-
-
-
58.000
10.000
-
-
-
-
-
-
19.000
255.342 1.104.700
455.500
853.500
Aanbiedstation huisvesting en slagboom Afvalbakken hondenpoep Totaal
74
Toelichting De lasten van taakveld Volksgezondheid hebben vooral betrekking op de begroting van de GGDrU. De overige mutaties hebben vooral betrekking op de inflatie. De voor- en nadelige saldi van afval, riolering en begraven worden verrekend met de betreffende egalisatiereserves. Een meer uitgebreide toelichting is opgenomen in de paragraaf Lokale heffingen.
75
76
2.8 Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing (Commissie Ruimte, portefeuillehouders W. de Jong en R. Beukers)
Omschrijving programma (missie) De gemeente Bunschoten kenmerkt zich als een ‘eiland in de groene zee’. Ingezet wordt op het behoud van het open landschap rondom Bunschoten. Bunschoten wil voldoende ruimte houden voor opvang van de eigen bevolking en de ontwikkeling van de plaatselijke werkgelegenheid. Gestreefd wordt naar handhaving en versterking van de bestaande kenmerken en kwaliteiten: kleinschaligheid, cultuurhistorie, rust en natuur en de ligging aan het water. Het beleid streeft naar een zodanige inrichting van de gemeente dat voldoende ruimte bestaat voor wonen, werken en voorzieningen. Samen met bewoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties wordt er gewerkt aan een vitale gemeente, waar het aantrekkelijk is om in te wonen, werken en recreëren. Bij deze inspanningen wordt nadrukkelijker samengewerkt op regionaal niveau, onder andere met regio Amersfoort, regio Foodvalley en de provincie Utrecht, voor de gemeente overschrijdende uitdagingen (strategische agenda regio Amersfoort, regionale energiestrategie, regio woondeal met het Rijk 2022-2030, regionale programmering wonen, POVI, Ontwikkelbeeld 2030-2040, meer verbinden woon- en zorgthema’s etc). Het programma bestaat uit de volgende taakvelden: ▪ Ruimte en leefomgeving ▪ Grondexploitatie (niet- bedrijventerreinen) ▪ Wonen en bouwen
Context en achtergrond Ruimte en leefomgeving De rijksoverheid werkt sinds een geruim aantal jaren aan een wetgevingstraject dat grote gevolgen heeft voor de wetgeving en werkwijze binnen het omgevingsrecht (bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, water, erfgoed, natuur en infrastructuur). De nieuwe Omgevingswet, welke inmiddels door de Tweede en Eerste Kamer is vastgesteld, moet een groot aantal bestaande wetten en uitvoeringsregelingen (AMvB’s en ministeriële regelingen) gaan vervangen. Inmiddels is duidelijk geworden dat de wet na diverse vertragingen op 1 januari 2024 in werking zal treden. In navolging op de afgelopen jaren wordt in 2024 verder gewerkt aan de implementatie van de Omgevingswet in de organisatie. Activiteiten na de inwerkingtreding zijn onder meer het volgen van verdiepingscursussen en ervaring opdoen en efficiënt leren werken met de nieuwe wetgeving en systematiek. Verder wordt gewerkt aan de kerninstrumenten zoals de nieuwe omgevingsvisie, het omgevingsplan en aan de inzet op het automatiseringstraject (Digitale Stelsel Omgevingswet). Duidelijk is dat we er nog niet zijn bij de inwerkingtreding, maar dat er juist daarna nog veel inspanningen verricht moeten worden, onder meer om daadwerkelijk te komen tot een gemeente breed omgevingsplan.
Net als in het afgelopen jaar blijft de gemeenteraad op een passende manier geïnformeerd en betrokken bij dit implementatietraject. Eén van de belangrijke opgaven vanuit het coalitieakkoord betreft de woningbouwopgave. In het kader van dit programmaonderdeel van de begroting wordt werk gemaakt om deze ambitie zoveel mogelijk te realiseren. De gemeente kan hierin een belangrijke voorwaarde scheppende rol vervullen, maar uiteindelijk is de gemeente voor de bouw en realisatie van de woningen wel in sterke mate afhankelijk van een groot aantal partijen en factoren, zoals de marktomstandigheden, procedures etc.
77
Grondexploitatie Voor dit taakveld gelden enkele algemene beleidsuitgangspunten. Ten behoeve van de uitgangspunten wordt aan diverse woningbouwprojecten (mee)gewerkt. Vanuit deze projecten worden woningen toegevoegd waarmee het inwoneraantal kan worden verhoogd. Door in de projecten te participeren en voorwaarden te stellen aan het woningbouwprogramma wordt voorzien in passende woonruimte voor de doelgroepen van het vastgestelde volkshuisvestingsbeleid. In regionaal verband wordt gewerkt vanuit de vastgestelde Regionale ruimtelijke visie Regio Amersfoort. Wonen Woonvisie 2025-2029 De programmering van de woonvisie 2020-2025 loopt af in 2024. Nu start de voorbereiding op een nieuw omgevingsprogramma wonen 2025-2029, inclusief een woonzorgvisie (nieuwe tool met regionale insteek) en uitvoeringsagenda. Bij het omgevingsprogramma wonen wordt qua thematiek meer ingespeeld op de toenemende behoefte aan sociale huurwoningen, middenhuur woningen en betaalbare koopwoningen. Volgens de aankomende Wet versterken regie op de Volkshuisvesting, die naar verwachting per 1 januari 2024 in werking treedt, wordt meer gekoerst c.q. geprogrammeerd op 30% sociale huur en 37% middenhuur en betaalbare koop tot € 355.000, totaal 67%.
