Bijlage 4. Omgevingsvisie Bunschoten 2040 1e wijziging 2023.pdf
Tekst van het document
IV.
De gebieden in Bunschoten
Algemeen De gemeente Bunschoten kent verschillende typen gebieden. Ieder gebied ziet er anders uit en er vinden andere activiteiten plaats. Zo wordt er in het ene gebied gewoond en in het andere gebied gewerkt. De activiteit die in een gebied plaatsvindt, bepaalt in grote mate wat we in een gebied belangrijk vinden en wat we met een gebied willen in de toekomst. Zo mag er in een bedrijventerrein meer geluid worden gemaakt, terwijl het in het buitengebied een stuk rustiger is. In de gemeente Bunschoten onderscheiden we de volgende gebieden:
• • • • • • • •
Woongebied Bunschoten-Spakenburg Centrum Spakenburg Historische as Bunschoten Zuidwenk Bedrijventerreinen Zuid Eemdijk Zevenhuizen Buitengebied
Voor al deze gebieden willen we waar dat toegevoegde waarde heeft gebiedsgericht maatwerk formuleren. Dat betekent dat we afhankelijk van het gebied bepalen wat er wel en niet kan, en welke thema’s, waarden en ambities we daaraan koppelen. Onder de Omgevingswet ontstaat er voor de gemeente lokale afwegingsruimte voor een aantal milieuthema’s (denk bijvoorbeeld aan geur en geluid). Dit betekent dat er ruimte is voor de gemeente om zelf keuzes te maken in wat we wel en niet toestaan. Deze afwegingsruimte biedt kansen, maar kent ook uitdagingen. De kwaliteit die we per gebiedstype graag zien wordt benoemd in de omgevingsvisie, en kan vervolgens worden vertaald in (soepelere of strengere) normen in het omgevingsplan. Het omgevingsplan is straks de vervanger van alle verschillende bestemmingsplannen binnen de gemeente. Er is straks één omgevingsplan waarin alle regels voor de verschillende delen van de gemeente staan. De gebiedstypes zijn dan een belangrijke verbinding tussen de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Het kan gebeuren dat straks een kwaliteit of waarde, die we voor een bepaald gebied benoemd hebben, in gevaar komt. We merken dat bijvoorbeeld doordat een norm of regel overschreden dreigt te worden of overschreden is. Dan nemen we maatregelen om de (dreigende) overschrijding weg te nemen.
Dit doen we ook als we opgaven in een gebied hebben die samenhangen met ons beleid in deze omgevingsvisie. De dan te nemen maatregelen zijn een uitwerking van ons beleid uit deze omgevingsvisie en zijn gericht op het waarmaken van onze ambities uit deze visie. Hiervoor kunnen we een omgevingsprogramma opstellen. In de omgevingsvisie is op verschillende plaatsen in de tekst aangegeven waarover we een omgevingsprogramma kunnen of willen opstellen. De bovengenoemde gebieden zijn niet los van elkaar te zien maar zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De woongebieden, de historisch waardevolle plekken, de bedrijventerreinen, het transformatiegebied en het (agrarische) buitengebied vormen een netwerk waarin zij van elkaar verschillen en elkaar aanvullen. Ieder deelgebied is verschillend, maar ze hebben gemeen dat het er prettig wonen en werken is.
Woongebied Bunschoten-Spakenburg Historische situatie Bunschoten-Spakenburg is ontstaan uit twee kernen, het boerendorp Bunschoten, en het vissersdorp Spakenburg. Bunschoten ontstond in de tweede helft van de 12e en de 13e eeuw. De historische structuur is nog goed terug te zien in het centrum van Spakenburg en de historische as. Tot ver in de 20e eeuw bleef Bunschoten een dorp met een eenvoudige lintstructuur. Pas in de tweede helft van de 20e eeuw wordt de haven van Bunschoten gedempt en groeiden de twee kernen Bunschoten en Spakenburg langzamerhand naar elkaar toe.
Na 1960 is de bebouwde kom sterk gegroeid doordat de bevolking groeide en de welvaart toenam. In het noordwesten van Spakenburg werd daarom Broerswetering (1964-1973) gerealiseerd. Zuidelijk daarvan werden daarna de wijken Bikkersvaart (1970-1976) en Blokhuiswetering (1976-1993) gebouwd. In de afgelopen jaren is Bunschoten-Spakenburg uitgebreid in oostelijke richting met de wijken Koenraadswetering en Rengerswetering. Huidige situatie De huidige kern van Bunschoten-Spakenburg is voornamelijk een woon- en verblijfslocatie. In het kader van verblijf zijn er diverse voorzieningen, voornamelijk gericht op de eigen inwoners. Hierbij kan gedacht worden aan supermarkten, kerken, zorg, sportparken, scholen en opvang. Daarnaast zijn er diverse speelplekken en parkeermogelijkheden. De kern Bunschoten-Spakenberg kent rustige woonwijken met veel activiteiten en sportmogelijkheden. Hier en daar is sprake van een wat versteende uitstraling met beperkt groen. Hieronder volgen wijkspecifiek nog wat globale details: Bunschoten-West De wijken in het westen zijn in de jaren ’60 en 70’ van de 20e eeuw overwegend grondgebonden woningen gerealiseerd. Er is in zeer korte tijd veel gebouwd en de woningen lijken sterk op elkaar. De opzet van deze wijken is ruim en er is ruimte voor groen en water. De hoeveelheid gebruiksgroen is beperkt. In deze wijk staat veel sociale woningbouw.
Bunschoten-Zuid Dit gebied is vooral ontwikkeld in de tweede helft van de 20e eeuw. Recent is sprake van enkele aanzienlijke ontwikkelingen die het gebied als woongebied afronden. Er is gebouwd in diverse stijlen. Rengerswetering Het gebied bestaat nu nog deels uit weidegronden. Een ander deel van Rengerswetering, in het zuiden van het gebied, is een aantal jaar geleden al ontwikkeld voor woningbouw. Ook is de begraafplaats de Akker binnen het plangebied aanwezig. De komende jaren worden stapsgewijs nieuw delen (eilanden) van Rengerswetering ontwikkeld voor woningbouw. Het is de uitleglocatie van de gemeente Bunschoten. Sportparken Op sportpark De Vinken komen verschillende sportverenigingen voor. Het gaat daarbij om een paardrijvereniging en ponyclub, een rugbyclub, een voetbalvereniging, een handbalvereniging, een trimclub en een jeu de boulesvereniging. Daarnaast is er ook een kinderdagopvang op het sportpark aanwezig. Naast de entree van het sportpark is daarnaast een gebouw met veel verschillende functies te vinden. In dit gebouw zit een grand café met feestzalen, een fitnesscentrum, een schoonheidssalon, bowlingbanen en een zwembad met wellnessfaciliteiten. Ook zijn er sportvoorzieningen aan de Vaartweg te vinden. Aan de noordzijde van Bunschoten-Spakenburg, tegen het randmeer, ligt Sportpark De Westmaat..
Toekomstperspectief Het woongebied van Bunschoten-Spakenburg blijft een woon- en verblijfsgebied. We maken een omgevingsprogramma wonen, na afloop van de huidige looptijd van de woonvisie. Daarin staat wat we willen toevoegen qua woonconcepten (o.a. creatieve woonvormen) en woonruimte, gelet op de demografische ontwikkelingen en de woonbehoefte. Dit is
belangrijk om ook straks een voldoende betaalbare en toekomstbestendige woningvoorraad te behouden. Het omgevingsprogramma wonen schenkt ook aandacht aan het bereiken van de gewenste kwaliteiten van de leefomgeving, met het oog op prettig wonen in Bunschoten. De aandachtspunten voor de ontwikkeling in woongebied Bunschoten-Spakenburg zijn: • Behouden en uitbreiden woningvoorraad, met het ontwikkelen van de nieuwbouwopgave conform het bestaande beleid: o ten noorden van de Smeerweg, waarbij we meer accent leggen op appartementen en ouderen; o we maken een uitwerking voor de invulling van het gebied ten zuiden van de Smeerweg, waarbij we streven naar een meer gemengde wijk voor de diverse doelgroepen; o we blijven appartementen en woningen voor seniororen concentreren op binnenstedelijke locaties nabij (centrum)voorzieningen; o er zijn geen zoeklocaties voor woningbouw benoemd voor de periode na 2035. Voor verdere ontwikkelingen zijn er wel zoekrichtingen in de vorm van verdere transformatie Zuidwenk, Zuidwenk Oost en Korte Landen. • We zetten in op het behoud van een prettig, sociaal en veilig leef- en woonmilieu, met: o voldoende ruimte voor groen en spelen; o minder auto’s en een lagere parkeerdruk door ook in te zetten op alternatieve vervoersvormen.
