103 - Jaarstukken 2020
Tekst van het document
Programma 2 – Ruimtelijke Ontwikkeling en Beheer
2020
In het kader van 100% kostendekkendheid hoeft er in 2020 voor € 306.000 minder een beroep te worden gedaan uit de voorziening rioolheffing. Dit wordt dus grotendeels veroorzaakt door de hogere opbrengst rioolheffing. Zie paragraaf Lokale Heffingen. De opbrengst uit afvalstoffenheffing pakt € 29.000 hoger uit dan geraamd. In het kader van 100% kostendekkendheid hoeft er in 2020 € 233.000 minder uit de reserve afvalstoffenheffing gedekt te worden. Grotendeels veroorzaakt door lagere kosten bij de post afvalverwerking. Zie paragraaf Lokale Heffingen. Ruimte voor Eerbeek / Eerbeek – Loenen 2030 Ter dekking van de gemaakte plankosten voor de Eerbeekse beek is een bijdrage van het Waterschap ontvangen van afgerond € 40.000. Ruimtelijke Ordening / Omgevingswet Ook in 2020 zijn er gronden verkocht. De verkoop van de Alant is gerealiseerd in 2020 en verrekend met de openstaande boekwaarde van de losse kavels van complex Elzenbos deel I. De parkeerplaats Gallery is conform raming verkocht. Daarnaast zijn er nog extra stukken grond verkocht in de Lombok en stukken snippergroen. Deze verkopen leveren voor 2020 een resultaat op van € 153.000. Wonen De opbrengst van de omgevingsvergunningen bouwen pakt in 2020 € 207.000 hoger uit dan geraamd. Deze extra opbrengst komt met name uit de projecten Lombok, Hall bouwt en inbreiding schoollocaties Eerbeek.
In 2020 is het complex Koppelenburg financieel afgesloten met een voordelig resultaat van € 186.000. Daarnaast komt er vanuit dit complex € 12.000 ten gunste van de bestemmingsreserve Duurzaamheid/ Ligt op groen. Voor het complex Industrieterrein de Hazenberg wordt een verplichte winstneming in 2020 verwerkt van € 26.000. Daarnaast wordt er per saldo € 35.000 meer kosten aan complexen toegerekend dan geraamd. Met name veroorzaakt door externe begeleidingskosten.
29
Programma 2 – Ruimtelijke Ontwikkeling en Beheer
30
2020
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving Portefeuillehouder:
2020
C. Sjerps en G.I. Timmer
Dit programma gaat over de volgende werkgebieden: -
Werk en Inkomen Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Welzijn Sport, kunst en cultuur Jeugdzorg Volksgezondheid Onderwijs en Kinderopvang
Sociaal Domein, algemeen C. Sjerps en G.I. Timmer Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
Doorontwikkeling van de monitor sociaal domein.
Berenschot heeft in opdracht van het College onderzoek gedaan naaar het beleid, de inrichting en uitvoering sociaal domein. Berenschot heeft op verzoek ook een advies aangeboden voor de inrichting van een monitoir sociaal domein en de wijze waarop de gemeente Brummen datasturing kan gaan vormgeven en inrichten. Binnen het project `basis op orde bedrijfsvoering`zal het uitgebreide advies van Berenschot in uitvoering worden gebracht De budgetneutraliteit is los gelaten als opdracht en daarvoor in de plaats dient er binnen de vastgestelde begroting 2020 te worden uitgevoerd. Het huidig beeld over 2020 laat zien dat er binnen het sociaal domein als geheel een voordelig resultaat te verwachten is. Alle uitvoerings en resultaatafspraken voor 2020 zijn vastgesteld
Monitoren via het overzicht "budgetneutraliteit in het sociaal domein".
Efficiënte en effectieve uitvoering van de taken hiervoor uitvoerings- en resultaatafspraken met zorgaanbieders opstellen. Op basis van Berenschot heeft in opdracht onderzoeksresultaten en van het College onderzoek monitorgegevens maatregelen gedaan naaar het beleid, de treffen die leiden tot minder inrichting en uitvoering sociaal toekomstige uitgaven. domein. In het rapport zijn verschillende bouwstenen opgenomen die gaan leiden tot minder uitgaven in het sociaal domein. De implementatie van de bouwstenen zal in 2021 plaatsvinden
resultaat
Wanneer zijn we tevreden
stand van zaken
Wanneer de raad per kwartaal De Raad heeft dit inzicht niet inzicht krijgt in de effecten van ontvangen. het gevoerde beleid.
Als we voldoen aan de uitgangspunten van het bestuursprogramma.
De uitgangspunten in de begroting 2020 zijn deels behaald.
Wanneer we Er zijn contractafspraken contractafspraken hebben vastgesteld. over doelen, resultaten en wie wat doet. Wanneer we in 2020 een aantal concrete maatregelen hebben doorgevoerd en inwoners de zorg krijgen die nodig is binnen de kaders van budgetneutraliteit.
31
Een aantal maatregelen zijn doorgevoerd. Zoals de inzet van de POH Jeugd bij huisartsen, de introductie van budgetplafonds bij 3 jeugdzorgaanbieders en de verordening Wmo is aangepast. Binnen Team voor Elkaar zijn er ook verbeteringen doorgevoerd om onder andere het leefringenmodel beter toe te passen. Het financieel effect is nog niet zichtbaar in het jaarresultaat 2020. Met de implementatie van de bouwstenen Berenschot in 2021 zullen meer maatregelen gaan volgen en zal ook een financieel effect zichtbaar worden.
resultaat
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
Activiteit
stand van zaken
We passen de uitvoering en werkprocessen zodanig aan dat dit leidt tot een administratieve lastenverlichting, lagere uitvoeringskosten en zelfredzame inwoners.
Het rapport van Berenschot laat zien dat het doel in 2020 niet gerealiseerd is. Berenschot heeft in haar rapport concrete adviezen gegeven op welke wijze de gemeente Brummen verbeteringen kan gaan aanbrengen. Binnen het project `basis op orde bedrijfsvoering`zal het advies van Berenschot in uitvoering worden gebracht
resultaat Wanneer zijn we tevreden Wanneer medewerkers in de uitvoering meer tijd kunnen besteden aan zorg en ondersteuning en minder tijd kwijt zijn met administratie. Wanneer regie en eigenaarschap van inwoners toeneemt.
2020
stand van zaken
resultaat
Dit is niet gerealiseerd zoals het rapport Berenschot laat zien.
Relevante (beleids)documenten voor het hele programma Document Integraal beleidskader sociaal domein
Werk en Inkomen C. Sjerps en G.I. Timmer Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
We maken inwoners met een Participatiewet-uitkering zoveel mogelijk werkfit zodat inwoners zoveel mogelijk in hun eigen inkomen voorzien.
De doelstelling voor 2020 was dat 40 inwoners zouden instromen in WerkFit traject in Werkleercentrum aan Kollergang uitgevoerd door Larcom. Door Corona is de realisatie in 2020 lager, namelijk 31 inwoners.
Wanneer het aantal uitkeringen een dalende trend laat zien tot minder dan 200 uitkeringen in 2022.
Berenschot heeft een landelijk onderzoek gedaan naar de verwachte toename van het aantal uitkeringsgerechtigden door Corona. De landelijke prognose zien we in Brummen nu niet terug. Er is in Brummen sprake van een daling. Maar de aanhoudende pandemie kan ook in Brummen gaan leiden tot een toename. Eind 2022 uitkomen op minder dan 200 uitkeringen is hiermee niet realistisch
We creëren voldoende reguliere en betaalde werkplekken voor onze Wsw werknemers en werkfitte inwoners.
Door de coronapandemie heeft de focus gelegen op het beheer en behoud van bestaande werkplekken voor onze inwoners. Extra werkplekken creëren is in een tijd waarin veel ondernemers afhankelijk zijn van Corona steunmaatregelen maar zeer beperkt mogelijk. Desondanks hebben inwoners met een uitkering in 2020 toch betaald werk gevonden.
Als iedereen een passende werkplek heeft.
Het Kabinetsbeleid is er in 2020 opgericht geweest om via steunmaatregelen zo veel mogelijk banenen werkgelegenheid te behouden. Ook in Brummen hebben we hier maximaal op ingezet. Iedereen een passende werkplek bieden in 2020 is niet realistisch
resultaat Wanneer zijn we tevreden
32
stand van zaken
resultaat
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving Activiteit
stand van zaken
resultaat Wanneer zijn we tevreden
We maken een plan om het Het uitvoeringsplan en gebruik van minimaregelingen minimaregelingen zijn in 2019 en schuldhulpverlening te vastgesteld. In 2020 zijn de vergroten om zo inwoners met voorbereidingen voor dreigende financiële vroegsignalering in 2021 problemen snelle en adequate gestart. ondersteuning te bieden.
