CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslag en jaarrekening 2024 - definitief.pdf

Commissie Ruimte 4 juni 2025, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1223446 Programmarekening 202433.087 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

2.179.927 3.395.010 520.572 2.330.033 5.227.597 20.646.414 2.204.914 -717.814 0

2.021.927 3.477.433 482.245 2.330.033 5.134.059 18.008.609 2.226.700 -1.982.814 0

2.093.780 3.175.125 475.543 2.299.383 4.971.852

-2.188.149 -1.410.307

612.970 137.797 859.295 1.114.802 6.471.881 20.496.602 2.136.321

25.773

6.253.165 11.939.924 76.683.513

2.119.553 3.788.095 613.340 3.158.678 6.086.654 26.968.483 8.389.487 9.751.776 75.273.205

Veiligheid

Verkeer, vervoer en waterstaat

Economie

Onderwijs

Sport, cultuur en recreatie

Volksgezondheid en milieu

Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing

Subtotaal programma's

Sociaal domein

Bestuur en ondersteuning

-5.717.000

Incidenteel

-915.888

Saldo

Afwijking

-35.786.653

Saldo

Raming na wijz. 2024 Saldo

49.267.905 -34.870.765 -31.698.192

Baten

Raming 2024 Saldo

14.397.140

Lasten

(Bedragen x € 1,-) Realisatie 2024

1.9 Recapitulatie totalen programma’s Onderstaand is een recapitulatie van de totalen per programma opgenomen.

81

82

DEEL 1: Jaarverslag

2. PARAGRAFEN

83

84

2.1 Lokale heffingen (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf lokale heffingen is opgenomen in artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. De paragraaf betreffende de lokale heffingen bevat tenminste de geraamde inkomsten, het beleid ten aanzien van de lokale heffingen, een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen, een aanduiding van de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.

Inleiding De belastingparagraaf behorende bij de begroting 2024 is op basis van deze uitgangspunten opgesteld. Bij de jaarrekening 2024 vindt aansluiting plaats bij deze opzet. De geraamde inkomsten worden daarbij aangevuld met tussentijdse aanpassingen en de definitief gerealiseerde inkomsten. Tevens wordt in deze belastingparagraaf tot uitdrukking gebracht of het beoogde beleid is gerealiseerd. Hierdoor kan de raad van de gemeente Bunschoten de in de begroting verwoorde uitgangspunten beter toetsen aan de behaalde resultaten. De geraamde en gerealiseerde inkomsten Belastingen en rechten

Primitieve begroting 2024

Belastingen: Onroerendezaakbelastingen (GBLT) Roerende ruimte belastingen (gem.) Forensenbelasting (GBLT) Precariobelasting (GBLT)

€ € € €

5.127.000,5.500,7.500,74.000,-

€ € € €

5.180.000,5.500,6.500,79.500,-

Totaal belastingen

€

5.214.000,-

€

5.271.500,-

Rechten: Afvalstoffenheffing (GBLT) Rioolheffing (GBLT) Begrafenisrechten (gem.) Marktgelden (GBLT + gem. ) Ov. Ink. Markt - water/stroomverbruik (gem.) Afdracht promotiegelden markt (gem.) Havengelden (GBLT) Secretarieleges en leges burgerzaken (gem.)

€ € € € € € € €

2.705.000,1.888.000,445.000,64.000,16.000,- 8.500,114.000,296.500,-

€ € € € € € € €

2.716.000,1.895.000,383.000,64.000,16.500,- 7.500,113.500,492.000,-

Afdracht Rijksleges (gem.) Leges omgevingsvergunning (gem.) BIZ bijdrage Haarbrug-Noord (GBLT) Afdracht BIZ bijdrage Haarbrug-Noord (gem.) Totaal rechten Totaal belastingen en rechten

€ € € € € €

- 102.500,616.000,21.000,- 20.000,6.034.500,11.248.500,-

€ € € € € €

- 197.000,2.047.500,21.000,- 21.000,7.523.000,12.794.500,-

Jaarrekening 2024

85

Het beleid ten aanzien van de lokale heffingen Analyse belastingen 2024 ▪ De totaal behaalde opbrengst onroerendezaakbelastingen (OZB) ligt iets hoger ten opzichte van het begrote bedrag. Een voordeel van € 53.000,-. GBLT geeft daarbij te kennen dat dit te maken heeft met een uiteindelijk iets lagere waardering voor woningen en een iets hogere waardering van de niet-woningen, nadat nagenoeg alle bezwaren tegen de WOZ-beschikkingen inmiddels zijn afgehandeld. ▪ De opbrengst precariobelastingen sluit af met een bedrag van € 5.500,- aan meeropbrengsten. Ongeveer € 3.500,- komt echter voort uit het voorgaande jaren 2022/2023. De werkelijke opbrengst 2024 ligt daarna nog steeds op een plus van € 2.000,-. ▪ De overige belastingen geven geen aanleiding tot het maken van een nadere analyse. Analyse rechten 2024 ▪ De opbrengst afvalstoffenheffing ligt € 11.000,- hoger dan begroot. Een bescheiden meeropbrengst, ondanks een beperkte toename van het aantal kwijtscheldingsaanvragen. ▪ De opbrengst rioolheffing ligt € 7.000,- hoger dan begroot. De opbrengst voor woningen ligt iets hoger (€ 18.000,-) ondanks een beperkte toename van het aantal kwijtscheldings-aanvragen en voor niet-woningen iets lager (€11.000,-). Voor niet-woningen heeft dit met een onzekerheidsmarge te maken vanwege het aantal liters afgevoerde afvalwater.

