11.a - Bijlage 1 - Toelichting bestemmingsplan Hooghei te Berlicum
Tekst van het document
Bestemmingsplan "Hooghei" te Berlicum Gemeente Sint Michielsgestel
datum projectnummer
20 oktober 2022 132307
Bestemmingsplan “Hooghei” te Berlicum
Aveco de Bondt BV Holten - Amstelveen - Breda - Eindhoven - Nieuwegein Postbus 64, 7450 AB Holten
Gemeente Sint-Michielsgestel
T +31 88 004 82 12 info@avecodebondt.nl avecodebondt.nl
Toelichting
project projectnummer projectleider
versie fase auteur
Bestemmingsplan Hooghei te Berlicum 132307 Toby van Baast
4.0 Vastgesteld Toby van Baast
paraaf gecontroleerd
ing. Marcel Volbeda
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
Inhoudsopgave 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Inleiding Woord vooraf Aanleiding en doel Begrenzing plangebied Vigerende bestemmingsplannen Strijdigheid met vigerende bestemmingsplannen Leeswijzer
1 1 1 2 2 4 5
2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.6.1 2.6.2 2.6.3 2.7
Gebiedsprofiel Inleiding Ligging Historisch overzicht landschap de Hooge Heide Huidig landschap en gebruik de Hooge Heide Natuurwaarden Ontwikkelrichting natuur- en landschap Doelstellingen Natuur Netwerk Brabant Doelstellingen groenblauwe mantel Doorvertaling ontwikkelrichting provincie naar gemeentelijk beleid Meerwaarde initiatieven
7 7 7 7 10 10 11 11 12 12 13
3 3.1 3.2 3.2.1 3.2.2 3.2.3 3.2.4 3.2.5 3.3 3.3.1 3.3.2 3.4 3.4.1 3.4.2
Projectprofiel Inleiding Recreatiepark ‘Camping De Hooghe Heide’ Bestaande situatie Bedrijfsplan Nieuwe situatie: Inrichtingsplan herontwikkeling Landschappelijke inpassing Overzicht bestaande en nieuwe situatie Natuurbegraafplaats Hooghei Bestaande situatie Ontwikkeling natuurbegraafplaats Opvanghuis Berlicum Bestaande situatie Nieuwe situatie: Legalisatie bijgebouwen
15 15 15 15 17 17 19 20 21 21 22 24 24 25
4 4.1 4.2 4.2.1 4.2.2 4.2.3 4.2.4 4.2.5 4.2.6 4.2.7
Beleidskader 26 Inleiding 26 Rijksbeleid 26 Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR), 2012 26 Besluit en ministeriële regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, Rarro), 2012 27 Ladder voor duurzame verstedelijking (art. 3.1.6 lid 2 Bro), 2017 27 Wet op de lijkbezorging (1991, geldt alleen voor de natuurbegraafplaats) 29 Besluit op lijkbezorging (2013, geldt alleen voor de natuurbegraafplaats) 30 Inspectierichtlijn Lijkbezorging, 3e herziene druk (alleen relevant voor de natuurbegraafplaats) 30 Technische adviezen voor de inrichting van begraafplaatsen en graven (september 2014, alleen relevant voor de natuurbegraafplaats) 31
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
4.2.8 Wet natuurbescherming - herplantplicht (geldt alleen voor natuurbegraafplaats) 4.3 Provinciaal beleid 4.3.1 Omgevingsvisie ‘De kwaliteit van Brabant, Visie op de leefomgeving’ 4.3.2 Structuurvisie Ruimtelijke Ordening 2010 – partiële herziening 2014 4.3.3 Interim omgevingsverordening Noord-Brabant 4.3.3.1 Toets IOV: Recreatiepark Camping De Hooghe Heide
31 32 32 33 35 37
4.3.3.2 Toets IOV: Natuurbegraafplaats Hooghei
48
4.3.3.3 Toets IOV: Opvanghuis Berlicum
53
4.4 4.4.1 4.4.2 4.4.3
56 56 57 59
Gemeentelijk beleid Structuurvisie ‘Sint-Michielsgestel 2025’ Structuurvisie buitengebied Sint-Michielsgestel (2011) Bestemmingsplan Buitengebied Sint-Michielsgestel (2013) – (alleen recreatiepark)
5 Planologisch relevante (milieu)aspecten 5.1 Inleiding 5.2 Bodem 5.3 Waterhuishouding 5.4 Cultuurhistorie 5.5 Archeologie 5.6 Ecologie: Natura-2000 5.7 Ecologie: soortenbescherming 5.8 Wegverkeerslawaai 5.9 Bedrijven en milieuzonering 5.10 Externe veiligheid 5.10.1 Inrichtingen en externe veiligheid 5.10.2 Transport en externe veiligheid 5.10.3 Buisleidingen en externe veiligheid 5.11 Parkeren 5.12 Verkeersgeneratie 5.13 Luchtkwaliteit 5.14 Kabels en leidingen 5.15 Milieueffectrapportage en vormvrije m.e.r.-beoordeling
61 61 61 63 68 69 71 72 74 76 79 79 80 81 81 84 86 88 88
6 6.1 6.2 6.3 6.3.1 6.3.2 6.3.3 6.3.4
Juridische plantoelichting Inleiding Opbouw van de regels Regels Hoofdstuk 1 ‘Inleidende regels’ Hoofdstuk 2 ‘Bestemmingsregels’ Hoofdstuk 3 ‘Algemene regels’ Hoofdstuk 4 ‘Overgangs- en slotregels’
91 91 91 91 91 92 94 94
7 7.1 7.2 7.3
Economische uitvoerbaarheid Inleiding Toepassing Grondexploitatiewet Economische uitvoerbaarheid
95 95 95 95
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
8 8.1 8.2 8.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid Omgevingsdialoog Vooroverleg Zienswijzen
Bijlagen Recreatiepark De Hooghe Heide Bijlage 1 Mediation overeenkomst Bijlage 2 Bedrijfsplan Bijlage 3 Inrichtingsplan Bijlage 4 Akoestisch onderzoek en geluidwering Werstkant 15 Bijlage 5 Quickscan Wet natuurbescherming Bijlage 6 Effectenonderzoek NNB Bijlage 7 Taxatie kwaliteitsverbetering landschap Bijlage 8 Berekening tegenprestatie kwaliteitsverbetering landschap Bijlage 9 Bodemonderzoek Bijlage 10 Watertoets Bijlage 11 Archeologisch onderzoek en selectiebesluit Bijlagen Natuurbegraven Nederland Bijlage 12 Natuurtoets en vleermuisonderzoek Bijlage 13 Bodemonderzoek Bijlage 14 Watertoets Bijlage 15 Analyse grondwaterpeil Bijlage 16 Archeologisch onderzoek en selectiebesluit Bijlage 17 Adviesnota archeologie Bijlage 18 Verkeersonderzoek Bijlage 19 Werkprotocol inrichtingsmaatregelen Bijlagen Opvanghuis Berlicum Bijlage 20 Effectenonderzoek NNB Bijlagen Algemeen Bijlage 21 Aerius-berekening stikstofdepositie Bijlage 22 Nota van inspraak en vooroverleg Bijlage 23 Nota van zienswijzen Bijlage 24 Verslagen omgevingsdialoog conceptfase Bijlage 25 Verslag omgevingsdialoog vooroverlegfase
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
97 97 99 99
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
1
Inleiding
1.1
Woord vooraf
Om de ontwikkeling van de drie aangrenzende initiatieven in de Hooge Heide, het buitengebied ten noordoosten van Berlicum, mogelijk te maken is een herziening van het bestemmingsplan nodig. In nauwe afstemming met de gemeente Sint-Michielsgestel zijn de drie initiatiefnemers; het recreatiepark Camping De Hooghe Heide, Natuurbegraven Nederland en het Opvanghuis Berlicum ruim tien jaar geleden gestart met het vertalen van hun planvoornemen in het gezamenlijke bestemmingsplan ‘Hooghei’ te Berlicum. Bij zowel de initiatiefnemers als het college van de gemeente Sint Michielsgestel is nog steeds de wens aanwezig om de geplande ontwikkelingen mogelijk te maken. 1.2
Aanleiding en doel
Met onderhavig bestemmingsplan worden diverse ruimtelijke ontwikkelingen aan de Hooghei in Berlicum juridisch-planologisch vastgelegd. Ten eerste wordt de uitbreiding van recreatiepark Camping De Hooghe Heide, gelegen aan de Werstkant 17, planologisch mogelijk gemaakt. Een gevolg van de uitbreiding van Camping De Hooghe Heide is dat een bestaand fietspad wordt verlegd naar een bestaand pad ten westen van de beoogde natuurbegraafplaats. De gemeente Sint-Michielsgestel zal de verkeersborden van het fietspad verplaatsen en het beheer van het fietspad verzorgen. In de figuur hierna is te zien dat het park wordt uitgebreid naar het weiland, richting het noordwesten. Ten tweede wordt een natuurbegraafplaats beoogd op een bosperceel. Ten derde gaat het om legalisatie van de uitbreiding van een opvanghuis aan de Hooghei 50. Bij de herziening van het buitengebied bestemmingsplan Sint-Michielsgestel in 2010 hebben de eigenaren van het recreatiepark en het opvanghuis tegen elkaar geprocedeerd op onderdelen. Daarop besloot de gemeente SintMichielsgestel dat: 1. ze samen één nieuw bestemmingsplan moesten maken (om juridische procedures te voorkomen); 2. er een mediation traject moest komen met voorwaarden waaronder deze twee partijen het eens gingen worden (er is ook een mediation contract ondertekend in februari 2014 door beide partijen, zie bijlage 1).
