7.1 Kerkenvisie Borsele
Tekst van het document
Kerkenvisie Zeeland Borsele #06
Kerkenvisie
4
1
2
3
Borsele In opdracht van gemeentebestuur Borsele November 2023
Colofon Gemeente Borsele Titel
Kerkenvisie Borsele
Datum
November 2023
Adviseur
Erfgoed Zeeland / COUP B.V.
1. Sint-Martinuskerk in ’s-Gravenpolder
Door
Ferry Leijting (Gemeente Borsele)
De meeste historische dorpskerken dreigen op termijn hun
Iris Maljaars (Gemeente Borsele)
religieuze functie kwijt te raken.
Toelichting foto’s voorpagina
Jan van de Voorde (Erfgoed Zeeland) Marjolein Dik (Erfgoed Zeeland)
2. Elimkerk in ’s-Gravenpolder
David Koren (Erfgoed Zeeland)
Kerkgemeenschappen met een hoog en stabiel ledenaantal
Peter Zwemer (Erfgoed Zeeland)
kunnen zelf de onderhoudskosten voor de kerk opbrengen.
Chris Maas (Erfgoed Zeeland)
Vormgeving
Henk Jan Lekkerkerk (COUP)
3. Gereformeerde Gemeente in Borsele
Jos Schrijen (COUP)
Van veel kerkinterieurs is nog geen inventarisatie gedaan
Nina Fransen (COUP)
of moet deze geactualiseerd worden.
Yurr Studio
4. Heilige Eligiuskerk in Lewedorp
Afbeeldingen Erfgoed Zeeland, reliwiki, J.P. Sinke/gergeminfo.nl
De meeste rooms-katholieke kerken in de gemeente Borsele zullen over tien jaar een andere bestemming hebben.
Copyright © 2023 Erfgoed Zeeland & COUP B.V.
De grootst mogelijke zorgvuldigheid is betracht bij het samenstellen van dit rapport. Echter voor onvolledigheden met betrekking tot deze rapportage, op welke grond dan ook, kan COUP B.V. en of de samenstellers daarvan op geen enkele wijze verantwoordelijk worden gesteld. De door u verstrekte persoonlijke gegevens in verband met de opdracht zullen niet aan derden verstrekt worden. Gebruik van inhoud en presentatie is uitsluitend mogelijk in overleg met Erfgoed Zeeland en COUP B.V.
2
Inhoud Colofon Inhoud Voorwoord 1. Inleiding 2. Onderzoeksmethode 3. Feiten en cijfers 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek 5. Onderzoeksresultaten: Beleidskader 6. Onderzoeksresultaten: Toekomstverwachting 7. Onderzoeksresultaten: Sterkte-zwakteanalyse 8. Conclusies & aanbevelingen 9. Actieplan Bijlage 1. Kerkenpaspoorten Bijlage 2. Interessante voorbeelden van Zeeuwse herbestemde kerkgebouwen Bijlage 3. Voorstel stappenplan Bijlage 4. Overzicht van subsidieregelingen voor eigenaren van monumentale kerkgebouwen in de gemeente Borsele
3
2 3 4 5 8 10 21 31 34 39 42 52 55 91 99 103
Voorwoord Denk een silhouet in van een Borsels dorp zonder de aanwezige kerktoren. De conclusie zal zijn: het is het Borselse dorp niet meer! Kerken domineren van oudsher (samen met een uitgebreid stelsel van oude zeedijken en kreekrestanten) het Landschapspark Borsele. Kerken torenen letterlijk en figuurlijk boven onze dorpen uit. We kennen een grote diversiteit aan kerkgebouwen: middeleeuwse, hedendaagse, protestantse, katholieke, grote en kleine. Met elk hun eigen architectuur en uitstraling. Naast die diversiteit bestaat er ook een grote overeenkomst. Alle kerken zijn namelijk gebouwd voor een gemeenschap om samen te komen, te bidden, geloof te beleven en naar elkaar om te zien. In Borsele bezoeken veel mensen elke zondag een kerkdienst, maar diverse geloofsgemeenschappen hebben ook te maken met een teruglopend aantal kerkbezoekers. Dat heeft gevolgen voor de instandhouding van het kerkgebouw. Het kan zelfs (bij opheffing van een geloofsgemeenschap) tot leegstand van een kerkgebouw leiden. Een leegstaande kerk gaat niet alleen de betreffende geloofsgemeenschap aan, maar ook de dorpsgemeenschap. De kerk hoort immers bij het dorp! Gelukkig kennen we in onze gemeente ook voorbeelden van herbestemming van een kerkgebouw: als restaurant, als woning, als ontmoetingsplaats en als multifunctionele accommodatie.
4
De gemeente Borsele koestert haar cultureel erfgoed en zeker ook de kerken. We hebben gemerkt hoe betrokken ook de kerkbesturen zijn. Een duurzame toekomst voor onze kerken kent veel uitdagingen op het gebied van instandhouding, onderhoud, duurzaamheid, herbestemming ed. Deze kerkenvisie is een inventarisatie van o.a. historische gegevens, actuele toestand en gesprekken met kerkbesturen. Met alleen een visie zijn we er uiteraard niet. Het met elkaar in gesprek blijven, zoeken naar mogelijkheden en het besef dat kerken de kern van onze dorpen raken, kan het perspectief bieden voor het behoud van onze kerkgebouwen. Veel dank zijn we verschuldigd aan de kerkbesturen voor de gesprekken die met hen gevoerd zijn. Daarnaast ook woorden van dank aan Erfgoed Zeeland, COUP B.V. en de medewerkers van onze gemeente die in goede samenwerking deze kerkenvisie opgesteld hebben. Kees Weststrate Wethouder Erfgoed, gemeente Borsele
1.
Inleiding Ontkerkelijking in Nederland In vrijwel heel Nederland is er sprake van ontkerkelijking. Dit is een trend die al geruime tijd geleden is ingezet en zich nog altijd voortzet. Het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) doet regelmatig onderzoek naar de ontkerkelijking in Nederland. Uit het onderzoek “Buiten kerk en moskee” (SCP-2022) is gebleken dat Nederland geen gelovig land meer is. Driekwart van de Nederlanders geeft aan weinig of helemaal geen behoefte te hebben aan kerkelijke bijeenkomsten en dat deze niet in hun levensstijl passen. De daling in kerkbezoek komt voor in de meeste kerken. Een uitzondering zijn veelal de orthodoxprotestantse kerken (lees: orthodoxe en bevindelijk gereformeerde denominaties). Recente voorspellingen schatten dat tot 2030 nog zo’n 1700 kerkgebouwen zullen sluiten (Colliers International, Verkoop van kerken in Nederland, februari 2021). Deze dreigende sluiting stelt kerkeigenaren, kerkbezoekers, betrokkenen en overheden de komende jaren voor een uitdaging.
5
De start van de kerkenvisies in Nederland en Borsele Het belang van religieus erfgoed wordt steeds meer erkend. Hoewel niet alle kerkgebouwen van cultuurhistorische of architectuurhistorische waarde zijn, kan wel gesteld worden dat kerkgebouwen in veel gevallen het middelpunt van dorpen, steden en wijken zijn. Het zijn gebouwen die mensen vaak doen herinneren aan belangrijke momenten in het leven, ook voor hen die niet gelovig zijn. Wanneer een kerkgebouw wordt gesloten, leidt dit veelal tot discussies tussen kerkeigenaren, mensen die gelovig zijn, omwonenden en deskundigen. Deze discussies kunnen soms jarenlang duren. In de tussentijd gaat de staat van de kerkgebouwen achteruit en lopen de herstelkosten (onnodig) op. Deze landelijke vraagstukken en problematiek behoeven een visie op de toekomst van kerkgebouwen waarvoor onderzoek, samenwerking en het maken van keuzes nodig zijn.
In 2018 werd door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap de beleidsbrief Erfgoed Telt uitgebracht. Hierin stimuleerde de Minister het opstellen van kerkenvisies op gemeentelijk niveau en stelde ten dienste daarvan een decentrale uitkering beschikbaar van € 13,5 miljoen. In de kerkenvisies moet er aandacht zijn voor alle kerkgebouwen en andere gebedshuizen die voor de religieuze functie zijn gebouwd en de (dreigende) leegstand, instandhouding, nevenbestemming en herbestemming van deze gebouwen. Vanaf 2019 konden gemeenten een beroep doen op de decentrale uitkering. De gemeente Borsele heeft deze uitkering in 2019 aangevraagd en toegezegd gekregen. De gemeente Borsele heeft met de bijdrage van het Rijk Erfgoed Zeeland en COUP Urban Producers ingeschakeld als onafhankelijke instanties om, net als in de andere Zeeuwse gemeenten, het traject te begeleiden. Daarnaast heeft de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed dit traject ondersteund via het programma Toekomst Religieus Erfgoed.
1.
