Nieuw-Bijlage 1. BOPA motivering (onderbouwing) zonnepark De Beerze d.d. 28 juli 2025
Tekst van het document
Zonnepark Boxtel-Beerze Gemeente Boxtel
Zonnepark Boxtel-Beerze
1
colofon
projectnaam Zonnepark Boxtel-Beerze datum 28 juli 2025 projectnummer P06384 opdrachtgever Novar BRO projectleider RTa projectteam WvdH bron kaft BRO review TAu en RTa
Willemsplein 2 5211 AK ’s-Hertogenbosch +31 (0)73 208 91 55 info@bro.nl www.bro.nl
Zonnepark Boxtel-Beerze
2
Inhoudsopgave 1
2
3
Aanleiding en doel
5
1.1 1.2 1.3 1.4
Aanleiding Projectgebied Juridisch-planologisch kader Leeswijzer
5 5 5 6
Beschrijving bestaande situatie
7
2.1
7
Gebiedsprofiel
Voorgenomen ontwikkeling
8
3.1
Landschappelijke inpassing
8
3.1.1
9
3.2
Milieuzone beekherstel
Technische inpassing
4.4.5 4.4.6
5
Beleid 4.1
29
5.1
Milieueffectrapportage (m.e.r.)
29
5.1.1 5.1.2 5.1.3
29 29 29
5.2
5.3
9
4.2
4.3 4.4
12
Rijksbeleid
12
4.1.1 4.1.2 4.1.3 4.1.4 4.1.5 4.1.6 4.1.7
12 12 14 15 15 15 16
5.5
Verhouding tot provinciaal beleid
16
5.7
4.2.1 4.2.2 4.2.3
16 17 21
National Omgevingsvisie Toepassing zonneladder Instructieregels Rijk (AMvB’s) Ladder voor duurzame verstedelijking Klimaatakkoord Gedragscode Zon op Land Conclusie Omgevingsvisie Noord-Brabant TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant Conclusie
Verhouding tot regionaal afspraken
21
4.3.1 4.3.2
21 22
RES 1.0 Noordoost-Brabant Conclusie
Gemeentelijk beleid
22
4.4.1 4.4.2 4.4.3 4.4.4
22 23 23 24
Structuurvisie verfrissend Boxtel Visie duurzaam Boxtel 2030 Duurzaamheidsagenda Boxtel 2022-2026 Visie zonne- en windenergie Boxtel
Zonnepark Boxtel-Beerze
27 28
Milieuaspecten in de fysieke leefomgeving
5.4
4
Omgevingsvisie Boxtel Conclusie
5.6
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Bodem
29
5.2.1 5.2.2 5.2.3
29 29 29
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Cultuurhistorie
30
5.3.1 5.3.2 5.3.3
30 30 30
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
5.7.2.1
Toetsingskader
5.7.2.2
Onderzoek
5.7.2.3 5.8
Conclusie Geur
34
5.8.1 5.8.2 5.8.3
34 34 34
5.9
Gezondheid
34
5.9.1 5.9.2 5.9.3
34 34 35
30
5.4.1 5.4.2 5.4.3
30 30 31
5.10.1 5.10.2 5.10.3
Activiteiten en milieuzonering
31
5.11 Luchtkwaliteit
35
5.5.2 5.5.3
31 32
5.11.1 5.11.2 5.11.3
35 36 36
Toetsingskader Onderzoek Conclusie Onderzoek Conclusie
Elektromagnetische straling
32
5.6.1 5.6.2 5.6.3
32 33 33
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Geluid
33 (Spoor)wegverkeer
33
5.10 Lichthinder en reflectie
Toetsingskader Onderzoek
Toetsingskader Onderzoek Conclusie Toetsingskader Onderzoek Conclusie
5.12 Natuur en landschap 5.12.1 5.12.2 5.12.3
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
5.13 Omgevingsveiligheid 5.13.1 5.13.2
5.7.1.2
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Archeologie
5.7.1
5.7.1.1
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
Toetsingskader Onderzoek
Conclusie 5.7.2
Milieuzonering van zonnepark
33
35 35 35
36 36 37 38
39 39 39
5.14 Trillingen
42
5.14.1 5.14.2 5.14.3
42 42 42
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
5.15 Verkeersgeneratie, -afwikkeling en parkeren 5.7.1.3
35
5.15.1 5.15.2 5.15.3
Toetsingskader Onderzoek Conclusie
42 42 42 42
3
5.16 Water 5.16.1 5.16.2 5.16.3
6
7
42 Toetsingskader Onderzoek Conclusie
42 43 46
Financiële en maatschappelijke verantwoording
47
6.1 6.2
Financieel-economische haalbaarheid Maatschappelijke verantwoording
47 47
6.2.1 6.2.2
Omgevingsdialoog Procedure omgevingsvergunning
47 47
Belangenafweging en conclusie
48
Separate bijlagen Bijlage 1: Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 2: Quickscan flora en fauna Bijlage 3: Weging van waterbelang Bijlage 4: Stikstofonderzoek Bijlage 5: Technische tekeningen Bijlage 6: Vrijstelling bodemonderzoek Bijlage 7: Advies brandveiligheid zonnepark De Beerze Bijlage 8: Archeologisch onderzoek Bijlage 9: Kwaliteitsbijdrage Bijlage 10: Offerte aanvraag netbeheerder
Zonnepark Boxtel-Beerze
49 49 49 49 49 49 49 49 49 49 49
4
1 1.1
1.3
Aanleiding en doel Aanleiding
Novar is voornemens een zonnepark en bijbehorende bouwwerken te realiseren op een aantal percelen in het buitengebied van de gemeente Boxtel. Novar (hierna: initiatiefnemer) maakt deel uit van de energietransitie in Nederland door aan ontwikkeling van grondgebonden zonneparken te werken. Het opwekken van zonne-energie levert een belangrijke bijdrage aan het Klimaatakkoord. De gemeente Boxtel heeft een onderzoek laten verrichten naar de verwachte energiebehoefte in 2030. Doelstelling is om zo snel als mogelijk energieneutraal te zijn. De verwachte energiebe-
Juridisch-planologisch kader
In het projectgebied is het op 1 januari 2024 van rechtswege ontstane
1.2
Projectgebied
tijdelijk omgevingsplan van de gemeente Boxtel van toepassing. Op de
Het plangebied betreft een aantal gronden ten westen van het dorp Len-
beoogde locatie is het bestemmingsplan ‘Buitengebied 2011‘ (vastge-
nisheuvel en ten zuiden van de kern Boxtel. Het gebied ligt eveneens op
steld op 10 april 2012) vigerend. Op basis van deze bestemmingsplan-
korte afstand van het bedrijventerrein Ladonk. Het gebied wordt geken-
nen heeft de locatie de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Natuur-
merkt door de aanwezigheid van de Beerze, die aan de westzijde het
en landschapswaarden’. Verder rust op de locatie de dubbelbestemmin-
gebied ontsluit. Figuur 1 geeft de globale ligging van het plangebied
gen ‘Waarde – Archeologie – Categorie 3 en 4’, ‘Waarde – Leefgebied
weer. Het projectgebied betreft (gedeeltelijk) een aantal percelen die ka-
soorten van halfopen cultuurlandschap - 2’. Figuur 2 op navolgende pa-
dastraal bekend staan als gemeente Boxtel, sectie L, nummers 162,
gina geeft een uitsnede van het vigerend bestemmingsplan weer.
167, 844, 888, 954, 956 en 1135. De totale oppervlakte van het plangebied bedraagt circa 12,68 hectare, waarvan circa 5,0 (netto oppervlak)
In het westelijke gedeelte van het plangebied rust langs de Beerze ook
wordt benut voor het plaatsen van zonnepanelen.
de gebiedsaanduiding ‘milieuzone – beekherstel’ gebiedsaanduidingen
hoefte zal naar verwachting 3.5 PJ bedragen. Uitgaande van het huidige
‘milieuzone – attentiegebied ehs’. In het midden van het plangebied ligt
beleid kan maximaal 1.7 PJ duurzaam worden opgewekt. Het opwekken
daarnaast ook een gasleiding met een planologische beschermings-
van meer duurzame energie is daarom noodzakelijk. De ontwikkeling
zone.
kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren. Naast de ontwikkeling van het zonnepark wil initiatiefnemer ook een (maatschappelijke) meer-
Bedrijventerrein
waarde creëren op het gebied van landschap, water- en ecologische as-
Ladonk
pecten.
Op basis van deze bestemming is een zonnepark zowel functioneel als ruimtelijk niet passend binnen het vigerend bestemmingsplan. Een zonnepark wordt niet genoemd binnen de bestemmingsomschrijving ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden’.