▪ De opbrengst begrafenisrechten liggen € 62.000,- lager dan begroot. In 2024 zijn er meer begrafenissen geweest dan in 2023 (157 t.o.v. 140). Maar de tarief verhouding voor 30, 60 (en 100 jaar) vanwege onbepaalde grafrust qua evenredigheid is op elkaar afgestemd, waarbij de tarieven voor de afkoop van 30 jaar iets verlaagd zijn en voor 60 (en 100) jaar iets verhoogd zijn ten opzichte van het voorgaande jaar. ▪ Leges burgerzaken (inclusief afdrachten) vertoont een voordeel van € 101.000,-. Dit hangt vooral samen met de verstrekking van meer rijbewijs- en reisdocumenten dan begroot en ook meer leges voor naturalisaties dan begroot. ▪ De leges omgevingsvergunningen (bouwleges) vertonen een fors positief resultaat van € 1.431.500,- ten opzichte van het oorspronkelijke primitieve begrote bedrag. Bij de eerste tussentijdse bestuursrapportage is de begroting bijgesteld naar € 1.516.000,-. Het positieve resultaat € 2.047.500,- ligt nog hoger dan ingeschat na die bijstelling. Dit heeft voor een deel te maken met een gewijzigde boekhoudkundige benadering qua verantwoording van de legesinkomsten. Daarnaast zijn er wat grote vergunningen aangevraagd, wat te maken heeft met de invoering van de Omgevingswet.

Overzicht op hoofdlijnen van de diverse taken belastingen en WOZ Belastingpolitiek Bij het opstellen van de ramingen van de inkomsten uit belastingen, bestemmingsheffingen en rechten voor de gemeentelijke begroting 2024 wordt uitgegaan van een tariefswijziging gekoppeld aan het verwachte inflatiepercentage voor 2024 van 6,40%, zoals bepaald in de Kadernota 2024. Voor veerboottarieven geldt dat deze aangepast worden in overleg met de veerpontbaas. Een volgende aanpassing is pas voorzien in het begrotingjaar 2028. Daarnaast zijn de begrafenisrechten aangepast op basis van eerdere besluitvorming (o.a. de tarieven van de verschillende afkoopperioden grafrust zijn op elkaar afgestemd). WOZ Jaarlijks wordt er een nieuwe herwaarderingsronde Wet WOZ uitgevoerd. Dit heeft de wetgever bepaald, zodat de WOZ waarderingen actueel zijn en voor meerdere toepassingen gebruikt kunnen worden. De nieuwe herwaarderingen met peildatum 1 januari 2023 gelden voor het belastingjaar 2024. Deze waarderingen gelden ook voor het woningwaarderingsstelsel, het puntensysteem dat de maximale huurprijs van sociale- en midden-huurwoningen bepaalt. Hierdoor hebben huurders een belang bij deze waardering, wat leidt tot meer beschikkingen. De gemiddelde waardestijging voor woningen bedraagt 5,39% en de gemiddelde waardestijging voor de niet-woningen bedraagt 2,17%.

Deze gemiddelde waardestijging van woningen en van niet-woningen, voortkomend uit de jaarlijkse herwaarderingen Wet WOZ, worden gecompenseerd door bijstelling van de tarieven onroerendezaakbelastingen. Een herwaardering levert de gemeente dan ook geen geld op bij waardestijgingen en kost de gemeente geen geld bij waardedalingen. Naast dit 86

herwaarderingseffect kan de gemeente overigens wel tariefmaatregelen nemen die daarvan los staan. Over het algemeen vindt inflatiecorrectie plaats over de tarieven. Legesverordening De Legesverordening 2024 is ingrijpend gewijzigd vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet en WKB met ingrijpende gevolgen voor de opzet van de legesheffing. Met de WKB is het toezichtniveau voor woningen in de categorie 1 (grondgebonden) overgegaan van de gemeente naar de ontwikkelaar en/of bouwer. Voor verbouwingen volgt de inwerkingtreding later. Een eerder uitgangspunt om inwerkingtreding voor verbouwingen medio 2024 door te voeren, is uitgesteld tot nader orde. Eerst wil men de effecten van deze eerste stap goed kunnen beoordelen in de uitvoeringspraktijk. Beleidsadvisering belastingen 2024 Naast de reguliere tarief voorstellen belastingen en rechten voor het volgende (belasting)jaar heeft er in 2024 ook besluitvorming plaatsgevonden, waarmee de gemeenten Veenendaal, Woudenberg en Renswoude met instemming van alle deelnemers per 1 januari 2025 zijn toegevoegd aan de gemeenschappelijke regeling van GBLT. De verwachting is dat GBLT met deze toevoegingen een robuustere organisatie wordt met naar verwachting positieve herverdeeleffecten van de kosten.

