CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Onderzoek hoofdwegennet.pdf

Commissie Ruimte 10 september 2025, gemeente BunschotenBij agendapunt: Mededelingen13.298 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

ANALYSE ROBUUSTHEID HOOFDWEGENNET GEMEENTE BUNSCHOTEN Definitieve rapportage 18 februari 2025 M08414-R-E2 MO BYCON. NL

INHOUDSOPGAVE Klik hier om direct naar de conclusies en aanbevelingen te gaan. 1. Inleiding 2. Analyse huidige situatie 3. Beleid, visie en plannen 4. Analyse doorkijk naar 2030 en 2040 5. Verkenning ontwikkelrichtingen en maatregelen 6. Conclusies en aanbevelingen 7. Bijlagen 2

MO BYCON. NL

1. INLEIDING

3

MO BYCON. NL

OPDRACHT AAN MOBYCON De aanleiding van deze opdracht komt voort uit de kadernota: • Als vervolg op het onderzoek ‘Toekomstvisie N199’ is een onderzoek ‘noodzaak capaciteitsvergroting hoofdwegennetwerk (rondweg Haarbrug-Zuid)’ een goed en logisch vervolg. Voor het met zekere regelmaat dichtslibbende wegennet aan de zuidkant van de bebouwde kom en het sluipverkeer over de N199 en N806 door de bebouwde kom is een onderzoek naar een eventueel alternatief en de noodzaak hiervan nodig. Voor dit onderzoek wordt een extern bureau ingeschakeld.

Uiteindelijke opdracht aan Mobycon: • Een analyse van de robuustheid van het hoofdwegennet, in het bijzonder tussen de A1 en hoogte Bikkersweg/Smeerweg en de oostkant van het dorp. De analyse omvat het in beeld brengen van knelpunten, de effecten van de plannen van (buur)gemeenten en provincie. De focus bij de netwerkanalyse ligt bij doorstroming en het autoverkeer - in relatie tot de verwachte ontwikkelingen.

4

MO BYCON. NL

DOEL EN SCOPE ONDERZOEK • Doel van dit onderzoek is om inzicht te geven in de robuustheid van (doorstroming op) het hoofdwegennet van Bunschoten dat gebruikt kan worden als input voor de in 2025 op te stellen mobiliteitsvisie, -plan en -programma. • Onderzoek robuustheid in termen van scenario’s/bandbreedtes en een kwalitatieve beredenerende aanpak. Uitspraken zijn in de basis kwalitatief, waar mogelijk kwantitatief. • Grootste onzekerheden: knooppunt Hoevelaken, mobiliteitstransitie, vormgeving en planning aansluiting Vathorst-Bovenduist op knooppunt A1/N199. • Toetsen van enkele losse maatregelen/kwesties: functie en gebruik Groeneweg/Smeerweg, landbouwverkeer N199, rondweg Haarbrug. • Gebaseerd op bestaande modelstudies en rapporten en beperkt floating car data en tellingen. • Onderzoekgebied: focus op oosten en zuiden.

5

MO BYCON. NL

AANLEIDINGEN VOOR DEZE STUDIE • Groei regio (woondeal, Ontwikkelperspectief Novex regio Utrecht - Amersfoort) leidt tot toename mobiliteit: • in regio komen er tot 2030 27.000 woningen (woondeal); • tot 2040 nog eens extra 13.000 woningen (locaties onbekend); • zoektocht naar 75 ha bedrijventerrein tot 2040 voor 32.000 arbeidsplaatsen; • in Bunschoten komen er tot 2030 1.100 woningen bij (woondeal) en tussen nu en 2040 in twee fasen 14 ha bedrijventerrein Kronkels-Zuid; • op langere termijn ook ruim 8 ha bedrijven Amersfoort Bovenduist en zoektocht defensie bij Zeewolde; • mobiliteitstransitie lijkt noodzakelijke voorwaarde om regio mobiel te houden.

• Bunschoten wil in 2025 nieuwe mobiliteitsvisie, -plan en –programma opstellen en heeft behoefte aan analyse robuustheid hoofdwegennet. • Onderzoek N199 laat zien dat zelfs met een nieuw knooppunt Hoevelaken er ingrepen plaats moet vinden op kruispunten om doorstroming te waarborgen.

(bron: mobiliteitsagenda Regio Amersfoort 2040)

• Uitstel aanpak knooppunt Hoevelaken en gevolgen voor congestie en sluipverkeer.

6

(bron: mobiliteitsagenda Regio Amersfoort 2040)

MO BYCON. NL

KWESTIES DIE SPELEN • Onduidelijkheid compenserende maatregelen n.a.v. uitstel aanpak knooppunt Hoevelaken. Er zijn wel middelen beschikbaar in regio. Dit is uitgewerkt in Mobiliteitsagenda regio Amersfoort 2040 en vervolgens in BO-MIRT 2024.

• Provincie wil landbouwverkeer op N199 naar hoofdrijbaan i.v.m. veiligheid fietser op doorfietsroute:

• Onduidelijkheid aansluiting Bovenduist-N199-A1:

• Nijkerk wil aanpassingen in infra rondom A28.

• ontsluit 3.300 woningen Vathorst-Bovenduist; • moet 2030 klaar zijn; • ontwerp aansluiting nog onbekend.

• N806 Nijkerkerweg naar 80 km/u: • is wens gemeente Bunschoten; • gemeente Nijkerk ziet bezwaren i.v.m. beperkingen Natura 2000 Arkemheen maar ook om sluipverkeer niet te bevorderen.

• Bunschoten vreest oponthoud en onveilige situaties.

• Mogelijke komst megakazerne Zeewolde: • zoekgebied 2040 voor 7.000 arbeidsplaatsen en 1.300 opleidingsplaatsen.

• Bewoners Groeneweg e.o. klagen over sluipverkeer, hard rijden en verkeersonveilige situaties: • door Mobycon onderzocht en aangetoond dat er inderdaad sprake is van een onwenselijke situatie.

7

MO BYCON. NL

OVERIGE DOOR GEMEENTE GENOEMDE KNELPUNTEN EN AANDACHTSPUNTEN • Oostwestverbindingen in kern niet geschikt voor doorgaand verkeer (ETW30 of GOW30). • Sluipverkeer: • doorgaand verkeer door gemeente: verkeer met herkomst en bestemming in Bunschoten dat niet via hoofdwegennet rijdt; • ‘oneigenlijk’ verkeer oostwestwegen?

• Ervaren congestie op Oostelijke Randweg, o.a. bij uitrijden Rengerswetering in ochtendspits. Onderzoek heeft uitgewezen dat dit gemiddeld ca 20 seconden vertraging oplevert. • Congestie kruispunten N199/Amersfoortseweg. • In spitsen worden bij rotondes en kruispunten op provinciale wegen vertragingen ervaren.

• Veiligheid auto-fiets bij rotondes hoofdwegennet: • in bijzonder waar netwerken samenvallen en er tweerichtingenverkeer fiets op de rotondes zit.

• Ontsluiting Zuidwenk (bedrijventerrein) en inrichting Zuidwenk (straat). • Veel korte autoritten (<5km).

8

MO BYCON. NL

2. ANALYSE HUIDIGE SITUATIE 9

MO BYCON. NL

HUIDIGE SITUATIE Als eerste geven we een overzicht van de huidige situatie op de hoofdwegen van Bunschoten. Hiervoor gebruiken we de volgende bronnen: • huidige categorisering van het netwerk volgens het mobiliteitsplan; • overzicht verkeersongevallen 2019 – 2023; • tellingen op wegvakken uit 2022 / 2023; • floating Car data (TomTom data) om herkomsten/bestemmingen en sluipverkeer in beeld te brengen; • analyse onderzoek Groeneweg / Smeerweg.

10

MO BYCON. NL

HUIDIG NETWERK MOBILITEITSPLAN • In het mobiliteitsplan van gemeente Bunschoten staat het huidige hoofdwegennetwerk voor auto en fiets benoemd. Er is overlap tussen beide netwerken. • Het is bijzonder dat ook erftoegangswegen binnen en buiten de bebouwde kom tot de hoofdstructuur gerekend worden. • Verbeteren van fietsvoorzieningen Groeneweg is al benoemd als maatregel. • Onderzoeken opwaarderen Nijkerkerweg 80 km/uur en onderzoek doorstroming N199 benoemd als maatregel. Afbeeldingen afkomstig uit Mobiliteitsplan 11

MO BYCON. NL

HOOFDWEGENNET REGIO • Verbinding met regio via drie hoofdwegen: • N199/Amersfoortseweg: kortste route naar A1 en via A1 door naar A28. N199 gaat direct door naar Amersfoort. Amersfoortseweg vertakt zich in kern naar Westsingel en Oostelijke Randweg; • N414-Bisschopsweg : naar A1 in westelijke richting en Baarn; • N806-Nijkerkerweg: naar Nijkerk. Geen directe aansluiting op A28. Via kern Nijkerk door naar oprit Nijkerk Zuid of Nijkerk/Zeewolde.

