(063) Perspectiefnota 2025-2028 vastgesteld B&W
Tekst van het document
Uitdaging opvang nieuwe inwoners (statushouders) We staan met elkaar in Nederland en in de gemeente Brummen voor de uitdaging om een toenemend aantal statushouders op te vangen. Mensen die op de vlucht zijn voor oorlog, geweld en onderdrukking. Mensen die na een vaak lange procedure in Nederland een verblijfsvergunning hebben gekregen. Gemeenten hebben de wettelijke maar ook morele verantwoordelijkheid om te zorgen voor ondersteuning, passende woonruimte en inburgering. Statushouders zijn immers ‘nieuwe Nederlanders’ en daarmee ook welkome nieuwe inwoners van onze gemeente. Meer uitkeringsgerechtigden Binnen de uitvoering WerkFit Brummen is in de periode 2019–2022 een substantiële daling in het aantal uitkeringsgerechtigden Participatiewet gerealiseerd. Vanaf 2023 is er sprake van een stijging in het aantal uitkeringsgerechtigden. De uitdaging om statushouders te huisvesten speelt hierbij ook een belangrijke rol. Statushouders zijn zeker in de eerste fase van het inburgeringstraject vaak aangewezen op een Participatiewet-uitkering. Er zijn zowel landelijke als regionale initiatieven om statushouders naar betaald werk toe te gaan leiden. Zowel lokaal als regionaal in samenwerking met het Werkcentrum Veluwe Stedendriehoek zetten we hierop in.
Meer inburgeringsplichtigen Nieuwkomers in onze gemeente hebben door de Wet inburgering een verplichting om een inburgertraject van 3 jaar te volgen. Binnen 3 jaar moeten zij het inburgeringsexamen behalen. De gemeente Brummen heeft als wettelijke taak om dit inburgeringstraject direct te organiseren en om hier regie op te voeren. We verwachten dat het aantal trajecten voor inburgering de komende jaren groeit. Minimaregelingen 2025 In oktober 2024 bespreekt de gemeenteraad de nota minimaregelingen 2025. In 2025 en de jaren daarna krijgt deze nota concrete uitwerking met een jaarlijks uitvoeringsplan. Doel hiervan is een beter bereik van de regelingen en betere communicatie hierover. Dit is immers in de begroting 2024 afgesproken. De uitvoering van de minimaregelingen vinden binnen bestaand budget minimabeleid plaats.
34
Integraal armoedebeleid In oktober 2024 neemt de gemeenteraad een besluit over de nota integraal armoedebeleid. De uitvoering van het integraal armoedebeleid krijgt in 2025 en de jaren daarna vorm op basis van een jaarlijks uitvoeringsplan. Doorbraakmethode In 2024 is in onze gemeente begonnen met de invoering van de doorbraakmethode. Er is gestart met een testfase met 30 casussen. Stichting Welzijn Brummen en Woningstichting Veluwonen nemen actief deel aan dit implementatietraject. Deze testfase wordt in 2024 geëvalueerd. Voor het vervolg wordt eind 2024 een businesscase ontwikkeld. In 2025 voeren we de doorbraakmethode als standaardwerkwijze binnen het Team voor Elkaar en WerkFit Brummen in. Voor deze implementatie in 2025 is het noodzakelijk om in de begroting 2025-2028 een doorbraakbudget van € 100.000 beschikbaar te hebben. Het inrichten van een doorbraakbudget vindt kostenneutraal binnen programma 3 in de begroting 2025-2028 plaats. Hiervoor halen wij de middelen, zoals bedoeld is bij de vorming van de bestemmingsreserve Hervormingsagenda, uit deze reserve. Het werken volgens de doorbraakmethode leidt tot betere zorg en ondersteuning én maatwerk. Dit sluit aan bij de ondersteuningsvraag van de inwoner. Betere zorg en ondersteuning is het uitgangspunt. Een andere ontwikkeling is dat het gaat leiden tot lagere kosten.
Dit weten we door ervaringen met de doorbraakmethode bij andere gemeenten. Het Instituut voor Publieke Waarden heeft recent onderzoek gedaan naar de financiële effecten van het werken volgens de doorbraakmethode binnen gemeenten. Op basis van het onderzoek van dit Instituut is bij het werken volgens de doorbraakmethode als standaardwijze vanaf 2025 een besparing van jaarlijks € 400.000 realistisch. Gezien de testfase in 2024 is in de huidige Meerjarenbegroting 2024-2027 rekening gehouden met een financiële besparing door uitvoering in de testfase van de doorbraakmethode.
