(063) Voorlopige jaarstukken VNOG
Tekst van het document
Aanvullend op de zes speerpunten heeft het thema “Weerbaarheid” een grote vlucht genomen in 2025, zie voor een toelichting paragraaf 4.4.
Pagina 50 van 98
II. Jaarrekening
Pagina 51 van 98
5. Balans per 31 december 2025 ACTIVA
Ultimo 2025
Ultimo 2024
Materiële vaste activa investeringen met een economisch nut Totaal materiële vaste activa
52.791.934 52.791.934
40.801.224 40.801.224
Uitzettingen < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Totaal Uitzettingen < 1 jaar
478.183 17.203.942 257.772 17.939.897
329.400 7.815.685 27.946 8.173.030
199.325
851.377
1.235.225
1.550.487
62.295 2.730.375 4.027.894
1.841.784 3.392.271
22.167.117
12.416.678
74.959.050
53.217.902
VASTE ACTIVA
VLOTTENDE ACTIVA
Liquide middelen Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen De voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, nog te ontvangen van: - overige Nederlandse overheidslichamen De vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen Totaal Overlopende activa TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA TOTAAL ACTIVA
Pagina 52 van 98
PASSIVA
Ultimo 2025
Ultimo 2024
Eigen Vermogen Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Algemene reserve Bestemmingsreserves Totaal Eigen Vermogen
1.341.595 1.135.114 22.583.844 25.060.553
1.792.945 1.135.114 19.788.653 22.716.712
Voorzieningen
1.832.505
1.580.481
Vaste schulden > 1 jaar onderhandse leningen van: - binnenlandse banken en overige financiële instellingen Totaal Vaste schulden > 1 jaar
36.283.333 36.283.333
19.125.000 19.125.000
TOTAAL VASTE PASSIVA
63.176.391
43.422.192
Netto vlottende schulden < 1 jaar Overige schulden Totaal Netto vlottende schulden < 1 jaar
5.728.108 5.728.108
4.875.793 4.875.793
VASTE PASSIVA
VLOTTENDE PASSIVA
Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen, met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume
5.379.556
3.984.456
De voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren, ontvangen van: - overige Nederlandse overheidslichamen.
250.387
402.671
Overige vooruit ontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
424.607
532.789
Totaal Overlopende passiva
6.054.551
4.919.917
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
11.782.659
9.795.710
74.959.050
53.217.902
TOTAAL PASSIVA
Pagina 53 van 98
6. Overzicht van baten en lasten Programma Baten 1.0 Risico- en crisisbeheersing 2.0 Brandweerzorg 3.0 GHOR 4.0 MON 5.0 Directie en control 6.0 Bedrijfsvoering 7.0 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien 8.0 Kazernes in eigendom en overgangsrecht Totaal Baten Lasten 1.0 Risico- en crisisbeheersing 2.0 Brandweerzorg 3.0 GHOR 4.0 MON 5.0 Directie en control 6.0 Bedrijfsvoering 7.0 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien 8.0 Kazernes in eigendom en overgangsrecht Totaal Lasten Totaal saldo baten en lasten Mutaties reserves Onttrekkingen Toevoegingen Saldo reserves Resultaat
Begroting 2025
Begroting na wijziging
Realisatie 2025
Verschil 2025
14.000 48.000 4.151.500 235.000 68.288.440 3.602.000 76.338.940
1.092.295 84.000 48.000 4.151.500 242.000 327.000 69.136.863 4.084.000 79.165.658
1.702.068 609.250 44.172 4.407.682 253.986 715.542 69.520.266 4.008.617 81.261.582
609.773 525.250 -3.828 256.182 11.986 388.542 383.403 -75.383 2.095.924
9.767.560 33.974.205 2.257.100 5.515.250 880.300 17.083.668 5.517.172 3.602.000 78.597.255 -2.258.315
11.103.735 33.554.285 2.424.000 5.519.150 1.231.900 19.292.958 2.167.840 4.084.000 79.377.868 -212.210
11.300.433 33.516.053 2.108.190 5.566.403 1.157.157 19.705.779 1.555.110 4.008.617 78.917.741 2.343.841
-196.698 38.232 315.810 -47.253 74.743 -412.821 612.730 75.383 460.127 -2.556.051
2.593.465 335.150 2.258.315
4.165.300 3.953.090 212.210
3.907.146 4.909.392 -1.002.246
-258.154 -956.302 1.214.456
-
-
1.341.595
-1.341.595
Pagina 54 van 98
6.1. Verklaring resultaat 2025 op hoofdlijnen Het positief jaarresultaat 2025 bedraagt € 1.342.000. Hieronder worden de verschillen tussen de begroting 2025 (na wijzigingen) en de realisatie toegelicht. Deze is zoals gebruikelijk onderverdeeld naar een aantal hoofdlijnen: Personeel, Vrijwilligers, Exploitatie, Kapitaallasten, Onvoorzien en Renteresultaat. Verklaring resultaat op hoofdlijnen
2025
Personeel
Begroting na wijziging 33.823.000
Vrijwilligers Exploitatie
2025
2025
Realisatie
Resultaat
33.304.000
519.000
9.340.000
9.453.000
-113.000
30.011.000
29.774.000
237.000
Onvoorzien
264.000
-
264.000
Kapitaallasten
5.729.000
5.729.000
-
-435.000
435.000
Renteresultaat
-
Totaal
1.342.000
Personeel Binnen het budget Personeel worden naast salarissen en sociale lasten, inhuur en detachering ook de aan Personeel gerelateerde exploitatiekosten verantwoord. Binnen de begroting van VNOG is vrijwel geen budget voor inhuur aanwezig. De tijdelijke invulling als gevolg van verzuim en vacatures en de tijdelijke invulling van specialistische functies voor projecten worden hierdoor grotendeels gefinancierd uit het positieve saldo op salarissen en sociale lasten en daarnaast uit onttrekkingen aan reserves of voorzieningen. Gezien de huidige situatie op de arbeidsmarkt wordt verwacht dat deze situatie niet op korte termijn verandert. Bij bepaalde afdelingen is het positieve saldo ontstaan door wat verjonging in het personeelsbestand en doordat de invulling van ontstane vacatures, door de krapte op de arbeidsmarkt, wat meer tijd heeft gevergd. De kosten voor inhuur hebben betrekking op de uitvoering van reguliere taken waarvoor op dat moment door ziekte, vacature of specialisme geen interne capaciteit beschikbaar was. Er zijn in 2025 detacheringsvergoedingen in rekening gebracht aan aanverwante organisaties voor uitvoering van werkzaamheden en projecten door aan hen gedetacheerde VNOG medewerkers. Dit betreft specialistische functies waarbij onderlinge samenwerking voordelen biedt en enkele VNOG medewerkers die een aanstelling boven de formatieve sterkte hebben.
Binnen de Programmabegroting 2025 werd voor het budget Personeel een aanspraak gedaan op de Bedrijfsvoeringsreserve voor het oplossen van personele knelpunten binnen de programma’s Brandweerzorg en Bedrijfsvoering.