Het doel en de opbouw van de kerkenvisie
Inleiding
De vraag die centraal staat bij het maken van de kerkenvisie is: Hoe kan door het ontwikkelen van een gezamenlijk duurzaam toekomstperspectief het religieus erfgoed binnen de gemeente Borsele worden behouden? Om hierop antwoord te kunnen geven moeten eerst andere vragen worden beantwoord, zoals: • Hoe ziet het kerkenbestand van Borsele eruit? • Hoe gaat het met de bijbehorende kerkgemeenschappen? • Hoe kijken kerkeigenaren en gemeenschappen naar de toekomst van de kerkgebouwen? • Welke rol hebben kerkgebouwen (momenteel) in hun directe omgeving? • Welke kerkgebouwen blijven de religieuze functie behouden en voor welke kerkgebouwen is de toekomst onzeker? • Welke ambities hebben kerkgemeenten als organisatie en met hun gebouw? • Is, en onder welke voorwaarden, een nevenbestemming voor kerkgebouwen mogelijk?
6
• Kunnen kerkeigenaren het onderhoud betalen en beschikt het kerkbestuur over de kennis en middelen om uitvoering te geven aan deze taak? • Wat is de cultuurhistorische waarde van de kerken ten aanzien van de historie van het dorp en als op zichzelf staand object? • Welk beleid heeft de gemeente op het gebied van (religieus) erfgoed? • Hoe kan een deels of geheel nieuwe, en toekomstbestendige, invulling van een kerkgebouw een belangrijke bijdrage leveren aan de toekomst van een stad of een dorp? • Welke sociaal-maatschappelijke behoeften en functies kunnen kerken, die ooit zijn gebouwd als ontmoetingsruimten, in 2037 vervullen? • (Wanneer) is een herbestemming tot bijvoorbeeld een woonfunctie, waardoor de kerk niet meer publiekelijk toegankelijk is, bespreekbaar? Deze vragen hebben zich in deze kerkenvisie vertaald tot de kerkenpaspoorten die een actueel overzicht van het kerkenbestand in de gemeente Borsele geven. Ook wordt in de kerkenvisie ingegaan op de feiten en cijfers, de (cultuur)historie van de gemeente, de beleidskaders, de toekomstverwachtingen
en de sterktes en zwaktes. De conclusies en aanbevelingen zorgen vervolgens voor een actieplan. Benutten van de kerkenvisie Kerkgebouwen vervullen een belangrijke rol in de samenleving. Het is daarom belangrijk om vanuit alle invalshoeken, op een nauwkeurige manier, naar de toekomst van deze gebouwen te kijken. Kan de betekenisvolle rol van kerkgebouwen door de tijd heen worden behouden en kunnen kerkgebouwen tegelijkertijd een andere invulling krijgen, zodat dit erfgoed op een goede manier wordt doorgegeven aan volgende generaties? Door de ontkerkelijking hebben meerdere kerkbesturen het moeilijk en weegt de verantwoordelijkheid voor het onderhouden van een (monumentaal) kerkgebouw zwaar. Sommige kerkeigenaren willen om die reden hun kerkgebouw ‘eigentijdser’ inzetten of aanvullende inkomstenbronnen zoeken door bijvoorbeeld hun gebouw mede voor een ander doel te gebruiken, een zogenaamde ‘nevenbestemming’.
1. Inleiding
Daarnaast behoren kerken tot belangrijk cultureel erfgoed van de gemeente Borsele. De kerken en kerktorens vormen bakens in het landschap en markeren daardoor de dorpen. Daarbij komt dat de aantrekkingskracht van dorpen, de economie en de waarden van vastgoed allemaal positief worden beïnvloed door goed onderhouden waardevol erfgoed, zoals kerkgebouwen. Leegstand en een mogelijke sloop van deze markante gebouwen bedreigen zodoende het aanzicht. Herbestemmen kost tijd. Een kerkenvisie geeft inzicht in wanneer herbestemming verwacht wordt, waardoor erop geanticipeerd kan worden. Dat geeft tijd om te onderzoeken of bijvoorbeeld een maatschappelijke of andere publiekstoegankelijke functie relevant is. Dit zorgt ervoor dat er kerkgebouwen worden behoed voor langdurige leegstand, verval, onnodige kosten of sloop. De gemeente Borsele is verantwoordelijk voor het beleid voor diverse onderwerpen die invloed kunnen hebben op kerkgebouwen. Denk bijvoorbeeld aan sociaal domein (zorg, welzijn en onderwijs), ruimtelijke ordening (leefbaarheid en parkeren) en economie (recreatie, toerisme en bedrijvigheid).
7
Ook heeft de gemeente goede contacten met overheids- en kennispartijen. Het zou jammer zijn als potentiele partners elkaar niet weten te vinden doordat kansen om samen te werken onzichtbaar blijven als gevolg van onvoldoende dialoog.
Door een gezamenlijke aanpak te hanteren voor alle gemeenten in de Provincie Zeeland kunnen gemeenten met elkaar het gesprek starten. Tevens ontstaat op provinciaal niveau een actueel kerkenoverzicht.
Een kerkenvisie biedt de kans om het totale vraagstuk binnen een gemeente te overzien. Hierdoor ontstaat er inzicht en bewustwording om overkoepelende onderwerpen te onderzoeken en acties in samenwerking aan te pakken.
“Geloofsoverdracht is niet meer zoals vroeger. Mensen willen nog wel naar de kerk, maar op een andere manier.”
Gezamenlijke ambitie
“Het dorp is betrokken. Wat zou een manier zijn om de bevolking in te zetten voor de kerk?”
Het is de ambitie van dit kerkenvisietraject geweest om alle betrokkenen te inspireren en energie te geven om de toekomst van de kerkgebouwen in de gemeente Borsele transparanter en kansrijker te maken. Samen met de kerkeigenaren is een goed beeld van de kerkenopgave in de gemeente Borsele ontstaan. Zo kan er gewerkt worden aan een toekomstbestendig kerkenbestand, waarbij ook de inwoners en betrokken organisaties een belangrijke rol kunnen vervullen.
“Ondersteuning is wenselijk in de zoektocht naar een andere functie van de kerk.”
2.
Onderzoeksmethode De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft, bij het toekennen van de decentrale uitkering aan gemeenten, geen eisen gesteld aan de vorm van een kerkenvisie. Voor de kerkenvisies in de provincie Zeeland is eenzelfde aanpak voor alle gemeenten gekozen. Zodoende kunnen ook op provinciaal niveau de belangrijkste overkoepelende thema’s worden herkend en waar mogelijk (gezamenlijk) worden aangepakt. Binnen deze universele aanpak is er ruimte voor flexibiliteit en maatwerk per gemeente. Een kerkenvisie gaat vooral om het creëren van een gesprekstafel tussen de gemeente en de eigenaren en/of gebruikers, en later ook met omwonenden. Centraal in dit onderzoek staan kennismaken, luisteren naar elkaar en open staan voor elkaars belangen en perspectieven. Vervolgens gaat het er om tot doelgerichte actie(s) te komen. Het proces is opgedeeld in twee fases. Fase 1 betreft het opstellen van de kerkenvisie. Fase 2 betreft het verdiepend onderzoek en vervolgacties naar aanleiding van de opgeleverde kerkenvisie. Fase 1 bevat de volgende stappen:
8
1. Gesprekken voeren met eigenaren en gebruikers met als doel kennismaken, doelstellingen van de kerkenvisie bepalen en de toekomstverwachting van de kerkeigenaren in beeld krijgen; 2. De bouwkundige staat van alle kerkgebouwen in beeld brengen door het uitvoeren van een bouwkundige QuickScan, waarbij de conditie van funderingen, gevels, vensters, deuren, kapconstructie(s), dakbedekking en goten wordt beoordeeld; 3. Uitkomsten van de gesprekken bespreken in workshops met gemeenteambtenaren en eventueel erfgoedorganisaties en dorpsraden met als doel de opgave te bespreken en om de toekomstige ontwikkelkansen te verkennen; 4. Het uitvoeren van cultuurhistorisch onderzoek op basis van onder meer de beschrijvingen van kerkinterieurs van Museum Catharijneconvent. Van elke kerk wordt een kerkenpaspoort gemaakt (zie bijlage 1); 5. Opstellen conceptrapportage en de conclusies, aanbevelingen en vervolgacties bepalen op gemeentelijk en provinciaal niveau;
6. Terugkoppelen naar eigenaren en daarbij de gemeenschappelijke thema’s, de toekomstige ontwikkelkansen en de vervolgacties bespreken; 7. Opleveren kerkenvisie en bestuurlijk besluitvormingsproces.
