CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Bijlagen TAM-omgevingsplan Bramerslandstraat Den Dungen d.d. 1 juli 2026 (1409118)

Commissie Leefomgeving en Duurzaamheid Sint-Michielsgestel 17 juni 2026, gemeente boxtelBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling 'TAM-omgevingsplan Bramerslandstraat Den Dungen'14.944 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

vondstmeldingen gedaan. Zaakwaarneming 3171858100 is een bronzen zwaard, type Rosnoen dat dateert uit

de bronstijd. Zaakwaarneming 5137152100 bestaat uit 4 aardewerkfragmenten en omvat de volgende resten: een grijs keramisch fragment, waarschijnlijk een dakpan, een rood geglazuurd aardewerkfragment, een grijs aardewerkfragment met rood glazuur aan beide kanten en een rood dubbelzijdig geglazuurd aardewerkfragment. Alle fragmenten zijn gedateerd op de nieuwe tijd.

10 11 12

Schutte, 2021

Houbrechts, Deville, Orbons, 2010 Stiekema, 2021

17

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

2.3.

Archeologie en historische waarden

De naam Den Dungen verwijst naar op den Dungen, oftewel op de donken. Dit zijn natuurlijke verhogingen van zand in de moerasachtige dalen van de rivieren Dommel en Aa. Hierop vestigden zich de eerste bewoners. 13 Er

zijn aanwijzingen dat de omgeving rond Den Dungen al tijdens het mesolithicum was bewoond, op basis van enkele oude vondsten die binnen de dorpsgrenzen zijn aangetroffen. Eén hiervan is aangetroffen binnen het onderzoeksgebied en betreft een bronzen zwaard. Deze dateert uit de bronstijd. Daarnaast zijn enkele

vuursteenfragmenten aangetroffen die dateren uit het mesolithicum en twee stenen bijlen uit het neolithicum. Er zijn geen aanwijzingen voor kampementen of nederzettingen uit deze periode binnen het onderzoeksgebied. Bij archeologisch onderzoek in 1983 en 1984 ten noorden van het dorp en het onderzoeksgebied, langs de A2, zijn aanwijzingen voor de aanwezigheid van een nederzetting uit de midden bronstijd aangetroffen. Op hetzelfde perceel zijn ook bewoningssporen uit de ijzertijd en Romeinse tijd gevonden.

Na de Romeinse tijd lijkt er een langdurige onderbreking in bewoning te zijn geweest. Pas vanaf de 14e eeuw

vestigden zich weer mensen in het gebied. De oudste schriftelijke bronnen over Den Dungen dateren van het einde van de veertiende en het begin van de vijftiende eeuw. Ouder schriftelijk bronmateriaal is mogelijk

verloren gegaan tijdens een grote stadsbrand in 1463.

Den Dungen heeft in het verleden vaak last gehad van wateroverlast en overstromingen. Vanaf de vijftiende

eeuw kon de Maas door een veranderde waterhuishouding haar water gedurende de wintermaanden moeilijk

naar zee afvoeren. Gevolg was dat het overtollige Maaswater zijn weg zocht in de laaggelegen landerijen tussen Cuijk (de Beerse overlaat) en ’s-Hertogenbosch. Den Dungen moest haar inwoners middels een ringdijk

beschermen tegen het oprukkende water. Wanneer de ringdijk de druk van het water niet kon weerstaan, brak het water door de dijk en overstroomde het binnendijkse land. Veelal ontstond op de plaats van de

dijkdoorbraak een wiel. Van deze wielen zijn er verschillende tot op de dag van vandaag langs de ringdijk te

vinden. Pas na de kanalisatiewerkzaamheden van de Maas gedurende de jaren dertig van de twintigste eeuw

kwam een einde aan de wateroverlast.

Een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van Den Dungen was het beleg rond ’s-Hertogenbosch in 1629 door Frederik Hendrik. Den Dungen was toen het kwartier van Brederode, een van de bevelshebbers.

Na de val van ’s-Hertogenbosch veranderde de situatie voor Den Dungen ingrijpend. Al in 1630 werden de

kerkelijke goederen geconfisqueerd door de rentmeester-generaal. Na 1648 komt er voor Den Dungen meer duidelijkheid over de situatie; politiek komt ’s-Hertogenbosch en zijn omgeving onder de Republiek der Verenigde Nederlanden. Den Dungen is en blijft onderdeel van de Vrijdom van ’s-Hertogenbosch.

In 1810 verdwijnt het oude regime en haar middeleeuwse bestuursstructuur en wordt Den Dungen een

zelfstandige gemeente. Economisch gezien heeft Den Dungen tot in de jaren zestig van de twintigste eeuw een

13

https://www.heemkundedendungen.nl/over-ons/korte-geschiedenis-va-den-dungen/

18

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

grotendeels agrarische functie. Door de relatief vruchtbare grond is Den Dungen van oudsher de voedselvoorziener van ’s-Hertogenbosch.

Na de Tweede Wereldoorlog is het dorp ingrijpend veranderd. Door de mechanisering van de landbouw waren er minder mensen in die sector nodig. Al in de jaren vijftig werd duidelijk dat de meeste kinderen uit de grote

boerengezinnen een baan moesten gaan zoeken buiten de agrarische sector, waardoor Den Dungen zijn hoofdzakelijk agrarische karakter is kwijtgeraakt. 14

De kadastrale minuut uit 1811-1832 (Afb. 4) toont geen aanwijzingen voor de aanwezigheid van historische bebouwing binnen het plangebied. Beide percelen hadden als functie bouwland. Op de kaarten van de

Topotijdreis (Afb. 5) is te zien dat het perceel tot 1965 onbebouwd was. In 1965 verschijnen twee gebouwen op

het perceel waar tegenwoordig ook gebouwen staan. Op de kaart uit 1980 zijn in het tuinperceel kassen te zien. Deze zijn op de kaart uit 2006 weer verwijdert. Er zijn op dat moment twee extra gebouwen in het tuinperceel

gebouwd. Op de kaart uit 2021 zijn deze verdwenen, is er in de tuin een vijver aangelegd en zijn de gebouwen uit 1965 vervangen door een nieuw woonhuis en bijgebouw.

