(092) Regionaalprogramma Energie Voorziening
Tekst van het document
59
Regionaal Programma Energievoorziening
60
Regionaal Programma Energievoorziening
06. Hoe verder vanaf nu?
61
Regionaal Programma Energievoorziening
6.1 Hoe het RPE in de praktijk te gebruiken is Ons doel voor de komende jaren is de kaders van het Regionaal Programma Energievoorziening in de praktijk te gaan gebruiken. Onze ambitie is om van papier naar praktijk te komen. Onder andere door samen met de netbeheerder en de andere partners in de energietransitie de plannen voor de energievoorziening van de toekomst verder uit te werken en te realiseren. Hoe gaan we dat doen?
Het energieperspectief helpt bij het maken van afwegingen in concrete ruimtelijke ontwikkelingsprocessen, gebiedsprocessen en samenwerkingsprojecten
Het energieperspectief ontwikkelt door
Met de inzet van het Ondersteunings- en Kenniscentrum
aandachtspunt. Ook brengt het programmateam meer
voor Energie-initiatieven (OKE) gebruiken we het
verdieping en detailniveau aan in de analyses en visie op
energieperspectief voor praktische ondersteuning. Maar
de energievoorziening van de toekomst. Daarbij wordt in
ook door de inzet van energietransitie-planologen, die zowel
beeld gebracht hoe in de regio Stedendriehoek de energie-
op gemeentelijk als op regionaal niveau direct een bijdrage
infrastructuur zijn plek krijgt in de fysieke ruimte. Dat doet de
leveren aan beleid, projecten en processen.
programma-organisatie in nauwe samenwerking met het
De energietransitie is nog volop in beweging. Daarom gaan we in regionaal verband de komende jaren verder met de ontwikkeling van het energieperspectief. In die doorontwikkeling zijn opslag en buffering een belangrijk
Rijk, de provincie en de netbeheerder en met behulp van een modelmatige aanpak. Tot slot gaan de gemeenten in de regio Stedendriehoek door met het uitwerken van hun eigen Meer informatie over het OKE vindt u in
lokale energiebeleid, op basis van het energieperspectief.
paragraaf 2.3.
Met behulp van het energieperspectief kunnen zij afwegingen en keuzes maken die zijn toegesneden op hun specifieke lokale situatie. De gemeentelijke organisatie zal tijd nodig hebben voor de omschakeling naar de energievoorziening van de toekomst en de lokale betekenis daarvan. De regio ondersteunt daarbij.
62
De energietransitie is niet alleen een technische of
Activiteiten binnen de energieregio die bijdragen aan het vergroten van bewustwording en inzetten op gedragsverandering zijn verder:
ruimtelijke opgave, maar ook een maatschappelijke. Een
netbewust bouwen, energy hubs, local4local en het
toekomstbestendige en decentrale energievoorziening
Ondersteunings- en Kenniscentrum voor Energie-initiatieven
vraagt nadrukkelijk om ander gedrag van bewoners,
(OKE).
bedrijven en overheden. Niet alleen in hoe we energie opwekken, maar ook in hoe we energie gebruiken, delen, opslaan en spreiden over de dag. Denk aan het
Regionaal Programma Energievoorziening
Bewustwording creëren bij de verschillende spelers in de energietransitie is een van de doelstellingen van het RPE
tijdig laden van elektrische auto’s, het slim aansturen van warmtepompen, of het gezamenlijk beheren van buurtbatterijen. Dit vraagt om bewustwording, om nieuwe routines en om het omarmen van innovaties die ons energiesysteem veerkrachtiger maken. Alleen met gedragsverandering kunnen we optimaal gebruikmaken van de beschikbare netcapaciteit, en voorkomen dat ons energiesysteem overbelast raakt of onnodig duur wordt.
Communicatie en aanzetten tot actie en doen, leveren een belangrijke bijdrage aan het creëren van bewustwording Hier willen wij naar de toekomst toe steviger op inzetten. Binnen de regio is afgesproken dat gemeenten in eerste instantie verantwoordelijk zijn voor de communicatie richting hun inwoners. Zij staan het dichtst bij hun inwoners en ondernemers en zijn het best in staat om aan te sluiten bij lokale vragen en zorgen. Vanuit de regio ligt er de rol om proactief verbindingen te leggen en communicatie-uitingen op te halen, te verrijken en te delen. Zo kunnen wij elkaar inspireren en elkaars goede ideeën benutten. Daarbij willen wij elkaars communicatiekanalen en die van onze partners (bijvoorbeeld van de netbeheerder en de energie coöperaties) beter benutten. Ook kan er vanuit de regio worden geborgd dat onze communicatie-uitingen: • steeds dezelfde boodschap bevatten; • een ‘call to action’ bevatten om bewustwording te creëren, door de verschillende spelers in de energietransitie (doelgroepen) passende tools en handelingsperspectieven aan te reiken.
63
Regionaal Programma Energievoorziening
6.2 Het RPE: een programma onder de Omgevingswet De Omgevingswet kent kerninstrumenten: vormen om visie, beleid, regels en maatregelen vast te leggen als basis voor vergunningverlening. Het omgevingsprogramma is zo’n kerninstrument. Vaak worden die kerninstrumenten ingezet door het Rijk, provincies of gemeenten. Maar ook regionaal kan een programma ontwikkeld worden. Het RPE is een vrijwillig programma in de zin van de Omgevingswet. Het vormt daarmee het herijkte regionale kader voor onze energievoorziening van de toekomst. Bij het vaststellen van een programma onder de Omgevingswet is het verplicht om toe te lichten hoe is afgewogen of sprake is van een PlanMER plicht en op welke wijze de participatie heeft plaatsgevonden. Voor het RPE geldt alleen een PlanMERplicht voor het onderdeel grootschalige opwekking van duurzame energie met windturbines het provinciale PlanMER Windbeleid en RES. We maken
De Omgevingswet vraagt bij een programma toelichting over de wijze waarop burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding zijn betrokken
daarbij gebruik van artikel 16.37 van de Omgevingswet.
Participatie speelt dus een belangrijke rol. De manier waarop
Daarin is het hergebruik van plan-MER’en vastgelegd.
deze verschillende stakeholders hebben bijgedragen
Daarvoor gebruiken we, zoals beschreven in paragraaf 3.5.1,
1
aan de totstandkoming van het Regionaal Programma Energievoorziening, is toegelicht in paragraaf 5.1. Bij een vrijwillig programma, zoals in dit geval, geldt geen verplichting om het ontwerp ter inzage te leggen. De regio Stedendriehoek koos ervoor dit wel te doen. Het RPE wordt na vaststelling beschikbaar gesteld in het Omgevingsloket, onderdeel van het Digitaal Stelsel Omgevingswet. 1
64
Het vastgestelde PlanMER kan worden gevonden via de volgende link
Regionaal Programma Energievoorziening
6.3 Nieuwe interbestuurlijke afspraken over de energievoorziening In navolging van het Klimaatakkoord bereiden de ministeries van KGG en BZK, het Interprovinciaal Overleg (IPO), de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Unie van Waterschappen in samenwerking met Netbeheer Nederland nieuwe interbestuurlijke afspraken voor over de samenwerking rond de energievoorziening. Met een interbestuurlijke samenwerkingsagenda gaan we op weg naar een meer samenhangende aanpak voor de energievoorziening energieprogramma’s elkaar overlapt en vaak niet
De Interbestuurlijke samenwerkingsagenda energiesysteem gaat ook gevolgen hebben voor de uitvoeringspraktijk van gemeenten, energieregio’s, waterschappen, provincies en netbeheerders
volledig dekkend is. Dat leidt op sommige plekken tot
Die gaan namelijk op een andere manier door de
ambtelijke of bestuurlijke drukte. De ‘Interbestuurlijke
rijksoverheid ondersteund worden. Per 1 januari 2026
samenwerkingsagenda energiesysteem’ geeft in grote lijnen
is er voor de interbestuurlijke ontwikkeling van het
aan hoe betrokken partijen samen willen optrekken op weg
energiesysteem het Nationaal Programma Energiesysteem
naar een energievoorziening die in 2050 klimaatneutraal is
(NP ES). Daarvoor worden drie nationale programma’s
en voor iedereen, betrouwbaar, betaalbaar en rechtvaardig.
samengevoegd: de Regionale Energiestrategie
Doel is om via provincies, gemeenten, waterschappen -en
(NPRES) en Lokale Warmtetransitie (NP LW) en het
met ondersteuning van regio’s- de energietransitie beter te
Samenwerkingsprogramma Integraal Programmeren van het
begeleiden.
