CConstaterende datBrunssum
Koppel je AI →
Document · PDF

Agendabundel

Commissie Burgerzaken 13 april 2021, gemeente Brunssum27.522 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De burgemeester kan daarnaast een bestuursrechtelijke maatregel nemen. 3.6 Erfelijke belasting Handhaving vindt plaats per ondernemer/paracommerciële rechtspersoon, per instelling en per locatie. Wanneer een nieuwe ondernemer/paracommerciële rechtspersoon het bedrijf overneemt, worden in beginsel de stappen in het handhavingsmodel ‘gereset’, dus teruggebracht naar de startsituatie. “Erfelijke belasting” geldt in ieder geval indien een ondernemer/paracommerciële rechtspersoon zijn ondernemingsvorm wijzigt, bijvoorbeeld wanneer er een vennoot in de zaak bij komt. De intredende ondernemer krijgt dan ook te maken met het verleden van zijn compagnon. Het stappenplan blijft in dit geval gewoon gelden, dus bij een volgende overtreding, ook al is er een nieuwe vennoot, volgt gewoon de volgende stap. Het stappenplan wordt niet ‘gereset’. Dit geldt ook als een ondernemer of paracommerciële rechtspersoon in de tussentijd zijn Drank- en Horecawetvergunning wijzigt of vernieuwt.

6

4. Categorieën en sanctiestrategie 4.1 Categorieën Categorie 1 (met name het verstrekken van alcoholhoudende dranken zonder vergunning) Toezichthouder

Gemeente (burgemeester)

1e constatering: waarschuwing (alcoholverstrekking dient onmiddellijk te worden gestaakt) 2e constatering en verdere constateringen (binnen jaar na vorige constatering): (alcoholverstrekking dient onmiddellijk te worden gestaakt)

----Sluiten (on)bepaalde tijd

Categorie 2 (met name het verstrekken van alcoholhoudende dranken aan jongeren onder de 18 jaar) Toezichthouder

Gemeente (burgemeester)

1e constatering: waarschuwing

-----

2e constatering last onder dwangsom (binnen een jaar na vorige constatering) 3e constatering (binnen jaar na vorige constatering)

-----

4e constatering (binnen jaar na vorige constatering)

Schorsen Drank- en horecavergunning voor (maximaal) 12 weken Intrekken Drank- en horecavergunning

Categorie 3 (met name overtredingen die van direct invloed zijn op de gezondheid van jongeren en/of openbare orde) Toezichthouder

Gemeente (burgemeester)

1e constatering: waarschuwing

-----

2e constatering: last onder dwangsom (binnen een jaar na vorige constatering) 3e constatering (binnen een jaar na eerste constatering): last onder dwangsom verhoogd met 50% 4e constatering (binnen jaar na vorige constatering)

-----

5e constatering (binnen jaar na vorige constatering)

----Schorsen Drank- en horecavergunning voor (maximaal) 12 weken Intrekken Drank- en horecavergunning

7

Categorie 4 (overige overtredingen) Deze overtredingen zijn in ernst geringer van aard. Daarbij valt te denken aan het niet ter plaatse kunnen tonen van een verstrekte vergunning, of een terras dat buiten de vergunde afmetingen is uitgestald. Toezichthouder

Gemeente (burgemeester)

1e constatering: waarschuwing

-----

2e constatering: last onder dwangsom

-----

3e constatering (binnen een jaar na eerste constatering): last onder dwangsom verhoogd met 50% 4e constatering (binnen jaar na vorige constatering

-----

5e constatering (binnen jaar na vorige constatering

6e constatering (binnen jaar na vorige constatering)

Schorsen Drank- en horecavergunning voor (maximaal) 12 weken Schorsen Drank- en horecavergunning voor (maximaal) 12 weken Intrekken Drank- en horecavergunning

4.2 Sanctiemogelijkheden De Drank- en horecawet kent de volgende sanctie-instrumenten. Bestuurlijke sancties Onderwerp

Artikel

Intrekken DHW-Vergunning

31 DHW

Schorsen DHW-Vergunning

32 DHW

Dwangsom/Bestuursdwang

125 Gemeentewet

Sluiting van een horeca-inrichting

174 Gemeentewet

Verwijderen van bezoekers

36 DHW

Bestuurlijke boete

44 DHW e.v.

Three strikes out

19a DHW

Algemene Plaatselijke Verordening Brunssum Onderwerp

Artikel

Sluitingstijd

2:29 APV

Regulering paracommerciële rechtspersonen

2:34b APV

Strafrechtelijke sancties Onderwerp

Artikel

Wet Economische Delicten jo diverse art. DHW

1 WED

Strafbaarstelling jongeren < 18 jaar

45 DHW

8

Sanctiestrategie bij evenementen Bij evenementen worden bovenstaande termijnen niet gehanteerd, vanwege de grote mogelijkheid dat hetzelfde evenement pas buiten de genoemde termijn van 1 jaar pas weer wordt georganiseerd. De overtredingen dienen binnen een termijn van 2 à 3 uren te worden geconstateerd. Tussen de 1e constatering en de nacontrole wordt de gelegenheid geboden om bijsturing en aanpassingen te doen in de leeftijdsgrenzencontrole, binnen een redelijke termijn. Indien er overtredingen worden geconstateerd bij een terugkerend evenement dan zullen extra voorwaarden worden gesteld in de evenementenvergunning. Bij herhaling van overtredingen door één en dezelfde vergunninghouder zullen wij bekijken of de mogelijkheid bestaat om dit evenement niet meer te vergunnen c.q. te laten plaatsvinden. Sanctiestrategie jongeren Bij iedere controleronde door de BOA wordt bepaald of, naast het handhaven op naleving de leeftijdsgrens door schenkers, er ook gehandhaafd wordt op artikel 45, lid 1 van de DHW.

 Het is degenen, die de leeftijd van 18 jaar nog niet hebben bereikt, met uitzondering van personen van 16 tot 17 jaar die dienst doen in een inrichting waarin het horecabedrijf wordt uitgeoefend, waaronder begrepen het zijn van een barvrijwilliger in een inrichting in beheer bij een paracommerciële rechtspersoon, verboden op voor het publiek toegankelijke plaatsen alcoholhoudende drank aanwezig te hebben of voor consumptie gereed te hebben, met uitzondering van plaatsen waar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse wordt verstrekt. Inzet instrumenten Hierbij is het van belang om de doelgroep goed te kennen en in kaart te brengen. Waarom leeft de één de regels wel na en de ander niet? Wat zijn de motieven? Door dit duidelijk in kaart te brengen, kan ook beter worden gekozen welke instrumenten in te zetten.

9

5. Toezicht 5.1 Toezicht Bij het toezicht op de DHW worden twee vormen onderscheiden: 1. Basiscontroles Onder basiscontroles vallen de inrichtings- en evenementencontroles. Deze vorm van toezicht richt zich op DHW-regels voor de drankverstrekkende inrichtingen (horeca, paracommerciële horeca, slijterijen, supermarkten, evenementen) en verkooppunten die geen alcohol mogen verstrekken. Het gaat hierbij over de aanwezigheid en actualiteit van de vergunning of ontheffing, het voldoen aan de voorschriften bij de vergunning/ontheffing en andere bepalingen uit de DHW. Deze controles vinden vaak overdag plaats en er is direct contact met de drankverstrekker, waardoor ook voorlichtings- en bewustwordingsinstrumenten zijn in te zetten. Er zijn mogelijkheden om de controle te integreren met andere toezichttaken zoals die op het terrein van brandveiligheid en milieu. 2. Leeftijdsgrenzeninspecties bij drankverstrekkers en jongeren Leeftijdsgrenzeninspecties bij drankverstrekkers richten zich op het controleren van verstrekking van zwak alcoholhoudende drank aan een jongere onder de 18 jaar, of van sterk alcoholhoudende drank aan een jongere onder de 18 jaar. Het toezicht bestaat uit observaties op de plaatsen waar en tijdstippen waarop (’s avonds en in de weekenden) jongeren alcoholhoudende dranken kopen en gebruiken: supermarkten, evenementen e.d.

