2.0 20220412 BH9023 Rapportage Mobiliteitsplan Brunssum 2022-2032.pdf
Tekst van het document
Projecten Naast de benoemde voorgenomen inspanningen om het fietsenaantrekkelijker, veiliger en comfortabeler te maken, gaat de gemeente aan de slag met een aantal projecten:
Uitwerking Nationaal Toekomstbeeld Fiets (NTF) - Het Nationaal Toekomstbeeld Fiets richt zich op nieuwe fietsinfrastructuur en op het wegnemen van knelpunten van bestaande fietsinfrastructuur Regionaal Utilitair Fietsnetwerk (RUF)– Ontbrekende schakels en knelpunten uit het RUF worden de komende jaren onderzocht en uitgewerkt Fietsstraten: de gemeente onderzoekt de mogelijkheid meer straten in te richten als fietsstraat Het e-bike vriendelijk maken van de gemeente, door te voorzien in voldoende laadinfrastructuur en fietsparkeerplaatsen Het uitwerken en uitbreiden van het Velocity deelfietsenprogramma in de toekomst
Figuur 6. “Rondom Brunssum” fietsknooppunten (bron: Fietsknoop)
Openbaar Vervoer Samengevat
Er speelt een aantal ontwikkelingen op het gebied van openbaar vervoer (OV) in Brunssum, waaronder: Realisatie OV-knooppunt Brunssum bij de Wilhelminastraat en de routeverstrakking Meelovenstraat/Prins Hendriklaan Zelfredzaamheid en zelfstandige mobiliteit zijn belangrijke voorwaarden om volwaardig deel te kunnen nemen aan de maatschappij. Om het OV in Brunssum zo goed mogelijk te laten functioneren, draagt de gemeente als wegbeheerder zorg voor goede infrastructuur om de toegankelijkheid van het openbaar vervoer op orde te hebben.
Algemeen 23
Arriva en de provincie Limburg (bevoegd gezag) zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor het openbaar vervoer in Limburg. Zij stellen de kaders voor wat er binnen de OV-concessie (het Limburgnet) mogelijk is. De opgave voor het openbaar vervoer is steeds om zoveel mogelijk mensen te vervoeren met de beschikbare middelen en zo een OV-aanbod te creëren dat zoveel mogelijk aansluit bij de verplaatsingsbehoeften van de grootste groepen reizigers.
Huidige situatie Brunssum Brunssum is een belangrijke schakel in het noordoosten van het OV-netwerk in Parkstad. De OV-reizigers in Brunssum zijn georiënteerd op twee belangrijke hoofdrichtingen: Heerlen en Sittard. Daarnaast is een gedeelte georiënteerd op de richting Hoensbroek. Het huidige OV-netwerk is ingericht op deze collectieve behoefte en het huidige busnetwerk biedt deze stedelijke en regionale verbindingen momenteel al aan.
Stadsnetwerk Parkstad De gemeente is onderdeel van het - in december 2020 - vernieuwde stadsnetwerk Parkstad en beschikt hiermee over: Een sterke verbinding (lijn 3) naar Heerlen (hoogfrequent en snel, ieder kwartier met een reistijd van ongeveer 15 minuten); Een ringlijn (lijn 2-56) die de gemeente Brunssum ontsluit met de regio en het busstation van Hoensbroek. Lijn 56 biedt een directe regionale verbinding met Nuth/Valkenburg/(Maastricht). Hiermee kunnen reizigers zich snel verplaatsen naar belangrijke bestemmingen in de regio zoals het ziekenhuis, de onderwijsboulevard en het treinstation in Heerlen maar biedt het stadsnetwerk ook al de opstap richting de regio.
24
Streeklijnen richting Sittard Naast het stadsnetwerk Parkstad vormen twee streeklijnen een belangrijke functie voor Brunssum in de richting Sittard waarmee Brunssum elk half uur een directe reisoptie heeft naar Sittard. Deze streeklijnen rijden momenteel via de kernen Schinveld, Jabeek, Bingelrade, Merkelbeek en Doenrade. Ze vormen hiermee een belangrijke regionale verbinding voor studenten en scholieren die studeren aan de diverse onderwijsinstellingen (o.a. Sportzone, Brightlands Chemelot Campus) in Sittard maar bieden ook de aansluiting van Brunssum op de intercity’s naar Eindhoven en verder via station Sittard.
Figuur 7. Overzicht bus routesen Brunssum en ontwikkelingen voor OV Vooral binnen deze studenten, forenzen sociaal-recreatieve reizigers.
Streeklijn Buitenring N300 Brunssum-Landgraaf-Kerkrade In de huidige Concessie heeft de provincie Limburg gekozen om geen directe verbindingen tussen Brunssum-Landgraaf-Kerkrade (via het buitenring tracé) uit te vragen. Deze keuze is gemaakt omdat met de beschikbare middelen een sterk en krachtig aanbod van openbaar vervoer op het OV-netwerk op de hoofdassen in Parkstad aanwezig moet zijn. Voor een directe verbinding Brunssum-Landgraaf-Kerkrade via de Buitenring N300 worden namelijk te weinig reizigers verwacht om deze directe nieuwe verbinding te rechtvaardigen. Voor een stabiele OV-verbinding zijn namelijk verschillende soorten doelgroepen nodig, hierbij valt te denken aan: scholieren,
structurele doelgroepen zijn momenteel weinig relaties tussen de desbetreffende gebieden die langs de Buitenring liggen. Door maximaal in te zetten op de gevraagde verbindingen van/naar/via Heerlen en de stedelijke knooppunten (Hoensbroek busstation, Parkstad Stadion, Kerkrade Busstation) ontstaan hier duidelijke, sterke en aantrekkelijke OV-assen. Het inleggen van een extra kriskras verbinding via de Buitenring leidt ook tot een verschuiving en een nieuwe verdeling van het OV-aanbod in Parkstad, waardoor deze sterke assen moeten inleveren op bijvoorbeeld frequentie (aantal bussen per uur). Hierdoor verliest het OV per saldo zijn aantrekkelijkheid in het totale gebied in en rondom Parkstad. Daarnaast biedt het huidige netwerk een mogelijkheid om tussen de genoemde bestemmingen te reizen, al dan niet met een overstap op een van de knooppunten.
Toekomstige ov-ontwikkelingen in Brunssum Naast de generieke ontwikkelingen die het Ontwikkelplan OV schetst voor Limburg zijn er een aantal specifieke (toekomstige) ontwikkelingen van toepassing voor Brunssum: 1.Stadsnetwerk Parkstad In het kader van de doorontwikkeling van het OV is de eerste stap voor Parkstad al in december 2020 gezet door de introductie van het nieuwe stadsnetwerk Parkstad. In de komende jaren wordt het netwerk verder geoptimaliseerd.
25
2. Verbinding Sittard - Brunssum De regionale streeklijnen richting Sittard zijn onderdeel van het verder opwaarderen van lijnen. Op dit moment wordt met de omgeving onderzocht of de routes kunnen worden versneld in de kernen Schinveld, Jabeek en Bingelrade. Hiermee zou de reistijd naar Sittard voor reizigers uit Brunssum met 6 tot 8 minuten kunnen versnellen waardoor er ruimte ontstaat voor betere en wellicht meer aansluitingen in zowel Brunssum als Sittard. 3. OV-Overstapstation Op dit moment beschikt de gemeente nog niet over een centraal gelegen OVknooppunt, terwijl dit gezien de overstapmogelijkheden en de schakelfunctie tussen stedelijke en regionale verbindingen in Brunssum wel gewenst is. Daarnaast zou een dergelijk knooppunt ook een functie kunnen vervullen in het verbeteren van het voor- en natransport van reizigers. Vergelijkbare succesvolle regionale knooppunten zijn al aanwezig in het stadsnetwerk Parkstad zoals het busstation Hoensbroek of het busstation bij het Parkstad Limburg Stadion. Om een regionale knooppunt in Brunssum te kunnen realiseren zijn er diverse locaties in het centrum onderzocht op de haalbaarheid ervan. Voorwaarde is dat er een locatie ontwikkeld wordt waar gelijktijdig vier lijn- en of streekbussen kunnen halteren. De drie beoogde locaties waren het Wilhelminaplein (huidige bushaltes), het Alsdorfplein en het Koutenveld.
Uit de analyse is gebleken dat de voorkeurslocatie uitgaat naar de huidige locatie: het Wilhelminaplein. In bijlage 4 wordt dit ter informatie nader toegelicht.
