Agendabundel
Tekst van het document
Deelgebied
Actuele kwaliteit ontvangende mijnsteen (kwaliteitsklasse)
Eis aan de toe te passen mijnsteen
Bovengrond (0 – 0,5 mmv)
Oostflank
Industrie
LMW Industrie
Bedrijventerrein Emma/Bouwberg Wonen Schutterspark/Brunssummerheide Schutterspark/Brunssummerheide/golfbaan
Industrie Industrie Industrie Industrie
LMW Industrie LMW Wonen LMW Wonen LMW Natuur
Pagina 12 van 21
Ondergrond (0,5 – 2,0 m-mv)
Diepere ondergrond (> 2,0 m –mv)
Oostflank
Industrie
LMW Industrie
Bedrijventerrein Emma Bouwberg Wonen Schutterspark/Brunssummerheide Schutterspark/Brunssummerheide/golfbaan
Industrie Industrie Industrie Industrie
LMW Industrie LMW Wonen LMW Wonen LMW Natuur
Groeve
Niet bekend
LMW Industrie
Overige delen
Niet bekend
Nader te bepalen
Conclusie actualisatie 2017 De deelgebiedsindeling staat niet ter discussie en is gehandhaafd. Wanneer de statistiek van de actualisatie wordt vergeleken met de statistiek van de voorgaande BKK blijkt dat de toetsing van de ontgravingskwaliteit op basis van het gemiddelde op klasseniveau niet wezenlijk afwijkt. Op stofniveau zijn er geen wezenlijke verschillen geconstateerd in de statistiek. Wanneer de actuele statistiek wordt vergeleken met de gekozen Lokale Maximale Waarden in de Nota bodembeheer mijnsteen blijkt dat er geen aanleiding bestaat om deze op basis van de gevonden statistiek aan te passen.
3.6
PFAS
Binnen het Tijdelijke handelingskader voor hergebruik van PFAS houdende grond en baggerspecie in 2019 is de gemeenten geadviseerd om de bodemkwaliteitskaart aan te vullen met de stofgroep PFAS. De vier gemeenten (Heerlen, Brunssum, Landgraaf en Kerkrade) in Parkstad hebben dit onderkend en het initiatief genomen om het gebiedseigen PFASgehalte conform de richtlijn voor bodemkwaliteitskaarten te laten bepalen. Omdat PFAS als diffuse verontreiniging in de Nederlandse bodem wordt aangetroffen, schrijft het eerdergenoemde ‘Tijdelijk Handelingskader’ voor dat grond en baggerspecie op PFAS dienen te worden onderzocht alvorens hergebruik plaatsvindt. Dit betekent dat behalve de ‘reguliere’ stoffen ook PFAS in de bodemkwaliteitskaart moet worden opgenomen. Gebaseerd op relevante recente PFAS data, aangeleverd door gemeenten en provincie is een bodemkwaliteitskaart voor PFAS vervaardigd. Toetsing van de statistiek aan het generieke normkader levert het volgend beeld op: Zowel het gemiddelde als de percentielen geven aan dat de contaminatie met PFAS in nietverdacht gebied zeer beperkt is en dan vooral in de bovengrond. Slechts een beperkt percentage van de waarnemingen overschrijdt de toetsingsnorm voor Landbouw/natuur. De statistiek ligt ver onder de 3, 7, 3 normering voor Wonen/industrie.
De gemiddelden aan PFOS en aan de individuele PFAS overschrijden niet de toetsingsnorm voor Landbouw/natuur. De individuele PFAS overschrijden de toetsingsnorm Landbouw/natuur voor (ten hoogste) minder dan 5% van de waarnemingen. Dit geldt voor zowel boven- als ondergrond. De kans dat het normniveau van 0,9 ug/kg landbouw/natuur wordt overschreden voor PFOS: · Bij de beschouwing van de bovengrond van het beheergebied < 10 % (P90 = 1,25 ug/kg). · Bij de beschouwing van de ondergrond van het beheergebied: statistisch schoner met een kans van < 5 % op overschrijding. · Bij de beschouwing van de bebouwde kom (in de tabel: ‘Binnengebied’) < 10 %. · Bij de beschouwing van het buitengebied: net boven de 10% voor de bovengrond. De bodemkwaliteitskaart kan als bewijsmiddel voor PFAS worden gebruikt voor grondverzet binnen het beheergebied (Heerlen, Brunssum, Landgraaf en Kerkrade).
Pagina 13 van 21
In relatie tot de gemeten PFAS gebiedseigen waarden (statistiek) kan worden gesteld dat de bodemkwaliteit in de meeste gevallen voldoet aan de kwaliteitsnorm voor landbouw/natuur, zoals weergegeven in paragraaf 4 van de geactualiseerde versie (29 november 2019) van het Tijdelijk handelingskader hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie. De gemiddelde bodemkwaliteit voor PFAS voldoet in het beheergebied, aan de landelijke achtergrondwaarde (0,9 ug/kg PFOS; 0,8 ug/kg andere PFAS). Met het vaststellen van deze bodemkwaliteitskaart betekent dit dat geen lokale aanvulling van beleid nodig is boven op het Tijdelijk handelingskader.
Pagina 14 van 21
4 Uitwerking beleid mijnsteen gemeente Brunssum 4.1
Inleiding
Mijnsteen uit de regio Parkstad kan na de wijziging van het Besluit bodemkwaliteit in 2011 onder gebiedsspecifieke voorwaarden worden toegepast op of in de bodem. De gebiedspecifieke uitwerking van het besluit bodemkwaliteit is weergegeven in dit hoofdstuk. De normering die in 2011 is geformuleerd is daarbij gereflecteerd aan de maatschappelijke opgaaf en de evaluatie van de praktische uitwerking van het beleid. In dit hoofdstuk is veel tekst gehandhaafd uit de Nota van 2011, omdat de keuzes die destijds gemaakt zijn nog steeds actueel zijn. Eventuele afwijkingen, de rol van de bepaalde maatschappelijke opgaaf en de effecten van de evaluatie zijn in de tekst weergegeven in rood, zodat helder kan worden bepaald hoe het beleid voor mijnsteen wordt voortgezet.