In samenwerking met de De pilot is gestart en eindigt gemeente Lochem uitvoering formeel in 2021. geven aan een door het Rijk gefinancierde pilot voor een goede invoering van de nieuwe Wet inburgering.
We ontwikkelen een lokaal plan van aanpak voor het bestrijden van laaggeletterdheid en bevorderen van digitale vaardigheden.
Het lokaal uitvoeringsplan laaggeletterdheid is eind 2020 vastgesteld.
2020 stand van zaken
Wanneer meer inwoners met Door de coronapandemie is er dreigende financiële minder gebruik gemaakt van problemen deze voorzieningen de voorzieningenwijzer in vaker gebruiken. 2020. Het beroep op de minimaregelingen is op verwacht niveau gebleven. Het aantal inwoners dat ondersteuning gevraagd heeft bij het Steunpunt Geld en Administratie is in 2020 mede door coronapandemie en toenemende financiele problemen bij inwoners toegenomen. Wanneer we beleidsmatig en De invoering van de nieuwe in de uitvoering goed wet inburgering is uitgesteld voorbereid 2021 in gaan en tot 1 januari 2022. De pilot nieuwkomers in de toekomst heeft goede inzichten sneller zelfredzaam worden. opgeleverd ten aanzien van de organisatie en inhoud van de dienstverlening gericht op inburgering en maatschappelijke zelfredzaamheid. Als het percentage De activiteiten van het plan laaggeletterdheid in 2022 is laaggeletterdheid zijn in de gedaald van 14% naar 11%. uitvoering in samenspraak met bibliotheek en Taalhuis vertaald naar het Uitvoeringsplan Taalhuis Brummen-Voorst 2021-2024. Of de daling naar 11% gerealiseerd wordt is nu nog niet aan te geven
Evalueren nota "ondersteuning Evaluatie 2019 is uitgevoerd. voor mensen met een laag In uitvoering zijn een aantal inkomen en/of financiële aanpassingen doorgevoerd. problemen".
Relevante (beleids)documenten Document Integrale nota ‘ondersteuning voor mensen met een laag inkomen en/of financiële problemen 2018-2021 Uitvoeringsplan Taalhuis Brummen-Voorst 2021-2024
33
resultaat
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
2020
Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Welzijn C. Sjerps Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
Wanneer zijn we tevreden
stand van zaken
resultaat
resultaat
Bij een melding bepalen we We Wvggz is binnen twee weken of we een geimplementeerd en het aanvraag voor verplichte zorg project implementatie Wvggz indienen bij de officier van is afgerond. We slagen er justitie om zo goed uitvoering goed in om binnen de te geven aan de wet verplichte gestelde termijnen aanvragen Geestelijke Gezondheidszorg te verwerken en indien nodig (GGZ). in te dienen. Bij het OM wordt wel vertraging opgelopen in de verwerking van de aanvragen, maar daarover zijn we in gesprek. Opstellen van uitvoerings- en Er zijn contractafspraken resultaatafspraken met opgesteld en vastgesteld. gesubsidieerde zorgaanbieders en lokale gesubsidieerde partijen voor een efficiënte en effectieve uitvoering van de taken. In regionaal verband afspraken Met en binnen de regio zijn maken over de decentralisatie afspraken gemaakt over de van centrumgemeente naar uitvoering van lokale gemeenten in 2022 voor Maatschappelijke Opvang en de uitvoering van Beschermd Wonen. Door Maatschappelijke Opvang en uitstel van de invoering van het Beschermd Wonen. nieuwe landelijke verdeelmodel naar 1 januari 2023 konden we nog geen afspraken maken over de nieuwe situatie en zal het convenant met samenwerkingsafspraken ook worden verlengd tot 1 januari 2023. Volgend jaar zal verder worden gewerkt aan het maken van nieuwe afspraken.
Wanneer we deze nieuwe taak binnen de wettelijke termijnen uitvoeren.
We maken een lokaal actieplan om het gebruik van de meldcode huiselijk geweld & kindermishandeling te vergroten.
Wanneer er meer meldingen gedaan worden bij Veilig Thuis.
Er is een visie huiselijk geweld vastgesteld door de gemeenteraad, inclusief een uitvoeringsagenda en lokale paragraaf.
We slagen er in binnen de wettelijke termijn uitvoering te geven aan de Wvggz.
Wanneer we Er zijn contractafspraken contractafspraken hebben opgesteld en vastgesteld. over doelen, resultaten en wie wat doet en de voorwaarden voor inkoop of subsidie helder zijn. Wanneer de regiogemeenten eind 2020 afspraken hebben gemaakt.
34
De bestaande afspraken in het convenant zullen worden verlengd tot 1 januari 2023. Regionaal is gewerkt aan de totstandkoming van het conceptdocument 'Ontwerp Beschermd Thuis 2030', een richtinggevend document voor de (her)inrichting van het zorglandschap. Daarnaast is het 'regionaal kaderdocument Beschermd Thuis 2022-2030' in concept klaar, welke een update is van de in 2016 vastgestelde TransformatieAgenda MO/BW 2016-2020. Beide documenten zullen naar verwachting in 2021 worden vastgesteld in alle gemeenteraden van de regio. Volgens het halfjaarrapport 2020 is het aantal advies- en ondersteuningsvragen en het aantal meldingen toegenomen vergeleken met de aantallen uit het eerste half jaar 2019.
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
2020
Sport, Kunst en Cultuur G.I. Timmer en C. Sjerps Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
resultaat Wanneer zijn we tevreden
Opstellen van een Het uitvoeringsplan Sport is uitvoeringsplan Sport, gericht gerealiseerd in de vorm van op bewegen en gezond het Sport- en Beweegakkood gedrag. Uitvoerings - en Brummen waaraan 26 resultaatafspraken maken met organisaties bijdragen, Stichting Sportkompas. waaronder Stichting Sportkompas.
stand van zaken
resultaat
Als Stichting Sportkompas op Stichting Sportkompas geeft goede wijze uitvoering geeft uitvoering aan diverse aan het uitvoeringsplan en projecten uit het Sport- en uitvoerings - en Beweegakkoord Brummen. resultaatafspraken door Helaas heeft COVID-19 Stichting Sportkompas invloed gehad op de realisatie worden gerealiseerd” van activiteiten. Het zwembad heeft haar deuren een groot aantal weken moeten sluiten en binnenactiviteiten of activiteiten voor kwetsbare doelgroepen hebben niet altijd kunnen plaatsvinden.
In 2020 heeft Stichting Sportkompas uitvoering gegeven aan de bestaande uitvoerings- en resultaatafspraken. Met het oog op een verdere verzelfstandiging van Stichting Sportkompas is veel overleg gevoerd tussen de gemeente en Stichting Sportkompas om te komen tot nieuwe huurovereenkomsten en een beheer- en exploitatieovereenkomst. In samenwerking met Bibliotheek wordt bij dit Culturele Stichting (CSGB) en proces betrokken. In voorjaar cultuurcombinatiefunctionaris 2021 wordt hiermee een start opstellen cultuurvisie. gemaakt.
Als in 2020 een cultuurvisie is Niet behaald. Het opstellen opgesteld. van de cultuurvisie is uitgesteld, als gevolg van de coronapandemie.
Voortzetten van subsidiering op sport, cultuur, kunst en taalontwikkeling om de sociale samenhang in de samenleving te behouden.
Als sport, cultuur en taalvoorzieningen in onze gemeente blijven bestaan.
De subsidiering is voortgezet. Echter deze voorzieningen zijn onder grote druk komen te staan als gevolg van de coronapandemie en de opgelegde overheidsmaatregelen.
Als de bibliotheek een goede en betaalbare huisvesting behoudt in de centra.
De huisvesting blijft een punt van aandacht. Het pand in Brummen is verouderd en het pand in Eerbeek dient verduurzaamd te worden.
Subsidiebeschikkingen 2020 zijn verzonden en uitbetaald.
De huisvestingsmogelijkheden Een eerste verkenning is van de gedaan. In 2021 wordt hier bibliotheekvoorzieningen concreter over doorgesproken. bezien in de planvorming van de centra in Brummen en Eerbeek.
Jeugdzorg G.I. Timmer Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
We zetten meer in op accountmanagement richting zorgaanbieders.
Er zijn gesprekken gevoerd met de 3 aanbieders waarvoor een budgetplafond jeugdhulp 2020 was vastgesteld. Onderwerpen waren o.a. instroom, uitstroom en doorstroom, verlengingen en afschaling.
resultaat Wanneer zijn we tevreden Wanneer een kind en het gezin de juiste en passende zorg krijgen.
