CConstaterende datboxtel
Koppel je AI →
Document · PDF

12.b - Bijlage 1 - Actualisering Beleidsvisie Openbare Verlichting Sint-Michielsgestel en Uitvoeringsplan 2021-2025

Raadsvergadering Sint-Michielsgestel 11 november 2021, gemeente boxtelBij agendapunt: 12. Raadsvoorstel beleidsplan openbare verlichting15.213 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beleidsvisie Openbare Verlichting actualisering beleidsperiode 2021 - 2025 Gemeente Sint-Michielsgestel

Colofon Beleidsvisie Openbare Verlichting 2021 - 2025 Gemeente Sint-Michielsgestel Nobralux Jan van Oort John Schilder john.schilder@nobralux.nl Projectnummer: SMI-21-03 Voorblad ‘Oude Toren’ Foto: Jan van Oort Versie: V 1.5 Status: concept Datum: 2 augustus 2021

Samenvatting en advies Het laatste Beleidsplan voor de openbare verlichting in de gemeente Sint-Michielsgestel dateert uit 2011. Hierin was de strategie en stand van zaken opgenomen voor de periode 2011 tot 2017. Dit plan is tegen het licht gehouden en geëvalueerd. Aan de hand van nieuwe ontwikkelingen is het beleid van de gemeente Sint-Michielsgestel voor de openbare verlichting (OVL) opnieuw geformuleerd en uitgewerkt naar een aantal ambities.

Aanleiding tot actualisatie van de Beleidsvisie De afgelopen beleidsperiode is voortvarend gewerkt aan het verwezenlijken van de in 2011 beschreven ambities voor de OVL. Verouderde armaturen zijn vervangen door moderne in leduitvoering en geel licht is vervangen door wit licht. Dit alles heeft tevens geleid tot energiebesparing en verbetering van de openbare verlichting. Er is behoefte om te kijken waar we nu staan, wordt de doelstelling van het Nationaal Energieakkoord behaald?

Wat moet ik? De gemeente is als eigenaar verantwoordelijk voor de verlichting van de openbare ruimten die zij in eigendom en beheer heeft. De gemeente kan in het kader van het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk gesteld worden voor het niet naar behoren functioneren van de openbare verlichting. De OVL moet voldoen aan de wettelijke kaders die daarvoor zijn gesteld. Relevant zijn de Elektriciteitswet, de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet), installatie-verantwoordelijkheid (IV), regelgeving met betrekking tot werken in vervuilde grond en Europese regelgeving aangaande te gebruiken producten. Aanvullend op de wettelijke kaders zijn er nog richtlijnen en aanbevelingen die het merendeel van de gemeenten als uitgangspunt voor hun (OVL)-beleid hanteren, zoals de Nederlandse praktijk richtlijn voor de kwaliteitscriteria openbare verlichting (NPR 13201, hierna te noemen NPR), het politiekeurmerk en richtlijnen voor donkertebescherming en lichtvervuiling. Energieakkoord Nationaal zijn er afspraken gemaakt met betrekking tot energiebesparingsdoelstellingen die voornamelijk gevolgen hebben op het terugdringen van het energieverbruik van de OVL. Deze energiebesparingsdoelen zijn vastgelegd in het Energieakkoord.

Hierin staan de volgende doelstellingen genoemd voor OVL: 20% energiebesparing bij OVL in 2020 ten opzichte van 2013; 50% energiebesparing bij OVL in 2030 ten opzichte van 2013; 40% van de OVL is voorzien van slim energiemanagement in 2020; 40% van de OVL is energiezuinig in 2020. De gemeente Sint-Michielsgestel heeft zich geconformeerd aan de doelstellingen van het Energieakkoord. In de in 2019 vastgestelde Duurzaamheidsvisie heeft de gemeente zich uitgesproken om in 2040 energieneutraal te zijn. De bijdrage aan dit doel voor de openbare verlichting wil men te bereiken door op zoek te gaan naar mogelijkheden om energie te besparen. Klimaatakkoord In 2019 heeft de regering het Klimaatakkoord gepresenteerd. Het Klimaatakkoord bouwt voort op het Energieakkoord met maar één doel: het verminderen van de uitstoot van de broeikasgassen. Vanuit dit Nationaal Klimaatakkoord heeft het Rijk aan 30 regio’s gevraagd een bod te doen hoe en waar ze energie kunnen besparen en duurzaam kunnen opwekken. Regio’s stellen hiervoor een

Energiestrategie (RES) op. Sint-Michielsgestel is aangesloten bij de Regio Noordoost-Brabant. Deze regio heeft zich als doel gesteld 4,3% bij te dragen aan de doelstelling uit dit akkoord.

Wat heb ik? Toepassing van nieuwe duurzame materialen en verminderen van het energieverbruik zijn de afgelopen periode speerpunten geweest. In 2015 is de herverlichting van het buitengebied gestart. Daarbij is begonnen met de ombouw van de orientatieverlichting van conventionele verlichting naar led verlichting. In het verleden is, om energie te besparen een groot deel van de verlichting van nacht op avond geschakeld. Avondverlichting voldoet echter niet aan de huidige veiligheidseisen, levert weinig energiebesparing op en zorgt voor veel loos alarmmeldingen. Dit beleid is de afgelopen periode weer terug gedraaid zodat nu nog circa 12% van de verlichting als avondbranders is uitgevoerd. Verder is bij vervanging van armaturen veelal gekozen voor PLL lampen met een klein vermogen. Onder hoofdstuk 3 zijn de resultaten van de inspanningen weergegeven. In hoofdlijnen voldoet de verlichting aan de landelijke richtlijnen van de NSVV (=Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde). Onder andere door de toepassing van led-verlichting is het energiegebruik, met 12% verminderd ten opzichte van peiljaar 2011. De ambitie in het Energieakkoord om in het jaar 2020, minimaal 20% energie te besparen ten opzichte van het verbruik in 2013 is, met een berekende besparing van 12% nog niet bereikt. Om aan het Energieakkoord te voldoen zijn verdere energiebesparende acties nodig.

De beschikbare budgetten voor dagelijks beheer (oplossen van storingen, aanrijdingen etc.), conserveringswerk en remplace zijn voor dit moment voldoende.

Wat wil ik? In 2019 heeft de gemeente een duurzaamheidsvisie vastgesteld. Samen met deze duurzaamheidsvisie is ook een uitvoeringsagenda tot 2022 opgenomen met een doorkijk naar de langere termijn. De gemeente heeft zichzelf daarbij een belangrijke ambitie opgelegd om in 2040 energieneutraal te zijn. Een van de speerpunten in de duurzaamheidsvisie is dat de gemeente actief op zoek gaat naar mogelijkheden om energie te besparen. Dat kan door bijvoorbeeld het eerder uitschakelen van de openbare verlichting, het toepassen van led-verlichting of slimme verlichting. Het uitgangspunt voor de OVL in de komende beleidsperiode is behoud van kwaliteit en waar mogelijk verbetering. Toepassing van duurzame energiezuinige materialen is vanzelfsprekend. Het huidige beleid zoals het verbeteren van het verlichtingsniveau in bestaande straten waarmee deze voldoen aan de nieuwe NSVV-normen wordt voortgezet. Ook worden oude lichtmasten en armaturen vervangen die aan het einde van hun levensduur zijn. De realisatietermijn is sterk afhankelijk van beschikbare budgetten. Bij realisatie van de plannen is duurzaamheid het motto. Hierbij wordt ook gedacht aan alternatieven voor verlichting in het buitengebied en de ombouw van bestaande verlichting naar duurzamere verlichting (op dit moment led-verlichting).