A28 Nijkerk Westsingel

Oostelijke Randweg

N414/Bisschopsweg

N806 Nijkerkerweg

N199/Amersfoortseweg

A1-Baarn

A28-Nijkerk Zuid Oostelijke Randweg

• Route N414-Bunschoten-N806 snijdt route A1 en A28 via knooppunt Hoevelaken af. Zonder files is via snelwegen echter sneller.

Knooppunt Hoevelaken

• Concentratie verkeer in zuiden van kern Bunschoten. 12

MO BYCON. NL

VERKEERSVEILIGHEID: ONGEVALLEN Ongevallen over 2019-2023(BLIQ rapportage over verkeersveiligheid). We zien met name een ongevallenconcentratie op de rotondes op de Westsingel in de afgelopen 5 jaar, maar hier heeft de gemeente Bunschoten diverse maatregelen uitgevoerd waaronder aanpak fietspaden op de rotondes. Op de Oostelijke Randweg lijkt op netwerkniveau geen verkeersveiligheidsprobleem. Niet echt concentraties van ongevallen en met name blikschade. Enige locatie die opvalt aan oostzijde is het kruispunt Oostelijke randweg/Nijkerkerweg.

13

MO BYCON. NL

TELLINGEN OP WEGVAKKEN: OVERZICHT • Afkomstig van slangtellingen uitgevoerd in 2022 en 2023. • Voornamelijk hoge intensiteiten op doorgaande wegen. Dit is te verwachten op deze gebiedsontsluitingswegen van en naar Bunschoten. • Op de oost-westverbinding via de Bikkersweg zien we tussen Westsingel en Oostelijke Randweg intensiteiten tussen 7.000 en 8.000 per etmaal. • Op de Nijkerkerweg/Sint Nicolaasweg en Zuidwenk veel lagere intensiteiten. • Gezien de functie en inrichting van deze wegen zijn dit acceptabele hoeveelheden.

Aantallen voertuigen per werkdag etmaal

14

MO BYCON. NL

VERGELIJKING MET TELLINGEN 2018/2019 • Over de hele linie zijn de tellingen uit 2018/2019 lager. Autoverkeer is duidelijk toegenomen tot 2022/2023. • De toename op de Amersfoortseweg tussen N414 en Westsingel is opvallend. (NB afbeelding 22 uit het mobiliteitsplan betreft weekdagen en kan niet 1 op 1 vergeleken worden met recente telling op werkdagen, maar het meest recente getal voor weekdagen op de online atlas van de provincie Utrecht is 17.424 motorvoertuigen (t.o.v. 14.688 in 2019). Hieruit blijkt dus ook al een forse toename. Bron: mobiliteitsplan

15

MO BYCON. NL

ANALYSE FLOATING CAR DATA (DOORGAAND VERKEER) • Floating Car Data laat zien hoe voertuigen rijden op basis van TomTom Move data. Dit kan gebruikt worden voor het inzichtelijk maken van de daadwerkelijke routes van het verkeer. • Data is niet 100% betrouwbaar want bevat niet al het verkeer, maar geeft wel een goede indicatie. • We hebben ritten inzichtelijk gemaakt voor verkeer naar Bunschoten in de eerste helft van 2024 op werkdagen, per etmaal en voor ochtendspits en avondspits.

• Op een specifiek punt (blauwe vlak met 100% op de kaarten) zie je waar verkeer vandaan komt en waar het naartoe gaat. Dit geeft inzicht in routekeuze. Elk percentage geeft aan welk aandeel van het verkeer op het blauwe punt met 100% is terug te vinden op dat specifieke punt in het netwerk. • Verdere uitleg over Floating Car Data en hoe afbeeldingen te lezen staat in de bijlage. Wij presenteren hier de kaartbeelden plus conclusies over wat de kaartbeelden laten zien.

16

MO BYCON. NL

FLOATING CAR DATA OP N199 VANAF A1 • Verkeer komt voornamelijk vanaf A1 (oost) en Amersfoort. • Voornamelijk bestemmingsverkeer naar Bunschoten, op etmaalniveau zien we weinig doorgaand sluipverkeer. Alleen richting Nijkerk zien we ongeveer 3% doorgaand verkeer.

Etmaal (werkdagen)

17

Aantallen voertuigen per werkdag etmaal 17

MO BYCON. NL

• Ook in ochtendspits en avondspits is te zien dat verkeer naar Bunschoten voornamelijk uit de richting Amersfoort komt. • Tijdens spitsen zien we nagenoeg alleen maar bestemmingsverkeer voor Bunschoten. • Alleen in de avondspits zien we een kleine stroom van ongeveer 7% van de A1 naar Nijkerk rijden via Bunschoten. Dit komt neer op ongeveer 100 voertuigen in de 2 uurs avondspits.

Ochtendspits

Avondspits

18

MO BYCON. NL

FLOATING CAR DATA OP N414 VANUIT A1/BAARN • Voornamelijk verkeer vanaf A1 west en in mindere mate Baarn. Ongeveer 9% gaat door Bunschoten heen richting Nijkerk en een klein deel rijdt richting Amersfoort om zo blijkbaar file op A1 te mijden. Op etmaalbasis rijden ongeveer 450 voertuigen door Bunschoten richting Nijkerk via deze route. De rest heeft bestemming in Bunschoten. • Voor verkeer vanaf de A1 afrit Baarn richting Nijkerk (eindpunt N806) is route via Bunschoten qua afstand korter en qua tijd maar paar minuten langer dan via A1/A28. In spits mogelijk iets sneller afhankelijk van files. • Er lijkt geen noemenswaardige stroom verkeer via de N414 en Bunschoten naar de A28 te rijden. Er is dus geen sprake van doorgaand sluipverkeer tussen de A1/Baarn en de A28 maar alleen ‘regionaal sluipverkeer’.

Etmaal (werkdagen)

19

Aantallen voertuigen per werkdag etmaal 19

MO BYCON. NL

FLOATING CAR DATA VANAF N414 • Voornamelijk verkeer vanaf A1 west

• In de avondspits zien we een hoger percentage voertuigen dat via Bunschoten naar Nijkerk rijdt (ongeveer 16%). • Uit tellingen op de N414 blijkt dat er in de avondspits circa 1.200 voertuigen rijden. Dit zou betekenen dat er circa 200 voertuigen per avondspits (2 uur) over de Nijkerkerweg rijden vanuit de N414.

• Ongeveer 10% gaat door Bunschoten heen richting Nijkerk

Ochtendspits

• Het verkeer dat in de spits via Bunschoten rijdt vanaf de N414 gaat naar Nijkerk, niet naar het noorden via de A28.

Avondspits

20

MO BYCON. NL

FLOATING CAR DATA VANAF N806/NIJKERK • Verkeer vanaf Nijkerkerweg is voornamelijk afkomstig van Nijkerk en deels (9%) van A28 vanaf afslag Nijkerk. Een relatief groot aandeel (18%) rijdt door Bunschoten naar A1 west/Baarn (incl. wat bestemmingsverkeer naar Eembrugge). Ook zien we 7% richting het zuiden via de N199 rijden en 6% op Zevenhuizerstraat richting AmersfoortNoord. Ongeveer 30% heeft dus geen bestemming in Bunschoten. • Op dit deel van Nijkerkerweg rijden naar Bunschoten gemiddeld 3.800 voertuigen per etmaal. Ongeveer 690 voertuigen per dag rijden dus via Bunschoten naar het westen, ongeveer 270 richting Amersfoort. Daarnaast zien we dat ongeveer een derde van het bestemmingsverkeer naar Bunschoten via de Groeneweg rijdt en niet via de Oostelijke Randweg. (Een derde want: 24% gedeeld door 69%. (69% is verkeer met bestemming Bunschoten namelijk 100%- doorgaande stromen naar buiten de kern: 18% + 7%+ 6%).

Etmaal (werkdagen)

21

MO BYCON. NL

• In de ochtendspits zien we een veel hoger aandeel verkeer dat vanaf de Nijkerkerweg via Bunschoten naar de N414 rijdt: 30%. Dit is in 2 uur ongeveer 100 voertuigen. Richting Amersfoort rijden ongeveer 30 voertuigen. • Dit verkeer komt voornamelijk uit Nijkerk, het aandeel vanaf de A28 verschilt in de spitsen niet van het daggemiddelde.

Ochtendspits

• De avondspits geeft een vergelijkbaar beeld als de hele dag. In de avondspits rijden ongeveer 70 voertuigen via Bunschoten richting de A1 en ongeveer 20 richting Amersfoort. Avondspits

22

MO BYCON. NL

DOORGAAND (REGIONAAL) SLUIPVERKEER • Doorgaand sluipverkeer dat geen bestemming heeft in Bunschoten zien we voornamelijk terug tussen Nijkerk en de A1/Baarn. Vanaf Nijkerk zijn dit ongeveer 700 voertuigen per dag en naar Nijkerk ongeveer 450. Voor het verkeer vanaf Nijkerk is het aandeel het grootste in de ochtendspits en naar Nijkerk in de avondspits. • Al dit doorgaande verkeer gaat via het zuidelijke kruispunt bij de Westsingel/N199 (zie figuur). Over de gehele dag gezien zijn dit ongeveer 1.700 voertuigen, ongeveer 9% van het totale aantal voertuigen. In de ochtendspits is het doorgaande verkeer 7% van het totaal en in de avondspits zelfs 12%. • Voor verkeer dat wel een bestemming heeft in Bunschoten geldt over het algemeen dat zij voornamelijk gebruik maken van de randwegen, zoals de Westsingel en Oostelijke Randweg.

