CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Nieuw-Bijlage 1. BOPA motivering (onderbouwing) zonnepark Ontginningsweg d.d. 23 juli 2025

Raadsvergadering Boxtel 16 september 2025, gemeente boxtelBij agendapunt: Bindend advies zonnepark Ontginningsweg31.289 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel Gemeente Boxtel Definitief

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

1

colofon

projectnaam Zonnepark Ontginningsweg Boxtel datum 23 juli 2025 projectnummer P07285 opdrachtgever Chint Solar Nederland Projecten B.V. BRO projectleider RTa projectteam WvdH bron kaft BRO review TAu

Willemsplein 2 5211v AK ‘s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55 info@bro.nl www.bro.nl

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

2

Inhoudsopgave 1

Aanleiding en doel

5

1.1 1.2 1.3 1.4

5 5 5 6

Aanleiding Projectgebied Juridisch-planologisch kader Leeswijzer

5

Milieuaspecten in de fysieke leefomgeving

32

5.1

Milieueffectrapportage (m.e.r.)

32

5.1.1 5.1.2 5.1.3

32 32 32

5.2

2

3

4

Beschrijving bestaande situatie

7

2.1 2.2

7 7

Kenschets (historisch) landschap Huidige situatie projectgebied

5.3

Voorgenomen ontwikkeling

9

3.1 3.2

9 10

5.4

Beleid

12

5.5

4.1

Rijksbeleid

12

4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.1.5 4.1.6

12 12 13 13 13 14

4.2

4.3 4.4

Landschappelijke inpassing Technische inpassing

National Omgevingsvisie Instructieregels Rijk (AMvB’s) Ladder voor duurzame verstedelijking Klimaatakkoord Gedragscode Zon op Land Conclusie

Verhouding tot provinciaal beleid

14

4.2.1 4.2.2 4.2.3

14 15 23

Omgevingsvisie Noord-Brabant TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant Conclusie

Verhouding tot regionaal beleid

23

4.3.1 4.3.2

23 23

RES 1.0 Noord-Brabant Conclusie

Gemeentelijk beleid

24

4.4.1 4.4.2 4.4.3 4.4.4 4.4.5

24 24 25 31 31

Visie duurzaam Boxtel 2030 Duurzaamheidsagenda Boxtel 2022-2026 Visie zonne- en windenergie Boxtel Omgevingsvisie Boxtel Conclusie

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

5.6

5.7

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Bodem

32

5.2.1 5.2.2 5.2.3

32 32 32

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Cultuurhistorie

33

5.3.1 5.3.2 5.3.3

33 33 33

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Archeologie

33

5.4.1 5.4.2 5.4.3

33 33 34

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Activiteiten en milieuzonering

34

5.5.1 5.5.2 5.5.3

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

34 35 35

Elektromagnetische straling

36

5.6.1 5.6.2 5.6.3

36 36 36

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Geluid 5.7.1

(Spoor)wegverkeer

5.7.1.1

Toetsingskader

5.7.1.2

Onderzoek

5.7.1.3

Milieuzonering van zonnepark

Toetsingskader

5.7.2.2

Onderzoek

5.7.2.3 5.8

Conclusie Geur

37

5.8.1 5.8.2 5.8.3

37 37 37

5.9

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

Gezondheid

37

5.9.1 5.9.2 5.9.3 5.10.3 5.12.2 5.12.3

37 38 38 38 40 42

Toetsingskader Onderzoek Conclusie Conclusie Onderzoek Conclusie

5.14 Trillingen

43

5.14.1 5.14.2 5.14.3

43 44 44

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

5.15 Verkeersgeneratie, -afwikkeling en parkeren

36

5.15.1 5.15.2 5.15.3

36

5.16 Water 5.16.1 5.16.2 5.16.3

6

Conclusie 5.7.2

5.7.2.1

Toetsingskader Onderzoek Conclusie

44 44 44 44

44 Toetsingskader Onderzoek Conclusie

44 44 47

Participatie

48

6.1

Participatieplan

48

6.1.1 6.1.2

48 48

Procesparticipatie Financiële participatie

36

3

7

8

Financiële en maatschappelijke verantwoording

49

7.1 7.2

Juridische en financieel-economische haalbaarheid Maatschappelijke verantwoording

49 49

7.2.1 7.2.2

Procedure omgevingsvergunning Vooroverleg

49 49

Belangenafweging en conclusie

50

SEPARATE BIJLAGEN Bijlage 1: Landschappelijke inpassing Bijlage 2: Quickscan flora en fauna Bijlage 3: Stikstofberekening Bijlage 4: Weging van het waterbelang Bijlage 5: Participatieplan Bijlage 6: Informatie zonnepanelen en BESS Bijlage 7: Adviesbrief veiligheidsregio Bijlage 8: Contact Enexis Bijlage 9: Datasheet camera’s

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

51 51 51 51 51 51 51 51 51 51

4

1

Aanleiding en doel

1.2

Projectgebied

1.3

Juridisch-planologisch kader

Het plangebied betreft een aantal gronden in het buitengebied van Box-

In het projectgebied is het op 1 januari 2024 van rechtswege ontstane

1.1

Aanleiding

tel, ten zuiden van het dorp Lennisheuvel. Het gebied ligt eveneens op

tijdelijk omgevingsplan van de gemeente Boxtel van toepassing. Op de

Chint Solar Nederland Projecten B.V. is voornemens een zonnepark te

korte afstand van het bedrijventerrein Ladonk. Het gebied wordt geken-

beoogde locatie is het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2011‘ (vastge-

realiseren op een aantal percelen in het buitengebied van de gemeente

merkt door de aanwezigheid van de Ontginningsweg, welke aan de

steld op 10 april 2012) vigerend. Op basis van deze bestemmingsplan-

Boxtel. Chint (hierna: initiatiefnemer) maakt deel uit van de energietran-

westzijde het gebied ontsluit. Figuur 1 geeft de globale ligging van het

nen heeft de locatie de bestemming ‘Agrarisch’ en ‘Agrarisch met waar-

sitie in Nederland door aan ontwikkeling van grondgebonden zonnepar-

plangebied weer.

den – Natuur- en landschap’. Verder rust op de gehele locatie de dubbelbestemming ‘Waarde – Leefgebied soorten kleinschalig cultuurland-

ken te werken. De gemeente Boxtel heeft een onderzoek laten verrichten naar de verwachte energiebehoefte in 2030. Doelstelling is om in

Het projectgebied staat kadastraal bekend als de percelen bekend als

schap’ en op het zuidelijke perceel de dubbelbestemming ‘Waarde – At-

2030 energieneutraal te zijn. De verwachte energiebehoefte zal naar

gemeente Boxtel sectie N, perceelnummers 359, 1045 en 1046. De to-

tentiegebied EHS’.

verwachting 3.5 PJ bedragen. Uitgaande van het huidige beleid kan

tale oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 9,5 hectare. Op een deel van het noordelijke perceel geldt de dubbelbestemming

maximaal 1.7 PJ duurzaam worden opgewekt. Het opwekken van meer duurzame energie is daarom noodzakelijk. De ontwikkeling kan hier een

Boxtel

ligt daarnaast ook een gasleiding met een planologische beschermings-

belangrijke bijdrage aan leveren. Naast de ontwikkeling van het zonnepark wil initiatiefnemer ook een (maatschappelijke) meerwaarde creëren op het gebied van landschap, water- en ecologische aspecten.

‘Waarde – Archeologie – Categorie 3’. In het midden van het plangebied

Bedrijventerrein Ladonk

zone. Deze loopt van oost naar west en heeft de dubbelbestemming ‘Leiding – Gas’.

De locatie waar het beoogde zonnepark is voorzien heeft de bestem-

Figuur 2 op navolgende pagina geeft een uitsnede van het vigerend be-

ming ‘Agrarisch’ en ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en landschap’. Op

stemmingsplan weer. Op basis van deze bestemming is een zonnepark

grond van deze bestemming is de ontwikkeling van een zonneweide niet

zowel functioneel als ruimtelijk niet passend binnen het vigerend be-

mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te maken kan gebruik worden ge-

stemmingsplan. Een zonnepark wordt niet genoemd binnen de bestemLennisheuvel

maakt van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) onder vigeur

mingsomschrijving ‘Agrarisch’ en ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en

van de Omgevingswet. Ten behoeve van de omgevingsvergunningaan-

landschap’.

vraag dient een ruimtelijke motivering te worden opgesteld, waarin aangetoond wordt dat het initiatief past binnen een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voorliggende ruimtelijke motivering voorziet hierin.