De locatie waar het beoogde zonnepark is voorzien heeft de bestemming ‘Agrarisch met waarden – Natuur- en landschaps-waarden’. Op grond van deze bestemming is de ontwikkeling van een zonneweide niet mogelijk. Om de ontwikkeling mogelijk te maken kan gebruik worden gemaakt van de buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) onder vigeur van de Omgevingswet.
Lennisheuvel
Ten behoeve van de omgevingsvergunningaanvraag dient een ruimtelijke motivering te worden opgesteld, waarin aangetoond wordt dat het initiatief past binnen een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voorliggende ruimtelijke motivering voorziet hierin.
Zonnepark Boxtel-Beerze
Beerze Figuur 1 Globale ligging van het plangebied (rood omlijnd
5
relevante (milieu)aspecten in de fysieke leefomgeving. In hoofdstuk 6 worden de financiële en maatschappelijke verantwoording besproken, waarna in hoofdstuk 7 wordt afgesloten met een belangenafweging en conclusie.
Figuur 2 Uitsnede vigerend bestemmingsplan ‘Buitengebied Boxtel 2011’, met projectgebied rood omlijnd
1.4
Leeswijzer
Deze ruimtelijke motivering bestaat uit verschillende onderdelen. Hoofdstuk 1 bevat een beschrijving van de aanleiding, een aanduiding van het projectgebied en het vigerende juridisch-planologische kader. In hoofdstuk 2 is een beschrijving van de bestaande situatie opgenomen, waarna in hoofdstuk 3 de beoogde ontwikkeling wordt beschreven. Vervolgens wordt in hoofdstuk 4 getoetst aan het relevante beleid op rijks-, provinciaal en gemeentelijk niveau. Hoofdstuk 5 gaat in op de diverse
Zonnepark Boxtel-Beerze
6
2
Beschrijving bestaande situatie
2.1
Gebiedsprofiel
Het plangebied ligt op de overgang van het beekdallandschap naar het kampenlandschap. Het is een landschap dat gekenmerkt wordt door beplanting langs de beek met een aanliggend kleinschalig landschap. Landschappelijke en cultuurhistorische kenmerken zijn nog aanwezig, maar zijn door het samenvoegen van percelen ook deels verdwenen. Het gebied heeft een duidelijke verkaveling met greppels die haaks op de Beerze liggen. Deze structuur is in de loop der jaren voornamelijk bepaald door de afwateringsfunctie van het gebied. In het verleden kende het landschap nog een meer onregelmatig- en kleinschaliger karakter. Door de ruilverkaveling zijn veel van deze percelen samengevoegd tot grootschalige en rechte kavels. Beplanting op de perceelgrenzen is veelal verdwenen. Nieuwe structuren zoals de Scheepdonkseweg en de Loxvenseweg zijn opnieuw aangeplant en ondertussen uitgegroeid tot waardevolle groenstructuren. Het gebied ligt eveneens op korte afstand van het bedrijventerrein Ladonk en is zelf nagenoeg onverhard en onbebouwd. In figuur 3 zijn een aantal foto’s weergegeven van de huidige situatie.
Figuur 3 Huidige situatie projectgebied
Zonnepark Boxtel-Beerze
7
3
Voorgenomen ontwikkeling
Initiatiefnemer wil binnen het plangebied op de thans onbebouwde gronden een zonnepark met bijbehorende bouwwerken oprichten van circa 12,68 hectare, met een oppervlakte voor de panelen van 5,0 hectare (ca. 39,4%). Doel van het initiatief is om de gronden door middel van zonne-energie bedrijfsmatig te exploiteren. Met het initiatief wordt bijgedragen aan verduurzaming van de regio, door op een daarvoor passende locatie zonne-energie op te wekken. Het zonnepark kan 4.000 huishoudens van stroom voorzien en levert dus een significante bijdrage aan de transitie naar vormen van duurzame, groene energie. Na een periode van 25 jaar zal het zonnepark en bijbehorende landschappelijke inpassing worden verwijderd en het oorspronkelijke gebruik worden hersteld.
3.1
Centraal bij de inpassing en ruimtelijk ontwerp staan de geïnventariseerde gebiedskarakteristieken. Belangrijk vertrekpunt is dat de locatie aansluit bij omgevingskenmerken, het gebiedskarakter en de maat en schaal van de omgeving. De zonnepanelen zullen conform de huidige verkavelingsstructuur worden aangelegd in een oost-west opstelling. Het doel hiermee is om de oriëntatie van de panelen zo eenduidig mogelijk te houden. Bij de ontwikkeling van het zonnepark is nadrukkelijk rekening gehouden met de landschappelijke kenmerken van het plangebied, waaronder de beplanting langs de Beerze en het omliggende kleinschalige landschap. In het ontwerp is gestreefd naar een zo zorgvuldig mogelijke inpassing binnen deze context waarbij onder meer is gekozen voor een opdeling in kamers. Hoewel het uitgangspunt is om de schaal van het zonnepark zoveel mogelijk af te stemmen op de kleinschaligheid van het gebied, brengt de
Landschappelijke inpassing
aard en omvang van het project met zich mee dat een verdere verklei-
Om de ontwikkeling ruimtelijk in te passen en de ruimtelijke kwaliteit ter
ning van de afzonderlijke kamers niet haalbaar is. Dit heeft te maken
plaatse zoveel mogelijk te behouden (en te versterken) zijn kenmer-
met technische, economische en ruimtelijke randvoorwaarden. Deson-
kende elementen uit het landschap geïnventariseerd en gebruikt als
danks is het ontwerp zodanig vormgegeven dat het zoveel mogelijk
richtlijn voor het ruimtelijk ontwerp. Voor een uitgebreide analyse van
recht doet aan de karakteristieken van het gebied, met behoud van
het plangebied wordt verwezen naar bijlage 1 van onderhavige ruimte-
zichtlijnen, versterking van landschapselementen en een zorgvuldige
lijke onderbouwing. In figuur 4 is een uitsnede opgenomen van de
overgang naar het omliggende landschap.
nieuwe situatie zoals voorgesteld in de landschappelijke inpassing. In bijlage 1 is een uitgebreide verantwoording te lezen van de landschaps-
Het park zal door middel van een (faunavriendelijk) hekwerk worden om-
kenmerken van het gebied en de keuze voor de gekozen landschaps-
heind (15 cm vrij aan onderzijde), die qua kleur passend is bij het ge-
maatregelen in relatie tot het beleid en ontwerpprincipes. Daarnaast is
bied. Dit zal als voorwaarde in de vergunning worden opgenomen. De
ook uitvoerig beschreven in hoeverre de maatregelen een bijdrage kun-
afstand van de panelen tot het hekwerk zal circa 3 meter bedragen. De
nen leveren aan het versterken van de biodiversiteit in het gebied. Eer-
zonnepanelen met stellingen zullen een gelijke hoogte hebben tot maxi-
dere versies van de landschappelijke inpassing zijn ook opgenomen in
maal 1.80 meter t.o.v. huidige maaiveld. Transformatorstations zullen
verschillende onderzoeken. Sindsdien is het ontwerp nog minimaal ge-
binnen de grenzen van het zonnepark worden aangelegd, langs één
wijzigd, maar dit is niet van invloed geweest op de onderzoeksresultaten
centrale lijn op onderlig gelijke afstand zodat verrommeling binnen het park wordt voorkomen. Deze zullen qua kleur, net zo als alle andere
Figuur 4 Landschappelijke inpassing
technische elementen in het ontwerp, eveneens worden uitgevoerd in een gebiedseigen kleur.
Zonnepark Boxtel-Beerze
8
Naast deze ruimtelijke randvoorwaarden zal het gebied ook landschap-
Geconcludeerd wordt dat het beoogde zonnepark, naast het behoud en
3.2
Technische inpassing
pelijk worden ingepast. Rondom en in het park staat meervoudig ruimte-
versterken van de landschappelijke waarden van het gebied, ook op het
De opstelling is een oost-west opstelling. De installatie bestaat uit tafels
gebruik centraal. Door aanplant van vochtig bloem- en kruidenrijk gras-
gebied van ecologie een belangrijke bijdrage levert.
van 3 panelen hoog, met een hoogte van max. 1.80 meter t.o.v. huidige maaiveld. Tussen de tafels ligt een vrije strook van 1 meter. In figuur 5 is
land zorgt dit voor een bijdrage aan biodiversiteit. De waterbergende functie van het gebied blijft met de komst van het zonnepark behouden,
Het zonnepark zal voor maximaal 25 jaar worden vergund. Na het ver-
een uitsnede opgenomen van de technische tekening in zijaanzicht.
waarmee een functiecombinatie met extensieve natuur als vochtig krui-
strijken van de gestelde termijn zal het zonnepark worden afgebroken
Voor een gedetailleerde weergave van de technische tekening wordt
denrijk grasland mogelijk is. Daarnaast worden de velden met zonnepa-
en zal het plangebied worden hersteld naar de oude toestand (geschikt
verwezen naar de technische tekening, welke als aparte bijlage wordt
nelen multifunctioneel inzetbaar. De velden worden met maximaal 0,25
voor agrarisch gebruik). Dit is zo ook vastgelegd in de AOK. Zowel het
toegevoegd aan de aanvraag.
meter afgegraven voor het creëren van een bassin. Bij hoog water wor-
zonnepark als de landschappelijke inpassing/kwaliteitsverbetering be-
den de velden met zonnepanelen ingezet voor extra waterberging.
treffen dus maatregelen die worden gezien als tijdelijke investering en functie van het gebied.