Het plangebied op de kadastrale minuut 1811-1832. (bron: http://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

14

https://www.heemkundedendungen.nl/over-ons/korte-geschiedenis-va-den-dungen/

19

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

Het plangebied op topografische kaarten tussen 1850 en 2021 (bron: https://www.topotijdreis.nl

20

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

2.4.

Bekende verstoringen

Binnen het plangebied zijn geen saneringen of ondergrondse olietanks, benzinepompinstallaties en dergelijke bekend waardoor archeologische resten mogelijk verloren zijn gegaan. Ook zijn er op de bodemkaart geen

verstoringen te zien. In de zuidoosthoek van het plangebied staat een woning met bijgebouwen. Bij de bouw van deze gebouwen is de bodem verstoord tot onbekende diepte. Het huidige woonhuis en bijgebouw zijn gebouwd rond 2021. De hiervoor aanwezige gebouwen die zijn gebouwd in 1964 zijn daarvoor afgebroken.

Aangezien het huidige woonperceel en de bestaande bebouwing wordt behouden heeft deze bodemverstoring geen relevantie voor de geplande werkzaamheden. In het tuinperceel hebben ook verschillende bouw- en

graafwerkzaamheden plaatsgevonden. Tussen 1970 en 1980 hebben in het tuinperceel drie langwerpige kassen gestaan. Daarna hebben er nog twee kleinere structuren gestaan. Tussen 2006 en 2021 is er een vijver

aangelegd. Er zijn geen kabels en leidingen aanwezig binnen het plangebied. Wel zijn enkele huisaansluitingen aangelegd richting de bebouwing in het zuidoosten van het plangebied die zal worden behouden.

2.5.

Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel

Op basis van het bureauonderzoek wordt geconcludeerd dat in het plangebied een hoge en middelhoge

archeologische verwachting geldt. De archeologische verwachting wordt hieronder per periode gespecificeerd.

Laat-paleolithicum - neolithicum

Bewoning in de vorm van tijdelijke kampementen en in het neolithicum (semi-)permanente nederzettingen,

vond in deze periodes voornamelijk op de flanken van dekzandruggen plaats. Vindplaatsen uit deze periode zijn vooral op verhogingen in het landschap in de nabijheid van water te verwachten. De lagere delen van het landschap, zoals beekdalen, werden voornamelijk gebruikt als extractiegebied (visserij en jacht).

Het plangebied bevindt zich op de overgang van de hoger gelegen zandgronden naar een beekdal. Het is niet zeker welke bodemopbouw binnen het plangebied aanwezig is. Uit omliggende percelen zijn zowel beekafzettingen als dekzandafzettingen waargenomen onder een relatief jong plaggendek.

Beekafzettingen wijzen op natte omstandigheden in het verleden die niet aantrekkelijk waren voor permanente bewoning. Uit de omgeving zijn wel losse vondsten bekend uit het neolithicum. Dat is niet verwonderlijk

aangezien beekdalen rijke gebieden vormen met een grote verscheidenheid aan flora en fauna. Eventuele

resten bestaat uit vondsten als stenen bijlen en overige mobilia. Ook dient rekening gehouden te worden met

(rituele) deposities in het beekdal. Het betreft archeologische resten die bewust zijn achtergelaten zoals bronzen bijlen of sieraden.

Indien er sprake is van dekzand ligt het plangebied op de flank naar de hoger gelegen dekzandgronden en

kunnen sporen van bewoning worden aangetroffen uit deze periode. Het archeologisch relevante niveau betreft

de top van de beekafzettingen of het dekzand. Een plaggendek is vaak een beschermende factor tegen latere

bodemingrepen, uit de omgeving blijkt echter dat de bodem in het omliggende gebied in hoge mate verstoord is tot ver in de natuurlijke ondergrond. Vanwege de weinige historische bebouwing in het plangebied is de bodem beperkt verstoord. Daardoor is de archeologische verwachting voor deze periode middelhoog.

21

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

Bronstijd –vroege middeleeuwen

Binnen het plangebied worden geen resten verwacht vanaf de bronstijd tot de vroege middeleeuwen. Vanaf de

bronstijd worden vooral resten verwacht die te maken hebben met een sedentaire leefwijze, bijvoorbeeld

huizen, resten van agrarische activiteit en begravingsrituelen. Men had de voorkeur voor de hoger gelegen delen

van het landschap waar akkerbouw op de goed ontwaterde gronden mogelijk was. Het plangebied vormde door zijn lage ligging in deze periode geen ideaal vestigingsgebied. Wel zijn uit de omgeving resten uit deze periode

aangetroffen vanaf de midden-bronstijd. Uit onderzoek is een bewoningshiaat aangetoond vanaf de Romeinse Tijd tot de 14e-eeuw. Voor deze periode is de archeologische verwachting laag. Late middeleeuwen tot nieuwe tijd

Op basis van onderzoek uit de omgeving lijkt ter hoogte van het huidige Den Dungen pas in de 14e-eeuw een

nederzetting te zijn ontstaan. Bewoning vond voornamelijk plaats op de donken in moerasachtige beekdal van

de rivieren Dommel en Aa. Het dorp Den Dungen heeft zich geleidelijk vanuit de verschillende woonkernen

ontwikkeld. Op de historische kaarten is geen historische bebouwing te zien. Uit deze periode zijn daarom geen resten van huisplaatsen of woonerven te verwachten. Wel zijn sporen van ontginningen te verwachten, met

name in de vorm van greppels en kuilen en opgebracht vondstmateriaal in het plaggendek. Tot de jaren ’60 is het plangebied niet bebouwd. De verwachting voor deze periode is daarom laag tot middelhoog. Advies vervolgonderzoek

De archeologische verwachting dient te worden getoetst door middel van het uitvoeren van een inventariserend veldonderzoek (verkennende fase). Hierbij worden 6 boringen per hectare gezet, met een minimum van 6 boringen per plangebied. De boringen dienen tot minimaal 30 centimeter in de top van de pleistocene

afzettingen te worden gezet.

