CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel 202629062 (bijlage) Jaarrekening 2025 GR WOZL

Commissie Burgerzaken 19 mei 2026, gemeente BrunssumBij agendapunt: Raadsvoorstel WOZL Jaarrekening 2025, 1e begrotingswijziging 2026 en ontwerpbegroting 202713.853 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid Limburg

Jaarstukken 2025

Vastgesteld door het Algemeen Bestuur d.d. 2 april 2026

De algemeen directeur/secretaris

De voorzitter

F. Dijk

J. Roland

Jaarrekening 2025

Inhoud 1.

Jaarverslag .....................................................................................................................3 1.1 Bestuurlijke organisatie GR WOZL .....................................................................................3 1.2 Structuur en governance .................................................................................................4 1.3 Structurele verbinding met GR WSP Parkstad........................................................................5 1.4 Organogram GR en Verbonden Partijen: ..............................................................................5 1.5 Programmaverantwoording ..............................................................................................6 1.5.1 Gerealiseerd resultaat .....................................................................................6 1.5.2 Uitvoering Wsw .............................................................................................7 1.6 Financiële paragrafen.....................................................................................................9 1.6.1 Reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen ....................................9 1.6.2 Bedrijfsvoering ............................................................................................12 1.6.3 Financiering

...............................................................................................16 1.6.4 Verbonden partijen .......................................................................................19

2.

Jaarrekening 2025 ..........................................................................................................21 2.1 Balans per 31 december 2025.........................................................................................22 2.2 Overzicht baten en lasten 2025 .......................................................................................24 2.3 Toelichting ................................................................................................................26 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ................................................26 2.3.2 Toelichting op de balans per 31-12-2025 .............................................................30 2.3.3 Toelichting op het overzicht baten en lasten over 2025 ............................................37 2.4 Overzicht taakvelden ....................................................................................................50 2.5 Rechtmatigheidsverantwoording ......................................................................................51

3. Controleverklaring van de onafhankelijke accountant...................................................................54 Bijlagen ................................................................................................................................55 Bijlage I Realisatie subsidieverantwoording ..............................................................................55 Bijlage II Afrekening AJ......................................................................................................56 Bijlage III Te verrekenen met gemeenten ................................................................................57

2

Jaarrekening 2025

1.

Jaarverslag

Dit verslag geeft een financieel beeld van de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorziening Oostelijk Zuid Limburg (WOZL) over 2025. Er is een beknopt jaarverslag opgenomen met daarin de in de BBV verplichte voorgeschreven onderwerpen. Voor een uitgebreid jaarverslag wordt verwezen naar het separaat opgestelde jaarverslag 2025.

1.1 Bestuurlijke organisatie GR WOZL Het Algemeen Bestuur bestaat in 2025 uit de volgende afgevaardigden van de deelnemende gemeenten: Algemeen bestuur Gemeente

Naam

Periode

Heerlen

dhr. M.E.E. de Beer

1 januari t/m 30 juni 2025

Kerkrade

dhr. J. Roland

21 augustus t/m 31 december 2025

Landgraaf

dhr. C. Wilbach

1 januari t/m 31 december 2025

Leden Beekdaelen Beekdaelen Brunssum

dhr. L.C.J. de Koster mw. J. Quadvlieg mw. M. Y. Brüning

1 januari t/m 30 april 2025 1 juni t/m 31 december 2025 1 januari t/m 31 december 2025

Voorzitter

Vicevoorzitter

Gulpen - Wittem dhr. F.J.E. Derksen

1 januari t/m 31 december 2025

Heerlen Kerkrade Simpelveld

dhr. W. Houben dhr. J. Roland dhr. M.J.J.M. Gulpen

1 juli t/m 31 december 2025 1 januari t/m 20 augustus 2025 1 januari t/m 31 mei 2025

Simpelveld

mw. N. Van Loon

1 juni t/m 31 december 2025

Vaals

dhr. J.P.M.H. Kompier 1 januari t/m 31 december 2025

Valkenburg

dhr. J.I.M Kleijnen

1 januari t/m 31 december 2025

Voerendaal

dhr. H.A.J. Coenen

1 januari t/m 31 maart 2025

Voerendaal

dhr. P. Leunissen

1 april t/m 31 december 2025

3

Jaarrekening 2025

Het Dagelijks Bestuur bestaat in 2025 uit: Dagelijks bestuur Gemeente

Naam

Periode

Heerlen

dhr. M.E.E. de Beer

1 januari t/m 30 juni 2025

Kerkrade

dhr. J. Roland

21 augustus t/m 31 december 2025

Landgraaf

dhr. C. Wilbach

1 januari t/m 31 december 2025

Leden Kerkrade Brunssum

dhr. J. Roland mw. M.Y. Brüning

1 januari t/m 20 augustus 2025 21 augustus t/m 31 december 2025

Voorzitter

Vicevoorzitter

Algemeen directeur/secretaris GR WOZL dhr. F. H. Dijk

1 januari t/m 31 december 2025

1.2 Structuur en governance Sinds 2018 is de organisatie van WSP Parkstad verdeeld over twee gemeenschappelijke regelingen namelijk de GR WOZL en de GR WSP Parkstad. Na een juridische herstructurering in 2020 ziet de vereenvoudigde structuur er als volgt uit:

4

Jaarrekening 2025

1.3 Structurele verbinding met GR WSP Parkstad In december 2017 is de GR WSP Parkstad opgericht, waardoor de werkgeversdienstverlening structureel is verankerd in de regio Parkstad. Mede op basis van de beleidskaders 2016-2021 is besloten om de organisatie GR WOZL en GR WSP Parkstad als één organisatie te managen. Het organogram van de organisatie:

Onder de stafafdelingen wordt verstaan: Personeel & Organisatie, Juridische zaken Finance, Facilitair & Huisvesting, Inkoop, ICT en Communicatie.

1.4 Organogram GR en Verbonden Partijen:

De verbonden partijen onder GR WOZL bestaat enkel uit WOZL Beschut 2.0 B.V. De bestuurder van deze BV is de GR WOZL waarbij de algemeen directeur/ secretaris volledig gevolmachtigd is om namens het bestuur te handelen.

5

Jaarrekening 2025

1.5 Programmaverantwoording

1.5.1 Gerealiseerd resultaat In 2025 bedraagt het gerealiseerd resultaat €2.922K negatief. Conform de bepalingen in de Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap Oostelijk Zuid Limburg (GR WOZL) dienen de deelnemende gemeenten dit verlies te betalen aan de GR WOZL. In de bijlage is een tabel opgenomen met de verdeling van het resultaat per gemeente. De specificatie op hoofdlijnen van het gerealiseerd resultaat luidt als volgt: Gerealiseerd resultaat

Rubriek

(bedragen x € 1.000,-)

Resultaat voor fin. en alg. dekkingsmid delen

Financiering

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

Mutaties in reserve

Gerealiseerd resultaat

Bedrijfsvoering

-188

282

94

0

94

Uitvoering Wsw

2.768

-2.567

200

0

200

Beschut 2.0

-2.453

2.678

225

0

225

253

0

253

22

275

0

0

0

0

0

Incidentele baten/lasten

-3.716

0

-3.716

0

-3.716

Totaal

-3.336

392

-2.944

22

-2.922

Personeelskosten Wsw Heuvelland gemeente WSP

2de begrotingswijziging 2025 De 2de begrotingswijziging 2025 is door het Algemeen Bestuur vastgesteld in de bestuursvergadering van 22 januari 2026.

6

Jaarrekening 2025

1.5.2 Uitvoering Wsw In de 2de begrotingswijziging 2025 is de taakstelling voor uitvoering van de Sw vastgesteld op 1.955,40 AJ met een subsidiebedrag van €40.680 per AJ. De totale realisatie bedraagt 1.954, 40 AJ met een bijbehorende subsidie van €40.680 per AJ. Onderstaande tabel met kerngegevens arbeidsjaren van de GR WOZL geeft weer waar de Sw-medewerkers (gemiddelde AJ’s gedurende 2025) woonachtig waren.