Er komt nog meer nieuwe wetgeving op de gemeente af, waarop we ons moeten voorbereiden: ▪ Wet goed verhuurderschap (meldpunt met toezicht en handhaving komt bij de gemeente); ▪ Wet betaalbare huur (puntensysteem voor redelijke huur); ▪ Wet vaste huurcontracten (dit wordt de nieuwe norm na een evaluatie over de wet flexibele huurcontracten uit 2016); ▪ Aanpassing Huisvestingswet met de mogelijkheid om meer woningen (50%) toe te wijzen aan de eigen inwoners - geldt naar verwachting vooral voor sociale huur en betaalbare nieuwbouw koopsector vanwege aantoonbare schaarste. De belangrijkste doelgroepen voor huisvesting blijven de jeugd/starters en de senioren, maar er wordt een programma gerealiseerd voor alle doelgroepen. Ook komt er vanuit het Rijk meer aandacht voor urgente doelgroepen, zoals terugkeer uit maatschappelijke opvang, beschermd wonen en ook meer aandacht voor deugdelijke huisvesting arbeidsmigranten. Specifiek worden arbeidscontracten en huurcontracten van woningen daarbij uit elkaar getrokken. Senioren en specifieke doelgroepen Net als de vorige woonvisieperiode verwachten we dat we de komende jaren naast de klassieke nieuwbouw-methoden ook de meer creatieve nieuwbouwconcepten, zoals Knarhofjes, gespikkeld wonen, Tiny Houses en/of micro-wonen voor de verschillende doelgroepen blijven omarmen.
Starters en middeninkomens Voor starters worden meer kansen gecreëerd, waarbij de inzet is om voor 50% tot 67% nieuwbouw te realiseren in het segment sociale huur, middenhuur en betaalbare koop tot € 355.000,-. Ook mensen met een middeninkomen moeten hierdoor beter bediend worden. Naast de gemeente gaat ook de provincie hier nadrukkelijk op sturen op basis van regionale programmering voor Wonen (en werken) en de woondeal 2022-2030 als voorloper op de Wet versterken regie op de Volkshuisvesting. Voor de periode 2020 t/m 2024 verwachten we gemiddeld te kunnen voldoen aan programmering en realisatie van 50% sociale huur, middenhuur en betaalbare koop tot € 355.000,-. Vanaf het jaar 2025 wordt bekeken of dat percentage verhoogd kan worden maximaal 67%, zoals de Wet versterken regie op de Volkshuisvesting vereist. Woondeal regio Amersfoort met het Rijk - periode 2022-2030 Er zijn vanaf 2022 heel veel tegenwind factoren ontstaan (hogere hypotheekrente, hogere bouwkosten, hogere energieprijzen, netcongestie etc), waarbij de koopkracht is afgenomen, de bereidheid om te investeren in woningen onder druk staat en een dergelijke ambitieuze versnelling nog lastig te realiseren valt. De komende tijd gaan we zien hoe ver we komen. Dit betreft overigens een landelijk probleem, waarin de gemeente niet alleen staat.
78
Huisvestingsverordening De Huisvestingsverordening Bunschoten 2022-2025 wordt wellicht in de loop van het jaar 2024 nog aangepast met nieuwe c.q. ruimere mogelijkheden voor toewijzing van 50% (was 25%) sociale huurwoningen en 50% nieuwbouw betaalbare koop aan de eigen inwoners van de gemeente Bunschoten. Randvoorwaarde is dat de Huisvestingswet tijdig wordt aangepast en inwerking treedt. In 2025 gaan we evalueren of er behoefte bestaat aan een nieuwe Huisvestingsverordening Bunschoten 2026-2029. De verwachting is van wel. Enerzijds vanwege het huidige beeld van schaarste aan sociale huurwoningen en betaalbare koop. Dat kunnen we pas oplossen over een langere periode. Anderzijds komt er ook Rijkswetgeving aan die het urgentievraagstuk voor passende sociale huurwoningen verbreed naar meer doelgroepen, vanuit het Rijksprogramma “Een thuis voor iedereen”. Dat vraagstuk wordt naar verwachting in regioverband opgepakt, zodat we in de regio zoveel mogelijk gaan werken met min-of-meer uniforme verordeningen en uitgangspunten. Prestatieafspraken met woningcorporaties en huurdersorganisaties In het jaar 2022 zijn nieuwe prestatieafspraken 2022-2025 integraal opgezet met beide corporaties en huurdersorganisaties. Woningcorporatie Omthuis en huurdersraad Eemland sluiten dan aan bij woningcorporatie G&O en huurdersbelangenorganisatie HGO.
Het jaarlijks bod van corporaties (wettelijk verplicht voor 1 juli) vormt ieder jaar het vertrekpunt om te bezien of prestatieafspraken moeten worden aangepast of dat er nieuwe afspraken moeten worden opgenomen in de opzet prestatieafspraken. Bouwen In de Wabo, hoofdstuk 7 van het Besluit omgevingsrecht en hoofdstuk 10 van de Ministeriele regeling omgevingsrecht zijn de kwaliteitseisen voor handhaving opgenomen. Hierin wordt voorgeschreven dat het handhavingsbeleid jaarlijks in een uitvoeringsprogramma moet worden uitgewerkt. Daarin staat waaraan de beschikbare capaciteit wordt besteed. Deze verdeling is gebaseerd op wettelijke vereisten, het lokale handhavingsbeleid en de risicoanalyse die jaarlijks wordt uitgevoerd. De verantwoording hiervan gebeurt door middel van een jaarlijkse evaluatie en bijstelling van de beleidsen uitvoeringscyclus (De big-8-cyclus). Het uitgangspunt voor het bepalen van de hoogte van de leges is dat de leges kostendekkend moeten zijn. De leges van de omgevingsvergunning vormen de belangrijkste inkomstenpost voor wat betreft de opbrengst van leges. Het promillage van de bouwleges wordt jaarlijks door de raad vastgesteld. Met de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet per 1 januari 2024 treedt ook de Wet Kwaliteitsborging in werking.
