A9 - Regio Stedendriehoek - Raadsinformatiebrief Evaluatierapport GR D474163
Tekst van het document
Kenmerk: Plaats, datum: Behandeld door: Onderwerp:
898869 Deventer, 17 december 2025 Geert Janssen Evaluatierapport Regio Stedendriehoek 2025
Beste gemeenteraad, Het is bijna vier jaar geleden dat u als nieuwe raad bent geïnstalleerd. U hebt vele onderwerpen met elkaar besproken en besluiten genomen in het belang van de samenleving. Daarbij kwamen ook regelmatig onderwerpen voorbij die de gemeentegrens overstijgen, want het dagelijks leefsysteem van inwoners en ondernemers is niet beperkt tot de eigen gemeente. Bovendien is het belang van regionale samenwerking toegenomen. Rijk en provincies kijken steeds meer op regionale schaal. Deze ontwikkeling heeft in 2023/2024 geleid tot een rekenkamerrapport met aanbevelingen van de gezamenlijke rekenkamers én een wijziging van de regeling om de regionale samenwerking verder te versterken. Daarbij is vastgelegd dat het algemeen bestuur tenminste één keer per vier jaar de regeling evalueert, in het jaar voorafgaand aan de raadsverkiezingen. Wij hebben besloten om geen uitgebreide evaluatie uit te voeren, vanwege de recente wijziging (juli 2024). In de voorliggende evaluatie is daarom gefocust op de Uitvoeringsagenda, de doelstellingen van de wijziging, het naar boven halen van eventuele ‘weeffouten’ in de afspraken die zijn gemaakt en de uitvoering van de aanbevelingen van het rapport van de gezamenlijke rekenkamers. De opzet van de evaluatie is besproken met de raadsadviescommissie en een aantal leden hebben meegedacht met de vraagstelling.
Naast een interne evaluatie van de Uitvoeringsagenda (hoofdstuk 1) is een enquête uitgevoerd door adviesbureau TwynstraGudde onder raadsleden, bestuurders en ambtenaren (hoofdstuk 2 en 3). We herkennen ons in de uitkomsten. Het past in de stappen die we in de regio zetten, bijvoorbeeld als het gaat om de toegenomen betrokkenheid van de raden met de komst van de raadsadviescommissie. Tegelijk zien we ook dat we daarin nog stappen te zetten hebben. De evaluatie vormt de input voor de actualisatie van de Uitvoeringsagenda in 2026/2027. Daarnaast bekijken we in 2026 vanuit de uitkomsten van de enquête hoe de regionale samenwerking verder versterkt kan worden en we de betrokkenheid van de (nieuwe) raden kunnen verhogen, uiteraard in goed overleg met de raadsadviescommissie. Wanneer u behoefte hebt om te reageren op de evaluatie geven we u daarvoor graag de gelegenheid. We bespreken de evaluatie ook met de huidige raadsadviescommissie. De komende maanden zullen voor u intensief zijn met de laatste besluiten die moeten worden genomen én de voorbereiding van de gemeenteraadsverkiezingen. Wij wensen u daarbij alle succes toe. Wij bedanken u voor uw inbreng in de afgelopen jaren en de betrokkenheid die u als raad heeft getoond voor de regio. Hoogachtend, Algemeen Bestuur van Regio Stedendriehoek
Ineke Lijnema
Ron König
Secretaris
Voorzitter
Activiteiten
Start Eind
Voortgang
Toelichting
Indicatoren
2023 2025
We hebben in 2023 een woondeal afgesloten met provincie en rijk en deze in 2025 geactualiseerd.
Woondeal afgesloten
2023 2025
We hebben een Publiek Private Monitoring opgesteld. We hebben een flexpool Publiek Private Monitoring in uitvoering. gelanceerd
eind ’24
Stoplicht
eind ’25
Programma 001: Slimme Groene Verstedelijking
SGV
We sluiten een woondeal met het Rijk
SGV
We monitoren de voortgang van nieuwbouw bij gemeenten
SGV
DOEL 1: 24.000 nieuwe woningen en verduurzamen bestaande wijken
We zorgen voor passende woonruimte voor 2023 2030 (tijdelijke) arbeidsmigranten en andere doelgroepen
In ontwikkeling. Het hangt samen met de wetgeving rondom Wet versterking regio volkshuisvestiging. Inhoudelijk ligt er een afgeronde urgentieverordening, aantal (niet) gehuisveste maar deze kan nog wijzigen op grond van de regelgeving van het rijk. Voor personen aandachtsgroepen maken we een afsprakenkader (in lijn met de (aandachtsgroepen) rijksregelgeving hieromtrent). Arbeidsmigranten zijn geen verplichte groep om afspraken mee te maken, maar hebben effect op de ruimte en doorstroming.
SGV EvT
We hebben een convenant afgesloten met BvBB, corporaties en zes gemeenten op biobased bouwen. Een aantal gemeenten heeft doelstellingen geformuleerd op circulair bouwen en alle gemeenten hebben de paragraaf opname circulair bouwen in toekomstbestendig bouwen vastgesteld (Woondeal). We zijn (opnieuw) lid aanbestedingsvoorwaarden geworden van de Bouwsociëteit Stedendriehoek en hebben met hen een aantal kennisactiviteiten ontplooid.
Gemeenten, woningcorporaties en ondernemers werken aan impactvol circulair aanbesteden en circulair bouwen
We voeren een gebiedsgerichte aanpak voor nieuwe en bestaande wijken om energietransitie en 2023 2030 klimaatadaptatie te realiseren
Vanuit de programma's Energiesysteem van de Toekomst en Slimme Groene Verstedelijking wordt gewerkt aan deze aanpak.
We onderzoeken de effecten van klimaat en groen op de gezondheid in de steden
Deze activiteit wordt momenteel niet opgepakt. Wel zijn op gemeentelijk niveau in het kader van het Deltaplan Ruimtelijke Adaptie klimaatstresstesten uitgevoerd. Uit deze stresstesten volgen waar nodig maatregelen in de Opgeleverd onderzoek openbare ruimte of maatregelen om rekening mee te houden bij gebiedsontwikkelingen. Veel 'no regret' maatregelen komen ook terug in de paragraaf 'Toekomstbestendig bouwen' van de woondeal.
2023 2030
ONB
We experimenteren met de toepassing van nieuwe 2023 2030 grondstoffen en lokale en/of biobased producten
SGV
We maken afspraken met lokale bouwers over 2024 2025 klimaatadaptief, natuurinclusief en circulair bouwen
MOB
Gemeenten passen mobilitieitsoplossingen toe volgens het STOMP-principe
ALG
We onderzoeken actief financieringsmogelIjkheden via het investeringsplatform Stedendriehoek om n.v.t. n.v.t. een en ander te realiseren
EvT
We denken samen met de provincies na hoe het eigendom en de exploitatie van publieke warmtenetten het beste kan worden georganiseerd
EvT
n.v.t. n.v.t.
We stimuleren de verduurzaming van bedrijven en maatschappelijk vastgoed
n.v.t.
n.v.t.
2023 2030
n.v.t.
n.v.t.
2025 2030
Document gebiedsgerichte aanpak
Het 'Convenant biobased bouwen' met doelstellingen is gesloten en de Regio Deal projecten Vezelvallei, Boeren voor Biobased Bouwen zijn gestart.
Aantal projecten/experimenten
De afspraken zijn opgenomen in Woondeal (bijlage paragraaf Toekomstbestendig).
Gemaakte afspraken
Alle acht gemeenten passen het STOMP-principe inmiddels toe. In de regionale werkgroep wordt het onderwerp besproken.
Aantal gemeenten dat STOMP-principe hanteert
In 2024 is besloten om niet verder te werken aan het Investeringsplatform
IPRS gerealiseerd
De gemeente Deventer heeft een warmtebedrijf en de gemeente Apeldoorn onderzoekt dit. De gesprekken over hoe we dit op regioniveau kunnen doen moeten nog worden opgestart.
Aantal concrete ideeen voor warmtenetten
De uitvoering wordt sterk beperkt vanwege netcongestie. Via lobby, het Ondersteunings- en Kenniscentrum voor Energie-initiatieven (OKE) en aantal bedrijven en decentrale/ netbewuste oplossingen, bijvoorbeeld het Regio Deal project Smart maatschappelijk vastgoed dat Energy Hubs, wordt geprobeerd hier toch uitvoering aan te geven. Daar lijkt is verduurzaamd (veel) minder ruimte voor te zijn dan eerder gedacht, waardoor het onzeker is
2023 2030
of we onze doelstelling bereiken.
