11.3 VRZ jaarstukken 2022
Tekst van het document
INC 4.515.293 209.955 2.132.001 236.276 815.644 168.552
Eindtotaal 41.878.934 22.980.826 152.296
47.187 9.661.939 702.051 420.932 327.564
2.132.001 283.464 10.477.583 870.604 420.932 327.564
430.338 0 430.338 337.312 337.312 185.213 3.280.802 3.466.015 -4.626.570 -36.638.634 -41.265.203 -83.015 -15.769 -98.784 -850 -850 -753.990 -132.121
-280.382 -1.034.372 -6.891.549 -7.023.670 -29.162.152 -29.162.152 1.000 1.000 -30.000 -276.000 -306.000 -2.732 -2.732
710 Mutaties reserves (Baten)
-1.496.443
750 Overige verrekeningen (Baten)
-2.132.001
Eindtotaal
STR 37.363.642 22.770.870 152.296
-111.277
-9.200
-1.505.643 -2.132.001
725.008
613.731 45
INC = Incidenteel; STR = Structureel
De structurele exploitatieruimte geeft aan of de structurele lasten gedekt worden door structurele baten en de exploitatie hiermee in evenwicht is. Dit wordt beoordeeld door de structurele lasten, inclusief de structurele toevoegingen aan reserves, af te zetten tegen de structurele baten, inclusief de structurele onttrekkingen aan reserves. Het niet in evenwicht zijn van de structurele exploitatieruimte komt onder andere door de stijgende energie- en brandstofprijzen en door hogere tarieven van leveranciers. Ondanks dat deze oorzaken een structureel karakter hebben is het voor de VRZ als incidenteel te classificeren. In de begrotingswijziging 2023 zal gekeken worden in hoeverre een verhoging van de gemeentelijke bijdrage moet plaats vinden ter dekking van de stijgende structurele lasten.
6. Balans per 31 december in Euro's Volg. Omschrijving no. 9.1 Activa 9.1.1
31-12-2021
Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut
9.1.2
31-12-2022
23.423.466
Volg. no. 9.2
Omschrijving Passiva
9.2.1
Vaste passiva Eigen Vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserve Gerealiseerd resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten
24.757.480
31-12-2022
31-12-2021
1.408.296 1.831.358
1.841.733 1.836.217
-613.730
755.012
2.625.924
4.432.962
Vlottende activa Totaal eigen vermogen Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar Overlopende activa
Liquide middelen Totaal vlottende activa
Voorzieningen 7.927.587
12.704.523
536.778
475.687
11.049
21.247
8.475.414
13.201.457 9.2.2
Totaal activa
31.898.880
37.958.937
337.312
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer
23.774.118
25.607.922
Totaal vaste passiva
26.737.354
30.040.884
4.428.573
6.820.297
683.486 49.467
1.028.806 68.950
Totaal vlottende passiva
5.161.526
7.918.053
Totaal passiva
31.898.880
37.958.937
Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overlopende passiva met een specifiek bestedingsdoel Overige overlopende passiva
46
7. Grondslagen van resultaatbepaling en waardering Inleiding Onze verslaggeving is opgemaakt met inachtneming van het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De administratie wordt gevoerd volgens het stelsel van baten en lasten, waarbij de volgende algemeen aanvaarde beginselen zijn gehanteerd. Het toerekeningbeginsel De lasten en baten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, dat wil zeggen dat lasten slechts in het boekjaar zijn opgenomen, indien de daarmee samenhangende tegenprestaties eveneens in dat boekjaar zijn geleverd. Het realisatiebeginsel Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Het voorzichtigheidsbeginsel Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij het voor het opmaken van de jaarrekening in beeld zijn. Personeelslasten Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.
schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarop uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op een andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van eenmalige schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Balans Materiële vaste activa met economisch nut De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. De aanschaffingen met een relatief geringe betekenis, minder dan € 10.000, worden overigens in het jaar van aanschaffing direct ten laste van de exploitatierekening gebracht. De afschrijving van de activa vindt lineair plaats op basis van een volledig kalenderjaar met inachtneming van de verwachte gebruik- of nuttigheidsduur. Afschrijvingen van nieuwe investeringen vinden voor het eerst plaats in het jaar volgend op de aanschafdatum.