Tijdens de leeftijdsgrenzeninspectie kan ook de controle op het doorschenken aan dronken personen (artikel 20, lid 6) worden meegenomen. Leeftijdsgrenzeninspecties bij jongeren richten zich op het aanwezig hebben van alcoholhoudende drank door jongeren die jonger zijn dan 18 jaar en zich in de publieke ruimte bevinden. Het toezicht bestaat uit observaties op hotspots, plaatsen waar en tijdstippen waarop (’s avonds en in de weekenden) jongeren zich met alcoholhoudende dranken in de publiek toegankelijke ruimte begeven (art. 45 DHW). 5.2 Uitvoering van het toezicht Uitvoering van het toezicht op de DHW gebeurt door afdeling bestuurszaken, team VTH. Een van de belangrijke uitgangspunten bij toezicht en handhaving is het handhaven volgens de beleidscyclus en in het bijzonder het programmatisch handhaven. Dat houdt in dat toezicht en handhaving gebeuren op basis van prioriteitenstelling, die is gebaseerd op een risico-analyse: hoe groot is de kans op niet-naleving van de regel en hoe groot zijn de effecten daarvan, i.c. voor met name de gezondheid van jeugdigen en voor verstoring van de openbare orde. Aan de hand van de uitkomsten van deze analyse wordt de toezichtstrategie bepaald. De toezichtstrategie legt de vormen van toezicht vast, de wijze waarop het toezicht wordt uitgevoerd en bij welke doelgroepen het toezicht wordt ingezet.

De burgemeester is het bevoegd gezag om de gemeentelijke DHW-toezichthouder aan te wijzen. Om de toezichthouders goed uit te rusten voor hun taak moeten een aantal specifieke aspecten van het DHWtoezicht voor hun aanwijzing geregeld zijn. In een ministeriële regeling worden enkele eisen vastgelegd die worden gesteld aan de DHW-toezichthouder. De toezichthouder moet tevens Buitengewoon Opsporingsambtenaar (BOA) zijn en moet een examen over de DHW met goed gevolg hebben afgelegd. Binnen afdeling bestuurszaken, team VTH beschikken we op dit moment niet over BOA’s met de vereiste documenten ten behoeve van het toezicht en de handhaving. De afgelopen jaren hebben we gebruik gemaakt van een opgeleide BOA op dit gebied vanuit gemeente Voerendaal. Op dit moment werven we vanuit team VTH een nieuwe BOA die zich met de Drank- en Horecawetcontroles zal bezighouden, waardoor externe inhuur niet meer hoeft plaats te vinden.

10

6. Sluitingstijden 6.1 Stappenplan bestuurlijke handhaving sluitingstijden horecabedrijven gemeente Brunssum Inleiding

De burgemeester is bevoegd om beleid op te stellen voor de bestuursrechtelijke handhaving van sluitingstijden binnen de horeca. Door een stappenplan bestuurlijke handhaving sluitingstijden horecabedrijven op te stellen, komt er meer duidelijkheid over het traject van handhaving hierop. Aanleiding handhavingsbeleid sluitingstijden horeca Handhaving van de sluitingstijden vindt op dit moment plaats door de politie. De politie merkt op dat de opgelegde boetes vrij gering zijn en dat zij vaak niet serieus worden genomen bij de uitoefening van hun taak. De boete weegt vaak niet op tegen de opbrengst die gemaakt kan worden door de horecaondernemer als de horeca-inrichting langer geopend is en vaak wordt de boete dan gewoon op de koop toegenomen door de horeca-exploitant. De wijkagenten van de politie verzoeken dan ook om het bestuurlijk instrumentarium toe te passen door gemeentelijke aanschrijvingen. Erfelijke belasting Handhaving vindt plaats per ondernemer/paracommerciële rechtspersoon, per instelling en per locatie. Wanneer een nieuwe ondernemer/paracommerciële rechtspersoon het bedrijf overneemt, worden in beginsel de stappen in het handhavingsmodel ‘gereset’, dus teruggebracht naar de startsituatie.

“Erfelijke belasting” geldt in ieder geval indien een ondernemer/paracommerciële rechtspersoon zijn ondernemingsvorm wijzigt, bijvoorbeeld wanneer er een vennoot in de zaak bij komt. De intredende ondernemer krijgt dan ook te maken met het verleden van zijn compagnon. Het stappenplan blijft in dit geval gewoon gelden, dus bij een volgende overtreding, ook al is er een nieuwe vennoot, volgt gewoon de volgende stap. Het stappenplan wordt niet ‘gereset’. Dit geldt ook als een ondernemer of paracommerciële rechtspersoon in de tussentijd zijn Drank- en Horecawetvergunning wijzigt of vernieuwt. Overgangsregeling Voor horeca-inrichtingen die onder het oude beleid reeds overtredingen hebben begaan en waarop het stappenplan van het oude beleid is toegepast, geldt het overgangsrecht. Voor deze horeca-inrichtingen zal het nieuwe stappenplan van toepassing zijn, indien en voor zover er tussen de overtredingen niet meer dan 1 jaar is verstreken. Handhavingsschema Handhavingsschema met betrekking tot overtredingen van sluitingstijden voor horecabedrijven, alsmede ten aanzien van de naleving van aan ontheffingen sluitingsuur verbonden voorschriften en verbonden voorschriften sluitingstijden terrassen. Overtreding

Sanctie

1ste keer

Constatering en rapportering door politie en/of boa’s, gevolgd door schriftelijk bestuurlijke waarschuwing, waarin aankondiging van nadere maatregelen (in de vorm van het opstarten van een dwangsomprocedure) bij de eerstvolgende overtreding na deze overtreding.

2de keer binnen één jaar

Indien hierna wederom een overtreding binnen 1 jaar wordt geconstateerd door politie en/of boa’s, wordt een dwangsom opgelegd van ad € 1000,-.

3de keer binnen één jaar na 2de keer

Indien hierna binnen 1 jaar na 2de keer wederom een overtreding sluitingstijd wordt geconstateerd dan wordt de inrichting gesloten voor de duur van 2

11

4de keer binnen één jaar na 3 de keer

5de keer binnen één jaar na 4de keer

6de keer binnen één jaar na 5 de keer

weken. Indien hierna binnen 1 jaar na 3de keer wederom een overtreding sluitingstijd wordt geconstateerd dan wordt de inrichting gesloten voor de duur van 4 weken. Indien hierna binnen 1 jaar na 4de keer wederom een overtreding sluitingstijd wordt geconstateerd dan wordt de inrichting gesloten voor de duur van 8 weken. Intrekken exploitatievergunning

Voor de volledige tekst kan het vastgestelde ‘stappenplan bestuurlijke handhaving sluitingstijden horecabedrijven gemeente Brunssum’ worden geraadpleegd.

6.2 Regeling uitlooptijden

In de gemeente Brunssum gelden op grond van artikel 2:29 APV Brunssum de navolgende algemene sluitingsuren: 1. Openbare inrichtingen zijn gesloten op maandagavond (maandag op dinsdag), dinsdagavond (dinsdag op woensdag) woensdagavond (woensdag op donderdag) en donderdagavond (donderdag op vrijdag) tussen 02.00 uur en 07.00 uur, en vrijdagavond (vrijdag op zaterdag) zaterdagavond (zaterdag op zondag) en zondagavond (zondag op maandag) tussen 03.00 uur en 07.00 uur (sluitingstijd). 2. In afwijking van het eerste lid zijn openbare inrichtingen gesloten tussen 03.00 uur en 07.00 uur: a. in de nacht volgend op 31 december b. tijdens het traditionele Oud Wijvenbal c. in de nacht volgend op de maandag van carnaval d. in de nacht volgend op de dag waarop de verjaardag van de koning wordt gevierd e. in de nacht volgend op de dag waarop de bevrijding wordt gevierd f. in de nachten direct volgend op de Paradedagen g. in de nachten direct volgend op de dagen dat het oktoberfeest plaats vindt, indien deze nachten vallen op een maandagavond, dinsdagavond, woensdagavond of donderdagavond. 3. Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben of bezoekers in de inrichting te laten verblijven tijdens sluitingstijd. 4. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd. 5.

Voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28a lid 7 onder a, gelden dezelfde sluitingstijden als voor de winkel. 6. Het eerste, tweede en vierde lid zijn niet van toepassing in die situaties waarin bij of krachtens de Wet milieubeheer is voorzien. 7. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing. Uitlooptijd In de gehele gemeente Brunssum wordt een uitlooptijd van een half uur gehanteerd voor de ‘natte’-horeca op vrijdag, zaterdag en de genoemde dagen in artikel 2:29 lid 2 APV Brunssum. Brunssum wil een veilige gemeente zijn, waar het goed wonen, werken en recreëren is. De geleidelijke uitloop van bezoekers heeft een positief gevolg voor de woon- en leefsituatie, de ondernemer kan het gastheerschap beter uitvoeren en de uitlooptijd is goed handhaafbaar. Hiervoor zijn de reguliere sluitingstijden op vrijdag en zaterdag niet verruimd, maar wordt wel onder voorwaarden een uitlooptijd gehanteerd tot 3.30 uur. Op de dagen dat voor de ‘natte’-horeca de sluitingstijd op vrijdag, zaterdag en de genoemde dagen in artikel 2:29 lid 2 APV Brunssum aanvangt, geldt als voorwaarde dat in de inrichting vanaf 3.00 uur: het groot licht aan dient te zijn; er geen alcoholhoudende drank en ook niet-alcoholhoudende drank wordt geschonken; geen nieuwe bezoekers worden toegelaten;

12

-

de muziek uitgaat.

13

7. Risicogerichte inzet In gemeente Brunssum zijn alle lokaliteiten betrokken in de risicoanalyse. Dit zijn horeca, café’s, sportkantines, fritures, jeugdhonken, restaurants, slijterijen, supermarkten, gemeenschapshuizen, hotels, Bed&Breakfast en pensions. In de risicoanalyse zijn ook alle lokaliteiten betrokken die een DHW-vergunning hebben. De ondernemer, vereniging of stichting geniet in beginsel het vertrouwen dat wordt voldaan aan de regels en voorwaarden. Wie de regels goed naleeft, wordt minder gecontroleerd. Daar staat tegenover dat degenen die het niet nauw nemen met de regels meer toezicht krijgen. Dit is het uitgangspunt voor de wijze waarop het toezicht wordt vormgegeven. Daarnaast is er – zoals altijd in het handhavingsdomein – beperkte toezichtscapaciteit, reden temeer om de capaciteit slim en efficiënt in te zetten. De intensiteit van het toezicht wordt aan de hand van de volgende criteria bepaald: 1. Aard van de inrichting/verstrekker Bepaalde horecazaken/lokaliteiten/verstrekker vormen een hoger risico. Dit kan onder meer te maken hebben met de openbare orde en veiligheid, volksgezondheid of het woon-en leefklimaat. Zo is er bij een lunchroom een minder groot risico op een ordeverstoring dan bij een discotheek. Op het moment dat de aard van de inrichting/verstrekker een hoger risico vormt, zal frequenter worden gecontroleerd. 2.

Gebied De omgeving waarin de horecazaak/lokaliteit/verstrekker is gelegen is medebepalend voor de intensiteit van het toezicht. Het ene gebied heeft steviger toezicht nodig dan het andere. Onder andere speelt mee of sprake is van een horecaconcentratiegebied, een woongebied, een industrieterrein of een buitengebied. Ook klachten, meldingen en ervaringen uit het verleden zijn van belang. Daarnaast kan het controlegebied bijvoorbeeld worden afgestemd op hotspots waar jongeren zich veelal ophouden. Zo kan nadrukkelijk toezicht worden gehouden op het aanwezig (of in het bezit) hebben van alcoholhoudende drank door jongeren op een voor het publiek toegankelijke plaats. 3. Gedrag Horecazaken/verstrekkers die regelmatig de regels overtreden of waar zich regelmatig incidenten voordoen worden vaker gecontroleerd. Goede nalevers worden minder vaak gecontroleerd. Wanneer een overtreding van de Drank- en Horecawet wordt geconstateerd, zal in beginsel worden overgegaan tot handhaving. Het handhavingstraject dat de burgemeester start, is afhankelijk van de aard en de ernst van de overtreding. Daarom heeft de burgemeester het handhavingsmodel opgesteld.

14

8. Handhavingsacties Handhavingsactie DHW Horeca-inrichtingen preventief bezoeken

Beschrijving Tijdens dit bezoek zal informatie worden verstrekt over de geldende regelgeving en mogelijke sancties m.b.t. het schenken van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar.

Verantwoordelijk IV*, BOA, politie taakveld horeca

Toezicht op (hinderlijk) drankgebruik in de openbare ruimte

Toezicht houden op en zo nodig handhaven bij overtredingen van het aanwezig hebben van alcoholhoudende drank door jongeren onder de 18 jaar in de openbare ruimte.

BOA

Leeftijdscontroles

Leeftijdsgrenscontrole gericht op artikel 45 (handelen van jongeren) en leeftijdsgrenscontrole gericht op artikel 20 (handelen van schenkers).

BOA

Integrale controle horeca

Tijdens een integrale controle worden zoveel mogelijk aspecten gecontroleerd. Daarbij kan gedacht worden aan bouw-, brand- en milieuvoorschriften alsmede bepalingen volgens de DHW, APV, Wet op de Kansspelen en andere bijzondere wetgeving. Een dergelijke controle vergt een goede voorbereiding en kosten relatief meer tijd en zal op beperkte schaal worden gehouden.

IV

Naleefgedrag bevorderen

Om het naleefgedrag te verhogen, moet meer ervaring worden opgedaan. Bijvoorbeeld door inzet van mystery guests bij een aantal horecazaken, verenigingen en winkels om meer inzicht te krijgen in het naleefgedrag.

IV

Toezicht bij evenementen

Tijdens evenementen zal door de BOA toezicht worden gehouden op het direct en indirect verstrekken van alcohol aan jongeren onder de 18 jaar.

BOA

Voorbereidingscontrole

Er wordt gecontroleerd of de vergunning nog op orde is.

BOA, IV

Basiscontrole

Er wordt gecontroleerd of de algemene regels en voorwaarden van de afgegeven vergunning worden opgevolgd zoals aanwezigheid van een leidinggevende, eventueel toegangsbeleid, leeftijdsgrenzen aanduiding, aanwezigheid algemeen bestuursreglement (bij verenigingen) en inrichtingseisen.

BOA, IV

IV staat voor integrale veiligheid

15

Bijlage 1 HANDHAVINGSACTIES BIJ OVERTREDINGEN IN HET VERGUNNINGPLICHTIGE DOMEIN In het navolgende worden de handhavingsacties gekoppeld aan overtredingen voor wat betreft de inrichtingen die vergunningplichtig zijn, te weten horeca, paracommerciële rechtspersonen en slijterijen. Domein horeca Overtreding

Omschrijving

Categorie

Artikel 3 Verstrekken alcoholhoudende drank Artikel 8

Zonder (rechtsgeldige) vergunning

Categorie 1

Leidinggevende voldoet niet langer aan de aan hem gestelde vereisten Inrichting voldoet niet langer aan gestelde eisen

Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 2

Artikel 10

Artikel 20 lid 1

Artikel 20 lid 4

Artikel 20 lid 5

Artikel 20 lid 6

Artikel 24 lid 1 en 2

Artikel 24 lid 3 Artikel 29 lid 3

Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongeren onder de 18 jaar zonder daarbij de leeftijd vast te stellen. Onder verstrekken wordt eveneens begrepen het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, welke drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Leeftijdsgrens niet duidelijk aangegeven bij toegang horeca-/slijtlokaliteit (sticker) 5 Dronken personen of onder invloed van drugs toegelaten in horeca- en slijtersbedrijf Onder invloed (dronken of drugs) aan het werk zijn in horeca- en slijtersbedrijf Geen leidinggevende of vereiste persoon aanwezig in horeca- en slijtersbedrijf Verkoop alcohol/dienst door personen < 16 jaar Vergunning, aanhangsel e.d. niet aanwezig in inrichting

Categorie 4

Categorie 3

Categorie 2

Categorie 3

Categorie 3 Categorie 4

16

Domein paracommercie Overtreding

Omschrijving

Categorie

Artikel 3 Verstrekken alcoholhoudende drank Artikel 8

Zonder (rechtsgeldige) vergunning

Categorie 1

Leidinggevende voldoet niet langer aan de aan hem gestelde vereisten Geen reglement vastgesteld, dan wel voldoet niet aan eisen lid 2 Geen registratie van barvrijwilligers die voorlichtingsinstructie hebben gehad Reglement/registratie niet in de inrichting aanwezig Inrichting voldoet niet langer aan gestelde eisen

Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 4

Artikel 9 lid 1 en lid 2

Artikel 9 lid 3

Artikel 9 lid 3 en lid 4 Artikel 10

Artikel 20 lid 1

Artikel 20 lid 4

Artikel 20 lid 5

Artikel 20 lid 6

Artikel 24 lid 1 en 2

Artikel 24 lid 3 Artikel 29 lid 3

Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongeren onder de 18 jaar zonder daarbij de leeftijd vast te stellen. Onder verstrekken wordt eveneens begrepen het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, welke drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Leeftijdsgrens niet duidelijk aangegeven bij toegang horeca-/slijtlokaliteit (sticker) 5 Dronken personen of onder invloed van drugs toegelaten in horeca- en slijtersbedrijf Onder invloed (dronken of drugs) aan het werk zijn in horeca- en slijtersbedrijf Geen leidinggevende of vereiste persoon aanwezig in horeca- en slijtersbedrijf Verkoop alcohol/dienst door personen < 16 jaar Vergunning, aanhangsel e.d. niet aanwezig in inrichting

Categorie 4

Categorie 4 Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 2

Categorie 4

Categorie 3

Categorie 2

Categorie 3

Categorie 3 Categorie 4

17

Domein slijterijen

Overtreding

Omschrijving

Categorie

Artikel 3 Verstrekken alcoholhoudende drank Artikel 8

Zonder (rechtsgeldige) vergunning

Categorie 1

Leidinggevende voldoet niet langer aan de aan hem gestelde vereisten Inrichting voldoet niet langer aan gestelde eisen

Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 1 (is verplicht op grond van artikel 31 DHW) Categorie 2

Artikel 10

Artikel 20 lid 1

Artikel 20 lid 2

Artikel 20 lid 4

Artikel 20 lid 5

Artikel 20 lid 6

Artikel 24 lid 1 en 2

Artikel 24 lid 3 Artikel 29 lid 3

Verstrekken alcoholhoudende drank aan jongeren onder de 18 jaar zonder daarbij de leeftijd vast te stellen. Onder verstrekken wordt eveneens begrepen het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, welke drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt. Het is verboden in een slijtlokaliteit de aanwezigheid toe te laten van een bezoeker van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, anders dan onder toezicht van een persoon van 21 jaar of ouder. Leeftijdsgrens niet duidelijk aangegeven bij toegang horeca-/slijtlokaliteit (sticker) 5 Dronken personen of onder invloed van drugs toegelaten in horeca- en slijtersbedrijf Onder invloed (dronken of drugs) aan het werk zijn in horeca- en slijtersbedrijf Geen leidinggevende of vereiste persoon aanwezig in horeca- en slijtersbedrijf Verkoop alcohol/dienst door personen < 16 jaar Vergunning, aanhangsel e.d. niet aanwezig in inrichting

Categorie 2

Categorie 4

Categorie 3

Categorie 3

Categorie 3

Categorie 3 Categorie 4

18

Handhavingsacties bij niet drank- en horecawet vergunningplichtige bedrijven Het gaat hier om bijvoorbeeld supermarkten en snackbars. De handhavingsacties zijn met name gericht op de verkoop van alcoholhoudende dranken. Overtreding

Omschrijving

Categorie

Artikel 20 lid 1

Verkoop alcohol aan persoon < 18 jaar / leeftijd niet vastgesteld

Artikel 19a lid 1

Three Strikes out

1e constatering: Last onder dwangsom 2e constatering (binnen een jaar na eerste constatering): last onder dwangsom verhoogd met 50% Burgemeester: 3e constatering (binnen een jaar na eerste constatering): Ontzeggen bevoegdheid verkoop zwakalcoholhoudende drank voor 12 weken

19

Handhavingsacties bij overtredingen van artikel 2:34:1 en 2:34:2 van de APV; regulering paracommerciële rechtspersonen

Overtreding

Omschrijving

Categorie

4 DHW 2:34:1 APV

Paracommercieël horecabedrijf houdt zich niet aan de schenktijden voor alcoholhoudende drank

4 DHW 2:34:2 APV

Paracommerciële rechtspersonen verstrekken geen alcoholhoudende drank tijdens bijeenkomsten van persoonlijke aard en tijdens bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet of niet rechtstreeks bij activiteiten van de rechtspersoon betrokken zijn.

1ste constatering: Waarschuwing 2de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): waarschuwing 3de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): last onder dwangsom 4de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): schorsen DHW vergunning voor 12 weken 5de constatering (binnen een jaar na vorige constatering: intrekken DHW vergunning 1ste constatering: Waarschuwing 2de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): waarschuwing 3de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): last onder dwangsom 4de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): Half jaar na constatering het aantal afgesproken bijeenkomsten halveren. 5de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): Eén jaar geen bijeenkomsten toestaan.

20

Handhavingsacties bij evenementen In de Drank – en Horecawet zijn vereisten opgesteld. Voor evenementen is het mogelijk om o.b.v. art. 35 een tijdelijke ontheffing te verkrijgen voor het verstrekken van zwak alcoholische dranken. Overtreding

Omschrijving

Categorie

Artikel 35, lid 1

Verstrekken alcoholhoudende drank zonder ontheffing of het verstrekken van sterke drank

Artikel 35, lid 2

Verstrekken alcoholhoudende drank zonder dat wordt voldaan aan de ontheffing verbonden voorschriften

1ste constatering: Waarschuwing 2de en verdere constateringen (binnen een jaar na vorige constatering): sluiting alcoholverkoop 1ste constatering: Waarschuwing 2de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): last onder dwangsom 3de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): last onder dwangsom verhoogd met 50% 4de constatering (binnen een jaar na vorige constatering): De houder van de ontheffing komt komende 16 maanden niet in aanmerking voor een ontheffing

21

Bijlage 2 Dwangsomtabel DHW Overtreding

Dwangsombedrag minimaal €

Dwangsombedrag maximaal €

Categorie A

€ 500,-

€ 5000,-

€ 1000,-

€ 7500,-

Artikel 3 Artikel 4, vijfde lid Artikel 9, derde lid Artikel 9, vierde lid Artikel 20, vierde lid Artikel 29, derde lid Artikel 35, vierde lid Categorie B Artikel 4, eerste lid Artikel 12, eerste lid Artikel 12, tweede lid Artikel 14, eerste lid Artikel 14, tweede lid Artikel 15, eerste lid Artikel 15, tweede lid Artikel 16 Artikel 17 Artikel 18, derde lid Artikel 19, eerste lid Artikel 19, tweede lid Artikel 20, zesde lid Artikel 24, eerste lid Artikel 24, tweede lid Artikel 24, derde lid Artikel 25a, eerste lid Artikel 25b, eerste lid Artikel 25c, eerste lid Artikel 25d, eerste lid, onder a Artikel 25d, eerste lid, onder b Artikel 35, tweede lid

22

Categorie C

€ 1500,-

€ 10000,-

Artikel 2, tweede lid Artikel 3 Artikel 13, eerste lid Artikel 13, tweede lid Artikel 18, eerste lid Artikel 20, eerste lid Artikel 20, tweede lid Artikel 20, derde lid Artikel 22, eerste lid, onder a Artikel 22, eerste lid, onder b Artikel 22, eerste lid, onder c Artikel 22, tweede lid, onder a Artikel 22, tweede lid, onder b Artikel 25, eerste lid, onder a Artikel 25, eerste lid, onder b Artikel 25, tweede lid Artikel 25, derde lid Artikel 38

Toelichting dwangsomtabel DHW Afwijken dwangsomtabel Afhankelijk van de specifieke feiten en omstandigheden van het individuele geval kan gemotiveerd worden afgeweken van de in de tabel genoemde waarden. Dwangsom en modaliteit De dwangsom dient voldoende prikkelend te werken om de overtreding tegen te gaan of te (laten) beëindigen. De dwangsombedragen dienen in redelijke verhouding te staan tot de zwaarte van het geschonden belangen tot de beoogde werking van de dwangsom. Het opleggen van een last onder dwangsom geschiedt in verschillende wettelijk voorgeschreven vormen(modaliteiten). Deze modaliteiten zijn vastgelegd in artikel 5:32b, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht: een bedrag ineens; een bedrag per tijdseenheid dat de last niet is uitgevoerd dan wel per overtreding van de last. Het bestuursorgaan komt beleidsvrijheid toe bij de keuze voor een van deze modaliteiten. Begunstigingstermijn Een last onder dwangsom omvat naast de te nemen herstelmaatregelen ook een termijn, waarbinnen de overtreder de door het bestuursorgaan opgelegde lastgeving kan uitvoeren zonder dat deze het dwangsombedrag verbeurt. Deze begunstigingstermijn mag niet wezenlijk langer worden gesteld dan noodzakelijk om de overtreding te kunnen opheffen. Hoe urgenter de situatie hoe korter de termijn. Daarbij rekening houden met de technische en organisatorische realiseerbaarheid.

