CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 6 (bijlage) ruimtelijke onderbouwing tbv vvgb__202370890__

Raadsvergadering 12 maart 2024, gemeente BrunssumBij agendapunt: Ontwerp verklaring van geen bedenkingen ter zake de woningbouwontwikkeling Schildstraat Gerbaldusstraat; Gemeenteblad 2024/634.696 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

direct omwonenden van het besluitgebied.

3. Schade bovenwoningen: voordat de werkzaamheden beginnen worden de bovengelegen woningen alsmede de naast gelegen woningen

De omgevingsdialoog voor het (bouw)plan heeft plaats gevonden op don-

opgenomen door een onafhankelijke expertisebureau. Deze bouwkun-

derdag 6 juli om 18.00 uur. De locatie van de Omgevingsdialoog was in de

dige 0-meting fungeert als uitgangspunt. Indien de bewoners een

voormalige supermarkt aan de Schildstraat 48 te Brunssum.

schade zien ontstaan gedurende de werkzaamheden wordt verzocht deze per direct kenbaar te maken.

De reacties vanuit de omgeving waren overwegend positief waarbij men voornamelijk blij is dat de leegstaande supermarkt eindelijk een nieuwe

Inpasbaarheid

functie krijgt.

Stedenbouwkundig bezien wordt zoveel als mogelijk aansluiting gezocht bij de omliggende bebouwing. Gezien de aard en omvang van de ontwik-

Er zijn een aantal vragen gesteld over de onderstaande punten:

keling is er geen sprake van negatieve ruimtelijke en/of stedenbouwkun-

1. Parkeerproblematiek: in de omgeving is sprake van een tekort aan

dige effecten op de korte en op (middel) lange termijn. Vanuit ruimtelijk en

parkeerplaatsen, nu de garageboxen worden gesloopt komen

stedenbouwkundig oogpunt wordt de ontwikkeling goed inpasbaar geacht.

meer auto’s in de openbare ruimte met een verergering van het probleem. 2. Akoestiek supermarkt: de oude supermarkt was zeer gehorig voor

5.3

Afweging belangen

de naastgelegen en bovengelegen woningen. Met de planuitwer-

De gewenste ontwikkeling is strijdig met de geldende regels uit het vige-

king wordt gevraagd of hier iets mee gedaan kan worden.

rende beheersverordening ‘Woongebied 2e herziening’, vastgesteld op 11

3. Schade bovenwoningen: de sloop en bouw veroorzaken trillingen

december 2018 door de gemeenteraad van Brunssum. Conform de vige-

en kunnen schades veroorzaken in de woningen wat gaat de ont-

rende beheersverordening gelden ter plaatse van het besluitgebied de be-

wikkelaar hieraan doen?

stemmingen ‘Gemengd’, ‘Verkeer’, ‘Groen’ en ‘Wonen’. Het realiseren van

ger zal een anterieure overeenkomst kostenverhaal worden gesloten.

20 appartementen is binnen deze bestemmingen niet toegestaan.

Daarmee is kostenverhaal anderszins verzekerd en is geen exploitatieplan

Ruimtelijke onderbouwing woningbouwontwikkeling Gerbaldusstraat - Schildstraat

30

De vigerende beheersverordening biedt geen afwijkings- of wijzigingsmogelijkheden waarmee het initiatief kan worden toegestaan. De realisatie kan echter mogelijk worden gemaakt door middel van een uitgebreide omgevingsvergunningsprocedure voor het afwijken van het bestemmingsplan onder de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo, artikel 2.11, eerste lid, onder a, onder 3°). Tegen het gewenste initiatief bestaan uit ruimtelijk en stedenbouwkundig oogpunt geen bezwaren. De ontwikkeling past, gezien de kleinschaligheid van de ontwikkeling binnen de ruimtelijke-functionaliteit van het gebied. Daarnaast bestaan er, buiten de strijdigheid met het vigerende bestemmingsplan, vanuit vigerend beleid geen belemmeringen. De ontwikkeling wordt niet belemmerd door aanwezige, storende milieuaspecten, en zijn benodigde voorzieningen, als riolering en overige kabels en leidingen, reeds in het besluitgebied aanwezig. Bovendien zal, gezien de bestaande situatie, geen schade worden toegebracht aan natuur- of landschapselementen en –structuren. Op basis van het voorgaande wordt dan ook geconcludeerd dat de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening aanvaardbaar en haalbaar is.

Ruimtelijke onderbouwing woningbouwontwikkeling Gerbaldusstraat - Schildstraat

31

6

Procedure, overleg en planstukken

6.1

Procedure

beschikbaar gesteld (art. 6.14 Bor jo. Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012).

6.2

Overleg

Voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor het afwijken van

In artikel 6.18 van het Besluit omgevingsrecht is artikel 3.1.1 van het Be-

het bestemmingsplan dient de uitgebreide procedure zoals beschreven in

sluit ruimtelijke ordening van toepassing verklaard. Voor deze procedure

de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) te worden gevolgd.

dient dan ook vooroverleg te worden gevoerd met diensten van het Rijk, provincie en het waterschap. Deze instanties kunnen aangeven dat in be-

Voor de uitgebreide procedure geldt afdeling 3.4 van de Awb.

paalde gevallen vooroverleg niet noodzakelijk is.

De Wabo geeft hierop enkele aanvullingen. Dit zijn onder andere:

Bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning voor het afwijken van

Aanvraag, ontwerpbesluit en/of het definitieve besluit moeten op grond

het bestemmingsplan moeten burgemeester en wethouders, indien niet is

van zowel de Wabo als het Besluit omgevingsrecht (Bor) in bepaalde

aangegeven dat van vooroverleg kan worden afgezien, daarom overleg

specifieke gevallen aan specifieke personen of instanties worden toe-

plegen met het waterschap, met andere gemeenten wiens belangen bij

gestuurd. Te denken valt aan het orgaan dat de verklaring van geen

het plan betrokken zijn en met de betrokken rijks- en provinciale diensten.

bedenkingen afgeeft, de Inspectie, een ander bestuursorgaan dan het 

aangewezen bevoegd gezag, etc.;

Aangezien er geen Rijksbelangen in het geding zijn kan van vooroverleg

Iedereen kan zienswijzen op het ontwerpbesluit indienen (art. 3.12 lid

met de Rijksoverheid worden afgezien. Van vooroverleg met de provincie

5 Wabo). Een ieder die zienswijzen heeft ingediend kan in beroep

Gelderland kan eveneens worden afgezien aangezien er geen directe pro-

gaan;

vinciale in het geding zijn.

De beslistermijn van zes maanden begint te lopen op de eerstvolgende dag na de ontvangst van de aanvraag (art. 3.12 lid 7 Wabo);

De beslistermijn van zes maanden mag éénmaal verlengd worden,

6.3

Planstukken

met ten hoogste zes weken (art. 3.12 lid 8 Wabo); 

De kennisgeving van het ontwerpbesluit en de mededeling van het de-

Bij de omgevingsvergunning voor het afwijken van het bestemmingsplan

finitieve besluit worden in de Staatscourant geplaatst en toegezonden

behoort deze ruimtelijke onderbouwing. Het besluit tot verlening van een

aan de eigenaar van en eventuele beperkt gerechtigden op de in het

omgevingsvergunning dient beschikbaar te worden gesteld conform de

ontwerpbesluit begrepen gronden, voor zover dat nodig is met het oog

vereisten zoals die zijn vastgelegd voor ‘projectbesluiten’ in IMRO2012 en

op de toepassing van artikel 85 van de onteigeningswet (art. 3.12 lid 2

STRI2012, met het daarbij behorende besluitgebied c.q. de geometrische

Wabo jo. art. 6.14 lid 2 Regeling omgevingsrecht). De mededeling van

plaatsbepaling.

het definitieve besluit wordt tevens langs elektronische weg gedaan en

Ruimtelijke onderbouwing woningbouwontwikkeling Gerbaldusstraat - Schildstraat

32

Bijlage 1 - Verkennend bodemonderzoek

VERKENNEND BODEMONDERZOEK Schildstraat (ong.) te Brunssum 230170.BKK

Colofon

BKK Bodemadvies bv Bezoekadres:

Kruisstraat 6 5768 RW MEIJEL

Postadres:

Postbus 55 5768 ZH MEIJEL

tel: e-mail:

077-4661141 info@bkk-advies.nl

Projectgegevens Rapportnummer: Projectlocatie: Datum rapport:

230170.BKK Brunssum, Schildstraat (ong.) 24-05-2023

Veldwerk conform: Certificaatnummer:

SIKB-protocol 2001 + 2018 EC-SIK-20261

In opdracht van:

HVG Real Estate

Contactpersoon:

t.a.v. de heer W. Kitzmann Looskade 15 6041 LE Roermond

Auteur: Dhr. L.H.M. Hunnekens

Interne controle (projectleider): Ing. M.L.M. Kessels

Kwaliteit en verbetering van product en proces hebben bij BKK Bodemadvies bv een hoge prioriteit. BKK Bodemadvies hanteert daartoe een kwaliteitssysteem volgens de NEN-EN-ISO 9001: 2015, certificaatnummer nr. EC-KWA-00050. Indien u een klacht heeft over de uitvoering van de werkzaamheden binnen de reikwijdte van dit certificatieschema, vernemen wij dat graag zo snel mogelijk van u. Mocht dit niet tot tevredenheid leiden, kunt u zich in tweede instantie wenden tot onze certificerende instelling, Normec Certification b.v. Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of anderszins zonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of BKK Bodemadvies bv.