• Alleen bij verkeer vanuit Nijkerk richting Bunschoten zien we dat bijna een derde via de Groeneweg rijdt in plaats van via Oostelijke Randweg. • Met de huidige inrichting is de Groeneweg niet geschikt voor dit doorgaande verkeer. Zie volgende sheets.

23

MO BYCON. NL

BELANGRIJKSTE CONCLUSIES ONDERZOEK GROENEWEG/SMEERWEG Mobycon heeft in de zomer van 2024 een brief van bewoners met knelpunten en voorgestelde maatregelen voor de korte termijn gereviewed. De belangrijkste conclusies zijn als volgt: • De bewoners hebben gelijk dat de verkeersveiligheid op het deel van de Groeneweg ten zuiden van de Bontepoort en op de Smeerweg niet voldoet. De wegen zijn te smal gezien de functies en verkeersintensiteiten. Er is sprake van bermschade en er is teveel verkeer in relatie tot de wegbreedte. • De gereden V85-snelheid ligt in ieder geval op de Groeneweg en Smeerweg hoger dan de maximumsnelheid, waarmee inderdaad aangenomen kan worden dat een deel van het verkeer te hard rijdt, al kunnen we niet de exacte hoeveelheid te hard rijdend verkeer kwantificeren.

• Er is sprake van sluipverkeer op de Groeneweg (en Smeerweg). Een groot deel van het verkeer dat op de Groeneweg rijdt (circa driekwart), heeft hier geen herkomst of bestemming. Het is begrijpelijk dat een groot deel van het verkeer dit doet, omdat dit daadwerkelijk korter en even snel of sneller is dan de Oostelijke Randweg voor veel herkomsten/bestemmingen in Bunschoten.

24

MO BYCON. NL

DOORGAAND VERKEER GROENEWEG E.O. • We hebben een analyse gemaakt van verkeersstromen op basis van floating car data zoals waargenomen op de rotonde N806/Groeneweg van en naar Nijkerk. • Een grote meerderheid van het verkeer op de Groeneweg heeft een bestemming (21%/25%) of herkomst (17%/22%) in Bunschoten. • Conclusie: Circa driekwart van het verkeer op de Groeneweg is doorgaand verkeer dat via de Smeerweg /Zuidwenk naar Bunschoten rijdt. Bestemming Bunschoten en Spakenburg

25

MO BYCON. NL Herkomst Bunschoten en Spakenburg

BELANGRIJKSTE AANBEVELINGEN ONDERZOEK GROENEWEG/SMEERWEG • We vinden het met name belangrijk dat de uitstraling van de weg overeenkomt met de geldende maximumsnelheid, en daarnaast dat gedrag wordt beïnvloed. • We zien voor de korte termijn vooral meerwaarde in snelheidsremmende maatregelen, onder andere in de door de bewoners genoemde tijdelijke wegversmallingen en het realiseren van plateaus ter hoogte van de kruispunten met de Bontepoort, Smeerweg en Zuidwenk. • De wegversmallingen kunnen fysieke versmallingen zijn, maar ook visuele versmallingen, mits goed verlicht en goed vormgegeven.

• Verder zien we meerwaarde in het opdelen van de bestaande rijbaan door het aanleggen van fietsstroken wat een snelheidsremmend effect heeft. Het doel is met name attentieverhoging en daarmee lagere snelheid. • Verder zien we op de Groeneweg meerwaarde in het opdelen van de bestaande rijbaan in stroken, waarbij de kantstroken als fietsstrook worden ingericht. Dit heeft een extra snelheidsremmend effect. De Smeerweg is te smal om de rijbaan op te delen in (fiets)stroken. • Op de langere termijn moeten functie en gebruik en vormgeving van de wegen op elkaar worden afgestemd. We hebben dit meegenomen in dit onderzoek. 26

MO BYCON. NL

3. BELEID, VISIES EN PLANNEN 27

MO BYCON. NL

OMGEVINGSVISIE: THEMA BEREIKBAARHEID •

“De auto is in Bunschoten niet weg te denken vanwege de ligging van de gemeente en het ontbreken van een treinstation. Hierbij ligt de focus op het oplossen van het parkeerprobleem in de gemeente. We zetten ons wel in op het stimuleren en optimaliseren van het OV- en fietsnetwerk.

•

Voor het hoofdnetwerk gaan we aan de slag met: • het optimaliseren van de doorstroming, met onder meer concrete aandacht voor de N199 (mogelijke verbreding en scheiden landbouwverkeer en fietsers); • het stimuleren van fietsgebruik door verbetering van het fietsnetwerk (ontwikkeling doorfietsroute Amersfoort-Bunschoten, in samenwerking met de provincie); • het stimuleren van het gebruik van openbaar vervoer en het optimaliseren van de verbindingen.

•

We zorgen voor een goede fietsverbindingen, toegankelijkheid voor mensen met een beperking, voldoende parkeergelegenheid en verduurzaming van vervoer.

•

We maken werk van goede bereikbaarheid, ook voor de hulpdiensten, een passende weginrichting en voldoende parkeergelegenheid.

•

Er wordt aandacht gevraagd voor stallingsruimte voor fietsers, voldoende (gratis) parkeren, verduurzaming, en maatregelen ter vergroting van de veiligheid en aantrekkelijkheid.

•

We streven naar een veilige inrichting en een mogelijke afwaardering van sommige wegen voor alleen langzaam- en landbouwverkeer.”

•

“Duurzame mobiliteit wordt gestimuleerd. Zo streven we op de bedrijventerreinen naar minder geluidsoverlast, minder uitstoot van CO en minder uitstoot van stikstof en fijnstof bij het laden en lossen.

•

We gaan aan de slag met het optimaliseren van openbaar vervoer in de gemeente. We faciliteren in de toekomst steeds meer het gebruik van elektrische fietsen, auto's en bussen. En ook deelconcepten zoals deelauto's, -scooters en -fietsers juichen we toe.

•

We optimaliseren bereikbaarheid en veiligheid voor alle weggebruikers. De geluidoverlast door wegverkeerslawaai neemt niet toe in de woongebieden. We maken gebruik van het concept “auto te gast” in gebieden waar dat passend blijkt.

•

We werken aan een fijnmazig netwerk van wegen en paden die ook door recreatief verkeer (fietsers en wandelaars) gebruikt worden.”

•

Bij Bedrijven: “Bereikbaarheid en veiligheid borgen door: • goede en veilige ontsluitingen, met mogelijke verbreding van de N199 tot een 4-baansweg; • goede fietsverbindingen, met doorfietsroutes langs de N199 en bedrijventerrein.”

•

Over Wonen: • “naast Rengerswetering ook woningbouw na transformatie Zuidwenk; • behoefte tot 2040: 2.100 woningen (+1.000 t.o.v. woondeal 2030).”

28

MO BYCON. NL

ONTWIKKELINGEN ZUIDWENK • Zuidwenk: Erftoegangsweg 30 km/u maar heeft wel doorgaande functie. • Er wordt gewerkt aan nieuw ontwerp. Formeel categorie GOW30 op verzoek politie (teveel vrachtverkeer voor erftoegangsweg) - maar eigenlijk te smal om aan alle GOW30 richtlijnen te voldoen. • 2020: 5.000 voertuigen per etmaal op werkdagen en 6.500 op zaterdag (fietsers resp. 1.500-2.000). Dit zijn lagere intensiteiten dan op de Bikkersweg. • 5% vrachtverkeer. Aandachtspunt is route vrachtverkeer met bestemming centrum. Er zijn alternatieve routes genoemd (Botstraat/Ansjovisweg) maar dat zijn ook erftoegangswegen. Door herontwerp wordt route via Zuidwenk wel minder aantrekkelijk.

29

MO BYCON. NL

ONTWIKKELPERSPECTIEF 2040 EN MOBILITEITSAGENDA • Op termijn Bus Rapid Transit N199 en Hubs bij A1/N199, maar ook bij Nijkerk en Hoevelaken. • Ontwikkeling : Bovenduist (+3.300 na 2030) spoor-A1zone (8.500 tot 2030, 5.500 daarna), regiopoort Nijkerk (tot 2020 3.800 woningen). • Na 2030 geen grote opgaven Bunschoten benoemd. • Ontsluiting Bovenduist: zit in afsprakenpakket met Rijk (NOVEX). • Uitstel Hoevelaken > compenserende maatregelen in UNed programma's en nu opgenomen in Mobiliteitsagenda 2040.

30

30

MO BYCON. NL

MOBILITEITSAGENDA 2040 • Hierover zijn afspraken gemaakt in BO-MIRT november 2024. Aanleiding was wegvallen aanpak knooppunt Hoevelaken • Agenda betreft een samenhangend regionaal pakket, focus op fiets, ov en hubs maar ook robuust netwerk voor de auto. • Uitgangspunt: Hoevelaken en A1/A30 Barneveld op pauze - geen realisatie voor 2040. Wel verzachtende maatregelen of kleinere deelprojecten zoals extra rijstroken op A1 en A28.

