CConstaterende datBrummen
Koppel je AI →
Document · PDF

A6 - VNOG - Voorlopige begroting en jaarstukken D479453

Besluitvormende raadsvergadering 28 mei 2026, gemeente BrummenBij agendapunt: Lijst met ingekomen en verzonden stukken41.479 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 5 van 5

- 21. 094

-€ 27. 680

- 18. 796

-€ 25. 382

- 23. 686

-€ 30. 272

- 21. 324

-€ 27. 910

Afgerond € 80. 313. 535

€ 6. 585. 710

82% ,

Zoals uit bovenstaand overzicht blijkt is de kasgeldlimiet in 2025 niet overschreden. Schatkistbankieren Met ingang van 1 januari 2014 heeft het Ministerie van Financiën het voor overheidslichamen verplichte schatkistbankieren ingevoerd. VNOG is hierdoor verplicht om overtollige middelen in rekening-courant aan te houden bij het Ministerie van Financiën. Als overtollig wordt aangemerkt alle middelen die een drempelbedrag overschrijden. Voor VNOG is het drempelbedrag voor 2025 bepaald op € 1. 606. 000 (2% van begrotingstotaal). VNOG legt in navolgende tabel verantwoording af over de wijze waarin in 2025 de regels over schatkistbankieren zijn nageleefd.

Pagina 34 van 98

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1) Drempelbedrag Kwartaal 1 (2)

16062707 ,

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

(3a) = (1) > (2) (3b) = (2) > (1) (1) Berekening drempelbedrag

Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag

(4a)

Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

870

831

808

8 43

737

775

798

7 63

-

-

-

-

Verslagjaar (4b) (4c) (1) = (4b)*002 , + (4c)*0002 , met een minimum van €1. 000. 000 als het

8 0. 314 8 0. 314 -

begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 Drempelbedrag 1 .606 miljoen is is het drempelbedrag aan € 10 , gelijk miljoen van het deel vermeerderd met 02% , van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. (2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 Som van de per dag buiten 's Rijks 7 8. 257 7 5. 630 7 4. 378 (5a) schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 90 91 92 (5b) Dagen in het kwartaal op dagbasis buiten 's Rijks Kwartaalcijfer 870 831 808 (2) (5a) / (5b) schatkist aangehouden middelen

Uit dit overzicht blijkt dat VNOG in 2025 de regels schatkistbankieren heeft nageleefd. Renteberekening jaarrekening Aan de investeringen is in 2025 15% , rente toegerekend. Het resultaat op treasury (€ 487. 000) behaald door uitzetting in de Schatkist is onderdeel van het jaarrekeningresultaat.

Pagina 35 van 98

77. 562 92 8 43

4. 4. Crises paragraaf Oekraïne Het Ministerie had aanvankelijk aan de veiligheidsregio’s een rol toebedeeld in de eerste opvang van ontheemden uit Oekraïne. Deze taak zou daarna overgaan naar een door de gemeenten te kiezen regionaal openbaar lichaam. In een later stadium hebben het algemeen bestuur van VNOG en de 22 gemeenten besloten deze taak door de veiligheidsregio te laten continueren. Het Ministerie heeft ter dekking van de te maken kosten een ‘Bekostigingsregeling eerste opvang ontheemden Oekraïne door Regionale openbare lichamen’ vastgesteld. Regionale openbare lichamen kunnen op basis hiervan kosten voor regie , coördinatie van de spreiding van ontheemden , communicatie , zorg en materiële uitgaven declareren. VNOG moet op grond van deze regeling niet alleen haar eigen hieronder vallende kosten declareren , maar ook de door de GGD gemaakte kosten voor zover ze voldoen aan de voorwaarden in de regeling. Op basis van een inschatting heeft VNOG voor 2025 een voorschot aangevraagd van € 857. 295. Dit bedrag bestaat vooral uit de werkzaamheden voor de coördinatie van de spreiding van ontheemden. Daarnaast heeft de GGD een voorschot ingediend bij VNOG voor de kosten van werkzaamheden over 2025. Deze activiteit is door de bekostigingsregeling van het Rijk in principe budgettair neutraal.

