CConstaterende datBunschoten
Koppel je AI →
Document · PDF

Integraal beleidskader spread.pdf

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente BunschotenBij agendapunt: RV 1181620 Integraal beleidskader Sociaal domein 2024-2027 ‘Samen verder’12.387 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

SAMEN VERDER Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 Gemeente Bunschoten

INHOUD

VOORWOORD

Voorwoord

3

1.

Inleiding

4

2.

Zorg in beweging

6

3.

Visie en uitgangspunten

8

4.

Inclusie en diversiteit

10

5.

Sterke sociale basis

12

6.

Bestaanszekerheid en participatie

15

7.

Gezond en actief leven

20

8.

Ontwikkelen en opgroeien

24

9.

Ouder worden

28

10. Financiën

33

Een samenleving met gezonde inwoners is van groot belang! Gezondheid betekent meer dan een goed werkend fysiek lichaam. Het betekent ook mentaal welbevinden, kwaliteit van leven, in verbinding zijn met elkaar, mee kunnen doen, zingeving en je dagelijkse bezigheden goed kunnen uitvoeren. Deze elementen van positieve gezondheid bepalen voor een groot deel of je zelf of samen met anderen op een prettige wijze kunt leven. Inzetten op positieve gezondheid is noodzakelijk om te voorkomen dat met de vergrijzing, de problemen in de jeugdzorg en de krapte op de arbeidsmarkt het beroep op professionele zorg te groot wordt. Een samenleving met gezonde inwoners creëren we samen. Niet de gemeente alleen of maatschappelijke partijen kunnen de samenleving vormgeven. De samenleving zijn we met alle inwoners. Daarom heet toepasselijk dit beleidskader Samen verder. Onze samenleving is een sterke, veerkrachtige samenleving die een positieve invloed heeft op de gezondheid van onze inwoners. Er is een rijk verenigings- en kerkelijk leven, goed onderwijs, mooie bedrijven, er is aandacht voor sport en cultuur en veel omzien naar elkaar. Deze kracht willen we behouden en deze kracht willen we inzetten om samen een gezondere samenleving te stimuleren, zodat we ook zorg kunnen blijven dragen voor die inwoners die dat het meest nodig hebben.

Samen met alle maatschappelijke partijen en samen met onze inwoners, samen verder, samen voor een sociaal Bunschoten. Peter van Asselt Wethouder Sociaal Domein

2 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 3

1. INLEIDING ACHTERGROND

TOTSTANDKOMING

De aanleiding voor het opstellen van een nieuw beleidskader sociaal domein 2024 – 2027 is het aflopen van de beleidsnota ‘Integraal Beleidskader Sociaal Domein 2019 – 2022 Gemeente Bunschoten’ en de verlenging daarvan met een jaar (2023). Bovendien is het sociaal domein altijd in beweging. Er spelen landelijke ontwikkelingen, die van grote invloed zijn op de inwoners van de gemeente Bunschoten. Denk aan de toenemende vergrijzing, personeelskrapte, grote vraag naar jeugdhulp en de stroom asielzoekers en statushouders. Op landelijk niveau worden akkoorden en wijzigingen in beleid afgesproken waarbij wij ook als gemeente grote verantwoordelijkheden hebben gekregen. De gemeente Bunschoten werkt voortvarend samen met haar partners om de vele uitdagingen de komende jaren in goede banen te leiden. We willen met elkaar bouwen aan de toekomst van onze gemeente. De wijze waarop we dit doen, heeft de coalitie vastgelegd in het coalitieakkoord 2022-2026 ‘Bouwen aan de toekomst’.

In het sociaal domein zijn we als gemeente niet dé speler, maar één van de spelers. Daarom hebben we op diverse manieren onze samenwerkingspartners en inwoners betrokken.

Dit beleidskader geeft in grote lijnen weer wat de komende jaren de speerpunten zijn in het sociaal domein. Daarnaast wordt de uitvoering van de reguliere (wettelijke) taken gecontinueerd. Hierbij blijft aandacht voor zelfredzaamheid, participatie, kansengelijkheid, preventie, verstevigen van de sociale basis en de samenwerking met de partners belangrijk. Er gaat veel goed en dat willen we behouden en versterken. Er heeft een brede evaluatie plaatsgevonden van het Integraal beleidskader Sociaal Domein 2019-2022. Dit is in de nota ‘Evaluatie beleidskader 2019 -2022 Sociaal domein’ beschreven. Ondanks de moeilijke omstandigheden als gevolg van niet voorziene omstandigheden zoals de coronapandemie, is er veel bereikt. De leerpunten uit deze evaluatie samen met de actuele ontwikkelingen wordt meegenomen in het nieuwe beleidskader.

Marktplein Sociaal Domein In april 2022 vond het Marktplein Sociaal Domein in het gemeentehuis plaats. Tijdens het Marktplein Sociaal Domein is kennis en informatie uitgewisseld door maatschappelijk partners, zijn netwerken versterkt en is gekeken naar mogelijkheden om krachten te bundelen. Beleidsmedewerkers van het sociaal domein gaven workshops over maatschappelijke thema’s. De resultaten uit deze workshops zijn meegenomen als input voor het nieuwe beleidskader van het sociaal domein. Het Marktplein werd bezocht door ongeveer 120 personen.

Bijeenkomst met gemeenteraad en maatschappelijke partners In februari 2023 vond een bijeenkomst in Oostwende College plaats met raadsleden, leden van de adviesraad sociaal domein en met de bestuurders van onze maatschappelijke organisaties. De bijeenkomst werd bezocht door ruim 45 personen. Aan de hand van groepsgesprekken werd inbreng opgehaald om een breed gedragen beleidskader Sociaal Domein op te stellen. De deelnemers namen deel aan de volgende themagroepen:  Sterke basis & Ontwikkelen en opgroeien  Gezondheid en actief leven & Ouder worden  Bestaanszekerheid en participatie & Inclusie

Burgerparticipatie en focusgroep We hebben gekozen voor een zorgvuldige en brede burgerparticipatie door aan te sluiten bij de jaarlijkse enquête voor ‘Waar staat je gemeente’ en rapportages van de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst regio Utrecht (GGDrU). Bovendien is een speciaal voor dit doel geformeerde focusgroep geraadpleegd. Deze

4 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

focusgroep bestond onder meer uit inwoners die gebruik maken van de dienstverlening van het Sociaal Team en vrijwilligers in de sociale basis die met hun werkzaamheden kwetsbare inwoners ondersteunen en inwoners die verschillende soorten groepen uit de samenleving vertegenwoordigen. Aan hen zijn tijdens een bijeenkomst verschillende thema’s uit het concept beleidskader voorgelegd. Zij onderschreven de benoemde thema’s en de beoogde ontwikkelingen en hebben aanscherpingen meegegeven die we verwerkt hebben in het beleidskader.

ingaan op de verschuivingen en veranderingen die plaatsvinden.

Adviesraad Sociaal Domein

     

Voor de bijeenkomst van de focusgroep is ervoor gekozen om voor de verbinding ook de adviesraad uit te nodigen. Dit bood de mogelijkheid om tevens een eerste reactie van hen op het concept beleidskader te vragen. Voor de vaststelling van dit beleidskader Sociaal Domein heeft het college advies gevraagd aan de adviesraad sociaal domein. Met inachtneming van het advies van de adviesraad van 23 oktober 2023 is het beleidskader ter besluitvorming aan de gemeenteraad aangeboden.

