Bijlage 3 - Omgevingseffectrapportage Sint-Michielsgestel
Tekst van het document
3
In 2040 stimuleert de buitenomgeving mensen tot meer bewegen en om elkaar vaker te ontmoeten. Er zijn goede fiets- en wandelroutes met veilige oversteekplaatsen, (water)speelplaatsen, zitbankjes, pleintjes, kunst, open en groene schoolpleinen en is er meer groen binnen de dorpen. De buitenruimte is zoveel mogelijk toegankelijk om te wandelen, fietsen en sporten waardoor bewegen aantrekkelijker is voor jong en oud. Ook zijn er sportvoorzieningen en beweegroutes buiten de deur waar iedereen gebruik van kan maken en elkaar kan ontmoeten.
4
In 2040 is de leefomgeving gezond en veilig. We nemen de gevolgen voor veiligheid (o.a risico’s bij de opslag en het vervoer van gevaarlijke stoffen) en bescherming van de gezondheid mee bij de afweging van initiatieven. Overlast door stank, geluid en lucht is afgenomen. We voldoen minimaal aan de wettelijke eisen en we proberen ons op het gebied van lucht- en geluidskwaliteit te verbeteren.
5
In 2040 is de structuur voor groen / water robuust, zijn de cultuurhistorische waarden geborgd en versterkt en is de biodiversiteit toegenomen. Groenstructuren en erfgoed zijn versterkt. Erfgoed wordt gewaardeerd en kent een plek in de samenleving. De natuurgebieden, landgoederen, zandpaden en beekdalen worden beschermd. Ze zijn beter verbonden met elkaar en met het groen binnen de bebouwde kom, tussen de dorpen en met de stad ‘s-Hertogenbosch. Bijvoorbeeld door het toevoegen van nieuwe natuur, zoals bossen en ecologische verbindingen. Er is meer aandacht voor het behouden, uitbreiden en verbeteren van de kwaliteit van het groen, zowel voor de natuur (biodiversiteit) als voor de toegankelijkheid en beleving van inwoners.
6
In 2040 is de veiligheid en beleving van veiligheid verbeterd. De -sociale- veiligheid is beter door zichtbare en toegankelijke openbare ruimtes, zoals pleinen, wegen, fiets- en wandelpaden, en groen. De fietsroutes en oversteekplaatsen zijn veilig. De verkeersveiligheid en het veiligheidsgevoel zijn verbeterd door te werken volgens de principes van Duurzaam Veilig Verkeer.
7
In 2040 zijn wandelen, fietsen en gebruik maken van gedeelde vormen van vervoermobiliteit de standaard. Wandelaars en fietsers krijgen meer ruimte. In de dorpskernen is gemotoriseerd verkeer te gast. Er zijn meer goede (snel)fietspaden tussen de dorpen en naar de stad en de wandelroutes zijn beter en mooier. Dit betekent dat er een uitgebreid netwerk aan (snel)fietspaden en wandelpaden is, met duidelijke bewegwijzering en goede voorzieningen. Ook zijn er meer deelauto’s tussen alle dorpen en meer bussen (Hoogwaardig Openbaar Vervoer) naar ’s-Hertogenbosch. Hierdoor wordt de hele gemeente beter bereikbaar en vermindert tegelijkertijd de verkeersdruk in de dorpskernen.
Aangenaam leven
Verbindend netwerk
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
23
Thema
Krachtige economie
#
Ambitie
8
In 2040 benutten we nog beter de kracht van de samenleving door het stimuleren van lokale netwerken en (burger)initiatieven. We stimuleren vrijwilligerswerk, verenigingen en burgerinitiatieven en brengen deze met elkaar en met de gemeente in verbinding. Bewoners (jong en oud) weten waar ze een helpende hand in de buurt kunnen vinden en iedereen kan meedoen. We hebben aandacht voor de verschillen tussen de dorpskernen.
9
In 2040 is er een duurzaam landelijk gebied waarbij het gebruik van het land in balans is met natuurlijke systemen (bodem, water en lucht). Landbouw blijft een belangrijke economische functie in het buitengebied. Er is ook ruimte voor andere functies zoals een zorgboerderij, kleinschalige recreatie, of wonen. We combineren de ontwikkelingen binnen de agrarische sector met andere opgaven zoals klimaat, water, energie en natuur. Zo groeien we richting een duurzame landbouw met een sterke, gezonde en toekomstbestendige agrarische sector. Ook is er meer aandacht voor producten die lokaal of regionaal worden geproduceerd en gebruikt.
10
In 2040 sluiten de recreatieve voorzieningen en horecasector aan bij de lokale kwaliteiten en versterken de stad – land verbinding. Het is aantrekkelijk om onze gemeente te bezoeken en we zetten in op dagtoerisme. De gemeente heeft aantrekkelijke en compacte dorpscentra met winkels en horeca, met lokale streekproducten. Er is meer recreatie mogelijk op de Dommel en de Aa, de landgoederen en de omliggende natuurgebieden. Deze zijn goed onderhouden. Dankzij de overnachtingsplekken, kleine campings en bed & breakfasts is het mogelijk om vanuit onze dorpen de regio in te trekken. Er is een duidelijke verbinding met het Van Gogh Nationaal Park.
11
In 2040 zijn bedrijven en hun directe omgeving duurzamer en circulair. We verbeteren de kwaliteit van de huidige vijf bedrijventerreinen. Een efficiënte, goed onderhouden en veilige inrichting van de (openbare) ruimte en verduurzaming van zowel de bedrijven zelf als de openbare ruimte zijn aandachtpunten. De focus ligt op bedrijven die weinig of geen milieuoverlast veroorzaken. Ook is er ontwikkelruimte voor kleine en middelgrote bedrijven en is er ruimte voor innovatie, lokale ondernemers en het aantrekken/behouden van jong talent. Vraag en aanbod op de (lokale) arbeidsmarkt ligt in balans, waarbij scholing beter aansluit op de wensen van het bedrijfsleven en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt actief deelnemen in de maatschappij.
12
In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water. De ondergrond (de bodem en watersystemen) speelt een belangrijke rol bij het maken van keuzes voor de inrichting van de leefomgeving (lagenbenadering). We houden rekening met effecten van ontwikkelingen op de kwaliteit van de bodem en het watersysteem. Denk hierbij aan het beperken van het gebruik van bestrijdingsmiddelen en het zo min mogelijk verstoren van kwetsbare ondergrond. We stemmen het gebruik beter af op de (on)mogelijkheden die de ondergrond biedt. Er is in 2040 geen nieuwe ernstige bodemverontreiniging bij gekomen en kansen worden benut om bestaande ernstige bodemverontreiniging op te lossen bij nieuwe ontwikkelingen.
Inclusieve duurzaamheid
13
14 december 2023
In 2040 hebben we maatregelen genomen om wateroverlast, hittestress en verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan. Water krijgt meer ruimte binnen de gemeente. De beken, zoals de Dommel en de Aa helpen bij het afvoeren van water bij piekbuien en bij het vasthouden van water in periodes van droogte. Er zijn meer waterbergingsgebieden, maar er is bijvoorbeeld ook meer en passend groen dat gebruikt wordt om water op te vangen en langer vast te houden. Wijken zijn groener. Dit verhoogt de biodiversiteit en draagt bij aan verkoeling in warme periodes. Door goede voorlichting weten bewoners hoe je om kan gaan met klimaatadaptie en kiezen ze steeds vaker voor groene daken en groene tuinen die regenwater opvangen. Ruimtelijke ontwikkelingen worden standaard klimaatbestendig uitgevoerd.
BH7677-MI-RP-230704-1429
24
Thema
2.2.3
#
Ambitie
14
In 2040 is het hergebruiken en delen van producten, materialen en grondstoffen de standaard. Zo is er minder restafval per inwoner en gebruiken we hernieuwbare grondstoffen bij de inkoop en uitvoering van bouwprojecten. Doordat er gebruik gemaakt wordt van lokale kringloopinitiatieven en steeds meer producten worden gedeeld, worden er minder nieuwe spullen gebruikt. Iedereen kan meedoen met de circulaire economie, binnen een eigen woning of via mogelijkheden in de wijk. We helpen inwoners en ondernemers hierbij door goede voorlichting.