Om enerzijds bij te dragen aan het herstel van een groen fijnmazig raamwerk binnen een halfopen landschap (afwisselend open/gesloten)
3.1.1
en anderzijds de ontwikkeling aan het oog te onttrekken is voorgesteld
Aan de westzijde van het plangebied loopt de Beerze die als kenmer-
Milieuzone beekherstel
haaks langs de randen robuust gemengd inheems struweel aan te plan-
kende structuur door het landschap loopt maar ook als belangrijke ont-
ten. Bes- en doordragend struweel vormt een leefomgeving voor veel
werpleidraad voor het zonnepark fungeert. Hierover heeft afstemming
planten, vogels, vlinders en andere insecten. Naast de hiervoor ge-
plaatsgevonden met het waterschap d.d. 11 april. Daarbij geldt vanwege
noemde inrichtingsmaatregelen wil initiatiefnemer de biodiversiteit in het
de Beerze de gebiedsaanduiding ‘milieuzone – beekherstel’. Binnen de
gebied versterken.
vigerende bestemming (agrarisch met waarden) is deze ruimte gereser-
Het gebied wordt ontwikkeld als kruiden- en faunarijk grasland waar te-
veerd voor de verwezenlijking en het behoud, beheer en herstel van wa-
vens kleine poelen worden aangelegd (refereert naar de vroeger veel
tersystemen.
voorkomende veedrinkplaatsen).
Hier is in het ontwerp dan ook zoveel als mogelijk rekening mee gehouden. Het merendeel van de zonnepanelen wordt buiten de regionale wa-
Ook in het noordwesten van het plangebied wordt een poel met wilgen
terberging opgericht en zal ten behoeve van natuur, groen en water
aangelegd. De Scheepdonkseweg is een veelgebruikte ontsluiting rich-
landschappelijk worden ingepast. Er blijft zo voldoende ruimte over voor
ting de Kampina en wordt gebruikt om een ommetje in het buitengebied
de verwezenlijking en het behoud, beheer en herstel van watersys-
te maken. Bij de overgang van het bruggetje opent zich het landschap
temen. De zone reservering waterberging beslaat een groot gedeelte
richting de gebruiker. Om op deze zichtlocatie in een passende afron-
van het plangebied, hier dient te tevens te worden aangetoond dat de
ding te kunnen voorzien is in het landschappelijk inpassingsplan een
waterbergend vermogen ter plaatse in stand wordt gehouden en of
ruime afstand tot de ontwikkeling opgenomen en worden aan noord-,
wordt verbetert. In bijlage 1: Landschappelijke inpassing, wordt een na-
oost- en zuidzijde een houtwal aangeplant (grondwal + struiken).
dere toelichting gegeven op deze zoneringen binnen de omgevingsverordening Noord-Brabant.
Figuur 5 Uitsnede zijaanzicht technische tekening
Daarnaast ligt het plangebied in de zonering groenblauwe waarden Omgevingsverordening Noord-Brabant. Hier staat het behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van bodem- en watersystemen en de daarmee samenhangende ecologische waarden en kenmerken, biodiversiteit en landschappelijke waarden voorop. Met de realisatie van het zonnepark dient dan ook rekening te worden gehouden met deze aanduiding. Met de realisatie van het zonnepark wordt dan ook ingezet op het versterken van het waterbergend vermogen door het aanbrengen van bassins, daarnaast zal door middel van een gedegen inpassing het kleinschalige karakter haaks op beek worden hersteld. Met de aanleg van diverse poelen en struiken zal de ecologische verbinding langs de Beerze worden aangescherpt. Ook met de keuze van paneelconstructie is zoveel mogelijk rekening gehouden met de bodemkwaliteit. Een oost-west opstelling laat over het algemeen weinig zonlicht door, aangezien de tussenruimte tussen de panelen 2 cm bedraagt. Daarom zal worden gewerkt met bifacial zonnepanelen. Deze panelen onderscheiden zich van
Zonnepark Boxtel-Beerze
9
conventionele, monofaciale panelen doordat zij zonlicht aan beide zijden
In de omgeving van het zonnepark Boxtel-Beerze zijn een aantal bedrij-
kunnen opvangen en omzetten in elektriciteit. Naast direct zonlicht be-
ven die een groot energie verbruik hebben op jaarbasis. Novar is in ge-
nutten bifacial panelen ook het
sprek met diverse ondernemingen om rechtstreeks de stroom van zon-
gereflecteerde licht van de ondergrond – bijvoorbeeld afkomstig van
nepark Boxtel-Beerze te laten afnemen. Deze werkwijze zorgt voor een
gras, zand of wit folie. Dit leidt tot een verhoogde opbrengst van duur-
optimaal gebruik van infrastructuur en een lagere belasting van het net-
zame elektriciteit, waardoor het rendement van het zonnepark toeneemt,
station.
Een belangrijk bijkomend voordeel is dat deze panelen geen kunststof-
Netaansluiting
laag aan de achterzijde bevatten. Hierdoor zijn ze deels lichtdoorlatend,
De aansluiting van een zonnepark op het netstation is één van de grote
wat betekent dat een deel van het zonlicht de bodem bereikt. Dit stimu-
kostenposten van een project. In dit geval is de afstand naar het con-
leert de groei van vegetatie onder en tussen de panelen en draagt zo bij
nectiepunt naar verwachting 1,5 kilometer. Dit is relatief dichtbij voor een
aan de bevordering van biodiversiteit binnen het plangebied.
zonnepark van deze omvang. Hierdoor vormen de kosten voor de netaansluiting geen probleem voor de economische haalbaarheid van het
Daarnaast wordt in de configuratie bewust ruimte gelaten tussen de pa-
zonnepark. De kosten voor een netaansluiting van deze omvang vallen
nelen. Deze openingen zorgen ervoor dat zowel zonlicht als regenwater
ook buiten het gereguleerde domein, wat betekent dat alle kosten door-
de bodem gelijkmatig kunnen bereiken. Dit voorkomt erosie of het ont-
berekend worden aan de eigenaar van de aansluiting en dus niet (ge-
staan van geconcentreerde waterstromen die de bodemstructuur zou-
deeltelijk) voor rekening komen van de netbeheerder.
den kunnen aantasten. Door deze technische en ecologische keuzes wordt een zonnepark gerealiseerd dat op een zorgvuldige en natuur-
Novar overdimensioneert de DC zijde van haar zonneparken standaard
vriendelijke wijze is ingepast in het landschap.
ten opzichte van de AC zijde. Dit betekent dat het vermogen van de zonnepanelen groter is dan het vermogen van de aansluiting. Dit doen
Het zonnepark zal voor maximaal 25 jaar worden vergund. Na het ver-
we omdat het maximale vermogen van een zonnepark maar maximaal
strijken van de gestelde termijn zal het zonnepark en bijbehorende land-
3% van de tijd gehaald wordt. Het contracteren van transportvermogen
schappelijke inpassing worden afgebroken en zal het plangebied wor-
voor het volledige DC vermogen van het zonnepark zou daarmee zor-
den hersteld naar de oude toestand (geschikt voor agrarisch gebruik).
gen voor een onevenredige belasting op het electriciteitsnetwerk.
Dit is zo ook vastgelegd in de AOK. Zowel het zonnepark als de land-
Standaard is onze netaansluiting daarom ongeveer 50% kleiner dan het
schappelijke inpassing/kwaliteitsverbetering betreffen dus maatregelen
Wp vermogen van de zonnepanelen.