35
Financiële ontwikkelingen focusgebied Sociaal Domein Focusgebied sociaal domein
2025
2026
2027
2028
Scherper ramen minimabeleid
Scenario 1
100
100
100
100
Scherper ramen Wmo
Scenario 1
640
640
640
640
Kostprijsonderzoek Jeugd
Autonoom
PM
PM
PM
PM
Kostprijsonderzoek Wmo
Autonoom
-200
-200
-200
-200
Jeugdzorg meerkosten 4 gezinnen met complexe zorgvraag
Autonoom
-300
-100
-100
-100
Jeugdhulp en onderwijs
Autonoom
-40
-40
-40
-40
Onttrekking reserve Hervormingsagenda Jeugdzorg - Jeugdhulp
Reserve
40
40
40
40
Participatiewet - meer uitkeringsgerechtigden agv taakstelling statushouders
Autonoom
-893
-487
-487
-487
Participatiewet - IOAW / BZ / BBZ BUIG
Autonoom
153
153
153
153
Participatiewet - verhoging BUIG-budget
Autonoom
300
300
300
300
Onttrekking reserve kosten opvang ontheemden - P-wet
Reserve
441
35
35
35
Participatiewet - uitvoeringskosten Apeldoorn
Autonoom
-174
-261
-348
-435
Inburgering en woonbegeleiding
Autonoom
-172
-172
Onttrekking reserve kosten opvang ontheemden - Inburgering
Reserve
172
172
PlusOV begroting 2025
Autonoom
20
-48
-145
-252
GGD-NOG begroting 2025
Autonoom
-3
-18
-19
-46
Doorbraakbudget
Nieuw beleid
-100
-
-
-
Onttrekking reserve Hervormingsagenda Jeugdzorg - Doorbraakbudget
Reserve
100
-
-
-
Doorbraakmethode: besparingen als gevolg van invoering
Autonoom
400
400
400
400
Versterking uitvoering TvE (POK)
Autonoom
-
-
83
83
Incidentele uitbreiding TvE
Autonoom
PM
Indexering en loonwaardering SW
Autonoom
50
50
50
50
Richtinggevend kader toegang sociaal domein
Autonoom
PM
PM
PM
PM
534
564
462
241
Subtotaal
Kostprijsonderzoek zorgproducten Eind 2022 is er een regionaal kostprijsonderzoek naar de inkoop van de zorgproducten Jeugdzorg en Wmo gestart. In de begroting 2024-2027 is dit al aangekondigd. Een rapportage van een extern onderzoeksbureau laat zien dat de huidige tarieven die we betalen voor Wmo-zorgproducten niet in overeenstemming zijn met de kostprijzen van de zorgaanbieders. Maar ook dat ze niet overeenkomen met de Algemene maatregel van Bestuur (AMvB) reële prijs Wmo en de vastgestelde Norm voor Opdrachtgeverschap. Om te gaan voldoen aan deze AmvB en Norm voor Opdrachtgeverschap, is aanpassing van de tarieven huishoudelijke hulp noodzakelijk. Het financieel effect aan meerkosten is € 200.000 in het jaar 2025 en verder. Het externe onderzoek voor de andere Wmo-zorgproducten en de jeugdzorgproducten is nog gaande. Om die reden zijn de optionele meerkosten van de andere Wmo-zorgproducten en de meerkosten Jeugdzorgproducten als PM-post opgenomen in deze Perspectiefnota. We verwachten bij de Meerjarenbegroting 2025-2026 zicht te hebben op de uitkomsten van het externe onderzoek en de effecten. Meerkosten 4 gezinnen met een complexe jeugdzorg problematiek In 2023 is de gemeente Brummen geconfronteerd met een enorme stijging van de uitgaven op Jeugdzorg. Dit als gevolg van beschikkingen die zijn afgegeven aan 4 gezinnen.
De problemen in deze gezinnen zijn zo groot dat langdurige inzet van jeugdzorg met verblijf noodzakelijk is gebleken. De extra uitgaven in de Jaarstukken 2023 bedroegen € 972.000. De verwachting is dat de kosten voor deze zorg ook in 2024 en 2025 noodzakelijk blijven. Om die reden is er in de Eerste Bestuursrapportage 2024 een mutatie opgenomen om deze kosten te dekken. Het gaat hier om een
36
bedrag van € 392.000. Na 2024 is de verwachting dat deze kosten aflopen. Voor 2025 houden we rekening met een bedrag van € 300.000. Voor 2026 is dat naar verwachting € 100.000. Jeugdhulp en onderwijs Om te komen tot inclusiever onderwijs worden jeugdhulp en onderwijs nauwer aan elkaar verbonden. Dit is één van de afspraken in de Hervormingsagenda Jeugd. In onze regio loopt binnen het samenwerkingsverband Zutphen een pilot in de vorm van het project preventief jongerenwerk op alle VO-scholen in Zutphen en Het Rhedens in Dieren. Besloten is de pilot door te zetten tot 2025. Na een evaluatie wordt in 2025 besloten over het vervolg en de ambitie om het vervolgens structureel in te richten. De totale kosten van dit project worden evenredig verdeeld tussen het onderwijs en de deelnemende gemeenten. Dit gebeurt naar de verhouding van het aantal afgegeven beschikkingen. Het aandeel voor de gemeente Brummen bedraagt € 40.000 in 2025. Dit bedrag wordt gedekt vanuit de bestemmingsreserve Hervormingsagenda Jeugdzorg. Dit omdat inzetten op de verbinding jeugdhulp en onderwijs onderdeel is van de Hervormingsagenda Jeugdzorg. Respectvol ontvangen statushouders/nieuwe inwoners Wij staan met elkaar voor de opgave om ook in de komende periode een groep nieuwe inwoners in onze samenleving op te nemen. Ook gelet op de huidige tijdgeest is dit een opgave die we goed en zorgvuldig moeten invullen.
Als overheid hebben we daarin een belangrijke rol, bijvoorbeeld als het gaat om inkomen, huisvesting en inburgering. Maar wij kunnen dit alleen goed regelen als we dit samen doen met inwoners, verenigingen en betrokken organisaties en professionals. De kracht van onze samenleving ligt immers in noaberschap en zorg voor elkaar. Reden dat we in samenspraak met deze partijen, het maatschappelijk middenveld en betrokken inwoners een plan van aanpak willen ontwikkelen. Dit om met elkaar ervoor te zorgen dat we deze groep nieuwe inwoners een goede start bieden in onze gemeente. In het belang van deze nieuwe inwoners, maar ook in het belang van onze eigen gemeenschap. In het najaar 2024 willen we een start maken met het opstellen van dit plan. Meer uitkeringsgerechtigden Participatiewet Binnen de uitvoering WerkFit Brummen is in de periode 2019-2022 een substantiële daling in het aantal uitkeringsgerechtigden Participatiewet gerealiseerd. Dit heeft in die periode een substantieel financieel voordeel opgeleverd voor de gemeente Brummen. Gelet op recente trends en ontwikkelingen houden we rekening met een stijging in het aantal uitkeringsgerechtigden. Dit betekent dat we het budget ‘uitkeringen Participatiewet’ voor de komende twee jaar verhogen. Voor het jaar 2025 gaan we uit van jaarlijkse meerkosten van € 1.087.000. Voor 2026 gaan we uit van meerkosten van € 887.000.