In de periode voorafgaand is een bestemmingsplanprocedure doorlopen voor het buitengebied van SintMichielsgestel, waar de natuurbegraafplaats aan de Hooghei in verwerkt was. Echter is het planonderdeel van de natuurbegraafplaats in oktober 2012 vernietigd door Raad van State omdat het parkeren niet goed was verwerkt in het plan. Om de natuurbegraafplaats alsnog mogelijk te maken door middel van een nieuwe bestemmingsplanwijziging, moest opnieuw een bestemmingsplanprocedure worden doorlopen. Daarop heeft de gemeente gereageerd dat een bestemmingsplan voor dit gebied reeds in voorbereiding is en dat het wenselijk is dat Natuurbegraven Nederland bij deze procedure zou aansluiten. Verder gaat het om drie losstaande ontwikkelingen (zowel ruimtelijk als functioneel). Dit wensen alle partijen zo houden. De partijen hebben wél een gemeenschappelijke deler in het geheel, namelijk de ligging binnen het landschap van de ‘Hooge Heide’, waarvoor grotendeels dezelfde ontwikkelingsdoelstellingen gelden.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 1/100
3
1 2
Drie deelgebieden, 1: Recreatiepark De Hooghe Heide, 2: Natuurbegraafplaats Hooghei en 3: Opvanghuis Berlicum. Stippellijn: rood/groen: oude/nieuwe tracé fietspad (luchtfoto: globespotter Cyclomedia, 2017, bewerking C5s)
Om de drie ontwikkelingen mogelijk te maken is een herziening van het bestemmingsplan “Buitengebied SintMichielsgestel” (2009), “Actualisatie Buitengebied Sint-Michielsgestel (2015), “Buitengebied Sint-Michielsgestel, 2e actualisatie” (2018) en “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2001) noodzakelijk. De gemeente is bereid mee te werken aan een nieuw bestemmingsplan voor de gewenste ontwikkelingen. 1.3
Begrenzing plangebied
Het plangebied ligt in het noordoostelijk deel van het buitengebied van de gemeente Sint-Michielsgestel. In bovenstaande figuur is het plangebied globaal begrensd. Binnen het plangebied worden drie deelgebieden onderscheiden. Deze zijn in bovenstaande figuur gevisualiseerd. 1.4
Vigerende bestemmingsplannen
Bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel”, 2010 inclusief “Actualisatie Buitengebied SintMichielsgestel”, 2015 Dit bestemmingsplan is door de gemeenteraad vastgesteld op 16 december 2010, onherroepelijk geworden op 25 januari 2013, en is vigerend voor het opvanghuis en het recreatiepark. Het actualisatieplan is door de gemeenteraad vastgesteld op 17 december 2015 en is van belang voor het recreatiepark, omdat hierin een specifieke regeling is opgenomen voor het aantal vakantiewoningen, chalets en trekkershutten. De regels van het tweede actualisatieplan zijn inmiddels vigerend voor het hele buitengebied.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 2/100
Uitsnede verbeelding bestemmingsplan (bron: ‘Buitengebied Sint-Michielsgestel’, 2010)
Uitsnede verbeelding en legenda (bron: Bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Michielsgestel’ 2001
Bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel”, 2001 Dit bestemmingsplan, dat is vastgesteld op 31 mei 2001, is vigerend voor de gronden ter plaatse van de natuurbegraafplaats. Op de vorige pagina is de verbeelding weergegeven. Onderstaand is verder ingezoomd op de bestemming ‘Recreatieve doeleinden’ in het bosgebied waar de natuurbegraafplaats is beoogd.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 3/100
Uitsnede verbeelding bestemming ‘Recreatieve doeleinden’ met aanduiding ‘recreatiewoning’ (bron: Bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Michielsgestel’ 2001)
1.5
Strijdigheid met vigerende bestemmingsplannen
Recreatiepark Camping De Hooghe Heide De uitbreiding van de camping is strijdig met het bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2009), “Actualisatie Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2015) en “Buitengebied Sint-Michielsgestel 2e actualisatie” (2018), omdat binnen de bestemming “Agrarisch met waarden – Natuur- en landschapswaarden” geen recreatieve functies zijn toegestaan. Tevens is een groter aantal recreatiewoningen gewenst dan toegestaan in de planregels. Voor de gewenste ontwikkeling is een planherziening nodig. Voor de verplaatsing van een fietspad is een wijzigingsbevoegdheid opgenomen in het bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel (2009). Voorwaarden voor medewerking aan de wijziging van de bestemming betreffen: a. Er vindt geen onevenredige aantasting van de aanwezige natuur- en landschapswaarden plaats. Hieraan wordt voldaan, er worden geen bomen gekapt voor de aanleg van het fietspad, noch vinden er bodemingrepen plaats voor de aanleg van het fietspad. Het nieuwe fietspad is al een bestaand bospad. Het fietspad wordt niet verhard. Alleen de verkeersborden ‘fietspad’ worden verplaatst. b. De gronden voor de genoemde doeleinden zijn aangekocht. Ook hieraan wordt voldaan. De gronden voor de genoemde doeleinden zijn aangekocht door de gemeente Sint-Michielsgestel.
De verplaatsing van het fietspad heeft verder geen invloed op het woon- en leefklimaat van omliggende gevoelige objecten. Met de toetsing aan bovenstaande voorwaarden is in principe voldaan aan de voorwaarden voor het
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 4/100
verleggen van het fietspad. Het fietspad wordt bestemd als ‘Verkeer – Fietspad’. Hierna wordt het fietspad buiten beschouwing gelaten. Natuurbegraafplaats Hooghei De realisatie van de natuurbegraafplaats is strijdig met bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2001), omdat binnen de bestemming ‘Bos’ geen natuurbegraafplaats, informatie- en ceremoniegebouw en parkeerterrein zijn toegestaan. Voor de gewenste ontwikkeling is een planherziening nodig. Alle beschreven ontwikkelingen worden meegenomen met onderhavig op maat gemaakte bestemmingsplan om de benodigde juridische basis te verkrijgen voor de realisatie. Opvanghuis Berlicum De bijgebouwen die nabij het opvanghuis zijn gerealiseerd zijn strijdig met het bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2009), “Actualisatie Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2015) en “Buitengebied SintMichielsgestel 2e actualisatie” (2018), omdat binnen de bestemming “Bos” geen maatschappelijke functies zijn toegestaan. Voor de gewenste legalisatie van de bestaande situatie is een planherziening nodig. 1.6
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt het gebiedsprofiel beschreven. Dit hoofdstuk gaat in op de landschaps- en natuurkenmerken van het gebied. In hoofdstuk 3 ‘Projectprofiel’ wordt per deelgebied van het plangebied de bestaande situatie en de ontwikkeling per deelgebied beschreven. In hoofdstuk 4 ‘Beleidskader’ wordt het relevante ruimtelijke beleid van het rijk, de provincie en de gemeente beschreven. Vervolgens komen in hoofdstuk 5 ‘Milieu- en planologische aspecten’, de sectorale milieuaspecten zoals water, bodemkwaliteit, externe veiligheid, ecologie, enzovoorts aan bod. In hoofdstuk 6 is de juridische planbeschrijving opgenomen. In dit hoofdstuk wordt de wijze van bestemmen uiteengezet en is een toelichting gegeven op de regels van het bestemmingsplan. In hoofdstuk 7 wordt de economische uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan beschreven. Tot slot is hoofdstuk 8 ‘Procedure’ gereserveerd voor de uitkomsten van het vooroverleg zoals bedoeld in artikel 3.1.1. van het Besluit ruimtelijke ordening, evenals een beschrijving van de doorlopen procedure.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 5/100
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 6/100
2
Gebiedsprofiel
2.1
Inleiding
In dit hoofdstuk worden de landschaps- en natuurkenmerken beschreven. Het hoofdstuk begint met een korte beschrijving van de ligging en de landschappelijke en natuurlijke waarden die kenmerkend zijn voor de omgeving. Vervolgens wordt beschreven wat de landschaps- en natuurwaarden en de ontwikkelrichting voor het gebied zijn. In hoofdstuk 4 wordt aan de hand van de toetsing aan de geldende beleidskaders antwoord gegeven op de vraag in hoeverre de initiatieven passend zijn in het landschap en op welke wijze zij bijdragen aan de ontwikkelrichting voor het gebied.
