Agendabundel
Tekst van het document
509
Resultaat 2012
-102
Resultaat 2013
-174
Resultaat 2014
-570
Resultaat 2015
-332
Resultaat 2016
-714
Resultaat 2017
-433
Aanvulling weerstandsvermogen (2017)
1.591
Aanvulling weerstandsvermogen (2018)
433
Resultaat 2018
-325
Aanvulling weerstandsvermogen (2019)
325
Resultaat 2019
13
Aanvulling weerstandsvermogen (2020)
596
Resultaat 2020
-2.092
Aanvulling weerstandsvermogen (2021)
2.092
Reserves 31-12-2021
1.203
Resultaat 2021 (begroting) Reserves 31-12-2022
0 1.203
Bestuurlijk is afgesproken dat BsGW beperkte reserves aanhoudt, in de vorm van een weerstandsreserve, zodat BsGW operationele risico’s zelf kan opvangen zonder te hoeven terugvallen op de deelnemers. De benodigde omvang wordt gemaximeerd op het bedrag dat voortvloeit uit de risicoanalyse. Het meerdere wordt afgedragen aan de deelnemers naar rato van het aandeel op basis van de kostenverdeelmethodiek. Bij de oprichting is het weerstandsvermogen op basis van de risicoanalyse vastgesteld op € 385.000,- (ca. 5% van het begrotingstotaal) en gerealiseerd middels een bodemstorting van de drie founding fathers van BsGW. Het positief resultaat 2011 is door het bestuur van BsGW toegevoegd aan de reserves van BsGW om slagvaardig de realisatie van de met het bestuur afgesproken groeistrategie van BsGW te kunnen nastreven. Het negatief resultaat van 2014 - 2017, voor het leeuwendeel veroorzaakt door extra proceskosten, is door het bestuur aan de reserves onttrokken. Eind 2017 en eind 2018 is besloten om de in deze jaren opgebouwde negatieve reserves aan te vullen tot het bedrag gelijk aan het benodigde weerstandsvermogen van 593 duizend conform de begin 2018 uitgevoerde risico-analyse ten behoeve van de begroting 2019-2023). In 2019 is besloten om het weerstandsvermogen aan te vullen gelijk aan het benodigde weerstandsvermogen (AB 27-6-2019: Vaststellen bijdragen 2020).
In 2020 is de onderschrijding op de beheerkosten GDI (€ 193 duizend) en het te veel gestorte vermogen uit hoofde van de lagere proceskostenvergoeding van 2019 (€ 356 duizend) ten gunste van het weerstandsvermogen gebracht (totaal € 548 duizend) en aangewend voor de oplossingsrichting met Waterschap Limburg inzake de (her)verdeling van de proceskostenvergoeding 2020 en GDI (AB 25 juni 2020, Weerstandsvermogen 2020).
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 43 van 78
Hierin is vastgesteld dat het Waterschap Limburg (WL) ten onrechte meebetaalde aan de kosten van de WOZ-waardering. Tevens is vastgesteld dat het Waterschap Limburg te weinig betaalde aan GDI-kosten: via de bestaande kostenverdeelmethode betaalde WL 25% van deze kosten, volgens de vaste verdeelsleutel van het ministerie van BZK zou dit 60% moeten zijn. De bestemming van het resultaat 2021 is nog niet vastgesteld door het Algemeen Bestuur en daarom nog niet opgenomen in bovenstaande tabel. Derhalve is de begroting als uitgangspunt genomen, omdat de jaarcijfers nog niet zijn vastgesteld door de accountant.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 44 van 78
Bijlage 6: Berekening van het rente-omslagpercentage Sinds de verzelfstandiging van BsGW is geformaliseerd, kan BsGW deelnemen aan het geldverkeer, is een eigen bankrekening geopend en kunnen kort en/of langlopende leningen aangegaan worden.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 45 van 78
Bijlage 7: Staat van personeelslasten Begroting 2023
400000 bruto lonen 400010 overwerkvergoeding 400011 HRM cafetaria model 400200 gratificatie jubilea/afscheid 400201 gratificatie prestatie
Heffen
Waarderen
Innen
Klantenzaken
Ondersteuning & Ontwikkeling
Parkeer
Totaal BsGW
belasting
2.180.509
2.617.385
1.446.090
1.731.118
2.384.112
179.131
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
17.279
20.741
11.460
13.718
18.893
1.420
10.538.344 83.511
3.647
4.378
2.419
2.895
3.988
300
17.626
2.201.435
2.642.504
1.459.968
1.747.732
2.406.992
180.850
10.639.481
401000 sociale premies
512.498
615.180
339.883
406.875
560.352
42.102
2.476.891
401002 werkgeversaandeel ziektekosten
191.961
230.421
127.306
152.399
209.885
15.770
927.743
401100 sociale lasten
704.459
845.601
467.190
559.274
770.237
57.872
3.404.634
402000 wervingskosten
0
0
0
0
14.938
0
14.938
402100 reiskosten woon-werk
42.578
55.958
21.778
31.118
29.545
5.773
186.749
402200 opleidingskosten
47.243
75.619
30.170
43.533
68.948
6.406
271.918
402201 seminars symposia
0
0
0
0
41.161
0
41.161
402300 geschenkenregeling
17.081
15.010
7.351
10.827
20.884
2.316
73.469
402302 personeelsvereniging
0
0
0
0
20.466
0
20.466
402303 vergoeding kosten BHV
0
0
0
0
0
0
0
402304 bedrijfarts/arbodienst
0
0
0
0
43.171
0
43.171
403004 kosten ondernemingsraad
0
0
0
0
25.393
0
25.393
403099 overige personeelskosten
0
0
7.563
0
6.725
0
14.288
408100 overige personeelskosten
400100 bruto lonen
106.901
146.587
66.862
85.478
271.230
14.495
691.553
409000 uitzendkrachten
0
0
0
0
0
0
0
409001 personeel andere overheid
0
0
0
0
0
0
0
409100 personeel derden
0
0
0
0
0
0
0
409999 personeelskosten
3.012.797
3.634.693
1.994.020
2.392.485
3.448.460
253.218
14.735.667
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 46 van 78
Bijlage 8: Toelichting op de kostenverdeelmethodiek Begroting Bedragen x € 1.000
Lasten bruto lonen sociale lasten overige personeelskosten personeel derden Personeelskosten Huisvestingkosten Afschrijvingkosten ICT-kosten drukwerk print/kopieerwerk porti telefonie/datacommunicatie incassokosten kosten brongegevens diensten door derden tegemoetkoming proceskosten overige operationele kosten Overige operationele kosten algemene kosten onvoorzien Algemene kosten Bankkosten Rentekosten Bank- en rentekosten Toevoegingen aan voorzieningen Totale lasten Taakstellende kostenreductie 2017 Taakstellende kostenreductie 2018 Totaal lasten Baten Renteopbrengsten BsGW diensten aan derden overige opbrengsten Diensten aan derden Bijdragen van derden Opbrengst vervolgingskosten Totale baten Netto kosten
Verdeelsleutels per deelnemer
Kosten per produkt
2023
10.639.481 3.404.634 691.553 0 14.735.667 808.134 357.000 5.271.055 11.584 178.598 518.198 25.475 0 382.801 863.132 3.057.000 111.501 5.148.290 452.147 327.833 779.980 273.331 32.389 305.721 0 27.405.846
27.405.846
12.776 0 0 0 0 2.161.968 2.174.744 25.231.102
Heffen
Waarderen
Innen
Klantzaken
2.201.435 704.459 106.901 0 3.012.796 0 0 677.145 465 16.349 0 0 0 321.414 18.487 0 2.452 359.168 2.579 0 2.579 0 1.299 1.299 0 4.052.986 0 0 4.052.986 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 4.052.986
2.642.504 845.601 146.587 0 3.634.692 0 7.000 2.274.757 15 115 965 0 0 0 785.001 3.057.000 -2.764 3.840.332 0 0 0 0 -1.299 -1.299 0 9.755.481 0 0 9.755.481 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 9.755.481
1.459.968 467.190 66.862 0 1.994.019 0 0 366.390 174 1.188 3.547 0 0 0 0 0 54.346 59.255 0 0 0 0 25.020 25.020 0 2.444.684 0 0 2.444.684 0 0 12.676 0 0 0 0 2.155.998 2.168.674 0 276.010
1.747.732 559.274 85.478 0 2.392.484 0 0 515.961 0 141.793 489.154 1.411 0 0 0 0 -38.617 593.740 2.452 0 2.452 0 0 0 0 3.504.638 0 0 3.504.638 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 3.504.638
