8.1 Ontwerpbestemmingsplan Toelichting en Regels
Tekst van het document
de afstand tussen de hoofdgebouwen en de zijdelingse bouwperceelsgrens zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de aanduiding 'vrijstaand': 4 meter. f. de goot- en bouwhoogte van de hoofdgebouwen bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; g. bij toepassing van hellende dakvlakken bedraagt de dakhelling minimaal 45° en maximaal 55°; h. de achtergevel van het hoofdgebouw mag de achtergevelrooilijn niet overschrijden; i. ter plaatse van de aanduiding 'nokrichting' wordt de nokrichting evenwijdig aan de gevellijn gebouwd; j. het aantal parkeerplaatsen bedraagt minimaal 2 parkeerplaatsen per hoofdgebouw ter plaatse van de gronden met de aanduiding 'vrijstaand'. 5.2.3 Bijbehorende bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht, met dien verstande dat één van de beide zijerven onbebouwd blijft; b. de bebouwde oppervlakte van het achtererf mag maximaal 50% bedragen met een maximum van 40 m²; c. in afwijking van het bepaalde in lid 5.2.3, sub b mag voor achtererven groter dan 80 m² dit maximum worden verhoogd met 10% van het verschil in grootte, zulks met een absoluut maximum van 90 m²; d.
de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,25 meter en de bouwhoogte maximaal 7 meter bedragen. Indien een dakhelling wordt toegepast bedraagt de helling minimaal 30°; e. de afstand tussen bijbehorende bouwwerken die (deels) gebouwd worden vóór de achtergevelrooilijn, en de zijdelingse bouwperceelsgrens zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 'vrijstaand': 4 meter; f. bijbehorende bouwwerken moeten minimaal 1,5 meter achter de voorgevellijn worden gebouwd; g. vrijstaande bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend achter (het verlengde van) de achtergevel van de woning worden opgericht;
53
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
h. in afwijking van het bepaalde in lid 5.2.3, sub g mogen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - bijbehorend bouwwerk' vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor het verlengde van de achtergevel van de woning worden opgericht; i. vrijstaande bijbehorende bouwwerken mogen tot op de zijdelingse bouwperceelsgrens worden gebouwd. 5.2.4 Overige bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen overige bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte van overige bouwwerken bedraagt maximaal 2 meter. 5.3 Afwijken van de bouwregels 5.3.1 Afwijken middels omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in: a. lid 5.2.2, sub c voor het oprichten van een deel van de voorgevel achter de op de verbeelding aangegeven voorgevellijn, mits tenminste 50% van de totale voorgevelbreedte van het hoofdgebouw wel in de op de verbeelding aangegeven voorgevellijn wordt gebouwd. Indien voor een bouwperceel twee voorgevellijnen zijn bepaald, dient zowel de voor- als de zijgevel voor tenminste 50% van de gevelbreedte van het hoofdgebouw in de op de verbeelding aangegeven voorgevellijn te worden gebouwd; b. lid 5.2.2, sub f mits deze maat met maximaal 1 meter zal worden overschreden; c. lid 5.2.4, sub a tot een bouwhoogte van maximaal 10 meter.
5.3.2 Vergunningvereiste De in lid 5.3.1 genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de samenhang in het straat- en bebouwingsbeeld; b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 5.3.3 Procedureregel Bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 5.3.1, sub a, b en c, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de gemeentelijke kwaliteitscoördinator. 5.4 Specifieke gebruiksregels 5.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van de huisvesting van personen; b. het gebruik van de gronden voor windturbines. 5.5 Afwijken van de gebruiksregels 5.5.1 Afwijken m.b.t. de uitoefening van detailhandel, beroepsmatige en/of bedrijfsmatige activiteiten Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 5.1.1: a. voor de uitoefening van de detailhandel in, beroepsmatig en/of bedrijfsmatig gebruik van de woning en/of bijbehorende bouwwerken met dien verstande dat bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1.