4.2
Uitwerking gebiedsspecifiek beleid mijnsteen
Gebiedspecifiek uitwerking van het beleid betekent in dit geval: Welke lokale normen zijn waar(voor) van toepassing? Gebiedsspecifiek beleid blijft van toepassing omdat conform de Regeling Bodemkwaliteit hergebruik van mijnsteen niet mogelijk is binnen het generieke kader. De doelstelling van het gemeentelijke gebiedsspecifieke bodembeleid voor mijnsteen is dat zoveel mogelijk ruimte wordt gecreëerd om mijnsteen binnen de gemeentegrenzen te hergebruiken, waarbij risico’s voor mens en milieu worden uitgesloten en de bodemkwaliteit op klasseniveau niet verslechtert. Dit sluit aan bij de beleidsdoelstellingen uit de begroting van de gemeente (2021): De bodemkwaliteit is van dien aard dat in Brunssum veilig kan worden gewoond, gewerkt en gerecreëerd. Hierbij moet er een balans zijn tussen bescherming van de bodemkwaliteit en ruimte voor maatschappelijke ontwikkelingen. De uitgangspunten van het gemeentelijke bodembeleid komen neer op: • Het bijdragen aan een duurzaam en efficiënt hergebruik van grond. • Het realiseren van een duurzaam gebruik van de bodem. • Nastreven van een gebiedsgerichte bodemkwaliteit per functie. • Creëren van een duidelijk kader voor afstemming van taken die voortvloeien uit de verschillende gemeentelijke beleids- en taakvelden. Naast grond hebben we in Brunssum ook te maken met de aanwezigheid van grote hoeveelheden mijnsteen.
Het hergebruiken van mijnsteen is geen belemmering, als de kwaliteit van de her te gebruiken mijnsteen voldoet aan de lokale functiegerichte normen voor duurzaam bodemgebruik. Dit is het uitgangspunt van het gemeentelijke mijnsteenbeleid. Mijnsteen mag alleen toegepast worden binnen specifiek hiervoor door de minister aangewezen gebieden. Dit zijn de gebieden waar mijnsteen van oudsher al aanwezig is in de bodem. In 2011 is ervoor gekozen om met behulp van Lokale Maximale Waarden (LMW’s) hergebruik van mijnsteen in bepaalde delen van het mijnsteengebied te stimuleren. Gebaseerd op de positieve evaluatie, wordt dit beleid zoveel mogelijk gehandhaafd. Daarbij is de keuze gemaakt om uit te gaan van de generieke normen uit het Bbk, omdat dat past binnen de ambitie van de gemeente. Hiermee wordt belet dat verontreinigde mijnsteen wordt toegepast in een gebied met een gevoelige bestemming, maar wordt wel ruimte gegeven voor hergebruik tot de functienorm. Met het kiezen van een generiek niveau wordt een duurzame bodemkwaliteit bereikt. Hiermee wordt tevens aangesloten op de Nota bodembeheer grond van de gemeente Brunssum (2014), zodat uniformiteit in de normering binnen het grondgebied van de gemeente ontstaat.
Pagina 15 van 21
Stimulering van hergebruik van licht verontreinigde mijnsteen (tot en met de kwaliteit die voldoet aan de maximale waarden voor de kwaliteit Industrie) vindt plaats naar gebieden met een minder gevoelige bestemming. Dit zijn de gebieden die op de bodemfunctiekaart (zie bijlage 1) zijn aangegeven met de legendaeenheid ‘Industrie’. In de praktijk zijn dit de Oostflank, de bedrijventerreinen Emma en Bouwberg en de doorgaande wegen. Een uitzondering wordt gevormd door grondgebonden woningen (met tuin) binnen de Bodemfunctieklasse Industrie, waarvoor de kwaliteitseis geldt die past bij de functie wonen. Ter plaatse van de Oostflank is de groeve Mourik aanwezig. Deze groeve kan fungeren als ontvangstlocatie, waar mijnsteen onder beheerste omstandigheden kan worden toegepast (zoals vastgelegd in de ontgrondingsvergunning1, welke in 2021 nog steeds van kracht is). Dit sluit tevens aan bij de huidige functie van het terrein, zijnde Industrie. De LMW’s gelden voor de verschillende functies binnen het mijnsteengebied (zie tabel 4.1). Ze geven de getalsmatige norm waarbinnen mijnsteen duurzaam kan worden hergebruikt.
Andere uitgangspunten bij de uitwerking van het gebiedsspecifiek beleid voor mijnsteen zijn: • Slikvijvers behoeven speciale aandacht, vanwege de hoge kans op sterkere verontreinigingen met met name zware metalen in het slik; • Hergebruik van mijnsteen onder de 2 meter –maaiveld is mogelijk op basis van de in de tabel 4.1 genoemde LMW’s; • Standstill op gebiedsniveau (alleen gebiedseigen mijnsteen wordt ter hergebruik geaccepteerd) wordt ingevuld doordat er alleen mijnsteen uit Parkstad wordt geaccepteerd (afkomstig van de gemeenten Heerlen, Brunssum, Landgraaf en Kerkrade). Hergebruik van mijnsteen afkomstig van buiten deze gemeenten is niet mogelijk. Zoals ook in het Besluit bodemkwaliteit is opgenomen, blijft de zorgplicht van kracht. Dit betekent dat iedereen die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat nadelige gevolgen kunnen optreden als gevolg van een toepassing, maatregelen moet nemen om verontreiniging te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. De zorgplicht vormt een vangnet voor situaties waarin sprake is van onzorgvuldig handelen zonder dat een specifiek wettelijk voorschrift wordt overschreden.
4.3
Lokale Maximale Waarden mijnsteengebied
De uitwerking van het gebiedsspecifiek beleid heeft plaats gevonden via het definiëren van Lokale Maximale Waarden. De aanleiding voor het definiëren van LMW’s is: • De ambitie en beleidsdoelstellingen van de gemeente met betrekking tot het te voeren bodembeleid zoals beschreven in de vorige paragraaf; • De maatschappelijke opgaaf waarbij mijnsteen vrij komt en met een geringe transportafstand zoveel mogelijk kan worden hergebruikt; • De lokale beïnvloeding van de grond- en oppervlaktewaterkwaliteit door de toepassing van mijnsteen. • De verplichting vanuit het Besluit bodemkwaliteit om voor het hergebruik van mijnsteen gebiedsspecifiek beleid te definiëren. In de onderstaande tabel zijn voor het mijnsteengebied de Lokale Maximale Waarden weergegeven. Deze waarden zijn op stofniveau bepaald. De LMW’s zijn gekoppeld aan deelgebieden, die zijn bepaald op basis van de gebiedsspecifieke bodemfunctieklassen. Tabel 4.1: Lokale Maximale Waarden Deelgebied
Deelgebied
Bodemfunctieklasse (gebiedsspecifiek)
Actuele kwaliteit ontvangende
Eis aan de toe te passen mijnsteen
1 In de ontgrondingsvergunning is vereist dat het aanvullen van de groeve geschiedt met grond of mijnsteen
conform het lokale bodembeleid.