2. Onderzoeksmethode
In deze rapportage zijn de opbrengsten van de kerkenvisie (fase 1) opgenomen (peildatum 1 januari 2023) met als belangrijkste onderdelen: • Een inventarisatie van alle (33) kerkgebouwen binnen de gemeente Borsele; • Een overzicht van de doelstellingen waarmee de kerkeigenaren en de gemeente Borsele dit kerkenvisietraject willen insteken; • De kerkenopgave waar de gemeente Borsele voor staat; • Aanbevelingen voor een vervolg om te komen tot een toekomstbestendig kerkenbestand. Het kerkenvisietraject in de gemeente Borsele is op 1 november 2021 gestart met een bijeenkomst voor alle kerkeigenaren in de Mariakerk in Nisse. In de loop van 2023 zal de kerkenvisie aan het gemeentebestuur van Borsele worden aangeboden. Met de oplevering van de kerkenvisie is fase 1 afgerond. Fase 2 beoogt een structurele borging van de aandacht voor het religieuze erfgoed. In de conclusies en aanbevelingen (hoofdstuk 8) en het actieplan (hoofdstuk 9) worden hiervoor voorstellen gedaan.
9
Onze aanpak
3. Feiten en cijfers Aantal kerken en kernen De gemeente Borsele heeft 33 kerkgebouwen die als gebedshuis zijn gebouwd en nog als zodanig herkenbaar zijn (de definitie van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed die de basis vormt voor het opstellen van kerkenvisies). Alle kernen kennen ten minste één kerkgebouw. Niet alleen de grotere kernen Heinkenszand en ’s-Gravenpolder hebben vier kerkgebouwen, ook de kleinere kernen Borssele en Nieuwdorp tellen er vier. Bij de start van het kerkenvisietraject in de gemeente Borsele werd nog uitgegaan van 35 kerkgebouwen, maar omdat twee hiervan niet als kerk of gebedshuis zijn gebouwd, zijn deze later afgevallen. Het voormalige klooster Gerardus Majella (nummer 7) in Kwadendamme is oorspronkelijk gebouwd als school en de Kapel Maria ter Engelen (nummer 25) in ’s-Heerenhoek was het wooncomplex van een klooster. In dit document is om technische redenen de bestaande nummering wel aangehouden, waardoor de nummers 7 en 25 ontbreken in overzichten en op kaarten. Actuele situatie De gesprekken met de kerkeigenaren zijn in de periode november 2021 tot januari
10
2022 gevoerd. Tussen het moment van het voeren van de gesprekken en het opstellen van de kerkenvisie heeft zich bij de rooms-katholieke kerken een belangrijke ontwikkeling voorgedaan met betrekking tot het sluiten van twee kerkgebouwen. De Heilige Eligiuskerk in Lewedorp is begin 2023 onttrokken aan het kerkelijk gebruik en is nog niet herbestemd. Verder zal in de loop van 2023 hetzelfde gaan gelden voor de SintWillibrorduskerk in ’s-Heerenhoek. Voor deze twee kerkgebouwen is de functie in deze kerkenvisie gewijzigd van religieus naar leegstand/in transitie. De teksten in deze kerkenvisie zijn hierop aangepast.
Tien kerkgebouwen in de gemeente Borsele zijn herbestemd: Drie hebben een woonfunctie, waarvan één gecombineerd wordt met een bedrijfsfunctie. Eén kerkgebouw heeft alleen een bedrijfsfunctie, drie een culturele functie, twee een maatschappelijke functie en één een horecafunctie. 2
21
10
Functies van kerkgebouwen Van de 33 kerkgebouwen zijn er nog 21 in religieus gebruik. Ellewoutsdijk is de enige kern die geen kerkgebouw met een religieuze (hoofd)functie meer heeft. Van deze 21 gebouwen hebben er een aantal een niet-religieuze nevenbestemming. Zo worden kerken verhuurd aan een koor en een yogaclub of worden ze gebruikt als buurthuis of voor niet-religieuze evenementen. Zoals hiervoor vermeld zijn de Heilige Eligiuskerk in Lewedorp en de Sint-Willibrorduskerk in ’s-Heerenhoek in transitie van religieus naar een ander gebruik.
Functioneel gebruik Religieus gebruik Herbestemd Leegstaand / in transitie
3. Feiten en cijfers
1
2
3
4
5
6
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
De voormalige Hervormde Kerk van ’s-Heerenhoek. Foto: Baykedevries, CC BY-SA 3.0
Een kerkgebouw kan ook verplaatst worden. De Noodkerk die nu in het Bevrijdingsmuseum Zeeland te Nieuwdorp staat, komt oorspronkelijk uit Ellewoutsdijk en is daarna gebruikt als opslagruimte in Baarland. De voormalige Hervormde Kerk van ’s-Heerenhoek is na een periode van leegstand verplaatst naar het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem.
11
Lewedorp
Functies van kerken
35
3. Feiten en cijfers
34 Religieus gebruik Herbestemd Leegstaand / in transitie 33
32 30
Nieuwdorp
31 24 ‘s-Heerenhoek
12
24
Sint-Willibrorduskerk
26
Gereformeerde Kerk
27
Catharinakerk
28
Gereformeerde Gemeente
29
Gereformeerde Gemeente (1914-2000)
30
Gereformeerde Kerk
31
Noodkerk
32
Bethelkerk
33
Gereformeerde Gemeente
34
Heilige Eligiuskerk
35
Gereformeerde Kerk
26 27
29 Borssele
28
23
’s-Heer Abtskerke
Heinkenszand
21
22
19
20
’s-Gravenpolder
1
18 Nisse
17
3
4 2
Kwadendamme
15
Ovezande
13
8
5
16
Hoedekenskerke
6
14 11
Driewegen
Oudelande
12
Ellewoutsdijk
9
10
Baarland
1
De Ontmoeting
2
Sint-Martinuskerk
3
Oud Gereformeerde Gemeente in NL
4
Elimkerk
5
Gereformeerde Gemeente
6
Sint-Joriskerk
8
Sint-Bonifatiuskerk
9
Gereformeerde Kerk
10
Maartenskerk
11
Sint-Eligiuskerk
12
‘t Kerkje van Ellesdiek
13
Eben Haëzer
14
Dorpskerk
15
Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk
16
Sint-Petrus-en-Pauluskerk
17
Gereformeerde Gemeente
18
Mariakerk
19
Johannes de Doperkerk
20
Dorpskerk
21
Sint-Blasiuskerk
22
Maranatha
23
Barbesteinkerk
Lewedorp
Denominaties
35
3. Feiten en cijfers
34 Rooms-katholiek Protestantse Kerk in Nederland (PKN) Bevindelijk gereformeerd Herbestemd / leegstaand / transitie Overig
33
32 30
Nieuwdorp
31 24 ‘s-Heerenhoek
14
24
Sint-Willibrorduskerk
26
Gereformeerde Kerk
27
Catharinakerk
28
Gereformeerde Gemeente
29
Gereformeerde Gemeente (1914-2000)
30
Gereformeerde Kerk
31
Noodkerk
32
Bethelkerk
33
Gereformeerde Gemeente
34
Heilige Eligiuskerk
35
Gereformeerde Kerk
26 27
29 Borssele
28
23
’s-Heer Abtskerke
Heinkenszand
21
22
19
20
’s-Gravenpolder
1
18 Nisse
17
3
4 2
Kwadendamme
15
Ovezande
13
8
5
16
Hoedekenskerke
6
14 11
Driewegen
Oudelande
12
Ellewoutsdijk
9
10
Baarland
1
De Ontmoeting
2
Sint-Martinuskerk
3
Oud Gereformeerde Gemeente in NL
4
Elimkerk
5
Gereformeerde Gemeente
6
Sint-Joriskerk
8
Sint-Bonifatiuskerk
9
Gereformeerde Kerk
10
Maartenskerk
11
Sint-Eligiuskerk
12
‘t Kerkje van Ellesdiek
13
Eben Haëzer
14
Dorpskerk
15
Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk
16
Sint-Petrus-en-Pauluskerk
17
Gereformeerde Gemeente
18
Mariakerk
19
Johannes de Doperkerk
20
Dorpskerk
21
Sint-Blasiuskerk
22
Maranatha
23
Barbesteinkerk
Denominaties 3. Feiten en cijfers
Het merendeel (12) van de 21 kerkgebouwen die nog voor religieuze doeleinden worden gebruikt, valt onder de Protestantse Kerk in Nederland (PKN). In veel gevallen betreft het hier de oude dorpskerk. De meeste hiervan worden gebruikt door fusiegemeenten of samenwerkingsverbanden tussen kerkgemeenten, waardoor de kerkgebouwen beurtelings gebruikt worden. De Johannes de Doperkerk van ’s-Heer Abtskerke wordt behalve door de hoofdgebruiker (PKN) ook eenmaal per maand gebruikt door een Roemeens-Orthodoxe gemeenschap. Zes kerkgebouwen worden gebruikt door bevindelijk gereformeerde kerkgenootschappen, waarvan vijf door Gereformeerde Gemeenten (GG) en één door de Oud-Gereformeerde Gemeenten in Nederland (OGGiN). Daarnaast zijn er drie rooms-katholieke kerken, in Heinkenszand, Kwadendamme en Ovezande. Deze vallen allemaal onder de H. Pater Damiaanparochie, die naast de gemeente Borsele ook geheel Noord- en Zuid-Beveland en SchouwenDuiveland omvat.