de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit; 2. het gebruik een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van detailhandel, beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in gebruik mag zijn; 3. geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten;
54
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
4. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 5. er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 5.5.2 Afwijken m.b.t. logies met ontbijt Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 5.1.1: a. voor het gebruik van een woning en/of bij de woning bijbehorende bouwwerken voor logies met ontbijt, met dien verstande dat het bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit; 2. de logies met ontbijt een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van de logies met ontbijt in gebruik mag zijn; 3. de logies met ontbijt mag niet in een vrijstaand bijbehorend bouwwerk worden gerealiseerd; 4.
geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het aanbieden van logies met ontbijt die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; 5. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 6. er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 5.6 Algemene gebruiksregels 5.6.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of te doen of laten gebruiken van overige bouwwerken en gronden op een wijze of tot een doel strijdig met de in dit plan aan de grond gegeven bestemming. 5.6.2 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 5.6.1: a. indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik dat niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.
55
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 6
Wonen-1
6.1 Bestemmingsomschrijving 6.1.1 Bestemming De voor 'Wonen-1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wonen; b. groen; c. ter plaatse van de aanduiding 'ontsluiting': tevens een ontsluitingsweg; d. tuinen, erven, paden, verhardingen, parkeervoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming. 6.2 Bouwregels 6.2.1 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 6.1.1 bedoelde bestemming worden gebouwd: a. hoofdgebouwen; b. bijbehorende bouwwerken; c. overige bouwwerken. 6.2.2 Hoofdgebouwen Met betrekking tot het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht; b. ter plaatse van de bouwvlakken met de aanduiding 'aaneengebouwd': mogen uitsluitend aaneengesloten hoofdgebouwen worden gebouwd; c. ter plaatse van de bouwvlakken met de 'specifieke bouwaanduiding - patio': mogen uitsluitend patio hoofdgebouwen worden gebouwd; d. in afwijking van het bepaalde in lid 6.2.2, sub b en c is het toegestaan, daar waar de bouwaanduidingen op de verbeelding elkaar overlappen de genoemde woningtypologieën te combineren; e. het bebouwde oppervlak bedraagt niet meer dan het op de verbeelding aangegeven bebouwingspercentage; f.
de breedte van een hoofdgebouw – een aangebouwd bijbehorend bouwwerk als genoemd in lid 6.2.1 sub b niet meegerekend – zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 1. 'aaneengebouwd': 6 meter; 2. 'patio': 8 meter. g. de goot- en bouwhoogte van de hoofdgebouwen bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; h. de afstand tussen de voorgevellijn en de achtergevelrooilijn bedraagt binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 1. 'aaneengebouwd': maximaal 15 meter; 2. 'patio': maximaal 17 meter. i. per aaneengebouwde woning dient minimaal 25m² van het bouwperceel onbebouwd te blijven; j. per patiowoning dient minimaal 25m² van het bouwperceel onbebouwd te blijven, waarbij de onbebouwde ruimte door muren van minimaal 2 meter hoog wordt omsloten. De hoogte van de muren bedraagt niet meer dan de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw vermeerderd met 0,25 meter; k. hoofgebouwen moeten minimaal 7 meter uit het hart van de hoofdontsluitingsweg worden gebouwd. 6.2.3 Bijbehorende bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht; b. de oppervlakte van bijbehorende bijgebouwen bedraagt maximaal 10m² meter per hoofdgebouw; c.