4. Elektrificatie Brunssum heeft nu al een aantal lijnen die worden uitgevoerd met elektrische bussen (Zero Emmission-bussen). Naar de toekomst toe heeft Arriva de ambitie (tot 2026) om een volledige transitie naar ZE vervoer te bewerkstelligen. Deze bussen zijn duurzamer, schoner, stiller en comfortabeler. 5.Bushalte Prins Hendriklaan Met Arriva is inmiddels overleg gestart over de toekomstige herinrichting van de Prins Hendriklaan in Brunssum Oost en mogelijke routeoptimalisatie met nieuwe vervangende haltes. Zie hiervoor ook figuur 7 waarbij een routeverstrakking Meelovenstraat nader onderzocht wordt.
Uitgangspunten OV en openbare ruimte: toegankelijk voor iedereen Vindbaarheid en bereikbaar: De vindbaarheid en bereikbaarheid van het OV is belangrijk. Brunssum zorgt daarom voor goede wandel- en fietspaden naar OVhaltes. Ook de bewegwijzering is daarbij op orde Halte inrichting: De gemeente is verantwoordelijk voor de inrichting van bushaltes. Het op orde brengen en houden van de halte inrichting, doen we volgens, de CROW-richtlijnen voor toegankelijkheid. OV en ruimtelijke ontwikkelingen: Bij herontwikkelings- of nieuwbouwprojecten, worden de kansen voor het openbaar vervoer afgewogen en moet worden gekeken hoe en of een ov-dienst als meerwaarde kan worden geïntegreerd. Wat vinden inwoners van Brunssum? Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: Er vraag is naar extra bushaltes bij de bouwmarkten aan de Emmaweg Het bus comfort wordt beperkt door de vormgeving van rotondes en hobbels en gaten in de weg
Projecten
De gemeente werkt verder aan de realisatie van een nieuw OV-Overstapstation op de Wilhelminastraat (zie ook bijlage 4) Brunssum werkt samen met Arriva aan het strekken van de bus route over de Prins Hendriklaan en het aanpassen van haltes als onderdeel daarvan
Mobiliteitsdiensten en Deelmobiliteit Samengevat
26
Aanvullend vervoer is constant in ontwikkeling, dat geldt zowel voor het aanvullend (WMO) vervoer, de Wensbus en de Boodschappen Plusbus De gemeente neemt zich voor om uitbreiding van deze diensten in de komende jaren te stimuleren en te faciliteren, als antwoord op de toenemende mobiliteitsvraag vergrijzing en daarmee bij te dragen aan de inclusie van haar inwoners Deelmobiliteit in de vorm van elektrische deelfietsen en deelauto’s krijgt de komende jaren verder vorm. De gemeente denkt na over strategisch sterkte locaties voor deelmobiliteitsconcepten, waar mogelijk gecombineerd met OV en/of P+R locaties
Naast Lopen, Fietsen en Openbaar Vervoer, zijn Mobiliteitsdiensten het volgende thema in het Mobiliteitsplan. We volgen hiermee de lijn van de STOMP-methode (zie pagina 12). De focus op mobiliteitsdiensten, (ook wel deelmobiliteit genoemd) als volwaardig onderdeel van de mobiliteitsketen, past in de bredere maatschappelijke trend van ‘bezit’ naar ‘gebruik’. Het gaat bij deelmobiliteit om gedeeld gebruik van vervoersmiddelen, waardoor gebruikers alleen op de momenten dat zij daar behoefte aan hebben, deze vervoersmiddelen kunnen gebruiken. Hiervoor hoeven inwoners geen grote voorinvestering te doen in de vorm van bijvoorbeeld de aanschaf van een eigen auto. Deelmobiliteit biedt kansen voor het verbeteren van vraag gestuurde mobiliteit in landelijke kernen en voor personen met een beperkte mobiliteit. Juist op die locaties waar het openbaar vervoer beperkt aanwezig of toegankelijk is, kan een deelauto of -fiets voorzien in vervoersbehoeften. Inwoners worden door de aanwezigheid van deelmobiliteit flexibeler in het maken van keuzes voor vervoer. Daarnaast bieden bijvoorbeeld deelfietsen een mogelijkheid voor bezoekers en toeristen om de omgeving te ontdekken.
Bron: Qbuzz B.V Limburg
Bron: Stadsregio Parkstad Limburg
Daarnaast draagt het gebruik van deelmobiliteit bij aan de vermindering van de uitstoot van CO2 en fijnstof en het verhogen van de omgevingskwaliteit. Het realiseren van deelmobiliteit is een gezamenlijke ambitie van de regio Parkstad en Zuid-Limburg en wordt ook door gemeente Brunssum omarmd. Door hier samen in op te trekken, wordt beoogd om een regio brede dekking van aanbieders van deelmobiliteit te realiseren. Er vinden op het gebied van mobiliteitsdienten en deelmobiliteit een aantal ontwikkelingen plaats in Brunssum. We maken daarbij onderscheid in aanvullend vervoer en mobiliteitsconcepten.
gemeente. Bijvoorbeeld vervoer naar de huisarts, de markt, familie en het winkelcentrum. Met een subsidieregeling ondersteunt de Provincie Limburg vervoersprojecten georganiseerd door vrijwilligers, zoals de Wensbus. Deze vervoersprojecten dragen bij aan de leefbaarheid en bereikbaarheid van kleine kernen en voorzieningen in landelijke gebieden en wijken en buurten in stedelijke gebieden in Limburg. Het is met deze subsidieregeling mogelijk om in elk geval tussen 2021 en 2024 financiering aan te vragen om het aanvullend vervoersnetwerk uit te breiden, door aanschaf van nieuwe toekomstbestendige bussen.
1. Aanvullend vervoer
Ouderenfonds – Boodschappen Plusbus
Het aanvullend vervoer betreft de mobiliteitsdiensten die verder gaan dan het OV bereikt en een meer specifieke doelgroep heeft: ouderen en personen met beperkte mobiliteitsmogelijkheden.
Voor ouderen in de gemeente is een volwaardige deelname aan de maatschappij gestoeld op een goede mobiliteit. Het Ouderenfonds Nederland heeft daarom het initiatief Boodschappen Plusbus ingesteld. Dit initiatief is ook in Brunssum beschikbaar. Met de Boodschappen PlusBus kunnen ouderen erop uit middels een door vrijwilligers gerunde vervoersdienst. Vrijwilligers verzorgen daarvoor eveneens dagprogramma’s in de omgeving, de planning en het rijden met de bus. Ouderen kunnen bijvoorbeeld mee naar de supermarkt, een museum of het strand. In de bus is ruimte voor rollators en soms ook voor een rolstoel. Deze dienst wordt aangeboden tegen een kleine vergoeding. Gemeente Brunssum ziet erop toe dat deze initiatieven in de komende jaren beschikbaar blijven en zich kunnen uitbreiden, ten behoeve van een goede mobiliteit in een vergrijzende gemeente. Daarvoor spant ze zich in samen met de wijkteams, de regio en de provincie en met de betreffende vervoersdiensten.
WMO - Omnibuzz 27
Bij een vergrijzende bevolking en voor inwoners met een beperkte mobiliteit, biedt het aanbieden van aanvullend vervoer door de gemeente een uitgelezen kans om de bereikbaarheid van voorzieningen te vergroten. Omnibuzz is een gemeenschappelijke regeling van 30 Limburgse gemeenten en draagt zorg voor een goede uitvoering van het Wmo-vervoer in en tussen gemeenten en over de grens. Omnibuzz zorgt ervoor dat haar klanten goed vervoerd worden en daardoor deel kunnen blijven nemen aan maatschappelijke activiteiten. De gemeente zoekt met Omnibuzz naar verbeteringen, zodat ook in de toekomst het Wmo-vervoer voor iedereen die het recht om het te gebruiken, het ook beschikbaar is
CMWW – Wijk Belbus Naast Omnibuzz gaat de gemeente verder met het uitbreiden van de kansen voor vervoer via de Wijk Belbus. De Wijk Belbus is een initiatief van het CMWW, bedoeld voor minder mobiele inwoners van de gemeente met een hulpvraag op het gebied van vervoer. Het gaat om inwoners die niemand in hun eigen netwerk hebben om zich te laten vervoeren. Zij kunnen tegen een kleine vergoeding gebruik maken van deze door vrijwilligers gerunde vervoersdienst. Met de Wijk Belbus, kunnen inwoners van Brunssum, ritjes maken naar een gewenste bestemming in de
2. Mobiliteitsconcepten De mobiliteitsconcepten zijn aanvullend aangeboden modaliteiten, voornamelijk fietsen en auto’s, die inwoners en bezoekers van de stad kunnen gebruiken om van a naar b te komen. Door deze op strategische plekken te plaatsen, daar waar de vraag het grootst is, kan veel winst worden behaald in de mobiliteit van inwoners.
