(152) Ontwerp Regionaal Programma Energievoorziening
Tekst van het document
458309
Regionaal programma energievoorziening Herijking RES 1.0 Ontwerp
Regionaal programma energievoorziening
Colofon Uitgave van Regio Stedendriehoek, april 2025 Fotocredits: Rob Acket, Henri vd Beek, Rob Voss 2
Regionaal programma energievoorziening
Inhoud Voorwoord
4
Managementsamenvatting
4
00
10
Een blik op de toekomst
Leeswijzer
14
Inleiding
15
01
Met het Regionaal programma energievoorziening (RPE) op weg naar de toekomst
17
02
Zet nu meteen al de volgende stappen
22
03
Het energieperspectief biedt hulp bij het bereiken van de energievoorziening van de toekomst
27
Hoe brengen we de vraag naar energie en het aanbod van energie met elkaar in balans?
40
05
Samen werken en samen uitwerken
53
06
Hoe verder vanaf nu?
59
04
Bijlagen 01
Handreiking bij het energieperspectief
68
02
Van RES 1.0 naar RES 2.0; toelichting en verantwoording
79
03
Handreiking bij het energieperspectief
82
04
Van RES 1.0 naar RES 2.0; toelichting en verantwoording
84
3
Regionaal programma energievoorziening
Managementsamenvatting RES 2.0 noemen we voortaan Regionaal programma energievoorziening, oftewel RPE. Voor u ligt het Regionaal programma energie voorziening 1.0 van de regio Stedendriehoek: een herijking van de RES 1.0, die in 2021 vastgesteld werd. Eerder noemden we dit de RES 2.0. In het RPE gaat het over de hele energievoorziening. We kijken niet alleen meer naar het grootschalig opwekken van elektriciteit met behulp van wind en zon, maar we kijken naar vraag, aanbod, transport, opslag en flexibel gebruik van energie. Het RPE is daarmee een strategie die past bij de wereld van nu en vooruitkijkt naar de toekomst. En die alle spelers in de energietransitie de komende jaren kunnen gebruiken bij het maken van keuzes in de energievoorziening.
4
De rest van dit document richt zich tot iedereen die een
het bereiken van ons gezamenlijke doel voor 2050, dan wil
rol heeft in de energietransitie: inwoners, ondernemers en
Nederland klimaatneutraal zijn. Dat wil zeggen dat de netto
agrariërs, overheden, de netbeheerder en maatschappelijke
uitstoot van broeikasgassen dan nul is.
partners.
Dit eerste gedeelte van het document richt zich tot de volksvertegenwoordigers van de provincie, de waterschappen en de zeven gemeenten van de Energieregio Stedendriehoek1 .
Regionaal programma energievoorziening
Het Regionaal programma energievoorziening helpt bij
Voor u geldt:
Met het vaststellen van het Regionaal programma energievoorziening (RPE) omarmt u de visie op de energievoorziening van de toekomst, samen met de uitgangspunten en afspraken die daarbij horen. Ook gaat u de inspanningsverplichting aan om het bod van 1,07 TWh zo snel mogelijk na 2030 en uiterlijk in 2035 te realiseren. U ziet dit bod als een mijlpaal onderweg naar het eindbeeld in 2050: een betaalbare, betrouwbare én klimaatneutrale energievoorziening voor de ruimtelijke ontwikkelingen en verduurzamingsopgaven binnen de regio Stedendriehoek.
1
Onder de Energieregio Stedendriehoek (voorheen RES regio Stedendriehoek) verstaan we de gemeenten van de regio Stedendriehoek, minus de gemeente Deventer. Overal waar in dit document ‘regio Stedendriehoek’ staat, hebben we het over de Energieregio Stedendriehoek.
5
Regionaal programma energievoorziening
Energietransitie Onze energievoorziening en de benodigde infrastructuur
Ondersteuning van de kwaliteit van leven in de regio Stedendriehoek
veranderen door de overgang van kolen en aardgas naar
Met het RPE werken we aan een betaalbare, betrouwbare
duurzame bronnen van energie, die overal beschikbaar
en klimaatneutrale energievoorziening voor onze regio.
zijn: in zon, wind, lucht, bodem en water. Dit noemen wij de
Betrouwbaar betekent dat er altijd voldoende aanbod
energietransitie. Waar energie voorheen centraal opgewekt
moet zijn. Klimaatneutraal betekent dat het aanbod zo min
en verspreid werd, gaan we naar een mix waarbij we
mogelijk impact op onze leefomgeving moet hebben. En
naast een centraal netwerk ook lokaal duurzame energie
betaalbaar betekent dat die betrouwbare en klimaatneutrale
opwekken, opslaan en gebruiken. De energievoorziening
oplossingen bereikbaar moeten zijn voor iedereen. Zodat
wordt daarom decentraler, lokaler en daarmee, veel
de energievoorziening de brede welvaart in de regio
meer dan vroeger, onderdeel van onze leefomgeving en
Stedendriehoek optimaal blijft ondersteunen.
maatschappij. In het RPE is onze eigen energiebehoefte als uitgangspunt
Energievoorziening met impact op onze leefomgeving en de maatschappij
genomen: de hoeveelheid duurzame energie die we in de
Die decentrale energievoorziening zien we aan de ene kant
het uitvoeren van onze woningbouwplannen, uitbreidingen
fysiek terug: de uitbreiding van de energie-infrastructuur
van bedrijventerreinen en de ontwikkeling van werklocaties.
krijgt in de eigen omgeving een plek in de fysieke ruimte.
Maar energie hebben we ook nodig om onze bestaande
Denk aan zonnepanelen, laadpalen, warmtecollectoren,
woningen en gebouwen te verwarmen zonder fossiele
thuisbatterijen of eigen warmtebuffers. Aan de andere kant
brandstoffen en om het verkeer, de industrie en de landbouw
heeft dit ook effect op de lokale maatschappij: inwoners en
minder belastend te maken voor onze leefomgeving.
toekomst nodig hebben. Onze energievraag komt voort uit
ondernemers zijn niet langer alleen consument van energie, in energie. Met eigen zonnepanelen of als eigenaar of mede-
Het energieperspectief: de visie op de energievoorziening van de toekomst
eigenaar van een windmolen, een elektrische auto, of een
Met het opstellen van het energieperspectief hebben we
warmtenet. Zij zijn allemaal spelers in de energietransitie
onderzocht wat er allemaal al gebeurt in de energietransitie
en leveren daarmee een aanzienlijke bijdrage aan de
en of daar duidelijke lijnen in te ontdekken zijn. Het blijkt
energievoorziening van de toekomst.
dat de energietransitie al verrassend veel richting heeft
maar ook steeds vaker producent van energie of handelaar
gekozen. De visie die hieruit volgt, hebben wij in het
De hele energievoorziening: vraag, aanbod, transport, opslag en flexibel gebruik van energie In het RPE gaat het over de hele energievoorziening. We kijken niet alleen meer naar het grootschalig opwekken
energieperspectief uitgewerkt in:
1. Uitgangspunten met betrekking tot de energievoorziening van de toekomst.
van elektriciteit met behulp van wind en zon, maar we
2. De afspraken waar de RPE-partners2 zich aan
kijken naar vraag, aanbod, transport, opslag en flexibel
houden om tot de energievoorziening van de
gebruik van energie. Bij het aanbod van energie kijken we
toekomst te komen.
dan naar álle energiebronnen en -dragers. Dus niet alleen
3. De kwantificering van de energiestromen binnen
naar zonne-energie en windenergie, maar bijvoorbeeld
onze regio in de periode vanaf nu tot 2050.
ook naar omgevingsenergie (energie uit lucht, water en bodem), restwarmte, biogas, waterstof en kernenergie. Ook beschouwen we in het RPE zowel grootschalige als kleinschalige opwekmogelijkheden.
2
6
De RPE-partners zijn de provincie Gelderland, het waterschap Vallei en Veluwe, het waterschap Rijn en IJssel, de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Heerde, Lochem, Voorst en Zutphen en netbeheerder Liander.