22

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

3. Resultaten veldonderzoek 3.1.

Beschrijving onderzoeksmethode

Boormateriaal: Edelman Ø 7 cm.

Waarnemingsmethode: Blote oog.

Boordichtheid: 30 tot 40 m uit elkaar.

Coördinaten boorpunten: Ingemeten met GPS (nauwkeurigheid 1 - 3 cm). Z-waarden: Bepaald met behulp van GPS (nauwkeurigheid 1 - 3 cm). Beschrijving conform ASB 5.2 en NEN 5104 (zie bijlage 3). Documentatie van de beschrijving digitaal (zie bijlage 3).

Conform het advies in paragraaf 2.5 en de gemeentelijke richtlijnen zijn 6 boringen in het plangebied gezet. In

het plangebied was een vijver aanwezig. De boringen zijn verdeeld binnen het plangebied om een zo groot

mogelijk gebied te bestrijken. Ten tijde van het uitvoeren was de vijver binnen het plangebied nog aanwezig. De positie een maaiveldhoogtes van de boringen zijn ingemeten met behulp van GPS (nauwkeurigheid 1 cm). De boringen zijn beschreven conform de NEN 5104 en de Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode (ASB 2.0). De boringen zijn digitaal beschreven (zie bijlage 3).

Resultaten van het booronderzoek. (bron achtergrondkaart: PDOK)

23

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

3.2.

Beschrijving onderzoeksresultaten

Opgebrachte laag/bouwvoor

Over het algemeen is vanaf het maaiveld 10 tot 25 cm dikke laag, recent opgebracht, matig fijn zand

waargenomen. De bewoner verklaarde tijdens de veldwerkzaamheden dat de ontgraven grond van de aanleg

van de vijver in de tuin is verspreid. In boring 3 is de opgebrachte laag niet aangetroffen. Onder de opgebrachte laag is in boring 1 een bouwvoor waargenomen tot 0,5 m -mv. In boring 4 is onder de opgebrachte laag een bouwvoor onderscheiden tussen 25 en 50 cm -mv.

In boring 2 laat een duidelijke afwijkende laagopeenvolging zien. Onder de opgebrachte laag is een humeuze

laag tot 0,6 m -mv. als esgrond beschreven. Onder deze laag is tussen 0,6 en 0,9 m -mv. een lichtgeel gevlekte, bruingele laag is waargenomen en vervolgens een tweede humeuze pakket tot 1,4 m -mv. De boring is gezet

binnen de noordoosthoek van het terrein. Vermoedelijk kan deze laagopeenvolging als bodemverstoring als gevolg van de kassen die hier tussen 1980 en 2006 hebben gestaan.

Plaggendek/ Vergraven laag

Onder de opgebrachte laag en/of de bouwvoor in boring 1, 5 en 6 en in boring 3 vanaf het maaiveld is een

plaggendek waargenomen met een dikte van 25 tot 60 cm. Boring 2 is vermoedelijk verstoord tot in het dekzand

zoals hierboven beschreven. In boring 4 is onder de bouwvoor direct een vergraven laag aangetroffen. Hier is geen plaggendek onderscheiden.

Onder het plaggendek in boring 1, 3, 5 en 6 en onder de bouwvoor in boring 4 is een vergraven laag

waargenomen op de overgang naar het onderliggende onverstoorde dekzand. De laag kan worden

geïnterpreteerd als de verploegde/verstoorde top van het dekzand. De laag bestaat uit een matig fijne, gevlekte zandlaag die soms humeus is Dekzand

Onder het plaggendek of onder de vergraven laag is in vrijwel alle boringen direct de C-horizont aangetroffen

bestaande uit matig fijn, zwak siltig lichtgrijs tot wit dekzand. In boring 1 is onder de vergraven laag op een

diepte van 1,25 m -mv. (3,85 m NAP) een laag als B-horizont geïnterpreteerd. De top van de onverstoorde C-

horizont is in boring 2 aangetroffen op 1,4 m -mv. (3,50 m NAP). Ter hoogte van boring 3 is het dekzand aangeboord op een diepte van 0,8 m -mv (3,85 m NAP). Ter hoogte van boring 4, 5 en 6 is het dekzand aangeboord op een diepte van 65 cm -mv. (3,93-4,12 m NAP).

Indicatoren

Tijdens het veldonderzoek zijn in de boringen geen archeologische indicatoren aangetroffen.

24

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

Het opgeboorde sediment in boring 1. (bron: Lycens)

25

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

4. Conclusie en aanbevelingen 4.1.

Conclusies

In het kader van een omgevingsplanwijziging heeft Lycens BV een bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek uitgevoerd voor de locatie Bramerslandstraat 11 te Den Dungen. Op de gemeentelijke

beleidskaart is aan het perceel een middelhoge tot hoge verwachting gegeven. Deze verwachting is op basis van

het bureauonderzoek gehandhaafd vanwege de ligging op de overgang van de hoger gelegen zandgronden naar het beekdal. Uit onderzoeken uit omgeving is gebleken dat de bodem in het omliggende gebied in hoge mate verstoord is.

Het verkennende onderzoek heeft aangetoond dat het overgrote deel van het plangebied is gelegen op de flank

van de hoger gelegen dekzandgronden richting een beekdal ten noordwesten. Onder het in de meeste boringen aangetroffen plaggendek, is over het algemeen direct de C-horizont aangetroffen. De top van het dekzand is

duidelijk vergraven, alleen in boring 1 is een restant van een als B-horizont geïnterpreteerde laag waargenomen op een diepte van 1,25 m -mv. (3,85 m NAP). In boring 2 zijn lagen aangetroffen die geïnterpreteerd kunnen

worden als het resultaat van diepe subrecente bodemverstoring gerelateerd aan de kassen die hier hebben gestaan.

Over het algemeen kan vastgesteld worden dat het plangebied relatief laaggelegen dekzandgebied betreft op

de overgang naar het beekdal ten noorden. In de periode laat paleolithicum tot het neolithicum vormt dit een prima vestigingslocatie. Tot de late middeleeuwen was het gebied vermoedelijk te nat voor landbouw. In de periode erna wordt een plaggendek opgeworpen. Pas rond 1965 raakt het plangebied bebouwd.