Overzicht op hoofdlijnen van de diverse taken belastingen en WOZ ▪ ▪ ▪

▪

▪

▪

De uitvoering van de Wet WOZ is tijdig en compleet door GBLT uitgevoerd, waarbij een herwaardering WOZ voor de gemeente ook heeft geleid tot tijdige resultaten voor de belastingvoorstellen. De Waarderingskamer heeft de resultaten van de WOZ waardering akkoord bevonden, waardoor GBLT tijdig kon beschikken. Ook heeft de Waarderingskamer de GBLT beoordeeld op hun processen en kwaliteit van werken. De beoordeling is wederom als ‘goed’ beoordeeld. Na een piek in 2023 met 724 WOZ bezwaren is het aantal WOZ bezwaren in 2024 gedaald naar 511, waarvan 357 bezwaren van no cure-no pay bureaus. Dit effect is mogelijk ook een gevolg van aangepaste wetgeving, waarbij de kostenvergoeding voor deze procedures versobert is. De verwachting is dat die dalende trend nog in enige mate doorzet. Overigens zijn nagenoeg alle WOZ bezwaren afgehandeld door GBLT, waarbij circa 38% is toegewezen en 62% is afgewezen. Het aantal heffingsbezwaren 2024 ligt ook iets lager dan in 2023. Het aantal was voor 2023 nog 245 en dit jaar is het aantal 194. Ook deze bezwaren zijn vrijwel allemaal afgehandeld, waarbij 74% is toegewezen en 26% is afgewezen. Het aantal toewijzingen ligt altijd vrij hoog, omdat in de loop van een belastingjaar een veranderde situatie kan leiden tot een aangepaste belasting. Het aantal beroep-hoger beroep voor heffingen is nul.

Het aantal WOZ-beroepen is 18 voor dit jaar en zeven nog onderhanden werk van voorgaande jaren. Inmiddels zijn 17 zaken afgehandeld en acht nog onderhanden werk bij afsluiting van het jaar. Bij de snelheid van afhandeling is GBLT overigens afhankelijk van de planning door de rechters van de betreffende zaken. Hierop heeft men zelf geen invloed. De toegekende kwijtschelding ligt iets hoger dan begroot, maar slechts marginaal.

Begroting en realisatie Bij het onderdeel ‘geraamde inkomsten’ staan de behaalde inkomsten van de verschillende belastingen en rechten (blz. 85). Daarbij zijn ook verklaringen gegeven over afwijkingen in relatie tot de begrote opbrengsten. Hieronder worden de belangrijkste rechten geplaatst in samenhang met de kosten voor het uitvoeren van de daarbij behorende gemeentelijke taak.

87

Afvalstoffenheffing De tarieven zijn voor 2024 aangepast met de inflatie van 6,40%. Bedragen in € x 1,Kosten reiniging Mutatie egalisatie Aandeel straatvegen/papierbakken Afvalstoffenheffing ▪ Vastrecht BTW component

Begroting 2024 Lasten 2.820.000 42.000 45.000

Rekening 2024 Baten

Lasten 2.734.000 170.000 45.000

2.709.000 224.000

Baten

2.716.000 224.000

Verrekening groen/veegafval

40.000

40.000

Opbrengst oud papier/ kunststof Dividend ROVA

272.000 110.000

307.000 110.000

Totaal

3.131.000

3.131.000

3.173.000

3.173.000

Toelichting De lasten zijn € 86.000,- lager dan begroot als gevolg lagere toegerekende salariskosten en inhuur (€ 16.000,-), hogere kosten inzake inzameling en verwerking (€ 61.000,-), lagere lasten verwerking overige afvalstromen (€ 124.000,-) en per saldo lagere overige lasten (€ 7.000,-). Ook de baten zorgen voor voordeling effect van per saldo € 42.000,-. De hogere baten komen door vastrecht (€ 7.000,-), restafval (€ 23.000,-), papier (€ 16.000,-), glas (€ 13.000,-), overige afvalstromen (€ 20.000,-), lagere baten bouw en sloopafval (€ 43.000,-) en per saldo een voordelig saldo op de overige baten (€ 6.000,-). Rioolheffing De tarieven zijn voor 2024 met 6,40% verhoogd. Bedragen in € x 1,Kosten riolering Aandeel baggeren, grachten etc. BTW component

Begroting 2024 Lasten 1.728.000 80.000 132.000

Mutatie egalisatie Rioolheffing Totaal

Rekening 2024 Baten

Lasten 1.760.000 80.000 132.000

34.000 1.906.000 1.940.000

1.940.000

Baten

77.000 1.895.000 1.972.000

1.972.000

Toelichting De baten rioolheffing zijn € 11.000,- lager dan begroot. De lasten riolering zijn € 32.000,- hoger dan begroot. De toegerekende salarislasten en inhuur zijn € 22.000,- hoger dan begroot, lagere kapitaallasten (achterblijven van de geplande investeringen) ten opzichte van de begroting van € 26.000,- waarvan een deel is gestort in de voorziening (van derden verkregen middelen met specifiek bestedingsdoel) (€ 32.000,-). Ook waren er hogere onderhoudskosten vrij verval riolering dan begroot (€ 98.000,-), lagere kosten gemalen en pompen (€ 24.000,-), lagere kosten klimaatmaatregelen (€ 53.000,-) en per saldo overige lagere kosten (€ 17.000,-).