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

INHOUDSOPGAVE 1. 2.

3.

2.1. 2.2 2.3. 2.4. 2.5. 3.1. 3.2.

4. 4.1. 4.2. 4.3. 5.

6.

5.1. 5.2. 5.3. 6.1. 6.2. 6.3. 6.4. 6.5.

7.

8.

7.1. 7.2. 7.3. 7.4. 8.1. 8.2.

INLEIDING.................................................................................................. 0 NADERE GEGEVENS OMTRENT ONDERZOEKSLOCATIE ..................................... 2 Algemeen ................................................................................................... 2 Vooronderzoek ............................................................................................ 2 Bodemopbouw en geohydrologie.................................................................... 5 Bodemkwaliteitskaart ................................................................................... 7 Conclusies vooronderzoek ............................................................................. 7 ONDERZOEKSOPZET .................................................................................... 8 Hypothese................................................................................................... 8 Strategie van het onderzoek.......................................................................... 8 UITVOERING VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................ 9 Veldwerkzaamheden .................................................................................... 9 Waarnemingen ............................................................................................

9 Bemonstering .............................................................................................10 LABORATORIUMONDERZOEK ....................................................................... 11 Asbest .......................................................................................................11 Funderingslaag ...........................................................................................11 Bodem.......................................................................................................12 ONDERZOEKSRESULTATEN .......................................................................... 13 Toetsingskader voor asbest ..........................................................................13 Toetsing en interpretatie analyseresultaten asbest ..........................................13 Toetsingskader en resultaten funderingsmateriaal ...........................................13 Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit...........................................................14 Toetsing en interpretatie analyseresultaten bodem ..........................................15 INFILTRATIE-ONDERZOEK ...........................................................................

17 Informatie vooraf ........................................................................................17 Lokale bodemopbouw ..................................................................................17 De doorlatendheid (algemeen)......................................................................17 Infiltratiemetingen ......................................................................................19 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN................................................................ 17 Conclusies..................................................................................................20 Aanbevelingen ............................................................................................20

BIJLAGEN Bijlage I Bijlage II Bijlage III Bijlage IV Bijlage V Bijlage VI Bijlage VII Bijlage VIII Bijlage IX

Topografische situering Overzichtstekening Kadastrale gegevens Boorprofielen met beschrijvingen Analysecertificaten Toetsingsoverzichten analyseresultaten Foto’s onderzoekslocatie Infiltratie metingen Verantwoording uitvoering bodemonderzoek

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

1.

INLEIDING

In opdracht van HVG Real Estate BV heeft BKK Bodemadvies bv te Meijel een verkennend bodem- en infiltratie onderzoek uitgevoerd voor de onderzoekslocatie aan de Schildstraat (ong.) te Brunssum. Doel van het onderzoek is vast te stellen of de bodem binnen het perceel verontreinigingen bevat die schadelijk zijn voor de volksgezondheid en/of het milieu in het algemeen en zodoende een belemmering of beperking kunnen vormen voor de toekomstige herontwikkeling. Er wordt een globaal inzicht gegeven in de aard, de omvang en de gehalten, c.q. concentraties van mogelijk verontreinigde stoffen in de bodem. Op grond hiervan kan volgens de Wet bodembescherming een milieukundige beoordeling van eventuele verontreinigingen worden gegeven. Ook kan een uitspraak worden gedaan over de noodzakelijkheid van een aanvullend of een nader onderzoek. Referentiekader Het onderzoek is uitgevoerd volgens de Nederlandse normen "Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek" (NEN 5740/A1) en “Inspectie en monsterneming van asbest in bodem en partijen grond” (NEN 5707+C2). Het veldwerk is uitgevoerd onder de BRL SIKB 2000: “Beoordelingsrichtlijn voor veldwerk bij milieuhygiënisch bodemonderzoek” met toepassing van de protocollen 2001 (plaatsen van boringen) en 2018 (onderzoek naar asbest in bodem). BKK Bodemadvies bv is gecertificeerd voor deze protocollen met het certificaatnummer ECSIK-20261.

Aan de hand van het uitgevoerde vooronderzoek conform de NEN 5725 wordt de hypothese vastgesteld met betrekking tot de te verwachten bodemkwaliteit. Hieruit volgt met behulp van de NEN 5740 de te volgen onderzoeksstrategie. In bijlage IX is de verantwoording uitvoering bodemonderzoek volgens de BRL SIKB 2000 opgenomen, met daarin de namen en parafen van de veldmedewerkers die de kritische functies binnen het veldwerk onafhankelijk hebben uitgevoerd. Eventuele afwijkingen van de beoordelingsrichtlijn zijn in voorliggend rapport vermeld. De opdrachtnemer “BKK Bodemadvies bv” waarborgt dat aan de functionele scheiding, zoals bedoeld in paragraaf 3.2.7 van BRL SIKB 2000 wordt voldaan en dat er geen opdrachten worden uitgevoerd indien de eigenaar van de onderzoekslocatie tot de organisatie van de opdrachtnemer behoort. Afbakening van het onderzoek Hoewel tijdens het onderzoek naar een zo groot mogelijke representativiteit wordt gestreefd, is steeds het risico aanwezig dat eventuele lokale afwijkingen in het bodemmateriaal niet worden gedetecteerd. Het onderzoek is namelijk gebaseerd op een beperkt aantal boringen en een beperkt aantal chemische analyses. Tevens wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Nadien kan mogelijk door externe factoren de bodemkwaliteit veranderen.

Aan het resultaat van het onderzoek kan derhalve geen absolute waarde worden toegekend. Uitgevoerde analyses De chemische analyses zijn conform AS3000 uitgevoerd door een geaccrediteerd laboratorium. De analyseopdrachten worden normaliter binnen de geldende houdbaarheidstermijnen en conserveringstermijnen uitgevoerd.

230170.BKK / LH

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Opbouw van het rapport In het voorliggende rapport wordt verslag gedaan van de uitvoering en beoordeling van de veldwerkzaamheden ten behoeve van het Verkennend bodemonderzoek. In hoofdstuk 2 wordt het vooronderzoek en in hoofdstuk 3 is de onderzoeksopzet weergegeven. In hoofdstuk 4 worden de uitgevoerde veldwerkzaamheden en in hoofdstuk 5 respectievelijk het laboratoriumonderzoek met betrekking tot de bodem weergegeven. In hoofdstuk 6 zijn de onderzoeksresultaten opgenomen. In hoofdstuk 7 worden de infiltratie metingen toegelicht en in hoofdstuk 8 worden de conclusies en de aanbevelingen vermeld.

230170.BKK / LH

1

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

2.

NADERE GEGEVENS OMTRENT ONDERZOEKSLOCATIE

2.1.