15
In 2040 is de gemeente klimaatneutraal. Bestaande woningen en bedrijfspanden zijn door isolatie en aansluitingen op het elektriciteitsnet grotendeels van het aardgas af. Er is meer ruimte voor duurzame energieopwekking en er zijn alternatieve bronnen voor warmte. We stimuleren onze inwoners om duurzamer te wonen en leven, we betrekken ze bij initiatieven en we communiceren waar ze terecht kunnen voor informatie hierover. Een aandachtspunt hierbij is dat de energietransitie voor onze inwoners haalbaar en betaalbaar is.
Trends en ontwikkelingen
In Nederland spelen er een aantal trends en ontwikkelingen die van invloed zijn op de vier thema’s. Op nationaal niveau is er gekeken naar de effecten van de energietransitie, klimaatadaptatie, het landelijk gebied en duurzame verstedelijking. Daarnaast is er per thema gekeken wat de trends en ontwikkelingen zijn binnen de gemeente Sint-Michielsgestel. Aangenaam leven Binnen het thema Aangenaam leven is te zien dat uit de praktijk blijkt dat het aantal inwoners in de gemeente Sint-Michielsgestel groeit, wat mogelijk kan doorzetten tot 2040. Huishoudens worden kleiner en ouderen blijven langer thuis wonen. Ook vergrijst de gemeente. Er wordt daarom gezocht naar andere manieren van wonen, zoals nieuwe vormen van samenwonen en van gezond wonen in/met groen. Verbindend netwerk Binnen het thema Verbindend netwerk is te zien dat de auto populair blijft in de gemeente. De verbinding per OV en fiets moet daarom verbeteren in de gemeente. Er wordt meer thuis gewerkt en manieren van contact veranderen. Er ontstaan grotere verschillen tussen jong en oud en arm en rijk. Inwoners komen steeds vaker zelf met ideeën en hebben een actieve houding. Krachtige economie Binnen het thema Krachtige economie is te zien dat de arbeidsmarkt verandert door een toename van het aantal oudere werknemers en arbeidsmigranten. Verouderde bedrijventerreinen moeten opgeknapt worden.
Ook zijn er tekorten aan personeel in de kinderopvang, het onderwijs en de zorg. Omdat mensen meer thuiswerken, komen kantoorgebouwen leeg te staan. Stallen in het landelijk gebied zijn verouderd en komen leeg te staan. Deze worden (deels) gesloopt of krijgen een andere functie. Inclusieve duurzaamheid Binnen het thema Inclusieve duurzaamheid zijn er uitdagingen met betrekking tot water en hittestress. De gemeente wil regenwater langer vasthouden, vergroenen en beter voor de ondergrond zorgen. Ook wordt er gezocht naar manieren voor energiebesparing en het opwekken van duurzame energie.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
25
3
Hoe is het OER gemaakt?
3.1
Algemene aanpak
Het OER bij de omgevingsvisie Sint-Michielsgestel geeft inzicht in: 1. De kwaliteiten van de leefomgeving van Sint-Michielsgestel Hoe staat de leefomgeving in Sint-Michielsgestel er op dit moment voor? Dat is beschreven in de ‘foto van de leefomgeving’ en vormt de referentiesituatie van dit OER. De referentiesituatie is zowel de huidige situatie als de autonome ontwikkeling (dit is bestaand beleid waarover al besluiten zijn genomen). De ‘foto van de leefomgeving’ is opgenomen in bijlage A1 van dit OER. De huidige situatie laat zien hoe het er op dit moment voor staat in Sint-Michielsgestel. De autonome ontwikkeling is de situatie in 2030 bij ongewijzigd voortzetten van het vastgestelde beleid. Daar waar mogelijk wordt een doorkijk gemaakt naar 2040. Uit de ‘foto van de leefomgeving’ blijkt waar het de leefomgeving nu ‘op orde’ is en waar er nu en bij bestaand, ongewijzigd beleid knelpunten of problemen verwacht worden. Deze knelpunten zijn ook visueel weergeven in een knelpuntenkaart. In hoofdstuk 4 zijn de belangrijkste conclusies uit de ‘foto van de leefomgeving’ beschreven. 2.
De gevolgen van het beleid op de leefomgeving Dit laat zien wat de verwachte gevolgen zijn van het nieuwe beleid wat onderdeel uitmaakt van de scenario’s en het (concept-)voorkeursalternatief voor de ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente Sint-Michielsgestel en in hoeverre dat de autonome trends de kwaliteiten van de leefomgeving beïnvloeden. Om dit te kunnen beoordelen moet de omgevingsvisie voldoende concrete uitspraken bevatten van nieuw beleid en waar een relatie met de leefomgeving mee gelegd kan worden. 3. Of het beleid bijdraagt aan het halen van de gestelde ambities Dit laat zien in hoeverre verwacht wordt dat het nieuwe beleid bijdraagt aan het halen van de ambities die met de omgevingsvisie nagestreefd worden.
3.2
Proces en aanpak
Onderstaand Figuur 3.1 geeft het proces van dit OER schematisch weer, waarbij ook de interactie met de omgevingsvisie te zien is. In deze paragraaf worden de stappen op hoofdlijnen beschreven. In de overige paragrafen van dit hoofdstuk worden deze stappen uitgebreider beschreven. NRD De NRD beschrijft welke onderscheidende alternatieven in het OER onderzocht gaan worden (‘reikwijdte’). Daarnaast staat er in de NRD welke beoordelingsaspecten onderzocht gaan worden, de manier waarop en met welke diepgang (‘detailniveau’) dat gebeurt. Beoordelingskader In het beoordelingskader zijn beoordelingsaspecten opgenomen die in dit OER beoordeeld zijn. Het vormt daarmee het kader voor de beschrijving van de huidige situatie en de autonome ontwikkelingen en de effecten van de omgevingsvisie.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
26
Foto van de leefomgeving In de ‘foto van de leefomgeving’ zijn de huidige situatie en autonome ontwikkeling tot 2030 beschreven voor de beoordelingsaspecten zoals opgenomen in het beoordelingskader. Autonome ontwikkelingen zijn trends, ontwikkelingen en vigerend beleid. Het is opgesteld op basis van de best beschikbare actuele informatie, data en toekomst-prognoses. Aanvullend is een doorkijk gemaakt naar 2040. Effectbeoordeling scenario’s en conceptvoorkeursalternatief In het OER zijn twee scenario’s voor nieuw beleid onderzocht. Beide scenario’s zijn ingevuld vanuit een bepaalde dominante invalshoek, waarbij beide scenario’s een bepaalde nadruk kennen qua beleidsinvulling. Aan de hand van het beoordelingskader zijn de effecten van de scenario’s in beeld gebracht. Op basis van de resultaten van de effectbeoordeling van de scenario’s, heeft de gemeente Sint-Michielsgestel een concept-voorkeursalternatief opgesteld. Daarbij zijn elementen uit de twee scenario’s samengevoegd tot één alternatief. Deze is vervolgens op effecten beoordeeld. Effectbeoordeling definitief voorkeursalternatief De resultaten van de effectbeoordeling van het concept-voorkeursalternatief heeft de gemeente gebruikt bij het opstellen van een conceptomgevingsvisie. Hierin staat het definitieve voorkeursalternatief voor in de omgevingsvisie op te nemen nieuw beleid.
Dit is één omvattend geheel van strategische, richtinggevende hoofdlijnen voor nieuw omgevingsbeleid. Aan de hand van het beoordelingskader zijn de effecten van het nieuwe beleid in beeld gebracht.
Figuur 3.1: Processchema omgevingsvisie en OER gemeente SintMichielsgestel 14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
27
Passende Beoordeling Natura 2000 Omdat op voorhand niet uitgesloten kon worden dat het nieuwe beleid tot significante negatieve effecten in Natura 2000-gebieden leidt, is een Passende Beoordeling opgesteld. Daarin is beoordeeld of het nieuwe beleid tot significante negatieve effecten op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden kan leiden en zo ja, op welke manier die effecten voorkomen kunnen worden (‘mitigerende maatregelen’). Botsproeven en mitigerende maatregelen Met zogenaamde ‘botsproeven’ is beoordeeld in hoeverre het nieuwe beleid consistent is en of ze ruimtelijk gezien naast elkaar kunnen bestaan. Er is beoordeeld of de verschillende beleidsonderdelen elkaar versterken en conflicteren. Voor het concept- en definitieve voorkeursalternatief zijn botsproeven uitgevoerd. Voor leefomgevingsaspecten waar het nieuwe beleid risico’s oplevert op negatieve effecten, en waar er ondanks het nieuwe beleid nog sprake is van een tekortschietend kwaliteitsniveau mogelijkheden voor verdere verbetering gegeven. Dat is gedaan in de vorm van beleidsopties of concrete mitigerende maatregelen. Doelbereik Op basis van de beoordelingsaspecten van het OER die samenhangen met de ambities van de omgevingsvisie, is beoordeeld in hoeverre het nieuwe beleid bijdraagt aan het behalen van die ambities.