Aantal Wsw-medewerkers in arbeidsjaren

Verbonden partijen / regulier

2024

2025

2025

cf. jaar rekening

cf. 2de begrotingswijziging

realisatie

verschil

1.909,72

1.710,73

1.707,38

-3,35

Begeleid werken

71,95

68,18

68,67

0,49

Beschut werken

75,45

70,17

71,54

1,38

RVU

84,73

106,16

106,43

0,28

Buitenregionale uitvoeringsorganisaties

0,00

0,00

0,37

0,37

2.141,86

1.955,24

1.954,40

- 0,84

2024

2025

2025

cf. jaar rekening

cf. 2de begrotingswijziging

realisatie

Totaal

Aantal Wsw-medewerkers in arbeidsjaren

verschil

Beekdalen

114,76

99,22

99,39

Brunssum

271,39

243,33

243,59

0,17 0,25

Gulpen-Wittem

50,14

46,28

46,15

-0,13

Heerlen

751,42

701,15

699,47

-1,69

Kerkrade

498,70

454,08

453,86

-0,23

Landgraaf

283,85

256,09

256,11

0,02

Simpelveld

61,81

54,93

55,51

0,58

Vaals

42,49

38,46

38,63

0,17

Valkenburg

39,50

37,09

37,25

0,16

Voerendaal

27,13

24,59

24,28

-0,31

Niet deelnemende gemeenten

0,67

0,00

0,17

0,17

Totaal

2.141,87

1.955,25

1.954,40

- 0,84

Financiële gegevens Rijkssubsidie per arbeidsjaar

€ 37.945

€ 40.680

€ 40.680

€0

7

Jaarrekening 2025

1.5.3 Verbonden partijen GR WOZL kent enkel WOZL Beschut 2.0 B.V. als verbonden partij. WOZL Beschut 2.0 B.V. De werknemers uit de doelgroep geplaatst bij de WOZL Beschut 2.0 B.V. zijn voornamelijk werkzaam op handmatig of machinaal verpakken van (vaak) grote hoeveelheden food- en non-foodproducten. Het accent ligt op procesmatige activiteiten met een hoge arbeidsintensiteit, grote routine en grote volumes. Tevens verzorgt WOZL Beschut 2.0 B.V. voor diverse klanten de hierbij behorende logistieke dienstverlening. De werkzaamheden vinden zowel plaats onder ‘eigen regie’ en op eigen locaties als in groepsgewijze detacheringen. Het netto resultaat over het boekjaar 2025 is uitgekomen op €2.453K negatief. In de 2de begrotingswijziging 2025 is uitgegaan van €2.678K negatief. Het netto resultaat is €225K beter dan begroot in de 2de begrotingswijziging 2025. Het nettoresultaat bestaat uit het operationeel resultaat en uit het subsidieresultaat. Het nettoresultaat 2025 ziet er als volgt uit:

Beschut 2.0

(bedragen x € 1.000,-) 2025

2de begr. wijz.

realisatie

verschil

425

461

36

-649

-579

70

-944

-941

3

Bruto marge Overige personeelskosten Sw Personeelskosten n-Sw Afschrijvingen Bedrijfskosten

-86

-86

0

-1.524

-1.470

54

Operationaal resultaat

-2.778

-2.615

163

Wsw-lonen

-8.988

-8.996

-8

Wsw Rijkssubsidies

9.088

9.158

70

Subsidieresultaat

100

162

62

Netto resultaat

-2.678

-2.453

225

8

Jaarrekening 2025

1.6 Financiële paragrafen De financiële verordening ex artikel 212 van de gemeentewet schrijft voor dat de begroting en de jaarrekening voor de GR WOZL de volgende paragrafen moet bevatten: - De reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen; - de bedrijfsvoering; - de financiering; - verbonden partijen. Dit komt overeen met wat in artikel 9, lid 2 van het Besluit Begroting en Verantwoording voor Provincies en Gemeenten (BBV) over paragrafen wordt genoemd.

1.6.1 Reserves, het risicomanagement en het weerstandsvermogen Reserves Op de balans is het gerealiseerd resultaat van -/- €2.922K opgenomen onder het eigen vermogen. De bestemming van het gerealiseerd resultaat is de bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Onder het eigen vermogen worden de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerd resultaat over 2025 verantwoord. Het resultaat vorig boekjaar is na onttrekking nihil. Voor de resultaatsbestemming over 2025 wordt verwezen naar het voorstel in hoofdstuk 2.3.3 en de tabel “te verrekenen met gemeenten” in de bijlagen. In onderstaand figuur is het verloop weergegeven van ontwikkeling van de reserves in 2025.

Reserves

(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2024 saldo

Algemene Reserve Resultaat vorig boekjr

0

Bestemmingsreserve Verlofrechten ASB

22

Totaal

22

bestemming 2024 toeontvoeging trekking

2.776

2.776

0

1-1-2025

mutaties 2025 toeontvoeging trekking

31-12-2025

2.776

2.776

0

22

22

0

2.798

0

saldo

2.798

0

saldo

Gerealiseerd resultaat 2025

-2.922

Stand eigen vermogen ultimo 2025

-2.922

Algemene reserve Het positief resultaat 2024 van de GR WOZL is als ‘Resultaat vorig boekjaar’ toegevoegd aan de algemene reserve en vervolgens in het begrotingsjaar 2025 onttrokken nadat dit resultaat is teruggestort aan de deelnemende gemeenten. Dit is conform besluit Algemeen Bestuur van 26 maart 2025.

9

Jaarrekening 2025

Bestemmingsreserves Het instellen van reserves en het toevoegen aan en het onttrekken van middelen aan reserves is een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. Het Algemeen Bestuur besluit een deel van het eigen vermogen af te zonderen voor de dekking van toekomstige uitgaven voor een bepaald doel. Deze besluiten worden voorgelegd via de begroting, de begrotingswijzigingen, de resultaatsbestemming van de jaarrekening of via afzonderlijke besluiten. Verlofrechten ASB De bestemmingsreserve bestaat enkel uit de reserve die is gevormd ten behoeve van het bovenmatig verlofsaldo van de ASB-medewerkers. Dit verlofsaldo is in het verleden ooit opgebouwd en destijds met het faillissement van Maecon overgenomen door de GR WOZL. Het beleid is erop gericht om middels maatregelen de bovenmatige rechten op verlof terug te dringen In 2025 bedragen de kosten voor het verlof €22K dat geheel wordt gefinancierd uit de reserve. Het saldo van de reserve is per 31-12-2025 nihil. Risicomanagement De risico’s worden periodiek gerapporteerd aan het Algemeen Bestuur middels de tertiaire rapportage, de begroting en de begrotingswijzigingen. Specifieke risico’s zijn de loon- prijsontwikkeling, de hoogte van het subsidiebedrag per AJ, de terugstroom van detachering naar Beschut 2.0 en de beschikbaarheid van voldoende Sw-personeel op kritische functies van afdelingshoofd en voorman.

Daarnaast moet er ook voldoende passend werk beschikbaar zijn.

10

Jaarrekening 2025

Het weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen bestaat uit de algemene reserve, de vrij aanwendbare bestemmingsreserves en de post onvoorzien in de begroting.

Kengetallen

Netto schuld quote

0,53%

Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

0,53%

Solvabiliteitsratio

-36,10%

Grondexploitatie

0,00%

Structuele exploitatieruimte

0,49%

Belastingcapaciteit

n.v.t.