De financiering vanuit het Rijk voor de uitvoering via een specifieke gebundelde uitkering (BUIG) levert naar verwachting hogere inkomsten voor onze gemeente op. We gaan uit van extra inkomsten van € 450.000 in 2025 en € 500.000 in 2026. We gaan voor de jaren 2027 en 2028 uit van minimaal een budgetneutrale uitvoering (Rijksinkomsten BUIG dekken minimaal de uitvoeringskosten uitkeringen Participatiewet). Het verschil tussen de Rijksbijdrage uitkeringen Participatiewet (BUIG) en de uitgaven uitkeringen Participatiewet dekken we in de komende jaren (2025 en 2026) vanuit de bestemmingsreserve huisvesting bijzondere doelgroepen. Dit is verantwoord omdat we met deze gelden verantwoord zorgdragen voor een goede opvang van de bijzondere doelgroep statushouders. Deze reserve vullen we dan in 2027 en 2028 weer aan met de extra inkomsten vanuit het BUIG-budget, dat we dan ontvangen voor deze doelgroep.
37
Minder beroep op de andere inkomensvoorzieningen Naast de uitvoering van de Participatiewet zijn we ook verantwoordelijk voor de uitvoering van de Inkomensvoorziening voor Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte Werknemers (IOAW), de Inkomensvoorziening Oudere en gedeeltelijk Arbeidsongeschikte gewezen Zelfstandigen (IOAZ) en het Bijstandsbesluit zelfstandigen (BBZ BUIG). Er is minder budget voor deze drie regelingen nodig dan eerder was voorzien (€ 152.500). Dit vanwege een minder beroep van inwoners op deze regelingen. Deze ontwikkeling heeft een positief effect voor onze ambitie om in 2027 en 2028 de uitvoering werk & inkomen binnen de gebundelde uitkering (BUIG) te realiseren. Meer uitvoeringskosten dienstverleningsovereenkomst Apeldoorn en WerkFit Brummen De uitvoeringskosten voor de dienstverleningsovereenkomst met de gemeente Apeldoorn gaan door een hoger aantal uitkeringsgerechtigden stijgen. Dit omdat met Apeldoorn is afgesproken dat een stijging van het aantal uitkeringsgerechtigden betekent dat er meer betaald gaat worden voor de uitvoering door Apeldoorn. Daarom is het noodzakelijk om het budget voor deze uitvoeringskosten te verhogen met € 87.000 in 2025 en € 130.500 in 2026. Voor de jaren 2027 en 2028 gaan we gezien alle onzekerheden uit van extra kosten van € 100.000.
Hierbij houden we rekening met uitstroom uit de uitkering, waardoor deze Apeldoornse uitvoeringskosten lager gaan zijn dan in 2026. Meer uitkeringsgerechtigden betekent ook meer begeleiding van inwoners die via re-integratie en ondersteuning naar werk en participatie begeleid moeten gaan worden. Gezien de toename van het aantal uitkeringsgerechtigden is tijdelijke formatie-uitbreiding voor twee jaar met 1 formatieplaats klantmanagement WerkFit Brummen nodig. Zo kunnen we adequaat deze wettelijke taak uitvoeren. De kosten bedragen voor de komende twee jaar € 86.000 per jaar. Gezien de toename van het aantal nieuwkomers en inburgeringsplichtigen trekken we specifiek iemand aan met kennis en ervaring op gebied van re-integratie en toeleiding naar werk voor deze specifieke bijzondere doelgroep. De meerkosten voor de komende twee jaar worden ten laste gebracht van de bestemmingsreserve huisvesting bijzondere doelgroepen. Met deze inzet dragen we immers bij aan het adequaat uitvoeren van onze wettelijke taken richting statushouders en inburgeringsplichtigen. Meer inburgeringsplichtigen De opgave om statushouders en andere inburgeraars een goede start in onze gemeente te geven vraagt ook een inspanning als het gaat om inburgering. Niet alleen omdat we hier een wettelijke taak hebben om voor nieuwkomers een goed inburgeringstraject in te richten. En hier regie op te voeren.
Ook omdat we hier zeker gebruik willen maken van de kracht in onze samenleving om deze opgave goed te volbrengen. De caseload voor de huidige medewerkers is maximaal. Gezien de trend die wijst op een toename van het aantal inburgeringsplichtigen, is een tijdelijke uitbreiding van de formatie inburgering noodzakelijk voor het opstellen van een Persoonlijk Inburgering Plan (PIP) en regievoering op inburgering. We gaan hierbij uit van een tijdelijke extra formatie (2 fte) voor de uitvoering van deze wettelijke taak. In 2024 is met een tijdelijk incidenteel budget vanuit het Rijk voor de uitvoering van inburgering tijdelijk extra formatie aangetrokken. Deze extra financiering vanuit het Rijk stopt helaas. Ter dekking van de tijdelijke kosten wordt een bedrag van jaarlijks € 172.000 onttrokken uit de bestemmingsreserve huisvesting bijzondere doelgroepen.