88

Begraafrechten De tarieven voor 2024 zijn verhoogd met 6,40%. Daarnaast zijn de afkoopperiodes op elkaar afgestemd, waardoor er enige verschuivingen hebben plaatsgevonden. Bedragen in € x 1,Kosten begraven Mutatie egalisatie Begraafrechten Totaal

Begroting 2024 Lasten 512.000

Rekening 2024 Baten

Lasten 504.000

67.000 445.000 512.000

Baten 121.000 383.000

512.000

504.000

504.000

Toelichting Door lagere opbrengst begraafrechten (€ 62.000,-), lagere kosten salarislasten (€ 30.000,-), hogere kapitaallasten (€ 24.000,-) en per saldo lagere overige kosten (€ 2.000,-) is er een hoger bedrag onttrokken dan begroot. Marktgelden De tarieven voor 2024 zijn met 6,40% verhoogd. Bedragen in € x 1,Kosten markt Mutatie egalisatie Marktgelden Opbrengst water/stroomverbruik Totaal

Begroting 2024 Lasten 83.000

Rekening 2024 Baten

Lasten 84.000

3.000 64.000 16.000 83.000

83.000

Baten 3.000 64.000 17.000

84.000

84.000

Toelichting Hogere lasten marktgelden (€ 3.000,-) zorgen voor een hogere onttrekking (€ 3.000,-) aan de voorziening (van derden verkregen middelen met specifiek bestedingsdoel) . Leges De tarieven voor 2024 zijn met 6,40% verhoogd, behoudens die tarieven waarvoor wettelijke maximumtarieven gelden. Daarnaast zijn de leges omgevingsvergunningen aangepast op de nieuwe Omgevingswet en WKB voor woningbouwcategorie 1 grondgebonden woningen. Bedragen in € x 1,Algemene dienstverlening Omgevingsvergunningen Europese richtlijn

Begroting 2024 Lasten 612.000 851.000 3.000

Baten 372.000 1.516.000 3.000

Rekening 2024 Lasten 768.000 794.000 3.000

Baten 490.000 2.047.000 3.000

Toelichting: Algemene dienstverlening kan door wettelijke maximumtarieven niet kostendekkend worden doorberekend. Bij de omgevingsvergunningen is een hogere opbrengst leges te zien van € 531.000,-. Dit komt door een gewijzigde boekhoudkundige verwerking en daarnaast zijn er wat grote vergunningen aangevraagd, wat te maken heeft met de invoering van de Omgevingswet.

89

Kostendekkingsoverzicht voor de verschillende leges en rechten Heffingen Afvalstoffenheffing Rioolheffing Begraafrechten Marktgelden Leges algemene dienstverlening (titel 1 Legesverordening) Leges omgevingsvergunning (titel 2 Legesverordening) Leges vallend onder Europese Dienstenrichtlijn (titel 3 Legesverordening)

Begroting 2024 100% 100% 100% 100% 61% 178% 100%

Werkelijk 2024 108% 98% 76% 96% 64% 258% 100%

Conclusies kostendekking rechten in relatie tot egalisatievoorziening Voor de legesheffing geldt geen voorziening voor egalisatie, omdat dit niet binnen de fiscaal juridische regelgeving past. Voor de verschillende rechten bestaan echter wel egalisatievoorzieningen (van derden verkregen middelen met specifiek bestedingsdoel). Uitgangspunt is dat zij een maximaal negatief of positief saldo mogen hebben. Daarbij geldt een bandbreedte van -5% en +5% van de (begrote) jaaropbrengsten leges en rechten. Als het resultaat binnen deze bandbreedte valt, dan is sprake van 100% kostendekking van deze rechten. Komen ze beneden de ondergrens, dan zijn voor de dan komende jaren wellicht aanvullende tariefmaatregelen nodig of moet worden bezien of de uitgavenkant (verder) omlaag kan worden gebracht. Gaat de voorziening (van derden verkregen middelen met specifiek bestedingsdoel) over de bovengrens, dan kunnen in feite de dan komende jaren de tarieven omlaag, tenzij er uiteraard ontwikkelingen zijn waardoor ook de kosten (gaan) toenemen.

Heffing en invordering gemeentelijke belastingen door GBLT Heffing De combinatiebeschikkingen/aanslagbiljetten gemeentelijke en waterschapsbelasting 2024 zijn opgelegd. Het gaat hierbij om een combineerde aanslag van de volgende zaken: ▪ Beschikkingen Wet WOZ ▪ Onroerendezaakbelastingen ▪ Afvalstoffenheffing ▪ Rioolheffing ▪ Verschillende waterschapheffingen Er zijn ruim 11.000 aanslagen over lopende belastingjaar 2024 opgelegd. Naast het grote combinatie kohier gemeentelijke en waterschapbelastingen zijn dit jaar nog meer aanslagen verzonden voor een aantal andere kohieren. Dit betreft meerdere aanvullingskohieren voor: ▪ gemeentelijke en waterschapsbelasting 2024 ▪ havengelden 2024 ▪ forensenbelasting 2024 ▪ marktgelden 2024 ▪ precariobelasting 2024 ▪ BIZ Haarbrug Noord 2024 Het opleggen van de aanslagen en nota’s voor 2024 heeft geleid tot een aantal verzoeken om ontheffingen en bezwaarschriften. Hierna de kengetallen voor 2024 en in meerjarenperspectief.