Energiesysteem (SP IPE).
Dat doen we omdat de ondersteuning vanuit landelijke
65
Regionaal Programma Energievoorziening
Samenwerking op basis van gelijkwaardigheid bepaalt of de energietransitie een succes wordt of niet Daarom blijft ook de informele samenwerking tussen alle overheidslagen en met de samenleving belangrijk. De energievoorziening vormt een samenhangend systeem en is niet op te knippen. Geen van de partijen is daarom alleen in staat om projecten te realiseren. Hoe de precieze decentrale governance eruit ziet en hoe provincies, regio’s en gemeenten zich tot elkaar verhouden, wordt in de loop van 2025 verder uitgewerkt. Als regio hebben we onze ideeën voor het RPE besproken met NPRES en haar opdrachtgevers (de ministeries van KGG en BZK, het IPO, de VNG, de Unie van Waterschappen en Netbeheer Nederland) tijdens het bestuurlijke voortgangsgesprek van 2024. De regionale plannen werden positief ontvangen en passen goed bij de doelen van de interbestuurlijke samenwerkingsagenda. Daarom hebben wij er vertrouwen in dat ons RPE goed zal werken in de toekomstige samenwerking op het gebied van de energievoorziening.
66
Regionaal Programma Energievoorziening
6.4 Nieuwe wetgeving die de energietransitie ondersteunt en de invloed van gemeenten vergroot De Omgevingswet, de nieuwe Energiewet, de Wet collectieve warmtevoorziening en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie ondersteunen de energietransitie en geven gemeenten hierin een belangrijke rol. Zowel ruimtelijk, als op gebied van betaalbaarheid en energiearmoedebestrijding. De Omgevingswet ondersteunt de energietransitie op verschillende manieren Zo moeten procedurele versnellingen in de Omgevingswet
Nieuwe wetgeving geeft gemeenten instrumenten en bevoegdheden ter ondersteuning van de warmtetransitie
zorgen voor een versnelde energietransitie. En de
Bijvoorbeeld de Wet collectieve warmte (Wcw) en de
verschillende instrumenten van de Omgevingswet
Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw).
bieden overheden handvatten om de energietransitie
Onderdelen van die nieuwe wet- en regelgeving zijn
vorm te geven. In de omgevingsvisie staat bijvoorbeeld
onlosmakelijk verbonden met de Omgevingswet. Beide
het langetermijnbeleid over energie. Dat kan via het
nieuwe wetten treden waarschijnlijk per 1 januari 2026 in
omgevingsprogramma geconcretiseerd worden. In het
werking.
omgevingsplan of de omgevingsverordening werken overheden de regels voor de energietransitie in hun grondgebied uit. Tot slot hebben overheden de mogelijkheid om omgevingsvergunning-processen voor energieprojecten
Meer informatie over de Omgevingswet,
te versnellen.
de Energiewet en de warmtewetgeving
De Energiewet past beter bij het energiesysteem van de toekomst
vindt u in bijlage 4.
Er komt meer ruimte om het energiesysteem decentraler te maken. Ook verschuift in de Energiewet het bevoegd gezag voor windprojecten tussen de 5 en 15 MW (megawatt) van de provincie naar de gemeente. Daarmee krijgen gemeenten ook juridisch meer mogelijkheden om hun regierol in te vullen.
67
Regionaal Programma Energievoorziening
6.5 Tot slot: doorzetten, samenwerken en houvast creëren Met het RPE kiezen we voor een duidelijke richting
nemen al in aantal en omvang toe en zullen de komende
naar een klimaatneutrale, betrouwbare en betaalbare
jaren sneller groeien door nationale regels en (prijs)prikkels.
energievoorziening. De hoeveelheid duurzame elektriciteit
Om al die veranderingen te ondersteunen en goed te
is de laatste vier jaar zo sterk toegenomen dat de bestaande
begeleiden, is belangrijk dat we nog meer, in samenwerking,
elektriciteitsnetten onder grote druk staan. Alleen de
kennis en processen ontwikkelen. Zo werken we aan een
netten verzwaren is duur en lost dit probleem niet op.
sterke basis van vertrouwen. Hoe eerder en beter we erin
Naast netverzwaring moeten we kiezen voor andere
slagen om de volgende fase in de energietransitie een plek
vormen van energieopwekking dan alleen zonne-energie.
te geven in regionale en lokale ruimtelijke procedures en
Ook zijn opslag, vraagsturing en het zo lokaal mogelijk
plannen, hoe meer houvast we elkaar bieden.
samenbrengen van vraag en aanbod van energie nodig in het lokale energiesysteem. Deze belangrijke aanvullingen
Heeft u na het lezen van het RPE nog vragen? U kunt ze stellen via energie@regiostedendriehoek.nl.
HEERDE
LOKAAL ENERGIE-INITIATIEF
Heerde op Rozen: collectieve zonne-energie
68
In het project Heerde op Rozen legt energiecoöperatie
Coöperatieve Energieopwekking. Er zijn al drie daken
Heerde Energiek zonnesystemen op grote daken
met 800 zonnepanelen in gebruik, met een rendement
en maakt daarbij gebruik van de subsidieregeling
van 5% voor de deelnemers.
Regionaal Programma Energievoorziening
Bijlagen
69
Regionaal Programma Energievoorziening
Bijlage 01
Handreiking bij het energieperspectief Nuttige informatie over energietechnologieën
Inleiding en leeswijzer Deze handreiking bestaat uit een overzicht van energiebronnen, energiedragers en mogelijkheden voor de opslag van energie. Om te gebruiken als u met het energieperspectief in de hand gaat (mee)bouwen aan de energievoorziening van de toekomst. Het energieperspectief wordt beschreven in hoofdstuk 3 van de het Regionaal Programma Energievoorziening (RPE).
70
In de energievoorziening van de toekomst hebben we
hebben. Hieronder werken we twee voorbeelden uit van situaties waarin afwegingen en keuzes moeten worden gemaakt om tot een betaalbare, betrouwbare en duurzame energievoorziening te komen.
verschillende energiebronnen nodig. De bekendste bronnen
kernenergie en diepe aardwarmte, ook wel geothermie
Betrouwbare energievoorziening door combineren van zonne-energie met opslag en andere bronnen
genoemd. Omgevingsenergie is warmte en koude uit lucht,
Stel dat duurzame elektriciteit in uw gemeente, project
water en ondiepe ondergrond. Al deze bronnen zijn in
of werkgebied op dit moment vooral opgewekt wordt
principe onuitputtelijk.
met zonnepanelen. En u realiseert zich dat er meer
die we lokaal tot onze beschikking hebben, zijn de zon en de wind. Daarnaast kennen we ook omgevingsenergie,
Regionaal Programma Energievoorziening
De energievoorziening van de toekomst
nodig is om te zorgen dat uzelf of uw inwoners het hele Om gebruik te kunnen maken van de bronnen, zetten we de
jaar door energie kunnen gebruiken. Dan laat deze
energie uit die bronnen om in energiedragers. Elektriciteit
handreiking u zien welke mogelijkheden er zijn voor
is een voorbeeld van een energiedrager. Deze vormt de
de opslag van energie, bijvoorbeeld met behulp van
ruggengraat van de energievoorziening van de toekomst.
batterijen of grote warmtebuffers. Vervolgens moet nog
Naast elektriciteit kennen we energiedragers als waterstof
een oplossing gevonden worden voor het opwekken van
en biogas, vaste biomassa (hout), batterijen, en warmte- en
elektriciteit in koude en grijze periodes. De handreiking
koudebuffers, zoals bijvoorbeeld het water in een buffervat
schetst mogelijkheden voor deze situatie. Bijvoorbeeld
of in de grond. In het oude systeem vervulden fossiele
de toevoeging van een energiebron in de vorm van
brandstoffen de rol van belangrijkste energiedrager. Die zijn
windturbines of kleine regelbare elektriciteitscentrales.
in dat opzicht heel praktisch. In een liter olie zit bijvoorbeeld
Tot slot laat de handreiking zien dat inzetten op isolatie en
veel energie, die gemakkelijk opgeslagen kan worden en die
ventilatie altijd een goed idee is.
goed om te zetten is in warmte of beweging.
De belangrijkste kenmerken onder elkaar
Betaalbare elektriciteit uit verschillende bronnen
In het totaal behandelt deze handreiking 15 technologieën.