Pagina 55 van 98
Vrijwilligersvergoedingen Het budget voor vrijwilligersvergoedingen wordt ten behoeve van sturing extracomptabel onderverdeeld in diverse deelbudgetten. Navolgend een overzicht op deelniveau van het vrijwilligersbudget 2025: Vrijwilligers
Realisatie exclusief Budget exclusief werkgeverslasten 2024 werkgeverslasten 2025
Realisatie exclusief werkgeverslasten 2025
Vaste vergoeding
1.373.436
1.410.500
1.440.797
Inzeturen
1.722.825
2.176.200
2.281.449
Kazernering
1.367.424
1.505.600
1.386.468
Vakbekwaam blijven
2.000.270
1.951.100
2.167.946
Vakbekwaam worden
501.915
506.900
495.944
Ondersteuning vakbekwaamheid
430.174
577.200
519.176
PPMO
109.608
146.700
124.448
119
13.400
-
Keuringen Brandveilig leven
11.957
5.000
10.012
Vergaderen
41.092
31.500
33.960
Onderhoud
138.389
128.600
87.533
Declaraties
153.751
95.600
99.331
Overig
191.261
176.200
240.774
Totaal exclusief werkgeverslasten
8.042.221
8.724.500
8.887.838
Diversen w.o. werkgeverlasten en inhuur
604.096
615.500
670.440
Totaal uitgaven vrijwilligersvergoedingen
8.646.317
9.340.000
9.558.278
resultaat
-218.278
-
105.249
9.340.000
9.445.249
Toevoeging aan egalisatiereserve "uitrukken" Onttrekking aan egalisatiereserve "uitrukken"
-54.544
8.591.773
In lijn met de eerder uitgesproken ambitie om te kiezen voor “minder rubber en meer inzet op vakbekwaamheid” is ingezet op extra momenten voor vakbekwaamheid. Hierdoor zijn er, waar mogelijk, meer momenten gepland voor vakbekwaam blijven. Ook de introductie van de nieuwe voertuigen zorgde voor meer oefenmomenten in 2025, die niet allemaal op de reguliere oefenavonden konden plaatsvinden. Onder de rubriek overig zijn onder andere de uren voor de leerwerkplekbegeleiders en aspiranten voor het maken van leerwerkplekopdrachten verantwoord. Dit past binnen het beeld dat het afgelopen jaar veel nieuwe mensen zijn opgeleid en worden opgeleid. Het deelbudget voor inzetten (uitrukken) is in 2025 overschreden. Deze overschrijding van € 105.249 wordt ten laste van de egalisatiereserve uitrukken gebracht. In 2025 waren er meerdere incidenten waarbij langdurige en grootschalige inzet nodig was, o.a.: 1. Brand bij een afvalverwerker in Zutphen 2. Brand in een oude machinefabriek in Apeldoorn 3. Zeer grote natuurbrand in Heerde 4. IBGS-incident in Borculo 5. Zeer grote brand in een winkel in Winterswijk Pagina 56 van 98
Exploitatie In paragraaf 6.2 is een toelichting per programma opgenomen. Kapitaallasten (rente en afschrijving) In de primitieve begroting 2025 was een budget van € 8.113.000 opgenomen voor kapitaallasten (rente en afschrijving exclusief kazernes en meldkamer). Hiernaast was in de primitieve begroting een onttrekking aan de egalisatiereserve opgenomen van € 1.964.465. Het saldo hiervan was € 6.148.535. De werkelijke kapitaallasten liggen echter lager door de al eerdere besproken verlate uitleveringen van materieel en materiaal. Bij de halfjaarrapportage is de begroting aangepast aan de verwachte werkelijke kapitaallasten over 2025. Deze bedroegen € 5.729.000. De werkelijke kapitaallast is € 5.667.680 geworden en is daarmee nog € 61.030 lager dan begroot. Het verschil tussen de begrote en werkelijke kapitaallast is conform vastgesteld beleid toegevoegd aan de egalisatiereserve afschrijvingen. De totale toevoeging aan de egalisatiereserve afschrijvingen over 2025 bedraagt 2.225.000. Programma Risico- en Crisisbeheersing Brandweerzorg GHOR Directie & Control Bedrijfsvoering Algemene Dekkingsmiddelen
Werkelijk 2024 Begroting 2025 Werkelijk 2025
Restant 2025
921
1.500
941
559
4.383.240
5.074.680
5.019.745
54.935
12
1.500
247
1.253
-
-
-
-
571.242
651.030
646.747
4.283
-
-
-
-
4.955.416
5.728.710
5.667.680
61.030
Kazernes in eigendom en overgangsrecht
225.448
239.000
266.285
-27.285
Bijdragen van de individuele gemeenten
-225.448
-239.000
-266.285
27.285
MKON
-
32.750
31.501
1.249
egalisatiereserve MKON
-
-32.750
-31.501
-1.249
-
-
-
-
Pagina 57 van 98
6.2. Specificatie per programma In deze paragraaf wordt per programma een tabel met de realisatie per product en een tabel met een toelichting op overschrijdingen en minder-uitgaven vanaf € 75.000 gepresenteerd. Programma 1. Risico- en Crisisbeheersing Begroting na wijziging 2025 -
Begroting 2025
Realisatie 2025
Verschil 2025
Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-Personele kosten
Baten
-
Lasten
8.019.800
8.739.910
8.761.937
-22.027
Saldo
-8.019.800
-8.739.910
-8.433.698
-306.212
28. REGIONAAL BRANDMELDSYSTEEM-Regionaal Brandmeldsysteem
29. PROJECTEN-Projecten
90. OVERIG-Overig
95. RENTE EN AFSCHRIJVING-Rente en afschrijving
328.239
328.239
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
-
-
Saldo
-
-
-
-
Baten
-
235.000
667.284
432.284
Lasten
-
273.060
767.779
-494.719
Saldo
-
-38.060
-100.495
62.435
Baten
-
857.295
706.545
-150.750
Lasten
1.743.260
2.089.265
1.769.776
319.489
Saldo
-1.743.260
-1.231.970
-1.063.231
-168.739
-
Baten
-
-
-
Lasten
4.500
1.500
941
559
Saldo
-4.500
-1.500
-941
-559
-9.767.560
-10.011.440
-9.598.365
Totaal saldo baten en lasten
-413.075 voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
-
305.155
348.538
43.383
Lasten
-
292.095
614.081
-321.986
-
13.060
-265.543
278.603
-9.998.380
-9.863.908
-134.472
Saldo reserves
nadeel Resultaat
-9.767.560
voordeel
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
Bedrag
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
-306.212
I/S
V
I
-306.212
28. REGIONAAL BRANDMELDSYSTEEM
Afwijkingen < € 75.000
29. PROJECTEN
Op 14 december 2023 heeft het algemeen bestuur ingestemd met het project ‘Interregionale gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing’. De projectadministratie wordt centraal gevoerd door de VNOG. Hierdoor worden zowel de projectbaten als -lasten via onze financiële administratie verwerkt. Deze stromen waren niet in de oorspronkelijke begroting opgenomen, waardoor de gerealiseerde baten en lasten hoger uitvallen dan begroot. Verdere afwijkingen < € 75.000
-
N -
62.435
N 62.435
90. OVERIG
Voordeel/Nadeel
De VNOG is aangewezen als regionaal openbaar lichaam voor de bekostigingsregeling ‘Eerste opvang ontheemden uit Oekraïne’. Het hiervoor ontvangen voorschot en de geraamde kosten vanuit het Ministerie van Asiel en Migratie zijn opgenomen in de
Pagina 58 van 98
-
I
begroting van de VNOG. De daadwerkelijke gerealiseerde kosten en de daarmee samenhangende opbrengsten liggen echter lager dan begroot, waardoor de realisatie afwijkt van de begroting. De onderschrijding hangt samen met een lagere realisatie van kosten binnen meerdere exploitatiebudgetten binnen het product Overig, waarbij de afwijkingen per budgetonderdeel individueel kleiner zijn dan € 75.000. Het betreft voornamelijk incidentele meevalen die gedurende het boekjaar zijn ontstaan doordat geplande activiteiten zijn uitgesteld of minder intensief zijn ingezet dan waarmee in de begroting rekening was gehouden. -168.739
V
I
V
I
N V V N
I I I I
-168.739 95. RENTE EN AFSCHRIJVING
Voor een toelichting zie § 6.1.
-559 -559
99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Egalisatie noodfonds crisisbeheersing (extra BDuR) Bestemmingsreserve SOS-toegang en hogedrukleiding Tijdelijke reserve (jaarovergang) Egalisatiereserve afschrijvingen
324.657 -43.383 -3.230 559 278.603 -134.472
Totaal
Pagina 59 van 98
V
Programma 2. Brandweerzorg Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-Brandweerzorg
Baten
02. VRIJWILLIGERS VERGOEDINGEN-Brandweerzorg
Begroting 2025
-
20. OPERATIONELE VOORBEREIDING-Brandweerzorg
21. MATERIEEL EN LOGISTIEK-Brandweerzorg
24. VAKBEKWAAM WORDEN EN BLIJVEN-Brandweerzorg
90. OVERIG-Brandweerzorg
95. RENTE EN AFSCHRIJVING-Brandweerzorg
Realisatie 2025
Verschil 2025
167.341
-
167.341
Lasten
11.299.700
12.260.000
12.122.671
137.329
Saldo
-11.299.700
-12.260.000
-11.955.330
-304.670
Baten
08. VRIJWILLIGERS OVERIG-Brandweerzorg
Begroting na wijziging 2025
-
-
8.893
8.893
Lasten
8.778.000
9.340.000
9.567.171
-227.171
Saldo
-8.778.000
-9.340.000
-9.558.278
218.278
Baten
-
-
-
-
Lasten
246.800
263.800
241.221
22.579
Saldo
-246.800
-263.800
-241.221
-22.579
Baten
-
-
-
-
Lasten
30.000
30.000
11.498
18.502
Saldo
-30.000
-30.000
-11.498
-18.502
Baten
-
-
345.193
345.193
Lasten
3.001.905
3.054.005
3.057.079
-3.074
Saldo
-3.001.905
-3.054.005
-2.711.886
-342.119
Baten
-
-
Lasten
3.330.560
3.426.560
3.421.911
4.649
Saldo
-3.330.560
-3.426.560
-3.421.911
-4.649
Baten
14.000
84.000
87.823
3.823
Lasten
102.240
105.240
74.757
30.483
Saldo
-88.240
-21.240
13.067
-34.307
Baten
-
-
-
Lasten Saldo Totaal saldo baten en lasten
7.185.000
-
5.074.680
-
-
5.019.745
54.935
-7.185.000
-5.074.680
-5.019.745
-54.935
-33.960.205
-33.470.285
-32.906.803
-563.482 voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
515.000
859.980
687.726
-172.254
Lasten
-
351.875
743.103
-391.228
515.000
508.105
-55.377
563.482
-33.445.205
-32.962.180
-32.962.180
Saldo reserves
nadeel Resultaat
0 -
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
Bedrag
Voordeel/Na deel
I/ S I
304.670
V 304.670
02. VRIJWILLIGERS VERGOEDINGEN
Voor een toelichting zie § 6.1 Overschrijding budget inzetten
113.029 105.249
08. VRIJWILLIGERS OVERIG
Afwijkingen < € 75.000
-22.579
N N
I
V
I
V
I
218.278 -22.579 20. OPERATIONELE VOORBEREIDING
Afwijkingen < € 75.000
-18.502 -18.502
21. MATERIEEL EN LOGISTIEK
Afstoot van materieel en materiaal wordt toegevoegd aan de egalisatiereserve afschrijvingen Afwijkingen < € 75.000
Pagina 60 van 98
345.193 3.074
342.119
V N
I I
24. VAKBEKWAAM WORDEN EN BLIJVEN
90. OVERIG 95. RENTE EN AFSCHRIJVING 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Het totale vakbekwaamheidsprogramma is uitgevoerd. Nadat het programma de de afgelopen jaren is voorbereid is planning en uitvoering nu met elkaar in evenwicht.