90

2024

Toegewezen of Vernietigd

Afgewezen of ingetrokken

Nog af te handelen

Bezwaarschriften gecombineerde aanslag, gemeentebelastingen Bezwaarschriften WOZ - waarde en/of afbakening (waarvan NCNP bezwaren)

194

74%

26%

4

511 (357)

38% (30%)

62% (70%)

7 (6)

Totaal

705

Bezwaarschriften gecombineerde aanslag, gemeentebelastingen Bezwaarschriften WOZ - waarde en/of afbakening (waarvan NCNP bezwaren) Totaal

11

2021

2022

2023

2024

204

159

175

194

326 (188)

292 (163)

701 (516)

511 (357)

530

448

876

705

Toelichting De heffingsbezwaren omvatten ook verzoeken om verminderingen van aanslagen als gevolg van mutaties o.a. verhuizingen, verder wordt een melding van de front-office/KCC qua taakverdeling veelal ook aangemerkt als bezwaar. In dat opzicht valt het aantal heffingsbezwaren mee. Het aantal bezwaren WOZ 2024 is weer afgenomen nu de wettelijke kostenvergoedingen zijn aangepast c.q. verlaagd. De verwachting is dat deze trend zich doorzet. Invordering In onderstaande tabel staan de prestatiegegevens over het invorderingsbeleid. PRESTATIEGEGEVENS Percentage belastingen - reeds ingevorderd - kwijtschelding - oninbaar - debiteurensaldo* * Aantal nog in te vorderen vanwege: - automatische incasso, recent opgelegd of niet of net vervallen - betalingsregeling - aanmaning, dwangbevel, overige fases van invordering Totaal

2023

2024

96,4% 0,9% 0,2% 2,5%

96,4% 0,9% 0,1% 2,6%

449

443

103 149

112 49

701

604

Toelichting Alleen bij de fase “aanmaning, dwangbevel en overige fases van invordering” loopt de gemeente nog gerede kans dat dit geld niet geheel kan worden ingevorderd. Het gaat dan over € 64.000,- aan geheven belastingen over 2024. Hiervoor is in de jaarrekening een voorziening wegens oninbaarheid opgenomen. Met de betalingsregelingen is een bedrag van ruim € 25.000,- gemoeid. GBLT geeft in afwijking tot vorig jaar aan dat het verstandig is om een percentage van 0,40% van het netto opgelegde aanslagbedrag te begroten als oninbaar. Vorig jaar was dat nog 0,30%. Een en ander past in de uitgangspunten van de begroting.

91

Aanduiding van de lokale lastendruk Lokale lastendruk Er is in de gemeente Bunschoten voor het jaar 2024 een toenemende lastendruk voorzien voor personen met een koopwoning (met een gemiddelde woningwaarde) van 6,40%. Voor mensen met een huurwoning geldt ook een toename van de lastendruk van gemiddeld 6,40%. De verhouding ligt dit jaar op hetzelfde niveau, ondanks dat huurders geen aanslag onroerendezaakbelastingen ontvangen, maar alleen een afvalstoffenheffing en een rioolheffing. De toename van de lastendruk is dit jaar namelijk strikt gekoppeld aan de inflatie van 6,40%. Alle heffingen zijn met dit percentage verhoogd. Er zijn daarnaast geen extra tariefmaatregelen toegepast. COELO Het COELO onderzoek jaarlijks de lokale lastendruk in het land. Uit deze rapportage kan het lastenniveau in relatie tot het landelijke niveau worden beoordeeld. De gemeente Bunschoten staat dit jaar op de 63e positie van de gemeenten met de laagste woonlasten in het land voor de gecombineerde aanslag gemeentelijke belastingen (onroerendezaakbelasting, rioolheffing en afvalstoffenheffing) voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning. Het betreft een rangorde tussen 342 gemeenten.

Beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid Huidig beleid In de gemeente Bunschoten bestaat de mogelijkheid voor particulieren om kwijtschelding aan te vragen: a. voor de onroerendezaakbelastingen eigenarenbelasting voor woningen, roerenderuimtebelastingen eigenarenbelasting voor (water)woningen, afvalstoffenheffing (vastrecht) en rioolheffing gebruikersheffing voor woningen; b. voor alle overige gemeentelijke heffingen bestaat geen mogelijkheid voor kwijtschelding; c. waarbij uitgegaan wordt van 100% van de bijstandsnorm; d. in afwijking van artikel 1c geldt een andere kwijtscheldingsnorm voor inwoners die de pensioengerechtigde leeftijd hebben bereikt. Voor deze personen geldt de norm 100% netto AOW + deel KOB; e. GBLT schakelt de Stichting Inlichtingenbureau jaarlijks in voor een gratis screening op eerder gehonoreerde aanvragen, waarbij wordt getoetst of men (wederom) in aanmerking komt voor automatische kwijtschelding. In de gemeente Bunschoten bestaat de mogelijkheid voor ondernemers om kwijtschelding aan te vragen voor privé schulden: a. voor de onroerendezaakbelastingen eigenarenbelasting voor woningen, roerenderuimtebelastingen eigenarenbelasting voor (water)woningen, afvalstoffenheffing (vastrecht) en rioolheffing gebruikersheffing voor woningen; b. voor alle overige gemeentelijke heffingen bestaat geen mogelijkheid voor kwijtschelding.

Aanvullend beleid vanaf 2023: Extra toegestane financiële middelen In afwijking van artikel 12, tweede lid, onderdeel d van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 wordt het totale bedrag aan financiële middelen, bedoeld in dat onderdeel, verhoogd met: a. € 2.000,00 voor de belastingschuldige en zijn echtgenoot; b. 75% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande, en; c. 90% van het bedrag genoemd onder a voor een alleenstaande ouder.