Voor de twee scenario’s en het concept-voorkeursalternatief is een doorkijk gegeven naar het doelbereik en het definitieve voorkeursalternatief is beoordeeld op doelbereik. Monitoring Monitoring is een belangrijk onderdeel van de omgevingsvisie volgens de Omgevingswet. Door middel van monitoring worden de effecten van het beleid uit de omgevingsvisie inzichtelijk en wordt de kans geboden om tijdig bij te sturen in de gewenste richting. Monitoring maakt geen onderdeel uit van dit OER, wel is er een aanzet gegeven. In hoofdstuk 13 wordt hier nader op ingegaan als onderdeel van het vervolg op dit OER.
3.3
Het beoordelingskader
De kwaliteiten van de leefomgeving en de effecten van de omgevingsvisie zijn in beeld gebracht aan de hand van het beoordelingskader (zie Tabel 3.1). Het beoordelingskader volgt de brede en integrale benadering uit de Omgevingswet. Dit betekent dat naast de thema’s binnen de fysieke leefomgeving het beoordelingskader ook sociale en economische thema’s bevat. Met een dergelijk breed beoordelingskader kan het OER daadwerkelijk bijdragen aan een goede en brede weging van alle relevante belangen in de omgevingsvisie van de gemeente Sint-Michielsgestel. Het beoordelingskader is het resultaat van een analyse van opgaven in de fysieke leefomgeving en de ambities voor de omgevingsvisie. Bij het opstellen van te beschouwen beoordelingsaspecten is ook in ogenschouw genomen welke gegevens er beschikbaar waren. Het beoordelingskader is gaandeweg binnen de procesaanpak van het OER verder aangescherpt ten opzichte van de NRD, waarbij sommige beoordelingsaspecten zijn opgesplitst of samengenomen.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
28
Tabel 3.1: Beoordelingskader
Hoofdthema
Verbindend netwerk
Krachtige economie
Inclusieve duurzaamheid
Aangenaam leven
Sub-thema
Beoordelingsaspecten
Iedereen kan mee doen
Maatschappelijke deelname
Bereikbaarheid
Fiets- en wandelnetwerk, duurzame en slimme mobiliteit, doorstroming en bereikbaarheid
Openbaar vervoer
Ontsluitingskwaliteit OV
Arbeidsmarkt
Werkgelegenheid en arbeidsmarkt
Vestigingsklimaat
Werklocaties
Kennis en innovatie
Kennis en innovatie*
Toerisme en recreatie
Toerisme en recreatie*
Duurzame landbouw
Duurzame landbouw*
Afval en grondstoffen
Circulariteit*
Energie- en warmtetransitie
Duurzame energieopwekking, duurzame woningen, energiebesparing
Klimaatadaptatie (wateroverlast, hitte en droogte)
Wateroverlast, hitte, droogte
Bodem, water en ondergrond
Bodemkwaliteit*, oppervlaktewater, grondwater*
Natuur
Beschermde natuur (N2000), Natuurnetwerk Brabant en ecologische verbindingszones*, biodiversiteit, groene leefomgeving
Landschap, cultuurhistorie, erfgoed en archeologie
Landschap, cultuurhistorie, erfgoed en archeologie*
Veiligheid
Omgevingsveiligheid, verkeersveiligheid, sociale veiligheid
Milieu
Geurhinder, geluidhinder, luchtkwaliteit
Gezondheid
Beweegvriendelijke leefomgeving
Wonen en voorzieningen
Passend woningaanbod, passend voorzieningenaanbod
* Voor deze aspecten geldt dat deze kwalitatief zijn omschreven, waardoor er geen waardeoordeel in de vorm van een kwaliteitsniveau is toegekend.
3.4
De ‘foto van de leefomgeving’
De ‘foto van de leefomgeving’ beschrijft de staat van de leefomgeving in de gemeente Sint-Michielsgestel. Hierbij wordt de huidige situatie en de autonome ontwikkeling tot 2030 gemeentebreed beschreven, en daar waar mogelijk een doorkijk gegeven naar 2040. De huidige situatie en de autonome ontwikkeling vormen samen de referentiesituatie voor dit OER. De beschrijving van de huidige situatie en de autonome ontwikkeling is in samengevatte en visuele vorm weergeven in het ‘rad van de leefomgeving’, in de vorm van kwaliteitsniveaus hoe de leefomgeving ervoor staat (zie Figuur 3.3)
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
29
Wijze van beschrijven van de referentiesituatie De huidige situatie en autonome ontwikkeling zijn beschreven en er is een kwaliteitsniveau toegekend. Daarmee is een overzichtelijk beeld ontstaan van waar de leefomgeving gemeentebreed op orde is, waar er problemen en knelpunten optreden en wat de autonome trends daarin zijn. Voor de toekenning van een kwaliteitsniveau aan de beoordelingsaspecten is per beoordelingsaspect een schaallat gedefinieerd. Op basis van deze schaallat is een kwaliteitsniveau toegekend aan de huidige situatie en de autonome ontwikkeling. Over het algemeen geldt: bij kwaliteitsniveau ‘groen’ is overwegend sprake van een goede kwaliteit, dat wil zeggen: er is geen sprake van overschrijding van wettelijke of beleidsnormen, knelpunten of anderszins. Bij kwaliteitsniveau ‘rood’ is sprake van overwegend slechte kwaliteit, dat wil zeggen: er is sprake van overschrijding van normen of knelpunten. Bij kwaliteitsniveau ‘oranje’ is er sprake van een wisselend beeld ten aanzien van de aanwezigheid van problemen en/of het risico op problemen, de kwaliteit zit dan tussen groen en rood in. Rad van de leefomgeving De resultaten van de beoordeling van de huidige situatie en autonome ontwikkeling worden weergeven in het zogenaamde ‘rad van de leefomgeving’.
Het rad visualiseert hoe de kwaliteit van de leefomgeving er in de gemeente Sint-Michielsgestel voor staat voor alle thema’s en beoordelingsaspecten. In de beoordeling van de beoordelingsaspecten zijn de volgende kwaliteitsniveaus gehanteerd: Gemeentebreed overwegend geen sprake van knelpunten of problemen (‘goed’) Gemeentebreed overwegend wisselend sprake van wel en geen knelpunten/problemen of risico (‘oranje’) Gemeentebreed overwegend sprake van knelpunten/problemen (‘slecht’) In het rad wordt de huidige situatie weergeven door de witte aaneengesloten lijn, de autonome ontwikkeling wordt weergeven door de donkerblauwe stippellijn.