Uitsnede topografische kaart met globale aanduiding plangebied (bron: top 25 kadaster kaarten, 2013)
2.2
Ligging
Het plangebied, waarbinnen de initiatieven plaatsvinden, heeft een omvang van circa 22 hectare. Het gebied ligt ten noorden van Berlicum op de grens van een bosgebied en oude heideontginningen. Deze oude heideontginningen strekken zich uit over de totale noordoosthoek van het gemeentelijke grondgebied ten noorden van Berlicum en Middelrode. 2.3
Historisch overzicht landschap de Hooge Heide
De geschiedenis van de Hooge Heide gaat ver terug. De dekzandrug waar de Hooge Heide zich op bevindt is eeuwenlang een woeste wildernis geweest tussen Berlicum en Vinkel. De hoge gronden waren te droog en onvruchtbaar om akkerbouw op te plegen en zijn tot de 18e eeuw niet gecultiveerd. Vanaf de twaalfde eeuw kwamen er wegen, en langzaam maar zeker steeds meer boerderijen. Gehuchten ontstonden, zoals Eikenburg en Maliskamp. In de middeleeuwen worden de oorspronkelijke bossen grotendeels gekapt en wordt het gebied gebruikt door herders met schapen, waardoor het verandert in een heidegebied, vandaar de naam de Hooge
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 7/100
Heide (heidegebied op de hoge dekzandrug). Door overbegrazing wordt het land steeds kaler en ontstaan er kale zandplekken, die als gevolg van de wind gaan stuiven. Hierdoor ontstaat een stuifzandgebied, dat zich steeds verder uitbreidt en een kaal en onbruikbaar landschap vormt. De weg Hooghei stond toentertijd bekend als ‘Nieuwen Dijk’, een toen nog onverhard landweggetje.
Uitsnede topografische kaart rond 1850 met globale aanduiding plangebied (bron: topotijdreis.nl, 2021)
Vanaf de 19e eeuw worden diverse stukken woeste gronden ontgonnen. Toen er pogingen werden gedaan het land te ontginnen, en het zand tegen te houden, werden wallen van hakhout aangelegd, de akkerrandwallen. Hierdoor ontstaat rondom de grote stuifzandgebieden/heidevelden een besloten kampenlandschap. Deze zijn in de directe omgeving van het plangebied nog te herkennen in het landschap.
Beeld van de voormalige heide- en stuifzandgronden op de dekzandrug
Vanaf halverwege de 19e eeuw werden de overgebleven heidevelden en zandverstuivingen die niet te gebruiken waren voor akkerbouw aangeplant met productiebossen. Dit geldt ook voor de huidige bossen van de Hooge Heide. Het toenmalige open landschap van heidevelden en zandverstuivingen verandert in een besloten boslandschap. Waar mogelijk ontstaan in deze bossen open velden die gebruikt worden als akker of weide, een voorbeeld hiervan is te vinden aan de noordkant van het recreatiepark, maar ook net ten westen van het recreatiepark. Ten zuiden van het recreatiepark gaat het landschap over in het kampenlandschap, dat met enkele houtwallen nog goed herkenbaar is.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 8/100
Uitsnede topografische kaart rond 1900 met globale aanduiding plangebied (bron: topotijdreis.nl, 2021). Duidelijk waarneembaar is dat de oude heidegronden zijn aangeplant met bos.
Uitsnede topografische kaart rond 1960 met globale aanduiding plangebied (bron: topotijdreis.nl, 2021). Duidelijk waarneembaar zijn de jonge heideontginningen en kaalslag van het kampenlandschap.
In de jaren na de 2e wereldoorlog (jaren ’50-’60) worden een groot deel van de productiebossen verder ontgonnen en ontstaan de jonge heideontginningen. Deze zeer open landschappen bieden plaats aan veeteeltbedrijven, aangezien de grond niet vruchtbaar genoeg is voor akkerbouw. De uitvinding van de kunstmest maakt het op sommige percelen toch mogelijk om akkerbouw te plegen. Alleen de minst vruchtbare gebieden blijven hierdoor bebost, waaronder de huidige Hooge Heide.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 9/100
2.4
Huidig landschap en gebruik de Hooge Heide
Het landschap wordt gekenmerkt door een halfopen landschapsstructuur, waar bosgebieden worden afgewisseld met akkerbouw- en weidegronden. Het landschap van het deelgebied van de natuurbegraafplaats bestaat uitsluitend uit bos. De uitbreiding van het recreatiepark zal plaatsvinden op de agrarische gronden ten noordwesten van het recreatiepark. Deze gronden maken geen onderdeel uit van de voormalige heide en huidige bossen, maar is al lange tijd een landbouwenclave. Deze landbouwenclave wordt aan alle zijden omgeven door bos. De agrarische bebouwing is geconcentreerd aan de noordzijde van de weg Hooghei. De ontwikkelingen van het opvanghuis en de natuurbegraafplaats liggen in de huidige bossen. Ten zuiden en ten westen van het plangebied bevinden zich voornamelijk agrarische functies, afgewisseld met solitair gelegen burgerwoningen. Ten noorden en ten oosten van het plangebied bevinden zich enkele woningbouwconcentraties binnen de bosgebieden. Het ruimtegebruik is kenmerkend voor een rustig buitengebied. 2.5
Natuurwaarden
Het gebied waar Camping De Hooghe Heide wil gaan uitbreiden betreft voornamelijk grasland, met op de onderzoekslocatie enkele bomen, enkele drooggevallen sloten en enkele braamstruiken. Op de noordwestelijke hoek bevindt zich veel groenafval in de vorm van bladeren, takken en grond. Uit de Nationale databank Flora & Fauna (NDFF) blijkt dat binnen het buitengebied de volgende vogelsoorten kunnen voorkomen: huismus, grote gele kwikstaart, steenuil, ransuil, roek, buizerd, havik, boomvalk, sperwer, kerkuil, wespendief, ooievaar en slechtvalk. Volgens het cursusdictaat “Vleermuizen en Planologie” (Limpens, H., Regelink, J., 2017) en verspreidingsgegevens van de NDFF is de onderzoekslocatie gelegen in een deel van Nederland waar de volgende vleermuissoorten kunnen voorkomen: gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, rosse vleermuis, laatvlieger, gewone grootoorvleermuis, franjestaart, meervleermuis, baardvleermuis, en watervleermuis. Het uitbreidingsgebied is geheel onbebouwd en er zijn geen bomen met holten en spleten aanwezig, waardoor uitgesloten kan worden dat er daar verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn.