35
stand van zaken Het instrument budgetplafonds biedt de mogelijkheid om meer regie te voeren en te spreken met aanbieders over gewenste bewegingen. In september 2020 is voor voor 5 aanbieders jeugdhulp een budgetplafond 2021 vastgesteld. Budgetplafonds jeugd is een van de bouwstenen in het rapport Berenschot. In 2021 wordt deze bouwsteen geimplementeerd.
resultaat
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
Activiteit
stand van zaken
resultaat Wanneer zijn we tevreden
We zetten een POH’er Jeugd De eerste resultaten van het in bij huisartsen. eerste projectjaar laten een daling van het aantal verwijizingen naar jeugdhulp door huisartsen zien. We zien dat de POH-Jeugd ca 40 % van de trajecten zelf afhandelt. De effecten van de coronapandemie zijn nog niet in beeld.
Wanneer deze inzet leidt tot minder verwijzingen en wanneer een verschuiving optreedt van zwaardere naar lichtere vormen van zorg.
We voeren een pilot op een basisschool uit en monitoren de samenwerking tussen onderwijs en jeugdzorg.
Wanneer blijkt dat door vroegsignalering we snel passende hulp thuis en op school aan kind en gezin kunnen bieden.
De pilot start zodra de scholen weer open mogen.
2020
stand van zaken
resultaat
Het project loopt tot 1 september 2022. In 2021 wordt bekeken of daling maatwerkvoorzieningen voortzet en verschuiving van zwaardere naar lichtere vormen van zorg vast te stellen is. Daarnaast of uitbreiding van de capaciteit wenselijk is. De POH jeugd is een van de bouwstenen in het rapport Berenschot. In 2021 wordt deze bouwsteen geimplementeerd. Door het niet kunnen uitvoeren is er nog geen inzicht in het resultaat. De samenwerking met het onderwijs is een van de bouwstenen in het rapport Berenschot. In 2021 wordt deze bouwsteen geimplementeerd.
Volksgezondheid G.I. Timmer Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
Afspraken maken binnen het gezondheidsnetwerk Brummen zodat inwoners minder vaak hun zorgvraag hoeven te herhalen.
Door Corona is het gezondheidsnetwerk zo goed als stil komen te liggen.
resultaat Wanneer zijn we tevreden Als in de samenwerking afspraken zijngemaakt over gegevensuitwisseling en indicatiestelling.
stand van zaken
resultaat
Door Corona is het gezondheidsnetwerk zo goed als stil komen te liggen. Hierdoor zijn er geen afspraken gemaakt.
Onderwijs en kinderopvang G.I. Timmer Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
Uitvoeringsafspraken maken met leerplicht en Regionaal Meld- en coördinatiepunt voortijdige schoolverlaters (RMC).
De uitvoeringsafspraken zijn regionaal herbevestigd en lokaal wordt TvE meer betrokken waar nodig.
We stimuleren ouders om gebruik te maken van de peuteropvang.
Er wordt minder gebruik gemaakt van de Alle peuters naar de voorschoolregeling. Mogelijk maken ouders meer gebruik van gastouders.
Zorgen voor goede Voor enkele scholen in onderwijshuisvesting door Brummen zijn middelen afspraken maken over toegekend voor uitbreiding en huisvesting van De Lans en de renovatie. Met de scholen in scholen in Eerbeek en Eerbeek zijn de gesprekken Brummen. gestart en dit krijgt een vervolg in 2021.
resultaat Wanneer zijn we tevreden Als leerlingen snellere en integrale ondersteuning krijgen, het schoolverzuim daalt en het percentage leerlingen met een startkwalificatie stijgt. Wanneer 90% van de peuters naar de peuteropvang gaat zodat de achterstand in taalen sociale ontwikkeling vermindert.
stand van zaken Ten opzichte van het vorige schooljaar zijn er regionaal 172 minder schoolverlaters zonder startkwalificatie.
Op 1 januari 2020 zat 80% van de peuters tussen 2,5 en 4 jaar op de peuteropvang. We vragen kinderopvanginstellingen niet beide werkende ouders te attenderen op deze regeling. Als de schoolgebouwen van Door de toekenning van goede kwaliteit zijn en passen uitbreiding zijn deze scholen bij het aantal leerlingen. weer groot genoeg voor het aantal leerlingen. De renovatie van De Lans leidt ook tot verduuzaming van de school.
Relevante (beleids)documenten Document Integraal huisvestingsplan onderwijsvoorzieningen Nadere regels Alle peuters naar de voorschool Onderwijsachterstandenbeleidsplan
36
resultaat
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
2020
Wat heeft het gekost? bedragen x € 1.000
Realisatie 2019
Begroting 2020
Begroting na wijziging
Realisatie 2020
487 26.983 27.470
273 25.638 25.911
1.701 26.859 28.560
1.478 26.738 28.216
11 17.466 17.477 -9.994
0 6.087 6.087 -19.825
2.003 5.942 7.945 -20.615
1.905 5.956 7.860 -20.356
1.140 1.140
0 0
0 0
0 0
2.064 2.064 924 -9.070
0 0 0 -19.825
0 0 0 -20.615
0 0 0 -20.356
Lasten Incidenteel Structureel Totale lasten Baten Incidenteel Structureel Totale baten Resultaat voor bestemming Lasten Mutaties reserves Totale lasten Baten Mutaties reserves Totale baten Mutaties reserves Saldo incl. bestemmingen
Het financiële verloop van de werkgebieden Bij het programma horen de volgende werkgebieden. De bedragen betreffen de uitkomsten na bestemming, dus inclusief toevoegingen en onttrekkingen aan reserves.
Jeugdzorg Volksgezondheid Werk en Inkomen Maatschappelijke Ondersteuning en Welzijn Sport, Kunst en Cultuur Onderwijs en Kinderopvang Resultaat incl. bestemming
Rekening 2019 lasten baten saldo
Begroting 2020 na wijz. lasten baten saldo
Rekening 2020 lasten baten saldo
4.942 743 9.784 9.286
4.042 7 7.475 6.839
-900 -736 -2.310 -2.447
5.086 750 11.350 7.463
0 0 6.791 302
-5.086 -750 -4.560 -7.162
4.948 722 10.719 8.244
3 0 6.952 256
-4.945 -722 -3.767 -7.988
138 27 631 -781
3 0 162 -46
140 27 793 -827
1.994 1.861 28.610
557 621 19.541
-1.436 -1.241 -9.070
2.028 1.884 28.560
477 -1.550 375 -1.509 7.945 -20.615
2.009 1.574 28.216
447 -1.562 203 -1.371 7.860 -20.356
18 310 344
-31 -172 -85
-12 138 259
lasten
Afwijking baten saldo
Overzicht van de geraamde incidentele lasten (bedragen x € 1.000) Werkgebied Jeugdzorg Jeugdzorg Werk en inkomen Werk en inkomen Werk en inkomen Werk en inkomen Werk en inkomen Werk en inkomen Werk en inkomen Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Maatschappelijke ondersteuning en welzijn
Begroot na wijz
Omschrijving Covid-19 continuïteitsbijdrage zorgaanbieders Jeugdzorg Praktijkondersteuner huisartsen (POHJeugd) Pilot Lochem-Brummen duale trajecten inburgering Verhoging taalniveau statushouders Inhuur manager Werkfit Invoeringsbudget Wet Inburgering Tozo levensonderhoud Tozo bedrijfskredieten Tozo, uitvoeringskosten
Werkelijk
Restant
€ 15
€ 36
-€ 21
€ 116
€ 99
€ 17
€0 € 15 € 70 € 41 € 1.600 € 150 € 254
-€ 51 €4 € 70 € 16 € 1.622 €4 € 198
€ 51 € 11 €0 € 25 -€ 22 € 146 € 56
Afboeking boekwaarde Meidoornlaan 18
€0
€3
-€ 3
Covid-19 De jeugd aan zet
€0
€2
-€ 2
Innovatiesubsidie sociaal domein
€ 40
€ 20
€ 20
Onderzoekskosten sociaal domein Covid-19 continuïteitsbijdrage zorgaanbieders Wmo begeleiding
€ 66
€ 63
€3
€0
€ 31
-€ 31
37
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
Werkgebied Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Maatschappelijke ondersteuning en welzijn Sport, kunst en cultuur
Onderwijs en kinderopvang
2020
Begroot na wijz
Omschrijving Covid-19 continuïteitsbijdrage zorgaanbieders Wmo huishoudelijke hulp Vereffening incidenteel overschot MO/BW Sport, uitvoering lokaal Sportakkoord Covid-19: aanschaf laptops en straatstickers voor scholen / kinderopvang Totaal
Werkelijk
Restant
€0
€8
-€ 8
-€ 676 €1
-€ 676 € 20
€0 -€ 19
€9 € 1.701
€ 11 € 1.478
-€ 2 € 223
Overzicht van de geraamde incidentele baten (bedragen x € 1.000) Werkgebied
Omschrijving
Jeugdzorg
Pilot jeugdhulp regulier onderwijs Covid-19 Tijdelijke Overbruggingsregeling Zelfstandig ondernemers (Tozo) Covid-19 Tegemoetkoming verhuur sportaccommodaties (TVS) Sport, specifieke uitkering sportakkoord Covid-19: bijdrage Ferm aanschaf laptops Totaal
Werk en inkomen Sport, kunst en cultuur Sport, kunst en cultuur Onderwijs en kinderopvang
Begroot na wijz €0
Werkelijk
Restant €3
€3
€ 1.996
€ 1.819
-€ 177
€0 €0
€ 53 € 20