De opgestelde declaratie van de over 2025 gemaakte kosten komt uit op een bedrag van € 696. 273 exclusief de kosten van medeoverheden. Daar waar sprake is van overdracht van middelen naar een medeoverheid is SiSa tussen medeoverheden van toepassing. De door VNOG samengestelde declaratie moet uiterlijk 15 juli 2026 worden ingediend. Dreigingen , verstoringen en weerbaarheid Door alle globale spanningen , dreigingen en verstoringen heeft het thema ‘weerbaarheid’ een grote vlucht genomen in 2025 , zoals bijvoorbeeld met de landelijke ‘Denk vooruit’ campagne. Het thema was in het regionaal beleidsplan benoemd als trend , maar is dit jaar ook binnen VNOG verder doorontwikkeld. In nauw overleg met de gemeenten is in 2025 een Programmaplan Weerbaarheid tot stand gekomen en partners hebben bestuursafspraken gemaakt. Binnen VNOG is een Stuurgroep Weerbaarheid met thematafels opgestart om de diverse deelonderwerpen op te pakken , de gemeenten goed te ondersteunen en VNOG zelf ook voor te bereiden op verstoringen. Een onderdeel van weerbaarheid vormen de noodsteunpunten. De invulling van de landelijke pilot ‘noodsteunpunten’ is eind 2025 uitgewerkt en opgestart. VNOG is medio 2025 door het Rijk vitaal verklaard voor een aantal processen , namelijk proces ‘crisisorganisatie’ , ‘inzet brandweer’ en ‘informatievoorziening’.

Dit brengt de plicht met zich mee dat deze processen altijd door moeten gaan. Dit maakt versterking van de eigen bedrijfscontinuïteit van VNOG noodzakelijk. Anderzijds brengt dit ook rechten met zich mee , bijvoorbeeld voorrang op noodrantsoenen vanuit het Rijk. De gevolgen van de vitaal verklaring worden komende periode landelijk verder uitgewerkt. Er is bij dit alles ook een verbinding met het grotere thema ‘weerbaarheid’: ook VNOG zelf moet weerbaar zijn. Alleen een weerbare en robuuste VNOG kan van meerwaarde zijn voor de weerbaarheidsopgave waar de samenleving als geheel voor staat.

Pagina 36 van 98

4. 5. Voortgang besteding extra BDuR-middelen Inleiding Het Rijk heeft per 2023 de reguliere bijdrage aan alle veiligheidsregio’s (de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding , BDuR) structureel verhoogd met extra-BDuR. Deze extra-BDuR is expliciet door het Rijk bedoeld voor versterking van de crisisbeheersing (incl. vergroting flexibiliteit) en versterking informatievoorziening (incl. informatiestromen tussen regio’s onderling en Rijk). De extra-BDuR komt in vier tranches , waarbij de eerste tranche per 2023 is toegekend. De laatste tranche volgt in 2026. Ieder jaar in juni geeft het Ministerie over de (hoogte van de) tranche voor het volgende jaar pas definitieve zekerheid. Dat is dus een belangrijk voorbehoud. Het AB heeft in maart 2023 een meerjarig bestedingsplan 2023-2026 voor de besteding van de extra-BDuR vastgesteld en ook gedeeld met de gemeenten. Er worden hierin functionarissen geworven voor ondersteuning van de multi operationele crisisorganisatie , crisiscommunicatie , versterking vakbekwaamheid , risico-analyse en data-specialisten , o. a. voor het wettelijk verplichte 24/7 veiligheidsinformatieknooppunt (VIK). Korting op de totale BDuR en dekking daarvan Eind 2024 werd duidelijk dat alle 25 veiligheidsregio’s per 2026 een structurele korting van 10% op de totale BDuR krijgen (dus reguliere BDuR en extra-BDuR samen).