Voor een volledige beschrijving van de natuurkenmerken op de plek waar het recreatiepark is beoogd, wordt verwezen naar de rapporten ‘Quickscan natuurbescherming Camping De Hooghe Heide’ en rapport ‘Effectenonderzoek Natuurnetwerk Brabant Camping De Hooghe Heide te Berlicum’, opgesteld door Econsultancy. Deze rapporten zijn toegevoegd als bijlage 5 en 6 van de toelichting. Het bosgebied waar de natuurbegraafplaats wordt ontwikkeld, is voor 80% begroeid met grove den en Amerikaanse eik in een relatief los verband; daarnaast zijn in mindere mate zomereik, berk en op enkele plekken lariks, fijnspar en ruwe berk aanwezig (met name langs de zuidrand). Ondergroei ontbreekt grotendeels en bestaat – waar aanwezig – uit pitrus, grote brandnetel en vingerhoedskruid. Midden in het bosgebied ligt een open plek met enkele takkenhopen. Er is één poel aanwezig in de zuidoosthoek van het terrein. In en rond de poel is enige drijvende en oevervegetatie aanwezig. De poel is gegraven waarbij de vrijkomende grond rond de poel is gelegd. In het gebied liep tot voor 2016 een roedel hobbymatig gehouden damherten (ca. 20 dieren). Deze hebben er door vraat voor gezorgd dat de ontwikkeling van een kruidlaag of verjonging van het bos zo goed als nihil is. In 2022 zijn de gevolgen hiervan nog steeds zeer goed kenbaar.
Uit de NDFF komt naar voren dat in de omgeving van het plangebied of in het plangebied de laatste 5 jaar waarnemingen zijn gedaan van ree, konijn, rosse woelmuis, das, gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis,
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 10/100
laatvlieger, rosse vleermuis, bruine kikker, gewone pad, Alpenwatersalamander, kleine watersalamander en buizerd. Uit de eerdere natuurtoetsen komt naar voren dat verder mogelijk ook soorten als havik, sperwer, boomvalk, ransuil, levendbarende hagedis, eekhoorn, vos, wezel, bosmuis, watervleermuis, gewone dwergvleermuis, rosse vleermuis, laatvlieger en gewone grootoorvleermuis (Heins & Warringa, 2013) in de (ruimere) omgeving van het plangebied voorkomen. Voor een volledige beschrijving van de natuurkenmerken op de plek waar Natuurbegraafplaats Hooghei is beoogd, wordt verwezen naar het rapport ‘Effecten ontwikkeling Natuurbegraafplaats Hooghei te Berlicum’, opgesteld door Bureau Waardenburg. Dit rapport is toegevoegd als bijlage 12 van de toelichting. 2.6
Ontwikkelrichting natuur- en landschap
Vanuit provinciaal beleid zijn verschillende beschermingsregimes voor de bestaande gebieds- en natuurwaarden opgenomen. Het opvanghuis is grotendeels gelegen in de groenblauwe mantel en voor een klein deel in het Natuur Netwerk Brabant. Het recreatiepark is gelegen in de groenblauwe mantel, omsloten door het Natuur Netwerk Brabant. De natuurbegraafplaats is volledig gelegen binnen het Natuur Netwerk Brabant. Gemeenten werken het concrete beleid binnen een gebied verder uit, rekening houdend met deze achterliggende doelstellingen. Hierbij is veel achtergrondinformatie beschikbaar, zoals de gebiedspaspoorten en de gebiedsgerichte ontwikkeling van gebieden zoals opgenomen in het Groenblauw Stimuleringskader. 2.6.1 Doelstellingen Natuur Netwerk Brabant Het Natuur Netwerk Brabant (NNB) is een samenhangend netwerk van natuurgebieden en landbouwgebieden met natuurwaarden van (inter-)nationaal belang, zoals de bossen, de heide en vennen, de stuifduinen, de schraalgraslanden, de rivieren en beken. Het doel van het NNB-beleid is het veiligstellen van ecosystemen en het realiseren van leefgebieden met goede condities voor de biodiversiteit. Deze leefgebieden zijn belangrijk voor dier- en plantensoorten. Om de populaties gezond te houden en de genetische uitwisseling te bevorderen, moeten de gebieden groot genoeg zijn en de mogelijkheid bieden voor migratie tussen de gebieden.
Om het NNB als zo`n netwerk te laten functioneren, werkt de provincie samen met andere partijen aan het aanleggen van ecologische verbindingszones en het oplossen van faunaknelpunten in de wegenstructuur. Als de omstandigheden in een bepaald gebied (tijdelijk) verslechteren, dan kan een soort uitwijken naar een ander geschikt gebied. In het licht van de klimaatveranderingen is dit van toenemend belang. Het Natuur Netwerk Brabant hangt samen met het Natuur Netwerk in de andere delen van Nederland en met het Europese net van natuurgebieden, bekend onder de naam Natura 2000. Het NNB bestaat uit: • bestaande natuur- en bosgebieden; • gerealiseerde nieuwe natuur. Dit zijn gronden die met subsidie uit het Natuurbeheerplan zijn gerealiseerd als nieuwe natuur en waar de landbouwfunctie of een andere niet-natuurbestemming is verdwenen; • nog niet gerealiseerde nieuwe natuur. Dit zijn meestal agrarische gronden die in het Natuurbeheerplan zijn aangewezen als nieuwe natuur, maar waar de gewenste natuurfunctie nog niet is gerealiseerd. De oude functie of bestemming is nog aanwezig; • ecologische verbindingszones. Op basis van het rijksbeleid (Nota ruimte en Besluit algemene regels ruimtelijke ordening) geldt de verplichting om de wezenlijke kenmerken en waarden van het NNB in stand te houden en te beschermen (artikel 3.12 lid 6 van
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 11/100
het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening). Niet alleen het behouden, herstellen en beschermen van bestaande waarden in het natuurnetwerk is belangrijk: er moet ook ruimte zijn voor ontwikkelingen. Juist daarmee ontstaan ook kansen voor de realisering en versterking van het natuurnetwerk. Voor het behoud, herstel en uitbreiding van het Natuur Netwerk Brabant is Provinciale Staten het bevoegde bestuursorgaan. 2.6.2 Doelstellingen groenblauwe mantel De provincie Noord-Brabant streeft naar samenhangende aanpak van natuur, landschap en water die de omgevingskwaliteit en recreatiemogelijkheden versterkt en waardoor de gevolgen van klimaatveranderingen voor de natuur en het watersysteem beter kunnen worden opgevangen. Om de robuustheid van het systeem te bevorderen, zijn er gebieden opgenomen als verbinding tussen het Natuur Netwerk Brabant en het Landelijk gebied; de Groenblauwe mantel. Het beleid in de groenblauwe mantel is gericht op het behoud en vooral de ontwikkeling van natuur, watersysteem en landschap. Voor de natuur betekent dit vooral versterking van de leefgebieden voor plant- en diersoorten en de bevordering van de biodiversiteit buiten het NNB. Binnen de groenblauwe mantel is volop ruimte voor de ontwikkeling van gebruiksfuncties zoals landbouw en recreatie, met een meer extensief karakter en als die bijdragen aan de kwaliteiten van natuur, water en landschap.
De ontwikkeling van nieuwe (kapitaal)intensieve functies, zoals stedelijke ontwikkeling of intensieve vormen van recreatie of en landbouw (zoals de bouw van kassen, (bezoekers-)intensieve recreatie, of concentratiegebieden voor intensieve landbouwfuncties) passen minder bij het karakter van deze gebieden. Daarom geldt binnen de groenblauwe aanvullende regels voor de ontwikkeling van die functies. Bijvoorbeeld in geval van stedelijke ontwikkeling die vanwege de groen-rood verhouding juist bijdraagt aan de ontwikkeling van de kwaliteiten van gebied. De waarden in de groenblauwe mantel zijn vaak gekoppeld aan het bodem-watersysteem (zoals de aanwezigheid van een kwel), aan landschapselementen (zoals houtwallen en heggen), of aan het voorkomen van bijzondere planten en dieren. De groenblauwe mantel richt zich niet alleen op het beschermen van die waarden maar juist ook op de ontwikkeling daarvan. Daarom geldt binnen de groenblauwe mantel dat ontwikkelingen bijdragen aan de natuur- en landschapswaarden en het bodem- en watersysteem. Het beleid richt zich ook op een toename van de belevingswaarde en de recreatieve waarde van het landschap. Nieuwe ontwikkelingen passen daarom qua aard en schaal bij het ontwikkelingsperspectief voor de groenblauwe mantel en houden rekening met omliggende waarden.