-4.649
V -4.649
Afwijkingen < € 75.000
-34.307
V
I
V
I
-34.307 Voor een toelichting zie § 6.1.
-54.935 -54.935
Egalisatiereserve afschrijvingen: Toevoeging opbrengst verkoop materieel en materiaal Toevoeging onderschrijding rente en afschrijving
345.193 54.935
N N
Egalisatiereserve uitrukken; onttrekking
105.249
V
6.312
N
I
N
I
Bestemmingsreserve SOS-toegang Bedrijfsvoeringsreserve; Geraamde onttrekkingen niet volledig uitgevoerd omdat deze binnen het programma brandweerzorg worden opgevangen conform besluitvorming
I
262.290 563.481 -
Totaal
Pagina 61 van 98
-
I I
Programma 3. GHOR Begroting 2025
Begroting na wijziging 2025
Realisatie 2025
Verschil 2025
Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-GHOR
Baten
-
-
14.450
14.450
Lasten
1.850.400
2.012.500
1.834.176
178.324
Saldo
-1.850.400
-2.012.500
-1.819.726
-192.774
Baten
48.000
48.000
29.722
-18.278
Lasten
379.200
410.000
273.766
136.234
Saldo
-331.200
-362.000
-244.044
-117.956
Baten
-
-
-
-
Lasten
27.500
1.500
247
1.253
90. OVERIG-GHOR
95. RENTE EN AFSCHRIJVING-GHOR
Saldo Totaal saldo baten en lasten
-27.500
-1.500
-247
-1.253
-2.209.100
-2.376.000
-2.064.018
-311.982 voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
25.106
-25.106
-
-
-25.106
Saldo reserves
25.106 nadeel
Resultaat
-2.209.100
-2.376.000
-2.089.124
-286.876 voordeel
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1. Specifiek voor de GHOR geldt: In 2025 hadden we incidenteel lagere personeelskosten omdat er vacatures openstonden door het vertrek van medewerkers en het tijd kostte om nieuwe medewerkers te werven. Voor de uitwerking van bouwsteen 3, GHOR-informatievoorziening, is ingezet op samenwerking binnen het Oost-5-verband om de informatiepositie in de witte kolom te versterken. In 2024 is het eerste prototype van de Oost-5-informatiebron afgerond. Vanuit dit prototype wordt de functionaliteit verder ontwikkeld en uitgerold. De ontwikkeling voor deze gezamenlijke witte informatiebron op Oost 5 niveau is in 2025 vertraagd waardoor hier minder kosten voor zijn gemaakt Verdere afwijkingen < € 75.000
90. OVERIG
95. RENTE EN AFSCHRIJVING 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Bedrag
Voor een toelichting zie § 6.1. Egalisatiereserve afschrijvingen Egalisatie noodfonds crisisbeheersing (BDuR)
-192.774
Pagina 62 van 98
I/S
V V
I I
V
I
N N
I I
I
-192.774
-90.000 -27.956 -117.956 -1.253 -1.253 1.253 23.853 25.106 -286.876
Totaal
Voordeel/Nadeel V
V
Programma 4. MON Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-MON
Baten
90. OVERIG-MON
95. RENTE EN AFSCHRIJVING-MON
Begroting na wijziging 2025 -
Begroting 2025 -
Realisatie 2025
Verschil 2025
142.475
142.475
Lasten
5.031.750
5.035.650
4.838.411
197.239
Saldo
-5.031.750
-5.035.650
-4.695.936
-339.714
Baten
4.151.500
4.151.500
4.265.207
113.707
Lasten
455.000
450.750
696.490
-245.740
Saldo
3.696.500
3.700.750
3.568.717
132.033
Baten
-
-
-
-
Lasten
28.500
32.750
31.501
1.249
Saldo Totaal saldo baten en lasten
-28.500
-32.750
-31.501
-1.249
-1.363.750
-1.367.650
-1.158.721
-208.929 voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
208.929
-208.929
-
-
-208.929
208.929
Saldo reserves
nadeel Resultaat
-1.363.750
-1.367.650
-1.367.650
0 -
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
Bedrag
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
90. OVERIG
Hogere materiële kosten a.g.v. o.a. meer reële doorbelasting licentiekosten
95. RENTE EN AFSCHRIJVING 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Totale afwijking < € 75.000
Voordeel/N adeel
-339.714
I/S I
V -339.714
132.033
N
I
132.033 -1.249
V
I
-1.249 Conform afspraak wordt het resultaat van de MKON-MKBM gestort dan wel onttrokken in de reserve MKON-MKBM.