aantal aantal WOZaanslagregel objecten s
Gemeente Beek Gemeente Beekdaelen Gemeente Beesel Gemeente Bergen Gemeente Brunssum Gemeente Echt-Susteren Gemeente Eijsden-Margraten Gemeente Gennep Gemeente Gulpen-Wittem Gemeente Heerlen Gemeente Kerkrade Gemeente Landgraaf Gemeente Leudal Gemeente Maasgouw Gemeente Maastricht Gemeente Meerssen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nederweert Gemeente Peel en Maas Gemeente Roerdalen Gemeente Roermond Gemeente Simpelveld Gemeente Sittard-Geleen Gemeente Stein Gemeente Vaals Gemeente Valkenburg Gemeente Venlo Gemeente Voerendaal Gemeente Weert Waterschap Limburg Totaal verdeelsleutels BsGW
31.000 70.717 26.851 24.650 65.100 66.115 108.165 45.426 25.204 209.000 147.101 80.300 50.500 50.000 276.000 76.686 16.184 31.350 59.200 38.500 100.500 22.550 212.000 71.500 33.100 26.735 165.000 25.300 74.181 1.800.000 4.028.915 €
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
1,01
8.250 17.887 7.628 6.500 16.350 17.500 13.247 8.507 7.741 54.700 28.106 19.750 18.000 12.500 69.600 9.572 4.221 8.200 22.100 11.000 30.000 5.700 51.900 12.900 6.300 9.846 56.000 6.250 25.079 0 565.334 €
17,26
aantal biljetten
0,21
180.850 57.872 14.495 0 253.217 3.786 9.728 14.293 66 6.679 24.532 34 0 61.387 2.045 0 435 95.179 1.821 1.528 3.349 5.741 0 5.741 0 385.293 0 0 385.293 0 0 100 0 0 0 0 5.970 6.070 0 379.224
40% Gem 60% WL
O&O
2.406.992 770.237 271.230 0 3.448.459 804.348 340.272 1.077.417 10.864 12.474 0 24.029 0 0 57.599 0 95.650 200.616 445.295 326.305 771.600 267.590 7.370 274.960 0 6.917.672 0 0 6.917.672 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 6.917.672
0 0 0 0 0 0 0 345.091 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 345.091 0 0 345.091 0 0 0 0 0 0 0 0 0 0 345.091
aantal aandeel in de aantal aandeel in de klantcontact productkosten aanslagregels productkosten en (GDI)
15.000 36.552 8.311 9.100 18.800 14.000 50.278 14.826 7.475 59.500 50.707 23.700 17.000 14.900 69.750 10.477 11.319 14.100 21.900 13.000 36.500 6.600 70.500 12.500 15.600 8.665 53.000 7.300 25.902 594.000 1.311.262 €
GDI Parkeerbelasting
3.442 7.617 2.833 2.800 6.073 6.698 5.217 3.595 3.012 18.515 8.481 7.918 7.634 5.054 25.316 4.190 1.633 3.400 8.983 4.493 11.575 2.270 19.554 5.330 2.050 3.465 51.500 2.634 10.106 198.500 443.887 €
7,90
0 0 0 0 0 0 0 0 0 6.100 716 0 0 0 0 900 0 0 0 0 4.000 0 4.325 0 0 0 17.000 0 4.235 0 37.276 €
1,13% 2,49% 1,02% 0,90% 2,22% 2,36% 2,17% 1,25% 1,03% 7,65% 4,00% 2,72% 2,37% 1,72% 9,42% 1,60% 0,58% 1,13% 2,87% 1,48% 4,22% 0,78% 7,36% 1,89% 0,90% 1,26% 9,59% 0,87% 3,54% 19,50% 100%
0,56% 1,24% 0,51% 0,45% 1,10% 1,17% 1,08% 0,62% 0,51% 3,80% 1,99% 1,35% 1,18% 0,85% 4,68% 0,79% 0,29% 0,56% 1,43% 0,74% 2,10% 0,39% 3,66% 0,94% 0,45% 0,62% 4,76% 0,43% 1,76% 60,00% 100%
10,17
pagina 47 van 78
Bijdrage per deelnemer Gemeente Beek Gemeente Beekdaelen Gemeente Beesel Gemeente Bergen Gemeente Brunssum Gemeente Echt-Susteren Gemeente Eijsden-Margraten Gemeente Gennep Gemeente Gulpen-Wittem Gemeente Heerlen Gemeente Kerkrade Gemeente Landgraaf Gemeente Leudal Gemeente Maasgouw Gemeente Maastricht Gemeente Meerssen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nederweert Gemeente Peel en Maas Gemeente Roerdalen Gemeente Roermond Gemeente Simpelveld Gemeente Sittard-Geleen Gemeente Stein Gemeente Vaals Gemeente Valkenburg Gemeente Venlo Gemeente Voerendaal Gemeente Weert Waterschap Limburg Totaal bijdragen
Totaal 284.320 624.235 254.863 224.496 557.162 591.728 542.720 312.376 256.997 1.917.379 1.001.135 682.057 593.041 430.971 2.361.277 399.901 145.577 282.881 720.206 372.001 1.057.826 195.732 1.843.694 473.089 225.190 315.137 2.402.844 217.038 886.531 5.058.700 25.231.102
Heffen
Waarderen
Innen
Klantzaken
31.185 71.140 27.011 24.797 65.489 66.510 108.811 45.697 25.355 210.249 147.980 80.780 50.802 50.299 277.649 77.144 16.281 31.537 59.554 38.730 101.100 22.685 213.267 71.927 33.298 26.895 165.986 25.451 74.624 1.810.754 4.052.986
142.363 308.661 131.630 112.165 282.138 301.982 228.592 146.798 133.580 943.911 485.001 340.809 310.610 215.702 1.201.027 165.176 72.838 141.500 381.361 189.818 517.684 98.360 895.594 222.604 108.714 169.904 966.344 107.851 432.767 0 9.755.481
3.157 7.694 1.749 1.915 3.957 2.947 10.583 3.121 1.573 12.524 10.673 4.989 3.578 3.136 14.682 2.205 2.383 2.968 4.610 2.736 7.683 1.389 14.840 2.631 3.284 1.824 11.156 1.537 5.452 125.032 276.010
27.176 60.136 22.368 22.105 47.948 52.880 41.190 28.384 23.781 146.182 66.960 62.515 60.270 39.906 199.879 33.081 12.890 26.844 70.925 35.472 91.390 17.922 154.386 42.082 16.185 27.357 406.610 20.796 79.790 1.567.226 3.504.638
Parkeerbelasting 0 0 0 0 0 0 0 0 0 62.058 7.284 0 0 0 0 9.156 0 0 0 0 40.694 0 44.000 0 0 0 172.948 0 43.084 0 379.224
O&O 78.493 172.334 70.360 61.977 153.817 163.360 149.830 86.238 70.950 529.335 276.386 188.297 163.722 118.979 651.883 110.401 40.190 78.096 198.829 102.699 292.036 54.036 508.993 130.607 62.169 87.001 663.358 59.918 244.746 1.348.633 6.917.672
GDI 40% gem 60% WL 1.946 4.272 1.744 1.536 3.813 4.049 3.714 2.138 1.759 13.120 6.851 4.667 4.058 2.949 16.158 2.736 996 1.936 4.928 2.546 7.239 1.339 12.616 3.237 1.541 2.156 16.442 1.485 6.066 207.055 345.091
1. Algemeen De netto exploitatiekosten van BsGW worden gedragen door de deelnemers in BsGW. Om deze kosten over de deelnemers te verdelen, maakt BsGW gebruik van een methodiek waarbij de kosten toegerekend worden aan producten van dienstverlening, aansluitend op de procesmatige organisatieopzet van BsGW. BsGW functioneert als een kostenbesparende uitvoeringsorganisatie voor haar deelnemers. Daarom is een efficiënte procesinrichting en een geoptimaliseerde applicatiearchitectuur essentieel. De gegevensverwerkende processen worden hiertoe voor alle deelnemers integraal uitgevoerd en hebben een hoge automatiseringsgraad. Kosten worden niet product specifiek gemaakt en kosteninformatie is als gevolg hiervan niet per belastingsoort beschikbaar. De kosten van activiteiten op BsGW-niveau die dienen ter ondersteuning van de organisatie als geheel (zoals de ondersteuning van het personeel) worden als apart product inzichtelijk gemaakt, omwille van een betere sturing, controle en beheersing van deze kosten. Het doorbelasten van deze kosten, via allerlei verdeelsleutels, aan de primaire producten zou alleen maar leiden tot een vertroebeling van het inzicht in de kosten van de primaire producten. De aard van deze kosten maakt namelijk dat ze niet te splitsen zijn naar de primaire processen. 2.
De methodiek van kostenverdeling De basis van de kostenverdeling wordt gevormd door een reële en transparante begrotingsopzet. Het noodzakelijke inzicht om te komen tot een pragmatische en voor de deelnemers eerlijke toerekening van kosten wordt verkregen door gebruik te maken van een kostenplaatsenstructuur die aansluit op de procesmatige organisatieopzet van BsGW. De kosten worden gebaseerd op de begroting en met behulp van kostenplaatsen toegerekend aan de hoofdprocessen van BsGW. Deze hoofdprocessen zijn uitgedrukt in vijf producten van dienstverlening: Heffen, Waarderen, Innen, Klantzaken en Organisatieondersteuning & Ontwikkeling (O&O).