92

Prestatiegegevens kwijtschelding In onderstaand overzicht staan de prestatiegegevens over de afhandeling van de kwijtscheldingsverzoeken. PRESTATIEGEGEVENS Automatisch toegekend Aangevraagd Totaal

2024 97 306 403

Toegewezen Afgewezen/ingetrokken Nog in behandeling

179 209 15*

Ontvangen beroepen Toegekende beroepen Afgewezen beroepen Beroep nog in behandeling Totaalbedrag kwijtschelding (x € 1.000,-) * Wordt het eerste kwartaal van 2025 afgehandeld

4 2 1 1 95,0 Prognose = 102,9

Uitsplitsing kwijtschelding 2024 per belastingsoort: Automatisch of op verzoek Begroot Totaal per belastingsoort Prognose als alle verzoeken zijn afgehandeld

Onroerende zaakbelastingen € € €

Afvalstoffenheffing -

€ € €

60.000,59.900,65.100,-

Rioolheffing € € €

35.000,35.100,37.900,-

Er is in totaal € 95.000,- aan kwijtschelding verleend in 2024. Wanneer alle verzoeken zijn afgehandeld verwacht GBLT uit te komen op € 102.900,- aan verleende kwijtschelding over 2024. Dit ligt iets hoger dan is ingeschat is bij het begroten. Ook is het aantal kwijtscheldingsverzoeken in 2024 gestegen ten opzichte van 2023 (403 versus 358).

93

94

2.2 Weerstandsvermogen en risicobeheersing (Commissie Bestuur en Financiën) Het wettelijk kader voor het opstellen van een paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing is opgenomen in artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen: ▪ De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. ▪ Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat tenminste een inventarisatie van de weerstandscapaciteit, de risico’s en het beleid daarover. Ook, sinds de begroting 2016, zijn enkele kengetallen verplicht in deze paragraaf, met een beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie. Het weerstandsvermogen is te omschrijven als ‘de mate waarin de gemeente Bunschoten in staat is middelen vrij te maken om financiële risico’s op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van het bestaande beleid van de gemeentelijke dienstverlening’.

Deze formulering is zo gekozen, omdat het niet wenselijk is, vooral na de doorgevoerde bezuinigingen, dat er opnieuw moet worden bezuinigd en/of omgebogen indien zich onverwachts substantiële tegenvallers voordoen. Notitie weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is een indicator voor de robuustheid van de financiële positie van de gemeente. Om te kunnen vaststellen of het weerstandsvermogen voldoende is, moeten de belangrijkste risico’s worden geïnventariseerd en gerelateerd aan de middelen en mogelijkheden die de gemeente heeft om de financiële gevolgen van dergelijke niet begrote zaken te kunnen opvangen. Ook voor de grondexploitaties is het van belang de risico’s te onderkennen. Een Vergelijkend overzicht reserves 2024 staat aan het eind van deze paragraaf opgenomen. Uit dit overzicht blijkt dat de reserve algemene dienst ultimo 2024 € 23,2 miljoen bedraagt (excl. het resultaat van € 1,4 miljoen). Overzicht weerstandsvermogen Op de volgende pagina staat een overzicht van de weerstandscapaciteit. Een toelichting op deze tabel is hieronder te lezen. Het begrip onbenutte belastingcapaciteit is afgeleid van de normen die worden gehanteerd voor een artikel 12 gemeente. De onbenutte belastingcapaciteit voor Bunschoten wordt berekend op € 3 miljoen. Het artikel 12 beleid voor de onderdelen riolering en afval blijft onveranderd 100% kostendekkend.

In de begroting is dat ook het uitgangspunt, waarbij wordt opgemerkt dat hierbij ook de mutaties in de egalisatievoorziening zijn meegenomen. Voor wat betreft de totale jaarlijkse exploitatie is er een weerstandscapaciteit van gemiddeld € 3,1 miljoen (afgerond). Het weerstandsvermogen van de algemene dienst is € 23,2 miljoen. Dit is de reserve algemene dienst voor bestemming van het rekeningresultaat. De ratio van het weerstandsvermogen wordt bepaald door de reserve algemene dienst à € 23,2 miljoen te delen door de geïnventariseerde financiële risico’s à € 8 miljoen. Dit betekent een ratio van het weerstandsvermogen van 2,9. Hieruit kan geconcludeerd worden dat de gemeente Bunschoten de mogelijke financiële risico’s goed kan dekken. De risico’s binnen de grondexploitatie zijn in 2024 geactualiseerd bij het MPG. De huidige reserve grondexploitatie bedraagt per 31-12-2024 € 4.549.500,-. Uit de risicoanalyse en de minimale buffer van één miljoen euro, is het minimale benodigde bedrag van de reserve grondexploitatie € 3.848.000,-. Dit is een verschil van € 701.500,-. Gelet op de grote ontwikkelingen in de verschillende grondexploitaties is bij de behandeling van het MPG 2024 voorgesteld om niet het volledige bedrag te onttrekken uit de reserve grondexploitatie, maar een bedrag van € 549.500,-.

Zodat de verwachte stand van de reserve grondexploitatie € 4.000.000,- wordt per 31-12-2025. 95

Ontwikkeling weerstandsvermogen/capaciteit (Bedragen x € 1.000,-)

Raming

Werkelijk

Verschil

Jaarlijkse exploitatie Onbenutte belastingcapaciteit Stelpost onvoorziene uitgaven

3.300 100

3.000 100

-300 -

Totaal jaarlijkse exploitatie

3.400

3.100

-300

Vermogenssfeer (31/12) Reserve algemene dienst Reserve grondexploitatie Totaal vermogenssfeer

