Bijlage: Haalbaarheidsonderzoek - publieksversie
Tekst van het document
publieksversie
Grootschalige woningbouw in de landgoederenzone haalbaar én realis sch? We zien wezenlijke belemmeringen.
Vereniging “Behoud landschap rond landgoederenzone gemeente Brummen” November 2024
Inhoud 1
2
NB: blanco pagina's zijn uit deze pdf-versie weggelaten
Inleiding
3
1.1
Waarom doet de vereniging onderzoek?
3
1.2
Wat onderzoekt de verenging precies? En wat onderzoekt ze niet?
3
1.3
Leeswijzer
4
Beleid van de overheid: wat moet er en wat mag er?
5
2.1
Rijksoverheid
5
2.2
Provincie Gelderland
5
2.3
Regio Stedendriehoek
6
2.4
Gemeente Brummen
7
2.5
Waterschap Vallei en Veluwe
8
3
Gebiedsanalyse: velden langs s l bos en historische buitenplaatsen
9
4
Landschap en milieu: groen buffergebied voor de landgoederen
13
5
6
7
4.1
Landschap: het verleden nog zichtbaar
13
4.2
Kwetsbare oude natuur op de aangrenzende landgoederen
16
4.3
Lichtvervuiling
27
4.4
Verstoring van s lte en rust
27
4.5
Water en bodem sturend: risico's op de Oeverwal
28
4.6
S kstofdeposi e in het Leusveld en de uiterwaarden van de IJssel
33
4.7
Overlast en risico’s door trein- en wegverkeer
35
4.8
Milieuzonering bedrijventerrein De Hazenberg
37
4.9
Conclusies
38
Erfgoed: zuinig zijn op wat van waarde is
41
5.1
Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg
41
5.2
Rijksmonument Huis Den Bosch
44
5.3
Rijksmonument Huize de Wildbaan
44
5.4
Gebieden van hoge en zeer hoge archeologische waarde
45
5.5
Conclusies
47
Grootschalige nieuwbouw: veel mensen, gebouwen en auto's
49
6.1
Schaalsprong: heel veel nieuwe inwoners in één keer
49
6.2
Planop malisa e: hoogbouw, parkeergarages en prefab seriebouw
51
6.3
Veel meer auto’s, kostbare ontslui ngswegen en een bijrol voor het spoor
52
6.4
Conclusies
54
Conclusie: er zijn wel degelijk wezenlijke belemmeringen
57
Bijlage: De vereniging “Behoud landschap rond landgoederenzone gemeente Brummen”
2
1
Inleiding De vereniging “Behoud landschap rond landgoederenzone gemeente Brummen” stelt zich voor in de bijlage. Ze nam met belangstelling kennis van de raadsinforma ebrief die het college van burgemeester en wethouders van Brummen op 15 december 2023 uitbracht. Onderwerp van de brief was namelijk het onderzoek van het college naar de haalbaarheid van woningbouw op drie loca es, alle gelegen in de gebieden waarvoor de vereniging zich sterk maakt. En, belangrijk, ook in hoeverre dit plan realis sch is.
1.1 Waarom doet de vereniging onderzoek? De vereniging hee als missie en statutaire doelstelling het behoud van natuur, biodiversiteit en lee aarheid rond de landgoederen Groot Engelenburg, Huis Den Bosch en de Wildbaan. Door die doelstelling is de vereniging een stakeholder bij ruimtelijke ontwikkelingen rond de landgoederen. Ze hee belang bij het onderzoek van het college naar hoe haalbaar en realis sch nieuwbouw op loca es in die gebieden zou zijn. Ze voelt zich geroepen om zelf onderzoek te doen, zodat ze de gemeenteraad, als hoogste bestuursorgaan van de gemeente, kan informeren vanuit haar doelstelling. Bij de toepassing van de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg) benoemde de gemeente begin 2023 voor het eerst de mogelijkheid om grootschalig woningen te gaan bouwen in de gebieden. In het najaar van 2023 star e het college zijn haalbaarheidsonderzoek.
1.2 Wat onderzoekt de verenging precies? En wat onderzoekt ze niet? Het college schreef in de genoemde raadsinforma ebrief: In de haalbaarheidsfase onderzoekt de gemeente of en in hoeverre woningbouw op de Wvgloca es daadwerkelijk haalbaar en realis sch is. Dit binnen de beleidsuitgangspunten die daarvoor binnen de gemeente Brummen gelden, bijvoorbeeld waar het betre de eisen die worden gesteld aan de woningbouwprogrammering. De vereniging sluit met haar onderzoeksvraag aan bij de onderzoeksvraag van het college, uiteraard voor zover die overlapt met de doelstelling van de vereniging. Op die manier wil de vereniging de raadsleden op een inzichtelijke manier informeren. Onderzoeksvraag van de vereniging In hoeverre is het haalbaar en realis sch om te bouwen op de Wvg-loca es aan de L.R. Beijnenlaan/Hazenberg, aan de Oude Eerbeekseweg/Hammelerweg en aan de Metelerkampweg? Dit binnen de geldende (we elijke) kaders, binnen de beleidsuitgangspunten van de gemeente Brummen én binnen de missie van de vereniging. Van de gemeente neemt de vereniging bewust zowel de voorwaarde haalbaar als de voorwaarde realis sch over. Haalbaar is de vanzelfsprekende van die twee: Wat niet als haalbaar wordt beoordeeld, zal eenvoudigweg niet bereikt kunnen worden.
Realis sch is meer dan dat: zelfs als woningbouw op deze loca es haalbaar lijkt, mag die niet losgezongen blijken van de werkelijkheid, van wat er al is en van wat waarde hee . Van het dorp, van het landschap, van het erfgoed en van de mensen. De vereniging houdt daarom oog voor de realiteit, zodat die voorwaarde voor grootschalige woningbouw blij te midden van ieders behoe en en belangen. De beleidsuitgangspunten voor 3
onder andere wonen die de raad aan het college hee meegegeven, houdt ze bij dit alles in het achterhoofd. Nota bene: het college hee uiteindelijk niet meer onderzocht in hoeverre bouwen realis sch zou zijn. Alleen de ‘harde’ haalbaarheidsvraag bleef daardoor over. De vereniging blij als een schoenmaakster bij haar leest: Ze onderzoekt alleen de onderwerpen die overlap hebben met haar missie. Hoe de onderwerpen taxa e eigendommen, grondwaarde, planeconomie en grondstrategie, marktverkenning en risicobeheersing scoren op haalbaarheid en realiteit laat ze daarom buiten beschouwing. Dat wil allerminst zeggen dat de vereniging het belang van deze onderwerpen niet inziet.
1.3 Leeswijzer De hoofdstukken 2 tot en met 6 zijn ingedeeld overeenkoms g de opsomming van het college in zijn raadsinforma ebrief van 15 december 2023. Daarbij hebben de onderwerpen flora en fauna en bodem een plek gekregen in hoofdstuk 4 over milieu. Onderzoeken zoals opgesomd in de raadsinforma ebrief:
Bij het college te vinden in:
In dit document te vinden in:
Quick scan flora en fauna Taxa e eigendommen Bodemonderzoek Verkenning grondwaarde Beleidsanalyse Gebiedsanalyse Milieuonderzoeken
Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 (water, bodem, s kstof, milieuzonering, verkeer) Hoofdstuk 3 -
Verwerkt in hoofdstuk 4 Verwerkt in hoofdstuk 4 Hoofdstuk 2 Hoofdstuk 3 Hoofdstuk 4
Archelogische waarden Planeconomie grondstrategie Stedenbouwkundig Ruimtelijke kwaliteit Marktverkenning Risicobeheersing Stakeholders Tabel 1.1 Leeswijzer
Hoofdstuk 4
Hoofdstuk 5 Hoofdstuk 6 (sociaal, bebouwing, verkeer) -
Hoofdstuk 7 somt de uiteindelijke conclusies op en gee daarmee inzicht in hoeverre woningbouw haalbaar en realis sch zou zijn. De bijlage bevat een introduc e van de vereniging.
4
2
Beleid van de overheid: wat moet er en wat mag er? Rijk, provincie, waterschap en tegenwoordig ook de Regio spelen een eigen sturende, kaderstellende en faciliterende rol bij het uitrollen van wonigbouw
2.1 Rijksoverheid Het Rijk zet sterk in op woningbouw in de komende jaren. Tegelijk stelt het het Rijk voorwaarden aan die bouw, bijvoorbeeld als het gaat om energie, verkeer, s kstof, water en tal van andere zaken.