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 48 van 78
Vervolgens worden de kosten met behulp van aparte verdeelsleutels omgeslagen naar een eenheidstarief per product van dienstverlening. De processen voor waterschap en gemeenten overlappen elkaar in grote mate en de benodigde basisgegevens worden gelijktijdig voor alle deelnemers opgebouwd. Omdat BsGW de processen voor alle belastingsoorten integraal uitvoert, zijn de daarmee samenhangende kosten zodanig met elkaar verweven dat kosten niet per belastingsoort gedifferentieerd kunnen worden. Het hanteren van eenheidstarieven is, gezien de overlap van de processen en integrale wijze van uitvoering van de processen gerechtvaardigd. Belastingen die niet passen in de integrale uitvoeringswijze van BsGW worden aangemerkt als exoot. In de uitvoeringsregeling van BsGW worden de standaard belastingsoorten en de afwijkende belastingsoorten (de zogenaamde exoten) die hiervoor in aanmerking komen apart genoemd. Indien een exoot in de samenwerking ingebracht wordt dan dient via een (financiele) analyse bepaald te worden of de gangbare methodiek van kostenverdeling van toepassing kan zijn, of dat de kosten apart doorberekend moeten worden. Vanaf 2012 voert BsGW de parkeerbelasting uit voor enkele gemeenten. Omdat parkeerbelasting in eerste instantie was aangemerkt als exoot, werd dit uitgevoerd via een pilot.
De uitkomst hiervan was dat de directe activiteiten die BsGW moet uitvoeren voor de parkeerbelasting voor het overgrote deel specifiek van aard zijn en uitsluitend gericht zijn op een adequate uitvoering van deze taak voor de betreffende gemeente. De directe activiteiten kunnen niet geïntegreerd worden in de reguliere uitvoering van de processen. Vanaf 2014 is daarom het product Parkeerbelasting toegevoegd als sub-product van de dienstverlening van BsGW. De verdeelsleutels voor de kosten van de vier primaire processen, plus het sub-product Parkeerbelasting zijn gebaseerd op de productieomvang van de deelnemers. Voor het toewijzen van indirecte kosten aan primaire processen bestaat vanuit cost-accounting oogpunt geen algemeen geldende oplossing. Elke verdeelsleutel is een arbitraire keuze. De kosten van het product van dienstverlening O&O worden omgeslagen naar de deelnemers op basis van het aandeel in de kosten van de vier producten van de primaire processen plus het subproduct parkeerbelasting. In het AB van 8 oktober 2020 is besloten de kosten uit hoofde van GDI apart in de begroting en doorbelasting op te nemen, omdat het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) de beheerkosten verdeelt via de door haar vastgestelde verdeelsleutel 40% gemeenten/60% waterschap.
De kosten voor het gemeentelijke deel worden vervolgens omgeslagen op basis van het aandeel in O&O.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 49 van 78
In onderstaand figuur is de methodiek van kostenverdeling schematisch weergegeven.
3. De methode van kostenverdeling toegepast BsGW begroot haar uitvoeringskosten per activiteit en direct gerelateerd aan de kostenplaatsenstructuur. De kostenplaatsenstructuur is gebaseerd op de organisatieopzet en opgezet vanuit het principe dat de kosten per kostenplaats direct gerelateerd moeten kunnen worden aan het subproduct van dienstverlening. Per kostensoort zijn de kosten direct (zonder verdeelsleutels) toegewezen aan de juiste kostenplaatsen. Door het samenvoegen van de kostenplaatsen per product van dienstverlening ontstaat inzicht in de kosten per product van dienstverlening. Hierna worden de kosten omgeslagen naar een tarief per (sub-)product van dienstverlening op basis van aparte verdeelsleutels. De verdeelsleutels die hierbij gehanteerd worden, zijn gebaseerd op de verwachte productieaantallen: - Voor het product Heffen, het aantal (bruto) aanslagregels. - Voor het product Waarderen, het aantal WOZ-objecten. - Voor het product Innen, het aantal aanslagbiljetten. - Voor het product Klantzaken, het aantal klantcontacten. - Voor het sub-product Parkeerbelasting, het aantal aanslagregels. De kosten van het product O&O worden omgeslagen naar rato van het aandeel van de deelnemer in de kosten van de vier primaire producten plus het sub-product Parkeerbelasting. De kosten van het product GDI worden v.w.b.
het gemeentelijke deel omgeslagen op basis van het aandeel in O&O.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 50 van 78
Bijlage 9: Risicoanalyse Om de financiële gevolgen van de genoemde risico’s op te kunnen vangen is het van belang dat de BsGW een weerstandsvermogen aanhoudt dat overeenkomt met de benodigde weerstandscapaciteit. Voor het beleidsmatige kader, zie ‘Kadernota risicomanagement en weerstandsvermogen BsGW’ versie februari 2022. Op basis van de risicoanalyse is het benodigde weerstandsvermogen bepaald. Het totale benodigde weerstandsvermogen voor de genoemde risico’s is € 1,42 miljoen (was: 1,33 miljoen). De uitsplitsing en opbouw van dit bedrag staat in de tabel ‘Berekening weerstandsvermogen BsGW’. Voor elk van de risico’s is het bruto risicobedrag geïdentificeerd. Dit is het maximale bedrag dat nodig is indien het risico zich daadwerkelijk voordoet, in een situatie waar geen beheersmaatregelen worden genomen. Daarna is voor elk van de risico’s het netto risicobedrag gekwantificeerd. Dit is het risico dat kan optreden indien de geformuleerde beheersmaatregelen effectief zijn uitgevoerd. Vanuit het netto risico is het restrisico berekend. Het restrisico is het netto risicobedrag vermenigvuldigd met de kans die er bestaat dat het geïdentificeerde risico optreedt, ná het nemen van de geformuleerde beheersmaatregelen. Hierbij is de maximale kans genomen zoals die in de risico analyse staat aangegeven.
Dit leidt tot een conservatief weerstandsvermogen, dat wil zeggen: met het berekende weerstandsvermogen worden de risico’s afgedekt. Weerstandsvermogen begroting 2023 Bij de (meerjaren)-begroting 2022-2026 is het weerstandsvermogen berekend op € 1,33 miljoen, circa 6,3% van de netto-kosten BsGW 2022. Begin 2022 is de risico-analyse opnieuw uitgevoerd, waarbij de nog steeds relevante risico’s zijn geactualiseerd dan wel aangepast naar de cijfers van de begroting 2022 en actuele wet- en regelgeving. De benodigde weerstandcapaciteit, exclusief risico frictiekosten, komt uit op € 1,42 miljoen, circa 6,5 % van de netto-kosten 2023. Een toename van € 91 duizend. Deze toename heeft te maken met een aantal veranderingen in de (kans op) risico’s, naast nieuw benoemde risico’s, zie onderstaande tabel en de erop volgende toelichting.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 51 van 78
Marktontwikkelingen
Nr. Risico 1. Covid-19
Mogelijk effect
Mogelijke oorzaak
Beheersmaatregelen
Meer faillissementen (innen) met als gevolg oninbaarheid van vorderingen. Meer werk. Het niet kunnen opleggen van bepaalde belastingen (met als gevolg minder opbrengst vervolgingskosten). Uitval personeel door Covid. Beperkingen in processen door Covid.
Naijl-effecten door Covid-19
Kosten inzichtelijk maken en in rekening brengen voor de deelnemers. Contacten leggen met onze deelnemers/afdeling EZ die de economische prognoses met ons moet kunnen volgen.
Wet- / regelgeving
2. Geen voldoende of goed van BsGW mag geen aanslagen opleggen. de Waarderingskamer
3. Aanbestedingsrisico Hogere kosten voor de deelnemers. - ICT-landschap: Door kennisgebrek ligt de foutenkans kennis van het nieuwe hoger danwel wordt er minder efficiënt applicatielandschap gewerkt. ontbreekt; financieel risico: eventuele dubbele lasten (schaduwdraaien). - accountant: niet tijdig nieuwe 4. Rechtmatigheidsverantwoord T.a.v. de jaarrekening: ing wordt niet voldoende een verklaring met beperking/ nageleefd een afkeurende verklaring/ een verklaring van oordeelonthouding Meer werk
Bezwaren en beroepen
Proces
5. Koepelvrijstelling van de BTW
Kostprijsverhogend voor deelnemers
Onvoldoende kwaliteit van Opleiden van medewerkers. medewerkers. Voldoende en adequate uitvoer van interne Onvolkomenheden in controles. belastingpakket. Geringe ICT Tijdig nieuwe medewerkers aantrekken danwel ondersteuning. zorgen voor een voldoende flexibele schil inhuur. Te weinig capaciteit, waardoor Bij aanbesteding letten op mogelijkheden pakket. taken niet tijdig gereed komen. Bezuinigingen. Onvoldoende kennis bij Risicomanagement is in het AHA-project opgenomen. medewekers. Zorgen voor goede strategische visie en mensen die Ontbreken van een goede daarop kunnen acteren. overerall strategie. Mogelijke extra kosten mee nemen in aanbestedingskosten of trachten uit te sluiten.