1. Duurzame elektriciteit en omgevingsenergie
- We clusteren voorzieningen voor het opwekken van energie zoveel mogelijk en
vormen de ruggengraat van onze toekomstige
kiezen bij voorkeur voor no-regret locaties
energievoorziening
zoals bijvoorbeeld langs infrastructuur,
2. De energievoorziening is in 2050 decentraler dan in 2025 3. In de toekomst maken we ook nog steeds gebruik van het centrale elektriciteitsnet 4. Netwerkcapaciteit is ook in 2050 nog steeds schaars 5. Het aanbod van energie en de vraag naar energie
op stortplaatsen, zandwinlocaties en parkeerterreinen (solar carports); - Wat we op gebied van windenergie niet kunnen realiseren op en rondom de Veluwe mag niet leiden tot een zogenaamd waterbedeffect. Dit betekent dat die windenergie niet elders in de
Regionaal programma energievoorziening
Uitgangspunten
regio opgewekt hoeft te worden.
zijn niet altijd met elkaar in balans 6. Het tekort aan elektriciteit en omgevingsenergie komt vooral voor in de winter 7. Meer dan 50% van de energie gaat door een vorm van opslag of buffer voordat het bij de gebruiker komt 8. Doordat elektriciteit belangrijker wordt, wordt onze vraag naar elektriciteit drie keer groter dan nu 9. Maar omdat gebruik van elektriciteit veel efficiënter is dan van fossiele brandstoffen, gebruiken we in de toekomst in totaal toch veel minder energie dan nu 10. Een energievoorziening kan op de ene plek grootschalig worden aangelegd en op de andere plek kleinschalig 11. De uitgangspunten van de eerste regionale energiestrategie, de RES 1.0, gelden nog steeds. Dit zijn: - We gaan zorgvuldig om met ons landschappelijk
De afspraken waar de RPE-partners zich aan houden 1. Wij nemen de energievoorziening vanaf het begin mee in de plannen die we maken voor onze fysieke leefomgeving. 2. Besparen en doelmatig gebruik van energie en netwerkcapaciteit zijn onderdeel van alle energieinitiatieven. 3. We gebruiken energieprofielen als we keuzes moeten maken over energie. 4. We wekken een aanzienlijk deel van onze energie zelf op in de regio. Het aandeel kan per gemeente verschillen. 5. We nemen de verzorgingsgebieden van
kapitaal. Belangrijke randvoorwaarden hierbij
de onderstations van de netbeheerder als
zijn: passend in het landschap, met speciale
uitgangspunt bij het balanceren van de
aandacht voor natuur- en cultuurhistorische waarden, behoud of versterking van de ruimtelijke kwaliteit en inzetten op dubbel grondgebruik. Dat geldt ook voor het leveren van een bijdrage aan doelstellingen op het vlak van biodiversiteit, waterhuishouding en bodem. - Wij zien de energietransitie en energievoorziening als onderdeel van
energievraag en het energieaanbod. 6. We werken actief mee aan het vergroten van de opslagcapaciteit van ons lokale energiesysteem. 7. We houden een open oog voor nieuwe ontwikkelingen. 8. Ons RPE past binnen (actualisaties) van het provinciaal beleid 9. Alle gemeenten van de regio Stedendriehoek
onze (ruimtelijke) ontwikkelingen en
gebruiken de uitgangspunten en uitgangspunten uit
verduurzamingsopgaven;
dit regionale energieperspectief als basis voor door
- We maken het RPE samen met onze inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en de netbeheerders; - We streven naar minimaal 50% lokaal eigendom in onze projecten; - We brengen vraag en aanbod van energie zoveel mogelijk bij elkaar in de buurt; - We zetten in op opslag en innovatieve energieclusters;
hen zelf vorm te geven gemeentelijk beleid. 10. We sturen als lokale overheden op wat binnen onze rol past. 11. We ontwikkelen kennis en expertise zoveel mogelijk lokaal en regionaal. 12. We monitoren jaarlijks of wij op koers liggen om het bod en het einddoel in 2050 te halen. 13. Wij kiezen zoveel mogelijk voor coöperatieve projecten.
7
duurzame bronnen binnen de regio, zoals diepe geothermie, duurzame gassen als biogas en waterstof, en duurzame
Een vertaling van de uitgangspunten de Ingezoomd op elektriciteit, schatten we in dat Energieprofiel van een naar huishouden opbrandstoffen. een januaridag energievoorziening van de toekomst van de regio
we in 2050 3,0 TWh lokaal en regionaal opwekken; voor de
Stedendriehoek, geeft een inschatting van de
overige 2,0 TWh benutten we het centrale net. Dus, van de
hoeveelheid elektriciteit, omgevingsenergie en
benodigde elektriciteit wekken wij in 2050 ongeveer 60%
energie uit overige duurzame bronnen, die we in
zelf op. Daarbij maken we slim gebruik van de beschikbare
2050 lokaal gaan produceren of gebruiken. Door
omgevingsenergie en andere lokale duurzame bronnen.
ze te vertalen naar cijfers zijn op deze manier de
Daardoor kunnen we binnen de regio 5,5 TWh van de
toekomstige ontwikkelingen in energiestromen
7 TWh die we nodig hebben, zelf opwekken. Hiermee kan
concreet gemaakt. de toekomstige ontwikkelingen
ons niveau van zelfvoorziening dus oplopen tot 80%.
Hoogte van de energievraag
Regionaal programma energievoorziening
Kwantificering van de energiestromen
in energiestromen concreet gemaakt door ze te die er ligt om ons doel voor 2050 te halen. Ook
Het bod in het RPE: de eerste mijlpaal op weg naar 2050
kunnen we onszelf zo realistische doelen stellen
In de RES 1.0 is als bod de ambitie opgenomen om in 2030
voor de hoeveelheid duurzame energie die we in de
1,07 TWh duurzame elektriciteit per jaar op te wekken. Het
periode vanaf nu tot 2050 op enig moment als regio
bod zien wij als mijlpaal voor het grootschalige gedeelte
vertalen naar cijfers. Dit geeft inzicht in de uitdaging
willen op 11 12 van 1 kunnen 2 3 opwekken. 4 5 En6kunnen 7 we 8 sturen 9 10 13 de14energieopwekking, 15 16 17 18op weg 19 naar 20 ons 21 einddoel: 22 23 een 24 klimaatneutrale energievoorziening in 2050. het bereiken van die doelen.
Uren van de dag In het Regionaal programma energievoorziening blijft
De energievoorziening zoals we die in 2050 voor ons zien
ons bod 1,07 TWh. Het is onze ambitie om dit zo snel mogelijk na 2030, en uíterlijk in 2035, te realiseren.
Afbeelding 1 toont een mogelijk eindbeeld voor 2050 van de energiestromen in onze regionale energievoorziening. We denken dat we in 2050 ongeveer 80% van de energie
Het jaar 2030 is te vroeg
die we nodig hebben in onze eigen regio kunnen opwekken.
Er zijn verschillende redenen voor het feit dat 2030
Het totale aanbod van energie is op dat moment 7,5 TWh,
te vroeg komt om het bod te bereiken. Als eerste de
waarvan 5,0 TWh bestaat uit elektriciteit en 2,0 TWh uit
netcongestie: het verschijnsel dat er op momenten meer
elektriciteit geproduceerd wordt of gevraagd wordt omgevingsenergie. De resterende 0,5 TWh komt uit overige Mogelijk eindbeeld van de energievoorziening in de
regio Stedendriehoek in 2050 Energieaanbod Elektriciteit van binnen de regio: ≈ 3 TWh Elektriciteit van buiten de regio: ≈ 2 TWh Totale energievraag binnen de regio ≈ 7 TWh
Lokale omgevingsenergie: ≈ 2 TWh Diepe geothermie, waterstof, biogas/groen gas en overige biobrandstoffen, lokaal: ≈ 0,5 TWh
Totaal energieaanbod van binnen de regio ≈ 5,5 TWh Totaal energieaanbod van buiten de regio ≈ 2 TWh
≈ 80% zelfvoorzienend
Totaal: ≈ 7,5** TWh Afbeelding 1: Mogelijk eindbeeld van de energievoorziening in de regio Stedendriehoek in 2050 Bron: Stedendriehoek E-Perspectief-schematisch-v4.3 * aanname dat de helft van de duurzame gassen en biobrandstoffen van buiten de regio wordt geïmporteerd. ** met de getallen die de gemeenten in de regio Stedendriehoek hebben aangeleverd, komen we uit op een aanbod dat hoger is dan de vraag. Die getallen worden de komende jaren preciezer.