We versterken de ontwikkeling van De Kien in Deventer en de spoorzone in Apeldoorn, waaronder 2023 2030 het Centrum voor Veiligheid en Digitalisering
RET
2024 2030
RET
2023 2030
SGV
2023 2030
We stimuleren impactvol ondernemen door startups en scale-ups te ondersteunen
We realiseren voldoende studenten- of jongerenhuisvesting via het regionale woningbouwprogramma
MOB
2023 2030
We versterken in de regio de interactie tussen studenten, docenten, onderzoekers en het bedrijfsleven ten behoeve van onze regionale opgaven
We zetten in op: - een versnelling van de Berlijntrein;
MOB
n.v.t. n.v.t.
- het goederenvervoer zo snel mogelijk van het bestaande tracé af
2024 2030
MOB
We bieden ontwikkelruimte aan onze regionale onderwijspartijen
- het intensiveren van het personenvervoer op de bestaande spoorlijn door onze regio
2023 2030
RET
SGV / RET
DOEL 2: Versterken stationsgebieden
We creëren een lerend district rondom De Kien en het CVD
2023 2030
n.v.t.
DOEL 3: Goede bereikbaarheid voor inwoners en bedrijven
n.v.t.
Primair zijn de betreffende gemeenten verantwoordelijk voor de gebiedsontwikkeling van deze locaties. Regionaal wordt ondersteuning geboden via bijvoorbeeld lobby richting provincie en rijk. De gebieden zelf zijn gemengd stedelijke gebieden met ruimte voor wonen, werken en voorzieningen. Daarnaast zijn de locatie opgenomen in de Economische Propositie 'Safe Society & Smart Development. Het bieden van ontwikkelruimte voor onderwijspartijen is de verantwoordelijkheid van individuele gemeenten en wordt meegenomen in een integrale gebiedsontwikkeling rond de stationslocaties. De regionale samenwerking ondersteund via lobby. De vastgestelde Economische Propositie 'Safe Society & Smart Development en de nog te ontwikkelen Kennis- en Innovatieagenda hebben tot doel de interactie met de genoemde partijen te versterken. De projecten binnen de Regio Deal versterken de interactie ook. Aantal gesprekken door De uitvoering is gedelegeerd aan het Ondernemershuis regio Stedendriehoek. transitiemakelaars en aantal Dit gebeurt vraaggericht (1e lijns) via Krachtig MKB en in 2e lijn door middel bezoeken aan van adviesgesprekken. ondernemershuis De gemeenten Apeldoorn, Deventer en (in passende omvang) Zutphen zetten in op studenten- en jongerenhuisvesting. Daarnaast nemen gemeenten in hun aantal studentenwoningen woningbouwprogramma's ruimte voor betaalbare en starterswoningen mee. Er i.r.t.
vraag is een grotere ambitie op campusontwikkelingen en studentenhuisvesting dan de vraag er naar. Met ingang van de dienstregeling 2025 is de trein met dertig minuten versneld. De regio probeert samen met andere partners de robuuste inpassing en verdere versnelling te realiseren. Voor de IC Berlijn is de afgelopen periode een verkenning uitgevoerd naar een robuuste inpassing van de versnelde IC in realisatie vierde perron de dienstregeling. De resultaten worden in het BO MIRT van 2025 Deventer, reistijd IC Berlijn gepresenteerd en gaan onder meer over snelheidsverhoging op de Veluwe en inpassing en kosten van een vierde perron in Deventer. De regio voert lobby voor de middelen voor een vierde perron in het licht van verstedelijking op landsdeel niveau. Het Nut en Noodzaak GNOE onderzoek is gestart. Als regio leveren we bijdrage in een Amtelijke Begeleidingsgroep (AO) in adviserende rol. Sturende rol is door ministerie en provincies. Najaar 2025 vindt een brede nationale besluit aanpassing tracé participatie plaats over goederenvervoer per spoor. Alle gemeenten in de regio goederenvervoer krijgen een uitnodiging voor een grote klankbordgroep, waar gemeenten, belangenorganisaties in Nederland aan kunnen deelnemen.
We lobbyen richting ProRail en de NS over: dienstregeling NS, potentiele aantal en frequentie treinen verbetering (nachttrein Zutphen, verdubbeling spoor Deventer - Zwolle), per station productstappen NS. De vastgestelde Economische Propositie 'Safe Society & Smart Development en de nog te ontwikkelen Kennis- en Innovatieagenda hebben tot doel lerende realisatie lerend district districten te creëren.
Voortgang
Start Eind
eind ’24
Stoplicht
Toelichting
Indicatoren
eind ’25
MOB MOB
We zetten in op een betere doorstroming op de A12024 2030 corridor (Apeldoorn-Barneveld)
MOB
We zetten in op een Bus Rapid Transit A50 (Zwolle2025 2030 Apeldoorn-Arnhem)
Dit is onderdeel van het Ontwikkelperspectief, waarbij in de ontwikkelvarianten realisatie Bus Rapid Transit verschillende vormen van HOV op de A50-as zijn opgenomen. De provincie A50 Gelderland start naar verwachting binnenkort met een verkenning.
MOB
Onze regio maakt actief gebruik van het Loket deelmobiliteit. Particuliere initiatieven en gemeenten worden geholpen met de kennis en ervaring die in het loket aanwezig is. We leggen de link met een derde tranche mobiliteitshubs. De werkzaamheden van het loket voor Overijssel en onze regio eindigen medio oktober 2025. Wij steunen stakeholders in de lobby voor aanpak A1 - A30 en A1 - A28 en daarnaast zijn we actief met o.a. het ministerie om een corridor A1-aanpak vorm te geven (o.a. IC Berlijn).
We verkennen de opties voor bovenlokale deelmobiliteit
We ontwikkelen een gevarieerd stelsel van mobiliteitshubs
2024 2026
Een rijkssubsidie (SPUK-uitkering) voor de derde tranche mobiliteitshubs is toegekend aan de gemeenten Apeldoorn, Deventer, Lochem en Voorst. Een regionaal projecten is het project 'corridor deeltweewielers' tussen Apeldoorn, Twello en Deventer. De verwachting is dat, bij interesse van de markt, in het voorjaar van 2026 er deeltweewielers worden aangeboden op de corridor. In 2025 wordt hiervoor een marktconsultatie georganiseerd, waarbij ook de interesse wordt gepeild in hoeverre aanbieders het willen uit breiden naar andere gemeenten in de regio.
Aantal mobiliteitshubs
MOB MOB MOB MOB
Activiteiten
We ontwikkelen een fietsvisie met hoogwaardige regionale fietsroutes
2024 2025
De fietsvisie is in 2024 opgesteld en in 2025 door alle gemeenteraden vastgesteld.
Vastgestelde Regionale Fietsvisie
We lobbyen voor het bevorderen personenvervoer op de Oost-West-corridor
n.v.t. n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
zie Activiteit 'We zetten in op een betere doorstroming op de A1-corridor (Apeldoorn-Barneveld)'
We lobbyen voor verdubbeling van het spoor OlstDeventer
n.v.t. n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
zie Activiteit 'We zetten in op het intensiveren van het personenvervoer op de bestaande spoorlijn door onze regio'
We lobbyen voor het verplaatsen van het goederenvervoer
n.v.t. n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
zie Activiteit 'We zetten in op het goederenvervoer zo snel mogelijk van het bestaande tracé af'
opgeleverde verkenning bovenlokale deelmobiliteit
EvT / RET / MOB
We stimuleren het gebruik van waterstof voor zowel 2023 2030 particulieren als vrachtverkeer
Begin 2025 is het plan van aanpak 'Groene waterstof' vastgesteld in de Stuurgroep RPE en het p-beraad RET. De regio is associate partner van de Hydrogen Valley aanvraag voor Landsdeel-Oost en sluit aan bij Techland (Landsdeel-Oost + Westfalen). Lokaal zijn er belangrijke ontwikkelingen op het Percentage waterstofgebruik gebied van waterstof in Deventer (Nefit-Bosch/ GROWH & H2 tankstation). particulieren/vrachtverkeer Regionaal / provinciaal wordt een actualisatie van behoefte aan / vraag naar waterstof uitgevoerd en worden de mogelijkheden voor aansluiting op de waterstof-backbone in beeld gebracht. Hierover lopen ook gesprekken met de Gasunie.
MOB
We steunen verbetering van de A50 en dan met name het deel Zwolle-Apeldoorn-Arnhem, op basis van ons Position Paper A50
2023 2027
gemeten filezwaarte (filedruk) Het project A50 corridor (Veilig, Slim en Duurzaam) wordt in 2025 en 2026 uitgevoerd. De insteek is om dit op dit schalen in 2027 A50
MOB
gemeten filezwaarte (filedruk) A1, aantal treinen
We werken aan de aanleg van een goede fietsverbinding Apeldoorn-Zwolle
2023 2030
Gemeente Apeldoorn realiseert de fietsverbinding Apeldoorn-Vaassen. De gemeente Epe werkt aan het deel op hun grondgebied. Voor de overige delen moeten nog afspraken worden gemaakt.