Het verlies van €2,9 miljoen maakt dat het eigen vermogen per einde jaar negatief is. Dit zorgt voor een negatieve solvabiliteitsratio. De GR WOZL hanteert het uitgangspunt dat het niet over een eigen weerstandsvermogen hoeft te beschikken. Op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen wordt dit risico gedragen door de deelnemende gemeenten.

11

Jaarrekening 2025

1.6.2 Bedrijfsvoering Deze paragraaf geeft inzicht in de stand van zaken ten aanzien van de bedrijfsvoering. Er wordt ingegaan op de rechtmatigheidsverantwoording, planning en control en het personeel. Namens de deelnemende gemeenten wordt de Wet sociale werkvoorziening uitgevoerd. Daartoe wordt circa €79 miljoen subsidiegeld omgezet in werkgelegenheid voor Sw-medewerkers via opdrachtverlening aan de uitvoeringsorganisaties.

Toelichting rechtmatigheidsverantwoording Met ingang van het boekjaar 2023 is de GR WOZL verplicht om zelf een rechtmatigheidsverantwoording op te stellen. Hiermee legt het Dagelijks Bestuur zelfstandig verantwoording af in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in dat deze in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Voor de rechtmatigheidsverantwoording zijn de volgende criteria getoetst: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium. In hoofdstuk 2.5 is de rechtmatigheidsverantwoording opgenomen. Deze is opgesteld volgens de Kadernota rechtmatigheid 2025 van de commissie BBV. Het Algemeen Bestuur heeft een verantwoordingsgrens vastgesteld waarboven het Dagelijks Bestuur de afwijkingen (fouten en onduidelijkheden) moet opnemen in de rechtmatigheidsverantwoording. De verantwoordingsgrens is in het controleprotocol vastgesteld op 2% van de totale lasten exclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op €1.762K. Alleen die bevindingen die boven de verantwoordingsgrens uitkomen dienen gerapporteerd te worden aan het Algemeen Bestuur en vastgelegd in de rechtmatigheidsverantwoording.

Alle bevindingen lager dan de verantwoordingsgrens ad. €1.762K maar hoger dan de rapporteringsgrens voor de GR WOZL, vastgesteld op €25K, dienen te worden gerapporteerd in de paragraaf bedrijfsvoering (zie onderstaand).

Begrotingscriterium Het begrotingscriterium heeft betrekking op de grenzen van de baten en lasten in de door het bestuur geautoriseerde begroting ten opzichte van de gerealiseerde cijfers. De begroting wordt bewaakt door de planning & control-cyclus. Begrotingswijzigingen kunnen 2 keer per jaar plaatsvinden en worden door het Algemeen Bestuur geautoriseerd. Voor het begrotingscriterium wordt het volgende schema uit de Kadernota rechtmatigheid van de Commissie BBV gehanteerd:

12

Jaarrekening 2025

In artikel 2 t/m 8 van de financiële verordening GR WOZL zijn de afspraken rondom afwijkingen ten opzichte van de (gewijzigde) begroting vastgelegd. In onderstaand overzicht worden de afwijkingen groter dan €25K weergegeven.

Rubriek

2de begr. wijz.

Lasten realisatie

verschil

Bedrijfsvoering

-407

-331

76

Uitvoering Wsw

-76.972

-76.738

234

Beschut 2.0

-2.678

-2.453

225

Personeelskosten Wsw

-79.071

-81.638

-2.567

-77

-106

-28

0

-3.716

-3.716

-159.205

-164.982

-5.776

Heuvelland gemeente WSP Incidentele lasten Totaal

Onderstaand worden de afwijkingen vanaf €25K nader toegelicht.

13

Jaarrekening 2025

Bedrijfsvoering De onderschrijding bij de bedrijfsvoering is met name het gevolg van lagere kosten in de organisatie. Hierbij kan gedacht worden aan personeel, automatisering- en huisvestingskosten. Daarnaast is de post onvoorzien niet benut. Uitvoering Wsw De onderschrijding bij de uitvoering Wsw heeft grotendeels te maken met de lagere gemiddelde kosten bij het onderdeel begeleid werken en de RVU. Deze zijn lager dan begroot. Beschut 2.0 Het nettoresultaat van Beschut 2.0 bestaat uit het operationeel resultaat en uit het subsidieresultaat. Het operationeel resultaat is €163K beter dan begroot en het subsidieresultaat is €62 beter dan begroot.

Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheerhandelingen. Deze eisen zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving en hebben betrekking op bijvoorbeeld de Aanbestedingswet. In 2025 is er tijdens de interimcontrole en gedurende het hele boekjaar zijn er inkoopanalyses uitgevoerd. Hieruit is gebleken dat diverse contracten Europees aanbesteedt zijn. Er zijn geen afwijkingen op de wettelijke voorschriften en het beleid geconstateerd.

Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Het misbruik en oneigenlijk gebruik heeft betrekking op het voorkomen, detecteren en corrigeren van misbruik en oneigenlijk gebruik van overheidsgelden en eigendommen van GR WOZL bij financiële beheerhandelingen. De in de Kadernota rechtmatigheid genoemde regelingen hebben betrekking op het verstrekken van subsidies en /of uitkeringen of het innen van heffingen van derden. Dit zijn geen activiteiten van GR WOZL, zodat dit toetsingscriterium in 2025 niet van toepassing was. In het verslagjaar 2025 is geen misbruik of oneigenlijk gebruik geconstateerd. Er is geen aanleiding geweest om te constateren dat er fraude zou hebben plaatsgevonden binnen de organisatie. De fraude risicoanalyse is dan ook ongewijzigd. Uit het in werking zijnde stelsel van interne controle, functiescheidingen en andere maatregelen zijn geen afwijkingen geconstateerd. Op de wijzigingen in de Iban-nummers van crediteuren gedurende het boekjaar 2025 heeft een analyse plaatsgevonden en zijn tevens detailcontroles op de wijzigingen uitgevoerd. Er zijn geen onjuiste wijzigingen geconstateerd. Tevens is vastgesteld dat de wijzigingen door bevoegde medewerkers zijn uitgevoerd.

14

Jaarrekening 2025

Planning en control Het Algemeen Bestuur is gedurende het jaar 2025 via begrotingswijzigingen op de hoogte gehouden van de financiële ontwikkelingen binnen de GR WOZL en de verbonden partijen. De 1ste begrotingswijziging 2025 is door het Algemeen Bestuur vastgesteld op 24 april juni 2025 en de 2de begrotingswijziging 2025 is vastgesteld op 22 januari 2026. De begrotingswijzigingen zijn vooraf besproken in het bestuur waarna deze ter zienswijze is aangeboden aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. In 2025 is het Algemeen Bestuur middels een tertiaire rapportage geïnformeerd over de financiële ontwikkelingen. Tevens worden Colleges en raden van de deelnemende gemeenten tussentijds geïnformeerd over de financiële ontwikkeling met de tertiaire rapportage.

Personeel Het personeel van de GR WOZL bestaat ultimo 2025 uit de volgende formatie:

GR WOZL 2025

Algemeen directeur/secretaris Concerncontroller Secretariaat Financiën Financiën Cliëntbeheer Totaal

2de begr. wijz. pers. fte 1 1,00 1 0,50 1 1 2 1 7

1,00 0,75 1,00 1,00 5,25

jaarrekening Dienstverband pers. fte 1 1,00 GR WOZL 1 0,50 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 1 1 2 1 7

1,00 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 0,75 GR WOZL 1,00 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 1,00 WSP Parkstad Detacheringen B.V. 5,25

Van de zeven personen zijn er twee in dienst van de GR WOZL en vijf aangenomen op detacheringsbasis. In totaal betreft dit 5,25 fte waarvan er 2,13 fte wordt doorbelast aan de GR WSP en de uitvoering van de Participatiewet.