Figuur 1 Globale ligging van het projectgebied (rood omlijnd)

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

5

1.4

Leeswijzer

Deze ruimtelijke motivering bestaat uit verschillende onderdelen. Hoofdstuk 1 bevat een beschrijving van de aanleiding, een aanduiding van het projectgebied en het vigerende juridisch-planologische kader. In hoofdstuk 2 is een beschrijving van de bestaande situatie opgenomen, waarna in hoofdstuk 3 de beoogde ontwikkeling wordt beschreven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 getoetst aan het relevante beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Hoofdstuk 5 gaat in op de diverse relevante (milieu)aspecten in de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 6 worden de financiële en maatschappelijke verantwoording besproken, waarna in hoofdstuk 7 wordt afgesloten met een belangenafweging en conclusie.

Figuur 2 Uitsnede vigerend bestemmingsplan ‘Buitengebied Boxtel 2011’, met projectgebied rood omlijnd

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

6

2 2.1

2.2

Beschrijving bestaande situatie

Huidige situatie projectgebied

De beoogde locatie ligt in het kleinschalige mozaïek landschap en maakt onderdeel uit van het landschapstype ‘kampenlandschap’. Dit landschapstype wordt gekenmerkt door: kleinschalig landschap, onre-

Kenschets (historisch) landschap

gelmatige verkaveling, kronkelige wegen, verspreide bebouwing met erf-

De percelen zijn globaal gelegen tussen de Ontginningsweg en Oir-

beplanting, wegbeplanting, kavelgrensbeplanting en reliëf.

schotseweg ter hoogte van de naastgelegen boomkwekerij. De Ontginningsweg ligt aan de Westzijde van het plangebied en is een weg met

Figuur 6, 1950 (bron: topotijdreis)

historie. Vanaf deze weg werden de huidige percelen en dus de vroe-

Oirschotseweg (zie figuur 7). Het plangebied wordt in het noorden en

gere woeste gronden geschikt gemaakt voor landbouw omstreeks de

noordoosten begrensd door een boomkwekerij en aan de westzijde door

19e eeuw. Deze locatie werd voor de Tweede Wereldoorlog gekenmerkt

een ecologische verbindingszone. De Bosschages grenzend aan de di-

door een kleinschalig mozaïeklandschap. Dit mozaïeklandschap be-

recte omgeving van het plangebied maken daarnaast onderdeel uit van

stond uit houtwallen, sloten en heggen. Na de Tweede Wereldoorlog

Natuurnetwerk Brabant, wat de omgeving rondom het plangebied voor

veranderde dit beeld en ontstonden er door de ruilverkaveling grote en

de natuur waardevol maakt. Daarnaast is dit aangrenzende landschap

efficiënte percelen (zie de historische kaarten), met minder ruimte voor groenelementen.

Het projectgebied betreft de percelen tussen de Ontginningsweg en de

geliefd door wandelaars en natuurliefhebbers. In figuur 8 en 9 is de huiFiguur 6, 1980 (bron: topotijdreis)

dige situatie van het projectgebied in beeld gebracht.

Niet alleen de percelen hebben te maken gehad met een grote transformatie. Ook de functies en het landgebruik zijn door de jaren heen veranderd. Zo werd het landschap voorheen gekenmerkt door het gebruik als akkers en weiden, voordat boomteelt een plaats kreeg binnen het gedeel uit van het huidige landschapsbeeld in dit deel van de gemeente Boxtel. Figuur 6, 2013 (bron: topotijdreis)

In het begin van de 21e eeuw kregen de aanliggende kavels ten westen van het plangebied de status ‘ecologische verbindingszone’.

Ontginningsweg

bied. In de huidige situatie maakt boomteelt nog altijd een belangrijk

Met de planontwikkeling kan worden bijgedragen aan de ontwikkeling van natuurwaarden én het terugbrengen van de kleinschaligheid door landschapselementen die in voorgaande jaren zijn verdwenen in de toekomst een nieuwe plek te geven. Figuur 6, 2019 (bron: topotijdreis)

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

Figuur 7 Ligging plangebied

7

1

2

3

4

5

6

7

8

9

Figuur 8 Impressie projectgebied

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

Figuur 9 Huidige situatie projectgebied met omgevingskenmerken en locatie foto's

8

3

Voorgenomen ontwikkeling

Initiatiefnemer wil binnen het plangebied op de thans onbebouwde gronden een zonnepark oprichten van circa 9,5 hectare. Doel van het initiatief is om de gronden door middel van zonne-energie bedrijfsmatig te exploiteren. Met het initiatief wordt bijgedragen aan verduurzaming van de regio, door op een daarvoor passende locatie zonne-energie op te wek-

Hierbij wordt er gebruik gemaakt van inheemse beplanting, waarbij er

Zonnepanelen

zoveel mogelijk vruchtdragende en bloeiende soorten worden toegepast

De zonnepanelen zullen zuidelijk worden georiënteerd. Door gebruik te

in lijn met de landschapskenmerken.

maken van een centrale lijn en op onderling gelijke afstand worden de panelen met regelmaat op het perceel georganiseerd. Hiermee wordt

Aan de binnenzijde van de groenvoorzieningen wordt een hekwerk ge-

vertanding langs zichtbare zijdes voorkomen. Ze worden opgesteld in

plaatst die het zonnepark begrenst. Langs het hekwerk is een vrije

rijen met een hellingshoek van 13° en bereiken een hoogte van 2,4 me-

ruimte opgenomen van 3 meter, waarbinnen de panelen zijn opgesteld.

ter. De afstand tussen de tafels bedraagt 2 meter waardoor er voldoende water en zonlicht op de bodem terecht komt. Het totale plange-

ken. Het zonnepark kan 3.300 huishoudens van stroom voorzien en le-

bied heeft een oppervlakte van 9,5 ha, waarvan ca. 6,6 ha (69%) bruto

vert dus een significante bijdrage aan de transitie naar vormen van duur-

zal worden ingezet voor de zonnepanelen. Het netto oppervlakte van de

zame, groene energie.

3.1

panelen bedraagt 4,6 ha.

Landschappelijke inpassing

Om de ontwikkeling ruimtelijk in te passen en de ruimtelijke kwaliteit ter

De minimale hoogte bedraagt 0,8 meter, dit om onderhoud en dubbel

plaatse zoveel mogelijk te behouden (en te versterken) zijn kenmer-

ruimtegebruik mogelijk te maken. Aan de oost- en westzijde wordt een

kende elementen uit het landschap geïnventariseerd en gebruikt als

afstand van minimaal 4 meter tot aan de sloten (b-watergangen) gehou-

richtlijn voor het ruimtelijk ontwerp. Voor een uitgebreide analyse van

den voor een groene zone en onderhoud aan de sloten welke goed be-

het plangebied wordt verwezen naar bijlage 1 van onderhavige ruimte-

reikbaar zal blijven voor onderhoud door de eigenaar van het zonnepark

lijke onderbouwing. In figuur 10 is een uitsnede opgenomen van de

en overige aangrenzende eigenaren.

nieuwe situatie zoals voorgesteld in de landschappelijke inpassing. Hekwerk In aansluiting op de omgeving is langs alle randen een robuuste zone

Ter afscheiding wordt tussen het openbare terrein en de zonneweide

ingericht met landschapselementen die het zonnepark inpassen. Door

langs de binnenzijde een sober gaashekwerk geplaatst. Door de land-

het toevoegen van landschapselementen wordt niet alleen het land-

schappelijke inpassingsmaatregelen zal dit hekwerk gefragmenteerd

schap versterkt, maar krijgen ook de ecologische en cultuurhistorische

zichtbaar zijn. Er is gekeken naar de mogelijkheden van het toepassen

waarden in het gebied en de directe omgeving een impuls. Met name de

van een faunavriendelijk hekwerk. Door aan de onderzijde openingen te

ligging van de NNB gebieden rondom de percelen en de ecologische

maken (circa 10-15 cm) is het mogelijk dat (kleine) flora en fauna

verbindingszone aan de westzijde van het plangebied geven aanleiding

toegang krijgen tot het park en ook weer eruit kunnen. Het toepassen

voor een ecologische verbetering/verhoging van de biodiversiteit. De

van andere maatregelen (zoals hogere/grotere openingen) of

grootste biodiversiteitswinst wordt in het plan behaald door de aanleg

voorzieningen om het park makkelijker te betreden is in verband met

van nieuwe landschapselementen, waardoor er nieuwe schuilgelegen-

eisen t.a.v. verzekering en criminimaliteit ongewenst. Deze voorwaarde

heden en voedselbronnen ontstaan voor insecten (bijen, vlinders), vogels en andere fauna.