4.2.

Beantwoording onderzoeksvragen

Wat is de bodemopbouw en zijn er aanwijzingen voor bodemverstoringen?

Binnen het plangebied zijn verscheidene zandlagen aangetroffen. In de eerste 10 cm -mv was een recent

opgebrachte zandlaag aanwezig als gevolg van het aanleggen van de vijver. In een aantal boringen ontbrak deze laag maar was er 0 tot 60 cm -mv een bouwvoor of een esgrond aanwezig. Hieronder was een lichtgeel gevlekte vergraven zandlaag aangetroffen. Onder deze laag was in de boringen tussen 65 tot 140 cm -mv een C-horizont aanwezig die intact leek. De bodemopbouw binnen het plangebied bestaat vanaf het maaiveld uit een

opgebracht zandpakket afkomstig uit de ontgraven vijver gevolgd door een plaggendek en dekzand zonder

bodemvorming. De top van het dekzand is opgenomen in het plaggendek. Boring 2 laat een afwijkende opbouw zien die is gerelateerd aan bodemverstoring door de kassen die op deze locatie hebben gestaan.

Zijn er aanwijzingen voor de aanwezigheid van archeologische resten?

Uit de omgeving zijn slechts losse vondsten bekend, duidelijke aanwijzingen voor een archeologische vindplaats

in de directe omgeving ontbreken. Gedurende het veldonderzoek zijn geen indicatoren, vondstlagen of

bewoningslagen aangetroffen die wijzen op een vindplaats binnen het plangebied. Er worden voornamelijk

resten uit de late middeleeuwen en nieuwe tijd verwacht gerelateerd aan het landgebruik. Uit deze perioden zijn

26

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

sporen van ontginningen te verwachten, met name in de vorm van greppels en kuilen en opgebracht vondstmateriaal.

Welke consequenties zal de uitvoering van het plan hebben op (eventueel) aanwezige archeologische resten?

Op basis van het bureauonderzoek is geconcludeerd dat in het plangebied een middelhoge tot archeologische verwachting geldt voor de perioden laat-paleolithicum tot het neolithicum en de middeleeuwen tot de nieuwe tijd. Voor de bronstijd tot de Romeinse tijd is een lage verwachting afgegeven. Uit het booronderzoek is

gebleken dat het relevante niveau voor de periode laat-paleolithicum tot het neolithicum is opgenomen in het plaggendek. Uit latere fasen worden alleen sporen van landgebruik verwacht, de archeologische waarde van dergelijke sporen is beperkt. De kans dat de geplande werkzaamheden zullen leiden tot verstoring van een archeologisch behoudenswaardige vindplaats wordt laag geacht.

4.3.

Selectieadvies en aanbevelingen

Op basis van de resultaten van het uitgevoerde veldonderzoek wordt de kans laag geacht dat binnen het

plangebied een behoudenswaardige vindplaats aanwezig is. De top van het dekzand, het relevante niveau voor archeologische resten uit de periode laat paleolithicum tot het neolithicum is opgenomen in het plaggendek.

Vanaf deze periode is het gebied te nat voor bewoning tot de vorming van het plaggendek aan het eind van de

middeleeuwen. Naar verwachting zijn alleen sporen van landbewerking vanaf de late middeleeuwen aanwezig

in de vorm van greppels en kuilen en met plaggenbemesting opgebracht vondstmateriaal. Er wordt geadviseerd

om de middelhoge tot hoge verwachting voor het plangebied af te schalen naar een lage verwachting en het plangebied vrij te geven voor de geplande ingrepen.

Ook in een vrijgegeven plangebied bestaat altijd de mogelijkheid dat er tijdens graafwerkzaamheden toch losse sporen en vondsten worden aangetroffen. Op grond van de Erfgoedwet dient zo spoedig mogelijk melding te

worden gemaakt van de vondst bij de gemeente, provincie of de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. Over de bevindingen en aanbevelingen uit dit onderzoek dient contact opgenomen te worden met de bevoegde overheid, in dit geval de gemeente Sint-Michielsgestel.

27

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

Literatuur

Beckers, I.S.J., 2021: Bureau voor Archeologie Rapport 990. Heilig Hartplein 12 en 14 en Grote Molenstraat

1A, Den Dungen, gemeente Sint- Michielsgestel: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm

van boringen in de verkennende fase. Bureau voor Archeologie rapport 990.

Beckers, I.S.J., 2021: Heilig Hartplein 12 en 14 en Grote Molenstraat 1A, Den Dungen, gemeente Sint-

Michielsgestel: een bureau- en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase. Bureau voor Archeologie rapport 990.

Berkhout, M.. 2009: Litserstraat 6, Den Dungen. Rapport 13930309.

Boer A. de, 2021: Litserstraat 45, Den Dungen, gemeente Sint-Michielsgestel: een bureauonderzoek. Bureau voor Archeologie rapport 1004.

Boer, A. de & Roodenburg F., 2022: Donksestraat, Den Dungen, gemeente Sint-Michielsgestel: een bureau-

en inventariserend veldonderzoek in de vorm van boringen in de verkennende fase. Bureau voor Archeologie rapport 1123.

Bosch, J.H.A., 2008: Archeologische Standaard Boorbeschrijvingsmethode versie 1.1 Op basis van de

Standaard Boor Beschrijvingsmethode versie 5.2. (Deltares-rapport | 2008-U-R0881/A.) Deltares, Utrecht. Dautzenberg, S., 2002: Aanvullende Archeologische inventarisatie Den Dungen, t Schild. BILAN-rapport

2002-6.

Dautzenberg, S., 2003: Aanvullend Archeologisch Onderzoek (AAO), Den Dungen- ’t Schild, gemeente St.-

Michielsgestel. Bilan rapport 2003/3

Diepen L. van & Janssen M., 2017: Archeologisch bureau- en verkennend veldonderzoek, door middel van

boringen Donksestraat, Den Dungen (Sint-Michielsgestel). Aeres-Milieu Rapport AM17045. Houbrechts, S., Deville, T. & Orbons, J., 2010: ArcheoPro Archeologisch rapport Nr 1092.