De navolgbaarheid van de ‘foto van de leefomgeving’ Voor het zo objectief, navolgbaar en reproduceerbaar mogelijk toekennen van kwaliteitsniveaus zijn de volgende factoren bepalend: 1. Beschikbare informatie en status daarvan; 2. Beschikbare referentiewaarde voor het definiëren van een groen, oranje en rood kwaliteitsniveau; 3. Waardering van de autonome ontwikkeling. Deze drie factoren worden hieronder verder toegelicht. 1. Beschikbare informatie en status daarvan Er wordt onderscheid gemaakt in drie verschillende vormen van beschikbare informatie: 1. Kwantitatieve informatie: dit betreft cijfermatige informatie, bijvoorbeeld data uit rekenmodellen of meetgegevens. 2. Kwalitatieve informatie: dit betreft niet-cijfermatige informatie, bijvoorbeeld kaartmaterieel met landschapstypen. 3. Expert judgement: in dit geval is er geen kwantitatieve of kwalitatieve informatie beschikbaar en wordt teruggevallen op het oordeel van een expert. Over het algemeen geldt dat kwantitatieve informatie het meest objectief, navolgbaar en reproduceerbaar is, en expert judgement het minst. Kwalitatieve informatie zit er tussenin. Er is daarom gestreefd om de beoordeling zoveel mogelijk op basis van objectieve, kwantitatieve informatie te baseren. Bij beoordelingsaspecten waar dat niet beschikbaar is, is teruggevallen op kwalitatieve informatie. Daar waar 14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
30
ook geen kwalitatieve informatie beschikbaar is, is teruggevallen op expert judgement. In de ‘foto van de leefomgeving’ (zie bijlage A2) is per beoordelingsaspect aangegeven welk type informatie is gebruikt. Bronvermelding De leefomgevingskwaliteiten voor de huidige situatie en de autonome ontwikkeling zijn in beeld gebracht op basis van beschikbare (cijfermatige en kwalitatieve) informatie bij de gemeente Sint-Michielsgestel, de provincie NoordBrabant, de GGD Hart voor Brabant, Waterschap Aa en Maas en openbare bronnen. Per thema en beoordelingsaspect is in de navolgende hoofdstukken aangegeven welke bronnen specifiek zijn gebruikt. In de beschouwing van de autonome ontwikkeling zijn de gevolgen van verschillende trends en ontwikkelingen voor de verschillende beoordelingsaspecten meegewogen, zoals technologische ontwikkelingen (zoals in mobiliteit en digitalisering), maatschappelijke ontwikkelingen (zoals ontwikkeling van de economie en het aantal huishoudens) en andere autonome trends die de kwaliteit van de fysieke leefomgeving beïnvloeden (zoals klimaatverandering). Ook is meegewogen wat de verwachte invloed is als het bestaande beleid wordt voortgezet. Waar mogelijk worden belangrijke onzekerheden expliciet benoemd (denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van schone, emissieloze voertuigtechnologie).
2. Beschikbare referentiewaarde voor het definiëren van een groen, oranje en rood kwaliteitsniveau Onder referentiewaarde wordt hier verstaan een waarde waaraan een kwaliteitsniveau wordt gerelateerd. Hierbij is onderscheid gemaakt in: 1. Wettelijke normen; 2. Vastgestelde beleidsnormen of -doelstellingen 3. Advieswaarden van instituten (bijvoorbeeld GGD, RIVM, WHO); 4. Vraag versus aanbod (vanuit maatschappij, markt); 5. Benchmark ten opzichte van gemeentelijke doelstellingen/ambities; 6. Benchmark ten opzichte van landelijk gemiddelde, tijdreeksen (ontwikkelingen van de indicator over de afgelopen tijd) en geografische vergelijkingen (cijfers en trends van vergelijkbare gemeenten of de provincie Brabant); 7. Expert judgement. Bovenstaande opsomming moet als rangorde gezien worden qua objectiviteit, navolgbaarheid en reproduceerbaarheid. Per beoordelingsaspect is het afgelopen als een ladder, te beginnen bij 1 en eindigen bij 7. Daar waar er wettelijke normen beschikbaar zijn, zijn die gehanteerd. Bij afwezigheid van wettelijke normen is teruggevallen op vastgestelde beleidsnormen en zo verder. Daar waar geen enkele andere referentie beschikbaar is om een kwaliteitsniveau aan te relateren, is teruggevallen op expert judgement. In de hoofdstukken met de resultaten van de beoordeling zijn telkens aan het begin de gehanteerde informatie en referentiewaarde gedefinieerd.
Voorbeeld schaallat kwaliteitsniveau: luchtkwaliteit Binnen het thema ‘aangenaam leven’ en sub-thema ‘milieu’ is één van de beoordelingsaspecten ‘luchtkwaliteit’. Het beoordelingscriterium daarbij is de concentratie van en blootstelling aan fijnstof (PM10, PM2,5) en stikstofdioxide (NO2). Beschikbare informatie: kwantitatief, concentratiekaarten op basis van modelberekeningen. Referentiewaarde: wettelijke normen (grenswaarden Wet milieubeheer) en gezondheidskundige advieswaarden (WHO). Hiermee is voor dit aspect kwantitatieve informatie beschikbaar en wettelijke normen en gezondheidskundige advieswaarden als referentiewaarden voor de definitie van kwaliteitsniveaus. Op basis hiervan is de onderstaande schaallat voor kwaliteitsniveaus toegekend.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
31
Tabel 3.2: Voorbeeld schaallat kwaliteitsniveau: luchtkwaliteit
Kwaliteitsniveau
Luchtkwaliteit
Groen
Wettelijke grenswaarden worden overal behaald en WHO-advieswaarden worden (zo goed als) overal behaald.
Oranje
Wettelijke grenswaarden worden overal of bijna overal behaald, WHO-advieswaarden worden niet gehaald.
Rood
Op meerdere locaties worden wettelijke grenswaarden overschreden.
Op basis van de beschikbare kwantitatieve informatie en de gedefinieerde schaallat is het kwaliteitsniveau toegekend voor de huidige situatie en de autonome ontwikkeling. Het toegekende kwaliteitsniveau is een gemeentebreed beeld, daar waar er specifieke relevante afwijkingen zijn van het gemeente brede beeld wordt dat in de onderbouwende beschrijving benoemd. De toegekende kwaliteitsniveaus zijn voor alle beoordelingsaspecten in het ‘rad van de leefomgeving’ toegekend, zoals in Figuur 3-2 weergegeven.
Figuur 3.2: Algemene schaallat van de beoordelingsaspecten zoals visueel weergegeven in een uitsnede van het Rad van de leefomgeving
3. Waardering autonome ontwikkeling Bij de beschouwing van beoordelingsaspecten is een waardering gegeven aan de autonome ontwikkeling, op basis van een kwalitatieve inschatting van ontwikkelingen die optreden als gevolg van: • De mate waarin autonome trends en ontwikkelingen leiden tot een vooruitgang of achteruitgang van de huidige situatie, zoals demografische veranderingen, klimaatveranderingen en veranderingen in de woningmarkt. • De mate waarin voortzetting van bestaand (gemeentelijk) beleid leidt tot een vooruitgang of achteruitgang. • De mate waarin besluiten over plannen, programma’s en projecten die worden geïnitieerd door andere partijen zoals Rijkswaterstaat, het Waterschap Aa en Maas en andere overheden leidt tot een vooruitgang of achteruitgang. Toekomstjaar autonome ontwikkeling De omgevingsvisie Sint-Michielsgestel is gericht op 2040. Omdat de meeste beschikbare informatie over autonome trends of prognoses voor leefomgevingsaspecten niet verder gaan dan 2030 of omdat de onzekerheidsmarge na 2030 groot wordt, is in het OER 2030 in beginsel als toekomstjaar gehanteerd. Aanvullend is een doorkijk gegeven richting 2040.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
32
Figuur 3.3: Rad van de leefomgeving gemeente Sint-Michielsgestel (zonder invulling)
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
33
3.5
De effectbeoordeling
Het OER toetst het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie op effecten, dit heet de effectbeoordeling. De gemeente Sint-Michielsgestel heeft ervoor gekozen eerst twee scenario’s voor nieuw beleid op te stellen om ‘de hoeken van het speelveld’ te ontdekken. Deze scenario’s zijn ook op effecten beoordeeld. De beoordeling van effecten van deze scenario’s geeft inzicht in de consequenties van (beleids)keuzes en helpt om het beleid in de omgevingsvisie verder aan te scherpen. Op basis van de twee scenario’s is vervolgens een concept-voorkeursalternatief gedefinieerd. De effectbeoordeling van de scenario’s en het conceptvoorkeursalternatief is gedaan in tussentijdse notities. De resultaten hiervan zijn te lezen in hoofdstuk 5 en 6. De beoordelingsmethodiek Voor de beoordeling van het nieuwe beleid geldt dat er enkel beleidsuitspraken beoordeeld worden die nieuw en concreet genoeg zijn en dat er zicht is op de uitvoering. Dit beleid moet echter nog wel verder geconcretiseerd worden in vervolgplannen, -programma’s en -besluiten. In dit stadium kunnen effecten van het nieuwe beleid nog niet kwantitatief beschouwd worden, dus er is gekozen voor een kwalitatieve beschouwing. De effecten zijn beschreven in kansen op positieve effecten en risico’s op negatieve effecten.