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

(het toepassen van openingen aan de onderzijde) maken onderdeel uit Figuur 10 Landschappelijke inpassing

van de inpasingsmaatregelen.

9

 

In totaal wordt er in het park circa 10.000 MWh per jaar aan elektri-

Door deze maatregelen en normen te implementeren, wordt de veilig-

citeit geproduceerd, dit staat gelijk aan ruim 3.300 huishoudens;

heid en efficiëntie van de batterijopslag gewaarborgd en kunnen potenti-

Voor de plaatsing van de panelen wordt er uitgegaan van 2 beton-

ele risico's effectief worden beheerd.

nen pootjes om de 3 meter. De diameter van een betonvoetje is ca. 10cm2.

Het ontwerp van het batterijopslagsysteem MVPS-S2 voldoet aan de

Diverse elektra kabels worden in ondergrondse kabelgoten en onder

richtlijnen van PGS 37-1 en de relevante NEN-normen. Voor de imple-

de panelen geplaatst.

mentatie van PGS 37-1 zal voorafgaand aan de realisatie een uitge-

34 omvormers welke onder de zonnepanelen worden geplaatst;

breide risicoanalyse uit worden gevoerd om potentiële gevaren te identi-

trafostations van 2,2 meter hoog. Deze zullen aan de westelijke

ficeren en te beoordelen. Een risicobeheersplan zal voorzien in maatre-

rand van het perceel geplaatst worden om zo min mogelijk het open

gelen om eventueel geïdentificeerde risico's te mitigeren. Het gekozen

karakter van het landschap te verstoren. Daarnaast zullen ze zoveel

batterijopslagsysteem MVPS-S2 heeft een robuuste constructie die be-

mogelijk uit het zicht worden geplaatst;

stand is tegen externe invloeden zoals brand en overstromingen. De

Een onverhard onderhoudspad aan de westelijke rand van het per-

hiervoor ontwikkelde operationele procedures voor het veilig gebruik en

ceel.

onderhoud van de batterijopslag en betrokken (onderhouds)personeel is

Figuur 11 Doorsnede uit het landschapsplan

Locatie gebouw en batterij Om een rustig beeld te creëren zijn de gebouwen en bouwwerken ten

behoeve van het zonnepark zoveel mogelijk geclusterd. De bouwwerken zijn opgenomen aan de westkant van het plangebied, gelegen aan een

hierin getraind. Voorts zullen er door het onderhoudsbedrijf: Zonnepark

centraal onderhoudspad langs de gehele zijde. Vanuit deze positie zal

Batterij

Services Nederland regelmatig audits worden uitgevoerd om naleving

eventueel geluid zo min mogelijk richting de omgeving worden uitgedra-

De beoogde batterijopslag binnen het project heeft een capaciteit van

van de richtlijnen te waarborgen.

gen. De batterijlocatie ligt aan de zuidwestzijde, gelijk bij de inrit. Een

8.4 MW / 20 MWh. Het doel van de batterijopslag is om de efficiëntie

struweelhaag camoufleert het directe zicht op de batterijopstelling.

van het zonnepark te verhogen door overtollige energie op te slaan en

Brandveiligheid

deze te gebruiken tijdens perioden van hoge vraag. Hierbij zal het een

Brandveiligheid is een cruciaal aspect bij de installatie van een BESS.

positieve invloed op het energienet en helpen netcongestieproblematiek

Het is essentieel om adequate brandveiligheidsmaatregelen te treffen

te verzachten. Bij de realisatie zal voldoende aandacht besteed aan de

om risico's te minimaliseren. Belangrijke brandveiligheidsmaatregelen

aspecten geluid en brandveiligheid, evenals de naleving van relevante

zijn onder andere:  Regelmatige keuring en monitoring: Voer regelmatige keuringen

3.2

Technische inpassing

De zonnepanelen liggen in een zuid opstelling. Ze worden opgesteld in rijen met een hellingshoek van 13° en bereiken een hoogte van 2,4 meter. De afstand tussen de tafels bedraagt 2 meter waardoor er voldoende water en zonlicht op de bodem terecht komt. In de lay-out is uitgegaan van gebruik van bifacials (620wp van Astronergy, zie ook bijlage

NEN-normen:  NEN 4288: Bedrijfsvoering van batterij-energieopslagsystemen Aanvullende eisen op NEN 3140. Deze norm zorgt voor universele

6). Mogelijk zal er een optimalisatie komen van deze panelen in de na-

toepassing van de regels in Nederland en een veilige bedrijfsvoering

bije toekomst. De minimale hoogte bedraagt 0,8 meter, dit om onderhoud en dubbel ruimtegebruik mogelijk te maken. Langs de randen van de watergangen zal voldoende ruimte (4 meter) worden aangehouden

Circa 19.000 zonnepanelen van 540 Wp;

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

van de batterijen NEN 3140: Bedrijfsvoering van elektrische installaties - Laagspanning. Deze norm bevat de eisen voor veilig werken aan en met elek-

voor onderhoud van de watergangen. De samenstelling van het zonnepark is als volgt:

en monitoring uit van het BESS en de bijbehorende componenten om defecten en installatiefouten tijdig te detecteren. Brandveilige ondergrond: Zorg voor een brandveilige ondergrond onder risicovolle componenten zoals omvormers en transformator

huizen. Vegetatiebeheer: Beheer de vegetatie rondom het zonnepark om te

trische installaties NEN-EN 50272-1: Veiligheidseisen voor oplaadbare batterijen en

voorkomen dat brand zich snel verspreidt. Kies voor brandveilige

batterij-installaties - Deel 1: Algemene veiligheidsregels. Deze norm

en de vegetatie.

vegetatie en zorg voor voldoende afstand tussen de zonnepanelen

bevat de algemene veiligheidsregels voor batterij-installaties

10

Toegankelijkheid voor hulpdiensten: Zorg ervoor dat het zonnepark goed toegankelijk is voor hulpdiensten. Dit omvat berijdbare

paden en voldoende bluswatervoorzieningen. Brandblusmiddelen: Zorg voor de aanwezigheid van adequate brandblusmiddelen en een 24/7 beschikbaarheid van een deskundige.

Netaansluiting Voor Zonnepark Ontginningsweg is initiatiefnemer voornemens deze waar mogelijk aan te sluiten op het elektriciteitsnet. Hierover heeft reeds afstemming plaatsgevonden met Enexis. Zij hebben aangegeven dat er tot 2029 geen netcapaciteit beschikbaar is maar dat ze wel op de wachtlijst staan, zie hiervoor ook bijlage 8. De afstand tot de meest nabijgelegen netstation bedraagt circa 1,7 kilometer. Er wordt daarnaast op dit moment onderzocht om de opgewekte energie af te laten nemen door lokale grootverbruikers, zolang de netcongestieproblematiek in deze regio nog niet is opgelost. Op deze manier wordt het elektriciteitsnet minder belast, waardoor meer capaciteit beschikbaar blijft. De aansluitkosten komen volledig voor rekening van de initiatiefnemers waardoor er

Figuur 12 Impressie camera's

geen maatschappelijke kosten voor de aansluiting zijn. Camera’s Een van de eisen van verzekeraars is cameratoezicht op zonneparken. Om het zonnepark te beveiligen, worden er op 2 strategische posities cameramasten geplaatst met een hoogte van 3 meter (figuur 12). De cameramasten zijn voorzien van meerdere camera’s (zie figuur 13) die gericht zijn evenwijdig aan het hekwerk en op de dode hoek rond de cameramast zelf. De camera’s hebben een horizontaal bereik van 50.8° tot 2.6°, een verticaal bereik van 29.4° tot 1.5° en een diagonaal bereik van 57.4° tot 3°. Overige technische informatie over de camera is terug te

Figuur 13 Positie camera's (rood aangeduid)

vinden in de bijlage. De camera’s maken geen beelden van de openbare ruimtes, alleen van het gebied binnen het hekwerk.

