Raadsvoorstel 202649134 (bijlage) KBL jaarstukken 2025
Tekst van het document
Aan:
Algemeen Bestuur KBL
Van:
Directie KBL
Steller:
Jeroen Ronden (afdeling Finance, Planning & Control)
Doc. versie:
F3.0 AB
Datum:
26-03-2026
_____________________________________________________________________________________________ 1
Jaarstukken 2025
Inhoudsopgave Jaarverslag
2
Voorwoord Financieel resultaat over 2025 Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Financiële kengetallen Financiering Bedrijfsvoering Personeel Rechtmatigheidsverantwoording Wet open overheid (Woo) Organisatie en ontwikkelingen Controlling Dienstverlening 2025
3 4 6 6 9 11 12 13 15 16 16 16 16
Jaarrekening 2025
26
Balans per 31 december 2025 (na resultaatbestemming) Overzicht van baten en lasten 2025 Staat van baten en lasten - Programma schuldhulpverlening Toelichtingen: Grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling Toelichting op de balans Toelichting op het overzicht van baten en lasten Analyse afwijkingen t.o.v. de begroting Rechtmatigheidsverantwoording van het dagelijks bestuur Verdeling van de lasten in directe kosten en overhead Overzicht van structurele en incidentele baten en lasten Toelichting op de structurele en incidentele baten en lasten Kasstroomoverzicht Wet normering bezoldiging topfunctionarissen Bijlage taakvelden Ondertekening jaarrekening Vaststelling van de jaarrekening Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
27 28 29 30 30 34 44 53 54 57 58 59 60 61 62 63 64 65
Lijst van gehanteerde afkortingen is te vinden op pagina 66.
_____________________________________________________________________________________________ 2
Jaarstukken 2025
Jaarverslag Het Bestuur van het Openbaar Lichaam Kredietbank Limburg biedt hierbij zijn jaarstukken aan voor het boekjaar dat is geëindigd op 31 december 2025. In het jaarverslag zijn ook de verplichte paragrafen opgenomen zoals deze zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
Voorwoord Met dit jaarverslag blikken we terug op 2025. Een jaar waarin Kredietbank Limburg verdere stappen heeft gezet naar een toekomstbestendige, efficiënte en wendbare organisatie. Onze opdracht blijft onverminderd helder: inwoners met financiële zorgen rust, stabiliteit en perspectief bieden, zodat zij weer grip krijgen op hun situatie. In 2025 hebben we een nieuwe directeur mogen verwelkomen. Samen met aanpassingen binnen het managementteam is een stevige basis gelegd voor een scherpere koers. We werken doelgerichter, efficiënter en met ruimte voor maatwerk waar onderbouwd nodig. Zo versterken we onze slagkracht en kunnen we beter inspelen op de uiteenlopende ondersteuningsvragen van inwoners en gemeenten. De uittreding van de gemeente Heerlen vroeg ook dit jaar nog aandacht en werd zorgvuldig opgepakt. Daarmee is een intensief traject in 2024/2025 doorlopen, met oog voor cliënten, medewerkers en financiële continuïteit. Tegelijkertijd zien we vertrouwen in onze organisatie: twee gemeenten hebben zich als kandidaat-toetreder gemeld en ook andere gemeenten hebben hun interesse kenbaar gemaakt. Dat onderstreept de waarde van onze dienstverlening in de regio. We blijven bouwen aan een solide en transparante basis, waarin samenwerking met onze deelnemende gemeenten centraal staat en waarin financiële stabiliteit en een eerlijke kostenverdeling zijn geborgd.
Met vertrouwen kijken wij vooruit. Iedere dag zetten onze medewerkers zich in om het verschil te maken voor inwoners die dat hard nodig hebben. Dat is en blijft de kern van ons werk.
J. Roland
Voorzitter Algemeen Bestuur
_____________________________________________________________________________________________ 3
Jaarstukken 2025
Financieel resultaat over 2025 Conform de vastgestelde jaarlijkse P&C cyclus is aan het begin van het begrotingsjaar een 1e begrotingswijziging 2025 opgesteld en vervolgens door het Algemeen Bestuur vastgesteld. Op basis van de voortschrijdende inzichten die gedurende het boekjaar 2025 zijn ontstaan, is in het najaar 2025 een 2e begrotingswijziging uitgewerkt, voorgelegd en door het Algemeen Bestuur vastgesteld. De betrokken gemeenteraden zijn conform procedure hierover middels een transparante raadsinformatiebrief geïnformeerd. In 2025 heeft KBL een vernieuwde bekostigingsmethodiek geïntroduceerd. Onder deze systematiek wordt per GR‑gemeente zowel een eerlijk en solidair aandeel in de bestaanslasten als een variabel deel aan verbruikslasten (op basis van de gerealiseerde uitputting) in rekening gebracht. Het saldo van baten en lasten in de ontwerpbegroting 2025 bedroeg € 0. Het uiteindelijke negatieve exploitatieresultaat over 2025, vóór mutatie in de reserve en vóór inzet van het weerstandsvermogen, bedraagt € 550.674 negatief. De feitelijke realisatie 2025 is, mede door actieve sturing door KBL op beïnvloedbare zaken in de tweede helft van 2025, gunstiger uitgevallen ten opzichte van de vastgestelde 2e begrotingswijziging 2025:
Financieel resultaat 2025 (bedragen in €)
Realisatie ‘25
2e begrotings wijziging 2025
Realisatie ‘24
Baten
13.473.709
13.375.383
15.055.084
Lasten
14.022.857
14.074.461
13.332.178
Resultaat voor afboekingen
- 548.857
- 699.078
+ 1.722.905
1.817
0
6.743
- 550.674
- 699.078
+ 1.716.162
Mutatie in de reserve
493.721
493.721
0
Onttrekking KBL-weerstandsvermogen
55.136
205.357
0
Borgstelling GR-gemeenten afboekingen
1.817
0
6.743
0
0
+ 1.722.907
Afboekingen Resultaat voor resultaatbestemming
Resultaat
Samenvattend qua baten en lasten: De gerealiseerde omzet ligt hoger dan in de 1e begrotingswijziging 2025 was voorzien. Deze stijging is met name het gevolg van een stijging van geleverde dienstverlening. Aan de lastenzijde is sprake van een sterkere kostenstijging dan initieel voorzien. Dit wordt verklaard door enkele specifieke risico’s die zich in 2025 hebben gemanifesteerd. De stijging hangt enerzijds samen met hogere personele lasten (en is het gevolg van extra benodigde capaciteit om de stijging in het volume aan afgenomen diensten én een tijdelijk hoger ziekteverzuim op te vangen). Zo is voorkomen dat er wachttijden voor inwoners zijn ontstaan. Anderzijds was er sprake van extra benodigde inzet door verlengde tijdelijke inhuur op enkele strategische kernfuncties (in verband met vertraagde invulling van openstaande vacatures).
_____________________________________________________________________________________________ 4
Jaarstukken 2025
De baten zijn in 2025 met € 1.581.376 gedaald ten opzichte van 2024 naar een bedrag van €13.472.709. Deze daling wordt voornamelijk veroorzaakt door het grotendeels ontbreken van de in 2024 gerealiseerde incidentele opbrengsten uit de KOT- en FNWLprojecten. Daarnaast is de realisatie in 2025 lager dan in 2024, wat bijdraagt aan het verschil in baten tussen beide boekjaren.
_____________________________________________________________________________________________ 5
Jaarstukken 2025
De lasten in 2025 zijn met € 690.388 gestegen ten opzichte van 2024. Deze stijging is voornamelijk het gevolg van een hogere personele inzet en extra inhuur, veroorzaakt door een hoog ziekteverzuim en de doelbewuste tijdelijke vervanging van strategische posities binnen de organisatie. Hierdoor komen de totale lasten uit op €14.022.656.