38
Meer zorg en ondersteuningsvragen bij Team voor Elkaar Op 29 maart 2024 is het “Richtinggevend kader voor toegang sociaal domein” vastgesteld door de VNG. Dit kader brengt in beeld wat gemeenten kunnen doen om de toegang tot hulp en ondersteuning voor inwoners te verbeteren. Dit vanuit onder andere de Hervormingsagenda Jeugd, het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, de Wmo en de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Naast deze verbeterslag zien we het aantal meldingen met een zorg- en ondersteuningsvragen structureel toenemen. Binnen de uitvoering Jeugdzorg dienen zich steeds meer complexe jeugdzorgcasussen aan. Met de huidige formatie aan consulenten kan Team voor Elkaar niet meer altijd voldoen aan de wettelijke verplichting om binnen 8 weken na een aanvraag een beschikking af te geven. Daarnaast wordt er de komende periode binnen de regionale samenwerking gewerkt aan de vorming en de inrichting van de gemeenschappelijke regeling voor de uitvoering van de inkoop Jeugdzorg. Deze gemeenschappelijke regeling heeft effect voor de uitvoeringstaken Team voor Elkaar. Ook de wijziging van de Jeugdwet heeft impact. Hierdoor gaat lichte hulpverlening en opvoed- en opgroeiondersteuning uit de Jeugdwet verdwijnen. Al deze ontwikkelingen maken dat we ons gaan heroriënteren op de samenstelling van Team voor Elkaar.
Uit dit onderzoek kan een (tijdelijke) ophoging van de formatie aan de orde zijn. Bij het opstellen van de Perspectiefnota is het nog niet mogelijk geweest om de effecten hiervan voor onze gemeente en de uitvoering van het sociaal domein te bepalen. In de Programmabegroting 20252028 is dit mogelijk wel inzichtelijk. Daarbij zijn we wel afhankelijk van nadere acties en de planning vanuit de VNG. Daarom wordt nu uitgegaan van PM-post. GGD-NOG De kosten van de regionale Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD NOG) stijgen de komende jaren meer dan was begroot in de Programmabegroting 2024-2027. Het betreft autonome ontwikkelingen, ontstaan door indexaties, stijging van loonkosten en toenemende vraag bij de GGD NOG. De stijging van de kosten bedraagt € 3.000 (2025), € 18.000 (2026), € 19.000 (2027) en € 46.000 (2028). Plus-OV Ook de kosten van Plus-OV stijgen de komende jaren meer dan begroot in de Programmabegroting 2024-2027. De stijging van de lasten wordt veroorzaakt door het loon- en inflatiecijfer van 5,5%. Ook stijgt het aantal ritten. Voor deze stijging is afgesproken dat die maximaal 3,5% mag zijn. Daarvoor wordt de verordening aangepast. Het effect voor het jaar 2025 is een voordelig bedrag van € 20.000 positief, maar loopt op tot een nadelig bedrag van € 252.000 in 2028.
39
Basistaken Vitale Samenleving Portefeuillehouders Y. Cegerek G.I. Timmer
Uitgangspunten coalitieakkoord We hebben in onze gemeente een sterke samenleving waarin mensen elkaar kennen en bereid zijn om de handen uit de mouwen te steken. Je treft elkaar om, onder andere in verenigingsverband, te genieten van hobby’s, kunst en cultuur en om te sporten. Samenwerken, leidinggeven, klussen klaren en meningsverschillen oplossen komen bij uitstek naar voren in het verenigingsleven, waarbij het bijdraagt aan vorming en een sterke samenleving. Graag willen wij de verbinding zien met bijvoorbeeld jeugdwerk of andere maatschappelijke functies. Door middel van multifunctioneel gebruik worden de accommodaties waardevoller voor iedereen. Iedereen weet: bewegen is gezond, zowel fysiek als mentaal. Het is onderdeel van een gezonde leefstijl, waardoor de kans om gezond oud te worden toeneemt. Het is een sociaal moment om vrienden en (on)bekenden te treffen. Wij willen daarin niet de bibliotheken vergeten, want die horen bij de basale voorzieningen die wij willen behouden in onze gemeente. Om bewegen en ontmoeting mogelijk te maken vinden we het belangrijk dat verschillende sportvoorzieningen in de gemeente beschikbaar zijn en de openbare ruimte uitnodigt om te bewegen. We willen dat de gemeentelijke sportaccommodaties laagdrempelig zijn zodat inwoners zo min mogelijk worden gehinderd door financiële, fysieke of sociale drempels om mee te doen.
We onderscheiden gemeentelijke en niet-gemeentelijke accommodaties. Sportscholen, tennisbanen en de golfbaan zijn voorbeelden van fantastische voorzieningen waar we als gemeente geen eigenaar van zijn en geen financiële relatie mee hebben. Daarnaast hebben we sportaccommodaties in eigendom waar onder andere de verschillende sporters gebruik van maken. Ons sportbeleid richt zich op de individuele sporter en op de sportaccommodaties die we in eigendom hebben. Cultuur is een andere belangrijke pijler. Generaties lang wordt cultuur gevormd en verrijkt met nieuwe accenten, invloeden en impulsen. Cultuur maakt hoe we samenleven in onze gemeente.
Trends en ontwikkelingen We werken aan de uitvoering van het lokale plan van aanpak voor het Gezond en Actief Leven Akkoord. Het uitvoeringsprogramma van de Sportvisie en de Cultuurvisie zijn hieraan gekoppeld. We zetten in op inclusie, bewegen, ontmoeten, gezond leven, sport en cultuur om gezond en veilig opgroeien en oud worden mogelijk te maken. Dit betekent een versterking van de sociale basis. Dit met een vitale samenleving als doel. De visie op de sociale basis, die in 2024 wordt opgesteld, draagt hier in belangrijke mate aan bij. Inclusie In 2024 wordt gewerkt aan beleid om de inclusieve samenleving te bevorderen. Dit zal leiden tot een uitvoeringsagenda. Duurzaamheid schoolgebouwen Vanuit het Integraal Huisvesting Plan wordt in 2025 een routekaart duurzame schoolgebouwen opgesteld. Hieruit moet blijken welke maatregelen er nodig zijn om voor 2050 te voldoen aan de duurzaamheidseisen voor scholen. Vooralsnog zijn de kosten hiervan niet bekend.