8
windmolenparken aan te sluiten op het elektriciteitsnet:
Het toepassen van het energieperspectief brengt
die zorgen voor een te groot aanbod van energie. Ook
wel uitdagingen met zich mee. Het vormgeven van de
het aansluiten van grote afnemers en het verzwaren van
energievoorziening van de toekomst is geen eenvoudige
bestaande aansluitingen is op veel plekken onmogelijk.
puzzel. Alle puzzelstukjes met hun eigen specifieke kenmerken
Daarnaast zijn de mogelijkheden voor het halen van de
leiden alleen in de juiste combinaties tot een betaalbare,
RES 1.0 doelen de afgelopen jaren beperkt. Dit komt aan
betrouwbare en klimaatneutrale energievoorziening. Nog
de ene kant door de aangescherpte normen voor het
los van aspecten als ruimtelijke inpassing, maatschappelijk
grootschalig opwekken van zonne- en windenergie op
draagvlak en de geldende politiek-bestuurlijke opvattingen.
Regionaal programma energievoorziening
op veel plekken nu niet mogelijk om zonnevelden en
Uitdagingen bij het toepassen van het energieperspectief
dan de elektriciteitsnetten aankunnen. Daardoor is het
land. En aan de andere kant door de wespendief, een beschermde roofvogel die leeft op en rond de Veluwe.
Een handreiking bij het energieperspectief
Gericht doorbouwen aan de energie voorziening van de toekomst met het RPE Het doel voor de komende jaren is om de kaders van het
Bij het energieperspectief hoort een handreiking. Die
RPE in de praktijk te gaan gebruiken. De ambitie is om
beschrijft van elke energiebron, energiedrager en
van papier naar praktijk te komen. Onder andere door
technologie voor opslag & buffering de kenmerken in
samen met de netbeheerder en de andere partners in de
termen van betaalbaarheid, betrouwbaarheid, ruimtebeslag,
energietransitie de plannen voor de energievoorziening van
techniek en wet- en regelgeving. Deze handreiking kan
de toekomst verder uit te werken en te realiseren.
door alle spelers in de energietransitie gebruikt worden voor een eerste afweging. En kan ieder vanuit de eigen rol
Met het vaststellen van het RPE worden nog geen keuzes
meebouwen aan de energievoorziening van de toekomst.
gemaakt voor de inrichting van de lokale energievoorziening
Gemeenten bijvoorbeeld, kunnen bij het bieden van
van de toekomst. Met het RPE in de hand, kunnen de
beleidsruimte sturen op energieoplossingen, die passen in
komende jaren lokale afwegingen en keuzes gemaakt
hun eigen omgeving. Zowel ruimtelijk, als maatschappelijk en
worden. Er kan worden gewerkt aan bewustwording van het
politiek-bestuurlijk.
feit dat de energievoorziening er in de toekomst echt anders uitziet dan nu en dat hierbij ook ander gedrag hoort. En we kunnen, ondanks de netcongestie, nu al doorbouwen aan de energievoorziening van de toekomst.
VOORST
LOKAAL ENERGIE-INITIATIEF
Teuge op weg naar eigen energiebedrijf Vliegveld Teuge (gemeente Voorst) ontwikkelt een
energie ook tijdelijk kunnen worden opgeslagen om
zogenaamde Smart Energy Hub, waarin energie lokaal
later te gebruiken. De Energy Hub geeft vliegveld Teuge
wordt opgewekt, verdeeld en gebruikt. Omdat zon en
de mogelijkheid om niet of nauwelijks meer afhankelijk
wind niet 24/7 beschikbaar zijn, moet de overtollige
te zijn van energieleveranciers.
9
Regionaal programma energievoorziening
10
0. Een blik op de toekomst
Kijken naar de toekomst geeft ons de mogelijkheid om te dromen. Hoe ziet de energietoekomst er straks uit? Een schets van de toekomst in 2035
Na het ontbijt loopt Annemieke, samen met haar dochter,
In een klein dorpje in de regio Stedendriehoek stapt
naar het laadplein. Dat is collectief eigendom van de wijk en
Annemieke uit bed. Op weg naar de keuken werpt ze
zorgt dat de geparkeerde auto’s automatisch zo goedkoop
een trotse blik naar buiten. Daar staat haar nieuwe auto
mogelijk worden opgeladen. Onderweg met de auto komen
te blinken. Een elektrische natuurlijk, want benzineauto’s
Annemieke en haar dochter langs de rioolwaterzuivering.
zijn nieuw niet meer te krijgen. Na een snel ontbijt gaat
Daar staat het grote nieuwe gebouw waarin warmte is
Annemieke op weg: eerst haar dochtertje naar school
opgeslagen die is gewonnen uit rioolwater. Juist nu, in de
brengen en dan naar haar werk. De afwasmachine gaat later
winter, noodzakelijk, zo’n energiebuffer. Maar Annemieke
automatisch aan, als de zonnepanelen op haar dak beginnen
denkt daar niet eens over na. Voor haar is het niet meer
met elektriciteit produceren. Het is nog vroeg, maar in de
dan vanzelfsprekend dat alles in de energievoorziening
straat zijn de werklui al begonnen; de laatste buurtgenoten
duurzaam opgewekt en op elkaar afgestemd is. Gelukkig
laten eindelijk hun huis isoleren. Voordat Annemieke in de
maar.
Regionaal programma energievoorziening
0.1 Twee dromen
auto stapt, controleert ze nog even haar thuisbatterij. Mooi, nog half vol. En mocht hij leeg raken, dan weet Annemieke
Bekijk ook deze video voor een beeld van de verschillen
dat er voldoende energie beschikbaar is, ook voor haar.
tussen nu en de toekomst.
Opgewekt door de dorpsmolen, de regionale biogascentrale en het windmolenpark op de Noordzee en opgeslagen in de buurtbatterij. Rijdend door het mooie landschap is Annemieke blij dat er steeds meer stappen gezet worden. Op weg naar een toekomst waarin de regio steeds meer voorziet in haar eigen duurzame energie.
Een schets van de toekomst 15 jaar later, in 2050 In een klein dorpje in de regio Stedendriehoek stapt Annemieke uit bed. Vandaag, na het ontbijt, komt haar dochter langs. Ze gaan naar het techniekmuseum Oyfo, waar ze onder andere gaan bekijken hoe oude brandstofmotoren werkten. Daarna gaan ze gezellig wat eten bij de geitenboerderij in de buurt. Het is februari en al weken lang grijs, dus de zonnepanelen van Annemieke hebben maar weinig energie opgewekt. Toch neemt ze een lekkere warme douche, zet koffie en roostert een boterham. Ze herinnert zich nog hoe het was in de tijd dat ze in verwachting was van haar dochter. Toen maakte ze zich zorgen of het elektriciteitsnet niet zou uitvallen. Gelukkig hoeft ze daar al lang niet bang meer voor te zijn.
11
Regionaal programma energievoorziening
0.2 De energie voorziening van de toekomst De wereld verandert. Ook de energiewereld. Eerder gebruikten we vooral aardgas en kolen voor onze energieproductie. Vanuit grote energiecentrales transporteerde een landelijk netwerk aardgas en elektriciteit naar onze huizen. Nu kijken we naar vormen van energie die minder belastend zijn voor de wereld en onszelf. Die duurzame energie is overal beschikbaar: in zon, wind, maar ook, in de vorm van omgevingsenergie, in lucht, bodem en water. En kan vaak ook lokaal worden opgewekt. Deze overstap noemen we de energietransitie. De energievoorziening waar Annemieke in 2050 gebruik van maakt, is heel anders dan die van nu. Maar hoe ziet die energievoorziening van de toekomst er dan uit? De energievoorziening wordt decentraler, lokaler en daarmee, veel meer dan vroeger, onderdeel van de maatschappij
zonnepanelen of als eigenaar of mede-eigenaar van een
De decentrale energievoorziening zien we aan de ene kant
energievoorziening.
windmolen, een elektrische auto, of van een warmtenet. Zij leveren daarmee een aanzienlijke bijdrage aan de duurzame
fysiek terug: de uitbreiding van de energie-infrastructuur krijgt in een plek in de eigen omgeving. Denk aan zonnepanelen, laadpalen, warmtecollectoren, thuisbatterijen
Elektriciteit is energie, maar niet alle energie is
of warmtebuffers. Aan de andere kant heeft dit ook effect op
elektriciteit. Energie is een verzamelnaam voor
de lokale samenleving: inwoners en ondernemers zijn niet
verschillende soorten energie, waarvan elektriciteit
langer alleen consument van energie, maar ook steeds vaker
er één is.
producent van energie of handelaar in energie. Met eigen
12
dicht bij de vraag. Denk maar aan zonnepanelen op je huis en een thuisbatterij. Alles wat we thuis of in de wijk kunnen gebruiken, hoeft niet via regionale of nationale netten getransporteerd te worden. Ten tweede gaan we de beschikbare transportcapaciteit beter benutten.