Deelfietsenplan Velocity
28
Zoals ook in het hoofdstuk ‘Fietsen’ is benoemd, speelt de fiets een belangrijke rol in de mobiliteitsketen. Het is een verbindende factor in relatie tot het openbaar vervoer en tussen voorzieningen. Het functioneel toepassen van de modaliteit past uiteraard binnen de ambitie om van Brunssum de 10-minuten wandel- en fietsstad te maken. Ondanks het feit dat de meeste inwoners van Brunssum over een fiets beschikken, zet de gemeente samen met de regio in op het uitbreiden van het fietsaanbod. Door het voor- en natransport met de fiets te faciliteren met goede routes en stallingsvoorzieningen wordt het gebruik van openbaar vervoer en deelmobiliteit verder bevorderd. Het initiatief Velocity is een fietsdeelsysteem waar in de regio Parkstad op verschillende strategische locaties elektrische deelfietsen beschikbaar worden gesteld. In eerste instantie gaat het in Brunssum om zo’n 12 fietsen die bij het busstation Akerstraat - Emmaweg worden geplaatst. Als de pilot succesvol blijkt, zullen ook op andere strategische plaatsen mogelijk elektrische deelfietsen worden geplaatst, bijvoorbeeld in het centrum of het Schutterspark. De aanleg van de laadstations voor deel-e-bikes maakt deel uit van het investeringsprogramma Regiodeal Parkstad Limburg en krijgt eveneens subsidie uit Brussel.
Het netwerk moet een aantrekkelijk, duurzaam en betaalbaar alternatief voor grensoverschrijdend autoverkeer in de grensregio Parkstad worden. In totaal worden tachtig e-bikes verdeeld over de regio. De regionale ambitie is om op termijn het e-bike-deelsysteem uit te breiden binnen Parkstad.
Figuur 8. Potentiële locaties deelfietsen in Brunssum en Velocity Deelfietsstation
Bron: Gemeente Vaals
Elektrische Deelauto Uit de inspraakronde onder inwoners van de gemeente, bleek dat op een aantal locaties en wijken er vraag is naar elektrische deelauto’s. Het aandeel deelauto’s is in Parkstad 10 keer lager dan het gemiddelde in Nederland (4 per 100.000 inwoners tegenover 41 in Nederland). Brunssum zet in op een inhaalslag en beoogt deelauto’s in te zetten waar ze specifieke behoeften van gebruikers invullen. Aanbieders van deelauto’s en deelfietsen zijn commerciële bedrijven. De overheid heeft een beperkte rol, maar kan de inzet van deelauto’s en deelfietsen stimuleren en faciliteren. De gemeente Brunssum zoekt daarom de samenwerking op met deze aanbieders en bepaalt met hen waar de grootste kansen liggen. Ze gaat daarbij in overleg met de regio en specifiek met de wijkteams.
29
Wat vinden inwoners van Brunssum? Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: Er is behoefte aan elektrische deelauto’s in verschillende woonwijken in de gemeente Er wordt voogesteld om Mobiliteits-hubs, overstapstations met bijvoorbeeld deelfietsen in het centrum van de gemeente te plaatsen en bij openbaar vervoer
Mobiliteitsdiensten en gedragsverandering
Projecten
Het succes van deelmobiliteit wordt niet bepaald door de technische oplossing (het vervoermiddel) maar is mede afhankelijk van ruimtelijke factoren en het (beoogde) gedrag van eindgebruikers. Veel inwoners van de gemeente Brunssum zijn (nog) niet bekend met deelmobiliteit. Om mensen in aanraking te laten komen met deelmobiliteit wordt gestimuleerd om mobiliteit op maat te gebruiken als bijvoorbeeld aanvulling op het openbaar vervoer of voor bezoekers van de stad. Stimuleringscampagnes. In samenwerking met Zuid-Limburg Bereikbaar en de regio Parkstad wordt de bekendheid met deelmobiliteit onder inwoners vergroot. Een eerste stap hierin is het uitvoeren van een promotiecampagne ten behoeve van Velocity. Maar er kan ook gedacht worden aan campagnes om carpoolen te stimuleren, of om met werkgevers in de regio in te zetten op deelmobiliteit.
De gemeente onderzoekt de haalbaarheid van het realiseren van meerdere Velocity deelfietsenstation binnen de gemeente De gemeente gaat met onder andere wijkteams en ondernemers inventariseren waar de behoefte aan elektrische deelauto’s speelt en hoe deze kan worden ingevuld
Gemotoriseerd verkeer, vracht- en landbouwverkeer Samengevat
30
De realisatie van de Buitenring biedt kansen om het wegennet voor autoverkeer aan te pakken. De afname van verkeer op voormalige hoofdroutes, maakt het mogelijk om verkeersoverlast tegen te gaan. Vracht- en landbouwverkeer zijn essentieel voor de bedrijvigheid en voorzieningen in de gemeente. Een toegankelijke en veilige omgang met deze vervoersmiddelen is daarom van belang. Het wegcategoriseringsplan sluit aan bij de regionale landbouw- en vrachtverkeerroutes De gemeente ambieert om stedelijke distributie te verduurzamen. Dit wil ze samen met de regio en ondernemers bereiken
Het aantal autoverplaatsingen in Brunssum ligt hoger dan gemiddeld in de provincie Limburg. Dit is te verklaren door de heuvelachtige omgeving en het feit dat veel inwoners van de stad buiten de gemeente werken. Het hoge autogebruik heeft ook een keerzijde. Het beïnvloedt de leefomgeving door lucht- en geluidsoverlast en heeft invloed op het gebruik van de openbare ruimte (o.a. parkeeroverlast). In de ongevallencijfers zien we dat veelal personenauto’s zijn betrokken. Door inwoners bewuster te maken van het effect dat het autogebruik heeft op de leefbaarheid, beogen we het autogebruik daar waar mogelijk te verminderen. We zorgen er wel voor dat de weg veilig en doelmatig wordt ingericht om autoverplaatsingen mogelijk te houden. Om het autogebruik in de gemeente te verminderen, is het belangrijk dat de mogelijkheden voor andere vervoersmiddelen overtuigend zijn en dat de voordelen daarvan ten opzichte van de auto worden benadrukt. In de voorgaande paragrafen in dit hoofdstuk zijn de mogelijkheden genoemd die op de korte en middellange afstand een goed alternatief zijn voor de auto. Door het uitgebreid faciliteren van lopen, fietsen, OV en deelmobiliteit, bieden we een serieus en (op korte en middellange afstand) concurrerend en duurzaam alternatief.
© Royal HaskoningSHV
Zwaar gemotoriseerd verkeer Landbouwverkeer
31
De gemeente Brunssum is heeft geen agrarisch profiel. Wel is er in de directe omgeving relatief veel landbouwverkeer aanwezig. Dat het wegennet binnen de gemeente grotendeels ongeschikt is voor brede landbouwvoertuigen (> 3,00 meter) is geen groot probleem. Wel is het voor landbouwers belangrijk dat de toegankelijkheid op een aantal voormalige hoofdwegen gegarandeerd blijft. Dat komt omdat de Buitenring niet toegankelijk is voor landbouwverkeer en er grensoverschrijdende uitwisseling plaatsvindt tussen landbouwbedrijven in de omgeving. Dit kan, in combinatie met lokaalverkeer, zorgen voor hinder en verkeersonveilige situaties. Om het landbouwverkeer beter te faciliteren is door de provincie Limburg, in samenwerking met alle gemeenten, Cumela en de LLTB, een kwaliteitsnetwerk landbouwverkeer opgesteld. Met een netwerk voor landbouwverkeer, wordt landbouwverkeer gebundeld en goed gefaciliteerd op de routes die daarvoor het meest geschikt zijn. Het kwaliteitsnet landbouwverkeer is een aaneengesloten net van wegen waarop landbouwverkeer zich over grotere afstanden vlot en veilig kan verplaatsen. Uitzondering daarop is het bestemmingsverkeer in bijvoorbeeld het centrum of in woonwijken. Het kwaliteitsnetwerk draagt daarmee bij aan de bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid. Het kwaliteitsnetwerk is opgenomen in figuur 9.