LEESWIJZER Hoofdstuk 2 richt zich op de actuele landelijke ontwikkelingen die een belangrijke rol spelen en van invloed zijn op het sociaal domein. We zullen dieper

Onze visie wordt uiteengezet in hoofdstuk 3, waar we de uitgangspunten beschrijven. Dit hoofdstuk vormt de kern van dit beleidskader, aangezien het de basis legt voor de doelen die in de daaropvolgende hoofdstukken staan. De hoofdstukken 4 tot en met 9 zijn elk gewijd aan een specifiek thema. Voor elk thema wordt vermeld wat we willen bereiken en waar we op in gaan zetten. We onderscheiden de volgende thema’s: Inclusie en diversiteit Sterke sociale basis Bestaanszekerheid en participatie Gezond en actief leven Ontwikkelen en opgroeien Ouder worden

Binnen het Sociaal Domein heeft de gemeente een grote hoeveelheid aan opgaven, op basis van verschillende wetten en/of gemaakte regionale of lokale afspraken. Naast de prioriteiten en thema’s waar we vanuit dit beleidskader de komende jaren op inzetten is er ook nog een grote hoeveelheid reguliere opgaven. Dit zijn bijvoorbeeld afspraken op basis van wet- en regelgeving, politieke besluiten en regionale en lokale afspraken met partners. Deze opgaven vergen structureel een inspanning en zijn te volgen in de jaarstukken.

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 5

2. ZORG IN BEWEGING In dit hoofdstuk beschrijven we de huidige landelijke ontwikkelingen waarmee we in het sociaal domein te maken hebben. De kwaliteit en toegankelijkheid van onze zorg en ondersteuning staan onder druk. Inwoners, van jong tot oud, doen een stijgend beroep op hulp. We lopen tegen de grenzen aan van de beschikbaarheid van zorg. We zien grote uitdagingen op ons afkomen door de toenemende complexiteit van de samenleving. Als we niets doen, is de huidige zorg en ondersteuning niet meer houdbaar in de toekomst. Door oorzaken als vergrijzing, geestelijke gezondheidszorg die steeds meer thuis plaatsvindt, woningnood, stijgende jeugdzorgkosten, krapte op de arbeidsmarkt en een bestaanszekerheid die onder druk staat, zullen steeds meer mensen ondersteuning nodig hebben, maar zullen er steeds minder professionals zijn die dit kunnen bieden. Deze uitdagingen vragen om een transformatie op landelijk niveau (omschreven in o.a. de Hervormingsagenda jeugd1, Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming2, Integraal Zorg Akkoord3, doordecentralisatie Beschermd Wonen4). Deze landelijke ontwikkelingen moeten regionaal en lokaal zijn uitwerking krijgen. Om deze transformatie goed vorm te kunnen geven is niet alleen samenwerking lokaal met alle betrokken partijen nodig.

Ook samenwerking met andere gemeenten in verschillende samenwerkingsverbanden is noodzakelijk en soms ook verplicht vanuit de landelijke regelgeving. In de uitvoering van alle zorg en ondersteuning zijn we als gemeente niet geheel autonoom. De rijksoverheid legt nieuwe en aanvullende opgaven bij gemeenten, stelt daarbij eigen voorwaarden en geeft gemeenten wel of niet voldoende financiële ruimte

mee. De beleidsvrijheid die we hebben, zetten we in om de ondersteuning en zorg die we moeten bieden, zo passend mogelijk te laten zijn voor inwoners, beschikbaar en toegankelijk te houden en de stijgende kosten waar mogelijk te beheersen.

Integraal Zorgakkoord en Gezond en Actief Leven Akkoord De druk op de zorg heeft ervoor gezorgd dat het Rijk is gekomen met een Integraal Zorgakkoord (IZA). Zorgverzekeraars, de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) hebben uitgesproken dat er een verschuiving moet plaatsvinden van zorg naar preventie. Hiermee wordt bedoeld dat medische zorg kan worden afgebouwd, mits preventie succesvol is en professionele zorg kan worden vervangen door zelfzorg en informele (mantel)zorg. Het doel hiervan is om de zorg voor de toekomst goed, toegankelijk en betaalbaar te houden. Hoe deze verschuiving moet worden vormgegeven is uitgewerkt in het Integraal Zorgakkoord en het Gezond en Actief Leven Akkoord5 (GALA). Als gemeenten zijn we een belangrijke partner in deze akkoorden. We zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van GALA-thema’s waarvoor we financiering ontvangen via de brede Specifieke Uitkering (SPUK), zoals Mentale Gezondheid, Leefomgeving, Vroegsignalering Alcoholproblematiek, Versterken sociale basis, Mantelzorg en Eén tegen eenzaamheid. Veel van deze thema’s vereisen een integrale benadering. In het najaar 2023 is er een integraal programma Gezondheid, Sport en Bewegen en Sociale Basis opgesteld. De thema’s uit dit programma zijn ook elders in dit beleidskader terug te vinden.

Verdere uitwerking vergt zowel intensieve samenwerking met onze lokale partners, als samenwerking met

1

https://vng.nl/artikelen/hervormingsagenda-jeugd

2

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/03/30/tk-bijlage-toekomstscenario-kind-en-gezinsbescherming

3

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2022/09/16/infografic-integraal-zorgakkoord

4

https://vng.nl/artikelen/missie-en-visie-

5

Gezond en Actief Leven Akkoord

6 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

de regio Amersfoort. In het GALA is daarnaast landelijk bepaald dat we regionaal moeten samenwerken om gezondheidsachterstanden terug te dringen. Het gaat om de ontwikkeling van de volgende vijf regionale ketenaanpakken Kansrijke Start, Gecombineerde Leefstijlinterventie, Aanpak overgewicht bij kinderen, Valpreventie en Welzijn op Recept. Uitgangspunt is een brede integrale aanpak die verschillende domeinen overspant.

WOZO Naast het Integraal Zorg Akkoord (IZA) is er het Programma Wonen, Ondersteuning en Zorg voor Ouderen (WOZO). Het WOZO-programma draagt bij aan een brede maatschappelijke beweging en de transitie in wonen, ondersteuning en zorg voor ouderen: zelfstandig als het kan, thuis als het kan en digitaal als het kan. Deze norm hanteren we eveneens in het IZA. De beweging van het IZA versterkt de beweging van het WOZO en andersom. Hierbij is ook een integrale benadering van wonen en zorg van belang. Dit wordt vormgegeven in de woonzorgvisie, waarin de visie op wonen in relatie tot verschillende doelgroepen wordt uitgewerkt.

Jeugdwet Gemeenten hebben de kosten van de jeugdhulp flink zien stijgen en kunnen dit niet meer dekken met de daarvoor beschikbare middelen. Om de jeugdhulp toekomstbestendig te maken is er een regiovisie ‘Samen werken in de specialistische jeugdhulp’ ontwikkeld. De bedoeling is om de jeugdhulp beschikbaar te houden waarvoor het is bedoeld en daarmee de hulp terecht te laten komen bij de kinderen die de hulp het meest nodig hebben.

thuis. Inwoners met psychische kwetsbaarheid kunnen volwaardig onderdeel zijn van de maatschappij. Dit draagt bij aan (sneller) herstel en vermindering van problemen.

Wet aanpak samenhangende meervoudige problematiek (Wams): integrale toegang Om de zorg toekomstbestendig te houden, is het ook belangrijk om tijdig en passende hulp te bieden, zodat problemen niet escaleren. Belangrijk hierbij is dat de hulpvragen van inwoners met meervoudige problematiek integraal vanuit diverse disciplines bekeken worden en dat professionals goed met elkaar samen werken in deze casussen. Intensieve en integrale samenwerking tussen professionals die op verschillende vlakken bij inwoners of gezinnen met meervoudige problemen betrokken zijn, is van belang. Voor inwoners met meervoudige problematiek is één integrale toegang over verschillende wetten en domeinen heen een gewenste ontwikkeling. Deze aanpak wordt verplicht als de Wet aanpak samenhangende meervoudige problematiek (Wams) in het sociaal domein in werking treedt. Met de Wams worden ook knelpunten weggenomen in relatie tot gegevensuitwisseling en privacy in het sociaal domein, waardoor samenwerking tussen verschillende disciplines makkelijker zal gaan.

Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) In 2024 worden álle gemeenten individueel en financieel verantwoordelijk voor ondersteuning van hun inwoners met psychische kwetsbaarheid. In de regiovisie ‘Samen in de Wijk’ is het streven vastgelegd dat inwoners met psychische kwetsbaarheid zoveel mogelijk thuis de nodige hulp en ondersteuning kunnen ontvangen. Als thuis wonen niet mogelijk is, wordt er teruggevallen op een beschermde woonvoorziening. Het uiteindelijke doel van deze beweging is sociale inclusie: van beschermd wonen naar een beschermd

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 7

3. VISIE EN UITGANGSPUNTEN De ontwikkelingen zoals geschetst in het vorige hoofdstuk maken dat we een heldere visie nodig hebben om het sociaal domein toekomstbestendig te maken en onze taken op een goede manier uit te blijven voeren. Investeren in één sterk sociaal domein is investeren in een gezonde, vitale, zorgzame en inclusieve samenleving. In de vorige beleidsperiode hebben we ons gericht op meer en betere samenwerking op de verschillende beleidsterreinen van het sociaal domein. Daardoor weten we steeds beter wat werkt en waar nog verbetering nodig is. Een goed functionerend lokaal sociaal domein biedt wat nodig is, vaak even, en soms structureel. Met oog voor de menselijke maat en de verschillen die er zijn tussen inwoners. Het sociaal domein kent immers vele gezichten: van jongeren met een licht verstandelijke beperking, tot ouderen met dementie. Van ouders met zorgen over een verslaafd kind tot mantelzorgers die overbelast dreigen te raken.

VISIE In Bunschoten werken we samen aan een gezonde en inclusieve samenleving, waarin iedereen meedoet en gelijke kansen heeft om zich te ontwikkelen. We kiezen voor de volgende uitgangspunten voor ons beleid en de uitvoering daarvan: 1. Iedereen kan meedoen We gaan uit van een inclusieve samenleving. Iedereen hoort erbij ongeacht leeftijd, achtergrond of levensbeschouwing, geslacht, seksuele gerichtheid, fysieke of psychische beperking. 2. Gezond zijn als basis van een prettig leven Gezondheid is meer dan de afwezigheid van ziekte. Of je je gezond voelt, hangt af van de mate waarin je je nuttig en gewaardeerd voelt, of je

controle hebt over je leven en de kwaliteit van je sociale contacten. In feite maakt gezondheid onderdeel uit van alle onderdelen van ons leven. Als je je gezond voelt, kun je meer aan en ben je beter in staat de uitdagingen van het leven aan te gaan. Deze brede benadering sluit aan bij het concept van Positieve Gezondheid. Gezond leven is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van mensen zelf. De gemeente stimuleert en ondersteunt daarbij. 3. Eigen verantwoordelijkheid van inwoners Veel inwoners van Bunschoten redden zich prima zelf, of met hulp van hun omgeving, maar dat lukt niet altijd. Soms is er ondersteuning nodig. De gemeente heeft hier een verantwoordelijkheid, samen met anderen. Ondersteuning is er altijd op gericht dat de inwoner de regie over zijn eigen leven (weer) neemt, zodat inwoners in staat worden gesteld om problemen (weer) zelf op te lossen. Als dit niet kan of lukt, dan kan ondersteuning ook langdurig zijn en zorgen we voor een vangnet voor mensen die het echt niet zelf kunnen. 4. Inzetten op een sterke sociale basis De sociale basis bestaat uit alle inwoners, organisaties, bedrijven en netwerken die zich inzetten voor een veilige, gezonde en fijne plek om met elkaar samen te leven. In de sociale basis worden beginnende problemen opgelost en voorkomen we dat problemen groter worden of weer terugkeren.

Met als doel dat mensen zelf of samen met hun netwerk weer verder kunnen. 5. Ondersteuning is passend We zorgen voor passende ondersteuning door aan te sluiten bij de eigen mogelijkheden van inwoners en het versterken van veerkracht van gezinnen. Dat betekent ook dat we het gesprek voeren over wat als normaal bestempeld kan worden in de samenleving en wat acceptabel is binnen welke bandbreedte. Dat geldt voor alle leeftijdsfasen.

8 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Niet alles hoeft en kan opgelost worden vanuit professionele hulpverlening. Hulp is beschikbaar voor iedereen die dat echt nodig heeft. Zo licht mogelijk, maar ook zwaar wanneer noodzakelijk. 6. Ondersteuning organiseren we dichtbij Hulp wordt in principe aangeboden in de eigen omgeving. Lokaal wat lokaal kan, in de wijk waar dat past en regionaal waar het lokaal niet kan of waar meerwaarde ontstaat. Daarbij zetten we in op een sterk sociaal team dat zelf hulpverlening biedt aan inwoners. Zo krijgen inwoners sneller passende hulp en hebben zij één vaste hulpverlener die naast hen staat, de lokale situatie goed kent en helpt om regie te houden over de benodigde steun.

7. Samen komen we tot de beste oplossing We werken bewust met één beleidskader voor het sociaal domein. Dat biedt de kans om integraal zaken op te pakken. Samen met onze inwoners, samen met onze maatschappelijke partners, en in samenspraak met andere beleidsterreinen zoals omgevingsontwikkeling, openbare ruimte, wonen en veiligheid.

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 9

4. INCLUSIE EN DIVERSITEIT In onze visie hebben we dit keer nadrukkelijk benoemd dat we uitgaan van een ‘inclusieve samenleving’. Bij het vormgeven van ons beleid streven we ernaar een samenleving te creëren, waarin iedereen meedoet en gelijke kansen heeft om zich te ontwikkelen. Bij inclusief beleid gaat het erom dat iedere inwoner van Bunschoten de kans krijgt op een volwaardig manier mee te doen, naar zijn of haar vermogen. En daarbij erkennen we dat meedoen voor iedereen anders kan zijn. Onze inwoners zijn verschillend en nemen op hun eigen manier deel, passend bij hun eigen situatie. Diversiteit gaat over de manier waarop mensen van elkaar verschillen. Met sommige van die verschillen worden we geboren. Die kunnen we niet veranderen. Denk bijvoorbeeld aan de kleur van je ogen of intelligentie. Andere verschillen ontstaan later in ons leven en zijn veranderlijk. Bijvoorbeeld je kledingstijl of interesses. Inclusie gaat over diversiteit én gelijkwaardigheid. Dit betekent dat er erkenning is voor de verschillen tussen mensen en dat deze verschillen worden gewaardeerd. Inclusie gaat niet over gelijkheid of gelijkvormigheid. Waardering voor verschil kan alleen plaatsvinden als we de verschillen erkennen en er openlijk over praten.

We willen ons inzetten voor een inclusief beleid op alle beleidsterreinen van het sociaal domein, zoals werk en participatie, inkomen, jeugd, gezondheid, sport en wonen, zodat niemand buiten de boot valt. Het coalitieakkoord benadrukt dat aandacht voor inclusie en specifiek toegankelijkheid van de openbare ruimte belangrijk is en heeft hierover het volgende opgenomen: ‘Iedereen mag zijn wie hij of zij is, ongeacht geaardheid of achtergrond. Dialoog, steun en erkenning zijn hierbij sleutelwoorden’. ‘

Samen met ervaringsdeskundigen wordt eenmaal per jaar naar drukbezochte plekken gekeken om hindernissen voor toegankelijkheid te signaleren en te verhelpen’.

Landelijke ontwikkelingen Landelijk komt er steeds meer aandacht voor diversiteit en inclusie via het programma ‘Divers & Inclusief’ van Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en het ministerie van Sociale Zaken en Welzijn (SZW). In Bunschoten lopen er al activiteiten om acceptatie van diversiteit en inclusie te bevorderen, maar er is nog geen integraal beleid op dit thema. Nederland heeft daarnaast in 2016 het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap van de Verenigde Naties (VN-verdrag Handicap) geratificeerd. Sindsdien zijn gemeenten verplicht om inclusief beleid te maken, in de vorm van een Lokale Inclusie Agenda. Het VN-verdrag heeft als doel dat de wereld toegankelijk en inclusief wordt voor iedereen. De samenleving moet ervoor zorgen dat de achterstanden die mensen met een beperking ervaren om volwaardig mee te kunnen doen, worden weggenomen.

natie, Toegankelijkheid (fysieke toegankelijkheid, digitale toegankelijkheid en sociale toegankelijkheid) en LHBTIQ+ (lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgenders en intersekse personen).

Indicatoren 

Wat willen we bereiken? We staan voor een inclusieve gemeenschap, waarin iedereen zich geaccepteerd en veilig voelt en zichzelf kan zijn.