1. De vraag naar energie komt met name van woningen,
Dat doen we met prijsprikkels en sturing. Op die manier
bedrijvigheid en verkeer & vervoer. De aard van de
zorgen we er voor dat mensen worden beloond als ze
energievraag verandert sterk. Daarnaast gaan we
even geen energie gebruiken of produceren. De kosten
nog meer energie besparen. Door de combinatie van
van de elektriciteitsnetten betalen we allemaal via onze
energiebesparing en de overstap naar elektriciteit,
energierekening. Door efficiënter transport hoeven de
hebben we in 2050 veel minder energie nodig dan nu. Dat
energienetwerken minder zwaar uitgevoerd te worden en
komt mede doordat elektrische processen veel efficiënter
vragen zo ook minder investeringen. Zo heeft een meer
zijn dan processen op basis van verbranding van
decentrale energievoorziening een positieve invloed op
fossiele brandstoffen. Daarnaast worden ook bestaande
de betaalbaarheid van de energie.
Regionaal programma energievoorziening
Alle vijf de onderdelen van de energievoorziening -vraag, aanbod, transport, flexibel gebruik en opslag- zijn in de toekomst anders dan nu
gebouwen steeds energiezuiniger gemaakt, bijvoorbeeld door ze beter te isoleren.
4. Het flexibel gebruik van energie is nodig om de energievraag en het variërende energieaanbod op
2. Het aanbod van energie verschuift van fossiele
elkaar af te stemmen. Dat kan nu bijvoorbeeld al door
brandstoffen naar bronnen die geen CO2 uitstoten.
de wasmachine aan te zetten als de zon schijnt of de
In Nederland kunnen we bijvoorbeeld elektriciteit
elektrische auto op te laden in de nacht. Als in de toekomst
produceren met zonnepanelen, windmolens en
veel windenergie en zonne-energie opgewekt worden,
kernenergie. Dat aanbod kunnen we verder aanvullen
helpen slimme meters en energiemanagementsystemen
met omgevingswarmte (uit lucht, bodem en water) en
met het meten en sturen van het energieverbruik in huizen
restwarmte. Maar de hoeveelheid energie die je kunt
en bedrijven. Waarbij met ‘slim’ bedoeld wordt: energie
aanbieden met behulp van deze bronnen varieert wel met
opwekken, opslaan en gebruiken in afstemming met de
het weer en het seizoen en per gebied. Dus moeten we,
op dat moment beschikbare transportcapaciteit en de
naast de lokale productie van elektriciteit, nog meer doen
op dat moment geldende prijs van energie. Daarbij gaan
om vraag en aanbod in zo’n elektrisch energiesysteem
automatisering en AI een belangrijke rol spelen.
altijd in balans te houden. En dat heeft alles te maken met de volgende punten.
5. Ook de opslag van energie maakt het eenvoudiger om vraag en aanbod op elkaar af te stemmen. Bijvoorbeeld
3. In het energiesysteem van de toekomst gaat transport
met de inzet van batterijen en warmtebuffers. Maar ook
van energie -veel meer dan nu- twee kanten op. Dit is één
energiedragers als biogas en waterstof gaan een rol
van de grote voordelen van elektriciteit als energiedrager.
spelen bij het oplossen van tijdelijke overschotten van
Dat transport is op twee manieren efficiënter dan nu.
elektriciteit en tekorten aan elektriciteit en warmte. Heel
Ten eerste transporteren we minder over grote afstanden,
veel van die opslagfaciliteiten vinden straks lokaal -dicht
omdat we meer energie gaan produceren en opslaan
bij de vraag- een plek.
13
Regionaal programma energievoorziening
Leeswijzer Voordat u verder leest in het Regionaal programma energievoorziening; heeft u de toekomstbeelden in het begin van het document gelezen? Met het RPE in de hand willen we, met elkaar, stappen zetten om die geschetste toekomst bereiken. Een piramide, geen trechter
Bijzondere tussenkoppen
Het begin van dit document kenmerkt de manier waarop
Wat ook anders is dan in de meeste beleidsdocumenten, is
het opgebouwd is: met een piramide in gedachten. Dit in
de keuze voor een bijzondere vorm van tussenkoppen. Ze
tegenstelling tot de trechtermethode die vaak gebruikt
zijn geschreven in de vorm van een zin. Die zin geeft de kern
wordt, en waarin uitleg leidt tot een conclusie. Dit document
van de tekst daaronder weer. De rest van de alinea volgt daar
start dus met de kern: de energievoorziening van de
aansluitend op. En als u de tussenkopzinnen achter elkaar
toekomst. Daarna, in hoofdstuk 2, leest u hoe u nu meteen al
leest, geven ze u een lopende samenvatting van de inhoud
stappen kunt zetten op weg naar die toekomst.
van een paragraaf of hoofdstuk.
In hoofdstuk 3 krijgt u hulp aangereikt: het energie perspectief. Dat bevat uitgangspunten en afspraken die
Deze opbouw, taal en tussenkoppen zijn gekozen,
alle spelers in de energietransitie kunnen gebruiken.
omdat het RPE is opgesteld voor alle deelnemers aan de
In de handreiking die bij het energieperspectief hoort
energietransitie. Enerzijds natuurlijk voor de RPE-partners;
(bijlage 1) leest u welke energietechnologieën u allemaal
anderzijds ook voor inwoners, ondernemers, agrariërs en
ter beschikking staan. Hoofdstuk 4 gaat verder in op de
maatschappelijke partners.
energievraag, het energieaanbod en de omvang daarvan binnen onze regio, uitgewerkt in energiestromen en
Op de plekken waar we een specifieke groep aanspreken
hoeveelheden. Dit hoofdstuk bevat zowel een doorkijk naar
(gemeenten, of RPE-partners, bijvoorbeeld) benoemen
het eindbeeld voor onze energievoorziening in 2050, als
we dat. Daarmee ligt hier een praktisch bruikbaar
het bod uit het RPE, dat een mijlpaal vormt onderweg daar
document waarmee u aan de slag kunt: op weg naar de
naartoe. Hoofdstuk 5 en hoofdstuk 6 belicht het belang van
energievoorziening van de toekomst.
samenwerking en hoe we in die samenwerking de visie op de energievoorziening van de toekomst kunnen gebruiken. Het RPE bouwt voort op de RES 1.0: bijlage 2 geeft een toelichting op de redenen om de RES 1.0 te herijken.
Begrijpelijke taal Dit document is begrijpelijk geschreven, met korte zinnen en zo min mogelijk jargon. Gebruikte energie-uitdrukkingen worden zo goed mogelijk toegelicht.
14
U bent volksvertegenwoordiger of bestuurder in de regio Stedendriehoek.3 Misschien werkt u wel bij het waterschap, bij een netbeheerder of bij een andere organisatie die actief is in de regio Stedendriehoek. Of misschien woont of werkt u gewoon in dit gebied, net als Annemieke in het begin van dit document. Dan is het Regionaal programma energievoorziening een document dat voor u is geschreven.
Om ons te ondersteunen op onze weg naar de toekomst, ontwikkelde de regio Stedendriehoek het Regionaal programma energievoorziening
die manier bij te dragen aan een betaalbare, betrouwbare
Dit is een herijking van de RES 1.0, die in 2021 werd
uitbreidingen van bedrijventerreinen en de ontwikkeling
vastgesteld. Het RPE bouwt voort op de RES 1.0 en is
van werklocaties. Maar ook om bestaande woningen en
een strategie die past bij de wereld van nu en vooruit kijkt
gebouwen te verwarmen zonder fossiele brandstoffen
naar de toekomst. En die u, als belangrijke speler in de
en om het verkeer, de industrie en de landbouw minder
energietransitie, de komende jaren kunt gebruiken in uw
belastend te maken voor onze leefomgeving.
Regionaal programma energievoorziening
Inleiding
en klimaatneutrale energievoorziening voor alle mensen die wonen en werken in onze regio. Deze energie hebben we nodig voor het uitvoeren van onze woningbouwplannen,
keuzes met betrekking tot de energievoorziening. Om op
3
Onder de Energieregio Stedendriehoek (voorheen RES regio Stedendriehoek) verstaan we de provincie Gelderland, het waterschap Vallei en Veluwe, het waterschap Rijn en IJssel en de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Epe, Heerde, Lochem, Voorst en Zutphen. Overal waar in dit document ‘regio Stedendriehoek’ staat, hebben we het over de Energieregio Stedendriehoek.