Programma Woningbouw Het Rijk hee de regie genomen op de volkshuisves ng en de woningbouw. Onderdeel van de Na onale Woon- en Bouwagenda is het programma Woningbouw. Doel van het programma is het bouwen van 100.000 woningen per jaar. Meer regie, versnellen van het proces van ini a ef tot realisa e, s muleren van snellere bouw én het bouwen op grootschalige loca es, moeten zorgen dat deze doelstelling gehaald wordt.1
Water en bodem sturend Het Rijk hanteert een aantal uitgangspunten om het uitgangspunt ‘water en bodem sturend’ bij ontwikkelingen als woningbouw vorm te geven.2 Water en bodem sturend, dus… Niet afwentelen op toekoms ge genera es. Dat betekent nu rekening houden met belas ng van bodem en water, klimaatverandering én met toekoms ge beheerkosten. Niet afwentelen naar andere gebieden of func es. Dat betekent dat een ac e op de ene loca e niet mag leiden tot een onbedoeld effect elders, zoals wateroverlast of verdroging van natuurgebieden. Niet afwentelen van privaat naar publiek. Dat betekent onder meer bij investeringen voldoende rekening houden met klimaatverandering, bodemdaling, grond- en watervervuiling en het natuurlijke waterbergende vermogen van de bodem. Meer rekening houden met extremen. In samenhang omgaan met wateroverlast, droogte en de bodem.
2.2 Provincie Gelderland De provincie stelt kaders waarbinnen gemeenten beleid moet maken en uitvoeren. Daarbij stuurt de provincie op het aantal woningen dat door gemeenten wordt gebouwd en faciliteert het de gemeente waar nodig.
Provinciale woningbouwafspraken In de Provinciale woningbouwafspraken 2022- 2030 ligt de woningbouwopgave voor de provincie Gelderland vast, te weten 100.000 te bouwen woningen in de periode van 2022 tot en met 20303.
Structuurvisie De omgevingsvisie Gaaf Gelderland schrij over onze provincie:
1
Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrela es, www.volkshuisves ngnederland.nl Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, Kamerbrief Water en Bodem sturend, 2022 3 Ministerie van Volkshuisves ng en Ruimtelijke ordening, Provinciale woningbouwafspraken 20222030 Gelderland, 2022 2
5
Gaaf Gelderland Biedt het beste van twee werelden: onze steden en dorpen met bedrijven, anderzijds onze natuur en landschappen. In elke streek worden deze werelden anders ingekleurd. Door partnerschap met onder andere de Gelderse gemeenten, door gebiedsgericht maatwerk en bestuurskracht wil de provincie van doorslaggevende waarde zijn. Als voorbeeld van heer werkwijze noemt de provincie de Regionale programma’s werkloca es en agenda’s Wonen.4
Gelders Natuurnetwerk De provincie Gelderland hee natuurgebieden opgenomen in het Gelders Natuurnetwerk5 geplaatst met als doel ze te beschermen. De gebieden van het Gelders Natuurnetwerk zijn onderdeel van het NatuurNetwerk Nederland. Het NatuurNetwerk Nederland moet uiteindelijk samen met natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk vormen.
2.3 Regio Stedendriehoek In de gemeenschappelijke regeling Regio Stedendriehoek hebben de deelnemende gemeenten onder meer op fair share basis de woningbouwopgave van de provincie onderling verdeeld.
Regionale Woondeal 2022-2030 In de Regionale Woondeal 2022-2030, opgesteld door de Regio Stedendriehoek, ligt de woningbouwopgave voor Brummen vast, te weten 1.250 te bouwen woningen in de periode van 2020 (!) tot en met 2030.
Structuurvisie Binnen de Regio Stedendriehoek geldt de Structuurvisie De Voorlanden. In deze structuurvisie staat het volgende over landgoederen geschreven: Mogelijkheden voor nieuwbouw beperkt Op bestaande landgoederen zijn de mogelijkheden voor nieuwbouw beperkt. Van geval tot geval moet vastgesteld worden wat de mogelijkheden zijn binnen cultuurhistorische, landschappelijke en ecologische randvoorwaarden. Func everandering van bestaande gebouwen is mogelijk voor zover de monumentale status dit toelaat. De (extra) verkeersaantrekkende werking van de nieuwe func e en/of uitbreiding mag de omgeving niet al te zeer verstoren. In een aantal gebieden in de regio kunnen nieuwe landgoederen worden ontwikkeld en een bijdrage leveren aan de landschappelijke kwaliteit. De provinciale regelingen (en eventuele gemeentelijke uitwerkingen) vormen het toetsingskader wat betre minimale omvang, toegankelijkheid, bouwvolumes en kwaliteit. Nieuwe landgoederen komen in beginsel tot stand vanuit mark ni a even.
4 5
Provincie Gelderland, Gaaf Gelderland Omgevingsvisie, 2018 www.gelderland.nl/themas/natuur/natuur-beheren-en-ontwikkelen 6
Figuur 2.1
Plangebied De Voorlanden (Bron: Regionale Structuurvisie De Voorlanden)
2.4 Gemeente Brummen De gemeente legt haar visie op en plannen met gebieden vast in de structuurvisies en bestemmingsplannen.
Structuurvisies De volgende tekst staat in structuurvisie Ligt op groen!6 over de landgoederenzone: Nieuwe bebouwing vinden we niet passend In dit deelgebied kennen we een gelijkwaardig belang toe aan natuur, landschap, cultuurhistorie en landbouw. Het beleid is gericht op behoud van de geves gde waarden en func es, dus ook agrarische bedrijven. Daarnaast vinden we het gebied bij uitstek geschikt voor extensieve vormen van recrea e. Naast behoud zet de gemeente voor dit gebied dan ook in op ontwikkeling van de recrea e, gebonden aan het krach ge concept ‘landgoederen’. Uiteraard moet dit concept worden ingepast zonder bestaande waarden aan te tasten Nieuwe bebouwing vinden we niet passend. Recrea ef hergebruik van bebouwing krijgt wel de ruimte. Verder besteden we veel aandacht aan een betere ontslui ng van het gebied voor langzaam verkeer en willen we het gemotoriseerd verkeer terugdringen.
6
Gemeente Brummen, Ligt op groen!, 2006 7
Ook formuleerde de gemeente Brummen in 2013 haar visie7 op de landgoederen en buitenplaatsen in de gemeente. Daarin noemt ze Huis Den Bosch, Groot Engelenburg en Klein Engelenburg als waardevol. Verder vermeldt de Toekomstvisie 20308 de landgoederen in Brummen als een van de drie speerpunten.
Programma groen Biodiversiteit en klimaat staan centraal in het Programma groen. Het vertaalt het gemeentelijk beleid over bomen en ander groen in en tussen bebouwing, over aanpassingen die nodig zijn door klimaatverandering en over maatregelen om de ook in Brummen snel teruglopende biodiversiteit te stoppen.
Programma water en riolering Water en bodem sturend. Het Programma water en riolering stelt eisen aan nieuwbouw zodat problemen met grondwater worden voorkomen. Ook bevat het programma criteria om rekening houdend met grondwater geschikte loca es te selecteren voor woningbouw.
Nota ruimtelijke kwaliteit Landschap, cultuurhistorie en archeologie zijn voorbeelden van onderwerpen die op de Wvg-loca es zeker zullen spelen. De Nota ruimtelijke kwaliteit bevat belangrijke kaders voor het onderzoeken van de haalbaarheid.
Nota mobiliteit Bereikbaarheid kan een beklangrijk onderwerp blijken bij het onderzoeken van de haalbaarheid. De Nota mobiliteit gaat onder andere over bereikbaarheid. Op verkeer wordt in dit onderzoek teruggekomen in hoofdstuk 6.
Bestemmingsplannen In het bijzonder op het bestemmingsplan voor bedrijventerrein De Hazenberg9 wordt teruggekomen in hoofdstuk 4, vanwege de voor het bedrijventerrein geldende mileuzonering.
2.5 Waterschap Vallei en Veluwe Het waterschap stelt kaders ten aanzien van met name het oppervlaktewater.
Gemeente Brummen, landgoed zonder grenzen, 2013 Gemeente Brummen, Innoveren met oude waarden, Toekomstvisie 2030, 2013 9 Gemeente Brummen, Bestemmingsplan Uitbreiding bedrijventerrein De Hazenberg, 2012 7 8
8
3
Gebiedsanalyse: velden langs s l bos en historische buitenplaatsen Het gaat om 3 gebieden ten westen van Brummen, twee grote en een kleine. Ze vormen een groene zoom tussen de landgoederen en de spoorlijn met daarachter de bebouwing van de kern Brummen. De eerste loca e is nog geen hectare groot en grenst aan bebouwing van de kern Leuvenheim. Het wordt nu als grasland gebruikt. Zie figuur 3.1. De tweede loca e is ongeveer 17 hectare groot en wordt omgeven door het landgoed Groot Engelenburg, bedrijventerrein Hazenberg, de spoorlijn en de Eerbeekseweg. Het hele gebied wordt nu als grasland gebruikt door de bewoner van de boerderij Die Leije aan de L.R. Beijnenlaan. Die laan doorsnijdt het gebied, evenals het Hallsepad waarover toeris sche fietsroutes lopen. Zie figuur 3.2. De derde loca e is ook ongeveer 17 hectare groot en wordt omgeven door de Hammelerweg, de lintbebouwing langs de Oude Eerbeekseweg, de spoorlijn en de Leuvenheimse beek. Het hele gebied wordt nu als grasland gebruikt door de bewoner van de boerderij De Groote Boele aan de Oude Eerbeekseweg. Zie figuur 3.3.
