Bijlage 1 - Nota Beantwoording zienswijzen Sint-Michielsgestel
Tekst van het document
3.6.6 Landelijk gebied Bewoners in het buitengebied Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345692
Indiener geeft aan dat het fijn is dat de gemeente aandacht heeft voor agrariërs in het buitengebied, maar dat niet vergeten moet worden dat er ook burgers in het buitengebied leven. Antwoord: Allereerst merken we op dat de agrariërs ook bewoners zijn van het buitengebied. Indiener heeft gelijk dat er ook mensen in het buitengebied wonen, die geen agrariër zijn. In de omgevingsvisie is opgenomen dat het landelijk gebied ook een ‘uitloopgebied’ is voor de kernen en in relatie tot de stad ’s-Hertogenbosch. Bestaande woningen passen volgens de gemeente ook in dit beeld. De omgevingsvisie zet verder in op ander functies zoals recreatie. Het landelijk gebied heeft dus meerdere mogelijkheden voor ontwikkeling en verschillende functies krijgen er een plek, ook met het oog op de bewoners. Hoe dit er precies uit komt te zien verschilt van gebied tot gebied en wordt de komende jaren nog verder uitgewerkt in het programma Vitaal Landelijk gebied, zie ook paragraaf 2.1 van deze nota.
71
Financiële onderbouwing Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vindt dat agrarisch natuurbeheer een interessante aanvulling is, maar geen vervanging kan zijn van het hoofdinkomen. Indiener vindt dat het daarom ook niet zo geschetst kan worden. Indiener zou het goed vinden als er in deze paragraaf een financiële doorrekening zou komen om zo een juiste afweging te maken van opbrengsten ten opzichte van investeringen. Indiener vraagt zich af of de gemeente hiertoe bereid is om zo een inclusievere en daadkrachtigere visie te ontwikkelen. Antwoord: in de omgevingsvisie wordt niet aangegeven dat agrarisch natuurbeheer het hoofdinkomen zou zijn, maar wordt het juist als voorbeeld genoemd van een alternatieve inkomstenbron. We verwijzen verder naar de beantwoording, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 van deze nota ten aanzien van landelijk gebied en duurzame landbouw. Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345653
Indiener is van mening dat op pagina 39 'Landelijk gebied', de financiële paragraaf voor landbouwbedrijven ontbreekt. Indiener stelt dat verdere extensivering begrijpelijk is en dat het perspectief van kringlooplandbouw c.q. natuurinclusief financieel op lange termijn niet houdbaar is. Indiener vindt dat er vergoeding beschikbaar moet worden gesteld door de verdere verlaging van mestaanwending, verschraling van bodem en beperking van wateronttrekking c.q. droogtescenario's. Indiener vindt een ruimhartige invulling van de mogelijkheden op het boerenerf evident. Antwoord: Vanuit diverse landelijke en provinciale regelingen worden er naar deze opgaves gekeken. Hierop zal de gemeente naar de juiste aansluiting blijven zoeken. We verwijzen verder naar de beantwoording, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 van deze nota ten aanzien van landelijk gebied en duurzame landbouw. Context agrarische termen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vindt het goed dat er wordt ingezet op het behoud van de agrariërs. Indiener vindt dat er daarna een aantal termen worden genoemd die geen concrete definitie hebben, waardoor het onmogelijk is om juiste beelden te vormen en conclusies te trekken. Indiener vindt dat de beelden die wel gemaakt kunnen worden, een (groot) deel van de huidige agrariërs uitsluit. Indiener verzoekt de gemeente om hier meer context over te krijgen. Antwoord: We verwijzen naar de beantwoording, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 van deze nota ten aanzien van landelijk gebied. Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vindt het belangrijk dat bij het ontwikkelen van de recreatieve functie er niet wordt gezorgd voor toekomstige problemen/beperkingen in het landelijk gebied.
72
Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346637
Indiener (Tuinbouwbedrijf Van Dam) vindt dat grootgebruikers van het buitengebied geen last zouden moeten krijgen van toerisme. Antwoord: Het landschap van onze gemeente is afwisselend: verschillende functies krijgen een plek in het landschap. Ook agrarische functies en recreatieve functies. De gemeente neemt een positieve houding aan tegenover initiatieven/initiatiefnemers die passen binnen de omgevingsvisie en een bijdrage leveren aan de kernkwaliteiten en ambities van de gemeente. Bij een concreet initiatief wordt ook altijd naar de geldende wet- en regelgeving gekeken en bij de belangenafweging worden ook de belangen van naburige (agrarische)bedrijven meegewogen. Aanvullende verwijzen we naar de beantwoording ten aanzien van landelijk gebied in paragraaf 2.1 van deze nota. Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) geeft aan dat het de gemeente siert dat er de komende jaren wordt gewerkt aan een programma Landelijk gebied. Om dit succesvol te laten verlopen en ook daadwerkelijk doelen te kunnen behalen, is volgens de indiener van belang dat er niet aan de voorkant al allemaal randvoorwaarden opgelegd worden waardoor het speelveld te klein wordt. De sector heeft veel ambities maar het moet wel realistisch zijn om stappen te kunnen zetten, waarbij de knelpunten helder gemeten en geformuleerd zijn. Antwoord: We verwijzen naar de beantwoording, zoals opgenomen in paragraaf 2.1 van deze nota ten aanzien van landelijk gebied. Toekomst van het landelijk gebied Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346622, 1346628, 1346629, 1346635 en 1346633
Indieners zijn positief over de actie om een visie richting 2040 te maken voor de toekomst van het landelijk gebied. Indieners zijn het gedeeltelijk oneens met hoe de gemeente deze toekomst ziet. Daarnaast zijn Indieners het gedeeltelijk oneens met de visie en de voorstellen om diverse doelstellingen te kunnen realiseren. Antwoord: Dank voor uw zienswijze. Spijtig te lezen dat u het gedeeltelijk oneens bent met de visie en voorstellen om diverse doelstellingen te kunnen realiseren. De vorm van de omgevingsvisie is vormvrij en de gemeente heeft getracht een gebalanceerde omgevingsvisie op te stellen aan de hand van vier hoofdthema's en de eerder door de gemeenteraad vastgestelde ambities richting 2040. Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346627
Indieners bedrijf heeft jaarlijks 150 hectare landbouwgrond in gebruik, waaronder beekdalen en bolle akkers om een ruime vruchtwisseling voor een gezonde teelt te kunnen doen. In de visie wordt het landbouwareaal gigantisch verkleind en natuur wordt het leidende principe. Indiener denkt dat het niet de bedoeling is dat alle bedrijven op een duurzame manier landbouwproducten gaan produceren. Dat zal het werk van agrariërs onmogelijk maken.