MOB
2024 2025
We lobbyen we voor structurele verbetering van weg en spoor
gerealiseerde fietsverbinding Apeldoorn-Zwolle
zie eerdere Activiteiten
Programma 002: Vitaal Landelijk gebied
VLG
We werken samen met onze achterbannen aan een 2023 2030 gezond en robuust water- en bodemsysteem
VLG
We maken een gebiedsgerichte vertaling van het Vitaal Landelijk Gebied Gelderland en het PPLG Overijssel
VLG
We brengen in beeld hoe klimaat, water en bodem sturend zijn in de ruimtelijke inrichting van het landelijk gebied
VLG
We maken "massa" van lokale initiatieven die 2023 2030 gericht zijn op gezonde bodem- en klimaatadaptatie
VLG
DOEL 1: Gezond en robuust water- en bodemsysteem
We zoeken naar verdien- en bedrijfsmodellen rondom water- en bodemsystemen; we bieden experimenteerruimte en pilots
2023 2030
2023 2026
2023 2030
Via lopende projecten en initiatieven koppelen we de doelen van een robuust water- en bodemsysteem. In het Ontwikkelperspectief is water- en Gepubliceerde bodemgebaseerd toekomstbeeld IJsselvallei 2120, één van de bouwstenen toekomstbeelden IJsselvallei voor de ruimtelijke keuzes. In de afgelopen periode zijn contacten gelegd om de doelen van VLGG en PPLG te verbinden aan de gebiedsprocessen en projecten en is een overzicht van initiatieven in de regio gemaakt. Met de beëindiging van NPLG en het Realisatie gebiedsgerichte vervallen van de financiële middelen is dit proces stil komen te liggen. We vertaling VLGG/PPLG zoeken naar andere middelen om de gebiedsprocessen verder te brengen o.a. via Masterplan IJsselvallei. Voor de Zuidelijke en Noordelijk IJsselvallei zijn toekomstbeelden gemaakt. Deze inspiratiedocumenten helpen bij het maken van ruimtelijke keuzes die Gepubliceerde passen in een gebied op basis van water- en bodemsturend. Er worden in de toekomstbeelden IJsselvallei documenten aanbevelingen gedaan die richting geven aan de te maken ruimtelijke keuzes. Er zijn een aantal initiatieven die we volgen of waar we actief betrokken zijn, aantal gezamenlijke bijvoorbeeld de Regio Deal projecten Klimaatboerderij 2050-2100 en Drinkbare initiatieven IJssel. Concrete resultaten liggen er nog niet.
Samen met Landschapsnetwerk Brummen is een onderzoek gestart naar Aantal pilots en initiatieven mogelijkheden voor het vergoeden van landschapsdiensten. Met de voor nieuwe verdien- en Innovatiecooperatie onderzoeken we financieringsmogelijkheden van bedrijfsmodellen extensivering van agrarische bedrijven door niet agrarische bedrijven.
DOEL 2: Leefbaar landelijk gebied
SGV SGV VLG
We hebben een afsprakenkader Ouderenhuisvesting geformuleerd, samen met corporaties en zorgorganisaties. Hierin hebben we doelstellingen geformuleerd aantal levensloopbestendige per gemeente op basis van demografische ontwikkeling en kwalitatieve woningen afspraken om zo lang mogelijk zelfstandig te kunnen blijven wonen.
We bieden ruimte voor altermatieve invullingen van 2025 2030 leeggekomen agrarisch vastgoed
MOB
2023 2030
We zetten in op geschikt woningaanbod voor ouderen om langer zelfstandig wonen in de dorpen mogelijk te maken
We verkennen hoe we de bereikbaarheid van onze 2023 2026 kernen op peil houden
MOB
Gemeenten hebben in hun volkshuisvestingsprogramma's doelen opgenomen voor woningaanbod voor jongeren / betaalbare woningen. Ook zijn er aantal betaalbare woningen woningbouwprojecten specifiek voor jongerenhuisvesting gerealiseerd. De 'businesscases' zijn overigens niet altijd positief.
We zetten in op het behoud van (streekbus)lijnen en beschikbaarheid van het OV
MOB
2023 2030
We realiseren voor jongeren een betaalbaar woningaanbod in onze dorpen
We zetten in op een samenhangend netwerk van recreatieve verbindingen in de regio
DOEL 3: Hoge landschappelijke kwaliteit
2023 2030
Eind 2025 start het bestuurlijke gesprek over functieverandering van agrarisch vastgoed, dit krijgt een vervolg in 2026. De verkenning wordt uitgevoerd in het kader van de plannen rondom publieke mobiliteit. Daarnaast is het onderdeel van de gesprekken rondom het Ontwikkelperspectief 2050. De verkenning wordt uitgevoerd in het kader van de plannen rondom publieke mobiliteit. Daarnaast is het onderdeel van de gesprekken rondom het Ontwikkelperspectief 2050. Deze activiteit wordt momenteel niet opgepakt
Voortgang
Start Eind
Stoplicht
Toelichting
Indicatoren
Kaart en bijbehorende structurerende principes
VLG
We brengen het watersysteem en het huidige en gewenste landschappelijk netwerk in beeld
2023 2025
Samen met andere overheden (provincie, waterschappen) is een Inspiratiekaart Groen-Blauwe Hoofdstructuur met structurerende principes opgesteld. Dit vormt één van de bouwstenen voor het Ontwikkelperspectief
VLG
We inventariseren de gewenste verbindingszones vanuit de gemeentes voor versterking van de groenblauwe dooradering
2023 2025
Met de gemeenten is de aanpak Groen-Blauwe-Dooradering met bijbehorende Memo en bijgevoegde uitgangspunten, beeldmateriaal en kaarten besproken en gedeeld. beelden
VLG
eind ’25
We stemmen regionaal af bij afwegingen met een grote (ruimtelijke) impact op het landelijk gebied
2023 2030
VLG
eind ’24
We werken samen aan gemeente overstijgende landschapsverbetering en versterken van de biodiversiteit
2023 2030
VLG
Activiteiten
We zoeken als regio actief naar koppelkansen voor 2023 2030 landschapsversterking bij de opgaven die er liggen
Binnen het proces van het Ontwikkelperspectief bespreken de acht gemeenten, samen met de andere partners, de afwegingen met betrekking tot de ruimtelijke keuzes. We ondersteunen gemeenten en andere initiatiefnemers bij het vinden van aantal projecten ter financiële middelen voor projecten gericht op het versterken van de groenblauwe hoofdstructuur en het landschap, bijvoorbeeld met aanvragen versterking van landschap en voor subsidies uit het Gemeenschappelijk landbouwbeleid, het biodiversiteit Kwaliteitsbudget versterken natuur of de Regio Deal. Via het proces van het Ontwikkelperspectief wordt bekeken waar koppelkansen aantal koppelingen met liggen. Er wordt onderzoek uitgevoerd naar mogelijkheden van "groen groeit andere opgaven. mee".
Op basis van de evaluatie van de Innovatie Coöperatie (DIC) en meerdere gespreken die gevoerd zijn met de provincie, financiert de provincie het vervolg van DIC op voorwaarde dat er een deel cofinanciering vanuit gemeenten komt. De gemeenten hebben hier inmiddels mee ingestemd.
2023 2030
n.v.t. n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
2023 2030
aantal protoypes
VLG
2023 2030
Scholing, netwerk en begeleiding vanuit het leernetwerk 'Toekomst bestendig telen 2023-2025' is inmiddels afgerond. De planvorming voor het vervolg ligt klaar. Uitvoering is afhankelijk van de beschikbaarheid van middelen. Er zijn twee vervolgaanvragen in de maak voor twee verschillende subsidiemogelijkheden.
aantal scholingstrajecten, aantal initiatieven ter versterken netwerk en samenwerking
VLG
We stimuleren de overstap naar kringlooplandbouw 2023 2030 en doorgroei naar biologische landbouw
Door middel van netwerkbijeenkomsten en scholingstrajecten wordt gewerkt aan kringlooplandbouw en doorgroei naar biologische landbouw.
aantal bedrijven dat overstapt naar kringloop/biologisch
VLG
We ondersteunen de realisatie van een agritechniekhub waarbij de loonwerk- en mechanisatiebedrijven een belangrijke rol krijgen in 2023 2030 de agrarische transitie en ontwikkeling van het buitengebied
We organiseren diverse bijeenkomsten op dit thema.
realisatie agritechniekhub
VLG
We leveren input voor het uitvoeringsprogramma van het VLGG en het PPLG. Dit nemen we tevens mee in het regioarrangement
2023 2030
Er is zeer regelmatig overleg met de provincie Gelderland over VLGG, via de mate waarin RS3H is opgavetafel Veluwe. Daarnaast is er enkele malen per jaar een bestuurlijke opgenomen in VLGG en tafel, waar de voorzitter van het p-beraad bij aanwezig is. Door beëindiging van PPLG de financiering vanuit het Rijk zijn de einddocumenten on hold gezet.