16
De enige overige denominatie is de eerdergenoemde Roemeens-Orthodoxe kerk. Er worden geen kerkgebouwen gebruikt door orthodox-gereformeerde, evangelische of niet-christelijke denominaties.
11,5
3 12
0,5 6
Denominaties Rooms-katholiek Protestantse Kerk in Nederland (PKN) Bevindelijk gereformeerd Herbestemd / leegstaand / transitie Overig
Monumentale status en bouwperiode 3. Feiten en cijfers
Van de 33 kerkgebouwen die in deze kerkenvisie onderzocht zijn, hebben er twaalf de status van rijksmonument. Elf hiervan zijn nog in religieus gebruik. Deze rijksmonumenten zijn de oudste kerken van het dorp. Heinkenszand is de enige kern met twee rijksmonumentale kerken. Twee kerkgebouwen zijn aangewezen als gemeentelijk monument: De Onze-LieveVrouw-Hemelvaartkerk in Ovezande en Maranatha in Heinkenszand, tegenwoordig in gebruik door de Muziekvereniging Euterpe. De overige negentien kerkgebouwen hebben geen status. Hiervan worden er acht als mogelijk beschermenswaardig aangemerkt (zie hiervoor de aanbevelingen). De meeste historische dorpskerken dateren (geheel of gedeeltelijk) van voor het jaar 1500. Soms zijn deze kerken in latere perioden nog verbouwd. Een groot aantal kerken is gebouwd tussen 1850 en 1940, de periode van de jongere bouwkunst. Het aantal moderne kerken is relatief laag vergeleken bij andere Zeeuwse gemeenten.
17
11
12
10 7
7
2 8
Monumentale status
3 1
Bouwperiode
Rijksmonument
Voor 1500
Gemeentelijk monument
1500-1700
Beschermenswaardig
1700-1850
Geen status
1850-1900 1900-1940 1940-1970 Na 1970
3
2
Lewedorp
Monumentale status
35
3. Feiten en cijfers
34 Rijksmonument Gemeentelijk monument Beschermenswaardig Geen status
33
32 30
Nieuwdorp
31 24 ‘s-Heerenhoek
18
24
Sint-Willibrorduskerk
26
Gereformeerde Kerk
27
Catharinakerk
28
Gereformeerde Gemeente
29
Gereformeerde Gemeente (1914-2000)
30
Gereformeerde Kerk
31
Noodkerk
32
Bethelkerk
33
Gereformeerde Gemeente
34
Heilige Eligiuskerk
35
Gereformeerde Kerk
26 27
29 Borssele
28
23
Heinkenszand
’s-Heer Abtskerke
21
19
22 20
’s-Gravenpolder
1
18 Nisse
17
3
4 2
Kwadendamme
15
Ovezande
13
8
5
16
Hoedekenskerke
6
14 11
Driewegen
Oudelande
12
Ellewoutsdijk
9
10
Baarland
1
De Ontmoeting
2
Sint-Martinuskerk
3
Oud Gereformeerde Gemeente in NL
4
Elimkerk
5
Gereformeerde Gemeente
6
Sint-Joriskerk
8
Sint-Bonifatiuskerk
9
Gereformeerde Kerk
10
Maartenskerk
11
Sint-Eligiuskerk
12
‘t Kerkje van Ellesdiek
13
Eben Haëzer
14
Dorpskerk
15
Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk
16
Sint-Petrus-en-Pauluskerk
17
Gereformeerde Gemeente
18
Mariakerk
19
Johannes de Doperkerk
20
Dorpskerk
21
Sint-Blasiuskerk
22
Maranatha
23
Barbesteinkerk
3. Feiten en cijfers
Kerktorens De gemeente Borsele heeft in totaal 10 kerktorens in haar bezit. Van deze 10 torens zijn er 3 zogeheten dakruiters. Een dakruiter is een klein torentje geplaats op de nok van het dak van een kerkgebouw. Vanwege de plaats van de dakruiter, op het dak van de viering, worden dakruiters ook wel vieringtorens genoemd. De 3 dakruiters staan op de Sint-Joriskerk in Hoedekenskerke, de Dorpskerk van Driewegen en op de Catharinakerk in Borsele. De eerste twee zijn rijksmonument en de laatstgenoemde dakruiter heeft de gemeentelijke monumentenstatus. De 7 torens zijn de torens van de Sint-Martinuskerk in ’s-Gravenpolder, de Maartenskerk in Baarland, de Sint-Eligiuskerk in Oudelande, ’t Kerkje van Ellesdiek in Ellewoutsdijk, de Sint-Petrus-en-Pauluskerk in Ovezande, de Mariakerk in Nisse en de Johannes de Doperkerk in ’s-Heer Abtskerke. Van deze torens heeft alleen de toren in Ellewoutsdijk geen monumentenstatus. De overige torens zijn allemaal rijksmonumenten.
20
Toren van de Sint-Martinuskerk in ’s-Gravenpolder
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek Ontstaan van Borsele
Detail kaart: De eilanden van Zeeland, met aanduiding van de plaats der vroegere of nog aanwezige vluchtbergjes. De rode lijnen geven de omtrek van de eilanden in de 12e of 13e eeuw aan, de punten de vluchtbergjes. (Zeeuws Archief NL-MdbZA_294_225b)
21
De gemeente Borsele is één van de vier gemeenten op Zuid-Beveland. De gemeente ontstond in 1970 door de samenvoeging van 12 gemeenten, waaronder het dorp Borssele. Het gebied van de huidige gemeente Borsele bestaat voor het grootste deel uit het poldergebied met de naam de ‘Zak van Zuid-Beveland’. In het deel van de gemeente ten noorden van de lijn ’s-HeerenhoekNisse-’s-Gravenpolder lag vroeger een brede zeearm die dwars door het huidige Zuid-Beveland liep. Deze zeearm, meestal de ‘Zwake’ genoemd, was het resultaat van een rampzalige stormvloed in het jaar 1014. Aan de zuidkant van de Zwake bleven van het oorspronkelijke land drie kleine eilandjes over, volledig afgesneden van de rest van Zuid-Beveland: Borssele, Oudelande en Baarland. Als reactie op de ramp van 1014 werden bewoonde plaatsen opgehoogd tot terpen. Maar in 1134 deed zich opnieuw een verwoestende vloed voor, die de aanleiding zou zijn voor de eerste systematische bedijkingen in Zeeland. Als eerste reactie op de vloed van 1134 werden kreekruggen, bestaande terpen en natuurlijke kustbescherming verder opgehoogd. Ook de drie eilanden van de Zak werden rond 1200 door middel van een gedeelde ringdijk tot één enkel eiland, Borssele, samengevoegd.
Regelmatig werden ‘aanwassen’, kleine stukjes droogvallend schor langs de randen van het bedijkte land, aan het cultuurlandschap toegevoegd. Ook ‘opwassen’, eilandjes midden in het schor die door verzanding droog kwamen te liggen, werden van ringdijkjes voorzien. Zo ontstonden in de dertiende eeuw de kernpolders van de dorpen Heinkenszand en Ovezande. Halverwege de vijftiende eeuw was de Zwake aan weerszijden al zover ingepolderd dat er dammen konden worden geslagen tussen de verschillende eilanden, waaronder Borssele. De resterende gebieden werden, polder voor polder, drooggelegd. Borssele was verdeeld in de eilanden West-Borssele en Oost-Borssele. Bij de Sint-Felixvloed van 1530 en de Allerheiligenvloed van 1532 verdwenen het eiland West-Borssele en delen van Oost-Borssele in zee. Hierdoor verdronken de kerkdorpen Bakendorp, Coudorpe, Monster, Nieuw-Everinge, Oostkerke, Sint Catherinenkerke, Stuivezand, Tewijk, Westkerke en Wolfertsdorp. In andere periodes verdronken de dorpen Oostende, Oud-Everinge, Vinninghe. In 1616 werd het land weer herwonnen en werd het huidige dorp Borssele gesticht.
4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
22
Ook het binnenwater zorgde voor problemen. In het midden van Zuid-Beveland ligt een laaggelegen gebied, de Poel genaamd. Dit drassige gebied was niet geschikt voor akkerbouw en bewoning, iets wat versterkt werd door moernering, het weggraven van veen ten behoeve van de zoutwinning. De smalle kreekruggen in het gebied beperkten de groei van de dorpjes ’s-Heer Abtskerke, Baarsdorp en Sinoutskerke. De laatste twee werden nooit groter dan een gehucht en verloren in 1880 en 1906 hun kerk.