vrijstaande bijbehorende bouwwerken zijn uitgesloten;
56
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
d. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,25 meter en de bouwhoogte maximaal 7 meter bedragen. Indien een dakhelling wordt toegepast bedraagt de helling minimaal 30°. 6.2.4 Overige bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen overige bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte van overige bouwwerken bedraagt maximaal 2 meter; b. in afwijking van het onder lid 6.2.4, sub a bepaalde bedraagt de bouwhoogte van een erfafscheiding, die gebouwd wordt vóór (het verlengde van) de voorgevellijn, alsmede binnen 1 meter achter (het verlengde van) de voorgevellijn, maximaal 1 meter; c. in afwijking van het onder lid 6.2.4, sub a bepaalde geldt voor achtererven die niet dieper zijn dan 3 meter gemeten vanaf de achtergevelrooilijn, dat de bouwhoogte van een erfafscheiding aan de achterzijde van het bouwperceel én grenzend aan de openbare ruimte maximaal 1 meter bedraagt; d. in afwijking van het onder lid 6.2.4, sub a bepaalde geldt voor achtererven die dieper zijn dan 3 meter gemeten vanaf de achtergevelrooilijn, dat de bouwhoogte van een erfafscheiding aan de achterzijde van het bouwperceel én grenzend aan de openbare ruimte maximaal 2 meter bedraagt over maximaal 75% van de lengte van de erfafscheiding. Voor de overige 25% geldt een maximale bouwhoogte van 1 meter.
6.3 Afwijken van de bouwregels 6.3.1 Afwijken middels omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in: a. lid 6.2.2, sub f mits deze maat met maximaal 1 meter zal worden overschreden; b. lid 6.2.4, sub a tot een bouwhoogte van maximaal 10 meter. 6.3.2 Vergunningvereiste De in lid 6.3.1 genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de samenhang in het straat- en bebouwingsbeeld; b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 6.3.3 Procedureregel Bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 6.3.1, sub a en b, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de gemeentelijke kwaliteitscoördinator. 6.4 Specifieke gebruiksregels 6.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van de huisvesting van personen; b. het gebruik van de gronden voor windturbines. 6.5 Afwijken van de gebruiksregels 6.5.1 Afwijken m.b.t. de uitoefening van detailhandel, beroepsmatige en/of bedrijfsmatige activiteiten Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 6.1.1: a.
voor de uitoefening van de detailhandel in, beroepsmatig en/of bedrijfsmatig gebruik van de woning en/of bijbehorende bouwwerken met dien verstande dat bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit;
57
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
2. het gebruik een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van detailhandel, beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in gebruik mag zijn; 3. geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; 4. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 5. er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 6.5.2 Afwijken m.b.t. logies met ontbijt Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 6.1.1: a.
voor het gebruik van een woning en/of bij de woning bijbehorende bouwwerken voor logies met ontbijt, met dien verstande dat het bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit; 2. de logies met ontbijt een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van de logies met ontbijt in gebruik mag zijn; 3. de logies met ontbijt mag niet in een vrijstaand bijbehorend bouwwerk worden gerealiseerd; 4. geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het aanbieden van logies met ontbijt die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; 5. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 6.
er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 6.6 Algemene gebruiksregels 6.6.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of te doen of laten gebruiken van overige bouwwerken en gronden op een wijze of tot een doel strijdig met de in dit plan aan de grond gegeven bestemming. 6.6.2 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 6.6.1: a. indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik dat niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.
58
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 7
Wonen-2
7.1 Bestemmingsomschrijving 7.1.1 Bestemming De voor 'Wonen-2' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de huisvesting van personen; b. ter plaatse van de aanduiding 'parkeergarage': tevens ondergronds parkeren; c. tuinen, erven, paden, verhardingen, parkeervoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen en andere voorzieningen ten dienste van de bestemming. 7.2 Bouwregels 7.2.1 Toelaatbare bebouwing Op deze gronden mogen, met inachtneming van de op de verbeelding aangegeven aanduidingen, uitsluitend ten dienste van de in lid 7.1.1 bedoelde bestemming worden gebouwd: a. hoofdgebouwen; b. bijbehorende bouwwerken; c. overige bouwwerken. 7.2.2 Hoofdgebouwen Met betrekking tot het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende regels: a. de hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht; b. ter plaatse van de bouwvlakken met de aanduiding 'aaneengebouwd': mogen uitsluitend aaneengesloten hoofdgebouwen worden gebouwd; c. ter plaatse van de bouwvlakken met de 'specifieke bouwaanduiding - geschakeld': mogen uitsluitend geschakelde hoofdgebouwen worden gebouwd; d. ter plaatse van de bouwvlakken met de aanduiding 'twee-aaneen': mogen uitsluitend twee aaneen gebouwde hoofdgebouwen worden gebouwd; e. ter plaatse van de bouwvlakken met de aanduiding 'vrijstaand': mogen uitsluitend vrijstaande hoofdgebouwen worden gebouwd; f.