Wat kost het? Bij de kosten zijn de beleidsuitgangspunten, zoals hierboven verwoord, als uitgangspunt genomen. De kosten voor de OVL zijn grofweg te verdelen in de volgende groepen: Exploitatiekosten: De kosten voor het dagelijks onderhoud, oplossen van storingen en beheer zijn voor 2021 begroot op € 133.700,- . Voor beheerkosten is € 25.000.- geraamd terwijl voor energie- en netwerkkosten € 84.800,- in de begroting is opgenomen. Circa 60% van dit laatste bedrag betreft de energiekosten, de rest zijn vaste netwerkkosten. Vanwege de energiebesparing neemt het variabele deel van deze kosten (energie) met ca. 2% per jaar af. Autonome groei is hierin niet meegenomen. Groot onderhoud: Hieronder valt conservering en groepsremplace van de OVL installatie. In 2021 is voor conservering € 20.000 en voor groepsremplace € 9.000 in de begroting opgenomen. Dit laatste bedrag voor groepsremplace wijzigt jaarlijks. Uitvoeringsplan: Dit betreft grootschalige vervanging van afgeschreven lichtmasten en armaturen. De afschrijvingstermijn voor lichtmasten is 50 jaar en 25 jaar voor conventionele en led armaturen. Voor de komende tien jaar is berekend dat er tot 2030 een bedrag van circa € 2.311.750,- nodig voor het vervangen van afgeschreven masten en armaturen. Voor 2021 is € 49.000,- beschikbaar voor vervanging.

De komende planperiode vanaf 2022 tot 2025 is jaarlijks een bedrag van circa € 276.675,- nodig voor het vervangen van afgeschreven lichtmasten en armaturen. Om hieraan te voldoen is het noodzakelijk om het huidige beschikbare budget van € 49.000,- te verhogen tot € 276.675,-. Alle uitgaven voor de openbare verlichting worden in de begroting van de gemeente SintMichielsgestel direct geactiveerd.

Inhoudsopgave Samenvatting en advies .............................................................................................................. 1 Inhoudsopgave ........................................................................................................................... 4 1

Inleiding.............................................................................................................................. 1

2

Wat moet ik? – kaders beleidsuitgangspunten ................................................................... 3 2.1 Landelijke wet- en regelgeving ...........................................................................................3 2.2 Richtlijnen en aanbevelingen ..............................................................................................6 2.3 Duurzaamheid .....................................................................................................................8

3

Wat heb ik? – Huidige situatie .......................................................................................... 11 3.1 Opsomming huidige ambities en beleidsuitgangspunten.................................................11 3.2 Gemeentelijk Verkeers- en vervoersplan..........................................................................12 3.3 Duurzaamheidsvisie 2019 .................................................................................................12 3.4 Huidige situatie .................................................................................................................12

4

Wat wil ik? – visie en beleidskaders.................................................................................. 16 4.1 Visie gemeente Sint-Michielsgestel ..................................................................................16 4.2 Verlichtingsniveaus, kleur en lichthinder ..........................................................................16 4.3 Energiebesparing ..............................................................................................................18 4.4 Keuze materialen ..............................................................................................................19 4.5 Circulariteit .......................................................................................................................20 4.6 Beheer en onderhoud .......................................................................................................21 4.7 Lichtreclame......................................................................................................................24 4.8 Innovatie 24 4.9 Samenvatting ambities .....................................................................................................28

5

Wat kost het? – financiële kaders ..................................................................................... 29 5.1 Financiële consequenties ..................................................................................................29 a) Exploitatiekosten .......................................................................................................... 29 b) Groot onderhoud ......................................................................................................... 29 c) Uitvoeringsplan (vervangingen) .................................................................................... 29 5.2 Conclusie 30

6

Bijlagen ............................................................................................................................. 31 6.1 Bijlage 1 - Standaardmaterialen per gebied .....................................................................31 6.2 Bijlage 2 - Berekening (theoretische) vervangingskosten .................................................32 6.3 Bijlage 3 - Begrippenlijst ...................................................................................................33 6.4 Bijlage 4 – Wegencategorisering 2020..............................................................................34 6.5 Bijlage 5 – Fietsnetwerk 2020 ...........................................................................................35 6.6 Bijlage 6 – Kaart met natuurgebieden ..............................................................................36

1

Inleiding Aanleiding Het vigerende Beleidsplan voor de openbare verlichting in de gemeente Sint-Michielsgestel dateert uit 2011. In maart dat jaar is het plan vastgesteld. Het bevat het beleid voor de beleidsperiode 2011-2017. De afgelopen periode is gewerkt aan de uitvoering van de destijds geformuleerde uitgangspunten. Er is behoefte om te bepalen waar we nu staan. Op basis van de analyse van de huidige situatie en het gewenste toekomstbeeld is dit document (genoemd Beleidsvisie) tot stand gekomen. Om het beleid verder te concretiseren is deze uitgewerkt naar een aantal ambities.

Openbare verlichting als onderdeel van het totale wegbeheer Dit plan staat niet geheel op zichzelf. Openbare verlichting is onderdeel van het totale wegbeheer. De wegbeheerder moet er voor zorgen dat er met een bepaalde kwaliteit verkeerd kan worden tussen wonen, werken en recreëren. Verkeren tussen voorzieningen moet op een veilige en comfortabele manier kunnen plaatsvinden. Overdag is dat vaak een vanzelfsprekendheid. In de avonduren is echter een grote inspanning nodig om aan diezelfde veiligheid en comfortgevoelens te voldoen. We sluiten in de rol van wegbeheerder aan bij het vigerende verkeer- en vervoerbeleid van de gemeente, waarin met een structuur is aangegeven hoe er verkeerd kan worden. Het verkeer en vervoerbeleid vraagt om een doorstromingscapaciteit, onder alle omstandigheden, conform de vastgestelde kwaliteitseisen. Er zijn verschillende thema’s die hier integraal en volgordelijk een bijdrage aan leveren, zoals : Verkeer Structuur Regulering Wegcategorisering Wegen Begaanbaarheid Veiligheid Comfort Bebording, bewegwijzering, reclame en itc Regulering Vindbaarheid Gebruik van lichtmasten Verlichting Zichtbaarheid tijdens duisternis Veiligheid tijdens duisternis Comfort tijdens duisternis Groen Zichtbaarheid Beheersbaarheid Onderhoudsfrequentie om doelen OVL te behouden Afstemming groen en bomenplan Reiniging Vegen Gladheid Onkruid

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

1

Functie openbare verlichting De functie van openbare verlichting (OVL) is het bevorderen van sociale veiligheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid van de openbare ruimte.

Waar leidt deze Beleidsvisie toe? Met deze Beleidsvisie Openbare Verlichting 2021-2025 leveren we een bijdrage aan (sociale) veiligheid, comfortgevoel en laagdrempelig verkeren in de avonduren. De visie beschrijft waar we in 2025 staan. De beschreven ambities vertellen ons hoe we dat denken te gaan doen. Dit plan moet op termijn leiden tot een duurzame openbare verlichting en geeft antwoord op de vraag: ‘Wat willen we de komende jaren’.

Missie en visie Het doel van het beleidsplan OVL is gebaseerd op de visie dat in een ideale situatie de OVL optimaal bijdraagt aan de verkeersveiligheid en de sociale veiligheid. Het energieverbruik dient zo laag mogelijk te zijn en er wordt gestreefd naar duurzame oplossingen. Op het gebied van duurzaamheid wil de gemeente stappen zetten, door te investeren in energiebesparende armaturen met dimmodules en het gebruik van duurzame materialen. Met het vaststellen van deze Beleidsvisie schept de gemeente een kader waarbinnen de openbare verlichting effectief, kostenefficiënt en milieubewust in stand wordt gehouden. Dit alles binnen de daarvoor geldende wettelijke bepalingen en richtlijnen.