Ook krijgt u een idee van de kosten van elektriciteit die
Van alle technologieën beschrijft de handreiking de manier
wordt opgewekt met verschillende bronnen. En van de
waarop ze ingezet kunnen worden en wat anno 2025
investeringen die nodig zijn om deze opwekking mogelijk
de kosten en de opbrengsten zijn. Zodat u, vanuit uw
te maken. De handreiking laat zien dat elektriciteit
eigen rol, kunt afwegen wat wel of niet bruikbaar is in de
opwekken met zonne-energie of windenergie tot een
energievoorziening binnen uw gemeente of werkgebied.
stabiel kostenniveau leidt dat lager ligt dan de prijs
Daarmee is deze bijlage is niet uitputtend en ook niet bij
die energieleveranciers nu vragen. Om constant te
elke bron, drager of techniek even diepgaand. Zo vindt
kunnen beschikken over elektriciteit uit zonne-energie
u bijvoorbeeld bij de beschrijving van zonne-energie en
en windenergie is ook opslag nodig. Doordat batterijen
windenergie ook de regels die voor het gebruik van deze
steeds goedkoper en beter worden, blijft elektriciteit
technologieën gelden en bij de overige beschrijvingen
waarschijnlijk in de toekomst nog steeds goed betaalbaar.
niet. Een ander belangrijk aspect van de toekomstige
Zelfs al wordt de opgewekte elektriciteit voor een deel
energievoorziening dat in deze handreiking niet is
eerst opgeslagen voordat hij wordt gebruikt. Gebruiken
uitgewerkt, is hoe vraagsturing en flexibel energiegebruik
we een warmtepomp om omgevingswarmte te benutten,
precies vorm gaan krijgen. Wat deze handreiking wél biedt, is
dan kunnen we op die manier met betaalbare elektriciteit
een duidelijk overzicht met de belangrijkste kenmerken van
zeer efficiënt verwarmen en koelen. Zo’n warmtepomp gaat
elke technologie.
lang mee, maar de aanschafkosten zijn veel hoger dan die van een cv-ketel. Woningbouwcorporaties spelen hierop
Combinaties en afwegingen Zoals ook is te lezen in het hoofddocument, is het
in door de investeringskosten van een warmtepomp te verwerken in een iets hogere huurprijs, die weer ruim wordt gecompenseerd door de lagere energiekosten. Daarnaast kunnen warmtepompen in de toekomst waarschijnlijk ook worden gehuurd, net als cv-ketels nu.
vormgeven van de energievoorziening van de toekomst geen eenvoudige puzzel. Dit komt omdat de verschillende
Zo werken we samen aan een betaalbare, betrouwbare en
energietechnologieën allemaal hun specifieke kenmerken
duurzame energievoorziening. 71
Regionaal Programma Energievoorziening
Inhoudsopgave Energiebronnen
73
Zonnepanelen
73
Windenergie
73
Kernenergie
74
Diepe Geothermie
75
Omgevingsenergie/restenergie
75
Elektriciteit
75
Waterstof
76
Biogas/groen gas
76
Overige biobrandstoffen
77
Energieopslag en energieomzetting
72
78
Batterijen
78
Thermische buffers
78
Ondiepe geothermie, zoals warmte-koudeopslag
79
Warmtepomp
79
Luchtdruk
80
Isolatie en ventilatie
80
Zon-thermische en PV-T panelen Rendement, investeringen en kosten
Zonnepanelen
• Zon-thermische panelen worden in Nederland niet
Meer dan 98% van duurzame elektriciteitsopwekking in de
veel gebruikt. Ze zijn vooral geschikt om in de zomer
Regio Stedendriehoek komt in 2024 van zonnepanelen. Er
kraanwater mee te verwarmen.
zijn 3 soorten zonnepanelen: 1. PV-panelen maken elektriciteit van zonlicht. 2. Zon-thermische panelen maken warm water van zonlicht. 3. PV-T panelen maken zowel elektriciteit als warmte.
• Het economisch rendement van zon-thermische panelen is in Nederland laag, omdat we daarvoor te weinig zonlicht hebben. • PV-T panelen zijn een nieuwe technologie en nog vrij
Hieronder behandelen we eerst PV-panelen. Daarna komen
duur. Een volledige installatie met warmtepomp kost al
zon-thermische en PV-T panelen aan de beurt.
snel vijftien tot dertigduizend euro.
Regionaal Programma Energievoorziening
Energiebronnen
• Vergeleken met alleen PV-panelen, kun je met PV-T
PV-panelen Rendement, investeringen en kosten • PV-panelen maken elektriciteit van zonlicht met een rendement van ongeveer 20%. • Ze zijn goedkoop, kosten 5-8 cent per kWh, en zijn
panelen 4-7 keer meer energie per vierkante meter opwekken, ook in de winter. • In de regio Stedendriehoek zou zonthermie gebruikt kunnen worden als grootschalige toepassing bij warmtenetten in combinatie met thermische buffers.
makkelijk te installeren en te verwijderen. • In Nederland wekken PV-panelen binnen een jaar de energie op die het gekost heeft om hen te maken, te plaatsen en te recyclen. Ze gaan meer dan 25 jaar mee. • PV-panelen zijn al heel efficiënt en worden steeds beter: lichter, goedkoper en met meer opbrengst. • In de zomer maken PV-panelen vaak teveel energie en in de winter te weinig. Dit maakt het moeilijk om met grote zonnevelden op daken en op land aan onze energievraag
Overige kenmerken • Met een PV-T paneel en een stille water-water warmtepomp kun je efficiënt verwarmen en een beetje koelen. • PV-T panelen moeten dicht bij de plek waar warmte nodig is worden geïnstalleerd, bijvoorbeeld op een dak of een veldje dicht bij een wijk. • Een PVT-installatie kan makkelijk worden verwijderd.
te voldoen. Er zijn wel kansen als het opwekken lokaal
Daarna ziet het landschap of dak er weer uit zoals voor de
wordt gecombineerd met afname en opslag.
installatie.
Overige kenmerken • PV-panelen maken in de zomer 10 keer meer energie dan
Windenergie
in de winter. De combinatie van batterijopslag en PV is
• Windturbines maken elektriciteit van wind.
vooral tussen maart en september nuttig.
• Waar al veel zonnepanelen zijn, kan eenzelfde vermogen
• Het recyclen van PV-panelen is om verschillende redenen uitdagend en staat nog in de kinderschoenen. • Halffabricaten en panelen zelf worden vooral geproduceerd in China. Bij geopolitieke beweging kan dat
aan windenergie worden toegevoegd zonder extra belasting van het elektriciteitsnet. • In 2024 komt minder dan 2% van de duurzame elektriciteit in de Regio Stedendriehoek uit windenergie.
een risico opleveren. • Een PV-installatie kan makkelijk worden verwijderd. Daarna ziet het landschap of dak er weer uit zoals voor de installatie.
Rendement-investeringen-kosten • Energie die is opgewekt door grote windturbines is goedkoop en kost in 2025 rond de 5-11 cent per KWh. Dit is afhankelijk van de locatie en eigenschappen van de
Spelregels • Voor de plaatsing van PV-panelen geldt de voorkeursvolgorde zon. Dit staat in Artikel 5.90 van de omgevingsverordening van provincie Gelderland.
turbine. • Windturbines wekken in 5-8 maanden de energie op die het kost om ze te maken, plaatsen en verwijderen; ze gaan 25 jaar mee. • In Oost-Nederland waait het minder hard dan in het westen. Om hetzelfde rendement te halen als turbines in het westen, moeten windturbines hier hoger zijn of moeten er meer geplaatst worden.
73
Regionaal Programma Energievoorziening
Overige kenmerken
Kernenergie
• Windturbines leveren ook ‘s nachts en in de winter
• Bij kernsplijting ontstaat veel warmte die met een
stroom en vullen zonne-energie goed aan. De waarde van windstroom is daardoor in de toekomst waarschijnlijk hoger dan die van zonnestroom. • Windturbines op land gebruiken drie keer efficiënter de netcapaciteit dan zonnepanelen. • 90% van de windturbines wordt al gerecycled, maar de bladen zijn lastig te recyclen.
stoomturbine wordt omgezet in elektriciteit. • Het elektriciteitsnet moet geschikt zijn voor kernenergie. Kernenergie heeft, net als zonne- en windenergie, een lage CO2-uitstoot. • Nederland bereidt de bouw van 2-4 grote kerncentrales voor. Deze kunnen tussen 2040 en 2045 in 5-10% van de Nederlandse elektriciteitsbehoefte voorzien.