Deze effecten hoeven niet daadwerkelijk op te treden, maar ze geven wel een indicatie van de mogelijke gevolgen van het nieuwe beleid. Deze informatie voorziet de makers van de omgevingsvisie van input over hun nieuwe beleid. Doordat de gemeente Sint-Michielsgestel heeft gekozen voor scenario’s en een conceptvoorkeursalternatief voordat er een voorkeursalternatief is, kan de gemeente tijdig bijsturen en mogelijke negatieve effecten mitigeren. Of het effect daadwerkelijk optreedt, is onder meer afhankelijk van de precieze beleidsinvulling en concretisering van het beleid in bijvoorbeeld een omgevingsplan of omgevingsprogramma. Scoping van de beoordelingsaspecten Het nieuwe (voorgenomen) beleid bestaat uit meerdere beleidsuitspraken die over bepaalde thema’s gaan. Voorbeelden van thema’s zijn natuur, mobiliteit en duurzame energie. Voorafgaand aan de effectbeoordeling is er op basis van expert judgement bepaald met welke beoordelingsaspecten uit de ‘foto van de leefomgeving’ de beleidsuitspraak raakvlakken heeft, dit heet scoping. Het kan zijn dat een beoordelingsaspect gerelateerd is aan meerdere onderwerpen. In bijlage A2 een tabel opgenomen die de relatie laat zien tussen de thema’s van het nieuwe beleid en de beoordelingsaspecten. Alle aspecten uit de foto van de leefomgeving zijn gerelateerd aan tenminste één beleidsuitspraak.
Tabel 3.3: Gehanteerde scoringstabel bij effectbeoordeling
Score
Definitie
++
Zeer grote kans op een positief effect
+
Kans op een positief effect
-
Risico op een negatief effect
--
Zeer groot risico op negatief effect
0
Nagenoeg geen effect
n.v.t.
Geen raakvlak tussen beleidsuitspraak en beoordelingsaspect
14 december 2023
De beoordeling Elke beleidsuitspraak is vervolgens enkel op deze beoordelingsaspecten beoordeeld in termen van kansen op positieve effecten en risico’s op negatieve effecten. Het kan ook zijn dat er wel een relatie is maar dat er nagenoeg geen effect te verwachten is. In enkele gevallen is er sprake van zowel kansen als risico’s. In deze gevallen is per saldo op basis van expert judgement een afweging gemaakt of er sprake is van overwegend kansen of risico’s. Voor de beoordeling is een vijfpuntschaal gehanteerd, deze is weergeven in Tabel 3.3.
BH7677-MI-RP-230704-1429
34
De effecten in het ‘rad van de leefomgeving’ De kansen op positieve effecten en de risico’s op negatieve effecten zijn geprojecteerd in het rad van de leefomgeving. Dit geeft, per beoordelingsaspect, inzicht in de ontwikkeling van het nieuwe beleid ten opzichte van de referentiesituatie. Op basis van deze informatie is in één oogopslag zichtbaar of de omgevingsvisie leidt tot een relatieve kwaliteitsverbetering of -verslechtering ten opzichte van de referentiesituatie. Het gaat om een inschatting van het nieuwe kwaliteitsniveau op basis van de relatieve ontwikkeling. De nadruk ligt hierbij op de verbeteringen en verslechteringen ten opzichte van de referentiesituatie in plaats van op de nieuwe kwaliteitsniveaus. Door de resultaten van de effectbeoordeling van de scenario’s en het concept-voorkeursalternatief in het rad van de leefomgeving te projecteren, is ook zichtbaar op welke beoordelingsaspecten aanvullende maatregelen genomen moeten worden om de leefomgeving verder te verbeteren. De effectbeoordeling van de scenario’s en concept-voorkeursalternatief ten opzichte van de referentiesituatie is in de tussentijdse notities bijgevoegd (zie bijlage A3 en A4). De daar benoemde kansen en risico’s zijn bij elkaar opgeteld. Daaruit is afgeleid of er overwegend sprake is van meer kansen op positieve effecten of risico’s op negatieve effecten.
In hoeverre er sprake is van kansen op positieve effecten en risico’s op negatieve effecten is benoemd in de tussentijdse notities en samengevat in dit OER.
3.6
De botsproeven
De omgevingsvisie Sint-Michielsgestel schetst een samenhangend en integraal beeld van de leefomgeving van de gemeente Sint-Michielsgestel, de opgaven die er liggen, de ambities die de gemeente wil behalen en het nieuwe beleid dat helpt de ambities te halen. Omdat het om een samenhangend, integraal beeld gaat, is het van belang dat het voorgenomen beleid voldoende consistent is en niet conflicteert. Hierbij is het van belang dat dat de ene uitspraak voor nieuw beleid geen afbreuk doet aan een andere uitspraak, maar dat uitspraken elkaar juist versterken. Want alleen dan kun je spreken van integraal beleid dat in samenhang bijdraagt aan het verbeteren van leefomgevingskwaliteiten en het behalen van ambities. In dit OER zijn zogenaamde ‘botsproeven’ uitgevoerd, waarbij de onderlinge samenhang tussen beleidsuitspraken is beschouwd. De beleidsuitspraken zijn, op systematische wijze, onderling met elkaar geconfronteerd en beoordeeld op potentiële onderlinge versterking en strijdigheid. In Tabel 3.4 is de score weergeven die bij de systematische beoordeling gehanteerd is. Tabel 3.4: Gehanteerde scoringstabel bij botsproeven
Score
Definitie
+
Kans op synergie/versterking
0
Nagenoeg geen effect
-
Risico op tegenstrijdigheid
+/-
Zowel sprake van synergie als tegenstrijdigheid
n.v.t.
Geen raakvlak tussen beleidsuitspraken
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
35
3.7
Het doelbereik
Draagt het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie bij aan het halen van de gestelde ambities? Dat is de vraag die centraal staat in het doelbereik. In het OER is beoordeeld in hoeverre de ambities zoals deze geformuleerd zijn, haalbaar zijn in 2040 en in welke mate de beleidsuitspraken uit het voorkeursalternatief bijdragen. Om tijdig te kunnen bijsturen is ervoor gekozen ook een doorkijk naar het doelbereik te geven op basis van de effectbeoordeling van het concept-voorkeursalternatief. Op die manier is de gemeente SintMichielsgestel in de gelegenheid gesteld om het beleid, waar nodig, aan te passen om de ambities te halen.
3.8
De Passende Beoordeling
De gemeente Sint-Michielsgestel legt in haar omgevingsvisie het ruimtelijk beleid vast. In het OER wordt bepaald of dit beleid uitvoerbaar is. In dat kader is in het OER met behulp van een voortoets bepaald of een Passende Beoordeling uitgevoerd moet worden. De Wet natuurbescherming schrijft namelijk voor dat wanneer een activiteit of plan significant negatieve effecten kan hebben op een Natura 2000-gebied een Passende Beoordeling moet worden opgesteld. Bij deze beoordeling wordt niet alleen gekeken naar de gevolgen van de activiteit zelf, maar ook naar de gevolgen die de activiteit in combinatie met andere activiteiten of plannen heeft. Het nieuwe plan kan alleen worden vastgesteld, wanneer op grond van de Passende Beoordeling is vastgesteld dat de natuurlijke kenmerken van het betrokken Natura 2000-gebied niet zullen worden aangetast. De Passende Beoordeling is de wettelijke plantoets die hoort bij kaderstellende plannen waarvan een significant negatief effect op een Natura 2000-gebied op voorhand niet uitgesloten kan worden. Het doel van de Passende Beoordeling is: • Het in beeld brengen van de risico’s op significant negatieve effecten op de natuurlijke kenmerken van het Natura 2000-netwerk als gevolg van het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie. • Beschrijven van mitigerende maatregelen en/of beleidsaanpassingen die nodig zijn om significante effecten te voorkomen.
Het gaat hier met name om aanbevelingen voor de uitwerking van de uitvoeringsbesluiten. • Waar relevant: kansen op positieve effecten. Het detailniveau van de Passende Beoordeling sluit aan bij het detailniveau van de omgevingsvisie en het definitief voorkeursalternatief. In de Passende Beoordeling is bepaald welke factoren een knelpunt zijn bij het behalen van de doelen van de gebieden binnen de verschillende Natura 2000-landschappen. Dit geeft handvatten om een risico-inschatting te maken van de nieuwe beleidsuitspraken. Wanneer bijvoorbeeld verstoring een belangrijk knelpunt binnen een Natura 2000-landschap is, dan is er eerder sprake van een risico op een negatief effect bij beleid dat leidt tot een toename van verstoring. Wanneer van het nieuwe beleid de locatie bekend is, kan nauwkeuriger worden aangegeven welke Natura 2000-gebieden beïnvloed kunnen worden. Aan de hand van deze informatie dient de Passende Beoordeling aannemelijk te maken dat aantasting van natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden is uit te sluiten en dat het nieuwe beleid uit de omgevingsvisie uitvoerbaar is. De Passende Beoordeling sluit aan op de beoordeling die in het OER is gemaakt.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
36
4
Wat staat er in de ‘foto van de leefomgeving’?