73
Antwoord: De gemeente wil met haar omgevingsvisie zeker niet het werk van agrarische bedrijven onmogelijk maken. De toekomst van het landelijk gebied vraagt wel om keuzes en wij zetten in op het behoud van onze agrariërs maar wel met een omschakeling naar duurzame landbouw en nieuwe verdienmodellen. We gaan uit van een omslag naar duurzame landbouw, waarbij water en bodem sturend zullen zijn. Voor zover gronden in beekdalen niet noodzakelijk zijn voor klimaat(veiligheid) zoals waterberging gaan we ervan uit, dat deze veelal beschikbaar blijven voor de landbouw. Aanvullend verwijzen we naar de toelichting in paragraaf 2.1 van deze nota. Missende ambitie over groene/blauwe elementen in agrarisch gebied Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345757
Indiener is van mening dat de landelijke opgave om 10% van het agrarisch gebied met groene en blauwe elementen aan te leggen voor 2050 die vanuit het Ministerie van LNV komt, niet in de ontwerpOmgevingsvisie aan bod komt. Indiener is van mening dat deze elementen bijdragen aan de kwaliteit van de natuur en het landschap in het agrarisch gebied, vooral in de meer open agrarische gebieden rond Den Dungen en ten noordoosten van Berlicum-Middelrode. Antwoord: Wij zijn van mening dat deze ambitie niet mist. In de omgevingsvisie komt dit streven terug in de volgende ambitie "in 2040 is de structuur voor groen/ water robuust, zijn de cultuurhistorische waarden geborgd en versterkt en is de biodiversiteit toegenomen". En in verschillende uitganspunten. Op de kaart zijn meerdere gebieden aangewezen met de aanduiding "natuur verbinden en landschap versterken". En voor het deelgebied landelijk gebied is onder ander opgenomen: " We investeren in het landschap, door behoud en versterking van cultuurhistorische waarden en het toevoegen van groen." Hoe dit er precies uit komt te zien is onderwerp van nader uitwerking in de programma's Vitaal landelijk gebied en Natuur, landschap en biodiversiteit. (Ruimtelijke) dilemma's inzichtelijk maken Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) zegt dat een groot gedeelte van de visie goede plannen bevat, maar dat het makkelijk is om dit op te schrijven en er een plaatje van te maken. Deze plaatjes en vraagstukken komen volgens indiener samen en zorgen voor grote dilemma's bij leden van de ZLTO. Hier zal in de Omgevingsvisie wat over gezegd moeten worden om ervoor te zorgen dat de gemeenteraad de juiste afwegingen kan maken en weet wat de gevolgen zijn, aldus de indiener. Indiener geeft een voorbeeld: als de gemeenteraad kiest voor een natuurinclusieve bedrijfsvoering van grondgeboden agrarische bedrijven (waarbij de definitie op dit moment enkel voor melkvee bekend is), dan betekent dat een grotere opgave aan landbouwgrond. Dit gaat volgens indiener ten koste van de beschikbaarheid van grond voor energieopwek, woningbouw, recreatie, etc. Dit kan een keuze zijn, maar als hiervoor wordt gekozen, zal ook voor de ondernemer duidelijk moeten zijn hoe de gemeente hierin faciliteert, aldus de indiener. Indiener stelt dat dit nog nergens beschreven staat, maar wel essentieel is, mede om de raadsleden het comfort te geven dat er een juiste afweging gemaakt kan worden en niet met droombeelden blijven zitten die niet haalbaar zijn.
74
Antwoord: Hetgeen nu is opgeschreven in de omgevingsvisie is passend bij het abstractieniveau van een omgevingsvisie. We onderschrijven dat als het concreter wordt/ ontwikkeling op bedrijfsniveau de keuzes en dillema's ook tastbaarder en lastiger worden. Dit zal nader uitgewerkt moeten worden in programma's en het omgevingsplan, zie paragraaf 2.1 van deze nota ten aanzien van landelijk gebied.
75
3.7 Het OER OER staat voor omgevingseffectrapport, een milieueffectrapport (MER) die bij een omgevingsvisie wordt opgesteld en waarin naast de milieuaspecten ook sociale en economisch aspecten worden meegenomen. Nieuw beleid uit de omgevingsvisie kan namelijk leiden tot belangrijke veranderingen. Dit is in beeld gebracht in het OER. Financiële impact Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vindt dat het OER ook een plek moet zijn waar ontwikkelingen en keuzes kunnen worden gewogen ten opzichte van, onder andere, de financiële impact van die keuzes om zo een best passende keuze te maken. Indiener ziet hier niks van terug. Indiener vraagt zich af of de gemeente dit nog gaat doen. Antwoord: Het OER is een vorm van een milieueffectrapport (MER) waarin de effecten van het voorgenomen beleid op het milieu en daarnaast ook de economische en sociale aspecten inzichtelijk wordt. Het gaat hier om aspecten die ruimtelijk specifiek te maken zijn. Het doel van een MER of OER is om de gemeente beslisinformatie voor besluitvorming te bieden op het milieuvlak. Het is aan de gemeente om vervolgens een financiële afweging te maken van keuzes waarbij ook de milieu informatie uit het OER meegenomen wordt. Deze financiële afweging hangt ook samen met verdere uitwerking van keuzes uit de Omgevingsvisie, dit zal de gemeente doen in het omgevingsplan en programma's zoals genoemd in de Omgevingsvisie. Belasting gebieden door recreatie Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346622, 1346629 en 1346633
Indieners stellen dat uitbreiding van recreatie ook belastend is voor de natuur en stikstofuitstoot door verkeersbewegingen in het buitengebied. Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346636
Indiener (Beraad de Verborgen Buitens) ziet op het gebied van natuur meerdere aanknopingspunten met de eigen visie. Ze onderschrijven het beter spreiden van recreatie over het gebied, maar zien ook bedreigingen en effecten op hun natuurgebieden. Dit vraagt om een zorgvuldige aanpak in samenwerking met de (landgoed)eigenaren. Antwoord: Recreatie zou kunnen leiden tot een toename van de belasting op de natuur. De gemeente zet voornamelijk in op kleinschalige recreatie. Met het oog op bestaande toerisme wordt o.i. niet ingezet op grootschalige recreatie en bijbehorende effecten in de Omgevingseffectrapportage. We onderschrijven het belang van een goede samenwerking.
76
3.8 Het proces en overige onderwerpen In dit hoofdstuk zijn de zienwijzen over het proces achter de omgevingsvisie behandeld. Daarnaast komen hier de zienswijzen aan bod die niet direct over de onderwerpen uit de Omgevingsvisie of het OER gaan.
3.8.1 Participatie en samenwerking Participatie bij verdere uitwerking Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1343809
Indiener (Cumela Nederland) geeft aan zichzelf, als organisatie, te herkennen in de visie en graag samen te willen werken en te participeren bij de verdere uitwerking van de ambities. Antwoord: Prettig te horen dat u zich herkent in de visie. Wij zetten uw organisatie op de stakeholderlijst. Bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie in programma's en plannen, zullen wij u ook uitnodigen voor het participatietraject.
Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1344209
Indiener (Rijkswaterstaat) verzoekt om betrokken te worden bij een verdere uitwerking van thema's/ ambities met raakvlak voor Rijkswaterstaat, zoals de verbinding van bedrijventerreinen met de A2. Antwoord: Wij onderschrijven het feit dat Rijkswaterstaat een belangrijke partij hierin is. Bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie in programma's en plannen, zullen wij u ook uitnodigen voor het participatietraject.
Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345852
Voor nadere uitwerking van de Omgevingsvisie wil de indiener (Bewoners Vereniging Dungense Brug) graag betrokken worden en haar inbreng leveren in de verdere uitwerking van de Omgevingsvisie. Antwoord: Wij zetten uw organisatie op de stakeholderlijst. Bij de verdere uitwerking van de omgevingsvisie in programma's en plannen, zullen wij u ook uitnodigen voor het participatietraject.
Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345444
Indiener (provincie Noord-Brabant) geeft aan dat de primaire verantwoordelijkheid voor het maken van keuzes over de inrichting van hun fysieke leefomgeving ligt bij de gemeente, waardoor er ruimte is om hun verantwoordelijkheid te nemen.