Basiskaart opgaven en ambities met daarop: • • • •

nieuwe weg Vathorst-Bovenduist; aanpak sluipverkeer N806/Nijkerkerweg en N414/Bisschopsweg; verbeteren afwikkeling verkeer N199; Corridorhub bij A1, hier ook HOV Hilversum-Vathorst en Amersfoort-Bunschoten. Deze maatregelen zijn nog niet specifiek benoemd in BO-MIRT afspraken.

• De Novex Plannen/ontwikkelbeeld 2040 is onveranderd. Voor Bunschoten geldt: • tot 2030 1.103 woningen erbij; • na 2030: enkele honderden woningen, minder dan in omgevingsvisie wordt genoemd; • tot 2040 14 ha bedrijventerrein Kronkels-Zuid erbij (p10-12); • zoekgebied defensie Zeewolde benoemd: 7.000 arbeidsplaatsen en 1.300 opleidingsplaatsen. 31

31

MO BYCON. NL

BO-MIRT EN MOBILITEITSAGENDA 2040 Uit afsprakenlijst 2024 BO-MIRT: • Rijk en regio herbevestigen de urgentie van een snelle realisatie van het project A1/A28 knooppunt Hoevelaken en het belang van een goed functionerende knooppunt voor de landelijke en regionale bereikbaarheid en de realisatie van 40.000 woningen en 32.000 arbeidsplaatsen tot 2040 in de Regio Amersfoort.

• Op dit moment is er geen zicht op de volledige herstart van het project A1/A28 Knooppunt Hoevelaken. Het Rijk onderzoekt in samenspraak met de regio voor BO MIRT 2025 of het mogelijk is om het MIRT-project A1/A28 Knooppunt Hoevelaken in kleinere projecten op te delen en te faseren. • Rijk en regio hebben het afgelopen jaar binnen het programma U-Ned de Mobiliteitsagenda Regio Amersfoort 2040 opgesteld.

• De Minister van IenW heeft besloten € 50 miljoen (incl. btw) beschikbaar te stellen. De regio stelt eveneens een budget van € 50 miljoen beschikbaar voor het maatregelenpakket. Rijk en regio kiezen hiermee voor o.a. maatregelen die passen binnen het afgesproken beoordelingskader: • •

•

aanpak sluipverkeer rondom knooppunt Hoevelaken (inclusief verkeersmanagement, VRI’s aanpassen); A1 kunstwerk 500, fietstunnels en aanpassen kruispunten A1 aansluiting 14/Amersfoortsestraat; aansluiting A1 – N199 – Ontsluitingsweg Bovenduist.

• Rijk en regio werken het voorgestelde maatregelenpakket in 2025 nader uit. Rijk en regio verkennen hoe en op welk moment zij hun bijdrage kunnen voldoen.

• NB dit pakket biedt dus perspectief om eventuele knelpunten ook in Bunschoten aan te pakken, bijvoorbeeld door sluipverkeer dat te relateren is aan (uitstel) knooppunt Hoevelaken.

32

32

MO BYCON. NL

PLANNEN GEMEENTE NIJKERK • Nijkerk heeft nieuwe mobiliteitsvisie en wil knelpunten wegennet aanpakken. Minder sluipverkeer door de kern, meer langs de rand. Veel gewenste ingrepen voor Bunschoten minder relevant. NB: "eerst knooppunt Hoevelaken”. • Plannen om N806 langs A28 direct naar aansluiting Nijkerk-Zuid te leiden. Dit kan betekenen dat sluipen tussen Nijkerk en Bunschoten iets minder aantrekkelijker wordt omdat je eerst via Nijkerk-Zuid moet. Zal in samenhangen pakket Mobiliteitsagenda 2040 bekeken moeten worden. Heeft te maken met vervanging viaducten die nog wel op de planning staan. • Veel last van sluipverkeer polderweggetjes onlangs geslotenverklaring. Het gaat niet om grote aantallen. • Gemeente Nijkerk ziet bezwaren voor snelheidsverhoging Bunschoterweg i.v.m. beperkingen natura 2000 Arkemheen en om sluipverkeer niet te bevorderen. 33

MO BYCON. NL

33

OVER PLANNEN VATHORST-BOVENDUIST EN CARPOOLPLAATS/AANSLUITING N199-A1 •

•

•

Ontwerp aansluiting Bovenduist is onzeker. Financiering is wel in BO-MIRT afgesproken. Route moet 01-01-2029 open zijn maar wordt als sinds 2006 op gestudeerd. Doel is ontsluiten 3.300 nieuwe woningen en 10ha bedrijven. Mogelijk zal ook bestaand deel Vathorst deze route gebruiken. De Aansluiting (hockeystickmodel) en het programma Bovenduist is meegenomen in modelberekeningen. NB het ontwerp van de aansluiting staat ter discussie. Mobiliteitsvisie Bovenduist: met name inzetten op fietsen, OV en parkeerhubs/lagere normen. 47 woningen per hectare. Reistijd isochronen laten zien dat OV moeilijk kan concurreren. Er circuleren verschillende parkeerscenario's (volgend of sturend) dus een goede inschatting belasting nieuwe ontsluiting zal er nog niet zijn. Richting A1/Hilversum is de belangrijkste relatie.

NB ontsluitingsweg Bovenduist zal Zevenhuizerstraat ongelijkvloers kruisen. Alle stromen BovenduistBunschoten lopen dus via N199. NB zolang er wel woningen komen maar geen ontsluiting zal verkeer via Vathorst en ver buiten Bunschoten om moeten rijden.

• Er lag een schetsontwerp voor de aansluiting (zoals door Antea onderzoek is doorgerekend) maar RWS is nog niet akkoord omdat er teveel kans is op file op hoofdrijbaan. Er wordt nog op varianten gestudeerd. • Er circuleren plannen voor een grotere carpoolplaats of zelfs hub (zie ook Mobiliteitsagenda 2040). Er zijn geen concrete scenario's of planningen. • Op hoofdlijnen zitten verwachte verkeersstromen dus in modelberekening maar door ontbreken ontwerp en duidelijkheid over plannen carpoolplaats of hub kunnen we geen verdere uitspraken doen over eventuele knelpunten anders dan in de bestaande modelstudies is onderzocht. • Provincie Utrecht wil landbouwverkeer op N199 hebben in plaats van op parallelweg (snelfietsroute). Bunschoten heeft zorgen over verkeersveiligheid, doorstroming en bereikbaarheid voor hulpdiensten. Op het Amersfoortse deel is het plan op 60 km/uur in te voeren maar daar zijn 2x2 rijstroken. 34

MO BYCON. NL

4. ANALYSE DOORKIJK NAAR 2030 EN 2040 OP BASIS VAN BESTAANDE MODELSTUDIES EN BEKEND BELEID

35

MO BYCON. NL

ONDERZOEK MODELSTUDIES Voor de toekomst zijn recentelijk enkele modelstudies uitgevoerd voor Bunschoten en de regio Amersfoort. In dit hoofdstuk kijken we wat deze modellen zeggen over de robuustheid van het hoofdwegennet van Bunschoten, met de focus op de oostelijke zijde. We bekijken eerst de resultaten van twee modelstudies en kijken dan naar (nieuwe) ontwikkelingen die mogelijk invloed hebben op de resultaten van deze modelstudies:

1. onderzoek en modelstudie Antea naar robuustheid N199 en Referentiesituatie Onderzoek mobiliteitsagenda 2040 (provincie Utrecht); 2. vergelijking voorspelling 2030 en meest recente tellingen; 3. doorgerekende maatregelen mobiliteitsagenda regio Amersfoort 2040; 4. nuancering n.a.v. onderzoek doorgaand sluipverkeer.

36

MO BYCON. NL

ONDERZOEK MODELSTUDIES • We hebben gekeken naar twee recente onderzoeken waarbij het regionale Stravem model is ingezet: 1. onderzoek en modelstudie Antea naar robuustheid N199 (‘Antea’) in 2030 en 2040 en; 2. onderzoek provincie Utrecht naar Referentiesituatie Mobiliteitsagenda 2040 (‘Referentie 2040).

• In 2023 heeft Antea een onderzoek gedaan naar de verkeerssituatie op de N199: Verkeersanalyse Amersfoortseweg N199 (18 oktober 2023). In het vervolg noemen we dit kortweg: ‘Antea’) . In dit onderzoek is gekeken naar de doorstroming en de verkeersveiligheid op de kruispunten en wegvakken van de N199. In dit onderzoek is gebruik gemaakt van modelstudies voor 2030 en 2040. Er werd uitgegaan van een aanpak knooppunt Hoevelaken voor 2030.