Kaart van Zuid- en Noord-Beveland in het midden van de 17e eeuw (Zeeuws Archief NL-MdbZA_294_427)
Doordat het gebied van de huidige gemeente Borsele een geschiedenis heeft met vele watersnoden en droogleggingen zijn ook de nederzettingen in de gemeente erg verschillend van elkaar in leeftijd en vorm. Net als in andere delen van Zeeland kent de gemeente Borsele verschillende kerkringdorpen, waarbij een kerk op het hoogste punt van een kreekrug is gebouwd met daaromheen een kerkhof en in sommige gevallen een gracht. Ellewoutsdijk heeft een onregelmatige kerkring. ’s-Heer Abtskerke heeft een duidelijker kerkring met daaromheen gegroeide bebouwing. Nisse kent een variant op het ringdorp met een aansluitend plein. Het dorp Borssele is pas ontstaan na de zestiende-eeuwse rampen en heeft een rationele, rechthoekige plattegrond die gebaseerd is op renaissanceontwerpen door dijkgraaf Cornelis Soetwater. Het heeft als kern een rechthoekig plein met daar omheen opnieuw een rechthoek van wegen. De kerk is gesitueerd in het midden van het plein. Andere dorpstypen die in de gemeente voorkomen zijn de voorstraatdorpen zoals Hoedekenskerke, met een hoofdstraat die haaks op de dijk ligt, maar ook dijkdorpen zoals Kwadendamme.
Vroege kaart van Borssele, ook wel bekend onder de naam Monster (Zeeuws archief NL-MdbZA_68_140)
Verder zijn er een aantal wegdorpen waarbij de lintbebouwing langs een weg de kern van het dorp vormt. Een jong dorp in de gemeente is Lewedorp dat langzamerhand als lintbebouwing ontstond en pas in 1929 een volwaardig dorp werd. Kerken en geloof in Borsele Om een beeld te krijgen van de historische ontwikkeling van het geloof en de waarden die de kerkgebouwen daarin vertegenwoordigen, hebben we de religieuze geschiedenis opgedeeld in enkele perioden. De perioden die voor de gemeente Borsele relevant zijn, zijn hiernaastbeschreven.
1400
1500
1600
1700
1800
1900
2000
Middeleeuwen (tot 1550) 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
De kerken die gesticht werden in deze periode waren allemaal katholiek. De eerste kerk in Zeeland is vermoedelijk gesticht door Willibrord op Walcheren. In de periode van circa 1150-1250 kwam door hervormingen in de kerk een massale parochiestichting op gang. Er ontstond onder de groeiende bevolking een verdieping van het geestelijk leven, waarvoor meer kerken nodig waren. Vaak werden er stedenbouwkundig dominante locaties gekozen, zoals centraal in een dorp of op een terp. De locatie is veelal van belang in de omgeving en de dorpsstructuur. In het geval van de gemeente Borsele gaat het om verschillende typen dorpen, zoals ring-, dijk-, en wegdorpen. Naast de katholieke kerk waren er in die tijd een paar andere stromingen in het geloof zoals het jodendom en de moderne devotie, maar op het zuidelijke deel van Zuid-Beveland speelden deze geen rol. Waarde van de kerkgebouwen De kerken uit deze periode zijn bijna zonder uitzondering architectonisch en stedenbouwkundig dominant, de ligging en locatie van de kerk is van belang en zegt iets over de structuur van de kern.
23
De locaties van middeleeuwse kerken zijn archeologisch van hoge waarde. Dit geldt ook voor middeleeuwse kerken die later zijn herbouwd. Middeleeuwse architectuur wordt altijd als waardevol beschouwd, ook al is ze maar fragmentarisch. Bij herbouwde kerken zijn soms ook interieurstukken uit oudere periodes aanwezig zijn. Kerken die behoren tot deze periode zijn: 2 Sint-Martinuskerk, ’s-Gravenpolder 6 Sint-Joriskerk, Hoedekenskerke 10 Maartenskerk, Baarland 11 Sint-Eligiuskerk, Oudelande 16 Sint-Petrus-en-Pauluskerk, Ovezande 18 Mariakerk, Nisse 19 Johannes de Doperkerk, ’s-Heer Abtskerke De Sint-Martinuskerk, de Sint-Joriskerk en de Mariakerk zijn door hun cultuuren bouwhistorie en door hun gaafheid bijzondere voorbeelden van middeleeuwse kerken.
De Mariakerk in Nisse is een gaaf voorbeeld van een middeleeuwse kerk met ook interieuronderdelen uit de middeleeuwen
1400
1500
1600
1700
1800
1900
2000
Reformatie 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Het rooms-katholieke geloof was in de middeleeuwen het dominante geloof in Europa, maar in de loop van de tijd waren binnen de kerk allerlei misstanden ontstaan. Naast kritiek op het functioneren van de kerk waren ook het Humanisme, de uitvinding van de boekdrukkunst, staatsvorming en de uitbraken van de pest aanleiding voor hervormingen. Het schisma in het westerse christendom werd vanaf 1517 ingezet door Maarten Luther en Johannes Calvijn. Met de Reformatie in de zestiende eeuw gingen veel van de katholieke dorpskerken over tot de protestantse godsdienst. Tijdens de Beeldenstorm en Tachtigjarige Oorlog werden veel kerken verwoest. In veel gevallen werden door de protestanten vernieuwingen uitgevoerd of werd de kerk geheel herbouwd. De locatie binnen de dorpen en de architectuur blijven dominant, omdat herbouw plaats vond op de oude plek. Bij nieuwbouw blijven oude bouwvormen belangrijk, maar nieuwe ontwikkelingen in de architectuur spelen ook een rol. Omdat die voormalige katholieke kerken voldoende ruimte boden werden er gedurende lange tijd geen nieuwe kerken gebouwd.
24
Alleen de kerk in Driewegen werd ongeveer een eeuw na de Reformatie herbouwd. Wel werden de oude kerken hersteld en gewijzigd, waarbij de gebouwen soms werden verkleind, zoals de Sint-Joriskerk in Hoedekenskerke, de Maartenskerk in Baarland en de Sint-Eligiuskerk in Oudelande.
De Bethelkerk in Nieuwdorp is een laat voorbeeld van een kerk die is gebouwd in de traditie van de Reformatie. De kerk is gebouwd in de stijl van de Nieuwe Haagse School.
Waarde van de kerkgebouwen Door beperkte fondsen zijn de herbouwde of nieuw gebouwde kerken vaak architectonisch minder waardevol dan de middeleeuwse. Desondanks worden de gebouwen uit de zeventiende en achttiende eeuw over het algemeen wel hoog gewaardeerd. Veel van de interieurs bevatten stukken uit oudere kerkgebouwen. Kerken die tot deze periode behoren zijn: 14 Dorpskerk, Driewegen 20 Dorpskerk, Heinkenszand 27 Catharinakerk, Borssele 32 Bethelkerk, Nieuwdorp Belangrijk voorbeeld van een kerk uit de vroege Reformatie is de zeventiende-eeuwse Dorpskerk van Driewegen. De Catharinakerk van Borssele werd anderhalve eeuw later gebouwd, maar is bijzonder vanwege de plaats binnen het stedenbouwkundige ontwerp van het dorp.
De Dorpskerk te Driewegen (Zeeuws Archief NL-MdbZA_298_127-3)
De Dorpskerk in Driewegen uit de zeventiende eeuw
1400
1500
1600
1700
1800
1900
2000
Afscheidingen 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Tot een heel eind in de negentiende eeuw waren er betrekkelijk weinig ontwikkelingen in Zeeland en ook op Zuid-Beveland die nieuwe kerkgebouwen als gevolg hadden. In het tweede kwart van de negentiende eeuw kwam daar verandering in. De Afscheiding van 1834 is de aanduiding van een kerkelijke beweging die uiteindelijk heeft geleid tot zelfstandige gereformeerde kerken naast de Nederlandse Hervormde Kerk. De Afscheiding van 1834 heeft, hoewel klein begonnen, grote invloed gehad op de vorming van de gereformeerde gezindte binnen de moderne Nederlandse samenleving. In 1886 volgde een tweede scheuring: de ‘Doleantie’. De gemeenten die hun oorsprong vonden in de Afscheiding en Doleantie verenigden zich in 1892 tot de Gereformeerde Kerken in Nederland. In 2004 is deze groep samen met de Nederlands Hervormde Kerk en de Evangelisch-Lutherse Kerk opgegaan in de Protestantse Kerk in Nederland. In Borsele behoren 12 kerkgebouwen tot de PKN. Na de Afscheiding vonden nog meer afsplitsingen plaats, zoals die van dominee Ledeboer. De nieuwe groepen werden vaak later weer samengevoegd met andere afgesplitste groepen.
25
De Ledeboeriaanse gemeenten gingen op in de Gereformeerde Gemeenten (in Nederland en Noord-Amerika). Een negentiende-eeuws kerkgebouw van die geloofsrichting is nog te vinden in Hoedekenskerke. Een ander orthodox kerkverband was de afscheiding onder leiding van dominee Bakker. Uit deze afsplitsing kwam later de Oud Gereformeerde Gemeente voort. In ’s-Gravenpolder wordt een in 1869 gebouwde eenvoudige kerk nog steeds door dit kerkverband gebruikt. Waarde van de kerkgebouwen De afgescheiden groepen kerkten soms in schuren of bouwden na enige tijd nieuwe kerkgebouwen. Doordat de middelen beperkt waren hebben deze kerken vaak een bescheiden voorkomen. De architectonische waarde van deze kerkgebouwen is daardoor beperkt. Een groot deel van deze kerken is inmiddels herbestemd waarbij het oorspronkelijke interieur verloren is gegaan. Deze groepen bleven ook in de twintigste eeuw actief en bouwden, vaak vanwege ruimtegebrek, nieuwe kerken die behoren tot de perioden ‘wederopbouw’ en ‘Post ‘65’.