Pagina 16 van 21
Bovengrond (0 – 0,5 m-mv)
Ondergrond (0,5 – 2,0 m-mv)
LMW Industrie*
Oostflank
Industrie
Bedrijvenpark Emma en Bouwberg Wonen Schutterspark/Brunssummerheide
Industrie Wonen met tuin Groen met natuurwaarden Natuur Industrie
Industrie Industrie Industrie
LMW Industrie* LMW Wonen LMW Wonen
Industrie Industrie
LMW Natuur LMW Industrie*
Industrie Industrie Industrie
LMW Industrie* LMW Wonen LMW Wonen
Schutterspark/Brunssummerheide/golfbaan Groeve Mourik
Industrie Wonen met tuin Groen met natuurwaarden Natuur Industrie
Industrie Niet bekend
LMW Natuur LMW Industrie
Overige delen
Natuur
Niet bekend
LMW Natuur
Schutterspark/Brunssummerheide/golfbaan Oostflank Bedrijvenpark Emma en Bouwberg Wonen Schutterspark/Brunssummerheide
Diepere ondergrond (< 2,0 m –mv)
mijnsteen (kwaliteitsklasse) Industrie
* Voor de grondgebonden woningen binnen de Bodemfunctieklasse Industrie geldt de LMW Wonen. In de tabel zijn de LMW samengevat met behulp van termen zoals ‘LMW Industrie’. Deze term geeft aan dat de Lokale Maximale Waarden op het generiek normniveau Industrie liggen. Het gevolg van het gebiedsspecieke normkader is dat iedere stof op LMWniveau dient te worden getoetst. Echter in de praktijk worden partijen aangeboden die getoetst zijn en geclassificeerd zijn naar de toetsingsregels van de Regeling Bodemkwaliteit (artikel 4.2.2 en artikel 4.10.2). Deze praktijk wordt eveneens in dit gebiedsspecifieke kader gehandhaafd. Dat betekent een klassetoetsing van de partijen en een vergelijk met de gebiedspecifieke norm op (generiek) klasseniveau. Conform de vereisten uit het Besluit bodemkwaliteit is het noodzakelijk een gedegen risico-onderbouwing te verrichten als gekozen wordt voor niet generieke LMW’s. Deze risico-onderbouwing vindt plaats in de Risicotoolbox. De onderbouwing van de LMW’s is hier niet noodzakelijk, omdat de generieke normen niet worden overschreden. De LMW’s die gelijk zijn aan het generiek normniveau voldoen automatisch aan het functieafhankelijk risicoprofiel, omdat de generieke normering op het niveau voor duurzaam bodemgebruik ligt. Dit geldt ook voor de gehanteerde generieke toetsingsregels.
Pagina 17 van 21
5 Mogelijkheden hergebruik mijnsteen 5.1
Inleiding
In de onderstaande paragrafen wordt omschreven onder welke condities mijnsteen kan worden hergebruikt. Zoals gedefinieerd is mijnsteen in veel gevallen een mengsel van grond en materiaal gerelateerd aan het mijnverleden (zoals omschreven in hoofdstuk 2). In de onderstaande tabel 5.1 is de definitie toegelicht in het kader van de hergebruikmogelijkheden Besluit bodemkwaliteit, gebaseerd op de verdeling grond en mijnsteen binnen het her te gebruiken materiaal. Tabel 5.1: Definitie grond en mijnsteen Beschrijving Percentage Percentage materiaal grond mijnmateriaal Grond Mijnsteen
> 80% 20-80%
< 20% 20-80%
Mijnsteen
<20%
>80%
Hergebruik als bouwstof (par 5.2) Nee Nee
Ja, generiek kader Besluit bodemkwaliteit
Hergebruik als bodem (par 5.3)
Hergebruik als grond
Nee Ja, conform onderhavige Nota Ja, conform onderhavige Nota
Ja Nee
Nee
In eerste instantie zal de generieke omgang van mijnsteen als bouwstof worden besproken. In tweede instantie wordt de gebiedspecifieke invulling van het hergebruik van mijnsteen als bodem toegelicht.
5.2
Hergebruik van mijnsteen als bouwstof
Voor het toepassen van mijnsteen als bouwstof gelden een aantal milieuhygiënische voorwaarden. Voor deze voorwaarden wordt verwezen naar hoofdstuk 3 in de Regeling Bodemkwaliteit (2021).
5.3
Hergebruik van mijnsteen als bodem
Hergebruik van mijnsteen als bodem is mogelijk conform de gebiedsspecifieke uitwerking van het Besluit bodemkwaliteit, zoals uitgewerkt in hoofdstuk 4 en weergegeven in de toepassingskaart (bijlage 7). Ten aanzien van het hergebruik van mijnsteen als (land)bodem gelden vanuit het Besluit bodemkwaliteit een aantal specifieke eisen. Herkomst mijnsteen De mijnsteen, die voldoet aan de definitie uit hoofdstuk 1, kan alleen maar afkomstig zijn uit de door de Minister aangewezen herkomstgebieden (artikel 33C lid A Besluit bodemkwaliteit). Deze gebieden zijn gelegen binnen de grenzen van de gemeenten Heerlen, Brunssum, Landgraaf en Kerkrade en zijn het laatst aangepast in 2019. Milieuhygiënische kwaliteit Met betrekking tot de milieuhygiënische kwaliteit is een toetsing noodzakelijk aan de Lokale Maximale Waarden die gelden voor betreffend terreindeel. Toetsing vindt daarbij plaats op stofniveau. Het tijdelijk verplaatsen en op of nabij de dezelfde plaats toepassen Op grond van artikel 36 lid 3 van Besluit bodemkwaliteit is het tijdelijk verplaatsen of uit de toepassing wegnemen en op of nabij dezelfde plaats onder dezelfde condities toepassen van de mijnsteen mogelijk.