Opbouw van de Beleidsvisie Dit beleidsplan omvat vijf hoofdstukken. Naast de samenvatting zijn in hoofdstuk 2 de wettelijke en juridische kaders voor de openbare verlichting beschreven. Het geeft antwoord op de vraag ‘wat moet ik?’ In hoofdstuk 3 is de huidige situatie beschreven ‘wat heb ik?’. In hoofdstuk 4 is aangegeven hoe de gemeente het ideale eindplaatje voor de openbare verlichting ziet met de daarbij behorende ambities, het geeft antwoord op de vraag ‘wat wil ik?’. In het laatste hoofdstuk 5 is er aandacht voor het financiële gedeelte van de openbare verlichting en geeft antwoord op de vraag ‘wat kost het?’.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

2

2

Wat moet ik? – kaders beleidsuitgangspunten Dit hoofdstuk beschrijft de wettelijke en juridische kaders, richtlijnen en aanbevelingen voor de openbare verlichting. Het geeft antwoord op de vraag ‘wat moet ik’? Per kader is het beleid en ambitie van de gemeente Sint-Michielsgestel weergegeven.

2.1

Landelijke wet- en regelgeving De openbare verlichting moet voldoen aan de wettelijke kaders die daarvoor zijn gesteld. Met name relevant zijn de elektriciteitswet, de natuurbeschermingswet, aansprakelijkheid (o.a. installatieverantwoordelijkheid), de Wet Informatie-uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten (WIBON) en Europese regelgeving aangaande te gebruiken producten.

Aansprakelijkheid wegbeheerder (voorkomen van ongelukken) De gemeente is eigenaar van het publieke domein. En kan als eigenaar verantwoordelijk worden gesteld voor geleden schade als de openbare ruimte, inclusief de openbare verlichting, niet voldoet aan de eisen die men daaraan in de gegeven omstandigheden mag stellen (art. 6:162 BW en art. 6:174 BW). Hoewel het wettelijk niet is vastgelegd dat een weg of openbare ruimte verlicht moet worden, kan het ontbreken van verlichting of onjuiste verlichting wel worden aangemerkt als het plegen van een onrechtmatige daad, waaruit schadeplichtigheid kan ontstaan. In de onderstaande tabel is weergegeven op welke wijze de gemeente haar aansprakelijkheid heeft beperkt. Aansprakelijkheid kan worden beperkt door:

De gemeente heeft dit als volgt geregeld:

Het periodiek en systematisch uitvoeren van inspecties en onderhoud.

Het onderhoud van de openbare verlichting wordt verzorgd door de onderhoudsaannemer. Controle en inspecties vinden plaats door de gemeente. De gemeente heeft voor de komende jaren een vervangingsplan opgesteld. Meldingen van inwoners worden telefonisch, meldsysteem Fixi of via de website aangenomen. Deze meldingen worden geregistreerd , waarna de onderhoudsaannemer de storing verder afhandelt. In het onderhoudsbestek zijn termijnen opgenomen waarbinnen storingen door de aannemer moeten worden opgelost.

Een systeem van rationeel beheer (meerjaren vervangingsplan, beleidsplan). Een goed werkend klachtensysteem

Snel handelen bij het verhelpen van schades en storingen.

Installatieverantwoordelijkheid De gemeente is verantwoordelijk voor de veiligheid van haar burgers en ambtenaren. Voor wat betreft het veilig werken met elektrische installaties is in de Arbowet vastgelegd hoe de veiligheid gewaarborgd moet worden. Onder deze installaties vallen onder meer de OVL, verkeerregelinstallaties en bijvoorbeeld installaties in tunnels, sluizen, gemalen en rioleringsinstallaties. Op vrijwel alle installaties in de openbare ruimte zijn de vigerende laagspanningsnormen NEN1010 en NEN3140+A1 van kracht, en op sommige installaties de Bedrijfsvoering van elektrische installaties Hoogspanning NEN 3840 nl, NEN-EN-IEC 61936 en NENEN 50522.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

3

In de Arbowetgeving is voor elektrische installaties voorgeschreven dat de eigenaar van deze installaties de verantwoordelijkheden die voortvloeien uit aanleg, beheer en onderhoud van deze installaties, moet vastleggen in schriftelijke procedures. De wetgever wil met deze wetgeving de veiligheid van de installatie vergroten. Het is belangrijk om een zogenaamde installatieverantwoordelijke aan te wijzen. Hiermee wordt de verantwoording voor een veilige elektronische bedrijfsvoering bij een (rechts)persoon neergelegd. Indien er binnen de gemeente geen installatieverantwoordelijke expliciet is aangewezen en vastgelegd, dan valt die taak automatisch toe aan de hoogste functionaris. Voor gemeenten is dat de gemeentesecretaris. Hij of zij is persoonlijk aansprakelijk indien de installatie resulteert in een onveilige situatie op straat of als werkzaamheden onveilig worden uitgevoerd. De aanwijzing dient door het college te worden gedaan en dient te worden geaccepteerd door de installatieverantwoordelijke. De installatieverantwoordelijke kan een persoon zijn uit de eigen organisatie of worden ingehuurd. Daarnaast kan een rechtspersoon worden aangewezen als installatieverantwoordelijke. De gemeente dient installatieverantwoordelijkheid op de juiste wijze te organiseren.

Zij kan dit doen door: Een inventarisatie uit te voeren; Een procedurehandboek en veiligheidsmaatregelen vast te leggen; Instructies te verzorgen en te controleren op naleving; Een onderhoudssysteem op te zetten; Inspecties uit te voeren en rapportages te verzorgen. Beleid: De consequentie van implementatie van installatieverantwoordelijkheid is nog niet geregeld. De ambitie is om dit binnen de beleidsperiode verder te onderzoeken en uit te werken.

Elektriciteitswet Netbeheerders onderhouden het netwerk van stroomkabels, ze transporteren elektriciteit en ze lossen storingen op. Hoe de netbeheerders dat moeten doen staat in zogeheten codes. Codes zijn uitwerkingen van de Elektriciteitswet en bevatten allerlei regels over hoe de netbeheerders zich moeten gedragen. Er staat ook in welke verantwoordelijkheid klanten van netbeheerders hebben. De procedure voor de totstandkoming van wijzigingen van de codes staat in de artikelen 31-39 van de Elektriciteitswet 1998. Sinds juli 2004 is de interventiewet van kracht. Deze wet wil bijdragen aan verscherpt toezicht op de netbeheerders en bescherming van de consument. Een concrete wijziging van de elektriciteitswet als gevolg van de interventiewet richt zich onder andere op de OVL. Het geeft de wegbeheerder de mogelijkheid om zelf een gecertificeerd bedrijf in te huren om aansluitingen te realiseren of delen van het onderhoud uit te voeren. Beleid: De gemeente contracteert middels een aanbesteding een aannemer die het onderhoud verzorgt aan de OVL-installatie van de gemeente. Vanaf 1 januari 2020 zijn de onderhoudswerkzaamheden voor een periode van vier jaar gegund aan een gespecialiseerde aannemer.

Wet Informatie-uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse Netten en Netwerken (WIBON) Agentschap Telecom houdt toezicht op de Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netten (WION). Dit jaar is de WION gewijzigd in de Wet Informatie-uitwisseling Bovengrondse en Ondergrondse netten en netwerken (WIBON). De wet wordt ook wel grondroerdersregeling

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

4

genoemd. Er kunnen sancties (bijvoorbeeld boetes) volgen op overtredingen van de WIBON. Het doel van de wet is het voorkomen van leveringsonderbrekingen van essentiële diensten in de maatschappij (gas, water, elektriciteit, tele- en datacommunicatie) door minimalisatie van het aantal graafschades. De WIBON verplicht om bij mechanisch graafwerk in Nederland tijdig een graafmelding te doen bij het Kadaster. Tijdig betekent: ten hoogste twintig werkdagen voor aanvang van het werk. Het Kadaster verstrekt binnen twee werkdagen na de melding de gegevens over ondergrondse kabels en leidingen. Starten met het werk mag niet voor er een melding gedaan is. Het is verplicht om het kaartmateriaal dat het Kadaster verstrekt, op de graaflocatie aanwezig te hebben. Netbeheerders hebben de plicht van al hun ondergrondse leidingen en kabels gegevens bij te houden. Beleid: De gemeente conformeert zich aan de WIBON en schrijft de procedure in onderhoudsbestekken voor.

Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) De Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) bevat de gedetailleerde grootschalige basiskaart van Nederland. De GBKN (Grootschalige Basiskaart Nederland) is de voorloper van de BGT. Aangezien verschillende organisaties allerlei verschillende kaarten gebruikten was er vaak verwarring over wat de werkelijkheid precies is en wie er gelijk heeft. De BGT maakt hier een einde aan. Op een eenduidige manier geeft het de ligging weer van alle fysieke objecten zoals gebouwen, wegen, water, spoorlijnen en (landbouw)terreinen. Gemeenten gebruiken de BGT als ondergrond voor hun bestemmingsplan. Net zoals de andere basisregistraties, wordt de Basisregistratie Grootschalige Topografie (BGT) wettelijk geregeld. Op 1 januari 2016 is de wet in werking getreden voor bronhouders en de Landelijke Voorziening (LV BGT). De digitale kaart wordt nog opgebouwd. Vanaf het moment dat de BGT in een gebied gereed is, vervangt de BGT de basiskaarten die tot dat moment gebruikt worden. Iedereen kan de informatie uit de BGT vrij gebruiken. Voor overheden en andere wettelijke gebruikers wordt het gebruik verplicht.. Om meer (beheer) objecten te kunnen registreren dan de BGT voorschrijft, wordt het IMGeo gebruikt. Dit is een uitbreiding van de BGT. In het IMGeo kunnen lichtobjecten als puntsymbool worden geregistreerd.

Beleid: De gemeente maakt gebruik van de BGT en registreert lichtobjecten in IMGeo.

Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming van kracht. De uitvoering van deze wet is grotendeels in handen van de provincies. Deze wet beschermt niet alleen de leefgebieden van diverse dieren- en plantensoorten maar ook de dieren en planten zelf. Als verlichting in strijd is met de wet kan er besloten worden verlichting aan te passen of te verwijderen. Wanneer het plaatsen van de OVL mogelijk strijdig is met de Wet natuurbescherming, kan er gekeken worden naar alternatieven voor de OVL. Dergelijke situaties doen zich voornamelijk voor in gebieden waar flora en fauna hinder van het licht ondervinden. Beleid: De gemeente conformeert zich aan de Wet natuurbescherming. Waar verlichting in strijd is met deze wet kijkt de gemeente naar alternatieven, zoals het accentueren van het verloop van de weg of het markeren van obstakels door middel van oriëntatie of reflectie. Indien verlichting in verband met de veiligheid toch geplaatst moet worden, kijkt de gemeente naar verlichting op maat. Deze verlichting gaat bijvoorbeeld pas aan wanneer er weggebruikers zijn. Het gebruik van dier-vriendelijke verlichting (BAT-verlichting) wordt, waar nodig, als keuze meegenomen.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

5

Europese regelgeving Waar materialen aan moeten voldoen is beschreven in de Europese Regelgeving. Bepaalde producten mogen in Europa alleen op de markt worden gebracht als zij voorzien zijn van een CEmarkering. Op het gebied van de OVL dienen alle materialen te zijn voorzien van het CEmerkteken. Vanuit de Europese Unie is ook een afvalstoffenlijst opgesteld. Gasontladingslampen staan op deze lijst en behoren tot chemisch afval, dat via erkende verwerkingsbedrijven verwerkt moet worden. Beleid: De gemeente koopt alleen producten in die voorzien zijn van het CE-keurmerk. In onderhoudsbestekken is opgenomen dat afgedankte materialen zoals lampen en armaturen aangeboden en verwerkt moeten worden bij een WEEELABEX gecertificeerd bedrijf.

2.2

Richtlijnen en aanbevelingen Naast de wettelijke en beleidsmatige kaders zijn er nog adviezen, richtlijnen en aanbevelingen die het merendeel van de gemeenten als uitgangspunt voor hun OVL-beleid hanteren.

Richtlijn voor Openbare Verlichting (NPR 13201:2017) Naast de wettelijke kaders zijn er ook richtlijnen en aanbevelingen die als uitgangspunten voor het OVL-beleid dienen. In het bijzonder de richtlijnen die de Nederlandse Stichting Voor Verlichtingskunde (NSVV) uitvaardigt. De NSVV heeft in samenwerking met NEN de praktijkrichtlijn ‘Kwaliteitscriteria Openbare Verlichting’, NPR 13201 (hierna te noemen NPR) opgesteld. De opvatting van een tiental jaren geleden dat op nagenoeg alle plaatsen OVL aanwezig moet zijn is gewijzigd in: “Donker waar het kan, verlichting waar het moet”. Dankzij de huidige technische ontwikkelingen is men in staat om meer maatwerk te leveren. Er is ruimte voor alternatieven in de toepassing van verlichting. Zo kan in een bepaalde wegsituatie in plaats van (oriëntatie)verlichting ook worden gekozen voor alternatieven als reflecterend asfalt, bebording of wegbelijning, en actieve markering met solitair functionerende LED-units in het wegdek. Met de NPR zijn er voor beheerders praktische handvatten beschikbaar gekomen om beleidskeuzes in relatie tot diverse kwaliteitsaspecten en energiebesparing voor verlichting in de openbare ruimte te maken. De NPR bevat bijlagen met stroomdiagrammen waarmee kan worden bepaald of er in een bepaalde situatie wel of geen OVL gewenst is. De richtlijn wordt in veel gemeenten als leidraad voor de OVL gehanteerd.

Beleid: De gemeente Sint-Michielsgestel kiest ervoor om de NPR als uitgangspunt te nemen. Nieuwe OVL wordt op basis van de NPR ontworpen. In bestaande situaties en bij vervanging kan de gemeente maximaal 10% afwijken van de NPR, in verband met bestaande mastposities. In veel situaties kan, om verschillende redenen, gekozen worden voor alternatieve verlichtingsvormen of zelfs niet verlichten. Waar er alternatieven voor verlichting zijn, zoals bijvoorbeeld reflecterende belijning op het wegdek of andere vormen van markering om de wegloop aan te geven, wordt bekeken of deze toegepast kunnen worden. Er wordt geen nieuwe verlichting bijgeplaatst in het buitengebied, tenzij er sprake is van discontinuïteiten zoals beschreven in de NPR of als een gebied onderdeel wordt van een (snel)fietsroute.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

6

Verlichtingsklasse op basis van wegcategorisering De NPR kent een determinatietabel waarmee de verlichtingsklasse wordt bepaald aan de hand van de verkeersbewegingen (gemotoriseerd verkeer, conflict verkeer, voetgangers). De verlichtingsklasse geeft vervolgens aan wat het lichtniveau (hoeveelheid licht op straat) en de gelijkmatigheid (mate waarin het licht egaal verspreid wordt over de straat) moet zijn conform de richtlijn. De wegcategorisering staat aan de basis van de vormgeving van de weginrichting en is het uitgangspunt voor de gewenste verlichtingsklasse op een bepaald weggedeelte of gebied. De gemeente heeft de wegcategorisering vastgelegd in een Gemeentelijk Verkeers- en Vervoer Plan (GVVP 2011). In 2020 is aanvullend een nieuwe aanpak voor de verkeersproblematiek beschreven in de notitie Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersbeleid (GVVB 2020). Dit document is een planningsinstrument om sneller in te spelen op de behoefte en ‘onverwachte’ ontwikkelingen op het gebeid van verkeer. Beleid: De wegcategorisering is vastgelegd in het GVVP 2011 en geldt als uitgangspunt voor de verlichtingsklasse.

Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) In 1999 is het Politie Keurmerk Veilig Wonen (PKVW) als landelijke richtlijn geïntroduceerd. Dit keurmerk is een veiligheidskeurmerk dat kan worden afgegeven wanneer een ruimte of gebied voldoet aan alle vastgestelde voorwaarden voor sociale veiligheid. Dit varieert van sloten in de woning tot fysieke inrichting, zoals o.a. het groen van de openbare ruimte en het verlichten bij buitendeuren en het verlichten van brandgangen en achterpaden. Het PKVW conformeert zich, voor de voorgeschreven verlichtingsniveaus, aan de richtlijnen van de NPR. De NPR staat dimmen van verlichting toe, het PKVW niet. Het is raadzaam alleen het PKVW te hanteren, wanneer aan het gehele scala van eisen voldaan kan worden. Beleid: De gemeente kiest ervoor om nieuwe verlichtingsplannen te laten voldoen aan de NPR. Er worden door de gemeente geen brandgangen en achterpaden verlicht. Het PKVW kan wel als eis in het plan van een projectontwikkelaar worden opgenomen. Als in een woonwijk niet aan alle eisen voldaan kan worden, verdient het de voorkeur om voor de OVL de NPR te hanteren.

Verlichting brandgangen In 2007 is met de toenmalige bouwvereniging Huis en Erf (vanaf 2017 Woonmeij) overeengekomen dat verlichting aangebracht door de bouwvereniging in de achterpaden wordt aangesloten op het netwerk van de openbare verlichting. De gemeente neemt na plaatsing de OVL over in onderhoud en beheer. Alle kosten, zoals stroomverbruik, onderhoud, beheer en storingen worden jaarlijks in rekening gebracht bij de bouwvereniging.

Donkertegebieden De afgelopen jaren is er vanuit de Overheid en Milieugroeperingen steeds meer aandacht voor het onnodig plaatsen van OVL en het voorkomen van lichtvervuiling of lichthinder. In de nieuwe richtlijnen is het uitgangspunt "niet verlichten tenzij”. van toepassing. De algemene trend is dat er steeds meer 'licht op maat' wordt gevraagd. Het is een ongeschreven wet om in natuurgebieden en landschappelijk waardevol buitengebied zeer beperkt om te gaan met het plaatsen van verlichting. In Hoofdstuk 6.6, bijlage 6 is een kaart met natuurgebieden voor de gemeente Sint-Michielsgestel opgenomen. De gemeente is terughoudend met het plaatsen van openbare verlichting in

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

7

natuurgebieden zoals onder andere de ringdijk rond Den Dungen, delen van Bossche Broek zuid, bosgebieden en omgeving van zandpaden. Deze opsomming is niet volledig, per gebied dient de afweging te worden gemaakt of openbare verlichting gewenst is. Beleid: De gemeente kiest ervoor om in principe geen openbare verlichting te plaatsen in de aangewezen natuurgebieden. Zie bijlage 6.6 ‘Kaart met natuurgebieden’

2.3

Duurzaamheid Reductie energieverbruik, het Energieakkoord en Klimaatakkoord Energieakkoord Nationaal zijn er energiebesparingsdoelstellingen, het zogenaamde “Energieakkoord”, vastgesteld die impact hebben op het terugdringen van het energieverbruik van de OVL-installatie. In Nederland gaat namelijk circa 1,5 procent van de geproduceerde elektrische energie naar de OVL (bron: www.energieoverheid.nl). Van de totale energierekening van een gemeente gaat ongeveer de helft naar OVL. Gemeenten kunnen dus zelf een concrete en realistische bijdrage leveren aan het realiseren van het Energieakkoord. In het Energieakkoord staan de volgende doelstellingen genoemd voor OVL en verkeersregelinstallaties (VRI's): 20% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2020 ten opzichte van 2013*; 50% energiebesparing bij OVL en VRI's in 2030 ten opzichte van 2013*; 40% van de OVL is voorzien van slim energiemanagement ** in 2020; 40% van de OVL is energiezuinig in 2020. * Peildatum 1-1-2013, verbruik van 2012. ** Slim energiemanagement is: - Anders schakelen dan het standaard zonnewende- of nacht schakelen zoals door de netbeheerder wordt aangeboden; - Het regelen van het lichtniveau d.m.v. dimmen.

Klimaatakkoord en Klimaatwet In 2019 heeft de regering het Klimaatakkoord gepresenteerd. Het Klimaatakkoord bouwt voort op het Energieakkoord met maar één doel: het verminderen van de uitstoot van de broeikasgassen. Vanaf 1 januari heeft de regering de Klimaatwet vastgesteld. In de Klimaatwet is vastgelegd dat we in 2030 49% minder CO2 moeten uitstoten en in 2050 95% minder ten opzichte van 1990. Vanuit het Nationaal Klimaatakkoord heeft het Rijk aan 30 regio’s gevraagd een bod te doen hoe en waar ze energie kunnen besparen en duurzaam kunnen opwekken. Regio’s stellen hiervoor een Energiestrategie (RES) op. Sint-Michielsgestel is aangesloten bij de Regio Noordoost-Brabant die zich als doel heeft gesteld 4,3% bij te dragen aan de doelstelling uit dit akkoord. Voor SintMichielsgestel betekent dit 11% energiebesparing ten opzichte van 2020. Beleid en ambitie Op dit moment is, met een berekende besparing van 12% de energiebesparing zoals beschreven in het energieakkoord (in 2020 20% besparing ten opzichte van 2013) nog niet bereikt. De gemeente heeft de intentie uitgesproken om te onderzoeken hoe substantieel kan worden bezuinigd op het elektriciteitsgebruik. Ook heeft de gemeente in de Duurzaamheidsvisie de ambitie uitgesproken om in 2040 energieneutraal te zijn.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

8

De gemeente neemt ook deel aan de regionaal op te stellen Energiestrategie (RES). De verwachting is dat met de te nemen maatregelen zoals het vervangen van bestaande armaturen door energiezuinige en dimmen van de OVL de opgave van 11% besparing wordt behaald. Rijkswaterstaat stelt een Monitoring OVLVRI-lijst ter beschikking, waarin de gegevens van lamptypen, lampvermogen, schakeltijden en dimregime zijn opgenomen. Rijkswaterstaat monitort de voortgang van de Energieakkoord-doelstellingen. Beleid: Voor een goed inzicht in het energieverbruik van de openbare verlichting is het voorstel om mee te doen aan de monitoring van Rijkswaterstaat. Terugdringen van het gebruik van energie en de daarmee gepaard gaande reductie van de CO2emmissie is een belangrijk thema van het milieubeleid van de gemeente. Het terugdringen van de milieubelasting door het energieverbruik kan grofweg op twee manieren: Inkoop van duurzame energie; Verminderen van het verbruik. Beleid: De gemeente koopt uitsluitend stroom uit hernieuwbare bronnen in. Energie besparen door verminderen van het verbruik kan worden bereikt op verschillende manieren: Toepassing van zuinige verlichting (op dit moment led), met behoud van verlichtingskwaliteit; Dimmen; Saneren van verlichting.

Led-verlichting: Voor het toepassen van led-verlichting binnen de OVL zijn er geen belemmeringen meer als het gaat om licht- en elektrotechnische aspecten. Er zijn geen hogere investeringskosten dan bij toepassing van conventionele systemen, terwijl de exploitatiekosten (energie- en onderhoudskosten) lager zijn. Toepassing van conventionele materialen is momenteel geen keuze meer. Continuering van de ingezette beleidslijn om dimbare LED-armaturen te plaatsen, leidt tot een optimale energiereductie. De volgende criteria dienen als uitgangspunt bij toepassing van led-verlichting: led-modules dienen uitwisselbaar te zijn; Gegarandeerde levensduur van meer dan 50.000 uur (is circa 12 jaar); Lichtoutput bij einde levensduur minimaal 70%; Powerfactor bij 100% groter dan 0,90 en bij dim 30% groter dan 0,85. Dit is een eis van de energieleverancier waarmee wordt voorkomen dat er een lager stroomverbruik wordt gemeten dan werkelijk wordt verbruikt. Dimmen: De meeste moderne armaturen zijn standaard voorzien van statische dimmogelijkheid (vast tijdstip) en worden vanaf de fabriek met een standaard dimprotocol geleverd. Het dimmen van verlichting zorgt voor energiebesparing. Zo wordt bij het standaard dimregime 4A gemiddeld ca. 25% - 40% aan energie op het totaalverbruik bespaard (afhankelijk van lamptype en vermogen).