• De regio Amersfoort werkt aan een mobiliteitsagenda, mede n.a.v. het schrappen van de aanpak knooppunt Hoevelaken door het Rijk. De hiervoor gemaakte referentie variant 2040 geeft een beeld van de situatie in 2040 waarbij gebruik is gemaakt van de laatste inzichten op het gebied van het aantal arbeidsplaatsen en huishoudens, verkeerstellingen, en aanpassingen aan het netwerk. Zie de bijlage 2 voor aannamen over aantallen woningen en arbeidsplaatsen. • De Referentie mobiliteitsagenda 2040 is in de zomer van 2024 opgesteld. Dat is later dan de modelvarianten van de Antea studie. Het is dan ook verstandig de uitkomsten van het Antea onderzoek naast die van de referentiesituatie 2040 Mobiliteitsagenda te leggen maar ook om te beseffen dat uitgangspunten niet 1 op 1 met elkaar kloppen. 37

MO BYCON. NL

ONDERZOEK MODELSTUDIES • Om op globaal niveau uitspraken te doen over het netwerk kijken we naar de voorspelde intensiteiten op etmaalbasis (werkdagen). Over het algemeen geven de intensiteiten op etmaalbasis een vergelijkbaar beeld als tijdens spitsperiodes. • Er zitten enkele verschillen tussen de Antea modelstudie 2040 en de Referentie 2040. In beide modellen zitten in elk geval de woningaantallen van Bunschoten (en elders) zoals opgenomen in de Woondeal. • Het provinciale model voor de Referentie 2040 is later gemaakt (zomer 2024) en bevat daardoor de laatste aannames op het gebied van aantallen nieuwe woningen en arbeidsplaatsen na 2030. Een groot verschil is dat in de studie van Antea nog werd uitgegaan van uitbreiding van knooppunt Hoevelaken en in de Referentie 2040 niet meer. De verwachting is dat we hierdoor meer ‘sluipverkeer’ op het wegennet van Bunschoten zullen zien.

• Bij de Referentie 2040 is de ontwikkeling van de Kronkels-Zuid blijkbaar per ongeluk niet (goed) verwerkt in de modelberekeningen ondanks dat dit bedrijventerrein wel een uitgangspunt is en ook op pagina 12 van de Mobiliteitsagenda staat benoemd. Het bedrijventerrein en de aansluitingen op het wegennet ontbreken in de modelplots. Het is niet duidelijk of, en zo ja hoe, de arbeidsplaatsen over het netwerk zijn verdeeld. • Als gevolg hiervan zullen de intensiteiten op kruispunten in de Referentie 2040 in de buurt van Kronkels-Zuid waarschijnlijk zijn onderschat. Op de beoogde aansluitingen op de Bisschopsweg/ N414 en de rotonde N199/Neerduist gaat het om een orde grootte van max. 3.000 extra verkeers– bewegingen per werkdagetmaal (na realisatie fase 2). Dat is circa 750 per richting per kruising. • Zie bijlage 2 voor meer uitleg over aannames bij de modellen en beperkingen in de interpretatie van gegevens. 38

MO BYCON. NL

I/C WAARDEN WEGVAKKEN 2030 (ANTEA) In het onderzoek van Antea is gekeken naar de voorspelde toekomstige intensiteiten (“I”) in 2030. Deze zijn afgezet tegen de theoretische capaciteit (“C”) van deze wegvakken. In kleur wordt op basis van de zogenaamde I/C waarde weergegeven of er een capaciteitsknelpunt te verwachten is. NB dit staat los van op dit moment ervaren vertragingen of te verwachten knelpunten in de spitsen bij enkele kruisingen en rotondes. Ochtendspits

De wegvakken tussen Westsingel en N414 hebben I/C waarden die kritiek zijn (oranje en paars). Overige wegvakken zijn allemaal groen (I/C<0,7) of geel (I/C<0,8) wat wil zeggen dat de wegvakken de intensiteit van het verkeer in 2030 goed kunnen verwerken.

Avondspits

Knelpunten die nu al ervaren worden zijn volgens Antea niet te wijten aan de capaciteit van de wegen maar aan de samenhang tussen de twee kruisingen.

39

MO BYCON. NL

I/C WAARDEN WEGVAKKEN 2040 (ANTEA) Ochtendspits

Avondspits

Wegvakken tussen Westsingel en N414 hebben I/C waarden die kritiek zijn, net als in 2030. In 2040 zien we het wegvak tussen de Haarbrug en Nijkerkerweg in de ochtend een I/C-waarde van 0,71 hebben. Dit geeft een kleine kans op congestie op sommige momenten in de ochtendspits. Ook bij de op- en afrit A1 is het druk. Op een uitzondering na hebben de wegvakken binnen Bunschoten dus voldoende capaciteit.

40

MO BYCON. NL

I/C WAARDEN WEGVAKKEN 2040 (REFERENTIE 2040) Ochtendspits

Avondspits

Ook in de referentievariant 2040 zijn de I/C waardes in kaart gebracht. De kleuren zijn hier anders maar eigenlijk zien we voor het wegennet in Bunschoten qua waarden het zelfde beeld als op de vorige sheet (Antea 2040). Het enige opvallende verschil is dat in de Referentie 2040 de N199 tussen Neerduist en A1 een I/C van 0,86 kent en de kritische grens op dit wegvak wel benaderd wordt. Daarnaast zien we aan de zuidkant nog de net de noordelijke rijbaan van de A1 (oost naar west) ook rood kleuren. Hier wordt ook de kritische waarde bereikt. Dat komt waarschijnlijk doordat in de Referentie 2040 niet is uitgegaan van een aanpak van knooppunt Hoevelaken. 41

MO BYCON. NL

ONDERZOCHTE KRUISPUNTEN Op basis van de modelstudies (Antea en Referentie 2040) kunnen we uitspraken doen over de volgende kruispunten en rotondes: 1. rotonde Oostelijke Randweg – Zuidwenk; 2. rotonde Oostelijke Randweg – Smeerweg; 3. rotonde Oostelijke Randweg – Kleine Pol; 4. rotonde Oostelijke Randweg – Nijkerkerweg; 5. rotonde Nijkerkerweg – Groeneweg; 6. kruispunt Westsingel – Oostelijke Randweg; 7. kruispunt N414 – N199; 8. kruispunt De Kronkels – N414; 9. rotonde Neerduist – N199; 10. kruispunt Lodijk – N199; 11. aansluiting rotonde A1. 42

MO BYCON. NL

LOCATIE 1 OOSTELIJKE RANDWEG / ZUIDWENK • Enkelstrooksrotonde. • Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.000-25.000 mvt/etmaal. 1. Oostelijke randweg / Zuidwenk Model Intensiteiten Voldoet 2030 8700 Ja 2040 9300 Ja Referentie 2040 8961 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op deze rotonde in zowel 2030 als 2040 ruimschoots is geborgd. • Ook de aantakkende wegvakken van deze rotonde kunnen het verkeer goed verwerken waardoor er op deze wegvakken geen of nauwelijks knelpunten in de afwikkeling van verkeer te verwachten zijn. 43

MO BYCON. NL

LOCATIE 2 OOSTELIJKE RANDWEG / SMEERWEG • Enkelstrooksrotonde. • Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.000-25.000 mvt/etmaal. 2. Oostelijke randweg / Smeerweg Model Intensiteiten Voldoet 2030 12100 Ja 2040 12800 Ja Referentie 2040 12824 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op deze rotonde in zowel 2030 als 2040 ruimschoots is geborgd. • Ook de aantakkende wegvakken van deze rotonde kunnen het verkeer goed verwerken waardoor er op deze wegvakken geen of nauwelijks knelpunten in de afwikkeling van verkeer te verwachten zijn.

44

MO BYCON. NL

LOCATIE 3 OOSTELIJKE RANDWEG / KLEINE POL • Enkelstrooksrotonde. • Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.000-25.000 mvt/etmaal. 3. Oostelijke randweg / Kleine Pol Model Intensiteiten Voldoet 2030 8700 Ja 2040 9100 Ja Referentie 2040 9125 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op deze rotonde in zowel 2030 als 2040 ruimschoots is geborgd. • Ook de aantakkende wegvakken van deze rotonde kunnen het verkeer goed verwerken waardoor er op deze wegvakken geen of nauwelijks knelpunten in de afwikkeling van verkeer te verwachten zijn. 45

MO BYCON. NL

LOCATIE 4 OOSTELIJKE RANDWEG / NIJKERKERWEG • Enkelstrooksrotonde. • Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.000-25.000 mvt/etmaal. 4. Oostelijke randweg / Nijkerkerweg Model Intensiteiten Voldoet 2030 17500 Ja 2040 18600 Ja Referentie 2040 19911 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op deze rotonde in zowel 2030 als 2040 is geborgd. • Ook de aantakkende wegvakken van deze rotonde kunnen het verkeer goed verwerken waardoor er op deze wegvakken geen of nauwelijks knelpunten in de afwikkeling van verkeer te verwachten zijn. 46

MO BYCON. NL

LOCATIE 5 NIJKERKERKWEG / GROENEWEG • Enkelstrooksrotonde. • Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.000-25.000 mvt/etmaal. 5. Nijkerkerweg / Groeneweg Model Intensiteiten Voldoet 2030 10800 Ja 2040 11500 Ja Referentie 2040 11607 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op deze rotonde in zowel 2030 als 2040 ruimschoots is geborgd. • Ook de aantakkende wegvakken van deze rotonde kunnen het verkeer goed verwerken waardoor er op deze wegvakken geen of nauwelijks knelpunten in de afwikkeling van verkeer te verwachten zijn.