208.929
N 208.929 -
Totaal
Pagina 63 van 98
N
I
Programma 5. Directie en control Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-Directie en control
Baten
51. BESTUUR-Bestuur
52. DIRECTIE OVERIG-Directie en control
53. CONTROL-Control
Begroting 2025
Lasten
551.300
Saldo
-551.300
Begroting na wijziging 2025 80.000
Realisatie 2025
Verschil 2025
94.971
14.971
737.900
707.492
30.408
-657.900
-612.522
-45.378
Baten
-
-
-
-
Lasten
50.000
40.000
11.092
28.908
Saldo
-50.000
-40.000
-11.092
-28.908
Baten
-
162.000
159.015
-2.985
Lasten
204.000
379.000
333.675
45.325
Saldo
-204.000
-217.000
-174.660
-42.340
Baten
75.000
75.000
104.898
-29.898
-75.000
-75.000
-104.898
29.898
-880.300
-989.900
-903.172
-86.728
Lasten Saldo Totaal saldo baten en lasten
voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
-
Lasten
-
Resultaat
-
-
-
-
-
-
-
-880.300
-989.900
-903.172
-86.728 voordeel
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
Bedrag
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
-45.378
51. BESTUUR
Totale afwijking < € 75.000
-28.908
Voordeel/Nadeel V
I/S I
-45.378 V
I
V
I
-28.908 52. DIRECTIE OVERIG
Totale afwijking < € 75.000
-42.340 -42.340
53. CONTROL 99. MUTATIE(S) RESERVE(S) Totaal
Totale afwijking < € 75.000
N
I
29.898 -
-
-
-86.728
V
29.898
Geen mutatie(s) reserve(s)
Pagina 64 van 98
-
Programma 6. Bedrijfsvoering Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-Bedrijfsvoering
Baten
22. FACILITAIR-Bedrijfsvoering
23. HUISVESTING-Bedrijfsvoering
61. COMMUNICATIE-Bedrijfsvoering
62. MIDDELEN-Bedrijfsvoering
Begroting na wijziging 2025 235.000 307.000
Begroting 2025
64. PERSONEELSZAKEN-Bedrijfsvoering
65. INFORMATIE-Bedrijfsvoering
66. ARBO-Arbo
89. OVERIG-Bedrijfsvoering
95. RENTE EN AFSCHRIJVING-Bedrijfsvoering
Verschil 2025
509.665
202.665
Lasten
9.264.340
11.111.800
11.183.501
-71.701
Saldo
-9.029.340
-10.804.800
-10.673.836
-130.964
Baten
-
-
-
-
Lasten
296.500
192.000
153.873
38.127
Saldo
-296.500
-192.000
-153.873
-38.127
Baten
-
20.000
48.919
28.919
Lasten
1.425.600
1.842.000
2.056.191
-214.191
Saldo
-1.425.600
-1.822.000
-2.007.272
185.272
Baten Lasten
109.500
109.500
112.942
-3.442
Saldo
-109.500
-109.500
-112.942
3.442 14.762
Baten
63. VERZEKERINGEN-Bedrijfsvoering
Realisatie 2025
Lasten
80.000
105.000
14.762 76.209
28.791
Saldo
-80.000
-105.000
-61.447
-43.553
Baten
702.000
611.000
-
-
Lasten
569.455
41.545
Saldo
-702.000
-611.000
-569.455
-41.545
Baten
-
-
-
-
Lasten
776.200
672.700
544.229
128.471
Saldo
-776.200
-672.700
-544.229
-128.471
Baten
-
-
137.277
137.277
Lasten
2.627.328
3.131.728
3.351.602
-219.874
Saldo
-2.627.328
-3.131.728
-3.214.325
82.597
Baten Lasten
134.500
134.500
135.983
-1.483
Saldo
-134.500
-134.500
-135.983
1.483
Baten
-
-
4.920
4.920
Lasten
771.700
731.700
875.048
-143.348
Saldo
-771.700
-731.700
-870.128
138.428
651.030
-
-
646.747
4.283
Baten
896.000
Lasten Saldo Totaal saldo baten en lasten
-896.000
-651.030
-646.747
-4.283
-16.848.668
-18.965.958
-18.990.237
24.279 nadeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
114.000
670.700
541.417
-129.283
Lasten
335.150
489.150
541.603
-52.453
-221.150
181.550
-186
181.736
Saldo reserves
nadeel Resultaat
-17.069.818
-18.784.408
-18.990.423
206.015 nadeel
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
Bedrag
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
130.964
Voordeel/N adeel
I/S
V
I
V
I
N N
I I
-130.964 22. FACILITAIR
Afwijkingen < € 75.000
-38.127 -38.127
23. HUISVESTING
Verhuiskosten a.g.v. verlaten Europaweg. Afwijkingen < € 75.000
Pagina 65 van 98
136.662 48.610
185.272 61. COMMUNICATIE
Totale afwijking < € 75.000
3.442
N
I
V
I
V N
I I
V
I
V N N
I I I
N
I
N N
I I
V
I
6.703
N
I
140.591
V
I
25.943
N
I
263.512
N
I
16.886
N
I
N
I
3.442 62. MIDDELEN
Totale afwijking < € 75.000
-43.553 -43.553
63. VERZEKERINGEN
64. PERSONEELSZAKEN
Verzekeringen personeel. Lagere inleg Waarborgfonds en lager schadebedrag. Schadebedrag betreft de daadwerkelijke kosten ten tijde van afwikkeling. De hoogte van deze kosten kan over de jaren heen een grillig verloop vertonen Afwijkingen < € 75.000 Totale afwijking < € 75.000
-77.825 36.280
-41.545
128.471 -128.471
65. INFORMATIE
Lagere licentiekosten o.a. door reële doorbelasting aan Meldkamer Hogere kosten voor securitymaatregelen Afwijkingen < € 75.000
134.509 158.383 58.723 82.597
66. ARBO
Totale afwijking < € 75.000
1.483 1.483
89. OVERIG
Hogere bijdrage aan NIPV i.h.k.v. verdergaande samenwerking Afwijkingen < € 75.000
95. RENTE EN AFSCHRIJVING
Voor een toelichting zie § 6.1.
99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Egalisatiereserve afschrijvingen: verschil tussen begrote en werkelijke kapitaallasten en verkoop Bedrijfsvoeringsreserve: Toevoeging bespaarde huur
100.299 38.129 138.428 -4.283
Onderuitputting budget voor inrichting kazernes Egalisatie noodfonds crisisbeheersing: toevoeging niet gebruikt extra BDuR budget Onderuitputting budget duurzaamheidsmaatregelen Bijkomende kosten materieelspreidingsplan
9.283 Totaal
-4.283
181.736 206.015
Pagina 66 van 98
N
Programma 7. Algemene Dekkingsmiddelen Begroting na wijziging 2025
Begroting 2025
Realisatie 2025
Verschil 2025
Product
L/B
01. PERSONELE KOSTEN-Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Baten
-
-
-
-
Lasten
417.000
178.300
-
178.300
Saldo
-417.000
-178.300
-
-178.300
Baten
1.088.500
836.850
1.258.223
Lasten
1.088.500
836.850
823.310
13.540
-
434.913
-434.913
71. TREASURY-Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Saldo 72. LOON- EN PRIJSCOMPENSATIE-Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
Baten Lasten
73. BIJDRAGEN RIJK EN GEMEENTEN-Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien
3.437.258
-
-
-
721.590
707.000
14.590
Saldo
-3.437.258
-721.590
-707.000
-14.590
Baten
67.199.940
68.256.613
68.256.413
-200
Lasten Saldo 88. ALGEMEEN-Algemeen
421.373
-
-
67.199.940
Baten
-
-
68.256.613
68.256.413
200
43.400
5.630
-37.770
-
Lasten
574.414
431.100
24.800
406.300
Saldo
-574.414
-387.700
-19.170
-368.530
62.771.268
66.969.023
67.965.156
Totaal saldo baten en lasten
-996.133 voordeel
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
1.964.465
Lasten
-
2.329.465
2.329.465
-
2.819.970
2.776.570
43.400
Saldo reserves
1.964.465
-490.505
-447.105
-43.400
Resultaat
64.735.733
66.478.518
67.518.051
-1.039.533
nadeel voordeel
Toelichting op Voordeel (V)/Nadeel (N) vanaf € 75.000 en Incidenteel (I) of Structureel (S) Product
Toelichting
Bedrag
01. PERSONELE KOSTEN
Saldo op salarissen, inhuur en detachering personeel wordt op totalen verantwoord en toegelicht in § 6.1.
-178.300
Voordeel/ Nadeel
I/S
V
I
V
I
V
I
N
I
V
I
V
I
-178.300 71. TREASURY
72. LOON- EN PRIJSCOMPENSATIE
Er is een voordelig renteresultaat, dat met name is gerealiseerd door de ontvangen rente van het schatkistbankieren bij de Nederlandse Staat van € 489.000. Het bedrag dat hier resteert is € 54.087. Dat is het verschil is tussen de begrote en werkelijk betaalde rente en het verschil in begrote en werkelijk toegerekende rente aan de investeringen.