Figuur 6 Voorbeeld van een cameramast op een zonnepark
Zie in bijlage 5 de technische tekeningen van de installaties. Hekwerk
die worden gezien als tijdelijke investering en functie van het gebied. Onlangs hebben de netbeheerders en de zonnesector ook afgesproken
Ter afscheiding van het openbaar terrein en het zonneweide wordt langs
Direct afname energie
om deze overdimensionering aan te houden. Ook voor zonnepark Box-
de binnenranden een hekwerk geplaatst. Om migratie van klein fauna
Novar onderzoekt de mogelijkheden bij haar zonneparken voor directe
tel-Beerze zullen we een kleinere netaansluiting vastleggen. Berekenin-
niet te benadelen wordt er aan de onderzijde van het hekwerk 15cm vrij-
stroom afname door eindgebruikers. Een dergelijke uitvoering kan ener-
gen laten zien dat het zonnepark een vermogen heeft van ca. 10 MWp,
gehouden. Een faunavriendelijk hekwerk is daarnaast een randvoor-
zijds kosten besparen en anderzijds wordt ook efficiënter gebruik ge-
waarvoor we een aansluiting van ongeveer 5 MVA nodig hebben.
waarde, welke is opgenomen in de vergunning.
maakt van de netwerk infrastructuur.
Zonnepark Boxtel-Beerze
10
Camera’s Een van de eisen van verzekeraars is cameratoezicht op zonneparken. Hiervoor heeft Bauwatch een plan opgesteld. Om het zonnepark te beveiligen, worden er op 4 strategische posities cameramasten geplaatst (zie overzichtstekening, figuur 7). De cameramasten zijn voorzien van meerdere camera’s (zie afbeelding 6) die gericht zijn evenwijdig aan het hekwerk en op de dode hoek rond de cameramast zelf. Het bereik van de camera’s is aangegeven op de overzichtstekening. De camera’s maken geen beelden van de openbare ruimtes, alleen van het gebied binnen het hekwerk.
Figuur 7 Overzichtstekening cameraposities
Zonnepark Boxtel-Beerze
11
4
Beleid
In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan het relevante rijks-, provin-
niet eerst alle daken vol hoeven te liggen voordat de mogelijkheid van
Trede 1. Realistische potentie zonnestroom op daken en gevels Die rea-
een zonnepark op agrarische grond aan de orde is.
listische potentie wordt beperkt door een aantal belemmeringen: de vormfactor (die grillig gevormde of smalle dakvlakken van gebouwen
Zoals in paragraaf 4.4 zal worden toegelicht, is het realiseren van zon
uitsluit),
op daken en/of bebouwd gebied niet voldoende om te kunnen voldoen
of er al bestaande PV-panelen liggen op dakvlakken,
Rijksbeleid
aan de doelstelling van duurzame energietransitie binnen de gemeente
of het dakvlak onderdeel is van een monument,
National Omgevingsvisie
Boxtel. Het realiseren van zonneweiden in het landelijk gebied is
of de eigendomssituatie beperkingen op legt (bv bij huur),
De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is de langetermijnvisie van het Rijk
daarom noodzakelijk: in dit geval op landbouwgrond (trede 4). De onder-
of er obstakels (schoorstenen, dakramen) op dakvlakken aanwezig zijn,
op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Ne-
havige locatie is na een zorgvuldige afweging door de gemeente als ont-
of de constructie van het dak een belasting met zonnepanelen toelaat,
derland. De NOVI geeft weer voor welke uitdagingen Nederland staat,
wikkellocatie voor een zonneweide aangewezen. Van belang hierbij is
of er sprake is van een asbesthoudende dakbedekking,
wat daarbij de nationale belangen zijn, welke keuzes er gemaakt moe-
dat de ruimtelijke kwaliteiten van het gebied niet te veel worden aange-
of er sprake is van congestie in grootverbruik.
ten worden en welke richting het Rijk meegeeft aan decentrale keuzes.
tast en de (maatschappelijke) meerwaarde in acht wordt genomen. In
Die keuzes hangen samen met de toekomstbeelden van de fysieke leef-
hoofdstuk 3 is aangetoond dat met deze ruimtelijke kwaliteiten en maat-
Aan de hand van de kengetallen van het NPRES begrippenkader is de
omgeving, de maatschappelijke opgaven en economische kansen die
schappelijke meerwaarde rekening is gehouden. Geconcludeerd kan
realistische potentie voor grootschalige zonnestroom in beeld gebracht
daarbij horen. Met de Nationale Omgevingsvisie geeft het Rijk een lan-
worden dat de ontwikkeling in lijn is met de NOVI.
(>15 kWp per installatie, installaties aangesloten op kleinverbruik aanslui-
ciaal en gemeentelijk beleid.
4.1 4.1.1
getermijnvisie om de grote opgaven aan te pakken. In de NOVI zijn deze
tingen ‘achter de meter’ tellen mee bij de besparingsopgave). Die kenge-
maatschappelijke opgaven samengevat in vier prioriteiten:
tallen zijn: 2,3 m2 nodig per m2 paneel, 350 Wp per paneel, 900 vollast-
1. ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie;
uren per jaar en panelen met een oppervlakte van 1,63 m2. Bij elke be-
2. duurzaam economisch groeipotentieel;
lemmering is de potentie afgeschaald met een percentage en bij 3 belem-
3. sterke en gezonde steden en regio’s;
meringen of meer is ervan uitgegaan dat dit dakvlak geen realistische po-
4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.
tentie bezit.
Doorwerking projectgebied
Aantal belemmeringen
Aantal TWh
0 belemmeringen
0,0099
Figuur 8 Voorkeursvolgorde zonneladder, Uitvoeringsagenda NOVI
1 belemmering
0,0112
Uitvoeringsagenda van de NOVI. Hierin wordt gesproken over de voor-
4.1.2
2 belemmeringen
0,00085
keursvolgorde voor energietransitie (zonneladder), namelijk het realise-
In de NOVI is de Voorkeursvolgorde zon (ook wel zonneladder), geïntro-
3 belemmeringen
Nihil
ren van zonnepanelen op daken en gevels, onbenutte terreinen in be-
duceerd. Hierin wordt de gewenste prioritering aangegeven voor locaties
4 belemmeringen
Nihil
bouwd gebied, landelijk gebied (stortplaatsen etc.) en vervolgens op
voor de opwek van zonne-energie. De voorkeursvolgorde kent 4 treden: 1. Zonne-energie op daken en gevels
5 belemmeringen
Nihil
landbouw- en natuurgronden (zie figuur 8). De voorkeursvolgorde zoals die volgt uit de NOVI houdt geen volgtijdelijkheid in. Dat betekent dat
2. Zonne-energie op terreinen en objecten binnen bebouwd gebied
TOTAAL
0,0220
3. Zonne-energie op terreinen en objecten in het landelijk gebied
Tabel 1: Realistische potentie grootschalige zon op gebouwen
Het realiseren van een zonneweide levert een belangrijke bijdrage aan een betrouwbare, betaalbare en veilige energievoorziening, welke ook in 2050 CO2 arm is. Specifiek aan zonneweiden is aandacht besteed in de
Toepassing zonneladder
4. Zonne-energie op landbouw- en natuurgronden
Zonnepark Boxtel-Beerze
12
In tabel 1 is die realistische potentie in beeld gebracht en wordt de opwek
Uit tabel 2 blijkt een praktische potentie van 0,0137 TWh, oftewel 17%
trede 2. Hiermee wordt de realistische potentie in trede 2 geschat op min-
ingeschat op 0,0220 TWh, oftewel 27,5% van de opgave. Uit de 5e mo-
van de lokale RES opwekopgave. Het is echter niet realistisch te veron-
der dan 0,3% van de RES opwekopgave.
nitor van de RES NOB blijkt dat 0,029 TWh gerealiseerd is of in de pijplijn
derstellen dat 35% van alle parkeerplaatsen in de gemeenten bedekt kun-
zit, oftewel 36,5%. Dat er al meer is gerealiseerd dan de realistische po-
nen worden met zonnepanelen om meerdere redenen. Ten eerste omdat
Trede 3. Potentie op terreinen en objecten in het landelijk gebied In bij-
tentie is te verklaren doordat als belemmering er al rekening mee is ge-
veel parkeerplaatsen worden gebruikt voor evenementen of markten
lage 2 bij de RES 1.0 NOB is in het rapport “achtergrond verbruik en po-
houden of er al bestaande PV-panelen liggen op dakvlakken. Die potentie
waardoor de overkappingen niet gewenst zijn, omdat die deze evenemen-
tentie” het potentieel van de opwek van zon op restgronden (tabel 4.10,
is trede 1 kan dus groeien naar 0,220+0,029=0,051 TWh, oftewel 63,8%
ten belemmeren. Ten tweede omdat niet alle overkappingen op parkeer-
blz 53) ingeschat op 3 TJ. Daarbij is geen onderscheid gemaakt tussen
van de opwekopgave. De potentie voor zonnestroom op gevels is niet
plaatsen stedenbouwkundig gewenst zijn of anderszins niet passen in ge-
restgronden binnen (trede 2) of buiten (trede 3) stedelijk gebied, maar dat
onderzocht, omdat hiervoor geen data of kengetallen beschikbaar zijn,
meentelijk beleid (bv verkeerskundig op veiligheid). Zo vraagt de vastge-
komt overeen met 1% van de RES opwekopgave (0,000833 TWh).
maar er wordt niet verwacht dat de realistische potentie hiervoor groot is.
stelde Strategie Klimaatadaptatie 2022-2026 om meer openbaar groen
De potentie in trede 1 wordt dus ingeschat op 63,8% van de lokale RES
om waterberging te realiseren en hittestress te voorkomen.
opwekopgave.