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

11

4

Beleid

In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan het relevante rijks-, provinciaal en gemeentelijk beleid.

4.1 4.1.1

Zoals in paragraaf 4.4 zal worden toegelicht, is het realiseren van zon

op daken en/of bebouwd gebied niet voldoende om te kunnen voldoen aan de doelstelling van duurzame energietransitie binnen de gemeente

van instructie(regel)s; 

Boxtel. Het realiseren van zonneweiden in het landelijk gebied, en in dit geval landbouwgrond, is daarom noodzakelijk. De onderhavige locatie is

Rijksbeleid

na een zorgvuldige afweging door de gemeente als ontwikkellocatie

National Omgevingsvisie

voor een zonneweide aangewezen. Van belang hierbij is dat de ruimte-

de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan;

de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert.

De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk

lijke kwaliteiten van het gebied niet te veel worden aangetast en de

Het Bkl bevat instructieregels met betrekking tot onder meer de vol-

op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Ne-

(maatschappelijke) meerwaarde in acht wordt genomen. In hoofdstuk 3

gende onderwerpen:

derland. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen Nederland staat,

is aangetoond dat met deze ruimtelijke kwaliteiten en maatschappelijke

waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2);

wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes er gemaakt moe-

meerwaarde rekening is gehouden. Geconcludeerd kan worden dat de

beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3);

ten worden en welke richting het Rijk meegeeft aan decentrale keuzes.

ontwikkeling in lijn is met de NOVI.

beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4), waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid

Die keuzes hangen samen met de toekomstbeelden van de fysieke leef-

en geur en bodemkwaliteit;

omgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die 

daarbij horen. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een lan-

beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden

getermijnvisie om de grote opgaven aan te pakken. In de NOVI zijn deze

en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5), waaronder de ladder voor

maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten:

duurzame verstedelijking; 

1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie

voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden;

2. duurzaam economisch groeipotentieel 

3. sterke en gezonde steden en regio’s 4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied

Figuur 14 Voorkeursvolgorde zonneladder, Uitvoeringsagenda NOVI

Doorwerking projectgebied Het realiseren van een zonneweide levert een belangrijke bijdrage aan een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, welke ook in 2050 CO2 arm is. Specifiek aan zonneweiden is aandacht besteed in de Uitvoeringsagenda van de NOVI. Hierin wordt gesproken over de voorkeursvolgorde voor energietransitie (zonneladder), namelijk het realiseren van zonnepanelen op daken en gevels (trede 1 van de zonnelad-

4.1.2

Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5

den (trede 4) (zie figuur 4.1).

het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7), waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes,

Instructieregels Rijk (AMvB’s)

aanwijzing van woningbouwcategorieën; 

het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen (paragraaf 5.1.8).

van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactivi-

Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoe-

teit.

fening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van

der), onbenutte terreinen in bebouwd gebied (trede 2), landelijk gebied (stortplaatsen etc.) (trede 3) en vervolgens op landbouw- en natuurgron-

het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6)

Uit het tweede lid van artikel 8.0b van het Bkl volgt dat de omgevings-

spoorwegen en rijkswegen.

vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd wordt als:

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

12

Doorwerking projectgebied

nieerd als: “De ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zee-

Het zonnepark voorziet in een periode van 25 jaar voor duurzame (her-

De beoogde ontwikkeling is niet in strijd met de instructieregels van het

haventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of an-

nieuwbare) energie door middel van zonne-energie. Het levert daarmee

Rijk. In hoofdstuk 5 van deze ruimtelijke motivering wordt uiteengezet

dere stedelijke voorzieningen”.

een bijdrage aan de landelijke doelstellingen om de CO2-uitstoot te ver-

dat de ontwikkeling het beschermen van onder meer de waterbelangen,

minderen.

veiligheid, gezondheid, erfgoed en het milieu niet schaadt. Hierdoor ont-

Een zonneweide wordt gelet op deze definitie niet beschouwd als een

staat er geen situatie die niet is toegelaten op grond van de instructiere-

stedelijke ontwikkeling, zie hiervoor ook de uitspraak van de Afdeling

4.1.5

gels.

Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 januari 2019,

Op 13 november 2019 hebben negen partijen de Gedragscode Zon op

ECLI:NL:RVS:2019:178. De ladder voor duurzame verstedelijking is dan

Land getekend. Het gaat om de brancheorganisatie Holland Solar, de

Gelet op de omvang van de beoogde zonneweide (circa 9,5 hectare) en

ook niet van toepassing op onderhavige ontwikkeling. Wel is er sprake

vereniging van omwonenden van energieprojecten NLVOW, Energie

het vermogen dat de zonneweide kan opwekken betreft het project geen

van een zorgvuldige locatiekeuze, met toepassing van de ‘zonneladder’

Samen, Greenpeace, Milieudefensie, Natuur & Milieu, de Natuur en Mili-

ontwikkeling die conform de Omgevingswet middels de rijkscoördinatie-

van de gemeente (zie nader par. 4.4). Het initiatief is daarmee in lijn met

eufederaties, Natuurmonumenten, en de Vogelbescherming. Samen

regeling dient te worden gecoördineerd. Het project betreft geen project

het gedachtengoed van de Ladder voor duurzame verstedelijking.

vertegenwoordigen deze organisaties meer dan 2 miljoen Nederlanders, 400 energiecoöperaties, 1000 lokale natuur- en milieugroepen, vele be-

van nationaal belang. 4.1.4 4.1.3

Ladder voor duurzame verstedelijking

Gedragscode Zon op Land

Klimaatakkoord

wonersgroepen en 170 bedrijven in de zonnesector. Met de code erken-

Op 28 juni 2019 heeft het kabinet-Rutte III het Klimaatakkoord gepre-

nen de organisaties dat zon op land nodig is voor het halen van de doe-

In artikel 5.129g van het Bkl is de Ladder voor duurzame verstedelijking

senteerd. Het Klimaatakkoord is een overeenkomst tussen veel organi-

len van de energietransitie. Daarvoor zullen leden van Holland Solar de

opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een

saties en bedrijven in Nederland om de uitstoot van broeikasgassen te-

volgende principes hanteren:

goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in

gen te gaan. Daarmee wordt de opwarming van de aarde beperkt. 1. Betrekken van omwonenden in de keuzes over het plan, het ont-

stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de ladder vraag-

werp en de mogelijkheid financieel te participeren.

gerichte programmering bevorderen. De ladder beoogt een zorgvuldige

Het belangrijkste doel van het Klimaatakkoord is de CO2-uitstoot in 2030

afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastruc-

met 49% verminderen vergeleken met 1990. In 2050 moet de uitstoot

Initiatiefnemer heeft de Gedragscode Zon-op-Land van Holland Solar

turele besluiten.

van broeikasgassen met 95% afgenomen zijn. Aan de hand van ver-

ondertekend en committeert zich hiermee aan de basisprincipes aan-

schillende maatregelen en afspraken met diverse sectoren dienen deze

gaande acceptatie en participatie van grondgebonden zonprojecten.

doelen te worden gerealiseerd.

Een zorgvuldige, stapsgewijze manier van communiceren en het betrek-

Doorwerking projectgebied De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van een zonneweide

ken van alle relevante stakeholders op het juiste moment vergroot de

in het buitengebied van de gemeente Boxtel. De gronden hebben in de

Voor energie is de afspraak gemaakt dat in 2030 70% van elektriciteit uit

kans op acceptatie en voldoende draagvlak voor het project in de omge-

huidige situatie een agrarische bestemming. Initiatiefnemer wil een

hernieuwbare bronnen dient te worden gegenereerd. Om dit te bewerk-

ving. Voor een samenvatting van het participatieproces wordt verwezen

nieuwe invulling geven aan het gebied door op een passende locatie

stellingen zijn dertig regio’s benoemd die de ruimte krijgen om te bepa-

naar hoofdstuk 6 van onderhavige ruimtelijke motivering.

een zonneweide te realiseren, welke bijdraagt aan de transitie naar

len hoe zij aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord kunnen vol-

duurzame energie en een opwaardering van de biodiversiteit.

doen.

2. Door een goede locatiekeuze en vormgeving meerwaarde bieden aan de omgeving: de natuur ter plekke zal erop vooruit moeten

De eerste vraag die moet worden beantwoord, is of de beschreven ont-

Doorwerking plangebied

wikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft. Dit begrip is gedefi-

De gemeente Boxtel valt onder de energieregio Noordoost Brabant. On-

gaan; omwonenden zullen mee kunnen profiteren.

derhavige ontwikkeling is in lijn met de afspraken uit het Klimaatakkoord.