77
Indiener stelt voor om samen met de gemeente en de Waterschappen De Dommel en AA en Maas in werkateliers te bekijken hoe de ambities uit de gemeentelijke Omgevingsvisie verantwoord vertaald kunnen worden naar uitvoerbare programma’s met inachtneming van de diverse opgaven waar de waterschappen en de provincie voor aan de lat staan. Indiener ziet meerwaarde in proactief en integraal met elkaar samenwerken. Hierdoor wordt door de diverse schaallagen heen de praktische haalbaarheid van de ambities helder en inzichtelijk en zullen doelen makkelijker en sneller op de juiste plekken en in de juiste vorm behaald worden. Antwoord: De gemeente onderschrijft het belang van proactief en integrale samenwerking tussen de betrokken overheden, zoals de Provincie Noord Brabant en Waterschap De Dommel. We maken graag gebruik van het aanbod tot intensievere samenwerking tijdens de verdere uitwerking van de omgevingsvisie. Inloopavond Gemonde Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1344219 en 1345767
Indieners hebben bezwaar tegen de omgevingsvisie, omdat er geen inloopavond is geweest in Gemonde. Hierdoor hebben bewoners van dit dorp niet voldoende de kans gekregen om bij te dragen aan de omgevingsvisie en hun opmerkingen te ventileren. Indieners verzoeken om alsnog een inloopavond in Gemonde te organiseren, zodat de bewoners een gelijke bijdrage kunnen leveren. Antwoord: De ontwerp omgevingsvisie heeft digitaal en analoog ter inzage gelegen. Als extra service hebben we tijdens de ter inzage periode inloopbijeenkomsten georganiseerd. Hierbij is ook gekeken naar inzet van medewerkers. De drie avonden zijn als volgt ingedeeld: 1 avond Sint-Michielsgestel & Gemonde, 1 avond Den Dungen en 1 avond Berlicum & Middelrode. Uiteraard hebben we tijdens alle avonden alle vragen over de gehele gemeente beantwoord. Daarnaast zijn er per mail en telefonisch vragen gesteld die beantwoord zijn door medewerkers. Dialoog bij de Omgevingsvisie Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346626
Indiener zegt te begrijpen dat er veel ambities en belangen zijn, en dat het zo ingewikkeld is om tot een goede afweging te komen. Indiener stelt dat dialoog noodzakelijk is om alle opvattingen en belangen met betrekking tot nieuwe initiatieven voor, bijvoorbeeld, woningbouw te toetsen aan de Omgevingsvisie. Het succes hiervan hangt samen met de motivatie van de betrokkenen om ieders stem te laten horen en te willen begrijpen wat anderen bedoelen. Indiener zegt dat het hen spijt mee te delen dat een aantal burgers, verenigd in een Werkgroep, geen vertrouwen hebben dat de gemeente (het College, de gemeenteraad en het ambtelijk apparaat) gemotiveerd is om echt te luisteren en begrip te hebben voor andere standpunten. Volgens Indiener is een poging tot luisteren en begrip, en het aangaan van respectvol dialoog, een noodzakelijke voorwaarde om toekomstig dialoog met betrekking tot het in de praktijk brengen van de Omgevingsvisie te laten slagen. Indiener vraagt wat de gemeente gaat doen om het vertrouwen te herstellen.
78
Antwoord: We betreuren het, dat u er geen vertrouwen in heeft, dat de gemeente gemotiveerd is om echt te luisteren en begrip te hebben voor andere standpunten. Meer in algemene zin merken wij het volgende op over hoe wij aan vertrouwen bouwen. Onder 'Doorwerking' wordt in de omgevingsvisie uitgebreid ingegaan op de rolverdeling tussen de gemeente en de samenleving. Er zijn maatschappelijke opgaven, die vragen om een belangenafweging tussen het individuele en het algemene belang. Omdat we een faciliterende gemeente willen zijn, waarin alle belangen gehoord kunnen worden stelden we participatiebeleid vast.
Participatie bij de scenario's Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vraagt zich af wanneer de scenario's, die zijn aangescherpt met andere maatschappelijke partijen, ook met Indiener zijn aangescherpt en wat er toen is aangegeven. Antwoord: Er zijn werksessies geweest waar maatschappelijke partijen, waaronder indiener, voor uitgenodigd waren. Bijeenkomsten zijn gebruikt om te checken of we de uiterste opgezocht hadden. Samenwerken aan erfgoedvisie Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) wil samenwerken met de gemeente: twee keer per jaar overleg met de wethouder erfgoed en een beleidsmedewerker. Indiener wil daarmee tot een gezamenlijke gemeentelijke erfgoedvisie komen, inclusief gerelateerde activiteiten en afspraken. Antwoord: De Omgevingsvisie is een globale visie. Onder Doorwerking wordt ingegaan op de rolverdeling tussen gemeente en de samenleving. Afspraken over de wijze van samenwerking vinden plaats buiten het kader van de Omgevingsvisie. Gemeentelijke participatieverordeningen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) wil graag meepraten en ideeën aandragen voor de gemeentelijke participatieverordening die verstrekt moet worden in 2024. Hieronder valt bijvoorbeeld 'uitdaagrecht', het als organisatie overnemen van de uitvoering van een taak van de gemeente. Indiener wil kijken of heemkundekringen hier gebruik van willen en kunnen maken. Antwoord: Wij maken gebruik van een inspraakverordening. Uitdaagrecht hebben wij ook. Als u hier gebruik van wil maken dan kunt u contact opnemen met een van onze wijkmakelaars. Meer informatie vindt u op onze website www.sint-michielsgestel.nl/wijkmakelaars
79
3.8.2 Doorwerking en totstandkoming Afweging van ontwikkelingen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vraagt hoe de afweging van ontwikkelingen gedaan gaat worden en hoe de gemeente een transparant proces gaat vormgeven. Antwoord: De hoofdlijnen hiervoor staan onder het hoofdstuk 'Doorwerking'. Daarin gaan we in op de rolverdeling (sturingsfilosofie) tussen de gemeente en de samenleving. Als gemeente zoeken we de balans tussen hoe we initiatieven kunnen steunen en hoe we waarborgen, dat de kwaliteit van onze leefomgeving zo hoog mogelijk blijft. De afweging van ontwikkelingen kan op verschillende schaalniveaus plaatsvinden. Bijvoorbeeld in deze visie, maar ook in programma's, bij het omgevingsplan en de omgevingsvergunning. We willen een faciliterende gemeente zijn, waarin alle belangen gehoord kunnen worden. Omdat goede participatie daarbij onmisbaar is, hebben we participatiebeleid vastgesteld. Faciliterende rol van de gemeente Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vindt het goed om te lezen dat de gemeente graag van ‘buiten naar binnen’ werkt en faciliteren en ondersteunend wil zijn. Indiener vraagt hoe dit loopt in de praktijk. Antwoord: Wat we ‘buiten’ horen en zien, nemen we mee terug naar ‘binnen’. Door dit te doen weten we wat burgers, bedrijven en andere belanghebbenden belangrijk vinden. Financiële afwegingskader Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) vraagt zich af of het kostenverhaal op pagina 50 de plek is waar het financiële afwegingskader van de verschillende keuzes moeten landen. Indiener vraagt hoe dit vorm zou krijgen als het antwoord hierop ja is. Indiener vraagt waar dit anders wordt gedaan als het antwoord nee is. Antwoord: Het Kostenverhaal gaat niet over alle financiële keuzes van de gemeente. Hoe en waaraan de gemeente geld uitgeeft is onderdeel van de programmabegroting van de gemeente: Begroting en Kadernota | Sint-Michielsgestel Het kostenverhaal gaat over het wettelijk kostenverhaal onder de Omgevingswet. De onderbouwing van de financiële bijdragen van het kostenverhaal onder de Omgevingswet werkt de gemeente uit in het programma kostenverhaal en financiële bijdragen. Het programma geeft inzicht in de investeringsopgave en de functionele samenhang met de ontwikkelopgave. In het programma onderbouwt de gemeente het tarief voor de financiële bijdragen en geeft zij aan hoe ze dit tarief actualiseert en verantwoording aflegt over de uitvoering van de investeringen. Het programma gaat ook in op het volkshuisvestingsfonds. Initiatiefnemers kunnen als hun initiatief niet voldoet aan het woningbouwprogramma van het ‘programma wonen en zorg’ het college verzoeken om af te wijken. 80
Houding gemeente bij initiatief Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) stelt twee vragen met betrekking tot mensen met een initiatief. Waar worden de kernkwaliteiten benoemd? Wat mag je als initiatiefnemer concreet verwachten van de gemeente qua ondersteuning, houding, etc.? Antwoord: De kernkwaliteiten vindt u onder 'Dromen'. We voeren daar een tekstuele wijziging door en veranderen kwaliteiten in kernkwaliteiten. Wat we ‘buiten’ horen en zien, nemen we mee terug naar ‘binnen’. Door dit te doen weten we wat burgers, bedrijven en andere belanghebbenden belangrijk vinden. Programma Vitaal Landelijk Gebied Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener vraagt zich af waar het Vitaal Landelijk gebied is (pagina 47), waar eerder naar wordt verwezen op pagina 39. Antwoord: Er is nog geen programma Vitaal landelijke gebied. Dit programma gaan we de komende jaren opstellen, zie ook de toelichting in paragraaf 2.1 van deze nota.