Waar zetten we op in? Integraal beleid op inclusie en diversiteit We ontwikkelen integraal beleid waarbij we uitgaan van de benadering van verdraagzaamheid en acceptatie van de ander. Op dit thema trekken we op met samenwerkingspartners, zoals Andersom, de Boei, artikel 1 Midden-Nederland, onderwijs en sportverenigingen. Ook betrekken we ervaringsdeskundigen bij dit onderwerp.

Er zijn landelijke en lokale middelen beschikbaar om de LIA uit te voeren. Om uitvoering te geven aan het VN-verdrag voor het toegankelijk maken van de bestaande leefomgeving zijn de beschikbare middelen echter te beperkt, daarom gaan we vooral inzetten op het vergroten van de toegankelijkheid bij projecten in de buitenruimte. Ook zullen we in de LIA een verbinding maken met de ontwikkelingen in andere domeinen, zodat de toegankelijkheid zoveel mogelijk meegenomen wordt in de plannen en regelgeving die gemeentebreed worden gemaakt. We zullen in de LIA verder aansluiting zoe-

Lokale Inclusie Agenda (LIA)

ken bij de regionale plannen die er op dit onderwerp zijn, waarbij er plek is voor de lokale identiteit van de gemeente. Tot slot zullen we in de LIA extra aandacht besteden aan de wensen die in de raad gedeeld

We stellen een Lokale Inclusie Agenda op waarin aandacht wordt geschonken aan drie pijlers: Anti-discrimi-

zijn zoals toegankelijke verkiezingen en samenspeelplekken.

10 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Bewustzijn voor toegankelijkheid, LHBTIQ+ en anti-discriminatie vergroten door het tenminste trainen van 50 professionals in onze gemeenschap (Buitengewoon opsporingsambtenaren, sociaal werkers, sportclubs, Klant Contact Centrum etc.) voor wie inclusie & diversiteit een belangrijk thema is in hun werk. Aantal jongeren dat eerlijk tegen iedereen op school kan vertellen dat hij LHBTIQ+ is van huidig percentage 13% naar minimaal 23% (landelijk gemiddelde).

Monitoring 

Eenmaal per jaar wordt samen met ervaringsdeskundigen naar een drukbezochte plek gekeken om hindernissen voor toegankelijkheid te signaleren en waar mogelijk te verhelpen. Jaarlijkse update over de voortgang van de LIA via de nieuwsbrief Sociaal Domein aan de gemeenteraad.

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 11

5. STERKE SOCIALE BASIS We hebben in hoofdstuk 2 de ontwikkelingen in het zorglandschap voor de komende jaren geschetst. Om ervoor te zorgen dat de zorg in de toekomst beschikbaar blijft, is het noodzakelijk om de opkomende kosten te beperken. Dit vereist een verschuiving naar preventie en het versterken van de sociale basis. De sociale basis moet sterk en zichtbaar genoeg zijn om lichte hulpvragen in op te vangen. Vanuit de geïndiceerde zorg en ondersteuning moet het mogelijk zijn om op tijd weer ‘af te schalen’ en met lichtere ondersteuning verder te kunnen. De “sociale basis” bestaat uit alle inwoners, organisaties en netwerken die zich inzetten voor een veilige, gezonde en fijne plek om met elkaar samen te leven. De sociale basis zorgt ervoor dat mensen mee kunnen doen en brengt mensen bij elkaar. In de sociale basis zijn drie lagen te onderscheiden: 1. De inwoner zelf en zijn/haar sociale netwerk; 2. Door inwoners georganiseerde ontmoetingen, zoals buurtactiviteiten, het verenigingsleven en de kerken op diverse fysieke plekken in onze plaats. Dit gebeurt op eigen initiatief van de inwoners, omdat zij dat zelf belangrijk vinden. In deze laag bevindt zich een groot deel van het vrijwilligerswerk; 3. De vrij toegankelijke voorzieningen, zoals sociaal werk (De Boei), scholen, kinderopvang, buurtsportcoaches, Homies en de Gezinsparaplu.

Deze organisaties hebben als missie of opdracht om ontmoeting tussen inwoners te stimuleren. Deze drie lagen overlappen en versterken elkaar. Inwoners kunnen een beroep doen op het eigen sociale netwerk (laag 1), wanneer zij hulp nodig hebben. Het eigen netwerk kan vergroot worden door deel te nemen aan georganiseerde ontmoetingen (laag 2) en gebruik te maken van vrij toegankelijke voorzieningen (laag 3).

Normaliseren van hulpvragen We zien dat de samenleving steeds hogere eisen stelt aan de kwaliteit van leven. Als er problemen zijn, willen we dat zo snel mogelijk oplossen. Hierdoor is de focus van zorg en ondersteuning komen te liggen op problemen definiëren en diagnosticeren en die vervolgens zo goed mogelijk oplossen. Door te focussen op problemen, verliezen we wellicht uit het oog wat wél goed gaat. Versterken wat goed gaat, kan immers ook (een deel van) de oplossing zijn. Hoewel we als gemeente deze manier van kijken niet zomaar kunnen veranderen, kunnen we wel stappen zetten naar een andere benadering. Een benadering waarin problemen onderdeel zijn van het leven en het hebben van een probleem niet betekent dat je niet ‘normaal’ bent. We moeten oppassen te snel professionele hulp of ondersteuning in te zetten voor hobbels die nu eenmaal horen bij opgroeien of ouder worden. Het opvoeden van peuters of van pubers is soms lastig en als je ouder wordt, krijg je te maken met beperkingen. Het is wel prettig als er dan iemand in de buurt is die je om raad of om hulp kunt vragen. Dat hoeft niet altijd een professionele hulpverlener te zijn. Juist de sociale basis zorgt ervoor dat inwoners met lichte hulp- en ondersteuningsvragen laagdrempelig en in de buurt hulp kunnen krijgen.

Waar zetten we op in? Ook kan de sociale basis oplossingen bieden als de professionele hulp stopt. Het is belangrijk dat de professionele zorg en ondersteuning en de sociale basis goed op elkaar aansluiten. Alleen dan is het mogelijk de best passende ondersteuning te bieden aan inwoners die dat nodig hebben.

Wat willen we bereiken? Inwoners ervaren steun uit hun omgeving en steunen elkaar met behulp van vrijwilligers en voldoende aanwezigheid van collectieve vrij toegankelijke voorzieningen.

12 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

We stimuleren burgerinitiatieven om ontmoeting te organiseren, denk aan buurtactiviteiten en verenigingen. Bovendien zorgen we voor een passend aanbod binnen de sociale basis, dat gericht is op ontmoeting en onderlinge steun voor en door inwoners. We werken intensief samen met De Boei, onze belangrijkste samenwerkingspartner in de sociale basis, aan het versterken van de sociale basis. De Boei voert voor de gemeente Bunschoten als organisatie voor sociaal werk een brede opdracht uit. Ze zijn laagdrempelig toegankelijk, kunnen zelf hulp bieden of snel doorsturen waar nodig, vrijwilligers of buurtbewoners inzetten of sociale contacten tot stand brengen.