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

13

De locatie van de zonneweide is passend binnen de omgeving van het

De juridisch-planologische verankering zal middels een omgevingsver-

en transport. Burgers en bedrijven kunnen daardoor nu en in de toe-

projectgebied. Landschappelijk wordt de zonneweide ingepast, zie hier-

gunningprocedure plaatsvinden. Dit betekent dat middels een omge-

komst rekenen op een goed functionerend en betrouwbaar energiestel-

voor ook paragraaf 3.1. Aanvullend wordt vermeld dat de locatie ook op

vingsvergunning wordt afgeweken van het tijdelijke omgevingsplan. De

sel. De provincie levert hiermee een bijdrage aan het terugdringen van

basis van gemeentelijk beleid passend wordt geacht voor een zonne-

onderliggende (agrarische) bestemming blijft ongewijzigd. De omge-

de uitstoot van broeikasgassen en verbeteren tevens de luchtkwaliteit

weide, zie hiervoor ook paragraaf 4.4.

vingsvergunning maakt het mogelijk dat tijdelijk een zonnepark binnen

voor de inwoners. Daarbij kunnen kansen verzilverd worden door decen-

het besluitgebied gerealiseerd en in gebruik mag worden genomen.

trale overheden, al dan niet middels individuele of collectieve energieop-

In de huidige situatie worden de gronden benut ten behoeve van land-

wekking door (groepen van) bedrijven en burgers.

bouw, hierdoor zijn de ecologische waarden van de gronden beperkt. Bij

4.1.6

de realisatie van het zonnepark zal middels het landschappelijke inpas-

Onderhavige ontwikkeling is in lijn met het Rijksbeleid.

singsplan de biodiversiteit worden versterkt. Het plangebied ligt naast een alternatieve NS-wandelroute (Ontginningsweg), welke aansluit op de route naar Kampina. Met de komst van het zonnepark, kan deze alternatieve route worden versterkt en aantrekkelijker worden gemaakt door de aanleg van nieuwe landschapselementen, maar ook door de recreant op educatieve wijze mee te nemen in de ontwikkeling van zonneenergie. Door het plaatsen van een informatiebord wordt de recreant zich hiervan bewust. Daarnaast wordt er een picknick bank en tafel geplaats, welke gebruikt kan worden als rust- of uitkijkpunt. De omgeving krijgt de kans om vorm te geven aan dit deel. Een nadere verslaglegging en uitwerking van de mogelijkheden met betrekking tot participatie is opgenomen in het participatieplan. 3. Zorgen dat het oorspronkelijk grondgebruik desgewenst mogelijk blijft na de levensduur van het zonnepark; zowel planologisch als fysiek (geen afval, vervuiling; goede bodemkwaliteit). Een zonneweide betreft geen bodembedreigende functie. Voor de realisatie van de zonnepanelen is er slechts zeer beperkt sprake van bodem-roerende werkzaamheden. Uitgangspunt is dat de kwaliteit en waarden van de gronden na het verwijderen van het zonnepark niet mag verslechteren.

Conclusie

4.2

Verhouding tot provinciaal beleid

4.2.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant

Klimaatverandering heeft nu al een grote impact op de Brabantse leefomgeving en gaat in de toekomst nog meer van zich doen gelden. De verbranding van fossiele brandstoffen levert op landelijk niveau een bijdrage van circa 75% aan de totale uitstoot van broeikasgassen (door CO2-uitstoot). Besparing in het gebruik van fossiele brandstoffen en grondstoffen en het overschakelen naar duurzame vormen van energieopwekking zijn de belangrijkste manieren om vanuit Brabant een bijdrage te leveren aan de beperking van de CO2-uitstoot. Aanleiding vormen de klimaatafspraken in Parijs en nationaal de afspraken over het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen en de

spelers is, maar ziet Brabant, met onder andere de Brainport, als een goede uitgangspositie om de kansen die de energietransitie oplevert, te benutten. Door gebruik te maken van technologische innovaties, het ontwikkelen van diensten en producten met een grote impact op het verhogen van de hoeveelheid duurzame energie, levert de provincie een bijdrage aan de verbetering van de leefomgeving én zorgt het ervoor in de toekomst om Brabantse economie versterken als ‘innovation leaders’. Noord-Brabant koppelt het provinciaalbeleid aan het Rijksbeleid en nationale doelen. De doelstelling is een grote uitdaging die vraagt om een actief en gericht tweesporenbeleid van de provincie: 

op. Daarom is het verminderen van energiegebruik noodzakelijk, on-

Noord-Brabant wil evenredig bijdragen aan de doelstelling van minder

der andere in de gebouwde omgeving (warmte, isolatie) via energie-

dan 2ºC opwarming (klimaatakkoord). Daarnaast zijn er ook andere re-

zuinige apparatuur, door het verminderen van het energiegebruik

denen voor de inzet op de energietransitie. Energie die niet is gebaseerd op fossiele bronnen, ligt binnen handbereik en maakt dat de energievoorziening minder afhankelijk wordt van de gasvoorraden in Nederland of van de import van energie van elders. De hele transitie naar een goed functionerend en betrouwbaar systeem, gebaseerd op andere Dit alles tezamen maakt het noodzakelijk dat er nu begonnen wordt met het aanpassen van de gehele energievoorziening van productie, opslag

Verminderen energieverbruik: Energie die je niet verbruikt hoef je ook niet op te wekken en levert dan ook geen ruimteclaim of uitstoot

omschakeling naar een energie neutrale samenleving. De provincie

energiebronnen dan fossiele brandstoffen, duurt decennia.

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

De provincie is zich bewust dat zij maar één van de vele noodzakelijke

van mobiliteit en het terugdringen van industrieel energiegebruik. 

Verduurzaming energie: Van een marginale toepassing van duurzame technologie wil de provincie via een enorme groeispurt grootschalig gebruik maken van energie via wind, zon, water en duurzame warmte.

Tegelijkertijd biedt deze uitdaging ook veel kansen. Een duurzame energieproductie in combinatie met een goede oplossing van opslag die op

14

grote schaal kan worden toegepast, is ook een belangrijke economische

Zoals in hoofdstuk 3 van deze ruimtelijke motivering reeds is gemoti-

het landelijk gebied. Voor het ontwikkelen van zonneparken in het Lan-

motor. Brabant kan op dit gebied met de hier aanwezige kennis en ex-

veerd, wordt aan deze voorwaarde voldaan.

delijk gebied zijn, in artikel 5.54 ‘zonneparken in Landelijk gebied’, specifieke regels opgenomen. Daarnaast is artikel 5.46 ‘Groenblauwe waar-

pertise bij kennisinstellingen en bedrijven één van de leidende innovatieve regio’s in Europa worden. Tegelijkertijd biedt de opwekking van

4.2.2

duurzame energie ook kansen voor het versterken van de sociale sa-

Op 5 december 2023 is de TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant

pes voor een evenwichtige toedeling van functies zijn geborgd en zijn

menhang in de samenleving door lokaal samen te werken, de lokale

vastgesteld. Deze vervangt de interim omgevingsverordening Noord-

zowel artikel 5.11 ‘kwaliteitsverbetering’ als artikel 5.12 ‘ontwikkelings-

veerkracht te versterken en het maatschappelijk rendement te verhogen.

Brabant (1 maart 2020, nadien meermaals geactualiseerd). De TAM-

richting’ van belang. Deze regels zijn hierna weergegeven en worden

Brabant ziet zich daarom als innovatief gidsgebied en proeftuin voor de

omgevingsverordening is een vertaling van de provinciale Omgevingsvi-

daarna toegelicht.

energietransitie. De steden worden pionierhubs voor energieopwekking

sie naar concrete en juridisch ingekaderde regels.

TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant

den’ relevant. Tevens gelden artikel 5.7 t/m 5.10 waarin de basisprinci-

Artikel 5.46 Groenblauwe waarden

uit zon in combinatie met slimme mobiliteit (de auto als opslag van energie). Het Brabantse landschap wordt benut voor opwekking, opslag en

Vanwege een aanscherping van de zonneladder is overgangsrecht op-

Een omgevingsplan ter plaatse van Groenblauwe waarden:

transport van hernieuwbare energie. Er liggen hier kansen om dit te kop-

genomen voor plannen die op het moment van inwerkingtreding van de

a. strekt tot het behoud, het herstel of de duurzame ontwikkeling van

pelen aan het inspelen op klimaateffecten. En nieuwe digitale toepassin-

gewijzigde regeling in een vergevorderd stadium verkeren, zoals onder-

het bodem- en watersysteem en de daarmee samenhangende eco-

gen helpen om energieopwekking en -gebruik zo efficiënt mogelijk te

havig planvoornemen. Op initiatieven waarover is besloten voor 1 juli

logische waarden en kenmerken, biodiversiteit en landschappelijke

doen.

2025 blijft het recht van toepassing zoals dat gold op 1 januari 2024.

waarden en kenmerken;

Elektriciteit: voor de periode tot 2030 zet de provincie vol in op het

Vanwege de complexiteit van besluitvorming kunnen Gedeputeerde Sta-

mogelijk maken van zoveel mogelijk zon- en breed gedragen wind-

ten op verzoek van het gemeentebestuur voor een concreet initiatief

projecten, binnen de spelregels die nu in de provinciale verordening

deze termijn met een half jaar verlengen als het naar hun oordeel vol-

(par. 4.2.2) een plek hebben gekregen. Draagvlak en sociale rand-

doende is aangetoond dat besluitvorming voor 1 juli 2025 niet mogelijk

en hydrologische waarden en kenmerken van het gebied; en

voorwaarden zijn daarbij belangrijk. Ook zet de provincie zich in om

was. Het gaat dan bijvoorbeeld om plannen die aantoonbaar al in een

d. bepaalt dat de toedeling van een functie of activiteit gepaard gaat

de elektriciteitsvraag van de gebouwde omgeving zoveel mogelijke

vergevorderd stadium waren op het moment dat de ontwerp TAM-Om-

met een positieve bijdrage aan het versterken van biodiversiteit en

binnen die omgeving op te wekken.

gevingsverordening - regelwijziging 1 in procedure is gebracht (31 mei

de bescherming en ontwikkeling van ecologische-, landschappelijke-

2024) maar waarover besluitvorming voor 1 juli 2025 niet mogelijk is om-

en hydrologische waarden en kenmerken van het gebied.

b. bevat een beschrijving van de ecologische-, landschappelijke- en hydrologische waarden en kenmerken van het gebied; c.

stelt regels ter bescherming van de ecologische-, landschappelijke-

Doorwerking projectgebied

dat een onderzoek onverhoopt langere tijd in beslag neemt. Het gaat

De ruimtelijke ontwikkeling heeft een directe link met het uitgangspunt

nadrukkelijk niet om plannen die pas in een laat stadium zijn ontwikkeld

In hoofdstuk 5 zijn de bestaande waarden op ecologisch, hydrologisch

om een zo groot mogelijk aandeel in vernieuwbare energiebronnen te

en daardoor niet aan de gestelde termijn kunnen voldoen. Voor het zon-

en landschappelijk gebied in beeld gebracht. Middels een quickscan

realiseren. Verder ziet de provincie Noord-Brabant een grote opgave om

nepark Ontginningsweg is het overgangsrecht van toepassing waardoor

flora en fauna zijn de huidige ecologische waarden onderzocht en in

te kunnen voldoen aan de nationale opgave voor energietransitie.

er navolgend getoetst wordt aan de TAM-omgevingsverordening Noord-

kaart gebracht. Ook is er voor het planvoornemen een watertoets opge-

Brabant, en niet aan de TAM-Omgevingsverordening - regelwijziging 1.

steld die de hydrologsiche situatie en aandachtpunten in beeld brengt.

Middels onderhavige ontwikkeling kan een belangrijke bijdrage worden

Beide onderzoeken zijn opgenomen in de bijlage.

geleverd aan de provinciale doelstellingen omtrent energietransitie naar

Doorwerking projectgebied

duurzame energie. In het Provinciaal omgevingsplan wordt aangegeven

Op de Basiskaart van de omgevingsverordening is het projectgebied ge-

Zoals in par. 3.1 en in bijlage 1 bij deze ruimtelijke motivering is toege-

dat er een goede landschappelijke inpassing gerealiseerd dient te wor-

legen in het ‘Landelijk gebied’. Zorgvuldig ruimtegebruik als bedoeld in

licht, draagt onderhavig plan bij aan het behoud van het huidige water-

den waarin het ruimtelijk ontwerp van het initiatief wordt onderbouwd.

artikel 5.8 en verder is de basis randvoorwaarde voor ontwikkelingen in

systeem en op welke wijze de ecologische waarde van het gebied sterk

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

15

wordt verbeterd. Ondanks dat er geen directe versterking of verbeterin-

ook de gestelde ambities een afwegingskader opgesteld voor zonne- en

Daarbij dient aangetekend te worden dat bij de bepaling van die theore-

gen aan het watersysteem zit verworven draagt beëindiging van het

windenergie. De doorwerking van het gemeentelijk beleid zal in para-

tische potentie voor geluidsbeperkingen is uitgegaan van een afstand

agrarisch gebruik natuurlijk wel iets bij aan het verbeteren van de grond-

graaf 4.4 nader worden besproken.

van 350 meter tot losse bebouwing en 500 meter tot woonkernen (uitgaande van de “tijdelijke overbruggingsregeling windturbineparken”). In-

en oppervlaktewaterkwaliteit. Tot slot is voorzien in een adequate landschappelijke inpassing van de locatie. De aanleg, instandhouding en het

Naar aanleiding van het nieuwe beleid heeft de gemeente Boxtel een

middels zijn de ontwerp Nationale milieunormen voor windenergie gepu-

beheer van de verschillende elementen wordt in de voorwaarden bij de

tender opengezet voor nieuwe initiatieven van zonneparken. De zonne-

bliceerd, die medio 2025 van kracht worden en wordt uitgegaan van een

vergunning geborgd en is uitgewerkt in het landschappelijk inpassings-

parken uit de uitgezette tender zijn bedoeld om te voorzien in de lokale

minimale afstand van 2 x de tiphoogte tot elke bebouwing. Voor een 5,6

plan. Zodoende wordt voldaan aan het gestelde in dit artikel.

opwekopgave die regionaal is overeengekomen in de Regionale Ener-

MW turbines houdt dit een minimale afstand in van 482 meter tot elke

gie Strategie Noordoost Brabant (RES NOB 1.0, 2021). Die opwekop-

woning. Uitgaande van deze milieunormen zal de theoretische potentie

Artikel 5.54 Zonneparken in Landelijk gebied

gave aan duurzame energie voor de gemeente Boxtel bedraagt 0,08

verder beperkt worden en zijn nog maar 2 grote windturbines mogelijk

Lid 1

TWh. Conform het bepaalde in het Klimaatakkoord, dat een uitwerking is

langs de A2 ten noorden van Boxtel, waardoor niet voldaan wordt aan

Binnen Landelijk gebied is nieuwvestiging mogelijk van zelfstandige op-

van de Klimaatwet moet deze opgave voor 2025 vergund zijn, zodat

de eis uit de provinciale Omgevingsverordening dat windparken een

stellingen van zonnepanelen om te kunnen voldoen aan de doelstellin-

deze voor 2030 gerealiseerd kan worden. Het Nationaal Programma

clustergrootte hebben van minimaal 3 windturbines.

gen voor het opwekken van duurzame energie als:

RES (NPRES) ondersteunt en monitort deze opgave en gaat er vanuit

a. uit onderzoek blijkt dat de aanleg van het zonnepark noodzakelijk is

dat deze opgave wordt ingevuld met grootschalig zon op gebouw, groot-

Daarnaast moet aangetekend worden dat voor de luchtvaartbeperkin-

omdat in onvoldoende mate voorzien kan worden in de behoefte voor

schalig zon op veld en grootschalig wind.

gen alleen is uitgegaan van de strenge toets voor radar van militaire

duurzame energie:

vliegvelden, waardoor alleen noordelijke deel van de gemeente reële

1. door de ontwikkeling van andere vormen van duurzame energie;

Potentie grootschalig wind in de gemeente Boxtel

mogelijkheden zijn en in het zuidelijke deel alleen mogelijkheden zijn

2. binnen Stedelijk gebied;

De potentie voor windenergie is onderzocht in de Visie zonne- en wind-

voor turbines met hoogtebeperking. Naar de mogelijkheden voor wind-

3. door meervoudig ruimtegebruik in Landelijk gebied of binnen be-

energie, die in september 2020 door de gemeenteraad is vastgesteld. In

energie wordt nog nader onderzoek gedaan, maar voor de realisatie van

staand ruimtebeslag op bouw-percelen; en

het Beleidsakkoord 2021-2026 van het college is opgenomen dat voor

de RES opwekopgave voor 2030 kan windenergie geen rol spelen.