3.8.3 Algemene opmerkingen over de Omgevingsvisie Geen opmerkingen over de Omgevingsvisie Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345450
Indiener (gemeente Vught) heeft de omgevingsvisie met belangstelling gelezen en heeft geen opmerkingen. Antwoord: Bedankt voor deze opmerking en we zijn blij dat u de omgevingsvisie met belangstelling heeft gelezen. Water en klimaatadaptatie belicht vanuit waterkwantiteit Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345756
Indiener (Waterschap Aa en Maas) merkt op dat het thema 'water en klimaatadaptatie' vooral wordt belicht vanuit het aandachtsveld waterkwantiteit. Indiener stelt voor om hier ook het aandachtsveld 'waterkwaliteit' expliciet te vermelden. Indiener is ook van mening dat 'bodem en waterkwaliteit' vermeld moeten worden bij het stedelijk gebied, zoals het voorkomen en verminderen van ongezuiverde lozingen naar het oppervlaktewatersysteem bij regen. Dit thema is nu alleen nog behandeld in het landelijk gebied.
81
Antwoord: Naast de uitgangspunten per deelgebied zijn ook uitgangspunten genoemd voor de hoofthema's en deze zijn voor alle gebieden van toepassing. Onder inclusieve duurzaamheid is opgenomen: "Klimaatadaptieve maatregelen, zoals het beter vasthouden van water, zijn een randvoorwaarde voor ontwikkeling in de dorpen en het landelijk gebied." (...) Binnen de dorpen worden maatregelen genomen om water beter vast te houden en te bergen. Bijvoorbeeld door hemelwater niet in het riool te laten gaan, maar in de bodem te infiltreren, en door groene daken." Ook is het uitgangspunt wateren bodem studerend genoemd, wat ook overkoepelend is. Het klopt dat de omgevingsvisie met name gericht is op waterkwantiteit. Wat betreft de waterkwaliteit van het oppervlaktewater en grondwater hanteren we de (Europese) normen (KRW). In het landelijk gebied zijn met name de provincie en Waterschappen hiervoor aan zet. In de omgevingsvisie worden in het kader van landelijk gebied wel voorstellen gedaan met potentieel positieve effecten op de waterkwaliteit, zoals de omslag naar duurzame landbouw met o.a. zo min mogelijk gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen. Opvangen regenwater in natte seizoenen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1343079
Indiener mist in de Omgevingsvisie een duidelijk onderbouwd plan om in de natte seizoenen het overtollig regenwater op te vangen en op te slaan zodat we in de droge periodes voldoende water behouden. Antwoord: De Omgevingsvisie bevat de ambities en uitganspunten op dit vlak. De concrete maatregelen worden uitgewerkt in een gemeentelijk programma Klimaatadaptatie en Water. Aanvullende merken we op dat het grondwaterbeheer hierin ook een belangrijke rol speelt, hiervoor zijn de waterschappen het bevoegd gezag. De gemeenten werkt waar nodig samen met de waterschappen. Hoogwaterveiligheidsopgave Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345756
Indiener (Waterschap Aa en Maas) stelt dat Sint-Michielsgestel te maken heeft met een forse hoogwaterveiligheidsopgave door haar ligging. Indiener stelt dat er concreter verwezen moet worden naar de inspanningen en gezamenlijke uitwerkingen binnen HoWabo. Indiener stelt dat er door verschillende partijen, waaronder gemeente Sint-Michielsgestel constructief wordt samengewerkt. Antwoord: Het is correct dat de gemeente te maken heeft met een hoogwaterveiligheidsopgave door onze ligging. Daarover staat in de omgevingsvisie opgenomen dat we de beekdalen klimaatbestendig inrichten voor de waterveiligheid in de omgeving en zijn de zoekgebieden voor waterberging aangeduid. We herkennen de constructieve samenwerking op dit vlak en geven dit graag vervolg.
82
Geen integrale visie over groen in de kernen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345757
Indiener is van mening dat de benadering in de Omgevingsvisie over het onderwerp 'groen in de kernen' fragmentarisch is en er geen integrale visie is op het verbinden van natuurlijke elementen in de kernen met die in het buitengebied. Bijvoorbeeld: Deelgebieden - Centrum: "Door het toevoegen van bomen, plantenbakken en geveltuinen wordt de omgeving vergroend. Naast de gebouwen zijn er ook oude bomen en pleinen. Bij ontwikkelingen wordt hier rekening mee gehouden". Deelgebieden - Vitale dorpen: "Binnen de vitale dorpen worden ook maatregelen genomen voor klimaatadaptatie en biodiversiteit, bijvoorbeeld door het toevoegen van groen in de straten, op de daken en bloemrijke bermen. Wij bevelen aan, veeleer uit te gaan van structuren en minder van losse bomen of losse groepjes bomen en struiken – trek de natuur van buiten door naar binnen in de kernen. Ook de dieren (vleermuis bijvoorbeeld) zijn gediend met aaneengesloten structuren om zich te verplaatsen. En neem de toepassing van inheems plantmateriaal tot uitgangspunt." Antwoord: De gemeente heeft hier wel een integrale visie en ambitie op zoals ook is verwoord in de omgevingsvisie. De ambitie houdt in dat de structuur voor groen en water robuust is toegenomen in 2040, dat de cultuurhistorische waarden zijn geborgd en versterkt en de biodiversiteit is toegenomen.
Dat kan alleen als natuurgebieden, landgoederen, zandpaden en beekdalen worden beschermd en beter met elkaar en met het groen binnen de bebouwde kom, tussen de dorpen en met de stad 'sHertogenbosch zijn verbonden. Dat gebeurt door bijvoorbeeld het toevoegen van nieuwe natuur, zoals bossen en ecologische verbinden en er is daarnaast meer behouden, uitbreiden en verbeteren van de kwaliteit van het groen. Dus het gaat niet enkel om de beschrijvingen bij de deelgebieden Centrum en Vitale dorpen zoals de indiener aangeeft. Aanvullende merken we op dat het behoud en de ontwikkeling van de gemeentelijke boomstructuren zijn vastgelegd in het bomenbeleidsplan van Sint- Michielsgestel. Verzoek ontwikkeling Dorpstraat Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345082
Indiener wil graag aandacht voor een verzoek dat zij in het verleden tweemaal ingediend (november 2002 en april 2023) hebben voor een ontwikkeling in Gemonde van de Dorpstraat. Volgens de gemeente was de ontwikkellocatie van indiener toen niet kansrijk. Indiener heeft bij een inloopmoment op 31 januari 2024 het advies gekregen om de plannen als zienswijze in te dienen zodat het in de definitieve omgevingsvisie mee kan worden genomen. Indiener verzoekt daarom om hun plannen mee te nemen in de definitieve omgevingsvisie.