De blauwe routes zijn onderdeel van het netwerk en daarmee aangewezen als gemeentelijke voorkeursroutes voor gebruik door landbouwverkeer. Figuur 9. Kwaliteitsnet Landbouwverkeer Brunssum
Vrachtverkeer
32
In Brunssum is het belangrijk dat een aantal locaties goed bereikbaar is voor vrachtverkeer. Het betreft onder andere bedrijventerrein Bouwberg, het centrum en de wijkvoorzieningen en winkels. Het nieuwe wegcategoriseringsplan en bijbehorende weginrichting voorziet in het belang van de bereikbaarheid van deze voorzieningen, door rekening te houden met de snelheid en de combinatie met langzaam verkeer. Toch blijft deze combinatie op lokaal niveau een aandachtspunt in mobiliteitsbeleid. Voor de stedelijke distributie geldt dat de gemeente de bevoorrading van winkels in de toekomst met uitstootvrije vrachtvoertuigen ambieert. Zo beperken we de overlast op de omgeving en verbetert de luchtkwaliteit. Om dat te bereiken is samenwerking nodig met de regio, de provincie en natuurlijk met de ondernemers binnen de gemeente. Alleen samen kan deze transitie worden bereikt. Om het vrachtverkeer regionaal duurzaam te faciliteren heeft de Provincie Limburg, net als veel andere provincies en regio’s in het land, een Kwaliteitsnet Goederenvervoer opgesteld. Een Kwaliteitsnet is een samenhangend en selectief netwerk van verbindingen tussen economische centra, waarover goederenvervoer op verantwoorde wijze wordt afgewikkeld. Het Kwaliteitsnet heeft een dusdanige kwaliteit dat het voor vrachtverkeer aantrekkelijk moet zijn zich te verplaatsen over dit netwerk.
Hierdoor blijven wegen buiten dit Kwaliteitsnet gevrijwaard van grote stromen vrachtverkeer en de daarmee gepaarde verkeershinder. Zo wordt de hinder van vrachtverkeer op lokale wegen zoveel mogelijk voorkomen. Binnen de gemeente Brunssum maken onder andere de N276, Prins Hendriklaan en Emmaweg deel uit van het Kwaliteitsnet Goederenvervoer. Hier concentreert zich het doorgaande vrachtverkeer. Industrieterrein Haefland, kenmerkt zich door een diversiteit van bedrijvigheid. Het is een kleinschalig bedrijventerrein voor (boven)lokale ondernemers. Dit bedrijventerrein heeft een directe aansluiting op het Kwaliteitsnet Goederenvervoer. Het bedrijventerrein is dan ook goed bereikbaar voor vrachtverkeer.
Figuur 10. Kwaliteitsnet Goederenvervoer Brunssum
© CycloMedia Technology B.V.
Gemotoriseerd verkeer en gedragsverandering Om het autogebruik in de gemeente te verminderen, is het belangrijk dat de mogelijkheden voor andere vervoersmiddelen overtuigend zijn en dat de voordelen daarvan ten opzichte van de auto worden benadrukt. In de voorgaande paragrafen in dit hoofdstuk zijn de mogelijkheden genoemd die op de korte en middellange afstand een goed alternatief zijn voor de auto. De combinatie van (groot) gemotoriseerd verkeer met kwetsbare verkeersdeelnemers is een aandachtspunt voor verkeersveiligheid. Middels een wegcategoriseringsplan en aangewezen netwerken voor landbouw- en vrachtverkeer, worden verkeersonveilig confrontaties in eerste instantie zoveel mogelijk vermeden. Toch is het belangrijk om in het bewustzijn van inwoners duidelijk te maken wat de risico’s zijn voor kwetsbare verkeersdeelnemers en hoe deze te vermijden. Middels campagnes en educatie op basisscholen wordt daarvoor het fundament gelegd, door uitleg te geven over dode hoeken bijvoorbeeld.
33
Projecten Naast de benoemde projecten in hoofdstuk 4, richt de gemeente zich op een aantal andere specifieke zaken rondom gemotoriseerd verkeer: De gemeente gaat zich inzetten om stedelijke logistiek en bevoorrading van bedrijven te verduurzamen Het monitoren van de verkeersveiligheid en doorstroming bij ontwikkelingen en uitbreidingen op bedrijventerrein Haefland en de Oostflank, om de verkeersveiligheid en bereikbaarheid te waarborgen
Wat vinden inwoners van Brunssum? Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: Er regelmatig wordt ervaren dat er met een te hoge snelheid wordt gereden. Dat geldt voor zowel woonstraten, als de hoofdwegen in de gemeente Logistiek verkeer bij supermarkten soms gevaarlijke situaties oplevert bij het in- en uitrijden van de vrachtwagens in combinatie met al het overige verkeer er hinder en overlast is van verkeer op het Lindeplein. Met name op dagen met mooi weer, is er sprake van geluidsoverlast door voertuigen die daar eigenlijk geen bestemming hebben Er voor een aantal straten gepleit wordt om éénrichtingsverkeer in te voeren om de verkeersoverlast tegen te gaan. Of om éénrichtingsstructuren om te draaien ten behoeve van de bereikbaarheid De wens wordt uitgesproken om de bebording (grensoverschrijdend) op orde te brengen, om de regionale bereikbaarheid en vindbaarheid van de gemeente te verbeteren
Parkeren Samengevat
Met parkeernormen en parkeerregulering kan de gemeente sturen op het gebied van ruimtelijke kwaliteit en bereikbaarheid Brunssum legt haar parkeerbeleid vast in een aparte beleidsnota. In deze nota wordt het parkeren uitgewerkt vanuit verschillende thema’s, waaronder centrum parkeren, fietsparkeren, parkeren voor mindervaliden en parkeren in woonwijken
Parkeerbeleid is een belangrijk sturingsinstrument van een gemeente. Hiermee bedient de gemeente de wensen van individuele gebruikers, ondernemers, bezoekers. Hierin ligt een relatie met het invullen van gemeentelijke ambities voor leefbaarheid en veiligheid van de openbare ruimte, woonwijken en op privaat terrein.
34
Het geactualiseerde parkeerbeleid van de gemeente is uitgewerkt in de Parkeernota Brunssum 2022, die separaat aan dit Mobiliteitsplan is geactualiseerd. Het doel van deze Parkeernota is het nu en op termijn regelen van de bereikbaarheid van woonwijken en winkelcentra, met het oog op voldoende parkeermogelijkheid voor verschillende doelgroepen, zoals elektrische oplaadpunten, fietsparkeren en/of parkeren voor gehandicapten. De parkeernota haakt daarmee in op de groeiende aandacht voor duurzame en actieve mobiliteit in Brunssum en maakt de gevolgen van de veranderingen op het gebied van mobiliteit zichtbaar. Bestaande parkeerdruk, nieuwe ruimtelijke initiatieven in het centrum en veranderingen in weginrichting maken een goed parkeerbeleid des te noodzakelijker. Op maat gemaakte parkeernormen voor auto- en fietsparkeren zijn daarom als instrument toegevoegd aan het ontwikkelbeleid van de gemeente.
De inhoudelijke uitwerking van parkeren, wordt in de parkeernota uitgewerkt vanuit de thema’s: 1. 2. 3.
Figuur 11. Parkeerschijfzones in Brunssum
Parkeren in het Centrum Parkeren in woonwijken Laadpalenbeleid
Onderdelen van deze thema’s zijn parkeernormering en parkeerregulering aan de hand van onder andere parkeerschijfzones en ontheffingen.
35
Parkeernormering en parkeerregulering Met parkeernormering en parkeerregulering regelt de gemeente het aantal parkeerplaatsen dat minimaal of maximaal nodig is bij voorzieningen. Het is een sturingsinstrument ten behoeve van de bereikbaarheid en inrichting van de openbare ruimte. De parkeernota gaat in op de parkeernormen in verschillende gebieden en maakt onderscheid in centrumnormering en normering in de omliggende zones in Brunssum. In de parkeernormen is ook het minimaal aantal gehandicaptenparkeervoorzieningen geregeld. Daarnaast wordt een toelichting gegeven op de toepassing van fietsparkeernormen. Parkeerschijfzones en Ontheffingen De gemeente heeft een aantal parkeerschijfzones voor parkeren rondom het centrum. Deze blijven ook in de komende periode bestaan. De aangewezen parkeerschijfzones in Brunssum zijn: Lindeplein, Doorvaartplein, parkeerplaats Hokkelenberg, parkeerplaats Koutenveld (gedeeltelijk), parkeerstrook in de Rumpenerstraat, parkeerstrook in de Kerkstraat, parkeerstrook in de Schildstraat, parkeerstrook in een deel van de Kerkeveldstraat, parkeerstrook Ir. Op en Kampenstraat. Ook in centrum deel van Treebeek is gedeeltelijk een parkeerschijfzone actief. Binnen de gemeente Brunssum is een aantal gebieden aangewezen waarvan bewoners een ontheffing kunnen aanvragen op de tijdbeperking voor een bijhorende parkeerschijfzone.