Metelerkampweg
spoorlijn
Figuur 3.1
De loca e aan de Metelerkampweg (Bron: Kadaster)
9
Hazenberg
L.R. Beijnenlaan Groot Engelenburg
Eerbeekseweg
Figuur 3.2
De loca e langs de L.R. Beijnenlaan en Hazenberg (Bron: Kadaster)
10
Oude Eerbeekseweg
Brummense beek
't Hammeler
spoorlijn
Leuvenheimse beek
Figuur 3.3
De loca e langs de Hammelerweg (Bron: Kadaster)
11
4
Landschap en milieu: groen buffergebied voor de landgoederen Dit hoofdstuk is veruit het meest omva end, en terecht. Van landschap en milieu vallen zoveel aspecten te onderzoeken en daarover valt zoveel bespalends te concluderen.
4.1 Landschap: het verleden nog zichtbaar Veel rapporten en beleidsnota’s kenmerken het landschap van Brummen als een gebied tussen Veluwe en IJssel waarin landschap, natuur en menselijk gebruik kenmerkende verschillen tonen maar ook een duidelijke samenhang laten zien. Er tekent zich steeds een soort zonering af tussen de hoger gelegen, drogere zandgronden, de na e kwelmoerassen, de lemige gronden onder invloed van vroegere rivierdynamiek, en de IJssel.
Landgoederenzone Naast de IJssel en de Veluwe met zijn flanken, zijn vooral de reeks landgoederen binnen de gemeente gezichtsbepalend. Verweven en omgeven door landbouwgebieden, natuurgebieden en kleine dorpen en buurtschappen maken deze landgoederenzone tot een bijzonder uniek cultuurhistorisch landschap. Alle landgoederen maken van oudsher gebruik van de aanwezige watersystemen voor hun grachtensystemen, onderhielden bossen voor hout, jacht en dergelijke en als landbouwgebied voor onder meer pachtopbrengst en voedsel. Open weilanden, moerasgebieden en heide (uit de jd van de zogenoemde ‘marken’: gezamenlijke graasgronden van de boerengemeenschappen), besloten natuurgebied, laanstructuren, fraaie gebouwen en verspreide boerderijen: ze maken de landgoederenzone herkenbaar, belee aar en een geliefd wandel- en fietsgebied. De nog intacte landgoederenzone en omgeving vormen een uniek visitekaartje van de gemeente Brummen, hee een grote meerwaarde voor de lee aarheid van de lokale bevolking en is zeer aantrekkelijk voor recrea e van binnen en buiten de gemeente. De natuur- en landschapswaarden en de cultuurwaarden zijn niet voor niets groot; er is sprake van veel ‘ongereptheid’ en autenthiciteit. De gebieden zijn lang geleden ontstaan en weinig tot niet aangetast. Dit is voelbaar en maakt dat vooral de natuurwaarden en landschappelijke waarde van hoog niveau zijn.
In jden van wereldwijde a alving van gezonde ecosystemen, van onze resterende natuurgebieden en enorme achteruitgang in soortenvaria e in de planten- en dierenwereld en een daarmee samenhangende klimaatcrisis zijn de Natuurparels die Brummen herbergt zeer nodig om de nog gezonde lee limaten in stand te houden, en zelfs te verbeteren waar mogelijk. Landgoed Groot Engelenburg gee de kern Brummen mede haar visitekaartje. De oude laanstructuren, bosgebied en open ruimtes, en de glimp op het fraaie oude landhuis, geven veel cachet aan de gemeente en zijn naadloos met het dorp verweven. Vooral de lanen afgewisseld met open ruimten vormen een krach g beeld. Dit landschap zet zich voort, als een aaneengesloten natuurlijke corridor, in de landgoederen rond Huis Den Bosch en de Wildbaan.
Landschapstypen De laatste jaren wordt vooral gewerkt vanuit een zonering die globaal 6 deelgebieden karakteriseert. Figuur 4.1 toont hiervan een schets die ook door de gemeente wordt gehanteerd. Het betre in de eerste plaats de zonering van de verschijningsvormen van het landschap. In vergelijkbare schetsen door het Landschapsnetwerk Brummen zijn ook de onderliggende dynamiek van de oostwestlopende beeksystemen opgenomen. 13
Figuur 4.1
Landschapstypen10
Twee Wvg-loca es vallen binnen de grenzen van de Landgoederenzone. De loca e aan de Metelerkampweg zou je als onderdeel van de Oeverwalzone kunnen beschouwen, omdat die dicht tegen de dorpskern aanligt. Maar een deel van de kern Leuvenheim valt binnen het Landgoederenzone en het ligt voor de hand om het spoor als grens te beschouwen. Aan de westkant van het spoor proe men ook het ‘oudere’ landschap van de Landgoederenzone, en aan de andere kant is de dynamiek van het riviergebied meer voelbaar: in de Oeverwalzone met bebouwing, wegen, hoger gelegen bouwlanden en de dijk en uiterwaarden. Zeker in Brummen gee dit veel houvast voor het ontwikkelen binnen de gemeente. De biomorfologische kaart11 in figuur 4.2 laat zien dat de Wvg-loca es langs de Oude EerbeeksewegHammelerweg binnen het Gelders Natuur Netwerk vallen en Wvg-loca es aan de L.R. BeijnenlaanHazenberg in de Landgoederenzone. Opmerkelijk is dat op Planviewer12 aan de Wvg-loca es de gebiedsaanduiding Oeverwallenlandschap wordt gegeven. Planviewer wijkt daarmee af van de gebiedsaanduiding Landgoederenzone die de gemeente Brummen hanteert. De gebeidsaanduidingen zijn te zien in de figuren 4.2 en 4.3.
Claringbould, M., S ch ng Landschapsnetwerk Brummen Econsultancy, Biodiversiteit gemeente Brummen, 2021 12 www.planviewer.nl 10 11
14
Wvglocatie
Wvglocatie
Wvglocatie
Figuur 4.2
Wvglocatie
Biomorfologische kaart (Bron: Econsultancy)
Hazenberg
Groot Engelenburg Wvg-locatie kern Brummen
Brummense beek
Wvg-locatie 't Hammeler
Leuvenheimse beek
Figuur 4.3
Landgoederenzone (Bron: Planviewer) 15
Groot Engelenburg Wvglocatie
kern Brummen
Brummense beek 't Hammeler
Wvglocatie
Leuvenheimse beek
Figuur 4.4
Oeverwalzone (Bron: Planviewer)
4.2 Kwetsbare oude natuur op de aangrenzende landgoederen De waardevolle natuur in de provincie is uitgebreid in kaart gebracht in het Gelders Natuurnetwerk, de Groene Ontwikkelingszones en de Natura 2000-gebieden. Het gaat met name om:
Na e natuur Natuurparels Oude bosgroeiplaats A-loca e bos Cultuurhistorische lanen
Ook zijn er beschermde diersoorten en soorten van na onale Rode lijsten13 waargenomen op de Wvg-loca es. De provincie hee regels opgesteld die ervoor moeten zorgen dat ontwikkelingen geen
13
www.nederlandsesoorten.nl/rode-lijsten 16
schade toebrengt aan de natuur14. Bij een onderzoek naar haalbaarheid van bebouwing horen volgens de provincie in ieder geval: Vereiste onderdelen van een haalbaarheidsonderzoek Actuele en poten ële natuurwaarden Soorten die beschermd zijn volgens de Wet natuurbescherming Soorten van na onale Rode lijsten Ecologische samenhang. Kwaliteit van lucht, water en bodem S lte, rust en duisternis Landschappelijke, cultuurhistorische, geomorfologische en bodemkundige waarden en het reliëf
Het Gelders Natuurnetwerk Een groot aantal Gelderse natuurgebieden vormen samen het Gelders Natuurnetwerk. Het zijn bestaande en nieuw ontwikkelde natuurgebieden die Groene Ontwikkelingszone worden genoemd. Door de gebieden van het Gelders Natuurnetwerk met elkaar te verbinden kunnen planten en dieren van het ene gebied naar het andere verplaatsen. De samenhang van de Gelderse natuurgebieden is goed zichtbaar in figuur 4.5.