ter plaatse van de bouwvlakken met de aanduiding 'gestapeld': mag per bouwvlak één hoofdgebouw waarin meerdere woningen zijn ondergebracht, waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid gewaarborgd is, worden gebouwd; g. in afwijking van het bepaalde in lid 7.2.2, sub a tot en met e is het toegestaan, daar waar de bouwaanduidingen op de verbeelding elkaar overlappen de genoemde woningtypologieën te combineren. h. de breedte van een hoofdgebouw – een aangebouwd bijbehorend bouwwerk als genoemd in lid 7.2.1 sub b niet meegerekend – zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 1. 'aaneengebouwd' 6 meter; 2. 'geschakeld' 6 meter; 3. 'gestapeld' nader in te vullen; 4. 'twee-aaneen' 6 meter; 5. 'vrijstaand' 7 meter. i. de afstand tussen de hoofdgebouwen en de zijdelingse bouwperceelsgrens zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 1. 'aaneengebouwd' niet van toepassing; uitgezonderd de hoekwoningen: 2 meter (aan één zijde); 2. 'geschakeld' 3 meter (aan één zijde); 3. 'gestapeld' nader in te vullen; 4. 'twee-aaneen' 3 meter (aan één zijde); 5. 'vrijstaand' 3 meter. j. de goot- en bouwhoogte van de hoofdgebouwen bedraagt maximaal de op de verbeelding aangegeven maat; k. bij toepassing van hellende dakvlakken bedraagt de dakhelling minimaal 30°; l.
de achtergevel van het hoofdgebouw mag de achtergevelrooilijn niet overschrijden; m. in afwijking van het bepaalde in 7.2.2, sub l mag ter plaatse van de aanduiding 'vrijstaand' de afstand tussen de voorgevellijn en de achtergevelrooilijn worden overschreden met dien verstande dat deze afstand nooit meer bedraagt dan 15 meter.
59
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
7.2.3 Bijbehorende bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen bijbehorende bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. bijbehorende bouwwerken mogen uitsluitend binnen het op de verbeelding aangegeven bouwvlak worden opgericht; b. de bebouwde oppervlakte van het achtererf mag maximaal 50% bedragen met een maximum van 40 m²; c. in afwijking van het bepaalde in lid 7.2.3, sub b mag voor achtererven groter dan 80 m² dit maximum worden verhoogd met 10% van het verschil in grootte, zulks met een absoluut maximum van 90 m²; d. de goothoogte van bijbehorende bouwwerken mag maximaal 3,25 meter en de bouwhoogte maximaal 7 meter bedragen. Indien een dakhelling wordt toegepast bedraagt de helling minimaal 30°; e. de afstand tussen bijbehorende bouwwerken die (deels) gebouwd worden vóór de achtergevelrooilijn, en de zijdelingse bouwperceelsgrens zal minimaal bedragen binnen de bouwvlakken met de (specifieke bouw)aanduiding: 1. 'vrijstaand' 3 meter; 2. 'twee-aaneen' 1 meter; 3. 'aaneengebouwd' niet van toepassing; 4. 'geschakeld' niet van toepassing; 5. 'gestapeld' nader in te vullen; f. bijbehorende bouwwerken moeten minimaal 6 meter achter de voorgevellijn worden gebouwd; 7.2.4 Overige bouwwerken Bij hoofdgebouwen mogen overige bouwwerken worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. de bouwhoogte van overige bouwwerken bedraagt maximaal 2 meter; b.