4.1
Algemeen beeld
De staat van de fysieke leefomgeving van Sint-Michielsgestel is samengevat weergegeven in het ‘rad van de leefomgeving’ (zie Figuur 4.1). De witte lijn geeft de huidige situatie weer, de witte stippellijn de autonome ontwikkeling in 2030. Het verschil tussen de autonome ontwikkeling en de huidige situatie geeft weer in hoeverre er sprake is van een negatieve of positieve autonome trend voor de verschillende beoordelingsaspecten. De positie van de lijnen in het Rad (de witte doorgetrokken lijn en de witte stippellijn) is per indicator bepaald aan de hand van de definitie en de gehanteerde schaallat voor de waardering van de huidige en autonome situatie. Dit wordt beschreven per indicator in de ‘foto van de leefomgeving’ in bijlage A1. Huidige situatie: wisselend kwaliteitsbeeld De huidige staat van de fysieke leefomgeving in Sint-Michielsgestel laat een wisselend beeld zien. Vooral voor de aspecten maatschappelijke deelname en doorstroming en bereikbaarheid staat de fysieke leefomgeving er op dit moment over het algemeen goed voor (‘groen’). Leefomgevingsaspecten met een laag kwaliteitsniveau (‘rood’) zijn fiets- en wandelnetwerk, ontsluitingskwaliteit OV, duurzame energieopwekking, broeikasgassen, oppervlaktewater, beschermde natuur (Natura 2000), omgevingsveiligheid en geluidhinder.
Autonome ontwikkeling 2030: negatieve en positieve trends De autonome ontwikkeling in Sint-Michielsgestel laat wisselende trends zien in de kwaliteit van de leefomgeving. Bij fiets- en wandelnetwerk, ontsluitingskwaliteit OV, duurzame energieopwekking, oppervlaktewater en geluidhinder is ook in 2030 nog sprake van een tekortschietend kwaliteitsniveau, naar verwachting op hetzelfde niveau als in of verslechterend ten opzichte van de huidige situatie (kwaliteitsniveau ‘rood’). Voor het aspect broeikasgassen is een positieve autonome trend te verwachten, maar niet voldoende om ‘uit het rood’ te komen. Vanuit het belang van de kwaliteit van de leefomgeving liggen bij bovengenoemde aspecten belangrijke opgaven voor de omgevingsvisie. De locaties van deze knelpunten zijn verder toegelicht in paragraaf 4.3. De aspecten werkgelegenheid en arbeidsmarkt, werkgelegenheid, beweegvriendelijke leefomgeving, omgevingsveiligheid, passend woningaanbod en passend voorzieningenaanbod zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘oranje’ maar laten autonoom een verslechterende trend zien. Het aspect hitte verslechterd zelfs richting kwaliteitsniveau ‘rood’. Ook voor deze aspecten liggen belangrijke opgaven voor de omgevingsvisie. Deze aspecten zijn dan ook verder toegelicht in hoofdstuk 4.3.
Daarentegen is het aspect beschermde natuur (Natura 2000) in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘rood’, maar is de verwachting dat deze autonoom verbetert naar kwaliteitsniveau ‘oranje’. De aspecten duurzame en slimme mobiliteit, duurzame woningen, droogte, biodiversiteit, groene leefomgeving, verkeersveiligheid, sociale veiligheid en geurhinder zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘oranje’, maar laten autonoom geen verandering zien. De aspecten wateroverlast en luchtkwaliteit zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘oranje’ en laten autonoom een verbetering binnen ‘oranje’ zien. De aspecten maatschappelijke deelname en doorstroming en bereikbaarheid zijn in de huidige situatie beoordeeld met kwaliteitsniveau ‘groen’ en blijven autonoom gelijk of laten een verbetering binnen ‘groen’ zien.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
37
Figuur 4.1: Rad van de leefomgeving gemeente Sint-Michielsgestel 14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
38
4.2
Belangrijke aandachtspunten
De beoordelingsaspecten die in de huidige situatie en autonome ontwikkeling beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘rood’ en ‘oranje met verslechterende trend’ zijn aangemerkt als knelpunt en aandachtspunt. Vanuit het belang van de kwaliteit van de leefomgeving liggen bij deze aspecten belangrijke opgaven voor de omgevingsvisie. De aspecten waar het om gaat en het specifieke aandachtspunt zijn hieronder omschreven. Figuur 4-3 geeft een deel van deze aspecten visueel weer in een knelpuntenkaart. Voor sommige aspecten geldt dat deze niet ruimtelijk-specifiek te maken zijn, doordat er geen locatiespecifieke informatie is of omdat het een gemeentebreed aspect is (bijv. broeikasgassen). In deze paragraaf is per beoordelingsaspect aangegeven of dat hiervoor geldt of niet.
Figuur 4.2: Knelpuntenkaart gemeente Sint-Michielsgestel
Knelpunten Knelpunten zijn de aspecten die in de huidige situatie beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘rood’ en autonoom in het ‘rood’ blijven. Fiets- en wandelnetwerk Het is onduidelijk hoeverre het fietsnetwerk in de gemeente Sint-Michielsgestel is voltooid. Daarnaast ervaren gebruikers de kwaliteit van fietspaden slechter dan landelijk gemiddeld. Dit is niet ruimtelijk-specifiek te maken en is daarom niet in op de kaart weergeven.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
39
Ontsluitingskwaliteit OV De gemiddelde afstand tot een treinstation is groot doordat er geen treinstation aanwezig is in de gemeente Sint-Michielsgestel. Daarnaast is de ontsluiting met OV in het algemeen slechter dan het landelijke gemiddelde (o.b.v. de PTAL-score). Op de kaart is aangegeven welke gebieden in de gemeente met name slecht ontsloten zijn. Duurzame energieopwekking Het percentage duurzaam opgewekte energie ligt lager dan het landelijk gemiddelde en voldoet nog niet aan de doelstelling vanuit de EU. Dit aspect is een gemeentebreed aspect en is niet ruimtelijk- specifiek te maken. Broeikasgassen De gemeente Sint-Michielsgestel voldoet nog niet aan de gestelde reductiedoelen uit de Klimaatwet. Het aspect broeikasgassen is een gemeentebreed aspect en daardoor niet ruimtelijk-specifiek te maken. Oppervlaktewater Het oppervlaktewater voldoet bij geen van de meetpunten in de gemeente aan de gestelde eisen vanuit KRW-oogpunt. De locaties zijn aangegeven op de kaart. Geluidhinder De aanwezigheid van de A2. De N617 en N279 zijn een bron van geluid. Daarnaast zijn er ook lokale wegen in Sint-Michielsgestel waar rondom geluidhinder kan worden ervaren. Deze locaties zijn aangegeven op de kaart.