2.6.3 Doorvertaling ontwikkelrichting provincie naar gemeentelijk beleid De gemeente Sint-Michielsgestel heeft in 2011 een structuurvisie genaamd ‘Structuurvisie Sint-Michielsgestel 2025’ vastgesteld. In de structuurvisie wordt het gebied rondom de Hooge Heide niet echt specifiek benoemd. In de structuurkaart wordt het gezien als een groen recreatiegebied, met een zeer besloten landschap. In de ‘Structuurvisie buitengebied – Sint-Michielsgestel’ (21 december 2011) wordt gesteld dat ‘landbouw, recreatie en natuur de drie hoofdfuncties zijn die aan het buitengebied worden toebedeeld. Het gemeentelijk beleid voor het buitengebied richt zich dan ook in eerste instantie op de ontwikkeling van deze functies. Omdat toerisme en recreatie één van de drie hoofdfuncties is van het buitengebied is de gemeente Sint-Michielsgestel voornemens om onder voorwaarden meer ruimte te bieden aan de ontwikkeling hiervan. Toetsing aan deze voorwaarden vindt plaats in de paragraaf ‘gemeentelijk beleid’.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 12/100
In de Structuurvisie buitengebied Sint-Michielsgestel wordt het gebied omschreven als halfopen tot besloten oude droge zandontginning. Als toe te passen landschapspakketten worden hierin genoemd: houtsingel, landschapsboom en knotboom. Over de inhoud van kwaliteitsverbetering van het landschap stelt de gemeente in de structuurvisie dat maatwerk de leidraad is, iedere locatie is anders en dient op maat gemaakt te worden. De landschappelijke kenmerken van een gebied zijn bepalend of en in welke vorm een maatregel bijdraagt aan de verbetering van de kwaliteit. De natuurwaarden in de groenblauwe mantel en het Natuur Netwerk Brabant zijn beschermd met gebiedsaanduidingen in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Sint-Michielsgestel’ (2013). Het gaat om diverse gebiedsaanduidingen ter bescherming van de waarden. De gebiedsaanduidingen ‘historisch landschappelijk gebied’, ‘besloten gebied’ en ‘leefgebied van dassen’ zijn overgenomen in onderhavig plan. Indien een aanlegvergunning aan de orde is, dan zal deze getoetst worden aan de voorwaarden zoals opgenomen in de planregels. De in het bestemmingsplan opgenomen aanduidingsregels richten zich onder andere op het veiligstellen van de aanwezige waarden in het plangebied. Dit vertaalt zich naar het omgevingsvergunningenstelsel voor het uitvoeren van werken of werkzaamheden en de randvoorwaarden.
Een aanlegvergunningstelsel wordt gehanteerd om ongewenste werken of werkzaamheden te voorkomen. In de regels is per waarde aangegeven welke werken of werkzaamheden aanlegvergunningplichtig of strijdig zijn. Toerisme en recreatie zijn in de gemeente Sint-Michielsgestel nog relatief beperkt ontwikkeld. Toch is de gemeente van mening dat deze sector meer kansen biedt dan tot nu toe benut worden. De gemeente wil zich positioneren als een groene toeristisch-recreatieve bestemming dichtbij vestingstad ‘s-Hertogenbosch. Grootschaligere recreatie-initiatieven zijn denkbaar, wanneer de ontwikkeling in samenhang wordt beschouwd met andere ter plaatse te realiseren doelstellingen (natuur, landschap, cultuurhistorie, economie, etc.). Over maatschappelijke functies in het buitengebied wordt weinig geschreven. Evenmin wordt beleid gevonden over de realisatie van natuurbegraafplaatsen in natuurgebieden. Ook voor deze initiatieven geldt, dat deze in samenhang wordt beschouwd met andere ter plaatse te realiseren waardedoelstellingen. 2.7
Meerwaarde initiatieven
De initiatieven passen binnen de gebiedsdoelstellingen voor de ‘Hooge Heide’. De meerwaarde van de drie initiatieven voor natuur, landschap en waterhuishouding blijkt uit de toetsing aan de afzonderlijke provinciale en gemeentelijke beleidskaders. Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 4 van deze toelichting.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 13/100
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 14/100
3
Projectprofiel
3.1
Inleiding
In dit hoofdstuk wordt voor elk van de drie initiatieven ingegaan op achtereenvolgens de feitelijke situatie, de planologische situatie en de gewenste ontwikkeling. 3.2
Recreatiepark ‘Camping De Hooghe Heide’
3.2.1 Bestaande situatie Recreatiepark ‘Camping De Hooghe Heide’ is in 2006 overgenomen door Dhr. Kroot, de huidige eigenaar. Het bedrijf richt zich op mensen die houden van natuur, rust en ruimte. Camping De Hooghe Heide is ca. 5,2 ha. groot en ligt in een natuurlijke omgeving aan de Werstkant 17. Het recreatiepark is tijdens de schoolvakanties vooral gericht op gezinnen met kinderen tot 12 jaar. Buiten de schoolvakanties is het recreatiepark gericht op actieve 50+ recreanten, die van wandelen of fietsen houden. Camping De Hooghe Heide beschikt over een kampeerterrein, diverse verhuuraccommodaties, van comfortabel basic tot heerlijk luxe. Het bedrijf heeft planologische rechten voor 42 vakantiewoningen (waarvan 6 in eigendom van de camping en één woning is in gebruik als bedrijfswoning); 8 boslodges; 16 verhuurchalets; 5 trekkershutten en een kampeerterrein (aantal standplaatsen is niet gemaximeerd). In de figuur hierna is de bestaande situatie afgebeeld.
Bestaande situatie Camping De Hooghe Heide (bron: https://www.hoogheheide.nl/camping/plattegrond, 2021)
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 15/100
De toeristische standplaatsen liggen langs de randen van de kampeervelden, die door heggen en bomen van elkaar zijn gescheiden. De toeristische standplaatsen hebben een oppervlak van 70 tot 100 m2, en voldoen daarmee niet meer aan de eisen van de gasten.
Foto’s Camping de Hooghe Heide. 1: Pannekoekenhuys de Pimpernel, 2: zwembad, 3: trekkershutten, 4: boslodge, 5: luxe blokhut, 6: kampeerterrein. (bronnen: https://www.hoogheheide.nl en https://de-pimpernel.nl/ 2021)
Het overgrote deel van de percelen waarop de vakantiewoningen staan is door de voorganger van de heer Kroot aan de eigenaren van deze vakantiewoningen verkocht. Een deel van deze eigenaren is in het bezit van een persoonlijke gedoogvergunning om permanent op De Hooghe Heide te verblijven. Na verkoop van de recreatiewoning mogen deze niet meer voor permanente bewoning worden gebruikt. Voor de eigendomsverhoudingen van alle vakantiewoningen en (verhuur)chalets wordt u verwezen naar het bedrijfsplan van Nuland & Partners in bijlage 2.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 16/100
Pannenkoekenhuis De Pimpernel wordt door De Hooghe Heide verhuurd aan de exploitant van de horeca. De camping beschikt daarnaast over faciliteiten zoals een openluchtzwembad met apart peuterbad, een midgetgolfbaan, een tokkelbaan, een grote speeltuin met speeltoestellen en een groot speelveld. Het bestaande recreatiepark is in het vigerende bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2009) en “Actualisatie Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2015) bestemd als ‘Recreatie’. Binnen het bestemmingsvlak zijn maximaal 50 recreatiewoningen, 16 chalets en 5 trekkershutten toegestaan. De verbindingsweg (veldweg) tussen de Hooghei en de Werstkant, de toegangsweg tot het recreatiepark, heeft de bestemming ‘Verkeer – fietsweg’. 3.2.2 Bedrijfsplan Omdat de opbrengsten van het bedrijf, mede vanwege het geringe bedrijfseconomische draagvlak (beperkt aantal standplaatsen/accommodaties) onvoldoende zijn om ook in de toekomst te kunnen blijven voldoen aan de wensen en eisen van de consument, is in 2010 een bedrijfsplan door van Nuland & Partners opgesteld. De provincie Noord-Brabant heeft aan de Gemeente Sint-Michielsgestel bij brief d.d. 12 oktober 2020 laten weten dat het bedrijfsplan geüpdatet moet worden.