in afwijking van het onder lid 7.2.4, sub a bepaalde bedraagt de bouwhoogte van een erfafscheiding, die gebouwd wordt vóór (het verlengde van) de voorgevellijn, alsmede binnen 1 meter achter (het verlengde van) de voorgevellijn, maximaal 1 meter. 7.3 Afwijken van de bouwregels 7.3.1 Afwijken middels omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in: a. lid 7.2.2, sub i voor een kortere afstand tot minimaal 1 meter van de zijdelingse bouwperceelsgrens; b. lid 7.2.2, sub j mits deze maat met maximaal 1 meter zal worden overschreden; c. lid 7.2.3, sub e, voor een kortere afstand van bijbehorende bouwwerken tot de zijdelingse bouwperceelsgrens; d. lid 7.2.3, sub f, voor een kortere afstand van bijbehorende bouwwerken tot de voorgevellijn. e. lid 7.2.4, sub a tot een bouwhoogte van maximaal 10 meter. 7.3.2 Vergunningvereiste De in lid 7.3.1 genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend, mits geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: a. de samenhang in het straat- en bebouwingsbeeld; b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken. 7.3.3 Procedureregel Bij de voorbereiding van een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 7.3.1, sub a, b en e, winnen burgemeester en wethouders schriftelijk advies in bij de gemeentelijke kwaliteitscoördinator.
7.4 Specifieke gebruiksregels 7.4.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruik van vrijstaande bijbehorende bouwwerken ten behoeve van de huisvesting van personen; b. het gebruik van de gronden voor windturbines.
60
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
7.5 Afwijken van de gebruiksregels 7.5.1 Afwijken m.b.t. de uitoefening van detailhandel, beroepsmatige en/of bedrijfsmatige activiteiten Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 7.1.1: a. voor de uitoefening van de detailhandel in, beroepsmatig en/of bedrijfsmatig gebruik van de woning en/of bijbehorende bouwwerken met dien verstande dat bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit; 2. het gebruik een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van detailhandel, beroeps- of bedrijfsmatige activiteiten in gebruik mag zijn; 3. geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het uitoefenen van bedrijvigheid die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; 4.
het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 5. er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 7.5.2 Afwijken m.b.t. logies met ontbijt Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 7.1.1: a. voor het gebruik van een woning en/of bij de woning bijbehorende bouwwerken voor logies met ontbijt, met dien verstande dat het bedoeld gebruik geen onevenredige hinder voor het woonmilieu mag opleveren en geen onevenredige afbreuk mag doen aan het woonkarakter van de wijk of buurt. Dit betekent onder meer dat: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit; 2. de logies met ontbijt een kleinschalig karakter heeft en zal behouden en naar aard met het woonkarakter van de omgeving in overeenstemming moet zijn. Dat wil zeggen dat van de vloeroppervlakte van de woning en bijbehorende bouwwerken gezamenlijk maximaal 40 m² ten behoeve van de logies met ontbijt in gebruik mag zijn; 3. de logies met ontbijt mag niet in een vrijstaand bijbehorend bouwwerk worden gerealiseerd; 4.
geen omgevingsvergunning wordt verleend voor het aanbieden van logies met ontbijt die vergunnings- of meldingsplichtig is op grond van de Wet milieubeheer of andere milieuwetgeving, tenzij het gebruik de woonfunctie op zichzelf en in relatie tot zijn omgeving niet zal aantasten; 5. het gebruik de woonfunctie dient te ondersteunen, dat wil zeggen dat degene die de activiteiten in de woning of bijbehorend bouwwerk uitvoert tevens bewoner van de woning is; 6. er geen verkeersaantrekkende activiteiten plaatsvinden die kunnen leiden tot een nadelige beïnvloeding van de normale afwikkeling van het verkeer dan wel tot een onevenredige parkeerdruk op de openbare ruimte. 7.6 Algemene gebruiksregels 7.6.1 Verboden gebruik Tot het verboden gebruik als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 sub c Wabo wordt in ieder geval gerekend: a. het gebruiken of te doen of laten gebruiken van overige bouwwerken en gronden op een wijze of tot een doel strijdig met de in dit plan aan de grond gegeven bestemming.