VLG
We zetten in op consumentenbewustwording rondom korte voedselketens
2023 2030
In de opgestelde Voedselagenda is consumentenbewustwording één van de onderdelen. Daarnaast werken we samen met Impact Stedendriehoek om meer afzet bedrijven via korte betrokken consumenten te bereiken. Wegens onvoldoende budget hebben we ketens (Monitor Korte Ketens) de campagne Super die Boer niet kunnen voortzetten.
VLG
We versterken het netwerk van korte ketenproducenten en afnemers
2023 2030
Via netwerkbijeenkomsten en een excursie is het netwerk versterkt. Deze partijen zijn ook betrokken geweest bij de opstelling van de Voedselagenda.
aantal deelnemers netwerk korte keten
VLG
aantal prototypes in praktijk
We versterken de natuurinclusieve bedrijfsvoering in een robuust landschap door inzet van scholing over een gezonde bodem en natuurinclusieve landbouw, we versterken het netwerk en ondersteunen samenwerkingsverbanden
We werken aan het vergroten van het aantal 2023 2030 (onbemande) verkooppunten voor lokale producten
Via samenwerking met onder andere De Pantry en Van Onze Grond is het aantal verkooppunten toegenomen. De verkrijgbaarheid van lokaal voedsel mag echter nog verder versterkt worden.
aantal verkooppunten
VLG
2023 2030
Er zijn meerdere loketfuncties, waardoor een extra loket niets toevoegt. Daarnaast vindt samenwerking plaats met LTO op het gebied van multifuctionele landbouw. Deze activiteit kan daarom vervallen. In najaar van 2025 starten we met drie sessies om te komen tot een scenariostudie Toekomst melkveehouderijsector. Dit wordt georganiseerd samen met ketenpartners. De adviezen vanuit de scenariostudie worden vertaald naar een uitvoeringsaanpak.
financiële ondersteuning DIC, bestaan van DIC
We werken aan projecten gericht op de eiwittransitie (zowel voor dierlijk veevoer als humane consumptie)
2023 2030
Hier is nog onvoldoende actie op ondernomen. Individuele ondernemers zijn hier wel mee aan de slag. De kennis en ervaringen moeten gedeeld worden.
aantal projecten gericht op eiwittransitie
VLG
We ondersteunen ondernemers via de Innovatie Coöperatie bij het realiseren van innovatieve ideeën die bijdragen aan toekomstbestendige bedrijfsmodellen en natuurinclusieve bedrijfsvoering We organiseren een loketfunctie voor agrariërs en bedrijven uit de agrofood keten voor vraagstuken aangaande de landbouwtransitie We ontwikkelen prototypes van toekomstbestendige bedrijfsmodellen die bijdragen aan de transitie van de landbouw We vertalen de ontwikkelde prototypes en rollen deze uit naar de praktijk
We stimuleren initiatieven waarin consumentleden zich verbinden aan het afnemen van producten van 2023 2030 één of meerdere boeren of producenten
Er is een inventarisatie uitgevoerd naar voedselbossen en agro forestry initiatieven. Daarnaast is er een studentenonderzoek geweest naar CSA's (Community Supported Agriculture). Verdere stimulering maakt onderdeel uit van de Voedselagenda.
aantal initiatieven
VLG
VLG
VLG
VLG
VLG
DOEL 4: Perspectief voor agrarisch ondernemerschap
We stimuleren het gebruik van lokale producten in de institutionele markt (ziekenhuizen, instellingen) 2023 2030 en in de bedrijfscatering bij overheden en bedrijven
Dit is één van de speerpunten uit de Voedselagenda en maakt onderdeel uit van de verkenning naar extensivering van voedselproductie in het kader van Masterplan IJsselvallei. Dit wordt in 2026 verder opgepakt.
aantal bedrijven en instellingen dat lokale producten gebruikt
5. Duurzaam voedselsysteem
Programma 003: Regionale Economie van de Toekomst
RET
RET
RET
DOEL 1: Ruimte voor werk door uitbreiding van bedrijventerreinen
We ontwikkelen de regionale visie "Ruimte voor werk" We stellen een bedrijvenprognose 2030-2040 op met daarin de kwalitatieve en kwantitatieve vraag naar ruimte voor bedrijven We maken afspraken over de uitbreiding van bedrijventerreinen in 2030, met een doorkijk naar 2040
2024 2025
De Ruimtelijk Economische Bouwsteen (REB) en de Regionale Programmering Oplevering document Werklocaties (RPW) is regionaal en door de provincie vastgesteld.
2023 2024
Dit is onderdeel van de Regionale Programmering Werklocaties die is vastgesteld.
Oplevering document
2026 2030
Dit start vanaf 2026 en loopt door tot 2030.
Realisatie van de gemaakte afspraken in RPW
De verkenning is uitgevoerd en de lijst van terreinen is compleet.
Lijst compleet
RET
DOEL 2: Toekomstbestendige bedrijventerreinen
We verkennen in 2023 op welke bedrijventerreinen het realiseren van parkmanagement kansrijk is om 2024 2025 een impuls te geven aan het verduurzamen van bedrijventerreinen
EvT
RET
RET
EvT / RET
Activiteiten
Start Eind
We faciliteren en ondersteunen bedrijventerreinen met het ontwikkelen van smart energy hubs We helpen bedrijventerreinen met verduurzaming,herstructurering, revitalisering en beveiliging We vergroten de organisatiegraad en participatiegraad van bedrijventerreinen en werklocaties We lobbyen voor capaciteitsvergroting en verzwaring van het (energie)netwerk
Voortgang eind ’24
Stoplicht
Toelichting
Indicatoren
Deze activiteit is onderdeel van de Regio Deal Smart Energy Hubs, waarin 18 hubs zijn opgenomen.
aantal Smart Energy Hubs, verminderde wachtlijst netcongestie.
eind ’25
2024 2028
Dit is een doorlopend proces wat geborgd is in regionale samenwerking via een aantal bedrijventerreinen dat PPS. Via het Regio Deal project Groene&Gezonde Bedrijventerreinen wordt geholpen wordt ingezet op verduurzaming. Dit is een doorlopend proces wat geborgd is in regionale samenwerking via een Organisatiegraad en PPS. Via het Regio Deal project Groene&Gezonde Bedrijventerreinen wordt participatiegraad ingezet op verduurzaming. bedrijventerreinen TenneT heeft opnieuw vertraging aangekondigd: verzwaring gaat nog 10 jaar realisatie duren. De mogelijkheid om hierop nog invloed uit te oefenen is zeer beperkt. Daarom verandert de strategie naar een decentraal, local4local richting en capaciteitsvergroting en lobbyen we voor experimenteerruimte en budgetten om dat te kunnen doen in verzwaring energienetwerk de regio.
2023 2030
2023 2030
2023 2030
RET
RET
RET
RET
RET
RET
DOEL 3: Een veerkrachtige arbeidsmarkt We bieden een podium aan het regionale bedrijfsleven om met kansrijke activiteiten jonge mensen te binden en te boeien We stimuleren het creëren van extra stage-, leerwerk- en ervarings- plekken voor het opleiden van studenten in het beroepsonderwijs; zowel binnen bedrijven als in techniekhubs of fieldlabs. We faciliteren de groei van intersectorale mobiliteit en het versterken van posities op de arbeidsmarkt
n.v.t. n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Dit wordt uitgevoerd binnen het Regio Deal project Consortium Techniekhubs in de Regio Stedendriehoek
2025 2028
n.v.t. n.v.t.
We ondersteunen de vorming van specifieke leergemeenschappen waarin bedrijven , werkenden, studenen en kennisinstellingen samen 2025 2028 oplossingen ontwikkelen voor de uitdagingen van de toekomst We stimuleren dat inwoners en bedrijven weten waar ze terecht kunnen voor vragen over een leven n.v.t. n.v.t. lang ontwikkelen door regionaal aan te sluiten bij lobby We steunen de lobby voor ruimte in capaciteit en regelgeving voor de onderwijsinstellingen om zich n.v.t. n.v.t. in te kunnen zetten voor de regio
Dit wordt via het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek, Ondernemershuis en DOK georganiseerd.
n.v.t.
n.v.t.
Realisatie Regio Deal project
Dit maakt onderdeel uit van de ontwerp Meerjarenagenda Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek
Dit wordt uitgevoerd binnen het Regio Deal project Krachtig MKB Regio Stedendriehoek
n.v.t.
n.v.t.
Dit maakt onderdeel uit van de ontwerp Meerjarenagenda Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek
n.v.t.
n.v.t.