Figuur 4.5
14
Gelders Natuurnetwerk (Bron: provincie Gelderland)
geolink.gelderland.nl/gelders-natuurnetwerk-uihjy 17
De gemeente Brummen hee in het paraplubestemmingsplan Bos-, natuur- en waterbestemmingen15 regels opgenomen voor de bescherming van gebieden in het Gelders Natuurnetwerk en de Groene Ontwikkelingszone. Die regels moeten voorkomen dat nieuwe ontwikkelingen een nega ef effect hebben op de natuur, nu en in de toekomst. Het Gelders Natuurnetwerk is opgedeeld in verschillende gebieden. De gemeente Brummen valt bijna helemaal in een enkel deelgebied. De provincie Gelderland benoemt de volgende kernkwaliteiten van het deelgebied waar Brummen in valt16: Kernkwaliteiten Gelders natuurnetwerk en Brummen De overgang van de droge Veluwe naar de na e flanken en naar de IJssel en IJsselvallei waarbinnen uitwisseling van planten en dieren mogelijk is Onderdeel van Na onaal Landschap Veluwe Het vanuit ecologisch opzicht samenhangend geheel van landgoederen en beken waarin soorten als de das, amfibieën en vleermuizen voorkomen Natura 2000-gebied Landgoederen Brummen Parel Leusveld - Voorstonden Parel Den Bosch: goed ontwikkeld beek-begeleidend bos en bos van leemgrond voor; overgangen naar arm voch g en droog bos; bijzondere schakel in de Soerense Poort Parel Soerense Beek: waardevolle beek met kwel in boven-, midden- en benedenloop Ecologische verbindingszone Eerbeek - IJssel, tevens klimaatcorridor Leefgebied steenuil Leefgebied kamsalamander Beken, zoals de Leuvenheimse
beek Cultuurhistorische waarden van onder meer nederze ngen, oude ontginningen (enken), verkavelingspatronen en boerderijen; Aardkundige waarden, kwel, bodem, grondwaterreservoir De parel landgoed Den Bosch ligt tegen de Wvg-loca es aan en de Leuvenheimse beek ligt er zelfs middenin. De Leuvenheimse beek is onderdeel van het Gelders Natuurnetwerk en hee daarmee een beschermde status. De Wvg-loca e aan de Hammelerweg is ten zuiden van de Leuvenheimsebeek aangewezen als Groene Ontwikkelingszone. De loca e maakt deel uit van de verbindingszone van landgoed Den Bosch naar het landgoed De Rees en naar Natura 2000-gebied Rijntakken. De brede zone van het Gelders Natuurnetwerk en de Groene Ontwikkelingszone ten westen van de Wvg-loca es aan de Hammelerweg, verbindt natuurgebied Den Bosch met de natuur van Groot Engelenburg. Het is daardoor ook onderdeel van de verbinding Natura 2000-gebied Veluwe met Natura 2000-gebied Brummen Landgoederen. Dit is zichtbaar in figuur 4.6.
BJZ.nu, Paraplubestemmingsplan Bos-, natuur- en waterbestemmingen, 2022 Provincie Gelderland, Omgevingsverordening Gelderland, bijlage Kernkwaliteiten Gelders natuurnetwerk en Groene ontwikkelingszone 15 16
18
Natura 2000
Groot Engelenburg
Huis Den Bosch
kern Brummen
Natura 2000
de Wildbaan
Natura 2000
Figuur 4.6
Natura 2000-gebieden en verbindingszones (Bron: provincie Gelderland) Gearceerd: Natura 2000 Groen: Gelders Natuurnetwerk Lichtgroen: Groene Ontwikkelingszone Rood: Wvg-loca es Pijlen: verbindingszones
19
Bijzonder broekgebied Direct grenzend aan de Wvg-loca es ligt het grootste bijzondere broekgebied van Gelderland.17
kern Brummen
Figuur 4.7
Bijzonder broekgebied en na e landnatuur met zijn beschermingszones (Bron: provincie Gelderland)
Veel na e landnatuur is terug te vinden in dit gebied. Naast Natura 2000 is juist de bescherming van na e landnatuur een belangrijke pijler onder de bescherming van de Gelderse biodiversiteit. De provincie hee daarom beschermingszones voor na e landnatuur aangewezen en een deel van de Wvg-loca es hee die status. Dit is zichtbaar in de figuren 4.7 en 4.8.. Als voor een ontwikkeling in zo'n beschermingszone een bestemmingsplan moet worden aangepast en die ingreep hee een nadelig effect op de na e landnatuur, dan kan die aanpassing niet zomaar. Het mag alleen als sprake is van een groot openbaar belang, er geen reële alterna even zijn en de nadelige effecten worden gemi geerd of gecompenseerd.18 17 18
geolink.gelderland.nl/7-ten-oosten-van-eerbeek geolink.gelderland.nl/beschermingszone-na e-landnatuur-sjfxb 20
Groot Engelenburg
kern Brummen
Brummense beek 't Hammeler
Wvg-locatie Leuvenheimse beek
Huis Den Bosch
Figuur 4.8
Na e landnatuur beschermingszones (Bron: provincie Gelderland)
Natuurparels van Gelderland De provincie hee Lichtenbelt en Groot Engelenburg aangewezen als Natuurparels. Het landgoed Den Bosch ligt in Lichtenbelt. De provincie ziet haar Natuurparels als de meest waardevolle en zeldzame natuur. Ze worden gekenmerkt door de grootste dichtheid aan beschermde soorten en bedreigde soorten van de Rode lijst. In Gelderland zijn 168 Natuurparels en daarvan zijn er 7 in Brummen.19 De Natuurparels rond de Wvg-loca es zijn weergegeven in figuur 4.9. Het deel van de Leuvenheimsebeek dat direct naast de Wvg-loca e ligt, is aangewezen als Natuurparel.
19
Provincie Gelderland, Ac eve soortenbescherming Gelderland, 2015 21
Figuur 4.9
Natuurparels van Gelderland (Bron: provincie Gelderland) Oranje: Natuurparel Groen: Gelders Natuurnetwerk
Groot Engelenburg Wvglocatie
kern Brummen
't Hammeler Wvglocatie
Huis Den Bosch
Figuur 4.10
Natuurparels in Brummen (rood) (Bron: provincie Gelderland)
22
Oude bosgroeiplaatsen De bossen van landgoed Den Bosch en Engelenburg zijn oude bosgroeiplaatsen. De aanduiding van oude bosgroeiplaatsen is gebaseerd op de eerste kadastrale registra e begin 19e eeuw20. Percelen die toen als bos werden aangeduid en dat nog steeds zijn, zijn bijzonder waardevol doordat bodem, bodemleven en vegeta e voldoende jd gehad hebben om op elkaar afgestemd te raken. Dit is bevorderlijk voor de weerbaarheid van het bosecosysteem tegen plagen en andere invasieve gebeurtenissen.
kern Brummen
Figuur 4.11
20
Oude bosgroeiplaatsen (Bron: HISGIS)
HISGIS, www.cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/bronnen-en-kaarten/overzicht/hisgis 23
A-loca e bossen De bossen van Den Bosch zijn gekenmerkt als A-loca e bos. Dit is weergegeven in Figuur 4. A-loca e bossen worden vanwege hun botanische kwaliteit beschouwd als voorbeelden van de in Nederland voorkomende natuurlijke bosgemeenschappen. In totaal zijn er drie van zulke A-loca e bossen in de gemeente Brummen en 70 in de provincie Gelderland. De bossen van Den Bosch zijn zowel oude bosgroeiplaats als A-loca e, wat ze extra bijzonder maakt. In Gelderland is deze combina e zeldzaam.
kern Brummen Wvglocatie
Figuur 4.12
A-loca e bossen in de gemeente Brummen (Bron: Ins tuut voor Bos- en Natuuronderzoek Wageningen)
Wageningse onderzoekers schreven over landgoed Den Bosch als A-loca es bos:21 Landgoed Den Bosch hee zeer waardevolle bossen De loca es zijn vanwege de varia e in bosgemeenschappen, soortensamenstelling en structuur zeer waardevol. De betekenis van de A-loca es wordt vergroot door de ligging in het overgangsgebied tussen de Veluwe en de IJssel. Het gierstgras-beukenbos is met name karakteris ek voor leemgronden. Door de zware oude bomen is de landschappelijke betekenis groot. Deze zeldzame bosgemeenschap komt nog maar weinig als beukenbos voor in deze oppervlakte. Beperking van het intensieve karakter van het landbouwkundig gebruik rond de A-loca e wordt aanbevolen. Den Ouden, J.B. et al, Ins tuut voor Bos- en Natuuronderzoek Wageningen, A-loca e bossen in Gelderland, 1996 21
24
Om verdroging tegen te gaan dienen waterbeheerkundige maatregelen zo spoedig mogelijk genomen.