Deze wet zorgt ervoor dat het bouwtechnische toezicht op de reguliere nieuwbouwwoningen - vallend onder de categorie gevolgklasse 1 - overgaat van de gemeente naar de particuliere sector. De bouwers/ontwikkelaars moeten hiertoe een particulier toetsorgaan inhuren om de kwaliteit van de nieuwbouw van dit type woningen te borgen. Dit heeft ook impact voor de leges voor de omgevingsvergunningen, welke met circa 30% zullen afnemen. Eind 2023 wordt een nieuwe legesverordening Bunschoten 2024 ter vaststelling voorgelegd aan de raad, waarin deze uitgangspunten zijn verwerkt.
Kaderstellende beleidsnota’s ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Coalitieakkoord 2022 - 2026 ‘Bouwen aan de toekomst’ Toekomstvisie 2025 ‘Gemeente Bunschoten zijn we samen!’ Omgevingsvisie 2040 Interim Omgevingsverordening Provincie Utrecht 2021 Omgevingsvisie Provincie Utrecht 2021 Regionale Ruimtelijke Structuurvisie Masterplan Rengerswetering 2007 Stedenbouwkundig plan Rengerswetering eiland 4 2020 Stedenbouwkundig en beeldambitieplan Rengerswetering eiland 5 2023
▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Woonvisie Bunschoten 2020 – 2025 Huisvestingsverordening 2022 – 2025 Prestatieafspraken tussen gemeente, corporaties en huurdersbelangenorganisaties 2022 – 2025 Bouwbesluit Welstandsnota gemeente Bunschoten 2017 Bouwverordening Bestemmingsplannen
79
Taakveld Ruimte en leefomgeving Wat willen we bereiken? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Werken conform de omgevingswet. De doelstellingen realiseren uit de toekomstvisie 2025 wat betreft het werkveld ruimtelijke ordening en de Omgevingsvisie Bunschoten 2040. Een raamwerk omgevingsplan opstellen. Regievoering op de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente Bunschoten. Uitbreiding van de kern Eemdijk. Streven naar het behoud van de kernkwaliteiten van het buitengebied, waarbij de agrariërs worden gestimuleerd mee te denken over de bijdrage die zij kunnen leveren aan het realiseren van maatschappelijke doelen. Er wordt agrariërs ondersteuning gegeven bij gesprekken tussen diverse partijen om agrarische mogelijkheden en/of nevenactiviteiten te onderzoeken.
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
Verder werken aan het raamwerk en de kerninstrumenten van de nieuwe omgevingswet (omgevingsvisie en omgevingsplan). Volgen van verdiepingscursussen en ervaring opdoen met het werken volgens de nieuwe omgevingswet. Ervaring opdoen met het Digitale Stelsel Omgevingswet. Verder uitvoering geven aan het masterplan Rengerswetering, door het opstellen van verkavelingsplannen en uitwerkingsplannen. Uitvoering geven aan het diverse projecten, zoals Tiny Houses, Oostsingel/Garnalenweg, de uitgifte van de schoollocaties en andere inbreidingslocaties. Waar nodig faciliterend optreden bij de overige in het uitvoeringsprogramma opgenomen (woningbouw)projecten. Toetsing en begeleiding en advisering over ruimtelijke plannen. Toepassen van het vastgestelde grondbeleid. Daar waar actief grondbeleid wordt gevoerd gebruik maken van de instrumenten uit de Wet voorkeursrecht gemeenten en de Onteigeningswet. De overige plannen procedureel en projectmatig begeleiden (onder meer vergunningverlening en contractvorming met betrekking tot kostenverhaal en dergelijke). De plannen met betrekking tot uitbreiding van Eemdijk zorgvuldig procedureel begeleiden en faciliteren.
Taakveld Grondexploitatie (niet- bedrijventerreinen) Binnen de gemeente is een aantal projecten in uitvoering die betrekking hebben op de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeente. Het gaat zowel om enkele grote ruimtelijke uitbreidingsplannen (woningbouw en bedrijfsterrein) als om enkele kleinere in ontwikkeling te nemen inbreidingslocaties. ▪ Rengerswetering Eén van de meest omvangrijke woningbouwprojecten in Bunschoten betreft Rengerswetering. In navolging op de eerste drie eilanden wordt in 2024 het vierde centrale parkeiland afgebouwd. Omdat daar vrijwel alle bebouwing in 2023 wordt opgeleverd, zal de nadruk liggen op het afbouwen van de school en de inrichting van het openbare gebied, aanleg van het park en de realisatie van de bruggen. Verder wordt de planvorming van eiland 5 vervolgd. Zo wordt het bouwrijp maken voorbereid, aanbesteed en gerealiseerd. Daarnaast zal worden gestart met de voorbereidingen van de woonrijp maken aan de hand van het vastgestelde stedenbouwkundig- en beeldambitieplan. Bovendien zullen de eerste ruim 70 koopwoningen worden ontwikkeld en in verkoop gebracht. En er wordt werk gemaakt van meer dan 80 huurwoningen. ▪ Plan Oostsingel In samenwerking met de initiatiefnemers zal worden gewerkt aan de voorbereiding en realisatie van het plan Oostsingel op en rondom het voormalige terrein van Amerongen Sierbestrating.
Het plan bestaat uit circa zes twee onder een kapwoningen en circa 49 appartementen. Tegen deze vergunning was beroep ingesteld. Dit beroep is gegrond verklaard en we beraden ons over de verdere ontwikkelingen.