Dit maakt onderdeel uit van de ontwerp Meerjarenagenda Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek en de arbeidsmarktparagraaf in de Kennis- en Innovatieagenda.
Realisatie Regio Deal project
We bouwen verder aan een regionaal netwerk van bedrijven, overheid en onderwijs voor de aanpak van opgaven die op de logistiek afkomen.
2024 2025
We voeren een pre-verkenning uit voor het verlengen van de Prins Bernhardsluis Deventer
n.v.t. n.v.t.
We zorgen voor de inzet van een logistiek kennismakelaar; die zorgt voor ondersteuning bij het toepassen van slimme en schone logistieke oplossingen We zetten de samenwerking binnen Port of Logistics Overijssel voort We verkennen de haalbaarheid van een derde IJsselbrug bij Zutphen bij bedrijventerrein De Mars
MOB RET
We faciliteren de realisatie van clean energy hubs voor logistiek
MOB
MOB MOB
RET
DOEL 4: Logistiek ecosysteem A1/IJssel
Per 1 juli 2025 is het Logistiek Netwerk Regio Stedendriehoek, als zelfstandige aantal leden netwerk entiteit, opgericht. n.v.t.
n.v.t.
De pre-verkenning wordt uitgevoerd door de gemeente Deventer.
opgeleverde pre-verkenning
2023 2030
Uitvoering door programma Mobiliteit
aantal initiatieven clean energy hubs en slimme laadoplossingen
2023 2030
We zetten de logistiek makelaar in die bedrijven adviseert en ondersteunt bij de toepassing van slimme logistieke oplossingen.
inzet logistiek makelaar
2023 2030
We nemen deel aan Port of Logistics Overijssel, waaronder door deelname aan het kernteam
deelname aan POLO
2023 2026
Dit maakt onderdeel uit van het proces van het Ontwikkelperspectief.
RET
- Aanpak IJsselbruggen Zutphen;
RET
- Verbeteren havens en kades in Lochem;
RET
- Verbeteren bereikbaarheid havens in Deventer en 2023 2030 Zutphen;
RET
We lobbyen met betrokken partijen bij het rijk voor:
- Vervanging Prins Bernhardsluis Deventer
2023 2030 2023 2030
2023 2030
Dit punt is opgenomen in de Strategische Lobbyagenda en wordt komend jaar uitgewerkt in een lobbyfiche. Dit punt is opgenomen in de Strategische Lobbyagenda en wordt komend jaar uitgewerkt in een lobbyfiche. Daarnaast is het doel om dit lobbypunt op te nemen en uit te voeren via het lobbyplan Logistic Overijssel Dit punt is opgenomen in de Strategische Lobbyagenda en wordt komend jaar uitgewerkt in een lobbyfiche. Daarnaast is het doel om dit lobbypunt op te nemen en uit te voeren via het lobbyplan Logistic Overijssel Dit punt is opgenomen in de Strategische Lobbyagenda en wordt komend jaar uitgewerkt in een lobbyfiche. Daarnaast is het doel om dit lobbypunt op te nemen en uit te voeren via het lobbyplan Logistic Overijssel
agendering in MIRT agendering in MIRT
agendering in MIRT
agendering in MIRT
RET
RET
RET
MOB MOB
RET
RET
DOEL 5: Kweekplaats voor groene en digitale groei in het mkb De gemeenten Apeldoorn en Deventer werken samen aan het uitbouwen van een regionale mkbinfrastructuur We stimuleren dat ondernemers meedoen rondom hubs, fieldlabs etc.gericht op digitalisering en verduurzaming. We helpen bedrijven met het implementeren van slimme en schone mobiliteit We stimuleren deelname van bedrijven aan acties die bijdragen aan verduurzaming van woonwerkverkeer en werk-werkverkeer We lobbyen voor een versterkte rol van steden en regio's om samen met onze achterban het mkb te kunnen versterken We helpen bedrijven om circulaire bedrijfsvoering te implementeren We stimuleren en ondersteunen ondernemers die werk willen maken van Sustainable Development Goals en het professionaliseren van hun verdienmodel op het gebied van inmpact ondernemen met start-up en scale-up programma's en makelaars met mandaat
Samenwerken aan de Regio
2023 2030
Dit wordt uitgevoerd binnen het Regio Deal project Krachtig MKB Regio Stedendriehoek
2023 2030
Dit wordt uitgevoerd binnen het Regio Deal project Krachtig MKB Regio Stedendriehoek en maakt ook onderdeel uit van de nog op te stellen Kennisen Innovatieagenda (gebaseerd op de Economische Propositie)
2023 2030
Dit maakt onderdeel uit van de Werkgeversaanpak.
2023 2030
Dit maakt onderdeel uit van de Werkgeversaanpak.
2024 2030 2026 2030
2025 2030
De gemeenten Apeldoorn en Deventer zijn de aanjagers van het regionale programma Krachtig MKB, binnen deze gemeenten (programma) vindt deze regionale lobby plaats. Dit wordt vanaf 2026 ingepast in de dienstverlening uitgevoerd vanuit het programma Krachtig MKB.
Er is besloten om later te starten, zodat gebruik gemaakt kan worden van de structuur van Krachtig MKB en Ondernemershuis Regio Stedendriehoek.
Realisatie Regio Deal project Realisatie Regio Deal project, aantal ondernemers dat deelneemt aantal leden netwerk, aantal bedrijven aantal leden netwerk, aantal bedrijven Aantal lobbymomenten (ministerie EZ) aantal geadviseerde bedrijven
aantal ondernemers dat is ondersteund
Start Eind
Voortgang
S3H
We werken effectief op regionaal niveau samen
2023 2030
S3H
eind ’24
We bouwen aan vertrouwen en onderlinge relaties
2023 2030
S3H
Activiteiten
We werken aan datagedreven werken / monitoring
2023 2030
Stoplicht
Toelichting
eind ’25
We werken op veel terreinen regionaal samen, zowel met de acht gemeenten als met andere overheden, onderwijspartijen, ondernemers en andere maatschappelijke partners. Dit gebeurt in de diverse programma's, in trajecten zoals het Ontwikkelingsperspectief of de Regio Deal, in de Economic Board en met de raadsadviescommissie. Met diverse activiteiten werken we aan het bouwen van vertrouwen en onderlinge relaties: organiseren van werkbezoeken, het Regiocongres of raadsconferenties. Daarnaast nemen we als regio deel aan de European Week of Regions and Cities in Brussel en versterken de banden bovenregionaal. De opgeleverde Strategische lobbyagenda, het 'Verhaal van de Regio' en onze communicatiestrategie helpen hierbij. In 2025 is 'Regio Stedendriehoek in Cijfers' gelanceerd. In de komende jaren wordt dit verder uitgewerkt.
Indicatoren
RAPPORT
Evaluatie Regio Stedendriehoek In opdracht van de Regio Stedendriehoek
Jop de Graaff en Carmen Hendriks
20 november 2025
Inhoudsopgave 1. 1.1. 1.2. 1.3. 1.4.
2. 2.1. 2.2.
3. 3.1. 3.2. 3.3.
4. 4.1. 4.2. 4.3.
5. 5.1. 5.2. 5.3.
Inleiding Achtergrond Aanpak Kenmerken respondenten Leeswijzer
Samenvatting Conclusie Doorwerking aanbevelingen
Algemene beelden Raads(adviescommissie)leden DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO Conclusie
Aanbeveling 1: Regioverhaal Raads(adviescommissie)leden DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO Conclusie
Aanbeveling 2: Raadsadviescommissie Raads(adviescommissie)leden DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO Conclusie
4 4 5 6 8
9 9 9
11 11 14 15
16 17 18 20
21 22 27 29
6. Aanbeveling 3: Programmatische sturing, verbinding en functioneren gremia 30 6.1. 6.2. 6.3. 6.4. 6.5.
7.
DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO DB en AB P-beraden, werkgroepen en Strategisch Team Gemeentesecretarissenoverleg Conclusie
Aanbeveling 4: Betrekken van ondernemers
31 34 34 36 36
38
2 / 46
7.1. 7.2.
8. 8.1. 8.2. 8.3.
9. 9.1. 9.2.
DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO Conclusie
Aanbeveling 5: Resultaten en meerwaarde Raads(adviescommissie)leden DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO Conclusie
Aanbeveling 6: Opvolging aanbevelingen Raads(adviescommissie)leden Conclusie
38 39
40 40 43 43
44 44 45
3 / 46
1. Inleiding 1.1.
Achtergrond
De gezamenlijke rekenkamers in de regio hebben in 2023 onderzoek gedaan naar de Regio Stedendriehoek. Daarin zijn de volgende aanbevelingen geformuleerd voor de raden en colleges van de deelnemende gemeenten: 1. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – vorm te geven aan het regioverhaal. 2. Ga als raad de samenwerking aan met andere raden om te zorgen dat de raadsadviescommissie de goede vorm krijgt. 3. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – de programmatische sturing door te ontwikkelen. Borg daarbij dat de werkorganisatie niet te veel op afstand komt te staan van de ambtelijke organisaties van de gemeenten. 4. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – te werken aan het betrekken van ondernemers bij de samenwerking. 5. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – resultaten en meerwaarde voelbaar en zichtbaar te maken en uit te dragen. 6. Geef als raad opdracht aan het college om – in samenwerking met de andere colleges – een plan van aanpak te maken voor het opvolgen van de aanbevelingen en hierover periodiek terug te koppelen. Op basis van deze aanbevelingen heeft het (toenmalige) dagelijks bestuur in het voorjaar 2024 een plan van aanpak vastgesteld ter uitvoering van aanbevelingen.
Vierjaarlijkse evaluatie In de gemeenschappelijke regeling is vastgelegd dat het algemeen bestuur tenminste één keer per vier jaar de regeling evalueert. De evaluatie vindt plaats uiterlijk aan het einde van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarin de raadsverkiezingen plaatsvinden, dus in 2025. Het algemeen bestuur bepaalt de omvang, inhoud en werkwijze van de evaluatie. Aangezien de gewijzigde gemeenschappelijke regeling recent is gestart (juli 2024) en het gezamenlijke rekenkameronderzoek in 2023 is uitgevoerd, wordt er geen uitgebreide evaluatie uitgevoerd. Gefocust wordt op de Uitvoeringsagenda, de doelstellingen van de wijziging, het naar boven halen van eventuele ‘weeffouten’ in de afspraken die zijn gemaakt en de uitvoering van de aanbevelingen van het rapport van de gezamenlijke rekenkamers. Een deel van de evaluatie vindt plaats door intern onderzoek en een deel van de evaluatie wordt via twee enquêtes onder betrokkenen uitgevoerd. Dit rapport bevat het tweede deel van de evaluatie. Deze evaluatie vindt relatief kort plaats nadat het plan van aanpak is vastgesteld (voorjaar 2024). Context a. Stand van zaken uitvoering Uitvoeringsagenda 2023 – 2030 In 2023 is de uitvoering van de Uitvoeringsagenda 2023 – 2030 gestart. De Regio is daarmee nu op een derde van de
4 / 46
Uitvoering. Er wordt onderzocht of de Regio op koers is en waar bij gestuurd zou moeten worden. Dit onderzoek loopt momenteel en maakt geen onderdeel uit van deze evaluatie. b. Functioneren adviescommissies Met de nieuwe gemeenschappelijke regeling zijn adviescommissies ingesteld, met elk hun eigen rol en verantwoordelijkheid. Het gaat daarbij om de Economic Board, raadsadviescommissie, programmaberaden en gemeentesecretarissenoverleg. In het najaar 2024 heeft er een tussentijdse evaluatie plaatsgevonden van de (toenmalige) Strategische Board. In 2025 heeft dit geleid tot de doorontwikkeling naar een Economic Board die momenteel verder vorm en inhoud krijgt. Dit maakt daarom ook geen onderdeel uit van dit deel van de evaluatie.
1.2.
Aanpak
De aanpak van dit onderzoek bestaat uit twee fasen: Fase 1a: In fase 1a is een digitale enquête opgezet en uitgevoerd onder de raadsleden van de deelnemende gemeenten. • Deze enquête gaat in op de aanbevelingen uit het Evaluatierapport Regio Stedendriehoek 2023, met name aanbeveling 2 en 6 (raadsadviescommissie) en aanbeveling 5 (informatievoorziening). • Daarnaast bevat deze enquête vragen over het algemene gevoel bij de regionale samenwerking (vertrouwen, invloed, communicatie, etc.). • De enquête is opgesteld in overleg met een aantal leden van de raadsadviescommissie. Fase 1b: In fase 1b is een digitale enquête opgesteld en uitgevoerd, gericht op de evaluatie van de werkgroepen, strategisch team, p-beraden en het gemeentesecretarissenoverleg. Deze enquête is uitgezet onder leden van het DB en AB, de werkgroepen, het Strategisch Team, de P-beraden en het gemeentesecretarissenoverleg. • Deze enquête gaat in op aanbevelingen uit het Evaluatierapport Regio Stedendriehoek 2023, met name aanbeveling 3 (doorontwikkeling programmatische sturing). • Daarnaast bevat deze enquête vragen over het algemene gevoel bij het functioneren van de gremia (betrokkenheid bij en effectiviteit gremia). Fase 2: In deze fase zijn de resultaten van de enquêtes geanalyseerd en verwerkt in dit rapport.
5 / 46
1.3.
Kenmerken respondenten
In deze paragraaf staan voor beide enquêtes de kenmerken van de respondenten opgenomen. De enquête voor raadsleden is 42 keer ingevuld. De enquête voor het DB en AB, de werkgroepen, het Strategisch Team, de P-beraden en het GSO is 56 keer ingevuld. De kenmerken van de respondenten laten zien dat een beperkt deel van de totale populatie aan raadsleden en ambtelijk en bestuurlijk betrokkenen de enquêtes heeft ingevuld. Daarbij zitten er verschillen tussen het aantal respondenten per regio en het aantal respondenten per gremium. Dit maakt dat de representativiteit van de antwoorden beperkt is. Ook zijn niet alle vragen zijn door alle respondenten in gevuld. In de rapportage staat per vraag aangegeven hoe veel respondenten deze hebben ingevuld (N= …).
1.3.1.
Enquête raadsleden
Vanuit welke gemeente bent u betrokken bij de regio? (N = 42) 16
14
14 12 10
8
8 6
5
5 3
4
3
3
Voorst
Zutphen
1
2 0 Apeldoorn Brummen Deventer
Epe
Heerde
Lochem
Bent u lid (geweest) van de RAC van de Regio Stedendriehoek? (N = 42) 35 30 25 20 15 10 5 0
30
10 2 Ja, ik ben nu lid van de Ja, ik was lid van de Nee, ik ben geen lid RAC RAC van de RAC (geweest)
6 / 46
1.3.2.
Enquête DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het GSO
Vanuit welke gemeente bent u betrokken bij de regio? (N = 56) 14
13
12 10
9 8
8 6
7
7
5
5
4 2 2 0 Apeldoorn
Brummen
Deventer
Epe
Heerde
Lochem
Voorst
Zutphen
Bij welk gremium/overleg bent u betrokken? (N = 56) 30 26 25 20 15 11 10 5
8
8
3
0 DB
AB
Werkgroep of Strategisch Team
P-beraad
GSO
7 / 46
1.4.
Leeswijzer
Hoofdstuk 1 bevat de inleiding van dit onderzoek. Er wordt ingegaan op de achtergrond en de aanpak van het onderzoek wordt toegelicht. Ook bevat dit hoofdstuk een overzicht van de kenmerken van de respondenten die de enquêtes hebben ingevuld. Hoofdstuk 2 bevat de samenvatting. De samenvatting bestaat uit een overkoepelende conclusie en een beschrijving van de doorwerking van de verschillende aanbevelingen. Hoofdstuk 3 bevat per enquête een overzicht van de vragen en stellingen die betrekking hebben op de algemene beelden van de respondenten bij de Regio Stedendriehoek en hoe dit zich heeft ontwikkeld sinds begin 2024. Hoofdstuk 4 tot en met 9 bevatten elk een overzicht van de vragen en stellingen die per aanbeveling in de twee verschillende enquêtes zijn voorgelegd aan de respondenten. Elk hoofdstuk sluit af met een overkoepelende conclusie.
8 / 46
2. Samenvatting 2.1.
Conclusie
Uit de enquêtes komt het beeld naar voren dat de Regio Stedendriehoek sinds begin 2024 een duidelijke ontwikkeling heeft doorgemaakt richting een beter georganiseerd, een meer herkenbaar en een strategischer samenwerkingsverband. De inrichting van de nieuwe governance, de positionering van de raadsadviescommissie en de verdere professionalisering van de programmatische sturing hebben geleid tot een verbeterde samenwerking met resultaten op bijvoorbeeld het gebied van wonen, economie en de Regio Deal. Bestuurders en ambtenaren zien in vergelijking met twee jaar terug kortere lijnen, meer onderlinge verbondenheid en een sterker regionaal verhaal. Tegelijkertijd zien we dat de waardering aanzienlijk wisselt tussen verschillende groepen. Waar de verschillende ambtelijk en bestuurlijk betrokkenen duidelijk vooruitgang zien, ervaren raadsleden die niet actief betrokken zijn bij de RAC dat nog in mindere mate. Zij hebben beperkt zicht op zowel het functioneren van de regio als de resultaten die worden bereikt. De kloof tussen betrokken RAC-leden en overige raadsleden is in vrijwel alle stellingen zichtbaar, De regio blijft daarmee, zoals ook een bevinding was in de vorige evaluatie, te veel op afstand staan van de individuele raden en Staten, waarbij te weinig zicht is op de meerwaarde en het gezamenlijke verhaal van de regio.