Rechtmatigheidsverantwoordi Opstellen van een adequaat beleid, procedures en ng is niet goed goed uitgevoerde verbijzonderde interne geimplementeerd in de controles/lijncontroles. organisatie. Voldoende capaciteit voor uitvoer van inyterne Te weinig capaciteit om het controles. proces te bewaken. Goede tussentijdse afstemming tussen accountant Niet voldoende kennis van wet-en BsGW: tussentijds zaken voorleggen ogv beleid /regelgeving. en processen. Wijziging in wet-/regelgeving. Groot risico, dus onderzoek naar laten doen. Wellicht dat het Btw-compensatiefonds (BCF) hier weer een sleutel geeft ter bestrijding van kostenverhogende factor.
6. Kwijtschelding valt onder Extra proceskostenvergoeding bezwaar- en beroepenregime (Fiscale vereenvoudigingswet 2017): ombudsman en administratief en beroep (daarna geen adm beroep maar bezwaar, beroep, hoger beroep en cassatie 11-2023?) 7. Onvoldoende Gerichter sturen op het proces bezwaar gestructureerde en beroep wordt bemoeilijkt zo niet informatiestromen onmogelijk. Hogere proceskostenvergoedingen. Inefficiënte werkwijzen (excel) en foutgevoelig.
Wijziging in wet-/regelgeving
Uitvoering van het dynamische plan van aanpak. Dit zit (m.u.v. de Haagse lobby) niet in het huidige plan van aanpak; BsGW zal beleidsvorming vanuit het westen op de voet moeten volgen. Afdelingshoofd Innen zit in landelijke netwerkgroep Lvlb mbt innen.
Het Management Informatie Systeem (MIS) sluit niet aan op de informatiebehoefte van de gebruikers.
Herinrichten/verbeteren MIS. Extra capaciteit (uren intern danwel extern) vrijmaken voor inrichting/verbetering MIS
8. Meer bezwaren en beroepen Overschrijding begroting als gevolg van hogere proceskostenvergoedingen en hogere uitvoeringskosten.
Door gewijizgde wet/regelgeving is er voor de ncnp-bedrijven een verdienmodel ontstaan.
Uitvoering van het dynamische plan van aanpak: dit plan bevat interne acties en 'Den Haag'-gerichte acties; deze stroomlijnen en aan de lijn blijven met con-collega's, zodat de aanpak sluitend blijft.
9.
Gewijzigde wet-/regelgeving: de eigen woning wordt in box 3 gerubriceerd.
Uitvoering van het dynamische plan van aanpak.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 52 van 78
Technologie Personeel
Nr. Risico
Mogelijk effect
Mogelijke oorzaak
Beheersmaatregelen
10. Datalek Cyberaanvallen/hack i.c.m. onzekerheid ICT-leverancier
Boete van de Autoriteit Persoonsgegevens. Afbreukrisico/reputatieschade. Aanvullende kosten door productieverlies.
Hackersaanvallen. Nalatigheid medewerkers/ deelnemers.
1.Procedure meldplicht datalekken BsGW 2.Informatiebeveiligingsbeleid en besluit gegevensverstrekking en privacy-protocol. 3.Bewustwording medewerkers/opleiding/elearning/mistery guest. 4.De FG en CISO toetsen/monitoren op naleving. 5.BsGW zet ICT-beveiligingstoepassingen in zoals beveiligde FTP-server voor uitwisselingen met de deelnemers of andere partijen, mail, adequate antivirusbeveiligingen en data-encryptie, Third Party Memo-randum, ISAE 403-verkaring. 6.Verstrekking aan deelnemers alleen na een privacy toets/doelbinding. 7. Gebruik van Zivver
11. ICT-storingen in de piekbelasting
Het niet kunnen opleggen van aanslagen.
12. Gemankeerde migratie ICT
Onbetrouwbare (management)informatie. Aanslagen kunnen niet (tijdig) worden verstuurd. Aanslagen/andere overzichten bevatten onjuiste informatie. Financieel risico: herstelkosten. Afbreukrisico.
Dienstverleningsovereenkomst (DVO). Onbetrouwbare ICTRegelen van back-ups waardoor werkzaamheden leverancier. snel opgepakt kunnen worden/uitwijklokatie. Storing bij de Extra inzet externe capaciteit. energieleverancier. Bouwwerkzaamheden. onjuiste temperatuur serverruimten. Systemen van leveranciers zijn Afspraken maken met ICT-leverancier dat oorzaken bij de leverancier vergoed worden/BsGW niet onvoldoende veilig. meebetaalt. Kwaliteit (interne/externe) medewerkers onvoldoende.
13. Fraude door medewerkers
Financieel verlies ten gevolge van (incasso/afdracht)fraude zal BsGW dienen te compenseren. Imagoschade BsGW.
Stelsel van sluitende interne controles. Geen sluitende interne Adequate functiescheidingen. controles. Samenspanning medewerkers. Integriteit onder de aandacht blijven houden.
14. Kwalitatieve krapte op de arbeidsmarkt
Niet tijdig kunnen vervullen van vacatures waardoor werk blijft liggen.
BsGW profileert zich te weinig naar buiten als aantrekkelijke werkgever.
Meer stage-/afstudeerplekken aanbieden en in de werving insteken op potentie die BsGW verder intern (traineeships) zal doorontwikkelen. Voorbeeld KCC-medewerker is bereid om taxateursopleiding te volgen, maar ook meedraaien op carrieredagen hogescholen.
15. Hoog ziekteverzuim
Uitval van functionarissen met als gevolg dat de werklast terecht komt bij de andere medewerkers danwel werk blijft liggen. Budgetoverschrijding als gevolg van extra inhuurkosten.
Bezuinigingen/vacatures worden niet (tijdig) ingevuld. Niet-werkgerelateerd (mantelzorg etc.)
1.Adequaat HRM beleid gericht op preventie en – zo nodig – herplaatsing binnen of buiten BsGW 2.Mobiliteitsplan en budget -Vrijwillige mobiliteit (geen kosten) -Verplichte mobiliteit (coaching/detachering etc. dek-king via OOP) -Afscheid bij functie-ongeschiktheid 3.Strategisch HRM-beleid
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 53 van 78
Marktontwikkelingen
Kans 4
Gevolg 3
Kans 90%
€
Gevolg 300.000
€
Score (€) 270.000
Geen voldoende of goed van de Waarderingskamer
1
4
10%
€
500.000
€
50.000
Aanbestedingsrisico - IC T-landschap: kennis van het nieuwe applicatielandschap ontbreekt; financieel risico: eventuele dubbele lasten 3. (schaduwdraaien). - accountant: niet tijdig nieuwe accountant, duurdere accountant
1
3
10%
€
250.000
€
25.000
Rechtmatigheidsverantwoording wordt niet voldoende nageleefd 5. Koepelvrijstelling van de BTW
2
1
30%
€
50.000
€
15.000
1
4
5%
€
1.733.760
€
86.688
6. Kwijtschelding valt onder bezwaar- en beroepenregime Onvoldoende gestructureerde informatiestromen 7.
1 3
3 3
10% 65%
€ €
100.000 130.000
€ €
10.000 84.500
8. Meer bezwaren en beroepen: ncnp's
4
4
90%
€
500.000
€
450.000
Meer bezwaren en beroepen: box 3
1
3
10%
€
100.000
€
10.000
Datalek C yberaanvallen/hack i.c.m. onzekerheid IC T-leverancier
1
4
1%
€ 20.000.000
€
200.000
11. IC T-storingen in de piekbelasting Gemankeerde migratie IC T 12.
1 1
4 4
10% 10%
€ €
200.000 200.000
€ €
20.000 20.000
Fraude door medewerkers
1
4
10%
€
200.000
€
20.000
4 3
3 3
80% 80%
€ €
100.000 100.000
€ €
80.000 80.000
Totaal benodigd weerstandsvermogen:
€
1.421.188
Risico C ovid-19 1. 2.
Wet- / regelgeving
4.
Proces Bezwaren en beroepen
9.