Wat vinden inwoners van Brunssum? Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: Er regelmatig hinder wordt ondervonden van verkeerd geparkeerde voertuigen op trottoirs. Als frequente oorzaak wordt genoemd dat er te weinig parkeerplaatsen zijn in een aantal wijken Een aantal centrumbewoners vindt dat er te weinig parkeergelegenheid voor inwoners is Er diverse aanbevelingen worden gedaan over het herinrichten van straten, om zodoende meer parkeergelegenheid te creëren.
4. De Buitenring: een nieuwe wegenstructuur in Brunssum Samengevat
De realisatie van de Buitenring heeft in Brunssum gezorgd voor een duidelijke afname van verkeer op de voormalige hoofdwegen in de kern. Dit biedt kans om de huidige wegenstructuur aan te pakken en ruimte te maken voor fietsen en lopen, groen.
In bijlage 5 is een overzicht van de verkeersintensiteiten in basisjaar 2018 opgenomen. Daarbij cijfers van de etmaalintensiteit in 2018 benoemd op basis van het regionaal verkeersmodel. Onderstaande figuur laat zien hoe het verkeer in Brunssum zich naar verwachting ontwikkelt ná openstelling van de Buitenring. Daarvoor is op basis van het verkeersmodel een prognose gemaakt voor het jaar 2030. In de figuur geldt: hoe dikker de lijn, hoe groter de effecten van de Buitenring op de verkeersintensiteit. De gemeente maakt gebruik van verkeersmonitoring om inzicht in het verkeersbeeld te houden. Zie voor een uitgebreide toelichting bijlage 6.
Buitenring Parkstad Limburg (N300) is een regionale wegverbinding door de regio Parkstad Limburg. De weg sluit bij Nuth aan op de A76 om vervolgens via de gemeenten Beekdaelen, Brunssum, Landgraaf, Kerkrade en Heerlen aan te sluiten op de N281 bij de Duitse grens. De Buitenring vormt samen met de A76 de Ringweg Parkstad.
36
De aanleg van de Buitenring had als doel het realiseren van een betere bereikbaarheid van de regio en te zorgen voor een betere aansluiting met de nationale wegen de A2 en A76 waardoor doorgaand verkeer door woonkernen werd verminderd en de leefbaarheid en verkeersveiligheid in deze kernen werd verbeterd. Bovendien biedt de nieuwe weg volop kansen voor economische en toeristische ontwikkelingen. De Buitenring sluit in het noorden van de gemeente aan op de Prins Hendriklaan. Via het westen van de gemeente is de Buitenring ontsloten via de provinciale N276 en de aansluiting bij Amstenrade. De oostelijke aansluiting ligt bij de Ganzepool. De komst van de Buitenring N300 in de regio Parkstad heeft een positief effect op de regionale bereikbaarheid: Door de Buitenring is het een stuk rustiger op de voormalige doorgaande wegen in de gemeente, waaronder de Prins Hendriklaan, Trichterweg/Maastrichterstraat en de Emmaweg, Dat betekent dat er minder ruimte voor gemotoriseerd verkeer nodig is en dat we meer ruimte kunnen maken voor gezonde en schone alternatieven: lopen en fietsen
Figuur 12. Effecten (prognose) van de Buitenring op de verkeersintensiteit in Brunssum (prognose 2030)
Toekomstige wegcategorisering en weginrichting Brunssum Door de afname van verkeer op de lokale hoofdwegen, kan de wegcategorisering in Brunssum worden herzien. Dat doen we aan de hand van het Landelijk Kader Duurzaam Veilig, waarin globaal drie typen wegen worden onderscheiden: Regionale stroomwegen (SW): dit zijn de wegen met een primaire verkeersfunctie, bedoeld voor bovenlokale afwikkeling van gemotoriseerd verkeer zoals de Buitenring (N300) en de A76. De maximumsnelheid op de N300 is 100 km/u.
37
Gebiedsontsluitingswegen (GOW): dit zijn de wegen die zowel doorstroming van verkeer als de uitwisseling van soorten verkeer tot doel hebben. Gebiedsontsluitingswegen kenmerken zich door scheiding van snel- en langzaam verkeer. Binnen de bebouwde kom geldt een maximumsnelheid van 50 km/u. Brunssum onderscheidt in de nieuwe wegcategorisering binnen de bebouwde kom in de huidige situatie twee soorten GOW: GOW 50 A: deze wegen zijn volwaardige en veilige verkeersaders met 50km/uur limiet en bij voorkeur (maar niet altijd) met vrijliggende (brom)fietspaden of parallelwegen (de donkerblauwe lijnen). De afwikkeling van gemotoriseerd verkeer heeft hier prioriteit GOW 50 B: deze “grijze" wegen zijn niet volwaardig ingericht als 50km/u weg maar hebben wel nog een dusdanige status voor in verband met de afwikkeling van doorgaand verkeer, dat ze voorlopig 50 km/u blijven. In de toekomst komen ze mogelijk in aanmerking voor afwaardering naar GOW 30 (de groene lijnen). Auto en fietsverkeer zijn hier niet gescheiden. Erftoegangswegen (ETW): erftoegangswegen hebben een verblijfsfunctie en daarom een snelheidslimiet van 30 km/uur en hebben als doel om woningen en voorzieningen toegankelijk te maken. Erftoegangswegen hebben geen rijbaanscheiding en snel- en langzaam verkeer maakt gebruik van dezelfde rijbaan. Doorgaand verkeer wordt bij voorkeur zo veel mogelijk geweerd.
Buiten de bebouwde kom mag op erftoegangswegen 60 km/u gereden worden, binnen de bebouwde kom geldt een maximum van 30 km/u. Over een nieuwe wegcategorie: de GOW 30, gaat het volgende hoofdstuk in.
Figuur 13 Nieuwe wegcategorisering en voorkeursweginrichting per categorie
GOW 30 in Brunssum Vanuit nationaal verkeersbeleid, is de invoering van 30km/uur als norm en maximumsnelheid binnen de bebouwde kom gewenst. De gemeenteraad heeft eind 2020 een motie aangenomen om dit voor Brunssum nader te onderzoeken. De uitwerking van deze maatregel heeft invloed op de verkeersveiligheid, doorstroming en leefbaarheid en vraagt daarom om een goede afweging. Brunssum kent een relatief hoog aandeel 50 km/u wegen ten opzichte van andere gemeenten in de regio. Ten behoeve van de verkeersveiligheid en leefbaarheid, is de wens om 30 km/uur in te voeren waar dat kan en 50 km/uur behouden waar het écht noodzakelijk is. 2021 Brunssum Landgraaf Kerkrade Heerlen
38
Weglengte 154 km 235 km 241 km 470 km
Waarvan 50 km/h 37 km 42 km 64 km 143 km
% 24% 18% 27% 30%
Waarvan 30 km/h 78 km 140 km 135 km 244 km
% 51% 60% 56% 52%
Er zit verschil in de huidige 30km/u wegen in Brunssum en de toekomstig in te richten GOW30 wegen. Dat komt voornamelijk door de functie die aan de verschillende 30km/u wegen wordt toegekend. Straten waar nu 30km/u geldt, zijn erftoegangswegen en hebben als doel om de aangesloten percelen veilig te ontsluiten (zoals in woonwijken). Ze hebben geen functie als ontsluitende weg in het wegennet. Dat blijft ook zo. GOW30 wegen hebben in de toekomst wél een ontsluitende functie. Deze wegen hebben een hogere verkeersafwikkeling en bedienen bijvoorbeeld ook ov-lijnen en logistiek verkeer, maar dan met 30km/u als maximumsnelheid. Het uitgangspunt van een GOW30 is om de functie en inrichting van de weg goed op elkaar af te stemmen, zodat in de toekomst niemand meer hoeft te fietsen op een rijbaan waar gemotoriseerd verkeer 50 km/uur mag rijden. De GOW30 blijft een relatief drukke weg. Het zijn wegen die bovendien vaak veel zijwegen kennen De rijbaan is relatief smal ten opzichte van een GOW 50, waardoor in potentie veel ruimte voor fietser en voetganger over blijft. Op rustige uren rijdt snelverkeer in het midden en resteert ruimte voor de fietser. Bij toenemende drukte moet snelverkeer uitwijken en is dan te gast bij fietsers. Zo is 30km/uur een herkenbare en geloofwaardige limiet voor snelverkeer.