83
Antwoord: Voor de op de kaart aangeduide zoekgebieden 'Dorpse en groene woonuitbreiding' namen we als basis de door de Provincie Noord-Brabant in de Interim omgevingsverordering Noord-Brabant (geconsolideerd augustus 2023) als 'verstedelijking afweegbaar' aangeduide gebieden. Uw plan is deels geprojecteerd op buitenstedelijk gebied, dat niet als 'verstedelijking afweegbaar' is aangeduid. Gelet op de specifieke situatie ter plaatse is er geen reden tot het aanpassen van de Omgevingsvisie. Aan u zijn destijds suggesties gedaan om te komen tot een aanvaardbaar plan. Uw verzoek blijft in deze Omgevingsvisie verder buiten beschouwing. Aanwijzingen voor bouwactiviteiten Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345757
Indiener (Natuurgroep Gestel) merkt op dat aanwijzingen voor bouwactiviteiten niet worden opgenomen, anders dan t.a.v. de landbouw - "natuurinclusieve landbouw", "kringloop landbouw", "minder waterverbruik", "minder pesticiden", "niet of nauwelijks kunstmest". Indiener noemt hierbij mogelijke aanwijzingen zoals natuurinclusief bouwen en andere voorwaarden. Indiener acht het wenselijk dat de gemeente voor zichzelf mogelijkheden creëert om sturing te geven aan ontwikkelingen en om voorwaarden te stellen. Indiener stelt dat de basis hiervoor in de Omgevingsvisie moet worden gelegd. Antwoord: De omgevingsvisie bevat de ambities en uitgangspunten. Voorwaarden/ aanwijzingen voor bouwactiviteiten kan de gemeente vastleggen in het omgevingsplan. We nemen de suggestie van indiener hierin mee. Lagenbenadering bij verdere uitwerking Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345444
Indiener (Provincie Noord Brabant) geeft aan dat de Omgevingsvisie op hoofdlijnen geformuleerd is, maar dat dit een goede basis vormt voor de nadere invulling via programma's. Indiener geeft aan dat het belangrijk is om uit te gaan van de lagenbenadering ('diep, rond en breed kijken'), wat zal helpen bij het maken van keuzes en prioriteiten stellen. De richting die vanuit de ambities wordt meegegeven, speelt hierbij een belangrijke rol. Alsmede het uitgangspunt dat bodem en water leidend zijn en de diverse onderwerpen die zijn opgenomen in de provinciale omgevingsverordening zoals het natuurnetwerk, werelderfgoed en stiltegebieden. Antwoord: De gemeente erkent dat veel uitwerking nog nodig is in programma's, waarvoor in de omgevingsvisie een eerste aanzet is gegeven. En waarbij de ambities en uitgangspunten van de omgevingsvisie inderdaad richtinggevend zijn. De suggestie van het gebruik van de lagenbenadering nemen wij ter harte en is (zonder de letterlijke bewoording te gebruiken) ook al onderdeel van deze omgevingsvisie. Het uitganspunt bodem en water sturend is een algemeen uitganspunt dat in de verder uitwerking in projecten en programma's en het Omgevingsplan wordt meegenomen. Het natuurnetwerk Brabant is genoemd in de Omgevingsvisie en wordt concreter uitgewerkt in het programma Natuur, landschap en biodiversiteit. 84
Uitgangspunten natuur en groen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345552
Indiener (gemeente 's-Hertogenbosch) merkt dat de geschetste uitgangspunten voor wat betreft 'natuur verbinden en landschap versterken', 'verbinden van de wijken met landelijk gebied en natuur' en 'ruimte voor waterberging in en nabij de Dungense Polder' aansluiten bij Indieners conceptgebiedsvisie Buitengebied en dorpen. Op de kaart zijn deze uitgangspunten weergegeven met pijlen en een arcering. Indiener onderschrijft de ambities en deze uitgangspunten. Echter verzoekt Indiener om de uitgangspunten niet op de kaart op Indieners grondgebied te leggen om verwarring te voorkomen, maar bijvoorbeeld tekstueel aan te geven dat in de verdere uitwerking van de verschillende opgaven die spelen in de Dungense polder. Indiener wil graag in samenwerking en samenspraak met gemeente Sint-Michielsgestel tot een integrale visie voor dit gebied komen. Antwoord: Wij zijn blij om te lezen dat indiener de ambities en uitgangspunten onderschrijft. We kijken positief naar de samenwerking met de indiener voor de verdere uitwerking van de verschillende opgaven die er in de gemeente, inclusief de Dungense Polder, spelen. Ten aanzien van de kaart handhaven wij de arceringen en de pijlen die de uitgangspunten verbeelden. Ze verbeelden dat we samenwerken aan deze ontwikkeling. Voor gemeente overstijgende opgave blijft het belangrijk dat we gezamenlijk het gesprek voeren.
De aanduidingen van de bestaande hoofdinfrastructuur en beken hebben we laten staan. Deze hebben geen betrekking op beleid of uitgangspunten, maar zijn topografische kenmerken ten bate van de leesbaarheid van de kaart. Bedrijfsverplaatsing Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345653
Indiener wil kenbaar maken dat elke ontwikkeling die op termijn de locatie van cliënten in meer of mindere mate zal raken en consequentie kan hebben, dat dan een gehele bedrijfsverplaatsing onderdeel van de ontwikkeling zal moeten zijn. Antwoord: De Omgevingsvisie doet geen uitspraken op perceelniveau/bedrijfslocatie van individuele (grond)eigenaren. Sociale impact-analyse Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1346620
Indiener (ZLTO) mist een sociaaleconomische impact analyse. Antwoord: Voor de omgevingsvisie is een Omgevingseffectrapportage (OER) uitgevoerd, in lijn met de wettelijke procedure. Onderdeel van de omgevingseffectrapportage zijn ook sociaaleconomische aspecten, zoals maatschappelijk deelname, werkgelegenheid en arbeidsmarkt, passend woningaanbod en passend voorzieningenaanbod.
85
3.8.4 Algemene opmerkingen over de openbare ruimte Stoken snoeihout Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345692
Indiener wil graag aandacht voor de overlast van het stoken van snoeihout, wat in het buitengebied twee maanden per jaar is het toegestaan. Het stoken veroorzaakt veel rookoverlast. Indiener geeft aan dat dit onderwerp enkele jaren geleden zou worden besproken in de gemeenteraad, maar dit onderwerp is van de agenda verdwenen. Antwoord: De gemeente is aangesloten bij het SLA (schone lucht akkoord). In diverse onderdelen wordt er gezamenlijk gekeken op welke manier hier binnen de wet- en regelgeving geacteerd kan worden. Tevens nemen we in de uitwerking in programma's en het omgevingsplan de opties om een positieve bijdragen te leveren aan verbetering leefomgeving zeker mee. Stofoverlast door puinweg Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345692
Indiener wil graag met de gemeente in gesprek over een oplossing voor stofoverlast dat veroorzaakt wordt door de puinweg waar indiener langs woont. Antwoord: Klachten over concrete situaties en overlast zijn geen onderwerp van de omgevingsvisie, maar kunt u melden bij de gemeente. Melding openbare ruimte: Melding openbare ruimte | SintMichielsgestel. Indien indiener gebruik wil maken van het aanbod voor een gesprek, dan kan hiervoor een afspraak worden gemaakt. Verkeersveiligheid Eikenlaan Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345688
Indiener ziet graag een andere oplossing voor het versmallen van de Eikenlaan. Door tijdelijke groenbakken is het in de huidige situatie al gevaarlijk en indiener verwacht dat dit met deze plannen alleen maar erger gaat worden. Antwoord: De maatregelen op de Eikenlaan zijn op initiatief van de inwoners geplaatst en staan los van de Omgevingsvisie. Verkeersmaatregelen voor de woonwijk Theereheide worden separaat beschreven in het Verkeersplan Theereheide. Overlast Heiblomsedijk Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345692
Indiener stelt dat bedrijven in het buitengebied van Heeswijk-Dinther, grenzend aan Berlicum, (o.a. Van Boxtel, Van Lieshout, Dijkhoff) hun activiteiten uitbreiden. Het gaat om vervoersintensieve bedrijven. Chauffeurs rijden vaak de route via het buitengebied van Berlicum en de kom van Middelrode. De gemeente heeft dit op de Heiblomsedijk gestimuleerd, waardoor overlast ontstaat.