In het dimregime 4a wordt de verlichting in de donkere uren naar een lager niveau gedimd volgens onderstaand schema: - verlichting aan tot 20.00 uur, 100%; - van 20.00 uur tot 00.00 uur, 70%; - van 00.00 uur tot 05.00 uur, 50%;

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

9

- van 05.00 uur tot 06.30 uur, 70%; - van 06.30 uur tot verlichting uit, 100%. Saneren van verlichting: In de NPR is ruimte voor alternatieven in de toepassing van verlichting. Op basis van de NPR wordt dan de nut en noodzaak van de verlichting per situatie beoordeeld. Zo kan in een bepaalde wegsituatie in plaats van verlichting ook worden gekozen voor reflecterende markering of schrikhekken. Saneren van de OVL zorgt voor energiebesparing maar brengt wel kosten met zich mee. Beleid: De gemeente is sterk voorstander van duurzame ontwikkeling. De ambitie is dan ook het verder verminderen van het energieverbruik. Een van de manieren om dit te bereiken is het toepassen van moderne energiezuinige (led)verlichting en daar waar mogelijk donker ook donker te laten. Er is tot 2019 nog geen dimverlichting toegepast. Vanaf 2020 worden nieuwe led-armaturen in dimuitvoering voorgeschreven. Het saneren van openbare verlichting in grote gebieden is niet aan de orde. Waar mogelijk wordt per situatie bekeken of het weghalen van verlichting mogelijk is.

Maatschappelijk verantwoord inkopen In een tijd van energiebesparing, het terugdringen van uitstoot en het beperken van de lichtvervuiling, is het een enorme uitdaging om het beleid af te stemmen op de slogan ‘People, Planet, Profit’: een goed evenwicht tussen veiligheid en leefbaarheid, milieubewustheid en kostenbeheersing. In februari 2010 is in opdracht van VROM door Agentschap NL

(SenterNovem) de nota Criteria voor duurzaam inkopen voor inkopen van OVL gepubliceerd. Deze criteria worden periodiek bijgesteld en kenbaar gemaakt aan de gemeenten via PIANOo, Expertisecentrum voor aanbesteden (www.pianoo.nl). De nota biedt de mogelijkheid een energiebesparingsdoelstelling en een ontwerp- en inkooprichtlijn te definiëren. Voor de productgroep openbare verlichting betreft het hier in hoofdzaak:

Bij nieuwbouw van een OVL installatie, of bij complete vervanging van lampen en armaturen van een openbare verlichtingsinstallatie, dient de installatie technisch geschikt te zijn om gedimd te worden; Voorschriften aan het gestelde vermogen voor lichtmastreclame; Grenswaarden aan het vluchtige aandeel organische stoffen bij conserveringswerken. Beleid: De gemeente Sint-Michielsgestel heeft zich geconformeerd aan de Criteria voor duurzaam inkopen en neemt bij al haar inkopen 100% duurzaamheid als criterium mee.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

10

3

Wat heb ik? – Huidige situatie Dit hoofdstuk beschrijft de huidige situatie en de kwaliteit en kwantiteit van de aanwezige openbare verlichting. Dit vormt in grote lijnen de basis voor de visie op de OVL en het ambitieniveau van de gemeente Sint-Michielsgestel. Voor bijstelling van het huidige beleid is het nodig om de ambities zoals deze in het vorige beleidsplan (2011) zijn verwoord, te evalueren. Knelpunten worden hiermee gesignaleerd en opgenomen in de nieuwe beleidsvisie. Allereerst worden de ambities en beleidsuitgangspunten zoals deze zijn opgesteld en de behaalde resultaten tot nu toe benoemd.

3.1

Opsomming huidige ambities en beleidsuitgangspunten Onderstaand zijn - in beknopte vorm – de huidige ambities en beleidsuitgangspunten opgesomd: Gebiedstype: Buiten de bebouwde kom

Ambities Gemeente Sint-Michielsgestel (2011-2017) -

-

Binnen de bebouwde kom

-

Algemeen

-

-

Onderhoud

-

Ombouw naar energiezuinige verlichting in het buitengebied heeft, vanwege de besparing op energiekosten en exploitatiekosten prioriteit. Alle verlichting uitvoeren als nachtbranders. In principe in het buitengebied de verlichting niet uitbreiden en zeker niet in de aangewezen donkertegebieden. Aandacht voor duisternis door verlichting toe te passen met minder lichtvervuiling. Het plaatsen van verlichting in gebieden met natuur- en landschapswaarden dient weloverwogen plaats te vinden. Fietspaden met uitsluitend recreatief karakter niet verlichten. Stedelijke uitbreidingen en geplande nieuwe ontwikkelingen voorzien van led-verlichting. In woongebieden is verlichting in witte lichtkleur standaard. Bij schades en vervanging led-verlichting toepassen. Fietspaden met uitsluitend recreatief karakter niet verlichten. Handhaving van de keuze om alle verlichting uit te voeren als nachtbranders. Dimmen van bestaande verlichting nog niet op grote schaal toepassen vanwege de afschrijftermijn van 25 jaar. Dimmen opnieuw bekijken bij vervanging van armaturen. De verlichting wordt uitgevoerd conform de richtlijnen van de NSVV de ROVL 2011. 100% van de elektriciteit wordt duurzaam ingekocht. De functie van de weg zoals vast gelegd in het ‘Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersplan 2011’ is uitgangspunt voor het vast te stellen verlichtingsniveau (bijlage 4).

Het vigerende gemeentelijk beleidsplan is bepalend voor de functie van de fietsroutes. In een vroeg stadium rekening houden met de plaatsing van lichtmasten en bomen. Uitganspunt is dat beide niet conflicteren. Voortzetting van het huidige onderhoudsniveau. Bij vervanging en in het verbeteringsplan worden standaardmaterialen toegepast. Standaardisering van RAL kleuren in diverse gebieden De theoretische afschrijvingstermijn voor masten wordt vastgesteld op 50 jaar en die voor armaturen op 25 jaar.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

11

3.2

Gemeentelijk Verkeers- en vervoersplan De gemeente heeft de wegcategorisering vastgelegd in een Gemeentelijk Verkeers- en VervoerPlan (GVVP 2011). In 2020 is aanvullend een nieuwe aanpak voor de verkeersproblematiek beschreven in de notitie Gemeentelijk Verkeers- en Vervoersbeleid (GVVB 2020). Dit document is een planningsinstrument om sneller in te spelen op de behoefte en ‘onverwachte’ ontwikkelingen op het gebeid van verkeer. In deze Beleidsvisie OVL is voor het vaststellen van het verlichtingsniveau per wegcategorie uitgegaan van de wegcategorisering zoals deze is opgenomen in het GVVP 2011 (bijlage 4).

3.3

Duurzaamheidsvisie 2019 In 2019 heeft de gemeente een duurzaamheidsvisie vastgesteld. Samen met deze duurzaamheidsvisie is ook een uitvoeringsagenda tot 2022 opgenomen met een doorkijk naar de langere termijn. De gemeente heeft zichzelf daarbij een belangrijke ambitie opgelegd om in 2040 energieneutraal te zijn. Dat kan door energie te besparen, energieneutraal te bouwen of zelf energie op te wekken. Op het gebied van openbare verlichting gaat de gemeente actief op zoek naar mogelijkheden om energie te besparen. Dat kan door bijvoorbeeld het eerder uitschakelen van de verlichting, het toepassen van led-verlichting of slimme verlichting. Er is de afgelopen jaren al energie bespaard door oude lampen met een hoog energieverbruik te vervangen door energiezuinige verlichting. Zo is de verlichting in Jacobskamp in Den Dungen, Parkhage in Sint-Michielsgestel en Beekveld in Berlicum de afgelopen beleidsperiode omgebouwd naar led. Dit beleid wordt de komende periode verder doorgezet.