4. op gronden aansluitend op Stedelijk gebied.

windenergie alleen de locatie langs de A2 ten noorden van Boxtel als

Daarnaast zijn dit alleen de harde belemmeringen voor windenergie,

een geschikte plek voor beperkte windenergie wordt gezien.

maar er zijn ook zachte belemmeringen voor windenergie die getoetst

Belangrijke voorwaarde is dat de noodzaak van de ontwikkeling volgt uit

moeten worden aan artikel 5.51 (windturbines in landelijk gebied). Daar-

een onderzoek waaruit blijkt dat de mogelijkheden voor de opwekking

Bij de voortgangsrapportage van de RES NOB uit 2023 is een onder-

voor is van belang dat de windturbines passen in de gewenste ontwikke-

van duurzame energie binnen Stedelijk gebied en op daken onvol-

zoek van Generation Energy gevoegd, waarin de potentiegebieden van

ling van het gebied en voor windenergie is in het kleinschalige karakter

doende is. In opdracht van de gemeente Boxtel is door Generation

zon en wind in de regio worden geconcretiseerd. Daarnaast is door

van het landschap binnen het Nationaal Landschap van Gogh geen

Energy een onderzoek verricht naar de verwachte energiebehoefte.

To70 een onderzoek uitgevoerd naar de luchtvaartbelemmeringen voor

ruimte. Gezien de landschappelijk, ecologische, cultuurhistorische waar-

Naar verwachting zal de energiebehoefte in 2030 3.5 PJ bedragen. Op

windenergie in de regio. Uit het onderzoek van Generation Energy blijkt

den in de gemeente is de kans klein dat een rendabele cluster van mini-

basis van de huidige mogelijkheden om duurzame energie op te wekken

een theoretische technische potentie van 7 windturbines van 5,6 Mega-

maal 3 windturbines wordt gevonden in de gemeente. Voor windturbines

(inclusief 10% landbouwgronden met zonnepanelen) zal naar verwach-

watt in het gedeelte van de gemeente dat ligt binnen radar- en lucht-

met hoogtebeperking (tiphoogte 150 meter) is in de SDE++ subsidiere-

ting 1.7 PJ aan duurzame energie worden opgewekt. Er dient derhalve

vaarttoetsingsvlakken en 7 van deze windturbines buiten deze vlakken

geling een afzonderlijke categorie opgenomen, maar daarbij wordt uitge-

te worden verkend op welke manieren er duurzame energie kan worden

(uitgaande van een 50% invulling in potentiegebieden).

gaan van rendabele clusters van 15 megawatt, wat neerkomt op clusters

gewekt. De gemeente Boxtel heeft naar aanleiding van dit onderzoek en

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

van minimaal 5 turbines. De kans binnen de gemeente een passende

16

invulling wordt gevonden binnen het voorgestelde gebied is klein.

Trede 1. Realistische potentie zonnestroom op daken en gevels

In tabel 1 is die realistische potentie in beeld gebracht en wordt de op-

Daarom rest voor de invulling van de RES opwekopgave voor 2030 vol-

Die realistische potentie wordt beperkt door een aantal belemmeringen:

wek ingeschat op 0,0220 TWh, oftewel 27,5% van de opgave. Uit de 5e

gens het NPRES begrippenkader alleen grootschalig zon op gebouw en

de vormfactor (die grillig gevormde of smalle dakvlakken van gebou-

monitor van de RES NOB blijkt dat 0,029 TWh gerealiseerd is of in de

wen uitsluit),

pijplijn zit, oftewel 36,5%. Dat er al meer is gerealiseerd dan de realisti-

of er al bestaande PV-panelen liggen op dakvlakken,

sche potentie is te verklaren doordat als belemmering er al rekening

Potentie grootschalig zon op gebouw en zon op veld

of het dakvlak onderdeel is van een monument,

mee is gehouden of er al bestaande PV-panelen liggen op dakvlakken.

Ter voldoening van artikel 5.54, lid 1 is de toepassing van de zonnelad-

of de eigendomssituatie beperkingen op legt (bv bij huur),

Die potentie is trede 1 kan dus groeien naar 0,220+0,029=0,051 TWh,

der, zoals opgenomen in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) noodza-

of er obstakels (schoorstenen, dakramen) op dakvlakken aanwezig

oftewel 63,8% van de opwekopgave. De potentie voor zonnestroom op

zijn,

gevels is niet onderzocht, omdat hiervoor geen data of kengetallen be-

of de constructie van het dak een belasting met zonnepanelen toe-

schikbaar zijn, maar er wordt niet verwacht dat de realistische potentie

laat,

hiervoor groot is. De potentie in trede 1 wordt dus ingeschat op 63,8% van de lokale RES opwekopgave.

zon op veld.

kelijk. In de NOVI is de Voorkeursvolgorde zon (ook wel zonneladder), geïntroduceerd. Hierin wordt de gewenste prioritering aangegeven voor

locaties voor de opwek van zonne-energie. De voorkeursvolgorde kent 4 treden:

of er sprake is van een asbesthoudende dakbedekking,

1. Zonne-energie op daken en gevels

of er sprake is van congestie in grootverbruik.

2. Zonne-energie op terreinen en objecten binnen bebouwd gebied

Aan de hand van de kengetallen van het NPRES begrippenkader is de

3. Zonne-energie op terreinen en objecten in het landelijk gebied

realistische potentie voor grootschalige zonnestroom in beeld gebracht

4. Zonne-energie op landbouw- en natuurgronden

(>15 kWp per installatie, installaties aangesloten op kleinverbruik aansluitingen ‘achter de meter’ tellen mee bij de besparingsopgave). Die

Overigens wordt opgemerkt dat de zonneladder niet volgordelijk, maar

kengetallen zijn: 2,3 m2 nodig per m2 paneel, 350 Wp per paneel, 900

volgtijdelijk doorlopen moet worden. De potentie in de eerste trede (zon

vollasturen per jaar en panelen met een oppervlakte van 1,63 m2. Bij

op dak) hoeft dus niet volledig benut te zijn voordat de volgende treden

elke belemmering is de potentie afgeschaald met een percentage en bij

benut gaan worden. Om de energietransitie te versnellen dient dus ge-

3 belemmeringen of meer is ervan uitgegaan dat dit dakvlak geen realis-

lijktijdig gewerkt te worden aan invulling van alle treden.

tische potentie bezit.

TKI Urban Energy onderzocht in 2023 samen met Generation Energy in

Tabel 2: Potentie zon op parkeerplaatsen Uit tabel 2 blijkt een praktische potentie van 0,0137 TWh, oftewel 17% van de lokale RES opwekopgave. Het is echter niet realistisch te veronderstellen dat 35% van alle parkeerplaatsen in de gemeenten bedekt kunnen worden met zonnepanelen om meerdere redenen. Ten eerste omdat veel parkeerplaatsen worden gebruikt voor evenementen of markten en de overkappingen niet gewenst zijn. Ten tweede omdat niet

Aantal belemmeringen

Aantal TWh

0 belemmeringen

0,0099

of anderszins niet passen in gemeentelijk beleid (bv verkeerskundig op

1 belemmering

0,0112

veiligheid). Zo vraagt de vastgestelde Strategie Klimaatadaptatie 2022-

zonnestroom op gebouwen in de gemeente bepaald en is de praktische

2 belemmeringen

0,00085

potentie van zonnestroom op parkeerplaatsen bepaald. Hierbij dient

3 belemmeringen

Nihil

aangetekend te worden dat er onzekerheden zitten in de data en ge-

4 belemmeringen

Nihil

Enexis heeft een energietransitieroute bekend gemaakt, waarin ze de

5 belemmeringen

Nihil

komende jaren het elektriciteitsnet in alle buurten van de gemeente ver-

TOTAAL

0,0220

zwaren. Daarvoor worden tientallen transformatorhuisjes bijgeplaatst op

opdracht van de landelijke overheid (RVO) de potentie van zonnestroom op gebouwen en parkeerplaatsen. Op basis van deze studie en data van CBS en het Kadaster is de realistische potentie van grootschalige

bruikte methode, waardoor het een inschatting betreft, die een indicatie geeft van die realistische potentie.