€ 53 € 20
€7 € 2.003
€9 € 1.905
€2 -€ 98
Verschillen tussen de realisatie en de begroting na wijziging De financiële uitkomst van het programma valt afgerond € 259.000 voordeliger uit dan geraamd. Hieronder worden de belangrijkste oorzaken van dit verschil toegelicht. € 344.000 V
LASTEN
Jeugdzorg Binnen Jeugdzorg hebben we op een budget van ruim € 5 miljoen een overschot van € 138.000 (3%). Op de zorg in natura (ZIN) en Persoonsgebonden budgetten (Pgb’s) blijven we met € 20.000 binnen de begroting van 2020. Daarnaast zien we dat de betalingen op de nog te betalen bedragen uit voorgaande jaren (2017-2019) € 75.000 lager zijn dan waarmee we rekening gehouden hebben in de Jaarstukken 2019. Per saldo een voordeel van € 95.000. In 2020 heeft een overheveling plaatsgevonden van de eenmalige DUVO-gelden (huiselijk geweld) vanuit centrumgemeente Apeldoorn. Voorgesteld wordt om dit budget van € 57.000 als resultaatbestemming op te nemen om in te zetten in 2021 voor het project ‘de 5 basisfuncties van het wijkteam’. Dit project maakt onderdeel uit van de implementatie van de bouwstenen van het rapport Berenschot. Volksgezondheid Op het budget voor jeugdgezondheidszorg houden we € 27.000 over omdat er minder inzet is gepleegd op preventieactiviteiten zoals BOR (Begeleide omgangsregeling) bij echtscheidingen. Werk en Inkomen De uitkeringslasten op basis van de gebundelde uitkering BUIG (Participatiewet, IOAW, IOAZ, Bbz en loonkostensubsidies) zijn € 113.000 lager dan geraamd. We zien dat het aantal uitkeringen verder is afgenomen naar 281 (eind 2019: 293). De uitvoeringskosten vanuit de DVO met Apeldoorn zijn € 25.000 hoger dan geraamd.
De verwachting was dat de uitvoeringskosten voor de Bbz (Bijstandsbesluit zelfstandigen) door de tijdelijke regelingen van het Rijk in verband met Covid-19 wat lager zouden uitvallen. Maar dat is in werkelijkheid niet het geval geweest.
38
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
2020
De lasten voor de Tozo (Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers) zijn € 180.000 lager dan geraamd. Voor een toelichting zie Paragraaf H Covid-19. Op de regelingen voor het minimabeleid zien we een overschot van in totaal € 47.000. Er is in dit coronajaar minder gebruik gemaakt van de lokale regelingen en van De Voorzieningenwijzer dan begroot. Binnen Werkfit zien we dat de loonkosten voor de SW-medewerkers € 262.000 lager zijn dan geraamd door pensionering en uitstroom van medewerkers. Daarnaast hebben we een bijdrage ontvangen in het kader van de Wet tegemoetkomingen loondomein. We houden € 67.000 over op het budget voor begeleiding arbeidsmatige dagbesteding omdat er in 2020 geen nieuwe cliënten zijn aangemeld. In 2020 liep de pilot met Lochem voor de duale trajecten in de veranderopgave inburgering. Via het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zijn hiervoor middelen beschikbaar gesteld. De middelen zijn ontvangen door de gemeente Lochem en doorgestort naar Brummen om uitvoering te geven aan de pilot. De pilot eindigt in maart 2021 maar de taaltrajecten lopen nog door tot en met september 2021. Daarnaast hebben we in de meicirculaire 2020 middelen ontvangen voor de invoering van de Wet Inburgering en bij de 2e bestuursrapportage 2020 hiervoor een budget opgenomen.
We willen in 2021 na afloop van de pilot, vooruitlopend op de ingangsdatum van de wet per 1 januari 2022, de dienstverlening inrichten naar de nieuwe werkwijze. Dit om te voorkomen dat er een hiaat ontstaat tussen de ervaringen uit de pilot en de invoering van de nieuwe wet. We zien verder dat in 2020 de instroom van statushouders lager was dan verwacht. Hierdoor heeft de SWB € 33.000 minder kosten gemaakt dan geraamd voor maatschappelijke begeleiding en huisvesting van statushouders. Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Welzijn Binnen de Wmo zien we dat de kosten voor huishoudelijke hulp in 2020 verder zijn gestegen. Per saldo zien we voor huishoudelijke hulp (zowel ZIN en Pgb’s)een overschrijding van € 274.000 op het bijgestelde budget in 2020. Deze toename van kosten komt omdat meer inwoners mede vanwege het abonnementstarief een beroep op huishoudelijke hulp hebben gedaan (toename van 79 inwoners). Ook heeft Berenschot in haar rapport geconstateerd dat er ruimhartig huishoudelijke hulp wordt verleend door de uitvoering. De aanbevelingen uit het rapport Berenschot om de instroom en intensiteit van huishoudelijk hulp te verkleinen zijn nog niet geïmplementeerd. Dat zal in 2021 plaatsvinden. Ook het beroep op de voorzieningen voor rolstoelen, vervoer en wonen is in 2020 groter geweest dan geraamd. De kosten voor aanschaf en onderhoud van rolstoelen zijn € 82.000 hoger.
Deze toename van kosten komt omdat meer inwoners een beroep op deze voorziening hebben gedaan. Ook heeft Berenschot in haar rapport geconstateerd dat er ruimhartig door de uitvoering wordt verleend. De aanbevelingen uit het rapport Berenschot om de kosten te beperken zijn nog niet geïmplementeerd in 2020, dat zal in 2021 plaatsvinden. De kosten voor de vervoersvoorzieningen zijn structureel € 100.000 hoger dan geraamd. Ook hier is er sprake van een toename van het aantal inwoners dat een beroep doet op deze voorzieningen. Maar ook het ruimhartig beschikken door de uitvoering is een reden voor deze overschrijding. De kosten voor woonvoorzieningen zijn € 129.000 hoger doordat er onder andere twee duurdere voorzieningen in de vorm van woonunits zijn verstrekt. Voor de afwijkingen binnen dit werkgebied die samenhangen met Covid-19 verwijzen we naar paragraaf H Covid-19. Onderwijs en kinderopvang Het budget voor onderwijsachterstandenbeleid is in 2020 maar voor ongeveer de helft gebruikt. De restant middelen van € 193.000 worden toegevoegd aan de “Nog te besteden middelen van het Rijk”. De komende jaren zal het beleid worden geïntensiveerd waarbij deze middelen zullen worden ingezet.
39
Programma 3 – Sociaal Domein en Samenleving
2020
De lasten voor leerlingenvervoer zijn € 89.000 lager dan geraamd. De oorzaak hiervoor ligt vooral bij Covid-19. Hierdoor zijn er minder ritten geweest en is de bijdrage die we hiervoor aan Plus Ov moeten betalen lager. Zie voor verdere toelichting de Paragraaf Coronavirus Covid-19. Door de corona maatregelen heeft de GGD dit jaar minder inspecties bij kinderopvanginstellingen en gastouders op locatie verricht. De inspecties zijn hoofdzakelijk op afstand gebeurd via telefonisch onderzoek en interviews. Hierdoor zijn de lasten € 25.000 lager dan geraamd. € 85.000 N
BATEN
Werk en Inkomen Het definitieve BUIG-budget dat in oktober 2020 is vastgesteld, is € 316.000 hoger dan het nader voorlopig budget waar we in de 2e bestuursrapportage 2020 rekening mee hebben gehouden. De baten voor de Tozo zijn € 177.000 lager dan geraamd. Voor een toelichting zie Paragraaf H Covid19. De detacheringsopbrengsten van de SW-medewerkers binnen Werkfit vallen € 115.000 lager uit dan geraamd door langdurige ziekte maar ook door Covid-19. Voor een toelichting zie Paragraaf H Covid19. Op basis van het besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) is bepaald dat 75% van de vordering Bbz vergoed wordt door het Rijk. Een vordering wordt voor 100% opgenomen op de balans van de gemeente. Als tegenhanger wordt 75% als terugvordering door het Rijk opgenomen. Dit houdt in dat de vordering per saldo voor 25% op de balans opgenomen wordt. Per 31-12-2020 is het saldo van de vorderingen Bbz afgenomen. Dit betekent dat een deel van de terugvordering (€ 43.000) door het Rijk ook kan vrijvallen. In 2020 hebben we een vergoeding van € 55.000 ontvangen van het Rijk over het boekjaar 2019 voor het declarabele deel van de Bbz. Wet Maatschappelijke Ondersteuning en Welzijn De inkomsten vanuit de eigen bijdragen Wmo zijn in 2020 verder afgenomen. Bij de 2e bestuursrapportage 2020 hielden we rekening met € 100.000 minder eigen bijdragen Wmo door het abonnementstarief.