24.049 4.382 28.431

23.152 4.550 27.702

-897 168 -729

Totaal voor opvang risico's

31.831

30.802

-1.029

Risico’s Financiële risico’s Bij de financiële risico’s kan er onderscheid worden gemaakt met betrekking tot de risico’s die voortvloeien uit het eigen beleid, uit het beleid van andere overheden, samenwerking met andere gemeenten c.q. instanties, uit voor gemeenten autonome ontwikkelingen (bijvoorbeeld economische en maatschappelijke ontwikkelingen) en ten slotte nog uit het doen en/of nalaten van anderen. Dubieuze debiteuren Voor de dubieuze debiteuren wordt bij de jaarrekening een voorziening dubieuze debiteuren gevormd, die vervolgens wordt aangewend voor het verlagen van het debiteurensaldo. Van jaar tot jaar wordt deze ontwikkeling gevolgd bij de jaarrekening. In de jaarrekening 2024 is voor dit onderdeel een voorziening getroffen van € 467.000,-. Het grootste deel van deze post betreft debiteuren sociale zaken (€ 362.000,-). Voor de beoordeling van deze debiteuren wordt uitgegaan van percentages oninbaar per soort vordering. Verzekeringen Nog steeds is er een claimbewustheid te zien bij de burger. Dit jaar zijn enkele aansprakelijkheidskwesties doorgestuurd naar de aansprakelijkheidsverzekeraar die de verdere afhandeling voor haar rekening nam. Schades onder het eigen risico zijn afgewikkeld door de gemeente, de kosten worden dan ook in rekening gebracht bij de gemeente. Het gaat veelal om kleine bedragen.

Wanneer er door derden schade veroorzaakt wordt aan gemeentelijke eigendommen, worden deze verhaald als de veroorzaker bekend is. Garantieverstrekkingen Het WEW staat garant voor de risico’s van hypotheken. De gemeente en het Rijk zijn achtervangovereenkomsten aangegaan waarbij zij beiden voor 50% garant staan voor eventuele liquiditeitstekorten. Bij tekorten hebben zij de verplichting renteloze leningen te verstrekken aan het WEW. Door de Rijksoverheid wordt erop geattendeerd voorzichtig te zijn met het verstrekken van garanties. Vooral instellingen in de sport- en zorgsector moeten in eerste instantie aankloppen bij het voor die sector betreffende waarborgfonds, waarbij de gemeente als achtervang optreedt. Voor het verstrekken van achtervangovereenkomsten ten behoeve van leningen voor woningbouwverenigingen geldt een vergelijkbare regeling. De stichting WSW staat garant voor de leningen. Ook hier zijn de gemeente en het Rijk achtervangovereenkomsten aangegaan waarbij zij beide voor 50% borg staan voor rente en aflossing van de leningen. Bij tekorten hebben zij de verplichting renteloze leningen te verstrekken aan de stichting WSW.

96

Open-einde regelingen In de begroting is een aantal open-einde regelingen opgenomen. Met regelingen die gekenmerkt worden door een open-einde regeling wordt bedoeld dat het volume van de aanspraken op de betreffende voorzieningen door de gemeente moeilijk beïnvloedbaar en dus moeilijk beheersbaar is. Voorbeelden hiervan zijn het beroep op de Participatiewet (BUIG), schuldsanering, de Wet maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en vervoer van leerlingen naar speciaal onderwijs. Ook de uitvoering van de Wsw kan hierbij worden betrokken. Het zijn vooral ontwikkelingen binnen het Sociaal Domein. Risicoanalyse De risico’s van de gemeente Bunschoten zijn in de breedste zin van het woord geïnventariseerd, de top vijf risico’s zijn hierna weergegeven. Op hoofdlijnen is de risicoanalyse beoordeeld. In 2024 is de risicoanalyse opnieuw geüpdatet. Nr. Risico (Bedragen x € 1,-) Datalekken in de organisatie niet of te laat gemeld. Onvoldoende acties ondernomen i.v.m. datalekken of bescherming van persoonsgegevens. Hier kunnen we een boete voor krijgen van de autoriteit persoonsgegevens (AP). Daarnaast bestaat de mogelijkheid dat we niet 1 voldoen aan de NIS2 richtlijn. Sociaal domein (o.a. jeugdzorg, veranderopgave 2 MetMaya, openeinderegeling en WMO).

Recessie/crisis in de breedste zin van het woord (denkend 3 aan stikstof, woningmarkt, rente, migranten enz.) Aansprakelijkheidsstelling (in de breedste zin van het woord bijvoorbeeld: afgeven vergunningen, gladheidsbestrijding, riolering, bodemvervuiling, aanvaring veerpont, letsel speeltoestellen, awb procedures, faillissement (van aannemer waar wij verantwoordelijk voor zijn), seizoen afhankelijke risico's (storm- en 4 vuurwerkschade) en dergelijke. De marktprijzen stijgen door krapte in de markt bij onze 5 leveranciers en bij aanbestedingsprocedures. Totaal

Financieel risico

Kans

Financieel gevolg

€ 50.000.000

5% € 2.500.000

€

2.000.000

50% € 1.000.000

€

1.500.000

50% €

750.000

€

1.500.000

40% €

600.000

€ 1.500.000 € 56.500.000

40% € 600.000 € 5.450.000

Er is nu voor € 56,5 miljoen aan financieel risico geïnventariseerd in de top vijf. Het totaal van de financiële gevolgen van de geïnventariseerde risico’s komt uit op afgerond € 8 miljoen. Wanneer gekeken wordt naar de risico’s die boven de 75% kans uitkomen, dan kan het voor komen dat deze risico’s zich vaak voordoen. Als deze risico’s zich vaak voordoen, dan dienen deze risico’s op termijn structureel in de begroting opgenomen te worden.