15
Regionaal programma energievoorziening
16
Regionaal programma energievoorziening
01. Met het Regionaal programma energievoorziening (RPE) op weg naar de toekomst
17
Regionaal programma energievoorziening
1.1 Wat we met de uitvoering van het RPE willen bereiken Sommige opgaven zijn zo groot, dat we die niet in ons eentje kunnen aanpakken. De energietransitie is er daar een van. Het RPE is een manier om in de regio samen te werken aan de energietransitie. Maar het is ook een document dat we in die samenwerking gebruiken.
In 2030 moet Nederland 55% minder broeikasgassen uitstoten dan in 1990. Het streven is zelfs 60% vermindering. In 2050 wil Nederland klimaatneutraal zijn. Dat wil zeggen dat de uitstoot van broeikasgassen in 2050 niet hoger is dan wat er vastgelegd wordt. Netto is de uitstoot dus nul.
18
Met het RPE werken we aan een betaalbare, betrouwbare en klimaatneutrale energievoorziening
We hebben die energievoorziening nodig om nu en in de toekomst te kunnen wonen, werken en ons te kunnen verplaatsen
Betaalbaar betekent dat een betrouwbare en
Dat geldt voor de woningbouwplannen, uitbreidingen van
klimaatneutrale oplossing voor iedereen bereikbaar moet
bedrijventerreinen en de ontwikkeling van werklocaties
zijn. Betrouwbaar betekent dat er altijd voldoende aanbod
en bedrijfsprocessen. Maar ook voor het verwarmen
van energie moet zijn. En klimaatneutraal betekent dat er
van bestaande woningen en gebouwen zonder
netto geen broeikasgassen meer worden uitgestoten. Zodat
fossiele brandstoffen. En om het verkeer, de industrie
de energievoorziening de kwaliteit van leven in de regio
en de landbouw minder belastend te maken voor onze
Stedendriehoek blijft ondersteunen.
leefomgeving.
2022
≈ 10 TWh
≈ 9 TWh
in een mix van elektriciteit, gas en andere fossiele brandstoffen
2050
≈ 7 TWh
in een mix van duurzame elektriciteit en omgevingsenergie
De RES 1.0 ging vooral over het grootschalig opwekken van energie; het RPE gaat over de hele energievoorziening
Er zijn verschillende redenen om in het RPE voor de brede aanpak te kiezen
We kijken niet alleen meer 3,7naar TWhhet grootschalig opwekken
andere geopolitieke ontwikkelingen hebben geleid tot 3,1 TWh
kijken naar vraag, aanbod, transport, opslag en flexibel
van onze energievoorziening niet komen. Daarbij zijn de
gebruik. Daarbij beschouwen we niet alleen alle duurzame 2,5 TWh
mogelijkheden voor het halen 2,2 vanTWh de RES 1.0 doelen de
energiebronnen en -dragers, maar grootschalige en
afgelopen jaren kleiner geworden. Dit is het gevolg van
kleinschalige mogelijkheden om energie op te wekken.
aangescherpte normen voor het grootschalig opwekken
Ook zoeken we naar manieren 3,5 TWhom de vraag te verlagen en
van zonne- en windenergie op1,8 land. En door de wespendief, TWh
vraag en aanbod zoveel mogelijk en zo lokaal mogelijk op
een beschermde roofvogel die leeft op en rond de Veluwe,
elkaar aan laten sluiten. Dat doen we door opslag en flexibel + 0,5inTWh gebruik een plek te geven de energievoorziening.
zijn er voorlopig weinig +mogelijkheden om in dit gebied 0,5 TWh windmolens te plaatsen.
van elektriciteit met behulp van wind en zon, maar we
Met name de netcongestie, de oorlog in de Oekraïne en de bewustwording dat we er met de huidige inrichting
Regionaal programma energievoorziening
2019
Reikwijdte RES 1.0 ten opzichte van het Regionaal programma energievoorziening Energievraag
Energieaanbod
Warmtetransitie: bestaande woningen en werklocaties van het gas af Nieuwe woningen Nieuwe werklocaties Verduurzaming mobiliteit Verduurzaming industrie en landbouw
Opwekking zonne-energie, grootschalig Opwekking windenergie, grootschalig Opwekking zonne-energie, kleinschalig Opwekking windenergie, kleinschalig Omgevingsenergie (lucht, water en ondiepe ondergrond) Restwarmte (uit de industrie) Geothermie (diepe ondergrond) Biogas Waterstof Kernenergie
Transport, opslag en flexibel gebruik Transport: Energie-infrastructuur Opslag: Batterijen Warmtebuffers Flexibel gebruik: Gebruik van energie buiten de piekmomenten Slimme meters/slim laden Flexibele energieprijzen
Afbeelding 2: Een vereenvoudigde weergave van de hele energievoorziening, zoals bekeken in het RPE. In het groen de focus van de RES 1.0. Bron: Stedendriehoek E-Perspectief-schematisch-v4.3
Meer informatie over het RPE en wat de aanleidingen waren om de RES 1.0 te actualiseren, vindt u in de bijlage ‘Van RES 1.0 naar het Regionaal programma energievoorziening: toelichting en verantwoording’.
19
Regionaal programma energievoorziening
1.2 Het RPE is er voor alle spelers in de energietransitie Op gemeentelijk en provinciaal niveau is er nog veel te kiezen in de mix van duurzame energiebronnen
Iedereen die een rol heeft in de energietransitie kan het RPE gebruiken; de overheid is er daar slechts één van
Afhankelijk van de locatie zijn verschillende bronnen
• Inwoners, door er ideeën uit te halen voor hun eigen
beschikbaar, ieder met hun eigen kenmerken. De momenten
bijdrage aan de energievoorziening van de toekomst.
waarop ze energie opwekken kunnen verschillen en
Misschien wel als producent. Of als deelnemer in een
de duurzaam opgewekte energie kan op verschillende
coöperatief project.
manieren worden opgeslagen. Opwekken van energie en
• Maatschappelijke partners, ondernemers en agrariërs, bij
opslag van energie dichtbij de plek waar de energie gebruikt
het opwekken en opslaan van energie die gedeeld kan
wordt, zorgt dat er een (kosten)efficiëntere infrastructuur
worden, verduurzaming van bedrijfsprocessen, uitbreiding
ontstaat. Daarom loont het om deze keuzes op lokaal niveau
van bedrijventerreinen, vermindering van netcongestie
te maken. De keuzes die gemeenten en hun inwoners daarin
of om de afhankelijkheid van energie uit het buitenland te
maken, passen in hun eigen omgeving. Zowel ruimtelijk, als
verminderen.
maatschappelijk, als technisch en politiek-bestuurlijk.
• De energiecoöperaties, omdat dit maatschappelijke organisaties zijn met een missie die samenvalt met
Er kan, meer dan voorheen, met lokaal beleid en regelgeving gestuurd worden
die van lokale overheden en grotendeels ook met
Dat komt omdat de energievoorziening decentraler wordt
een grote bijdrage leveren aan de lokale en regionale
en daarmee meer onderdeel van onze leefomgeving en de
energietransitie.
maatschappij. In een decentrale energievoorziening zijn
de belangen van inwoners en bedrijven. Zij kunnen
• Netbeheerders, in hun overstap van het beheren van
lokaal dan ook meer keuzes te maken: er wordt meer energie
hun eigen elektriciteitsnetten naar het breder faciliteren
op lokaal niveau opgewekt en opgeslagen en dus wordt er
van de energievoorziening. Bijvoorbeeld door ook bij te
meer gebouwd en aangelegd ten behoeve van de energie-
dragen aan het opwekken van energie en de opslag van
infrastructuur.. Het gemeentebestuur geeft daar richting
energie en aan de beïnvloeding van energiegebruik.
aan met haar beleid op gebied van ruimtelijke ordening,
• Overheden, bij het bieden van beleidsruimte op gebied
duurzaamheid en energie. Zo faciliteert zij vanuit haar eigen
van ruimtelijke ordening, duurzaamheid en energie.
rol de energietransitie. Voor al deze partijen geldt dat het RPE bijdraagt aan de bewustwording dat de energievoorziening verandert én dat we de energievoorziening van de toekomst alleen bereiken Meer over de spilfunctie die gemeenten door
als we er samen aan werken. Bijvoorbeeld in concrete
nieuwe wetgeving in de energietransitie krijgen,
gebiedsprocessen of woningbouwprojecten.
leest u in bijlage 4: De Omgevingswet, de Energiewet en de warmtewetgeving.