Paragrafen Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen van KBL bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit en alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van KBL. In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) wordt onder weerstandscapaciteit verstaan: “de middelen en mogelijkheden waarover provincies of gemeenten beschikken om niet begrote kosten te dekken.” De weerstandscapaciteit bestaat uit vier componenten: • Het eigen vermogen • De voorzieningen • De onbenutte belastingcapaciteit • De ruimte op de begroting _____________________________________________________________________________________________ 6
Jaarstukken 2025
Voor KBL betekent dit concreet dat de weerstandscapaciteit gelijk is aan het eigen vermogen, zoals dit op de balans wordt vermeld. Het begrip risico wordt gedefinieerd als het gevaar voor schade of verlies als gevolg van interne en externe omstandigheden, dan wel als gebeurtenissen waarvan de kans bestaat dat ze optreden en negatieve gevolgen met zich mee kunnen brengen. Het gaat daarbij om de volgende risico’s: • Risico’s waarvoor geen voorzieningen zijn gevormd, omdat het niet mogelijk is een redelijke schatting van het bedrag van de schade of het verlies te maken; • Risico’s die niet tot afwaardering van activa hebben geleid en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal of het eigen vermogen. Conform de statuten van de GR dient door het Algemeen Bestuur het maximale weerstandsvermogen (Eigen vermogen) te worden vastgesteld. Het betreffende artikel 28 lid 2 luidt als volgt: “Bedraagt het saldo van de rekening ‘Eigen vermogen’ vóór de in het eerste lid bedoelde bijboeking meer dan een door het algemeen bestuur vast te stellen percentage van het uitstaand kapitaal, dan wordt het batig saldo in het eerste lid bedoeld teruggestort naar de gemeenten.” Dit betekent concreet dat, indien het eigen vermogen een bepaalde hoogte overschrijdt, het meerdere wordt uitgekeerd aan de GR-deelnemers.
Het maximale weerstandsvermogen is gelijk aan 6% van de exploitatielasten (exclusief mutatie voorzieningen), zoals besloten tijdens de Bestuursvergadering d.d. 19 januari 2012. Voor 2025 zou het maximale weerstandsvermogen € 841.654 mogen bedragen. Het eigen vermogen bedraagt ultimo 2025 € 746.493. Over 2025 bestaat dus geen terugbetalingsverplichting aan de GR-gemeenten conform de statuten van de GR. Ten behoeve van 2025 is door KBL in de begrotingswijziging tevens een risico-inventarisatie opgesteld. De samenvatting van de uitkomsten hiervan wordt in onderstaande risicoparagraaf beschreven waarnaar wij verwijzen. Deze risico-inventarisatie resulteerde in een totaalbedrag van mogelijke financiële risico’s van €837.250 in 2025, waarvoor een weerstandsvermogen gevormd werd.
Risicoparagraaf Onderstaand wordt een beknopt overzicht gegeven van de risico-inventarisatie van KBL voor 2025, inclusief een inschatting van de mogelijke (financiële) consequenties. Een deel van de risico’s, met name rondom strategie en bekostiging en de vervanging van Stratech, heeft zich in 2025 daadwerkelijk gemanifesteerd. In de toelichting op de baten en lasten in dit jaarverslag wordt nader inzicht gegeven in de ontwikkeling van de verschillende posten in 2025 en de wijze waarop hier, waar nodig, op is bijgestuurd. Tevens wordt een vooruitblik naar 2026 opgenomen, om het benodigde weerstandsvermogen te onderbouwen.
2025 _____________________________________________________________________________________________ 7
Jaarstukken 2025
1. Strategie en bekostiging Bij het opstellen van de begrotingswijziging 2025 was de uitkomst van het lopende traject rondom de strategie- en bekostigingsstructuur nog onzeker. Tegelijkertijd speelde een landelijke discussie over basisdienstverlening en tariefstelling, die mogelijk invloed heeft op het dienstverleningsaanbod en de tarieven van KBL. In 2025 heeft dit risico zich deels gemanifesteerd en geleid tot extra kosten en operationele inzet. De nieuwe bekostigingsstructuur is live gegaan, wat enkele aanpassingen binnen KBL vereiste. Tegelijkertijd is de organisatie intensief aan de slag gegaan met het formuleren van een vernieuwde strategie en visie. Dankzij tijdige en doelgerichte acties heeft KBL deze uitdagingen effectief beheerd, zonder dat de continuïteit van de dienstverlening in het geding is gekomen. 2. Vervanging Stratech Stratech heeft aangekondigd dat enkele modules vanaf 2025/2026 niet langer werden ondersteund. KBL is daarom op zoek naar vervangende systemen voor haar dienstverlening. Vervanging van functionele applicaties brengt altijd operationele en financiële risico’s met zich mee. Ook hier zijn extra kosten ontstaan om de risico’s zo snel als mogelijk te mitigeren gedurende het jaar. KBL is op zoek gegaan naar alternatieven die tevens in de toekomst efficiëntieslagen kunnen opleveren.
Door de relatief korte tijdlijn is er externe expertise ingehuurd en is KBL actief met softwareleveranciers om de tafel moeten gaan om vervangende software binnen het KBL ICT landschap te kunnen integreren. 3. AVG De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) stelt hoge eisen aan de bescherming van persoonsgegevens. Het risico op datalekken blijft aanzienlijk en kan leiden tot hoge boetes. Maatregelen: KBL beperkt dit risico door optimalisatie van informatiemanagement en cybersecurity. Specifieke medewerkers zijn aangetrokken om datalekken (inbraak, diefstal of verlies van gegevens) te voorkomen en naleving van de AVG te waarborgen. Er hebben zich geen incidenten voorgedaan die tot financiële of significante gevolgen hebben geleid. 4. Flexibele schil Van KBL wordt verwacht flexibel in te spelen op fluctuaties in de vraag naar dienstverlening. Hiervoor is een flexibele personeelsformatie noodzakelijk. Het gebruik van jaarcontracten en het eventueel niet verlengen hiervan kan leiden tot WW-uitkeringen, waarvoor KBL als eigen risicodrager verantwoordelijk is. Maatregelen: De formatie wordt maandelijks afgestemd op de actuele vraag, met onderlinge uitwisseling van personeel tussen regio’s. Daarnaast wordt een re-integratiebedrijf ingezet voor begeleiding van werk naar werk. _____________________________________________________________________________________________ 8
Jaarstukken 2025
De risico’s zijn in 2025 beheerst en er zijn geen significante financiële effecten opgetreden. 5. Aanslag VPB Sinds 1 januari 2016 is KBL in beginsel onderworpen aan de vennootschapsbelastingplicht voor overheidsbedrijven. In samenwerking met fiscalisten van Deloitte en andere Nederlandse kredietbanken is de fiscale positie geïnventariseerd. Het uitgangspunt blijft dat activiteiten van KBL niet leiden tot VPB-plicht. Dit wordt jaarlijks beoordeeld en er zijn in 2025 geen belastingheffingen ontstaan. 6. Renterisico's Door onrust op de financiële markten zijn de rentetarieven gestegen. Het renterisico is echter beperkt omdat KBL geen geldleningen bij de BNG meer open heeft staan. Het rentegevoelige risico blijft beperkt tot het saldo van de rekening-courant. 7. Inklinken kredietportefeuille De kredietportefeuille is in het verleden gestaag afgenomen, wat lagere renteopbrengsten tot gevolg had. Door de inzet van saneringskredieten als onderdeel van schuldhulpverlening is de portefeuille sinds 2020 weer gegroeid. In 2025 is de kredietportefeuille lichtelijk gedaald. Dit heeft dan ook een licht negatief effect op de renteopbrengsten over 2025 gehad. 8. Aansprakelijkheidsrisico’s De bekende aansprakelijkheidsrisico’s worden grotendeels afgedekt door bedrijfs- en beroepsaansprakelijkheidsverzekeringen. In 2025 zijn er geen extra claims of kosten van betekenis opgetreden.