Aandachtspunten Aandachtspunten zijn de aspecten die in de huidige situatie beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘rood’ en autonoom verbeteren naar ‘oranje’ of in de huidige situatie beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘oranje’ en autonoom verslechteren binnen ‘oranje’ of naar ‘rood’. Werkgelegenheid en arbeidsmarkt Het aantal banen in Sint-Michielsgestel ligt lager dan het gemiddelde in de provincie Noord-Brabant. Het aspect werkgelegenheid en arbeidsmarkt is een gemeentebreed aspect en daardoor niet ruimtelijk-specifiek te maken. Werklocaties Er is sprake van een klein kwalitatief en kwantitatief tekort aan bedrijventerreinen. Het aanbod op de bedrijventerreinen is beperkt, waardoor de leegstand onder het frictieniveau ligt. Enige schuifruimte op de bedrijfsruimtemarkt is daarom wenselijk. Het aanbod bestaat vooral uit panden met een oppervlakte kleiner dan 500 m². Dit kan problemen opleveren voor bedrijven die door willen groeien. Daarnaast zijn er aanmerkelijk meer kooppanden dan huurpanden. De huurmarkt lijkt hierdoor op slot te zitten. Het gaat om de bedrijventerreinen Beekveld, De Ploeg, Milrooijseweg, ’t Schild en Venkant. Het is niet ruimtelijk specifiek te maken op welk bedrijventerrein het probleem zich specifiek voordoet.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
40
Hitte Hittestress wordt veroorzaakt door een groot percentage verhard oppervlakte. In gebieden waar kwetsbare functies aanwezig zijn (zoals verzorgingstehuizen) kan dit een groot probleem vormen. De aandachtsgebieden voor hittestress zijn weergeven in Figuur 4.2. Beschermde natuur (Natura 2000) Natura 2000-gebieden in de omgeving van de gemeente Sint-Michielsgestel voldoen op dit moment nog niet aan de gewenste staat van instandhouding. Daarnaast zijn deze gebieden gevoelig voor stikstofuitstoot. Deze gebieden liggen buiten de gemeentegrens van de gemeente Sint-Michielsgestel en zijn daarom niet opgenomen in de kaart. Omgevingsveiligheid In de gemeente Sint-Michielsgestel ligt een groot aantal (beperkt) kwetsbare gebouwen binnen de aandachtsgebieden voor brand en explosie van verschillende risicobronnen ligt. Deze locaties zijn aangegeven op de kaart. Beweegvriendelijke leefomgeving De gemeente Sint-Michielsgestel blijft met name achter op het landelijk gemiddelde qua recreatief groenblauw. Dit aspect is een gemeentebreed aspect en is niet ruimtelijk- specifiek te maken. Passend woningaanbod In de gemeente Sint-Michielsgestel overstijgt de behoefte het woningaanbod voor verschillende type woningen. Dit aspect is een gemeentebreed aspect en is niet ruimtelijk- specifiek te maken.
Passend voorzieningenaanbod In de gemeente Sint-Michielsgestel is de gemiddelde afstand naar bepaalde voorzieningen groter dan gemiddeld genomen in de provincie Noord-Brabant. Het gaat met name om horecavoorzieningen en winkels, culturele voorzieningen en voorzieningen voor gezondheid en welzijn. Daarnaast gaat het ook om de gemiddelde afstand tot middelbare scholen. Dit aspect is een gemeentebreed aspect en is niet ruimtelijkspecifiek te maken. Naast bovenstaande aandachtspunten geldt dat de aspecten duurzame en slimme mobiliteit, duurzame woningen, droogte, biodiversiteit, groene leefomgeving, verkeersveiligheid, sociale veiligheid en geurhinder in de huidige situatie beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘oranje’ en autonoom geen verbetering of verslechtering laten zien. Ook hier ligt een opgave voor de omgevingsvisie. Deze aspecten zijn niet in bovenstaand Figuur 4.2 weergeven
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
41
5
Welke scenario’s zijn er onderzocht en wat zijn de gevolgen daarvan?
De gemeente Sint-Michielsgestel heeft ervoor gekozen om twee scenario’s voor nieuw beleid op te stellen om ‘de hoeken van het speelveld’ te ontdekken. Deze scenario’s zijn op effecten beoordeeld. De resultaten hiervan zijn opgenomen in een aparte notitie (zie bijlage A3). In dit hoofdstuk zijn de belangrijkste punten uit deze notitie overgenomen.
5.1
Totstandkoming van de scenario’s
De twee scenario’s zijn tot stand gekomen door een uitgebreid participatieproces georganiseerd door de gemeente Sint-Michielsgestel. Er zijn twee scenario’s opgesteld die de spreekwoordelijke ‘hoeken van het speelveld’ bevatten. Het nieuwe beleid uit de scenario’s is uiteengezet in verschillende thema’s, zoals wonen, natuur en mobiliteit. Dit zijn de beleidsuitspraken, per thema is er één beleidsuitspraak. In Tabel 5.1 zijn deze beleidsuitspraken kort samengevat. In bijlage A3 is een uitgebreide beschrijving van beide scenario’s opgenomen. Beide scenario’s zijn ook ruimtelijk gevisualiseerd in een kaart. In Figuur 5.1 is scenario 1 te zien en in Figuur 5.2 is scenario 2 te zien. Tabel 5.1: Samenvatting van de beleidsuitspraken van scenario 1 en scenario 2
Scenario 1
Scenario 2
Wonen
Er wordt ingezet op de lokale vraag. Het gaat om ongeveer 900 extra woningen (autonome ontwikkeling) met een nadruk op meer diversiteit in woningtype en prijs.
Er wordt ingezet op de regionale vraag. Het gaat om ongeveer 2.500 extra woningen met een nadruk op meer diversiteit in woningtype en prijs.
Voorzieningen
Het creëren van compacte en aantrekkelijke dorpscentra met voldoende kwalitatieve voorzieningen voor jong en oud.
De voorzieningen worden waar nodig geclusterd, om de kwaliteit te waarborgen. Voorzieningen worden behouden en waar nodig in nieuwe woonwijken toegevoegd.
Natuur
Natuur wordt gekoesterd en versterkt, door het beter met elkaar en met de dorpen te verbinden met nieuwe fiets- en wandelpaden.
Natuur wordt gekoesterd en versterkt, door het beter met elkaar te verbinden. Ook het groen binnen en tussen de kernen wordt versterkt.
Mobiliteit
Het netwerk van fietspaden wordt verbeterd om de dorpen goed met elkaar te verbinden en autogebruik tegen te gaan.
Er wordt ingezet op groei van de voorzieningen voor het openbaar vervoer en nieuwe regionale fietsverbindingen.
Transitie landelijk gebied
Er wordt meer ruimte geboden aan boeren voor de transitie van intensieve veehouderij naar natuurinclusieve landbouw. Het totale landbouwareaal blijft gelijk aan het huidige areaal, dat betekent dat er minder productie zal zijn.
Er wordt ingezet op een combinatie van landbouw met innovatie. Duurzame energieopwekking kan in combinatie met landbouw.
Toerisme
Versterking van recreatieve activiteiten in de natuur. Er is ruimte voor kleinschalige overnachtingsmogelijkheden.
Er wordt ingezet op het behoud en waar nodig versterken van recreatieve mogelijkheden om te wandelen en fietsen.
Bedrijventerreinen
De kwaliteit van bestaande bedrijventerreinen wordt verbeterd en er wordt niet uitgebreid. Er wordt ingezet op verduurzaming en vergroening.
Alle bedrijventerreinen transformeren naar kwalitatief hoogwaardige woonen werklocaties. De bestaande bedrijventerreinen worden in beperkte mate uitgebreid om aan de lokale vraag te voldoen.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
42
Scenario 1
Scenario 2
Duurzame energie
Ruimte voor zonne-energie op daken en op land. Dit wordt gecombineerd met andere functies.
Ruimte voor zonne-energie op daken en in het buitengebied. Windenergie is een mogelijkheid die na 2030 wordt benut.
Klimaatadaptatie
De groenblauwe mantel inzetten om de gevolgen van klimaatverandering te beperken.
Woningbouw wordt gecombineerd met klimaat adaptieve maatregelen. De impact van klimaat minimaliseren door inzetten op voldoende waterberging en het behouden van de groenblauwe mantel.
Figuur 5.1 is een weergave van het beleid uit scenario 1.