Pagina 18 van 21
Voor een nadere invulling van ‘tijdelijke uitname’ wordt aangesloten bij het beleid uitzonderingsbepalingen van het Beleidskader Bodem van de Provincie Limburg (paragraaf 5.4). Ook wordt aangesloten bij het Handvat tijdelijke uitname van grond en baggerspecie van het Agentschap NL, van 7 juli 2010. De gemeente ziet toe op een correcte naleving, waarbij het niet verslechteren van de lokale milieubelasting als leidend principe wordt gehanteerd. Gezien de heterogeniteit van de mijnsteen is het voor de initiatiefnemer tevens van belang zich te realiseren dat moet worden voldaan aan het zorgplichtbeginsel (zie kader paragraaf 4.2) en de ARBO regelgeving. Vanuit dat oogpunt is onderzoek altijd onontbeerlijk. Bijmenging anders dan mijnsteen- of grondmateriaal Er mag in de toe te passen partij mijnsteen niet meer dan 10 % [m/m] bijmenging zitten die niet bestaat uit grond. De mijnsteen dient uit minimaal 20 gewichtsprocenten mijnrestmateriaal te bestaan. Daarnaast is het slechts toegestaan dat er sporadisch andersoortige bijmengingen dan hout of steenachtige materialen mogen voorkomen (aanpassing regeling bodemkwaliteit per 1-1-2019). Milieuhygiënische verklaring De partij mijnsteen dient te zijn voorzien van een geldig bewijsmiddel. Dit is een partijkeuring Ap04. Deze partijkeuring dient te zijn uitgevoerd door een erkend bureau conform de SIKB BRL 1000 en onderliggende protocollen.
Het uitvoeren van deze partijkeuring op her te gebruiken mijnsteen is een verplichting conform het Besluit bodemkwaliteit. Deze verplichting komt voort uit de heterogeniteit van mijnsteen en voorkomt dat eventueel aanwezige sterk verontreinigde mijnsteen wordt hergebruikt, maar daarentegen uit het milieu wordt gehaald. In de onderliggende protocollen is aangegeven dat vooronderzoek noodzakelijk is: 1. Om vast te stellen dat er sprake van een homogene partij; 2. Om vast te stellen dat er geen sprake is van sterk verontreinigd materiaal, veroorzaakt door de aanwezigheid van een puntbron. Met name de aanwezigheid van voormalige slikvijvers kan tot gevolg hebben dat er lokaal sprake is van sterke verontreinigingen. De voormalige slikvijvers zijn opgenomen in de kaart met locaties waarop mogelijk extra restricties liggen (bijlage 3), behorende bij de bodemkwaliteitskaart Brunssum, Landgraaf en Kerkrade. Toepassing van mijnsteen dient nuttig te zijn Partijen mijnsteen mogen binnen de kaders van het Besluit bodemkwaliteit alleen worden toegepast als sprake is van een nuttige toepassing. Is dit niet het geval, dan wordt de toepassing gezien als een middel om zich te ontdoen van afvalstoffen en gelden op grond van de Europese Kaderrichtlijn afvalstoffen strengere regels. Nuttig toepassen betekent ook dat niet meer materiaal mag worden toegepast dan nuttig en functioneel is.
5.3.1
Gebruik grond als leeflaag
Het Besluit bodemkwaliteit eist niet om na de toepassing van mijnsteen een leeflaag als contactlaag aan te brengen. Bij toepassingen ter plaatse van de Oostflank, wordt een leeflaag verplicht gesteld indien de lokale functie gevoeliger is dan de industriefunctie zoals weergegeven op de bodemfunctieklassenkaart (bijlage 1). Deze leeflaag bestaat in dat geval uit grond van een kwaliteit die past bij de betreffende (te realiseren) functie. De leeflaag heeft een dikte van minimaal 1 meter. De grenzen waarbinnen dit dient te gebeuren, zijn vastgelegd in bijlage 7.
Pagina 19 van 21
Voor de overige gebieden geldt dat als het onwenselijk is om mijnsteen als materiaal aan het oppervlak te hebben, bijvoorbeeld om esthetische redenen of door maatschappelijke weerstand, het de initiatiefnemer vrij staat om te kiezen voor een leeflaag. In deze Nota bodembeheer worden eisen aan de dikte van de leeflaag met grond gesteld, analoog aan de leeflaageisen in de Circulaire bodemsanering 2009: De dikte van de leeflaag: 1. De leeflaag heeft een standaarddikte van één meter; 2. In tuinen kan afhankelijk van de bewortelingsdiepte een grotere diepte, variërend van 1 tot 1,5 meter gewenst zijn; 3. Bij overig begroeid terrein mag de dikte variëren van 0,5–1,5 meter, afhankelijk van de bewortelingsdiepte; 4. Een van de standaarddikte afwijkende leeflaag is mogelijk onder bijzondere omstandigheden, zoals een hoge grondwaterstand, ter beoordeling aan bevoegd gezag, zijn de gemeente Brunssum; Een signaallaag is niet noodzakelijk. In verband met wegzakken van grond in (grovere) mijnsteen adviseert de gemeente een geotextiel aan te brengen tussen de mijnsteen en de aan te brengen leeflaag.
5.3.2
Vrijstelling voor particulieren en agrariërs
Particulieren en agrariërs zijn vrijgesteld van de volgende verplichtingen: • De onderzoeksplicht naar de kwaliteit van toe passen mijnsteen en ontvangende bodem; • De meldingsplicht voor het toepassen van mijnsteen. Voor agrariërs geldt de vrijstelling voor de onderzoeks- en meldingsplicht alleen indien de mijnsteen afkomstig is van een tot datzelfde landbouwbedrijf behorende perceel waarop een vergelijkbaar gewas wordt geteeld. Voor particulieren geldt dat het op niet-bedrijfsmatige hoeveelheden betrekking heeft. De zorgplicht blijft wel van kracht. Bovengenoemde vrijstelling ontslaat particulieren en agrariërs niet van de plicht om te voldoen aan de kwaliteitseisen uit het Besluit. Indien vermoedens bestaan dat de kwaliteit van een partij mijnsteen niet voldoet aan de eisen uit het Besluit, dan kan het bevoegd gezag handhavend optreden.