Daarnaast hielden we rekening met incidenteel € 50.000 minder eigen bijdragen in 2020 door het niet innen van de eigen bijdrage in de maanden april en mei door Covid-19. Bij het CAK (Centraal Administratie Kantoor), dat de eigen bijdragen int voor gemeenten, zijn in 2020 vertragingen ontstaan in het vaststellen van de eigen bijdragen. Hierdoor heeft ook de inning van de eigen bijdragen vertraging opgelopen. Omdat in de Jaarstukken van de gemeente het bedrag moet worden verantwoord dat van het CAK ook daadwerkelijk aan afdrachten is ontvangen (kasstelsel) zien we dat de inkomstenstroom in 2020 € 61.000 lager is dan geraamd bij de 2 e bestuursrapportage 2020. Onderwijs en kinderopvang Zie toelichting over onderwijsachterstandenbeleid onder de lasten.
40
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
2020
Portefeuillehouders: A.J. van Hedel, C. Sjerps en W.P. van Burgsteden Dit programma gaat over de volgende werkgebieden -
Bedrijfsvoering Financiering en overig
Bedrijfsvoering A.J. van Hedel en C. Sjerps Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
resultaat Wanneer zijn we tevreden
stand van zaken
Aanpassen van Door het uitstel van de werkprocessen en trainen van inwerkingtreding van de medewerkers voor Een Omgevingswet is in 2020 het organisatie die bijdraagt aan implementatieplan de transformatie in het sociaal Omgevingswet aangepast, domein en die klaar is voor de voorbereiding van Omgevingswet. medewerkers is doorgeschoven naar 2021. Aanpassen van werkprocessen en trainen van medewerkers in het sociaal domein is ondergebracht in de uitvoering van aanbevelingen uit het Berenschotrapport.
Als de werkprocessen zijn aangepast en medewerkers zijn getraind.
Toegelicht is dat de training van medewekers en aanpassing van werkprocessen is doorgeschoven naar 2021.
Invoeren van verzuimprotocollen en verzuimbegeleiding.
Als over 2020 het ziekteverzuimcijfer lager is dan het landelijk gemiddelde bij gemeenten. Als alle bouwdossiers in- en extern digitaal ontsloten zijn.
Het verzuim% is 4,5%. Dit is lager dan de het landelijk gemiddelde bij gemeenten, 5,3%. Door Covid 19 is het project opgeschort, opstart project na akkoord crisisteam
Starten met het digitaliseren en anonimiseren van bouwdossiers.
Het verzuim% is 4,5%. Dit is lager dan de het landelijk gemiddelde bij gemeenten, 5,3%. Het project is gestart. Echter door Covid 19 nog niet afgerond.
Opstellen van een beleidsnota De uitwerking van het beleid is informatiebeheer (DIV/Archief) vertraagd. Wordt verder opgepakt in 2021
Toetsen en zo nodig wijzigen van bestaande arbeidsvoorwaarden op het gebied van reismobiliteit.
Is gepland voor medio 2021 als onderdeel van het tijd- en plaatsonafhankelijk werken.
Als we eind 2020 actueel beleid hebben vastgesteld.
Door evaluatie zaakgericht werken en de resultaten hiervan is de uitwerking van het beleid vertraagt. Verwachte oplevering begin Q2 2021 Als de dienstreizen bijdragen Ivm Corona is het aantal woonaan de werk en dienstreisbewegingen duurzaamheidsdoelstellingen. in 2020 tot een minimum beperkt. Voor 2021 e.v. wordt beleid opgesteld waarin de duurzaamheidsdoelstelling als uitgangspunt geldt.
Relevante (beleids)documenten Document I-Visie Plan van Aanpak organisatieontwikkeling
41
resultaat
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
2020
Financiering en overig W.P. van Burgsteden Wat hebben we gedaan en zijn we tevreden? Activiteit
stand van zaken
Enerzijds zorgen voor Vanuit het spaarprogramma positieve resultaten in de als onderdeel van Financiel jaarrekening, waardoor de vrije Gezond is nu € 500.000 reserve, als onderdeel van de toegevoegd aan de Algemene algemene reserve, verder Reserve. gevoed kan worden en anderzijds proberen we de risico’s te verkleinen. Actualiseren van onze subsidieregels. Wij hebben de subsidieregelingen die onder de Algemene Subsidieverordening vallen geactualiseerd. Evalueren van de nota "Grondbeleid".
Evalueren van de Financiële Verordening.
Evalueren van de Algemene Subsidieverordening
resultaat
Wanneer zijn we tevreden
stand van zaken
Als de algemene reserve minimaal twee jaar een omvang heeft van 1,4 tot 2 keer de weerstandsreserve.
De beoogde ratio is nog niet bereikt.
Als we eind 2020 een actueel subsidiebeleid hebben.
Huidige nota is nog geldig dit jaar, dus evaluatie wordt doorgeschoven naar 2021 er is dan meer zicht op de effecten en gevolgen van de In 2020 zijn een aantal financiële spelregels geactualiseerd. Op 17 december 2020 heeft de raad het financieel afsprakenkader, de financiële verordening, het treasurystatuut en de nota reserves en voorzieningen vastgesteld. De Algemene subsidieverordening is in 2019 op onderdelen gewijzigd. Het evaluatiemoment is daarom verzet naar 2023.
Relevante (beleids)documenten Document Financiële verordening (art. 212 Gemeentewet) Nota weerstandsvermogen en risicobeheersing Nota reserves en voorzieningen Nota investerings- en afschrijvingsbeleid Treasurystatuut Nota grondbeleid 2020-2021 Algemene subsidieverordening Financieel afsprakenkader
42
resultaat
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
2020
Wat heeft het gekost? bedragen x € 1.000 Lasten Incidenteel Structureel Totale lasten Baten Incidenteel Structureel Totale baten Resultaat voor bestemming Lasten Mutaties reserves Totale lasten Baten Mutaties reserves Totale baten Mutaties reserves Saldo incl. bestemmingen
Realisatie 2019
Begroting 2020
Begroting na wijziging
Realisatie 2020
16 7.858 7.874
-117 7.260 7.143
-50 7.463 7.413
79 7.052 7.131
0 23.127 23.127 15.253
0 35.853 35.853 28.709
94 37.031 37.125 29.712
118 37.872 37.989 30.858
193 193
737 737
677 677
705 705
519 519 325 15.578
0 0 -737 27.973
0 0 -677 29.035
0 0 -705 30.153
Het financiële verloop van de werkgebieden Bij het programma horen de volgende werkgebieden. De bedragen betreffen de uitkomsten na bestemming, dus inclusief toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. Rekening 2019 lasten baten saldo Bedrijfsvoering Financiering en Overig Resultaat incl. bestemming
7.193 874 8.067
193 23.342 23.646
-7.000 22.578 15.578
Begroting 2020 na wijz. lasten baten saldo 7.099 992 8.090
122 37.003 37.125
-6.977 36.012 29.035
Rekening 2020 lasten baten saldo 6.738 1.098 7.836
151 37.839 37.989
-6.588 36.741 30.153
lasten
Afwijking baten saldo
360 -106 254
29 835 864
389 729 1.118
Toelichting op de werkelijke incidentele lasten (bedragen x € 1.000) Werk Gebied Bedrijfsvoering Bedrijfsvoering Financiering
LASTEN Omschrijving Archiefzaken, Digitalisering bouwdossiers HRM, Sociale innovatie, persoonlijke ontwikkeling Concernposten, verrekeningen incidenteel
Begroot Na Wijziging Werkelijk € 62 € 20 € 35 € 59 -€ 147 €0 -€ 50
Totaal
Restant € 42 -€ 24 -€ 147
€ 79
-€ 129
Begroot Na Wijziging Werkelijk € 35 € 59 € 59 € 59
Restant -€ 24 €0
Toelichting op de werkelijke incidentele baten (bedragen x € 1.000) Werk Gebied Bedrijfsvoering Financiering
BATEN Omschrijving HRM, Sociale innovatie, persoonlijke ontwikkeling Concernposten, incidentele subsidie provincie
€ 94
Totaal
€ 118
Verschillen tussen de realisatie en de begroting na wijziging De financiële uitkomst van het programma valt afgerond € 1.118.000 voordeliger uit dan geraamd. Hieronder worden de belangrijkste oorzaken van dit verschil toegelicht.