• Als een windturbine aan het einde van zijn levensduur
De provincie Gelderland onderzoekt de mogelijkheden
wordt afgebroken, is het landschap snel weer zoals
voor kleine kerncentrales, de zogenaamde Small Modular
het was. Wel wordt er soms voor gekozen om de
Reactors (SMR’s).
funderingspalen niet helemaal te verwijderen. • Windturbines roepen veel weerstand op vanwege de effecten op de fysieke leefomgeving
Rendement-investeringen-kosten • De variabele kosten van kernenergie zijn laag, maar hoger
• Door lange vergunningstrajecten en rechtszaken duurt
dan die van wind en zon. De investeringskosten voor een
het lang voordat windprojecten gerealiseerd worden.
kerncentrale zijn hoog en private financiering is moeilijk. Maar ze gaan wel 60 jaar mee.
Spelregels
• Kerncentrales moeten concurreren met zonne- en
• Er worden nieuwe landelijke milieunormen voor het
windenergie, wat financiering lastig maakt.
opwekken van windenergie op land ontwikkeld, die
• SMR’s worden in fabrieken gemaakt en zouden
waarschijnlijk in 2026 gaan gelden. • De provincie Gelderland onderzoekt de milieueffecten van windenergie: het PlanMER Windbeleid en RES. De
goedkoper moeten zijn dan grote kerncentrales. Maar omdat ze buiten Rusland en China nog niet gebouwd zijn, is dat een aanname die nog niet getoetst is.
regionale aanvulling is (mede) door de Energieregio Stedendriehoek gedaan. Het is een feitelijk, onafhankelijk
Overige kenmerken
onderzoek; politieke en maatschappelijke opvattingen
• Kerncentrales produceren veel restwarmte (67% van de
zijn er geen onderdeel van. Dit onderzoek helpt bij het
totale productie), die nuttig gebruikt kan worden.
maken van ruimtelijke keuzes. Het PlanMER wordt naar
• SMR’s bieden zekere mate van flexibiliteit in het
verwachting op 15 juli 2025 vastgesteld. • Op de Veluwe broedt de wespendief, een roofvogel die wettelijk beschermd is. Daarom is het in een zone van
energiesysteem. De meeste ontwerpen zijn in enkele uren op- en af te regelen tussen 50% en 100% van hun ontwerpvermogen.
1 km rondom de Veluwe niet toegestaan windenergie
• SMR’s zijn veilig; de kans op ongelukken is klein.
op te wekken. Daarbuiten ligt een ring tot 8 kilometer,
• SMR’s produceren radioactief afval dat veilig kan worden
waarin op dit moment zeer strenge voorwaarden gelden. In de ‘Aanvulling Beleidslijn Windenergie op en rondom de Veluwe’ beschrijft de provincie Gelderland wat de regels zijn voor windenergie in dit gebied. Er lopen twee onderzoeken naar manieren waarop windturbines in dit gebied toch zo effectief mogelijk gebruikt kunnen worden. Het beleid van de provincie wordt aangepast op basis van de uitkomsten.
opgeslagen. Tot nu toe heeft Nederland daar slechts tijdelijke voorzieningen voor. • Als een SMR na 40 tot 60 jaar aan het einde van zijn leven is, kost ontmanteling tientallen jaren en veel geld. • Kernenergie heeft uranium nodig, dat geïmporteerd moet worden. Dat creëert afhankelijkheid van andere landen. • Ook een SMR heeft relatief veel ruimte nodig, net als een grotere kerncentrale. In een studie van de provincie Gelderland houdt men rekening met minimaal 10 hectare voor de veiligheidszone van een SMR. • Bij een ongeluk wordt een groot gebied lang onbruikbaar. • Kerncentrales hebben veel koelwater nodig, waarin in onze regio alleen de IJssel kan voorzien.
74
Omgevingsenergie/restenergie
Diepe geothermie haalt warmte uit de ondergrond (500-
In lucht, oppervlaktewater, grondwater, rioolwater en
5.000 meter diep). Deze warmte komt van radioactief verval
industriële restwarmte zit veel bruikbare energie.
van elementen diep in de aarde. Rendement-investeringen-kosten Rendement-investeringen-kosten • Investering in warmte uit geothermie is alleen interessant als de bron continu wordt gebruikt. • De geothermiesector denkt dat de kosten nog flink omlaag kunnen. • Een geothermieproject kost veel geld (ongeveer €30 miljoen per bron) en vraagt veel kennis. • Een geothermieproject kan een grote hoeveelheid
• Met een warmtepomp en gratis omgevingsenergie kun je met 1 kWh elektriciteit 3-8 kWh warmte in een gebouw krijgen. Omgevingsenergie kan afkomstig zijn uit de lucht, uit water of uit de bodem. • Daarmee kan wel 80% van de energie voor verwarming
Regionaal Programma Energievoorziening
Diepe Geothermie
van gebouwen uit gratis omgevingsenergie komen. • Een warmtepomp is duurder in aanschaf dan een cv-ketel.
woningen van warmte voorzien. • Voor geothermiebronnen is relatief weinig oppervlakte benodigd. Ondergronds is wel veel ruimte nodig. • Omdat er in onze regio weinig naar olie en gas is gezocht, is er weinig informatie over geschikte locaties voor geothermie. • De informatie die er wel is, laat niet duidelijk zien of onze regio goede locaties heeft.
Overige kenmerken • Je kunt omgevingsenergie en warmtepompen individueel (per huis) of collectief (warmtenet) gebruiken. • Voor efficiëntie moet de temperatuur van het water dat een warmtepomp verwarmt zo laag mogelijk zijn. Daarom heb je goed geïsoleerde gebouwen nodig (energielabel C of hoger). • Je hebt nog steeds elektriciteit nodig, vooral in koude
Overige kenmerken • De warmte die van 2000 meter diepte gehaald kan
periodes als zonnepanelen minder opleveren. • Zie ook de aparte paragraaf over warmtepompen.
worden, is 60-90 graden °C (geschikt voor verwarming). • De warmte die van 5000 meter diepte gehaald kan worden, is 130-230 graden °C (geschikt voor industrie en
Elektriciteit
elektriciteitsproductie).
• 1 kWh elektrische energie is ongeveer gelijk aan het
• Nederland heeft ervaring met diepe geothermie tot 3000 meter, maar niet met ultra diepe geothermie (3500-5000 meter). • Data en leveringszekerheid zijn belangrijk voor de
duwen van een auto over een afstand van 10 kilometer. • Als we het goed organiseren, kunnen we genoeg elektriciteit uit zon en wind produceren, zonder dat het al te veel ruimte kost.
verzekering en financiering van een project. • Geothermie is bruikbaar als constante energievoorziening waarmee aan de basisvraag naar warmte voldaan kan
Rendement-investeringen-kosten • Elektriciteit is de energiedrager die gemakkelijke en
worden. Technisch en economisch is een voorwaarde dat
efficiënt kan worden omgezet in mechanische kracht,
een bron dan wel dag in dag uit gebruikt wordt.
beweging, warmte of koude. Bij die omzetting gaat minder
• Alternatieve oplossingen voor de seizoensgebonden vraag naar warmte kunnen goedkoper en haalbaarder zijn.
energie verloren, dan bij de omzetting van aardgas of kolen. • Elektriciteit geproduceerd door zonnepanelen en windturbines is goedkoper dan elektriciteit uit kolen, aardgas of kernenergie • We kunnen in Nederland betaalbaar elektriciteit opwekken uit lokale bronnen: in geval van zonne-energie en windenergie zijn de kosten 5-10 cent per kWh. Overige kenmerken • Elektrificatie van ons energiesysteem zorgt voor meer efficiëntie en daardoor voor veel minder energieverbruik dan het huidige systeem. De huidige infrastructuur moet wel worden aangepast om de snelle elektrificatie aan te kunnen. 75
Regionaal Programma Energievoorziening
• We kunnen elektriciteit met veel minder milieu-impact produceren, dan de energieproductie in onze huidige energievoorziening. • De hoeveelheid opgewekte elektriciteit hangt af van
Rendement-investeringen-kosten • De productie en het gebruik van waterstof zijn niet erg efficiënt: bij de omzetting van elektriciteit naar waterstof gaat ongeveer 30% van de energie verloren. Bij het
het weer en het seizoen. Daarom heeft een duurzaam
opnieuw omzetten van waterstof naar elektriciteit, is het
energiesysteem veel opslagcapaciteit nodig.
verlies nog eens 30%. Alleen als de warmte die bij de
• In een donkere, windstille winterperiode is de
omzetting vrijkomt nuttig gebruikt worden, wordt dat
energievraag groot en wordt er met zon en wind weinig energie opgewekt. Deze periode wordt de dunkelflaute
verlies minder. • De productie van waterstof is nu nog erg kostbaar en niet
genoemd en bedraagt een paar honderd uur per jaar.
competitief zonder veel subsidie.