5.3.3
Tijdelijke opslag
Onder bepaalde voorwaarden, is voor de tijdelijke opslag van mijnsteen geen vergunning op grond van de Wabo of Waterwet nodig. In onderstaande tabel zijn de voorwaarden die het Besluit bodemkwaliteit stelt aan de verschillende vormen van tijdelijke opslag opgenomen. Indien mijnsteen tijdelijk wordt opgeslagen dient dit minimaal vijf dagen van tevoren gemeld te worden. Opgemerkt wordt dat de tijdelijke opslag niet strijdig mag zijn met andere wet- en regelgeving zoals de WABO. Tevens blijft de zorgplicht van toepassing. Aanbevolen wordt om alvorens een tijdelijke opslag te realiseren contact op te nemen met de gemeente Brunssum. Tabel 5.2: Overzicht vormen van opslag en bijbehorende eisen Vorm van Voorwaarden van het Besluit tijdelijke opslag Maximale duur opslag Kwaliteitseisen
Meldingsplicht
Kortdurende opslag 6 maanden
Geen1)
Ja
Tijdelijke opslag op 3 jaar landbodem
Kwaliteit moet voldoen aan de kwaliteit v.d. ontvangende bodem
Ja, met voorziene duur van opslag en eindbestemming
Opslag bij tijdelijke Looptijd Geen uitname werkzaamheden 1) Kwaliteit mag de maximale waarde klasse industrie niet overschrijden
Pagina 20 van 21
Nee
5.4
Toepassingen in en nabij oppervlaktewater
Toepassing van mijnsteen in oppervlaktewater valt onder het regiem van het Besluit bodemkwaliteit. Het Waterschap Limburg is daarbij het bevoegd gezag, met uitzondering van secundaire watergangen. Met secundaire watergangen worden vijvers binnen de gemeente Brunssum aangeduid. Toepassing van mijnsteen in deze vijvers kan niet zonder meer. Er dient onderbouwd te worden op welke wijze eventuele verhoging van sulfaat, zware metalen en macronutriënten wordt tegengegaan. De toepassing dient in de initiatieffase worden afgestemd met het bevoegd gezag. Voor de gemeente Brunssum betekent dit dat het waterschap bevoegd gezag is voor de Rode Beek en enkele vijvers in het Schutterspark en de Brunssummerheide. Indien het voornemen bestaat om mijnsteen toe te passen binnen 10 meter van een watergang of open water zal in overleg met het Waterschap Limburg moeten worden bekeken onder welke condities deze mijnsteentoepassing kan worden ingevuld.
5.5
Meldingen
De meldingsplicht geldt voor alle toepassingen met uitzondering van: • Toepassing van mijnsteen door particulieren; • Toepassing van mijnsteen binnen een landbouwbedrijf als de mijnsteen afkomstig is van een tot dat landbouwbedrijf behorend perceel grond waarop een vergelijkbaar gewas wordt geteeld als op het perceel waar de mijnsteen wordt toegepast; • Tijdelijke uitname. Degene die mijnsteen gaat toepassen moet dit ten minste vijf werkdagen van tevoren melden via het Meldpunt bodemkwaliteit (http://www.meldpuntbodemkwaliteit.agentschapnl.nl) Op deze website vindt u ook nadere informatie over het melden. Iedere melding wordt direct (elektronisch) doorgezonden aan het bevoegd gezag en aan degene die belast zijn met het toezicht op de naleving. Het bevoegd gezag controleert de meldingen.
Pagina 21 van 21
1 Raadsvoorstel 6 (Bijlage 1) Bodem functiekaart.pdf
Legenda Gemeentegrens Defensieterreinen Correcties Mijnsteengebied Brunssum 2019 Landbouw/natuur Wonen
Bijlage 1: Bodemfunctiekaart
Nota bodembeheer Mijnsteengebieden gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 378847 Status: Definitief Datum: 1-12-2021 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
P:\240\378847_bodembeleid_mijnsteen\2. Do Work\GIS_2021\MXD\351787_BFK_Brunssum.mxd 1-12-2021 16:25:10
Industrie
1 Raadsvoorstel 6 (bijlage 2 versie 2) Maatschappelijke opgaaf mijnsteengebieden.doc
Bijlage 2: Maatschappelijke opgaaf mijnsteengebieden Ontwikkeling / (nieuwe) functie Grondverzet / planning hoeveelheid
initiatiefnemer
Belanghebbende partijen (bij (lokaal) bodembeleid)
Oostflank ontwikkeling
Ontwikkelen van het terrein van In de plannen ten aanzien van de gehele Oostflankontwikkeling Mourik als duurzaam logistiek spelen diverse aspecten een rol: bedrijvenpark met en zo optimaal - Groeve Mourik zal tot 2027 1.650.000 m3 aan grondstoffen mogelijke invulling van energie ontgraven bestaande uit, Brunssummerklei, grind, ophoogzand opwekking. en dekgrond. - Het is de bedoeling om circa 2.500.000 m3 mijnsteen te Ontwikkeling Terca terrein verplaatsen van de berg in de groeve. realiseren van Zonneweide - Het doel is te komen tot een duurzaam bedrijventerrein met grote kavels waarop doorgaans logistieke activiteiten plaatsvinden. De oplevering dient zodanig te worden ingericht Het optimaliseen van de dat het ook geschikt is voor bebouwing in grote volumes (weinig bestaande verbindingsroute van reliëf) . af de entree (afrit BPL ) naar van Mourik
1 Raadsvoorstel 6 (Bijlage 3) Kaart met aandachtslocaties.pdf
1 Raadsvoorstel 6 (Bijlage 4) Notitie update BKK 2017.pdf
Notitie Onderwerp: Update bodemkwaliteitskaart Mijnsteengebieden gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Referentienummer: SWNL0204711 Datum: 14-04-2017
1
Inleiding
Per 25 april 2017 verloopt de geldigheidstermijn van de huidige bodemkwaliteitskaart (bkk) voor het mijnsteengebied binnen de gemeente Brunssum. De Regeling Bodemkwaliteit schrijft voor dat een bkk iedere vijf jaren geactualiseerd moet worden. In onderhavige notitie zijn de werkzaamheden om te komen tot een geactualiseerde kaart toegelicht. De doelstelling van onderhavig project is te komen tot een actuele bodemkwaliteitskaart mijnsteen voor de gemeente Brunssum. Tevens is een advies geformuleerd hoe om te gaan met de resultaten van de aangepaste bkk in het licht van de vigerende nota bodembeheer voor de mijnsteengebieden in de gemeente Brunssum.