Met de nieuwe wegcategorisering (zie ook vorige hoofdstuk) gaan we van de ca. 37 km aan 50 km/u wegen, 11 km afwaarderen naar 30 km/u. Hiermee resteert nog 26 km (17%) aan 50 km/u wegen waarmee Brunssum relatief gezien het laagste aandeel 50 km wegen kent, vergeleken met de omliggende gemeentes. en.
Figuur 14. Toekomstige wegen met 30km/u – GOW 30 en ETW30
Uniforme weginrichting Met een uniforme weginrichting in de gehele gemeente zijn de verkeerssituaties voor de weggebruiker overzichtelijker en is het duidelijker welk rijgedrag van de weggebruiker wordt verwacht. Het sleutelwoord hierbij is uniformiteit. Uniformiteit in weginrichting per wegcategorie en bovenal: bij voorrangssituaties waar wegen elkaar kruisen.
Voorrangsregelingen en vormgeving rotondes
39
Gelijktijdig met de herinrichting van de wegen, werkt gemeente Brunssum aan het toepassen van uniformere verkeersregels voor zowel binnen- als buiten de bebouwde kom. Vanuit verkeersveiligheidsbeleid werken we daarom aan het voorspelbaar en consequent maken van verkeerssituaties in de gemeente. Een belangrijk voorbeeld daarbij is de voorrangsregeling op rotondes. In Brunssum is nog op een aantal rotondes sprake van een voorrangsregeling waarbij fietsers in de bebouwde kom geen voorrang hebben op het overig verkeer. Voorbeelden zijn de rotonde Schinvelderstraat N274 – Haefland, Rimburgeweg en Emmaweg – Koolweg. De gemeente neemt zich voor om op alle rotondes binnen de bebouwde kom, de fietsers voorrang te geven zoals dat landelijk de norm is. Tevens streven we bij de realisatie van nieuwe rotondes naar vrijliggende fietspaden, dan wel fietsstroken die we afscheiden van het gemotoriseerd verkeer en middengeleiders voor een veilige oversteek voor de voetganger.
Knelpunten weginrichting: 30km/u wegen In verschillende buurten zijn buurtontsluitingswegen en ook woonstraten nog te ruim vormgegeven. Vooral bij het ontbreken van een groenstructuur ontstaat hierdoor een stenig straatbeeld en nodigen lange rechtstanden uit tot hard rijden. In het verleden zijn provisorische maatregelen getroffen om een snelheid van 30 km/u af te dwingen. Het is belangrijk om door middel van herinrichting meer structurele verbeteringen door te voeren in deze straten, met prioriteit voor Op de Vos, Marebosjesweg en omgeving Markt/Marktstraat. Deze projecten worden in de komende jaren aangepakt en zijn benoemd in het uitvoeringsprogramma.
Figuur 15. Voorrangsregelingen niet volgens de richtlijnen voor rotondes binnen de bebouwde kom © CycloMedia Technology B.V.
Verkeersafwikkeling Lindeplein
40
Vanuit economisch perspectief is de bereikbaarheid van het centrum belangrijk. Het terugdringen van doorgaand verkeer op de routes in de centrumzone verhoogt de aantrekkelijkheid van dit gebied. Een belangrijke schakel daarin is het Lindeplein. De verkeersafwikkeling op het Lindeplein in het centrum van Brunssum is een belangrijk onderwerp in het Mobiliteitsplan. Een veelgenoemd thema in de inwonersenquête is de overlast die het verkeer hier soms veroorzaakt. De verkeersaantallen en de geluidsproductie van auto’s en motoren wordt door veel inwoners als hinderlijk ervaren, met name op dagen dat de terrassen vol zitten en het centrum druk bezocht wordt. De gemeente onderzoekt daarom alternatieven voor de verkeerstructuur over het Lindeplein en heeft daarvoor een tweetal varianten die ze gaat uitwerken. Met het aanpassen van de verkeersstructuur op het Lindeplein, verbetert de leefbaarheid en de verkeersveiligheid voor voetgangers en fietsers. De uiteindelijke voorkeursvariant wordt in een later stadium vastgelegd.
De mogelijkheden die worden onderzocht zijn: Tijdelijke afsluiting waarbij op bepaalde dagen en tijden het Lindeplein afgesloten is (bijvoorbeeld na 18.00u en in de zomermaanden); Eénrichtingsverkeer Lindeplein in zuidelijke richting Simulaties met het verkeersmodel tonen aan dat deze maatregelen allemaal (in verschillende mate) effectief zijn om het doorgaand verkeer naar de hoofdwegenstructuur te verplaatsen. Zie figuur 16. Het Lindeplein wordt gebruikt door het openbaar vervoer en ook voor hulpdiensten is de toegang tot de weg belangrijk. Voor hen geldt een uitzondering, ongeacht de keuze voor de eventuele afsluiting of éénrichting op de weg. In het kader van diverse ontwikkelingen rondom het centrum kan de afweging gemaakt worden om één van deze opties nader uit te werken.
Figuur 16. Effecten van afsluiten of eenrichting Lindeplein (prognose 2030)
Aanpak in- en uitvalswegen
41
De verkeerseffecten van de realisatie van de Buitenring bieden kans om de in- en uitvalswegen aan te pakken. Het betreft de wegen die vóór de komst van de Buitenring een belangrijke regionale doorgaande functie hadden in en om Brunssum en de omliggende kernen. Het gaat om onder andere de Maastrichterstraat, Trichterweg, Rumpenerstraat, Rimburgerweg en de Prins Hendriklaan. Deze straten zijn minder druk dan vroeger. Dat betekent dat we daar minder ruimte nodig hebben voor de afwikkeling van het autoverkeer en veel ruimte terug kunnen geven aan langzaam verkeer: voetgangers en fietsers. Er ontstaat onder andere voor de fietser een veiligere verbinding. De voormalige inen uitvalswegen bieden in de toekomst bij uitstek plaats voor groen en zijn ook aantrekkelijk om te verblijven. Het zijn bovendien vaak interessante schakels voor wandel- en fietsverbindingen tussen Brunssum en het buitengebied. Met het toepassen van deze aanpassingen dragen we bij aan het beïnvloeden van het rijen mobiliteitsgedrag. We creëren een omgeving die uitnodigt om te fietsen en zorgen er met deze inrichting voor dat het doorgaand verkeer door het centrum verder zal afnemen. Emmaweg/ Karel Doormanstraat De realisatie van de Buitenring maakt dus verandering mogelijk.
Een inspirerend voorbeeld daarvan is uitgewerkt voor het traject Emmaweg/ Karel Doormanstraat dat op dit moment nog een GOW50a is (zoals te zien is op de volgende pagina). Omdat het autoverkeer op deze wegen minder is geworden, kunnen we daar gaan herinrichten om zo invulling te geven aan de ambitie Brunssum 10 minuten wandel en fietsstad. Dat betekent onder andere dat de rotonde kleiner wordt, de aansluiting Kruisbergstraat veiliger wordt voor fietsers en we kiezen voor invoering van een 30 km zone in de Kruisbergstraat en de Wieënweg (ETW 30). Zo weren we ongewenst (sluip)verkeer in deze straten en verbeteren we de leefbaarheid in deze straten. De ruimte die vrijkomt door deze herontwikkeling, gebruiken we voor vergroening en voor de verkeersveiligheid van langzaam verkeer.
Prins Hendriklaan De Prins Hendriklaan is eveneens minder druk dan vroeger. De parallelwegenstructuur is mogelijk op termijn niet meer nodig. Er wordt gewerkt aan een andere indeling van de Prins Hendriklaan waardoor er meer ruimte gemaakt kan worden voor langzaam verkeer. Het doel van deze herindeling van de weg is onder andere het beter bereikbaar maken van het centrum en het verhogen van de leefbaarheid langs de Prins Hendriklaan. Emmaweg-Buitenring Parkstad: N276 Op termijn wordt dit wegvak dat nu nog in beheer is bij de Provincie Limburg overgedragen aan de gemeente. Deze weg ligt buiten de bebouwde kom en er geldt een snelheidslimiet van 80 km/h. De weg is goed ingericht voor deze snelheidslimiet want er zijn enkele ongelijkvloerse kruisingen aanwezig en er sluiten geen zijwegen op dit wegvak aan. Vanuit milieu en omgevingsoogpunt is het voornemen om deze weg op termijn van stiller asfalt te voorzien. Daarbij worden ook de scheuren, die nu voor geluidsoverlast kunnen zorgen, hersteld. Onderzocht is of een snelheidslimiet afname naar 60 km/h ook kan bijdragen aan een betere leefomgeving. Echter zorgt een afname van 20 km/h als maximumsnelheid, geen significante verbetering op ten opzichte van de geluidsbelasting op de omgeving. Een snelheidslimiet van 80 km/h blijft gehandhaafd.