Cultuurhistorische lanen Lanen zoals aangegeven in figuur 4.13 worden als landschapselementen beschreven door BIJ12:22 Lanen zijn belangrijk, ook voor vogels en vleermuizen Lanen zijn belangrijke onderdelen van landgoederen en geven vaak de structuur aan. Niet zelden bevindt zich het landhuis aan het eind van een laan, of biedt een laan een ver zicht naar een markant punt in de omgeving. Zeker oudere lanen met markante bomen kunnen zeer indrukwekkende landschapselementen zijn. Lanen zijn van belang voor aan oude bomen of boomholten gebonden vogels en vleermuizen. Verder zijn ze van belang voor op bomen groeiende mossen en korstmossen en oude lanen waar jaarlijks weinig strooisel blij liggen zijn van groot belang voor zeldzame mycorhizapaddestoelen. De samenhang tussen verschillende soorten flora en fauna is dus duidelijk zichtbaar in deze lanen en maakt ze tegelijker jd kwetsbaar voor verstoring. Ze zijn het leefgebied van verschillende soorten vleermuizen, waaronder de soort ‘laatvlieger’ die een beschermde status hee . Vleermuizen zijn gevoelig voor lichtvervuiling. Dit wordt verder beschreven in paragraaf 4.2.8 over lichtvervuiling.
't Hammeler Wvg-locatie
Leuvenheimse beek
Figuur 4.13
Cultuurhistorische lanen
www.bij12.nl/onderwerp/natuursubsidies/index-natuur-en-landschap/landschapselemen ypen/ l01-groenblauwe-landschapselementen/l01-07-laan 22
25
Bedreigde soorten van de Rode lijst Op Rode lijst23 staan dier-, planten- en schimmelsoorten die in hun voortbestaan worden bedreigd. Bovendien staan er beschermingsmaatregelen op om deze soorten weer in aantal te laten toenemen. Van een aantal dier- en plantensoorten op en rond de Wvg-loca es weten we dat ze op de Rode lijst staan. Aan de hand van een eerste inventarisa e kon het volgende vastgesteld worden:
Vleermuizen wonen in het open gebied van de landgoederenzone, en in combina e met de rechtlijnige lanen is het hun ideale leefgebied. De lanen vormen een oriënta epunt in de vliegpatronen van de vleermuizen en de na e natuur dient als foerageergebied. Bekend is dat verschillende soorten vleermuizen leven op en rond de Wvg-loca es, waaronder de soort laatvlieger die op de Rode lijst staat. De haas staat op de Rode lijst en lee op de Wvg-loca es langs de Hammelerweg en de L.R. Beijnenlaan. Er komen dusdanig veel hazen voor dat het leefgebied als uitstekend beoordeeld kan worden. Ontwikkeling zou verdwijning van deze leefgebieden betekenen. De raaf en de steenuil zijn andere soorten van de Rode lijst die op de Wvg-loca es leven.
Dat de Wvg-loca es direct naast of nabij Natuurparels en ‘lanen vol leven’ liggen, vraagt uitgebreid ecologisch onderzoek naar de gevolgen van ontwikkelingen op de kwetsbare dier- en plantensoorten die er leven. Zo’n uitgebreid onderzoek kost jd, maar daarmee wordt een gedegen beeld verkregen van de aanwezige dier- en plantensoorten. Een voorbeeld van zo’n onderzoek is de Natuurtoets die de gemeente Brummen vorig jaar liet doen voor De Voort.
23
www.nederlandsesoorten.nl/rode-lijsten 26
4.3 Lichtvervuiling Lichtvervuiling is in Nederland een groeiend probleem. Straatverlich ng, neon- en ledreclames en andere lichtbronnen zijn doorgaans func oneel maar verstoren ook aanwezige nach auna. De huidige en de voorspelde lichtemissie in Brummen is weergegeven in figuur 4.14. Het rechter plaatje is een geëxtrapoleerde versie van het linker plaatje. Het rechter plaatje gee de lichtemissie weer als grootschalig woningbouw aan de L.R. Beijnenlaan en Hammelerweg zou hebben plaatsgevonden. De kunstma ge lichtemissie op de natuur is daarmee hoger.
Wvglocaties
Figuur 4.14
Links: huidige lichtemissie Rechts: voorspelde lichtemissie na bebouwing van de Wvg-loca es
Verstoorde vleermuizen
Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat lichtemissie een verstorend effect hee op het foerageergedrag en vliegpatroon van vleermuizen.24 Zo'n verstorend effect treedt al op bij lage waarden van lich ntensiteit, zelfs als die slechts iets boven ded natuurlijke waarden van lich ntensiteit ’s nachts liggen. Lichtemissie door woningen en andere ontwikkelingen hee dan ook een nega ef effect op de leefomgeving van vleermuizen.
4.4 Verstoring van s lte en rust Na de corona jd zijn mensen meer gaan wandelen in de natuurgebieden. Daarmee is de druk toegenomen op natuurgebieden en stelt beheerders zelfs voor het dilemma of gebieden niet moeten worden afgesloten. Ecoloog Allard van Leerdam en recrea eadviseur Guus Verhorst, allebei van Staatsbosbeheer, analyseerden het probleem en benadrukken de noodzaak van rust.25 Deze situa e is ook denkbaar bij de Natuurparels Groot Engelenburg en Den Bosch. Ook het aantal huisdieren zou door grootschalige nieuwbouw toenemen. Denk aan huiska en die mogelijk op kwetsbare dieren gaan jagen. Het aantal honden zou toenemen en daarmee dat honden in de kwetsbare gebieden worden uitgelaten.
www.vleermuis.net/meer-weten/overige-publica es/overig/light-pond-bats/viewdocument/324 www.staatsbosbeheer.nl/wat-we-doen/nieuws/2024/04/dilemma-moet-de-natuur-op-slot-als-hette-druk-wordt 24 25
27
4.5 Water en bodem sturend: risico's op de Oeverwal De kern Brummen is grotendeels op een ‘oeverwal’ gebouwd. Dit verhoogd gebied is ontstaan door fluvia ele processen, verleggingen van de rivierbeddingen, en vervolgens, jdens droge ijs jden verder opgehoogd, toen de wind hier zand van de zuidelijke Veluwe afze e. Zo vormde zich een reeks van heuvels van leemhoudend zand van een paar meter hoog. De oorspronkelijke beken, die gevormd werden door afvoer van kwelwater uit de Veluwe en afstromend regenwater rich ng de IJssel, hebben dit beekdallandschap verder gemodelleerd. Ook de rivier bleef een rol spelen in de vorming van laagtes achter en tussen de hierboven beschreven oeverwallen.
Brummense beek
Wvg-locatie 't Hammeler Leuvenheimse beek
Figuur 4.15
26
Hoogtekaart26 (Bron: AHN)
Actueel Hoogtebestand Nederland , www.ahn.nl 28
De Wvg-loca e aan de Hammelerweg hee op Planviewer ook als gebiedsaanduiding ‘oeverwal’. Dat suggereert dat de percelen op die loca e hooggelegen zijn. Maar dat is maar ten dele het geval. Figuur 4.15 toont de hoogtekaart van de percelen aan de Hammelerweg. Er is duidelijk een verschil in hoogte. Een deel ligt op een hogte van rond 9 meter NAP, wat gelijk is aan de gemiddelde hoogte van Brummen. Maar een groter deel, ongeveer 10 hectare, ligt op een hoogte van rond 8 meter NAP.
Crevassegeul Op de geomorfologische kaart is dit gebied aangeduid met ‘overloop’ of Crevassegeul. Figuur 4.16 gee dit weer. Lang geleden ontstond deze Crevassegeul bij een zeer hoge stand van de IJssel en tegelijk opstuwend kwelwater. Het water stond zo hoog dat het over de oeverwal stroomde en in een doodlopende kom achter de oeverwal terecht kwam. Door de stroming van het water werd grond van de oeverwal weggespoeld en zo ontstond er een geul die de Brummense oeverwal en de Leuvenheimse oeverwal hee doorbroken. Het water achter de oeverwal kon niet wegstromen. Na verloop van jd liep het water door de geul rich ng de IJssel, de plek waar nu de Leuvenheimsebeek en Brummensebeek samenkomen. De vorm van de Crevassegeul is nog goed zichtbaar vanaf de Hammelerweg.
Crevassegeul
Wvg-locatie
Figuur 4.16
Crevassegeul 27 (Bron: Arcgis)
Verdroging én wateroverlast De aanleg van het gemaal bij de Arnhemsestraat in de jaren zeven g hee ervoor gezorgd dat de percelen aan de Hammelerweg droog blijven. Voor de aanleg van het gemaal overstroomde dit gebied regelma g. Ook zijn de lopen van de Leuvenheimsebeek en de Brummensebeek in de jaren zeven g rechtgetrokken. Dit hee inmiddels gevolgen voor aansluitende gebieden, zoals die van het 27
www.arcgis.com/home/webmap/viewer.html?layers=5d59b72aa2c34f06a88bb045a9770c4b 29
landgoed Huis Den Bosch. Waar voorheen veel ruimte was voor vasthouden van de schone kwelwaterstromen, bijvoorbeeld in de landschappelijk unieke raba enbossen, en overloopgebieden, wordt het water nu direct afgevoerd naar de IJssel. Daardoor krijgen ook deze landgoederen last van verdroging. In hele na e jden gebeurt juist het omgekeerde: als de huidige beeklopen het water niet meer snel genoeg kunnen wegpompen, ontstaat er aan het eind van de waterstroom, bij de Pothof en het Hammeler, juist wateroverlast.