23

4 ISD BOL jaarstukken 2020 en programmabegroting 2022; Gemeenteblad 2021/32 1 Raadsvoorstel 32 ISD BOL Jaarstukken 2020 en de Programmabegroting 2022 e.v..docx

Raadsvoorstel Collegeverg. d.d. Registratiekenmerk Gemeentebladnr. Afdeling Behandelend ambtenaar Bereikbaar onder

: : : :

6 april 2021 1065098 2021/32 Maatschappelijke ontwikkeling

: T.F.M.H. Peters : 045-5278665 theo.peters@brunssum.nl Behandelvoorstelnr. : 1065098 Portefeuillehouder : H. Janssen Raadsverg. d.d. : 25 mei 2021 Uiterlijke datum : (Motivering, wettelijke verplichting c.q. toezegging) Aan de raad, 1. Onderwerp Jaarstukken 2020 en de Programmabegroting 2022 e.v. van ISD BOL 2. Uitgangssituatie (WAAROM?) a. Aanleiding De uitvoering van de Participatiewet en aanverwante wetten is door de gemeenten Brunssum, Beekdaelen (Onderbanken) en Landgraaf, opgedragen aan de Intergemeentelijke Sociale Dienst Brunssum Onderbanken Landgraaf (ISD BOL). Conform de Gemeenschappelijke Regeling (GR) ISD BOL heeft Gemeente Brunssum de Jaarstukken ISD BOL 2020 en de Programmabegroting ISD BOL 2022 e.v. ontvangen op 19 maart 2021. b. Huidige situatie/probleemstelling ISD BOL Jaarstukken 2020 De jaarrekening en het jaarverslag zijn conform artikel 23 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL (GR) tot stand gekomen. Door de accountant is een verslag afgegeven zoals omschreven in artikel 24, lid 1 van de GR. De accountantsverklaring maakt integraal onderdeel uit van de jaarrekening. Conform artikel 24, lid 4 van de GR kan de gemeenteraad binnen 2 maanden, nadat de jaarrekening is toegezonden daartegen schriftelijk bezwaar indienen bij het Algemeen Bestuur van ISD BOL.

De definitieve vaststelling van de jaarstukken zal samen met de behandeling van eventuele bezwaren van de deelnemende gemeenten, worden geagendeerd voor de AB-vergadering op 23 juni 2021. Programmabegroting ISD BOL 2022 e.v. Op grond van artikel 21, lid 1 van de Gemeenschappelijke regeling van ISD BOL dient het Dagelijks Bestuur u de opgestelde ontwerpbegroting voor het komende kalenderjaar vóór 1 april toe te zenden. Op grond van lid 4 van genoemd artikel kunnen de raden van de deelnemende gemeenten binnen twee maanden na toezending van de ontwerpbegroting hun gevoelen daarover doen blijken. De zienswijzen van de deelnemende gemeenten zullen worden aangeboden aan het Algemeen Bestuur van ISD BOL in haar vergadering van 23 juni 2021 ter definitieve vaststelling van de Begroting 2022 e.v.. In de jaarstukken 2020 ISD BOL wordt beleidsmatig en financieel verslag gedaan van het boekjaar 2020. De jaarstukken betreffen: het jaarverslag 2020 en de jaarrekening 2020. In de begroting 2022 e.v. wordt met name op financieel terrein vooruit gekeken naar 2022 en verder. 3. Gewenste situatie (WAT?) a. Wat willen we bereiken? Kennis te nemen van de ISD BOL Jaarstukken 2020 en de Programmabegroting 2022 e.v. en de gemeenteraad te adviseren ten aanzien van deze stukken bijgevoegde zienswijze af te geven (Version 1065108).

1 van 5

b. Kaders 1. eerdere besluitvorming (Bbv nr. ) Niet aan de orde. 2. traject tot dusverre - De Jaarstukken 2020 en de Begroting 2022 zijn op 10 maart door het DB van ISD BOL besproken en doorgeleid naar het AB; - Op 24 maart zijn de jaarrekening en begroting door het AB van ISD BOL voorlopig vastgesteld en doorgeleid naar de gemeenten voor hun zienswijze. 3. Rol/ bevoegdheden college van B en W Het college van B en W adviseert de gemeenteraad bij het afgeven van een zienswijze of het indienen van bezwaar bij het AB van ISD BOL. 4. algemene beleidskaders (landelijk/ provinciaal/ lokaal) - Participatiewet; - Gemeentewet; - Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL. 5. past het voorstel in de strategische visie/ relatie met programmabegroting en uitvoeringsagenda? Het betreft hier geen beleid, maar (financiële) verantwoording. c. Argumenten en overwegingen In deze paragraaf zal voor de jaarstukken 2020 en de Begroting 2022 e.v. worden ingegaan op de algemene ontwikkelingen, klantaantallen, maatschappelijke participatie en budgetten. De vertaling naar de financiële consequenties voor Gemeente Brunssum wordt gemaakt in onderdeel 5b. 3.c.1. ISD BOL Jaarstukken 2020 De eerste landelijke Lock down en andere maatregelen, zoals het tijdelijk sluiten van de horeca, hebben bij veel bedrijven en werknemers gezorgd voor inkomstenverlies.

Dit leidde in het tweede kwartaal van 2020 tot een snel oplopende werkloosheid. De Nederlandse overheid heeft met het snel inzetten van steunmaatregelen een verder oplopende werkloosheid nog (tijdelijk) kunnen voorkomen. Uiteraard heeft de coronacrisis ook invloed op de ontwikkeling van de cliëntaantallen van ISD BOL. Daarbij zijn er factoren die een effect hebben op een hogere instroom maar ook op de lagere uitstroom. We zien een verhoogde instroom doordat: · In de beroepen die het hardst werden getroffen door de corona-maatregelen (detailhandel zoals winkelpersoneel, dienstverlenende beroepen zoals bediening (horeca) en schoonmaak) veel wordt gewerkt met flex-contracten. En het zijn vooral de flexwerkers die als eerste hun werk verliezen in crisistijden en · Veel van de werkzaamheden in de detailhandel en dienstverlenende beroepen worden uitgevoerd door jongeren. Zij hebben bij ontslag veelal geen of nauwelijks WW-rechten opgebouwd en stromen dan (vrijwel) direct in de bijstand. Wij zien dan ook een verhoogde instroom van jongeren in de bijstand. Wij zien een lagere uitstroom doordat: · Re-integratietrajecten en ontwikkeltrajecten zijn stilgelegd, vooral in de periode van de eerste Lock down. Hierdoor kwam de in gang gezette ontwikkeling c.q. bemiddeling van cliënten richting arbeidsmarkt tot stilstand.

In de loop van 2020 zijn deze trajecten mondjesmaat weer opgepakt, door de contact-beperkende maatregelen die corona met zich meebrengt worden deze voortgezet in afgeslankte vorm. Wat inhoudt dat er enerzijds minder cliënten kunnen deelnemen aan deze trajecten en anderzijds de trajecten langduriger lopen omdat de activiteiten over een langere periode moeten worden verspreid en · Potentiele werkgevers vooral bij de eerste Lock down 'hun deur op slot gooiden' en daarna 'de deur slechts op een kier zetten'. Onzekerheid over de toekomst maakt dat zij terughoudend zijn met het bezetten van functies. De beoogde daling van 2% van de cliëntaantallen bleek niet haalbaar. Het jaar 2020 is voor geheel ISD BOL afgesloten met een toename van de cliëntaantallen van 3,1%. Het resultaat voor de gemeente Brunssum was - 0,9%, hetgeen een stuk beter was dan voor Beekdaelen (+ 9,3%) en Landgraaf (+ 5,6%).