Dit kan bijdragen aan een aantal andere doelen.: minder emissies, meer ruimte voor groen, meer bewegen, minder CO2 uitstoot en energiebesparing. • We werken actief aan de klimaat- en duurzaamheidsopgave, met onder meer: o gasloos bouwen; o voorkomen van bodemdaling; o waterkwaliteit verbeteren; o vervolgen opgave afkoppelen riool in Schilderswijk en Centrum Spakenburg. Verbonden aan de thema’s: …
Centrum Spakenburg Historische situatie Spakenburg ontstond aan de Zuiderzee, waar de Spakenburger Gracht begint. De visserij vormde de belangrijkste sector in het dorp. Hierdoor werd het karakter van het dorp voornamelijk bepaald. Het is niet bekend wanneer Spakenburg precies is ontstaan. Door stijging van de zeespiegel en bodemdaling door de grondontginning vormde het water een toenemende bedreiging. De eerste huizen lagen hoog tegen de dijk. Daarachter strekte de bebouwing zich uit als een kort lint aan weerszijden van de Spakenburger Gracht. De bebouwing van Spakenburg ging gelijk op met de economische bloei van de visserij. De haven van Spakenburg is onlosmakelijk verbonden met de ontwikkeling van het dorp. Hier lagen de botters waarmee de Spakenburgers hun brood verdienden. Over het ontstaan van de haven is weinig bekend, uitgegaan wordt van de 17e eeuw. In de 19e eeuw maakte de
vissersvloot op de Zuiderzee een ongekende groei door. In Spakenburg, evenals in andere vissersplaatsen rond de Zuiderzee, nam het aantal schepen sterk toe. De opbloei van de visserij op de Zuiderzee was onder meer het gevolg van een toenemende vraag naar vis. De schepen namen snel toe in omvang en aantal waardoor de oorspronkelijke haven te klein werd. Voor een nieuwe haven werden verschillende plannen ontwikkeld. In 1886 werd begonnen met de aanleg van de Nieuwe Haven en de renovatie van de Oude Haven. De visserij zorgde voor veel nevenactiviteiten, zoals visrokerijen, zeilmakerijen, kuiperijen en scheepsbouw. Na de afsluiting van de Zuiderzee in 1932 en de inpoldering na de Tweede Wereldoorlog ging het snel bergafwaarts met de vissersvloot, alleen een deel van de vishandel bleef. Huidige situatie Het centrum van Spakenburg kent in de huidige situatie nog een rijke archeologische en cultuurhistorische waarde. Het noordoostelijke deel van Spakenburg is vanwege de bijzondere ontwikkeling als vissersplaats bijna in zijn geheel als waardevol aan te merken. Hierbij gaat het vooral om de historisch-ruimtelijke opbouw van het gebied en niet zo zeer om de individuele kwaliteit van de bebouwing.
Een vijftal deelgebieden laat een bepaalde fase in de ontwikkeling van dit vissersdorp zien: • De bebouwing langs de oostkant van de Oude Haven (Hoekstraat en Havendijk) dateert uit de tweede helft van de 19e eeuw. Karakteristiek zijn hier de, ter voorkoming van wateroverlast, hoog boven straatniveau gebouwde visserswoningen. De erachter gelegen woningen werden na het gereedkomen van de Nieuwe Haven in 1886 gebouwd en liggen een stuk lager. • De bebouwing van de direct achter de oostelijke zeedijk gelegen Weikamp dateert ook uit de tweede helft van de 19e eeuw en is een van de eerste uitbreidingen. Hier treft men iets grotere visserswoningen aan, die gevarieerd in de rooilijn staan, en restanten van het kleinschalige visverwerkingsbedrijf. • De bebouwing van de Nieuwe Schans is de eerste planmatige uitbreiding (vanaf 1909) van de oude kern. De contouren van dit verdedigingswerk zijn, zij het met enige moeite, nog steeds te ontdekken. • Het vierde gebied betrof de bebouwing van de Kerkemaat, ten oosten van de Nieuwe Haven. Dit tweede uitbreidingsgebied bevat relatief grootschaliger bedrijvigheid met scheepswerf, nettentaanderij, inleggerij en rokerijen. Van deze bebouwing is in de loop van de tijd vrijwel alles verdwenen. • Het laatste gebied is de Oude Haven met scheepswerf en botters en de omgeving aan de Gracht.
Hier werd in 1949 de binnenkolk gedempt en daarna is het gebied verder gewijzigd van vissersplaats in winkelgebied. Wat resteert, zijn de Botterwerf aan de Oude Haven en nog enige typerende negentiende-eeuwse steegbebouwing, met onder meer een geheel gerestaureerde visrokerij. Historische vaartuigen hebben een belangrijk aandeel in het cultuurhistorisch beeld van Nederland. Plaatselijk vervullen historische vissersschepen in het gebied rond de Oude Haven voor een zeer belangrijk deel het aanzien van Spakenburg. Samen met historische bebouwing rond de Oude Haven roepen de schepen tastbare herinneringen op aan de tijd dat Spakenburg nog een vissersdorp was. De ontstaansgeschiedenis van Spakenburg is nog steeds goed terug te zien in het huidige stratenpatroon en de bebouwing. De historische visserswoningen aan en nabij de Weikamp zijn deels nog aanwezig. Ook het onderscheid tussen de organische gegroeide bebouwing en de latere (planmatige) inbreidingslocaties is duidelijk terug te zien. Het centrum wordt dus nog steeds gebruikt om te wonen.
Daarnaast zijn er nog diverse andere functies aanwezig in het centrum. In de historische Oude Haven van Spakenburg liggen nog diverse botters en een tiental andere historische vissersschepen. Deze worden uitsluitend nog gebruikt voor de pleziervaart/watersport, er is geen beroepsvisserij meer. De Nieuwe Haven verloor eveneens haar economische functie en doet vanaf de jaren zeventig dienst als jachthaven voor de watersport. Verder leent het centrum zich voor horeca, detailhandel, dienstverlening en ambulante handel (verkoop van goederen in de openbare ruimte, zoals huis-aan-huis). Het religieuze karakter van het dorp is terug te zien in de vele kerken. Het historische centrum kenmerkt zich als toeristische trekpleister door zijn authentieke, bruisende en levendige karakter. Door deze kenmerken heeft het centrum ook een hoge autodichtheid en daarmee een hoge parkeerdruk. Toekomstperspectief Het centrum van Spakenburg blijft een voorzieningen- en verblijfsgebied. De aandachts- en speerpunten voor de ontwikkeling in centrum Spakenburg zijn de volgende. • Behoud en stimuleren van de zichtbaarheid en het aanbod van kunst, cultuur- en erfgoed. o Het beschermen en in stand houden van het ensemble van museumhaven, botters, botterwerf en historische bebouwing (rondom de museumhaven maar ook de visserswoningen aan de Weikamp).