10. Technologie
13. Personeel
14. Kwalitatieve krapte op de arbeidsmarkt 15. Hoog ziekteverzuim
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 54 van 78
Toelichting risicoanalyse 1. Covid Ten tijde van het schrijven van deze ontwerpbegroting hebben we nog steeds te maken met COVID-19. De directe gevolgen zijn merkbaar in de begroting van BsGW, bijvoorbeeld door extra inhuur wegens uitval door ziekte van medewerkers. Maar ook minder direct; sinds de uitbraak is BsGW ruimhartiger in uitstel van betaling. Echter nu groeit de verwachting van een toename in het aantal faillissementen, die ertoe leiden dat vorderingen oninbaar worden, en zullen bepaalde belastingen niet of minder kunnen worden opgelegd, met als bijkomend gevolg minder opbrengsten uit vervolgingskosten. Ook is een toename in bijvoorbeeld de kwijtscheldingsverzoeken een reëel verwachte ontwikkeling als naijl effecten van COVID-19. 2. Geen voldoende of goed van de Waarderingskamer Indien BsGW geen voldoende ontvangt van de Waarderingskamer is zij niet bevoegd om aanslagen op te leggen. De kans wordt, ook gezien het verleden, laag ingeschat. Echter om een dergelijke situatie te voorkomen zullen extra kosten zijn gemoeid ten aanzien van eventuele inzet. Daarnaast heeft BsGW de ambitie uitgesproken om naar de kwalificatie ‘goed’ te groeien. Door bezuinigingen, onvoldoende kwalitatieve en kwantitatieve bezetting naast onvolkomenheden in het belastingpakket, kunnen bepaalde werkzaamheden niet tijdig gereed komen danwel van onvoldoende kwaliteit zijn.
Het tijdig en adequaat opleiden van medewerkers en een voldoende flexibele schil aan inhuur zal het risico op een lagere rating van voldoende verder verminderen. Ook zal bij de aanbesteding van het ICT-landschap gelet worden op de mogelijkheden van het eventuele nieuwe belastingpakket. 3. Aanbestedingsrisico Ten tijde van het opstellen van deze rapportage is de aanbesteding rondom ICT nog lopend; de kosten hiervan zijn nog niet volledig in beeld. Ook bestaat de kans dat er extra kosten uit hoofde van schaduwdraaien te verwachten zijn. Eveneens kunnen de kosten voor de eventuele nieuwe accountant hoger uitvallen dan begroot. In de loop van 2022 zal hierover meer zekerheid worden verkregen. Door tijdig de risico’s in beeld te brengen van beide trajecten en hierop passende maatregelen aan te brengen zal het risico worden verminderd. Daarnaast wordt BsGW begeleid door een externe partij om het aanbestedingstraject goed te laten verlopen. 4. Rechtmatigheidsverantwoording wordt niet voldoende nageleefd Tot en met 2021 geven externe accountants een rechtmatigheidsoordeel bij de jaarrekening af. Door een wetswijziging wordt vanaf 2022 het dagelijks bestuur zelf verantwoordelijk voor het afgeven van de rechtmatigheidsverantwoording. De rechtmatigheidsverantwoording gaat erover of de uitgaven voldoen aan relevante wet –en regelgeving.
Het niet voldoen hieraan kan betekenen dat BsGW ten aanzien van de jaarrekening een verklaring met beperking/oordeelonthouding danwel een afkeurende verklaring ontvangt. Om deze situatie te voorkomen is, vooruitlopend op de aanpassing van de wetgeving in 2022, een werkgroep opgesteld, die ervoor zorgt dat de rechtmatigheidsverantwoording goed wordt geïmplementeerd en ingebed wordt in de organisatie. 5. Koepelvrijstelling van de BTW Op dit moment loopt, naar aanleiding van enkele uitspraken van het Hof van Justitie van de Europese Unie, nog steeds een discussie of de koepelvrijstelling in de btw beperkter moet worden
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 55 van 78
toegepast dan tot nu toe gebruikelijk was. Het gaat om de uitleg of de koepelvrijstelling in de BTW alleen geldt voor de in de BTW-richtlijn met name genoemde activiteiten. Door deze uitspraken zou deze vrijstelling sterk worden ingeperkt. De zorg voor een goede en veilige waterhuishouding zou bijvoorbeeld niet meer als prestatie van algemeen belang gelden. Als gevolg daarvan zouden typische waterschapstaken en belastingheffing en -inning, die niet zelfstandig door het waterschap maar bijvoorbeeld met andere overheden in de vorm van een gemeenschappelijke regeling (GR) worden uitgevoerd, niet meer onder de koepel- vrijstelling vallen, met als gevolg dat de bijdrage van het waterschap in de uitvoeringskosten van de GR met 21% wordt verhoogd. Hiermee zou niet de gehele bijdrage met 21% omhoog gaan; voor veel posten geldt dan immers ook de vooraftrek. De grootste uitzonderingen hierop zijn de salarissen inclusief de sociale lasten. De kans wordt overigens laag ingeschat dat er definitieve (Europese) regelgeving komt in 2023. Wellicht dat het BTW-compensatiefonds de kostenverhoging bij onze gemeentelijke deelnemers (deels) teniet kan doen . 6.
Kwijtschelding valt onder bezwaar- en beroepenregime Het wetsvoorstel Fiscale Vereenvoudigingswet 2017 beoogt de burger betere rechtsbescherming te bieden tegen de beslissing op een verzoek om kwijtschelding en tegen de beslissing op een verzoek om uitstel van betaling. In plaats van de huidige mogelijkheid van administratief beroep, zal - naar analogie van de rechtsbescherming tegen belastingheffing - bezwaar bij de invorderende instantie, beroep bij de rechtbank, hoger beroep bij het gerechtshof en beroep in cassatie bij de Hoge Raad mogelijk worden gemaakt. Oorspronkelijk was de inwerkingtreding per 1 januari 2019 voorzien, maar dit is uitgesteld wegens technische problemen bij de Belastingdienst om dit in het automatiseringsproces door te voeren. Naar verwachting zal de inwerkingtreding niet plaatsvinden voor 2022. Het werkproces zal moeten worden ingericht op de nieuwe rechtsbeschermingsmogelijkheden. De capaciteit van de bezwaar- en beroepsafdeling zal mogelijk hierop aangepast dienen te worden. In verband met de nieuwe beroepsmogelijkheden bestaat de kans dat de proceskostenvergoedingen die in verband met de beroepsprocedures moeten worden uitbetaald zullen stijgen. BsGW volgt de landelijke beleidsvorming op de voet en heeft zitting in een landelijke netwerkgroep Landelijke Vereniging Lokale Belastingen (Lvlb) met betrekking tot innen. 7.
Onvoldoende gestructureerde informatiestromen Indien de informatiestromen niet voldoende adequaat werken, kan dit tot gevolg hebben dat er ineffciënte werkwijzen danwel fouten ontstaan. Ook het gericht sturen op belangrijke processen wordt hierdoor bemoeilijkt, maar kunnen ook correctiewerkzaamheden als gevolg van foutieve aanslagen hebben waardoor extra kosten mee gemoeid kunnen zijn. BsGW zal daarom goede afspraken maken over beheer, verantwoordelijkheid en gebruik van de gegevens. Door middel van een stelsel van verbandscontroles zullen de juistheid en volledigheid van de administraties worden geborgd. Foutieve gegevens worden terug gemeld aan de bronhouders. 8. Meer bezwaren en beroepen: ncnp's BsGW ziet zich de afgelopen jaren steeds meer geconfronteerd worden met oplopende proceskostenvergoedingen, waarvan de ontwikkelingen ten tijde van het opstellen van deze rapportage nog onzeker zijn. Het restrisicobedrag is, na uitvoering van het dynamische plan van aanpak, ingeschat op basis van onze ervaringen.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 56 van 78
9. Meer bezwaren en beroepen: box 3 Momenteel zijn er voorstellen om de eigen woning van box 1 naar box 3 te verplaatsen. Concreet betekent dit dat hypotheekrenteaftrek en eigenwoningforfait op termijn vervallen. Over de overwaarde van een woning gaan woningeigenaren belasting betalen. Doordat de woningmarkt oververhit is, zijn de huizenprijzen hoog en stijgen steeds harder. Dit leidt tot verschillende problemen. Voor starters is het steeds lastiger om een huis te kopen. Mensen moeten steeds meer lenen om een huis te kunnen kopen, wat hen financieel kwetsbaar maakt. Om aan al deze problemen wat te doen, is de verhuizing van de eigen woning van box 1 naar box 3 één van de voorgestelde maatregelen. Deze specifieke maatregel zorgt ervoor dat de huizenprijzen minder hard stijgen. Doordat het fiscaal niet meer wordt gestimuleerd om veel te lenen, zullen mensen immers minder bieden op een huis. Als gevolg van te verwachten wijzigingen in de wetgeving wordt de kans aanwezig geacht dat hierdoor meer belastingplichtigen kritischer zullen zijn ten aanzien van de vastgestelde WOZwaarde, waarbij dit mogelijk tot meer ingediende bezwaren kan gaan leiden. 10. Datalek: Cyberaanvallen BsGW wil de continuïteit van de informatie en de informatievoorziening waarborgen.