Zie volgende pagina voor een impressie van mogelijke manieren van herinrichting van de benoemde wegen en kruispunten.
Figuur 17. Boven: 3D visualisatie huidige en nieuwe inrichtingsvoorstel Emmaweg – Karel Doormanstraat - Wiëenweg (concept) Onder: 3D visualisatie huidige en nieuwe inrichtingsvoorstel Karel Doormanstraat – Kruisbergstraat (concept)
42
© Royal HaskoningDHV
Komgrenzen Het aanbrengen en goed duiden van komgrenzen is een onderdeel van Duurzaam Veilig wegontwerp. De maatregelen attenderen de weggebruikers op de verkeerssituatie waarin ze verblijven (binnen of buiten de kom) en welke maximumsnelheid er geldt. De meeste invalswegen in Brunssum zijn voorzien van een kommaatregel: een inrichting die een duidelijke overgang van een weg binnennaar buiten de bebouwde kom (en andersom) markeert. Op een aantal locaties ontbreekt het aan een duidelijke kommaatregel. Daardoor ontstaat verwarring, wordt er onnodig te hard gereden en ontstaan onveilige situatie. Het betreft de locaties Ganzenpool, Waubacherweg, Hoogenboschweg en de Bosschstraat. Op deze locaties wordt onderzocht of door het verplaatsen of aanpassen van de komgrens, de duiding en verkeerveiligheid kan worden verbeterd.
43
Figuur 18. Locaties aan te passen komgrenzen
5. Verkeersveiligheid Samengevat
44
Gemeente Brunssum stelt hoge eisen aan verkeerveiligheid. Het verkeersveiligheidsbeleid van de gemeente is gebaseerd op de principes van Duurzaam Veilige weginrichting. Dit is bijvoorbeeld ook de basis voor het nieuwe wegcategoriseringsplan. Met de SPV aanpak stelt de gemeente zich proactief op in het aanpakken van verkeersveiligheidsrisico’s De gemeente zet in op het verbeteren van de verkeersveiligheid, met in het bijzonder aandacht voor 50km/u wegen en de kwetsbare verkeersdeelnemers
De afbeeldingen in figuur 19 laten zien waar er in de periode 2014-2020 ongevallen hebben plaatsgevonden en de vervoerswijzen die daarbij het meest betrokken zijn. Gemeente Brunssum presteert op het gebied van verkeersveiligheid gemiddeld ten opzichte van andere gemeenten in Limburg. Brunssum stelt nadrukkelijk het doel om met de genoemde aanpakken Duurzaam Veilig en Strategisch Plan Verkeersveiligheid (SPV) dit aantal naar 0 te brengen. Een belangrijke aanmerking bij deze data, is dat voor een groot deel van de geanalyseerde periode, de Buitenring nog niet gerealiseerd was. De verkeersintensiteiten zijn na realisatie van de buitenring veranderd en dat heeft mogelijk invloed op de ongevalscijfers. Data laten zien dat het aantal ongevallen in 2020, na opening van de Buitenring niet significant lager liggen dan in de jaren daarvoor. Nader onderzoek moet aantonen wat het effect op de verkeersveiligheid uiteindelijk zal zijn. De gemeente monitort dit in de SPV aanpak, met een periodieke risicoanalyse.
Figuur 19. Verkeersongevallen: locaties, leeftijd en vervoerswijzen Brunssum (bron: VIAdata)
45
Een aantal onderwerpen valt op in het aantal ongevallen binnen gemeente Brunssum: De meeste ongevallen vinden plaats op 50km/u wegen. Brunssum heeft met 29% een relatief hoog aandeel 50km/u wegen ten opzichte van andere gemeenten. De inrichting van deze wegen is grotendeels sober. Zo ontbreken vaak vrijliggende fietspaden, zijn er onvoldoende veilige oversteekvoorzieningen voor langzaam verkeer en wordt er veelal geparkeerd langs deze wegen. Op ongeveer 30% van de wegen ligt de gemiddeld gemeten snelheid boven de geldende maximumsnelheid. De combinatie van de beperkte inrichting en de regelmatige snelheidsoverschrijdingen zorgt voor verhoogde risico’s voor verkeersdeelnemers en daarmee een relatief hoge kans op ongevallen. Veel verkeersslachtoffers vallen binnen de leeftijdscategorieën 15-20 en ouderen en zijn relatief vaak betrokken bij ongevallen. Jongeren zijn sinds jaar en dag oververtegenwoordigd in de verkeersongevalscijfers. Met campagnes, educatie en goede weginrichting probeert de gemeente deze groep veilig op weg te helpen. Het aantal ouderen dat betrokken is bij verkeersongevallen daarentegen neemt toe. De vergrijzing in Brunssum loopt tegen 2030 zijn piek aan. Dat betekent dat nu en in de komende jaren, de aandacht voor deze groep verkeersdeelnemers een belangrijk thema is in het verkeersveiligheidsbeleid.
Samen met belangengroepen als de Fietsersbond en het VVN, zet de gemeente zich in om ook deze groep inwoners veilig te kunnen laten verplaatsen. Jongeren en ouderen zijn de weggebruikers die het meest gebruik maken van (brom/snor) fietsen. Het aandeel brom- en snorfietsen in Brunssum is gemiddeld 11,1%. Dit aandeel is hoger dan bijvoorbeeld Landgraaf (9,1%) en Kerkrade (9,7%). Ook het gebruik van het aantal (elektrische) fietsen stijgt. Het is dus aannemelijk dat er meer kwetsbare verkeersdeelnemers kunnen worden verwacht in het straatbeeld en relatief gezien ook meer dan in vergelijkbare gemeenten. De gemeente speelt met haar mobiliteitsbeleid en verkeersveiligheidsaanpak in op deze ontwikkelingen.
Top 10 meest gevaarlijke kruispunten in Brunssum o.b.v. snelheid (juni 2021) en ongevallen (Q3 2016 t/m Q2 2021) 1. Kennedylaan, Kennedylaan Noord, Merkelbeekstraat 2. Bexdellestraat, Iepenstraat, Maastrichterstraat 3. Akerstraat-Noord, Passartweg, Verlengde Wilhelminastraat 4. Dorpstraat, Europalaan 5. Akerstraat, Reinstraat, Rembrandtstraat 6. Govert Flinckstraat, Rembrandstraat 7. Akerstraat, Heerenweg 8. Albert Schweitzerstraat, Gouverneurstraat, Kennedylaan 9. Pastoor Savelbergstraat, Wilhelminastraat 10. Akerstraat, Bodembplein, Prins Hendriklaan, Rumpenerstraat Figuur 20. Overzicht gevaarlijke verkeerssituaties in Brunssum (bron: VIAdata)
Risicogestuurd verkeersveiligheidsbeleid met het SPV De gemeente monitort en speelt in op de verkeersveiligheid op basis van een risicogestuurde aanpak op basis van het Strategisch Plan Verkeersveiligheid. Op weg A rijden 10.000 voertuigen per dag en zijn 10 ongevallen gebeurd. Op weg B rijden 4000 voertuigen per dag en zijn 2 ongevallen gebeurd. Wanneer de klassieke ongevalsgerichte aanpak wordt gehanteerd, zal weg A naar voren komen als meest onveilig, hier zijn immers meer ongevallen gebeurd. Wanneer er met de risicogestuurde aanpak naar het risico van de weg wordt gekeken, blijkt dat weg B het meest onveilig is: ook al zijn daar minder ongevallen gebeurd. De risicofactoren op weg B zorgen ervoor dat weg B eruit springt in de SPV aanpak. Een investering in weg B levert een hoger rendement op dan een investering in weg A Van een ongevalsgerichte aanpak: Weg A: 50km/u
46
10.000 voertuigen per dag 10 ongevallen 1 ongeval per 1000 voertuigen De weg is goed ingericht De weg beschikt over vrijliggende fietspaden Er zijn geen ongeregelde kruispunten De gemiddelde snelheid is 58 km/uur Naar een risico-gestuurde aanpak: Weg B: 30km/u 4000 voertuigen per dag 2 ongevallen 0,5 ongeval per 1000 voertuigen Aan deze weg wonen veel ouderen De weg wordt gebruikt om naar de voorzieningen in de gemeente te komen Daarnaast is het een schoolroute voor naar schoolgaande kinderen Er zijn geen vrijliggende fietspaden
Aanpak naar de toekomst De komende jaren gaat de gemeente aan de slag met het SPV. Daarnaast passen we de wegcategorisering aan zoals in hoofdstuk 5 is beschreven. Daardoor worden de snelheid en de weginrichting op elkaar afgestemd. Zo verbetert de verkeersveiligheid en de leefbaarheid. Bovendien worden niet-goed ingerichte wegen aangepakt. Met een uniformering van de voorrangsregels in de bebouwde kom, is het voor elke weggebruiker duidelijk welke eenduidige verkeersregels gelden en welke gedragingen daarbij verwacht worden. Daarnaast neemt de gemeente zich voor om samen met verschillende stakeholders in gesprek te blijven over de aandachtspunten voor verkeersveiligheid in de gemeente. Organisaties als Fietsersbond en VVN zijn een belangrijke stem en kennen de lokale knelpunten goed. Bewustwording- en gedragscampagnes worden in de uitvoering van het Mobiliteitsplan ingezet als belangrijk instrument. Deze campagnes kunnen op zichzelf staan, maar zijn extra krachtig als dit gekoppeld wordt aan een specifiek project. De gemeente Brunssum maakt hierbij gebruik van de kennis en kunde van het Regionaal Orgaan Verkeersveiligheid Limburg (ROVL). Dit is een onafhankelijk orgaan dat in opdracht van de Provincie Limburg werkt aan de verbetering van de verkeersveiligheid in Limburg. In de aanpak staan drie zaken centraal.