80
▪ Project Tiny Houses Samen met woningstichting G&O wordt gewerkt aan de plannen voor de realisatie van 16 Tiny Houses binnen de gemeente. Hiertoe is tussen beide partijen een intentieovereenkomst ondertekend. De beoogde locatie voor deze woningen is de groenstrook achter de woningen aan de Frits de Zwerver, waar ter financiering van dit project ook 15 grondgebonden woningen worden gerealiseerd. De werkvoorbereiding is gestart voor het bouw- en woonrijp maken. Het streven is dat de bebouwing in 2024 gerealiseerd wordt. ▪ Kerkstraat De gemeente is in overleg over de restauratie van d’ Ouwe Sjool. De voorbereidingen voor de restauratie lopen in 2024 door. ▪ Diverse inbreidingslocaties Verspreid door de gemeente wordt nog met initiatiefnemers gewerkt aan enkele inbreidingslocaties waar (zorg-)woningen of appartementen (in een bestaande woning) gerealiseerd kunnen worden. Mogelijk dat een enkel initiatief in 2024 in uitvoering kan worden genomen. ▪ Herontwikkeling schoollocaties Op de locaties van de voormalige scholen, welke gemeentelijk eigendom zijn, willen wij woningen realiseren. Voor doorstroming is het noodzakelijk om seniorenwoningen te realiseren nabij voorzieningen. Bij de herontwikkeling van de voormalige schoollocaties onderzoeken wij deze opgave, waarbij ook aandacht is voor een juiste balans van woningtypen in relatie tot de Woonvisie.
▪ Uitbreiding Eemdijk-Oost In de 1e helft van 2023 heeft het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegen. De vaststelling is gepland voor het vierde kwartaal 2023. Na onherroepelijkheid van het bestemmingsplan zal de initiatiefnemer starten met de realisatie van het bouwplan.
Taakveld Wonen en bouwen Wat willen we bereiken? ▪ ▪
▪ ▪
▪ ▪
Voldoende woonmogelijkheden voor eigen inwoners, zowel in de huur- als de koopsector (specifiek voor starters en ouderen, maar ook voor bijzondere doelgroepen als mensen met een zorgbehoefte en met beperkingen). Een rechtvaardige en evenwichtige woonruimteverdeling, dat wil zeggen meer kansen voor groepen die aangewezen zijn op betaalbare huisvesting, zowel in de huursector (woningzoekenden die niet kunnen kopen, urgenten en bijzondere doelgroepen) als in de koopsector (starters en oudere doorstromers/senioren). Bouwen volgens de woonvisie vooral voor eigen inwoners, maar ook deels voor de regionale behoefte. Gezien de verscheidenheid in behoefte wordt gestreefd naar differentiatie in de bouw van woningen in Rengerswetering. Er moet evenwicht zijn tussen goedkope en duurdere woningen, ruime en minder ruime woningen, sociale en middenhuur woningen en de koopsector. Wel wordt gekeken of er nog meer een accent gelegd kan worden op de realisatie van woningen voor starters, met inachtneming van de motie “bouwen, bouwen, bouwen”. Ook wordt rekening gehouden met de woondeal en Wet versterking regie op de volkshuisvesting, waarbij meer sociale huur en betaalbare koop moet worden gerealiseerd. Naast Rengerswetering meer inbreidingslocaties voor een betere spreiding. Dit geldt vooral voor de sociale woningbouw, waarbij we kansen met eigen grondposities goed benutten.
Voor ouderen moeten vooral geschikte locaties gevonden worden nabij voorzieningen. Het vinden van voldoende geschikte locaties voor nieuwbouwwoningen voor de verschillende doelgroepen wordt nog een hele uitdaging voor de gemeente, corporaties en overige initiatiefnemers.
Wat gaan we er voor doen? ▪ ▪
Uitvoeren van de woonvisie 2020-2025 en woondeal regio Amersfoort met het Rijk 2022-2030. Opstarten nieuw omgevingsprogramma wonen met paragraaf woonzorgvisie en uitvoeringsagenda.
81
▪ ▪ ▪ ▪
▪
Verwerken uitkomsten woonbehoefteonderzoek 2023 en rekening houden met nieuwe wetgeving Wet versterken regie op de Volkshuisvesting met specifieke betaalbaarheidsambities sociale huur, middenhuur en betaalbare koop. Implementeren nieuwe wetgeving wonen: Wet goed verhuurderschap, Wet betaalbare huur, Wet vaste huurcontracten, aanpassing Huisvestingswet. Oppakken van initiatieven van (lokale) inwoners, ontwikkelaars en beleggers om te komen tot nieuwbouw en transformatie van niet-woningen tot woningen. Meer dan voorheen zal daarbij het accent op de betaalbaarheid van koopwoningen moeten liggen. Een verdiepingsslag maken met de provinciale Planmonitor woningen - meer kwaliteitscriteria (o.a. duurzaamheid, betaalbaarheid) naast de kwantiteitscriteria (aantallen woningen). Ook een dashboard opzetten vanuit de Provincie Utrecht om programmering en realisatie van sociale huur, middenhuur en betaalbare koop beter te kunnen monitoren. Met enige regelmaat om tafel met projectleider woondeal regio Amersfoort en coördinator versnelling nieuwbouw wonen van de provincie Utrecht knelpunten en kansen voor meer betaalbare programmering sociale huur, middenhuur en betaalbare koop te bespreken.
Indicatoren Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing Indicator
Eenheid
Gemiddelde WOZ-waarde woningen
1.000 euro
Nieuwbouwwoningen
Aantal per 1.000 woningen
Demografische druk
%
Woonlasten éénpersoonshuishouden Woonlasten meerpersoonshuishouden
Bron
Nederland 2023 369
Euro
Bunschoten 2023 CBS - Statistiek 420 Waarde Onroerende Zaken ABF-systeem 8,6 (2022) Woningvoorraad CBS - Statistiek 72,7 Bevolking COELO 806
Euro
COELO
942
835
9,3 (2022 70,3 860
.