Pilotenstraat/Veldstraat, Den Dungen Gemeente Sint-Michielsgestel. Inventariserend Veldonderzoek (IVO-

O); Bureauonderzoek en karterend booronderzoek.

Paulussen, R., 2010: Jacobskamp, Den Dungen. ArcheoPro-rapport 9120.

Raap, E., Brinkkemper, O., en Baas, H., 2022: Panorama Landschap, karakterisering van het Nederlandse

Landschap in 78 regio’s. Rijksdienst voor cultureel erfgoed: Amersfoort.

Ruiter D.L. de, 2014: Bramerslandstraat 19a, Den Dungen, gemeente Sint-Michielsgestel: bureauonderzoek.

Bureau voor Archeologie rapport 2014.79.

Schutte, A.H., 2021: Archeologisch onderzoek Donksestraat (ong.) te Den Dungen in de gemeente Sint-

Michielsgestel. Econsultancy-rapport 14391.002.

Stiekema, M., 2021: Archeologisch bureauonderzoek en verkennend booronderzoek Grinsel te Den Dungen. Ecoonsultancy BV rapport 14471.001.

Vos, P.L. & S. de Vries, 2013: 2e generatie palaeogeografische kaarten van Nederland (versie 2.0). Deltares, Utrecht.

28

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

31 oktober 2024

Geraadpleegde websites webadres

https://www.kadaster.nl

https://www.archisarchief.cultureelerfgoed.nl http://www.bodemloket.nl

laatst bezocht op 21-08-2024 21-08-2024

21-08-2024

https://www.dinoloket.nl/ondergrondgegevens

22-08-2024

https://www.google.com/intl/nl/earth/

20-08-2024

http://www.ahn.nl

22-08-2024

https://www.dinoloket.nl/nomenclator-ondiep https://www.zoeken.cultureelerfgoed.nl http://www.pdok.nl

21-08-2024 21-08-2024

22-08-2024

http://www.topotijdreis.nl

26-08-2024

https://ruimtelijkeplannen.nl

22-08-2024

http://www.heemkundedendungen.nl

21-08-2024

Lijst van afbeeldingen

Ligging plangebied en globale begrenzing onderzoeksgebied (bron ArcGIS, TopoRD). ......................... 6 Uitsnede van de beleidsadvieskaart van de gemeente Sint-Michielsgestel (bron: gemeente). ........... 10

Schetsplan bouwproject (bron: van plan ontwerp) .................................................................................... 10 Het plangebied op de kadastrale minuut 1811-1832. (bron: http://zoeken.cultureelerfgoed.nl). ....... 19 Het plangebied op topografische kaarten tussen 1850 en 2021 (bron: https://www.topotijdreis.nl .. 20

Resultaten van het booronderzoek. (bron achtergrondkaart: PDOK) ...................................................... 23 Het opgeboorde sediment in boring 1. (bron: Lycens) ............................................................................... 25

Lijst van tabellen

Tabel 1 Aardwetenschappelijke gegevens ........................................................................................................................ 14

Lijst van bijlagen

Bijlage 1: Tijdschaal Archeologische perioden

30

Bijlage 3 Boorprofielen

33

Bijlage 5: Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN4)

35

Bijlage 2

Waarderingscriteria

Bijlage 4: Geomorfologische kaart van Nederland

31

34

Bijlage 6: Bodemkaart van Nederland

36

Bijlage 8: Archeologische monumenten en Rijksmonumenten,

38

Bijlage 7: Paleogeografische kaart: 5500 v Chr. – 2000 na Chr.

Bijlage 9: Onderzoeksmeldingen en waarnemingen (ARCHIS)

29

Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek Den Dungen, Bramerslandstraat

37

39

31 oktober 2024

Bijlage 1: Tijdschaal Archeologische perioden

Bijlage 2

Waarderingscriteria

bron: Kwaliteitshandboek, paragraaf 10.8.6 / VS06 Waarden Beleving

Criteria

Schoonheid Herinneringswaarde

Fysieke

kwaliteit

Gaafheid

Parameters

Zichtbaarheid vanaf het maaiveld als landschapselement Vorm en structuur

Relatie met omgeving

Verbondenheid met feitelijke historische gebeurtenis Associatie met toegeschreven kwaliteit of betekenis Aanwezigheid sporen Gaafheid sporen

Ruimtelijke gaafheid Stratigrafie intact Mobilia in situ

Ruimtelijke relatie tussen mobilia onderling

Ruimtelijke relatie tussen mobilia en sporen

Aanwezigheid antropogeen biochemisch residu Conservering Inhoudelijke kwaliteit

Zeldzaamheid

Stabiliteit van de natuurlijke omgeving

Conservering artefacten (metaal/overig) Conservering organisch materiaal

Het aantal vergelijkbare vindplaatsen (complextypen) van goede fysieke kwaliteit uit dezelfde periode, binnen dezelfde archeoregio, waarvan de aanwezigheid is vastgesteld

Idem, op basis van een recente en specifieke verwachtingskaart Informatiewaarde

(indien mogelijk/vereist)

Opgraving/onderzoek van vergelijkbare vindplaatsen binnen dezelfde archeoregio (minder/meer dan 5 jaar geleden; volledig/partieel)

Recent en systematisch onderzoek in de betreffende archeoregio Recent en systematisch onderzoek van de betreffende archeologische periode

Passend binnen vastgesteld onderzoeksprogramma van

universitair instituut, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed of Ensemblewaarde

anderen

Synchrone context (voorkomen van vindplaatsen uit dezelfde periode binnen de microregio)

Diachrone context (voorkomen van vindplaatsen uit opeenvolgende perioden binnen de microregio)

Landschappelijke context (fysisch- en historisch-geografische

gaafheid van het contemporaine landschap)