2026 Risico analyse KBL 2026 ten behoeve van de opbouw benodigde weerstandsvermogen
In de Begrotingswijziging 2026 komen de risico’s die zich mogelijk voordoen in 2026 uitgebreider aan bod. In dit jaarverslag worden deze primair aangeboden ter informatie en ter bepaling van een passend weerstandsvermogen. Uit bovenstaande opstelling blijkt dat de som van de potentiële financiële risico’s € 751.000 bedraagt. Ter afdekking van deze risico’s hanteert KBL een maximaal weerstandsvermogen van 6% als norm. Het eigen vermogen bedraagt per 31-12-2025 € 746.493 en blijft daarmee binnen deze norm, waardoor dit wordt aangehouden.
Financiële kengetallen _____________________________________________________________________________________________ 9
Jaarstukken 2025
Conform artikel 11 van het BBV wordt de financiële positie weergegeven door middel van een uniforme basis-set van financiële kengetallen. Dit betreft de volgende vijf kengetallen: • • • • •
Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Structurele exploitatieruimte Grondexploitatie Belastingcapaciteit
De eerste drie kengetallen worden in dit jaarverslag gepresenteerd. De overige kengetallen zijn niet van toepassing voor KBL. De berekening van de kengetallen is conform de ministeriële richtlijnen voor de wijze waarop kengetallen worden vastgesteld en opgenomen in de begroting en het jaarverslag van provincies en gemeenten(Stct. 2015, 20619):
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de Gemeenschappelijke Regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen (zie artikel 36 lid b en c, van het BBV Besluit begroting en verantwoording). De netto schuldquote bedraagt in 2025 -1% (2024: -10%). Deze ligt ruimschoots onder de door de VNG gehanteerde signaalwaarden. De procentuele toename ten opzichte van 2024 betekent dat de financiële buffer is afgenomen, maar er is nog steeds geen sprake van een netto schuldenlast. Daarnaast is de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen is gestegen van 25% in 2024 naar 31% in 2025. Ook dit percentage blijft ruim binnen de door de VNG als aanvaardbaar beschouwde bandbreedtes.
Verder geeft de solvabiliteitsratio inzicht in de mate waarin KBL in staat is zijn financiële verplichtingen te voldoen. De GR-gemeenten staan garant voor de financiële risico’s van de KBL. Desalniettemin heeft KBL voor het derde jaar op rij een positieve solvabiliteitsratio door het opgebouwde weerstandvermogen. De structurele exploitatieruimte geeft inzicht in welke structurele ruimte de KBL heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten hiervoor nodig is. Om dit inzicht te verkrijgen wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt uitgedrukt in een percentage en wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en structurele lasten en _____________________________________________________________________________________________ 10
Jaarstukken 2025
het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan de reserves te delen door de totale baten.
Financiering Treasurybeleid Het treasurystatuut van de KBL gaat in op het besturen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële geldstromen. KBL had voor 2025 geen specifieke beleidsvoornemens geuit ten aanzien van treasury. De organisatie heeft gedurende 2025 tevens geen uitzettingen van gelden gedaan. Op basis van het meest recente renteprotocol wordt regelmatig de financieringsbehoefte in beeld gebracht en bepaald hoe deze wordt ingevuld, t.w. met kort, (middel-)lang of lang vermogen. Uitgangspunt hierbij is dat een aandeel van het uitstaand saldo (incl. achterstanden) als een “ijzeren voorraad” wordt beschouwd welke in principe op (middel)lange termijn moet worden gefinancierd. De ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt worden hierbij nauwlettend gevolgd. In 2025 bestond de financiering van KBL uitsluitend uit de rekening-courantkredietfaciliteit van de BNG. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet voor het jaar 2025 bedraagt op basis van de werkelijke cijfers € 1.150.000, zijnde 8,2% van het lastentotaal. Dit kasgeldlimiet geeft het maximale bedrag aan dat de gemeente op grond van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) met kortlopende financiering mag aantrekken.
In 2025 zijn geen kortlopende schulden aangegaan, waardoor de kasgeldlimiet niet is overschreden Renterisico norm Gezien KBL geen leningen met een rente typische looptijd van één jaar of langer heeft, is de renterisiconorm is niet van toepassing voor de KBL. Liquiditeitspositie De liquiditeitspositie van KBL wordt vanuit de vlottende activa exclusief de uitstaande kredieten (Quick ratio) in verhouding tot de vlottende passiva bepaald. Dit geeft het volgende beeld:
Quick ratio 1,20 0,99
1,00 0,83
0,79
0,80
0,66
0,71
0,75
0,60 0,40 0,20 0,00 2025
2024
2023
2022
2021
2020
Quick ratio
De quick ratio van KBL bedroeg in 2025 0,83 (2024: 0,99). Hiermee ligt de liquiditeitspositie onder de 1, wat aangeeft dat de direct opeisbare vlottende activa niet volledig de _____________________________________________________________________________________________ 11
Jaarstukken 2025
kortlopende verplichtingen dekken. De daling ten opzichte van 2024 betekent dat de liquiditeitsbuffer in 2025 afnam. Dit brengt op zichzelf geen directe risico’s met zich mee, omdat KBL als gemeenschappelijke regeling beschikt over een rekening-courantfaciliteit bij de BNG en de GR-constructie de liquiditeitspositie ondersteunt. Indien nodig kan de BNG aanvullende financieringsmogelijkheden bieden om eventuele tijdelijke tekorten op te vangen. EMU-saldo Het EMU-saldo kan worden gezien als een aanvullend financieel kengetal, naast de overige verplichte kengetallen zoals de solvabiliteit en de (netto) schuldquote. Dit saldo heeft een vergelijkbare functie als het kasstroomoverzicht: het geeft inzicht in het financieringssaldo van een jaar op basis van de EMU-definities. Het is belangrijk het EMU-saldo in de juiste context te plaatsen. Het EMU-saldo van één jaar zegt relatief weinig, omdat het in belangrijke mate wordt beïnvloed door timing en de specifieke EMU-boekhoudregels. Zo leidt een investering in één jaar tot een uitgave in EMU, terwijl de exploitatiekosten van die investering (kapitaallasten) zich over meerdere jaren uitstrekken. Ook kan de mutatie van voorzieningen het EMU-saldo beïnvloeden, terwijl de daadwerkelijke uitgave pas bij besteding plaatsvindt. Daarnaast speelt bij KBL de kredietverlening aan klanten een rol in het EMU-saldo.
Kredietverlening zelf is een financiële transactie die in EMU niet als “last” wordt meegenomen, terwijl de bijbehorende rente-inkomsten wel in het saldo worden verwerkt. Hierdoor kan het EMU-saldo verschillen van de balansmutaties en het reguliere resultaat. Voor 2025 heeft KBL een negatief EMU-saldo behaald van € -1.334.064.
Bedrijfsvoering Informatiemanagement, -veiligheid en -technologie _____________________________________________________________________________________________ 12
Jaarstukken 2025
Op het gebied van ICT hebben we in 2025 vooral de volgende stappen gezet voor de inzet van nieuwe primaire applicaties ter ondersteuning van de dienstverlening van KBL. Ten eerste hebben we het gebruik van applicatie IBS (van leverancier Bizon) voor de ondersteuning van Beschermingsbewind in 2025 verder uitgebreid en gefinetuned. In het najaar zijn we ook gestart met de online-omgeving voor deze klanten waarin ze onder andere vrij opneembaar leefgeld kunnen zien en zelfstandig kunnen opnemen. Verder zijn we het hele jaar intensief bezig geweest voor de volgende stap, te weten ondersteuning van kredietverlening en schuldregelen. Na een marktverkenning naar de mogelijkheden in de markt hebben we een aanbesteding doorlopen en uiteindelijk een contract gesloten met leverancier Kred’it voor de levering van applicatie Allegro. Einde 2025 is gestart met de implementatie daarvan en ingebruikname volgt in de eerste helft van 2026. Als volgende stap zijn we eind 2025 ook gestart met een verkenning welke applicaties budgetbeheer kunnen ondersteunen. Vermeldingswaardig daarnaast is het stapsgewijs in gebruik nemen van Zivver, een oplossing voor veilig mailen. Op het gebied van informatiemanagement hebben we in 2025 een nieuw informatiebeleid opgesteld en vastgesteld voor de periode 2025 tot 2030 als belangrijk kader voor alle ontwikkelingen op dit vlak.