2
Werkzaamheden actualisatie bodemkwaliteitskaart Mijnsteen
De procedure voor het maken van de bodemkwaliteitskaart is conform de Richtlijn Bodemkwaliteitskaarten (VROM en V&W, 2007) uitgevoerd. Onderstaand zijn de stappen uit de richtlijn toegelicht in het licht van de actualisatie van de kaart: 1. Het indelen van het gebied in bodemkwaliteitszones; Er is geen aanleiding geweest om het mijnsteengebied van de gemeente Brunssum anders in te delen dan bij de voorgaande kaart uit 2012. Het onderscheidend gebiedskenmerk blijft de heterogene aanwezigheid van mijnsteen in het betroffen gebied. 2. Het voorbewerken van beschikbare informatie; Uitgangspunt van de actualisatie is de aanvulling van de bestaande dataset (gegevens uit de jaren 2000-2011) met de onderzoeksgegevens van de laatste 5 jaar (gegevens 2012-2017). Hiermee is een gebiedsdekking verkregen voor wat betreft de beschikbare bodemdata. Voor de zones is onderscheid gemaakt in de boven- en ondergrond: Bovengrond (0 m –mv tot 0,5 m –mv), Ondergrond (0,5 m –mv tot 2,0 m – mv). Er is uitgegaan van het vigerende standaardpakket grond (NEN 5740), als zijnde te beschouwen parameters. Daarnaast heeft een uitbijteranalyse plaatsgevonden, waarbij de gemeente is gevraagd om de achtergrond van extreme gehalten te beschouwen. In de onderstaande tabel is de analyse weergegeven.
nl_notitie.docx 20161201
Sweco Zernikestraat 17 5612 HZ Eindhoven Postbus 1265 5602 BG Eindhoven Nederland
T +31 88 811 66 00 www.sweco.nl
Sweco Nederland B.V.
Stef Vorstermans
Handelsregister 30129769 Statutair gevestigd te De Bilt
T +31 88 811 51 46 M +31 6 22 97 81 57 Stef.Vorstermans@sweco.nl 1 (6)
projectnumm
Laag
er
Bovengron d
Ondergron d
074442712:0.6
rapport VO Kranenpool ong. (H421 en H422) te Brunssum
Reactie gemeente
Gesaneerd
074443695:0.8
VO Kranenpool ong. (loc.code 4.20) te Brunssum
Gesaneerd
074738707:0.6
NO Eindsestraat 10 en 12 te Brunssum
Gesaneerd
402533
NULO Kranenpool 10A te Brunssum
Puntbron
MB-50097-R1
Rimburgerweg ong. Brunssum
Sanering/stortplaats
MC-110341
Mijnsteenonderzoek BPL
Gesaneerd
MIL16.069
NIC USAG terrain Kranenpool 3 Brunssum
Gesaneerd
074443412:0.5
VO Kranenpool 10 te Brunssum
Puntbron
074738707:0.6
NO Eindsestraat 10 en 12 te Brunssum
Gesaneerd
20060223/001
Emmaweg 1 Brunssum
MC-110341
Mijnsteenonderzoek BPL
Gesaneerd
MIL16.069
NIC USAG terrain Kranenpool 3 Brunssum
Gesaneerd
Tankstation, sintels aangetroffen niet representatief
Uiteindelijk is een representatieve dataset verkregen. 3. De evaluatie van de gebiedsindeling; Op basis van de dataset is een check uitgevoerd van de ruimtelijke spreiding van de waarnemingen. Uit de ruimtelijke check is naar voren gekomen dat er geen clustering van verhoogde of verlaagde gehalten aanwezig is, maar een sterke heterogeniteit. Er heeft geen verdere onderverdeling van de deelgebieden plaatsgevonden. 4. De karakterisering van de bodemkwaliteit; De bodemkwaliteit is gekarakteriseerd aan de hand van de statistiek voor bovengrond en ondergrond. 5. De toetsing van de bodemkarakteristieken; De toetsing van de boven- en ondergrond van de statistiek heeft plaatsgevonden aan de hand van de gemiddelde humus- en lutumgehalten. Voor de bovengrond is dat respectievelijk 6,7% en 8,1% en voor de ondergrond is dat respectievelijk 4,5 % en 8,3%. 6. Het maken van de bodemkwaliteitskaart. Ten behoeve van de actualisatie van de bodemkwaliteitskaart zijn bodemkwaliteitskaart, ontgravingskaart en toepassingskaart vervaardigd.
3
Resultaat
Voor het mijnsteengebied in de gemeente Brunssum is de bodemkwaliteitskaart geactualiseerd. De bodemkwaliteitskaart is opgesteld voor de volgende bodemlagen: • 0,0-0,5 m-mv. • 0,5-2,0 m-mv. De volgende gebieden zijn uitgezonderd van de bodemkwaliteitskaart: • Locaties met, of die verdacht zijn voor, een sterke bodemverontreiniging. • Gesaneerde locaties in het kader van de Wet Bodembescherming. • Slikvijvers en mijnslikstortingen (bron: PBI, 1985).
2 (6)
Deze gebieden zijn opgenomen in bijlage 3 en bijlage 5 van de bestaande nota bodembeheer mijnsteen. Uit de gevolgde stappen volgt de navolgende statistiek voor zowel boven – als ondergrond.
3 (6)
Bovengrond Mijnsteengebied Bovengrond Lutum
8,3
Organische stof
4,5
Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Minerale olie Molybdeen Nikkel PAK PCB Zink
Aantal Gem p80 p90 p95 St.dev 106 63,15 94,00 115,00 137,50 39,28 132 0,44 0,55 0,94 1,39 0,51 106 6,33 9,50 13,00 14,75 4,05 131 35,98 39,00 69,00 145,00 70,67 119 0,11 0,14 0,22 0,32 0,11 129 54,47 41,40 68,80 214,00 120,92 102 89,57 128,00 247,00 300,00 126,77 105 1,35 1,80 2,26 3,16 0,86 130 18,40 25,00 32,20 42,65 16,36 123 4,75 6,24 10,75 19,80 8,04 103 0,02 0,05 0,05 0,05 0,03 133 110,53 140,00 200,00 322,00 141,15
Oordeel bodemkwaliteit Oordeel ontgraving:
Industrie Industrie
Ondergrond Mijnsteengebied Ondergrond Lutum
8,1
Organische stof
6,7
Barium Cadmium Kobalt Koper Kwik Lood Minerale olie Molybdeen Nikkel PAK PCB Zink
Aantal Gem p80 p90 p95 St.dev 48 38,91 55,60 77,30 100,00 30,10 79 0,32 0,38 0,58 0,71 0,25 48 8,71 14,00 15,30 17,00 6,00 84 29,22 45,00 55,70 71,40 33,45 80 0,19 0,26 0,48 0,68 0,22 78 40,54 42,60 57,30 84,55 74,65 69 60,40 91,00 132,00 222,00 66,90 47 1,17 1,58 1,80 2,20 0,66 99 23,90 39,20 47,00 49,10 16,12 75 4,45 4,80 9,40 16,30 10,14 43 0,01 0,00 0,01 0,03 0,01 90 92,29 140,00 190,00 230,00 93,22
Oordeel bodemkwaliteit Oordeel ontgraving:
Wonen Industrie
4 (6)
De volgende kaartlagen zijn vervaardigd: • • •
4
Bodemkwaliteitskaart (bijlage 1). Ontgravingskaart (bijlage 2). Toepassingskaart (bijlage 3).