Grote en kleine back-up centrales met waterstof kunnen
• Waterstoftechnologie heeft wel veel
hiervoor een oplossing zijn • De opslag van elektriciteit is duurder dan de opslag van fossiele brandstoffen. Het kan maar tijdelijk opgeslagen
ontwikkelmogelijkheden. De omzetting kan nog efficiënter en de kosten van productie en opslag dalen. Hoe snel dat zal gaan, is onduidelijk.
worden, terwijl fossiele brandstoffen of duurzame gassen gewoon in de opslag blijven zitten tot je ze nodig
Overige kenmerken
hebt. Omzetten naar chemische verbindingen (accu’s/
• Waterstof kan in grote hoeveelheden worden opgeslagen
batterijen) kan wel, maar vraagt ruimte en aandacht voor
in zoutcavernes. Dat zijn holle ruimtes in zoutlagen,
veiligheid.
diep onder de grond, waar in het verleden zout uit is
• Elektriciteit is minder makkelijk in grote hoeveelheden te transporteren dan olie of aardgas. Elektrische (transport) systemen hebben bij gelijke kosten minder capaciteit dan bijvoorbeeld pijpleidingen voor olie of gas. Elektriciteitsnetten zijn bovendien complex. Ze zijn
mogelijkheden tot opslag. • De bestaande aardgasinfrastructuur kan deels voor waterstof worden gebruikt. • De ontwikkeling van grootschalige infrastructuur voor
verdeeld naar verschillende spanningsniveaus en hebben
waterstof gaat trager dan verwacht, omdat onduidelijk
steeds meer aangesloten partijen die invloed hebben op
is hoe groot de vraag naar waterstof zal zijn. Er komen
het systeem..
steeds betere elektrische alternatieven.
Waterstof
Biogas/groen gas
• In een duurzaam energiesysteem wordt, met behulp van
• Biogas kan worden gemaakt van organisch afval; vaak
een electrolyser, waterstof gemaakt van hernieuwbare
dierlijke mest, maar ook zuiveringsslib of plantaardig
elektriciteit en water.
materiaal.
• Waterstof kan met een brandstofcel weer worden omgezet in elektriciteit, water en warmte. • Technologieën voor het omzetten en opslaan van
• Als biogas wordt opgewaardeerd naar groen gas (aardgaskwaliteit), kan het via het aardgasnet worden getransporteerd en worden toegepast in bestaande
waterstof kunnen nog veel verder doorontwikkeld
gasverbrandingstoestellen. Voor het directe gebruik van
worden. De omzettingen zorgen op dit moment nog voor
biogas zijn aanpassingen aan verbrandingstoestellen
relatief veel energieverlies.
noodzakelijk.
• In Nederlandse energiescenario’s wordt een aandeel van 14%-29% voor waterstof voorzien.
• Groen gas kan ook goed worden opgeslagen in opslagfaciliteiten voor aardgas.
• In de regio Stedendriehoek zal het aandeel van waterstof
• In Nederlandse energiescenario’s wordt voor alle
waarschijnlijk kleiner zijn dan het landelijke aandeel.
biobrandstoffen samen een aandeel van 4%-13%
Waterstof is vooral toepasbaar in de chemische en zware industrie (waar hoge temperaturen noodzakelijk zijn) en als back-up voor elektriciteitscentrales. Deze toepassingen zijn beperkt in de Stedendriehoek.
76
gewonnen. Ook lege gasvelden bieden misschien
voorzien. • Omdat we in onze regio relatief veel veeteelt hebben, kunnen we boven het landelijke gemiddelde uitkomen.
Overige biobrandstoffen
• Groen gas is waardevol als zon en wind weinig energie
• Overige biobrandstoffen zijn bijvoorbeeld hout, bio-
leveren of als er veel piekvermogen nodig is. Dit vraagt om een goede inpassing in de energievoorziening en om langetermijncontracten. • Het is complex om een haalbaar en financierbaar project
propaan en biodiesel. • In Nederlandse energiescenario’s wordt voor alle biobrandstoffen samen een aandeel van 4%-13% voorzien.
voor groen gas te realiseren. Er is veel samenwerking voor nodig en partijen moeten bereid zijn om voor de
Rendement-investeringen-kosten
lange termijn afspraken te maken.
• In een lokaal duurzaam energiesysteem kunnen deze brandstoffen toegevoegde waarde hebben als zon en
Overige kenmerken • Biogas zelf is niet erg schoon. Het bestaat voor 6065% uit methaan, 33-38% kooldioxide en bevat ook waterstofsulfide, ammoniak en sporenelementen. Daar
Regionaal Programma Energievoorziening
Rendement-investeringen-kosten
wind weinig energie leveren en er veel vraag is naar energie, vooral naar warmte. • Deze brandstoffen zijn maar beperkt beschikbaar in verhouding tot de totale energievraag.
waar biogas wordt gewonnen uit mest wordt een directe uitstoot van deze componenten vanuit de stal naar de
Overige kenmerken
buitenlucht gecontroleerd afgevangen
• Soms zijn deze brandstoffen lokaal beschikbaar.
• De productie van biogas kan decentraal (productie op een boerenbedrijf) of centraal plaatsvinden. Om biogas rendabel om te zetten naar groen gas, is een
• Vaak zijn deze brandstoffen makkelijk te gebruiken. • Deze brandstoffen zijn een praktische vorm van lokale, lang houdbare energieopslag.
bepaalde schaalgrootte nodig. Dit betekent dat de
• Het gebruik van deze brandstoffen zorgt vaak voor lokale
mest van meerdere boerenbedrijven gebruikt wordt.
uitstoot van schadelijke stoffen. Daarom wil je ze eigenlijk
Decentrale mestvergisting vraagt om een lokaal
alleen in pieksituaties gebruiken.
distributienetwerk, waarmee het biogas naar de
• Er komen steeds meer hoogwaardige toepassingen voor
centrale opwaardeerinstallatie wordt gebracht. Centrale
biomassa-reststromen, dus de beschikbaarheid voor
mestvergisting brengt veel transportbewegingen van
verbranding is op termijn onzeker.
mest met zich mee. • Hoe de vraag en het aanbod van biogas zich gaan ontwikkelen is onzeker. Dat maakt de financiering van biogasprojecten moeilijk. Aan de aanbodkant heeft dit te maken met de onzekere toekomst voor veeteeltbedrijven. En bij het gebruik van biogas is het hele jaar door vraag nodig (of grootschalige opslag voor pieken in het verbruik) omdat er continu aanbod is. De hoge temperaturenindustrie zou die vraag kunnen leveren.
77
Regionaal Programma Energievoorziening
Energieopslag en energieomzetting
Rendement-investeringen-kosten • Batterijtechnologie verbetert snel: meer dan 90% kostendaling sinds 2010.
Centrales voor het regelbaar opwekken van elektriciteit en warmte
• Batterijen gaan steeds langer mee en verliezen steeds
• In periodes van meerdere koude dagen met weinig zon
• De kosten van opslag in een batterij zijn gedaald van
minder energie (5-20% per cyclus).
en wind hebben we alternatieven en aanvulling nodig.
meer dan €1/kWh in 2010 naar €0,07-€0,15/kWh in 2024.
Batterijen zijn minder geschikt voor dit soort langere
De verwachting is dat het in 2030 uitkomt op ongeveer
periodes. We zoeken dan naar het regelbaar opwekken
€0,02-€0,05/kWh.
van elektriciteit en warmte, als een soort noodvoorziening. • Elektriciteit uit grote back-upcentrales op waterstof zijn een optie. Die zitten in de nationale plannen, maar daarbij
• Batterijen zijn gemaakt voor duizenden cycli en alleen dan wegen de kosten op tegen de opbrengsten. Ze zijn daarom niet geschikt voor seizoensopslag.
is netcapaciteit wel een uitdaging. • Kleine lokale centrales die elektriciteit en warmte produceren zijn ook aantrekkelijk, omdat je dan restwarmte kunt benutten. Ze kennen ook minder netproblemen omdat ze dicht bij de vraag staan. Voorlopig kan aardgas als brandstof gebruikt worden en in de toekomst wellicht een duurzaam gas. • De uitstoot van dit soort noodvoorzieningen is laag, omdat ze maximaal een paar weken per jaar draaien.