Algemeen

Hieronder staan de meest relevante algemene locatiekenmerken vermeld. Voor de regionale situering van de onderzoekslocatie wordt verwezen naar bijlage I en voor de kadastrale gegevens naar bijlage III. Kadastraal object Locatieadres: Oppervlakte: Kadastrale gegevens: Omschrijving object: Coördinaten:

Schildstraat (ong.) te Brunssum 4.176 m² gemeente Brunssum, sectie C, nrs. 6127, 6407, 6408, 6126, 5208, 6656, 6657, 6658, 6659, 5861, 5863 en 6611 [ged] Parkeerplaats, bebouwing en groen X = 194.601 tot X = 327.592

Eigendomssituatie Eigenaar: Adres: Postcode en woonplaats:

HVG Real Estate VI B.V. Looskade 15 6041 LE Roermond

2.2

Vooronderzoek

Van de onderzoekslocatie en de directe omgeving zijn gegevens verzameld die van belang zijn voor het vooronderzoek en voor het bepalen van de onderzoeksstrategie. De informatie in het vooronderzoek over de onderzoekslocatie zijn onder andere verkregen uit de volgende bronnen: Kadaster:

- Kadastertekening; - Kadastrale berichten;

DINO loket TNO-NITG:

- Geohydrologie onderzoekslocatie;

Bodembeheer nota:

- gemeente Brunssum; - bodemloket.nl;

Gemeente Brunssum:

- Gemeentelijk archief;

Overig:

- archief BKK Bodemadvies bv; - www.topotijdreis.nl; - www.wikipedia.org; - www.satelietdataportaal.nl.

230170.BKK / LH

2

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

2.2.1. Bestemmingsplan Voor het plangebied waarin de onderzoekslocatie ligt, vigeert het bestemmingsplan ‘Woongebied 2e herziening’ van de gemeente Brunssum. Dit bestemmingsplan is vastgesteld op 11 december 2018. Voor de locatie geldt een dubbelbesteming wonen, verkeer, garagebox, groen en/of parkeerterrein. In figuur 1 is een uitsnede van het bestemmingsplan met de onderzoekslocatie weergegeven.

Figuur 1: Uitsnede bestemmingsplan

2.2.2. Ligging onderzoekslocatie en omgeving De onderzoekslocatie ligt in het zuidelijke deel van Brunssum. Het terrein is gedeeltelijk afgesloten in verband met de aanwezige garageboxen. Het terrein is verhard met klinkers, tegels en gedeeltelijk onverhard. De te onderzoeken locatie grenst aan de Schildstraat en aan de Gerbaldusstraat. 2.2.3. Luchtfoto Onderstaand is een luchtfoto weergegeven met daarop de onderzoekslocatie en de directe omgeving.

Figuur 2: Luchtfoto (bron: Google Earth).

230170.BKK / LH

3

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

2.2.4. Terreininspectie In bijlage VII zijn enkele foto’s van de onderzoekslocatie opgenomen, welke gemaakt zijn tijdens de terreininspectie op 19 april 2023. In bijlage II is een overzichtstekening van de onderzoekslocatie opgenomen. Ten tijde van de terreininspectie (voorafgaand aan de veldwerkzaamheden) zijn de volgende waarnemingen gedaan: De onderzoekslocatie bestaat gedeeltelijk uit verhard gebied met klinkers of tegels. Aan de oostzijde van het onderzoeksgebied is de te onderzoeken locatie begroeid met gras. Tussen het grasveld en de verharding staan enkele bomen en struiken. De onderzoekslocatie wordt grotendeels gebruikt als opslag(garageboxen)- en parkeerplaats welke bereikbaar zijn vanuit de Gerbaldusstraat en de Schildstraat. Ten tijden van de terreininspectie zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. 2.2.5. Historie onderzoekslocatie en omgeving Onderstaand is een selectie met een aantal historische kaarten weergegeven. De onderzoekslocatie bevindt zich binnen de rode cirkel.

Figuur 3a: 1950

Figuur 3b: 1978

Figuur 3c: 1988

Figuur 3d: 2022

230170.BKK / LH

4

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Op de kaart van 1950 is de aangrenzende bebouwing zichtbaar aan de Schildstraat. Hier is tot ca. 1988 aan de noordzijde geen bebouwing zichtbaar. In de periode van 1979 is de woonwijk ten noorden gerealiseerd en vanaf 1988 zijn de garageboxen en de huidige bebouwing zichtbaar. Op figuur 3d is de huidige situatie zichtbaar. 2.2.6. Hinder- en milieuvergunningen en bouw- en sloopvergunningen Binnen het gemeentelijk archief zijn geen bodem specifieke milieugegevens bekend van de onderzoekslocatie. 2.2.7. Boven- en ondergrondse tanks Volgens de gemeente Brunssum zijn er binnen de onderzoekslocatie in het verleden geen tanks aanwezig zijn geweest. 2.2.8. Ophogingen(puin)/dempingen, stortingen/calamiteiten Er zijn geen gegevens bekend over ophogingen / dempingen en/of stortingen / calamiteiten ter plaatse van de onderzoekslocatie in het gemeentelijke archief. 2.2.9. Eerder verrichtte bodemonderzoeken Bij de gemeente Brunssum zijn geen digitale bodemarchieven beschikbaar gesteld. Van de onderzoekslocatie zijn geen nadere bodemgegevens bekend. 2.3.

Bodemopbouw en geohydrologie

Enig inzicht omtrent de bodemsoort en –opbouw is van belang bij het beoordelen van de aangetoonde stoffen in relatie tot het natuurlijk voorkomen ter plaatse en de mogelijkheid van het doordringen van de aangetoonde stoffen in diepere lagen. De geohydrologische situatie bepaalt in hoge mate de verspreidingskansen van de aangetoonde stoffen naar de omgeving en is, samen met de aard van de bodem en de mobiliteit van de aangetoonde stoffen, belangrijk bij het verkrijgen van een indruk van de omvang van het beïnvloedingsgebied van mogelijke verontreinigingen. De gegevens uit dit hoofdstuk zijn ontleend aan de bodemkaart van Nederland, (Dienst Grondwaterverkenning TNO, november 1983) en https://www.broloket.nl/ondergrondmodellen: De onderzoekslocatie ligt geologisch gezien (Tektonische kaart) op de Feldbissbreuk. De breuken zijn noordwest gericht. Zie de tektonische kaart van Nederland op de volgende pagina.

230170.BKK / LH

5

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Figuur 4: Bodemkaart van een gedeelte van Zuid-Nederland

Volgens een boring (B60D0294) nabij de onderzoekslocatie heeft de deklaag in de omgeving van het onderzoeksterrein een dikte van circa 24 meter en bestaat uit een fijne zandafzetting en daaronder wordt bruinkool aangetroffen. De maaiveldhoogte van de boring is ± 94 meter +NAP. Zie figuur 5 voor een geologisch profiel.

Figuur 5: Geologisch profiel

Grondwaterstroming Uit de isohypsenkaarten van het betreffende gebied (grondwatertools.nl, Dinoloket TNO) valt af te leiden dat het grondwater in het eerste watervoerende pakket als freatisch mag worden beschouwd. De stijghoogte van het freatisch grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie bedraagt circa NAP + 95 meter. Het maaiveld ligt op circa NAP + 100 meter, zodat de grondwaterspiegel zich ongeveer op een diepte van circa 5 m-mv bevindt. De regionale grondwaterstroming van het freatisch grondwater stroomt in zuidwestelijke richting.

230170.BKK / LH

6

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Figuur 6: Isohypsenpatroon ter plaatse van de onderzoekslocatie. Grondwater is op ca 95 m + NAP aanwezig en stroomt in zuidwestelijke richting.

2.4.

Bodemkwaliteitskaart

Voor de gemeente Brunssum is een Notitie ‘Actualisatie Bodemkwaliteitskaart gemeente Brunssum en Landgraaf’ opgesteld. De doelstelling van de bodemkwaliteitskaart is om op een eenvoudige en eenduidige wijze invulling te geven aan het gemeentelijke bodembeleid, waarin de bodemdoelstellingen binnen de Wet ruimtelijke ordening (Wro), de Woningwet (Ww), de Wet bodembescherming (Wbb) en het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) gelijk zijn. Volgens de ontgravingskaart is de onderzoekslocatie gelegen in het deelgebied “Mijnsteen Brunssum”. Hiervoor geldt de ontgravingsklasse “Industrie” voor de boven- en ondergrond. De onderzoekslocatie voldoet op basis van de bodemkwaliteitskaart aan de bodemkwaliteitsklasse Wonen. Volgens de PFAS Bodemkwaliteitskaart Regio Parkstad voldoet de boven- en ondergrond binnen de onderzoekslocatie aan de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/Natuur. 2.5.