De eventuele gevolgen van beveiligingsincidenten zoals aanvallen van hackers, die pogen de ICTinfrastructuur van BsGW te verstoren danwel aanvallen van ransomware, maar ook verlies of diefstal van informatiedragers als laptop en USB-stick of de verstrekking van privacygevoelige gegevens naar onbevoegden dienen tot een acceptabel niveau te worden beperkt. BsGW hanteert daarom diverse beheersmaatregelen. Zij hanteert de procedure meldplicht datalekken en de door het bestuur vastgesteld informatiebeveiligingsbeleid en besluit gegevensverstrekking en privacy-protocol, inclusief bijbehorende procedures. Medewerkers krijgen regelmatig training in aspecten van de AVG. De FG en CISO toetsen/monitoren op naleving. Daarnaast zet BsGW ICT-beveiligingstoepassingen in zoals beveiligde FTP-server voor uitwisselingen met de deelnemers of andere partijen, adequate anti-virusbeveiligingen en dataencryptie, naast een uitwijkmogelijkheid. Middels een Third Party Memorandum en ISAE3402-verklaring (assurance rapport van de onafhankelijke accountant) krijgt BsGW inzicht of haar leverancier de beveiligingseisen voldoende heeft ingericht en of deze voldoen aan de landelijke standaarden.
Indien BsGW eventuele financiële (gevolg)schade lijdt doordat haar leverancier haar zaken niet op orde heeft (denk aan slechte software, apparatuur, verloop van personeel et cetera) is dit financiële risico afgedekt middels een contract. Het eventuele restrisico betreft de mogelijke juridische kosten indien eventuele geschillen gaan optreden dan wel extra inhuur nodig is bij vertraging in een goede afloop hiervan. Ook het gebruik van Zivver (een tool voor vertrouwelijke communicatie via de mail) is het afgelopen jaar ingevoerd. 11. ICT-storingen in de piekbelasting Storingen zullen van materiële omvang kunnen zijn indien deze in de piekbelasting plaatsvinden. Het restrisico komt voornamelijk tot uiting in de niet-uitgevoerde danwel verloren werkzaamheden die op een later moment ingehaald resp. opnieuw dienen te worden uitgevoerd door zowel interne als externe medewerkers.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 57 van 78
12. Gemankeerde migratie ICT Indien de migratie niet voldoende verloopt bestaat de kans dat (management)informatie verloren gaat hetgeen tot uitdrukking kan komen in onjuiste managementinformatie, niet tijdig te versturen aanslagen danwel onjuiste aanslagen, naast het financieel risico van herstelkosten en reputatieschade. Afspraken hieromtrent maken met de betreffende leverancier kan ertoe leiden dat het financieel risico beperkt blijft. 13. Fraude door medewerkers Fraude staat en valt met de integriteit van medewerkers. De burgers moeten kunnen vertrouwen op een integere overheid. De Gedragscode Integriteit Ambtenaren levert een belangrijke bijdrage aan het bevorderen van het integriteitbewustzijn van de BsGW-medewerkers. De gedragscodes en gerichte communicatie over fraudebeleid dragen bij aan een integere organisatiecultuur, waardoor fraude ontmoedigd kan worden. Naast het streven naar een ingebedde, integere organisatiecultuur zet BsGW een stelsel van interne controlemaatregelen en toetsingsmaatregelen (audits) in om fraude te voorkomen. Aanvullend heeft BsGW een frauderisico-verzekering afgesloten. 14. Kwalitatieve krapte op de arbeidsmarkt Ook BsGW ziet zich de laatste jaren geconfronteerd me een kwalitatieve krapte op de arbeidsmarkt, zeker ten aanzien van bepaalde functies (o.m. taxateurs, ICT-ers).
Een van de maatregelen om toch voldoende gekwalificeerd personeel tijdig aan te kunnen trekken is zich meer te profileren op de arbeidsmarkt, naast het aanbieden van stage-/afstudeerplekken en in de werving hiervan insteken op potentie die BsGW verder intern (traineeships) zal doorontwikkelen. 15. Hoog ziekteverzuim BsGW dient het personeelsbestand zowel kwantitatief als kwalitatief te laten aansluiten op de (gewijzigde) eisen die BsGW aan haar medewerkers stelt. In de exploitatie van BsGW wordt geen rekening gehouden met functie-ongeschiktheid en langdurig ziekteverzuim. Hiervoor is ook geen voorziening gevormd. Bij afscheid bij functie-ongeschiktheid is BsGW eigen risicodrager WW en overige verplichtingen zoals de buitenwettelijke uitkering. Deze onvrijwillige uitstroom is niet gebudgetteerd. Dit geldt ook voor langdurig ziekteverzuim (wet Poortwachter). Voor de reguliere bedrijfsvoering ziet BsGW zich dan genoodzaakt extra inhuur te plegen. Daarnaast ziet BsGW een vergrijzende opbouw van haar personeelsbestand. Zeker bij zogeheten eenpitter-functies is het noodzakelijk tijdig nieuwe collega’s in te werken, hiermee ontstaat wel een tijdelijke overlap van salariskosten.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 58 van 78
Bijlage 10: Bijdrage Waterschap Limburg volgens BBP-opzet
Bijdrage 2023 Waterschap Limburg conform BBP-indeling
Totaal bijdrage Netto 2023
Heffing en invordering 31 Belastingheffing 3.658.356 31.1 kostentoedeling en belastingverordeningen 49.893 31.2 aanslagen huishoudens en forfaitaire bedrijfsruimten 385.962 31.3 aanslagen zuiveringsheffing overige bedrijven 606.137 31.4 aanslagen watersysteemheff. gebouwd, ongebouwd en natuur 1.913.350 31.5 aanslagen verontreinigingsheffing 31.6 verzoek-/ bezwaar-/ beroepschrift huishoud./ forfait.bedrijfsruimten 282.048 31.7 bezwaar-/ beroepschriften zuiveringsheff. ov. bedrijven 186.474 31.8 bezwaar-/beroepschriften watersysteemheff. gebouwd, ongebouwd en natuur 234.494 31.9 bezwaar-/beroepschriften verontreinigingsheffing 32 Invordering 1.400.344 32.1 32.2 32.3
betalingsverwerking aanslagen kwijtschelding invorderingsmaatregelen aanslagen
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
336.478 192.980 870.886
Zuiveringsbeheer 1.587.250 ve 1.818.217
Watersysteembeheer
Totaal
3.240.483
5.058.700
1.123.848 191.382 606.137 139.855 186.474 694.369
2.534.509 49.893 194.580 1.913.350 142.193 234.494 705.974
3.658.356 49.893 385.962 606.137 1.913.350 282.048 186.474 234.494 1.400.344
166.845 95.690 431.834
169.633 97.290 439.051
336.478 192.980 870.886
pagina 59 van 78
Bijlage 11: Berekend EMU-saldo
Bedragen x € 1.000
1
Exploitatiesaldo voor toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves
2 Afschrijvingen ten laste van de exploitatie 3
Bruto dotaties aan de post voorzieningen ten laste van de exploitatie
Uitgaven aan investeringen in (im)materiele vaste activa 4 die op de balans worden geactiveerd De in mindering op onder 4 bedoelde investeringen 5 gebrachte ontvangen bijdragen van het Rijk, de Provincies, De Europse Unie en overigen Verkoopopbrengsten uit desinvesteringen in (im)materiële vaste activa Boekwinst op desinvesteringen in (im)materiële vaste 6b activa Uitgaven aan aankoop van grond en uitgaven aan bouw-, 7 woonrijp 6a
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
0
0
0
0
0
0
0
261
261
357
357
357
357
357
0
0
0
0
0
0
0
-300
-300
-300
-300
-300
-300
-300
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
0
8a Verkoopopbrengsten van grond (tegen verkoopprijs)
0
0
0
0
0
0
0
8b Boekwinst op grondverkopen
0
0
0
0
0
0
0
9 Betalingen ten laste van de voorzieningen
0
0
0
0
0
0
0
Betalingen die niet via de exploitatie lopen, maar rechtstreeks ten laste van de reserves worden gebracht 10 en die nog niet vallen onder één van de andere genoemde posten
0
0
0
0
0
0
0
0 -39
0 -39
0 57
0 57
0 57
0 57
0 57
11 Boekwinst bij verkoop van effecten Berekend EMU-saldo
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 60 van 78
Bijlage 12: Geprognosticeerde balans 2022-2027 Activa (x € 1.000,-)
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
Immateriële vaste activa (1) Kosten voor onderzoek en ontwikkeling
454
454
454
454
454
454
454
454
Totaal immateriële vaste activa
454
454
454
454
454
454
454
454
Vaste Activa
Immateriële vaste activa in uitvoering (2)
565
565
565
565
565
565
565
565
Totaal immateriële vaste activa in uitvoering
565
565
565
565
565
565
565
565
Materiële vaste activa (3) Kantoorinventaris
208
253
253
253
253
253
253
253