Advies
Op basis van de resultaten is het effect van de nieuwe bodemkwaliteitskaart op de bestaande nota bodembeheer mijnsteen bepaald. Daartoe dienen de resultaten van de actualisatie te worden vergeleken met de resultaten van de voorgaande bodemkwaliteitskaart uit 2012. De deelgebiedsindeling staat niet ter discussie en is gehandhaafd. Wanneer de statistiek van de actualisatie wordt vergeleken met de statistiek van de voorgaande bkk blijkt dat de toetsing van de ontgravingskwaliteit op basis van het gemiddelde op klasseniveau niet wezenlijk afwijkt. Op stofniveau zijn er geen wezenlijke verschillen geconstateerd in de statistiek. Wanneer de actuele statistiek wordt vergeleken met de gekozen Lokale Maximale Waarden (tabel 3.3 Nota) in de nota bodembeheer mijnsteen blijkt dat er geen aanleiding bestaat om deze op basis van de gevonden statistiek aan te passen. Op basis van de onderlinge vergelijking wordt geadviseerd om het huidige beleid in de Nota te handhaven.
5 (6)
Verantwoording Titel
Notitie update bodemkwaliteitskaart Mijnsteengebieden gemeente Brunssum
Projectnummer
351787
Referentienummer
SWNL0204711
Revisie
D001
Datum
14-04-2017
Auteur(s)
Stef Vorstermans
E-mailadres
Stef.Vorstermans@sweco.nl
Gecontroleerd door
Bram van den Berkmortel
Paraaf gecontroleerd
b/a Peter Kaasenbrood
Goedgekeurd door
Peter Kaasenbrood
Paraaf goedgekeurd
6 (6)
Bijlage 1A - Bkk Bovengrond
nl_notitie.docx 20161201
Legenda Gemeentegrens Industrie
Bijlage 1A: Bodemkwaliteitskaart bovengrond Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Projecten\351787_Brunssum_BKK_bg.mxd 17-3-2017 13:38:45
Geen mijnsteengebied
Bijlage 1B - Bkk Ondergrond
Legenda Gemeentegrens Wonen
Bijlage 1B: Bodemkwaliteitskaart ondergrond
Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Projecten\351787_Brunssum_BKK_og.mxd 17-3-2017 13:40:08
Geen mijnsteengebied
Bijlage 2A – Ontgravingskaart Bovengrond
Legenda Gemeentegrens Industrie
Bijlage 2A: Ontgravingskaart bovengrond
Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Projecten\351787_Brunssum_BKK_ont_bg.mxd 17-3-2017 13:36:04
Geen mijnsteengebied
Bijlage 2B – Ontgravingskaart Ondergrond
Legenda Gemeentegrens Industrie
Bijlage 2B: Ontgravingskaart ondergrond
Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Projecten\351787_Brunssum_BKK_ont_og.mxd 17-3-2017 13:37:27
Geen mijnsteengebied
Bijlage 3A - Toepassingskaart Bovengrond
Legenda Gemeentegrens AW2000 Wonen Industrie Geen mijnsteengebied
Bovengrond functie AW2000 - Lutum: 10% - Organische stof: 5% Bovengrond functie Wonen - Lutum: 10% - Organische stof: 5% Bovengrond functie Industrie
Parameters
Lokale Maximale Waarden
Lokale grond Cd 0,63 Zn 99 PAK 5,3 PCB 0,007 Overige AW2000 Zn 160 PAK 10 Min. Olie 70 PCB 0,0095 Overige Wonen Alle Industrie
Lokale Maximale Waarden (standaardbodem) Lokale grond 0,86 158,4 5,3 0,014 AW2000 256 10 140 0,019 Wonen Industrie
De toepassingsnorm is afhankelijk van de lokale functie
Norm Niet- lokale grond
Klasse AW2000
Klasse Wonen Klasse Industrie
Bijlage 3A: Toepassingskaart bovengrond
Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787 Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\Sweco_2015\351787_Brunssum_BKK_toep_bg.mxd 17-3-2017 14:34:52
Bodemkwaliteitszone en klassenorm
Bijlage 3B - Toepassingskaart Ondergrond
Legenda Gemeentegrens AW2000 Wonen Industrie
Bijlage 3B: Toepassingskaart ondergrond
Bodemkwaliteitskaart Mijnsteen gemeente Brunssum Opdrachtgever: Gemeente Brunssum Projectnummer: 351787
Bodemkwaliteitszone en klassenorm Parameters Ondergrond functie AW2000 Ondergrond functie Wonen Ondergrond functie Industrie
Norm
Alle Klasse AW2000 Alle Klasse Wonen Alle Klasse Industrie
De toepassingsnorm is afhankelijk van de lokale functie
Status: Definitief Datum: 17-3-2017 Schaal: 1:25.000 Formaat: A3
0
250
500
750
1.000
1.250
1.500 meter
´
Esri Nederland & Community Maps Contributors; © Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehoudenEsri Nederland, Jan-Willem van Aalst - www.imergis.nl
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Projecten\351787_Brunssum_BKK_toep_og.mxd 17-3-2017 15:04:32
Geen mijnsteengebied
Bijlage 4A – Logboek
Logboek GIS werkzaamheden Project: Bkk Mijnsteen Brunssum Project nummer: 351787
Datum Sept-dec 2016
04-01-2017
05-01-2017
06-01-2017