61
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
7.6.2 Afwijken van de gebruiksregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in lid 7.7.1: a. indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik dat niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.
62
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Hoofdstuk 3 Artikel 8
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
63
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 9
Algemene bouwregels
9.1 Maximum woningaantal Voor het bouwen van hoofdgebouwen in de bestemmingen Wonen - 1 en Wonen - 2 gelden de volgende regels: b. ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal woningen' is specifiek een maximum aantal woningen voor een deelgebied bepaald; a. het totaal aantal woningen binnen deze bestemmingen samen mag niet meer bedragen dan 94. 9.2 Plaatsbepaling en vormgeving bouwwerken 9.2.1 Nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, met inachtneming van de regels vervat in Hoofdstuk 2, bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor bouwen, nadere eisen te stellen ten aanzien van: a. de plaatsing van hoofdgebouwen en bijbehorende bouwwerken ten opzichte van de bouwperceelsgrens en ten opzichte van elkaar; b. de dakhelling van hellende dakvlakken van gebouwen; c. de plaatsing en vormgeving van overige bouwwerken. 9.2.2 Procedureregel De in lid 9.2.1 bedoelde nadere eisen mogen slechts worden gesteld met het doel te voorkomen dat de belangen van derden worden geschaad of afbreuk wordt gedaan aan de doeleinden van het plan en met het oog op de bereikbaarheid van gebouwen, overige bouwwerken en gronden in verband met calamiteiten.
9.3 Bestaande afstanden en andere maten 9.3.1 Bestaande afstanden Indien afstanden op de datum van de inwerkingtreding van dit plan meer dan wel minder bedragen dan ingevolge Hoofdstuk 2 is toegestaan, mogen de bestaande afstanden als maximaal respectievelijk minimaal toelaatbaar worden aangenomen. 9.3.2 Bestaande maten en hoeveelheden In die gevallen dat hoogten, inhoud, aantal en/of oppervlakten van bestaande bouwwerken op de dag van de inwerkingtreding van dit plan meer of minder bedragen dan ingevolge Hoofdstuk 2 is voorgeschreven, mogen de bestaande maten en hoeveelheden als maximaal respectievelijk minimaal worden aangehouden.
64
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 10
Algemene gebruiksregels
10.1 Parkeren Met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken geldt dat: a. het gebruik van gronden of bouwwerken, zoals bedoeld in artikel 6.1, uitsluitend is toegestaan indien voldoende parkeergelegenheid voor het parkeren of stallen van auto's wordt aangelegd en in stand gehouden. De parkeernormering bedraagt minimaal: 1. 1,8 parkeerplaatsen per aaneengebouwde woning (rijwoning); 2. 1,8 parkeerplaatsen per patiowoning; 3. 2,0 parkeerplaatsen per geschakelde woning; 4. 1,7 parkeerplaatsen per gestapelde woning (appartement); 5. 2,0 parkeerplaatsen per twee-aaneengebouwde woning; 6. 2,1 parkeerplaatsen per vrijstaande woning. b. het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in sub a en toestaan dat de parkeernormering wordt aangepast mits dit geen onevenredige afbreuk doet aan de parkeersituatie ter plaatse. 10.2 Spuitzone Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch - spuitzone' geldt met betrekking tot het gebruik van gronden en bouwwerken dat: a. het gebruik van gronden of bouwwerken, zoals bedoeld in artikelen 6.1 en 7.1, uitsluitend is toegestaan indien middels een locatiespecifiek onderzoek naar de spuitzone wordt aangetoond dat er sprake is van een goed woon- en leefklimaat.