40
Financiële ontwikkelingen basistaken sociale leefomgeving Basistaken vitale samenleving
2025
2026
2027
2028
Uitvoeringskosten leerplicht
Autonoom
-40
-40
-40
-40
Onafhankelijke cliëntondersteuning
Autonoom
-17
-17
-17
-17
Gymvervoer
Autonoom
28
28
28
28
Geheugensteunpunt (GHS)
Nieuw beleid
-20
-20
-20
-20
Cultuurvisie
Nieuw beleid
-76
-76
-76
-76
Integraal huisvestingplan onderwijs
Nieuw beleid
Subtotaal
-
-
-
-
-125
-125
-125
-125
Uitvoeringskosten leerplicht De kosten voor de uitvoering van de leerplichttaken door de gemeente Apeldoorn stijgen met ingang van 2025 met € 40.000. Dit in verband met de stijging van loon- en uitvoeringskosten binnen de gemeente Apeldoorn, die deze taak voor Brummen uitvoert. Met de gemeenten Voorst en Epe wordt onderzocht of Leerplicht in samenhang met de RMC-functie anders ingericht en uitgevoerd kan gaan worden. Onafhankelijke Cliëntondersteuning Als gemeente zijn wij via de Wmo verplicht om iedere inwoner een onafhankelijke cliëntondersteuner aan te bieden. De bekendheid van de onafhankelijke cliëntondersteuner bij inwoners neemt toe. Dit mede door ingezette acties naar aanleiding van het cliëntervaringsonderzoek Wmo waardoor steeds meer mensen de weg naar de cliëntondersteuner weten te vinden. Dit betekent dat de uitgaven op dit budget structureel stijgen met € 17.000. Gymvervoer In de begroting 2024-2027 is uitgegaan van een structurele verhoging voor gymvervoer ter hoogte van € 35.000 per jaar. Dit bedrag kan met € 28.000 verlaagd worden omdat de kosten lager uitvallen. Dit betekent een structurele verlaging van het budget. Het Geheugensteunpunt (GHS) Investeren in het Geheugensteunpunt (een algemene voorziening) is noodzakelijk om het tempo van de vergrijzing en de hiermee gepaard gaande stijging van het aantal inwoners met dementie te kunnen opvangen.
Naarmate de doelgroep groeit zal het Geheugensteunpunt voor de groepen binnen het steunpunt het aanbod moeten uitbreiden om aan inwoners passende dienstverlening te kunnen blijven bieden. Zonder een passend aanbod vanuit het Geheugensteunpunt zullen inwoners zich melden bij het Team voor Elkaar en een Wmo maatwerkvoorziening gaan aanvragen. De kosten zijn dan veel hoger dan nu voor het Geheugensteunpunt wordt aangegeven. Er is een extra structureel budget van € 20.000 noodzakelijk. Cultuur Eerder heeft de raad besloten tot het opstellen van een Cultuurvisie. Om de Cultuurvisie met een uitvoeringsplan te kunnen uitvoeren zijn een aantal kosten noodzakelijk. Zo is voor de uitvoering van het uitvoeringsplan 0,4 fte personele capaciteit (€ 32.800) noodzakelijk. Op dit moment heeft de gemeente Brummen geen beleidscapaciteit cultuur. Om de ambities van de Cultuurvisie in het uitvoeringsplan te kunnen gaan realiseren is uitbreiding van de combinatiefunctie Cultuur nodig. Daarvoor is € 40.000 per jaar structureel nodig. Daarnaast zijn de salariskosten van de combinatiefunctionaris Cultuur nooit geïndexeerd, met als resultaat dat het aantal beoogde uren uitvoering in de praktijk niet gerealiseerd kan worden. Om het aantal uren toch te kunnen realiseren is een aanvullend budget nodig. Dit loopt van € 3.200 in 2025 tot € 8.500 in 2028. Daarmee bedragen de totale kosten € 76.000.
41
Programma 4 Financiën Introductie
Dit programma gaat over de volgende basistaak: •
Bedrijfsvoering en financiën
Financiële ontwikkelingen Programma 4 Bedrijfsvoering en Financiën
2025
2026
2027
2028
Scenario 1: Scherper ramen
46
46
46
46
Autonome ontwikkelingen
-57
-102
-83
-79
Nieuw beleid
-416
-206
-194
-184
Reserves Totaal programma 4
Algemene dekkingsmiddelen / concernposten
-
-
-
-
-427
-262
-231
-217
2025
2026
2027
2028
Scenario 1: Scherper ramen
1.063
1.089
1.131
425
Autonome ontwikkelingen
322
789
1.504
1.313
-
-
-
-
Nieuw beleid Reserves Totaal AD / Concern
-
-
-
-
1.385
1.878
2.635
1.738
42
Basistaken Bedrijfsvoering en financiën Portefeuillehouders G.J.M. van Rumund S. van de Graaf
Uitgangspunten coalitieakkoord In heel Nederland staan de gemeentelijke financiën onder druk. Wereldwijde ontwikkelingen zoals grondstoffentekorten en de sterk aanwakkerende inflatie maken dat het prijspeil stijgt en de koopkracht afneemt. Op dit moment is naast een tekort aan grondstoffen ook sprake van een tekort aan personeel. De gemeentelijke organisatie heeft hiermee ook te maken en de komende jaren blijft het zaak om weloverwogen keuzes te maken tussen ambities, inkomsten en uitgaven. De raad heeft de afgelopen jaren de gemeentelijke financiële positie versterkt door bij diverse budgetten de basis op orde te brengen, onrealistische taakstellingen te schrappen, de inkomsten te verhogen en een herstelplan in te richten voor het weerstandsvermogen. Dit met succes, het weerstandsvermogen is op peil. Vanaf 2026 krijgen we te maken met 'ravijnjaren' als gevolg van kortingen op het gemeentefonds, die slechts in beperkte mate worden gedicht. Dat betekent dat niet alle wensen meteen uitgevoerd kunnen worden, dat niet alles tegelijkertijd kan en dat we als gemeentelijke overheid jaarlijks moeten blijven afwegen wat voor onze gemeente de meeste prioriteit heeft.