47

MO BYCON. NL

LOCATIES 6 WESTSINGEL/N199/N806 EN 7 N414 / N199 • Kruispunten met VRI. • Vuistregel capaciteit: som toeleidende verkeersstromen <25.000 mvt/etmaal. Op zich voldoen de kruisingen hieraan. De kruisingen zelf zijn hier niet het probleem, maar de intensiteiten voldoen niet omdat het tussenliggende wegvak het verkeer niet kan afwikkelen. 6. Oostelijke Randweg / Westsingel Model Intensiteiten Voldoet 2030 20100 Nee 2040 21200 Nee Referentie 2040 22965 Nee

7. Kruispunt N414 / N199 Model Intensiteiten Voldoet 2030 21500 Nee 2040 22000 Nee Referentie 2040 22922 Nee

• De Referentiestudie 2040* laat zien dat zonder aanpassing Hoevelaken nog hogere intensiteiten te verwachten zijn, richting de 25.000. • Dit onderstreept conclusie van Antea dat aanpassingen gewenst zijn. Zie volgende sheet. * Zie sheet 38 voor nadere toelichting

48

MO BYCON. NL

LOCATIES 6 WESTSINGEL/N199/N806 EN 7 N414 / N199 Conclusie Antea onderzoek: Op zichzelf kunnen de kruispunten het verkeer in beide prognosejaren (2030 en 2040) goed verwerken. De cyclustijd blijft (ruimschoots) onder de grenswaarden van 90 seconden. Het kruispunt kan in zijn huidige vorm behouden blijven. Het wegvak tussen kruispunt 6 en 7 loopt echter in 2030 en 2040 in de spitsen geregeld vol waardoor alsnog problemen ontstaan in de afwikkeling van kruispunt 6.

Door Antea genoemde en globaal onderzochte oplossingsrichtingen: 1. Een (mogelijk spitsafhankelijke) koppeling van de verkeersregeling van kruispunt 6 en 7, en in samenhang daarmee, het eventueel kortstondig bufferen van de auto's op de aanvoerrichtingen Er lijkt hiervoor voldoende ruimte in beide regelingen. Onderzoek dit met een microsimulatie zoals bijvoorbeeld Vissim; 2. Onderzoek aanvullend als het bovenstaande onvoldoende lijkt op te lossen ook of het wegvak tussen kruispunt 6 en 7 verbreed kan worden naar 2x2 stroken of eventueel het vergroten van opstelstroken. NB Op het eerste gezicht kan dit op veel plekken niet zonder ingrijpende en dure maatregelen. Zie blz. 40 van Antea rapport. 49

MO BYCON. NL

LOCATIE 8 DE KRONKELS / N414 • Voorrangskruispunt. • Vuistregel capaciteit: ongeveer 11.500 per etmaal. 8. De Kronkels / N414 Model Intensiteiten Voldoet 2030 12800 Nee 2040 14000 Nee Referentie 2040 13930 Nee

• Zowel in de modelstudie van Antea 2030 (zonder aansluiting Kronkels-Zuid), als Antea 2040 en de Referentie 2040* zien we dat dit kruispunt boven zijn capaciteit zit. Uit het bestemmingsplan voor de KronkelsZuid maar ook uit het Antea onderzoek blijkt dat dit komt door autonome toename van het verkeer. De KronkelsZuid heeft in 2030 hier nog geen aansluiting. • Het verkeer neemt tot 2040 verder toe na realisatie van de tweede fase van Kronkels-Zuid die ook op dit kruispunt wordt aangesloten. * Zie sheet 38 voor nadere toelichting

50

MO BYCON. NL

LOCATIE 8 KRUISPUNT DE KRONKELS – N414 Conclusie Antea onderzoek:

Door Antea genoemde oplossingsrichting:

Het huidige voorrangskruispunt kan het verkeer in 2030 niet meer goed verwerken als gevolg van autonome groei. Dat geldt des te meer als de tweede fase van het bedrijventerrein Kronkels-Zuid is gerealiseerd (na 2030) en ook op dit kruispunt wordt aangesloten.

Op basis van de vuistregel is het advies een enkelstrooksrotonde op deze locatie te realiseren. Hiermee kan het verkeer vlot en veilig ook in de toekomst verwerkt worden.

Het probleem wordt deels ook veroorzaakt door lokaal sluipverkeer over de Kronkels dat vanuit het noorden de kruispunten 6 en 7 mijdt vanwege congestie in de spitsen. Aanpak van deze kruispunten zal de situatie op dit kruispunt wat verlichten. Maar dat is waarschijnlijk nog steeds geen oplossing voor de situatie 2040.

“Gelet op het beleid van de provincie heeft dan aanleg van een rotonde de voorkeur. Qua capaciteit voldoet een rotonde, de intensiteiten zijn daarnaast niet dermate hoog dat een VRI noodzakelijk is. Bijkomend voordeel is dat -als de komgrens wordt opgeschoven- een duidelijk en herkenbaar begin/einde van de bebouwde kom wordt gecreëerd. De rotonde draagt daarnaast bij aan lagere snelheden, wat uitwisseling met de aantakkende ontsluitingswegen van De Kronkels (en De Kronkelszuid) beter en veiliger mogelijk maakt.” “Met betrekking tot verkeersveiligheid zijn overstekende fietsers (over de weg De Kronkels en aan de zuidkant van de toekomstige rotonde op de parallelweg) in combinatie met afslaand (vracht)verkeer een aandachtspunt. Het is van belang dat het afslaand (vracht)verkeer voldoende zicht heeft op het fietspad”

(pagina 29 van het Antea rapport).

NB Deze rotonde is ook opgenomen in het mobiliteitsplan van de gemeente. 51

MO BYCON. NL

LOCATIE 9 ROTONDE NEERDUIST / N199 • Enkelstrooksrotonde. Vuistregel capaciteit rotonde met fietsverkeer: som toeleidende verkeersstromen <20.00025.000 mvt/etmaal.

• Antea concludeert dat bij dit kruispunt voornamelijk problemen ontstaan door de dominante stroom op de N199 met als gevolg wachtrijen op de Neerduist. Dit gebeurt in 2030 door met name de autonome groei en in mindere mate de aanleg van Kronkels-Zuid met een extra tak op de rotonde. • Ook is er vanuit verkeersveiligheid en doorstroming een aandachtspunt voor het kruisen van (vracht)verkeer van en naar de nieuwe Kronkels-Zuid en het fietsverkeer aan de westzijde van de N199 op de doorfietsroute.

• Uit de Referentie 2040* blijkt dat nog hogere intensiteiten te verwachten zijn zonder aanpassing knooppunt Hoevelaken. * Zie sheet 38 voor nadere toelichting

52

MO BYCON. NL

9. ROTONDE NEERDUIST – N199 Conclusie Antea onderzoek:

Oplossingsrichting volgens Antea:

Doorstroming

Bestaande rotonde vervangen voor een VRI:

Vooral als gevolg van autonome groei kan verkeer vanaf Neerduist in de avondspits al de rotonde moeilijk oprijden vanwege de dominante stroom op de N199 vanaf de A1. Met de komst van Kronkels-Zuid en zeker na fase 2 zal doorstroming verder verslechteren als (vracht)verkeer de rotonde verlaat via de nieuwe aansluiting en moet wachten en voorrang moet geven aan fietsers op de doorfietsroute. Verkeersveiligheid (na realisatie fase 1 Kronkels-Zuid) • slecht zicht vrachtverkeer Kronkels-Zuid op kruising doorfietsroute bij nieuwe aansluiting Kronkels-Zuid. • Zie ook pagina 26 van het Antea rapport.

• • •

•

zowel doorstroming als verkeersveiligheid geborgd; meer mogelijkheid tot sturen dan bij een rotonde; mogelijkheid tot koppeling met VRI’s op kruisingen N199 -N414 en Westsingel-Oostelijke Randweg. Dit zou in vervolgonderzoek meegenomen kunnen worden. NB alternatieven zijn ook onderzocht, maar leveren volgens Antea teveel nadelen op of werken niet goed. Zie p.32 in rapport Antea.

Een VRI lijkt volgens de gemeente lastig inpasbaar en is ook niet bevorderlijk voor doorstroming fietsers. Dit vraagt om verder onderzoek. Ook denkt de gemeente over onderzoek naar een fietstunnel. NB Antea geeft aan dat daar een aantal technische uitdagingen zijn en er lijkt geen ruimte voor beide. Een vervolgonderzoek naar herontwerp van deze kruising is dus gewenst evenals het mede onderzoeken van deze kruising in een microsimulatie van de VRI’s op kruisingen 6 en 7. 53

MO BYCON. NL

LOCATIE 10 LODIJK / N199 • Voorrangskruispunt. Dit kruispunt functioneert niet als een regulier kruispunt, omdat je voornamelijk de dominante stroom noord – zuid hebt en slechts sporadisch een voertuig van en naar de Lodijk (Alleen bestemmingsverkeer). We hanteren daarom als vuistregel capaciteit: som toeleidende verkeersstromen <25.000 mvt/etmaal. 10. Kruispunt Lodijk / N199 Model Intensiteiten Voldoet 2030 19700 Ja 2040 20600 Ja Referentie 2040 21459 Ja

• Uit de vuistregel blijkt dat de verkeersafwikkeling op dit kruispunt ook in het scenario Referentie 2040* nog wordt geborgd maar het gaat al wel richting 25.000 voertuigen. • Ook de aantakkende wegvakken van het kruispunt kunnen het verkeer goed verwerken. * Zie sheet 38 voor nadere toelichting

54

MO BYCON. NL

10. KRUISPUNT LODIJK – N199

Conclusie Antea onderzoek:

Verkeersveiligheid

Doorstroming

De situatie maakt dat er kans is op kop-staart botsingen op de N199.