86
Antwoord: Er is een Programma Duurzame Mobiliteit in voorbereiding. Hierbij kijken we ook naar maatregelen om wegen in Berlicum en Middelrode aan te passen om de leefbaarheid te vergoten en de verkeersveiligheid te verhogen. Klachten over concrete situaties en overlast zijn geen onderwerp van de omgevingsvisie, maar kunt u melden bij de gemeente. Melding openbare ruimte: Melding openbare ruimte | Sint-Michielsgestel Woningbouwuitbreiding Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345688
Indiener geeft aan dat er in het verleden gesproken is over het verplaatsen van de sporthal, de tennisclub, etc. Indiener en andere bewoners hebben toen aangegeven dat zij niet willen dat deze grond gebruikt wordt voor sociale woningbouw of appartementen, maar voor de realisatie van villa's, waar volgens de indiener ook behoefte aan is. Indiener wil graag weten hoe dit in de huidige plannen is meegenomen. Antwoord: De omgevingsvisie is een globale visie richting 2040 en spreekt zich niet uit over individuele plannen. Mochten zich op deze locatie ontwikkelingen voordoen dan kunt u in dat kader uw reactie kenbaar maken. In deze omgevingsvisie blijft dit verder buiten beschouwing. In het algemeen merken wij op dat in de omgevingsvisie het volgende uitganspunt is opgenomen voor wat betreft het type woningen: "Passende woningen betekent dat we ons vooral richten op woningen waar nu en in de toekomst behoefte aan is: betaalbare huur- en koopwoningen voor met name starters en woningen voor één- en tweepersoonshuishoudens in alle leeftijdscategorieën."
3.8.5 Erfgoed Erfgoed onder de Omgevingswet Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) stelt dat erfgoedverenigingen, zoals historische, heemkundige en archeologische verenigingen, meer te maken krijgen met de nieuwe Omgevingswet. Indiener stelt dat de wet drastisch verandert hoe er besloten gaat worden over alles wat met de omgeving te maken heeft. Indiener stel dat er bij 'omgeving' gedacht moet worden aan gebouwen, infrastructuur, bodemstructuren (e.g., riolering, leidingen, kabels en archeologische vondsten) en landschappen. De Omgevingswet gaat dus over veel, waaronder zowel materieel als immaterieel erfgoed, aangezien dit een belangrijk onderdeel uitmaakt van de 'omgeving'. Indiener stelt dat de Omgevingswet verschillende wetten en regelingen vervangt en elke gemeente een Omgevingsvisie maakt. De uitvoering van de wet krijgt een lokaal karakter en de inrichting vindt bijna altijd op gemeentelijk niveau plaats. Indiener heeft een negen-punten-plan voor heemkundekringen en historische verenigingen.
87
Indiener stelt zich aan te passen aan de Omgevingswet. Indiener stelt vooruit te denken, het voortouw te nemen, samen te werken, aan het draagvlak te werken en te weten wat er in de gemeente speelt. Daarmee wil Indiener een proactieve houding tonen. Antwoord: We danken de indiener voor de proactieve houding en staan open om in gesprek te gaan over het negen-punten-plan voor heemkundekringen en historische verenigingen. Betekenis van erfgoed Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) biedt aan duidelijk te maken wat onder erfgoed wordt verstaan (materieel en immaterieel) en welke zingevende betekenis dit heeft in de eigen gemeente aan de hand van concrete voorbeelden, bijvoorbeeld gebouwen, dorpsgezicht, kasteelruïne, natuur, landschap, zandpad en lokaal gebruik. Antwoord: In de omgevingsvisie kozen we voor het begrip cultuurhistorie (alles wat door de mensen gemaakt is, en niet op natuurlijk wijze is ontstaan). Onder Aangenaam Leven is in de ontwerp omgevingsvisie het volgende uitgangspunt opgenomen: "Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijke cultuurhistorie, zoals de landgoederen. Deze worden gekoesterd en een nieuwe ontwikkeling staat in dienst van het behoud en versterking ervan.". De Omgevingswet en daarmee de omgevingsvisie gaat over de fysieke leefomgeving. De nadruk ligt hiermee op materieel erfgoed. Naar aanleiding van de zienswijze en de suggesties voegen we onderstreepte tekst toe aan het uitgangspunt: "Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijk cultuurhistorie en erfgoed, zoals de landgoederen, bijzondere gebouwen, dorpsgezichten en zandpaden.
Deze worden gekoesterd en een nieuwe ontwikkeling staat in dienst van het behoud en versterking ervan." De natuurgebieden en beekdalen komen op meerdere plekken al terug onder de uitganspunten van Aangenaam Leven en Inclusieve Duurzaamheid.
Erfgoedinbreng Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) biedt aan een eigen erfgoedinbreng op papier op te zetten en dit samen te doen met erfgoedpartnerorganisaties in de gemeente (vier heemkundeverenigingen en één historische vereniging in de gemeente). Antwoord: Wij danken u voor dit aanbod en maken hier graag gebruik van. De gemeente ziet de inbreng van de erfgoedpartnerorganisaties graag tegenmoet.
88
Delen erfgoedkennis Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) wil eigen erfgoedkennis delen met de gemeente over publicaties, rijtoeren, tentoonstellingen, oude films en historische wandelingen. Indiener biedt aan om te omschrijven waar de vormgeving van de monumenten begint en ophoudt, aangezien een monument niet ontsierd mag worden. Antwoord: Bedankt voor uw aanbod. We staan open om in gesprek te gaan hierover om de overdracht van genoemde aspecten plaats te laten vinden. Draagvlak erfgoed Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) wil zorgen voor draagvlak, aangezien het belangrijk is om inwoners sympathiek te doen staan voor erfgoed Antwoord: We hebben draagvlak voor onze plannen, zoals de omgevingsvisie, net zoals de indiener ook hoog in het vaandel staan. We staan open om met de indiener in gesprek te gaan hoe er middels de omgevingsvisie meer draagvlak kan ontstaan voor erfgoed.
3.8.5 Overige onderwerpen Waterbergingsgebieden in de beleidsanalyse Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345674
Indiener (waterschap de Dommel) verzoekt een concrete verwijzing naar waterbergingsgebieden in de beleidsanalyse(kaart) en de benodigde samenwerking in het kader van het Hoogwaterbeschermingsprogramma 's-Hertogenbosch op te nemen. Antwoord: We nemen de waterbergingsgebieden voor zover nog niet gedaan over conform staand beleid (Omgevingsverordening van de provincie) op de kaart van de omgevingsvisie. Ook voorzien we de indicatieve pijl 'Natuur verbinden en landschap versterken' tussen het landgoederen cluster en Wamberg van de aanduiding waterbergingsgebied in het kader van Hoogwaterbeschermingsprogramma Den Bosch.