-434.913 -434.913
Afwijkingen < € 75.000
-14.590 -14.590
73. BIJDRAGEN RIJK EN GEMEENTEN
Afwijkingen < € 75.000 200 200
88. ALGEMEEN
Stelposten zijn niet volledig aangewend w.o. post onvoorzien en piketvergoeding Verdere afwijkingen < € 75.000
99. MUTATIE(S) RESERVE(S)
Afwijkingen < € 75.000
-368.530 -368.530 -43.400 -43.400 -1.039.534
Totaal
Pagina 67 van 98
V
Programma 8. Brandweerkazernes in eigendom en overgangsrecht Product
L/B
801. APELDOORN-Apeldoorn
Baten
Begroting na wijziging 2025 372.000 372.000
Lasten
372.000
802. DOETINCHEM-Doetinchem
803. HARDERWIJK-Harderwijk
804. EPE-Epe
805. ZUTPHEN-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
806. AALTEN-Aalten
807. BERKELLAND-Berkelland
808. BRONCKHORST-Bronckhorst
809. BRUMMEN-Brummen
81. APELDOORN-Apeldoorn
810. ELBURG-Elburg
811. ERMELO-Ermelo
812. HATTEM-Hattem
813. HEERDE-Heerde
814. LOCHEM-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
Begroting 2025
372.000
Realisatie 2025
Verschil 2025
816.400
444.400
816.400
-444.400
Saldo
-
-
-
-
Baten
183.000
183.000
221.141
38.141
Lasten
183.000
183.000
221.141
-38.141
Saldo
-
-
-
-
Baten
125.000
125.000
142.439
17.439
Lasten
125.000
125.000
142.439
-17.439
Saldo
-
-
-
-
Baten
49.000
49.000
59.146
10.146
Lasten
49.000
49.000
59.146
-10.146
Saldo
-
-
-
-
Baten
125.000
125.000
148.491
23.491
Lasten
125.000
125.000
148.491
-23.491
Saldo
-
-
-
-
Baten
33.000
33.000
28.394
-4.606
Lasten
33.000
33.000
28.394
4.606
Saldo
-
-
-
-
Baten
56.000
56.000
46.958
-9.042
Lasten
56.000
56.000
46.958
9.042
Saldo
-
-
-
-
Baten
58.000
58.000
51.883
-6.117
Lasten
58.000
58.000
51.883
6.117
Saldo
-
-
-
-
Baten
25.000
25.000
32.604
7.604
Lasten
25.000
25.000
32.604
-7.604
Saldo
-
-
-
-
Baten
2.111.000
2.111.000
1.531.571
-579.429
Lasten
2.111.000
2.111.000
1.531.571
579.429
Saldo
-
-
-
-
Baten
41.000
41.000
36.025
-4.975
Lasten
41.000
41.000
36.025
4.975
Saldo
-
-
-
-
Baten
20.000
20.000
17.671
-2.329
Lasten
20.000
20.000
17.671
2.329
Saldo
-
-
-
-
Baten
14.000
14.000
12.948
-1.052
Lasten
14.000
14.000
12.948
1.052
Saldo
-
-
-
-
Baten
27.000
27.000
26.404
-596
Lasten
27.000
27.000
26.404
596
Saldo
-
-
-
-
Baten
65.000
65.000
61.773
-3.227
Lasten
65.000
65.000
61.773
3.227
Saldo
-
-
-
-
Pagina 68 van 98
815. MONTFERLAND-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
816. NUNSPEET-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
817. OLDEBROEK-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
818. OOST GELRE-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
819. OUDE IJSSELSTREEK-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
82. DOETINCHEM-Doetinchem
820. PUTTEN-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
821. VOORST-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
822. WINTERSWIJK-Kazernes in eigendom en overgangsrecht
88. ALGEMEEN-Algemeen
Baten
30.000
30.000
34.675
4.675
Lasten
30.000
30.000
34.675
-4.675
Saldo
-
-
-
-
Baten
34.000
34.000
29.967
-4.033
Lasten
34.000
34.000
29.967
4.033
Saldo
-
-
-
-
Baten
33.000
33.000
44.500
11.500
Lasten
33.000
33.000
44.500
-11.500
Saldo
-
-
-
-
Baten
71.000
71.000
65.457
-5.543
Lasten
71.000
71.000
65.457
5.543
Saldo
-
-
-
-
Baten
47.000
47.000
54.862
7.862
Lasten
47.000
47.000
54.862
-7.862
Saldo
-
-
-
-
Baten
10.000
492.000
445.096
-46.904
Lasten
10.000
492.000
445.096
46.904
Saldo
-
-
-
-
Baten
19.000
19.000
26.326
7.326
Lasten
19.000
19.000
26.326
-7.326
Saldo
-
-
-
-
Baten
33.000
33.000
43.494
10.494
Lasten
33.000
33.000
43.494
-10.494
Saldo
-
-
-
-
Baten
21.000
21.000
30.392
9.392
Lasten
21.000
21.000
30.392
-9.392
Saldo
-
-
-
-
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
-
-
Saldo
-
-
-
-
-
-
-
-
Totaal saldo baten en lasten
Mutaties reserves 99. MUTATIE(S) RESERVE(S)-Mutatie(s) reserve(s)
Baten
-
-
-
-
Lasten
-
-
-
-
-
-
-
-
Saldo reserves Resultaat
-
-
-
-
Toelichting Binnen dit programma wordt een aantal specifieke producten verantwoord die VNOG uitvoert. Programma 8 sluit altijd op nihil aangezien alle kosten en opbrengsten met de desbetreffende gemeenten per product worden verrekend. In dit programma is het onderdeel ‘facilitaire kosten’ van de demarcatieregeling ondergebracht waarin per kazerne gemonitord wordt wat de kosten zijn. In deze verantwoording zijn de belangrijkste afwijkingen van de begroting nader toegelicht. Deze verantwoordingen zijn separaat aan de (financieel) ambtenaren van de desbetreffende gemeenten overlegd. De enige kazerne die VNOG nog in eigendom heeft, is die van de gemeente Doetinchem. Daarnaast is met de gemeente Apeldoorn een uitwerkingsovereenkomst afgesloten voor de kazernes. Aangezien VNOG de exploitatie voor de betreffende gemeenten uitvoert, worden alle uitgaven afgerekend met de betreffende gemeenten. De uitvoering van het overgangsrecht wordt verzorgd door VNOG en 1 op 1 verrekend met de betreffende gemeente. Periodiek worden richtlijnen verstrekt vanuit het landelijk arbeidsvoorwaardenakkoord.
Pagina 69 van 98
7. Waarderingsgrondslagen Algemeen De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door het algemeen bestuur d.d. 27 november 2025 de uitgangspunten voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld. De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de veiligheidsregio. Waardering van passiva en activa alsmede de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde, tenzij in deze grondslagen anders is vermeld. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, onverschillig of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag.
Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar worden genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten verantwoord in het jaar dat uitbetaling plaats vindt. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt dan ook geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De waarderingsgrondslagen per balansonderdeel worden in het vervolg van deze jaarrekening toegelicht. Materiële vaste activa Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs (dit omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten) onder aftrek van de cumulatieve afschrijvingen. De gehanteerde afschrijvingsmethoden staan beschreven in de Financiële Verordening. De VNOG schrijft af volgens de lineaire methode op al haar reguliere activa en annuïtair op de gebouwen. Aan investeringen die gedurende het boekjaar worden aangeschaft wordt wel rente toegerekend, maar er wordt daarvoor geen afschrijving berekend.
De eerste afschrijving vindt plaats in het boekjaar volgend op het jaar van aanschaf. De afschrijving wordt gebaseerd op de levensduur van de activa. Verkort overzicht afschrijvingstermijnen Waardering en afschrijving vaste activa: 1. Duurzame goederen met een stuksprijs hoger dan € 15.000 (inclusief BTW) worden geactiveerd. Duurzame goederen met een stuksprijs lager dan € 15.000 kunnen worden geactiveerd als deze samenhangen met een groter geheel c.q. aantallen. 2. Afschrijving van gebouwen vindt plaats op basis van de annuïtaire methode, op gronden wordt niet afgeschreven. Op alle overige activa wordt lineair afgeschreven. 3. De rente voor de toerekening van de kapitaallasten wordt bepaald door het algemeen bestuur bij de vaststelling van de begroting.
Pagina 70 van 98
4. De materiële vaste activa met economisch nut, zoals bedoeld in artikel 35 van het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeente, worden afgeschreven volgens de afschrijvingstermijnen zoals vastgesteld in de vergadering van het DB van 29 november 2018 of zoals daarna is voorgelegd en vastgesteld. Het vaststellen van de afschrijvingstermijnen is, op grond van de huidige Financiële Verordening, een bevoegdheid van het DB. Aanvullend op de vastgestelde lijst zijn de volgende uitgangspunten vastgesteld: a. Tweedehands aangekochte activa worden afgeschreven op basis van de geschatte resterende economische levensduur; b. Investeringen die in voorgaande leden niet specifiek zijn benoemd worden afgeschreven op basis van de verwachte economische levensduur. Vorderingen Vorderingen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Liquide middelen Liquide middelen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Overlopende activa Overlopende activa zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Algemene reserve Algemene reserves zijn reserves waaraan het Algemeen Bestuur geen specifieke bestemming heeft gegeven. Bestemmingsreserves Bestemmingsreserves zijn reserves waaraan het algemeen bestuur een specifiek doel heeft gegeven. Binnen deze reserves is onderscheid mogelijk in wettelijke, egalisatie en overige bestemmingsreserves. Voorzieningen Voorzieningen moeten gevormd worden wegens: a.
verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs te schatten; b. op de balansdatum bestaande risico’s ter zake van bepaalde te verwachten verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs is te schatten; c. kosten die in een volgend begrotingsjaar zullen worden gemaakt, mits het maken van die kosten zijn oorsprong mede vindt in het begrotingsjaar of in een voorafgaand begrotingsjaar en de voorziening strekt tot gelijkmatige verdeling van lasten over een aantal begrotingsjaren. De voorzieningen worden gevormd tegen nominale waarde. Vaste schulden, met een rentetypische looptijd langer dan één jaar De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.
Pagina 71 van 98
Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid 2025. Dat betekent dat: • De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet; • De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: o Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 26 juni 2025 door het algemeen bestuur is vastgesteld; o Voor het begrotingscriterium staan de uitgangspunten beschreven in art. 10 Begrotingscriterium van de Verordening financieel beleid, beheer en organisatie (artikel 212 Gemeentewet) van de Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland 2024; • De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening.
Dit betekent dat: o Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde € 1.578.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; o Een rapporteringstolerantie van € 157.800 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.