Gezien het feit dat: • de wensen en eisen van consumenten en de trends en marktontwikkelingen sinds 2010 aanzienlijk gewijzigd zijn; • de (bestaande) financiële onderbouwing 10 jaar oud is; • de invulling van het toekomstige park, mede op basis van de langlopende procedure, enigszins aangepast; Is Van Nuland & Partners gevraagd deze strategische toekomstvisie op papier te zetten en zowel markttechnisch als bedrijfsmatig te onderbouwen. Het geactualiseerde bedrijfsplan is opgenomen als bijlage 2. In overleg met initiatiefnemer zijn de volgende speerpunten voor de ontwikkeling van Camping De Hooghe Heide geformuleerd: • De Hooghe Heide profileren als unieke stadscamping; • Verduurzamen van het totale product; • Een verbetering en (gefaseerde) uitbreiding van de bestaande voorzieningen en verblijfsrecreatieve producten; • De aanleg van een nieuw, volledig geautomatiseerd, camperpark; • Aanleg van een nieuwe entree voor spreiding van de recreatiedruk; 3.2.3 Nieuwe situatie: Inrichtingsplan herontwikkeling De speerpunten van het bedrijfsplan zijn vertaald naar een inrichtingsplan voor de uitbreiding van het recreatiepark (zie bijlage 3 van de toelichting). De herontwikkeling van het recreatiepark zal niet in één keer gerealiseerd worden. Hier is een gefaseerd meerjarenplan voor opgesteld, bestaande uit 3 fasen.
Voor de beleving van bezoekers worden twee heidegebieden en één ven gerealiseerd en onderhouden. De realisatie ervan vindt plaats in de eerste fase van het meerjarenplan. In de eindsituatie van de uitbreidingsplannen wordt uitgegaan van maximaal 42 vakantiewoningen, 64 verhuurchalets, 5 trekkershutten, 34 grote toeristische standplaatsen van 125 m2 en 42 standplaatsen van 100 m2 voor campers. Het recreatiepark groeit van een oppervlakte van ongeveer 5 hectare naar 7,7 hectare.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 17/100
Inrichtingsschets Camping De Hooghe Heide (bestaande deel) (bron: Aveco de Bondt bv, 2022)
Inrichtingsschets Camping De Hooghe Heide (nieuwe deel) (bron: Aveco de Bondt bv, 2022)
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 18/100
Voor de profilering als unieke stadscamping en verduurzaming van het product wordt geïnvesteerd in ondersteunende voorzieningen en landschapsbeleving. Er wordt een centraal voorzieningengebouw gerealiseerd met aansluitend een terras. Dit gebouw wordt ingericht als de ‘huiskamer’ voor alle gasten. Op de begane grond komen sanitaire voorzieningen, speelvoorzieningen, een ontbijt/lunchruimte en een lounge. Er wordt geen horeca beoogd in dit gebouw. Er wordt wél een pantry gerealiseerd waar men koffie of thee kan zetten. Aansluitend op de pantry zal buiten een terrasje worden uitgezet. Op de verdieping van dit gebouw worden 5 bed & breakfast kamers gerealiseerd. De bestaande parkeercapaciteit wordt uitgebreid met een nieuw parkeerterrein. Het recreatiepark wordt voorzien van een nieuwe entree aan de westzijde. Een deel van de (bestaande) onverharde toegangsweg wordt daarvoor verhard. De bestaande bedrijfswoning komt te vervallen en zal weer worden verhuurd als recreatiewoning (bestaand planologisch recht). Een nieuwe bedrijfswoning wordt nabij de nieuwe entree gebouwd.
Bij het opstellen van het inrichtingsplan voor het recreatiepark is rekening gehouden met ligging ten opzichte van het Natuur Netwerk Brabant, landschappelijke waarden en gevoelige objecten: • De nieuwe entree/verkeersroute van het recreatiepark ligt op gepaste afstand van het Natuur Netwerk Brabant én gevoelige functies (woningen en opvanghuis); • Parkeren wordt centraal op het park gefaciliteerd; • De nieuwe recreatiewoningen zijn niet te bereiken voor gemotoriseerd verkeer (uitzonderingen daargelaten: bij onderhoud en bij calamiteiten); • Met akoestisch onderzoek is aangetoond dat de ontwikkeling een positief, akoestisch, indirect effect op het Natuur Netwerk Brabant heeft; • Er zal slimme verlichting worden toegepast en deze wordt niet naar het Natuur Netwerk Brabant gericht; • Het recreatiepark wordt landschappelijk ingepast conform artikel 3.9 van de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant, 3.2.4 Landschappelijke inpassing Aveco de Bondt bv heeft een landschappelijk inpassingsplan voor het recreatiepark opgesteld. Dit plan is opgenomen als bijlage 3 van de regels. In dit plan is rekening gehouden met de bestaande landschaps- en natuurwaarden en is gekozen voor gebiedseigen beplanting. De landschappelijke inpassing bevat een aarden wal tussen het recreatiepark en het opvanghuis.
Deze aarden wal is een resultaat van de bemiddelingsovereenkomst tussen beide initiatiefnemers en de gemeente SintMichielsgestel (2014). De overeenkomst is opgenomen als bijlage 1 van de toelichting. Uit akoestisch onderzoek is gebleken dat een geluidswerende voorziening dient te worden geplaatst op de gronden tussen het recreatiepark en het erf van Hooghei nr. 36. De geluidswerende voorziening is geen object wat in deze omgeving als landschapselement passend is en deze is derhalve geen onderdeel van de landschappelijke inpassing als bedoeld in artikel 3.9 Iov Noord-Brabant.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 19/100
3.2.5 Overzicht bestaande en nieuwe situatie Voor het overzicht is in de tabel hierna ordentelijk de bestaande en nieuwe situatie vergeleken. Tevens is hierin de fasering van de ontwikkeling opgenomen. Haalbaarheidsonderzoeken voor het recreatiepark gaan uit van de eindsituatie (fase 3), wanneer de maximale planologische mogelijkheden volledig zijn benut. Fasering en verschil oude en nieuwe situatie
bestaande situatie
fase 1 uitbreiding
fase 2 uitbreiding
fase 3 verschil oude versus uitbreiding nieuwe situatie (eindsituatie)
vakantiewoningen
42
42
42
42
0
verhuurchalets
24
43 (+19)
54 (+11)
64 (+10)
+40
trekkershutten
5
5
5
5
0
Totaal aantal recreatiewoningen
71
90
101
111
+40
toeristische standplaatsen
70
81*
50** (-31)
34 (-16)
-36
camperplaatsen
0
20 (+20)
42 (+22)
42
+42
Totaal aantal standplaatsen
70
101
92
76
+6
Verblijfsrecreatie
*ter plaatse van heide 30, ter plaatse van bestaande camping 34 én +/- 17 standplaatsen bij camperplaats fase 2 **ter plaatse van heide 16, ter plaatse van bestaande camping 34
bed & breakfast kamers
0
5
5
5
+5
langs camping
aan zijde natuurbegraafplaats
aan zijde aan zijde natuurnatuurbegraafplaats begraafplaats
n.v.t.
landschapsontwikkeling op het recreatiepark
geen
ven en heide
ven en heide
ven en heide
n.v.t.
pannenkoekenhuis/restaurant
1
1
1
1
0
bedrijfswoning/dienstwoning
1
1 (deze verplaatst)
1 (deze verplaatst)
1 (deze verplaatst)
0
terrassen
1
2
2
2
+1
centrale voorzieningengebouw
0
1
1
1
+1
zwembaden
1
1
1
1
0
sanitairgebouw
1
1
1
1
0
speelweides
3
3
3
3
0
parkeerterreinen
1
2
2
2
+1
overige voorzieningen verleggen fietspad
Tabel: fasering uitbreiding en herstructurering recreatiepark en vergelijking bestaande en nieuwe situatie
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 20/100
3.3
Natuurbegraafplaats Hooghei
3.3.1 Bestaande situatie Op een relatief droog bosgebied dat grotendeels is begroeid met Grove Den en andere naaldhoutsoorten wil Natuurbegraven Nederland een natuurbegraafplaats ontwikkelen van ongeveer 10 ha. Het bos is lange tijd in gebruik geweest als hertenkamp, waardoor ondergroei grotendeels ontbreekt. Nevenstaand zijn foto’s van het bosgebied te zien. Het noorden van het terrein grenst direct aan de openbare weg ‘Hooghei’. Het deelgebied is binnen het vigerend bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2001) bestemd als ‘Bosgebied’. Binnen deze bestemming mag niet worden gebouwd. De gronden zijn bestemd voor de instandhouding, herstel en/of ontwikkeling van het bos met de daarop afgestemde bosbouw. Ter plaatse is één recreatiewoning aanwezig. Deze is bestemd met de bestemming ‘Recreatieve doeleinden’ met een functieaanduiding ‘vakantiewoning’.