o Het in stand houden van de toeristische voorzieningen en de verbetering ervan met het oog op de gewenste kwaliteitstoerist en de verlenging van het seizoen. • Een gebalanceerd en divers winkelaanbod, dat voldoende publiek trekt om zichzelf in stand te houden. • Goede centrumvoorzieningen; ontwikkelingen die het centrum versterken omdat zij bijdragen aan de Centrumvisie Spakenburg worden verwelkomd. • Geen grootschalige uitbreiding horeca en winkels buiten het centrum van Spakenburg (met uitzondering van de supermarkt in woonwijk Rengerswetering) • Het verminderen van de parkeerdruk, met behoud van gratis parkeren. • Het behouden en versterken van kwalitatief goede horecavoorzieningen, met aantrekkelijke terrassen. • Het koesteren en versterken van evenementen (o.a. markt, Spakenburgse Dagen, visserijdagen, intocht sinterklaas) • Horeca- winkel- en woonfunctie bestaan naast elkaar in dit gebied; nieuwe ontwikkelingen mogen niet leiden tot toename van hinder door geur en geluid. Verbonden aan de thema’s: …
Historische as Bunschoten Historische situatie Bunschoten is ontstaan in de tweede helft van de 12e en de 13e eeuw. Het gebied was moerassig en dus dunbevolkt, maar ter hoogte van Bunschoten lag zanderige grond, waar agrarische bebouwing ontstond. Bunschoten ontving, samen met andere dorpen in het Eemland, in de 14e eeuw stadsrechten. Bunschoten kreeg ook het recht van omwalling. De inwoners van Bunschoten
konden zich beveiligen door een burgwal en stadsgracht. Ter hoogte van het huidige Kolkplein bevond zich aan het eind van de 14e eeuw een haven. Deze stond in verbinding met de Zuiderzee. Binnen de wallen werd begonnen met de uitleg van het stratenpatroon. Als gevolg van een oorlog begin 15e eeuw, waarbij Bunschoten betrokken raakte, werd de bebouwing voor een groot deel afgebroken. De vestingwerken werden nooit hersteld en de beoogde stadsuitbreiding niet uitgevoerd. Bunschoten bleef tot ver in de 20e eeuw een dorp met een eenvoudige lintstructuur. Pas in de 20e eeuw is weer sprake van een nieuwe bloeiperiode en werden tal van dorpsuitbreidingen buiten de oude burgwal zijn gerealiseerd. De eerste ontwikkelingen vonden in eerste instantie voornamelijk plaats aan de noordzijde van Bunschoten en waren kleinschalig van aard. In de tweede helft van de 20e eeuw werden de veranderingen ingrijpender. De haven van Bunschoten werd gedempt. Langzamerhand groeiden de twee kernen Bunschoten en Spakenburg naar elkaar toe tot de woonkern Bunschoten-Spakenburg. Huidige situatie De oude kernen Bunschoten en Spakenburg zijn door de diverse nieuwere wijken aan elkaar gegroeid. De historische as heeft een divers aanbod aan activiteiten. Hoofdzakelijk wordt er gewoond, hierbij zijn de woonboerderijen in de kern kenmerkend voor het gebied.
Daarnaast zijn er ook kleinschalige winkels en diverse familiebedrijven en -detailhandel aanwezig. Ook heeft de historische as een kenmerkende stadsweide, een uniek binnenstedelijk poldergebied, die is aangewezen als archeologisch rijksmonument. Verder zijn er diverse monumenten en archeologische vindplaatsen aan de historische as te vinden, zoals de eerdergenoemde karakteristieke stadsgracht en de burgwal. Ook is de as voorzien van diversie kerken en een begraafplaats. De oude kern van Bunschoten, begrensd door de resten van de oude Stadsgracht, is in zijn geheel als waardevol aan te merken. In de eerste plaats vanwege de uit de Middeleeuwen stammende plattegrond die nog in hoofdlijnen aanwezig is. Daarnaast wordt de waarde bepaald door de bebouwing langs de Dorpsstraat en de Veenestraat, waarbij vooral de stadsboerderijen, sommige nog in het bezit van de karakteristieke hooibergen, genoemd moeten worden. Tenslotte is de goed zichtbare verhoogde ligging van deze boerderijen c.q. de bebouwing langs de Dorpsstraat vanaf de oude omgrachting van belang. De historische as kenmerkt zich dus met oude gebouwen afgewisseld door water en groen. Op verzoek van de gemeenteraad zijn in 2019 een visie en een daarop gebaseerd herontwerp voor de inrichting, vastgesteld voor de Dorpsstraat in Bunschoten, onder de noemer Bunschoten-Stad.
De aanleiding voor het opstellen ervan was dat voetgangers en fietsers zich onvoldoende comfortabel voelen. De visie en het ontwerp voor de herinrichting zijn samen met de omgeving opgesteld. De inrichting van de Dorpsstraat volgens het gekozen ontwerp vindt plaats in 2022. Toekomstperspectief De historische as van Bunschoten blijft een historisch kenmerkend gebied in de gemeente. De aandachts- en speerpunten voor de ontwikkeling nabij de historische as zijn de volgende. • Behoud historisch beeld en karakter: o behoud van cultuurhistorisch waardevol erfgoed: zowel gebouwd als landschappelijk en ruimtelijk; o behoud van de monumenten (ondersteunen eigenaren d.m.v. subsidies en informatievoorziening);
o
verantwoord beheer en onderhoud van het archeologisch rijksmonument Stadsweiden, waarbij verrommeling en ongewenst gebruik of bebouwing worden tegengegaan; o behoud van de historische as (en contouren van) de middeleeuwse stadsuitleg. • Verduurzaming en vergroening: o van monumenten, mits met oog op het behoud van het monumentale karakter; o toekomstbestendig en klimaatadaptief bouwen; o eventueel geld beschikbaar stellen om bewoners te stimuleren tot verduurzaming en vergroening. • Benutten van kansrijke ontwikkellocaties voor woningbouw op open plekken die zich daarvoor lenen, mits met behoud en versterking van het typerende karakter van dit gebied. • Verbetering van de leefbaarheid en de levendigheid door een aantrekkelijke inrichting van het gebied, met voldoende groen. • Geen toename van hinder van geur en geluid door het toestaan van activiteiten. • Zorgen voor voldoende parkeergelegenheid. Verbonden aan de thema’s: …
Zuidwenk Het gebied Zuidwenk is een gemengd gebied (wonen en bedrijvigheid), met een hoofdzakelijk bedrijfsmatig karakter. Het is gelegen in het noordoosten van de gemeente Bunschoten en grenst in het westen aan het centrum van Spakenburg. In het oosten grenst Zuidwenk aan het open landschap van de gemeente Bunschoten. Historische situatie Bunschoten-Spakenburg is ontstaan uit twee kernen, het boerendorp Bunschoten en het vissersdorp Spakenburg. In de jaren zestig vestigden veel visbedrijven zich in de woonwijken van Spakenburg. Het ging veelal om groothandels en markthandelaren. Vanuit milieutechnisch oogpunt achtte de gemeente de situatie onhoudbaar voor de toekomst en is besloten om een vestigingsplaats te zoeken waar deze bedrijven naar toe konden verplaatsen. De gronden gelegen aan Zuidwenk en ten oosten van de Oostsingel werden voor de verplaatsing uitgekozen. Een belangrijke overweging hierbij was de windrichting die overwegend uit het zuidwesten kwam, de overlast van geur zou dan voor de inwoners van Spakenburg het minst hinderlijk zijn. De verplaatsing naar Zuidwenk bood de bedrijven de mogelijkheden om te groeien in omvang. Het initiatief om de bedrijven te verplaatsen bleek succesvol en de gronden werden snel verkocht. Als gevolg daarvan is in 1971 een uitbreiding voor Zuidwenk opgesteld. De uitbreiding omvatte het weidegebied tot aan de Oostdijk.
Hierna heeft een verdere invulling aan de randen en in het middelste gedeelte plaatsgevonden. De westelijke zijde van het plangebied kreeg een afschermende functie in de vorm van een combinatie wonen/werken. Daarmee werd de overgang van het woongebied Spakenburg naar het bedrijventerrein Zuidwenk ‘verzacht’.