2 van 5

3.c.2. Programmabegroting 2022 e.v. Omvang van het budget BUIG De laatste jaren daalde het BUIG-budget voor de gemeente Brunssum. Door de Coronacrisis is daar in 2020 verandering in gekomen en is het BUIG-budget voor Brunssum voor 2020 én 2021 naar boven bijgesteld. Het budget voor 2021 (e.v.) is het voorlopig vastgestelde budget. In hoeverre het macrobudget vanaf 2021 zal worden bijgesteld is op dit moment nog niet in te schatten. Voor de omvang van het BUIG-budget (gebundelde uitkering Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004) geeft het ministerie aan de gemeenten geen meerjarenbeschikkingen af. Voor 2022 en de jaren daarna is de begroting daarom gebaseerd op het voorlopig vastgestelde BUIGbudget 2021. Klantaantallen In het meerjarenbeleidsplan 2018-2022 van ISD BOL werd er van uit gegaan dat het cliëntenbestand in deze 5 jaar met 10% zou gaan afnemen, dus met zo'n 2% per jaar. Deze doelstelling is voor de gemeente Brunssum al in het eerste jaar bereikt. De doelstelling van een afname van jaarlijks 2% blijft voor de gemeente Brunssum echter staan! Ondanks de coronatijd waar wij nu in zitten en de effecten die dit mogelijk heeft op de arbeidsmarkt blijven wij in 2022 inzetten op een afname van de cliëntaantallen met 2%.

Indien nieuwe ontwikkelingen daartoe aanleiding geven, zullen de prognoses op de ontwikkeling van de cliëntaantallen via de normale Planning & Control-cyclus van ISD BOL aangepast worden. Brunssum PW Absoluut

Realisatie 2020 -0,9% 736

2021 -2,00% 721

2022 -2,00% 708

2023 708

2024 708

2025 708

Maatschappelijke participatie De monitoring op de uitgaven voor het minimabeleid blijft ook voor 2022-2025 belangrijk. Bij deze regelingen is immers sprake van openeindregelingen. Bedrijfsvoering ISD BOL blijft zoeken naar efficiëntere manieren van werken en samenwerken, intern en extern en verdere professionalisering van de organisatie. Voor de toekomstige bedrijfsvoering is men op zoek gegaan naar innovatieve werkwijzen, waaronder digitale dienstverlening en analyse gestuurd werken. Daarnaast zal de overheveling van reintegratietaken naar Betere Buren leiden tot lagere salariskosten bij ISD BOL. d. Opties en keuze In feite zijn er 3 opties: 1. Bezwaar maken bij het AB van ISD BOL; 2. Geen bezwaar maken en een zienswijze afgeven; 3. Geen bezwaar maken en geen zienswijze afgeven. Het college adviseert de raad om geen bezwaar te maken en bijgaande zienswijze af te geven (optie 2). Ambtelijk is aan ISD BOL kenbaar gemaakt dat het voor uw gemeenteraad niet mogelijk is om binnen 2 maanden na verzending van de stukken uw zienswijze te geven. Er is afgesproken dat ISD BOL uw zienswijze per omgaande na de raadsvergadering van 25 mei 2021 ontvangt, waarmee uw zienswijze alsnog wordt meegenomen bij de definitieve vaststelling van de jaarstukken en programmabegroting in het AB van 23 juni 2021. 4.

Bijlagen - 979817: ISD BOL Jaarverslag en Jaarrekening 2019 - 979812: ISD BOL Programmabegroting 2021 e.v. - 1065108: Zienswijze ISD BOL Jaarstukken 2019 en Programmabegroting 2021 e.v.

Het college van burgemeester en wethouders,

3 van 5

Burgemeester

Secretaris

4 van 5

Raadsbesluit Gemeenteblad nr. : 2021/32 Afdeling : Maatschappelijke ontwikkeling Registratiekenmerk : 1065098

De Raad van de gemeente Brunssum gemeentebladnummer 2021/32; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 april 2021, afdeling Maatschappelijke ontwikkeling gelet op het bepaalde in de Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL; Besluit: 1. 2.

Kennis te hebben genomen van de Jaarstukken 2020 en de Programmabegroting 2022 e.v. ISD BOL; Bijgaande zienswijze af te geven.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

De Raad voornoemd,

Voorzitter

griffier

5 van 5

1 Raadsvoorstel 32 (bijlage) jaarstukken 2020 ISD BOL.pdf

Jaarstukken 2020 versie 2.1 17 maart 2021

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 2 van 131

versie 2.1

Inhoudsopgave SAMENVATTING

6

INLEIDING EN LEESWIJZER

9

ALGEMEEN

11

Ontwikkeling cliëntaantallen

11

Monitoring

21

Monitoring 1:

De instroomreden per doelgroep

21

Monitoring 2:

De inzet van de preventiemedewerker aan de poort

22

Monitoring 3:

Het beperken van de instroom aan de poort

23

Monitoring 4:

De uitgaven op de bijzondere bijstand en minimabeleid

24

Monitoring 5:

De uitgaven op het Participatiebudget (W-deel)

26

Monitoring 6: De uitgaven op de LKS, additionele kosten en kosten persoonlijke ondersteuning 29 Monitoring 7: bedrag

Het aantal uitkeringen met inkomstenkorting en de hoogte van het gekorte 30

Monitoring 8:

De inzet van trajecten voor laaggeletterdheid

Monitoring 9:

De bevordering van de financiële kracht

31 32

Monitoring 10: De uitstroomreden uit de uitkering

33

Monitoring 11: De ziekteverzuimcijfers

35

JAARVERSLAG

36

1.1 PROGRAMMAVERANTWOORDING

37

1.1.1 Bevorderen uitstroom

38

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan

38

Activiteit 1:

Uitstroom van de doelgroep 80 – 100 werkfit

38

Activiteit 2:

Verkleinen van de afstand tot de arbeidsmarkt door ISD BOL

40

Wat heeft het gekost

41

1.1.2 Beperken instroom

42

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan

42

Activiteit 3:

Fraudebestrijding

42

Activiteit 4:

Kwetsbare jongeren – VSO PRO

44

Wat heeft het gekost

45

1.1.3 Maatschappelijke participatie

46

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan

46

Wat heeft het gekost

46

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 3 van 131

versie 2.1

1.1.4 Bedrijfsvoering

47

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan

47

Activiteit 5:

47

Debiteurenontvangsten

Wat heeft het gekost

48

Overzicht van de kosten van overhead

49

Vennootschapsbelasting

49

Onvoorzien

49

1.1.5 Projecten

50

Wat hebben we bereikt en wat hebben we daarvoor gedaan

50

Wat heeft het gekost

60

1.2 DE PARAGRAFEN

60

1.2.1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing

61

1.2.2 Financiering

67

1.2.3 Bedrijfsvoering

70

1.2.4 Covid-19

72

JAARREKENING

78

2.1 OVERZICHT VAN BATEN EN LASTEN

79

2.1.1 Cumulatief overzicht

79

2.1.2 Analyse op hoofdlijnen

81

2.1.3 Toerekening salarissen naar de kerntaken

82

2.1.4 Kerntaak: bevorderen uitstroom

86

2.1.5 Kerntaak: beperken instroom

89

2.1.6 Kerntaak: maatschappelijke participatie

96

2.1.7 Financiële verantwoording bedrijfsvoeringskosten

100

2.1.8 Financiële verantwoording projecten

104

2.2 BALANS EN TOELICHTING

107

2.2.1 Balans en grondslagen

107

2.2.2 Toelichting op de balans

111

2.2.3 Informatie Wet normering topinkomens (WNT)

115

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 4 van 131

versie 2.1

2.2.4 SiSa

117

2.2.5 Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld

118

2.2.6 Overzicht incidentele baten en lasten

118

BIJLAGEN

119

A. Verdeling kosten

120

B. Gerealiseerde baten en lasten per gemeente

121

C. Beleidsindicatoren

125

D. Overzicht compensabele BTW

128

E. Specificaties per gemeente

129

F. Lijst van afkortingen

130

G. Vaststellingsbesluit

131

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 5 van 131

versie 2.1

Samenvatting Voor u liggen de ‘Jaarstukken 2020’ van ISD BOL. Met het vaststellen van deze jaarstukken legt het Dagelijks Bestuur van de ISD BOL verantwoording af over het gevoerde beleid in 2020. Vorig jaar is de indeling van de jaarstukken flink op de schop genomen. Dit boekwerk sluit hierop aan. Met deze nieuwe indeling voldoen de jaarstukken, na afstemming met de accountant, geheel aan de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Om de leesbaarheid te vergroten is een uitgebreide inleiding en leeswijzer opgenomen en deze samenvatting. Begin 2020 is een nieuw rekeningschema vastgesteld. Hierdoor heeft er een herbudgettering van de producten plaatsgevonden. De jaarrekening 2019 alsook de begroting 2020 waren nog in het oude rekeningschema opgemaakt. Deze cijfers zijn opgenomen in de tabellen. Echter, om een goed vergelijk te kunnen maken met de cijfers uit de jaarrekening 2019 en de begroting 2020 zijn deze ook cijfers omgezet naar het nieuwe rekeningschema in de kolom ‘geconverteerd’. Deze laatste cijfers waren overigens ook al opgenomen in de 1e en 2e BERAP. De jaarstukken zijn opgebouwd uit 2 delen: het jaarverslag en de jaarrekening. 