43
-€ 24
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
2020 € 254.000 V
LASTEN
Bedrijfsvoering De kosten van Informatisering & Automatisering overschrijden het totale budget met € 89.000. Dit komt onder andere door meer inzet van de accountant op het gebied van Informatiebeveiliging / AVG en privacy. De accountant voert onder andere de Ensia en Suwinet audits uit. Daarnaast is er sprake van een autonome prijsstijging en zijn er oplopende kosten voor de beveiliging van het netwerk (backup en firewalls) als ook extra licentie- en onderhoudskosten. Als gevolg van de Corona crisis ontstaan structureel hogere kosten. Onder andere Office 365 is versneld in licentievorm aangeschaft en ingevoerd. Zie voor verdere toelichting de Paragraaf Coronavirus Covid-19. Bij de 2e bestuursrapportage is rekening gehouden met een voordeel van € 25.000 door het aanbesteden van de contracten van de copiers en scanners. De aanbesteding is in verband met Covid-19 niet afgerond en de besparing hierdoor niet gerealiseerd. De werkelijke kosten pakken uiteindelijk € 34.000 hoger uit. Het project om de bouwdossiers te digitaliseren is in verband met Covid-19 opgeschort. Hierdoor resteert een budget van € 41.000. De helft van het restantbudget is benodigd in 2021. Op het moment dat het weer mogelijk is wordt het project weer opgestart. De andere helft van het restantbudget wordt gebruikt om de overschrijding bij het archief te dekken.
Met het Regionaal Archief Zutphen (RAZ) is een nieuwe dienstverleningsovereenkomst (DVO) gesloten. In de nieuwe DVO betalen we naast de jaarlijkse bijdrage voor de archiefdiensten een bijdrage voor het digitaal beheer. Het digitaal beheer bestaat uit ontwikkeling, gebruik en beheer van het e-depot. Dit zorgt voor een incidentele overschrijding in 2020 en wordt gedekt door het overschot op het project digitalisering bouwdossiers. De kosten van invordering, debiteurenbeheer, advieskosten en bankkosten vallen in 2020 € 47.000 lager uit dan geraamd. De kosten bij Organisatie en Personeel laten een voordeel zien van € 243.000. Een toelichting op dit voordeel vindt u in paragraaf E Bedrijfsvoering. Van het beschikbare budget voor vorming en opleiding resteert € 101.000. Trainingen en opleidingen hebben in verband met Covid-19 fysiek niet plaats kunnen vinden en zijn geannuleerd. Een aantal trainingen heeft online plaatsgevonden. Veel trainingen en opleidingen zijn echter doorgeschoven naar 2021. Diverse budgetten voor de organisatie en personeel en aan verzekeringskosten laten een voordeel zien. Over de gehele linie zijn budgetten voor representatie, stagiaires, bijeenkomsten, etc. € 25.000 lager dan begroot. De post verzekeringen laat een voordeel zien van € 47.000.
Financiering en overig Van de gerealiseerde opbrengst toeristenbelasting voegen we 25% toe aan de bestemmingsreserve Recreatie en Toerisme. Bij de 2e bestuursrapportage 2020 was de verwachting dat de geraamde opbrengst toeristenbelasting niet werd gehaald. De opbrengst en daarmee de dotatie aan de reserve zijn naar beneden bijgesteld. Aan het eind van het jaar is gebleken dat de opbrengst hoger is dan verwacht (zie ook de toelichting bij de baten). Hierdoor wordt er € 27.000 meer toegevoegd aan de reserve. Totaal wordt er € 205.000 in de reserve gestort. De kosten voor boven formatief personeel geeft een nadelig resultaat van € 46.000. Dit betreft kosten voor personeel die gedetacheerd zijn en daar staan vergoedingen tegenover. Van de belastingdienst is een naheffing van te betalen BTW en rentecorrecties van het BCF over voorgaande jaren ontvangen. In totaal een nadeel van € 28.000.
44
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
2020
€ 864.000 V
BATEN
Financiering en overig Aan toeristenbelasting is in de programmabegroting 2020 rekening gehouden met een opbrengst van € 946.000. Bij de 2e bestuursrapportage 2020 was de verwachting dat de geraamde opbrengst niet werd gehaald. De verwachtte opbrengst is verlaagd naar € 710.000. De gerealiseerde opbrengst pakt € 109.000 hoger uit dan geraamd bij de 2e bestuursrapportage. De algemene uitkering gemeentefonds valt € 669.000 positiever uit dan verwacht bij de 2e bestuursrapportage 2020. Op basis van de najaarsnota van het Rijk is in de Decembercirculaire 2020 nieuwe informatie rond de gemeentefondsuitkering ontvangen. De algemene uitkering is gebaseerd op de laatst bekende uitkeringsspecificatie. Ten opzichte van de 2e bestuursrapportage zijn de Corona steunpakketten financieel verwerkt. Voor een overzicht van het totale Corona steunpakket zie paragraaf H Covid-19. Daarnaast laten de autonome ontwikkelingen een voordeel zien. Onder autonome ontwikkelingen wordt o.a. verstaan de mutaties WOZ, de uitkering van het BTW Compensatiefonds en de actualisering van de maatstaven. Aan detacheringsvergoedingen voor kosten van het ambtelijk personeel is een bedrag van € 53.000 ontvangen.
45
Programma 4 – Bedrijfsvoering en Financiering
46
2020
De Paragrafen
2020
2.2 De paragrafen
47
48
Paragraaf A – Lokale heffingen
2020
Algemeen In deze paragraaf beschrijven we de beleidslijnen die van belang zijn voor de gemeentelijke belastingen en heffingen. De wijzigingen van de belastingverordeningen worden in de jaarlijkse, afzonderlijke, raadsvoorstellen vastgesteld. De onroerende-zaak belastingen (OZB) Onder de onroerende-zaak belastingen kennen we twee belastingen. Voor woningen geldt een eigenarenbelasting en voor niet-woningen kennen we naast de eigenarenbelasting ook een gebruikersbelasting. Het beleid van de gemeenteraad van Brummen Het bestuursprogramma “ De Kracht van Brummen, een Duurzaam Perspectief ” gaat uit van inflatiecorrectie bij de belastingtarieven. De jaarlijkse inflatiecorrectie baseren we op het indexeringscijfer voor de consumentenprijsindices (CPI). Dit percentage komt voor 2020 uit op 2,3%. In het kader van Financieel Gezond is de OZB-opbrengst extra verhoogd met € 1.245.000. De Onroerende Zaakbelastingen als percentage van de waarde De OZB heffen we als een percentage van de WOZ-waarde van de betreffende onroerende zaak. De raad stuurt niet op het percentage, maar op de totale inkomsten van deze belasting. Als de raad besluit dat de OZB-inkomsten met 2,3% moeten stijgen, dan wordt aan de hand van de woningwaardeontwikkeling bepaald welk tarief gehanteerd moet worden om die 2,3% aan extra inkomsten te realiseren. Daarnaast is de raming met € 1.245.000 verhoogd.
Deze extra inkomsten zijn gerealiseerd. De overige meeropbrengst komt voort uit areaaluitbreiding vanwege nieuwbouw en verbouw. Onroerendezaakbelastingen opbrengst
Werkelijk 2019
Netto gerealiseerde c.q. te realiseren opbrengst incl. inflatie
€ 3.666.297
Begroot nw 2020 € 5.051.950
Werkelijk 2020 € 5.066.849
De toeristenbelasting De hoogte van de aanslag toeristenbelasting wordt bepaald door twee factoren. Het aantal overnachtingen door personen die niet in onze gemeente woonachtig zijn en het tarief per overnachting. Het tarief bedraagt € 1,75 per overnachting. De raming in de programmabegroting 2020 bedroeg € 946.000. Bij de bestuursrapportage 2020 is op grond van de coronamaatregelen de raming bijgesteld naar € 710.000. De totale opbrengst toeristenbelasting voor 2020 komt uit op een bedrag van afgerond € 819.171. Van dit bedrag voegen we 25% toe aan de bestemmingsreserve Recreatie en Toerisme. Deze reserve zetten we in voor bestaande en nieuwe recreatieve voorzieningen. Bedrijven Investeringszone (BIZ) Op basis van de Verordening BI-Zone Eerbeek 2016-2020 heffen we een directe belasting. De opbrengst wordt besteed aan activiteiten in de openbare ruimte en op het internet. Hiermee bevorderen we de economische versterking van het centrum van Eerbeek. De BIZ-bijdrage bedraagt per onroerende zaak € 550. Dit leverde in 2020 € 42.900 op. De afvalstoffenheffing Beleidsuitgangspunt is 100% dekking van de toe te rekenen kosten. Dekkingstekorten of –overschotten verrekenen we met de bestemmingsreserve Afvalstoffenheffing. De reserve betrekken we bij de tariefstelling in de komende jaren.