Totaal materiële vaste activa
208
253
253
253
253
253
253
253
1.227
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
1.273
Vorderingen (4) Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen
573 162
573 0
573 0
573 0
573 0
573 0
573 0
573 0
Totaal vorderingen
735
573
573
573
573
573
573
573
Liquide middelen (5)
2.243
2.435
2.147
1.860
1.572
1.284
997
709
Totaal liquide middelen
2.243
2.435
2.147
1.860
1.572
1.284
997
709
Overlopende activa (6)
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
Totaal overlopende activa
TOTAAL VASTE ACTIVA
Vlottende activa
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
4.007
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
6.985
7.015
6.727
6.440
6.152
5.864
5.577
5.289
TOTAAL ACTIVA
8.212 -631
8.287
7.999
7.712
7.424
7.136
6.849
6.561
Passiva (x € 1.000,-)
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
2026
Algemene reserve Resultaat boekjaar
1.203 -2.092
1.203 0
1.203 0
1.203 0
1.203 0
1.203 0
1.203 0
1.203 0
Totaal eigen vermogen
-889
1.203
1.203
1.203
1.203
1.203
1.203
1.203
Langlopende schulden Lening lang
2.000
1.714
1.429
1.143
857
571
286
0
Totaal vreemd vermogen
Vaste passiva
2.000
1.714
1.429
1.143
857
571
286
0
Voorzieningen (8) Voorziening proceskosten 2017 Voorziening proceskosten 2018 Voorziening proceskosten 2019 Voorziening proceskosten 2020 Voorziening vervroegd pensioen
0 726 28
0 0 26
0 0 24
0 0 22
0 0 20
0 0 18
0 0 16
0 0 14
Totaal voorzieningen
754
26
24
22
20
18
16
14
1.866
2.943
2.655
2.367
2.080
1.792
1.504
1.217
Kortlopende schulden (9) Lening kort C rediteuren Belastingen en sociale lasten Overige schulden
730 1.028 777 3.211
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
0 1.213 750 2.781
Totaal kortlopende schulden
5.746
4.744
4.744
4.744
4.744
4.744
4.744
4.744
600
600
600
600
600
600
600
600
TOTAAL VASTE PASSIVA
Vlottende passiva
Overlopende passiva (10) Totaal overlopende passiva
600
600
600
600
600
600
600
600
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
6.346
5.344
5.344
5.344
5.344
5.344
5.344
5.344
8.212
8.287
7.999
7.711
7.424
7.136
6.848
6.561
TOTAAL PASSIVA
Deze tabel wordt nog aangepast zodra de definitieve gecontroleerde cijfers 2021 bekend zijn. Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 61 van 78
Bijlage 13. Zekere en mogelijke ontwikkelingen: achtergrondinformatie
Zekere ontwikkelingen Loonontwikkeling Indexering salariskosten Het gemiddelde percentage van de loonvoet overheidssector over de jaren 2020-2022 en 20182022 bedraagt 2,5% (bron: Centraal Plan Bureau, Macro Economische Verkenning 2021 september 2021). Vanaf 2023 voorspelt het CPB zelf een gemiddelde van 2,7%. Desondanks wordt er vooralsnog voor gekozen om de index aan te houden van 2,5%. In de afgelopen jaren in het procentuele aandeel van de sociale lasten te laag begroot. Derhalve is vanaf 2023 een opwaartse correctie gemaakt en is deze gebaseerd op het gemiddelde van de afgelopen 4 jaar, waarmee deze uitkomt op 32%. Indexering goederen en diensten In de begroting 2023-2027 wordt gerekend met een indexering van 1,9%, gebaseerd op de ontwikkeling van de Consumenten Prijsindex van het CPB van de afgelopen jaren (bron: Centraal Plan Bureau, Macro Economische Verkenning 2021 september 2021). Vanaf 2023 voorspelt het CPB eveneens een gemiddelde van 1,9%. Derhalve is gekozen om de index aan te houden van 1,9%. Een uitzondering hierop vormt de ICT-index. Deze ligt in 2021 (en voorgaande jaren) rond de 2,7%. Dit percentage wordt eveneens voor de jaren 2023–2027 aangehouden.
Proceskosten Door wijzigingen in de wetgeving, meer in het bijzonder als gevolg van het afschaffen van Fierensdrempel, is het voor de zogenaamde ncnp-bedrijven rendabel geworden om namens burgers en ondernemers bezwaar te maken tegen de WOZ-waarde, waarbij deze bedrijven de tegemoetkoming van de proceskosten krijgen. De ontwikkelingen met betrekking tot de hausse aan proceskosten, waarmee BsGW met name de laatste jaren wordt geconfronteerd, is en blijft nog steeds een belangrijk aandachtspunt. Het aantal ingediende bezwaren neemt nog steeds toe. Deze ontwikkeling is ook landelijk zichtbaar, zowel qua toename van het totaal aantal ingediende bezwaren als ook het feit dat steeds meer burgers en ondernemers gebruik maken van een ncnp-bedrijf of andere gemachtigden. Een en ander leidt tot een forse stijging van de proceskosten, waarbij er een discrepantie is tussen hoogte van de kostenvergoeding en restitutie van belastingbedragen. Bovendien leggen ncnp-bedrijven een onevenredig beslag op tijd van gemeenten resp. de samenwerkingsverbanden, zo ook BsGW. Vanaf 2014 ziet ook BsGW zich geconfronteerd met een toename van de WOZ-proceskostenvergoeding. Zie onderstaande tabel:
Ontwikkeling proceskosten BsGW (begroting) Bedragen * € 1.000,2020 2.000
Proceskosten BsGW
2021 2.040
2022 2.081
2020 2021 2.700-3.000
2022
Ontwikkeling proceskosten BsGW (realisatie/prognose) Bedragen * € 1.000,Proceskosten BsGW
2014 595
2015 621
2016 1.167
2017 1.332
2018 1.700
2019 1.500
Hoewel in 2019 een lichte daling te zien was in zowel de ingediende bezwaren als de uitbetaalde proceskostenvergoeding, zagen we juist in 2020 een forse stijging. In 2021 zien we ten opzichte van 2020 ‘slechts’ een lichte stijging van het aantal ingediende bezwaren door de ncnp-bedrijven, waarbij de stijging van 2020 lijkt af te zwakken. een stijging van het aantal bezwaarschriften ver-
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 62 van 78
taalt zich niet alleen door in een stijging van de proceskosten. Ook de uitvoeringskosten (extra inzet personele ondersteuning in de vorm van taxateurs, juristen en KCC-medewerkers) stijgen, waardoor de begroting verder onder druk komt te staan. De proceskostenvergoeding in de jaarschijf 2023 uit de vastgestelde begroting 2022 en meerjarenbegroting 2022-2026 is ingeschat op € 2,08 miljoen. Gezien bovenstaande ontwikkelingen en het feit dat de tarieven voor de proceskostenvergoeding regelmatig worden verhoogd, wordt net als in de begroting 2022 rekening gehouden met € 3 miljoen aan proceskostenvergoeding. Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft op basis van voornoemde ontwikkelingen een onderzoek ingesteld naar de ontwikkeling van het aantal bezwaren en de in verband hiermee toegekende kostenvergoedingen met als doel scherp te krijgen in hoeverre de NCNP-bedrijven juridische procedures bij WOZ-beschikkingen en BPM-aangiftes hoofdzakelijk inzetten als verdienmodel voor de verkrijging van proceskostenvergoedingen. Het onderzoek wordt uitgevoerd door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC). In februari 2021 is het rapport door het WODC opgeleverd. Naar aanleiding hiervan heeft de VNG aangegeven dat op korte termijn een oplossing dient te komen voor de uitvoeringsproblemen.
Volgens de VNG staat in deze discussie de rechtsbescherming van de burger (en ondernemer) uitdrukkelijk voorop. Het bestaan van het Besluit proceskosten bestuursrecht zelf staat niet ter discussie, noch het bestaan van de NCNPbedrijven, maar wel de onbedoelde uitwassen. De VNG heeft het COELO gevraagd om een nader onderzoek. Het WODC-rapport geeft namelijk geen antwoord op een van de hoofdvragen van het onderzoek: of er een onbedoeld verdienmodel in de proceskostenregeling schuilt? Inmiddels is het onderzoek afgerond en zijn de resultaten bekend. Uit dit onderzoek blijkt de door de NCNPbedrijven ontvangen grotendeels vaste kostenvergoeding relatief hoog is gezien de veelal sterk geautomatiseerde werkwijze. En dat levert een financiële prikkel op om zoveel mogelijk bezwaarschriften (nagenoeg ongeacht de slagingskans) in te dienen. Er is dus overduidelijk sprake van een verdienmodel. Het COELO-rapport wordt door de VNG benut in de lopende gesprekken met stakeholders waaronder de betrokken ministeries en de belangenvereniging van zowel de gemeentes, samenwerkingsverbanden en NCNP-bedrijven. De inzet daarbij is om zo snel mogelijk te komen tot een adequate rechtsbescherming zonder ongewenste neveneffecten.