Pagina 72 van 98
8. Toelichting op de balans Activa Materiele Vaste Activa (MVA) Aanschafwaarde per 01-01-2025
84.712.812
Af: Afschrijving per 01-01-2025
-43.911.588
Stand per 01-01-2025
40.801.224
Bij: Investeringen 2025
17.186.749
Af: Bijdragen derden
-
Af: Desinvestering 2025
-1.608.957
Bij: cum afschrijvingen des-investeringen 2025
1.608.957
Af: Afschrijvingen 2025
-5.196.039
Af: Afwaarderingen 2025
-
Totaal saldo activa per 31-12-2025
52.791.934
De stand per 1-1-2025 bestaat uit de boekwaarde van de gehele VNOG. De VNOG kent alleen investeringen met economisch nut. De activa van de VNOG bestaan uit vijf categorieën, namelijk gronden & terreinen, bedrijfsgebouwen, vervoermiddelen, apparatuur en overige activa. Hieronder de stand van de balans per categorie. Verloopstaat Investeringen 2025 Categorie Boekwaarde per 01-01-2025
Gronden & Terreinen
Bedrijfsgebouwen Vervoermiddelen
Machines & apparaten & installaties
Overige materiele vaste activa
Totaal
670.000
3.339.022
21.542.875
9.900.196
5.349.132
40.801.224
Bij: investering 2025
-
16.002
14.204.767
2.802.321
163.658
17.186.749
Af : bijdragen derden
-
-
-
-
-
-
Af: desinvestering 2025
-
-
-1.259.927
-240.801
-108.228
-1.608.957
Bij: cum afschrijvingen des-investeringen 2025
-
-
1.259.927
240.801
108.228
1.608.957
Af: Afschrijving 2025
-
-250.149
-2.526.025
-1.634.494
-785.371
-5.196.039
Subtotaal
670.000
3.104.875
33.221.617
11.068.023
4.727.419
52.791.934
Af: Afwaarderingen 2025
670.000
3.104.875
33.221.617
11.068.023
4.727.419
52.791.934
Totaal saldo activa per 31-12-2025
Toelichting op de afschrijvingen De gehanteerde afschrijvingsmethoden zijn conform de Financiële Verordening VNOG 2024, paragraaf 4, artikel 11. Op gronden & terreinen wordt niet afgeschreven, op bedrijfsgebouwen wordt annuïtair afgeschreven. Alle overige activa schrijft de VNOG af volgens de lineaire methode. Aan investeringen die gedurende het boekjaar worden aangeschaft, wordt wel rente toegerekend, maar daarover wordt geen afschrijving berekend. De eerste afschrijving vindt plaats in het boekjaar volgend op het jaar van aanschaf. Het DB heeft een afschrijvingstabel (termijn) vastgesteld die met ingang van 2019 wordt toegepast. In het jaar 2025 heeft de VNOG € 17.186.749 geïnvesteerd. De gerealiseerde investeringen zijn lager dan het totaal toegekende investeringsbudget. De uitvoering van de vervangingsinvesteringen van m.n. materieel en materialen voor Brandweerzorg heeft in het verleden om meerdere redenen vertraging opgelopen. Hierbij speelden moeizame aanbestedingen, schaarste en Pagina 73 van 98
oplopende prijzen een belangrijke rol. Een aantal investeringen zijn hierdoor verplaatst naar de komende jaren. Alhoewel een deel van deze onderwerpen nog steeds speelt, is een groot gedeelte van het toegekende investeringsbudget inmiddels omgezet in succesvolle aanbestedingen en loopt de uitrol inmiddels voorspoediger. In totaal bedroegen de desinvesteringen in 2025 € 1.608.957. Van deze desinvesteringen is getoetst op welke wijze de afstoot ervan heeft plaatsgevonden. Bij verwerking van de (des)investeringen en afschrijvingen over 2025 sluiten het overzicht van de activa en de administratieve verwerking ervan in de balans, op elkaar aan. Restantkredieten 2025 In hoofdstuk 13 staan de kredieten die in 2025 niet (geheel) zijn uitgevoerd. De uitvoering vindt plaats in 2026 of later. Deze kredieten worden overgeheveld naar 2026. Vlottende activa Vorderingen < 1 jaar Onder vorderingen op korte termijn vallen vorderingen die binnen een jaar afgehandeld worden. In onderstaande tabel staan de vorderingen op korte termijn aangegeven. Uitzettingen < 1 jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks Schatkist met een looptijd < 1 jaar Rekening courant verhouding met het Rijk Overige vorderingen Totaal uitzettingen < 1 jaar
31-12-2025 478.183 17.203.942 257.772 17.939.897
31-12-2024 329.400 7.815.685 27.946 8.173.031
Mutatie 148.783 9.388.257 229.826 9.766.866
Vorderingen op openbare lichamen Dit betreft vorderingen op diverse openbare lichamen die in 2026 worden afgewikkeld. Schatkistbankieren Met ingang van 1 januari 2014 heeft het Ministerie van Financiën het voor overheidslichamen verplichte schatkistbankieren ingevoerd. De VNOG is hierdoor verplicht om overtollige middelen in rekening-courant aan te houden bij het Ministerie van Financiën. Als overtollig wordt aangemerkt alle middelen die een drempelbedrag overschrijden. Voor VNOG is het drempelbedrag voor 2025 bepaald op € 1.606.271. VNOG legt in navolgende tabel verantwoording af over de wijze waarin in 2025 de regels over schatkistbankieren zijn nageleefd. Per kwartaal 2025
1
2
3
4
Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden
869.525
831.096
808.456
843.068
1.606.271
1.606.271
1.606.271
1.606.271
736.746
775.175
797.815
763.203
-
-
-
-
Drempelbedrag Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
Uit de tabel blijkt dat VNOG in 2025 de regels voor het schatkistbankieren volledig heeft nageleefd. Rekening – courantverhouding met het Rijk Als rekening courant met het Rijk wordt de zero-balance-rekening gebruikt. Via dit rekeningnummer verlopen de afromingen naar en de opnames uit ’s Rijks schatkist van en naar de rekening courant VNOG. Het saldo van de zero balance-rekening is altijd € 0.
Pagina 74 van 98
Overige vorderingen Dit bedrag bestaat uit openstaande posten op overige debiteuren. Liquide middelen Liquide middelen staan ter vrije beschikking: Liquide Middelen
31-12-2025
31-12-2024
Mutatie
Bank BNG NOG
150.330
794.984
-644.654
Simpled Card (SC)
48.995
56.392
-7.397
Totaal liquide middelen
199.325
851.376
-652.051
Banksaldo De VNOG heeft een rekening-courantkrediet bij de BNG groot 3 miljoen euro. Per 31-12-2025 bedroeg de feitelijke vordering op de BNG Bank € 150.330. Overlopende activa Overlopende activa
31-12-2025
Nog te ontvangen bijdragen overige overheid (SPUK) Nog te ontvangen overige overheid Overige nog te ontvangen bedragen
31-12-2024
Mutatie
62.295
-
62.295
1.037.120
1.285.661
-248.542
198.105
264.826
-66.721
Vooruitbetaalde bedragen
2.730.375
1.841.784
888.591
Totaal overlopende activa
4.027.894
3.392.271
635.623
Nog te ontvangen bijdragen van overige overheid Dit betreffen nog te ontvangen bijdragen van deelnemende gemeenten. De nog te ontvangen bijdragen hebben voornamelijk betrekking op de jaarafrekening demarcatie met deelnemende gemeenten. Overige nog te ontvangen bedragen Onder de post ‘Overige nog te ontvangen bedragen’ staan de opbrengsten die de VNOG als baten heeft opgenomen in de exploitatie, maar die nog niet zijn gefactureerd en/of zijn ontvangen. Vooruitbetaalde bedragen Het bedrag aan vooruitbetaalde kosten heeft met name betrekking op opleidingskosten waarvoor al in rekening is gebracht, terwijl de bijbehorende prestaties pas in de komende jaren worden geleverd. Dit betreft tevens meerjarige licentiekosten die vooraf zijn gefactureerd. Het resterende deel van de vooruitbetaalde kosten bestaat uit in 2025 betaalde facturen die betrekking hebben op het begrotingsjaar 2026.