Tabel 1: Realistische potentie grootschalige zon op gebouwen

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

alle overkappingen op parkeerplaatsen stedenbouwkundig gewenst zijn

2026 om meer openbaar groen om waterberging te realiseren en hittestress te voorkomen.

of nabij die locaties zijn er kansen voor om binnen de concessie van

17

Vattenfal openbare laadpleinen te combineren met overkapte parkeer-

Oppervlaktewater van enige omvang is alleen beschikbaar op de Lang-

terreinen met zonnepanelen. Daarbij lijkt het overkappen van een klein

spier, maar die wordt recreatief te intensief gebruikt om deze te benutten

aantal parkeerplaatsen haalbaar en kan de opwek rechtstreeks gebruikt

voor een drijvend zonnepark.

Boxtel

0,45 ha

landbouw

particulier

Boxtel

Nergena 34

NB0900950

0,1 ha

natuur

Noord-

(stort) Gemeente

Naam

het omgevingsplan ruimte geboden worden. Dit vraagt tijd en tot 2030 is het niet realistisch dat hiervoor meer dan 100 parkeerplaatsen overkapt

NB0900035

Boxtel

worden voor het laden. De mogelijkheden hiervoor kunnen onderzocht worden en hiervoor kan in het omgevingsprogramma duurzaamheid en

Tongeren,

Locatie-

Grootte

Functie

Brabants

Eigenaar

Land-

code Boxtel

kunnen worden. Dan gaat het om zo’n 750 panelen oftewel 1,8% van de

Roderweg,

NB3100007

schap 0,23 ha

natuur

Liempde

Noord-

Boxtel

Broxven, Esch

NB1650001

0,4 ha

bebouwing

Brabants

en verhar-

praktische potentie en wordt de realistische potentie op parkeerplaatsen

Land-

ding

in geschat op minder dan 0,3% van de RES opwekopgave.

schap Boxtel

Trede 3. Potentie op terreinen en objecten in het landelijk gebied In bijlage 2 bij de RES 1.0 NOB is in het rapport “achtergrond verbruik

NB3100003

0,74 ha

landbouw

particulier

NB3100004

0,1 ha

natuur

particulier

Molendijk,

Kasterense-

ven. Daaruit blijkt dat een aantal stortplaatsen onder NNB vallen of te klein zijn (minder dan 1 hectare). Gezien de mogelijke verontreiniging en

Liempde Boxtel

Tabel 3: Voormalige stortplaatsen

In tabel 3 zijn de voormalige stortplaatsen in de gemeente weergege-

Liempde Boxtel

en potentie” het potentieel van de opwek van zon op restgronden (tabel 4.10, blz 53) ingeschat op 3 TJ. Daarbij is geen onderscheid gemaakt

Kerkakkers,

particulier

NB3100005

0,04 ha

landbouw

particulier

de beperkte grootte is geen rendabele exploitatie als zonnepark moge-

tussen restgronden binnen (trede 2) of buiten (trede 3) stedelijk gebied,

straat,

lijk. Daarnaast zijn gronden veelal in eigendom van particulieren en zijn

maar dat komt overeen met 1% van de RES opwekopgave (0,000833

Liempde

zonneparken op veel van die locaties ongewenst, waardoor het gebruik

TWh).

Boxtel

In de toelichting van artikel 5.54, lid 2 moet bij meervoudig ruimtegebruik uitgegaan worden van ruimte op gronden of objecten langs spoorlijnen

Boxtel

en wegen, op water, op stortplaatsen, grond- en slibdepots, op vloeivel-

Gemonde-

NB3100006

0,03 ha

landbouw

particulier

van die gronden als zonnepark niet voor de hand ligt. Uit de tabel blijkt

sestraat,

dat het doorgaans niet om ongebruikte gronden gaat, maar hebben ze

Liempde

een functie.

Boxtel Oost,

NB0900004

0,62 ha

wonen en in-

particulier

tensief ge-

Het RWZI-terrein is en wordt in de toekomst al benut voor de eigen

den, RWZI-terreinen of ten dienste van de agrarische functie (agri-PV).

bruik open-

energievoorziening van waterschap De Dommel en door Energiecoöpe-

Langs de rijksweg A2 en spoorlijnen zijn er mogelijkheden, maar Rijkwa-

baar groen

ratie Dommelstroom. Op voormalige agrarische bebouwing (VAB) is in

terstaat heeft bekend gemaakt dat er op zijn vroegst in 2029 ruimte is

Boxtel

Boxtel

voor een voorverkenning in het kader van het programma Opwek van

Konijnshool-

NB0900036

0,48 ha

natuur

sedreef, Boxtel

Energie op Rijksvastgoed (OER) in de regio naar de potentie. Die potentie langs de A2 wordt voor het gehele traject tussen ’s-Hertogenbosch en Eindhoven ingeschat op bruto 48 hectare, maar moet verdeeld wor-

Boxtel

Molenstraat,

NB0900026

0,07 ha

Boxtel

ken dat die bruto potentie netto minder wordt. Gezien deze onzekerheDaardoor is deelname aan het programma OER een optie voor de op-

het VAB-beleid geen specifieke ruimte opgenomen. Dit is maatwerk en

Brabants

op voorhand kan hiervoor geen potentie bepaald worden. De potentie in

Land-

trede 3 wordt dus ingeschat op 1% van de lokale RES opwekopgave.

schap

den over 4 gemeenten en uit de (voor-)verkenning kan alleen maar blijden wordt geen bijdrage ingeschat voor de RES opwekopgave tot 2030.

Noord-

Boxtel

Banisveld, Boxtel

NB0900002

6,4 ha

bebouwing

gemeente

Trede 4. Potentie op landbouw- en natuurgronden

en verhar-

Op natuurgronden (binnen NNB) zijn zonneparken niet toegestaan en

dingen

op landbouwgronden alleen nog bij uitzondering of op basis van over-

natuur

gemeente

gangsrecht. De totale potentie in trede 1, 2 en 3 en de zonnepanelen die al gerealiseerd zijn op voornamelijk grootschalige daken worden wordt

gave vanaf 2030.

Zonnepark Ontginningsweg Boxtel

18

ingeschat op 0,051+0,00024+0,0008= 0,05204 TWh oftewel 65% van

de in de (inmiddels vervallen) structuurvisie opgenomen gebieden waar

opgenomen in de omgevingsvergunning en wordt ook een financiële ze-

de RES opgave.

verstedelijking afweegbaar is. Twee van de vier zonneparken uit de ten-

kerheidstelling opgenomen in de anterieure overeenkomst. Die borg-

der liggen op gronden waar verstedelijking afweegbaar is. In de concept

stelling voor de ontmanteling wordt opgenomen in de omgevingsvergun-

Omdat geen windenergie benut kan worden is voor de realisatie van de

Omgevingsvisie zijn deze gebieden niet meer opgenomen. Zonnepar-

ning en anterieure overeenkomst.

RES opwekopgave additioneel de opwek van 0,028 TWh zon op veld

ken worden doorgaans met een buitenplanse omgevingsplanactiviteit

noodzakelijk. Daarvoor is van 16 december 2020 tot 1 februari 2021 een

(BOPA) voor een periode van 25 jaar vergund en daarin is het niet goed

Onder d van lid 3 is opgenomen dat de ontwikkeling een maatschappe-

tender voor zonneparken opengesteld in de gemeente en is op maart

mogelijk om daarin op te nemen dat na die 25 jaar het landbouwkundig

lijke meerwaarde geeft, waaronder de mogelijkheid voor de omgeving

2022 door het college besloten om 48 hectare te gunnen aan 4 initiatief-

gebruik wordt beëindigd, omdat die BOPA is gericht op het opnieuw in

om te participeren in het project. De zonneparken uit de tender zijn ge-

nemers door in te stemmen met de ingediende principeverzoeken voor 4

gebruik nemen van de landbouwgrond na de periode van 25 jaar. Des-

richt op het streven om minimaal 50% lokaal eigendom te realiseren en

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=ef7a3cd8-a637-44c9-ab55-e81fdb55eea0