Conclusies vooronderzoek

Uit het vooronderzoek wordt geconcludeerd dat: - de onderzoekslocatie is sinds 1988 bebouwd met opslag/garageboxen; - binnen de onderzoekslocatie geen (bedrijfs-)activiteiten hebben plaatsgevonden die de bodem nadelig zouden hebben kunnen beïnvloeden; - er geen informatie m.b.t. eerder verrichte bodemonderzoeken binnen de onderzoekslocatie en directe omgeving bekend zijn; - de onderzoekslocatie binnen het bestemmingsplan “Woongebied 2e herziening″ valt en hiermee de bodemfunctie Wonen heeft; - binnen de onderzoekslocatie het freatisch grondwater binnen 5 m-mv is te verwachten; - het te onderzoeken terrein grotendeels verhard is doormiddel van elementenverharding; - de terreininspectie van het maaiveld ter plaatsen van de verharding zal niet kunnen plaatsvinden, dit leid tot een (asbest)verdachte locatie; - Er binnen het onverharde gedeelte geen waarnemingen zijn gedaan tijdens de maaiveldinspectie die leiden tot een (asbest)verdachte locatie.

230170.BKK / LH

7

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

3.

ONDERZOEKSOPZET

3.1.

Hypothese

Voor het opstellen van de onderzoeksstrategie is uitgegaan van de resultaten uit het vooronderzoek, waarbij is vastgesteld dat er geen bodembedreigende (bedrijfs-)activiteiten binnen de huidige onderzoekslocatie hebben plaatsgevonden. Ondanks dat er geen asbestverdacht materiaal is aangetroffen wordt er voor de strategie uitgegaan dat er mogelijk funderingsmateriaal aanwezig is onder de elementenverharding. De onderzoekslocatie wordt dat ook als verdacht (VED) beschouwd. Ook voor asbest wordt de onderzoekslocatie als verdacht beschouwd. 3.2.

Strategie van het onderzoek

Naar aanleiding van de tot nu toe verkregen en verzamelde informatie is de onderzoekstrategie voor het verkennend bodemonderzoek opgesteld. Het aantal te verrichtte boringen en analyses is gerelateerd aan de oppervlakte van de te onderzoeken locatie. De boringen / proefgaten worden gelijkmatig verdeeld en gecombineerd uitgevoerd. Het asbestonderzoek in bodem maakt standaard deel uit van het bodemonderzoek en vindt plaats conform NEN 5707+C2 (december 2017) door een voor protocol 2018 gecertificeerde en erkende medewerker van BKK Bodemadvies bv. Mocht de gecertificeerde monsternemer zintuiglijk asbestverdacht materiaal aantreffen, dan worden die monsters in een apart (verzamel)monster geanalyseerd. Mocht er in proefgaten bodemvreemd materiaal (puin) worden aangetroffen, dan zal de bemonstering conform NEN 5707+C2 worden uitgevoerd. Bij meer dan 50 % bodemvreemd materiaal wordt de bemonstering conform NEN 5897+C2 uitgevoerd. In tabel 1 is de onderzoeksstrategie weergegeven. Tabel 1: Onderzoeksstrategie. Inspectiegat / boring a) Locatie (oppervlakte) Onderzoeksterrein excl. bebouwing (2.702 m2) (boring 01 t/m 14) a) b) c) d) e)

0,3*0,3*0,5 / 0,5 m-mv

Chemisch onderzoek b+c) Ondergrond Doorzetten tot 1 m-mv

Doorzetten tot 2 m-mv

Peilbuis

Grond en grondwater (NEN 5740 / 5707) 3 x NEN 5740 grond 3 x asbest NEN 5707 d) 1 x NEN 5740 Grondwater e)

11

2

1

2 x NEN 5740 grond

11 / 3

Conform NEN 5707 worden de boringen voor wat de bovengrond betreft, vergroot tot een proefgat van 0,3m*0,3m*0,5m voor het onderzoek asbest in bodem. Analyses worden uitgevoerd door een door de Raad van Accreditatie geaccrediteerd laboratoriu m. Tevens zullen de monsters conform AS 3000 worden voorbewerkt. Indien tijdens de monstername significante zintuiglijke verontreinigingen worden aangetroffen, dan dienen deze grondmonsters separaat geanalyseerd te worden. Voor een verdachte locatie zijn in de NEN 5707+C2 (december 2017) asbestanalyses voorgeschreven. Indien blijkt dat er binnen 5 m-mv geen grondwater wordt aangetroffen dan komt het grondwateronderzoek te vervallen.

230170.BKK / LH

8

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

4.

UITVOERING VELDWERKZAAMHEDEN

De veldwerkzaamheden zijn op 19 en 26 april 2023 uitgevoerd door BKK Bodemadvies bv. De verantwoordelijke veldmedewerker, de heer R. Hurkmans, is in dit kader geregistreerd bij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (Bodem+) onder certificaat EC-SIK-20261 en verantwoordelijk voor het uitgevoerde veldwerk. 4.1.

Veldwerkzaamheden

Conform de in tabel 1 vermelde onderzoeksstrategie zijn de boringen 01 t/m 14 met behulp van een edelmanboor en/of schop verricht tot een diepte van 1,0 m-mv. De boringen 01 t/m 11 zijn gecombineerd met proefgaten. De boringen 01 t/m 03 zijn doorgezet tot een diepte van 2,0 m-mv waarvan boring 01 is doorgezet tot een diepte van 5 m-mv waarbij geen grondwater is aangetroffen. Ter plaatse van boring 12, 13 en 14 is de bodem geïnfiltreerd op 190-200 cm-mv t.b.v. het infiltratie onderzoek. De locaties van de boringen, proefgaten en infiltraties zijn weergegeven op de tekening in bijlage II. 4.2.

Waarnemingen

Asbest Een maaiveldinspectie, als is voorgeschreven in het protocol 2018, waarbij het maaiveld in banen van ongeveer 1,5 meter breed op de aanwezigheid van asbest is gecontroleerd, heeft plaatsgevonden over het te onderzoeken (onverhard) terrein. Hierbij zijn geen asbestverdachte materialen op het maaiveld aangetroffen. Bij de uitvoering van de proefgaten zijn eveneens geen asbestverdachte (plaat)materialen in het opgeboorde materiaal (grove fractie, > 20 mm) aangetroffen. Bodem en/of fundering Tijdens het veldonderzoek is van iedere boring een profielbeschrijving gemaakt en zijn eventuele zintuiglijk waargenomen bodemvreemde kenmerken genoteerd (zie de boorbeschrijvingen in bijlage IV). De bodemopbouw is globaal als volgt: Verhard terrein 0,0-0,5 m-mv: 0,5-2,0 m-mv: 2,0-4,5 m-mv:

matig fijn, matig siltig en matig grindig zand; sterk zandig leem; matig fijn, matig siltig en matig grindig zand.

Onverhard terrein: 0,0-0,5 m-mv: sterk zandig, zwak humeus leem; 0,5-2,0 m-mv: sterk zandig leem. In de uitkomende grond van de boringen zijn bodemvreemde bijmengingen aangetroffen, welke in tabel 2 nader zijn gespecificeerd. Tabel 2: Bodemvreemde bijmengingen. Boring Diepte boring Traject (m -mv) (m -mv)

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

02

1,00

0,15 - 0,60

-

Uiterst puingranulaat

03

1,00

0,15 - 0,50

-

Uiterst puingranulaat

04

1,00

0,15 - 0,45

-

Uiterst puingranulaat

05

1,00

0,20 - 0,40

-

Uiterst puingranulaat

06

1,00

0,15 - 0,40

-

Uiterst puingranulaat

07

1,00

0,15 - 0,35

-

Uiterst puingranulaat

230170.BKK / LH

9

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Vervolg tabel 2: Bodemvreemde bijmengingen. Boring Diepte boring Traject (m-mv) (m-mv)

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

08

1,20

0,35 – 0,70

-

Uiterst puingranulaat

14

5,00

0,20 - 0,45

-

Uiterst puingranulaat

4.3.

Op basis van de visuele waarnemingen is hier geen sprake van bodemmateriaal. Bemonstering

Asbest Van het uitkomend puingranulaat in de bovengrond van de proefgaten zijn drie mengmonsters (AMM01 t/m AMM03) van de gezeefde fractie < 20 mm samengesteld conform NEN 5897+C2 (puin) voor een analyse op asbest. Conform deze norm is van de fijne fractie (< 20 mm) een mengmonster samengesteld van ruim 31 kg gewicht. In het laboratorium wordt een drooggewicht (minimaal 25,0 kg) bepaald, welke kan afwijken van het gewicht in het veld gemeten. Zie § 5.1. voor details van de monstername voor asbest in puin. Van de uitkomende bovengrond van de proefgaten, waarbij geen bodemvreemde puinbijmengingen zijn aangetroffen, zijn geen mengmonsters van de gezeefde fractie uit (0-50 cmmv) samengesteld voor het analytisch onderzoek op asbest. Funderingsmateriaal / grond In trajecten van maximaal 0,5 meter zijn grondmonsters samengesteld. De monsters zijn na monstername gekoeld bewaard in potten/emmers en voor analytisch onderzoek aangeboden aan een geaccrediteerd (conform EN-ISO 17025) laboratorium.