15

Jaarrekening 2025

1.6.3 Financiering De wet Financiering Decentrale Overheden (FIDO) stelt regels voor het financieel beheer van een organisatie. Het richt zich op het beheer van geldstromen, de liquiditeit en financiële risico’s. De GR WOZL gebruikt twee instrumenten voor de treasury namelijk een treasury statuut en een financieringsparagraaf in de begroting. Op 21 februari 2019 heeft het Algemeen Bestuur de financiële verordening en het treasurystatuut vastgesteld. De kredietfaciliteit bij de Bank Nederlandsche Gemeenten bedraagt per 1 maart 2025 €8 miljoen. Het Algemeen Bestuur heeft in 2014 besloten dat de GR WOZL gebruik mag maken van €5 miljoen kredietfaciliteit. Bij overschrijding hiervan dient dit voorafgaand voorgelegd te worden aan het Algemeen Bestuur. Dit besluit is tevens door het Algemeen Bestuur bevestigd en vastgesteld. In 2025 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van de kredietfaciliteit van €5 miljoen. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet in de Wet Fido stelt een maximum aan het bedrag dat een gemeenschappelijke regeling mag lenen binnen een jaar. De grens is 8,2% van het totale begrotingstotaal aan lasten vóór bestemming. Dit betekent zonder stortingen in reserves. De GR WOZL zorgt ervoor dat ze binnen deze grens blijft.

Bij de bepaling van de omvang van het totaal aan lasten in de begroting is uitgegaan van de totale lasten exclusief de lasten bij de rubriek uitvoering Wsw en uitvoering Wsw Heuvellandgemeenten. Dit ligt in lijn met eerdere jaren en is ter voorkoming van dubbeltellingen. De kasgeldlimiet over 2025 bedraagt: 8,2% van €80,3 miljoen (originele begroting 2025), ofwel €6,5 miljoen. In 2025 is van de kasgeldlimiet geen gebruik gemaakt.

(x € 1.000) Kasgeldlimiet

2025

omvang begroting in €

80.385

toegestane kasgeldlimiet in %

8,20%

toegestane kasgeldlimiet in €

6.592

(3)

Kasgeldlim iet (1)

Vlottende schuld

(2)

Netto vlottende schuld (+)

Vlottende m iddelen (4)

(stappen 1-4)

of overschot m iddelen (-)

(1)-(2)=(3) 1e kw artaal 2024 2e kw artaal 2024 3e kw artaal 2024 4e kw artaal 2024 (6a) = (5>4) (6b) = (4>5)

3.585.951 5.909.363 5.111.783 4.929.101 -5 Kasgeldlimiet Ruimte onder kasgeldlimiet (eind 2025) n.v.t.

7.349.927 11.925.842 10.248.754 10.230.617

-10.935.878 -17.835.205 -15.360.537 -15.159.718 6.591.558 -21.751.276 n.v.t.

Berekening kasgeldlim iet

(5)=(7)*(8)

-7 Begrotingstotaal -8 Percentrage regeling Kasgeldlimiet

80.384.859 8,20% 6.591.558

16

Jaarrekening 2025

Schatkistbankieren Op 13 december 2013 is het wetsvoorstel verplicht schatkistbankieren in het Staatsblad gepubliceerd. De wet is op 15 december 2013 van kracht geworden. Tegelijkertijd met de wet is een ministeriële regeling van kracht geworden. Onderdeel van die regeling is de rekening-courantovereenkomst die iedere decentrale overheid krijgt met de Staat der Nederlanden. De regeling bevat verder onder meer de verplichting een tussenrekening te openen bij een of meerdere banken, zodat aan de verplichting tot deelname aan schatkistbankieren kan worden voldaan. De GR WOZL heeft deze tussenrekening geopend bij de Bank Nederlandse Gemeenten. De wet verplicht alle decentrale overheden om hun overtollige (liquide) middelen aan te houden in de schatkist. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor de publieke taak. Een decentrale overheid behoudt, op basis van de wet Fido, de mogelijkheid om leningen te verstrekken en uitzettingen te verrichten uit hoofde van de publieke taak. Deelname aan schatkistbankieren verandert daar niets aan. Bij de bepaling van de hoogte van de ‘overtollige’ middelen is het decentrale overheden toegestaan een drempelbedrag aan te houden buiten de schatkist. In 2025 is het drempelbedrag gelijk aan 2,0% van het begrotingstotaal, waarbij het drempelbedrag minimaal €1 miljoen bedraagt.

Voor de GR WOZL is het drempelbedrag per 31-12-2025 als volgt bepaald:

(x € 1.000) Toegstaan saldo schatkistbankieren

2025

omvang begroting in €

80.385

toegestane saldo in %

2,00%

toegestane saldo in €

1.608

17

Jaarrekening 2025

In onderstaande tabel is de naleving van het schatkistbankieren over 2025 weergegeven. In 2025 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag. Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)

Drempelbedrag

1608 Kwartaal 1

Kwartaalcijfer op dagbasis (2) buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het (3b) = (2) > (1) drempelbedrag (1) Berekening drempelbedrag

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

352

409

209

105

1.256

1.199

1.398

1.503

-

-

-

-

Verslagjaar (4a) (4b)

(4c)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

80.385 80.385

-

(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met Drempelbedrag 1608 een minimum van €1.000.000 (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)

Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

31.653

37.207

19.249

9.639

90

91

92

92

352

409

209

105

Renterisiconorm Bij de renterisiconorm gaat het om het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente en de daarmee samenhangende rentelasten. De GR WOZL en de verbonden partijen beschikken in 2025 niet over langlopende leningen waardoor het renterisico minimaal is.

18

Jaarrekening 2025

1.6.4 Verbonden partijen Deze paragraaf gaat in op de doelstellingen, activiteiten en de financiële mate van betrokkenheid van de samenwerkingsverbanden waarin de GR WOZL in financieel opzicht participeert en (tevens) een bepaalde bestuurlijke invloed kan uitoefenen. In het Besluit Begroting en Verantwoording wordt hiervoor het begrip “Verbonden partijen” gehanteerd: Een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en financieel belang heeft (artikel 1 lid b BBV). De wetgever schrijft voor: De paragraaf verbonden partijen bevat tenminste de visie die de Gemeenschappelijke Regeling heeft op de verbonden partijen en dat in relatie tot de uitvoering van de gemeentelijke doelstellingen en de beleidsvoornemens omtrent verbonden partijen (artikel 15 BBV). De GR WOZL is met Beschut 2.0 verbonden: Het eigen vermogen van Beschut 2.0 bedraagt per 31 december 2025 €1. Het resultaat bedraagt over 2025 €0 na de bijdragen van de GR WOZL.

De verbonden partij wordt als volgt nader toegelicht:

Verbonden partij: WOZL Beschut 2.0 BV Verstigingsplaats: Heerlen Financieel belang: 1 aandeel ad €1,Risico's: Beperkt, tot deelname aandelen kapitaal Visie/Doelstelling: Het voorzien in passende werkgelegenheid en in arbeidsrevalidatie van personen die door het openbaar lichaam Werkvoorzieningschap Oostelijk Zuid Limburg bij hun gedetacheerd worden of anderszins aan hun worden toevertrouwd. Bestuur De bestuurders van de verbonden partijen zijn benoemd door de algemene vergadering van aandeelhouders (AvA). Gedurende het boekjaar 2025 werd het bestuur gevormd door de heer F. Dijk algemeen directeur/secretaris. Opdracht WOZL Beschut 2.0 B.V. staat, als uitvoeringsorganisatie van de GR WOZL, voor de opdracht om uitvoering te geven aan de Sw. De opdracht wordt verder vormgegeven in een uitvoeringsovereenkomst tussen de GR WOZL en de WOZL Beschut 2.0 B.V.