Daarnaast hebben we een extern advies laten uitvoeren wat de impact is op KBL van de aankomende Cyberbeveiligingswet (voortkomend uit de Europese NIS2-richtlijn), en de verscherpte eisen voor informatiebeveiliging. Op basis hiervan is een plan van aanpak in de maak om aan de nieuwe wet te gaan voldoen die naar verwachting in 2026/2027 in gaat.
Klachtenafhandeling KBL handelt binnengekomen klachten af op basis van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde klachtenregeling. In 2025 zijn in totaal 11 klachten ingediend. In 2024 betrof dit 7 klachten en in 2023 6. Ten opzichte van het aantal aanvragen, mutaties en feitelijke handelingen, die KBL jaarlijks verwerkt blijft dit aantal relatief gezien heel erg laag. Een klacht omarmen we als lerende organisatie als een kans om onze dienstverlening nog beter af te stemmen op onze kernwaarden.
Klachtenafwikkeling 2025
Aantal
Gegrond Deels gegrond Ongegrond Ingetrokken Buiten behandeling gesteld
0 1 8 1
(Geen contact meer mogelijk met klachtindiener) Totaal
Personeel Instroom, doorstroom en uitstroom In 2025 zijn 13 nieuwe medewerkers via een dienstverband gestart bij KBL. Daarnaast zijn er in 2025 gemiddeld 12 medewerkers tijdelijk op inhuurbasis voor diverse ondersteunende of projectmatige taken werkzaam geweest voor KBL. De uitstroom van medewerkers bedroeg in 2025 19 medewerkers inclusief 2 vakantiekrachten. Verloop van ervaren vakspecialisten heeft impact op de organisatie, met name op het gebied van kenniscontinuïteit, vervangbaarheid en doorontwikkeling. In de huidige arbeidsmarkt vraagt het aantrekken van gekwalificeerde professionals bovendien steeds meer tijd en inspanning. _____________________________________________________________________________________________ 13
1 11
Jaarstukken 2025
Binnen het sociaal domein is de arbeidsmarkt voor specialistische functies relatief beperkt. Organisaties in dit werkveld werven grotendeels binnen dezelfde regionale talentpool. Voor functies binnen schuldhulpverlening en inkomensbeheer geldt dat dit werkveld in (Zuid-) Limburg kleinschalig is, waardoor het structureel invullen van vacatures uitdagend kan zijn. Tegelijkertijd wordt bij nieuwe instroom zichtbaar dat het gemiddelde relevante ervaringsniveau van kandidaten onder druk staat. Deze ontwikkelingen vragen van KBL blijvende aandacht voor kennisontwikkeling, duurzame inzetbaarheid en het aantrekken en ontwikkelen van nieuw talent. En benadrukt de noodzaak tot doorontwikkeling in de organisatie. Opleidingen KBL faciliteert jaarlijks een breed scala aan opleidingen en cursussen. Zo ook in 2025. Naast verplichte bijscholing, zoals trainingen gericht op veilig werken en omgaan met agressie, zijn diverse vakgerichte opleidingen aangeboden voor verschillende functiegroepen. Deze trainingen dragen bij aan het op peil houden van vakkennis en het versterken van professionele vaardigheden. Daarnaast is in 2025 verder ingezet op intervisie en kennisdeling. Voor verschillende groepen klantfunctionarissen zijn periodieke intervisiebijeenkomsten georganiseerd.
Deze bijeenkomsten bieden ruimte voor reflectie op casuïstiek, professionele ontwikkeling en het gezamenlijk versterken van de kwaliteit van dienstverlening. Door structureel aandacht te besteden aan opleiding, intervisie en kennisdeling blijft KBL investeren in de professionele kwaliteit en duurzame inzetbaarheid van medewerkers. Ziekteverzuim Het gemiddelde ziekteverzuim binnen KBL kwam in 2025 uit op circa 10%. Dit betekent een stijging ten opzichte van 2024, toen het verzuim ongeveer 6% bedroeg. De oorzaken van het verzuim zijn divers en liggen in de meeste gevallen buiten de directe invloedssfeer van de organisatie. Desondanks blijft het een belangrijk aandachtspunt, mede omdat het huidige verzuimpercentage hoger ligt dan het landelijke gemiddelde binnen de sector openbaar bestuur en overheidsdiensten. Volgens cijfers van het CBS bedroeg dit gemiddelde in 2025 circa 6%. Binnen KBL is in 2025 de keuze gemaakt voor een nieuw Arbo dienstverlener om hiermee blijvend aandacht te besteden aan begeleiding bij verzuim met als doel medewerkers zo goed mogelijk te ondersteunen in hun werk en herstel.
Aanbestedingen
_____________________________________________________________________________________________ 14
Jaarstukken 2025
In het verslagjaar 2025 heeft KBL één opdracht verstrekt met een totale contractwaarde boven het Europese aanbestedingsdrempelbedrag. Deze opdracht had betrekking op de aanschaf en implementatie van een integrale applicatie voor schuldregelen en kredietverstrekking. Op basis van een uitgebreide marktverkenning en een publieke marktconsultatie is vastgesteld dat slechts één leverancier beschikte over een bewezen, integrale oplossing die voldeed aan de functionele, technische en strategische vereisten van KBL. Om die reden is gebruikgemaakt van de uitzonderingsmogelijkheid binnen de aanbestedingsregels waarbij sprake is van het ontbreken van mededinging om technische en functionele redenen. De voorgenomen gunning is vooraf openbaar gemaakt via een publicatie van vrijwillige transparantie. Naar aanleiding hiervan zijn geen bezwaren ontvangen. De opdracht is vervolgens gegund aan leverancier Kred’IT voor de applicatie Allegro. Met deze keuze wordt de continuïteit van de dienstverlening geborgd en wordt voldaan aan de gestelde eisen op het gebied van ICT-strategie, informatiebeheer en bedrijfsvoering. Naast deze aanbesteding hebben in het verslagjaar nog enkele onderhandse aanbestedingen plaatsgevonden.
Deze opdrachten hadden een beperkte omvang en bleven ruim onder het Europese aanbestedingsdrempelbedrag en zijn uitgevoerd conform de geldende interne inkoop- en aanbestedingsregels. Voorziening op kredietportefeuille De mutatie 2025 in de voorziening met betrekking tot de kredietportefeuille bedraagt € 2.450. In de jaarrekening 2008 is gestart met het treffen van een voorziening voor oninbaarheid op de kredietportefeuille van vóór 2005 in het bijzonder. Afboekingen op oninbare kredieten vormden in de beginjaren 2000 een in het oog springende post bij de verklaring van de negatieve resultaten. Om die reden is in 2008 een inschatting gemaakt van het incassorisico met betrekking tot alle kredieten die voor 2005 zijn verstrekt. Dit resulteerde in een oninbaarheidsschatting van € 2,4 miljoen. Ter hoogte van dit bedrag is destijds een voorziening gevormd, welk bedrag ineens ten laste van het resultaat in 2008 is gebracht. Dit had tot gevolg dat de afboekingen vanaf 2009 en volgende jaren ten laste van deze voorziening zijn gebracht en het exploitatieresultaat daardoor niet meer negatief werd beïnvloed door deze afboekingen. Jaarlijks wordt de volledige kredietportefeuille beoordeeld op oninbaarheid hetgeen kan leiden tot mutaties in de stand van de voorziening.