Overige kenmerken • Batterijen kunnen bij de juiste prijsprikkels en regels helpen om netcongestie te verminderen. • Bij verkeerde prijsprikkels kunnen batterijen netcongestie vergroten. • Batterijen worden onderdeel van de energievoorziening waar korte cycli (tot enkele dagen) nodig zijn. • Elektrische voertuigen kunnen ook een rol spelen in de energievoorziening door ze te gebruiken als rijdende
Rendement-investeringen-kosten • Het regelbaar opwekken van elektriciteit en warmte is duur, omdat die centrales maar weinig draaien. • Ten opzichte van de totale kosten van onze
batterijen. • De energiedichtheid van batterijen is nog steeds 20-40 keer minder dan die van veel brandstoffen. • Batterijen nemen ruimte in, die vaak ook nog moet
energievoorziening is het echter maar een paar procent.
voldoen aan eisen op het vlak van temperatuur, ventilatie
• We hebben dit type zekerheid wel nodig. Daarom moeten
en vocht. Hoe meer de batterijen worden gebruikt, hoe
er (landelijke) afspraken komen, die ervoor zorgen dat de
hoger de eisen waar de ruimte aan moet voldoen. En dus
kosten door alle deelnemers aan de energievoorziening gezamenlijk gedragen worden.
hoe moeilijker om een geschikte plek te vinden. • Batterijen brengen veiligheidsrisico’s met zich mee, zoals elke vorm van energieopslag.
Overige kenmerken • Kleine centrales om regelbaar elektriciteit op te wekken, kunnen helpen om lokaal de netcongestie te verminderen • Lokaal kan op deze manier elektriciteit opgewekt worden met kleine (nood)stroomvoorzieningen, die er toch al
• Batterijen vragen om grondstoffen die ongelijk zijn verdeeld over de wereld. Dat roept vragen op over duurzaamheid en afhankelijkheid. • Wereldwijd wordt op dit moment nog maar 5-10% van de batterijen gerecycled. Dit percentage stijgt wel.
staan en die je gezamenlijk slim aanstuurt.
Batterijen • Elektriciteitsopslag wordt soms de heilige graal van het nieuwe energiesysteem genoemd. • Eigenlijk moeten we spreken over accu’s in plaats van batterijen.
Thermische buffers Thermische buffers zijn technologieën om warmte of koude op te slaan. Er zijn veel mogelijkheden. Denk aan de combinatie met een warmtepomp, waarbij je warmte voor één tot enkele dagen opslaat in een buffervat thuis. De opwarming van het water in het buffervat doe je dan in de uren dat elektriciteit goedkoop is. Rendement-investeringen-kosten • Thermische buffers zijn goedkoper dan batterijen. Bij de eerste liggen de kosten op ongeveer €20-€40 per kWh opslagcapaciteit, bij de tweede op ongeveer €100-€400 per kWh opslagcapaciteit. Ze zijn ook interessant met minder gebruikscycli.
78
Overige kenmerken
• De technologie is eenvoudig en meestal goed in te
• Ondiepe geothermie werkt met lage temperaturen, maar
passen in bestaande verwarmingssystemen thuis.
je kunt toch veel energie opslaan in de gratis ruimte in de
• Een goed geïsoleerd gebouw is ook een goede thermische buffer. • Thermische buffers zijn zowel individueel als collectief goed toepasbaar in gezamenlijke warmtesystemen. • Bij thermische buffers met lagere temperaturen kun je alleen van elektriciteit naar warmte of koude gaan, niet terug. • Bij thermische buffers met zeer hoge temperaturen (meer dan 250 °C) kun je de warmte weer omzetten
grond. • Dit maakt ondiepe geothermie ook geschikt voor lange termijnopslag, zoals voor een heel seizoen. • Bij ondiepe geothermie kun je alleen van elektriciteit naar warmte of koude gaan, niet terug. • Bij gebruik van open bronnen is goed geotechnisch en milieuonderzoek belangrijk.
Regionaal Programma Energievoorziening
Overige kenmerken
• De technologie is vooral geschikt voor goed geïsoleerde gebouwen.
in elektriciteit, maar vaak met veel verlies. Dit zijn vaak complexe systemen, waarvoor meestal betere alternatieven bestaan. • Thermische buffers hebben veel ruimte nodig. Denk aan een buffervat van 500-1000 liter voor een huis. • Ook goed geïsoleerde thermische buffers verliezen warmte. In de praktijk is 3-5 dagen zonder veel verlies mogelijk. • De enige bestaande en kosteneffectieve vorm van
Warmtepomp • De warmtepomp is al eerder genoemd, maar verdient een eigen plek omdat het een belangrijke technologie is om aardgas te vervangen. • Een warmtepomp gebruikt meestal elektriciteit om efficiënt gratis energie uit de omgeving te halen en die te gebruiken voor verwarming of koeling.
seizoensopslag zijn ondergrondse thermische buffers. Die verliezen 10-30 aan energie%.
Rendement-investeringen-kosten • Bij verwarming kan de efficiëntie oplopen tot 300%800%. Dit betekent dat de warmtepomp met 1 kWh
Ondiepe geothermie, zoals warmtekoudeopslag • Bij ondiepe geothermie wordt de grond tot ongeveer 250 meter diep gebruikt om warmte of koude op te slaan. • In Nederland wordt ondiepe geothermie al veel gebruikt. • De temperatuur in de lagen tot 250 meter is in Nederland stabiel, ongeveer 10-11°C. • Dit is een goede temperatuur voor een warmtepomp.
elektriciteit 3-8 kWh warmte of koude kan produceren. Dit heet ook wel een COP (coëfficiënt of performance) van 3-8. • Bij verwarming met aardgas of waterstof is de efficiëntie in de praktijk niet hoger dan 90%-100%. • De aanschafkosten van een warmtepomp liggen op dit moment (anno 2025) 4 tot 10 keer hoger dan die van een cv-ketel met dezelfde verwarmingscapaciteit.
• Warmte-koudeopslag is een vorm van ondiepe geothermie met twee bronnen:
Overige kenmerken
- In de zomer wordt koude uit een koude bron gehaald
• Warmtepompen kunnen zowel individueel als in
en warm water teruggepompt in een warme bron.
gezamenlijke warmtenetten worden gebruikt.
- In de winter wordt de warme bron gebruikt en koud water teruggepompt in de koude bron. - Door deze cyclus haalt de warmtepomp een hoger rendement.
• Warmtepompen worden altijd geïnstalleerd met een buffer voor de opslag van energie. • Voor een volledig elektrische warmtepomp heb je een goed geïsoleerd huis nodig (energielabel C of hoger). • Ondanks de groei in het aanbod van warmtepompen, is
Rendement-investeringen-kosten • De toepassing van ondiepe geothermie kan beter worden
de kennis van installatie en onderhoud nog niet altijd op niveau.
als er meer uren met goedkope elektriciteit zijn in een jaar.
• Voor een warmtepomp is altijd elektriciteit nodig. Die
Dit gebeurt vanzelf als er meer duurzame energie wordt
kan schaars of duur zijn in koude periodes, als alle
opgewekt.
warmtepompen werken en het rendement lager is door de lage omgevingstemperatuur.
79
Regionaal Programma Energievoorziening
• Een hybride warmtepomp kan een overgangsoplossing
Isolatie en ventilatie
zijn. Dan wordt een kleine (goedkopere) warmtepomp
In de regio Stedendriehoek gebruikt de gebouwde
naast de cv-ketel geplaatst. Zolang het niet al te koud is
omgeving ongeveer 2,5 TWh per jaar voor verwarming. Dit is
verwarmt de warmtepomp je huis. Voor kraanwater en als
ongeveer 25% van het totaal.
er meer warmte nodig is, springt de cv-ketel bij. • In nieuwe wijken is het totale energieverbruik minder groot, op het moment dat de bewoners afstemmen dat men gespreid hun warmtepompen gebruikt.