In de toelichting van artikel 5.54, lid 1 staat dat bij meervoudig ruimtegebruik uitgegaan moet worden van ruimte op gronden of objecten langs
Enexis heeft een energietransitieroute bekend gemaakt, waarin ze de ko-
spoorlijnen en wegen, op water, op stortplaatsen, grond- en slibdepots,
Trede 2. Potentie op terreinen en objecten binnen bebouwd/stedelijk ge-
mende jaren het elektriciteitsnet in alle buurten van de gemeente verzwa-
op vloeivelden, RWZI-terreinen of ten dienste van de agrarische functie
bied
ren. Daarvoor worden tientallen transformatorhuisjes bijgeplaatst. Op of
(agri-PV). Langs de rijksweg A2 en spoorlijnen zijn mogelijkheden, maar
nabij die locaties zijn er kansen om binnen de concessie van Vattenfal
Rijkwaterstaat heeft bekend gemaakt dat er op zijn vroegst in 2029 ruimte
Op parkeerplaatsen
openbare laadpleinen te combineren met overkapte parkeerterreinen met
is voor een voorverkenning in het kader van het programma Opwek van
De potentie van zonneparken op parkeerplaatsen in stedelijk gebied valt
zonnepanelen. Daarbij lijkt het overkappen van een klein aantal parkeer-
Energie op Rijksvastgoed (OER) in de regio naar de potentie. Die potentie
in trede 2 van de zonneladder. Er is data beschikbaar (bron: AHN4, ka-
plaatsen haalbaar en kan de opwek rechtstreeks gebruikt worden voor
langs de A2 wordt voor het gehele traject tussen ’s-Hertogenbosch en
daster/RVO) waaruit de praktische potentie van zonnestroom op parkeer-
het laden. De mogelijkheden hiervoor kunnen onderzocht worden en hier-
Eindhoven ingeschat op bruto 48 hectare, maar moet verdeeld worden
plaatsen bepaald kan worden. Uitgangspunten hierbij zijn dat de parkeer-
voor kan in het omgevingsprogramma duurzaamheid en het omgevings-
over 4 gemeenten en uit de (voor-)verkenning kan alleen maar blijken dat
plaats geschikt is voor installaties > 15 kWp en door de complexiteitsfac-
plan ruimte geboden worden. Dit vraagt tijd en tot 2030 is het niet realis-
die bruto potentie netto minder wordt. Gezien deze onzekerheden wordt
tor van de belemmeringen blijkt 35% van de parkeerplaatsen geen be-
tisch dat hiervoor meer dan 100 parkeerplaatsen overkapt kunnen wor-
geen bijdrage ingeschat voor de RES opwekopgave tot 2030. Daardoor
lemmeringen te hebben.
den. Dan gaat het om zo’n 750 panelen oftewel 1,8% van de praktische
is deelname aan het programma OER een optie voor de opgave vanaf
potentie en wordt de realistische potentie op parkeerplaatsen in geschat
2030.
Eenheid
Waarde
op minder dan 0,3% van de RES opwekopgave. Oppervlaktewater van enige omvang is alleen beschikbaar op de Lang-
Totaal te benutten panelen
40003
Totale potentie TWh
0,0137
Op restgronden
spier, maar die wordt recreatief te intensief gebruikt om deze te benutten
Binnen de gemeente Boxtel zijn geen braakliggende gronden, restterrei-
voor een drijvend zonnepark.
nen langs industriële plassen of pauzelandschappen van enige omvang in stedelijk gebied aanwezig die als zonnepark ingezet kunnen worden.
Tabel 2: Potentie zon op parkeerplaatsen
Hierom is geconcludeerd dat buiten parkeerplaatsen geen noemenswaardige potentie is die een bijdrage kan leveren aan de totale opgave vanuit
Zonnepark Boxtel-Beerze
13
voornamelijk
grootschalige
daken
worden
wordt
ingeschat
op
beoordelingskader vormen van een buitenplanse omgevingsplanactivi-
0,051+0,00024+0,0008= 0,05204 TWh oftewel 65% van de RES opgave.
teit.
Omdat geen windenergie benut kan worden is voor de realisatie van de
Uit het tweede lid van artikel 8.0b van het Bkl volgt dat de omgevings-
RES opwekopgave additioneel de opwek van 0,028 TWh zon op veld
vergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit geweigerd
noodzakelijk. Daarvoor is van 16 december 2020 tot 1 februari 2021 een
wordt als:
tender voor zonneparken opengesteld in de gemeente en is op maart
2022 door het college besloten om 48 hectare te gunnen aan 4 initiatiefnemers door in te stemmen met de ingediende principeverzoeken voor 4
van instructie(regel)s;
zonneparken. Daarmee wordt 0,042 TWh opgewekt. Samen met de potentie uit de treden 1, 2 en 3 houdt dit in dat daarmee 0,094 TWh gerea-
de activiteit zou leiden tot een situatie die niet is toegelaten op grond de omgevingsplanactiviteit betrekking heeft op een voorbeschermingsregel in het omgevingsplan;
liseerd is of wordt voorbereid. Dat is 117% van het RES opwekdoel.
de omgevingsplanactiviteit het uitvoeren van een project waarvoor een projectbesluit is vastgesteld door provincie of Rijk, belemmert.
De vraag naar elektriciteit in 2050 zal naar verwachting tot 3 tot 4 maal
Tabel 3: Voormalige stortplaatsen
groter dan de RES-opwekopgave voor 2030 waardoor meer productie
Het Bkl bevat instructieregels met betrekking tot onder meer de vol-
van duurzame energie noodzakelijk is. Die overproductie is nodig om dat
gende onderwerpen:
het niet zeker is dat alle potentie ook tijdig gerealiseerd kan worden en de
waarborgen van veiligheid (paragraaf 5.1.2);
vraag naar elektriciteit naar verwachting flink stijgt. Daarnaast past die
beschermen van waterbelangen (paragraaf 5.1.3);
overproductie binnen het streven om zo snel mogelijk energieneutraal te
beschermen van gezondheid en milieu (paragraaf 5.1.4), waaronder
Voormalige stortplaatsen in de gemeente zijn onderzocht. Daaruit blijkt
zijn.
instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid
dat een aantal stortplaatsen onder NNB vallen of te klein zijn (minder dan
Momenteel is 36,5% van de RES opwekopgave gerealiseerd en samen
en geur en bodemkwaliteit;
1 hectare). Gezien de mogelijke verontreiniging en de beperkte grootte is
met de 52,5% van de vier zonneparken uit de tender we op 89% RES
geen exploitatie als zonnepark mogelijk. Uit de tabel blijkt dat het door-
opwekopgave zitten. Er is dus nog een flinke stap die we moeten zetten
gaans niet om ongebruikte gronden gaat, maar hebben ze een functie.
om de RES opwekopgave te realiseren.