Pagina 75 van 98
Passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit de algemene reserve en bestemmings- en egalisatiereserves en het gerealiseerd resultaat over het boekjaar. Verloopstaat reserves Omschrijving
Stand 1-1-2025
Exploitatie 2025
Bestemming rekeningresultaat 2024
1.792.945
Algemene Reserve
1.135.114
Vermeerderingen
Verminderingen
365.000
1.427.945
Toevoeging rente 2025
Stand 31-12-2025
-
-
-
1.135.114
Bestemmingsreserves Jeugdbrandweer Oost-Gelre
5.436
-
5.436
Tijdelijke reserve (jaarovergang)
464.000
699.865
464.000
-
699.865
Egalisatiereserve afschrijvingen
11.086.709
4.268.788
2.043.645
-
13.311.853
40.000
-
460.000
Bestemmingsreserve Frictiekn LMO
500.000
Tijdelijke reserve incidentele veranderkosten
97.929
Tijdelijke reserve flankerende kosten dekkings- spreidingsplan
134.386
Egalisatiereserve inzetten(uitruk)
400.000
Reserve duurzaamheidsmaatregelen
-
616.886
-
97.929
20.717
-
113.669
105.249
-
294.751
185.000
-
431.886 148.770
Bestemmingsreserve SOS-toegang en hogedrukleiding
213.841
65.071
-
Gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing
240.155
240.155
-
-
Egalisatiereserve MKON
381.035
208.929
-
589.965
Bedrijfsvoeringsreserve
4.440.119
580.847
-
3.992.656
Egalisatiereserve noodfonds crisisbeheersing (BDuR)
1.825.041
612.021
Totaal Reserves
22.716.712
365.000
6.987.337
1.028.310 5.620.091
-
2.437.063
-
23.718.958
Algemene reserve Deze reserve behoort tot de weerstandscapaciteit. Bedrijfsvoeringsreserve Deze reserve behoort gedeeltelijk tot de weerstandscapaciteit. Het onderdeel tijdelijke huisvesting en inrichting kazernes (beide ten behoeve van de egalisatie van kosten en de reserve tijdelijke huisvesting tot het moment, dat de 1-post in Apeldoorn in gebruik wordt genomen) behoort niet tot de weerstandscapaciteit. Verloop van de bedrijfsvoeringsreserve
Mutaties
Stand 1 januari 2025
4.440.119
Tijdelijke huisvesting (1-1-2025) ¹
62.784
Toevoegingen
147.559
Onttrekkingen Egalisatie tijdelijke huisvesting (31-12-2025) ¹
210.343
Inrichting kazernes (1-1-2025) Toevoegingen Onttrekkingen Egalisatie inrichting kazernes (31-12-2025) ²
Bedrijfsvoeringsreserve
147.559
25.943 25.943
25.943
4.377.335
Toevoegingen
407.345
Onttrekkingen
1.028.310
Bedrijfsvoeringsreserve (31-12-2025)
3.756.370
-620.965
-447.463
Stand 31 december 2025
3.992.656
¹ De bespaarde huur van de Europaweg (onder tijdelijke huisvesting) wordt Tot onderstaande beschikkingen uit de bedrijfsvoeringsreserve is al gestort in deze bedrijfsvoeringsreserve en is bedoeld voor de kosten die besloten: Personele knelpunten (t/m 2026)
-295.000
Uitbreiding 24-uursdienst (t/m 2028)
-240.000
Tijdelijke formatie VSP (t/m 2028)
-105.000
Versterking bedrijfsvoering
-407.345 -1.047.345
Pagina 76 van 98
2.945.311
Jeugdbrandweer Oost-Gelre Van de voormalige Stichting Jeugdbrandweer Oost-Gelre heeft VNOG, na het opheffen van deze stichting, de reserve ontvangen. Deze reserve is voor de jeugdgroep Oost-Gelre binnen de Jeugdbrandweer VNOG. Tijdelijke reserve (jaarovergang) Via deze reserve zijn via een besluit van het algemeen bestuur budgetten overgeheveld van 2024 naar 2025 en van 2025 naar 2026. Egalisatiereserve afschrijvingen Bij de uitgangspunten voor het opstellen van de begroting is afgesproken dat de verkoop van voertuigen, het afboeken van restant-boekwaarden en het verschil tussen begroting en rekening van rente en afschrijving wordt verrekend met de egalisatiereserve. Verloop van de egalisatiereserve afschrijvingen Stand 1 januari 2025
11.086.709
Toevoegingen: Verkoop materieel 2025
347.613
Toevoeging uit jaarrekeningresultaat 2024
1.427.945
Toevoeging besluit halfjaarrapportage 2025
224.760
Uitoefening besluiten algemeen bestuur 2025
163.795
Resultaat kapitaallasten jaarrekening 2025 (verschil t.o.v. halfjaarrapportage 2025)
61.030 2.225.143
Stand 31 december 2025
13.311.853
Bestemmingsreserve Frictiekosten LMO/LMS In 2018 hebben alle veiligheidsregio’s, waaronder dus ook VNOG, elk € 500.000 van het Rijk ontvangen ten behoeve van de frictiekosten die ontstaan na vorming van de Landelijke Meldkamer. De reserve wordt binnen VNOG nog aangehouden, totdat de nieuwe meldkamersamenwerking geheel is uitgekristalliseerd. De Meldkamer Oost-Nederland – Meldkamer Brandweer/Multi (MKON-MKBM) heeft in lijn hiermee aan de vijf deelnemende veiligheidsregio’s verzocht om deze middelen vooralsnog in reserve te houden, om eventueel nog komende onvoorziene kosten te kunnen dragen. Op termijn kunnen deze middelen, mochten ze niet nodig blijken te zijn, binnen de individuele veiligheidsregio’s blijven om naar eigen inzicht in te zetten. Afstemming over de inzet en/of de mogelijke beëindiging van deze middelen zal plaatsvinden in het Directieberaad/de Bestuursraad van de MKON-MKBM en zal daarna aan de veiligheidsregio’s ter besluitvorming worden voorgelegd (beoogd: na verschijning rapport van de evaluatie MKON-MKBM die in 2026 zal starten). Er zijn veiligheidsregio’s die deelnemen aan de MKON-MKBM die deze middelen, om redenen van interne regelingen, niet meer in een reserve konden aanhouden.
De partners binnen MKON-MKBM gaan ervan uit dat, mocht een beroep op deze middelen op een gegeven moment toch nodig zijn, de betreffende regio’s dan vanuit eigen middelen hun aandeel bijdragen. Tijdelijke reserve incidentele veranderkosten Betreft een tijdelijke (tot eind 2025) bestemmingsreserve voor 'veranderkosten organisatieontwikkeling' (onderdeel van de Toekomstvisie 2020) met een maximale hoogte van € 1.040.000. Het laatste traject (ontwikkeling postcommandanten) wordt in 2026 uitgevoerd.
Pagina 77 van 98
Voorgesteld wordt om deze reserve voor het restant (€ 98.000) 1 jaar langer in stand te houden ten behoeve van dit leiderschapstraject. Tijdelijke reserve flankerende kosten dekkings- en spreidingsplan Betreft een tijdelijke (tot eind 2027) bestemmingsreserve voor 'flankerende kosten dekkings-en spreidingsplan' met een maximale hoogte van € 360.000. In 2025 is hiervoor € 20.717 uitgegeven en ten laste van deze reserve gebracht. Egalisatiereserve inzetten (uitruk) Betreft een egalisatiereserve voor 'inzetten (uitruk)', zonder einddatum en met een maximale hoogte van € 400.000. In 2025 is hieraan € 105.249 onttrokken. Bestemmingsreserve duurzaamheid Betreft een reserve met een looptijd tot en met einde 2030 voor het uitvoeren van duurzaamheidsmaatregelen en met een maximale hoogte van € 600.000. Bepaalde acties uit het in november 2024 vastgestelde Klimaatplan VNOG worden onder andere vanuit deze reserve bekostigd / voorgefinancierd. Voor nadere toelichting wordt verwezen naar de paragraaf bedrijfsvoering onderdeel duurzaamheid. Bestemmingsreserve SOS-toegang en hogedrukleiding Deze reserve is bestemd voor eenmalige kosten die zich over meerdere jaren verspreid voordoen, namelijk voor: • SOS-toegang: om toegang te krijgen tot panden gebruikt de brandweer nu nog veelal zogenaamde fysieke ‘sleutelbuizen’.
Steeds meer hulpdiensten en veiligheidsregio’s stappen over naar toegang via het landelijke “SOS-toegang”, een digitaal systeem met ontvanger en zender. De eenmalige opstartkosten 2023-2026 bedragen € 85.000. Hiervoor wordt deze reserve ingezet. Vanaf 2027 zijn de structurele kosten (€ 25.000) gedekt in de begroting. • Hogedruk blusleidingen: binnen VNOG zijn nog 42 panden met een hogedruk blusleiding uitgerust, in bepaalde gevallen op basis van een door het bevoegd gezag opgelegde vergunningsvoorwaarde. Een dergelijke leiding loopt door een pand heen, zodat de brandweer water snel beschikbaar heeft in het pand. Op onze nieuwe voertuigen passen we echter geen hoge druk meer toe, maar werken we met lage druk. De hogedruk leidingen moeten daarop worden aangepast. Gebouweigenaren mogen niet op een onredelijke wijze benadeeld worden, omdat zij door deze ontwikkeling niet meer kunnen voldoen aan de vergunningsvoorwaarden. Met de eigenaren zijn gesprekken gevoerd en kosten zijn in beeld gebracht. Aanpassing van de panden kost totaal eenmalig naar eerste schatting maximaal € 150.000 (voor alle 42 panden); dit is afhankelijk van het aantal objecten dat uiteindelijk wordt aangepast. De eenmalige aanpassing wordt door VNOG bekostigd, verder onderhoud is weer aan de ondernemer. Hiervoor is in 2023 een reserve gevormd van € 150.000.
Gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing In december 2023 is een bestemmingsreserve ‘Bijdrage VNOG gebiedsgerichte aanpak Natuurbrandrisico’ ingesteld met een looptijd t/m eind 2026 en met een maximale hoogte van € 416.000. Deze reserve heeft tot doel de dekking van de projectkosten spoor 1 waaronder de inhuur en vervanging van personele capaciteit en incidentele projectkosten waaronder ICT. In 2025 zijn deze middelen toegevoegd aan de projectbegroting. Egalisatiereserve MKON-MKBM Met het afsluiten van het convenant (ex art. 35 Wvr) tussen de 5 veiligheidsregio’s in de nieuwe Meldkamer Oost-Nederland (onderdeel Meldkamer Brandweer/Multi: MKON-MKBM) is besloten tot het instellen van een egalisatiereserve voor de gedeelde kosten. Pagina 78 van 98
In het convenant is daarover het volgende opgenomen: “Het resultaat zoals verantwoord in het programma MKON-MKBM in de jaarrekening van VNOG wordt automatisch toegevoegd of onttrokken aan de bestemde reserve MKON-MKBM.” Er is in het convenant voor deze reserve MKON-MKBM (nog) geen plafond afgesproken. De MKON-MKBM bestaat nog maar kort; er moet nog ervaring worden opgedaan, ook omtrent de financiën. Bovendien komen er mogelijk nog ontwikkelingen vanuit het land op de MKON-MKBM af, waarbij inzet van de reserve gewenst kan zijn. De werking van de reserve zal door de partners in de MKON-MKBM worden geëvalueerd en er kan dan mogelijk een plafond worden afgesproken (beoogd: na verschijning rapport van de evaluatie MKON-MKBM die in 2026 zal starten). Het meerdere dat uitstijgt boven het plafond kan vervolgens terugvloeien naar de vijf regio’s conform de financiële verdeelsleutel van MKONMKBM. Voor 2025 is € 208.929 toegevoegd. Egalisatiereserve noodfonds crisisbeheersing (extra-BDuR) Het ‘Noodfonds crisisbeheersing’ is ingesteld door het algemeen bestuur op 30 maart 2023, met een onbeperkte looptijd en met een tijdelijke maximale hoogte van € 3.000.000 per 31 december 2025 (hierna bedraagt de maximale hoogte € 2.500.000).
Doel van deze extra BDuRmiddelen is het versterken en flexibiliseren van crisisbeheersing, informatiepositie en informatie-uitwisseling om zo nog beter in staat te zijn toekomstige incidenten of crises met impact op één of meer gemeenten het hoofd te bieden. De in enig jaar niet bestede middelen van de vanaf 2023 extra ontvangen BDuR middelen worden hierin gestort en worden ingezet voor onvoorziene bekostiging van materiaal, diensten en inhuur bij (langdurige) crises; daarnaast fungeert deze reserve ook als kostenegalisatie-instrument bij de uitvoering van het bestedingsplan omtrent de extra-BDuR, dat het algemeen bestuur ook op 30 maart 2023 heeft vastgesteld. Verloopstaat voorzieningen Voorzieningen per 31-12-2025
Omschrijving
Saldo 1-1-2025
Vermeerderingen Verminderingen
Verminderingen door vrijval
Saldo per 31-122025
Voorzieningen voor risico's en verplichtingen Verlofsparen
378.523
125.256
-
Verlofsparen MKON
77.322
-
3.033
74.289
Binnenschilderwerk kazernes
238.511
150.000
71.727
316.783
Voorziening Regeling Vervroegde Uittreding (RVU)
85.719
81.983
90.034
77.668
503.778
Voorzieningen voor middelen van derden, waarvan de bestemming gebonden is Groot onderhoud kazerne Doetinchem Totaal voorziening
800.405
66.405
6.824
1.580.480
423.643
171.619
859.986 -
1.832.505
Toelichting voorzieningen Voorziening verlofsparen (wordt geboekt t.l.v. programma’s in kwestie) en verlofsparen MKON In het arbeidsvoorwaardenakkoord gemeenten 2021-2022 is de mogelijkheid tot verlofsparen opgenomen. Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Met dit 'verlofsparen' kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning. Deze vakantie-uren verjaren niet. Dit kan gaan leiden tot verlofstuwmeren die bijvoorbeeld ingezet gaan worden om eerder met pensioen te gaan. Bij dit verlofsparen is sprake van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen (conform besluit begroting en verantwoording) die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen en daarom dient hiervoor een voorziening te worden gevormd. In 2025 is door medewerkers gebruikt gemaakt van deze mogelijkheid. Pagina 79 van 98
Op 31 december is het saldo per medewerker bepaald en afgezet tegen het werkelijke uurloon per medewerker. Voor deze uren is tegen het werkelijke uurloon van de medewerkers deze voorziening gevormd. Regeling Vervroegde Uittreding (RVU) Medewerkers kunnen onder voorwaarden, met ingang van 1 januari 2024, aanspraak maken op de RVU. Deelnemen kan uitsluitend als de medewerker voor 1 januari 2029 de AOW-leeftijd bereikt en 40 of meer jaar bij de overheid heeft gewerkt, waarvan minimaal de laatste 10 jaar in dienst van een veiligheidsregio (of diens rechtsvoorganger). Daarnaast geldt de RVU voor maximaal twee jaar (24 maanden) waarbij de uitkeringsperiode aanvangt direct voorafgaand aan het bereiken van de AOW-leeftijd. Voor vaststelling van het aantal gewerkte jaren bij de overheid geldt de diensttijd voor het ambtsjubileum (CAR 3:19). Voorwaarde is dat de afspraak over deelname aan de RVU (vanwege de fiscale consequenties) uiterlijk 31 december 2025 vastligt. De uitkering stopt uiterlijk op de datum dat de medewerker de AOW-leeftijd bereikt. Bij deelname aan de regeling volgt volledige uitstroom (ontslag). In een op te stellen vaststellingsovereenkomst verklaart de medewerker geen WW-uitkering aan te vragen. Voor medewerkers met aanspraken op FLO-overgangsrecht geldt geen RVU. Voor deze groep geldt het FLO-overgangsrecht waarmee zij vervroegd kunnen uittreden.
Voor medewerkers die van de regeling RVU gebruik willen maken, heeft VNOG een voorziening gevormd. Binnenschilderwerk kazernes Voor de egalisatie van de kosten voor het binnenschilderwerk is deze voorziening ingesteld. In 2025 is er schilderwerk uitgevoerd in Heerde, Wehl en Zutphen. Groot onderhoud kazerne Doetinchem Het betreft hier een voorziening voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is. Deze worden aangewend voor het groot onderhoud aan de overgenomen kazerne van Doetinchem. Het bedrag is gebaseerd op het meerjarig onderhoudsplan van de betreffende gemeente. VNOG voert het onderhoud uit c.q. laat het onderhoud uitvoeren en de gemeente zorgt voor de financiering daarvan door middel van het storten van een bijdrage in de voorziening. In de loop van 2026 wordt een nieuw MJOP verwacht voor deze kazerne. Vaste schulden > 1 jaar Omschrijving
Rente
Lening BNG - 10 jaar - 40109776
0,81%
2.500.000
125.000
-
125.000
-
Lening BNG - 15 jaar - 40110312
1,33%
2.500.000
1.000.000
-
166.667
833.333
Lening BNG - 10 jaar - 40110517
0,70%
2.500.000
500.000
-
250.000
250.000
Lening BNG - 10 jaar - 40110644
0,40%
5.000.000
1.000.000
-
500.000
500.000
Lening BNG - 10 jaar - 40110766
0,39%
5.000.000
1.000.000
-
500.000
500.000
Lening BNG - 10 jaar - 40111179
0,68%
3.000.000
900.000
-
300.000
600.000
Lening BNG - 10 jaar - 40111678
0,69%
6.000.000
2.400.000
-
600.000
1.800.000
Lening BNG - 10 jaar - 40111883
0,69%
4.000.000
1.600.000
-
400.000
1.200.000
Lening BNG - 10 jaar - 40112457
0,70%
4.000.000
1.600.000
-
400.000
1.200.000
Lening BNG - 15 jaar - 40117375
3,10%
9.000.000
9.000.000
-
600.000
8.400.000
Lening BNG - 15 jaar - 40117376