89
Gemeentelijke plannen Onderstaande zienswijze heeft betrekking op 1345703
Indiener (Heemkundekring de Plaets) wil de gemeentelijke plannen voor de fysieke leefomgeving, vooral de leefbaarheid, goed in de gaten houden. De Omgevingswet kent daartoe instrumenten. Antwoord: Dat klopt. Iedereen kan gemeentelijk plannen voor de fysieke leefomgeving raadplegen middels het omgevingsloket van de gemeente. Meer informatie vindt u op: https://www.sintmichielsgestel.nl/omgevingswet
90
4. Wat is er gedaan met de binnengekomen zienswijzen? Welke wijzigingen zijn er gemaakt? 4.1 Omgevingsvisie Alle binnengekomen zienswijzen zijn in bovenstaande hoofdstukken beantwoord. Het kan zijn dat een zienswijze leidt tot aanpassing van de Omgevingsvisie, in dat geval wordt dat doorgevoerd. In deze paragraaf staat benoemd om welke aanpassingen het gaat, waarbij onderscheid gemaakt is in wijzigingen aan de hand van zienswijzen en ambtshalve wijzigingen.
4.1.1 Wijzigingen aan de hand van zienswijzen Aan de hand van de binnengekomen zienswijzen zijn er tekstaanpassingen, aanpassingen op de kaart en overige toevoegingen aan de omgevingsvisie. Tekstaanpassingen In onderstaande tabel zijn de tekstaanpassingen beschreven, met een verwijzing naar het paginanummer van het pdf-bestand van de omgevingsvisie. Hoofdstuk
Pagina
Aanpassing
Kwaliteiten
6
We voeren daar een tekstuele wijziging door en veranderen kwaliteiten in kernkwaliteiten.
Aangenaam leven
28
"Nieuwe ontwikkelingen houden rekening met de identiteit van de plek. Er zijn veel plaatsen met een rijk cultuurhistorie en erfgoed, zoals de landgoederen, bijzondere gebouwen, dorpsgezichten en zandpaden. Deze worden gekoesterd en een nieuwe ontwikkeling staat in dienst van het behoud en versterking ervan."
Inclusieve duurzaamheid
33
We passen de zin "Ook worden er niet of nauwelijks kunstmest en bestrijdingsmiddelen gebruikt" als volgt aan: Er wordt geen of zo beperkt mogelijk gebruik gemaakt van kunstmest en chemische gewasbeschermingsmiddelen".
91
Hoofdstuk
Pagina
Aanpassing
Natuurgebieden
39
In de verklarende woordenlijst nemen we de volgende definitie op voor duurzame landbouw: Natuurinclusieve (kringloop) landbouw en kringlooplandbouw zijn beide vormen van de overkoepelende term duurzame landbouw. Onder duurzame landbouw verstaan we: "geen teelten die veel water en/of chemische gewasbeschermingsmiddelen nodig hebben. Dit betekent dat de landbouw zich aanpast op beschikbaar (grond)water, energie en grondstoffen zonder deze uit te putten. Ook worden er niet of nauwelijks kunstmest en chemische gewasbeschermingsmiddelen gebruikt. De landbouw draagt bij aan de biodiversiteit. De producten worden zo dicht mogelijk bij de consument geteeld, verwerkt en verkocht."
Kaart In onderstaande punten zijn de aanpassingen aan de kaart beschreven: • •
• • •
•
We nemen de volledige Wambergse beek op in de kaart. We passen op de kaart de begrenzing van Middelrode aan, dat zowel de bestaande woningen aan het Diepven als de te realiseren woningen in het plan Laarzicht binnen het deelgebied 'Vitale dorpen' vallen. We passen het zoekgebied voor windenergie na 2030 aan op de kaart zodat het gebied binnen de gemeentegrenzen van Sint-Michielsgestel valt. We voegen de ecologische verbinding tussen Dommel/ Beeksche Waterloop/ Hezelaar/ Denneboom/ Creijspot/ Wijboschbroek toe aan de kaart van de omgevingsvisie. We nemen de waterbergingsgebieden voor zover nog niet gedaan over conform staand beleid (Omgevingsverordening van de provincie) op de kaart. Ook voorzien we de indicatieve pijl 'Natuur verbinden en landschap versterken' tussen het landgoederen cluster en Wamberg van de aanduiding waterbergingsgebied in het kader van Hoogwaterbeschermingsprogramma Den Bosch. In de legenda wijzigen we de omschrijving nieuwe randwegfunctie Berlicum Middelrode naar te onderzoeken nieuwe randwegfunctie Berlicum Middelrode.
92
4.1.2 Ambtshalve wijzigingen Bij de ambtshalve wijzigingen is ook onderscheid gemaakt tussen tekstaanpassingen en aanpassingen op de kaart. Tekstaanpassingen In onderstaande tabel zijn de tekstaanpassingen beschreven: Hoofdstuk
Pagina
Aanpassing
Natuurgebieden
37
In de verklarende woordenlijst nemen we de volgende definitie op van het begrip natuur: "Het begrip natuur omvat alle levende organismen, hun habitat, het ecosysteem waarvan zij deel uitmaken en de daarmee verbonden uit zichzelf functionerende ecologische processen, ongeacht of ze al dan niet voorkomen onder invloed van menselijk handelen, met uitsluiting van de cultuurgewassen, de landbouw- en huisdieren."
Landelijk gebied
39
In de verklarende woordenlijst nemen we de volgende definitie op voor agrarisch natuurbeheer: "Agrarisch natuurbeheer is een concept waarbij agrarische ondernemers verschillende maatregelen nemen op en rond hun bedrijf ten gunste van natuur en landschap."
Doorwerking van 45 de Omgevingsvisie
We halen de doorgestreepte tekst weg: ‘We willen een faciliterende gemeente zijn, waarin alle belangen gehoord kunnen worden. Omdat goede participatie daarbij onmisbaar is, hebben we participatiebeleid vastgesteld. Hierin staat omschreven wat onze visie op participatie is en hoe we participatieresultaten meewegen als we beslissingen moeten maken.’
Omgevingsprogramma's
We voegen een omgevingsprogramma toe: Programma Natuur, landschap en biodiversiteit.
47
In de definitieve versie zijn daarnaast enkele ondergeschikte tekstuele wijzigingen doorgevoerd, zoals het toevoegen van de actuele datums en grammaticale verbetering. Dit zijn aanpassingen die aansluiten bij de status van ontwerp Omgevingsvisie naar de definitieve Omgevingsvisie. Kaart In onderstaande punten zijn de aanpassingen aan de kaart beschreven: • • •
Het Hof van Gemonde is opgenomen in de kaart. In de legenda wijzigen we dorpse en groene woonuitbreiding naar zoekgebied dorpse en groene woonuitbreiding. Fietsverbinding langs N617 aangepast.
93
4.2 OER Het OER is een losstaand onderzoek dat geholpen heeft om het beleid uit de omgevingsvisie verder aan te scherpen, dit onderzoek is in principe afgerond en heeft zijn nut gehad. Op basis van de binnengekomen zienswijzen wordt het OER daarom niet aangepast. In de zienswijzen zijn punten benoemd die relevant zijn voor vervolgbesluiten, deze worden meegenomen bij de uitwerking van omgevingsplannen en programma's. De Commissie voor de milieueffectrapportage is gevraagd om toetsingsadvies uit te brengen op het OER. Op 22 mei 2024 is het definitieve toetsingsadvies aangeleverd door de Commissie. Het toetsingsadvies Het advies van de Commissie stelt dat ‘het OER methodisch goed is opgebouwd en waardevolle informatie bevat voor de besluitvorming over de omgevingsvisie. De ontwerp omgevingsvisie laat zien dat het OER (en daarmee de effecten op de leefomgeving) een belangrijke rol heeft gespeeld bij de totstandkoming daarvan. Het ‘rad van de leefomgeving’ geeft snel inzicht in de belangrijkste knelpunten en kansen voor de gemeente en in de bijdrage die de omgevingsvisie hieraan kan leveren. De ‘foto van de leefomgeving’, opgenomen in een uitgebreide bijlage, is hiervoor een belangrijk uitgangspunt en levert ook goede bouwstenen voor vervolgbesluiten’. Volgens de Commissie ontbreekt op één punt nog informatie die belangrijk is voor de besluitvorming over de omgevingsvisie.