Het RWZI-terrein is en wordt in de toekomst al benut voor de eigen ener-
De gemeente Boxtel heeft geconcludeerd dat er dus niet in voldoende
gievoorziening van waterschap De Dommel en door Energiecoöperatie
mate worden voorzien in duurzame energie door de ontwikkeling van an-
Dommelstroom. Op voormalige agrarische bebouwing (VAB) is in het
dere vormen van duurzame energie in tredes 1, 2 en 3. Er kan niet worden
VAB-beleid geen specifieke ruimte opgenomen. Dit is maatwerk en op
voorzien in de behoefte voor duurzame energie binnen het stedelijk ge-
ningen voor nadelige gevolgen van activiteiten (paragraaf 5.1.7),
voorhand kan hiervoor geen potentie bepaald worden. De potentie in
bied. Voor de beoogde ontwikkeling wordt er enerzijds ingezet op ecolo-
waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteits-
trede 3 wordt dus ingeschat op 1% van de lokale RES opwekopgave.
gisch dubbelgebruik als anderzijds extra waterbergend vermogen. Onder
voorziening, rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets- en wandelroutes,
de panelen worden bassins aangebracht.
aanwijzing van woningbouwcategorieën;
en cultureel erfgoed (paragraaf 5.1.5), waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking;
Instructieregels Rijk (AMvB’s)
het behoud van ruimte voor toekomstige functies (paragraaf 5.1.6) voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden;
Trede 4. Potentie op landbouw- en natuurgronden Op natuurgronden
beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden
het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzie-
het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buiten-
(binnen NNB) zijn zonneparken niet toegestaan en op landbouwgronden
4.1.3
alleen nog bij uitzondering of op basis van overgangsrecht. De totale po-
Artikel 8.0b, eerste lid, van het Bkl bepaalt dat bij een aanvraag om een
tentie in trede 1, 2 en 3 en de zonnepanelen die al gerealiseerd zijn op
buitenplanse omgevingsvergunning de instructieregels in hoofdstuk 5
Daarnaast bevat afdeling 5.2 van het Bkl instructieregels voor de uitoe-
van het Bkl, de provinciale instructieregels en eventuele instructies het
fening van taken voor de fysieke leefomgeving. Daarbij gaat het onder
Zonnepark Boxtel-Beerze
ruimte voor personen (paragraaf 5.1.8).
14
meer om het voorkomen van belemmeringen van gebruik en beheer van
De eerste vraag die moet worden beantwoord, is of de beschreven ont-
Doorwerking plangebied
spoorwegen en rijkswegen.
wikkeling een nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft. Dit begrip is gedefi-
De gemeente Boxtel valt onder de energieregio Noordoost Brabant. On-
nieerd als: “De ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zee-
derhavige ontwikkeling is in lijn met de afspraken uit het Klimaatakkoord.
Doorwerking projectgebied
haventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of an-
Het zonnepark voorziet in een periode van 25 jaar voor duurzame (her-
De beoogde ontwikkeling is niet in strijd met de instructieregels van het
dere stedelijke voorzieningen”.
nieuwbare) energie door middel van zonne-energie. Het levert daarmee
Rijk. In hoofdstuk 5 van deze ruimtelijke motivering wordt uiteengezet
een bijdrage aan de landelijke doelstellingen om de CO2-uitstoot te ver-
dat de ontwikkeling het beschermen van onder meer de waterbelangen,
Een zonneweide wordt gelet op deze definitie niet beschouwd als een
veiligheid, gezondheid, erfgoed en het milieu niet schaadt. Hierdoor ont-
stedelijke ontwikkeling, zie hiervoor ook de uitspraak van de Afdeling
staat er geen situatie die niet is toegelaten op grond van de instructiere-
Bestuursrechtspraak van de Raad van State van 23 januari 2019,
4.1.6
ECLI:NL:RVS:2019:178. De ladder voor duurzame verstedelijking is dan
Op 13 november 2019 hebben negen partijen de Gedragscode Zon op
ook niet van toepassing op onderhavige ontwikkeling. Wel is er sprake
Land getekend. Het gaat om de brancheorganisatie Holland Solar, de
Gelet op de omvang van de beoogde zonneweide (circa 12,68 hectare)
van een zorgvuldige locatiekeuze, met toepassing van de ‘zonneladder’
vereniging van omwonenden van energieprojecten NLVOW, Energie
en het vermogen dat de zonneweide kan opwekken betreft het project
van de gemeente (zie nader par. 4.4). Het initiatief is daarmee in lijn met
Samen, Greenpeace, Milieudefensie, Natuur & Milieu, de Natuur en Mili-
geen ontwikkeling die conform de Omgevingswet middels de rijkscoördi-
het gedachtengoed van de Ladder voor duurzame verstedelijking.
eufederaties, Natuurmonumenten, en de Vogelbescherming. Samen
gels.
Gedragscode Zon op Land
vertegenwoordigen deze organisaties meer dan 2 miljoen Nederlanders,
natieregeling dient te worden gecoördineerd. Het project betreft geen project van nationaal belang.
minderen.
4.1.5
Klimaatakkoord
400 energiecoöperaties, 1000 lokale natuur- en milieugroepen, vele be-
Op 28 juni 2019 heeft het kabinet-Rutte III het Klimaatakkoord gepre-
wonersgroepen en 170 bedrijven in de zonnesector. Met de code erken-
senteerd. Het Klimaatakkoord is een overeenkomst tussen veel organi-
nen de organisaties dat zon op land nodig is voor het halen van de doe-
In artikel 5.129g van het Bkl is de Ladder voor duurzame verstedelijking
saties en bedrijven in Nederland om de uitstoot van broeikasgassen te-
len van de energietransitie. Daarvoor zullen leden van Holland Solar de
opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een
gen te gaan. Daarmee wordt de opwarming van de aarde beperkt.
volgende principes hanteren:
stedelijke gebieden. Het Rijk wil met de introductie van de ladder vraag-
Het belangrijkste doel van het Klimaatakkoord is de CO2-uitstoot in 2030
1. Betrekken van omwonenden in de keuzes over het plan, het ont-
gerichte programmering bevorderen. De ladder beoogt een zorgvuldige
met 49% verminderen vergeleken met 1990. In 2050 moet de uitstoot
afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastruc-
van broeikasgassen met 95% afgenomen zijn. Aan de hand van ver-
Initiatiefnemer heeft de Gedragscode Zon-op-Land van Holland Solar
turele besluiten.
schillende maatregelen en afspraken met diverse sectoren dienen deze
ondertekend en committeert zich hiermee aan de basisprincipes aan-
doelen te worden gerealiseerd.
gaande acceptatie en participatie van grondgebonden zonprojecten.
4.1.4
Ladder voor duurzame verstedelijking
goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in
Doorwerking projectgebied
werp en de mogelijkheid financieel te participeren.
Een zorgvuldige, stapsgewijze manier van communiceren en het betrek-
De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van een zonneweide
Voor energie is de afspraak gemaakt dat in 2030 70% van elektriciteit uit
ken van alle relevante stakeholders op het juiste moment vergroot de
in het buitengebied van de gemeente Boxtel. De gronden hebben in de
hernieuwbare bronnen dient te worden gegenereerd. Om dit te bewerk-
kans op acceptatie en voldoende draagvlak voor het project in de omge-
huidige situatie een agrarische bestemming. Initiatiefnemer wil een
stellingen zijn dertig regio’s benoemd die de ruimte krijgen om te bepa-
ving. Voor een samenvatting van het participatieproces wordt verwezen
nieuwe invulling geven aan het gebied door op een passende locatie
len hoe zij aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord kunnen vol-
naar paragraaf 6.2 van onderhavige ruimtelijke motivering.
een zonneweide te realiseren, welke bijdraagt aan de transitie naar
doen.
duurzame energie en een opwaardering van de biodiversiteit.
De gemeente heeft het streven van minimaal 50% lokaal eigendom (en zeggenschap) in haar tenderdocumentatie opgenomen. Initiatiefnemer
Zonnepark Boxtel-Beerze
15
streeft hiernaar door inzet van verschillende mogelijkheden tot financiële
De gemeente ondersteunt actief de communicatieactiviteiten die nodig
onderliggende (agrarische) bestemming blijft ongewijzigd. De omge-
participatie. Hiermee wordt ook gekeken naar de wensen van de omge-
zijn om de participatie varianten onder de aandacht te brengen en de lo-
vingsvergunning maakt het mogelijk dat tijdelijk een zonnepark binnen
ving en inwoners van de gemeente. 2. Door een goede locatiekeuze en vormgeving meerwaarde bieden
kale voorkeur vast te leggen. Er zijn 3 vormen van participatiemogelijk-
het besluitgebied gerealiseerd en in gebruik mag worden genomen.
aan de omgeving: de natuur ter plekke zal erop vooruit moeten
1. Lokaal eigenaarschap; de initiatiefnemer zet zich maximaal in om de
gaan; omwonenden zullen mee kunnen profiteren.
heden: lokale omgeving (binnen de gemeente Boxtel) rechtstreeks financi-
De locatie van de zonneweide is passend binnen de omgeving van het
eel mee te laten participeren in het bouwplan tot 50% via een lokale
projectgebied. Landschappelijk wordt de zonneweide ingepast, zie hier-
energiecoöperatie;
voor ook paragraaf 3.1. Aanvullend wordt vermeld dat de locatie ook op
2. Ter waarborg kan de gemeente bij onvoldoende lokaal eigenaar-
basis van gemeentelijk beleid passend wordt geacht voor een zonne-
schap (als hiervoor onder 1 beschreven) ervoor kiezen zelf direct te
weide, zie hiervoor ook paragraaf 4.4.