Grondwater Het grondwaterpeil in deze laaggelegen gebieden is weergegeven in figuur 4.17. Voor een deel van de percelen is het hoogste gemiddelde grondwaterpeil lager dan 0,2 meter. Figuur 4.18 laat zien dat er behoorlijk kwel is op de aangewezen percelen. Dit betekent dat deze percelen flink opgehoogd moeten worden om toekoms ge bewoners geen overlast te geven bij hoge grondwaterstand. Een soortgelijke verhoging hee plaatsgevonden bij de aanleg van de Pothof. In figuur 4.19 is zichtbaar dat de gronden van de Pothof met ongeveer 1meter opgehoogd zijn om woningbouw mogelijk te maken. Als dit ook gedaan moet worden bij alle laaggelegen percelen op de Wvg-loca es, zal veel grond aangevoerd moeten worden. Een gebied van ongeveer 10 hectare moet zeker 1 meter opgehoogd worden, wat neerkomt op 100.000 kuub grond ofwel 4.000 vrachtwagens. Dit is een grote logis eke klus en levert extra uitstoot van CO2 en s kstof op.
Grondwaterpeil
Wvg-locatie
Figuur 4.17
Hoogste gemiddelde grondwaterpeil
30
Ook het huidige ecosysteem zal hier onomkeerbaar worden doorbroken, en de kans om dit juist te verbeteren raakt voorgoed verkeken. Het landschapsaanzicht verandert aanzienlijk en de Crevassegeul wordt daarmee doorbroken. De open laagte met waterloop is nu nog goed zichtbaar, maar deze zichtbaarheid verdwijnt door woningbouw. De woningbouw passend maken in het landschap is daardoor niet mogelijk.
Wvglocatie
Figuur 4.18
Kwel en infiltra e
Hydrologische risico’s Bouwen aan het Hammeler in Brummen brengt dus aanzienlijke hydrologische risico's met zich mee, vooral door de verhoogde kans op overstromingen en verstoringen in de grondwaterhuishouding. Hierbij speelt de no e dat het Hammeler op een Oeverwal gelegen is. De Oeverwal is in de loop der eeuwen op diverse plaatsen doorsneden. Bijvoorbeeld het Hammeler zelf ligt in een rela ef laaggelegen, waterrijk gebied nabij de IJssel en benedenstrooms de afwatering vanuit de hoger gelegen gronden. Met andere woorden, het gaat om een gebied waar de bodem al gevoelig is voor wateroverlast, met sterke kwelwerking. Hierbij spelen een overstromingsrisico als ontregeling van de grondwaterhuishouding. Overstromingsrisico Het Hammeler ligt rela ef zeer nabij de IJssel, een rivier die zeer gevoelig is voor fluctua es in waterpeil, vooral jdens periodes van hevige regenval of smeltwater uit hoger gelegen gebieden.
31
Bouwen in dit gebied verhoogt sterk het risico op overstromingen, omdat nieuwe construc es de natuurlijke waterafvoer zullen belemmeren. Dit kan ertoe leiden dat regenwater zich ophoopt in plaats van op natuurlijke wijze weg te stromen, waardoor overstromingskansen significant toenemen. Bij overstromingen kan water zich verspreiden naar omliggende gebieden, zoals de Pothof en direct aanpalende bebouwing. Het kan leiden tot erns ge ontregeling van de waterhuishouding in de rest van de omliggende natuurgebieden en landbouwgronden.
Ontregeling van de grondwaterhuishouding Het bouwen in dit gebied verstoort de natuurlijke waterdoorlatendheid van de bodem. Verharding, zoals asfalt en gebouwen, vermindert het vermogen van de grond om water op te nemen, wat kan leiden tot een s jging van het grondwaterniveau. Ook een verstoorde grondwaterhuishouding kan nadelige gevolgen hebben voor belendende natuurgebieden, landbouwgrond, en zelfs voor bestaande bebouwing in de omgeving. Voor gebieden rondom het Hammeler kan dit tot verzakkingen, vochtproblemen in gebouwen leiden. De nega eve invloed op de waterbalans in het Hammeler kan zich uitbreiden naar naastgelegen gebieden, zoals de reeds genoemde direct aanpalende woningen en de Pothof. Het kan leiden tot substan eel hogere onderhoudskosten voor infrastructuur en waterbeheer, en extra investeringen in pompen en drainagesystemen. De omliggende natuur zal hoe dan ook gevolgen ondervinden door verdroging of juist wateroverlast, wat de biodiversiteit nega ef beïnvloedt. Dit zou niet alleen schadelijk zijn voor flora en fauna, maar ook voor de recrea eve waarde van het gebied. Ook verandert het landschapsaanzicht aanzienlijk en de Crevassegeul wordt daarmee doorbroken. Deze Crevassegeul is nu nog goed zichtbaar, maar deze zichtbaarheid verdwijnt door eventuele bouw. Woningbouw passend maken in dit landschap is daardoor niet mogelijk.
Ook de percelen op de Wvg-loca es aan de L.R. Beijnenlaan zullen opgehoogd moeten worden om woningbouw mogelijk te maken. Alhoewel er hier minder grond nodig is, verandert ook hier het landschapsaanzicht aanzienlijk door ophoging en ook hier is er geen sprake van woningbouw passend in het landschap.
Pothof
Figuur 4.19 28
Hoogte profiel Pothof28
Actueel Hoogtebestand Nederland, www.ahn.nl
32
4.6 S kstofdeposi e in het Leusveld en de uiterwaarden van de IJssel Voor het behouden van de biodiversiteit hee de Europese Unie richtlijnen opgesteld die bedreigde plant- en diersoorten en leefgebieden in Europa beschermen. De Rijksoverheid hee deze Europese Vogel- en Habitatrichtlijnen vertaald in de Wet natuurbescherming. De Wet natuurbescherming bevat regels voor plannen, zoals bestemmingsplannen, en projecten, zoals bouwprojecten. Het is daardoor verplicht om bestemmingsplannen en bouwprojecten te beoordelen op de gevolgen voor Natura 2000-gebieden. Voor dit onderzoek gaat dat in het bijzonder om de Natura 2000-gebieden Rijntakken, met de uiterwaarden van de IJssel en Landgoederen Brummen, met het Leusveld die vlakbij de gebieden liggen waar het college eventueel zou willen gaan bouwen. Die beoordeling moet het college doen in een zogenoemde voortoets s kstof. Als uit de voortoets blijkt dat een bestemmingsplan of bouwproject nega eve effecten zal hebben op een Natura 2000gebied, moet het college bovendien een zogenoemde passende beoordeling met uitgebreid ecologisch onderzoek doen en bij de provincie een natuurvergunning aanvragen. Het college zal bij het doen van de passende beoordeling goed rekening moeten houden met de instandhoudingsdoelstellingen voor het gebied.
Het college mag daarbij het effect van zogenoemde mi gerende, dus compenserende, maatregelen meetellen, zoals extern salderen. Extern salderen is het verrekenen dat een ac viteit stopt die s kstof uitstoot op een andere loca e. De posi eve effecten van die mi gerende maatregelen moeten dan wel onomstotelijk vaststaan en betrekking hebben op hetzelfde Natura 2000-gebied. Wanneer er, ondanks mi gerende maatregelen, nog steeds sprake is van een nega ef effect op een Natura 2000-gebied, dan kan de provincie alleen nog een vergunning verlenen aan de hand van een streng toetsingskader: Er mogen geen alterna even zijn, er moet sprake zijn van dwingende redenen van groot openbaar belang en de gemeente moet compenserende maatregelen treffen die ervoor zorgen dat de algehele samenhang van Natura 2000 bewaard blij . Dit wordt de ADC-toets genoemd. De gemeenteraad kan uiteindelijk een bestemmingsplanwijziging pas vaststellen als de passende beoordeling laat zien dat het wetenschappelijk gezien zeker is dat geen Natura 2000-gebieden aangetast gaan worden. Op haar beurt zal de provincie pas een natuurvergunning verlenen als zeker is dat een bouwproject geen natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden zal schaden.