Trends en ontwikkelingen I-visie De I-visie schetst de richting voor de ontwikkeling van de informatievoorziening van de gemeente Brummen in de komende jaren. Hierin wordt het belang erkend van proactieve investeringen om de continuïteit en efficiëntie van onze informatievoorziening te waarborgen. Een tijdelijke uitbreiding van het personeelsbestand met 3 fte is bijvoorbeeld noodzakelijk. We willen een stevig fundament leggen voor een slagvaardige, innovatieve en toekomstbestendige gemeente. De adviseur dienstverlening gaat vooral aan de slag met de procesorganisatie rondom de WOO (Wet Open Overheid). Een projectleider aanbestedingen en IT-migraties is de komende jaren ook tijdelijk nodig. Steeds meer van onze applicaties migreren namelijk naar de cloud en er moeten veel applicaties opnieuw worden aanbesteed. Om geleidelijk te groeien naar een data-gedreven organisatie moeten we de huidige capaciteit vergroten voor het maken van dashboards, het definiëren van datasets en het begeleiden van projecten. Daarom hebben we tijdelijk een extra fte als data-analist nodig. Flexibiliteit en wendbaarheid zijn cruciaal om in te spelen op onverwachte ontwikkelingen. Dit geldt niet alleen voor de gemeentelijke bedrijfsvoering en dienstverlening, maar ook voor het naleven van wettelijke verplichtingen.
Beveiligingsbeleid/Bio/Nis2 Afgelopen jaren komen er steeds meer beveiligingsincidenten naar voren. Onder andere de hack bij gemeenten Lochem, Asten en Hof van Twente. Bij laatstgenoemde waren de gevolgen groot, meerdere dagen géén dienstverlening, 40 terabyte gestolen data en een kostenpost van ongeveer € 4,5 miljoen. Om de cyberbeveiliging en weerbaarheid groter te maken heeft de Europese Unie een nieuwe richtlijn vastgesteld: de NIS2 (Network and Information Security directive). De gemeente Brummen
43
krijgt daarmee te maken met een verzwaarde zorgplicht, toezicht en een meldplicht. NIS2 betekent een wettelijke verplichting voor gemeenten om passende en evenredige maatregelen te nemen om cyberbeveiligingsrisico’s te beheersen. Een gevolg van de NIS2 is dat de gemeente cyberincidenten met ‘aanzienlijke gevolgen’ moet melden aan de toezichthouder (RDI) en aan het eigen Computer Security Incident Respons Team (CSIRT). Naar verwachting wordt dat de IBD, de informatiebeveiligingsdienst van de VNG. Gemeenten hebben nu al een zorgplicht (BIO), een meldplicht (IBD) en toezicht (Eenduidige Normatiek Single Information Audit, ENSIA). Het wordt cruciaal om de cyclus van plannen, uitvoeren, controleren en bijstellen rondom de BIO te verbeteren. Dit kan alleen als er incidentele investeringen worden gedaan op het gebied van informatiebeveiliging. Denk aan acties op het gebied van ketenverantwoordelijkheid, -beveiliging en leveranciersmanagement. Zonder deze investeringen voldoen wij niet aan wetgeving en onze eigen risicoafweging. Realistisch gezien is informatiebeveiliging een toenemende kostenpost door technologische ontwikkelingen en wet- en regelgeving. Het biedt geen ruimte om af te schalen.
Transitie naar het nieuwe werken De overgang naar het nieuwe werken is een proces dat verschillende aspecten omvat, waaronder de integratie van nieuwe apparatuur zoals laptops en docking stations. Deze nieuwe apparatuur is essentieel om te voldoen aan de veranderende eisen van een moderne werkplek. De huidige werkplek, die al geruime tijd in gebruik is, raakt verouderd en voldoet niet langer aan de behoeften en verwachtingen van medewerkers in het huidige tijdperk van digitalisering en mobiliteit. Het upgraden van de werkomgeving naar een meer eigentijdse infrastructuur is een noodzakelijke stap om de productiviteit te verhogen, de samenwerking te verbeteren en de flexibiliteit van werknemers te vergroten. Hoewel een deel van de kosten voor deze overgang kan worden gedekt door het bestaande budget voor vervanging van verouderde apparatuur, is het belangrijk om te erkennen dat er extra investeringen nodig zullen zijn om aan alle vereisten te voldoen. Het zorgen voor een soepele overgang naar het nieuwe werken vereist gespecialiseerde kennis en ervaring. Daarom is het van belang om externe kennis in te schakelen om deze transitie succesvol te maken. Het inschakelen van professionals die bekend zijn met de nieuwste technologische ontwikkelingen en best practices op het gebied van moderne werkmethoden kan helpen om obstakels te overwinnen en een effectieve invoering te garanderen.