Daarnaast blijkt programmatische sturing nog niet overal even goed is doorontwikkeld. De wisselende mate van betrokkenheid en capaciteit tussen de verschillende gemeenten vraagt om blijvende aandacht. Ook de verbinding tussen de regionale werkorganisatie en de gemeentelijke organisaties moet verder bestendigd worden. Kortom zien we op basis van de enquêtes dat de Regio Stedendriehoek zich de afgelopen periode heeft doorontwikkeld, maar er nog verdere stappen nodig zijn om de volledige potentie van de regio te kunnen benutten en verwezenlijken. De te zetten stappen zijn passend bij de fase waarin de Regio Stedendriehoek zich bevindt, gelet op het feit dat het plan van aanpak voor de opvolging van de aanbevelingen in het voorjaar van is vastgesteld.
2.2.
Doorwerking aanbevelingen
Bovenstaande conclusie is gebaseerd op de analyse van de doorwerking van de verschillende aanbevelingen (zie hoofdstuk 4 t/m 9). De doorwerking van de aanbevelingen is gescoord op basis van een thermometer, met de kleuren groen (doorgewerkt), oranje (deels doorgewerkt) en rood (beperkt of niet doorgewerkt). Doorwerking aanbeveling 1: Uit de enquêtes ontstaat het beeld dat er duidelijke voortgang is geboekt in het oppakken van aanbeveling 1. Er is een kernboodschap geformuleerd, gedeeld en in grote lijnen bekend bij de raadsleden en de ambtelijk en bestuurlijk betrokkenen. Tegelijkertijd blijkt uit beide enquêtes dat het regioverhaal nog onvoldoende doorwerkt in de praktijk. Het wordt nog niet vanzelfsprekend gebruikt als instrument voor prioritering, noch als bindend narratief richting raden, inwoners en ondernemers. De herkenning van de meerwaarde van het verhaal blijft daardoor vooral beperkt tot degenen die betrokken zijn bij de regio. Om het regioverhaal een als strategisch instrument te kunnen benutten en een verhaal te laten zijn waar de verschillende betrokkenen, inclusief inwoners en ondernemers, zich in herkennen, is doorontwikkeling nodig. Daarmee wordt de doorwerking van deze aanbeveling als oranje beoordeeld.
9 / 46
Doorwerking aanbeveling 2: De uitkomsten van beide enquêtes laten zien dat de aanbeveling duidelijk is opgepakt. De RAC is opgezet en deze wordt structureel betrokken. Haar rol als verbindende schakel tussen raden en regio wordt breed erkend en gewaardeerd. Tegelijkertijd blijkt dat de RAC door de overige raadsleden en door bestuurlijk en ambtelijk betrokkenen nog gezien wordt als een commissie in ontwikkeling. Er is beperkt zicht op wat de RAC doet en de ambtelijk en bestuurlijk betrokkenen geven aan dat de input van de RAC nog beperkt zichtbaar wordt verwerkt. Deze aandachtspunten zijn passend, gelet op de fase waar de commissie zich nu in bevindt. De doorwerking van deze aanbeveling wordt daarom als groen beoordeeld. De structuur staat en functioneert, maar de democratische legitimiteit en zichtbaarheid van de RAC moet verder worden versterkt om de commissie volledig tot haar recht te laten komen. Doorwerking aanbeveling 3: De resultaten uit beide enquêtes geven het beeld dat de aanbeveling in de afgelopen periode aantoonbaar is opgepakt, maar dat de doorwerking nog niet volledig is geborgd. De doorontwikkeling van de programmatische sturing wordt herkend en veel respondenten ervaren dat de structuur met de verschillende gremia functioneert en waarde toevoegt.
Tegelijkertijd laten de antwoorden zien dat de onderlinge samenhang daartussen en de aansturing nog onvoldoende geborgd zijn. Duidelijkheid van rollen, voorbereiding van bijeenkomsten en de mate en wijze van terugkoppeling verschillen per gremium en niet altijd is duidelijk hoe adviezen doorwerken in besluitvorming. Deze aandachtspunten sluiten aan op de oorspronkelijke aanbeveling: er moet duidelijk zijn hoe de verschillende overleggen zich tot elkaar verhouden en wat ervoor nodig is om de overleggen goed vorm te geven. De doorwerking van deze aanbeveling bevindt zich daarmee in een overgangsfase. Er is zichtbare voortgang, maar dit heeft er nog niet toe geleid dat de programmatische sturing volledig is uitgekristalliseerd. Daarmee wordt de doorwerking van deze aanbeveling als oranje beoordeeld. Doorwerking aanbeveling 4: De enquête-uitkomsten laten zien dat de doorwerking van deze aanbeveling nog beperkt is. Respondenten erkennen dat er stappen zijn gezet met de vernieuwde Strategische Board, maar dit leidt nog niet tot bredere betrokkenheid van ondernemers in de regionale samenwerking. Het grote aandeel respondenten dat aangeeft geen beeld te hebben van de mate van vertegenwoordiging van ondernemers en het benutten van hun netwerken, geeft het beeld dat dit aspect van de samenwerking nog niet goed verankerd is.
Het betrekken van ondernemers lijkt nu nog vooral te plaatsvinden binnen een beperkte groep vertegenwoordigers, terwijl de oorspronkelijke aanbeveling juist gericht was op het actiever benutten van bredere regionale netwerken en het vergroten van de meerwaarde daarvan voor projecten en regionale doelrealisatie. Daarmee wordt de doorwerking van deze aanbeveling als rood beoordeeld. Doorwerking aanbeveling 5: De enquête-uitkomsten laten zien dat de doorwerking van deze aanbeveling nog beperkt is. Het uitdragen van resultaten en het zichtbaar maken van regio-brede meerwaarde blijkt nog te veel beperkt tot de groep die goed aangehaakt is op de regio. Vooral raadsleden die niet betrokken zijn in de RAC geven aan onvoldoende zicht te hebben op wat de regio daadwerkelijk bereikt en welke meerwaarde dat oplevert voor hun gemeente. Verdere verbetering van de informatievoorziening is nodig om te zorgen dat de meerwaarde structureel, herkenbaar en aansprekend worden teruggekoppeld. Dit sluit aan bij de oorspronkelijke aanbeveling: herkenbaar laten terugkomen wat de bijdrage is van de regio aan projecten en tot welke resultaten dit leidt en voor de projecten die niet voor elke gemeente direct van nut zijn, toch zichtbaar waarom het project van meerwaarde is voor de gehele regio. Daarmee wordt de doorwerking van deze aanbeveling als rood beoordeeld.
10 / 46
Doorwerking aanbeveling 6: De opvolging van deze aanbeveling is aantoonbaar opgepakt. Er is door het (toenmalige) DB in het voorjaar van 2024 een plan van aanpak vastgesteld ter uitvoering van aanbevelingen. Wel blijkt uit de enquêteresultaten dat de doorwerking richting de raden nog onvoldoende is. Een groot deel van de raadsleden geeft aan geen helder beeld te hebben van de voortgang of van wat de aanbevelingen concreet hebben opgeleverd. Dit geldt vooral voor raadsleden die geen lid zijn van de RAC. De doorwerking van deze aanbeveling wordt daarmee als oranje beoordeeld.
3. Algemene beelden Aanvullend op vragen omtrent de doorwerking van de aanbevelingen, zijn stellingen en vragen voorgelegd die gaan over de algemene beelden bij de Regio Stedendriehoek en hoe dat zich heeft ontwikkeld sinds begin 2024. In paragraaf 3.1. worden de resultaten uit de enquête voor raadsleden behandeld. Paragraaf 3.2. gaat in op de enquête van de verschillende gremia. In paragraaf 3.3. wordt afgesloten met een overkoepelende conclusie.
3.1.
Raads(adviescommissie)leden
Stelling: Als gemeenteraad kunnen wij voldoende onze invloed uitoefenen op de Regio Stedendriehoek. (N=28) De stelling wordt door een meerderheid relatief positief beoordeeld. Van alle respondenten geeft 47% (18 respondenten) aan dat de raad voldoende invloed heeft (enigszins of helemaal mee eens), terwijl 25% (7 respondenten) dit niet zo ervaart.