Foto’s van het bosgebied waar de natuurbegraafplaats wordt gerealiseerd. Tevens is in een van de foto’s de recreatiewoning te zien (bron: C5s, 2015)
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 21/100
3.3.2 Ontwikkeling natuurbegraafplaats In dit bosgebied wordt een natuurgebied met een natuurbegraafplaats 1, met bijbehorend parkeergelegenheid en een informatie/ceremonieruimte gerealiseerd. De bestaande recreatiewoning wordt gesloopt. Het bestaande bestemmingsvlak voor de recreatiewoning wordt binnen hetzelfde kadastrale perceel verschoven in de richting van de weg ‘Hooghei’, waar dit bestemmingsvlak wordt gebruikt voor een informatie- en ceremoniegebouw ten behoeve van de natuurbegraafplaats.
Maatregelenkaart Natuurbegraafplaats Hooghei (bron: Natuurbegraven Nederland, Inrichtings- en beheerplan, april 2021) 1 Natuurbegraven is in Nederland een alternatief voor traditioneel begraven en cremeren. Overledenen worden begraven zonder een
grafsteen. Kosten voor onderhoud en beheer van de natuurgraven worden voor altijd afgekocht. Het eeuwigdurende grafrecht wordt samen met de exacte GPS-coördinaten van het natuurgraf vastgelegd. Elk natuurgraf wordt maar één keer uitgegeven. Bij elk verkocht graf wordt een bedrag in een natuurontwikkelingsfonds gestort. Hiermee wordt nieuwe natuur gerealiseerd. Het beheer wordt uitgevoerd door een onafhankelijke beheerstichting. Toekomstige generaties kunnen hierdoor blijven genieten van de natuur.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 22/100
Ter plaatse zijn de gebiedsaanduidingen ‘historisch landschappelijk gebied’, ‘besloten gebied’ en ‘leefgebied van dassen’ aanwezig. Het gebied kenmerkt zich als een groen recreatiegebied, met een 'zeer besloten landschap'. Deze gebiedsaanduidingen zijn overgenomen in onderhavig plan. In paragraaf 2.1 in het inrichtings- en beheerplan is de landschappelijke ecologische systeemanalyse uitgewerkt. Aan de hand van deze analyse zijn kansen voor het gebied inzichtelijk gemaakt (paragraaf 2.1.5 in het inrichtingsen beheerplan, bijlage 4 bij de regels). Zo is het hoogteverschil binnen het terrein als kans benoemd voor geleidelijke overgangen van droog en schraal naar vochtige en voedselrijkere landschappen. Met het ontwerp voor de natuurbegraafplaats zoals omschreven in hoofdstuk 4 in het inrichtings- en beheerplan, wordt ingespeeld op deze kansen. Door het uitvoeren van gerichte natuurontwikkelingsmaatregelen zoals het maken van open plekken en aanplant van loofboomsoorten, kunnen de in het plangebied aanwezige landschappelijke gradiënten (droog-vochtig, schraal-voedselrijk, open-gesloten) beter tot hun recht komen. Er is rekening gehouden met de kansen en knelpunten van het gebied. In bijgevoegde onderzoeken is het effect van deze ontwikkeling op de aanwezige waarden getoetst.
Zo is in de natuurtoets (bijlage 12 bij de toelichting) onder andere het effect op het leefgebied van de das, natuurdoelen en -kwaliteit en de landschapsstructuur als gevolg van deze ontwikkeling onderzocht. Geconcludeerd wordt dat negatieve effecten als gevolg van deze ontwikkeling zijn uitgesloten. Wat betreft natuurdoelen en -kwaliteit en de landschapsstructuur zal de ontwikkeling een positief effect teweeg brengen. Met de ontwikkeling van een natuurgebied met daarbinnen de mogelijkheid voor een laatste rustplaats in de natuur, wordt het gebied openbaar toegankelijk voor bezoekers en wordt de belevingswaarde van het gebied vergroot. Om te kunnen functioneren als natuurbegraafplaats is een voorziening nodig op het terrein van waaruit uitvaarten georganiseerd kunnen worden en waar informatie over natuurbegraven kan worden verstrekt. Ook is een ruimte nodig voor inpandige opslag ten behoeve van het natuurbeheer. Het informatiecentrum, een kleine ceremonieruimte en inpandige opslag ten behoeve van het beheer van het natuurgebied worden ondergebracht in één (tijdelijk) gebouw op de natuurbegraafplaats binnen het daarvoor bestemde bouwvlak. Dit bouwvlak heeft een oppervlakte van 750 m². Daarbinnen mag een gebouw van 500 m² worden gerealiseerd. Een exact ontwerp voor het ontvangst- en ceremoniegebouw wordt later uitgewerkt.
Binnen de bestemming Natuur ligt op de natuurbegraafplaats de functieaanduiding ‘parkeerterrein’ voor een bosparkeerplaats en een toegangsweg (artikel 6.1, lid d). In het voorontwerp had de functieaanduiding voor de parkeerplaats en toegangsweg een oppervlakte van 3.000 m². Dit oppervlakte was in het voorontwerp erg ruim opgezet. Het parkeerterrein is aangepast en verkleind naar 2.000 m². Door een efficiënte inrichting is er voldoende oppervlakte om 60 parkeerplaatsen en een toegangsweg aan te leggen in een groene opzet, binnen het daarvoor bestemde vlak. De bosparkeerplaats en de toegangsweg worden uitgevoerd in halfverharding. Door het informatie- en ceremoniegebouw en de bosparkeerplaats nabij de weg te realiseren, wordt aangesloten bij de wens de bezoeker te ontvangen aan de ingang van het natuurgebied en wordt de rust in het natuurgebied vergroot. Met de realisatie van een nieuwe natuurbegraafplaats wordt geïnvesteerd in een verbetering van de natuurwaarden van dit deel van de Hooge Heide. De natuurontwikkelings- en inrichtingsmaatregelen die hiervoor nodig zijn, staan in de maatregelenkaart in de figuur op de vorige pagina. Het inrichting – en beheerplan is als bijlage 4 opgenomen bij de regels. Als alle natuurgraven zijn gerealiseerd, na ongeveer 30 jaar is en blijft de natuurbegraafplaats een opengesteld natuurgebied.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 23/100
De natuurbegraafplaats wordt binnen de natuurbestemming aangeduid als ‘specifieke vorm van natuur – natuurbegraafplaats’. Het informatiecentrum/ de ceremonieruimte van 500 m2 wordt binnen de maatschappelijke bestemming gerealiseerd en krijgt de aanduiding ‘specifieke vorm van maatschappelijk – ontvangstruimte. Het parkeerterrein wordt binnen de natuurbestemming aangeduid als ‘specifieke vorm van natuur - parkeerterrein en toegangsweg’. Ter realisatie van het informatiecentrum/ de ceremonieruimte en een parkeerterrein wordt bos gekapt. Dit bosgebied met beheertype ‘N16.03 Droog bos met productie’ heeft een oppervlak van 2.750 m 2 en is conform de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant aangeduid als Natuur Netwerk Brabant. Daar tegenover staat dat de recreatiewoning wordt verwijderd uit het centrale deel van het plangebied en het bijbehorende bouwvlak verplaatst naar de noordzijde. Hiermee wordt 400 m2 teruggegeven aan het NNB, welke kan worden gebruikt ter compensatie van het nieuwe bouwvlak. Derhalve wordt een verzoek gedaan aan de provincie Noord-Brabant tot herbegrenzing van het Natuur Netwerk Brabant (hierna NNB). De herbegrenzing wordt aangevraagd op basis van een kleinschalige ingreep (artikel 3.21 Iov). De compensatie, een netto verlies van 2.350 m2, zal plaatsvinden met financiële compensatie overeenkomstig artikel 3.24 Iov.