Huidige situatie Vanuit de randen van Zuidwenk vindt een geleidelijke transformatie naar een gemengd gebied (wonen en bedrijvigheid) plaats. Het terrein is overwegend versteend, alleen langs de wegen is enigszins groen aanwezig. Vanwege de vele inritten en de functie van het terrein is deze groenstructuur versnipperd. Hoewel het terrein zelf geen open water heeft, is het landschap aan de oostzijde doorbroken door een watergang. Aan de noordzijde van het terrein is ook een watergang gelegen. Het bedrijventerrein Zuidwenk bepaalt met haar ambulante handel, broodbakkerijen en visindustrie voor een belangrijk deel de identiteit van de gemeente. Dit gaat gepaard met kenmerkend geur en geluid (door de vroege ochtendactiviteiten). Het terrein heeft een bijzondere eigen sfeer van bedrijvigheid en levendigheid. Het zet Bunschoten- Spakenburg nadrukkelijk op de kaart. Het heeft in zekere zin het karakter van een haven, alleen zijn de boten vervangen door verkoopkarren. Laden en lossen is hier niet weg te denken. De toestroom van het verkeer van en naar het terrein vindt voornamelijk plaats vanaf de zuidzijde. Mede gezien de woningbouwontwikkeling aan de oostzijde is dit minder wenselijk, vooral in de vroege ochtend. Door de veelheid van bedrijfsactiviteiten, de intensieve bebouwing en de hoeveelheid bedrijfsvoertuigen is de verkeersdruk in de openbare ruimte relatief groot.
De transformatie (naar een gemengd gebied met wonen en lichtere vormen van bedrijvigheid) is met de ontwikkeling van het plan Zuyderzee en de Garnalenweg, een tandartsenpraktijk, een sportschool en een woningbouwplan met ca. 55 woningen al succesvol in gang gezet. Gelet op de ligging van Zuidwenk is het belangrijk dat de geleidelijke transformatie van het gebied wordt doorgezet in de toekomst. De beoogde functiemenging heeft ook positieve gevolgen voor de gezondheid, als de verkeersdruk afneemt en er meer rust en groen in het gebied ontstaat. Toekomstperspectief De gemeente Bunschoten blijft inzetten op transformatie en herstructurering naar een gemengd gebied met wonen en lichtere vormen van bedrijvigheid. Daarbij houden we in het oog dat: • transformatie en herstructurering complex is, waardoor het proces langzaam en geleidelijk verloopt. • transformatie van de Zuidwenk geleidelijk verloopt en passief is: bedrijven worden niet verplicht om weg te gaan. • vernieuwing naar lichtere vormen van bedrijvigheid, die minder geluids- en geuroverlast in de woonomgeving veroorzaken en die geen afbreuk doet aan de leefbaarheid, wordt gestimuleerd. • de transformatie vindt plaats vanaf de randen van Zuidwenk.
• we accepteren dat bij woningen gedurende de periode van transformatie tijdelijk meer geur- en geluidsoverlast kan ontstaan, waarbij we wel altijd een acceptabel woon- en leefklimaat willen borgen. • De aanleg van het bedrijventerrein Kronkels-Zuid kan bijdragen aan de geleidelijke succesvolle verplaatsing van bedrijvigheid uit de kern en bedrijventerrein Zuidwenk. • Langs de Rengerswetering streven we naar de aanleg van een recreatieve zone. Verbonden aan de thema’s: …
Bedrijventerrein Zuid Historische situatie Het gebied bedrijventerreinen Zuid bestaat uit verschillende bedrijventerreinen, die in de afgelopen decennia geleidelijk zijn ontstaan. Zo is het gemengde bedrijventerrein De Kronkels van ongeveer 57 hectare ontstaan vanaf 1955 en geleidelijk aan volgebouwd vanuit zuidelijke richting naar het noorden toe. Daarna is het bedrijventerrein Haarbrug ontwikkeld in drie van elkaar te onderscheiden fases. Huidige situatie De Kronkels Het bedrijventerrein De Kronkels kent bedrijven in diverse categorieën, zoals logistiek, opslag, volumineuze detailhandel, logies en ondergeschikte kantoorpanden en kleinschalige detailhandel. Het terrein heeft een belangrijke verkeersfunctie, ter plaatse vinden veel transportbewegingen plaats en wordt er regelmatig geladen en gelost. Ook zijn er zes bedrijfswoningen aanwezig en heeft de rand van het bedrijventerrein een recreatieve functie. Het terrein heeft een versteende en blokkige uitstraling, dit komt door het gebrek aan groen in de kern en de diverse silo’s en vierkante kantoren. Aan de randen is wel een groene zone ontwikkeld. Het kenmerkt zich ook door veel geluid en productie. Haarbrug Bedrijventerrein Haarbrug is ontwikkeld in drie fases: Haarbrug, Haarbrug-Noord en Haarbrug-Zuid. Op dit terrein ligt het bedrijf Voestalpine, met een dominante aanwezigheid. Dit is het grootste bedrijf van Bunschoten.
De belangrijkste ontsluiting is de N199 vanuit het zuiden. Vanuit het noorden is het industrieterrein Haarbrug ontsloten via de N806. Het terrein is in meerdere fases uitgegeven. Haarbrug-Zuid was de laatste, in de jaren ’10 van de 21e eeuw. De Kronkels-Zuid In 2018 heeft de gemeente Bunschoten een eigen behoefteonderzoek laten uitvoeren naar de uitbreidingsvraag van lokale bedrijven. Uit dit onderzoek blijkt een uitbreidingsvraag naar 12,5 tot 15 hectare van lokale bedrijven en een uitbreidingsvraag van 14,5 en 15,5 hectare inclusief bedrijven zonder binding met de gemeente Bunschoten tot en met 2028. Hiervoor is De Kronkels-Zuid aangewezen als gepaste plek om te voldoen aan deze toekomstige vraag. De beoogde omvang van bedrijventerrein De Kronkels-Zuid bedraagt in totaal 14 hectare grond, te ontwikkelen in twee fases van elk ongeveer 7 ha. Toekomstperspectief Het bedrijventerrein Zuid wordt op toekomstbestendige wijze ontwikkeld. De speerpunten voor het bedrijventerrein zijn de volgende. •
•
Een goede balans tussen bedrijven (hoofddoel) en overige functies: o bij herstructurering en door slimme inrichting van de bedrijventerreinen; o bij het optreden van menging van vormen van bedrijvigheid. Voldoende ontwikkelingsmogelijkheden blijven bieden: o voor de bestaande bedrijven en eigen ondernemers; o om te voorzien in de bedrijfsbehoefte; o door zorgvuldig ruimtegebruik; o door in te zetten op kansrijke sectoren;
o
•
•
•
door zowel kwantitatief als kwalitatief in te zetten op hoogwaardige nieuwbouw (dus geen verdozing), met een optimaal werkklimaat. Inzetten op klimaatadaptatie en duurzaamheid: o door het verduurzamen van bedrijvigheid; o door te voorzien in duurzame energieopwekking; o door de aanwezigheid van voldoende groen en mogelijkheden voor de berging van water; o Door binnenterreinen en daken integraal te laten ontwerpen op het gebied van groen, energieopwekking en waterberging. Uitbreiding en ontwikkeling: o via de aanleg van De Kronkels Zuid, in twee fases van 7 hectare elk, in totaal 14 hectare; o altijd richting de A1, dus niet in oostelijke of westelijke richting ten op zichte van de bebouwde kom van Bunschoten-Spakenburg; o via het doorontwikkelen en vernieuwen van de Kronkels en Haarbrug Noord, met een nieuwe fase 3 als zoekrichting voor de periode tussen 2030 en 2040, ten westen van fase 2. o randvoorwaarde voor verdere uitbreiding en ontwikkeling is dat er een voldoende brede zone in stand blijft om de kenmerkende openheid van het landschap tussen de bebouwingzones van bedrijventerrein Haarbrug Zuid en vanuit Amersfoort te waarborgen. Bereikbaarheid en veiligheid borgen door: o goede en veilige ontsluitingen, met mogelijke verbreding van de N199 tot een 4-baansweg; o goede fietsverbindingen, met doorfietsroutes langs de N199 en bedrijventerrein.