230170.BKK / LH

10

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

5.

LABORATORIUMONDERZOEK

5.1.

Asbest

In het kader van het asbestonderzoek zijn 3 grondmengmonster (ASB 01 t/m ASB 03) volgens de NEN 5897+C2 samengesteld van de bovengrond. De samenstelling van de mengmonsters zijn weergegeven in tabel 3. Tabel 3: Samenstelling analysemonster asbestonderzoek. Analysemonster (samengesteld volgens)

Mengmonster: Proefgat(en)

ASB 01 (NEN 5897)

Bijmengingen

Traject (m-mv)

AMM01: 04, 05 en 06

Uiterst puingranulaat

0,15 - 0,45

ASB 02 (NEN 5897)

AMM02: 02 en 03

Uiterst puingranulaat

0,15 - 0,60

ASB 03 (NEN 5897)

AMM03: 07, 08 en 14

Uiterst puingranulaat

0,08 - 0,50

Toelichting bij de tabel: ASB mengmonster asbestverdacht materiaal (puin of grond) AMM Asbestmengmonster NEN 5707 < 50 % bodemvreemd materiaal, monstergewicht minimaal 12,5 kg NEN 5897 > 50 % bodemvreemd materiaal, monstergewicht minimaal 25 kg

De analysemonsters zijn in het laboratorium gedroogd en gezeefd volgens NEN 5898 (Q). Vervolgens zijn de asbestanalyses met de polarisatiemicroscoop conform NEN 5896 (Q) uitgevoerd door Eurofins Omegam BV. 5.2.

Funderingslaag

De funderingslaag onder de elementenverharding betreft een uiterst puingranulaat houdende laag welke volgens de Wet bodembescherming niet meer als bodem worden beschouwd. Er is hier sprake van meer dan 50 % bodemvreemd materiaal. Van de funderingslaag is het mengmonster “Fund 01” samengesteld teneinde de kwaliteit indicatief vast te kunnen stellen. In tabel 4 is de samenstelling van het mengmonster weergegeven. De samenstelling heeft conform de richtlijnen van de NEN 5740 in het laboratorium plaatsgevonden. Tabel 4: Samenstelling mengmonsters funderingslaag. Mengmonster

Boring en bodemtraject in cm-mv

Zintuiglijke waarnemingen

Analysepakket *

Fund 01

02 (15-60) 04 (15-45) 06 (15-40) 08 (35-70) 14 (20-45)

Uiterst puingranulaat

Beperkt bouwstoffenpakket

*

Beperkt bouwstoffenpakket: Samenstelling PAK, PCB en minerale olie, schudtest L/S=10 cf. NEN-EN 12457 of gelijkwaardig, eluaatanalyses 4 anionen en 15 metalen, inclusief voorbehandeling.

230170.BKK / LH

11

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

5.3.

Bodem

Voor de beoordeling van de kwaliteit van de boven- en ondergrond zijn 4 grondmengmonsters samengesteld. De mengmonsters zijn samengesteld aan de hand van vergelijkbare bodemsamenstelling en eventueel aanwezige bodemvreemde bijmengingen. In tabel 5 is de samenstelling van de mengmonsters weergegeven. De samenstelling heeft conform de richtlijnen van de NEN 5740/A1 in het laboratorium plaatsgevonden. Tabel 5: Samenstelling grond(meng)monsters. Mengmonster (materiaal, bijmengingen) Boring en bodemtraject in cm-mv

Analysepakket

01 (zand, visueel schoon)

01 (8-50) 05 (8-20) 08 (8-35) 13 (4-50) 14 (8-20) 09 (0-50) 10 (0-50) 11 (0-50) 12 (0-50)

standaardpakket grond (H/L)

01 (70-100) 03 (60-100) 04 (60-100) 08 (70-90) 14 (150-200) 05 (50-100) 09 (50-100) 10 (50-100) 11 (50-100) 12 (150-200)

standaardpakket grond (H/L)

02 (leem, visueel schoon) 03 (leem, visueel schoon) 04 (leem, visueel schoon)

standaardpakket grond (H/L)

standaardpakket grond (H/L)

De grondmengmonsters 01 t/m 04 zijn geanalyseerd op het standaardpakket grond. Dit pakket bestaat uit de volgende parameters: • • • • •

Droge stofgehalte, lutum, organische stof; Zware metalen: cadmium, barium, koper, lood, zink, nikkel, kobalt, molybdeen en kwik; Polycyclische k aromatische koolwaterstoffen (PAK); Polychloorbifenylen (PCB); Minerale olie (GC).

230170.BKK / LH

12

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

6.

ONDERZOEKSRESULTATEN

6.1.

Toetsingskader voor asbest

Voor de toetswaarden van asbest geeft noch de Circulaire bodemsanering, noch de Regeling bodemkwaliteit een achtergrondwaarde voor asbest. Beide documenten geven alleen een maximale waarde. De interventiewaarde uit de circulaire voor asbest in de bodem bedraagt 100 mg/kgds gewogen asbest. Dit houdt in dat de concentratie van asbest wordt berekend als de totale concentratie aan serpentijn asbest (chrysotiel, of witte asbest) vermeerderd met tienmaal de amfibool asbesten (b.v. crocidoliet, amosiet, anthophyliet, actinoliet en tremoliet). De Circulaire bodemsanering 2009 (vigerend) geeft in bijlage 3 (saneringscriterium, protocol asbest) uitdrukkelijk aan, dat indien de gewogen asbestconcentratie meer dan 100 mg/kgds bedraagt er sprake is van een geval van ernstige bodemverontreiniging. Hiervoor geldt geen volumecriterium. Indien de concentratie asbest meer dan 100 mg/kgds bedraagt dient een risicobeoordeling te worden uitgevoerd om te bepalen of er onaanvaardbare risico’s zijn. Bij lagere concentraties mag niet van een verontreiniging met asbest worden gesproken. In de Regeling bodemkwaliteit is in bijlage B aangegeven dat de maximale waarde voor de bodemfunctieklasse Wonen en Industrie 100 mg/kgds gewogen asbest bedraagt. Voor bouwstoffen is de maximale samenstellingswaarde van asbest (Msw) in puin eveneens 100 mg/kgds. 6.2.

Toetsing en interpretatie analyseresultaten asbest

In tabel 6 is een overzicht van de toetsingsresultaten van de (meng)monsters voor de weergegeven. In bijlage V zijn de analyserapporten opgenomen. Tabel 6: Resultaten asbest (gehalten in mg/kgds). Deellocatie Mengmonster Proefgat(en) Van (m-mv) - tot (m-mv)

ASB 01 (puin) 04, 05 en 06 0,15-0,45

ASB 02 (puin) 02 en 03 0,15-0,60

ASB 03 (puin) 07, 08 en 14 0,08-0,50

Totaal serpentijnasbest Totaal aan amfiboolasbest

<0,9 0

<0,4 0

<0,9 0

Totaal gewogen asbest concentratie

<0,9#

<0,4#

<0,9#

# Rapportage bepalingsgrens (detectielimiet in lab)

In analysemonsters ASB 01 t/m ASB 03 is (analytisch) geen asbest aangetoond. In de grove fractie is tevens geen asbestverdacht plaatmateriaal aangetroffen. 6.3.

Toetsingskader en resultaten funderingsmateriaal

Conform de Regeling bodemkwaliteit dienen de analyseresultaten van het mengmonster “niet zijnde bodem” te worden getoetst aan de vermelde maximale samenstellingswaarden (Msw) en maximale emissiewaarden voor bouwstoffen. In geval dat de maximale samenstellingswaarden of emissiewaarden voor bouwstoffen wordt overschreden, is het materiaal indicatief niet geschikt voor hergebruik.