82
Wat mag het kosten? Programma Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing (bedragen x € 1.000,-) Rekening 2022
Raming 2023
Raming 2024
1.669
458
425
425
425
425
359 944
1.532 1.084
3.065 1.249
8.797 1.245
5.824 1.243
5.770 1.242
2.972
3.073
4.738
10.466
7.492
7.437
1.603
2.358
3.010
1.657
32
32
5.738 611
1.532 645
3.065 647
8.797 647
5.972 647
5.918 647
7.952
4.535
6.721
11.101
6.651
6.597
Lasten programmaonderdeel Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen Totaal lasten Baten programmaonderdeel Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen Totaal baten
Meerjarenraming 2025 2026 2027
Saldo programmaonderdeel Ruimte en leefomgeving Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen
66
-1.900
-2.585
-1.232
393
393
-5.379 333
0 439
0 602
0 598
-147 596
-147 595
Totaal saldo
-4.981
-1.461
-1.983
-635
841
840
Investeringen (Bedragen x €1,-)
2024
2025
2026
2027
Software digitaal stelsel omgevingswet
58.000
-
-
-
Woonvisie 2025 - 2030
50.000
-
-
-
Totaal
108.000
-
-
-
Toelichting De raming van het taakveld Grondexploitatie is gebaseerd op de meerjarenprognose grondexploitatie. De geraamde baten op het taakveld Ruimte en leefomgeving hebben betrekking op potentiële opbrengsten van de vrijkomende schoollocaties en grondverkoop algemene dienst. De stijging van de lasten bij het onderdeel Wonen en bouwen is gevolg van toerekening formatie aan dit taakveld dat binnen de kaders van de totale personeelsbegroting valt.
83
84
3. PARAGRAFEN
85
86
3.1 Lokale heffingen (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf lokale heffingen is opgenomen in artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De paragraaf betreffende de lokale heffingen bevat tenminste de geraamde inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen, een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, een aanduiding van de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid. Begroting versus jaarrekening De belastingparagraaf in deze begroting is zo vormgegeven dat de uitwerking van de belastingparagraaf in de jaarrekening straks zoveel mogelijk overeenkomt. Dit is bevorderlijk voor de controlerende taak van de raad en verschaft een zo goed mogelijk inzicht. De verplichte onderdelen in deze paragraaf is uitgebreid met een “kostendekkingsoverzicht voor de verschillende leges en rechten”. Dit verschaft extra inzicht aan de raad hoe op begrotingsbasis omgegaan wordt met het kostendekkingsuitgangspunt en hoe dit zich straks vertaald in de jaarrekening. Bij het overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen is slechts het algemene kader geschetst van de verschillende heffingen die geheven worden in deze gemeente.
In de belastingparagraaf voor de jaarrekening worden deze heffingen ook nader voorzien van kengetallen, resultaten en een nadere analyse van de behaalde opbrengsten in relatie tot de begrote bedragen. Egalisatiereserves De egalisatiereserves vormen een essentieel onderdeel van de kostendekking van de verschillende rechten. Egalisatiereserves hebben als voornaamste doel om grote tariefschommelingen te voorkomen. Ook kan een reserve worden opgebouwd om toekomstige vervangingsinvesteringen uit te bekostigen. Over de gewenste bandbreedte van deze reserves zijn nadere uitgangspunten geformuleerd. Aan de hand van deze uitgangspunten kan aan de hand van de stand van de egalisatiereserves worden bepaald hoe omgegaan moet worden met eventuele (extra) tariefmaatregelen om in een bepaalde termijn weer binnen de afgesproken bandbreedte te opereren. Dit kan zowel een verlaging als een verhoging van tarieven betreffen. Gemeenschappelijk Belastingkantoor Lococensus / Tricijn (GBLT) Het GBLT te Zwolle voert de verschillende heffingen, inningen en de Wet Waardering Onroerende Zaken voor de gemeente Bunschoten uit. Een gemeentelijke regiefunctionaris bewaakt de financiële afspraken en prestatieafspraken in overleg met de belastingsamenwerking en zorgt ook voor de relevante informatie-uitwisseling.
De gecombineerde aanslag gemeentelijke belastingen wordt bij deze samenwerking gebundeld met verschillende waterschapheffingen, waardoor er een optimaal heffingsen inningsproces ontstaat. Burgers en bedrijven worden door GBLT hierover geïnformeerd. Enige (veelal incidentele) heffingen voert de gemeente zelf nog uit. Het betreffen de roerende ruimtebelasting, leges, begrafenisrechten en incidentele marktgelden.
87
Belastingen en rechten (bedragen x € 1,-)
Primitieve begroting 2024
Belastingen: Onroerendezaakbelastingen (GBLT) Roerende-ruimtebelastingen (gemeente) Forensenbelasting (GBLT) Precariobelasting, algemeen (GBLT)
€ € € €
5.127.000 5.500 7.500 74.000
Bestemmingsheffingen: Rioolheffing (GBLT) Afvalstoffenheffing (GBLT) BIZ bijdrage Haarbrug Noord (GBLT) Afdracht BIZ bijdrage Haarburg Noord (gemeente)
€ € € €
1.888.000 2.705.000 21.000 -20.000
Rechten: Begrafenisrechten (gemeente) Marktgelden (GBLT heffingen jaarplaatsen, gemeente incidenteel) Overige inkomsten markt - water/stroomverbruik (gemeente) Afdracht promotiegelden markt (gemeente) Havengelden (GBLT heffingen jaarligplaatsen) Leges algemene dienstverlening/burgerzaken (gemeente) Afdracht Rijksleges (gemeente) Leges omgevingsvergunning/bouwen (gemeente) Totaalopbrengst belastingen en rechten
€ € € € € € € € € €
445.000 64.000 16.000 -8.500 114.000 300.000 -101.000 616.000 11.253.500
Na afronding van het dienstjaar wordt, in de belastingparagraaf behorende bij de jaarrekening 2024, een nadere analyse gegeven van de behaalde opbrengsten in relatie tot de begrote opbrengsten.
Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen De gemeentelijke inkomsten bestaan slechts voor een beperkt deel uit eigen belastinginkomsten (belastingen en rechten). Het overgrote deel van de gemeentelijke inkomsten wordt gevormd door de algemene uitkering uit het Gemeentefonds en door specifieke uitkeringen van de Rijksoverheid. De overige inkomsten van gemeenten zijn afkomstig uit onder andere bouwgrondexploitatie, beleggingen, huren, pacht, nutsbedrijven, handel en industrie. Waarom zijn de eigen belastinginkomsten dan toch zo belangrijk? ▪ Door op lokaal niveau (de gemeenteraad) de afweging te maken welke voorzieningen tot stand worden gebracht en welke belastingheffing daarvoor nodig is, wordt een optimale democratische afweging gemaakt; ▪ Daarnaast kunnen eigen (belasting)inkomsten noodzakelijk zijn om de onvolkomenheden in de verdeling van de gelden uit het Gemeentefonds te kunnen opvangen; In toenemende mate worden ook de taken van de Rijksoverheid overgedragen aan gemeenten. Bij de overdracht van de bijbehorende financiële middelen gaat het Rijk er in veel gevallen vanuit dat gemeenten de overgedragen taken efficiënter uit kunnen voeren dan het Rijk, zodat men op voorhand een zogenaamde efficiencykorting toepast op de bij de taak behorende geldstroom. Ook de kosten voor het opzetten van nieuwe taken wordt veelal niet, of slechts gedeeltelijk, door het Rijk gedragen.
Een eigen lokaal belastinggebied is voor de lokale politiek dan een pré. In de Gemeentewet is bepaald welke belastingen een gemeente mag heffen. Het is de gemeenteraad die besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een belasting door het vaststellen van een belastingverordening. Bij de eigen belastinginkomsten van gemeenten kan onderscheid worden gemaakt tussen een tweetal vormen: ▪ belastingen die dienen om kosten te verhalen op diegenen die deze kosten veroorzaken (leges en rechten);
88
▪
belastingen die dienen om inkomsten te genereren die vrij besteedbaar zijn en waarbij geen relatie wordt gelegd met gemaakte of te maken kosten (verschillende belastingen, waaronder de onroerendezaakbelastingen).
Beleid en verordeningen De redactionele en technische wijzigingen van de belasting- en rechtenverordeningen 2024 worden in een afzonderlijk raadsvoorstel aangeboden. De relevante verordeningen zijn (voor zover relevant) vooraf tekstueel afgestemd met het GBLT. Hierin worden ook de in deze paragraaf vermelde tariefbepalingen verwerkt. In het kort worden nu al enige (toekomstige) beleidsmatige wijzigingen in deze paragraaf toegelicht. Tarievenbeleid Bij het opstellen van de ramingen van de inkomsten uit belastingen, bestemmingsheffingen en rechten voor de gemeentelijke begroting 2024 wordt uitgegaan van een gemiddelde tariefswijziging. Daarbij is als algemeen uitgangspunt een verwacht inflatiepercentage voor 2024 gehanteerd van 6,40%. Onroerendezaakbelastingen De gemiddelde waardestijging/-daling van woningen en van niet-woningen voortkomend uit de jaarlijkse herwaarderingen Wet WOZ worden gecompenseerd door bijstelling van de tarieven onroerendezaakbelastingen. Een herwaardering levert de gemeente in beginsel dan ook geen extra geld op. Naast dit herwaarderingseffect kan de gemeente overigens wel tariefmaatregelen nemen die daarvan los staan. Over het algemeen vindt inflatiecorrectie plaats over de tarieven.
Begrafenisrechten De tariefverhoudingen worden naast de reguliere aanpassing met het inflatiepercentage ook verder afgestemd op de uitgangspunten, zoals verwoord in het op 10 februari 2022 unaniem aangenomen amendement A02 ‘tarief grafrecht voor onbepaalde tijd. Daarbij wordt de verhouding van de tarieven afkoop grafrust van 30 jaar en 60 jaar verhoudingsgewijs gelijkgetrokken. Leges Omgevingsvergunning De leges omgevingsvergunning worden vanaf 2024 afgestemd op de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet en de gelijktijdig in werking tredende Wkb. Waarbij kostendekkende (en nieuwe van toepassing zijnde) tarieven worden nagestreefd. Hoe de kostendekkendheid eruit gaat zien is nog niet bekend, daarom zal er nu nog uitgegaan worden van de begrote opbrengsten van 2023, mogelijk vallen de opbrengsten lager uit. Ook de milieuleges worden daarbij heringevoerd, waarbij de RUD fungeert als een verlengstuk van de gemeente. In 2024 wordt de kostendekkendheid van de milieuleges onderzocht door RUD, waarna deze naar verwachting in 2025 ingevoerd kunnen worden. De Omgevingswet regelt alles voor de ruimte waarin we wonen en werken. Deze nieuwe wet bundelt en maakt regels eenvoudiger. Met behulp van één digitaal loket wordt het makkelijker om ruimtelijke projecten te starten.
De Wkb heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren door inschakeling van private kwaliteitsborgers. Daarnaast wordt de aansprakelijkheid van aannemers ten opzichte van particuliere en professionele opdrachtgevers uitgebreid. De wet gaat gefaseerd in. Er wordt gestart met de eenvoudigere bouwprojecten (gevolgklasse 1), daarna volgen eventueel de meer complexere, zodat gemeenten hun implementatiestappen, werkprocessen maar ook beleid kunnen controleren en verifiëren. Coalitieakkoord In het coalitieakkoord “Bouwen aan de toekomst” 2022-2026 wordt nagestreefd om de gemeentelijke woonlasten zo laag mogelijk te houden en tot de goedkopere gemeenten van Nederland te blijven behoren. Landelijke besluiten waarop de gemeente zelf geen invloed heeft, denk hierbij aan een herijking van het Gemeentefonds, kunnen ons echter dwingen tot een aanpassing van deze uitgangspunten. De gemeentelijke tarieven voor leges en rechten blijven kostendekkend. De hondenbelasting blijft afgeschaft.