Financiële ontwikkelingen basistaken Bedrijfsvoering en financiën Basistaken Bedrijfsvoering en Financiën
2025
2026
2027
2028
Proceskosten WOZ
Scenario 1
46
46
46
46
Tribuut (gevolgen begroting 2025)
Autonoom
-102
-182
-188
-209
Toerekening kosten Tribuut afval- en rioolheffing
Autonoom
20
30
30
30
Grotere areaaluitbreiding OZB
Autonoom
25
50
75
100
Cloudgang applicaties
Autonoom
PM
PM
PM
PM
I-visie - structureel
Nieuw beleid
-
-
-
-
I-visie - incidenteel
Nieuw beleid
-256
-206
-184
-184
Nieuwe werkplekken (sharepoint) - structureel
Nieuw beleid
-
-
-
-
Nieuwe werkplekken (sharepoint) - incidenteel
Nieuw beleid
-125
Beveiligingsbeleid (BIO/NIS2)
Nieuw beleid
-35
Onderzoek huisvesting WerkFit, buitendienst
Nieuw beleid
PM
PM
PM
PM
-427
-262
-231
-217
Subtotaal
-10
44
Algemene dekkingsmiddelen / concernposten
2025
2026
2027
2028
Scherper ramen kapitaallasten
Scenario 1
425
425
425
425
Scherper ramen personeelslasten
Scenario 1
638
664
706
-
AU - December- en Septembercirculaire
Autonoom
471
399
1.030
1.030
AU - Afschaffing opschalingskorting
Autonoom
-500
500
500
500
AU - vervallen korting Jeugd
Autonoom
500
Energielasten gemeentelijk vastgoed
Autonoom
-217
-217
-217
-217
Rente
Autonoom
Subtotaal
68
107
191
-
1.385
1.878
2.635
1.738
Tribuut begroting 2025 en dekking daarvan De bijdrage aan Tribuut neemt toe door een aantal oorzaken. Vanwege een toename in het aantal bezwaarschriften heeft Tribuut formatie-uitbreiding nodig. Daarnaast moet Tribuut verhuizen omdat de gemeente Epe de huur heeft opgezegd. Tot slot zijn er een aantal algemene ontwikkelingen (investeringen ICT, inflatie, hogere CAO-lonen) die maken dat de kosten stijgen. De hogere kosten worden deels opgevangen door hogere toe te rekenen kosten aan de afvalstoffenheffing (€ 10.000), de rioolheffing (€ 20.000), een potentiële besparing op de lasten van Tribuut vanwege minder bezwaren (€ 40.000) en extra autonome inkomsten uit de OZB vanwege de bouw van meer woningen dan geraamd (€ 25.000 in 2025, oplopend naar € 100.000 in 2028). Cloudgang applicaties, I-visie, Nieuwe werkplekken en Beveiligingsbeleid Steeds meer leveranciers migreren hun applicaties naar de cloud. Dit betekent dat er extra capaciteit ingezet moet worden om dit soepel te laten verlopen. Ook moeten er veel applicaties opnieuw worden aanbesteed. Omdat het per applicatie sterk verschilt wat de kosten (kunnen) zijn, is op dit moment nog niet in te schatten wat dit financieel zal betekenen. De structurele kosten die voortvloeien uit de I-visie zullen zoveel mogelijk binnen de bestaande budgetten worden opgevangen.
Incidenteel is er budget opgenomen om tijdelijke capaciteit aan te trekken. De overgang naar het nieuwe werken betekent dat we nieuwe apparatuur, zoals laptops en docking stations, gaan gebruiken. Dit helpt ons om efficiënter te werken. We moeten ook investeren in kennis van experts om deze verandering soepel te laten verlopen. Daarvoor is dit incidentele budget bedoeld. Onderzoek huisvesting WerkFit Brummen en buitendienst Het onderzoek naar de huisvesting van WerkFit Brummen en de buitendienst loopt nog. Daarom is dit als PM-post opgenomen. Gemeentefonds Als gevolg van de september- en decembercirculaire is er een hogere raming dan in de meicirculaire. Onlangs is besloten om de opschalingskorting te schrappen, maar dit besluit is gepaard gegaan met een vervroegde invoering van de nieuwe normeringssystematiek. Voorheen was de omvang van het gemeentefonds gekoppeld aan de uitgaven van de Rijksoverheid. Met ingang van 2024 wordt dit gebaseerd op een gemiddelde groei van het BBP (Binnenlands bruto product). De inkomsten worden hiermee stabieler, maar wel een stuk lager dan voorheen. Het effect hiervan wordt in 2024 volledig gecompenseerd, in 2025 voor de helft. Daarnaast is besloten om de geplande korting op jeugdzorg te schrappen.
45
Energielasten gemeentelijk vastgoed Bij het opstellen van de begroting 2024 zijn de energielasten van gemeentelijk vastgoed per abuis niet volledig opgenomen. Dit wordt hiermee gecorrigeerd. Rente Bij het opstellen van de begroting 2024 was de verwachting dat de rente de komende jaren fors ging stijgen. Inmiddels is het rentebeeld bijgesteld en dit leidt tot lagere verwachte rentelasten.
46
Risico's Deze Perspectiefnota is opgesteld op basis van de laatste inzichten die bekend zijn binnen de organisatie. Desondanks kan het zijn dat ontwikkelingen anders verlopen dan wordt ingeschat, dat de verwachte nieuwe regering met extra kortingen op het gemeentefonds dan wel met nieuwe beleidsmaatregelen komt, en dat de wet- en regelgeving verandert. Bovendien zal een eventuele economische crisis de nodige gevolgen hebben. Eventuele aanvullende of nieuwe risico’s zullen worden uitgewerkt in de Programmabegroting 2025-2028 in de Paragraaf Weerstandsvermogen, maar wij willen nu reeds op de volgende risico’s/ontwikkelingen wijzen: Gevolgen scherpen ramen Met de keuze voor scenario 1 ramen wij scherper op de uitgaven, de personeelslasten en de kapitaallasten. Indien de arbeidsmarkt aantrekt en vacatures sneller kunnen worden ingevuld betekent dit dat er minder voordeel zal zijn op personeelslasten dan geraamd. Bovendien kunnen nieuw beleid en investeringen sneller dan verwacht worden gerealiseerd. Dat betekent dat er mogelijk tekorten kunnen ontstaan, omdat ingeboekte voordelen als gevolg van scherper ramen wegvallen. Er is een behoedzaamheidsreserve om potentiële tegenvallers eventueel incidenteel op te vangen. Vervolgens kan gekeken worden naar de consequenties voor de langere termijn.