Grenswaarden worden niet overschreden gezien de zeer geringe intensiteiten op de Lodijk. De aansluiting zorgt wel voor een verstoring van de verkeerstroom op de N199 (afremmend en optrekkend verkeer), maar door de geringe intensiteiten is dit slechts een klein aandachtspunt.

Oplossingsrichting Verlengen middengeleider toekomstige aansluiting Bovenduist tot aan de Lodijk om afslaand verkeer te beperken.

55

MO BYCON. NL

LOCATIE 11. AANSLUITING A1/N199/BOVENDUIST • De aansluiting tussen de N199 en A1 wordt opnieuw ingericht in verband met de aanleg van een nieuwe ontsluitingsweg naar Vathorst-Bovenduist. Zie eerdere sheets. Daarnaast worden hier nu al vertragingen ervaren in de spits. • Hiervoor zijn plannen gemaakt voor een zogenaamde “hockeystick variant”. Rijkswaterstaat wil alternatieven onderzoeken omdat het ontwerp niet voldoet aan haar richtlijnen. • Dit onderzoek vindt op dit moment plaats. Er kunnen momenteel geen uitspraken worden gedaan over hoe dit ontwerp er uit ziet en wat de effecten zouden zijn op o.a. doorstroming. • Geadviseerd wordt om betrokken te blijven bij het ontwerp en waarin nu met name Amersfoort en Rijkswaterstaat in de lead zijn. Het is van belang om te onderzoeken en borgen dat niet alleen wordt gekeken naar optimalisering van op- en afrit (doorstroming en veiligheid) maar ook naar doorstroming op de N199 zelf.

56

MO BYCON. NL

OVERALL CONCLUSIE DOORSTROMING MODELSTUDIES ANTEA EN REFERENTIE 2040 • De meest recente studie ‘Referentie 2040’ bevat een fout omdat de Kronkels-Zuid niet goed is meegenomen en intensiteiten in de buurt hiervan waarschijnlijk worden onderschat. Het wordt aanbevolen opnieuw een modelonderzoek te doen om dit te corrigeren als ook de oplossing voor de aansluiting A1/N199/Bovenduist bekend is. • Over het algemeen lijkt er na enige aanpassingen voldoende capaciteit op de grootste wegen en kruispunten in het zuiden en oosten van Bunschoten in 2030 en 2040. Er zijn ook geen speciale verkeersveiligheidsproblemen te verwachten door bijvoorbeeld botsingen bij opstoppingen. • Op de N199 zijn een aantal knelpunten te verwachten voor 2030 en 2040. Deze knelpunten zijn al gesignaleerd in het onderzoek van Antea en hiervoor zijn oplossingsrichtingen aangedragen welke voldoende soelaas bieden om de doorstroming en de verkeersveiligheid op en langs de N199 tot acceptabele waarden terug te brengen.

• Uit de referentiestudie 2040 blijkt dat de intensiteiten zonder aanpassing van knooppunt Hoevelaken nog hoger zullen uitvallen. Dit onderstreept het belang om vervolgstudies te doen zoals Antea heeft voorgesteld. • De verkeersafwikkeling op de overige kruispunten/rotondes aan de oostzijde van de gemeente inclusief de rotonde Nijkerkerkerweg/ Groeneweg is op netwerkniveau voldoende geborgd. • NB het in theorie oplossen van al het doorgaand verkeer door Bunschoten (regionaal sluipverkeer) zou de conclusies en aanbevelingen van het Antea rapport niet veranderen. Daarvoor is de stroom te klein en de algehele belasting van het wegvak tussen Westsingel en A1 in 2030 en zeker 2040 te groot. Zoals de Referentie 2040 laat zien, zal zonder een aanpak van knooppunt Hoevelaken het sluipverkeer verder toenemen. 57

MO BYCON. NL

2. VERGELIJKING ‘ANTEA’ 2030 MET HUIDIGE TELLINGEN • De door Antea berekende intensiteiten voor 2030 zijn hiernaast afgezet tegen tellingen van 2022/2023. De percentages geven aan hoeveel procent de tellingen onder de voorspelling 2030 zitten (negatief) of daarboven (positief).

Verschil tussen telling 2022/2023 en voorspelling 2030

• Voornamelijk bij de randwegen is te zien dat huidige intensiteiten onder de voorspelling voor 2030 zitten, maar bij de lokale wegen binnen Bunschoten zit veel verschil (zoals de Bikkersweg). • Het Stravem model lijkt daarmee intern verkeer en de routes oost – west via Bikkersweg te onderschatten. Mogelijk duidt dit op bovengemiddeld veel intern verkeer/korte ritten. • In dit onderzoek kijken we voornamelijk naar de randwegen. Hiervoor lijken de conclusies uit het Antea onderzoek te kunnen blijven staan. Als men uitspraken wil doen over het onderliggende netwerk, zoals de oost- westverbinding, is het aan te bevelen nader onderzoek te doen naar de uitgangspunten van het model.

58

MO BYCON. NL

3. DOORREKENING MAATREGELENPAKKET MOBILITEITSAGENDA REGIO AMERSFOORT 2040 • Voor de regio Amersfoort is een mobiliteitsagenda voor 2040 opgesteld. Hierin is onder andere een maatregelenpakket opgesteld en doorberekend in het Stravem verkeersmodel.

• Afhankelijk van waar deze maatregelen getroffen worden kan dit zeker (positieve) invloed hebben op de doorstroming in Bunschoten gezien het doorgaande verkeer tussen Nijkerk en de A1/Baarn.

• Specifiek voor Bunschoten zitten hier maatregelen in om de aansluiting met de A1 te verbeteren en de busverbinding met Amersfoort te verbeteren (HOV), een hub met daarin ook HOV aansluitingen naar Hilversum.

• Met alle maatregelen verwacht men in 2040 een iets hoger relatief gebruik van het OV en wat minder autogebruik. Minder autogebruik kan de doorstroming op het hoofdwegennet van Bunschoten bevorderen ten opzichte van de referentievariant 2040 die wij in beeld hebben gebracht. Op regionaal niveau scheelt dit ruim tien procentpunt.

• De in het pakket opgenomen maatregelen voor de A1 en A28 inclusief de inzet op HOV lossen vooralsnog het knelpunt rond Hoevelaken niet op. Een aanpassing van dit knooppunt blijft dus gewenst en er zal dus nog geen verandering te verwachten zijn in doorgaand verkeer dat de A1 en/of het knooppunt Hoevelaken vermijdt. • Een van de maatregelen is een aanpak van sluipverkeer rondom knooppunt Hoevelaken inclusief niet nader uitgewerkte inzet van verkeersmanagement.

59

MO BYCON. NL

4. NUANCERING DOORGAAND SLUIPVERKEER • In de huidige situatie is er sprake van doorgaand verkeer door Bunschoten, dat met name rijdt op de relatief drukke wegvakken en kruispunten 6 en 7 (tussen Westsingel/ Oostelijke Randweg en N414). Over de gehele dag gezien heeft hier ongeveer 9% van het verkeer geen herkomst of bestemming in Bunschoten. In de avondspits zelfs 12%. • Het doorgaande regionale sluipverkeer heeft dus enige impact op de capaciteitsproblemen die in 2030 en 2040 te verwachten zijn. Zoals ook blijkt uit de vergelijking van de modelstudies Antea en Referentie 2040 zal dit verkeer toenemen zonder een aanpak knooppunt Hoevelaken. Zonder aanvullende maatregelen zal binnendoor rijden via deze wegen aantrekkelijk blijven.

• Het relatief aantrekkelijker maken van deze doorgaande ‘sluiproutes’ (bijvoorbeeld door een rondweg te realiseren of hogere snelheid te faciliteren), zonder aanvullende maatregelen leiden mogelijk tot alleen maar meer sluipverkeer en mogelijk ergere capaciteitsproblemen tussen Westsingel en N414 dan nu wordt voorspeld. • Om de verwachte capaciteitsproblemen op te lossen/ te verminderen is het aanpakken van doorgaand verkeer een goede optie. Een goede doorstroming van knooppunt Hoevelaken lijkt de belangrijkste voorwaarde om sluipverkeer terug te dringen. Probleem is dat bij files de route via N414-Amersfoortseweg-N806 aantrekkelijk zal blijven. NB het in theorie oplossen van al het doorgaand verkeer door Bunschoten (regionaal sluipverkeer) zou de conclusies en aanbevelingen van het Antea rapport niet veranderen. Daarvoor is de stroom te klein en de belasting van het wegvak tussen Westsingel en N414 in 2030 en verder te groot. 60 60

MO BYCON. NL

5. VERKENNING ONTWIKKELRICHTINGEN EN MAATREGELEN 61

MO BYCON. NL

VERKENNING ONTWIKKELRICHTINGEN EN MAATREGELEN • Er zijn enkele (mogelijke) maatregelen en ontwikkelrichtingen in en rondom Bunschoten die we globaal nader zullen verkennen.