Het financiële compensatieplan is bijgevoegd aan bijlage 6 bij de Regels. 3.4
Opvanghuis Berlicum
3.4.1 Bestaande situatie Opvanghuis Berlicum voorziet in 41 plaatsen voor cliënten welke behoefte hebben aan opvang. Het opvanghuis ontvangt mannen en vrouwen vanaf 23 jaar, die een gestructureerde en beschermde woon- en/of leefgemeenschap nodig hebben. Het opvanghuis bestaat uit een hoofdgebouw waar zorg wordt verleend, een bedrijfswoning, bijgebouwen voor opslag van goederen (berging) en een fietsenstalling. Momenteel omvat de vigerende regeling op basis van het bestemmingsplan “Buitengebied Sint-Michielsgestel” (2009) meerdere bestemmingsvlakken ‘Maatschappelijk’ met bouwvlakken die strak rondom de bestaande bebouwing gesitueerd zijn. De bouwvlakken zijn gekoppeld aan elkaar met een koppelteken. Het hoofdgebouw en de meeste voorzieningen zijn gesitueerd binnen het bouwvlak. Twee bijgebouwen zijn buiten de bestemming ‘Maatschappelijk’ gerealiseerd, binnen de bestemming ‘Bos’.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 24/100
3.4.2 Nieuwe situatie: Legalisatie bijgebouwen Ter realisatie van de bijgebouwen is bosgebied gekapt. Dit bosgebied is conform de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant aangeduid als Natuur Netwerk Brabant. Deze situatie wordt met onderhavig bestemmingsplan gelegaliseerd. Derhalve wordt een verzoek gedaan aan de provincie Noord-Brabant tot herbegrenzing van het Natuur Netwerk Brabant (hierna NNB). De herbegrenzing wordt aangevraagd op basis van een kleinschalige ingreep (artikel 3.21 Iov). De compensatie zal plaatsvinden met financiële compensatie overeenkomstig artikel 3.24 Iov. De oppervlakte NNB die wordt gecompenseerd bedraagt 850 m2 (zie bijlage 7 regels).
Foto’s van het opvanghuis en de buitenruimte
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 25/100
4
Beleidskader
4.1
Inleiding
De beleidscontext voor het plangebied wordt gevormd door landelijke, provinciale, en gemeentelijke beleidsrapportages. In dit hoofdstuk is het relevante beleid samengevat. 4.2
Rijksbeleid
4.2.1
Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR), 2012
Toetsingskader Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van kracht geworden. Deze structuurvisie vormt de uitwerking van de ambities van het Rijk voor Nederland in 2040, op basis van haar verantwoordelijkheden, in Rijksdoelen en daarmee samenhangende nationale belangen op het gebied van een samenhangend ruimtelijk en mobiliteitsbeleid. Het Rijk heeft tot doel Nederland concurrerend, bereikbaar, leefbaar en veilig te maken in een periode van economische conjunctuurschommelingen, klimaatverandering en toenemende regionale verschillen. Aanleiding voor het vaststellen van de visie is de constatering dat het voorheen geldende ruimtelijke Rijksbeleid onvoldoende bijdroeg aan het behalen van deze doelen, onder meer door het veroorzaken van bestuurlijke drukte, ingewikkelde regelgeving en een te sectorale blik op vraagstukken. Om dit te keren brengt het Rijk de ruimtelijke ordening zo dicht mogelijk bij diegene die het aangaat en laat het meer over aan gemeenten en provincies. Het Rijk onderscheidt thans nog dertien nationale belangen; uitsluitend op basis van deze belangen intervenieert het Rijk in de ruimtelijke ordening. Een groot deel van deze belangen leidt tot het reserveren van ruimte voor functies. Dit betreft dan bijvoorbeeld het reserveren van ruimte voor waterberging, militaire activiteiten en de uitbreiding van het hoofdwegennet.
Deze belangen zijn vastgelegd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) en de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Eén van de belangen die niet leidt tot een ruimtereservering is het belang van een 'zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle ruimtelijke en infrastructurele besluiten'. In het kader van dit belang heeft het Rijk besloten om, ten behoeve van het verminderen van de bestuurlijke drukte en het neerleggen van verantwoordelijkheden bij decentrale overheden, de verstedelijkingsstrategie te wijzigen. Dit houdt in dat het bundelingsbeleid, verdichtingsbeleid, locatiebeleid voor bedrijven en voorzieningen, beleid voor basiskwaliteit, stedelijke netwerken, nationale landschappen en rijksbufferzones is afgeschaft en dat daar slechts één beleidslijn voor terug komt: de 'ladder voor duurzame verstedelijking'. Deze 'ladder' heeft tot doel het principe van vraaggericht programmeren en het principe van zorgvuldig ruimtegebruik bindend voor te schrijven bij de afwegingen van gemeenten en provincies. Dit belang is als procesvereiste vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening (Bro). Grondgedachte van de 'ladder' is dat een activiteit op meerdere locaties zou kunnen plaatsvinden en dat vervolgens de planologisch meest juiste locatie gekozen moet worden. Dat gaat uit van de activiteit.
Hiermee wordt beoogd om de voorheen bestaande praktijk, waarbij in veel gevallen een bestemming wordt gezocht voor een bepaalde locatie, om te vormen. Beoordeling en conclusie De onderhavige ontwikkelingen raken geen van deze onderwerpen. Het beleid van het Rijk wordt geëffectueerd door het Barro en het Rarro.
datum referentie
20 oktober 2022 132307_AdB_RAP_0001_v4.0
P 26/100
4.2.2
Besluit en ministeriële regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Barro, Rarro), 2012
Toetsingskader Het Rijk heeft in de hiervoor genoemde SVIR vastgesteld dat voor een beperkt aantal onderwerpen de bevoegdheid om algemene regels te stellen zou moeten worden ingezet. De SVIR bepaalt welke kaderstellende uitspraken zodanig zijn geformuleerd dat deze bedoeld zijn om beperkingen te stellen aan de ruimtelijke besluitvormingsmogelijkheden op provinciaal en gemeentelijk niveau. Ten aanzien daarvan is een borging door middel van normstelling, gebaseerd op de Wet ruimtelijke ordening, gewenst. Die uitspraken onderscheiden zich in die zin dat van de provincies en de gemeenten wordt gevraagd om de inhoud daarvan te laten doorwerken in de ruimtelijke besluitvorming. Zij zijn dus concreet normstellend bedoeld en worden geacht direct of indirect door te werken tot op het niveau van de lokale besluitvorming, zoals de vaststelling van bestemmings- en wijzigingsplannen. Het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) bevestigt in juridische zin die kaderstellende uitspraken. Op 30 december 2011 is het Barro in werking getreden met daarin een regeling voor een beperkt aantal onderwerpen. Op 1 oktober 2012 is het besluit aangevuld met regels voor de andere beleidskaders uit de SVIR en tevens uit het Nationaal Waterplan en het Derde Structuurschema Elektriciteitsvoorziening.
Door de nationale belangen vooraf in bestemmingsplannen te borgen, wordt met het Barro bijgedragen aan versnelling van de besluitvorming bij ruimtelijke ontwikkelingen en vermindering van de bestuurlijke drukte. Een aantal onderwerpen is geregeld in de bij het Barro behorende Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro). Beoordeling en conclusie Ten aanzien van het onderhavige plangebied zijn er geen regels uit het Barro/Rarro van toepassing, aangezien er bij de onderhavige ontwikkeling geen nationale belangen zijn gemoeid. 4.2.3
Ladder voor duurzame verstedelijking (art. 3.1.6 lid 2 Bro), 2017
Toetsingskader Op 1 oktober 2012 is art. 3.1.6, lid 2 toegevoegd aan het Besluit ruimtelijke ordening (Bro); dit artikel bevat de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’. Met de toevoeging van dit artikel in het Bro is beoogd vanuit een oogpunt van ruimtelijke ordening ongewenste leegstand te vermijden en zorgvuldig ruimtegebruik te stimuleren (ECLI:NL:RVS:2017:353, r.o. 18.5). Op 1 juli 2017 is een wijziging van art. 3.1.6, lid 2 Bro in werking getreden. Het Bro regelt thans dat ‘de verantwoording van een juridisch verbindend ruimtelijk besluit van een decentrale overheid dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, een beschrijving dient te bevatten van de behoefte aan die ontwikkeling. Tevens is geregeld dat indien het ruimtelijk besluit die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, de verantwoording een motivering dient te bevatten waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien’. De definiëring van enkele van de in het artikel genoemde begrippen in art. 1.1.1 Bro laat onverlet dat de ‘ladder voor duurzame verstedelijking’ als een ‘open norm’ is te kwalificeren. Dit houdt in dat de norm inhoudelijk open is en onder verschillende omstandigheden nader ingevuld moet worden.