20
Regionaal programma energievoorziening
APELDOORN
LOKAAL ENERGIE-INITIATIEF
Verduurzamen en groeien ondanks netcongestie in Apeldoorn Ondernemers op bedrijvenpark Apeldoorn-Noord
leveringszekerheid. Een volgende stap is de aanschaf
gaan energie slim sturen met een Smart Energy Hub:
van een batterij om energie tijdelijk op te slaan. De
Energieplein Noord. Zij tekenden een Green Deal
Greendeal is een samenwerking tussen de OBAN,
en richtten een energiecoöperatie op. Zo kan lokaal
Rabobank, VNO-NCW Stedendriehoek en de gemeente
opgewekte energie worden gebruikt: betaalbaar en met
Apeldoorn.
21
Regionaal programma energievoorziening 22
02. Zet nu meteen al de volgende stappen
Regionaal programma energievoorziening
2.1 Waarom meer elektriciteit een noodzaak is, óók met een overbelast elektriciteitsnet Die overbelasting van het elektriciteitsnet wordt ook wel ‘netcongestie’ genoemd. Overbelasting ontstaat op momenten van een grote vraag naar energie of een groot aanbod van energie. Bijvoorbeeld op een winderige weekenddag in de zomer rond 13.00 uur, als de zon volop schijnt en er tegelijkertijd weinig energie gebruikt wordt. Of op een grijze windstille winterdag om 18.00 uur, als lokaal weinig elektriciteit opgewekt wordt, terwijl het energieverbruik in onze huishoudens hoog is. Dan moet al die elektriciteit via de elektriciteitscentrales en de nationale netten worden afgevoerd of aangevoerd. Omdat er steeds meer elektriciteit lokaal wordt opgewekt, belast dat decentrale netten die in het verleden niet zijn ontworpen voor tweerichtingsverkeer. Daarom kunnen we op dit moment een deel van de opgewekte elektriciteit niet op het netwerk kwijt.
23
Regionaal programma energievoorziening
Er wordt op 3 manieren gewerkt aan het oplossen van de netcongestie 1. Sneller bouwen aan het versterken van het elektriciteitsnetwerk. Het doel is om dat toekomstbestendig te maken. 2. De verwachte ontwikkelingen in de vraag naar energie en het opwekken en opslaan van energie, goed in beeld brengen. En de energienetwerken, opwekplannen en ontwikkelingen die energie vragen op elkaar afstemmen. 3. Lokaal slimme oplossingen bedenken. Daarmee sorteren we voor op de toekomstige energievoorziening. Voorbeelden daarvan zijn het gebruik van thuis- en buurtbatterijen, de accu van de auto alleen opladen als er veel aanbod van elektriciteit is en ontwikkeling van slimme energieknooppunten (ook wel Smart Energy Hubs genoemd). Deze laatste oplossing is al meteen toe te passen. En er zijn meer mogelijkheden om op korte termijn in actie te komen, ondanks de netcongestie. Welke dat zijn, leest u in paragraaf 2.2.
BRUMMEN
LOKAAL ENERGIE-INITIATIEF
Zwembad en sporthal in gemeente Brummen verduurzaamd Het zwembad en de sporthal in gemeente Brummen zijn een stuk duurzamer geworden. Warmtepompen hebben bijna al het gasverbruik vervangen, en met ledverlichting en een afdekdeken wordt energie bespaard. Zonnepanelen wekken stroom op, en met de komst van een grote accu zet de gemeente verdere stappen richting energieneutraliteit.
24
Regionaal programma energievoorziening
2.2 Wat we nu al kunnen doen Het elektriciteitsnet is overbelast, en dat zal op korte termijn niet veranderen. Toch hebben we ook nu, anno 2025, en de jaren daarna al de mogelijkheid om iets te doen. Inwoners, ondernemers, overheden en maatschappelijke partners kunnen nu al werken aan de energievoorziening van de toekomst Dat kan op de volgende manieren: • Blijven inzetten op isoleren en besparen. Alle energie die
het aanleggen van laadpleinen. Dat kan in dicht bebouwde woongebieden of industrieterreinen, waar al een basis voor samenwerking ligt. Laadpleinen creëren later extra mogelijkheden voor de opslag van energie en de levering van energie en ontlasten daarmee het elektriciteitsnet. • Rekening houden met de fysieke ruimte die nodig is voor
we niet nodig hebben, hoeft ook niet te worden opgewekt.
de opslag van energie. Dat kan bij individuele inwoners of
Het beperken van de energievraag is een eerste stap in de
bedrijven zijn, of in situaties waarin partners de handen
strategie om te komen tot klimaatneutraliteit in 2050.
ineen slaan voor een collectieve oplossing. Onderzoek
• Lokale overheden kunnen in samenwerking met
ook of de oplossing voor opslag van energie wellicht
inwoners, ondernemers en maatschappelijke partners,
gecombineerd kan worden met maatregelen voor
de vertaalslag maken van het RPE en de lokale
klimaatadaptatie - een ondergrondse warmtebuffer kan
energievoorziening van de toekomst naar lokaal beleid.
bijvoorbeeld heel goed gecombineerd worden met een
• De gemeente kan op basis van de Omgevingswet aan inwoners en bedrijven experimenteerruimte
groene wadi. • Als gemeente de netbeheerder ondersteunen bij het
geven. Zo kunnen we aan de slag met vernieuwende
stroomlijnen van het proces voor de bouw van nieuwe
energieoplossingen, die op meer plekken herhaald
elektriciteitshuisjes, en inwoners en ondernemers
kunnen worden. De verwachting is dat binnen een
betrekken. Binnen de regio zijn goede voorbeelden te
paar jaar samenhangende nationale regelgeving ontwikkeld en ingevoerd wordt, die is toegesneden op de
vinden. • Het RPE delen met anderen die een rol hebben in de
energievoorziening van de toekomst. Ook worden meer
energietransitie. Zoals projectleiders wonen & economie,
prijsprikkels voorzien die efficiënt gebruik van duurzame
initiatiefnemers (inwoners, ondernemers, maatschappelijke
energieopwekking, (lokale) elektriciteitsnetten en
partners, ontwikkelaars) en eindgebruikers van projecten.
verschillende vormen van energieopslag bevorderen.
Op die manier worden steeds meer partijen zich bewust
• Bij lopende gebiedsprocessen en projecten altijd rekening houden met de (on)mogelijkheden van het bestaande elektriciteitsnet. Ontwerp dus een energieconcept dat
van de energievoorziening van de toekomst en de mogelijkheden die er voor hen liggen. • Structurele samenwerking organiseren tussen de
doelmatig gebruik maakt van het elektriciteitsnet. We
energiecoöperaties en de gemeente. Gemeenten en
noemen dit ook wel ‘netvriendelijk’.
energiecoöperaties behartigen parallelle belangen op
• Plannen voor windenergie? Houd rekening met een
hetzelfde schaalniveau en hebben competenties die
doorlooptijd van 8-10 jaar. Daarom is het belangrijk om
elkaar aanvullen. Op deze manier samenwerken dwingt
lopende verkenningen door te zetten of met nieuwe
tot duidelijke afspraken en versnelt professionalisering van
verkenningen te starten. • Verder gaan met het ontwikkelen van slimme ideeën om het elektrisch rijden te ondersteunen. Zoals bijvoorbeeld
lokale initiatieven. • Als overheden mensen blijven ondersteunen die moeite hebben om de kosten van energie te betalen. 25
Regionaal programma energievoorziening
2.3 Regionale voorbeelden van samenwerking Er zijn voorbeelden genoeg om iedereen te inspireren ook aan de slag te gaan met de energietransitie. Her en der in dit document leest u over mooie lokale energie-initiatieven. Deze paragraaf belicht twee voorbeelden van regionale samenwerking. Het Ondersteunings- en Kenniscentrum voor Energie-initiatieven (OKE) ondersteunt collectieve projecten van inwoners, agrariërs of bedrijven die bijdragen aan een decentraal energiesysteem
In het project OER A1-A50 kijkt de regio Stedendriehoek samen met het Rijk welke rijksgronden in de omgeving van de snelwegen A1 en A50 geschikt zijn voor het opwekken van duurzame energie of een andere functie in het energiesysteem
Er is voor bijna iedere energie-uitdaging veel informatie
Dit biedt kansen voor energieopwekking die minder impact
beschikbaar. Maar voor wie niet dagelijks met de
heeft op natuur en landbouw dan elders het geval zou zijn.