Kerken die behoren tot deze perioden zijn: 1 De Ontmoeting, ’s-Gravenpolder 3 Oud Gereformeerde Gemeente in Nederland, ’s-Gravenpolder 5 Gereformeerde Gemeente, Hoedekenskerke 9 Gereformeerde Kerk, Baarland 13 Eben Haëzer, Driewegen 17 Gereformeerde Gemeente, Nisse 22 Maranatha, Heinkenszand 23 Barbesteinkerk, Heinkenszand 26 Gereformeerde Kerk, Borssele 29 Gereformeerde Gemeente, Borssele 30 Gereformeerde Kerk, Nieuwdorp 33 Gereformeerde Gemeente, Nieuwdorp De Gereformeerde Kerk van Borssele is een typisch voorbeeld van een eenvoudige zaalkerk uit deze tijd.
De voormalige Gereformeerde Kerk in Borssele
1400
1500
1600
1700
1800
1900
2000
Katholieke emancipatie 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
26
De Sint-Bonifatiuskerk te Kwadendamme 1902 (Zeeuws Archief NL-MdbZA_295_2973)
Na de Reformatie werd het hele katholieke platteland van Zuid-Beveland vanuit Goes door één pastoor bediend. Het was voor rooms-katholieken een lange tijd verboden in het openbaar hun godsdienst te belijden. In 1635 werd daarom in Goes een schuilkerk ingericht. Op het platteland van Zuid-Beveland werden de godsdienstoefeningen altijd gehouden op boerderijen in een kamer of op zolder, maar later, door het groeiend aantal gelovigen, ook in de schuur. De eerste pastoor voor heel Zuid-Beveland, Johan Trutius, werd in 1615 benoemd. In 1616 werd hij opgevolgd door Joannes Griffinus. Beiden hadden geen vaste woonplaats, maar logeerden wisselend bij een aantal parochianen in Goes. De eerste stichting van een afzonderlijke parochie op het platteland was waarschijnlijk rond 1650. Men noemde de pastoor van het landspastoraat ook wel veldpaap. De eerste veldpaap was Fransiscus van der Lisse. Hij legde een doopboek aan, waarin de 29e december 1665 zijn eerste dopeling werd ingeschreven. Dit boek werd bewaard in ’s-Heerenhoek, dat een centrum was van het katholieke geloof in het zuiden van Zuid-Beveland.
In 1691 kocht de landsparochie twee boerderijen die als schuilkerken werden ingericht. Een boerderij in Ovezande en één in Dijkwel (gehucht bij Kapelle). Door de komst van de Fransen en hun ‘Vrijheid, gelijkheid en broederschap’ zagen de katholieken op Zuid-Beveland hun kans schoon: de Franse bezetting leidde in 1795 namelijk ook tot vrijheid en gelijkheid van godsdienst. Pas in 1853 werd de bisschoppelijke hiërarchie hersteld en trad de Rooms-Katholieke Kerk weer nadrukkelijk op de voorgrond en werden er nieuwe kerken gebouwd. In de gemeente Borsele zijn voor Zeeuwse begrippen veel rooms-katholieke kerken te vinden. De oudste, nog bestaande katholieke negentiende-eeuwse kerk is de Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk in Ovezande (1859). Waarde van de kerkgebouwen De nieuwe kerken werden op een minder prominente locatie ingepast in de bestaande stedenbouwkundige structuur, maar kregen wel een prominente architectuur (neogotische stijl). In hun kielzog gingen ook protestanten meer aandacht besteden aan de architectuur, waarbij gebruikt werd gemaakt van andere neostijlen dan de neogotiek.
Hier ligt een direct verband met de voorgaande periodes van onderdrukking. Voor de Tweede Wereldoorlog kwamen nieuwe architectuurstijlen in zwang en ontstonden ook geloofsspecifieke bouwvormen. Deze ontwikkeling was voor de architectuur belangrijk. Kerken die tot deze periode behoren zijn: 8 Sint-Bonifatiuskerk, Kwadendamme 15 Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk, Ovezande 21 Sint-Blasiuskerk, Heinkenszand 24 Sint-Willibrorduskerk, ’s-Heerenhoek 34 Heilige Eligiuskerk, Lewedorp Vanwege de gave neogotische architectuur is de Sint-Bonifatiuskerk een bijzonder voorbeeld uit deze periode. De Sint-Blasiuskerk in Heinkenszand is een gaaf voorbeeld van stucadoorsgotiek, een vroege variant van de neogotiek. De kerk heeft ensemblewaarde door de locatie op het terrein van het voormalige slot Barbestein en door de combinatie van kerk, pastorie en Lourdesgrot.
1400
1500
1600
1700
1800
Wederopbouwperiode 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Na de Tweede Wereldoorlog werd er veel gebouwd in Nederland. Tijdens de oorlog zijn veel kerken verloren gegaan en ook door de grote groei van de Nederlandse bevolking na de oorlog was er behoefte aan extra kerkgebouwen. In Zeeland komt daar ook nog de schade van de Watersnoodramp bij. Na deze rampen werden kerken gebouwd in een sobere stijl die nu bekend staat als wederopbouwarchitectuur. In Borsele zijn geen grote uitbreidingswijken van direct na de oorlog. Verhoudingsgewijs zijn er daarom ook maar weinig kerken uit deze periode. Voor deze kerken geldt dat de gebouwen voor verschillende geloofsrichtingen veel overeenkomsten hebben in architectuur.
Kerken die tot deze periode behoren zijn: 12 ‘t Kerkje van Ellesdiek, Ellewoutsdijk 31 Noodkerk, Nieuwdorp 35 Gereformeerde Kerk, Lewedorp De Noodkerk in het Bevrijdingsmuseum is een bijzonder voorbeeld van een kerk die na de Slag om de Schelde werd gebouwd in Ellewoutsdijk. De opvolger van deze noodkerk is een goed voorbeeld van een wederopbouwkerk waarbij het Gesamtkunstwerk goed bewaard is gebleven.
Waarde van de kerkgebouwen Kerken uit deze tijd zijn vaak in één geheel ontworpen als Gesamtkunstwerk. De architectuur van exterieur en kunst sluiten aan op interieurstukken als kandelaars en altaren en vormen één ensemble. De gaafheid van dit ensemble is belangrijk voor de waardering van het gebouw, zoals dit ook geldt voor kerken uit andere perioden. Wederopbouwkerken zijn bijzonder gevoelig voor verstoring.
27
De Noodkerk die na de Slag om de Schelde is gebruikt als kerk in Ellewoutsdijk. De kerk staat nu in het Bevrijdingsmuseum Zeeland.
1900
2000
1400
1500
1600
1700
1800
Periode Post-‘65 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
Na de Tweede Wereldoorlog zijn er steeds meer nieuwe geloofsrichtingen opgekomen. Denk aan de Islam, antroposofie en migrantenkerken. Ook vond er een grote groei binnen reformatorische kerken plaats, waardoor grote kerkgebouwen met veel zitplaatsen werden gebouwd. Dit laatste is terug te zien in Borsele. De kerken uit deze periode worden vaak ingepast in de stedenbouwkundige restruimte buiten de centra en vormen zo een aparte categorie waarbij een grote diversiteit is in architectuurstijlen.
Kerken die behoren tot deze periode zijn: 4 Elimkerk, ’s-Gravenpolder 28 Gereformeerde Gemeente, Borssele De Elimkerk in ’s-Gravenpolder is een goed voorbeeld in de gemeente Borsele van een groot kerkgebouw uit de Post ’65-tijd. De kerk werd als gevolg van de groei van de gemeenschap gebouwd en vervangt een gebouw uit de periode van afscheiding. Door groei werd de kerk vervolgens in 2006 uitgebreid.
Waarde van de kerkgebouwen Kenmerk van kerken uit deze periode is dat ze vaak op stedenbouwkundig onbelangrijke plaatsen gebouwd zijn. De waarde van de architectuur verschilt sterk per individueel geval. De laatste tijd is er in het bijzonder aandacht voor Post ’65-architectuur.
Elimkerk in ’s-Gravenpolder is met ruim 1500 zitplaatsen een voorbeeld van een grote reformatorische kerk.