De beoordeling van het definitief VKA wekt de indruk dat de omgevingsvisie vooral positieve of neutrale effecten heeft en dat vrijwel alle ambities (behalve gezondheid) verenigbaar zijn. Omdat veel richtinggevende keuzes nog uitgewerkt moeten worden in concrete acties en maatregelen, zijn effecten in veel gevallen onzeker. De Commissie vindt het essentieel dat voor de besluitvorming over de omgevingsvisie, dat op basis van het OER een overzicht wordt gemaakt van de belangrijkste ruimtelijke dilemma’s waarover de gemeente nog besluiten moet nemen. De Commissie adviseert deze ‘agenda’ voor het vervolg op te nemen in een aanvulling op het OER. In een memo, als aanvulling op het OER beschrijven we hoe we invulling geven aan het advies van de Commissie. Deze memo zal samen met de omgevingsvisie en het OER met de raad worden gedeeld. Inhoudelijk heeft de commissie enkele opmerkingen gemaakt over de ‘foto van de leefomgeving’. De eerste opmerking gaat over de kwalitatieve invulling van aspecten en in hoeverre deze naar de achtergrond verdwijnen doordat ze niet in het rad van de leefomgeving zijn opgenomen. De kwalitatieve aspecten zijn tekstueel uitgeschreven in het OER en daarom bewust niet meegenomen in het rad van de Leefomgeving. De tweede opmerking gaat over de beoordeling van verkeersveiligheid en de vergelijking ten opzichte van de provincie Noord-Brabant.
De Commissie geeft aan het oordeel te rooskleurig te vinden en daarmee een verkeerd beeld te geven aangezien de verkeersveiligheid in de provincie Noord-Brabant in algemene zin er slecht voor staat. Er is bewust voor gekozen om een vergelijking met de provincie te maken en niet met het heel Nederland, vanwege het gelijkwaardige karakter. Ten opzichte van het gemiddelde in de provincie Noord-Brabant scoort de gemeente SintMichielsgestel beter.
94
Aanvullend geeft de commissie aan om verdere maatregelen voor geluidhinder uit te werken in het vervolg van de Omgevingsvisie. Dit omdat dit, ondanks het nieuwe beleid, toch een knelpunt blijft. Tenslotte voorziet de omgevingsvisie in nieuwe woonwijken waardoor het autoverkeer toeneemt, welke effecten dit gaat hebben op de doorstroming, capaciteit van het wegennet en de verkeersveiligheid moet verder onderzocht worden bij de uitwerking van plannen en programma’s. Als gemeente nemen wij dit mee naar de toekomst. De gemeente werkt aan een oplegnotitie voor de Raad die beschrijft hoe het proces verder ingericht moet worden richting de toekomst (bij uitwerking van omgevingsplannen en programma's) met aandacht voor de dilemma's die uit het OER blijken.
4.3 Uitwerkingen omgevingsplannen en programma's De aankomende jaren gaat de gemeente Sint-Michielsgestel werken aan de uitwerking van de omgevingsvisie. Dit gebeurt in programma’s en het omgevingsplan. Een deel van de uitwerking is ook afhankelijk van wat er op andere bestuurlijke niveaus wordt besloten, bijvoorbeeld het Provinciaal Programma Landelijk Gebied Noord-Brabant. Vanuit de zienwijzen is input gegeven die relevant is voor de uitwerking van de Omgevingsvisie, dit nemen we mee in de programma’s en het omgevingsplan. De volgende plannen en programma's worden in ieder geval opgesteld: Programma
Aanleiding
Programma Wonen
Ambitie Algemeen Leven 1: In 2040 past het woningaanbod bij de behoefte. Ambitie Algemeen Leven 6: In 2040 is de veiligheid en beleving van veiligheid verbeterd. Ambitie Verbindend Netwerk 2: In 2040 benutten we nog beter de kracht van de samenleving door het stimuleren van lokale netwerken en (burger)initiatieven. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 1: In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water.
95
Programma
Aanleiding
Gezondheid
Ambitie Algemeen Leven 3: In 2040 stimuleert de buitenomgeving mensen tot meer bewegen en om elkaar vaker te ontmoeten. Ambitie Algemeen Leven 4: In 2040 is de leefomgeving gezond en veilig. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 1: In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water.
Recreatie en toerisme
Ambitie Krachtige Economie 2: In 2040 sluiten de recreatieve voorzieningen en horecasector aan bij de lokale kwaliteiten en versterken de stad – land verbinding
Economie
Ambitie Krachtige Economie 1: In 2040 is er een duurzaam landelijk gebied waarbij het gebruik van het land in balans is met natuurlijke systemen (bodem, water en lucht). Ambitie Krachtige Economie 3: In 2040 zijn bedrijven en hun directe omgeving duurzamer en circulair.
Duurzame mobiliteit
Ambitie Verbindend Netwerk 1: In 2040 zijn wandelen, fietsen en gebruik maken van gedeelde vormen van vervoermobiliteit de standaard.
Klimaatadaptatie en water
Ambitie Algemeen Leven 5: In 2040 is de structuur voor groen / water robuust, zijn de cultuurhistorische waarden geborgd en versterkt en is de biodiversiteit toegenomen. Ambitie Krachtige Economie 3: In 2040 zijn bedrijven en hun directe omgeving duurzamer en circulair. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 1: In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 2: In 2040 hebben we maatregelen genomen om wateroverlast, hittestress en verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 3: In 2040 is het hergebruiken en delen van producten, materialen en grondstoffen de standaard. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 4: In 2040 is de gemeente klimaatneutraal.
96
Programma
Aanleiding
Duurzaamheid
Ambitie Algemeen Leven 5: In 2040 is de structuur voor groen / water robuust, zijn de cultuurhistorische waarden geborgd en versterkt en is de biodiversiteit toegenomen. Ambitie Krachtige Economie 3: In 2040 zijn bedrijven en hun directe omgeving duurzamer en circulair. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 1: In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 2: In 2040 hebben we maatregelen genomen om wateroverlast, hittestress en verdroging zoveel mogelijk tegen te gaan. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 3: In 2040 is het hergebruiken en delen van producten, materialen en grondstoffen de standaard. Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 4: In 2040 is de gemeente klimaatneutraal.
Natuur, landschap en biodiversiteit
Ambitie Algemeen Leven 5: In 2040 is de structuur voor groen / water robuust, zijn de cultuurhistorische waarden geborgd en versterkt en is de biodiversiteit toegenomen. Ambitie Krachtige Economie 1: In 2040 is er een duurzaam landelijk gebied waarbij het gebruik van het land in balans is met natuurlijke systemen (bodem, water en lucht). Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 1: In 2040 is er sprake van een goede kwaliteit van de bodem en het water
Accommodatie & voorzieningen
Ambitie Algemeen Leven 2: In 2040 passen de basisvoorzieningen bij de behoefte van inwoners. Ambitie Verbindend Netwerk 2: In 2040 benutten we nog beter de kracht van de samenleving door het stimuleren van lokale netwerken en (burger)initiatieven.
Warmte Kostenverhaal en Financiële bijdragen
Ambitie Inclusieve Duurzaamheid 4: In 2040 is de gemeente klimaatneutraal. Specifiek programma ter onderbouwing van de financiële bijdragen bij private ontwikkelingen.
Gebiedsgerichte programma’s We gaan ook werken met gebiedsgerichte programma’s. Dit doen we in ieder geval voor het Vitaal landelijk gebied, maar er kunnen de komende jaren meer gebiedsgerichte programma’s bijkomen. In een gebiedsgericht programma behandelen we meerdere onderwerpen en opgaven in samenhang, om zo bij te dragen aan de ambities van de omgevingsvisie. 97