Verbonden aan de thema’s: …
Eemdijk Historische situatie Eemdijk ontleent haar naam aan de dijk langs de Eem. Deze dijk was vroeger de ontsluitingsweg voor de woningen en de boerderijen. Daarnaast werd de dijk vroeger gebruikt als jaagpad. Eemdijk is relatief laat ontstaan, omdat het hoge water van de Zuiderzee onder andere de huizen van inwoners verwoestte. Toch werd omstreeks de 14e en 15e eeuw ter bescherming van het land de Eemdijk aangelegd, maar hierdoor was het gevaar nog niet geweken. De waaien (de plassen water achter de dijk), die men nu nog langs de Eem aantreft, vormen het tastbare bewijs van dijkdoorbraken. De waaien kunnen dus beschouwd worden als littekens van de strijd tegen het water. Pas in de 19e eeuw ontstond er langs de Eemdijk een buurtschap nabij een waai van de Eem. Dit buurtschap ('Dijkhuizen' genaamd) bestond uit wat huizen, een haventje, een sluis en een vaart. In een later stadium werd langs de vaart een weg aangelegd. Ook werd de waai afgesneden en de weg doorgetrokken. Zo ontstond de Ringweg als restant van de oorspronkelijke bocht in de Eemdijk (rond de waai). In de loop der jaren is vervolgens de bebouwing langs de aanwezige wegen verdicht tot de kern, die er momenteel is. Begin jaren '90 van de 20e eeuw is de gemeente begonnen met een geleidelijke kleinschalige uitbreiding ten noordoosten van Eemdijk.
Huidige situatie Eemdijk is een dorpskern waar wonen de voornaamste activiteit is. Kenmerkend voor het oude woongebied is de sterk afwisselende en onregelmatige bebouwing ten gevolge van de oorspronkelijk agrarische erven in het dorp. Deze functie is inmiddels veelal vervangen door een woonfunctie. De bebouwing in Eemdijk is geconcentreerd langs de bestaande wegen, aan weerszijden van de Eemdijk, de Vaartweg, de Ringweg en het Kerkepad. In de loop der jaren is de (lint)bebouwing steeds meer verdicht, waardoor een 'compact' dorp met een eenvoudige structuur is ontstaan. De tuinen van de westelijk gelegen woningen komen uit op het stroomgebied van de Eem. Verder zijn er voorzieningen aanwezig zoals onderwijs en religieuze gebouwen (3 kerken). Daarnaast is er kleinschalige recreatie te vinden, zoals een pontje (deze heeft een bredere functie), een jachthaven, en een ijsbaan. In het dorp zijn géén rijks- en/of gemeentelijke monumenten aanwezig. De kern heeft een dorpse uitstraling en kenmerkt zich door een hechte gemeenschap. Er bestaat een groot ruimtelijk contrast tussen de compacte bebouwing en het omringende open weidelandschap. Toekomstperspectief De dorpskern Eemdijk blijft een kern met een woon- en verblijfsfunctie. We zetten in op relatief kleinschalige ontwikkelingen, passend bij het kleinschalige, historische en landelijke karakter.
De speerpunten voor de ontwikkeling voor dorpskern Eemdijk zijn de volgende. • We gaan zorgvuldig om met de invulling van inbreidingslocaties. Als die zich voordoen dan blijven we die faciliteren. • Kleinschalige woningbouwmogelijkheden zien we verder als volgt: o Uitbreiding in Eemdijk-Oost met 72 woningen, met als doel te voorzien in de woningbehoefte en het bevorderen van de leefbaarheid door daarmee voldoende draagvlak onder de voorzieningen in het dorp te waarborgen, zoals de basisschool. o Realisatie van Eemdijk -noord: een woningbouwopgave ten behoeve van de leefbaarheid in Eemdijk-noord. o Beperkte herontwikkelingen bij transformatie van bedrijfsfuncties in of aan de rand van de kern; bedrijven aan de randen die willen verhuizen en dat willen financieren met woningbouw hierbij helpen. • Behoud van de school voor basisonderwijs: er is al een goede stap gemaakt doordat de school zich heeft aangesloten bij een groter schoolbestuur in Bunschoten (Vereniging voor Christelijk Onderwijs)
Zevenhuizen Historische situatie Vanaf de 17e tot en met halverwege de 19e eeuw maakte deze buurtschap deel uit van de gemeente Duist, de Haar en Zevenhuizen. Daarna werd de gemeente samengevoegd met de gemeente Hoogland. Bij de opheffing van de gemeente Hoogland in 1974 is deze buurtschap ingedeeld bij de gemeente Bunschoten. De gemeenschap van Zevenhuizen voelde zich, gezien de overwegend katholieke achtergrond, voornamelijk aangewezen op de voorzieningen in het dorp Hoogland. De rijksweg, met aanvankelijk één rijbaan met gelijkvloerse kruising in 1952, zorgde voor een hindernis in de verbinding naar het dorp. Bij de uitbouw van de rijksweg naar autosnelweg,
begin jaren ’70 van de 20e eeuw, kreeg de Zevenhuizerstraat een viaduct over de A1. Huidige situatie Buurtschap Zevenhuizen is een dorpslint met een overwegend agrarische functie en enkele nevenactiviteiten. Deze nevenactiviteiten zijn onder andere de manege, horeca, vergaderlocaties en wonen voor ouderen. Daarnaast is het de voormalige ontsluiting naar Amersfoort. Het open landschap van Zevenhuizen kent diverse zichtlijnen, ook wel polderzicht genoemd. Dit landschap wordt gekenmerkt als kleinschalig, netjes en verzorgd. Toekomstperspectief Buurtschap Zevenhuizen behoudt wat er is: het kenmerkende landschap, het voortbestaan van agrarische bedrijven en het handhaven van de huidige lintbebouwing. Enkele speerpunten van de buurtschap zijn de volgende. • Zorgen voor de toegankelijkheid van de openbare ruimte voor iedereen; • Het hoofd bieden aan uitdagingen voor de leefbaarheid en het eigen karakter, als gevolg van: o de nieuwe ontsluitingsweg vanuit Amersfoort-Vathorst; o de toenemende recreatieve druk vanuit Amersfoort (manege maakt gebruik van aantrekkingskracht uit Amersfoort); o de impact van de wijk Vathorst-Bovenduist.
Buitengebied Historische situatie Het buitengebied van de gemeente Bunschoten is vrij eenduidig, waarbij de Eem en de polders als de belangrijkste landschappelijke structuurdragers gelden. In de loop van de jaren heeft bebouwing zich als een nieuwe laag ontwikkeld en zich gemanifesteerd in de vorm van dijklinten, ontginningslinten en bebouwingskernen (Bunschoten-Spakenburg). Vanaf de jaren '50 van de 20e eeuw is er een sterke groei aan bebouwing waar te nemen. Huidige situatie In het poldergebied ten oosten en ten westen van Bunschoten-Spakenburg is het open karakter van het landschap bewaard gebleven. De ruilverkaveling (het ruilen van gronden) biedt de overgebleven boeren de mogelijkheid voor een veel efficiëntere (agrarische) bedrijfsvoering. De Eemlandhoeve is een innovatief een kennis- en proefbedrijf. Ook zijn er natuurgebieden in het buitengebied te vinden, nabij het Eemmeer en het Randmeer (Natura2000). Waterwingebieden maken ook onderdeel uit van het buitengebied. Dit vaak in combinatie met een andere functie. Verder is wonen een incidentele en secundaire functie in het buitengebied. Op diverse plekken bevinden zich maneges. Het buitengebied heeft een uniek groen en open uitstraling. Het is een landelijk en polderachtig landschap, met een grote waardevolle weidevogelpopulatie.