Aanwezigheid van contemporaine organische sedimenten in de Representativiteit

directe omgeving

Kenmerkendheid voor een bepaald gebied en/of periode

Het aantal vergelijkbare vindplaatsen van goede fysieke kwaliteit uit dezelfde periode binnen dezelfde archeoregio waarvan de

aanwezigheid is vastgesteld en waarvan behoud is gegarandeerd Idem, op basis van een recente en specifieke verwachtingskaart

Bijlage 3 Boorprofielen

Bijlage 1

Boring:1

Boring:2

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 5.1

X: 153622,03 Y: 408686,28

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.9 510

0

gras Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, BRGR, scherp, Weinig gevlekt geel, bouwvoor

25

X: 153614,44 Y: 408723,09

0

490

gras

475

Zand matig fijn, zwak siltig, GRGE, scherp, Weinig gevlekt geel, Opgebracht, (sub-)recent

25

460

50

Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, DRBRGR, esgrond

75

Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR, scherp, esgrond

50 430

Zand matig fijn, zwak siltig, BRGE, scherp, gevlekt lichtgeel, vergraven

75 400 415

100

Zand matig fijn, zwak siltig, GEBR, scherp, gevlekt lichtgeel, vergraven 385

125

370

150 350

B-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, BR C-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, LIGR

Boring:3

Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR

100

125 350

150 330

C-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, LIGR

Boring:4

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.7

X: 153593,44 Y: 408735,28

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.58 470

0

gras Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, BRGR, scherp, Weinig gevlekt geel, esgrond

25

0

25

50

50

X: 153560,55 Y: 408696,11 458

433

395

75

385

370

100

C-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, DRGE, geleidelijk, gevlekt lichtgeel

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, BRGR, gevlekt geel, Opgebracht, (sub-)recent Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR, scherp, bouwvoor

408

410

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, BRGE, gevlekt geel, vergraven

gras

393

Zand matig fijn, zwak siltig, GRWI, scherp, gevlekt wit, vergraven C-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, WI

75

100

C-HORIZONT Zand matig fijn, zwak siltig, GE

338

Projectcode:

2024-0806E

Projectnaam:

Den Dungen, Bramerlandstraat 11

Schaal:

125

150

1: 30

getekend volgens NEN 5104

Bijlage 1

Boring:5

Boring:6

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.63

X: 153590,15 Y: 408689,66

Referentievlak: N.A.P. Maaiveldhoogte: 4.82 463

0

438

25

gras Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, scherp, Weinig gevlekt geel, Opgebracht, (sub-)recent Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR

413

50

393

75

Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR, gevlekt lichtgeel, vergraven Zand matig fijn, zwak siltig, GE

363

100

Projectcode:

2024-0806E

Projectnaam:

Den Dungen, Bramerlandstraat 11

0

X: 153606,80 Y: 408646,04 482 472

25

50

Zand matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, scherp, Weinig gevlekt geel, Opgebracht, (sub-)recent Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR

432

412

75

100

gras

Zand matig fijn, zwak siltig, matig humeus, BRGR, gevlekt lichtgeel, vergraven Zand matig fijn, zwak siltig, LIGE

382

Schaal:

1: 30

getekend volgens NEN 5104

Legenda (conform NEN 5104)

grind

klei Grind, siltig

geur Klei, zwak siltig

geen geur zwakke geur

Grind, zwak zandig

matige geur

Klei, matig siltig

sterke geur Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

matige olie-water reactie sterke olie-water reactie

Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10

Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000 Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

Zand, uiterst siltig

>10000

monsters

geroerd monster

overige toevoegingen

ongeroerd monster

zwak humeus volumering

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

Bijlage 4: Geomorfologische kaart van Nederland

Bijlage 5: Actueel Hoogtebestand Nederland (AHN4)

Bijlage 6: Bodemkaart van Nederland

Bijlage 7: Paleogeografische kaart: 5500 v Chr. – 2000 na Chr.

Bijlage 8: Archeologische monumenten en Rijksmonumenten,

Bijlage 9: Onderzoeksmeldingen en waarnemingen (ARCHIS) zaakidentificatie 2140970100 2272896100

Type onderzoek

Proefsleuvenonderzek Verkennend booronderzoek

uitvoerder Bilan

ArcheoPro

plaats

Den Dungen Den Dungen

x_coordinaat 153463 154066

y_coordinaat 409217

409499

meldingsdatum Resultaten 21-12-2006

Geen sporen aangetroffen die wijzen op bewoningen in prehistorie of romeinse tijd. Vroegste

21-01-2010

De lage archeologische verwachting blijft gehandhaafd met uitzondering van de

resten dateren uit de late- en post-middeleeuwen en bestaan uit scherven aardewerk dekzandkopjes bij enkele boringen. Voor de overgang naar de oostelijke rand van het

plangebied wordt de verwachting ten aanzien nederzettingen uit het neolithicum tot en met 4935982100

Archeologisch bureauonderzoek Bureau voor Archeologie Den Dungen

153690

408270

08-01-2021

5137152100

Verkennend booronderzoek

158490

408430

24-11-2021

en verkennend booronderzoek

Bureau voor Archeologie Den Dungen

de vroege middeleeuwen bijgesteld naar laag.

Door verstoringen zijn potentiële archeologische vondsten- en sporen niet meer intact. Er worden geen archeologische waarden verwacht

n het gehele plangebied is sprake van een A- op C horizont. De A-horizont bevat

baksteenresten en plaatselijk zijn indicatoren als doorzichtig glas, betonbrokjes, kachelgrit en

rood geglazuurde aardewerkfragmenten aanwezig. In het (noord)oosten van het plangebied is de A-horizont dikker. De kans op aanwezigheid van behoudens waardige archeologische 4931461100

Archeologisch bureauonderzoek Econsultancy en verkennend booronderzoek

Den Dungen

153920

408360

21-12-2020

resten wordt als klein ingeschat.