19

Jaarrekening 2025

Hieruit voortvloeiend zijn voor Beschut 2.0 de volgende doelstelling beschreven: - Zorgdragen voor voldoende passend werk voor de doelgroep; - garanderen van de juiste begeleiding van medewerkers op de werkvloer; - faciliteren van een geschikte omgeving waarbinnen de werkzaamheden kunnen worden verricht met als uitgangspunt dat er sprake is van één locatie voor Beschut 2.0; - lean & mean inrichten van de organisatie; - reductie en beheersing van verzuim; - zorgdragen dat flexibel (lees: vooral financieel) meebewogen kan worden met personele ontwikkelingen in positieve en negatieve zin (terugstroom en natuurlijk verloop); - zorgdragen dat klanten via commercie WSP Parkstad B.V. de juiste prijzen betalen voor het door Beschut 2.0 verrichte werk (streven naar hogere opbrengsten per uur); - slim meeprofiteren van synergie-effecten die via WOZL/WSP Parkstad door schaalgrootte gerealiseerd kunnen worden (bijv. inkoop, ICT systemen enz.); - momenteel is Beschut 2.0 nog niet georganiseerd voor de doelgroep Participatie-wet. Middels het plug & play principe kan echter snel worden gereageerd op verzoeken van gemeenten om beschutte trajecten vanuit de doelgroep Participatie-wet in te vullen.

Visie en strategie Daar Beschut 2.0 een onderdeel vormt van GR WOZL wordt vastgehouden aan de daarvoor geldende beleidskaders en geldt onverkort de missie van WOZL: “WOZL is een uitvoeringsorganisatie die, in opdracht van en in samenwerking met de deelnemende gemeenten, op doelmatige en efficiënte wijze trajecten uitvoert voor mensen, in eerste instantie behorende tot de huidige doelgroep Sw, waarbij deze groep wordt ondersteund om zo regulier mogelijk passende arbeid te verrichten waarvoor betaald wordt door opdrachtgevers.” Uitgaande van bovenstaande missie is de visie voor Beschut 2.0 de volgende: Binnen de context van de geformuleerde missie is het adagium voor Beschut 2.0 “werken is participeren”. Door te werken (en hierbij waar nodig ondersteuning te ontvangen) participeert de betreffende medewerker, op zijn eigen manier en op zijn eigen niveau. Risicomanagement De risico’s worden periodiek gerapporteerd aan het Algemeen Bestuur middels de tertiale rapportages, de begroting en de Begrotingswijzigingen. Specifieke risico’s zijn de loon- prijsontwikkeling, de hoogte van het subsidiebedrag per AJ, de terugstroom van detachering naar Beschut 2.0 en de beschikbaarheid van voldoende Sw personeel op kritische functies van afdelingshoofd en voorman.

20

Jaarrekening 2025

2.

Jaarrekening 2025

De jaarrekening bestaat uit de balans per 31 december 2025, het overzicht baten en lasten over 2025 alsmede de toelichtingen daarop. Tevens wordt een totaal overzicht verstrekt van de resultaten per rubriek. De jaarrekening is in overeenstemming met het Besluit Begroting en Verantwoording voor Provincies en Gemeenten (BBV).

21

Jaarrekening 2025

2.1 Balans per 31 december 2025

Balans per 31 december 2025 (bedragen x € 1.000,-)

Activa

Toelichting 3.3.2

2025

2024

Vaste Activa Financiële Vaste Activa

1

Leningen aan woningcorporaties

0

52

Totaal financiële vaste activa

0

52

Totaal Vaste Activa

0

52

Vlottende Activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar

2

Vorderingen op openbare lichamen

4.127

6.421

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

591

875

Rekening courant verhoudingen met niet-financiële insteliingen

479

119

2.131

2.527

Overige vorderingen Totaal uitzettingen looptijd < 1 jaar

Liquide middelen

7.328

3

Banksaldi

0

Totaal liquide middelen

Overlopende activa

9.943

0 0

0

4

De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel

638

575

Overig nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen

130

503

Totaal overlopende activa

767

1.078

Totaal Vlottende Activa

8.095

11.020

Totaal Activa

8.095

11.070

22

Jaarrekening 2025

Balans per 31 december 2025 (bedragen x € 1.000,-)

Passiva

Toelichting

2025

2024

3.3.2

Vaste Passiva Eigen Vermogen

5

Algemene reserve

0

2.776

Bestemmingsreserve

0

22

Gerealiseerd resultaat

-2.922

0

Totaal eigen vermogen

Voorzieningen

- 2.922

2.797

6

Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden

3.778

Totaal voorzieningen

Totaal Vaste Passiva

72 3.778

72

855

2.869

Vlottende Passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar

7

Banksaldi

3.785

3.252

Overige schulden

702

485

Rekening courant verhoudingen met niet-financiële insteliingen

117

1.544

Totaal netto vlottende schuld

Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren

4.604

5.281

8

217

446

2.419

2.475

Totaal overlopende passiva

2.636

2.921

Totaal Vlottende Passiva

7.240

8.202

Totaal Passiva

8.095

11.070

23

Jaarrekening 2025

2.2 Overzicht baten en lasten 2025

Overzicht baten en lasten Rubriek

(bedragen x € 1.000,-)

2025

Toelichting

3.3.3

2024

begroting origineel

1ste begrotingswijziging

2de begrotingswijziging

realisatie

98 -702

103 -421

126 -407

143 -331

187 -546

-604

-318

-281

-188

-359

70.144 -68.708

74.787 -72.957

79.539 -76.972

79.506 -76.738

78.636 -76.677

1.436

1.830

2.567

2.768

1.960

-2.874

-3.047

-2.678

-2.453

-2.597

-2.874

-3.047

-2.678

-2.453

-2.597

76.804 -76.809

78.701 -78.721

79.049 -79.071

81.891 -81.638

83.956 -83.967

-5

-20

-22

253

-11

244 -244

114 -114

77 -77

106 -106

69 -69

-

-

-

-

-

-

-

-

-3.716

2.637 -

-

-

-

-3.716

2.637

-2.047

-1.555

-414

-3.336

1.629

realisatie

Bedrijfsvoering (overhead) baten lasten

9 10

Uitvoering Wsw baten lasten

11 12

Beschut 2.0 baten lasten

14

Personeelskosten Wsw baten lasten

15 15

Uitvoering Wsw heuvellandgemeenten in GR WSP Parkstad baten lasten

16 16

Incidentele baten en lasten baten lasten

Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen

17 17

24

Jaarrekening 2025

Overzicht baten en lasten (vervolg) (bedragen x € 1.000,-)

Rubriek

Toelichting

2025

3.3.3

begroting origineel

1ste begrotingswijziging

2de begrotingswijziging

realisatie

-2.047

-1.555

-414

-3.336

Resultaat voor financiering en algemene dekkingsmiddelen

2024 realisatie

1.629

Financiering en alg. dekkingsmiddelen Bedrijfsvoering (overhead)

604

318

281

282

449

Uitvoering Wsw

-1.436

-1.830

-2.567

-2.567

-2.011

Beschut 2.0 Personeelskosten Wsw

2.874

3.047

2.678 -

2.678 -

2.695 -

-

-

-

-

-

18

2.042

1.535

392

392

1.133

Vennootschapsbelasting

19

-

-

-

-

-

Onvoorzien

20

-

-

-

-

-

-5

-20

-22

-2.944

2.763

onttrekking reserve ASB

5

20

22

22

13

Gerealiseerd resultaat

-

-

-

-2.922

2.776

Incidentele baten en lasten

Gerealiseerd saldo van basten en lasten Mutaties in reserves

21

25

Jaarrekening 2025

2.3 Toelichting 2.3.1 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. De jaarrekening biedt inzicht in de financiële positie per 31 december 2025 en in de resultaten over het boekjaar 2025. Per jaareinde 2025 is het eigen vermogen van de GR WOZL -/- €2.922. Een duurzame voortzetting van de bedrijfsactiviteiten is gewaarborgd, aangezien de deelnemende gemeenten hebben toegezegd de GR WOZL financieel te steunen. Dientengevolge zijn de in de jaarrekening toegepaste grondslagen voor waardering en resultaatbepaling gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De bijdragen van de gemeenten is vastgesteld in de begroting en o.b.v. het resultaat in de jaarrekening zal worden afgerekend met de gemeenten. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd.

Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als bate opgenomen op het moment waarop het dividend betaalbaar wordt gesteld. Subsidie in het kader van projectfinanciering worden als bate opgenomen op het moment waarop de subsidie is ontvangen en er voldoende zekerheid is dat de subsidie wordt vastgesteld conform het ontvangen bedrag. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar.

Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. De programmaverantwoording bestaat ten minste uit (BBV artikel 25 lid 1): - De verantwoording over de realisatie van de programma's; - het overzicht van de algemene dekkingsmiddelen; - het overzicht van de kosten van overhead; - het bedrag voor de heffing voor de vennootschapsbelasting; - een toelichting op het gebruik van het geraamde bedrag voor onvoorzien. De activiteiten zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting.

26

Jaarrekening 2025

Grondslagen voor de rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid 2025. Dat betekent dat: - De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties; - de financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: • In het kader van de rechtmatigheid heeft het bestuur op 20 november 2025 het controleprotocol rechtmatigheid GR WOZL 2025 vastgesteld met daarin begrepen het normenkader. Dit normenkader met daarin een opsomming van de relevante wet- en regelgeving is leidend in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording door het bestuur (voorwaarden criterium); • voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn.

Voor over- en onderscheidingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld; • ten aanzien van het M&O criterium is de Kadernota rechtmatigheidsverantwoording van de commissie BBV geldend. Er is geen eigen nota M&O beleid binnen de organisatie. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. - de rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen rechtmatigheidsprotocol financiële verordening. Dit betekent dat: • Een verantwoordingsgrens van €1.762K is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; • een rapporteringstolerantie van €25K is gehanteerd. Afwijkingen bovengenoemde rapporteringsgrens maar onder de verantwoordingsgrens worden in de paragraaf bedrijfsvoering opgenomen.

27

Jaarrekening 2025

Balans Activa Financiële vaste activa Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s (kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen onverhoopt structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering plaatsvinden. Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de GR WOZL Parkstad participeert in het aandelenkapitaal van een NV of BV. De onder financiële vaste activa opgenomen verstrekte leningen worden initieel gewaardeerd tegen reële waarde. Vervolgens worden deze leningen gewaardeerd tegen de geamortiseerde kostprijs. Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De openstaande vorderingen, waaronder de vorderingen op openbare lichamen, worden onder aftrek van eventuele voorzieningen wegens oninbaarheid, gewaardeerd tegen nominale waarde. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen De liquide middelen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Passiva Vaste passiva Eigen vermogen Onder het eigen vermogen zijn de algemene reserve en de bestemmingsreserves opgenomen alsmede het nog te bestemmen saldo van het overzicht baten en lasten.

Voorzieningen Voorzieningen worden gevormd wegens: - Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; - op de balansdatum bestaande risico's ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; - kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen. De voorzieningen zijn gewaardeerd op nominale waarde.

28

Jaarrekening 2025

Vaste schulden De GR WOZL heeft geen langlopende schulden (> 1 jaar). Vlottende passiva De posten opgenomen onder vlottende passiva worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Resultaatsbepaling In de jaarrekening worden de baten en lasten op dezelfde wijze gerangschikt als in de begroting. Zowel de baten als de lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben (stelsel van baten en lasten). Daarbij worden baten en lasten van het begrotingsjaar in de rekening opgenomen, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar leiden, of hebben geleid. Als baten en lasten worden niet aangemerkt de neutrale uitgaven en inkomsten. Het verschil tussen de verantwoorde lasten en baten is het resultaat. Het Algemeen Bestuur dient in het kader van de vaststelling van de jaarrekening een besluit te nemen over de bestemming van het resultaat. Een voorstel daartoe is opgenomen in hoofdstuk 2.3.3 en in de tabel “te verrekenen met gemeenten” in de bijlagen.

29

Jaarrekening 2025

2.3.2 Toelichting op de balans per 31-12-2025 Activa Vaste Activa: €0K (31-12-2024: €52K) 1. Financiële Vaste Activa leningen aan woningcorporaties: €0K (31-12-2024: €52K) GR WOZL heeft in 2019 met Bertram Onroerend Goed (woningcorporatie) een annuïteiten lening afgesloten ten bedrage van € 350K. Deze lening is gebruikt ter algehele verbetering van het pand aan de Sourethweg 2 en zal in 84 maanden worden afgelost. In 2025 is er 1% rente bijgeschreven en €52K afgelost. De lening is per 31-12-2025 geheel afgelost.

Specificatie

(bedragen x € 1.000,-)

Boek waarde 31-122024

Investeringen

Des investeringen

Afschrijving/ Alfossing

Boek waarde 31-122025

- woningbouwcorporaties

52

0

0

-52

0

0

0

Totaal financiële vaste activa

52

0

0

-52

0

0

0

Afwaardering

Rente

Leningen aan:

Vlottende Activa: €8.095 (31-12-2024: €11.020K) 2. Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar: €7.328K (31-12-2024: €9.943)

Specificatie

(bedragen x € 1.000,-)

31-12-2025

31-12-2024

4.127

6.421

Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar

591

875

Rekening courant met niet financiële instellingen

479

119

2.131

2.527

Totaal uitzettingen met een rentetyp. looptijd < 1 jaar 7.328

9.943

Vorderingen op openbare lichamen

Overige vorderingen

Vorderingen op openbare lichamen €4.127K (31-12-2024: 6.421K) 30

Jaarrekening 2025

Dit betreft vorderingen op openbare lichamen zoals gemeenten, provincies en de rijksoverheid. Het openstaande bedrag ten bedrage van €4.127K bevat grotendeels de bijdragen van de gemeenten. Eind 2025 zijn de bijdragen van de gemeenten vastgesteld in de 2de begrotingswijziging 2025. Ten opzichte van de reeds gedane financiering o.b.v. de 1ste begrotingswijziging 2025 leidt dit per 31-12-2025 tot een nabetaling door de aangesloten gemeenten. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rente typische looptijd korter dan één jaar €591K (31-12-2024: €875) Dit betreft een vordering die de GR WOZL heeft uitstaan bij het Rijk ten bedrage van €591K. Rekening courant verhoudingen met niet financiële instellingen €479K (31-12-2024: €119K) Dit betreft vorderingen die bestaan uit ter beschikking gestelde liquide middelen vanuit de GR WOZL aan niet financiële instellingen. Overige vorderingen: €2.131K (31-12-2023: €2.527K) Dit betreft vorderingen die betrekking hebben op partijen die geen openbaar lichaam zijn. Het saldo van de overige vorderingen bestaat voornamelijk uit vorderingen op de verbonden partij WSP Parkstad Detacheringen B.V. Dit betreft de doorbelastingen van lonen uit de GR WOZL en overige doorbelaste kosten die vanuit de GR WOZL ten behoeve van de verbonden partijen zijn betaald.

3. Liquide Middelen: €0K (31-12-2025: €0K) Het saldi van de liquide middelen bedraagt per 31-12-2025 negatief en is derhalve opgenomen aan de passiva kant.