3.4

Huidige situatie Resultaat in kengetallen, kwantiteit en kwaliteit areaal Sint-Michielsgestel heeft de afgelopen beleidsperiode gestructureerd vervangings- en verbeteringsplannen uitgevoerd, waarbij technisch afgeschreven materialen zijn vervangen. Duurzaam is hierbij steeds het motto geweest. De inwoners van Sint-Michielsgestel worden betrokken bij de totstandkoming van de plannen. Ideeën worden indien mogelijk omgezet in het beleid voor de OVL. In 2009 is het herverlichtingsplan voor woon- en buurtstraten afgerond. Alle doorgaande wegen binnen de bebouwde kom zijn omgebouwd naar wit licht. Doorgaande wegen buiten de bebouwde kom zijn verlicht volgens de NPR normen. De herverlichting in het buitengebied is in 2014 afgerond. Vanaf 2015 is gestart met de ombouw van de orientatieverlichting van conventioneel naar led. Ook in de bebouwde kom is bij vervanging van armaturen gestart met het toepassen van led-verlichting. In diverse reconstructieplannen is het verlichtingsniveau op het gewenste niveau gebracht . Dit is gedaan aan de hand van de beschreven visie en beleidsuitgangspunten. Er zijn lampsoorten vervangen door lampen met een hoger rendement en led-armaturen toegepast.

Een korte opsomming van de resultaten tot nu: Wat het verlichtingsniveau betreft voldoet op dit moment naar schatting meer dan 95% aan de landelijke richtlijnen van de NSVV; Het gebruiken van meer energie zuinige lampen, het vervangen van conventionele lampen door led-verlichting of PLL lampen, heeft ervoor gezorgd dat het energieverbruik ten opzichte van 2011 met 12% is afgenomen;

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

12

Bijna 85% van de avondbranders zijn de afgelopen beleidsperiode weer terug geschakeld naar nachtbranders; Toegepaste materialen zijn zoveel mogelijk gestandaardiseerd; Bestaande SOX verlichting (geel licht) in woonwijken is geheel vervangen door wit licht. Enkele andere gegevens over de huidige situatie zijn: Gezien de ontwikkelingen op het gebied van donkergebieden, het voorkomen van lichthinder en lichtvervuiling, is sinds enkele jaren een pas op de plaats gemaakt met het uitbreiden van de OVL in het buitengebied. De aandacht beperkt zich tot het in stand houden van de verlichting; De onderhoudstoestand van de installatie is over het algemeen goed. Wel is de komende beleidsperiode een groot deel van de OVL-installatie aan vervanging toe omdat deze het einde van de theoretische levensduur hebben bereikt; Uitgaande van afschrijvingstermijnen van 50 jaar voor masten en 25 jaar voor armaturen hebben 1.640 stuks (25%) masten en 740 stuks (12%) armaturen dit jaar het einde van de theoretische levensduur bereikt. Opmerking bij genoemde aantallen is dat van een ruim aantal masten en armaturen het plaatsingsjaar is geschat wegens het ontbreken van exacte gegevens. Daarbij is in veel gevallen uitgegaan van het plaatsingsjaar 1970.

Masten en armaturen die het einde van de technische levensduur hebben bereikt hoeven vaak niet meteen te worden vervangen; De budgetten voor remplace en conserveringswerk zijn voldoende. Er wordt groepsremplace toegepast. De afgelopen beleidsperiode is conserveringswerk volgens een vastgesteld plan uitgevoerd. De omvang aan verlichtingsmiddelen binnen de gemeente Sint-Michielsgestel is per januari 2021 als volgt samengesteld. Aantal lichtmasten: 6.370 stuks Aantal armaturen: 6.370 stuks Aantal lampen: 6.420 stuks Genoemde aantallen zijn inclusief grondspots en schijnwerpers, exclusief overige verbruikers (abri’s, plattegrondborden en lichtmastreclame). Vanuit het areaalbestand is een selectie gemaakt met de leeftijdsopbouw van masten en armaturen. In onderstaande grafieken is de leeftijdsopbouw van het mast- en armaturenareaal te zien: Leeftijdopbouw lichtmasten

26%

15%

0 t/m 10 jaar 18%

11 t/m 20 jaar 21 t/m 30 jaar

5%

15%

21%

31 t/m 40 jaar 41 t/m 49 jaar 50 t/m 70 jaar

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

13

Leeftijdopbouw armaturen 3% 9%

0 t/m 5 jaar

14%

8%

6 t/m 10 jaar 20%

11 t/m 15 jaar

19%

16 t/m 20 jaar 21 t/m 24 jaar

27%

25 t/m 30 jaar 31 t/m 40 jaar

Energieverbruik en energieakkoord De afgelopen beleidsperiode is ingezet om oude energie onzuinige lampen te vervangen door moderne lampen zoals led. De resultaten van deze inspanningen zijn in onderstaande tabel zichtbaar gemaakt. Hierin is te zien dat het aantal lampen sinds 2011 met 5% is toegenomen en er 12% energie is bespaard ten opzichte van het peiljaar 2011. Element 2011 2017 Energieverbruik in kWh 926.000 896.787 Aantal lampen 6.000* 6.100* * aantal is geschat Tabel 1: Verloop energieverbruik en aantal lampen

2020 811.703 6.350

Verschil t.o.v. 2011

-12% +5%

De ambitie om in het jaar 2020, minimaal 20% energie te besparen ten opzichte van 2013 is, met een berekende besparing van 12% niet bereikt.

Energieverbruik Het energieverbruik is zichtbaar gemaakt in de volgende grafiek. Hierin is te zien dat de reductie van het energieverbruik door dimmen vrijwel nihil is (1%). Gegevens energieverbruik OVL

Energie in kWh

1.000.000 900.000 800.000 700.000 600.000 500.000 400.000 300.000 200.000 100.000 0

Berekend totaal Reductie (dim) Verbruik werkelijk

2011

2017 Jaar

2020

Verdeling lampsoorten De afgelopen beleidsperiode is ingezet om oude energie onzuinige lampen te vervangen door moderne lampen zoals PLL, CPO en led. In onderstaande grafiek is te zien dat het overgrote deel

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

14

van de lampen (78%) bestaat uit lagedruk kwik lampen (PLL). Meer dan de helft hiervan (55%) zijn lampen met een laag vermogen (24 W). Door dit hoge aandeel lampen met een laag vermogen is besparen op het energieverbruik een lastige opgave. Verdeling lampsoorten 2020 2% 1%

19%

78%

Hogedruk gasontlading (cpo)

Lagedruk kwik (pll-tld)

Hoge druk natrium (sont)

Led

Wat de verdeling avond en nachtbranders betreft is op dit moment ongeveer 87% van de lampen op nacht geschakeld, 12% op avond en 1% wordt gedimd. Verdeling avond/nachtbranders 100% 80% 60% 40% 20% 0% 2020 Avond

Nacht

Dim

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

15

4

Wat wil ik? – visie en beleidskaders Het doel van deze Beleidsvisie Openbare verlichting is gebaseerd op de visie dat de OVL in donkere uren optimaal bijdraagt aan de verkeersveiligheid en de sociale veiligheid. Het energieverbruik dient hierbij zo laag mogelijk te zijn en er wordt gestreefd naar duurzame oplossingen tegen economisch verantwoorde kosten.