28
1900
2000
Beoordelingscriteria kernwaarden 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
29
• Iedere kerk heeft een eigen geschiedenis en eigen waarden, samen vertellen de kerken een groter verhaal. De waarden van een kerkgebouw kunnen worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria: • Architectonische waarden: wat zijn de architectuurhistorische kenmerken van het gebouw? Is een bepaalde architectuur of typologie van kerkenbouw specifiek belangrijk in de gemeente of regio? Wat is de typologie? Binnen de collectie kan een kerk een belangrijke rol spelen op historisch en maatschappelijk niveau ook al is ze als bouwwerk onbeduidend. Bovendien kan een kerk, ook al is ze niet van architectonisch belang, toch van belang zijn als voorbeeld van een eenvoudige bouwstijl of techniek. In het hele gamma van de kerkenbouw spelen ze een rol als onderdeel van de minder rijke delen van de maatschappij. • Cultuurhistorische waarden: wat was de rol van de kerk in de historische ontwikkeling van de stad, het dorp en het gebied? Hoe en waarom heeft de kerk zich ontwikkeld tot de huidige situatie? Stedenbouwkundige waarden: wat is de rol van de kerk in het stedenbouwkundig geheel van de stad of dorp: speelt de kerk een belangrijke rol in het straat- of dorpsbeeld?
• Gaafheid: in hoeverre is het kerkgebouw onaangetast? • Interieur: welke interieuraspecten van de kerkfunctie zijn behouden gebleven? Denk aan preekstoel, koorhek, orgel etc. Is het een gaaf ensemble? • Kerken die meerdere kernwaarden vertegenwoordigen en daarmee een uitzonderlijk voorbeeld zijn van een bepaalde categorie kerken, zijn mogelijk beschermenswaardig.
Kernwaarden kerkenbestand gemeente Borsele 4. Onderzoeksresultaten: Cultuurhistorisch onderzoek
30
• Op basis van de verschillende perioden vallen een aantal zaken op over de ontwikkeling van het geloof en de daarmee samenhangende kerkenbouw in de gemeente Borsele. • Kenmerkend voor Zuid-Beveland is de ontstaansgeschiedenis met veel overstromingen en verwoestingen. Deze geschiedenis wordt deels ook door de kerkgebouwen uit de periode van de middeleeuwen verteld. Deze oudere kerken zijn allemaal aangewezen als beschermd rijksmonument. • Zoals overal in Zeeland vonden er vanaf de Afscheiding van 1843 veel afsplitsingen van de Nederlandse Hervormde Kerk plaats. Ook in Borsele zijn in de negentiende en twintigste eeuw veel nieuwe kerkgebouwen gesticht. Vanwege de beperkte omvang van de geloofsgemeenschap en de beperkte beschikbare middelen waren dat vaak eenvoudige kerken. Juist vanwege dit verhaal zijn deze gebouwen van belang. Hoewel ze beperkte architectonische waarden hebben, vertellen ze wel het verhaal van de ontwikkeling van het geloof in Borsele. Een aantal van deze kerken is als mogelijk beschermenswaardig beoordeeld.
• Wat verder opvalt is het cluster van kerkstichtingen in de periode van de rooms-katholieke emancipatie. Na de Franse tijd en het herstel van de bisschoppelijke hiërarchie waren andere geloven dan het protestantisme vrij om zichzelf te manifesteren. In de gemeente Borsele zijn relatief veel rooms katholieke kerken gesticht in de negentiende en twintigste eeuw. Het merendeel van deze kerken is van rijkswege of door de gemeente beschermd. • In Borsele komen relatief weinig kerken voor van na de Tweede Wereldoorlog. De weinige kerkgebouwen uit deze periode zijn voorbeelden van voortzettingen van oudere afsplitsingen. Een enkel kerkgebouw uit deze periode is als mogelijk beschermenswaardig beoordeeld.
Bronnen: • Kleine geschiedenis van de Bevelanden www.zeelandnet.nl/weblog/mir/ bericht/209846 • www.rksheerenhoek.nl/cms/ historie-parochie • Structuurvisie gemeente Borsele 2015-2020 • Bestemmingsplan Kern Borssele 2012 • J.W. Bosch – Polders en Pleinen van het Landschapspark Borsele • C.F. Bos, J. van Damme en A.P. de Klerk – Dorpen in Zeeland • C. Dekker – Zuid-Beveland: De Historische geografie en de instellingen van een Zeeuws eiland in de middeleeuwen.
5. Onderzoeksresultaten: Beleidskader De gemeente Borsele kent ruim 170 beschermde rijksmonumenten en heeft daarnaast ook zelf 36 objecten aangewezen als gemeentelijk monument. Door het rijk zijn twee beschermde dorpsgezichten aangewezen, Borssele en Nisse. Het gemeentelijk beleid is vastgelegd in de beleidsnota ‘Monumenten en Dorpsvernieuwing’ (2006), waaruit valt af te leiden dat dit document gebaseerd is op verouderd beleid en verouderde weten regelgeving. Ook de huidige verdeling in taken en bevoegdheden tussen Rijk, provincies en gemeenten met betrekking tot de financiële ondersteuning van rijksmonumenten is in deze nota niet opgenomen. De gemeente heeft daarnaast in 2002 het Ontwikkelingsperspectief voor één de Bevelanden vastgesteld. Hierin wordt gesteld dat het landschap in de gemeente gaaf is, niet versnipperd en met weinig storende bebouwing. Er is groeiende aandacht voor het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed.
31
In de aanloop naar de invoering van de Omgevingswet in 2024 wordt gewerkt aan de Omgevingsvisie Borsele, waarvoor de gemeente Borsele de fysieke leefomgeving in kaart heeft laten brengen. Op basis hiervan zal de koers voor de toekomst worden bepaald. Op dit moment bevindt dit visiedocument zich nog in de conceptfase. De Omgevingsvisie Borsele stelt dat er meerdere mooie dorpen met hoge erfgoedwaarden zijn en in de fysieke leefomgeving diverse soorten erfgoed uit verschillende perioden zijn, van ridderplaatsen tot kerken. De visie vervolgt met de constatering dat de meeste dorpen ‘klein’ zijn gebleven en over het algemeen de identiteit, de ruimtelijke kwaliteit en de erfgoedwaarden hebben behouden. Op basis hiervan wil de gemeente inzetten op behoud en vergroting van de ruimtelijke kwaliteit met behoud en doorontwikkeling van de historische kwaliteiten. Ten behoeve daarvan heeft de gemeente voor elke kern knelpunten en ambities opgesteld met aandacht voor de cultuurhistorische waarden. Het erfgoed kent verschillende niveaus van bescherming, namelijk beschermde rijksmonumenten, beschermde gemeentelijke monumenten en door het rijk beschermde dorpsgezichten.
Het meest recent vastgestelde beleidsdocument, waarin het erfgoed aan de orde komt, is de Beeldkwaliteitsnota 2013 die de Welstandsnota Borsele 2006 vervangt. De beeldkwaliteitsnota Borsele is opgesteld vanuit de overtuiging dat de gemeente het belang van een aantrekkelijke (gebouwde) omgeving dient te behartigen. Om cultuurhistorische bouwwerken binnen haar grondgebied te beschermen heeft de gemeente Borsele monumentenbeleid vastgelegd in de Erfgoedverordening Borsele 2017. Deze verordening bevat procedureregels met betrekking tot het beschermde erfgoed (monumenten en gezichten) en maakt het aanwijzen van gemeentelijke monumenten mogelijk. Deze aanwijzing geschiedt op basis van vrijwilligheid. Basis voor de erfgoedverordening is de Erfgoedwet 2016.
5. Onderzoeksresultaten: Beleidskader
Als gevolg van de invoering van de Omgevingswet moet het instellen van een gemeentelijke adviescommissie ter vervanging van de huidige monumentencommissie worden geregeld in de Erfgoedverordening. Ook het benoemen van leden in deze commissie dient op basis van een Verordening instellen gemeentelijke adviescommissie geschieden. Eind 2021 heeft de VNG alle gemeenten in een ledenbrief geadviseerd maatregelen te nemen met betrekking tot een nieuwe erfgoedverordening. In de gemeente Borsele zijn vooralsnog geen voorbereidingen getroffen voor een nieuwe erfgoedverordening. De bescherming van dorpsgezichten in de gemeente Borsele is geregeld in de betreffende bestemmingsplannen. Voor gebouwen binnen een beschermd dorpsgezicht gelden andere regels met betrekking tot vergunningvrij bouwen. Dit geldt zowel voor beschermde als niet-beschermde gebouwen. De gemeente Borsele hanteert het provinciaal opgestelde VTH-Beleid Zeeland 2021 dat alle taken van de Zeeuwse overheden op het gebied van omgevingsbeleid bevat.
32
Dit beleid benoemt de uitgangspunten voor preventie, vergunningverlening, gedogen, toezicht en handhaving in Zeeland. Daarnaast geeft dit document handvatten voor uitvoering en handhaving van wetten. Op 1 november 2017 is de Subsidieverordening Erfgoed Borsele 2017 in werking getreden. Een subsidie kan worden verleend voor het treffen van maatregelen ter instandhouding of restauratie van rijksmonumenten, gemeentelijke monumenten en beeldbepalende panden. Het restaureren betreft ook monumenten die niet in aanmerking komen voor een subsidie volgens de Erfgoedwet. Ook voorziet deze subsidieverordening in het herstel van bijzondere monumentale onderdelen. De verordening is inmiddels bijna 7 jaar oud en speelt (nog) niet in op de huidige subsidieen financieringsregelingen van het Rijk en de Provincie Zeeland. Met betrekking tot beleid en regelgeving moet worden gesteld dat de gemeente Borsele een inhaalslag te maken heeft. Het bestuurlijke en politieke klimaat lijken hiervoor zeker aanwezig.