Hulpverlening wordt zo ingezet dat duurdere zorg zoveel mogelijk voorkomen kan worden. Dat doet De Boei door lokale netwerken te bouwen en te versterken, door de samenwerking te zoeken met andere organisaties, zoals De Haven, scholen, kinderopvang, GGD en schuldhulpverlening, door het ontwikkelen van meer groepsaanbod en het inzetten van vrijwilligers. Waar nodig werken ze in nauwe samenwerking met ons eigen Sociaal Team De Lingt die vanuit het gemeentehuis de ondersteuning aan inwoners biedt. Om de sociale basis verder te versterken willen we de komende jaren inzetten op concrete activiteiten, zoals:  Bevorderen van ontmoetingsplekken en plekken waar activiteiten kunnen worden georganiseerd

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 13

voor verschillende doelgroepen. Ontmoeting zorgt voor verbinding, vermindert eenzaamheid en helpt mee aan herstel. Voor het bevorderen van ontmoeting in de openbare ruimte zoeken we samenwerking met de teams Omgevingsontwikkeling en Beheer & Realisatie Openbare Ruimte. Bevorderen en versterken van vrijwilligersinzet door een goede match te creëren tussen vraag en aanbod. Uitvoering en ondersteuning hiervan ligt deels bij De Boei, maar er vindt ook veel vrijwilligerswerk plaats in (sport-)verenigingen. Waardering en erkenning van vrijwilligers is belangrijk omdat hun inzet bijdraagt aan een sterke samenhang in de samenleving. Vrijwilligerswerk kan ook een opstapje zijn om weer mee te kunnen doen aan de samenleving. Het legt verbindingen tussen mensen en creëert hierdoor allerlei kansen. Uit de burgerpeiling ‘Waar staat je gemeente’ geven inwoners aan dat ze niet weten welk vrijwilligerswerk er is en waar ze de informatie kunnen vinden. Belangrijk is om de komende jaren hieraan te werken waarbij we ook aandacht hebben voor jongeren als mogelijke vrijwilligers. Contineren van succesvolle pilots, zoals Homies, straatwerk en de deelname aan de kinderopvang door kinderen uit kwetsbare gezinnen (SMI), met structurele financiering. Continueren en organiseren van preventieve laagdrempelige groepsondersteuning op scholen zoals een training voor kinderen met gescheiden ouders.

De ingezette interventie ‘Samen op de bank” vanuit De Boei is succesvol gebleken. We onderzoeken of deze interventie gecontinueerd kan blijven.

  

Ontwikkelen van groepsaanbod voor tieners (faalangst, ASS) en ouders (opvoedingsondersteuning) ter vervanging van individuele ondersteuning. Faciliteren van een steun-in-de-wijksysteem, verdere uitbreiding van buurtnetwerken. We ontwikkelen een dorpsbrede aanpak voor verslavingsproblematiek. We onderzoeken de mogelijkheden voor een aanpak gericht op het beperken van complexe scheidingen.

Indicatoren  

Daling van het percentage inwoners dat geen sociale steun ervaart (2022: 7%). Stijging van het percentage inwoners dat zich inzet voor anderen en/ of maatschappelijke doelen (vrijwilligerswerk, in 2023: 50%). Stijging van het percentage ouders dat praktische hulp krijgt op het gebied van opvoeding van familie of vrienden (2020: 42%). Stijging van het groepsaanbod voor tieners (faalangst, ASS).

Monitoring 

 

Monitoring via de Burgerpeiling ‘Waar staat je gemeente’ op toename en vindbaarheid vrijwilligerswerk. Groepsaanbod voor tieners is ontwikkeld. Ontwikkeling van een integrale toegang krijgt in 2024/2025 gestalte overeenkomstig de Wams.

6. BESTAANSZEKERHEID EN PARTICIPATIE Iedereen in Bunschoten verdient een goed bestaan en de mogelijkheid om mee te kunnen doen. Bestaanszekerheid gaat uit van het bieden van een voldoende stevige basis, zodat je rust en ruimte hebt om je als mens te ontwikkelen en mee te doen in de samenleving. Pas als de basis op orde is, kan iemand de volgende stap zetten. Bij bestaanszekerheid gaat het o.a. om zaken als fysieke veiligheid, goede huisvesting en rust en zekerheid van inkomen. Pas wanneer deze zaken op orde zijn, ontstaat er ruimte voor participatie en ontwikkeling, zoals werk, scholing, opvoeding van kinderen en het onderhouden van vriendschappen. Omgekeerd versterkt participatie op haar beurt de bestaanszekerheid. De beste weg uit armoede is immers werk. Werk heeft een positieve invloed op gezondheid. Werken vermindert de kans op een depressie, zorgt voor structuur en een groter sociaal netwerk, meer eigenwaarde en meer waardering vanuit de sociale omgeving.

Armoede

Minder gezond

Chronische stress

Weinig controle

Slaap gebrek

Tunnelvisie

6

Armoede en een slechte gezondheid versterken elkaar. Dit wordt met name veroorzaakt door (financiële) stress. Stress kan leiden tot lichamelijke problemen, een ongezonde leefstijl en psychische klachten. Mensen met een lage sociaal economische status (SES) leven gemiddeld zeven jaar korter en achttien jaar minder in een goed ervaren gezondheid dan mensen met een hoge SES. Preventieve acties om gezondheid te versterken hebben nauwelijks effect bij mensen met weinig geld en opleiding. De dagelijkse stress van armoede belet mensen om iets te doen aan hun gezondheid. Ze hebben er in hun hoofd geen ruimte voor. Dit vraagt een omkering: om gezondheidsverschillen te verminderen, moet je beginnen met het bestrijden van armoede.6 In de basis blijven mensen zelf verantwoordelijk voor hun situatie en handelen. De gemeente neemt die verantwoordelijkheid niet over, maar kan de inwoner in armoede wel ondersteunen met regelingen, zoals de bijzondere bijstand. Weinig financiële ruimte mag geen belemmering vormen om mee te doen in de samenleving. Regelingen die wij als gemeente aanbieden blijken een goede bijdrage te leveren, maar niet iedereen maakt er gebruik van of kan ze vinden. Er rust nog een taboe op leven en opgroeien in armoede.

Naast het financieel ondersteunen van inwoners zetten we ook in op het structureel verbeteren van de situatie van mensen, zodat zij weer de eigen regie kunnen pakken door bijvoorbeeld hulp bij het vinden van een baan. Het is daarom belangrijk om zorg te dragen voor een inclusieve arbeidsmarkt waarin iedereen mee kan doen. Dit doen we door ons huidige beleid te continueren en in te zetten op onderstaande speerpunten. Met het continueren van de huidige

In 2022 heeft 16% van de inwoners uit Bunschoten moeite met rondkomen. In 2020 was dit 7%. 22,7% van de inwoners in Bunschoten in 2022 is niet in staat om een onverwachtse uitgave van € 1000 te bekostigen (Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022).

 Uit het Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2022 van de GGD blijkt dat in het algemeen minder goed gaat met de gezondheid van inwoners die moeite hebben om rond te komen of laagopgeleiden. Van de groep die moeite heeft met rondkomen ervaart 5 op de 10 de eigen gezondheid als goed of zeer goed, terwijl dat gemiddeld geldt voor 7 op de 10 van de Nederlanders.

14 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 15

minimaregelingen waarborgen we een doeltreffend minimabeleid waarbij de armoedeval wordt voorkomen. Ook wordt met de continuering van het huidige beleid en de nieuwe speerpunten invulling gegeven aan de eisen die de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverleneing stelt aan een beleidsplan.

Wat willen we bereiken? Alle inwoners van de gemeente Bunschoten ervaren voldoende zekerheid van bestaan om mee te kunnen doen, in goede gezondheid te leven en zich te ontwikkelen.

Waar zetten we op in? Toegankelijke en vroegtijdige hulp voor inwoners met schulden Onderzoek toont aan dat 6% van de inwoners in Bunschoten problematische schulden heeft. Dit is hoger dan het regionale gemiddelde7. De afgelopen jaren is minder gebruik gemaakt van professionele schuldhulpverlening door inwoners. Om deze reden zetten we zoveel mogelijk in op de bekendheid van de dienstverlening rondom schulden, preventie en vroegsignalering om inwoners met financiële problemen sneller en beter te helpen. Inwoners kunnen bij geldvragen terecht voor deskundig, laagdrempelig en onafhankelijk advies. Dit is vooral belangrijk als zich life-events afspelen, zoals echtscheiding of een verlies van werk. Professionele schuldhulpverlening als lid van de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) is voor alle inwoners beschikbaar. Binnen de wettelijke termijnen vindt een gesprek plaats met de consulent. Professionele schuldhulpverlening kan geweigerd worden als er sprake is van fraude, recidieven of als iemand niet woont in de gemeente. Professionele schuldhulpverlening is altijd toegankelijk voor gezinnen met minderjarige kinderen. Bij vroegsignalering van schulden worden signalen van betalingsachterstanden bij de woningcorporatie, energieleveranciers, waterbedrijven en zorgverzekeraars opgepakt door contact te leggen met inwoners en hen een hulpaanbod te doen. We nemen hierbij

doorlopend het proces onder de loep en passen dit desgewenst aan. Bij het inzetten op preventie, hoort ook inzet op laaggeletterdheid, omdat dit regelmatig samengaat met problemen en financiën. Het begrijpen van brieven, het invullen van formulieren, het zoeken van informatie op het internet en het betalen van rekeningen is voor hen een uitdaging. Aanbod gefinancierd vanuit de regionale middelen uit de Wet educatie beroepsonderwijs (WEB) zijn voor laaggeletterden beschikbaar. ZZP’ers en ondernemers lopen op hun eigen manier het risico op armoede en schulden. Zij maken vanzelfsprekend deel uit van de aanpak. Voor hen is laagdrempelige schuldhulpverlening beschikbaar. Ook worden de mogelijkheden van een ondernemersloket onderzocht in samenwerking met Economische zaken.