Het jaarverslag gaat in op de realisatie van de beleidsvoornemens zoals deze in het Bedrijfsplan 2020 zijn opgenomen. Het jaarverslag valt uiteen in de programmaverantwoording en de paragrafen. De programmaverantwoording bevat een beschrijving van de realisatie van de doelstellingen. In de paragrafen is de realisatie weergegeven over een aantal specifieke onderwerpen. Deze onderwerpen zijn gelijk aan de onderwerpen zoals die ook in de begroting 2020 waren opgenomen.

Met de jaarrekening 2020 leggen wij verantwoording af over de financiële resultaten over het jaar 2020. Het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening bevat naast een analyse op hoofdlijnen een toelichting per kerntaak over de realisatie van baten en lasten. In deze toelichting worden de cijfers uit de bijgestelde begroting (2e BERAP ISD BOL 2020) vergeleken met de daadwerkelijk gerealiseerde cijfers in 2020.

Jaarverslag Het jaarverslag besteedt uitgebreid aandacht aan de ontwikkeling van de cliëntaantallen. Het jaar 2020 is afgesloten met een toename van de cliëntaantallen van 3,1%. We zien wel grote verschillen tussen de gemeenten: 

Gemeente Brunssum:

- 0,9%

Gemeente Beekdaelen: + 9,3%

Gemeente Landgraaf:

+ 5,6%

De doelstelling van ISD BOL was om een daling van 2% van de cliëntaantallen te realiseren in 2020. Meteen aan het begin van het jaar werd ook een dalende lijn ingezet, de coronamaatregelen die in maart 2020 van kracht werden maakten hier vrijwel direct een einde aan. Ook zien we dat sinds half maart de cijfers voortdurend fluctueren met daarbij ook nog grote verschillen tussen de gemeenten. Voor de gemeente Brunssum ligt het zwaartepunt van de afname in 2020 van de cliëntaantallen in de toename van de niet beïnvloedbare uitstroom. Te denken valt hierbij aan verhuizingen, bereiken pensioengerechtigde leeftijd enz.. Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 6 van 131

versie 2.1

Voor de gemeente Beekdaelen ligt het zwaartepunt van de toename in 2020 van de cliëntaantallen met name in de sterke toename van de instroom. Meest opvallende toegenomen instroomredenen zien we bij beëindiging studie, einde inkomsten uit arbeid/dienstbetrekking en verhuizing vanuit het buitenland. Voor de gemeente Landgraaf ligt het zwaartepunt van de toename in 2020 van de cliëntaantallen eveneens in de toename van de instroom. Meest opvallende toegenomen instroomredenen zien we bij beëindiging huwelijk/relatie, einde inkomsten uit arbeid/dienstbetrekking en verhuizing vanuit het buitenland. Jaarrekening In onderstaande tabel is een samenvatting opgenomen van de grootste afwijkingen per gemeente over het jaar 2020. De realisatie wordt hierbij vergeleken met de begrotingscijfers uit de 2e BERAP. In het hoofdstuk 2.1 bij de verschillende kerntaken zijn de afwijkingen uitgebreid toegelicht.

bedragen in Euro Las ten w-deel trajecten incl. inzet betere buren Bbz gevestigd uitk. levensond. om niet Bbz gevestigd kapitaalverstrekking rentedragend Bbz starters uitk. levensond. om niet Bbz starters uitk. levensond. renteloos Periodieke uitkeringen PW Periodieke uitkeringen IOAW Periodieke uitkeringen IOAZ Loonkostensubsidie Salariskosten beperken instroom Inrichtingskosten statushouders (c) Overige voorzieningen voor wonen (c) Individuele inkomenstoeslag (k) Maatschappelijke participatie (j) Bewindvoering (e) Overige bijzondere bijstand (g), (i), (l) Salariskosten maatschappelijke participatie Minderkosten bedrijfsvoering diverse kleine afwijkingen

bijgest el de begroting

708.620 44.000 68.000 66.000 -8.000 27.473.368 1.240.000 180.000 745.000 2.765.472 15.000 46.000 452.000 358.000 1.555.000 82.500 274.942 4.056.281 0

ISD BOL werk el ijk

651.126 13.722 37.000 36.022 11.126 26.629.537 1.187.936 155.694 724.081 2.451.032 26.923 60.544 477.302 338.250 1.561.435 6.550 248.236 3.699.217 0

Saldo generaal *

Per gemeente s aldo

Bruns s um

Beek daelen

Landgraaf

57.494 30.278 31.000 29.978 -19.126 843.831 52.064 24.306 20.919 314.440 -11.923 -14.544 -25.302 19.750 -6.435 75.950 26.706 357.064 22.513

36.314 10.000 26.000 5.870 -3.012 807.460 24.099 -2.552 -1.855 129.006 -3.421 -4.650 -1.537 8.300 25.055 32.904 10.957 154.497 2.477

35.988 0 24.000 0 2.000 2.678 12.593 15.636 17.097 22.095 155 -1.552 60 6.950 -1.676 500 1.877 10.771 3.501

-14.809 20.278 -19.000 24.108 -18.115 33.692 15.372 11.222 5.676 163.338 -8.657 -8.343 -23.825 4.500 -29.814 42.546 13.872 191.796 16.535

1.828.961

1.255.913

152.674

420.374

* een positief saldo betekent een teruggave voor de gemeente Enkele opvallende zaken in de tabel zijn: -

Er is in totaal € 1.013.250 bespaard op de BUIG. Met name bij het PW I-deel is er voor Brunssum een hoge onderuitputting (zie hoofdstuk 2.1.5).

-

De toegerekende salariskosten op het beleidsterrein beperken instroom waren € 314.440 lager dan begroot (zie hoofdstuk 2.1.3).

-

De kosten van bedrijfsvoering waren € 357.064 lager. Dit zijn met name de lagere toegerekende salarislasten, lagere uitgaven op het budget automatisering en Overige personeelskosten (zie hoofdstuk 2.1.7).

-

Enkel de afwijkingen groter dan € 10.000 zijn opgenomen in deze tabel. Daardoor is er nog een regel toegevoegd ‘diverse kleine afwijkingen’ zodat het bedrag per gemeente exact aansluit bij de tabellen in bijlage B “Gerealiseerde baten en lasten per gemeente”.

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 7 van 131

versie 2.1

Door een maximale inspanning zijn wij erin geslaagd het jaar 2020 met een positief resultaat af te sluiten. In totaal zijn de werkelijke lasten € 1,8 miljoen lager dan geraamd in de 2e BERAP. Deze middelen vloeien terug naar de deelnemende gemeenten. Wij zijn dan ook tevreden over de behaalde resultaten.

Het Dagelijks Bestuur

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 8 van 131

versie 2.1

Inleiding en leeswijzer Inleiding Voor u liggen de ‘Jaarstukken 2020’ van ISD BOL. Met het vaststellen van deze jaarstukken legt het Dagelijks Bestuur van de ISD BOL verantwoording af over het gevoerde beleid in 2020. De jaarrekening van ISD BOL is tot stand gekomen zoals bedoeld in artikel 24 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL en voorziet tevens in de informatie van het beleidsplan zoals bedoeld in artikel 19 lid 5 van de Gemeenschappelijke Regeling ISD BOL en maakt onderdeel uit van de jaarstukken. De ’Jaarstukken 2020’ zijn samengesteld volgens de voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De opzet van de jaarstukken sluit aan bij de opzet van de programmabegroting 2020 en de daarop gebaseerde 1e en 2e BERAP 2020. In de jaarstukken wordt verantwoording afgelegd over heel 2020. Zowel de beleidsmatige als de financiële realisatie worden afgezet tegen de voornemens van de (bijgestelde) begroting en het onderliggende bedrijfsplan. Daarbij vindt de beleidsmatige verantwoording plaats in het jaarverslag en de financiële verantwoording in de jaarrekening. Het jaarverslag en de jaarrekening maken onderdeel uit van de Planning & Control-cyclus. Planning en control staan centraal ten aanzien van het beheersen van de bedrijfsvoering.