Kerkenvisie in relatie tot erfgoedbeleid Het vormgeven van een actueel erfgoedbeleid kan mede gebaseerd worden op de uitkomsten van deze kerkenvisie, waarin aanbevelingen zijn opgenomen over de rol van erfgoed in de versterking van de fysieke leefomgeving. Het gaat daarbij niet alleen over het beschermen en behouden van erfgoed, maar ook over het benutten van kansen voor leegkomende kerkgebouwen. Eenzelfde vraagstuk kan in de nabije toekomst ook gelden voor het agrarisch erfgoed. Ook de aandacht voor interieurs, vaak een vergeten onderdeel bij de instandhouding van erfgoed, kan worden verankerd in erfgoedbeleid. Onderwerpen die in deze kerkenvisie aan de orde komen, zoals de loketfunctie ten behoeve van het contact met eigenaren, alsmede de coördinatiefunctie ten behoeve van een integrale aanpak, kunnen eveneens onderdeel uitmaken van toekomstig erfgoedbeleid.
5. Onderzoeksresultaten: Beleidskader
33
Kennis en gebruik van instandhoudings- en restauratiesubsidies Voor de instandhouding van rijksmonumenten kan subsidie bij de rijksoverheid worden aangevraagd. De eigenaren van de rijksmonumentale kerkgebouwen in de gemeente Borsele zijn op de hoogte van de Subsidieregeling instandhouding monumenten (Sim), maken daarvan in de meeste gevallen ook gebruik en laten zich daarbij ondersteunen door een professioneel bureau. De gemeente Borsele heeft, daarbij voortbordurend op de eerdere praktijk, in 2021 en 2022 actief beleid gevoerd door de kerkeigenaren te motiveren een aanvraag voor de Sim in te dienen. Bijzonder is dat de gemeente daarbij de kosten voor het opstellen en indienen van een subsidieaanvraag vergoedt. Doordat de gemeente op hetzelfde moment ook een aanvraag indient voor de torens, eigendom van de gemeente, kunnen plannen van kerken en torens op elkaar worden afgestemd. De eerste keer was in 2010 en in 2016 is daar een vervolg aangegeven. Vorig jaar was dus de derde keer dat alle kerken een aanvraag voor de Sim hebben ingediend. De gemeente Borsele en de gemeente Reimerswaal zijn de enige gemeenten in Zeeland die deze rol hebben opgepakt en
zij zijn daarmee een voorbeeld voor de andere Zeeuwse gemeenten. Ondanks het in 2019 verhoogde subsidiepercentage (van 50% naar 60%) geven de kerkeigenaren aan dat het eigen aandeel (40% + 100% van de eventuele niet-subsidiabele kosten) een knelpunt is. Voor de onderhoudskosten kent de gemeente Borsele een aanvullende subsidiemogelijkheid, terwijl de provincie Zeeland een subsidieregeling heeft voor de restauratie van rijksmonumenten. De provinciale subsidieregeling kent een subsidiepercentage van maximaal 70% en daarmee resteert een eigen bijdrage van 30%. Ook bij de provinciale restauratiesubsidie geven de kerkeigenaren aan dat de eigen bijdrage een aandachtspunt is. Een enkele kerkeigenaar geeft aan het aanvragen van subsidie voor onderhoud of restauratie omwille van de omvang van de eigen bijdrage niet, of later dan wenselijk is, in te dienen. Binnen de gemeente Borsele bevinden zich meerdere kerken met een urgente bedreiging of een bedreiging op langere termijn. Bij meerdere van deze kerken staan interne gesprekken over het vinden van een nevenof herbestemming nog in de kinderschoenen of worden in zijn geheel nog niet gevoerd. Behoud en toekomstig gebruik van deze
kerkgebouwen staat daardoor onder druk. Voor zowel rijksmonumentale kerkgebouwen als voor kerkgebouwen van cultuurhistorisch belang kan een beroep worden gedaan op de Subsidieregeling stimulering herbestemming monumenten van het Rijk. Deze regeling is een hulpmiddel om binnen de kerkgemeenschap de gesprekken te starten over een nevenbestemming met behoud van de religieuze (hoofd)functie of een herbestemming met een goede economische kostendrager. Kerkeigenaren in de gemeente Borsele lijken nauwelijks bekend met deze regeling. Tot op heden is hiervan binnen de gemeente Borsele nog geen gebruik gemaakt. Overigens mag niet onvermeld blijven dat de gemeente Borsele in de kern Nieuwdorp het Masterplan Nieuwdorp uitvoert. Dit masterplan is samen met de dorpsgemeenschap opgezet. Hierin is een plan opgenomen om de Bethelkerk te herbestemmen tot dorpshuis. Dit dorpshuis maakt onderdeel uit van een groter plan, waarin ook is voorzien in een multifunctionele accommodatie. Ook in deze ontwikkeling is de gemeente Borsele een voorbeeld voor de andere Zeeuwse gemeenten.
6. Onderzoeksresultaten: Toekomstverwachting 33
33
33
33
Sterke afname religieus gebruik
10
10
2
2
11
12
3 3 7
10 11 21 13 8
2022
6
1
1
1
2027
2032
2037
Toekomstverwachting kerkgebouwen
Eind 2021 tot begin 2022 zijn gesprekken gehouden met de eigenaren van 29 kerkgebouwen, waaronder 21 van de 23 kerken die toen nog in religieus gebruik waren. In 2023 zijn er van deze 23 inmiddels twee in transitie naar een ander gebruik: de Heilige Eligiuskerk in Lewedorp en de Sint-Willibrorduskerk in ’s-Heerenhoek. Met vier kerkeigenaren was het niet mogelijk om een gesprek in te plannen. Van de 21 nu nog in religieus gebruik zijnde kerken hebben er slechts zes een vitale geloofsgemeenschap en een zekere toekomst met een religieuze functie. De meeste andere kerkgemeenten hebben te maken met een vergrijzend ledenbestand en een afnemend kerkbezoek. Binnen de PKN-kerken en de RK-kerken heeft dit geleid tot fusies en samenwerkingsverbanden, waardoor de gemeenschappen qua omvang groot genoeg blijven om diensten te organiseren. Het wekelijks gebruik van de kerkgebouwen neemt daardoor uiteraard af.
Religieus gebruik Herbestemd In transitie Onzeker Gesloopt
34
Het gevolg hiervan is dat het aantal kerken in religieus gebruik de komende jaren zal afnemen.
Deze ontwikkeling speelt in heel Nederland, maar binnen Zeeland is Borsele één van de gemeenten waar de meeste kerken hun religieuze functie zullen verliezen. Momenteel zijn tien kerken al herbestemd en zijn er twee in transitie. Van de 21 kerkgebouwen met een religieuze functie is de verwachting dat er in 2037 nog slechts zes deze functie zullen hebben, waardoor in het slechtste geval vijftien kerkgebouwen hun religieuze functie zullen verliezen. Eén van deze veertien zal naar verwachting worden gesloopt, de kerk van de Gereformeerde Gemeente in Nieuwdorp. Hiervoor komt een nieuw kerkgebouw in de plaats. Ook de toekomst van twee reeds herbestemde kerkgebouwen wordt als onzeker aangemerkt. Dit betreft ’t Kerkje van Ellesdiek en de Sint-Petrus-en-Pauluskerk in Ovezande. Toekomstverwachting (rijks)monumentale kerkgebouwen Van de veertien monumentale kerkgebouwen (twaalf rijksmonumenten en twee gemeentelijke monumenten) hebben er op dit moment elf een religieuze functie. Twee zijn herbestemd en één is in transitie.
6. Onderzoeksresultaten: Toekomstverwachting
Van deze veertien monumenten heeft er op langere termijn geen enkele een zeker toekomstperspectief met een religieuze functie. Dit beeld komt in heel Zeeland voor. De monumentale kerkgebouwen worden meestal gebruikt door krimpende en vergrijzende kerkgemeenschappen. De Sint-Petrus-en-Pauluskerk in Ovezande en Maranatha in Heinkenszand zijn al herbestemd en de Sint-Willibrorduskerk in ’s-Heerenhoek zal in 2023 gesloten worden. Binnen een periode van maximaal vijf jaar staan ook de bestemmingen van de Maartenskerk in Baarland en de Johannes de Doperkerk in ’s-Heer Abtskerke onder druk, terwijl er vermoedelijk ook nog twee rooms-katholieke kerken de deuren zullen moeten sluiten. Toekomstverwachting niet-monumentale kerken In de gemeente Borsele hebben negentien van de 33 kerkgebouwen geen monumentale status.