investeren in het bouwplan, middels het verkrijgen van aandelen in het projectvennootschap van de initiatiefnemer tot 50% van de aan-
In de huidige situatie worden de gronden benut ten behoeve van landbouw, hierdoor zijn de ecologische waarden van de gronden beperkt. Bij
delen; 3. Donatie: Indien lokaaleigenaarschap niet mogelijk blijkt vanwege on-
de realisatie van het zonnepark wordt de biodiversiteit door het land-
voldoende interesse en draagvlak uit de directe omgeving en de ge-
schappelijke inpassingsplan versterkt. Daarnaast wordt er in overleg met
meente er niet voor kiest om zelf direct te investeren, dan biedt de
stakeholders gekeken naar de mogelijkheden voor meervoudig ruimte-
initiatiefnemer de mogelijkheid om een donatie te doen aan een lo-
gebruik. Zo zijn er met het Waterschap er meerdere inhoudelijke ge-
kaal omgevingsfonds ter verduurzaming van de lokale omgeving of
sprekken gevoerd, om met het ontwerp aan te sluiten op de opgaven die
t.b.v. de inwoners van de gemeente.
er liggen vanuit het Waterschap voor rivier de Beerze. Er wordt bijvoor-
Deze 3 vormen van participatiemogelijkheden zijn tevens geborgd in de
beeld rekening gehouden met een waterbergende inrichting onder de
AOK.
panelen, zodat de Beerze de ruimte krijgt om op een gecontroleerde manier buiten zijn oevers te treden binnen het plangebied.
3. Zorgen dat het oorspronkelijk grondgebruik desgewenst mogelijk blijft na de levensduur van het zonnepark; zowel planologisch als fy-
Tot slot kunnen omwonenden mee profiteren door financiële participatie
siek (geen afval, vervuiling; goede bodemkwaliteit).
in het project (zie voorgaand onder 1.). Initiatiefnemers zullen daarom
Een zonneweide betreft geen bodembedreigende functie. Voor de reali-
een zorgvuldig participatietraject met de omgeving doorlopen om de
satie van de zonnepanelen is er slechts zeer beperkt sprake van bo-
wensen te verkennen en hiermee maatschappelijk draagkracht te cre-
demroerende werkzaamheden. Uitgangspunt is dat de situatie van de
eren. Dit traject is vastgelegd in een participatieplan, waarbij naast parti-
gronden na het verwijderen van het zonnepark niet mag verslechteren.
ciperen in het proces ook is gekeken naar de mogelijkheden voor financiële participatie conform het gemeentelijk beleid.
De juridisch-planologische verankering zal middels een omgevingsvergunningprocedure plaatsvinden. Dit betekent dat middels een omgevingsvergunning wordt afgeweken van het tijdelijke omgevingsplan. De
Zonnepark Boxtel-Beerze
4.1.7
Conclusie
Onderhavige ontwikkeling is in lijn met het Rijksbeleid.
4.2
Verhouding tot provinciaal beleid
4.2.1
Omgevingsvisie Noord-Brabant
Klimaatverandering heeft nu al een grote impact op de Brabantse leefomgeving en gaat in de toekomst nog meer van zich doen gelden. Besparing in het gebruik van fossiele brandstoffen en grondstoffen en het overschakelen naar duurzame vormen van energieopwekking zijn de belangrijkste manieren om vanuit Brabant een bijdrage te leveren aan de beperking van de CO2-uitstoot. De provincie heeft als doel voor 2030 ten minste 50% reductie van broeikasgassen ten opzichte van de uitstoot in 1990 en ten minste 50% energie. Voor 2050 is het doel 100% duurzame energie, grotendeels afkomstig uit Noord-Brabant. Aanleiding vormen de klimaatafspraken in Parijs en nationaal de afspraken over het terugdringen van de uitstoot van broeikasgassen en de omschakeling naar een energie neutrale samenleving. De provincie Noord-Brabant wil evenredig bijdragen aan de doelstelling van minder dan 2ºC opwarming (klimaatakkoord). Daarnaast zijn er ook andere redenen voor de inzet op de energietransitie. Energie die niet is gebaseerd op fossiele bronnen, ligt binnen handbereik en maakt dat de energievoorziening minder afhankelijk wordt van de gasvoorraden in Nederland of van de import van energie van elders. De hele transitie naar een goed functionerend en betrouwbaar systeem, gebaseerd op andere energiebronnen dan fossiele brandstoffen, duurt decennia.
16
Dit alles tezamen maakt het noodzakelijk dat er nu begonnen wordt met
Tegelijkertijd biedt deze uitdaging ook veel kansen. Een duurzame ener-
Middels onderhavige ontwikkeling kan een belangrijke bijdrage worden
het aanpassen van de gehele energievoorziening van productie, opslag
gieproductie in combinatie met een goede oplossing van opslag die op
geleverd aan de provinciale doelstellingen omtrent energietransitie naar
en transport. Burgers en bedrijven kunnen daardoor nu en in de toe-
grote schaal kan worden toegepast, is ook een belangrijke economische
duurzame energie. In het Provinciaal omgevingsplan wordt aangegeven
komst rekenen op een goed functionerend en betrouwbaar energiestel-
motor. Brabant kan op dit gebied met de hier aanwezige kennis en ex-
dat er een goede landschappelijke inpassing gerealiseerd dient te wor-
sel. De provincie levert hiermee een bijdrage aan het terugdringen van
pertise bij kennisinstellingen en bedrijven één van de leidende innova-
den waarin het ruimtelijk ontwerp van het initiatief wordt onderbouwd.
de uitstoot van broeikasgassen en verbeteren tevens de luchtkwaliteit
tieve regio’s in Europa worden. Tegelijkertijd biedt de opwekking van
Zoals in hoofdstuk 3 van deze ruimtelijke motivering reeds is gemoti-
voor de inwoners. Daarbij kunnen kansen verzilverd worden door decen-
duurzame energie ook kansen voor het versterken van de sociale sa-
veerd, wordt aan deze voorwaarde voldaan.
trale overheden, al dan niet middels individuele of collectieve energieop-
menhang in de samenleving door lokaal samen te werken, de lokale
wekking door (groepen van) bedrijven en burgers.
veerkracht te versterken en het maatschappelijk rendement te verhogen.
4.2.2
TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant
Op 5 december 2023 is de TAM-omgevingsverordening Noord-Brabant De provincie is zich bewust dat zij maar één van de vele noodzakelijke
Brabant ziet zich daarom als innovatief gidsgebied en proeftuin voor de
vastgesteld. Deze vervangt de interim omgevingsverordening Noord-
spelers is, maar ziet Brabant, met onder andere de Brainport, als een
energietransitie. De steden worden pionierhubs voor energieopwekking
Brabant (1 maart 2020, nadien meermaals geactualiseerd). De TAM-
goede uitgangspositie om de kansen die de energietransitie oplevert, te
uit zon in combinatie met slimme mobiliteit (de auto als opslag van ener-
omgevingsverordening is een vertaling van de provinciale Omgevingsvi-
benutten. Door gebruik te maken van technologische innovaties, het
gie). Het Brabantse landschap wordt benut voor opwekking, opslag en
sie naar concrete en juridisch ingekaderde regels.
ontwikkelen van diensten en producten met een grote impact op het ver-
transport van hernieuwbare energie. Er liggen hier kansen om dit te kop-
hogen van de hoeveelheid duurzame energie, levert de provincie een
pelen aan het inspelen op klimaateffecten. En nieuwe digitale toepassin-
Vanwege een aanscherping van de zonneladder is overgangsrecht op-
bijdrage aan de verbetering van de leefomgeving én zorgt het ervoor in
gen helpen om energieopwekking en -gebruik zo efficiënt mogelijk te
genomen voor plannen die op het moment van inwerkingtreding van de
de toekomst om Brabantse economie versterken als ‘innovation lea-
doen.
gewijzigde regeling in een vergevorderd stadium verkeren, zoals onder-
ders’. Noord-Brabant koppelt het provinciaalbeleid aan het Rijksbeleid
havig planvoornemen. Op initiatieven waarover is besloten voor 1 juli Voor elektriciteit zet de provincie voor de periode tot 2030 vol in op het
2025 blijft het recht van toepassing zoals dat gold op 1 januari 2024.
mogelijk maken van zoveel mogelijk zon- en breed gedragen windpro-
Vanwege de complexiteit van besluitvorming kunnen Gedeputeerde Sta-
De doelstelling is een grote uitdaging die vraagt om een actief en gericht
jecten, binnen de spelregels die nu in de provinciale verordening (par.