De planning wordt afgestemd op de missie, visie, maatschappelijke effecten en de hieruit afgeleide doelen. De beheersing vindt plaats door verantwoording af te leggen over de realisatie van de doelen en indien nodig actief bij te sturen. De verantwoording wordt toegepast op zogenaamde afwijkingen en/of relevante onderwerpen die van groot belang zijn voor de organisatie. Deze onderwerpen kunnen van politiek belang zijn of vormen een kans of bedreiging voor de bedrijfsvoering van ISD BOL. De P&C-cyclus bestaat uit meerdere documenten (begroting, beleidsplan, bedrijfsplan, bestuursrapportages en jaarstukken). De volgtijdelijkheid van de verschillende documenten is belangrijk. Aangezien ISD BOL een gemeenschappelijke regeling is, ligt de productie van de jaarstukken, de 1e bestuursrapportage (BERAP) en begroting dicht op elkaar. Gevolg hiervan is dat de ontwerpbegroting 2020 al in maart 2019 is opgesteld. In de 2e BERAP ISD BOL 2020 is de begroting 2020 bijgesteld naar de op dat moment meest actuele situatie. Leeswijzer De jaarstukken bestaan uit 2 onderdelen: het jaarverslag en de jaarrekening. Beide onderdelen kunnen afzonderlijk geraadpleegd worden. Het jaarverslag gaat in op de beleidsinhoudelijke realisatie en de jaarrekening op de financiële realisatie over 2020.

Wie vooral geïnteresseerd is in de realisatie van beleid kan rechtstreeks naar het jaarverslag naar de betreffende programmaverantwoording gaan. Wie vooral geïnteresseerd is in cijfers en analyses kan rechtstreeks naar de jaarrekening gaan.

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 9 van 131

versie 2.1

Het jaarverslag sluit zo nauw mogelijk aan bij de maandelijkse managementrapportages en de 1e en 2e bestuursrapportage ISD BOL en zijn gebaseerd op het vastgestelde Bedrijfsplan 2020, waarbij het stramien van de programmabegroting wordt gevolgd. Conform dit stramien wordt gerapporteerd over de drie kerntaken te weten: kerntaak bevorderen uitstroom, kerntaak beperken instroom en kerntaak maatschappelijke participatie. Het Bedrijfsplan 2020 is de uitwerking van het Beleidsplan 2019-2022: "Iedereen doet mee naar vermogen". In het Bedrijfsplan 2020 ISD BOL zijn 11 monitoringen en 5 beleidsinhoudelijke activiteiten opgenomen waarover we in dit jaarverslag rapporteren. Door op deze wijze te rapporteren wordt de verbinding gelegd tussen alle P&C-documenten van de ISD BOL. Hiermee wordt invulling gegeven aan de PDCA-cyclus voor de P(lanning) & C(ontrol)documenten en wordt over het hele verslagjaar gelijkluidend gerapporteerd. De structuur van de jaarstukken is als volgt weer te geven: Jaarstukken 1 Het jaarverslag 1.1 Programmaverantwoording 1.2 Paragrafen 2 De jaarrekening 2.1 Overzicht van baten en lasten 2.2 Balans en toelichting 3 Bijlagen Het jaarverslag valt uiteen in de programmaverantwoording en de paragrafen. De programmaverantwoording bevat per kerntaak een realisatie van de doelstellingen zoals deze in het bedrijfsplan 2020 waren opgenomen.

In de paragrafen is de realisatie weergegeven over een aantal specifieke onderwerpen. De jaarrekening valt uiteen in het overzicht van baten en lasten en de balans met toelichting. In het overzicht van baten en lasten krijgt u inzicht in de totstandkoming van het resultaat. Het bevat naast een analyse op hoofdlijnen van het resultaat een toelichting per kerntaak over de gerealiseerde baten en lasten. In de balans en toelichting wordt de vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling per 31 december 2020 geschetst. Ten slotte zijn in de bijlagen een aantal overzichten op detailniveau opgenomen die als achtergrondinformatie kunnen dienen. Vanaf paragraaf 1.1.4 zult u naast de reeds vertrouwde tabellen, ook tabellen aantreffen die blauw gemarkeerd zijn. Naar het oordeel van de accountant zijn dit additionele tabellen die in het kader van een correcte toepassing van de BBV eveneens opgenomen dienen te worden. Ter informatie: daar waar Beekdaelen wordt vermeld wordt het deelgebied van het voormalig postcodegebied Onderbanken bedoeld binnen de gemeente Beekdaelen.

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 10 van 131

versie 2.1

Algemeen In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de ontwikkeling van de cliëntaantallen. Het resultaat van de ontwikkeling cliëntaantallen wordt per deelnemende gemeente van ISD BOL weergegeven. Tevens wordt inzicht gegeven in de cliëntontwikkeling binnen de regio. Tot slot is in dit hoofdstuk de verantwoording opgenomen van de 11 monitoringen die opgenomen waren in het Bedrijfsplan 2020.

Ontwikkeling cliëntaantallen

Het jaar 2020 eindigde totaal anders dan dat het begon. In februari 2020 werd de eerste COVID-19-besmetting in Nederland geconstateerd en vanaf maart 2020 werd en wordt het leven in Nederland maar door één ding gedomineerd: COVID-19. Het toeslaan van het COVID-19 virus en de daarop volgende pandemie heeft mondiaal gezien vele mensenlevens op de kop gezet, veroorzaakt acute economische neergang en leidt mondiaal tot massale werkloosheid en verlies van werkgelegenheid. Ook Nederland heeft te kampen met de gevolgen van de pandemie. Bij het opstellen van deze jaarstukken bevindt Nederland zich dus nog steeds in een gedeeltelijke Lock down en zijn de vooruitzichten nog altijd onduidelijk. Ook economisch gezien heeft deze pandemie grote gevolgen. Weliswaar heeft de overheid met een snelle inzet van steunmaatregelen in het tweede kwartaal van 2020 een verder oplopende werkloosheid nog (tijdelijk) kunnen voorkomen, maar deze maatregelen zijn eindig. Deze crisis is anders dan alle eerdere crises, het verdere verloop ervan valt nauwelijks te voorspellen. Wat vaststaat is dat de coronacrisis de arbeidsmarkt in ieder geval tijdelijk, maar mogelijk ook permanent verandert. Uiteraard heeft de coronacrisis ook invloed op de ontwikkeling van de cliëntaantallen van ISD BOL. Daarbij zijn er factoren die een effect hebben op een hogere instroom maar ook op de lagere uitstroom.

We zien een verhoogde instroom doordat: 

In de beroepen die het hardst werden getroffen door de corona-maatregelen (detailhandel zoals winkelpersoneel, dienstverlenende beroepen zoals bediening (horeca) en schoonmaak) veel wordt gewerkt met flex-contracten. En het zijn vooral de flexwerkers die als eerste hun werk verliezen in crisistijden en

Veel van de werkzaamheden in de detailhandel en dienstverlenende beroepen worden uitgevoerd door jongeren. Zij hebben bij ontslag veelal geen of nauwelijks WW-rechten opgebouwd en stromen dan (vrijwel) direct in de bijstand. Wij zien dan ook een verhoogde instroom van jongeren in de bijstand.

Wij zien een lagere uitstroom doordat: 

Re-integratietrajecten en ontwikkeltrajecten zijn stilgelegd, vooral in de periode van de eerste Lock down. Hierdoor kwam de in gang gezette ontwikkeling c.q. bemiddeling van cliënten richting arbeidsmarkt tot stilstand. In de loop van 2020 zijn deze trajecten mondjesmaat weer opgepakt, door de contact-beperkende maatregelen die corona met zich meebrengt worden deze voortgezet in afgeslankte vorm. Wat inhoudt dat er enerzijds minder cliënten kunnen deelnemen aan deze trajecten en anderzijds de

Jaarstukken ISD BOL 2020

Pagina 11 van 131

versie 2.1

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Brunssum&id=8a48e491-16f5-4cc1-8170-5dcb7ed02273