Figuur 5.1: Visualisatie van het beleid uit scenario 1
Figuur 5.2 is een weergave van het beleid uit scenario 2.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
43
Figuur 5.2: Visualisatie van het beleid uit scenario 2
5.2
Belangrijkste effecten
In bovenstaande paragraaf zijn de beleidsuitspraken kort toegelicht. Deze zijn beoordeeld op omgevingseffecten. In Figuur 5.3 is het rad van de leefomgeving te zien. De witte stippenlijn laat zien hoe elk beoordelingsaspect uit de foto van de leefomgeving zich autonoom ontwikkelt. Daarnaast is weergegeven hoe de scenario’s zich ontwikkelen ten opzichte van deze referentiesituatie, dus of er overwegend kansen of risico’s voorzien zijn. Zo is ook goed te zien hoe de scenario’s scoren ten opzichte van elkaar. Onder de figuur zijn de grootste verschillende tussen de twee scenario’s kort toegelicht.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
44
Figuur 5.3: Rad van de Leefomgeving gemeente Sint-Michielsgestel voor beide scenario’s
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
45
Overall biedt scenario 1 overwegend meer kansen dan scenario 2. Daarnaast zijn er bij scenario 2 meer risico’s voorzien. Dit hangt samen met een aantal factoren. Hieronder zijn de belangrijkste verschillen en overeenkomsten, die van invloed zijn op de omgevingseffecten, toegelicht. Bij scenario 2 zijn veel meer risico’s voorzien, omdat ingezet wordt op een forse toename van nieuwe woningen en beperkte uitbreiding van bedrijvigheid, met daarbij de toevoeging van nodige voorzieningen en nieuwe ontsluitingswegen indien nodig. Groei gaat gepaard met gevolgen. Daarentegen wordt in scenario 1 ingezet op een autonome toevoeging van woningen en geen uitbreiding van voorzieningen en bedrijvigheid. Dit scenario richt zich op behoud en relatief weinig ontwikkeling. Hierdoor zijn bij scenario 2 veel risico’s voorzien voor klimaatadaptatie, natuur en milieu die zich in scenario 1 amper voordoen. Daarnaast zet scenario 1 meer in op verduurzaming en vergroening van woongebieden en bedrijventerreinen dan scenario 2. Er wordt ook nieuwe natuur toegevoegd in de vorm van groenverbindingen. Dit biedt veel kansen, terwijl bij scenario 2 enkel het behoud van bestaande natuur centraal staat met geringe uitbreidingen. Scenario 1 zich focust op lokaal toerisme voor eigen bewoners, terwijl scenario 2 inzet op het aantrekken van toerisme van buitenaf waardoor de druk op Sint-Michielsgestel kan toenemen.
Beide scenario’s zetten in op zonneparken in combinatie met natuur, waarbij er in scenario 2 ook een mogelijke toevoeging van windenergie is (in samenwerking met omliggende gemeenten). Dit kan risico’s vormen voor natuur en geluidhinder.
5.3
Kwalitatieve aspecten
Onderstaande beoordelingsaspecten zijn in de ‘foto van de leefomgeving’ kwalitatief ingevuld. Voor deze beoordelingsaspecten was onvoldoende specifieke gemeentelijke informatie beschikbaar of kon niet gesteld worden in hoeverre de referentiesituatie er goed of slecht voor staat. Aan deze thema’s is daarom geen kwaliteitsniveau toegekend in de ‘foto van de leefomgeving’. In de effectbeoordeling van de scenario’s zijn deze kwalitatieve aspecten wel beoordeeld op kansen op positieve effecten of risico’s op negatieve effecten. Hieronder is per scenario voor de kwalitatieve aspecten schematisch weergegeven of er sprake is van overwegend kansen (groen pijltje omhoog ) of overwegend risico’s (rood pijltje omlaag ). Nul (0) betekent dat er geen effecten zijn en twee pijltjes betekent dat dit scenario net wat beter/slechter scoort (meer kansen of risico’s) ten opzichte van het andere scenario. Wat opvalt uit onderstaande Tabel 5-2 is dat bij scenario 1 sprake is van overwegend kansen bij alle kwalitatieve aspecten. Bij scenario 2 is er sprake van minder kansen en overwegend risico’s op twee kwalitatieve aspecten. In de scenariobeoordeling (zie bijlage A3) zijn de kansen en risico’s tekstueel toegelicht.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
46
Tabel 5.2: Overwegend kansen op positieve effecten en risico’s op negatieve effecten bij de kwalitatieve aspecten
Kwalitatieve aspecten Kennis en innovatie
Scenario 1
Scenario 2
0
Toerisme en recreatie Duurzame landbouw Afval en grondstoffen
0
0
Bodemkwaliteit
0
Grondwater
0
Natuurnetwerk Brabant en ecologische verbindingszones Landschap, cultuurhistorie en archeologie
5.4
Ontwikkeling knel- en aandachtspunten ten opzichte van de referentiesituatie
In de ‘foto van de leefomgeving’ is aan de beoordelingsaspecten een kwaliteitsniveau toegekend: groen, oranje of rood. De beoordelingsaspecten die in de huidige situatie en autonome ontwikkeling beoordeeld zijn met kwaliteitsniveau ‘rood’ en ‘oranje met verslechterende trend’ zijn aangemerkt als respectievelijk knelpunt en aandachtspunt. Vanuit het belang van de kwaliteit van de leefomgeving liggen bij deze aspecten belangrijke opgaven voor de omgevingsvisie. In onderstaande tabellen is weergegeven hoe deze knelpunten zich ontwikkelen per scenario. De tabel geeft weer of er sprake is van overwegend kansen (groen pijltje omhoog ) of overwegend risico’s (rood pijltje omlaag ) voor de bestaande knelpunten. Nul (0) betekent dat er geen effecten zijn en twee pijltjes betekent dat dit scenario net wat beter/slechter scoort (meer kansen of risico’s) ten opzichte van het andere scenario. Het gelijkteken (=) betekent dat er evenveel kansen als risico’s zijn voorzien. Bestaande knelpunten In de ‘foto van de leefomgeving’ zijn de volgende aspecten aangemerkt als knelpunt: fiets- en wandelnetwerk, ontsluitingskwaliteit OV, duurzame energieopwekking, broeikasgassen, oppervlaktewater en geluidhinder. Uit Tabel 5.3 blijkt dat bij het merendeel van de knelpunten sprake is van overwegend kansen. Het is onzeker is in hoeverre de kansen leiden tot een opheffing van het knelpunt.
Zowel bij scenario 1 als 2 is de kans groot dat het knelpunt voor fiets- en wandelnetwerk verholpen wordt, omdat er in beide scenario’s meerdere nieuwe fietsverbindingen toegevoegd worden. Voor de andere knelpunten bestaan ook kansen, maar het is nog onzeker in hoeverre dit kan leiden tot opheffing van het knelpunt. Dit komt omdat de beleidsuitspraken inzetten op verbetering, maar het niet concreet genoeg is om met zekerheid te zeggen dat het knelpunt wordt opgelost. Het gaat dan om de beoordelingsaspecten duurzame energieopwekking (S1 en S2), broeikasgassen (S1) en oppervlaktewater (S1). Scenario 2 laat meer risico’s zien voor broeikasgassen, waardoor het knelpunt blijft bestaan. Voor oppervlaktewater geldt dat er in scenario 2 geen kansen of risico’s zijn, waardoor het knelpunt blijft bestaan. Voor ontsluitingskwaliteit OV geldt dat er zowel in scenario 1 als 2 geen kansen of risico’s zijn, waardoor het knelpunt blijft bestaan. Voor geluidhinder geldt dat er in scenario 1 geen kansen of risico’s zijn en in scenario 2 is er meer risico’s zijn dan kansen, waardoor het knelpunt blijft bestaan.
14 december 2023
BH7677-MI-RP-230704-1429
47
Tabel 5.3: Ontwikkeling van de bestaande knelpunten uit de referentiesituatie per scenario
Knelpunten
Referentiesituatie
Fiets- en wandelnetwerk
=
Ontsluitingskwaliteit OV
=
Scenario 1
Scenario 2
0
0
Duurzame energieopwekking Broeikasgassen Oppervlaktewater
=
0
Geluidhinder
0
Bestaande aandachtspunten Naast bestaande knelpunten zijn de volgende aspecten aangemerkt als aandachtspunt: werkgelegenheid en arbeidsmarkt, werklocaties, hitte, beschermde natuur (Natura 2000), omgevingsveiligheid, beweegvriendelijke leefomgeving, passend woningaanbod en passend voorzieningenaanbod. In onderstaande Tabel 5-4 is te zien dat binnen scenario 1 sprake is van (overwegend) kansen bij de helft van de aspecten. Bij al deze aspecten (met een groen pijltje omhoog) wordt het aandachtspunt mogelijk verholpen. De aandachtspunten voor werkgelegenheid en arbeidsmarkt, werklocaties, omgevingsveiligheid en passend woningaanbod blijven bestaan, waarbij passend woningaanbod mogelijk een nieuw knelpunt vormt. In scenario 2 is sprake van (overwegend) risico’s voor beschermde natuur (Natura 2000) en omgevingsveiligheid waardoor deze aspecten mogelijk een nieuw knelpunt vormen. Bij de andere aspecten die positief scoren wordt het aandachtspunt mogelijk verholpen. Tabel 5.4: Ontwikkeling van de bestaande aandachtspunten uit de referentiesituatie per scenario