Gelet op de juist ingezette verbeterslag met de extra-BDuR en alle ontwikkelingen en dreigingen , is er landelijk veel discussie geweest over deze korting. Voor VNOG gaat het om een korting van € 11, miljoen. Voor de tijdelijke dekking in 2026 is het volgende gedaan. Het AB heeft in december 2024 de jaarschijven 2025 en 2026 van het Bestedingsplan extra-BDuR voorlopig bevroren.1 Zo kwam er dekking beschikbaar om de korting in 2026 te dragen. De inhoudelijke gevolgen van deze voorlopige bevriezing zijn in juni 2025 voor het AB in beeld gebracht. De structurele maatregelen voor de BDuR korting per 2027 zijn beschreven in de Kadernota 2027 en zijn binnen de bestaande middelen van VNOG gevonden. De maatregelen hebben vooral tot gevolg dat de versterking van de crisisbeheersing wordt versoberd , doordat onderdelen van het Bestedingsplan extra-BDuR permanent niet of verminderd worden uitgevoerd. Een aantal van de in 2025 en 2026 bevroren onderdelen van het Bestedingsplan extra-BDuR worden per 2027 wel in uitvoering genomen. Hun bevriezing eindigt per 2027. Ook dit is beschreven in de Kadernota 2027. Eenmalige inzet jaarschijf 2025 extra-BDuR De korting gaat in per 2026. Dat betekent dat de extra-BDuR voor 2025 in het jaar 2025 nog éénmalig incidenteel kan worden ingezet. Deze eenmalige inzet is toegelicht in het AB van 26 juni 2025.

De inzet is zoveel mogelijk in lijn met het door het AB vastgestelde Bestedingsplan extra-BDuR , zodat toch nog zoveel mogelijk van de plannen rondom de extra-BDuR voortgang krijgen.

Voortgang bestedingsplan – eenmalige inzet jaarschijf 2025 Omdat de eenmalige inzet pas later in het jaar is gestart , worden een aantal onderdelen over de jaargrens heen afgerond; daartoe wordt budget overgeheveld. Het AB heeft op 27 november 2025 besloten dat deze overheveling via de bestaande bestemmingsreserve noodfonds verloopt en deze middelen tijdelijk aan het noodfonds kunnen worden toegevoegd. Het AB heeft daarbij besloten dat het noodfonds tijdelijk voor één jaar boven het afgesproken plafond mag uitstijgen. 1 Samen

met de inzet van (het grootste deel van) de structureel hogere BDuR bijdrage 2025 (=loon-en prijscompensatie 2024) - die VNOG nog niet had ingezet - is er dan in 2026 dekking.

Pagina 37 van 98

De overblijvende middelen van de extra-BDuR jaarschijf 2025 hebben daardoor geen effect op het jaarresultaat. Door incidentele inzet in 2025 van de jaarschrijf 2025 zijn de gevolgen van het bevriezen incidenteel verzacht. Daarmee is voor in 2025 verdere voortgang geboekt op de versterking van crisisbeheersing en informatievoorziening , waar de extra-BDuR voor is bedoeld. Via tijdelijke inzet zijn de volgende onderdelen van het Bestedingsplan in 2025 eenmalig nog door ontwikkeld: • Onderzoek naar een toekomstbestendige organisatie inrichting van Risico- en Crisisbeheersing in VNOG. • Incidentele inhuur om het opleidingsplan Bevolkingszorg uit te voeren en op onderdelen gemeenten te begeleiden , zodat verbeterstappen zijn gezet. • Werkzaamheden Multi Opleiden en Oefenen door het tijdelijk aanstellen van een trainee. • Het opzetten van het functioneel beheer Proeftuin-IGW door inhuur (tijdelijk). • Gemeenten zijn ondersteund met weerbaarheidsvraagstukken. Resumé Samengevat zag de besteding in 2025 er als volgt uit: BDuR ophoging Formatie en inhuur Exploitatie

Begroting na wijziging 2025 2. 001. 610

Realisatie 2025 1. 697. 735

672. 946

364. 800

Storting in noodfonds crisisbeheersing

612. 021

Pagina 38 van 98

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16879524/1