Uit het verkennend booronderzoek blijkt dat de top van het bodemprofiel in het plangebied is verstoord. Hierbij is ook de top van de oorspronkelijke dekzandafzettingen (licht) verstoord. Hierdoor kan op basis van het verkennend booronderzoek de lage tot hoge gespecificeerde verwachtingswaarde voor archeologische resten uit het Laat Paleolithicum tot en met

5137144100

Archeologisch bureauonderzoek Bureau voor Archeologie Den Dungen

153490

408430

24-11-2021

2241029100

Booronderzoek

153763

408471

16-04-2009

2297439100

Bureauonderzoek en karterend ArcheoPro

153881

408675

09-08-2010

2455323100

Becker en Van den Graaf Den Dungen

Archeologisch bureauonderzoek Bureau voor Archeologie Den Dungen booronderzoek

Den Dungen, Veldstraat

153535

408814

02-09-2014

de Vroege Middeleeuwen worden bijgesteld naar laag

Dit bureauonderzoek hoort bij booronderzoek 5137152100. Het bureauonderzoek concludeert dat er geen verder veldonderzoek noodzakelijk is Rapport niet beschikbaar

Geen veldonderzoek uitgevoerd op basis van bureauonderzoek

Er zijn binnen het plangebied geen archeologische indicatoren aangetroffen.

Gezien de ingrijpende bodemverstoring en het ontbreken van archeologische indicatoren,

geven de resultaten van het onderzoek geen aanleiding om archeologisch vervolgonderzoek te

4946066100 2297447100 2076121100 4041035100 4931389100 4935990100

Archeologisch bureauonderzoek Bureau voor Archeologie Den Dungen

153790

Den Dungen,

Archeologisch bureauonderzoek Bilan

Den Dungen

153600

409087

09-08-2002

en verkennend booronderzoek

Pilotenstraat

408526

05-02-2021

Bureauonderzoek en karterend ArcheoPro booronderzoek

153927

408780

09-08-2010

adviseren.

Geen veldonderzoek uitgevoerd op basis van bureauonderzoek

Dit onderzoek is een gecombineerd onderzoek met 2297439100. Ook dit onderzoek geeft geen aanleiding om vervolgonderzoek te adviseren

Op basis van het boor-en bureauonderzoek wordt geen vervolgonderzoek geadviseerd

Archeologisch bureau- en

Aeres milieu B.V.

Den Dungen

153307

408580

05-04-2017

Op basis van het boor-en bureauonderzoek wordt geen vervolgonderzoek geadviseerd

Archeologisch bureau- en

Econsultancy

Den Dungen

153386

408596

21-12-2020

Op basis van het boor-en bureauonderzoek wordt geen vervolgonderzoek geadviseerd

Archeologisch booronderzoek

Bureau voor Archeologie Den Dungen

153690

408270

08-01-2021

Dit onderzoek is gecombineerd met 4935982100. Door verstoringen zijn potentiële

verkennend booronderzoek verkennend booronderzoek

archeologische vondsten- en sporen niet meer intact. Er worden geen archeologische waarden verwacht

Programma van Eisen Proefsleuven Den Dungen, Bramerslandstraat 11 Gemeente Sint-Michielsgestel (NB)

Programma van Eisen Proefsleuven Den Dungen, Bramerslandstraat 11 Gemeente Sint-Michielsgestel (NB) Opdrachtgever: Datum: Projectnummer:

Woonmeij 7 augustus 2025 2024-0806

Versie: Programma van Eisen:

Auteur

Autorisatie/mede auteur

M. Scholman

A. G. J. Hullegie

Archeoloog

Senior KNA Archeoloog

m.scholman@lycens.nl

a.hullegie@lycens.nl

M 06 458 571 41

M 06 828 983 87

2.1 100

De vermelde medewerkers in deze rapportage zijn akkoord met openbaring van zijn of haar persoonsgegevens in het kader van de AVGprivacywetgeving.

lycens.nl

Oldenzaal

Zwolle

Groningen

info@lycens.nl

Deventerstraat 10

Schrevenweg 6

Euvelgunnerweg 25A

0541 – 570 730

7575 EM Oldenzaal

8024 HA Zwolle

9723 CV Groningen

Inhoudsopgave Programma van Eisen ...............................................................................................................5 Format conform KNA-versie 4.2 (14-03-2022) ............................................................................................................. 5

Administratieve gegevens ........................................................................................................7 1

Aanleiding voor het onderzoek .......................................................................................8 1.1 1.2 1.3

Opzet van het onderzoek ................................................................................................................................. 8 Beleidskader ....................................................................................................................................................... 9 Aard, omvang en diepte ................................................................................................................................. 10

2

Eerder uitgevoerd onderzoek ....................................................................................... 11

3

Archeologische verwachting ......................................................................................... 12 3.1 Regionale archeologische en cultuurlandschappelijke context............................................................. 12 Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel .................................................................................................. 12 Resultaten veldonderzoek ............................................................................................................................................. 13 3.2 Aard en ouderdom van de vindplaats(en) .................................................................................................. 14 3.3 Begrenzing en oppervlakte van de vindplaats(en) ................................................................................... 14 3.4 Structuren en sporen ...................................................................................................................................... 14 3.5 Anorganische artefacten ................................................................................................................................ 14 3.6 Organische artefacten ....................................................................................................................................

14 3.7 Archeozoölogische en botanische resten .................................................................................................. 14 3.8 Motivatie ............................................................................................................................................................ 14 3.9 Archeologische stratigrafie en diepte van vondstlagen .......................................................................... 15 3.10 Gaafheid en conservering .............................................................................................................................. 15

4

Doelstelling en vraagstelling ......................................................................................... 16 4.1 4.2 4.3

5

Doelstelling ....................................................................................................................................................... 16 Relatie met NOaA en/of andere onderzoekskaders ................................................................................. 16 Onderzoeksvragen .......................................................................................................................................... 17

Methoden en technieken ............................................................................................... 18 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11

Strategie ............................................................................................................................................................ 18 Methoden en technieken ............................................................................................................................... 20 Omgang kwetsbare vondsten en monsters............................................................................................... 22 Structuren en grondsporen .......................................................................................................................... 22 Aardwetenschappelijk onderzoek ................................................................................................................ 22 Anorganische artefacten ................................................................................................................................ 23 Organische artefacten .................................................................................................................................... 23 Archeozoölogische en archeobotanische resten ...................................................................................... 23 Overige resten ..................................................................................................................................................