Sociaal Domein Participatiewet Het regionaal werkvoorzieningsschap Amersfoort voert voor Bunschoten de Wet Sociale Werkvoorziening uit. Jeugdwet en Wmo/AWBZ In de verschillende beleidsnota’s is in een aparte paragraaf aandacht besteed aan de mogelijke risico’s en de te treffen beheersmaatregelen. Rente Een moeilijk voorspelbare en door de gemeente niet te beïnvloeden grootheid is de rente. Een aantal elementen bepaalt eigenlijk het positieve of negatieve renterisico: ▪ Onzekerheid over de korte rente ▪ Onzekerheid over de rente bij renteaanpassingen ▪ Onzekerheid over de rente bij aan te trekken geldleningen voor nieuwe investering In de paragraaf Financiering is de renterisiconorm uitgewerkt. 97

Financiële kengetallen Nr. Kengetal

Rekening 2023 Begroting 2024 Rekening 2024

1a Netto schuldquote

54,2%

70,7%

47,7%

1b Netto schuldquote -/- verstrekte leningen

49,6%

66,9%

44,3%

2

Solvabiliteitsratio

37,2%

35,5%

34,4%

3

Kengetal grondexploitatie

18,8%

30,0%

10,7%

4

Structurele exploitatieruimte

-1,1%

4,9%

-1,4%

5

Belastingcapaciteit

88,5%

89,8%

89,3%

▪

Netto schuldquote: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie (>130 = hoge schuld). Uit het overzicht blijkt een daling ten opzichte van de jaarrekening van 2023. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door de baten die in 2024 gestegen zijn ten opzichte van 2023.

▪

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen: Dit is dezelfde indicator als hiervoor beschreven, maar dan gecorrigeerd met het aandeel van de verstrekte leningen (>130 = hoge schuld).

▪

De solvabiliteitsratio: Dit geeft een indicatie in de mate waarin de gemeente in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Het eigen vermogen (reserves en resultaat overzicht baten en lasten) wordt uitgedrukt in een percentage van het balanstotaal. Vanuit het coalitieakkoord is bepaald dat de solvabiliteit minimaal 30% moet zijn, dit is in 2024 behaald met 34,4%. Dit solvabiliteit was in 2023 37,2%.

▪

Kengetal grondexploitatie: Voor de berekening van dit kengetal wordt de bouwgrond in exploitatie gedeeld door de totale baten uit de programmabegroting of jaarstukken en uitgedrukt in een percentage. Dit kengetal is opgenomen, omdat in het verleden is gebleken dat de grondexploitatie een forse impact kan hebben op de financiële positie van de gemeente. Ten opzichte van 2023 is een daling te zien. Dit effect is het gevolg van een daling in de boekwaarde van de post voorraden. Ten opzichte van de begroting 2024 is een daling te zien in het kengetal. Dit wordt veroorzaakt door de uitgaven voor de Kronkels-Zuid die begroot waren in 2024, maar werkelijk lager zijn in 2024. Dit vanwege vertraging. Hierdoor is het saldo bouwgronden in exploitatie werkelijk lager dan begroot.

▪

Structurele exploitatieruimte: De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. In 2024 zijn de structurele baten lager dan de structurele lasten.

▪

Belastingcapaciteit woonlasten meerpersoonshuishouden: De ruimte die een gemeente heeft om haar belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het COELO publiceert dit in de Atlas van de lokale lasten. Onder woonlasten wordt de OZB verstaan, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing voor een woning met een gemiddelde WOZwaarde in de betreffende gemeente. Deze uitkomst wordt vergeleken met het landelijk gemiddelde en uitgedrukt in een percentage. Bekend is dat Bunschoten al jaren lager scoort dan het landelijk gemiddelde.

98

Vergelijkend overzicht reserves 2024 Naam reserve

Saldo 1-1-2024

Herrubricering*

Saldo 31-12-2024

Algemene reserves Reserve algemene dienst (incl. resultaat na bestemming) Totaal algemene reserves

23.346.387

24.561.976

23.346.387

24.561.976

Toekomstvisie

265.656

215.656

Startersleningen Stimulerings- en vangnetleningen Nieuwe Schans Sociaal domein

15.513

14.449

22.200

20.736

77.500

77.500

Dekking kapitaallasten

641.479

598.684

Bestemmingsreserves

Corona (COVID-19) effecten

78.815

77.315

Risicoverevening jeugdzorg

600.000

667.000

0

74.000

1.701.163

1.745.340

Gemeentelijk erfgoed Totaal bestemmingsreserves Egalisatiereserves * Afvalstoffenheffing

158.344

-158.344

0

Rioolrechten

580.592

-580.592

0

Marktgelden Begraafrechten Totaal egalisatiereserves

0

0

0

447.428

-447.428

0

1.186.365

-1.186.365

0

Grondexploitatie Algemene reserve

4.546.000

4.549.501

Bovenplanse voorzieningen

1.010.831

1.010.831

177.462

177.462

Totaal grondexploitatie

5.734.293

5.737.794

Totaal generaal reserves

31.968.208

32.045.110

Reserve Oostmaat

* In 2024 heeft er een herrubricering plaatsgevonden. Door de herrubricering worden de bestemmingsreserves ten behoeve van egalisatie gepresenteerd als voorziening 'Van derden gekregen middelen met specifiek bestedingsdoel'.

99

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15779241/1