S kstofuitstoot door bouwac viteiten Tot eind 2022 beva e de Wet natuurbescherming de zogenoemde ‘bouwvrijstelling’, waardoor geen rekening hoefde te worden gehouden met de s kstofuitstoot door bouwac viteiten. De minister meende dat de bouwvrijstelling niet tot aantas ng van Natura 2000-gebieden zou leiden, en wel vanwege zijn bredere ‘pakket aan maatregelen’. Dit pakket aan maatregelen zou op landelijk niveau leiden tot een grote verbetering van de natuur, zodat de s kstofgevolgen van bouwac viteiten daartegen zouden wegvallen. Maar de bouwvrijstelling voldeed niet aan het Europese natuurbeschermingsrecht. Een project mag namelijk alleen worden uitgevoerd als uit onderzoek blijkt dat afzonderlijke beschermde natuurgebieden daardoor geen schade oplopen. Eind 2022 bepaalde de Raad van State daarom dat de bouwvrijstelling niet meer mag worden toegepast29. Het wegvallen van de bouwvrijstelling gaat sindsdien alle nieuwbouwprojecten aan. Zolang de rechter er geen streep door zet, voert de provincie voor projecten met een s kstofdeposi e tot 0,1 mol/hectare/jaar jdens de bouwfase nog het beleid dat geen passende beoordeling en geen
29
Raad van State, www.raadvanstate.nl/@133608/bouwvrijstelling-s kstof-van-tafel 33
natuurvergunning nodig zijn.30 Voor plannen en projecten met een jdelijke s kstofdeposi e tot zo’n 0,5 mol/hectare/jaar, dus gedurende de bouwfase, blijkt in de prak jk dat die met een goede ecologische onderbouwing in de passende beoordeling meestal wel doorgang kunnen vinden. Het college moet in dat geval met zijn onderbouwing aantonen dat het project geen schade aan Natura 2000-gebieden toebrengt. Maar voor plannen en projecten met een s kstofdeposi e groter dan 0,5 mol/hectare/jaar zal het college er in de regel niet onderuit komen om mi gerende maatregelen te nemen. Lukt dat het college niet, dan kan de provincie de vergunning alleen nog verlenen aan de hand van de ADC-toets.31
S kstofuitstoot jdens gebruik Tijdens gebruik van woningen is het vooral het toegenomen autoverkeer dat de s kstofdeposi e op Natura 2000-gebieden structureel vergroot. Voor de meeste nieuwbouwwijken in Nederland zal dit niet noemenswaardig zijn, maar de onderzochte gebieden liggen dicht bij de Natura 2000-gebieden Rijntakken, met de uiterwaarden van de IJssel, en bij de Landgoederen Brummen, met het Leusveld als dichtstbijzijnde. Als de s kstofdeposi e groter blijkt dan 0,0 mol/hectare/jaar, zal het college een passende beoordeling met ecologische onderbouwing moeten doen en een natuurvergunning moeten aanvragen bij de provincie.
Een eerste indica e van de deposi ewaarden Als onderdeel van de voortoets zal het college de s kstofdeposi e gaan berekenen met de AERIUS Calculator van de Rijksoverheid. Dit haalbaarheidsonderzoek van de vereniging is niet met de AERIUS Calculator gedaan, maar beperkt zich tot een eerste indica e op basis van de Handreiking woningbouw en AERIUS32. Het college hee nog geen plan gepubliceerd voor eventuele nieuwbouw. Wel hee het college aangegeven dat alle loca es en percelen nodig zouden zijn om de gemeentelijke woningbouwopgave uit te voeren en is de gemeentelijke woningbouwprogrammering uitgangspunt. De indica es zijn daarom gebaseerd op de volgende uitgangspunten:
Elke loca e zou volledig nodig zijn om de gemeentelijke woningbouwopgave uit te voeren, zoals het college aan de raad hee gezegd bij het ves gen van het voorkeursrecht; Bebouwing van de 3 loca es zou voor de s ksto erekening tot 3 projecten leiden die elk niet mogen worden opgeknipt33; De woningdichtheid zou het gangbare aantal van 35 nieuwbouwwoningen per hectare zijn; Er zouden woningen gebouwd gaan worden die door gebruik geen s kstof uitstoten, dus defini ef zonder gas- of houthaarden en -kachels en zonder aanslui ng op het gasnet; Na de bouw zou het toegenomen autoverkeer de uitstoot van s kstof bepalen. De uitstoot door verkeer zou 0,27 kg s kstof per woning per jaar zijn; Dit onderzoek rekent met een lage inscha ng door de Rijksoverheid van de uitstoot van s kstof jdens de bouw, namelijk 3 kg per te bouwen woning. Het Economisch Ins tuut voor de Bouw gaat bijvoorbeeld uit van 5 kg s kstof per te bouwen woning;
BIJ12, Handreiking Voortoets S kstof, 2021 Economisch Ins tuut voor de Bouw, Effecten wegvallen bouwvrijstelling, 2023 32 Rijksoverheid, Handreiking woningbouw en AERIUS, 2020 33 Volgens vaste jurispruden e van de Raad van State moeten alle aspecten die onlosmakelijk samenhangen met een project - zowel in de aanlegfase als in de gebruiksfase - als één samenhangend project worden beoordeeld. Daarbij moet het totale woningbouwproject in aanmerking worden genomen. Een woningbouwproject op een en dezelfde loca e kan niet worden opgeknipt. Bron: Rijksoverheid, Handreiking woningbouw en AERIUS, 2020 30 31
34
De windrich ng kan de berekende s kstofdeposi e tot ±15% laten variëren, maar is buiten beschouwing gelaten. De ligging van de Natura 2000-gebieden Landgoederen (o.a. Leusveld) en Rijntakken (uiterwaarden van de IJssel) rondom rechtvaardigt dat voor deze inscha ng. De ruwheid van het terrein is buiten beschouwing gelaten. Tussen de onderzochte gebieden en de Natura 2000-gebieden is geen reliëf in het landschap of hoogbouw.
De Handreiking woningbouw en AERIUS bevat de omze ngstabel om met deze uitgangspunten een eerste indica e te geven van de jaarlijkse s kstofdeposi e in de Natura 2000-gebieden Landgoederen Brummen en Rijntakken, wat resulteert in tabel 4.1. Afstand tot Natura 2000-gebied (meter)
Eerste indica e s kstofdeposi e jdens de bouw (mol/hectare/jaar)
Eerste indica e s kstofdeposi e jdens gebruik (mol/hectare/jaar)
Wvg-loca e langs de L.R. Beijnenlaan/Hazenberg
1250
1,8
0,1
Wvg-loca e langs de Oude Eerbeekseweg/Hammelerweg
750
4,4
0,1
Wvg-loca e langs de Metelerkampweg
500
0,0
0,0
Tabel 4.1
Indica e s kstofdeposi e per Wvg-loca e
Bouwac viteiten op de Wvg-loca es langs de L.R. Beijnenlaan en Hazenberg en langs de Hammelerweg lijken dus te leiden tot een s kstofdeposi e die mi gerende maatregelen als extern salderen onvermijdelijk maakt. Ook na ingebruikname van de woningen lijkt bouwen in deze gebieden een structureel nega ef effect te hebben op de omringende Natura 2000-gebieden en zal een natuurvergunning van de provincie nodig zijn. Oorzaak daarvan is dan met name het autoverkeer van de bewoners.
4.7 Overlast en risico’s door trein- en wegverkeer Het spoor zal overlast gaan geven34. Er rijden langs de kern Brummen nu al zo’n 6 goederentreinen per etmaal en dat aantal zal de komende jd verdubbelen, juist ook ’s nachts. De Atlas Leefomgeving35 gee informa e over hoeveel hinder mensen ondervinden die bij het spoor wonen.
Gevaarlijke stoffen ProRail monitort het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor in Nederland en berekent welke risico’s daarmee gepaard gaan. ProRail signaleert ook waar de risico’s uitkomen boven de door het Rijk vastgestelde risicoplafonds. In het afgelopen kwartaal werd in Brummen geen risicoplafond De Stentor, Meer goederentreinen door Zutphen en Deventer, mogelijk met gevaarlijke stoffen: ‘Zorgt voor overlast’, 2024 35 www.atlasleefomgeving.nl/thema/geluid-in-je-omgeving/treinverkeer 34
35
overschreden, maar tussen Zutphen en Deventer gebeurde dat wel.36 De vraag is of na de ophanden zijnde verdubbeling van het aantal goederentreinen nog steeds geen risicoplafonds zullen worden overschreden.
Geluid en trillingen 2,4% van de Nederlanders ervaart erns ge hinder ervaart van treingeluid. Dat zijn zo’n 350.000 mensen. Veel voorkomend is dat mensen slecht slapen door treingeluid. In 2020 had 1,2% van de Nederlanders last van erns ge slaapverstoring. Bij mensen die binnen 300 meter van het spoor wonen is het hinderpercentage nog hoger. In de Pothof bijvoorbeeld is volgens de Atlas Leefomgeving de erns ge geluidshinder meer dan 4%. Naast geluid veroorzaken treinen ook trillingen. Van de mensen die op minder dan 300 meter van een spoorlijn wonen ondervindt 20% erns ge hinder van de trillingen van reizigerstreinen. Voor trillingen van goederentreinen is dat 40%. Mensen zijn bijvoorbeeld sneller geïrriteerd of hebben zelfs gezondheidsklachten. De geluidscontouren langs de spoorlijn zijn weergegeven in figuur 4.20.