De kustzone naast de Zuidwenk tot aan de gemeentegrens met Nijkerk (Laak) vraagt wel aandacht. Deze zone kan een kwaliteitsimpuls gebruiken, gelet op de aanwezigheid van een voormalige rioolwaterzuivering en vuilstort. De druk op het buitengebied neemt toe, doordat meerdere ontwikkelingen en opgaves om ruimte vragen. Naast de ontwikkelingen binnen de agrarische sector, betreft dit bijvoorbeeld de ontwikkeling van natuurwaarden, de toenemende vraag om recreatieve mogelijkheden, de nabijheid van Amersfoort en de energietransitie. Hier zullen goede en zorgvuldige afwegingen gemaakt moeten worden. Toekomstperspectief Het buitengebied van Bunschoten willen we zoveel mogelijk in functie van het buitengebied laten. De speer- en aandachtspunten voor het buitengebied zijn de volgende. • Geen grootschalige woningbouw in het buitengebied; • We waarborgen de openheid van het landschap, maar kijken wel naar aanvullende mogelijkheden voor wandel- en fietspaden en enige variatie in het groen; • Het buitengebied blijft van grote betekenis als vogelweidegebied. • Behouden van het agrarisch karakter, met waar mogelijk verantwoorde verbreding van de landbouw en schaalvergroting, maar hand in hand met verduurzaming; • Daar waar agrarische bebouwing vrijkomt voor andere functies, passen we zorgvuldig maatwerk toe, met oog voor de gewenste landschappelijke en recreatieve kwaliteiten.
• We vinden een duurzame agrarische ontwikkeling van belang. Uitgangspunt blijft wel dat het gebied agrarisch is en de bestaande agrarische bedrijven niet in hun bedrijfsvoering beperkt worden. De opgave is om dat zo vorm te geven dat dit geen afbreuk doet, maar bijdraagt aan de gewenste kwaliteiten van het weidevogelkerngebied, bijvoorbeeld door de omzetting naar meer natuurinclusieve landbouw.
•
•
We maken, zo mogelijk samen met onze buurgemeenten binnen het gebied Arkemheen – Eemland, een omgevingsprogramma landelijk gebied voor ons buitengebied, met oog voor een zorgvuldige afweging van de diverse ruimtevragen en binnen de door Bunschoten in deze visie gestelde kaders en rekening houdend met inbreng vanuit, of geïntegreerd met, regionale gebiedsprocessen. We ontwikkelen een gebiedsvisie op de kustzone ten oosten van de Zuidwenk, tot aan de gemeentegrens met Nijkerk. Daarin verkennen we de mogelijkheid om deze zone te ontwikkelen tot een recreatief uitloopgebied voor de Zuidwenk. Ook extensief wonen of vernieuwde passende bedrijfsmatige functies zijn denkbaar. Daarnaast verkennen we in de gebiedsvisie de mogelijkheden om in deze zone een deel van de lokale duurzame energieopgave in te vullen.
V.
Ambities
In deze omgevingsvisie komen onze opgaven samen in drie integrale overkoepelende ambities voor de komende 10 – 20 jaar. Deze drie ambities vormen samen en in hun onderlinge samenhang, de rode draad voor de gewenste ontwikkeling van onze unieke gemeente. De drie ambities zijn: 1. Iedereen doet mee in Bunschoten We willen een werkelijk inclusieve samenleving zijn waarin iedereen meedoet. Onze leefomgeving is daarop ingericht. 2. Het Boegbeeld van het Eemland We versterken de kwaliteiten van het unieke karakter van onze gemeente, binnen de bebouwde kom en buiten in het open landschap, met voldoende karakteristieke woningbouw voor alle doelgroepen, leefbare wijken en een aantrekkelijk ondernemersklimaat. 3. Samen Toekomstbestendig Als rentmeester voor toekomstige generaties, zorgen we een voor duurzaam Bunschoten op een manier die past bij onze gemeente. We maken onze keuzes in overleg met de samenleving en zorgen voor een evenredige verdeling van lusten en lasten.
Iedereen doet mee in Bunschoten We zijn een werkelijk inclusieve samenleving, waarin iedereen meedoet, met voldoende en ruimte voor ontspanning. De inrichting van onze leefomgeving is gericht op ontmoeten, voldoende mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding en ontspanning, ook voor mensen met een beperking. We beschikken over genoeg speelplaatsen voor onze jeugd, met een goede spreiding over de gemeente. Er is ruimte voor kunstuitingen en cultuurparticipatie. Deze zijn ook zichtbaar in de publieke ruimte. Een inclusieve samenleving We willen een werkelijk inclusieve samenleving zijn, waarin iedereen meedoet, met voldoende groen en ruimte voor ontspanning. De inrichting van onze leefomgeving is gericht op ontmoeten en afwisselende ommetjes voor wandelen en fietsen. Ook voor mensen met een beperking. We beschikken over genoeg speelplaatsen voor onze jeugd, met een goede spreiding over de gemeente. Er is ruimte voor kunstuitingen en cultuurparticipatie Deze zijn ook zichtbaar in de publieke ruimte. Een goede samenwerking met en binnen de kunst en cultuursector vinden we belangrijk. Er zijn voldoende voorzieningen voor ouderen, maar ook voor jongeren. We zorgen ervoor dat er voldoende geschikte mogelijkheden zijn om te sporten voor iedereen, zowel binnen als buiten. Ook in 2040 zijn we nog altijd trots op onze (sport)cultuur.
Sociale samenhang We blijven groot belang hechten aan de sociale samenhang in de samenleving. Deze is heel waardevol en is echt een kracht van Bunschoten. De onderlinge banden zijn sterk en het omzien naar elkaar hoort bij Bunschoten. Onze ambitie is om dit te behouden, aan te vullen en te versterken. We beseffen dat er bepaalde groepen in onze samenleving zijn die daarbij extra aandacht nodig hebben. Mensen die nieuw in Bunschoten binnenkomen voelen zich welkom.
Wat gaan we doen? •
We zorgen ervoor dat iedereen zich welkom voelt en mee kan doen in onze hechte gemeenschap. Dit doen we door ons verenigingsleven (inclusief de kerkgemeenschappen) vitaal te houden en de daarvoor noodzakelijk voorzieningen op peil te houden. • We stimuleren een gezonde leefstijl, met voldoende beweging en een gezonde balans tussen werken en ontspannen. Ook beschermen we de gezondheid van onze inwoners door een gezonde inrichting van de leefomgeving, onder andere door in te zetten op (bewustwording van het belang van) voldoende groen. We denken aan een omgevingsprogramma gezonde leefomgeving om dit concreet te maken. • We zetten ons actief in op aandacht voor en het beschermen van onze jeugd tegen verslavende middelen. • We beschermen en bevorderen de sociale veiligheid en het omzien naar elkaar. • Om ontmoeting te bevorderen zorgen we voor binnenvoorzieningen voor een zo breed mogelijke doelgroep en faciliteren we de ontwikkeling van buurthuizen of inloopfuncties. • We scheppen meer gelegenheid voor ontmoeting in de openbare ruimte, zowel voor jong als oud, waarbij we ook jongeren en ouderen met elkaar in contact brengen. • We hebben oog voor onze jeugd; zij zijn tenslotte de toekomst! We spannen ons in om perspectief, onderlinge verbindingen en mogelijkheden tot ontspanning te bieden aan onze jeugd, waaronder voldoende geschikte speelplaatsen.
We zetten ons actief in op aandacht voor en het beschermen van de gezondheid van onze jeugd (denk aan voorkomen van verslaving) door voorzieningen te ontwikkelen die daarbij helpend kunnen zijn. • We stimuleren de samenwerking tussen en met partijen die op het gebied van kunst en cultuur actief zijn en bevorderen de deelname van de samenleving daaraan. • De rol van de gemeente bij het in stand houden en voorzien in de voorzieningen die nodig zijn om onze doelen te bereiken varieert, afhankelijk van de aard van de voorziening; van initiërend met regie en realisatie door de gemeente, tot faciliterend om derden in staat te stellen de voorziening te realiseren. • Na afloop van de looptijd van de huidige woonvisie, maken we een omgevingsprogramma wonen. Daarin staat wat we willen toevoegen qua woonconcepten (o.a. creatieve woonvormen) en woonruimte, gelet op de demografische ontwikkelingen en de woonbehoefte. Dit is belangrijk om ook straks een voldoende betaalbare en toekomstbestendige woningvoorraad te behouden. Het omgevingsprogramma wonen schenkt ook aandacht aan het bereiken van de gewenste kwaliteiten van de leefomgeving, met het oog op prettig wonen in Bunschoten. • Bij het treffen van maatregelen in de leefomgeving zorgen we voor toegankelijkheid voor iedereen.