23 Dateringstechnieken ....................................................................................................................................... 23 Beperkingen...................................................................................................................................................... 23

6

Uitwerking en conservering .......................................................................................... 24

3

Programma van Eisen Den Dungen, Bramerslandstraat 11

7 augustus 2025

6.1 6.2 6.3 6.4 6.5 6.6 6.7 6.8 6.9

7

(De)selectie en conservering ......................................................................................... 26 7.1 7.2 7.3

8

Selectie materiaal voor uitwerking ............................................................................................................... 26 Selectie materiaal voor deponering en verwijdering ............................................................................... 26 Selectie materiaal voor conservering .......................................................................................................... 26

Deponering ....................................................................................................................... 27 8.1 8.2

9

Evaluatierapport............................................................................................................................................... 24 Technische uitwerking - algemeen .............................................................................................................. 24 Wetenschappelijke uitwerking - algemeen ................................................................................................ 24 Structuren, grondsporen, vondstspreidingen ........................................................................................... 25 Analyse aardewetenschappelijke gegevens ............................................................................................... 25 Anorganische artefacten ................................................................................................................................ 25 Organische artefacten .................................................................................................................................... 25 Archeozoölogische en -botanische resten ................................................................................................. 25 Beeldrapportage (objecttekeningen, foto’s, kaarten e.d.) ....................................................................... 25

Eisen betreffende depot................................................................................................................................. 27 Te leveren product .......................................................................................................................................... 27

Randvoorwaarden en aanvullende eisen ................................................................... 28 9.1 9.2 9.3 9.4

Personele randvoorwaarden ......................................................................................................................... 28 Overlegmomenten .......................................................................................................................................... 28 Kwaliteitsbewaking, toezicht, overleg en evaluatie ................................................................................... 29 Overige randvoorwaarden en aanvullende eisen ..................................................................................... 30

10 Wijzigingen ten opzichte van het vastgestelde PvE ................................................. 31 10.1 Wijzigingen tijdens het veldwerk .................................................................................................................. 31 10.2 Belangrijke wijzigingen ................................................................................................................................... 31 10.3 Procedure van wijziging na de evaluatiefase van het veldwerk ............................................................. 32 10.4 Procedure van wijziging tijdens uitwerking en conservering ................................................................. 32 Literatuur ........................................................................................................................................................................... 33 Websites ............................................................................................................................................................................ 33 Lijst van afbeeldingen .....................................................................................................................................................

33 Lijst van tabellen .............................................................................................................................................................. 33

11 Bijlagen .............................................................................................................................. 34 Bijlage 1: Tijdschaal Archeologische perioden .......................................................................................................... 35 Bijlage 2: Overzicht verwachtte aantallen ................................................................................................................... 36 Bijlage 3: Overzicht te raadplegen specialisten/specialismen ................................................................................ 37 Bijlage 4: Proefsleuvenplan ........................................................................................................................................... 38 Bijlage 5: Schetsontwerp landschappelijke inpassingen ......................................................................................... 39

4

Programma van Eisen Den Dungen, Bramerslandstraat 11

7 augustus 2025

Programma van Eisen Format conform KNA-versie 4.2 (14-03-2022) Tabel 1

Project Projectnaam Locatie Plaats binnen archeologisch proces Opsteller Auteur bij landbodems: Naam Adres Postcode en plaats Telefoon: E-mail: Datum: Controle Mede auteur/goedkeuring bij landbodems Naam Adres Postcode en plaats Telefoon E-mail Datum Opdrachtgever Naam Contactpersoon Adres Postcode en plaats Telefoon E-mail Datum Goedkeuring bevoegde overheid Gemeente Contactpersoon Adres Postcode en plaats Telefoon E-mail

Den Dungen, Bramerslandstraat 11 Den Dungen Proefsleuven Archeoloog M. Scholman Euvelgunnerweg 25A 9723 CV Groningen 06 458 571 41 m.scholman@lycens.nl 8 juli 2025 Senior KNA Archeoloog

Paraaf

A. G. J. Hullegie Euvelgunnerweg 25A 9723 CV Groningen 06-828 983 87 a.hullegie@lycens.nl

Woonmeij Karl-John Burgmans Kerkendijk 55 5482 KG Schijndel 073 544 06 86 kburgmans@woonmeij.nl

Paraaf

Sint-Michielsgestel J. Verspay Meanderplein 1 5271 GC Sint-Michielsgestel

Paraaf

06 46971464 j.verspay@shertogenbosch.nl

Datum Kennisgeving depothouder en/of eigenaar Naam provinciaal depot NoordBrabant Contactpersoon Lola Sasabone Adres Water Street 16 Postcode en plaats ‘s-Hertogenbosch 5211 JD Telefoon 06-18303225

5

Programma van Eisen Den Dungen, Bramerslandstraat 11

Paraaf

7 augustus 2025

E-mail Datum

archeologie@brabant.nl

Elisa van Oudheusden Beleidsmedewerker Erfgoed Gemeente Sint-Michielsgestel tel: 0411-655872 mail: E.v.Oudheusden@MijnGemeenteDichtbij.nl 22-9-2025

6

Programma van Eisen Den Dungen, Bramerslandstraat 11

7 augustus 2025

Administratieve gegevens Projectnaam Projectcode ARCHIS-zaakidentificatie Provincie Gemeente Plaats Toponiem Kaartblad Kadastrale perceelnummers Coördinaten Oppervlakte plangebied Oppervlakte opgraving NAP-hoogte maaiveld Huidige bestemming en grondgebruik

Den Dungen, Bramerslandstraat 11 2024-0806 Volgt zodra beschikbaar Noord-Brabant Sint-Michielsgestel Den Dungen Bramerslandstraat 11 45D DGN02-E-1485 Centrum: X:153603.67, Y:408689.12 Circa 5700 m2 Circa 300 m2 Circa 4,53 - 5,41 m NAP Woonperceel en tuin

Ligging plangebied en globale ligging onderzoeksgebied (bron achtergrondkaart: TopoRD).

7

Programma van Eisen Den Dungen, Bramerslandstraat 11

7 augustus 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=d060b7a6-8356-427d-b616-451de5721818