1. Landbouwverkeer N199.

• In dit hoofdstuk noemen we het verwachte, globale, effect op de doorstroming op het hoofdwegennet van Bunschoten.

3. Nijkerkerweg 80 km/h.

• Dit rapport is een quick scan waarbij we ons beperken tot effecten doorstroming op basis van een globale inschatting van te verwachten effecten. Indien Bunschoten op anderen hierop wil inzetten, moeten maatregelen verder worden onderzocht. Afhankelijk van de maatregel gaat het evt. om modelonderzoek, onderzoek verkeersveiligheid et cetera.

2. Ontsluiting Rengerswetering. 4. Kazerne Zeewolde. 5. Knip Smeerweg / Groeneweg. 6. Rondweg Haarbrug – zuid.

62

MO BYCON. NL

1. LANDBOUWVERKEER N199 • Provincie Utrecht wil mogelijk landbouwverkeer toestaan op de N199 tussen rotonde Neerduist en de A1 (en verder). Gemeente Bunschoten maakt zich zorgen over doorstroming en de verkeersveiligheid: • beperkte wegbreedte N199 (2x1 rijstrook) i.t.t. de Bunschoterweg bij Amersfoort die 2x2 rijstroken heeft; • grote snelheidsverschillen op de rijbaan. En meer gevolgrisico bij gevaarlijk inhalen van landbouwvoertuigen op het deel met 2x1 rijstrook; • grote landbouwvoertuigen (met exceptie tot 3,5 m) kunnen elkaar vanuit de tegenrichting niet zonder risico passeren.

• Voor de fietsveiligheid zou het verdwijnen van landbouwvoertuigen op de parallelweg een voordeel zijn. Voor autoverkeer en landbouwverkeer zou er gekeken moeten worden naar passeerhavens, verbreding en andere zaken aangaande verkeersveiligheid. Wij focussen verder op doorstroming. • Vanaf A1 richting kruising N199/N414 is ongeveer 1,7 kilometer. Uit tellingen van de provincie (sept. 2017) blijkt dat op een werkdag gemiddeld 14 landbouwvoertuigen op de parallelweg rijden bij rotonde Neerduist (minder bij de Lodijk).

• Dergelijke lage aantallen landbouwverkeer op de N199 geeft mogelijk wat oponthoud, maar gezien de korte afstand naar verwachting niet genoeg om automobilisten te bewegen een andere (sluip) route te kiezen. Ook zijn de verwachte aantallen beperkt. Een of meerdere passeerhavens kan eventueel oponthoud verder beperken. • Op de rotondes / kruispunten zal de toevoeging van landbouwverkeer naar verwachting geen invloed hebben, omdat hier reeds langzaam gereden wordt. De hoeveelheid verkeer en de doorstroming op de kruispunten zal naar verwachting niet veranderen door landbouwverkeer op de N199. • Eventueel kan overwogen worden om de snelheid op N199 te verlagen om snelheidsverschil te verkleinen. Dat maakt de weg ook minder aantrekkelijk voor sluipverkeer maar verkeer uit Bunschoten wordt hier ook door getroffen evenals de bus en nooddiensten. Het effect op de reistijd is gezien de korte afstand beperkt maar biedt voordelen qua geluid en oversteekbaarheid. Het is de vraag of landbouwverkeer MO BYCON. NL voldoende63 aanleiding biedt. 63

2. ONTSLUITING RENGERSWETERING • Planning: grootse deel realisatie tot 2030. In modelstudies is deze ontwikkeling meegenomen, dus de Oostelijke Randweg kan de nieuwe voertuigbewegingen aan in 2030 en 2040. • Oostelijke randweg en fietspad: Er komt een nieuw fietspad door het doortrekken van het fietspad aan de oostzijde richting Zuidwenk met een oversteek naar westzijde bij 'Het Roer’. Het tracé ligt vast. De oversteek wordt nog uitgewerkt. • Kwestie congestie uitrijden ochtendspits vanuit De Kampen: Er zijn meldingen over moeilijk de wijk uitkomen in de ochtendspits. Veel mensen willen tegelijkertijd linksaf de Oostelijke Randweg opslaan. We zien dit niet als probleem op netwerkniveau want de Oostelijke Randweg heeft genoeg capaciteit. • Ontsluiting nieuwe ‘eilanden’ aan weerzijden Smeerweg: deze worden waarschijnlijk lokaal ontsloten op de Smeerweg en mogelijk alleen vanuit richting kern en niet van en naar de Groeneweg. Alleen met een echte knip op de Smeerweg is een route via de Groeneweg te voorkomen. Zie verderop. 64

MO BYCON. NL

3. NIJKERKERKWEG (DEELS) NAAR 80 KM/UUR • Op de N806 buiten de bebouwde kom geldt op dit moment een maximum snelheid van 60 km/uur. Er zijn ideeën om de maximumsnelheid naar 80 kilometer per uur aan te passen. • Dit zou dan mogelijk alleen gelden voor het gedeelte binnen grondgebied Bunschoten. Nijkerk heeft ambtelijk aangegeven bezwaren te zien. Redenen zijn beperkingen vanuit het natura-2000 gebied Arkemheen en het niet willen faciliteren van sluipverkeer.

• Deze maatregel zal dus geen invloed hebben op het wegennet van Bunschoten. • Als de hele N806 wel 80 km/u zou worden zou dit enige tijdswinst opleveren voor verkeer tussen Bunschoten en Nijkerk, maar mogelijk ook extra sluipverkeer uitlokken tussen Nijkerk en Amersfoort-Noord of Baarn via Bunschoten.

• Het gedeelte op grondgebied van Bunschoten is ongeveer één kilometer lang, onderbroken door een rotonde. Deze maatregel zal geen noemenswaardige tijdswinst opleveren voor automobilisten (nihil). Zonder tijdswinst wordt deze route ook niet aantrekkelijker voor sluipverkeer. 65

MO BYCON. NL

4. KAZERNE ZEEWOLDE • Defensie zoekt een locatie voor een nieuwe centrale kazerne. Hier moet plaats komen voor ongeveer 7.000 militairen. Er zijn twee voorkeurslocaties binnen Zeewolde, keuze wordt in 2025 gemaakt. • Bij keuze Oosterwold zal verkeer naar verwachting voornamelijk via A27/ A1 rijden ten westen van Bunschoten, dus zonder grote invloed op het wegennet van Bunschoten en bij keuze Spiekweg ook deels over N301 en A28.

• Voorwaarde is wel dat er rondom knooppunt Hoevelaken maatregelen worden getroffen. Bij verder vastlopen knooppunt zouden er nu onvoorziene stromen kunnen gaan ontstaan. Wij hebben echter niet de informatie om hier uitspraken over te kunnen doen.

• In de huidige situatie zien we in de floating car data dat verkeer vanaf de N301 en A28 nauwelijks via Bunschoten rijdt. Naar verwachting zal dit niet veranderen als verkeer vanaf Oosterwold of Spiekweg komt. Naarverwachting zal deze ontwikkeling dus beperkt invloed hebben op Bunschoten. 66

MO BYCON. NL

5. KNIP SMEERWEG / GROENEWEG • Op de Groeneweg (2.800 mvt/etmaal tussen Nijkerkerweg en Smeerweg) rijdt nu vooral doorgaand verkeer vanaf de Nijkerkerweg van en naar Bunschoten. We schatten dit op circa 75% en dus 2.100 voertuigen. Doorgaand verkeer gaat via ongeveer gelijke delen via Smeerweg en Zuidwenk. • Een knip op de Groeneweg ten zuiden van Zuidwenk is niet gewenst i.v.m. huidig en toekomstig vrachtverkeer Hubun dat volgens gemeente over de Groeneweg moet blijven kunnen rijden. Een knip op deze plek (of op de Zuidwenk zelf) zou nauwelijks effect hebben op het doorgaand verkeer want dat gaat via de Smeerweg. • Bij een knip op de Smeerweg zal ongeveer de helft van het doorgaand verkeer afgesneden worden, maar doorgaand verkeer blijft dan mogelijk via Groeneweg en de Zuidwenk en zal daar iets toenemen ten opzichte van nu. Een knip op deze plek lost dus slechts beperkt doorgaand verkeer op de Groeneweg op. Daarnaast zal ook de reistijd voor bestemmingsverkeer van en naar de kern toenemen. Hetzelfde zou gelden voor een knip alleen op de Zuidwenk. Mogelijk gaat dan al het doorgaand verkeer via de Smeerweg. • Bij een knip op zowel de Zuidwenk als Smeerweg wordt doorgaand verkeer onmogelijk.

Maar ook bestemmingsverkeer voor de Groeneweg en het afval-aanbiedstation moet dan omrijden van en naar veel bestemmingen in Bunschoten (lokale ritten – doorgaand verkeer het dorp uit kan prima via Nijkerkerweg). Al het doorgaand verkeer zal via de Oostelijke Randweg rijden. In de huidige situatie, 2030 en 2040 heeft de Oostelijke Randweg ruim genoeg capaciteit om deze extra voertuigen aan te kunnen. 67

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15616617/1