• Om ouderen in staat te stellen langer op een aangename wijze zelfstandig te blijven wonen, schenken we aandacht aan: o toegankelijkheid van woningen en de openbare ruimte; o het dementievriendelijk inrichten van het openbaar gebied; o het beschikbaar zijn van hulp en toezicht; o meer geclusterde vormen van bouwen en/of meergeneratie bouwen. • In het omgevingsplan nemen we regels op die ervoor zorgen dat onze luchtkwaliteit goed blijft en dat er in de woonomgeving geen nieuwe hinder kan ontstaan als gevolg van geluid en geur, waarbij we bestaande hinder willen terugdringen. Ons uitgangspunt is dat nieuwe ontwikkelingen in elk geval niet mogen leiden tot een
•
• • •
verslechtering van de milieukwaliteiten. Ook moet het omgevingsplan ervoor zorgen dat onze inwoners geen veiligheidsrisico’s lopen als gevolg van de aanwezige bedrijvigheid. We gaan de omgeving nog meer en vroeger betrekken bij toekomstige ontwikkelingen in de openbare ruimte. We zorgen ervoor dat de inbreng vanuit de samenleving een representatieve afspiegeling van de belangen vertegenwoordigt. Daarbij is ook oog voor participatie van jongeren. We zorgen voor een goede samenwerking met omliggende gemeenten en de provincie. We stimuleren inwoners om actief mee te doen in de gemeente en zelf te komen met initiatieven om de leefomgeving te verbeteren. We onderzoeken in hoeverre een gericht subsidiebeleid kan bijdragen aan het realiseren van de hiervoor genoemde ambities.
Het Boegbeeld van Het Eemland Bunschoten kenmerkt zich door een dorps karakter, kleinschalig, niet te dicht bebouwd, met een vitale economie. In de leefomgeving is voldoende groen aanwezig. De omgeving ziet er netjes en verzorgd uit. Mensen voelen zich er veilig. Een gemeente met karakter. Bunschoten kenmerkt zich in 2040 nog steeds door een dorps karakter, kleinschalig, niet te dicht bebouwd, met een vitale economie. In de leefomgeving is voldoende groen aanwezig. De omgeving ziet er netjes en verzorgd uit. Mensen voelen zich er veilig. Bij het bouwen van nieuwe woningen hebben we ons vooral gericht op de eigen woningbehoefte, waarbij we niettemin oog hebben gehouden voor het feit dat we onderdeel zijn van een regio met een woningmarkt die groter is dan de eigen gemeente. We zoeken naar een bouwstijl dat het typische karakter van de gemeente Bunschoten benadrukt. Erfgoed dat voor ons van cultuurhistorische waarde is, beschermen en onderhouden we. Daarbij willen we dat nuttig gebruik daarvan mogelijk blijft. We willen dat elke weggebruiker zich in Bunschoten veilig kan verplaatsen. Onze (sport)cultuur is zichtbaar aanwezig in het dorp in de vorm van sportparken en beweegplaatsen in de openbare ruimte. Spakenburg is herkenbaar als watersportdorp met een mooi en herkenbaar waterfront.
Het Eemmeer is geschikt voor recreatievaart en het houden van zeilwedstrijden voor onder andere de Bruine Vloot. De vaargeul van het Eemmeer is geschikt voor de beroepsvaart. Het water is schoon en helder. Open landschap Het landschap in ons buitengebied is nog steeds extreem open, als een van de belangrijkste kernkwaliteiten van het poldergebied. We beschikken over een gezonde en duurzame agrarische sector, met in het landschap passende opstallen. Op sommige locaties zijn nieuwe (neven) activiteiten ontstaan die zorgvuldig in het landschap zijn ingepast. Bij het vormgeven aan het landschap van de toekomst willen we actief samenwerken met de provincie en met onze partners en buren in de regio. Aantrekkelijk voor ondernemers Voor ondernemers is Bunschoten aantrekkelijk, ondernemersgericht, bereikbaar en gastvrij. Onze bedrijventerreinen voldoen aan de eisen van de tijd en dragen bij aan een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Er is een goede aansluiting tussen aanbod en vraag op de arbeidsmarkt. De agrarische sector is nog altijd de belangrijkste economische drager van het buitengebied, waarnaast andere passende functies een plek hebben gekregen.
Zelfstandig en bestuurskrachtig Als gemeente beschikken over een unieke identiteit, geworteld in een rijke historie. Dat willen we vasthouden en daarom vinden we het belangrijk om een zelfstandige gemeente te blijven. We beseffen dat we ons moeten inspannen voor het behoud van voldoende bestuurskracht, om onze opgaven en taken in de toekomst goed te kunnen vervullen. Daarbij blijven we zorgdragen voor een gezonde financiële huishouding. Wat gaan we doen? •
•
•
• •
•
•
•
•
• • • •
•
We zetten in op behoud van het agrarisch karakter van het buitengebied. Vestiging van andere bedrijven is mogelijk als deze aansluiten bij het bestaande karakter en identiteit van het buitengebied. We bieden agrarische bedrijven de mogelijkheid om zich te kunnen blijven ontwikkelen, waarbij we in het kader van verduurzaming ook ruimte willen maken voor alternatieve vormen van landbouw. We zijn ons ervan bewust dat wet- en regelgeving beperkingen stellen aan de ontwikkelmogelijkheden. Ook bieden wij mogelijkheden om passende nevenactiviteiten te ontwikkelen, zolang de hoofdtak agrarisch blijft. Op die manier borgen we een vitaal platteland. Daar waar dat passend is, werken we in het omgevingsplan met aanduidingen die moeten borgen dat karakteristieken op het gebied van landschap, cultuurhistorie en erfgoed behouden blijven, zoals het klassieke verkavelingspatroon. We letten er bij de bouw van woningen op dat het past bij het gemeentelijke karakter. Er moet een visie komen op de toekomst van mogelijke inbreidings- en uitbreidingslocaties; welke locaties willen we bebouwen en welke locaties willen we groen houden of inrichten? Er kan hoger gebouwd worden om groen te behouden, zolang het past bij de omgeving en schaal van Bunschoten. Hoogteaccenten (maximaal 6 lagen) zijn alleen denkbaar op daarvoor passende plaatsen, zoals aan de randen van de uitbreidingslocaties.