energietransitie bezig is, is die soms lastig te vinden
Ook leidt dit tot verlichting van de druk op ruimte elders
en te begrijpen. Daarnaast brengt goede informatie
in de regio, zodat die voor andere functies gebruikt kan
niet altijd meteen een oplossing. Gelukkig zijn er in de
worden. Naast zonne-energie verkent dit project ook de
regio Stedendriehoek veel experts en betrokkenen met
mogelijkheden voor een combinatie met windenergie en
praktijkervaring, die elkaar steeds beter weten te vinden.
opslag en afname van energie. Inwoners en ondernemers
Zij hebben zich verenigd in het OKE: een publiek-private
uit de omgeving zijn vanaf het begin bij het project betrokken
samenwerking die de uitvoering van het RPE ondersteunt.
geweest. Op die manier is zeker dat de opgewekte
Het OKE is onder andere betrokken geweest bij onderzoek
energie ook afgenomen wordt. Ook onderzoekt het project
naar een netvriendelijke energievoorziening voor de nieuwe
koppelkansen met de aangrenzende energieregio’s. Tot slot
woonwijk De Hoven in Zutphen. Ook zorgde een analyse
wordt er binnen het project gestreefd naar minimaal 50%
door het OKE ervoor dat scholengemeenschap RSG uit
lokaal eigendom. Daarom werken de betrokken partijen nu
Epe uit de voeten kon met een aanzienlijk minder zware
al samen met de koepel van energiecoöperaties in de regio
elektriciteitsaansluiting dan gedacht. En voor de gemeente
Stedendriehoek.
Epe voerde het OKE een haalbaarheidsscan uit. Daarmee kunnen agrariërs die zelf duurzame elektriciteit willen gaan opwekken, de mogelijkheden bekijken om die energie ook onderling te delen.
26
Het energieperspectief biedt hulp bij het bereiken van de energievoorziening van de toekomst
Regionaal programma energievoorziening
03.
27
Regionaal programma energievoorziening
3.1 De toegevoegde waarde van het energieperspectief Het energieperspectief vormt de visie op de energievoorziening van de toekomst. Het energieperspectief heeft geen eigen status en besluitvormingsproces. De belangrijke informatie en conclusies uit het energieperspectief zijn onderdeel van het RPE. Voor het energieperspectief is onderzocht of er lijnen te ontdekken zijn in de energietransitie. Het blijkt dat de energietransitie al verrassend veel richting heeft gekozen. Daarin is er, zoals eerder ook benoemd, nog wel veel af te wegen en te kiezen in de lokale inrichting van de energievoorziening. Deze paragraaf laat zien uit welke onderdelen het energieperspectief bestaat en hoe het gebruikt kan worden, nu en in de toekomst. Het energieperspectief bestaat uit drie delen: 1) uitgangspunten, 2) afspraken en 3) een vertaling in cijfers naar de ontwikkeling van energiestromen binnen onze regio en gemeenten tussen 2019 en 2050
Het energieperspectief is een hulpmiddel voor iedereen die in de regio Stedendriehoek een rol heeft in het ontwerpen en bouwen van de energievoorziening
De uitgangspunten geven ons richting, aan de afspraken
schappelijke uitgangspunten, maar ook een
voelt iedereen die bijdraagt aan de energietransitie zich
gemeenschappelijke taal. Dit bevordert de samenwerking
gehouden. Het uitdrukken van de energiestromen in cijfers
tussen gemeenten, waterschappen, de provincie en
geeft inzicht in de uitdaging die er ligt om ons doel voor
alle andere partijen in de samenleving die bijdragen aan
2050 te halen. Daarmee kunnen we onszelf realistische
de energievoorziening van de toekomst. En maakt het
doelen stellen voor de hoeveelheid duurzame energie die
eenvoudiger om de energievoorziening van partners
we in de periode vanaf nu tot 2050 op enig moment als
wederzijds te versterken.
Het energieperspectief levert niet alleen gemeen
regio willen kunnen opwekken. En kunnen we sturen op het bereiken van die doelen. De cijfers worden in hoofdstuk 4
Het energieperspectief is nooit af
nader uitgewerkt.
De RPE-partners ontwikkelden, in nauwe samenwerking met de maatschappelijke partners, het energieperspectief. Het energieperspectief kan de komende jaren gebruikt en aangevuld worden door alle spelers in de energietransitie. Actualisaties van het energieperspectief worden meegenomen als het RPE wordt geactualiseerd en herijkt.
28
De uitgangspunten die in het energieperspectief staan, zijn na uitgebreid bronnenonderzoek geformuleerd in samenspraak met de zeven gemeenten van de energieregio Stedendriehoek en inhoudelijk deskundigen van onder andere de maatschappelijke partners en het Nationaal Programma RES. Een aantal van de geraadpleegde bronnen, vindt u terug in bijlage 3. We hanteren voor de energievoorziening van de toekomst de volgende uitgangspunten: Een indruk van de verandering van onze regionale energiedragers van 2019 naar 2050
Duurzame elektriciteit en omgevings energie vormen de ruggengraat van onze toekomstige energievoorziening
12 TWh
van de energie die we gebruiken bestaat uit elektriciteit in
Afbeelding 3 schetst dat in de toekomst het grootste deel combinatie met lokale omgevingsenergie.
10 TWh
De energievoorziening is in 2050 decentraler dan in 2025
8 TWh
Dit is het logische gevolg van het feit dat duurzame energie
6 TWh
overal om ons heen beschikbaar is. Het is belangrijk om de duurzame energie lokaal op te wekken en te
4 TWh
gebruiken. Zo doen we een minder groot beroep op het elektriciteitsnetwerk, waardoor in de toekomst ook minder
2 TWh
sprake is van netcongestie. Lokaal opgewekte energie en lokaal eigendom zorgen ook voor voorspelbare en
1 TWh
betaalbare energieprijzen. 0 TWh 2019
23
er
Regionaal programma energievoorziening
n in J
3.2 Met de uitgangspunten ligt de richting vast
2050
Duurzame gassen en brandstoffen (Diepe) geothermie Omgevingsenergie (bodem, lucht, water, rest) Elektriciteit Brandstoffen (benzine, diesel, LPG)
Afbeelding 3: Een indruk van de verandering van onze energiedragers van 2019 (beeld Nederland) naar 2050 (beeld Stedendriehoek) Bron: II3050 scenario’s (beeld 2019) en een interpretatie van de II3050 scenario’s voor de Stedendriehoek
Aardgas
29
Regionaal programma energievoorziening
In de toekomst maken we ook nog steeds gebruik van het centrale elektriciteitsnet
Het aanbod van energie en de vraag naar energie zijn niet altijd met elkaar in balans
Want zelfs al wekken we lokaal elektriciteit op en gebruiken
Er is ongeveer 6000 uur per jaar teveel aan elektriciteit en
we omgevingsenergie, dan nog zijn er momenten waarop we
omgevingsenergie en ongeveer 3000 uur per jaar te weinig.
daarvan niet voldoende hebben. Omdat het centrale net de
Dat betekent niet dat er geen stroom uit het stopcontact
komende jaren wordt verzwaard, is het verstandig om dit ook
komt. Tijdelijke schaarste in duurzaam opgewekte
in de toekomst voor een deel van onze energievoorziening te
elektriciteit en omgevingsenergie betekent vooral dat we op
blijven gebruiken. Zo kunnen we er tijdelijk op terugvallen als
die momenten energiebuffers en backup-centrales moeten
dat nodig is voor balans tussen vraag en aanbod van energie.
aanspreken, en dat energie op die momenten duur is..
Netwerkcapaciteit is ook in 2050 nog steeds schaars
Het tekort aan elektriciteit en omgevings energie komt vooral voor in de winter
Het is onmogelijk om betaalbare netcapaciteit te realiseren
Dan wordt er minder zonne-energie opgewekt en is er
voor alle piekmomenten in vraag en aanbod. Daarom moet
minder warmte in lucht en water beschikbaar. De meest
het elektriciteitsnet efficiënt worden gebruikt. Dat kan door
uitdagende periodes van schaarste vallen in koude
met opslag en flexibel gebruik van energie vraag en aanbod
winterperiodes met weinig wind en weinig zon. We noemen
(lokaal) te balanceren.
deze periode ook wel de Dunkelflaute.