Wat gedaan Diverse xml bestanden en andere aangeleverde bestanden verwerkt in ArcGIS en beoordeeld op bruikbaarheid. Een en ander is opgeslagen in de map: C:\Data\GIS\projecten\351787 Werkmap_Brunssum Ontvangen bestanden nogmaals bekeken. ivm lange periode voortraject is de werkmap een beetje onoverzichtelijk en onduidelijk. Derhalve besloten voor de daadwerkelijke Bkk “opnieuw” te starten. Ontvangen xml gegevens opnieuw in de map gezet Stap 1 is een totaal databestand maken. Derhalve alle xml bestanden opnieuw in TI inlezen en toetsen. Nieuwe mdb bestanden maken van elk xml. Doel is om de mdb bestanden middels de BISGIStool van Bart om te zetten naar een complete dataset. Gegevens van 21-11-2016 waren omgezet in meetpunten schapefile, maar stoffen waren alleen bekend via stofcodes. Aanvankelijk gestart om deze codes in excel om te zetten. Stofcodes ontvangen van Stef/Annemiek niet volledig. Aanvullende codes gezocht en gevonden via: https://codes.sikb.nl/ Excel gemaakt met stoffen en eenheden omzet. In verband met extra werk voor toetsing, besloten de diverse xml bestanden (ontvangen 21-11-2016) als nog via TI in te lezen en te toetsen. Verder gegaan met omzetten xml naar mdb Overleg Stef. Stand van zaken besproken en de vervolg stappen:
Welke bestanden aangepast/aangemaakt Werkmap aangemaakt en gevuld. C:\Data\GIS\projecten\351787 Werkmap_Brunssum
Nieuwe map t:C:\Data\GIS\projecten\351787_Brunssum
Diverse mappen aangemaakt in de map C:\Data\GIS\projecten\351787_Brunssum\ontvangen Bestanden: meetpunten_stoffen omgezet.xlsx eenhedencodes sikb.xlsx Parameterlijst 25-11-2016.xlsx Diverse mdb bestanden
Mappen: C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Data\mdb\losse mdb
20-02-2017
21-02-2017
Stap1=data set maken Stap2=dataset maken voor alleen mijnsteengebied Stap3=dataset filteren op bg (0,0-0,5) en og (0,5-2,0) Stap4=gemiddeld humus en lutum bepalen Stap5=Gehalten met standaard lutos omzetten naar gemiddeld humus/lutm Stap6=Uitbijters bepalen (middels scatterplot) Alle xml omgezet naar mdb en geplaatst in de map Data/mdb/losse mdb Alle mdb’s ingelezen in BISGIS en vervolgens de totale dataset opgeslagen in data/mdb/totale database Totale mdb geïmporteerd in ArcGIS en omgezet naar punten bestand in de nieuwe gdb. De layer brun_boorpunten bevat geen dieptes. Die zijn door Annemiek wel toegevoegd in het verleden. De layer brun_data_boordiepe gecopieerd van de oude gdb (in werkmap_brunssum) naar de oude gdb in de huidige map
C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Data\mdb\totaal mdb C:\Data\GIS\projecten\351787 Brunssum\Data\gdb\Bkk Brunssum data.gdb
Nieuwe xml-en (ontvangen 8-2-2017) ingelezen in TI Probleem met export van toetsingen vanuit TI (geen export naar acces). Is uiteindelijk opgelost Resultaten getoetst en geexporteerd naar losse *.mdb files Mdb files met BISGIStool geimporteerd in totale database.
Nieuwe layer: BISdata_ontvangen 21112016tot 07022017
Met GIS een clip uitgevoerd op de dataset met dataset als input en mijnsteengebied als clip feature Geclipte data geexporteerd naar BISdata.txt. Txt bestand ingelezen in xlsx en opgeslagen als Databis.xlsx Kopie gemaakt van xlsx om te bewerken (Databis_bewerkt. Xlsx) Data bewerkt door het verwijderen van een aantal niet nuttige kolommen.
Bestanden: BISdata.txt Databis.xlsx Databis_bewerkt. Xlsx Data_BG_bewerkt.xlsx Data_OG_bewerkt.xlsx
Bestanden: ActiveGISdata.mdb (= totale dataset uit losse mdb files) Nieuwe geodatabase gemaakt (Bkk Brunssum data.gdb) Layer BISdata_21112016_en_12122016 Layer brun_punten_boordiepte
Op de P schijf in de map ArcGIS opgeruimd. In de map Bram nieuwe map aangemaakt ( Oude data (klad en werk data)) hier in
22-2-2017
Data gefilterd door alles dieper dan 2,0 m-mv te verwijderen (dus in de kolom “van” alles > 200 verwijderd en in de kolom “tot”alles > 200 verwijderd. Alle regels met “eindoordeel”verwijderd Gefilterd op BG en OG dat wil zeggen BG tot max 50 cm en OG van 50 cm Verder gefilterd op stoffen (metalen, PAK, PCB, minerale olie) Data opgeslagen in 2 aparte xlsx-en Van alle mengmonsters is telkens maar 1 boring geselecteerd. XY zijn hierbij niet zo relevant omdat alle boringen binnen het mijnsteengebied vallen en dit gebied als één zone wordt beschouwd. Draaitabel gemaakt met de monsters als rij en de stoffen als kolommen Humus en lutum gefilterd op “standaard waarden” dus alle humus 10 en lutum 25 verwijderd. Hierbij is aangenomen dat deze waarden niet zijn geanalyseerd Per stof parameters bepaald (aantal, gemiddelde, p80, p90, p95, stdev, betrouwbaarheid) op basis van tabel Bart Jannink (bkk heerlen) Gegevens geplot in scatter diagram met alle stoffen in één grafiek Het zelfde gedaan voor OG. Resultaten gemaild naar Stef als rapportage stand van zaken. Kort resultaten besproken met Stef. Voor sommige stoffen te weinig waarnemingen. Blijkt dat mijn selectiecriterium voor diepte (BG/OG) te zwaar is. Afgesproken nogmaals naar de data te kijken en de set aantevullen. Als gemiddelde van diepte traject ligt tussen 0-50 dan BG, ligt gemiddelde van diepte traject tussen 50-200 dan OG.
Ook afgesproken Arseen en chroom weg te laten uit dataset (geen standaardpakket meer) Invullen van logboek (20-2-2017 en 21-2-2017)
staan de eerdere gegevens en klad/werkbestanden van 2016. Ook een map aangemaakt ( Nieuwe data voor Bkk). In deze map staat alle nieuwe data van 2017.