Iedereen doet (duurzaam) mee naar vermogen We vinden het belangrijk dat iedereen kansen krijgt om een baan en/of waardevolle daginvulling te hebben. Wie (nog) niet kan werken, maakt stappen in die richting of als dat niet mogelijk is, participeert op een andere manier in onze maatschappij, door een tegenprestatie te verrichten, vrijwilligerswerk te doen of actief een re-integratietraject te volgen. Daarbij kijken we naar mogelijkheden die inwoners hebben. De arbeidsmarkt is niet voor iedereen inclusief. Ondanks de krappe arbeidsmarkt zien we nog steeds dat substantiële groepen mensen structureel geen toegang hebben tot de arbeidsmarkt. We zetten concreet hierop in door:  We onderzoeken hoe we de lokale werkgeversbenadering beter kunnen positioneren om meer werk (ervaringsplaatsen) te kunnen vinden. Dit geldt ook voor vrijwilligerswerk. De coördinatiefunctie vrijwilligerswerk is belegd bij de Boei. Zij plaatsen mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt bij organisaties om vrijwilligerswerk te kunnen doen.  BBS is met Amfors een pilot Beschut werk gestart. We evalueren deze pilot en proberen inwoners

met een indicatie beschut werk zoveel mogelijk duurzaam aan het werk te helpen. Inwoners moeten simpel kunnen switchen van dagbesteding of beschut werk naar een betaalde of onbetaalde baan en weer terug. Eventuele knelpunten worden in beeld gebracht en waar mogelijk opgelost. Wij hebben onze doelgroep (bijstandsgerechtigden, inwoners met een indicatie banenafspraak) goed in beeld en zetten voor deze doelgroep doeltreffende re-integratie instrumenten in. We werken op basis van het integratieve gedragsmodel.8

Chronische armoede Het Sociaal Cultureel Plan bureau erkent onder andere op basis van de Eindevaluatie van de Participatiewet (SCP 2022) dat sommige mensen in de bijstand niet aan het werk kunnen vanwege de gezondheidsbelemmeringen die zij ervaren, terwijl ze

wel aan het strenge bijstandsregime moeten voldoen. Dit geldt niet alleen voor mensen in het Landelijk Doelgroep Register, maar ook voor de grotere groep mensen in de bijstand die daar niet onder valt. Door hun gezondheidsbeperkingen kunnen zij niet uit de bijstand uitstromen. Zij zijn veroordeeld tot chronische armoede en moeten jarenlang rondkomen met een zeer laag inkomen, terwijl mensen met chronische gezondheidsbeperkingen vaak juist hogere zorgkosten hebben, met als gevolg dat zij nog harder getroffen worden. In een onderzoek zal onderzocht worden in welke mate dergelijke problematiek speelt in Bunschoten en welke knelpunten ervaren worden. Afhankelijk van de uitkomst kan een oplossingsrichting voorgelegd worden.

Minimaregeling sport en cultuur voor volwassenen Voor inwoners met chronische gezondheidsbeperkingen is het juist belangrijk een gezonde leefstijl aan te

7 Corona Gezondheidsmonitor Volwassenen en ouderen 2022; 6% van de inwoners uit Bunschoten heeft problematische schulden. Het regionale Utrechtse gemiddelde is 4,9%. In oktober 2021 had 5,9% van de inwoners uit Bunschoten problematische schulden (CBS). Landelijk was dit toen 7,8%

16 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

8

https://www.integratiefgedragsmodel.nl/

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 17

wordt de aanbeveling gedaan om een regeling voor schoolkosten voor kinderen te financieren. Om deze reden wordt onderzoek gedaan of er aangesloten kan worden bij Stichting Leergeld, welk budget hiervoor vereist is en welke (mogelijke) dienstverlening bij hen kan worden afgenomen.

Vlotte inburgering en integratie van nieuwkomers De opgave voor de komende jaren is invulling geven aan de Wet inburgering 2021, zodat nieuwkomers goed en snel kunnen integreren in de samenleving. Hierbij wordt zoveel als mogelijk ingezet op duale trajecten: trajecten waarbij taalverwerving wordt gecombineerd met (toeleiding naar) participatie. Inzet zal zijn om een goede binding te creëren tussen statushouders en andere inwoners in Bunschoten. Organisaties in Bunschoten hebben daar een belangrijke en minder vrijblijvende rol in. Aandacht gaat uit naar de mogelijk druk op voorzieningen die wordt veroorzaakt door de verhoogde taakstelling statushouders, zoals het hebben van voldoende (lokaal) nieuwkomersonderwijs.

meten. Doordat er vaak een gebrek aan inkomen is, is dit moeilijk te bewerkstelligen. De bestaanszekerheid komt steeds meer onder druk te staan. Gemeenten zien steeds meer inwoners die niet rond kunnen komen. Een groeiend aantal huishoudens zit financieel klem vanwege stijgende kosten, bovenop de reeds hoge vaste lasten9. Dit geldt ook steeds vaker voor werkende mensen. Onvoldoende bestaanszekerheid leidt tot hogere zorgkosten, doordat het gebrek aan geld ervoor zorgt dat er geen ruimte is om aan andere problematiek te werken. Belangrijk is daarom om te blijven investeren in mensen met weinig inkomen. In 2022 is een minimaeffectrapportage uitgevoerd. Uit de minimaeffectrapportage (2022) blijkt dat een participatieregeling voor volwassenen mist. In het

rapport wordt de conclusie getrokken dat er op grote schaal participatieproblematiek speelt binnen de gemeente Bunschoten10. Veel huishoudtypen houden onvoldoende geld over voor minimale sociale participatie. We pakken deze participatieproblematiek aan door te investeren in een minimaregeling sport en cultuur voor volwassenen. Met deze regeling zorgen we dat mensen uit hun isolement worden getrokken, geactiveerd worden, hun sociaal netwerk kunnen vergroten en geholpen worden met een gezonde leefstijl aanmeten. Eind 2023 is gestart met een pilot.

burgeringsplichtig zijn. Vanaf 2025 zal een nieuw regionaal kader worden voorgesteld aan de hand van nieuwe landelijke opgaven. Het uitgangspunt is dat we komende jaren het aanbod blijven ondersteunen zoals het Informatiepunt digitale overheid, Taalcafé Kleurrijk Bunschoten, (Digi)Taalhuis van de Bibliotheek Bunschoten en formele taalaanbieders. De financiering van de WEB-gelden vanuit het Rijk loopt via de arbeidsmarktregio’s waarbij Amersfoort onze centrumgemeente is.

Indicatoren   

In totaal in de komende 4 jaar minimaal 60 gezinnen uit bijstand door duurzame arbeid Het percentage inwoners met problematische schulden stijgt niet verder (max 6%). Het aantal inwoners waarvoor loonkostensubsidie ingezet wordt, stijgt.