230170.BKK / LH

13

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

In tabel 7 is een overzicht van het toetsingsresultaat van de organische stoffen voor de funderingslaag weergegeven. Tabel 7: Toetsingsresultaat organische parameters (mg/kgds) in funderingsmateriaal. AnalyseMaximale waarden Monster-code parameters voor bouwstoffen Fund 01 Toetsing PAK 10 VROM 50 15 -PCB (som 7) 0,5 0,018 -Minerale olie 500 66 -Toelichting bij de tabel: Monsterspecificaties Fund 01: 02 (15-60) 04 (15-45) 06 (15-40) 08 (35-70) 14 (20-45) (cm-mv): -- = het gehalte is kleiner dan de maximale waarde voor bouwstoffen ++ = het gehalte ‘vet gedrukt’ is groter dan de maximale waarde voor bouwstoffen

In de funderingslaag van Fund 01 zijn, met betrekking tot de organische parameters, geen overschrijdingen van de maximale samenstellingswaarde aangetoond. Uit de resultaten van de uitloogtesten op de Fund 01 blijkt dat voor geen van de gemeten parameters de maximale emissiewaarde overschreden wordt. Op basis van deze resultaten voldoet de funderingslaag indicatief aan de eisen voor een Niet-vormgegeven bouwstof. Het analyserapport is opgenomen in bijlage V. De toetsingen zijn opgenomen in bijlage VI. 6.4.

Toetsingskader Besluit bodemkwaliteit

Het Besluit bodemkwaliteit (Bbk) en de Regeling bodemkwaliteit (Rbk) regelen het bodembeheer. Hieronder vallen de Kwaliteitsborging bodembeheer (Kwalibo), het keuren en toepassen van bouwstoffen, grond en baggerspecie en het vaststellen van de bodemkwaliteit in relatie tot het bodemgebruik. Met betrekking tot de laatstgenoemde zijn bodemkwaliteitskaarten en bodemfunctieklassenkaart opgesteld. Bij de bodemkwaliteit zijn zowel land- als waterbodems betrokken. In de Rbk wordt onderscheid gemaakt tussen normstelling in het Generieke (landelijke) kader en het Gebiedsspecifieke (lokale) kader. Afhankelijk van het bodemgebruik zijn Maximale Waarden vastgesteld, waaraan de bodemkwaliteit moet voldoen om geschikt te zijn voor de (beoogde) bodemgebruiksfunctie. In deze rapportage wordt standaard getoetst aan de normen in het Generieke kader. Indien de lokale overheid beschikt over een geldige bodemkwaliteitskaart en gebiedspecifiek beleid (zie hiervoor de Nota Bodembeheer van de betreffende overheid) dan kan aanvullend getoetst worden aan de normen in het Gebiedsspecifieke kader.

In beide kaders worden de volgende normwaarden gebruikt, die afhankelijk van het kader verschillende waarden kunnen hebben: • Achtergrondwaarden (AW): Bij regeling van Onze Ministers vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit, waarvoor geldt dat er wettelijk geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen (art. 1 Bbk). • Maximale Waarden wonen (WON): De Maximale Waarden (concentraties) wonen geven de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem op lange termijn geschikt te houden voor de functie wonen. • Maximale Waarden industrie (IND): De Maximale Waarden (concentraties) industrie geven de bovengrens aan van de kwaliteit die nodig is om de bodem op lange termijn geschikt te houden voor de functie industrie.

230170.BKK / LH

14

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

6.5.

Toetsing en interpretatie analyseresultaten bodem

Berekende toetsingswaarden De gestandaardiseerde meetwaarden zijn getoetst aan de normwaarden. In tabel 8 zijn de normwaarden voor standaard bodem opgenomen. Daarnaast worden in het kader van hergebruik van grond en bouwstoffen de analyseresultaten indicatief getoetst conform de toetsingsmethode beschreven in de Regeling bodemkwaliteit (Rbk) aan de maximale waarden wonen (WON) en industrie (IND). Tabel 8: Toetsingsnormen voor standaard bodem (mg/kgds) Wbb en Rbk. AW I METALEN Arseen [As] 20 27 Cadmium [Cd] 0,6 13 Kobalt [Co] 15 190 Koper [Cu] 40 190 Kwik [Hg] 0,15 36 Lood [Pb] 50 530 Molybdeen [Mo] 1,5 190 Nikkel [Ni] 35 100 Zink [Zn] 140 720

WON

IND

76 1,2 35 54 0,83 210 88 39 200

76 4,3 190 190 4,8 530 190 100 720

PAK PAK 10 VROM

1,5

40

6,8

40

GECHLOREERDE KOOLWATERSTOFFEN PCB (som 7)

0,02

1

0,04

0,5

OVERIGE (ORGANISCHE) VERBINDINGEN Minerale olie C10 - C40

190

5000

190

500

Toelichting: De toetsingsnormen zoals vermeld in de Wet Bodembescherming worden gecorrigeerd voor de geldende lutum- en humuswaarden. In tabel 16 worden de normen gegeven bij de lutum- en humuswaarden 25% en 10%. AW = Achtergrondwaarde zoals vermeld in het Besluit Bodemkwaliteit I = Interventiewaarde zoals vermeld in de Wet Bodembescherming WON = Maximale waarde Wonen IND = Maximale waarde Industrie

Toetsing resultaten In tabel 9 is een overzicht opgenomen van de toetsresultaten met de in onderzoek genomen grond(meng)monsters. In bijlage IV is het analysecertificaat, en in bijlage V is het toetsingsoverzicht Wet bodembescherming en Regeling bodemkwaliteit, opgenomen. Tabel 9: Toetsresultaten bodem met beoordeling conform de Wbb en Rbk. Analysemonster Boring + traject (cm-mv) > AW, (visueel) 01 (zand, visueel schoon) 01 (8-50) 05 (8-20) 08 (8-35) 13 (4-50) 14 (8-20) 02 (leem, visueel schoon) 09 (0-50) 10 (0-50) 11 (0-50) Zink 12 (0-50) Cadmium Lood PAK 03 (leem, visueel schoon) 01 (70-100) 03 (60-100) 04 (60-100) 08 (70-90) 14 (150-200) 04 (leem, visueel schoon) 05 (50-100) 09 (50-100) PAK 10 (50-100) 11 (50-100) 12 (150-200)

230170.BKK / LH

(Index)

(0,07) (-) (0,01) (0,09)

(-)

> I,

(Index) -

Toets Rbk AW

-

WON

-

AW

-

AW 1)

15

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Toelichting bij de tabel: = geen verhoogde gehalten t.o.v. van de toetsnormen I = Interventiewaarde zoals vermeld in de Wet Bodembescherming Index = (GSSD – AW) / (I – AW), (1,29) = indien index > 0,5, deze waarde geeft aanleiding voor de uitvoering van een nader bodemonderzoek AW = achtergrondwaarde / altijd toepasbaar, zoals vermeld inde Regeling bodemkwaliteit WON = Maximale waarde wonen IND = Maximale waarde industrie NT = Niet toepasbaar, vanwege een interventiewaarde overschrijding 1) = Ondanks dat er overschrijdingen zijn van de achtergrondwaarden voor PAK geeft de indicatieve toetsing volgens de Regeling bodemkwaliteit (Rbk) aan dat er sprake is van de kwaliteitsklasse Achtergrondwaarde. Om te voorkomen dat partijen grond ten onrechte worden gekarakteriseerd als grond die niet voldoet aan de Achtergrondwaarde is een uitzonderingsregel van toepassing (zijnde N,T-toetsingsregel). Deze is opgenomen in het Rbk en is als volgt omschreven: Toetsingsregel achtergrondwaarde (bij 7 t/m 15 parameters): Maximaal 2 parameters mogen hoger zijn dan AW, mits niet hoger dan 2x AW en niet hoger dan maximale waarde voor bodemfunctie wonen (nikkel: afwijkende toetsingsregel). In dat geval voldoet de grond aan klasse achtergrondwaarde.

Interpretatie resultaten Boven- en ondergrond In de visueel schone bovengrond van analysemonster 02 zijn lichte verontreinigingen met zink, cadmium, lood en PAK aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is hier sprake van de klasse Wonen. In de visueel schone boven- en ondergrond (analysemonster 01 en 03) zijn geen verontreinigingen aangetoond. Volgens de Regeling bodemkwaliteit wordt indicatief voldaan aan de klasse Achtergrondwaarde. In de visueel schone ondergrond van analysemonster 04 is een lichte verontreiniging met PAK aangetoond. Indicatief getoetst aan de Regeling bodemkwaliteit is hier sprake van de klasse Achtergrondwaarde.

230170.BKK / LH

16

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

7.

INFILTRATIE-ONDERZOEK

7.1.