4.1

Visie gemeente Sint-Michielsgestel De gemeente Sint-Michielsgestel investeert in betrouwbare, veilige, innovatieve en duurzame openbare verlichting. Hierbij wordt de gewenste verlichtingskwaliteit gerealiseerd tegen economische en maatschappelijke verantwoorde kosten. Met deze visie zijn de doelstellingen van het beleidsplan (veilig, duurzaam, kostenefficiënt en kwaliteit) bepaald. Als algemeen uitgangspunt met betrekking tot ontwikkelingen geldt de onderstaande beleidskeuze: Visie en ambitie : De gemeente Sint-Michielsgestel hanteert bewezen technieken en volgt de ontwikkelingen op de voet. Deze worden toegepast wanneer dit economisch verantwoord is; wanneer de toepassing zich binnen de levensduur terugverdient door reductie in de exploitatiekosten of esthetisch een toegevoegde waarde heeft. Aanvullend op de hierboven beschreven algemene visie zijn hierna enkele belangrijke beleidsthema’s en aandachtspunten beschreven met per thema de visie en ambitie van de gemeente Sint-Michielsgestel. Daarmee kan de vraag worden beantwoord ‘wat wil ik?’.

4.2

Verlichtingsniveaus, kleur en lichthinder Hierbij kan een keuze worden gemaakt tussen wel of niet voldoen aan de NSVV-richtlijnen en aanvullend het Politiekeurmerk (PKVW). In nieuwe wijken en verbeteringsplannen is tot nu in de gemeente het beleid gevoerd om te voldoen aan de landelijke richtlijnen van de NSVV, de NPR 13201:2017. Momenteel voldoet circa 95% van de openbare verlichting binnen de bebouwde kom aan de richtlijnen. Bovenop de richtlijnen kan het Politiekeurmerk Veilig Wonen worden voorgeschreven. Als aanvulling op de richtlijnen verlangt het Politiekeurmerk dat alle openbare ruimte is verlicht met toepassing van wit licht, dus ook achterpaden. Tijdens de nachtelijke uren dient de verlichting te blijven branden. In Sint-Michielsgestel is het Politiekeurmerk in nieuwe plannen (woonwijken) toegepast. Visie en ambitie: De nieuwe Richtlijn NPR 13201:2017 past in de visie van de gemeente “geen verlichting tenzij” en toepassing van duurzame materialen. De ambitie van de gemeente is dan ook dat alle openbare verlichting voldoet aan de NPR 13201:2017. Volledige toepassing van het Politiekeurmerk voor de gehele gemeente is geen haalbare ambitie omdat de gemeente – om energie te besparen – verlichting moet gaan dimmen. Gedimde verlichting voldoet per saldo niet aan het PKVW.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

16

Lichthinder en -vervuiling Het aanbrengen van openbare verlichting heeft tot primair doel de sociale- en verkeersveiligheid te verbeteren, maar kan daarnaast ook overlast opleveren. Het toepassen van kunstlicht kan een nadelige invloed hebben op de flora en fauna. Het gedrag van dieren kan hierdoor worden beïnvloed. Door het kunstlicht kunnen sommige diersoorten worden gedesoriënteerd, tevens heeft het licht op andere diersoorten een aantrekking of juist een afstotende werking. Ook bij planten kan kunstlicht een nadelig effect geven, planten groeien niet of juist wel. Tevens kan bestuiving en bloei door kunstlicht ontregeld worden.

Met ontwerpen en het installeren van uitbreidingen en vernieuwingen aan de openbare verlichtingsinstallatie wordt verder met de aspecten lichthinder en lichtvervuiling rekening gehouden door: Het alléén plaatsen van verlichting als dit volgens bestaande richtlijnen noodzakelijk is; Het alléén daar aanbrengen van licht waar het functioneel is, dus waar het bijdraagt aan verkeers- en sociale veiligheid of aan oriëntatie; Het plaatsen van armaturen voor het aanlichten van objecten dicht mogelijk bij het object dat moet worden verlicht; Het vermijden van opwaarts gericht licht; Er voor zorgen dat daar waar lichtreclame aanwezig is, deze de normale intensiteit van de openbare verlichting niet overschrijdt; Het treffen van voorzieningen om de instraling van licht in woningen te beperken; Het dimmen van de openbare verlichting; Het toepassen van alternatieven voor verlichting (o.a. schrikhekken, reflectoren); Het gedurende een deel van de nacht doven van het aanlichten van monumentale gebouwen en kunstwerken door middel van selectieve sturingsprogramma's. Visie en ambitie : De gemeente wil lichthinder voorkomen door bij het ontwerp instralen in woningen en verblinding van weggebruikers zo veel mogelijk te voorkomen. Bij individuele wensen die het lichtniveau voor anderen niet aanpassen (lees: blijft voldoen aan de NPR) komt de gemeente tegemoet aan deze wensen.

Lichtvervuiling wordt tegengegaan door materialen te gebruiken die lichtuitstraling naar boven voorkomen.

Lichtkleur De afgelopen jaren is duidelijk geworden dat wit licht de toekomst heeft. Wit licht biedt duidelijk allerlei voordelen ten opzichte van bijvoorbeeld geel of oranje licht. Om te beginnen wordt de ruimte als helder en natuurlijk ervaren. Verschillende praktijkonderzoeken hebben aangetoond dat wit licht in overgrote meerderheid als prettiger wordt ervaren. Het natuurlijk en helder ervaren van de ruimte geeft ook een algemeen gevoel van veiligheid. Het eerder herkennen van gezichten en andere details kan misdadigers afschrikken en resulteert in duidelijkere opnamebeelden (bijvoorbeeld bij gebruik van bewakingscamera’s). Kleuren zijn bij het witte licht beter waarneembaar met als voordeel dat zaken in de openbare ruimte scherper te zien zijn. Wit licht gebruikt daarnaast minder energie en is dus duurzamer. In alle gebieden worden nu led-verlichting toegepast met een witte lichtkleur. Hiervan kan worden afgeweken in bijzondere projecten zoals het Beukplein in Middelrode waar RGB spots zijn toegepast. Visie en ambitie: De gemeente onderschrijft de visie dat wit licht de toekomst heeft. Om die reden is bestaande SOX verlichting in het buitengebied de afgelopen beleidsperiode geheel vervangen door wit licht. In woongebieden is nagenoeg alle verlichting in wit licht uitgevoerd.

De ambitie van de gemeente is om uitsluitend wit licht toe te passen in alle woongebieden en bedrijventerreinen. In donkergebieden wordt gekozen voor een bij de situatie passende kleur licht. Dit kan afhankelijk van de situatie amber, groen of een andere kleur zijn.

Actualisatie beleidsvisie OVL gemeente Sint-Michielsgestel (v.1.5) augustus 2021

17

In bijzondere projecten kan worden gekozen voor toepassing van creatieve verlichting waarbij de kleur wordt afgestemd op het gebruik of object.

4.3

Energiebesparing Een van de opdrachten vanuit de duurzaamheidsvisie is te onderzoeken op welke wijze SintMichielsgestel energie kan besparen op de openbare verlichting. In deze paragraaf worden enkele mogelijkheden besproken. Ombouw bestaande armaturen naar led; Ombouw naar Saled; Dimmen bestaande verlichting; Toepassen slimme verlichting Saneren van verlichting.

Ombouw bestaande armaturen naar led Bestaande armaturen ombouwen naar energiezuinige led-armaturen is een van de mogelijkheden om energie te besparen. In de gemeente staan nog 5.120 stuks lichtmasten met conventionele armaturen. Het overgrote deel van de lampen hierin (78%) bestaat uit lagedruk kwik lampen (PLL). Meer dan de helft hiervan (55%) zijn lampen met een laag vermogen (24 W). Door dit hoge aandeel lampen met een laag vermogen is de besparing op het energieverbruik marginaal wanneer deze worden vervangen door led-verlichting. Een globale berekening geeft aan dat wanneer alle bestaande armaturen worden vervangen door led een besparing van maximaal 16,1% is te bereiken. Daar tegenover staat een investering van grofweg € 2.304.450,-. Dit is op korte termijn niet realistisch. Voorgesteld wordt om conventionele armaturen alleen bij einde levensduur of in renovatieplannen te vervangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=MijnGemeenteDichtbij&id=145968ea-4bf7-44f1-9557-89fd97842af0