Stimuleringsregeling Vanaf 1-1-2017 is het voor medewerkers vanaf 10 jaar voor hun AOW-leeftijd mogelijk om minder te gaan werken met het oog op strategisch formatiebeheer nu en in de toekomst. De maatregel behelst compensatie salaris en pensioenopbouw tot het moment dat de deelnemende medewerker de AOW-gerechtigde leeftijd bereikt en uitstroomt. Medewerkers hebben gedurende de periode 2017 tot en met 2020 gebruik kunnen maken van deze regeling. De financiële effecten, in totaliteit begroot op € 672 duizend, zijn evenwel merkbaar tot de definitieve (pensioen-)uitstroom oftewel uiterlijk 2029. De Stimuleringsregeling wordt budgetneutraal voor de deelnemers uitgevoerd; de kosten dienen binnen de begroting van BsGW te worden opgevangen. In het AB van 8 oktober 2020 is besloten deze regeling niet meer te verlengen. De belangrijkste redenen zijn een versnippering van fte’s, toename van het aantal parttimers naast het feit dat het een kostbare regeling is. Waarderen op gebruiksoppervlakte: beheerfase Vanaf 1 januari 2022 bestaat de verplichting om woningen te waarderen op basis van de gebruiksoppervlakte. Daarvoor gebruikte BsGW de bruto inhoud om woningen te waarderen. De gebruiksoppervlakte is een authentiek gegeven en wordt door de inliggende gemeenten (of gegevenshui-
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 63 van 78
zen) beheerd in de Basisregistraties Adressen en Gebouwen (BAG). Namens en op verzoek van de deelnemers heeft BsGW de regie van dit transitieproject (2019-2021) op zich genomen, in nauwe samenwerking met de gemeenten en Het Gegevenshuis. inmiddels is de beheerfase gestart: het bijhouden en actueel houden van de gegevens. In 2020 zijn gemeenten en BsGW in overleg gegaan hoe de beheerfase, als (mogelijke) voorloper van de Samenhangende Objecten Registratie (SOR) ingericht dient te worden en hoe het beheer op termijn wordt belegd. Regieportaal Een werkgroep, bestaande uit BAG- en/of contractmanagers van de gemeenten Beek, Beesel, Bergen, Gulpen-Wittem, Roermond, Stein en Valkenburg, Het Gegevenshuis (Landgraaf) en BsGW, heeft onder begeleiding van een externe marktpartij een onderzoek uitgevoerd en unaniem als oplossingsrichting gekozen om te gaan werken met een zogenaamd regieportaal. Dit is een applicatie, die in staat is om relevante gegevens voor zowel de BAG (gemeente), de BGT als de WOZ (BsGW) op een efficiënte manier uit te wisselen en te tonen, zowel administratief als geografisch. De samenhang tussen beide administraties blijft zo kwalitatief op peil, gegevens blijven 1 op 1 lopen en er is realtime inzicht in de verschillende databronnen.
Het portaal is dus zowel voor de gemeenten, de op GEO-gebied aan de gemeente gerelateerde samenwerkingsverbanden, als ook voor BsGW van belang en voor alle partijen te benaderen en te gebruiken. Nut en noodzaak om over dit portaal te beschikken is voor het bestuur evident en staat los van welke positie BsGW, de deelnemende gemeente(n) en de gegevenshuizen in zullen gaan nemen in relatie tot de SOR. Net als bij het project ‘Waarderen op gebruiksoppervlakte’ voert BsGW namens de deelnemers de regie over het regieportaal uit. Op nationaal niveau is in grote mate overeenstemming over de inhoud en architectuur van de SOR. Dat geldt evenwel niet voor de governance en financiering van de implementatie en het beheer van de SOR. Alle projectmatige activiteiten met betrekking tot de SOR zijn in dit kader door het bestuur tot nader order opgeschort. Dit ook om onnodige projectkosten te voorkomen. Ontwikkelingen zullen in de gaten gehouden worden. Uit oogpunt van zekerheid en continuïteit wordt het regieportaal begrotingstechnisch dan ook voor de jaren 2025 tot en met 2027 gecontinueerd, vanwege de onduidelijkheid rondom de SOR. Mutatiedetectie Voor het in beheer krijgen en houden van de WOZ-administratie is enkel de stroom van bouw- en sloopvergunningen vanuit de gemeenten of gegevenshuizen inmiddels onvoldoende.
Onder andere door vergunningsvrije (en illegale) bouw en sloop en in de toekomst de werking van het omgevingsplan in het kader van de Omgevingswet, zijn andere inwinningstechnieken noodzakelijk geworden. In het project Waarderen op gebruiksoppervlakte is voor elke gemeente eenmalig een WOZ-mutatiedetectie uitgevoerd. WOZ-mutatiedetectie betreft het op basis van luchtfoto’s, obliekfoto’s, de BAG- en de WOZ-administratie inzichtelijk maken welke WOZ-onderdelen opgevoerd en afgevoerd moeten worden in de WOZ-administratie. Deze wijzigingen worden gestructureerd aangeleverd zodat deze automatisch verwerkt kunnen worden in de WOZ-administratie. Het beter inzichtelijk hebben van de mutaties door het uitvoeren van de WOZ-mutatiedetectie draagt dan ook bij aan het verbeteren van de WOZ-waardering.
Ontwerpbegroting BsGW 2023 en MJR 2023-2027
pagina 64 van 78
Om de gegevens vanuit het project Waarderen op gebruikersoppervlakte actueel te houden dient de WOZ-mutatiedetectie jaarlijks te worden uitgevoerd. De gemeente maakt daarbij de keuze om de WOZ-mutatiedetectie zelf uit te (laten) voeren of door BsGW uit te laten voeren. De WOZmutatiedetectie kan immers het beste uitgevoerd worden samen met de BAG/BGT-mutatiedetectie die enkele gemeenten al jaarlijks laten uitvoeren. Het samenvoegen van de WOZ-mutatiedetectie met de BAG/BGT mutatiedetectie is efficiënt en economisch het voordeligst. Visie op dienstverlening In 2020 is de Visie op dienstverlening voor belastingplichtigen, inclusief dienstverleningsnormen, vastgesteld. De komende jaren worden, aan de hand van business-cases, projecten opgezet om de dienstverlening te verbeteren. In dit kader heeft in 2021 een nulmeting plaatsgevonden. Vanaf 2022 worden de effecten middels de bestuursrapportages gerapporteerd en verantwoord. Informatievoorziening en ICT BsGW maakt deel uit van een sterk veranderende omgeving waarin de steeds verdere digitalisering van de informatievoorziening een belangrijke ontwikkeling is en impact zal krijgen op de bedrijfsvoering van BsGW. De interne processen en informatievoorziening van BsGW dienen op deze ontwikkelingen afgestemd te worden. Onderstaand volgt een toelichting op deze ontwikkelingen: o
Collectieve Infrastructuur Aansluiten bij deze ontwikkeling is alleen maar mogelijk wanneer de organisatie beschikt over een betrouwbare, veilige en robuuste IT-infrastructuur. Ontwikkelingen die hiervoor zorgen zijn: •
De Generieke Digitale Infrastructuur (GDI)
•
de Gemeentelijke Gemeenschappelijke infrastructuur (GGI)
•
Common Ground
De GDI bestaat uit digitale basisvoorzieningen waarmee overheidsorganisaties hun primaire processen kunnen inrichten. Denk onder meer aan Mijn Overheid Berichtenbox en eHerkenning. Door vanuit de gebruiker te redeneren, wordt in kaart gebracht en onderzocht welke doorontwikkeling van de GDI wenselijk is, hoe regie wordt georganiseerd en hoe met GDI voorzieningen de processen verbeterd worden. De Gemeentelijke Gemeenschappelijke Infrastructuur (GGI) is een veilige digitale infrastructuur, aangesloten op andere beveiligde overheidsnetwerken, waardoor samenwerken tussen gemeenten en andere overheden beter, veiliger en makkelijker wordt. De GGI wordt fasegewijs en projectmatig ontwikkeld, zodat kan worden ingespeeld op landelijke veranderingen zoals de Omgevingswet. De GGI vormt de technische basis waarin toegewerkt wordt naar een gemeentelijke cloud, die uiteraard is aangesloten op de landelijke GDI. De Common Ground is een informatiekundige visie die de modernisering van de gemeentelijke dienstverlening en bedrijfsvoering mogelijk maakt. Betrokkenen krijgen directe toegang tot gedeelde informatiebronnen. Ze versnelt de ontwikkeling van dienstverlening en bedrijfsvoering door het omarmen van nieuwe technologie. Common Ground is geïnitieerd en wordt uitgevoerd door gemeenten en gemeentelijke organisaties zelf. De VNG faciliteert deze ontwikkeling.