65
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 11
Algemene afwijkingsregels
11.1 Afwijkingsbevoegdheid 11.1.1 Afwijken middels omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd bij omgevingsvergunning af te wijken van de regels in dit plan voor: a. het bouwen van niet voor bewoning bestemde gebouwen en overige bouwwerken van geringe afmetingen ten dienste van het openbaar nut met een oppervlakte van maximaal 15 m² en een bouwhoogte van maximaal 3,5 meter; b. het overschrijden van de naar de weg gekeerde bebouwingsgrens door: 1. erkers, balkons en bordessen tot maximaal 1 meter; 2. ingangspartijen tot maximaal 2 meter, mits de bebouwde oppervlakte maximaal 6 m² en de bouwhoogte maximaal 3,25 meter zal bedragen; c. geringe afwijkingen, die in het belang zijn van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken of die noodzakelijk zijn in verband met de werkelijke toestand van het terrein. Hierbij zijn verschuivingen van de bebouwingsgrens met maximaal 3 meter toelaatbaar; d. het oprichten van antennes en masten tot een bouwhoogte van 15 meter. 11.1.2 Vergunningvereiste De in lid 11.1.1 genoemde omgevingsvergunningen kunnen slechts worden verleend indien: a. de samenhang in het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig wordt aangetast; b. de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken niet onevenredig worden aangetast; c. dit niet leidt tot wijziging van de op de verbeelding aangegeven bestemming.
66
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 12
Algemene wijzigingsregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd, met inachtneming van het bepaalde in de Wro, de regels te wijzigen voor: a. het bouwen van gebouwen en overige bouwwerken van geringe afmetingen ten dienste van het openbaar nut met een oppervlakte van maximaal 15 m² en een bouwhoogte van maximaal 3,5 meter; b. het overschrijden van de naar de weg gekeerde bouwgrens, zomede van de ten opzichte van de zijdelingse bouwperceelsgrens bepaalde minimumafstand door: 1. erkers, balkons en bordessen tot maximaal 1 meter; 2. ingangspartijen tot maximaal 2 meter, mits de bebouwde oppervlakte maximaal 6 m² en de bouwhoogte maximaal 3,25 meter zal bedragen; c. geringe afwijkingen, die in het belang zijn van een ruimtelijk of technisch beter verantwoorde plaatsing van bouwwerken of die noodzakelijk zijn in verband met de werkelijke toestand van het terrein. Hierbij zijn verschuivingen van de bestemmingsgrens met maximaal 3 meter toelaatbaar. Deze regels zijn van toepassing voor het overschrijden van grenzen voor zover deze leiden tot wijziging van bestemmingen.
67
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Hoofdstuk 4 Artikel 13
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
13.1 Overgangsrecht bouwwerken: a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Burgemeester en wethouders kunnen éénmalig in afwijking van lid 13.1, sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in lid 13.1, sub a met maximaal 10%; c. Lid 13.1, sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 13.2 Overgangsrecht gebruik: a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; b.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid 13.2, sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; c. Indien het gebruik, bedoeld in lid 13.2, sub a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; d. Lid 13.2, sub a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsregels van dat plan. 13.3 Afwijking overgangsrecht gebruik Indien toepassing van het overeenkomstig lid 13.2 in het plan opgenomen overgangsrecht gebruik zou kunnen leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen die op het tijdstip van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan grond en opstallen gebruikten in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan, kan de gemeenteraad met het oog op beëindiging op termijn van die met het bestemmingsplan strijdige situatie, van dat overgangsrecht afwijken.
68
Ontwerp bestemmingsplan Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022
Artikel 14
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Kern Heinkenszand, gedeelte Platepolder fase 1, 2022'.
69