EPE
LOKAAL ENERGIE-INITIATIEF
Boerderij Buitengewoon – Energiecoöperatie in Epe Op het zuidwestelijk dak van de jongveestal van
ruim 83.000 kWh stroom per jaar. Bekijk de website
Boerderij Buitengewoon in Epe zijn 225 zonnepanelen
voor meer informatie.
geïnstalleerd, goed voor een verwachte productie van
30
De uitgangspunten van de eerste regionale energiestrategie, de RES 1.0, gelden nog steeds
Dit blijkt uit de landelijke scenarioplanning van de
• We gaan zorgvuldig om met ons landschappelijk kapitaal.
netbeheerders. Hiermee borgen we onder andere dat er
Belangrijke randvoorwaarden hierbij zijn: passend in
altijd voldoende energie is om aan de vraag te voldoen.
het landschap, met speciale aandacht voor natuur- en
Het grootste deel van die batterijen en andere vormen van
cultuurhistorische waarden, behoud of versterking
opslag zijn onderdeel van het lokale energienetwerk.
van de ruimtelijke kwaliteit en inzetten op dubbel grondgebruik. Dat geldt ook voor het leveren van een
Doordat elektriciteit belangrijker wordt, wordt onze vraag naar elektriciteit is 3x groter dan nu Dat komt doordat we in 2050 fossiele brandstoffen vervangen hebben door duurzame elektriciteit. We hebben dus meer elektriciteit nodig dan nu. Maar doordat elektrische
bijdrage aan doelstellingen op het vlak van biodiversiteit, waterhuishouding en bodem. • Wij zien de energietransitie en energievoorziening als onderdeel van onze (ruimtelijke) ontwikkelingen en verduurzamingsopgaven; • We maken het RPE samen met onze inwoners,
processen efficiënter zijn dan processen op basis van
ondernemers, maatschappelijke partners en de
fossiele brandstoffen en we meer omgevingsenergie
netbeheerders;
gebruiken, hebben we in totaal straks toch veel minder energie nodig dan nu.
Regionaal programma energievoorziening
Meer dan 50% van de energie gaat door een vorm van opslag of buffer voordat het bij de gebruiker komt
• We streven naar minimaal 50% lokaal eigendom in onze projecten; • We brengen vraag en aanbod van energie zoveel mogelijk
Maar omdat gebruik van elektriciteit veel efficiënter is dan dat van fossiele brandstoffen, gebruiken we in de toekomst in totaal toch veel minder energie dan nu
bij elkaar in de buurt; • We zetten in op opslag en innovatieve energieclusters; • We clusteren voorzieningen voor het opwekken van energie zoveel mogelijk en kiezen bij voorkeur voor no-
De energie die we in 2050 gebruiken -een mix van
regret locaties zoals bijvoorbeeld langs infrastructuur, op
elektriciteit en omgevingsenergie- is veel efficiënter dan de
stortplaatsen, zandwinlocaties en parkeerterreinen (solar
mix van brandstoffen en elektriciteit die we nu gebruiken.
carports);
Ook beter geïsoleerde gebouwen zorgen voor een lagere vraag naar energie.
• Wat we op gebied van windenergie niet kunnen realiseren op en rondom de Veluwe mag niet leiden tot een zogenaamd waterbedeffect. Dit betekent dat die
Een energievoorziening kan op de ene plek grootschalig worden aangelegd en op de andere plek kleinschalig
windenergie niet elders in de regio opgewekt hoeft te worden.
Denk bij grootschalig bijvoorbeeld aan een zonnepark op een dak of in een veld en bij kleinschalig aan zonnepanelen op het dak van een woning. Wat lokaal het best past, is maatwerk en hangt af van hoe dicht de bebouwing is en hoeveel economische bedrijvigheid er is. Het gebied en de partijen die daarin met elkaar actief zijn, zijn leidend voor de keuzes die gemaakt worden.
31
Regionaal programma energievoorziening
3.3 De afspraken waar de RPE-partners zich aan houden De afspraken in het energieperspectief worden gedragen door RPE-partners die hebben meegewerkt aan de ontwikkeling van het RPE. Ze zijn geformuleerd in de gesprekken die deze partijen met elkaar voerden tijdens de ontwikkeling van het energieperspectief. Door ze op te nemen in het RPE, maken ze het mogelijk in dezelfde lijn te blijven doorwerken aan de energietransitie. Voor de regio Stedendriehoek zijn de volgende afspraken geformuleerd:
32
Regionaal programma energievoorziening
Hoogte van de energievraag
Energieprofiel van een huishouden op een januaridag
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
Uren van de dag Afbeelding 4: Een typische energieprofiel van een huishouden op een dag in januari Bron: Stedendriehoek E-Perspectief-schematisch-v4.3
• Wij nemen de energievoorziening vanaf het begin
• We nemen de verzorgingsgebieden van de
mee in de plannen die we maken voor onze fysieke
onderstations van de netbeheerder als uitgangspunt
leefomgeving. Net zoals we dat nu al doen met water,
bij het balanceren van de energievraag en het
bodem, milieu, en landschappelijke inrichting.
energieaanbod. Vraag en aanbod die op het niveau van
• Besparen en doelmatig gebruik van energie en
een onderstation in balans gebracht kan worden, hoeft
• We gebruiken energieprofielen als we keuzes moeten
de kosten. Op onderstations wordt hoogspanning
Mogelijk eindbeeld vanvan dealle energievoorziening indoor dede hoogspanningsnetten. Dat vermindert niet netwerkcapaciteit zijn onderdeel energiede overbelasting van het elektriciteitsnet en verlaagt initiatieven. regio Stedendriehoek in 2050 maken over energie. Een energieprofiel (zie afbeelding 4)
Energieaanbod is een beeld van de energievraag en het energieaanbod, afgezet tegen de tijd. Een energieprofiel helptbinnen om in het Elektriciteit van de
omgezet in middenspanning, die naar de woonwijken en bedrijventerreinen gaat. De verzorgingsgebieden van de onderstations houden zich niet aan grenzen van
gesprek over energieoplossingen oog te houden regio: altijd ≈ 3 TWh
gemeenten en regio’s. Dit betekent enerzijds dat het
voor oorzaken van schaarste en mogelijkheden voor Elektriciteit van buiten de opslag. Bijvoorbeeld bij een regio: woningbouwproject, of ≈ 2 TWh de aanleg van een bedrijventerrein. Dit gebeurt in de Totale energievraag Lokale omgevingsenergie: binnen de regio ≈7 TWh toekomst altijd netvriendelijk, dus met een minimale ≈ 2 TWh impact op het centrale net. Ook batterijen kunnen Diepe toepassing geothermie,inwaterstof, ingezet worden als netvriendelijke de biogas/groen gas en overige energievoorziening. Zij helpen bij het verminderen van de biobrandstoffen, lokaal: pieken in het energieprofiel en dragen ≈ 0,5 TWhzo bij aan balans tussen vraag en aanbod op het elektriciteitsnetwerk. Totaal: ≈ 7,5** TWh • We wekken een aanzienlijk deel van onze energie
verstandig is om als gemeentes en regio’s met eenzelfde Totaal energieaanbod onderstation van binnen desamen regio te werken. Anderzijds heeft iedere ≈gemeente 5,5 TWh ook de opgave om≈de energievoorziening 80% zelfvoorzienend binnen haar eigen grondgebied in te richten en te Totaal energieaanbod optimaliseren. van buiten de regio 2 TWh • ≈We werken actief mee aan het vergroten van de
zelf op in de regio. Het aandeel kan per gemeente
opslagcapaciteit van ons lokale energiesysteem. Op die manier kunnen onze inwoners en bedrijven energie opslaan als er teveel is en toch energie krijgen als er te weinig geproduceerd wordt. • We houden een open oog voor nieuwe ontwikkelingen.
verschillen. We zorgen lokaal voor passende combinaties
Ook op dit gebied blijven we participeren met inwoners
van verschillende soorten energie. We zorgen dat
en ondernemers. Tegelijkertijd gaan we voortvarend aan
grootschalige en kleinschalige energieopwekking op
de slag met de huidige uitgangspunten.
elkaar zijn afgestemd. En we zorgen dat de energie zoveel mogelijk gebruikt wordt op de plek waar hij is opgewekt. Daarin worden lokaal keuzes gemaakt, passend bij de context: ruimtelijk, politiek-bestuurlijk, maatschappelijk en qua energievraag. 33