Met betrekking tot de financiering van de totale voorziening voor oninbaarheid is afgesproken dat alleen de daadwerkelijke afboekingen in een boekjaar in rekening worden gebracht bij de GR-gemeenten op basis van de GR-methode waarbij de side-letter van de gemeente Sittard-Geleen wordt gerespecteerd. Door ontwikkelingen in de afgelopen jaren waarbij het aantal borgstellers met betrekking tot verstrekte kredieten enorm is verhoogd, is deze voorziening dan ook weer drastisch afgenomen. Per 31 december 2025 bestaat er geen voorziening meer voor kredieten vóór 2005 en uitsluitend nog een relatief kleine voorziening voor kredieten uitgegeven na 2005.
Rechtmatigheidsverantwoording De KBL legt over het verslagjaar 2025 opnieuw verantwoording af over de rechtmatigheid van het gevoerde financiële beheer. Daarbij is beoordeeld in hoeverre de in het jaar verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders, zoals de begroting, relevante verordeningen en geldende wet- en regelgeving. Deze beoordeling richt zich op de drie rechtmatigheidscriteria, te weten het begrotingscriterium, het voorwaardencriterium en het criterium misbruik en oneigenlijk gebruik. Over 2025 zijn er geen onrechtmatigheden geconstateerd die de vastgestelde _____________________________________________________________________________________________ 15
Jaarstukken 2025
verantwoordingsgrens overschrijden. De verantwoordingsgrens over 2025 bedroeg 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is derhalve vastgesteld op € 280.451. Ook in de komende jaren zal KBL scherp blijven toezien op de naleving van deze rechtmatigheidscriteria. Daarnaast wordt blijvend ingezet op het opstellen van een zo nauwkeurig mogelijke begroting, met als doel begrotingsoverschrijdingen zoveel mogelijk te voorkomen. Eventuele (verwachte) kostenoverschrijdingen worden tijdig, correct en transparant gecommuniceerd met het Algemeen Bestuur.
Wet open overheid (Woo) Op 1 mei 2022 is de Wet open overheid in werking getreden. Deze wet vervangt de Wob (Wet openbaarheid van bestuur) en regelt dat informatie van de overheid zoveel mogelijk openbaar moet zijn. Het grote verschil tussen de huidige Woo en de Wob betreft de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. Deze wetgeving is ook van toepassing op de KBL. Woo-verzoeken De Woo geeft, net als bij de Wob, iedereen de mogelijkheid om een verzoek om informatie in te dienen. KBL heeft in het jaar 2025 geen Woo-verzoek ontvangen.
Organisatie en ontwikkelingen Controlling Op basis van de realisatie van 2020-2023, de dienstverleningsovereenkomsten 2024 (niet GR) en de verwachte ontwikkelingen voor 2025 is de ontwerpbegroting 2025, inclusief de meerjarenraming 2026–2029, opgesteld. Deze zijn dan ook door het Algemeen Bestuur vastgesteld in 2024. Gedurende het jaar zijn er in maart/april (regulier voorzien) en in december begrotingswijzigingen over 2025 in het Algemeen Bestuur vastgesteld. Deze begrotingswijzigingen dienden als basis voor de sturing van KBL. De ontwikkelingen ten opzichte van de begroting en de begrotingswijziging zijn tevens in de voorjaars- en najaarsmanagementrapportages (MARAP’s) 2025 aan het Dagelijks Bestuur en Algemeen Bestuur gepresenteerd. Daarnaast is het interne controleplan actief uitgevoerd en onderhouden, in nauwe afstemming met de accountant. Door de continue samenwerking en korte lijnen met zowel het Dagelijks Bestuur als het Algemeen Bestuur en de accountant is een sterke control environment gewaarborgd, waardoor financiële en operationele risico’s tijdig worden gesignaleerd en beheerst.
Dienstverlening 2025 KBL heeft ook in 2025 weer haar beste beentje voorgezet, zowel voor de hulpvragers als opdrachtgevers. Er hebben landelijke verdere veranderingen en doorontwikkelingen plaatsgevonden binnen de schuldhulpverlening. KBL volgt de actuele ontwikkelingen en jurisprudentie op de voet om snel de vertaalslag te kunnen maken naar de eigen dienstverlening. Dat vergde en vergt nog steeds aanpassingen van werkprocessen, automatiseringssystemen en het scholen van medewerkers om de vernieuwde wet- en regelgeving op een juiste manier in de praktijk te brengen. _____________________________________________________________________________________________ 16
Jaarstukken 2025
Preventie, vroegsignalering en educatie Preventie, het versterken van financiële redzaamheid en Vroegsignalering dragen bij aan het voorkomen, reduceren of snel aanpakken van financiële problemen. Vroegtijdige signalering van financiële problemen, en het versterken van de financiële weerbaarheid biedt mensen uitzicht op kansengelijkheid zodat zij mee kunnen doen en in kunnen zetten op duurzame verbeteringen in hun totale leefsituatie. Preventieve maatregelen moeten daarom toegankelijk zijn voor iedereen die het nodig heeft, met speciale aandacht voor kwetsbare groepen. Ook in 2025 hebben we geïnvesteerd in de samenwerking met scholen, gemeenten, maatschappelijke organisaties en werkgevers om problemen op het gebied van inkomen en financiële problemen snel te herkennen en gezamenlijk aan te pakken. In de gemeenten Maastricht, Sittard-Geleen en Kerkrade is vanaf 2023 samen met KBL en diverse maatschappelijke partners veel gerichte tijd en energie gestoken in het door ontwikkelen van de zogenaamde vroegsignalering, waarbij mensen met betalingsproblemen en schulden vroegtijdig op basis van eerste signalen worden gecontacteerd/bezocht (outreachende hulpverlening). Zo reduceren wij de inzet van ingrijpende schuldregelingstrajecten of beschermingsbewind door er snel bij te zijn.
De eerste (landelijke en lokale) ervaringen, bevindingen en resultaten zijn positief en op deze activiteiten is in 2025 dan ook verder ingezet. Ook voor verschillende Heuvelland gemeenten zijn we actief aan de slag met de vroegsignalering. Binnen regio Parkstad hebben we reeds vanaf 2021 de nauwe samenwerking met WSP Parkstad verder doorontwikkeld. En ook in Sittard-Geleen wordt al jaren samengewerkt met Vidar. Werkgeversdienstverlening wordt vormgegeven door vroegtijdige en laagdrempelige gespreksmogelijkheden te bieden, zoals open spreekuren en educatieve informatiesessies. Daarnaast wordt gebruikgemaakt van financiële signaleringsinstrumenten, zoals Mesis. Op deze manier kunnen financiële problemen in een vroeg stadium worden herkend en aangepakt, waardoor ingrijpende maatregelen zoals schuldhulpverlening of beschermingsbewind zoveel mogelijk worden voorkomen. Inmiddels zijn er in het verlengde van deze werkgeversdienstverlening ook opdrachten in uitvoering (geweest) bij uiteenlopende andere werkgevers zoals Emma safety shoes, Abbott, RD4, Relim, EKK Eagle Simrax, VDL Nedcar en NLVI. Deze lijn zetten we in 2025 door. Leren omgaan met geld zou al moeten beginnen bij de jeugd. Uit onderzoek blijkt dat steeds meer jongeren financiële problemen ervaren. Kwetsbare kinderen en jongeren vragen extra aandacht.