89
Belastingen ▪ Onroerendezaakbelastingen: o verhoging van het tarief eigenarenbelasting woningen met 6,40%; o verhoging van de tarieven eigenaren- en gebruikersbelasting niet-woningen 6,40%; ▪ Roerende-ruimtebelastingen: verhoging van de tarieven met 6,40%; ▪ Forensenbelasting: verhoging van de tarieven met 6,40%; ▪ Precariobelasting: verhoging van de tarieven met 6,40%. Bestemmingsheffing ▪ Brede rioolheffing: verhoging van de bestaande tarieven met 6,40%; ▪ Afvalstoffenheffing: verhoging van de bestaande tarieven met 6,40%; ▪ BIZ Haarbrug Noord: de tarieven zijn vastgesteld voor een periode van vijf jaar (2022 - 2026) en kunnen tussentijds niet worden aangepast. Overige rechten ▪ Begrafenisrechten: verhoging van de tarieven met 6,40%; ▪ Marktgelden: verhoging van de tarieven met 6,40%; ▪ Havengelden vaste ligplaatshouders: verhoging van de tarieven met 6,40%; ▪ Veerpontgelden de Eem: verhoging in overleg, wordt verwerkt in de verordening; ▪ Leges, verdeeld over drie clusters van samenhangende dienstverlening: o Algemene dienstverlening: verhoging van de tarieven met 6,40%; o Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning: 6,40%. o Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn: verhoging van de tarieven met 6,40%.
WAARDERINGSKAMER Dit instituut controleert of gemeenten of belastingsamenwerkingsverbanden zoals de GBLT, de Wet waardering onroerende zaken goed uitvoeren. Verder houden zij toezicht op de uitvoering van de Basisregistratie waardering onroerende zaken. In 2022 heeft GBLT de score ‘goed’ ontvangen van de Waarderingskamer, wel met de opmerking dat er verbeteracties nodig zijn om de aansluiting op de Landelijke Voorziening WOZ beter te borgen. Meer informatie is beschikbaar op de site van de Waarderingskamer.
Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen Wet Waardering Onroerende Zaken De Wet WOZ verplicht gemeenten om jaarlijks een nieuwe taxatie vast te stellen voor alle panden. Met een jaarlijkse herwaardering (taxatie) zijn de waardesprongen minder groot en benaderen meer de actuele waarde, mede omdat de waardepeildatum dichter bij het belastingjaar ligt. In 2024 ontvangt iedere hoofdbewoner van een object een WOZ-waardering wanneer hij/zij op 1 januari 2024 eigenaar is van een woning (of woning in aanbouw of grondkavel) en/of eigenaar of gebruiker is van een nietwoning (bedrijf, ander soort object, in aanbouw of grondkavel). De WOZ-waarde wordt gebruikt om de hoogte van verschillende belastingen te berekenen, zoals de onroerendezaakbelastingen (gemeenten), het eigen-woningforfait inkomstenbelasting, de vennootschapsbelasting, de schenkbelasting en erfbelasting (Rijksbelastingdienst) en de waterschapsheffing ‘omslag gebouwd’ (waterschappen). De WOZ-waarde wordt ook gebruikt voor afschrijvingen van bedrijfsgebouwen en wordt ook gebruikt voor het vaststellen van de huurprijs van een huurwoning. Waardering met methodiek netto gebruiksoppervlakte De WOZ waardering vindt plaats op basis van bruto inhoud naar het waarderen op basis van netto gebruiksoppervlakte.
Deze methodiek sluit goed aan op de taxatie- en makelaars-branche, waar het begrip netto gebruiksoppervlakte veel wordt gebruikt. Tevens sluiten de basisregistratie WOZ en BAG (adressen en gebouwen) hierdoor goed op elkaar aan. Het gaat hierbij overigens om de waardering van woningen. De niet-woningen (verhuurbaar vloeroppervlakte en bruto oppervlakte) vallen hierbuiten.
90
Belastingen ▪ Onroerendezaakbelastingen: dit is veruit de belangrijkste belasting qua inkomsten voor de gemeente. De onroerendezaakbelastingen zijn objectieve en zakelijke belastingen, waarbij de vastgestelde WOZ-waardering van de onroerende zaak het uitgangspunt is. Er zijn drie onroerendezaakbelastingen: □ een belasting geheven van eigenaren van woningen; □ een belasting geheven van eigenaren van niet-woningen; □ een belasting geheven van gebruikers van niet-woningen. ▪ Forensenbelasting: deze belasting kan worden geheven van natuurlijke personen die niet in de gemeente wonen, maar die wel meer dan 90 dagen per jaar verblijf houden of die daar meer dan 90 dagen per jaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Vooral recreatiewoningen worden in deze heffing betrokken. ▪ Precariobelasting: deze belasting kan worden geheven voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond. Met voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond wordt bedoeld grond in eigendom van de gemeente die strekt tot algemeen nut en waar eenieder belang bij kan hebben zoals parken, openbare wegen, pleinen etc. Bij de heffing van precariobelasting kan gedacht worden aan terrassen, standplaatsen, uitstallingen, circussen, reclameborden etc.
Bestemmingsheffingen ▪ Rioolheffing: middels deze heffing wordt een directe belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: □ de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater; □ de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De belasting wordt geheven van de gebruiker van een perceel van waaruit water direct of indirect op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd en van gebruikers van percelen waarvoor hemelwater en/of grondwater wordt afgevoerd. Gelden alleen die laatste twee rubrieken, dan is het belang hiervoor beperkter en geldt daarom een goedkoper tarief. ▪ Afvalstoffenheffing: Op basis van de Wet Milieubeheer hebben gemeenten de wettelijke taak om zorg te dragen voor de verwijdering van afvalstoffen die afkomstig zijn van particuliere huishoudens. Hiervoor wordt afvalstoffenheffing in rekening gebracht als lokale belasting aan alle huisaansluitingen binnen de gemeente.