Informatie vooraf

Voor de realisatie van een infiltratievoorziening dient de waterdoorlatendheid van de bodem ter plaatse van de onderzoekslocatie te worden bepaald. Bij de vraagstelling is aangegeven dat de waterdoorlatendheid (= k-waarde, horizontaal) binnen de onderzoekslocatie op een aantal locaties dient te worden bepaald, waarbij de diepte wordt afgestemd op de toekomstige infiltratievoorziening. Voor het bepalen van de waterdoorlatendheid in het veld wordt gebruik gemaakt van de Constant head-methode. De metingen worden uitgevoerd volgens de nieuwe leidraad van Rioned, met behulp van de Aardvark permeameter. Voor de keuze van het infiltratietraject dient het bodemprofiel in principe geschikt te zijn, waarbij er geen sprake is van visueel sterk verontreinigde bodemlagen. Daarnaast wordt als regel aangehouden dat een infiltratievoorziening wordt aangelegd in de bodemlaag die zich minimaal 0,5 meter boven de grondwaterspiegel bevindt, rekening houdend met de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG). De grondwaterstand bevindt zich dieper dan 5 m-mv. De infiltraties zijn uitgevoerd op een diepte van 2 m-mv, de infiltratievoorziening zal derhalve geen nadelige gevolgen ervaren van de aanwezige grondwaterstand. 7.2.

Lokale bodemopbouw

In het kader van het verkennend bodemonderzoek zijn binnen onderzoekslocatie de boringen 12, 13 en 14 verricht tot een diepte van 2,0 of 5,0 m-mv. Uit het boorprofiel van deze boringen wordt afgeleid dat het infiltratietraject bestaat uit sterk tot matig zandig leem De locaties van de infiltratieboringen zijn opgenomen in de overzichtstekening in bijlage II. 7.3.

De doorlatendheid (algemeen)

De waterdoorlatendheid is onder andere afhankelijk van de bodemgesteldheid (het bodemtype, en aanwezigheid en de hoeveelheid van holten, scheuren en/of gangen in de grond) van de locatie. Tevens is het niveau van het grondwater van belang. Uit de literatuur blijkt dat er verschillende methodieken en diverse interpretatiemogelijkheden zijn om de doorlatendheid van een bodem te bepalen. Voor het bepalen van de waterdoorlatendheid in het veld wordt gebruik gemaakt van de Constant head-methode. De doorlatendheid van de bodem wordt berekend met de Glover-formule: Kverz = A * Q Kverz : verzadigde doorlatendheid (meter/dag); Q : stromingsdebiet van het water in evenwichtssituatie (m3/dag); A : geometrische coëfficiënt. De waarde A is te berekenen door: A = {sinh-1 (H/r)-[(r/H) 2 +1]1/2 + r/H} / (2πH2) H r sinh-1

: hoogte waterkolom (m) : straal van het boorgat (m); : omgekeerde hyperbolische sinusfunctie.

230170.BKK / LH

17

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Constant head De Constant head kan worden toegepast voor het bepalen van de doorlatendheid in de grond van boven de grondwaterstand (onverzadigde zone). De waterdoorlatendheid (Kverz) is een indicator van de stroomsnelheid van het water in de bodem. De meting wordt uitgevoerd met behulp van de Aardvark permeameter. Voor deze bepaling wordt een boorgat met een diameter van 10 cm gemaakt tot de gewenste einddiepte waarin de Aardvark drukregelaar wordt geplaatst. Bij subtiele watertoevoeging is bij proeven boven de grondwaterstand een filter niet nodig. De Constant head methode houdt in “het constant verhogen” van de grondwaterspiegel totdat de bodem rondom de Aardvark drukregelaar is verzadigd. Dit betekent dat de diepte van het water in boorgat tijdens de meetperiode niet verandert. Als resultaat blijven de meetomstandigheden constant tijdens de meetperiode. Het debiet van watertoevoer komt overeen met de hoeveelheid water dat in de bodem infiltreert in de verzadigde zone rondom de Aardvark drukregelaar. De volgende parameters / variabelen dienen vooraf of tijdens de infiltratiemetingen te worden gemeten: Diameter boorgat, watertemperatuur, boordiepte en waterhoogte in boorgat. In de figuur hieronder is het principe van de Aardvark permeameter uitgebeeld.

……. cm

Diameter boorgat

……. º C

Watertemperatuur

……. cm

Boordiepte

……. cm

Waterhoogte in boorgat

De Aardvark Permeameter meet de waterdoorlatendheid van de bodem met behulp van de hoeveelheid water die op gelijke tijdsintervallen (bv. 1 minuut) in de bodem infiltreert en hiermee gelijk is aan de hoeveelheid water dat na verloop van tijd uit het reservoir is weggelopen (reservoir debiet). Zie vergelijking hieronder. Waterafname in reservoir ----------------------------------- = reservoir debiet Tijd De meting eindigt wanneer het reservoir debiet niet verandert bij 2 of 3 opeenvolgende aflezingen. Het debiet verandert niet meer dan 10 ml per minuut. Dit onderzoek is gebaseerd op fysische grootheden. De resultaten worden in het veld verkregen. Op het moment dat een constante waarde wordt verkregen wordt de Kverz berekend. De doorlatendheid wordt geclassificeerd volgens de in tabel 10 vermelde gradaties.

230170.BKK / LH

18

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

Tabel 10: Overzicht classificatie doorlatendheid. Doorlatendheid (meter/dag)

Gradatie

< 0,01 0,01 – 0,10 0,10 - 0,50 0,50 – 1,0 1,0-10 >10

Zeer slecht Slecht Matig Vrij goed Goed Zeer goed

7.4.

(ZS) (S) (M) (VG) (G) (ZG)

Infiltratiemetingen

Aan de hand van de meetresultaten zijn de horizontale k-waarden voor de onverzadigde zone berekend. De meetresultaten en de berekende k-waarden zijn opgenomen in bijlage VIII. De onderzoeksresultaten zijn in tabel 11 samengevat. Tabel 11: Uitwerking infiltratiemetingen. Infiltratieboring

INF 01 (boring 13)

INF 02 (boring 14)

INF 03 (boring 12)

Diepte boring (cm-mv) Traject bodemprofiel (cm-mv)

200

200

200

190-200

190-200

190-200

Bodemtype

Sterk zandig leem

Zwak zandig leem

Sterk zandig leem

10

10

10

0,02

0,03

0,07

S

S

S

Hoogte waterkolom (cm) Waterdoorlatendheid (m/dag) Beoordeling (ZG/G/VG/M/S)

Uit de in situ meetresultaten blijkt dat op basis van de classificatie in de doorlatendheid dat de onderzochte bodemlagen overwegend als slecht doorlatend worden beoordeeld.

230170.BKK / LH

19

Verkennend bodemonderzoek Schildstraat (ong.) te Brunssum

8.

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN

8.1.

Conclusies

Het verkennend bodem- en infiltratie onderzoek is uitgevoerd voor de locatie Schildstraat te Brunssum, binnen de gemeente Brunssum ter behoeve van de herontwikkeling binnen de locatie. Asbest De hypothese ‘asbestverdacht’ wordt voor de onderzoekslocatie niet aanvaard. Analytisch onderzoek heeft plaatsgevonden waarbij analytisch geen asbest is aangetoond. De bodem kan als asbestonverdacht worden beschouwd. Fundering In de funderingslaag van analysemonster Fund 01 zijn, met betrekking tot de organische parameters, geen overschrijdingen van de maximale samenstellingswaarde aangetoond. Uit de resultaten van de uitloogtesten blijkt dat voor geen van de gemeten parameters de maximale emissiewaarde overschreden wordt. Op basis van deze resultaten voldoet de funderingslaag indicatief aan de eisen van een Niet-vormgegeven bouwstof. Bodem Boven- en ondergrond In de visueel schone boven- en ondergrond zijn binnen analysemonster 02 en 03 lichte verontreinigingen met zink, cadmium, lood en/of PAK aangetoond. Binnen analysemonster 01 en 04 zijn geen verontreinigingen aangetoond. Indicatief getoetst aan de regeling bodemkwaliteit voldoet de boven- en ondergrond aan bodemkwaliteitsklasse Achtergrondwaarde of Wonen. Grondwater Er is geen grondwater aangetroffen binnen 5 m-mv. Derhalve is het grondwateronderzoek komen te vervallen.

Toetsing hypothese De hypothese ‘verdacht’ wordt voor de onderzoekslocatie door de onderzoeksresultaten gedeeltelijk aanvaard. Ten aanzien van de toekomstige herontwikkelingen zijn er geen belemmeringen. Infiltratie onderzoek Uit de meetresultaten volgens de Constant head-methode blijkt dat op basis van de classificatie in de doorlatendheid de bodemlagen in de ondergrond als slecht doorlatend worden beoordeeld. 8.2.