In de gemeente Sittard-Geleen zijn, na het positief afronden van het project Start Schuldvrij, de handen van Jongerenpunt en KBL structureel ineengeslagen om jongeren met financiële problemen laagdrempelig en outreachend te benaderen. Samen geven we uitvoering aan werkwijze om juist deze jongeren sneller te bereiken en een schuldenvrij perspectief te bieden. Omdat we weten dat schaamte, vooroordelen en stress belangrijke factoren zijn die mensen met schulden tegenhouden om hulp te vragen zetten we in samenwerking met Burgerkracht Limburg en een aantal samenwerkingspartners de “escapecaravan voor schulden” in. De escapecaravan en de daaraan verbonden lessen worden aangeboden op scholen in Limburg. Het lesprogramma wordt door KBL uitgevoerd in samenwerking met ervaringsdeskundige jongeren. Daarnaast hebben we als KBL ook dit jaar diverse groepen vrijwilligers van diverse organisaties geschoold en worden de samenwerkingsafspraken met de vrijwilligersinstanties versterkt. Voor volwassenen verzorgen we ook lessen en workshops door middel van _____________________________________________________________________________________________ 17
Jaarstukken 2025
cursussen. Ook hebben we verscheidene trainingen en intervisiebijeenkomsten georganiseerd voor de vrijwilligers die betrokken zijn in de schuldhulpverlening. Onderstaande gegevens betreffen de gerealiseerde uren in 2025 door KBL: Uren Preventie, Vroegsignalering & Educatie Realisatie 2025
Begroot 2025
Verschil
Brunssum
354
394
-40
Kerkrade
2.426
2.570
-145
Landgraaf
625
560
65
Maastricht
3.223
3.393
-170
Sittard-Geleen
6.011
6.020
-9
Niet GR
241
344
-103
Totaal
12.880
13.281
-402
Intake Het huidige intakeproces sluit aan bij de nieuwe wetgeving zijnde de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (WGS) en het Besluit Gemeentelijke Schuldhulpverlening (BGS). De berekening van de beslagvrije voet, het proces van vroegsignalering, de BKR-registratie, de wettelijke termijnen in het intakeproces, toelatingsbeschikkingen zijn geïmplementeerd voor de gemeenten waarvan wij deze verantwoordelijkheid ook toebedeeld hebben gekregen. De wijze van gegevens verzamelen in het intakeproces vraagt nog om een digitale doorontwikkeling. Een deel van de uitvoering van de WGS en de BGS is nog niet ingeregeld omdat we in afwachting zijn van de landelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld het opvragen van data via een aansluiting op het Inlichtingenbureau of een Suwinet-inkijk voor schuldhulpverleners. De aantallen intakes in 2025 blijken uit onderstaand overzicht: Aantallen Intake 2025 GR Niet GR Totaal
2024 1503 214 1717
1.331 192 1523
In 2025 heeft KBL 1.717 aanvragen schuldhulpverlening ontvangen. Dit is een toename van circa 12,7% ten opzichte van het aantal aanvragen in 2024 (1.523). Na de stijging in 2023 en een wisselend beeld in 2024 zien we in 2025 weer een duidelijke toename van het aantal intakes. Onze vergrote aandacht op het sneller in contact komen met de mensen die financiële problemen ervaren lijkt effect te resulteren. In Nederland hebben ruim 1 miljoen mensen risicovolle of problematische schulden. Het duurt gemiddeld 4 tot 5 jaar voordat mensen de eerste stap maken om financiële hulp in te schakelen. Te veel mensen hebben in hun omgeving geen hulpbronnen en zijn ook niet bij machte om zelfstandig hulpbronnen in te schakelen. Om die drempel te verlagen organiseert KBL of sluiten we aan op de inlooplocaties in de wijken voor financiële hulp. Burgers kunnen er terecht met al hun financiële vragen. Bijvoorbeeld wanneer ze willen weten of hun inkomsten en uitgaven nog in balans zijn of hulp nodig hebben bij het invullen van ingewikkelde formulieren, het corrigeren van loonbeslagen of het aanvragen van toeslagen. Behalve het bieden van praktische hulp, zijn de inlooplocaties ook een uitstekende plek om _____________________________________________________________________________________________ 18
Jaarstukken 2025
in een eerder stadium financiële problemen te signaleren, ze bespreekbaar te maken en passende hulp in te schakelen. Het creëren van laagdrempelige inloopplekken, waar mensen gemakkelijker rechtstreeks contact kunnen hebben met de schuldhulpverlening en de outreachende Vroegsignaleringsaanpak spelen een essentiële rol in het sneller en beter in gesprek komen met de mensen die hulp nodig hebben. Onderstaand overzicht geeft de aantallen daadwerkelijke geregistreerde instroom in 2025 per GR gemeente weer, waarbij wordt vergeleken met de aantallen volgens de begroting 2025: Aantallen gerealiseerde instroom Realisatie 2025
Realisatie 2024
48 240 97 571 547 214 1.717
35 221 68 522 485 192 1.523
Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Niet GR Totaal
Begroot 2025 36 250 70 533 520 159 1.568
Verschil realisatie 12 -10 27 38 27 55 149
Sociale kredietverstrekking Naast de bij het onderdeel Schuldenaanpak genoemde saneringskredieten verstrekt KBL van oudsher ook kredieten voor consumptieve doeleinden. De doelgroep waaraan deze kredieten verstrekt mogen worden, is beperkt door de Wet Fido. In beginsel mag een kredietbank alleen maar consumptieve kredieten verstrekken aan mensen met een inkomen tot 130% van het brutominimumloon. Mocht het inkomen hoger zijn, maar iemand wordt niet geholpen door een commerciële bank, dan behoort deze ook tot de doelgroep van sociale kredietverstrekking van een kredietbank. Wij kunnen niet genoeg benadrukken dat sociale kredietverstrekking iets heel anders is dan de zogenaamde saneringskredieten. Zoals eerder opgemerkt, is een saneringskrediet een krediet om schulden tegen finale kwijting af te kopen (vorm van schuldregelen) en gelden voor deze kredieten de richtlijnen van een schuldregeling. Sociale kredietverstrekking door KBL gebeurt zorgvuldig, betrouwbaar en zonder winstoogmerk. Het is bedoeld om tegemoet te komen aan een gezonde kredietbehoefte in de samenleving. Een verantwoord krediet bevordert de financiële participatie van burgers, lost tijdelijke financiële knelpunten op en heeft een preventieve werking. Wij zien erop toe dat het krediet, inclusief de rente, door de klant binnen een redelijke termijn kan worden afgelost.
Hierbij letten we erop dat een klant niet over gecrediteerd raakt. Een sociaal krediet kent in principe een looptijd van maximaal 60 maanden. De looptijd van de door KBL verstrekte sociale kredieten bedraagt veelal 36 maanden. Om als gemeente te voldoen aan de Wet Inburgering wordt voor het verplicht financieel ontzorgen van nieuwkomers steeds vaker de samenwerking met KBL gezocht. Naast het overnemen van de betalingen via Budgetbeheer voorziet een sociaal krediet ook in de behoefte de woninginrichting te faciliteren en kan met een zogenaamd “Bufferkrediet” direct worden gestart met het betalen van de vaste lasten totdat alle bronnen van inkomsten daadwerkelijk beschikbaar zijn voor de klant. Beide kredietvormen vallen onder het regulier sociaal consumptief krediet dat KBL kan verstrekken.
_____________________________________________________________________________________________ 19
Jaarstukken 2025
In 2025 hebben wij 1.124 aanvragen voor een consumptief krediet ontvangen. Daarvan zijn er 714 kredietaanvragen toegekend. In 2024 waren dat er 780 van de 1.137 aanvragen. In 2025 hebben we 244 aanvragen voor een saneringskrediet ontvangen. Daarvan zijn 226 kredietaanvragen toegekend. In 2024 waren dat 466 van de 490 aanvragen. In totaal heeft KBL in 2025 € 3.280.427 uitgeleend aan consumptieve- en saneringskredieten. In onderstaande tabel is een overzicht van de bestedingsdoelen van de kredietbedragen opgenomen: Bestedingsdoel Betaling schulden Buffer Huishoudelijke apparatuur Kleding en schoeisel Medische kosten Overbruggen vaste lasten Overbrugging inkomsten Overige Oversluiting Saneringskredieten Vakantie Vervoersmiddelen Woninginrichting Totaal
Bedrag 194.066 688.128 33.106 9.498 9.316 3.422 4.699 177.773 805.875 8.837 110.785 1.234.923 3.280.427
Inkomensbeheer en -ondersteuning Budgetbeheer In 2025 is het aantal huishoudens met budgetbeheer bij KBL gedaald, van 1.746 pakketten in 2024 naar 1.632 pakketten in 2025 (-6,5%). Bijna de helft van deze daling wordt veroorzaakt door uitstroom van Heerlense inwoners, waar sinds de uittreding van gemeente Heerlen uit de GR geen instroom meer tegenover staat. KBL biedt in de basis twee verschillende vormen van budgetbeheer: bij de inzet van “Budgetbeheer Basis” zijn de betalingen van de primaire lasten gewaarborgd. Binnen “Budgetbeheer Totaal” worden daarnaast alle overige lasten van de klant betaald. Budgetbeheer is een instrument dat zowel preventief ter voorkoming van het ontstaan van huishoudelijke betalingsachterstanden als ook als flankerende hulp gedurende een traject van schuldhulpverlening kan worden ingezet.