Wvg-locatie
Wvg-locatie
Figuur 4.20
Pothof
Geluidscontouren spoorlijn (Bron: RIVM)
AVIV, Rapport toetsing realisa ecijfers vervoer gevaarlijke stoffen over het spoor aan de risicoplafonds Basisnet over de periode 1-7-2023 – 31-6-2024, 2024 36
36
Tabel 4.2 gee de grenswaardes weer. Met name op de Wvg-loca e aan de Hammelerweg is een groot deel vvan het geluidsniveau boven de voorkeursgrenswaarde.
Nieuwbouw bij bestaande spoorlijn Nieuwe spoorlijn bij bestaande woningen Tabel 4.2
Voorkeursgrenswaarde
Maximaal toelaatbare waarde
55 dB
68 dB 68 dB
55 dB
Grenswaardes geluidsoverlast spoor
Ook het wegverkeer gee geluidhinder. Dit is weergegeven in figuur 4.21.
Wvg-locatie
Figuur 4.21
Nachtelijke geluidhinder wegverkeer (Bron: RIVM)
4.8 Milieuzonering bedrijventerrein De Hazenberg Het gehele bedrijventerrein De Hazenberg hee een milieucategorisering van 3.2. Ook de recente uitbreiding ervan valt in deze categorie. Dit houdt in dat de afstand tussen dit terrein en nieuwe woningbouw meer dan 100 meter moet zijn.
37
De afstand van 100 meter rondom bedrijventerrein De Hazenberg betekent dat binnen een gebied van ongeveer 5,45 hectare op de Wvg-percelen geen woningen gebouwd zullen mogen worden. Dit is zichtbaar gemaakt in figuur 4.21.
Wvg-locatie
Hazenberg
Figuur 4.21
L.R. Beijnenlaan
Milieuzonering bedrijventerrein De Hazenberg
4.9 Conclusies De volgende conclusies zijn de uitkomst van dit hoofdstuk: -
-
-
Woningbouw op de Wvg-loca es tast unieke natuurgebieden aan. Die zijn grotendeels gecategoriseerd als Natuurparel. Het leefgebied van bedreigde dier- en plantensoorten wordt beperkter. Dat is niet volgens de doelstelling van het Europees natuurbeleid. Dat stree naar instandhouding van biologische biodiversiteit en de bescherming van kwetsbare Europese natuur. Bouwen in het Hammeler brengt aanzienlijke hydrologische risico's met zich mee. De nega eve invloed op de waterbalans kan zich uitbreiden naar aanpalende woningen en de Pothof. Het kan leiden tot substan eel hogere onderhoudskosten voor infrastructuur en waterbeheer, en extra investeringen in pompen en drainagesystemen. De omliggende natuur zal gevolgen ondervinden ten gevolge van verdroging of juist wateroverlast, wat de biodiversiteit nega ef beïnvloedt. De percelen zullen flink opgehoogd moeten worden om geen overlast te geven bij hoge grondwaterstand. Als dit gedaan moet worden bij alle laaggelegen gronden, betekent dat dat er veel grond aangevoerd moet worden om woningbouw mogelijk te maken. 38
-
Het bijzondere landschap zou onomkeerbaar veranderen. Woningbouw inpassen in het landschap lijkt onmogelijk. Nieuwbouw zal vanwege s kstofdeposi e niet zonder maatregelen haalbaar zijn in de gebieden langs de L.R. Beijnenlaan en Hazenberg en langs de Oude Eerbeekseweg en Hammelerweg. Woningbouw langs het spoor zal leiden tot overlast en mogelijk gezondheidsschade door zowel geluid als trillingen.
39
5
Erfgoed: zuinig zijn op wat van waarde is We kijken achtereenvolgens naar de impact die bebouwing van de Wvg-loca es zou hebben op de Rijksmonumenten Groot Engelenburg, Huis Den Bosch en Huize de Wildbaan, en naar wat de consequen es zijn van archeologische vondsten.
5.1 Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg is sterk bepalend geweest voor hoe Brummen zich in de geschiedenis hee ontwikkeld. De geschiedenis van Groot Engelenburg was rijk, het had prominente bewoners.37 De Omgevingswet schrij voor dat ook rekening gehouden moet worden met de omgeving van een Rijksmonument, in overeenstemming met het Europese verdrag van Granada38. Aantas ng moet worden voorkomen van: Omgevingswet De omgeving van rijksmonumenten, voorbeschermde rijksmonumenten en monumenten die op grond van het omgevingsplan zijn beschermd, voor zover die monumenten door die aantas ng worden ontsierd of beschadigd. Het karakter van in het omgevingsplan beschermde stads- of dorpsgezichten of beschermde cultuurlandschappen door de sloop van bestaande gebouwen, de bouw van nieuwe gebouwen of andere belangrijke veranderingen.
Groot Engelenburg Wvg-locatie
Wvg-locatie
Figuur 5.1
Rijksbeschermd cultuurhistorisch erfgoed en Rijksmonument beperking (Bron: RCE)
Het Gelders Genootschap hee een handreiking voor gemeenten opgesteld om ontsiering en
37 38
www.engelenburg.com/kasteel/geschiedenis/ Overeenkomst inzake het behoud van het architectonische erfgoed van Europa, Granada, 1985 41
beschadiging van Rijksmonumenten te voorkomen39. Het voorziet in een driestappenplan dat er voor Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg als volgt uit zou kunnen zien: 1. Vaststellen van het monumentenbestand Figuur 5.1 gee de buitenplaats van Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg weer. Aangegeven is welke gebieden vastgelegd zijn als beschermd erfgoed. Het perceel met kadastraal nummer 4283 op de Wvg-loca e langs de L.R. Beijnenlaan hee een Rijksmonumentale beperking.40 15 inschrijvingen in het Rijksmonumentenregister41 hebben betrekking op Groot Engelenburg, waaronder het hoofdgebouw, het koetshuis, de por erswoning, de orangerie, de toegangsbrug, het toegangshek, de tuinmuur en de historische tuin- en parkaanleg. De eigenaar van Groot Engelenburg liet in 2011 een visie op het landgoed opstellen42, met daarin dat de sta ge groene uitstraling een drager moest blijven van het landgoed, dat de kwaliteit van groene en blauwe elementen gewaarborgd moest zijn en dat de cultuurhistorie duidelijk zichtbaar en belee aar moest blijven. Cultuurhistorische elementen - zoals oude solitaire bomen of de zichtas naar het noordwesten – zouden behouden moeten worden en zo mogelijk versterkt. De oprijlaan van Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg hee als func eaanduiding cultuurhistorische waarden en gebiedsaanduiding zichtlijn.
Een illustra e uit de 18e eeuw is de kaart van Ho nger in figuur 5.2, waarin de nog aanwezige rechte lijn te zien is van de oprijlaan.
Figuur 5.2
Kaart van Ho nger uit 1783
Gelders Genootschap, Op weg naar passende zorg voor beschermde monumenten in hun omgeving, 2023 40 rce.webgis.nl/nl/map/erfgoedatlas 41 monumentenregister.cultureelerfgoed.nl 42 Loo Plan, Landgoedvisie Groot Engelenburg, 2011 39
42
2. Doen van een analyse Na stap 1, waar het monumentenbestand werd vastgesteld, wordt het jd voor het doen van een analyse. De analyse leidt tot vaststelling van de omgevingen van (te beschermen) monumenten. Wat tot de omgeving van Rijksmonument kasteel Groot Engelenburg hoort, is vastgelegd op de kaart van de Historische geografie Gelderland (vlak). Het bestand bevat historisch-landschappelijke kenmerken van zo'n 5.800 vlakken waaraan een waardering is toegekend. Hiervoor zijn Histland 11, Histland 50 en Histland 500 gebruikt. Histland bevat gegevens over de ontginning van het Nederlandse landschap en laat zien hoe dit landschap aan verandering onderhevig is. Met behulp van deze kaart kunnen uitspraken worden gedaan over de cultuurhistorische waarde van een landschap. Ook kan aan de hand van deze kaart worden vastgesteld wat de impact van ruimtelijke ingrepen is op het landschap. Op de cultuurhistorische kaart van Gelderland43 is het landschap op de Wvg-loca es in verschillende gebieden verdeeld. In figuur 5.3 is deelgebied Engelenburg weergegeven. Waardering Rijksmonument Groot Engelenburg Gaa eid 3 uit 3 Fysiognomie 3 uit 3 Bijzondere kenmerken 3 uit 3 Waardering Overland 9 uit 10 Eind waardering 3 uit 3 Deze waardering betekent dat dit gebied een zeer hoge cultuurhistorische waarde hee .