Rendement-investeringen-kosten • Als je met betere isolatie en ventilatie twee energielabels omhoog gaat (bijvoorbeeld van E naar C), bespaar je 40-50% energie. • Op grote schaal beter isoleren en ventileren levert dus
Luchtdruk • Energie opslaan in luchtdruk heet in het Engels Compressed Air Energy Storage (CAES).
veel besparing op. • Betere isolatie en ventilatie geven meteen meer comfort en verdienen zich meestal binnen 10 jaar terug.
• In Nederland zijn er geen plannen voor CAES, maar ENECO werkt wel aan een project in Duitsland. • CAES zou in Nederland goed kunnen worden gebruikt in zout cavernes. Dat zijn holle ruimtes in zoutlagen, diep onder de grond, waar in het verleden zout uit is gewonnen.
Overige kenmerken • Toch blijkt keer op keer dat we op het vlak van isolatie en ventilatie minder bereiken dan we willen. • Grote maatregelen worden vaak alleen genomen op natuurlijke momenten, zoals bij een verbouwing. • Na de eerste eenvoudige maatregelen kunnen verdere
Rendement-investeringen-kosten
isolatie en ventilatie best complex en duur zijn.
• Er is niet veel bekend over de kosten en het rendement
• Isolatie en ventilatie zijn niet zichtbaar of aantrekkelijk.
van nieuwe CAES installaties. De bekendste CAES
Mensen kiezen vaak liever voor een nieuwe keuken of
toepassing is in Duitsland (Huntorf) en werkt sinds 1978 succesvol. Dat geeft in ieder geval aan dat CAES rendabel kan zijn.
badkamer. • Overheden maken het voor initiatiefnemers niet altijd gemakkelijk om te isoleren. Denk bijvoorbeeld aan de dure onderzoeksplicht ter bescherming van
Overige kenmerken
vleermuizen in spouwmuren. Ook zijn mensen niet altijd
• CAES is een technologie voor honderden megawatt en
bekend met beschikbare subsidies of vinden zij de
meerdere uren opslag. Het kan snel schakelen tussen laden en ontladen. • CAES heeft weinig ruimte nodig. De opslag zit diep in de grond. • CAES heeft warmte nodig bij het ontladen en produceert warmte bij het laden. Daarom kan het goed worden gebruikt in combinatie met een elektriciteitscentrale op een duurzaam gas, die speciaal bedoeld is om pieken in het verbruik op te vangen. • CAES vraagt om goed geotechnisch en milieuonderzoek. Naast CAES, dat al lang bestaat en niet heel bekend is, worden er steeds nieuwe oplossingen voor energieopslag en energieomzetting bedacht. Denk bijvoorbeeld aan een proces waarbij ijzerpoeder als brandstof wordt gebruikt, of zonnepanelen die direct methanol maken. Als er meer duurzame elektriciteit komt, zijn er ook meer kansen voor dit soort processen. Het is belangrijk om hier aandacht aan te geven en ruimte te bieden om onze energievoorziening van de toekomst te verbeteren.
80
aanvraagprocedures ingewikkeld.
Van RES 1.0 naar het Regionaal Programma Energievoorziening
Regionaal Programma Energievoorziening
Bijlage 02
Toelichting en verantwoording
Het Regionaal Programma Energievoorziening Voor het opwekken, de opslag en het transport van duurzame energie is ruimte nodig, net zoals voor woningbouw, bedrijven en natuur. Maar de ruimte is beperkt. Daarom moeten we alle belangen goed afwegen. Het Regionaal Programma Energievoorziening werd vroeger de RES genoemd en helpt overheden, inwoners, bedrijven, netbeheerders, energiecorporaties en maatschappelijke organisaties om Nederland duurzamer te maken. In het Regionaal Programma Energievoorziening, oftewel RPE, worden strategische keuzes gemaakt voor wat betreft opwekken, opslaan en gebruiken van duurzame energie en warmte. De ontwikkeling van het RPE is tegelijkertijd een manier om samen te werken aan de energietransitie. Meer weten over het Regionaal Programma Energievoorziening (voorheen de RES)? Bekijk dan het uitlegfilmpje op regionale-energiestrategie.nl. Of breng een bezoekje aan de website van de Regio Stedendriehoek.
81
Regionaal Programma Energievoorziening
Inhoud van de RES 1.0 1. De RES 1.0 is gestart vanuit het Klimaatakkoord. Het is een samenwerkingsverband tussen de provincie, gemeenten, waterschappen en de netbeheerder. De opdracht van het Rijk was om vóór 2030 in 30 energieregio’s 35 TWh grootschalige, op land opgewekte, duurzame energie te realiseren. De opdracht was om te zoeken naar gebieden voor grote zonnevelden op daken en op land én voor windturbineparken. 2. In de RES 1.0 staat een bod: een inspanningsverplichting
• wij zien de energietransitie en energievoorziening als onderdeel van onze (ruimtelijke) ontwikkelingen en verduurzamingsopgaven; • we voeren de regionale energiestrategie samen met onze inwoners, ondernemers, maatschappelijke partners en de netbeheerders uit; • we streven naar minimaal 50% lokaal eigendom in onze projecten; • we brengen vraag en aanbod van energie zoveel mogelijk en zo lokaal mogelijk bij elkaar in de buurt;
voor de regio Stedendriehoek om vanaf 2030 jaarlijks een
• we zetten in op opslag en innovatieve energieclusters;
bepaalde hoeveelheid duurzame energie op te wekken.
• we clusteren voorzieningen voor het opwekken van
De hoogte van het bod van de regio Stedendriehoek in
energie zoveel mogelijk en kiezen bij voorkeur voor no-
de eerste versie van de RES is 1,07 TWh (terawattuur).
regret locaties zoals bijvoorbeeld langs infrastructuur,
In het RES 1.0 bod zijn we uitgegaan van ongeveer 10%
op stortplaatsen, zandwinlocaties en parkeerterreinen
windenergie en ongeveer 90% zonne-energie. We
(solar carports);
dachten daarbij aan vijftien windturbines van 3 MW: zes
• wat we op gebied van windenergie niet kunnen
in Zutphen (3 bestaande, 3 nieuwe), vier in Lochem en
realiseren op en rondom de Veluwe mag niet leiden
vijf aan de rand van de Veluwe. Een variatie daarop blijft
tot een zogenaamd waterbedeffect. Dit betekent dat
mogelijk. In het totaal zou ons dat per jaar 0,11 TWh aan
windenergie niet elders in de regio opgewekt hoeft te
windenergie opleveren. Verder wilden we met
worden.
500 hectare zonnepanelen op daken 0,51 TWh opwekken en met 450 hectare zonnepanelen op land
Redenen om de RES te actualiseren
zo’n 0,45 TWh. Alles samen dus 1,07 TWh grootschalig
1. Aangescherpte voorwaarden maken dat de
opgewekte energie. 3. In onze regio is besloten om het landschap leidend te maken. Dat betekent dat gekeken wordt welke vorm
het land kleiner zijn geworden. 2. Voor het opwekken van windenergie zijn nieuwe
van energie opwekken het best past in een bepaald
landelijke normen in ontwikkeling. Daarbij lijken de
landschap. En hoeveel energie er op zo’n plek opgewekt
nieuwe afstandsnormen strenger te worden dan de
kan worden, zonder het landschap of de natuur al te
oude normen. Ook de geluidsnormen lijken strenger te
veel te veranderen. Belangrijke randvoorwaarden zijn:
worden. Daardoor worden ook de mogelijkheden voor het
passend in het landschap, met speciale aandacht voor natuur- en cultuurhistorische waarden, behoud
opwekken van windenergie kleiner. 3. Op de Veluwe broedt de wespendief, een roofvogel die
of versterking van de ruimtelijke kwaliteit en inzetten
een beschermde status heeft. Daarom heeft de provincie
op dubbel grondgebruik. Dat geldt ook voor het
in haar beleid vastgelegd dat er geen windturbines
leveren van een bijdrage aan doelstellingen op het
mogen komen op de Veluwe en 1 kilometer daaromheen.
vlak van biodiversiteit, waterhuishouding en bodem.
Daarbuiten ligt een ring tot 8 kilometer buiten de Veluwe,
Op deze manier springen we zorgvuldig om met ons
waarin op dit moment zeer strenge voorwaarden gelden.
landschappelijk kapitaal.