▪ BIZ bijdrage: de gemeenteraad kan onder de naam BIZ-bijdrage een heffing instellen op binnen een bepaald gebied in de gemeente (BI-zone) gelegen onroerende zaken, die niet in hoofdzaak tot woning dienen. De BIZ-bijdrage is een belasting die de kosten moet bestrijden, die verbonden zijn aan activiteiten die zijn gericht op het bevorderen van leefbaarheid, veiligheid, ruimtelijke kwaliteit of economisch belang in (relatie tot) de openbare ruimte van de BI-zone. De BIZ- bijdrage wordt geheven van een selectie van de gebruikers en/of eigenaren van de nietwoningen gelegen in de BI-zone (bijdrageplichtigen). De selectie komt tot stand op grond van een in de heffingsverordening te bepalen objectieve definitie. Als peilmoment geldt de situatie bij het begin van het kalenderjaar. In de verordening kan worden bepaald dat bij onroerende zaken die niet in gebruik zijn, de BIZ-bijdrage voor de ontbrekende gebruiker wordt geheven van de eigenaar. Rechten: ▪ Begrafenisrechten: deze rechten worden geheven voor het begraven van een overledene op de gemeentelijke begraafplaatsen Memento Mori of De Akker. De aanvrager van deze dienst is belastingplichtig.
Overigens vervullen begrafenisondernemers vaak een ondersteunende rol in zowel de begeleiding van de begrafenis als de financiële afwikkeling ervan; ▪ Marktgelden: deze rechten worden geheven ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten, bestaande uit het ter beschikking stellen van een standplaats voor het uitoefenen van de markthandel en daarmee verband houdende handelingen en/of gebruik van verstrekte hulpmiddelen. Het marktgeld wordt geheven van degene, die op de markt een standplaats inneemt. ▪ Havengelden: dit recht wordt geheven voor het met een vaartuig ligplaats nemen of het voor anker gaan in de gemeentelijke haven. Belastingplichtig is de schipper, de reder, de eigenaar 91
▪
van het vaartuig, degene aan wie het vaartuig in gebruik is gegeven of degene die als vertegenwoordiger van één van dezen optreedt. Leges: deze worden geheven voor gemeentelijke dienstverlening in de vorm van met name administratieve diensten, zoals het behandelen van aanvragen voor vergunningen en ontheffingen, het geven van inlichtingen, het verstrekken van afschriften, het afgeven van verklaringen, paspoorten, rijbewijzen etc. Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend.
Aanduiding van de lokale lastendruk Lokale lastendruk Met de hiervoor genoemde tariefmaatregelen 2024 voor de onroerendezaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing wordt een toename van de gemiddelde lastendruk voorzien van 6,40% voor de gemiddelde burger van Bunschoten in een meerpersoonshuishouden. Dit geldt voor eigenaren van woningen. Voor huurders geldt ook een stijging van 6,40%, aangezien de afvalstoffenheffing en rioolheffing met eenzelfde percentage is verhoogd. Nadrukkelijk wordt gesproken over gemiddelde lastendruk, omdat de effecten in incidentele gevallen afhankelijk zijn van de woningwaarde, de gezinssituatie en of men beschikt over een eigen woning of niet. Aan het eind van deze paragraaf is een overzicht toegevoegd van de ontwikkeling van de lokale lastendruk vanaf 2020 tot en met 2024 (periode van vijf jaar). Hierin is de lokale lastendruk voor genoemde heffingen nader uitgewerkt.
Beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid Het kwijtscheldingsbeleid van de gemeente is vastgelegd in de kwijtscheldingsregeling van de gemeente Bunschoten. Hierin is opgenomen dat kwijtschelding voor de volgende gemeentelijke belastingen en rechten mogelijk is: ▪ onroerendezaakbelastingen: eigenarenbelasting voor woningen; ▪ belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten: eigenarenbelasting voor woningen; ▪ afvalstoffenheffing: het vastrecht eenpersoons- of meerpersoonshuishouden; ▪ rioolheffing: gebruikersbelasting voor woningen. Bij het verlenen van kwijtschelding wordt voor de kosten van bestaan uitgegaan van 100% van de genormeerde bijstandsuitkeringen. Alleen in geval van pensioengerechtigden wordt hiervan sinds het jaar 2013 vanaf geweken door als norm te nemen 100% AOW met een deel van de tegemoetkoming koopkracht oudere belastingplichtigen. Aanleiding voor deze afwijking is de Wet geleidelijke afbouw van de dubbele heffingskorting, waardoor pensioengerechtigden in een nadeliger positie zouden komen te verkeren voor hun lokale kwijtscheldingsmogelijkheden. De raad heeft op deze tekortkoming in de wetgeving geanticipeerd door haar lokale kwijtscheldingsregeling hiervoor aan te passen. Verder heeft de raad kwijtschelding van privé belastingschulden van ondernemers mogelijk gemaakt. Het betreft voornamelijk de categorie ZZP-ers.
GBLT voert vanaf 2016 deze kwijtscheldingstaak voor de gemeente Bunschoten uit met de door de raad van de gemeente Bunschoten geformuleerde beleidsuitgangspunten.
92
Kostendekkingsoverzicht voor de verschillende leges en rechten De raad heeft als algemeen uitgangspunt dat alle leges en rechten kostendekkend moeten zijn. Dit houdt in dat 100% kostendekking op begrotingsbasis wordt nagestreefd, waarbij dit niet geldt voor de individuele dienstverlening, maar voor het totaalpakket van het in een verordening (en/of titel) opgenomen diensten. Totaaloverzicht kostendekking leges en rechten 2022 en 2023 Heffingen Begroting 2023 Afvalstoffenheffing 100% Rioolheffing 100% Begraafrechten 100% Marktgelden 100% Leges algemene dienstverlening (titel 1 Legesverordening) 69% Leges omgevingsvergunning (titel 2 Legesverordening) 89% Leges vallend onder Europese Dienstenrichtlijn (titel 3 100% Legesverordening)
Begroting 2024 100% 100% 100% 100% 75% 71% 100%
Afvalstoffenheffing Voorgesteld wordt de tarieven voor 2024 te verhogen met 6,40% inflatie. Bedragen in € x 1,Kosten afval Mutatie egalisatiereserve Aandeel straatvegen/papierbakken Afvalstoffenheffing ▪ vastrecht ▪ variabel recht/Diftar Btw component Opbrengst oud papier/ kunststof/glas/zwerfafval/oud ijzer Verrekening groen/veegafval Dividend ROVA Totaal