Monitoring 

Volwasseneneducatie en digitale basisvaardigheden

Volwasseneducatie doen we op basis van de Wet Educatie op Beroepsonderwijs (WEB). Een goede beheersing van de Nederlandse taal (lezen, schrijven en/ of spreken), basisrekenvaardigheden en digitale vaardigheden zijn noodzakelijk om zelfstandig en actief deel te kunnen nemen aan de maatschappij (digitale inclusie). Mensen die deze basisvaardigheden onvoldoende beheersen zijn laaggeletterd. Het gaat hierbij om inwoners die 18 jaar of ouder zijn en niet-in-

 

Er wordt een onderzoek uitgevoerd naar in hoeverre bijstandsgerechtigden chronische gezondheidsbeperkingen hebben en tegen welke knelpunten zij aanlopen. In 2024 wordt de pilot beschut werk geëvalueerd. In 2025 zijn de mogelijkheden van een ondernemersloket nader onderzocht en vormgegeven. Er vindt medio 2024 een evaluatie plaats naar participatie van statushouders. Het aantal ingevulde vrijwilligersplekken en duale trajecten worden hierin meegenomen. Uiterlijk in 2025 is een participatieregeling volwassenen voor sport en cultuur opgezet.

Stichting Leergeld Gemiddeld groeien 2 tot 3 kinderen per schoolklas op in armoede. In de minimaeffectrapportage (2022)

9

Bestaanszekerheid als belofte, VNG (2023)

10

In de bijeenkomst van februari 2023 hebben veel maatschappelijke partners aangegeven dat een participatieregeling voor volwassenen gemist wordt en hierdoor inwoners in een sociaal isolement raken. Zij hebben met klem opgeroepen om te gaan starten met een regeling.

18 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 19

7. GEZOND EN ACTIEF LEVEN Gezondheid is ons kostbaarste bezit. Een goede gezondheid is de basis voor de kwaliteit van leven. Gezondheid hebben we niet altijd zelf in de hand, maar je hebt wel zelf invloed als het gaat om een gezonde leefstijl. We gaan uit van positieve gezondheid. Het accent ligt bij positieve gezondheid niet op ziekte, maar op mensen zelf, op hun veerkracht en op wat hun leven betekenisvol maakt. Onder veerkracht verstaan we het vermogen om bij een tegenslag toch positief te blijven door het inzetten van hulpbronnen en/of het bijstellen van de verwachtingen. Er zijn veel factoren die invloed hebben op iemands gezondheid, zoals de woon- en leefomgeving, hoe je leeft en het inkomen. We vinden dat inwoners in eerste instantie zelf verantwoordelijk zijn voor het bevorderen van hun gezondheid. Als gemeente willen we onze inwoners daarbij ondersteunen door gezonde keuzes makkelijker en aantrekkelijker te maken. Sport en bewegen worden daarbij ingezet als middel. De grootste oorzaken voor gezondheidsproblemen, vroegtijdige sterfte en hoge zorgkosten in Nederland zijn roken, overgewicht en problematisch alcoholgebruik. Ook de omgeving waarin we leven speelt hierbij een rol. Daarom willen we bevorderen dat onze inwoners een gezonde leefstijl hebben, mentaal gezond zijn en dat hun leefomgeving uitnodigt tot gezond gedrag.

We plaatsen hierbij wel de kanttekening dat de problemen die achter een verminderde gezondheid schuilgaan, verder gaan dan het gezondheidsdomein. Armoede, schulden, problemen rondom huisvesting, eenzaamheid, werkloosheid, een beperking, een lage opleiding hebben ook invloed op hoe gezond je bent en hoe gezond je je voelt.

Wat willen we bereiken? We willen een gezonde en actieve leefstijl voor iedereen bereiken, waarbij we de fysieke en mentale gezondheid van alle inwoners bevorderen. Een even-

wichtige combinatie van beweging, gezonde voeding en mentaal welzijn is belangrijk voor een gezond leven. Door middel van bewustwording, educatie en toegang tot de juiste hulpmiddelen, streven we ernaar dat iedereen in staat is om een actieve en gezonde leefstijl te leiden.

Waar zetten we op in? Gezonde leefstijl Leefstijl heeft een grote invloed op gezondheid. Een gezonde leefstijl kan veel ziekten voorkomen en anderszijds kan een ongezonde leefstijl de kans op veel ziekten juist vergroten. Belangrijke leefstijlfactoren die we zelf in de hand hebben en die onze gezondheid beïnvloeden zijn onder andere roken, alcoholen drugsgebruik en beweging. Op deze factoren zetten we daarom in.

Roken Eén van de thema’s in het Preventieakkoord Bunschoten is roken. Daarin is de ambitie een rookvrije generatie in 2040. We zetten in op het rookvrij laten opgroeien van kinderen, het voorkomen dat kinderen en jongeren beginnen met roken en helpen mensen die willen stoppen met roken. Dit doen we door bewustmakingscampagnes uit te voeren, rookvrije gebieden in de openbare ruimte in te richten, het stimuleren van particulieren (bijv. bedrijven) om eigen grond rookvrij te maken en inwoners te informeren over de beschikbare hulp bij het stoppen met roken.

Alcohol- en drugsgebruik Eén van de belangrijkste gezondheidsproblemen waarmee we blijvend worden geconfronteerd is het misbruik van alcohol en drugs en de negatieve gevolgen daarvan op individueel en maatschappelijk niveau. Onder invloed van alcohol wordt de stap naar andere middelen kleiner en rekken de grenzen op. Dit blijkt ook uit het onderzoek ‘Alcohol, drugs en opgroeien in Bunschoten’ dat in 2022 is uitgevoerd.

20 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

We zetten ons al langere tijd in op het verminderen van gebruik onder jongeren. De focus ligt op alcohol, waarmee we automatisch inzetten op het verminderen van drugsgebruik. De aanpak wordt integraal aangepakt, waarbij we het preventiemodel van Reynolds hanteren. Dit model kent een aantal pijlers: fysieke en sociale omgeving, regelgeving en handhaving, voorlichting en educatie en signalering, advies en ondersteuning. Dit model maakt duidelijk dat alcoholgebruik altijd een resultaat is van een combinatie van factoren. De persoon, zijn sociale omgeving, het aanbod van drank en het overheidsbeleid vormen samen een systeem dat uiteindelijk de keuze van de gebruiker bepaalt. In het eerdergenoemde onderzoek worden aanbevelingen gedaan om de aanpak te verbeteren. De aanbevelingen gaan over een brede aanpak en samenwerking, meer toegang naar laagdrempelige hulp en meer aandacht voor nazorg, meer ondersteuning en informatie/ voorlichting over alcohol- en midde-

lengebruik in de directe, sociale en werkomgeving en het bemoeilijken van de verkrijgbaarheid en toegankelijkheid van alcohol bij jongeren. Dit laatste punt en het stimuleren van verantwoordelijk gedrag bij zowel jongeren als ouders werd ook door de focusgroep benadrukt. De komende periode gaan we met deze aanbevelingen aan de slag, waarbij de focus naast preventie ook op naleving en handhaving ligt. Wat nog extra aandacht vraagt, is ondersteuning van (ex-verslaafden) bij het herstelproces. Uit de praktijk blijkt dat het moeilijk is voor ex-verslaafden om na een begeleid traject de overstap te maken naar zelfstandigheid. Dit verhoogt de kans op een terugval. We onderzoeken wat aan hulp ontbreekt en wat nodig is om deze groep te helpen en te ondersteunen.