We zorgen voor een gezond ondernemersklimaat, met vitale bedrijventerreinen, die ook ruimte bieden voor nieuw ondernemerschap en innovatie. Er is plaats voor woon/werkcombinaties. We koesteren en versterken de kwaliteiten van het centrum van Spakenburg. Als de looptijd van de huidige centrumvisie is verstreken, werken we het gewenste toekomstperspectief uit in een omgevingsprogramma centrum. De gemeente zet in op de kwaliteitstoerist en op meerdaags toerisme, waarbij toeristische kansen voorzichtig en passend worden benut, gelet op de wens om het karakter, het woongenot en de zondagsrust te behouden. We willen voorzieningen en evenementen op het gebied van cultuur, kunst en muziek verder ontwikkelen, zodanig dat dit past bij de lokale identiteit. Via de regels in het omgevingsplan zorgen we ervoor dat onze leefomgeving schoon, heel en veilig blijft. Bij nieuwe ontwikkelingen houden we voldoende afstand tot risicobronnen en letten we goed op het voorkomen en beperken van veiligheidsrisico’s. We werken aan een goed bereikbare gemeente vanuit alle richtingen, voor zowel openbaar- als privé-vervoer. Onze infrastructuur is goed ingepast in de omgeving en is zo ingericht dat dit een veilig gebruik zoveel mogelijk waarborgt. De kwaliteit en breedte van wegen in het buitengebied moet voldoende zijn om de veiligheid van alle weggebruikers te garanderen. Hierbij wordt gelet op het
toenemende recreatieve gebruik en de toenemende zwaarte van het landbouwverkeer. • Zo mogelijk samen met onze buurgemeenten binnen het gebied Arkemheen – Eemland, maken we een omgevingsprogramma landelijk gebied voor ons buitengebied. Rekening houdend met inbreng vanuit, of geïntegreerd met, regionale gebiedsprocessen, wordt hierin: o binnen het doel om de kenmerkende openheid van het buitengebied te behouden en in het besef dat het buitengebied in de toekomst niet alleen een productiegebied kan zijn, nagegaan welke kwaliteiten en functies in de toekomst nodig zijn om het gebruik door de diverse doelgroepen te faciliteren, waaronder ook de inwoners van Amersfoort; o tegemoet gekomen aan de wensen voor het gebruik ervan door onze inwoners, zoals het nagaan van de mogelijkheden voor bijvoorbeeld de aanleg van een (voedsel)bos of van ruiterpaden; o gekeken hoe het agrarisch karakter van het polderlandschap kan worden geborgd. Uitdagingen liggen in de biodiversiteit, de circulariteit, het terugbrengen van de stikstofuitstoot en een duurzame toekomst van de agrariër. • We betrekken de omgeving en onze ketenpartners vroegtijdig bij nieuwe ontwikkelingen in de openbare ruimte. Daarbij streven we actief naar een goede afspiegeling van de belanghebbenden.
• Voor zover dat voor bepaalde gebieden nodig is, werken we deze omgevingsvisie uit in gebiedsprogramma’s, om een op maat toegesneden integrale aanpak mogelijk te maken.
Samen toekomstbestendig! Wij zijn de rentmeesters van onze leefomgeving en zetten ons samen in om deze voor de toekomstige generaties leefbaar te houden. Onze economie van de toekomst is toekomstbestendig. Comfortabel en veilig, zijn we bestand tegen extreem weer. Blijvend leefbaar voor nieuwe generaties. Wij zijn de rentmeesters van onze leefomgeving en zetten ons samen in om deze voor de toekomstige generaties leefbaar te houden. Onze economie van de toekomst is toekomstbestendig. Comfortabel en veilig, zijn we bestand tegen extreem weer. We waarderen de natuur en de gezonde leefomgeving die het ons geeft. Voedsel, materialen, water en duurzame energie zijn er voldoende en hierin is onze economie zoveel mogelijk zelfstandig. Verduurzaming gaat hand in hand met een evenredige verdeling van lusten en lasten. Dit betekent dat we financiële participatie van de samenleving bij projecten belangrijk vinden. Bij het ontwikkelen van beleid en het maken van plannen met het oog op een duurzame toekomst, vinden we een goede samenwerking met de provincie Utrecht, de gemeenten in de regio en onze ketenpartners van groot belang. De opgaven en uitdagingen zijn (veel) groter dan onze gemeentegrenzen. Duurzame ontwikkeling We zetten in op duurzame ontwikkeling. Onze woningen en bedrijven voldoen in de toekomst allemaal aan de op dat moment geldende duurzaamheidseisen.
Overal waar dat kan liggen zonnepanelen op onze daken. Door onze inzet op besparen en isoleren zijn onze woningen en bedrijven zuinig in energieverbruik. We benutten de randen van bedrijventerreinen en de randen van onze infrastructuur voor grootschalige duurzame
opwek van elektriciteit. Grootschalige windmolens komen in onze gemeente niet voor. We zijn goed onderweg met de overgang naar een nieuwe duurzame warmtevoorziening voor onze gemeente. In de woonomgeving zijn geen tuinen meer voor het overgrote deel verhard. In de openbare ruimte is overal waar dat kan de opvang van regenwater afgekoppeld van het (vuilwater)riool. Door de aanwezigheid van veel groen kan het regenwater goed worden opgevangen en hebben we weinig last van hittestress. Door het tijdig treffen van maatregelen treedt er geen bodemdaling op. We beschikken over meer “plas en dras” in het buitengebied. De biodiversiteit in onze gemeente is groter geworden, vooral in het buitengebied. Dat doen we door aandacht te schenken aan natuurinclusief ontwikkelen. Wat gaan we doen? • Omgevingsprogramma duurzaamheid opstellen Met het oog op een duurzame ontwikkeling van onze gemeente, zorgen we voor beleid dat ons in staat stelt tussendoelen te formuleren en concreet te maken. Daarbij willen we voldoen aan de landelijke richtlijnen en wettelijke kaders. We denken dat beleid op termijn op te nemen in een integraal omgevingsprogramma duurzaamheid, met als onderdelen energie, circulariteit en klimaatadaptatie. Bij het uitwerken van beleid betrekken we vroegtijdig de samenleving. Daarbij streven we actief naar een evenredige vertegenwoordiging van alle belanghebbenden.
Het vastgestelde beleid verwerken we in ons omgevingsplan. • Duurzaamheid stimuleren met win-win Initiatieven voor verduurzaming willen we zorgvuldig afwegen en inpassen, waarbij behoud en bescherming van het landschap uitgangspunt is. Bij het verduurzamen van onze energievoorziening zetten we allereerst in op plekken waar de impact op de omgeving zo klein mogelijk is, zoals isoleren en besparen. Concreet doel is dat alle woningen en bedrijven in 2035 duurzaam zijn geïsoleerd. Ook stimuleren we het leggen van zonnepanelen op daken van bijvoorbeeld veestallen en woningen. Daarbij zetten we in op informeren, stimuleren, enthousiasmeren. We ontwikkelen financiële prikkels. Opbrengsten uit verduurzaming van de energievoorziening komen mede ten goede aan onze gemeenschap. Als gemeente geven we het goede voorbeeld, door bijvoorbeeld duurzaam in te kopen. • Zichtbare circulaire economie creëren We werken aan een circulaire economie, in samenwerking met onze inwoners en organisaties. We stimuleren het betrekken van ons voedsel uit de omliggende regio, waarmee we ook de toekomstbestendigheid van onze agrarische bedrijven bevorderen. We zorgen ervoor dat er in 2040 geen daken van agrariërs meer zijn waarop asbest voorkomt. We geven meer aandacht aan het thema circulariteit door educatie over bijvoorbeeld recyclen en hergebruik.
De jeugd inspireren we tot het duurzaam bezig zijn met materialen. • Bewustwording creëren over de natuur en biodiversiteit We informeren onze burgers en bedrijven over het belang van de natuurlijke omgeving en biodiversiteit. De gemeente geeft voorlichting en kan (mede-)financierder zijn van initiatieven op het gebied van duurzame en natuurinclusieve ontwikkeling. We nemen maatregelen om biodiversiteit te bevorderen. In het kader van bewustwording
betrekken we bijvoorbeeld de jeugd door educatie in natuurgebieden. Daarnaast bieden we locaties voor moestuinen aan. • Klimaatadaptatiemaatregelen nemen We ontwikkelen beleid voor klimaatadaptieve maatregelen. Bijvoorbeeld het tegengaan van het verharden van tuinen of van parkeerplaatsen bij bedrijven. We zorgen voor voldoende groen in de leefomgeving, met afwisselende ommetjes. Mede vanwege het veranderende klimaat, nemen we tijdig maatregelen om onze leefomgeving veilig, gezond en leefbaar te houden. We gaan concretere plannen maken en geld beschikbaar stellen voor het opvangen van de gevolgen van extreem weer. Dit gaan we door middel van regels vastleggen in het omgevingsplan. In overleg met het waterschap en onze buurgemeenten maken we beleid dat ervoor zorgt dat de kwaliteiten in ons buitengebied worden geborgd en verbeterd, op zo’n manier dat er geen bodemdaling optreedt.