Aanvullende middelen zoeken Een aantal beleidsinitiatieven behoeft nog verdere uitwerking of onderzoek. Dit kan betekenen dat er op een later moment alsnog naar aanvullende dekking gezocht moet worden. Open einde regelingen Veel regelingen in het sociaal domein zijn open einde regelingen, hetgeen betekent dat de gemeente niet eenzijdig kan beslissen om minder uit te gaan geven. Als de prijs of het volume van de toegekende regelingen toeneemt, kan dit betekenen dat er alsnog keuzes gemaakt moeten worden om deze kosten te dekken. Uitkomsten formatie Bij het opstellen van de Perspectiefnota liepen de onderhandelingen over een nieuw kabinet nog. De uitkomsten van de formatie kunnen consequenties hebben voor het takenpakket, de inkomsten en de uitgaven van de gemeente. Meicirculaire De Voorjaarsnota van het Rijk bevatte een aantal ontwikkelingen ten aanzien van de gemeentefinanciën. Deze ontwikkelingen worden uitgewerkt in de Meicirculaire 2024. De consequenties voor de gemeente Brummen kunnen pas na publicatie worden berekend. Kostprijsonderzoeken Op dit moment lopen kostprijsonderzoeken naar Wmo en Jeugdzorg. De uitkomsten hiervan hebben consequenties voor de tarieven van zorgaanbieders. Naar verwachting betekent dit een hoger tarief dan waar nu rekening mee is gehouden.
Sport Op dit moment worden de beheersvorm sportaccommodaties & werkgeverschap van de sportcombinatiefunctionarissen in samenhang met de te ontwikkelen tarievennota onderzocht. Optionele financiële effecten zijn nu nog niet bekend. Dit onderwerp komt terug en zal verder worden uitgewerkt in de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing van de Programmabegroting.
47
Financiële uitgangspunten en grondslagen Financiële uitgangspunten en grondslagen In dit hoofdstuk zijn de financiële uitgangspunten en grondslagen opgenomen die zullen worden gehanteerd bij het opstellen van de Programmabegroting 2025-2028. Lasten Uitgangspunten
Prijsstijging 2025-2028 (inflatie)
Uitbestedings- en subsidiebudgetten worden, waar dat aan de orde is, meerjarig geïndexeerd met een percentage dat gebaseerd is op het consumentenprijsindexcijfer (cpi) zoals opgenomen in het Centraal Economisch Plan (CEP) 2024. De percentages zijn: 2025: 2,8% 2026: 2,4% 2027: 2,3% 2028: 2,3%
Gemeenschappelijke regelingen (GR)
De bijdragen in 2025 en verder zijn gebaseerd op (concept)begrotingen 2025 van de GR of de meest recente gegevens over de ontwikkeling van de bijdrage aan de GR.
Loonkosten (inclusief sociale lasten)
Uitgangspunt voor de indexering van loonkosten is de Prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers zoals opgenomen in het CEP 2024. Op basis van het CEP 2024 worden de volgende indexeringen voor salarissen opgenomen ten opzichte van de loonkosten 2024: 2025: 4,4% 2026: 3,4% 2027: 4,3% 2028: 3,9%
Kapitaallasten
Op basis van de staat van activa, het meerjarige investeringsplan in de Programmabegroting 2025-2028 en de investeringsruimte 2025-2028.
Rentelasten
Op basis van de leningenportefeuille tot en met 2023 en de ontwikkeling financieringsbehoefte 2024-2027. Hierbij is rekening gehouden met een gemiddelde rente van 2,5% voor langlopende leningen.
Rente over activa
De totale rentelast wordt via een gemiddeld percentage omgeslagen over de boekwaarde van de activa.
Eigen financieringsmiddelen
Hierover wordt geen rente berekend.
Baten Uitgangspunten Onroerende zaakbelastingen
Op de opbrengst van de OZB wordt een jaarlijkse inflatiecorrectie toegepast die is gebaseerd op het CEP 2024 (zie Prijsstijging (2025-2028).
Toeristenbelasting
Het tarief wordt jaarlijks geïndexeerd met de inflatiecorrectie op basis van het CEP 2024 (zie Prijsstijging (2025-2028)).
Rioolrechten
100% kostendekkend.
Afvalstoffenheffing
100% kostendekkend.
Grafrechten
Het tarief wordt jaarlijks geïndexeerd met de inflatiecorrectie op basis van het CEP 2024 (zie Prijsstijging (2025-2028)).
Leges
Het tarief wordt jaarlijks geïndexeerd met de inflatiecorrectie op basis van het CEP 2024 (zie Prijsstijging (2025-2028)) en maximaal 100% kostendekkend.
Rente verstrekte leningen
Op basis van de bestaande leningenportefeuille.
Huur en overige vergoedingen
Het tarief wordt jaarlijks geïndexeerd met de inflatiecorrectie op basis van het CEP 2024 (zie Prijsstijging (2025-2028)).
Engelenburgerlaan 31
|
6971 BV Brummen
|
0575-568 233
|
gemeente@brummen.nl