Gezond gewicht Mensen met overgewicht hebben een verhoogd risico op het ontstaan van tal van (chronische) aandoenin-

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 21

met psychische klachten is in onze gemeente hoog (jongeren 23%, jongvolwassenen 47%). Van de inwoners van 18 jaar en ouder heeft 19% psychische klachten ervaren in de laatste vier weken. Met name meer 18-34 jarigen hebben psychische klachten (27%). Dit maakt dat vooral jongeren en jongvolwassenen specifieke aandacht verdienen. Onder thema 9 ‘Ouder worden’ gaan we verder in op eenzaamheid onder ouderen, ook één van de aspecten van mentale gezondheid.

gen, zoals diabetes, hart- en vaatziekten en verschillende soorten kanker. Overgewicht is in veel gevallen te voorkomen. Een omgeving waarin gezonde keuzes mogelijk worden gemaakt en gezond gedrag wordt gestimuleerd, is daarbij van groot belang. Bij gezond gewicht gaat het zowel om voldoende beweging als gezonde voeding. We zetten in op gezond gewicht bij kinderen en jongeren onder het motto jong geleerd is oud gedaan. Dit doen we door het programma ‘Jongeren op Gezond Gewicht’ (JOGG) te continueren. Met JOGG zorgen we voor een gezonde jeugd en een gezonde toekomst. We zorgen ervoor dat een gezonde leefstijl voor kinderen en jongeren op de agenda blijft staan van alle betrokkenen, waarbij gezond eten en bewegen wordt gestimuleerd. Bovendien zorgt de JOGG-aanpak voor samenhang in alle activiteiten in onze gemeente die te maken hebben met de aanpak van overgewicht bij kinderen en jongeren. Daarbij zetten we ook in op het stimuleren van gezonde sportkantines/ clubhuizen bij sportverenigingen. In het coalitieakkoord is daar het volgende over opgenomen: We hechten waarde aan het stimuleren van gezonde kantines/clubhuizen bij sportverenigingen. Ook willen we de focus leggen op meer beweging bij volwassenen en senioren. Daarbij sluiten we aan bij

de ambities in het Lokaal Sportakkoord door te streven naar sporten en bewegen voor iedereen. Het Lokaal Sportakkoord richt zich op ouderen, mensen met een beperking, chronisch zieken en mensen met leefstijlziektes. Meedoen aan sport én plezier in sport is niet voor iedereen vanzelfsprekend. We werken vanuit het Lokaal Sportakkoord samen met diverse organisaties om een inclusief sport- en beweegaanbod te creëren, waarbij iedereen met plezier kan meedoen, zich welkom voelt, erbij hoort, geaccepteerd wordt en eigen sportkeuzes kan maken. Om dit te bereiken wordt ingezet op het vergroten van bewustwording en het versterken van lokale en regionale samenwerkingen. Het Sportplatform speelt hierbij een rol in het inventariseren van vraag en aanbod voor de eerdergenoemde verschillende doelgroepen. Indien nodig zullen interventies worden ingezet om een passend aanbod te realiseren. Daarnaast komt er een plan om samen te werken met zorginstellingen, onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven voor een integrale campagne om inactieve inwoners actiever te maken.

Mentale gezondheid bij jongeren Mentale gezondheid is net zo belangrijk als lichamelijke gezondheid. De mentale gezondheid bij jongeren staat onder druk door toenemende prestatiedruk, sociale verwachtingen en groeiende kansenongelijkheid. Het percentage jongeren en jongvolwassenen

22 | Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027

Om de mentale gezondheid te verbeteren, is het noodzakelijk om te investeren in preventie. We zetten in op de Gezonde School-aanpak op het thema Welbevinden. Bij deze aanpak ondersteunt de GGD scholen, die dit willen, bij het bevorderen van mentaal welbevinden van leerlingen en leraren. Ook begeleidt de GGD bij ziekteverzuim van scholieren aan de hand van effectieve methodiek MAZL. Dit staat voor Meer Aandacht voor Ziekgemelde Leerlingen. We continueren het huidige aanbod zoals weerbaarheidstrainingen en onderzoeken wat nog meer nodig is op het gebied van (collectieve) preventie en gezondheidsbevordering.

heeft op onze gezondheid. Een groene omgeving vermindert stress en bevordert de concentratie. Om deze positieve effecten te bereiken, streven we naar een groene, gezonde en duurzame woon- en leefomgeving die veiligheid, ontmoetingen, spel, beweging, fietsen, wandelen en natuurlijke groene elementen combineert. Dat draagt bij aan de vermindering van eenzaamheid en de preventie van overgewicht en daaraan gerelateerde ziekten zoals diabetes, depressie en hart- en vaatziekten. Door de leefomgeving voor iedereen gezond te maken en te houden, worden gezondheidsverschillen tussen inwoners in verschillende gebieden kleiner. Gezien de verbinding tussen het sociale domein en het ruimtelijke domein, zijn deze randvoorwaarden verankerd in onze Omgevingsvisie en werken we dit verder uit in het omgevingsplan/ programma(‘s).

Indicatoren  

Voldoende sportfaciliteiten Sport speelt een essentiële rol bij het bevorderen van de gezondheid van onze inwoners. Door goede sportfaciliteiten met voldoende capaciteit beschikbaar te stellen, creëren we een omgeving waarin mensen van alle leeftijden en achtergronden de kans krijgen om actief te worden en regelmatig te sporten. Onlangs is er een nieuwe Nota Sportaccommodaties opgesteld, waarin we onze visie op sportvoorzieningen uiteenzetten. Voor meer gedetailleerde informatie verwijzen we u graag naar deze nota.

De tevredenheid over de eigen gezondheid is toegenomen (2023: cijfer 7,7). Daling van het percentage inwoners dat rookt (jongeren 2021: 3,8%, jongvolwassenen 2022: 18%, volwassenen/ senioren in 2023: 20%). Daling van het percentage jongeren (-18 jaar) dat de afgelopen vier weken alcohol heeft gedronken (2021: 35%). Daling van het percentage jongeren en jongvolwassenen met psychische klachten (jongeren in 2021: 23,3%, jongvolwassenen in 2022: 47%). Vermindering van verstening (2023: mate van verstening op de kaart van Stichting Steenbreek: 67%).

Monitoring Gezonde leefomgeving

De omgeving waarin mensen leven, heeft grote invloed op hoe gezond zij zijn en hoe gezond zij zich voelen. Het is niet alleen van belang om negatieve omgevingsfactoren (zoals geluidsoverlast, luchtverontreiniging) te verminderen en ons voor te bereiden om een veranderend klimaat, maar ook om te komen tot een leefomgeving die inwoners uitnodigt om het leven op een gezonde manier te leven. Groen speelt hierbij een cruciale rol, omdat het een positief effect

Evaluatie in 2024 van het Preventieakkoord Bunschoten Via het Sportplatform is er een plan opgesteld om samen te werken met zorginstellingen, onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven voor een integrale campagne om inactieve inwoners actiever te maken. Er is aanbod ontwikkeld om ouders te ondersteunen bij de opvoeding op het gebied van middelengebruik.

Integraal beleidskader Sociaal Domein 2024 – 2027 | 23

8. ONTWIKKELEN EN OPGROEIEN Als we kijken naar hoe jongeren zich ontwikkelen en opgroeien in onze gemeente, valt een aantal zaken op. In onze gemeente gaat het merendeel van de jongeren positief door het leven. Een groot aantal tieners geeft aan meestal (zeer) gelukkig te zijn (85%), vooral bij basisschoolleerlingen is dit het geval. (95%). Tegelijkertijd delen veel tieners dat ze vaak stress hebben door diverse factoren, zoals school, verplichtingen, sociale verwachtingen en persoonlijke problemen. De mentale gezondheid staat onder druk, zoals ook weergegeven in hoofdstuk 7. Ouders laten weten dat ze soms bezorgd zijn over de opvoeding, het gedrag en de ontwikkeling van hun kind. Ook zien we in de afgelopen jaren een groei in het aantal kinderen dat gebruik maakt van (lichte) vormen van jeugdhulp. Daardoor stijgen de kosten van de geïndiceerde jeugdhulp. Daarbij hebben we te maken met een krappe arbeidsmarkt. De huidige krappe arbeidsmarkt zorgt voor personele knelpunten bij organisaties zoals kinderopvang, het onderwijs en de jeugdhulp. Om kinderen en jongeren zo gezond mogelijk te laten opgroeien en ontwikkelen en kansengelijkheid te stimuleren, continueren we bestaande activiteiten en onderzoeken we of effectief gebleken interventies11 kunnen worden voortgezet.

We richten ons op het ondersteunen van de ouders en verzorgers, het beter zichtbaar maken van wat er mogelijk is aan activiteiten en ondersteuning, samenwerking met ketenpartners en zetten we meer in op collectief aanbod voor jeugdigen.

Wat willen we bereiken? In Bunschoten groeien jeugdigen kansrijk op en kunnen zij zich gezond en veilig ontwikkelen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13477832/1