ten op verzoek van het gemeentebestuur voor een concreet initiatief
tweesporenbeleid van de provincie:
4.2.2) een plek hebben gekregen. Draagvlak en sociale randvoorwaar-
deze termijn met een half jaar verlengen als het naar hun oordeel vol-
Verminderen energieverbruik: Energie die je niet verbruikt hoef je
den zijn daarbij belangrijk. Ook zet de provincie zich in om de elektrici-
doende is aangetoond dat besluitvorming voor 1 juli 2025 niet mogelijk
ook niet op te wekken en levert dan ook geen ruimteclaim of uitstoot
teitsvraag van de gebouwde omgeving zoveel mogelijke binnen die om-
was. Het gaat dan bijvoorbeeld om plannen die aantoonbaar al in een
op. Daarom is het verminderen van energiegebruik noodzakelijk, on-
geving op te wekken.
vergevorderd stadium waren op het moment dat de ontwerp TAM-Om-
en nationale doelen.
gevingsverordening - regelwijziging 1 in procedure is gebracht (31 mei
der andere in de gebouwde omgeving (warmte, isolatie) via energie-
zuinige apparatuur, door het verminderen van het energiegebruik
Doorwerking projectgebied
2024) maar waarover besluitvorming voor 1 juli 2025 niet mogelijk is om-
van mobiliteit en het terugdringen van industrieel energiegebruik.
De ruimtelijke ontwikkeling heeft een directe link met het uitgangspunt
dat een onderzoek onverhoopt langere tijd in beslag neemt. Het gaat
Verduurzaming energie: Van een marginale toepassing van duur-
om een zo groot mogelijk aandeel in vernieuwbare energiebronnen te
nadrukkelijk niet om plannen die pas in een laat stadium zijn ontwikkeld
zame technologie wil de provincie via een enorme groeispurt groot-
realiseren. Verder ziet de provincie Noord-Brabant een grote opgave om
en daardoor niet aan de gestelde termijn kunnen voldoen. Voor het zon-
schalig gebruik maken van energie via wind, zon, water en duur-
te kunnen voldoen aan de nationale opgave voor energietransitie.
nepark Boxtel-Beerze is het overgangsrecht van toepassing waardoor er navolgend getoetst wordt aan de TAM-omgevingsverordening Noord-
zame warmte.
Brabant, en niet aan de TAM-Omgevingsverordening - regelwijziging 1.
Zonnepark Boxtel-Beerze
17
Het college heeft echter op 20 maart 2025 de provincie schriftelijk ver-
van duurzame energie binnen Stedelijk gebied en op daken onvol-
gaande van de “tijdelijke overbruggingsregeling windturbineparken”). In-
doende is.
middels zijn de ontwerp Nationale milieunormen voor windenergie gepu-
zocht uitstel te verlenen op grond van het in de Omgevingsverordening
bliceerd, die medio 2025 van kracht worden en wordt uitgegaan van een
opgenomen overgangsrecht bij zonneparken. Hierbij is uitstel verleend
In opdracht van de gemeente Boxtel is door Generation Energy een on-
minimale afstand van 2 x de tiphoogte tot elke bebouwing. Voor een 5,6
voor vier zonneparken: Renbaan/Esschebaan, De Beerze, De vorst en
derzoek verricht naar de verwachte energiebehoefte van de gemeente
MW turbines houdt dit een minimale afstand in van 482 meter tot elke
Ontginningsweg). De provincie heeft besloten dit uitstel te verlenen tot 1
Boxtel. Naar verwachting zal de energiebehoefte in 2030 3.5 PJ bedra-
woning. Uitgaande van deze milieunormen zal de theoretische potentie
januari 2026 op basis van artikel 10.12 lid 4 van de Omgevingsverorde-
gen. Op basis van de huidige mogelijkheden om duurzame energie op
verder beperkt worden en zijn nog maar 2 grote windturbines mogelijk
ning.
te wekken (inclusief 10% landbouwgronden met zonnepanelen) zal naar
langs de A2 ten noorden van Boxtel, waardoor niet voldaan wordt aan
verwachting 1.7 PJ aan duurzame energie worden opgewekt. Er dient
de eis uit de provinciale Omgevingsverordening dat windparken een
Doorwerking projectgebied
derhalve te worden verkend op welke manieren er duurzame energie
clustergrootte hebben van minimaal 3 windturbines.
Op de Basiskaart van de omgevingsverordening is het projectgebied ge-
kan worden gewekt. De gemeente Boxtel heeft naar aanleiding van dit
Daarnaast moet aangetekend worden dat voor de luchtvaartbeperkin-
legen in het ‘Landelijk gebied’. Zorgvuldig ruimtegebruik als bedoeld in
onderzoek en ook de gestelde ambities een afwegingskader opgesteld
gen alleen is uitgegaan van de strenge toets voor radar van militaire
artikel 5.8 en verder is de basis randvoorwaarde voor ontwikkelingen in
voor zonne- en windenergie. De doorwerking van het gemeentelijk be-
vliegvelden, waardoor alleen noordelijke deel van de gemeente reële
het landelijk gebied. Voor het ontwikkelen van zonneparken in het Lan-
leid zal in paragraaf 4.4 nader worden besproken.
mogelijkheden zijn en in het zuidelijke deel alleen mogelijkheden zijn
delijk gebied zijn, in artikel 5.54 ‘zonneparken in Landelijk gebied’, spe-
voor turbines met hoogtebeperking. Naar de mogelijkheden voor wind-
cifieke regels opgenomen. Deze regels zijn hierna weergegeven en wor-
Potentie grootschalig wind in de gemeente Boxtel
energie wordt nog nader onderzoek gedaan, maar voor de realisatie van
den daarna toegelicht.
De potentie voor windenergie is onderzocht in de Visie zonne- en wind-
de RES opwekopgave voor 2030 kan windenergie geen rol spelen.
energie, die in september 2020 door de gemeenteraad is vastgesteld. In
Daarnaast zijn dit alleen de harde belemmeringen voor windenergie,
Artikel 5.54 Zonneparken in Landelijk gebied
het Beleidsakkoord 2021-2026 van het college is opgenomen dat voor
maar er zijn ook zachte belemmeringen voor windenergie die getoetst
Lid 1
windenergie alleen de locatie langs de A2 ten noorden van Boxtel als
moeten worden aan artikel 5.51 (windturbines in landelijk gebied). Daar-
Binnen Landelijk gebied is nieuwvestiging mogelijk van zelfstandige op-
een geschikte plek voor beperkte windenergie wordt gezien.
voor is van belang dat de windturbines passen in de gewenste ontwikke-
stellingen van zonnepanelen om te kunnen voldoen aan de doelstellin-
Bij de voortgangsrapportage van de RES NOB uit 2023 is een onder-
ling van het gebied en voor windenergie is in het kleinschalige karakter
gen voor het opwekken van duurzame energie als:
zoek van Generation Energy gevoegd, waarin de potentiegebieden van
van het landschap binnen het Nationaal Landschap van Gogh geen
a. uit onderzoek blijkt dat de aanleg van het zonnepark noodzakelijk is
zon en wind in de regio worden geconcretiseerd. Daarnaast is door
ruimte. Gezien de landschappelijk, ecologische, cultuurhistorische waar-
omdat in onvoldoende mate voorzien kan worden in de behoefte voor
To70 een onderzoek uitgevoerd naar de luchtvaartbelemmeringen voor
den in de gemeente is de kans klein dat een rendabele cluster van mini-
duurzame energie:
windenergie in de regio. Uit het onderzoek van Generation Energy blijkt
maal 3 windturbines wordt gevonden in de gemeente. Voor windturbines
1. door de ontwikkeling van andere vormen van duurzame energie;
een theoretische technische potentie van 7 windturbines van 5,6 Mega-
met hoogtebeperking (tiphoogte 150 meter) is in de SDE++ subsidiere-
2. binnen Stedelijk gebied;
watt in het gedeelte van de gemeente dat ligt binnen radar- en lucht-
geling een afzonderlijke categorie opgenomen, maar daarbij wordt uitge-
3. door meervoudig ruimtegebruik in Landelijk gebied of binnen be-
vaarttoetsingsvlakken en 7 van deze windturbines buiten deze vlakken
gaan van rendabele clusters van 15 megawatt, wat neerkomt op clusters
(uitgaande van een 50% invulling in potentiegebieden).
van minimaal 5 turbines. De kans binnen de gemeente een passende
Daarbij dient aangetekend te worden dat bij de bepaling van die theore-
invulling wordt gevonden binnen het voorgestelde gebied is klein.
tische potentie voor geluidsbeperkingen is uitgegaan van een afstand