Aanbevelingen

Boven- en ondergrond Voor het elders toepassen van de bovengrond en ondergrond die mogelijk vrijkomt bij graafwerkzaamheden zijn de regels van het Besluit bodemkwaliteit van toepassing. Indicatief is hier hoofdzakelijk sprake van klasse Achtergrondwaarde en deels sprake van klasse Wonen. Met voorliggende resultaten kan deze vrijkomende grond worden aangeboden aan een BRL 9335 erkende acceptant.

230170.BKK / LH

20

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

BIJLAGEN

230170.BKK / LH

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

BIJLAGE I

Topografische situering

230170.BKK / LH

Hierboven bevindt zich de onderzoekslocatie aangeduid met een het symbool:

Bron: Gemeentenatlas.nl, 2023

Adres: Brunssum, Schildstraat (ong.)

Coördinaten: X: 194.601

Y: 327.592

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

BIJLAGE II

Overzichtstekening

230170.BKK / LH

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

BIJLAGE III

Kadastrale gegevens

230170.BKK / LH

Kadastrale kaart

Uw referentie: 230170

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 500

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Brunssum C 6127

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 15 mei 2023 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

BETREFT

Brunssum C 6127 UW REFERENTIE

230170 GELEVERD OP

PRODUCTIEORDERNUMMER

15-05-2023 - 15:38

S11153425672

VOLLEDIG GESIGNALEERD T/M

VOLLEDIG BIJGEWERKT T/M

12-05-2023 - 14:59

12-05-2023 - 14:59

BLAD

1 van 1

Eigendomsinformatie ALGEMEEN Kadastrale aanduiding Brunssum C 6127 Kadastrale objectidentificatie: 030520612770000

Kadastrale grootte 535 m² Grens en grootte Vastgesteld Coördinaten 194601 - 327592 Omschrijving Erf - Tuin Koopsom € 350.000

Koopjaar 2023

Met meer onroerend goed verkregen

Ontstaan uit Brunssum C 5214

AANTEKENINGEN Publiekrechtelijke beperking Er zijn geen beperkingen bekend

RECHTEN 1 Eigendom (recht van) Afkomstig uit stuk Hyp4 86196/132

Ingeschreven op 16-03-2023 om 12:44

Overdracht (eigendom en/of beperkt recht) Naam gerechtigde HVG Real Estate VI B.V. Adres Looskade 15

6041 LE ROERMOND Statutaire zetel ROERMOND KvK-nummer 85148504 (Bron: Handelsregister) Voor de meest actuele naam, zetel en adres, raadpleeg het Handelsregister

Voor een eensluidend uittreksel, de bewaarder van het kadaster en de openbare registers. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt ten aanzien van de kadastrale gegevens zich het recht voor als bedoeld in artikel 2 lid 1 juncto artikel 6 lid 3 van de Databankenwet. Heeft u nog vragen? Neem contact op met de klantenservice.

Verkennend bodemonderzoek locatie Schildstraat (ong.) te Brunssum

BIJLAGE IV

Boorprofielen met beschrijvingen

230170.BKK / LH

Bijlage: Boorprofielen

Boring:

01 Datum:

Boring: 19-4-2023

0 4 8

0 1

2

50

50

tegel

70

4 100

100

0

0 1

Zand matig fijn, zwak siltig, matig grindig, matig silexhoudend, neutraalbeige

50

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak grindig, neutraalbeige

3

1

15

2

50

50 3

60

100

100

0

0 1

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

45

50

3 60

Leem, zwak zandig, lichtbruin

100

100

20

2 40

3

50

50

4

100

100

Leem, zwak zandig, lichtbruin

19-4-2023

0

0

8

1

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM01, <20mm:33kg, >20mm:15,5kg

06 Datum:

klinker

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

Leem, sterk zandig, donkergrijs

4

Boring:

0

15

2

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM02, <20mm:45kg, >20mm:18,1kg

19-4-2023

0

klinker

8

05 Datum:

Leem, zwak zandig, lichtbruin

19-4-2023

Leem, sterk zandig, donkergrijs

4

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM02, <20mm:45kg, >20mm:20,7kg

04 Datum:

klinker

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

Leem, sterk zandig, neutraal grijsbruin 100

100

Boring:

0

70

4

Leem, sterk zandig, neutraalbruin

8

Boring:

15

2

19-4-2023

0

klinker

8

Zand matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs

03 Datum:

19-4-2023

60

3

Boring:

02 Datum:

klinker

8

1

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM01, <20mm:23kg, >20mm:6,5kg Leem, zwak zandig, resten wortels, licht beigebruin

15

2 40

3 50

50

4

Getekend volgens NEN 5104 projectnaam:

Brunssum, Schildstraat (ong.)

Boormeester:

Rick Hurkmans

Opdrachtgever:

HVG Real Estate BV

Projectleider

Lars Hunnekens

Projectcode:

230170

Pagina:

1/3

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM01, <20mm:27kg, >20mm:12,3kg Leem, zwak zandig, donker beigegrijs

100

100

Leem, zwak zandig, licht beigebruin

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

Leem, zwak zandig, neutraal bruinbeige

Bijlage: Boorprofielen

Boring:

07 Datum:

Boring: 19-4-2023

0

0

08 Datum:

klinker

19-4-2023

0

0

8

1

15

2 35

3 50

50

4

Boring:

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

100

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM03, <20mm:22kg, >20mm:7,3kg

35

50

2 70

3 90

Leem, zwak zandig, neutraal bruinbeige

09 Datum:

100 4

Boring: 19-4-2023

gras

0

120

Leem, zwak zandig, neutraalbeige

0

gras Leem, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin

1

50

50

50

50 Leem, sterk zandig, lichtbruin

Leem, sterk zandig, lichtbruin

2

2

100

100

Boring:

Boring: 19-4-2023

12 Datum:

0

0

100

100

11 Datum:

Leem, zwak zandig, neutraal grijsbeige

19-4-2023

Leem, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin

1

Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM03, <20mm:38kg, >20mm:14,2kg

10 Datum:

0

0

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige

1

Leem, zwak zandig, donker beigegrijs

100

klinker

8

gras

50

50

0

0

Leem, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin

1

19-4-2023

gras Leem, sterk zandig, zwak humeus, donkerbruin

1

50

50 Leem, sterk zandig, lichtbruin

Leem, sterk zandig, lichtbruin

2

2

100

100

100

3

150

150

Leem, sterk zandig, licht beigebruin 4

INF 03 200

Getekend volgens NEN 5104 projectnaam:

Brunssum, Schildstraat (ong.)

Boormeester:

Rick Hurkmans

Opdrachtgever:

HVG Real Estate BV

Projectleider

Lars Hunnekens

Projectcode:

230170

Pagina:

2/3

200

Bijlage: Boorprofielen

Boring:

13 Datum:

Boring: 19-4-2023

0 4

0

14 Datum:

tegel

Opmerking:

19-4-2023 geen grondwater aangetroffen 0

0

Zand matig grof, zwak siltig, neutraalgrijs

1

20

1 2

50

50

50 Zand matig grof, zwak siltig, zwak grindig, neutraalbeige

2

100

100

45 50

3

4

100

100

3

5

150

Zand matig grof, zwak siltig, donkerbeige Uiterst puingranulaat houdend, neutraal grijsbruin, AMM03, <20mm:29kg, >20mm:7,8kg Leem, sterk zandig, donker beigegrijs

Leem, sterk zandig, neutraalbruin

150

klinker

8

Leem, sterk zandig, zwak grindig, donker beigegrijs Leem, zwak zandig, neutraalbruin

150 Leem, sterk zandig, neutraal beigebruin

4

6

INF 01 200

200

INF 02 200

200

Zand matig fijn, matig siltig, laagjes leem, neutraal bruinbeige

250

300

350

400

400

Zand matig fijn, matig siltig, matig grindig, laagjes leem, neutraalbeige

450

500

500

Getekend volgens NEN 5104 projectnaam:

Brunssum, Schildstraat (ong.)

Boormeester:

Rick Hurkmans

Opdrachtgever:

HVG Real Estate BV

Projectleider

Lars Hunnekens

Projectcode:

230170

Pagina:

3/3

Bijlage: Boorprofielen Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde

Klei, sterk zandig

zand

>0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

>10000

monsters

Zand, uiterst siltig

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=2ef1d6a0-72ec-43ea-bd10-b2759dc66d7e