Allereerst een betere samenwerking tussen Provincie, scholen en gemeenten. Daarnaast worden scholen ondersteund bij het geven van verkeerseducatie door onderwijsadviseurs die Provincie en gemeenten beschikbaar stellen. Als derde kunnen scholen hun eigen verkeerseducatieprojecten en materialen kiezen via een nieuwe digitale omgeving. Gedrag en educatie op scholen Op het gebied van educatie heeft de gemeente Brunssum een overeenkomst afgesloten met nagenoeg alle scholen in Brunssum: samenwerkingsovereenkomst verkeerseducatie basisonderwijs en voortgezet onderwijs 2021-2025” als Verkeeractieve school. De overeenkomst geeft onder andere invulling aan Vebo (Verkeerseducatie basisonderwijs) en Vevo (Verkeerseducatie voortgezet onderwijs). Naar aanleiding van deze convenanten zijn er jaarlijks twee verplichte bijeenkomsten geweest met de scholen. Aan de convenanten is subsidiegeld verbonden vanuit de provincie Limburg en de gemeente Brunssum.
Verder heeft de gemeente Brunssum financiële middelen aan scholen besteed, voor onder andere documentatiemateriaal voor verkeerslessen van VVN (Veilig Verkeer Nederland). Fietsexamens zijn uitgevoerd door het VVN op kosten van de gemeente. De gemeente Brunssum heeft voor alle burgers een tweewekelijks verkeerspreekuur in samenwerking met de politie. Geregeld door het jaar heen zijn wijkschouwen georganiseerd voor de 5 wijkteams. En op verzoek zijn er overleggen gevoerd met de wijkteams en de scholen.
Wat vinden inwoners van Brunssum?
47
Uit de rondvraag over mobiliteit in Brunssum onder inwoners, blijkt dat: Op het gebied van verkeersveiligheid door veel inwoners wordt gesteld dat de snelheid op de verschillende wegen in de gemeente te hoog is, of als te hoog wordt ervaren. De oversteekbaarheid van een aantal wegen een punt is dat regelmatig wordt genoemd. Daarbij gaat het om de oversteekbaarheid van wegen door fietsers en voetgangers, maar ook het zicht vanuit auto’s op andere auto’s bij kruispunten De voorrangssituatie op een aantal plaatsen in de bebouwde kom onduidelijk is of niet volgens de richtlijnen. Deze onduidelijkheid zorgt voor gevaarlijke situaties
Handhaving en Flitspalenbeleid Slechts als het aanpassen van de infrastructuur, het voorlichten van de weggebruikers en educatie niet werken, moet er over gegaan worden op handhaving. Dit instrument ligt echter beperkt binnen de gemeentelijke reikwijdte. De gemeente beschikt over BOA’s, in functie gesteld om de verkeersregels en het gebruik van de openbare ruimte te handhaven. Regelmatig wordt er verzocht om het plaatsen van flitspalen. De gemeente gaat niet zo snel over op het plaatsen van flitspalen en is daartoe ook juridisch niet bevoegd. Parket Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (Parket CVOM) is hét expertisecentrum verkeer en vervoer van het Openbaar Ministerie (OM). Zij hebben beleid op het plaatsen van flitspalen. Daarnaast is het OM eigenaar van alle flitspalen in Nederland en beoordeelt Parket CVOM alle flitspaalaanvragen en is zij verantwoordelijk voor de besluitvorming rondom plaatsing en verwijdering van flitspalen. Als de wegbeheerder en de politie vinden dat een locatie zodanig verkeersonveilig is of dat er risico op verkeersongevallen is en verwachten dat een flitspaal verbetering biedt, dan levert de wegbeheerder schriftelijk een kwantitatieve en kwalitatieve onderbouwing aan. Daarin staat waarom op deze locatie een flitspaal nodig is en worden de risico’s in kaart gebracht.
Als uit een valide onderbouwing blijkt dat handhaving door middel van een flitspaal naar verwachting een positieve bijdrage kan leveren aan de verkeersveiligheid, kan besloten worden om de aanvraag toe te kennen. Het definitieve besluit tot toezegging van een flitspaal wordt genomen door Parket CVOM (afdeling B&S) onder voorbehoud van het ondertekenen van de wegbeheerdersovereenkomst door de wegbeheerder en de plaatsingsmogelijkheden. De gemeente heeft dus geen beslissingsbevoegdheid inzake het plaatsen van flitspalen. Wél is recent een motie aangenomen door de gemeenten in Parkstad Limburg met als doel om op termijn zelfbeschikking over het plaatsen van flitspalen op gemeentelijke wegen te krijgen.
6. Uitvoeringsprogramma In de begroting is een jaarlijks budget beschikbaar voor verkeers- en vervoerbeleid zijnde een bedrag van € 60.000,00. Hiervan is een deel benodigd om het nieuwe Mobiliteitsplan op te stellen. Mogelijke kosten zijn: Het opstellen van het mobiliteitsplan in coproductie met een verkeerskundig adviesbureau; Aanvullend verkeersonderzoek (verkeerstellingen); Organisatorische kosten.
48
Omdat er op verkeerskundig beleidsmatig gebied jaarlijks vaste kosten gemaakt worden dient het beleidsbudget jaarlijks gecontinueerd te worden. De volgende activiteiten kunnen daarmee bekostigd worden: Verkeerseducatie basisscholen en voortgezet onderwijs; Uitvoering kleine verkeersmaatregelen zoals verkeersborden en permanente of demontabel verkeersvoorzieningen; Regionale verplichtingen zoals bijdrages aan verkeersmodellen, verkeerstellingen, bewegwijzering etc; Mogelijke deelname aan Zuid-Limburg bereikbaar; Verkeerskundige advieskosten voor verkeerskundige onderzoeken. In dit nieuwe mobiliteitsplan 2022-2032 is een uitvoeringsprogramma opgenomen. Dit betekent dat er concrete activiteiten en maatregelen worden vastgelegd waarvoor uitvoeringsbudget benodigd is. Op dit moment wordt er in het Meerjaren Onderhoudsplan Wegen (MOP-OR) voorzien in de instandhouding van het huidige areaal aan wegen. Dit betekent dat wanneer de staat van onderhoud dusdanig slecht is bepaalde wegen in de MOP-OR geprioriteerd worden. Vaak zijn dit projecten waar het riool vervangen dient te worden of waar de wegdekverharding in slechte staat is. Binnen het MOP-OR worden drie vormen van onderhoud onderscheiden: Onderhoud van wegen: zoals het vullen van scheuren, reparatie door freesvakken, toplagen van asfalt vernieuwen, opnieuw leggen van straatwerk etc;
Renovatie van wegen: de gehele wegverharding verwijderen inclusief trottoirs en dezelfde constructie terug aanbrengen; Reconstructie van wegen: de gehele wegconstructie verwijderen inclusief fundering en in een andere vorm de wegconstructie terug aanbrengen.