Raadsleden (incl. (oud) RACleden) (N=28)
1 2
4 Wanneer onderscheid wordt gemaakt tussen (oud-)RAC-leden en overige raadsleden, zien we verschillen. Excl. (oud-)RAC-leden Onder niet-RAC-leden heeft slechts 32% (6 raadsleden) de indruk dat de eigen raad voldoende invloed kan uitoefenen. 37% (7 raadsleden) heeft het tegenovergestelde beeld. 21% is neutraal.
Raadsleden (excl. (oud) RACleden) (N=19)
2
3
12
3
6
6
4 4
(Oud-)RAC-leden) (N=9)
2
1
6 (Oud-)RAC-leden Bij (oud-)RAC-leden is het beeld aanzienlijk positiever. Zeven van de negen raadsleden geven hier aan dat zij voldoende invloed ervaren. In deze groep is niemand negatief over de stelling. Het is mogelijk dat de (oud-)RAC-leden ervaren dat zij in hogere mate invloed kunnen uitoefenen op de Regio Stedendriehoek vanwege hun rol, waarbij zij nauwer betrokken zijn bij de regio en besluitvormingsprocessen.
11 / 46
Stelling: Regionale samenwerking in de Regio Stedendriehoek draagt bij aan de ambities van mijn gemeente. (N=28) De grote meerderheid van de raadsleden ervaart dat de regionale samenwerking binnen de Regio Stedendriehoek bijdraagt aan de ambities van de eigen gemeente. In totaal geeft 71% van de respondenten (20 respondenten) aan het (enigszins of helemaal) eens te zijn met deze stelling. Slechts een kleine minderheid (5 raadsleden) oordeelt negatief. Wanneer onderscheid wordt gemaakt tussen (oud)RAC-leden en overige raadsleden, blijft het beeld overwegend positief in beide groepen.
Raadsleden (incl. (oud) RACleden) (N=28)
Raadsleden (excl. (oud) RACleden) (N=19)
2 2 4
2
3 1
2
3
11
16 1 (Oud-)RAC-leden) (N=9)
Excl. (oud-)RAC-leden Onder niet-RAC-leden geeft 58% (11 respondenten) aan dat de regionale samenwerking bijdraagt aan de gemeentelijke ambities. Een kleine groep (27%) is het enigszins of helemaal oneens met de stelling. Dit kan te verklaren zijn doordat zij meer op afstand staan van de regio dan de RAC-leden.
4 5
(Oud-)RAC-leden Onder (oud-)RAC-leden is de waardering unaniem positief. Alle respondenten in deze groep geven aan de samenwerking als waardevol te ervaren, waarbij 44% (5 raadsleden) het helemaal eens is met de stelling.
Stelling: Mijn algehele beeld van de regionale samenwerking in de Regio Stedendriehoek is sinds begin 2024 … (N=28) Het algemene beeld van de regionale samenwerking binnen de Regio Stedendriehoek is volgens raadsleden duidelijk positief veranderd sinds begin 2024. In totaal geeft 68% van de respondenten aan dat hun beeld (enigszins of sterk) is verbeterd. Slechts een zeer kleine groep (8%) ervaart een verslechtering en 25% geeft aan dat hun beeld gelijk is gebleven. De resultaten wijzen daarmee op een brede waardering voor de stappen die gezet zijn.
Raadsleden (incl. (oud) RACleden) (N=28)
Raadsleden (excl. (oud) RACleden) (N=19)
1 1
1 1
2
7 7 7
12
8
(Oud-)RAC-leden) (N=9)
Er zijn verschillen zichtbaar tussen raadsleden die wel en niet bij de RAC zijn betrokken. 4 Excl. (oud-)RAC-leden Onder niet-RAC-leden is 53% (10 raadsleden) positief over de ontwikkeling van de samenwerking. Een relatief grote groep (37%) ervaart geen duidelijke verandering.
5
(Oud-)RAC-leden Bij (oud-)RAC-leden is het beeld unaniem positief. 100% ervaart dat de samenwerking is verbeterd en 56% geeft aan dat de regio sterk is verbeterd.
12 / 46
Stelling: De meerwaarde van de Regio Stedendriehoek voor mijn gemeente is nu duidelijker dan in begin 2024: (N=28) De meerderheid van de raadsleden ervaart dat de meerwaarde van de Regio Stedendriehoek voor de eigen gemeente sinds begin 2024 duidelijker is geworden. In totaal geeft 64% (18 respondenten) aan dat zij de meerwaarde beter herkennen dan voorheen. Slechts 14% vindt dat de meerwaarde niet duidelijker is geworden. 14% heeft neutraal geantwoord.
Raadsleden (incl. (oud) RACleden) (N=28)
Raadsleden (excl. (oud) RACleden) (N=19)
2 2
2
7
2
2 2
2
4 11
4
7
Er zit daarbij een verschil tussen de raadsleden die wel en niet actief zijn (geweest) bij de RAC. (Oud-)RAC-leden) (N=9)
Excl. (oud-)RAC-leden Onder niet-RAC-leden is 48% (9 respondenten) positief. Het aandeel neutrale en negatieve antwoorden is gezamenlijk 43%. Dit wijst erop dat voor de meerderheid van deze groep de meerwaarde voor de eigen gemeente nog beperkt duidelijk is.
4 5
(Oud-)RAC-leden Onder (oud-)RAC-leden is het beeld volledig positief. Alle respondenten ervaren dat de meerwaarde nu duidelijker is dan begin 2024. 56% geeft aan dat dit in sterke mate geldt.
Vraag: Waar bent u het meest tevreden over en wat verdient aandacht? Excl. (oud-)RAC-leden Onder de niet RAC-leden geven meerdere raadsleden expliciet aan waardering te hebben voor onderdelen waarin de regio zich heeft ontwikkeld, zoals de verstedelijkingsstrategie, de Regiodeals, de regionale woningbouwversnelling en de verbeterde communicatie. Ook worden enkele aandachtspunten benoemd, met name met betrekking tot de profilering, communicatie en zichtbaarheid. Raadsleden geven aan dat de Regio Stedendriehoek nog onvoldoende leeft binnen de eigen gemeente en dat de meerwaarde beter en frequenter moet worden gedeeld. Een aantal respondenten benadrukt bovendien dat zij onvoldoende beeld hebben om deze vraag goed te beantwoorden. Een enkele respondent is expliciet negatief over de Regio Stedendriehoek. (Oud-)RAC-leden De (oud-)RAC-leden noemen vooral de groeiende samenwerking, beter overleg en verbeterde besluitvormingsprocessen als punten waar zij tevreden over zijn. Ook door hen wordt aangegeven dat er meer kan worden gedaan om de meerwaarde explicieter te maken en om vanuit de verbeterde structuur ook meer invloed voor raadsleden te realiseren.
13 / 46
3.2.
DB en AB, werkgroepen, Strategisch Team, P-beraden en het gemeentesecretarissenoverleg
Stelling: Mijn algehele beeld van de Regio Stedendriehoek is sinds begin 2024: (N=44) In totaal geeft 61% (27 respondenten) aan dat hun beeld (sterk) is verbeterd. Slechts een klein deel (4%) ervaart een verslechtering en 34% aangeeft dat het beeld ongeveer gelijk is gebleven. Dit laat zien dat de ingezette veranderingen positief worden ervaren. Wel is voor ruim een derde (15 respondenten) het beeld ongewijzigd gebleven. Dat kan erop duiden dat verbeteringen nog niet in alle gremia even duidelijk zijn of dat sommige onderdelen van de aanbevelingen nog aandacht vragen.
N = 44
11 4 15 23
Vraag: Waar bent u het meest trots op aangaande de regionale samenwerking in de Regio Stedendriehoek? (N=39) Een groot deel van de respondenten benoemt dat er de afgelopen periode duidelijke stappen vooruit zijn gezet. Allereerst valt op dat veel respondenten trots zijn op de versterkte onderlinge samenwerking en gelijkwaardigheid daarin tussen de gemeenten. Men benadrukt dat de acht gemeenten elkaar beter weten te vinden en over eigen belangen heen kunnen stappen om gezamenlijke regionale doelen te verwezenlijken. Deze gelijkwaardige samenwerking wordt gezien als een ontwikkeling waardoor de gemeenten steeds meer als één regio kunnen optreden richting externe partners zoals provincies en Rijk. Daarnaast is men trots op concrete resultaten die samen behaald zijn. De Regiodeal wordt hierbij het vaakst genoemd als zichtbaar bewijs. Daarnaast worden de verstedelijkingsstrategie, de regionale woningbouwopgave, samenwerking rondom mobiliteit, PPS-aanpakken en projecten op bedrijventerreinen genoemd als voorbeelden. Ook de positie van de regio op ruimtelijk-economisch vlak wordt als versterkt ervaren, evenals de zichtbaarheid richting het Rijk. Daarnaast is er brede waardering voor de professionalisering en versterking van de organisatie, zowel binnen het regiobureau als in de werkgroepen en ambtelijke samenwerking.