Met de reserve Afvalstoffenheffing vangen we een deel van de kostenontwikkelingen in de komende jaren op. De kosten van afvalverwerking zijn gestegen in verband met een verhoging van de verbrandingsbelasting. Voor 2020 steeg het tarief met 3,5% ten opzichte van 2019.
49
Afvalstoffenheffing
Werkelijk 2019
Begroot nw 2020 € 1.365.292 € 1.416.666 Vastrecht -10% +3,5% Gft -20%
Gerealiseerde cq. te realiseren opbrengst via tarieven Procentuele ontwikkeling t.o.v. het voorgaande jaar
Werkelijk 2020 € 1.446.148 +3,5%
De rioolheffing Net als bij de afvalstoffenheffing is ook bij de rioolheffing het beleidsuitgangspunt dat 100% van de toe te rekenen kosten worden gedekt. Dekkingstekorten of –overschotten verrekenen we met de egalisatievoorziening rioolheffing. Het tarief is in 2020 gelijk gebleven aan het tarief van 2019. Rioolheffing Gerealiseerde cq. te realiseren opbrengst via tarieven Aantal m3 waterverbruik voor heffing Procentuele ontwikkeling t.o.v. het voorgaande jaar
Werkelijk 2019 € 2.507.546 1.072.213 m3 -5,0%
Begroot nw 2020 € 2.456.103 1.020.000 m3 0%
Werkelijk 2020 € 2.730.882 1.168.370 m3 0%
Kostendekkendheid Voor de afvalstoffenheffing en de rioolheffing geven we hieronder de kostendekkendheid aan. Berekening van de kostendekkendheid van een heffing Kosten product Toevoeging aan voorziening Netto kosten taakveld (7.3/7.2) Toe te rekenen kosten: Overhead op organisatiekosten Kosten minimabeleid (taakveld 6.3) Kosten openbare reiniging/straatvegen (taakveld 2.1) Aandeel rente over investeringen (taakveld 0.5) Toevoeging aan reserve BTW Totale kosten Opbrengst heffing Opbrengst product, excl. heffingen Onttrekking aan voorziening Netto opbrengsten taakveld (7.3/7.2) Inzet reserve (taakveld 0.10) Opbrengst dividend (taakveld 0.5) Totale opbrengsten Dekkingspercentage
Afvalstoffenheffing
Rioolheffing
Begroot nw € 1.688.675
Werkelijk € 1.516.540
Begroot nw € 1.746.796
Werkelijk € 1.742.120
€ 1.688.675
€ 1.516.540
€ 1.746.796
€ 1.742.120
€ 39.054 € 80.000 € 97.858 € 2.708
€ 39.825 € 62.472 € 111.681 € 2.255
€ 118.303 € 100.000 € 146.787 € 439.663
€ 117.657 € 75.979 € 167.521 € 438.619
€ 359.936 € 2.268.231 € 1.416.666 € 250.000
€ 323.494 € 2.056.267 € 1.446.148 € 241.969
€ 1.666.666 € 601.565 €0 € 2.268.231 100%
€ 1.688.117 € 368.150 €0 € 2.056.267 100%
€ 351.324 € 2.902.873 € 2.456.103 € 15.569 € 431.201 € 2.902.873
€ 335.964 € 2.877.860 € 2.730.882 € 22.025 € 124.952 € 2.877.860
€ 2.902.873 100%
€ 2.877.860 100%
Bij de kosten gaat het dus niet alleen om de directe kosten op het taakveld zelf, maar ook om kosten van overhead, minimabeleid, openbare reiniging/ straatvegen, aandeel rente over investeringen, btw en opbrengst dividend. Meer toelichting op de werkelijke cijfers vindt u in programma 2 en bij de toelichting op de balansmutaties. We lichten hieronder een paar onderdelen kort toe: Overhead op organisatiekosten Voor 2020 is het percentage berekend op 44% wat toegerekend wordt op basis van de toegerekende organisatiekosten. Minimaregeling Dit betreft een tegemoetkoming in de kosten van afvalstoffenheffing en rioolheffing in het kader van ons minimabeleid. Deze tegemoetkoming wordt dus bekostigd door de overige betalende inwoners. Openbare reiniging/straatvegen Ons beleid is dat we 40% van deze activiteiten toerekenen aan de Afvalstoffenheffing en 60% aan de Rioolheffing.
50
Rentelasten over investeringen We belasten het product op basis van de zogenoemde “rente-omslag”. Deze rente-omslag bedroeg in 2020 0,5%. Op basis van BBV-voorschriften nemen we deze rentelasten op in de kosten van het product. Deze wijziging van de BBV-voorschriften geldt vanaf 2018 en heeft geen gevolgen voor de wijze waarop gemeenten hun tarieven mogen berekenen. Het blijft toegestaan om een redelijk deel van de rentelasten t/m 2017 mee te nemen in de kostenopstelling. De berekening van de tarieven in Brummen vindt dus voor deze investeringen nog steeds plaats via vaste rentepercentages. Leges Legesopbrengsten zijn altijd lastig in te schatten omdat vooraf niet duidelijk is hoeveel diensten en producten gevraagd gaan worden in het volgende jaar. De raming vindt dan ook plaats op basis van ervaringscijfers uit het verleden en prognoses naar de toekomst. Het uitgangspunt van onze legesverordening is dat de totale opbrengsten de totale kosten niet overstijgen (100% kostendekking). Opbrengst leges
Werkelijk 2019 Rijks- en gemeentelijke leges productgroep burgerzaken € 216.449 Leges naturalisaties € 17.303 Leges burgerlijke stand € 61.787 Leges o.b.v. de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) € 8.374 Leges omgevingsvergunningen w.o. bouwen € 495.978
Begroot nw Werkelijk 2020 2020 € 149.731 € 153.151 € 6.250 € 12.268 € 54.320 € 40.170 € 6.507 € 5.139 € 479.118 € 686.314
Begrafenisrechten Bij deze ramingen is rekening gehouden met inflatiecorrectie van 2,3%. In 2020 is een quick scan uitgevoerd op de kostendekkendheid van de begraafrechten. Opbrengst leges Werkelijk Begroot 2019 2020 Gerealiseerde c.q. te realiseren opbrengst € 89.120 € 95.584
Werkelijk 2020 € 113.516
Het kwijtscheldingsbeleid Gemeenten hebben de mogelijkheid om belastingvorderingen kwijt te schelden als belastingplichtigen niet in staat zijn te betalen. Ons gemeentelijk beleid is om geen kwijtscheldingsbeleid te voeren, maar belastingplichtigen waar nodig compenseren via het minimabeleid.
51
52
Paragraaf B – Weerstandsvermogen en Risicobeheersing
2020
Algemeen Om financiële risico’s op te kunnen vangen hebben we als gemeente een algemene reserve. Maar hoe bepalen we de risico’s? Hoe groot zou de algemene reserve moeten zijn? Hoe verhoudt de financiële positie van Brummen zich tot andere gemeenten? Deze vragen komen in deze paragraaf aan bod. Achtereenvolgens gaan we in op: A. de weerstandscapaciteit; B. de inschatting van risico’s; C. het beleid dat op de weerstandscapaciteit en de risico’s van toepassing is; D. kengetallen die iets zeggen over de financiële positie van de gemeente.