4. Overlopende activa €767K (31-12-2024: €1.078K) Het saldo van de overlopende activa bedraagt per 31-12-2025 €767K en bestaat uit: - Te ontvangen van gemeenten (€55K); - te ontvangen van GR WSP (€28K); - te ontvangen van het Uwv m.b.t transitievergoedingen (€307K); - te ontvangen van de Belastingdienst m.b.t. BTW (€248K); - te ontvangen rente Q4 (€3K); - vooruitbetaalde bedragen (€124K); - overig (€3K). Specificatie

(bedragen x € 1.000,-)

31-12-2025 Van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel Overig nog te onvangen- en vooruitbetaalde bedragen ten laste van volgende begrotingsjaren

Totaal overlopende activa

31-12-2024

638

130

1.035

503 130

43

767

1.078

31

Jaarrekening 2025

Passiva Vaste Passiva: €855K (31-12-2024: €2.869K) 5. Eigen vermogen: -/-€2.922 (31-12-2024: €2.797K) Op de balans is het gerealiseerd resultaat over 2025 opgenomen onder het eigen vermogen. Het gerealiseerd resultaat over 2025 bedraagt -/-€2.922K. De bestemming van het gerealiseerd resultaat is de bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. In de toelichting op de rekening van baten en lasten wordt nader ingegaan op het gerealiseerd resultaat en is een voorstel geformuleerd over de resultaatbestemming. Onder het eigen vermogen worden de algemene reserve, de bestemmingsreserves en het gerealiseerd resultaat over 2025 verantwoord.

Reserves

(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2024 saldo

Algemene Reserve Resultaat vorig boekjr

0

Bestemmingsreserve Verlofrechten ASB

22

Totaal

22

bestemming 2024 toeontvoeging trekking

2.776

2.776

0

1-1-2025

mutaties 2025 toeontvoeging trekking

31-12-2025

2.776

2.776

0

22

22

0

2.798

0

saldo

2.798

0

saldo

Gerealiseerd resultaat 2025

-2.922

Stand eigen vermogen ultimo 2025

-2.922

Algemene reserve Het positief resultaat 2024 van de GR WOZL is als ‘Resultaat vorig boekjaar’ toegevoegd aan de algemene reserve en vervolgens in het begrotingsjaar 2025 onttrokken nadat dit resultaat is teruggestort aan de deelnemende gemeenten. Verlofrechten ASB Deze reserve heeft betrekking op de bovenmatige verlofsaldi van de ASB medewerkers, zoals die in een verleden ooit zijn opgebouwd en destijds met het faillissement van Maecon mee zijn overgekomen in de GR. Het beleid is erop gericht om middels diverse maatregelen de betreffende bovenmatige rechten op verlof van deze Sw-medewerkers terug te dringen. In 2025 bedragen de kosten voor het verlof €22K dat geheel wordt gefinancierd uit de reserve. Het saldo van de reserve is per 31-12-2025 nihil.

32

Jaarrekening 2025

6. Voorzieningen: €3.778K (31-12-2024: €72K) Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden €3.778K (31-12-2024: 72K) (bedragen x € 1.000,-)

Specificatie

Voorziening:

31-12-2024

2025

31-12-2025

saldo

toeontvoeging trokken

saldo

Afkoop DSM toeslagen tbv. oud ASB-ers RVU

72 0

0 3.716

10 0

62 3.716

Totaal

72

3.716

10

3.778

Voorzienig afkoop DSM toeslagen t.b.v. oud ASB-ers In 2016 heeft DSM de toeslagen die aan de oude ASB-ers worden betaald afgekocht. Dit bedrag (oorspronkelijk €277K) is opgenomen als een voorziening. In de loop van de volgende jaren zal dit bedrag worden aangewend om de salariskosten van de oud- ASB-ers gedeeltelijk te dekken. In 2025 is er €10K onttrokken aan de voorziening. Voorzienig RVU De Commissie BBV heeft bepaald dat er een voorziening moet worden getroffen voor de medewerkers die werkzaam zijn bij een sociale werkvoorziening en gebruik maken van de regeling vervroegd uittreden (RVU). Hiertoe is per 31-12-2025 een voorziening gevormd van €3.716 voor de toekomstige verplichtingen. Deze voorziening is opgebouwd uit de brutolooncomponenten inclusief een opslag voor de werkgeverslasten voor de medewerkers die gebruik maken van de RVU regeling naar tijdsgelang. De BBV schrijft voor dat wij een voorziening dienen te treffen voor de verplichting van de RVU. In ons geval gaat om de deelnemers RVU op 31 december 2025. De RVU loop voor een deel van de deelnemers in 2026 af en voor een deel in 2027 af. Het bijzondere is dat de verplichting RVU wel in de jaarrekening dient opgenomen te worden, echter de baten (de subsidie die we voor RVU-deelnemers ontvangen) daar niet ter dekking tegenover gezet mag worden. Het feitelijke bedrag voor de voorziening is 3.716.402 euro.

Daarmee komt het eindresultaat voor de GR WOZL op 2,922 miljoen euro negatief uit. Echter tegenover de kosten RVU staat in de praktijk de subsidie voor een bedrag van 4.612.144 euro (subsidieniveau 2025 vermenigvuldigd met de fte's RVU). De verplichting BBV heeft een vooral administratief effect op de jaarrekening 2025.

33

Jaarrekening 2025

Vlottende Passiva: €7.240K (31-12-2024: €8.202K) 7. Netto vlottende schuld met een rente typische looptijd korter dan 1 jaar: €4.604K (31-12-2024: €5.281)

(bedragen x € 1.000,-)

Specificatie 31-12-2025 Banksaldi

31-12-2024

3.785

3.252

Overige schulden

702

485

Rekening courant met niet financiële instellingen

117

1.544

4.604

5.281

Totaal uitzettingen met een rentetyp. looptijd < 1 jaar

Banksaldi Het saldi van de liquide middelen bedraagt per 31-12-2025 €3.785K negatief en is derhalve opgenomen aan de passiva kant. Dit negatieve saldo heeft met name te maken met de financiering van de deelnemende gemeenten. Gedurende het jaar is er gefactureerd o.b.v. de 1ste begrotingswijziging 2025. In december zijn de bijdragen in rekening gebracht o.b.v. de 2de begrotingswijziging 2025. Deze bijdragen zijn hoger dan de 1ste begrotingswijziging 2025. Overige schulden Het saldo van de overige schulden bestaat o.a. uit verplichtingen die de GR WOZL heeft in het kader van de uitvoering Sw en de bedrijfsvoering. De post crediteuren vertoont een normaal verloop. Rekening courant met niet financiële instellingen Het saldo van de rekening courant verhoudingen met niet – financiële instellingen bedraagt €117K. Dit betreft grotendeels het bedrag dat de GR WOZL moet betalen aan de GR WSP. 8. Overlopende passiva: €2.636K (31-12-2024: €2.921K) Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die een volgend begrotingsjaar tot betaling komen:

Specificatie

(bedragen x € 1.000,-) 31-12-2025

31-12-2024

Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen

217

446

Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren

2.419

2.475

Totaal overlopende passiva

2.636

2.921

34

Jaarrekening 2025

De verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgens begrotingsjaar tot betaling komen, hebben betrekking op: - Tussenrekening salarissen Sw-medewerkers en ambtenaren m.b.t. o.a. nettolonen, premie ziektekosten en overige posten (€20K); - de eindafrekening subsidies en begeleidingskosten met betrekking tot de arbeidsjaren van de verschillende uitvoeringsorganisaties (€113K); - facturen die betrekking hebben op 2025 en in 2026 worden betaald (28K); - te betalen in het kader van het opgerichte Sociaal Fonds (€56K). De van Europees en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, hebben betrekkingen op: -

Tussenrekening salarissen Sw-medewerkers en ambtenaren m.b.t. loonheffing en pensioenen (€2.280K); te betalen aan de heuvellandgemeenten i.v.m. verrekening resultaat GR WSP (€28K); te betalen aan deelnemende gemeenten en gemeenschappelijke regeling (€111K).