Hierdoor zijn de kansen voor windenergie in de zone tot
4. Andere belangrijke uitgangspunten zijn: • we gaan zorgvuldig om met ons landschappelijk kapitaal. Belangrijke randvoorwaarden hierbij zijn:
8 km rond de Veluwe op korte termijn een stuk kleiner geworden. 4. De oorlog in Oekraïne en andere geopolitieke
passend in het landschap, met speciale aandacht
ontwikkelingen hebben in onze maatschappij tot het
voor natuur- en cultuurhistorische waarden, behoud of
besef geleid dat we minder afhankelijk willen zijn van het
versterking van de ruimtelijke kwaliteit en inzetten op
buitenland voor onze energie.
dubbel grondgebruik. Dat geldt ook voor het leveren van een bijdrage aan doelstellingen op het vlak van biodiversiteit, waterhuishouding en bodem;
82
mogelijkheden voor het opwekken van zonne-energie op
• Het onderwerp energie heeft meer aandacht gekregen.
dat er op momenten meer elektriciteit geproduceerd
Dat betekent dat het tegenwoordig een heel andere
wordt of gevraagd wordt dan de elektriciteitsnetten
positie heeft in belangenafwegingen dan 4 jaar geleden.
aankunnen. Daardoor is het op veel plekken niet zomaar
• Er zijn grote stappen gezet in het opwekken van
meer mogelijk om zonnevelden, windturbineparken
duurzame energie. Om voortgang te blijven maken,
en afnemers aan te sluiten op het elektriciteitsnet,
moeten andere onderdelen van de energievoorziening,
of bestaande aansluitingen te verzwaren. Bij veel
zoals opslag, flexibel gebruik en passende wet- en
installaties voor duurzame opgewekte energie gaan de pieken in de productie verloren omdat er onvoldoende
regelgeving, wel meer in beweging gaan komen. • De overheid bepaalt niet in haar eentje hoe de
transportcapaciteit is op momenten dat de zon hard
energietransitie verloopt. Uiteindelijk is afstemming
schijnt en de vraag naar elektriciteit laag is. De installaties
op en samenwerking met partijen als netbeheerders,
worden dan tijdelijk uitgezet, ook omdat er soms sprake is
woningbouwcorporaties, ondernemers, agrariërs,
van negatieve energieprijzen.
projectontwikkelaars en inwoners, nodig voor het
Regionaal Programma Energievoorziening
5. En dan natuurlijk de netcongestie: het verschijnsel
opnieuw krijgen van snelheid in de energietransitie.
Constateringen na 4 jaren werken met de RES 1.0 • Onze energievoorziening en de benodigde infrastructuur
• De zachte kant van de energietransitie, waarbij het gaat over samenwerken, gedrag, rollen en belangenafwegingen, staat nog in de kinderschoenen.
veranderen door de overgang van kolen en gas naar
(energie uit lucht, water en bodem), restwarmte, biogas,
Bewustwording van de noodzaak om te werken met een Regionaal Programma Energievoorziening
waterstof en kernenergie.. Van centraal opwekken en
Om de bewustwording van de impact van de energietransitie
verspreiden van energie, naar een mix waarbij we naast
en de toekomstige energievoorziening te vergroten, vond
een centraal netwerk ook lokaal duurzame energie
op 6 september 2023 de masterclass ‘Wereld van B’ plaats.
opwekken, opslaan en gebruiken. Dat staat vast, al moet
Benieuwd? Aan de hand van casus De Hoven Noord in
dit besef op veel plekken nog indalen.
Zutphen gaf de masterclass een beeld van de veranderende
duurzame bronnen van energie, zoals zonne-energie en windenergie, maar bijvoorbeeld ook omgevingsenergie
• De energietransitie gaat met horten en stoten. De
energievoorziening en de rol daarvan in toekomstige
succesvolle toename van opwekking van duurzame
ruimtelijke ontwikkelingstrajecten. Meer informatie over
energie is één van de redenen van het huidige volle
deze bijeenkomst is te vinden via de volgende link:
netwerk. Er wordt hard gewerkt aan het op maat
Energie voor nieuwe wijk De Hoven Noord zo kan het wél |
maken van wetten-, regels en beleidsruimte voor de
Regionale Energiestrategie. Of volg het webcollege dat het
energievoorziening van de toekomst. In de tussentijd
Nationaal Programma RES (NP RES) gaf voor bestuurders,
groeit het besef dat opslag van elektriciteit een noodzaak
ambtenaren en andere sleutelspelers in de energietransitie.
is en schaffen ondernemers steeds vaker eigen batterijsystemen aan. • Ons RES 1.0 bod leunt teveel op zonne-energie om optimaal te voorzien in de jaarlijkse energievraag in 2050. Zonne-energie blijft belangrijk, maar wordt minder dominant in de energiemix. Meer toelichting daarop vindt u in hoofdstuk 4 van het Regionaal Programma Energievoorziening. • Windturbines zijn, ondanks de huidige netcongestie, op de meeste plaatsen goed inpasbaar in het elektriciteitsnetwerk. Dat komt omdat het vaak waait op momenten en in seizoenen dat de zon minder of niet schijnt. Windenergie wordt zo aanvullend op zonneenergie.
83
Regionaal Programma Energievoorziening
Bijlage 03
De achtergronden van het energieperspectief Het energieperspectief benoemt uitgangspunten en afspraken met betrekking tot de energievoorziening van de toekomst. Daarmee vormt het een belangrijk fundament voor het Regionaal Programma Energievoorziening. In deze bijlage leest u waar het energieperspectief op gebaseerd is.
84
3. Het Nationaal Plan voor het Energiesysteem (NPE) in 2050 Het NPE is de strategie van de Nederlandse overheid
1. De regionale klimaatmonitor
om in 2050 een klimaatneutrale energievoorziening te
Dit is een database van de Rijksoverheid die trends
bereiken. Dit plan beschrijft hoe we kunnen bouwen,
in de energietransitie zichtbaar maakt. Daarvoor
besparen, verdelen en verbinden voor een duurzaam en
wordt informatie verzameld uit tientallen bronnen bij
rechtvaardig energiesysteem. Energiebesparing blijft een
organisaties als CBS en RVO. Deze informatie wordt
prioriteit, aangezien energie die niet wordt verbruikt, niet
gecombineerd tot doelindicatoren, die een beeld geven
hoeft te worden opgewekt of getransporteerd. Waterstof
van de voortgang van de decentrale energietransitie.
wordt voornamelijk ingezet voor de verduurzaming van
Voorbeelden zijn energieverbruik, CO2-uitstoot en
de industrie en zware mobiliteit. Daarnaast wordt ruimte
hernieuwbare energie. Met de regionale klimaatmonitor
gereserveerd voor toekomstige energieprojecten,
kunnen decentrale overheden hun beleidsdoelen volgen
met nadruk op hergebruik van bestaande fossiele
en hun beleid evalueren en bijsturen.
infrastructuur voor duurzame toepassingen. Inter
Regionaal Programma Energievoorziening
De vier belangrijkste informatiebronnen van het energieperspectief
nationale samenwerking is essentieel om Nederland als 2. De II3050 scenario’s van de Nederlandse
energieknooppunt in Europa te positioneren.
netbeheerders De Integrale Infrastructuurverkenning 2030-
4. Het Programma Energie Hoofdinfrastructuur (PEH)
2050 (II3050) presenteert vier scenario’s voor een
Het PEH is een beleidsplan dat zich richt op de ruimte
klimaatneutraal energiesysteem in 2050:
die op land nodig is voor de nationale onderdelen van
• Decentrale initiatieven (DEC): Lokale gemeen
het klimaatneutraal energiesysteem. Het PEH bevat ook
schappen en bedrijven nemen het voortouw in de
regionale bijlages. Het programma brengt in beeld wat er
energietransitie, met een focus op lokale opwekking
nodig is aan infrastructuur en bepaalt waar die het best
en consumptie van hernieuwbare energie.
kan worden geplaatst. Denk aan hoogspanningskabels,
• Nationaal leiderschap (NAT): De nationale overheid
buisleidingen, energieopslagfaciliteiten, elektrolysers
speelt een centrale rol, met grootschalige projecten en
en duurzame energiecentrales. Met het PEH maakt de
infrastructuur voor hernieuwbare energie.
rijksoverheid afspraken met gemeenten, provincies,
• Europese integratie (EUR): Er is sterke samenwerking
havenbedrijven en netbeheerders. Zo kan de
binnen Europa, met grensoverschrijdende
infrastructuur met respect voor natuur, cultureel erfgoed