Onderstaand een overzicht waarin de verdeling naar de verschillende budgetbeheerpakketten is weergegeven vanaf 2023:
_____________________________________________________________________________________________ 20
Jaarstukken 2025
BBR - VERDELING PAKKETTEN 2025
2024
2023
Basispakket
137
158
246
Totaalpakket
1.401
1.462
1.521
94
126
-
1.632
1.746
1.767
Statushouders Totaal
De ontwikkeling van het totaal aantal klanten per ultimo boekjaar van de GR-gemeenten blijkt uit onderstaande tabel: Budgetbeheerrekeningen Aantal klanten
Ultimo 2025
Ultimo 2024
Verschil
Brunssum
61
57
4
Kerkrade
150
158
-8
Landgraaf
123
105
18
Maastricht
582
616
-34
Sittard-Geleen
304
309
-5
Niet GR
244
279
-35
Heerlen
168
222
-54
Totaal
1.632
1.746
-114
Budgetbeheer Maatwerk Van oorsprong als pilot opgestart om als mogelijk alternatief te dienen voor een traject beschermingsbewind is Budgetbeheer Maatwerk inmiddels uitgegroeid tot een volwaardige vorm van dienstverlening binnen KBL. Elke klant krijgt een op maat gesneden aanpak waarmee deze in zijn/haar eigen tempo kan werken aan behoud van de financiële redzaamheid en toewerken naar de maximale vergroting hiervan. Het tijdspad, de intensiteit en mate van begeleiding kan per situatie verschillen, maar de gemene deler blijft altijd: ”zo lang als nodig en zo kort als mogelijk”. De gemiddelde doorlooptijd van een traject Budgetbeheer Maatwerk bedroeg over de in 2025 beëindigde trajecten circa 12 maanden. Alle KBL-budgetconsulenten zijn KIWA-gecertificeerde budgetcoaches waarmee de kans op succesvolle afronding van de trajecten gemaximaliseerd wordt. Daarnaast hebben zij een ruime werkervaring opgebouwd als budgetbeheerder, schuldhulpverlener en/of beschermingsbewindvoerder waardoor de klant kan rekenen op een professionele begeleiding gedurende zijn/haar traject. Hierbij is jaarlijkse bijscholing een verplicht onderdeel voor de medewerkers om actueel vakbekwaam te blijven. Het klantenbestand Budgetbeheer Maatwerk is in 2025 licht gedaald van 240 naar 235 dossiers. Dat is een daling van 2% ten opzichte van het voorgaande kalenderjaar.
De daling is te verklaren door de geleidelijke uitstroom van dossiers van klanten uit de voormalige GR gemeente Heerlen. Heerlen heeft na de uittreding nog tot 1 juli 2024 de dienstverlening Budgetbeheer Maatwerk ingekocht. Dat betekent dat er na deze datum alleen nog dossiers van de overige vijf GR-deelnemers zijn opgestart. Zie onderstaand een overzicht van de ontwikkeling van de dossiers Budgetbeheer Maatwerk:
_____________________________________________________________________________________________ 21
Jaarstukken 2025
Ontwikkeling dossiers BBR Maatwerk 2025
2024
2023
Begin boekjaar
240
261
211
Gestart
181
155
175
Beëindigd
186
176
125
Totaal
235
240
261
Beschermingsbewind Naast de hierboven reeds weergegeven diensten Budgetbeheer, Budgetbeheer Maatwerk en Budgetcoaching, biedt KBL als sluitstuk van het inkomensbeheer en de inkomensondersteuning de wettelijke taak Beschermingsbewind aan. Dit is bestemd voor en voorbehouden aan meerderjarige burgers die voor langere duur en soms voor de rest van hun leven, op grond van lichamelijke of geestelijke beperkingen, niet meer in staat zijn om hun financiële zaken te regelen. Daarnaast kunnen mensen op grond van problematische schulden onder beschermingsbewind geplaatst worden. De duur van deze maatregel is in eerste instantie beperkt tot 5 jaar. In 2025 is KBL onverminderd doorgegaan op de ingeslagen weg om burgers bij wie de grondslag voor beschermingsbewind wegvalt proactief te stimuleren en begeleiden om het beschermingsbewind op een passende wijze te laten eindigen. Hand in hand met de budgetconsulenten, casemanagers en externe samenwerkingspartners wordt de klant toe geleid naar een situatie waarin deze weer deels en waar mogelijk zelfs geheel zelfstandig verantwoordelijk wordt voor de eigen financiën. In 2025 zijn er 125 dossiers gestart en 110 dossiers beëindigd. Het klantenbestand van de onderbewindgestelden is daarmee gestegen van 780 naar 795 dossiers. In 2025 is daarmee het bestaande klantenbestand met ca. 2% gestegen.
Ontwikkeling dossiers beschermingsbewind 2025 Begin boekjaar Gestart Beëindigd Totaal
2024 780 125 110 795
2023 813 104 137 780
852 87 126 813
De verdeling van het aantal klanten beschermingsbewind per ultimo 2025 over GRgemeenten en zelfbetalers is als volgt: Beschermingsbewinden Aantal klanten Brunssum Kerkrade Landgraaf Maastricht Sittard-Geleen Niet GR Heerlen Totaal
Facturatie
Zelfbetalers 28 107 25 0 223 0 0 383
Totaal 8 24 7 118 24 65 166 412
36 131 32 118 247 65 166 795
Ten aanzien van de 65 zelfbetalers uit niet-GR-gemeenten zij vermeld dat dit doorgaans klanten betreft die voorheen wel binnen 1 van de 5 GR-gemeenten woonachtig waren, doch op grond van een verhuizing nu buiten de GR woonachtig zijn. Een verhuizing wordt door de _____________________________________________________________________________________________ 22
Jaarstukken 2025
rechtbank niet gezien als grond voor een wijziging van bewindvoerder. Het beleid om geen beschermingsbewindklanten van buiten de GR-grenzen toe te laten tot beschermingsbewind was ook in 2025 onverkort van toepassing.
Schuldenaanpak Een schuldregeling is één van de instrumenten binnen het brede pallet aan diensten binnen de schuldhulpverlening. Een schuldregeling houdt in dat schulden van de klant in kaart worden gebracht waarna een voorstel aan de schuldeisers tegen finale kwijting wordt gedaan. KBL kan schulden op drie manieren regelen, namelijk via de bekende werkwijzen van een schuldbemiddeling of het saneringskrediet, en de in 2024 geïntroduceerde wijze van het zogenaamde 0-aanbod. Binnen de schuldregeling hebben na juli 2023 twee grote wijzigingen plaatsgevonden. De eerste wijziging betreft de termijn waarop mensen moeten aflossen aan de regeling. Die is gehalveerd van 36 maanden naar 18 maanden. De minnelijke schuldregeling volgt hiermee de termijn die ook voor de wettelijke schuldregeling (WSNP) is bepaald. Met het halveren van de termijn beoogd de wetgever meer mensen in problematische schulden te bereiken om daarmee de doelstelling om het aantal mensen in problematische schulden voor 2030 te halveren. De tweede wijziging is ingevoerd in juli 2024 en ziet toe op het bedrag dat mensen in een wettelijke of minnelijke schuldregeling moeten inzetten. Op basis van het Vrij Te Laten Bedrag (VTLB) wordt bepaald wat de aflossingscapaciteit is. Voorheen werd als minimum 5% van de geldende bijstandsnorm aangehouden.