Niet in balans opgenomen verplichtingen en vorderingen Kredietfaciliteit BNG De kredietfaciliteit bij de Bank Nederlandsche Gemeenten bedraagt per 1 maart 2025 €8 miljoen. Het Algemeen Bestuur heeft in 2014 besloten dat de GR WOZL gebruik mag maken van €5 miljoen kredietfaciliteit. Bij overschrijding hiervan dient dit voorafgaand voorgelegd te worden aan het Algemeen Bestuur. Dit besluit is tevens door het Algemeen Bestuur bevestigd en vastgesteld. In 2025 heeft geen overschrijding plaatsgevonden van de kredietfaciliteit van €5 miljoen.

Huurverplichtingen GR WOZL en de in de consolidatie opgenomen groepsmaatschappijen hebben als lessee operationele leasecontracten en huurcontracten. In totaal voor:

WOZL GR

tot 1 jaar

1 tot 5 jaar

> 5 jaar

Totaal

€

€

€

€

Huur Sourethweg

360.000

1.440.000

-

1.800.000

Huur Wenckebachstraat

481.945

1.245.025

-

1.726.970

Huur Kloosterweg

111.769

-

-

111.769

Huur Nieuw Eyckholt

153.525

1.039.100

129.888

1.322.513

1.107.239

3.724.125

129.888

4.961.251

Huur Sourethweg Het huurcontract voor de Sourethweg loopt tot en met 31-12-2025. Het contract is onlangs verlengd met een termijn van 5 jaar en loopt tot 31-12-2030.

35

Jaarrekening 2025

Huur Wenckebachstraat Het huurcontract voor de Wenckebachstraat loopt tot en met 01-08-2029 en kan daarna kan met een termijn van 3 jaar worden verlengd en daaropvolgende steeds met een periode van 1 jaar.

Huur Kloosterweg Het huurcontract voor de Kloosterweg loopt tot en met 31-07-2026 en zal daarna niet meer worden verlengd.

Huur Nieuw Eyckholt Het huurcontract voor de locatie Nieuw Eyckholt 208 gaat in op 01-04-2025. Voor 2025 worden alleen servicekosten betaald, vanaf 30-06-2026 starten tevens de huurtermijnen. Het contract loopt tot en met 30-06-2031 en kan daarna met een termijn van 5 jaar worden verlengd. Op basis van artikel 4.1 van de huurovereenkomst worden 27 parkeerplaatsen gehuurd vanaf het moment dat deze zijn gerealiseerd en beschikbaar zijn. De huurverlichting per jaar bedraagt €16.200. Vakantiegeld Wsw De GR WOZL kent geen reserve vakantiegeld. De Wsw- medewerkers hebben over de periode juni 2025 tot en met december 2025 in totaal per saldo €2,9 mln. aan recht op vakantiegeld opgebouwd (dit is inclusief opslag sociale lasten). Deze bedragen zullen in mei 2026 of eerder bij beëindiging van het recht worden uitbetaald. Fiscale eenheid De GR WOZL is onderdeel van een fiscale eenheid voor de omzetbelasting. Op grond van de standaardvoorwaarden is de GR WOZL hoofdelijk aansprakelijk voor ter zake door de combinatie verschuldigde belasting. Beschut 2.0 B.V. maakt samen met de GR WOZL deel uit van deze fiscale eenheid. Gebeurtenissen na balansdatum Binnen de GR WOZL hebben zich verder geen te benoemen gebeurtenissen voorgedaan na balansdatum.

36

Jaarrekening 2025

2.3.3 Toelichting op het overzicht baten en lasten over 2025 In 2025 is er sprake van een nadelig gerealiseerd resultaat van €2.922K. De specificatie op hoofdlijnen van het resultaat luidt als volgt: (bedragen x € 1.000,-)

Gerealiseerd resultaat 2025

Rubriek

baten

lasten

Gerealiseerd saldo van baten en lasten

Mutaties in reserves

Gerealiseerd resultaat

Bedrijfsvoering

425

-331

94

0

94

Uitvoering Wsw

76.938

-76.738

200

0

200

Beschut 2.0

2.678

-2.453

225

0

225

Personeelskosten Wsw

81.891

-81.638

253

22

275

Heuvelland gemeente WSP

106

-106

0

0

0

Incidentele baten/lasten

0

-3.716

-3.716

0

-3.716

162.038

-164.982

-2.944

22

-2.922

Resultaat

baten = incl. financiering (bijdragen gemeenten)

Gerealiseerd resultaat en resultaatsbestemming Analyse van het gerealiseerd resultaat Bedrijfsvoering Het resultaat van de bedrijfsvoering is €94K lager dan begroot. Uitvoering Wsw: Subsidieverantwoording In 2025 komt het resultaat van de subsidieverantwoording uit op €2.768K positief. Hiervan is reeds in lijn met de 2de begrotingswijziging 2025 in totaal €2.567K gefinancierd aan de deelnemende gemeenten. Het positief resultaat na financiering bedraagt daardoor €200K. Voor een toelichting en gedetailleerd overzicht per uitvoeringsorganisatie wordt verwezen naar de baten en lasten van de rubriek uitvoering Wsw en naar de bijlagen I en II. Beschut 2.0 Het netto resultaat bedraagt -/- €2.453K en is €225K beter dan begroot in de 2de begrotingswijziging 2025. Personeelskosten Sw Op basis van de uitvoeringsovereenkomst worden personeelskosten Sw één op één doorbelast aan de betrokken partijen. Het resultaat van de personeelskosten Sw komt op een positief resultaat van €275K. Dit heeft te maken met de compensatieregeling belastingregel die in 2025 door het Rijk is uitgekeerd.

37

Jaarrekening 2025

Incidentele baten en lasten Het resultaat van de incidentele baten en lasten bedraagt €3.716K negatief. De Commissie BBV heeft bepaald dat er een voorziening moet worden gevormd voor de medewerkers die werkzaam zijn bij een sociale werkvoorziening en gebruik maken van de regeling vervroegd uittreden (RVU). Deze last bedraagt €3.716. De BBV schrijft voor dat wij een voorziening dienen te treffen voor de verplichting van de RVU. In ons geval gaat om de deelnemers RVU op 31 december 2025. De RVU loop voor een deel van de deelnemers in 2026 af en voor een deel in 2027 af. Het bijzondere is dat de verplichting RVU wel in de jaarrekening dient opgenomen te worden, echter de baten (de subsidie die we voor RVU-deelnemers ontvangen) daar niet ter dekking tegenover gezet mag worden. Het feitelijke bedrag voor de voorziening is 3.716.402 euro. Daarmee komt het eindresultaat voor de GR WOZL op 2,922 miljoen euro negatief uit. Echter tegenover de kosten RVU staat in de praktijk de subsidie voor een bedrag van 4.612.144 euro (subsidieniveau 2025 vermenigvuldigd met de fte's RVU). De verplichting BBV heeft een vooral administratief effect op de jaarrekening 2025.

Voorstel resultaatsbestemming In 2025 bedraagt het gerealiseerd resultaat €2.922K negatief. Voorgesteld wordt om het gerealiseerd resultaat in rekening te brengen bij de deelnemende gemeenten. In bijlage III is een tabel opgenomen met de verdeling van het resultaat per gemeente.

38

Jaarrekening 2025

Baten en lasten per rubriek Resultaat bedrijfsvoering (overhead) -/- €188K (2024: -/- €359K) De bedrijfsvoering (overhead) betreft alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Het negatieve resultaat van de bedrijfsvoering is €94K lager dan begroot. Dit komt enerzijds doordat er lagere kosten zijn gerealiseerd en anderzijds zijn de baten hoger dan verwacht. 9. Baten bedrijfsvoering €143K (2024: €187K) De baten van de bedrijfsvoering zijn €18K hoger dan is opgenomen in de 2de begrotingswijziging 2025. De onderverdeling van deze baten luidt als volgt:

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=e43065c8-cbba-41aa-8850-e13e797988d5