A. De weerstandscapaciteit Bij de weerstandscapaciteit gaat het om de volgende vraag: Welke mogelijkheden hebben we om lasten te dekken die zich voordoen zonder dat we daar rekening mee hebben gehouden in onze begroting. Hiervoor zijn zes mogelijkheden beschikbaar. In Brummen kijken we alleen naar de eerste vier mogelijkheden: Omschrijving Enge uitleg Ruime uitleg 1. Algemene reserve
X
X
2. Bestemmingsreserves
X
X
3. Budget Onvoorzien
X
X
4. Flexibiliteit van de begroting
X
X
5. Stille reserves (niet direct beschikbaar)
X
6. Onbenutte belastingcapaciteit (vraagt beleidswijziging)
X
1. Algemene reserve De algemene reserve per 31 december 2020 bedraagt: € 1.503.333 Deze reserve kunnen we inzetten om risico’s af te dekken en telt daarom volledig mee in de berekening van de weerstandscapaciteit. 2. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves stelt de raad in om geld te reserveren voor bepaalde doelstellingen. De raad kan in een aantal gevallen het bestedingsdoel aanpassen als dit nodig wordt geacht. In geval van nood kunnen we een onvoorziene financiële tegenvaller dus opvangen door geld uit een bestemmingsreserve te halen. Voor andere bestemmingsreserves geldt dat de raad het bestedingsdoel niet zo maar kan aanpassen. Dit betreft veelal geld van de burgers die volgens de geldende regelgeving ook alleen gebruikt mag worden voor het doel waarvoor de reserve bestemd is. We hebben in onze begroting slechts een beperkt aantal bestemmingsreserves. Deze reserves hebben we in de afgelopen jaren niet meegenomen in de berekening van de weerstandscapaciteit. We stellen voor deze lijn vast te houden. De bestemmingsreserves blijven hierdoor buiten beschouwing bij het bepalen van de weerstandscapaciteit. 3. Budget voor onvoorziene uitgaven In de begroting nemen we een bedrag op voor onvoorziene uitgaven. Bij het inzetten van dit bedrag voor onvoorziene uitgaven hanteren we een strikte begrotingsdiscipline.
Dit budget zetten we alleen in voor onderwerpen die onvoorzien, onafwendbaar en onuitstelbaar zijn. Voor 2020 is dit budget € 10.000. 4. Flexibiliteit van de begroting Zijn we in staat om ons inkomsten- en uitgavenpatroon aan te passen als een risico zich voordoet? Hoe flexibeler de begroting, hoe eenvoudiger we keuzes kunnen maken om risico’s op te vangen. Door bezuinigingen is de flexibiliteit flink afgenomen. Daarom draagt dit onderdeel in 2020 niet bij aan de weerstandscapaciteit.
53
Brummen hanteert een enge uitleg van de weerstandscapaciteit. Daarom rekenen we stille reserves en de onbenutte belastingcapaciteit niet mee. Deze enge uitleg staat in onze nota weerstandsvermogen. We lichten voor de volledigheid wel toe wat stille reserves en onbenutte belastingcapaciteit zijn. 5. Stille reserves Een stille reserve ontstaat als de actuele waarde van een bezitting hoger is dan de boekwaarde op de balans. We kunnen zo’n stille reserve te gelde maken door de bezitting te verkopen. De omvang van stille reserves in Brummen is niet inzichtelijk. 6. De onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit bestaat uit de extra structurele middelen die gegenereerd kunnen worden door de belastingen en heffingen (OZB, afvalstoffenheffing, rioolheffing en leges) te verhogen. Leges, afvalstoffenheffing en rioolheffing mogen wettelijk niet meer dan kostendekkend zijn. Op deze onderdelen is in de begroting geen sprake van onbenutte belastingcapaciteit. Voor de OZB vergelijken we de maximale belastingtarieven met de Brummense belastingtarieven. We gebruiken daarvoor de normen voor “een redelijk peil van eigen heffingen” bij het artikel 12 beleid. Deze normen staan in de circulaire Gemeentefonds. Onze onbenutte OZB capaciteit 2020 is afgerond € 1.014.000. Met andere woorden, Brummen kán de OZB inkomsten met hiervoor genoemd bedrag per jaar laten stijgen.
Samenvatting van de weerstandscapaciteit Onderdeel
Bedrag
Verwachte omvang algemene reserve per 31-12-2020
€ 1.503.333
Bijdrage vanuit bestemmingsreserves
€
0
Post onvoorzien 2020
€
10.000
Flexibiliteit van de begroting
€
0
Totale weerstandscapaciteit per 31-12-2020
€ 1.513.333
B. De risico’s De gemeente is dus in staat om voor € 1.513.333 aan risico’s op te vangen. Waaruit bestaan de risico’s? Elk jaar schatten we de risico’s opnieuw in. Dit doen we volgens een methode die staat in de nota weerstandsvermogen. Risico’s die kleiner zijn dan € 10.000 nemen we niet mee in de berekening omdat we er vanuit gaan dat we die kunnen dekken binnen de begrotingsbudgetten. Op de totale risico-inventarisatie ligt geheimhouding omdat openbaarheid hiervan de belangen van de gemeente kan schaden. Wel geven we een samenvatting van de risico’s die groter zijn dan € 100.000: Focusgebied / basistaken Ruimte voor Eerbeek / Eerbeek-Loenen 2030 /Openbare ruimte Veiligheid, toezicht en handhaving Bedrijfsvoering en financiën Bedrijfsvoering en financiën Bedrijfsvoering en financiën Overige risico’s < € 100.000 Totaal geïnventariseerde risico’s 2020
Gebeurtenis Minder rendabele grondexploitaties en contractrisico’s Grote calamiteit zoals natuurramp, treinongeluk etc. Informatievoorziening is niet beschikbaar door brand/ water/ diefstal/ crash schade Optreden van Datalek Herverdeling gemeentefonds
Bedrag € 1.905.000 €
300.000
€
100.000
€ 160.000 € 131.250 € 798.020 € 3.394.270
Vorenstaande risico inventarisatie is tot stand gekomen, mede door een actualisering van de risico’s ten opzichte van de door de raad vastgestelde risico inventarisatie in juni 2020. In deze actualisering zijn de risico’s als gevolg van de Covid-19 niet meegenomen. Dit komt omdat we de uitgaven en inkomsten voor 2020 in beeld hebben en financieel hebben vertaald in deze jaarstukken. Voor de gevolgen van Covid-19 voor 2021 en volgende jaren hebben we nog geen volledige risico-inschatting kunnen maken. Het risico dat het aantal uitkeringen toeneemt is meegenomen in het onderdeel Overige risico’s < € 100.000 omdat we er vanuit gaan we dat we hiervoor (deels) worden gecompenseerd door het Rijk. Overige Covid-19
54
risico’s die we signaleren maar op dit moment nog niet financieel kunnen vertalen zijn onder andere de achterstanden in reguliere werkzaamheden bij de GGD, maatregelen rondom ventilatie bij gemeentelijke gebouwen en scholen en meer meldingen huiselijk geweld bij Veilig Thuis.
C. Het beleid dat op de weerstandscapaciteit en de risico’s van toepassing is Hoe verhouden de weerstandscapaciteit en de risico’s zich tot elkaar? Door de weerstandscapaciteit te delen door het bedrag aan risico’s ontstaat een ratio. Als de weerstandscapaciteit precies genoeg is om alle risico’s te dekken dan is de ratio 1. Als de ratio onder de 1 zakt dan zijn de risico’s groter dan de weerstandscapaciteit. Het beleid in de raadsperiode 2018-2022 is om uit te gaan van een weerstandsratio van 1,4 tot 2. Deze ratio willen we minimaal 2 jaar achter elkaar boven de 1,4 hebben om uit te sluiten dat het een incident is. Voor eind 2020 ziet de situatie er nu als volgt uit: De weerstandscapaciteit eind 2020: € 1.513.333 Gedeeld door de risico’s: € 3.394.270 = ratio 0,45. Bovenstaand beeld is een momentopname. Nieuwe projecten, economische ontwikkelingen en investeringsbeslissingen kunnen het risicoprofiel beïnvloeden. Dit beeld actualiseren we jaarlijks.
D. Kengetallen die iets zeggen over de financiële positie van de gemeente De bedoeling van deze kengetallen is om gemakkelijker inzicht te geven in de financiële positie van de gemeente. Daarnaast kan op basis van deze kengetallen een vergelijking worden gemaakt met andere gemeenten. Eén afzonderlijk kengetal zegt niet alles. Als de kengetallen gezamenlijk echter een verontrustend beeld geven, betekent dit dat de financiële positie van een gemeente onder druk staat. De toezichthouder hanteert geen normering, maar maakt zo nodig gebruik van signaleringswaarden. Deze signaleringswaarden worden onder de kengetallen toegelicht. 1a – Netto schuldquote, exclusief verstrekte leningen Rekening Begroting Rekening 2019 2020 2020 122,7% 138,5% 103,9% De netto schuld geeft het niveau van de schuldenlast van de gemeente weer ten opzichte van de eigen middelen. Bij de netto schuldquote worden alle schulden, verminderd met de bezittingen, afgezet tegen de baten (exclusief onttrekkingen aan reserves). Provincie Gelderland geeft de volgende signaleringswaarde: • boven 130%: er is sprake van een zeer hoge schuld, • boven 100%: er is waakzaamheid geboden, • tot 100%: norm is voldoende. We zien op basis van de jaarrekening 2020 een positieve ontwikkeling van dit kengetal. Dit heeft niet zozeer te maken met een verlaging van de schuldenlast.