Het naar boven afronden van de berekende aflossingscapaciteit tot dit minimum van 5% is per juli 2024 vervallen. Dat betekent dat mensen alleen nog maar dat bedrag hoeven in te zetten dat is berekend op basis van het VTLB. Hiermee wordt recht gedaan aan het waarborgen van de bestaanszekerheid en hoeven mensen dus niet meer geld in te zetten voor het aflossen van hun schulden dan op basis van de VTLB is berekend. Ook met deze maatregel beoogt de wetgever de weg naar het saneren van schulden laagdrempeliger te maken om daarmee meer mensen te bereiken en bij te dragen aan de ambitie om voor 2030 het aantal mensen in problematische schulden te halveren. Bij een schuldbemiddeling spaart de klant gedurende 18 maanden zijn aflossingscapaciteit boven het berekende Vrij Te Laten Bedrag. Het voorstel aan de schuldeisers is dan ook een prognose omdat het inkomen van een klant kan fluctueren. De schuldeiser gaat akkoord met het gegeven dat het een prognose betreft waarbij KBL toeziet op het sparen boven het vrij te laten bedrag. Eén keer per half jaar wordt gekeken of de klant zich houdt aan de inspanningsverplichtingen die bij een minnelijke schuldregeling horen. Bij een saneringskrediet (SK) wordt aan de start van het traject de aflossingscapaciteit van de klant berekend. Ook hier gebeurt dat op basis van 18 maanden.
Dit is de basis voor het te verstrekken krediet waarmee schuldeisers ineens en vooraf worden afgekocht. Bij deze manier van werken weten schuldeisers direct waar ze aan toe zijn en hoeven zij niet gedurende 18 maanden de vordering nog in de boeken te houden. Voor de klant is er rust en overzicht. De klant heeft nog maar één schuldeiser, namelijk KBL. Hier betaalt hij/zij de lening in 18 maanden terug. Het zogenaamde 0-aanbod houdt in dat klanten op basis van de Vtlb-berekening € 0 kunnen aflossen aan de schulden. Indien er geen perspectief op hogere inkomsten bestaat, wordt schuldeisers gevraagd om op basis van dit 0-aanbod direct finale kwijting te verlenen. Voor een aantal landelijke (grotere) schuldeisers was dit even wennen, maar is er begrip voor _____________________________________________________________________________________________ 23
Jaarstukken 2025
deze werkwijze. Met name de wat kleinere partijen hebben moeite met dit voorstel en weigeren veelal om mee te werken aan een minnelijk traject. Zoals bekend spant KBL zich in om schulden met een SK te regelen, “tenzij”. Inmiddels wordt ook landelijk de meerwaarde om schulden met een SK te regelen breed gedragen en wordt door het Ministerie van SZW een fonds gesubsidieerd om het risico van deze kredieten vanuit dit fonds te dragen. Steeds meer gemeenten zijn aangesloten bij de Waarborgfonds Saneringskredieten. De betaalmoraal van mensen met een SK is onverminderd hoog. Het achterstandspercentage ten opzichte van het uitstaande volume bedraagt per 31-12-2025 2,32%. Daarbij opgemerkt dat in die achterstand een aantal keren een 1e termijn zit omdat machtigingen ten behoeve van de aflossing buiten invloed van de klant later zijn verwerkt dan gepland. In 2025 zijn 406 trajecten schuldregeling gestart en 690 beëindigd. Een aantal trajecten gestart in 2025 zijn nog in behandeling: Aanvragen schuldregeling Aantal gestarte schuldregelingen Aantal beëindigingen Saldo
2025
2024
2023
406
668
714
690 -284
780 -112
936 -222
In 2025 zijn er in totaal 406 minnelijke voorstellen geaccepteerd waarvan in 193 gevallen een akkoord via een saneringskrediet is bereikt. In 213 gevallen is een akkoord via een schuldbemiddeling bereikt: Geaccepteerde schuldregelingen 2025 Saneringskrediet Schuldbemiddeling Totaal
2024 193 213 406
2023 333 105 438
528 120 648
Doordat in de berekening van de aflossingscapaciteit van klanten geen afronding naar boven meer plaatsvindt (tot 5% van de geldende bijstandsnorm) zien we dat voor veel mensen met een inkomen op bijstandsniveau de aflossingscapaciteit 0 euro bedraagt. Vanuit de schuldeisers is dit een financiële zin een nadelige ontwikkeling. Zij kiezen er dan ook weer steeds vaker voor om klanten 18 maanden te laten sparen boven het Vrij te laten bedrag (Schuldbemiddeling) en niet direct kwijting te verlenen tegen een 0-aanbod. Dit verklaart met name de substantiële daling van het aantal verstrekte saneringskredieten in 2025. Het aantal geaccepteerde schuldregelingen is in 2025 ten opzichte van 2023/2024 zichtbaar gedaald met circa 30%. De samenhang tussen deze daling en de op de voorgaande pagina geschetste fundamentele wijzigingen qua schuldregelen wordt nader gemonitord en onderzocht, zowel lokaal door KBL als landelijk via o.a. branchevereniging NVVK.
WSNP-verklaringen _____________________________________________________________________________________________ 24
Jaarstukken 2025
Zoals bij het onderdeel Schuldenaanpak al is opgemerkt, spant KBL zich in om zoveel als mogelijk minnelijk tot een akkoord met de schuldeisers van een klant te komen, mits dit de duurzame oplossing voor de schuldenproblematiek van de klant dient. Mocht er echter geen akkoord met de schuldeisers worden bereikt, dan mag een verzoek voor toelating tot de wettelijke schuldsanering (WSNP) bij de Rechtbank worden ingediend. Bij toelating tot de WSNP wordt voor de klant een bewindvoerder WSNP aangewezen. Deze WSNP-trajecten vinden buiten KBL plaats waarbij in sommige gevallen wel het inkomensbeheer bij KBL plaatsvindt. KBL bereidt klanten voor op deze WSNP-zittingen bij de Rechtbank en blijft gedurende de WSNP de klant ondersteunen en begeleiden. Onze klanten geven aan deze voorbereiding op zo'n WSNP-zitting als waardevol te ervaren. Het naar de Rechtbank gaan brengt toch een hoop spanning en stress met zich mee. Door goed voorbereid te zijn nemen we een deel van deze zorgen weg. Onze casemanagers gaan samen met de klant naar de WSNP-zitting toe. We merken nadrukkelijk op dat een aanvraag voor toelating tot de WSNP geen “mislukt” minnelijk traject is. Vanuit de WSNP-wetgeving heeft er in 2023 wel een aanpassing plaatsgevonden waarbij een gedegen onderbouwing waarom een minnelijk traject geen kans van slagen heeft ook zou volstaan om een aanvraag WSNP te mogen indienen.
Voorheen diende altijd een minnelijk traject ondernomen te worden. In de praktijk is dit echter nauwelijks aan de orde geweest omdat minnelijk nog steeds het merendeel van de minnelijke trajecten slaagt. Onderstaand een overzicht van de afgifte WSNP-verklaringen in 2025: Afgifte WSNP-verklaringen GR
Niet GR
2025 Aantal
Totaal
2025 24
Totaal
2025 6
2024 30
44
Kerngegevens:
_____________________________________________________________________________________________ 25
Jaarstukken 2025
Jaarrekening 2025 Kredietbank Limburg
_____________________________________________________________________________________________ 26
Jaarstukken 2025
Balans per 31 december 2025 (na resultaatbestemming)
_____________________________________________________________________________________________ 27
Jaarstukken 2025
Overzicht van baten en lasten 2025
_____________________________________________________________________________________________ 28
Jaarstukken 2025
Staat van baten en lasten - Programma schuldhulpverlening
_____________________________________________________________________________________________ 29
Jaarstukken 2025