De volgende afschrijvingstermijnen worden gehanteerd: a. maximaal 40 jaar: nieuwbouw bedrijfsgebouwen; b. maximaal 25 jaar: renovatie, restauratie en aankoop bedrijfsgebouwen, groot gereedschap; c. maximaal 20 jaar: liften, haakarmvoertuigen, dompelpompunits, hoogwerkers na revisie; d. maximaal 17 jaar: tankautospuiten, hulpverleningsvoertuigen e. maximaal 15 jaar: dakbedekking, luchtbehandeling, cv-installatie, bepakking voertuigen, haakarmcontainers, motorspuit aanhanger, tankwagen, inrichting, productiemachines en/of apparatuur, ademluchtcilinders, reddingsvaartuigen, redvoertuigen (hoogwerkers, autoladders); 47
f.
g.
h. i. j. k. l.
maximaal 10 jaar: veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen, kozijnen, overige elektrische installaties, verbindingen, kantoormeubilair, nieuwbouw tijdelijke bedrijfsgebouwen, groot onderhoud bedrijfsgebouwen, netwerkbekabeling, glasvezelverbinding, verlichtingsvoorzieningen, hydraulische redmiddelen, ademluchtvulstation, klim en hijsmiddelen, valbeveiliging, personen- en materiaalbussen, (test) ademluchtapparatuur, kleding jeugdbrandweer, bluspakken, gaspakken, zaagkleding, redvesten, survivalsuits, kettingzagen, aggregaten; maximaal 8 jaar: duikapparatuur/materiaal, hefmiddelen, mobiele dataterminals, explosiemeters, COmeetapparatuur, explosiemeetapparatuur, stralingsmeetapparatuur, handlampen oplaadbaar, vluchtmaskers; maximaal 7 jaar: personenauto’s, warmtebeeldcamera’s, portofoons/mobilofoons, airbaghoezen; maximaal 6 jaar: automatiseringsapparatuur t.b.v. de gemeenschappelijke meldcentrale; maximaal 5 jaar: aanhangwagens, lichte motorvoertuigen, software, alarmontvangers-/pagers, blushelmen, -laarzen en handschoenen, paxtassen/AED’s, chemiepakken; maximaal 4 jaar: automatiseringsapparatuur t.b.v. kantoorautomatisering; niet: gronden en terreinen.
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Vorderingen en overlopende activa Vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. Liquide middelen Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Vaste schulden Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Resultaat Het saldo van de programmarekening 2022 is op de balans verantwoord onder de post ‘Gerealiseerd resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten’.
8 Toelichting balans 8.1 Activa 8.1.1 Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut:
48
Materiële vaste activa (in Euro's) Boekwaarde 01-01-2022 Investeringen Waardeverminderingen Desinvesteringen Bijdragen van derden direct gelieerd aan een actief Desinvesteringen cumm. afschrijvingen Afschrijvingen Saldo per 31 december 2022
Vervoermiddelen 15.524.683 65.565 0 -339.932 0 339.932 -1.700.458 13.889.791
Machines, apparaten, installaties 3.081.782 1.784.352 0 -1.052.601 0 892.157 -768.088 3.937.603
Overige materiële BedrijfsGronden en activa gebouwen terreinen Totaal 3.875.985 1.587.528 687.500 24.757.479 282.084 0 0 2.132.001 0 0 0 0 -49.564 0 0 -1.442.097 0 0 0 0 24.796 0 0 1.256.885 -723.564 -88.692 0 -3.280.802 3.409.736 1.498.836 687.500 23.423.466
De afschrijving van de activa vindt lineair plaats op basis van een volledig kalenderjaar met inachtneming van de verwachte gebruik- of nuttigheidsduur. 8.1.2 Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar (in Euro's) Vorderingen op openbare lichamen Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen Overige verstrekte kasgeldleningen Uitzettingen in 's Rijks schatkist (< 1 jaar) Rekening-courantverhouding Rijk Rekening-courantverhouding met niet-financiele instellingen Uiztettingen in de vorm van Nederlands schuldpapier (< 1 jaar) Overige vorderingen Overige uitzettingen Totaal uitzettingen (< 1 jaar)
31-12-2022 31-12-2021 665.065 385.905 0 0 0 0 6.913.938 11.841.676 0 0 0 0 0 0 348.584 476.942 0 0 7.927.587 12.704.523
Deze post kan als volgt worden gespecificeerd: Vorderingen (in Euro's) Vorderingen op openbare lichamen Vorderingen niet-openbare lichamen Totaal vorderingen
31-12-2022 7.579.003 348.584 7.927.587
31-12-2021 12.356.752 347.771 12.704.523
Specificatie vorderingen (in Euro's) Debiteuren Nog te ontvangen bedragen SGB Nog te ontvangen energiekosten gemeenten Nog te ontvangen bijdrage Rijk inzake declaratie Covid-19 Nog te ontvangen gelden GGD Zeeland opvang ontheemden Oekraïne Rekening-courant Rijk (Schatkistbankieren) Nog te ontvangen bedragen Totaal vorderingen
31-12-2022 586.759 94.409 24.500 132.121 161.656 6.913.938 14.204 7.927.587
31-12-2021 289.619 301.589 80.126 0 0 11.841.676 191.516 12.704.523
Specificatie debiteuren (in Euro's) Debiteuren exclusief voorziening Voorziening dubieuze debiteuren Debiteuren inclusief voorziening
31-12-2022 586.759 0 586.759
31-12-2021 289.619 0 289.619
De afwikkeling van de debiteuren en het restant van de overige vorderingen heeft een normaal verloop. Het saldo ultimo 2022 van de vorderingen op openbare lichamen wordt grotendeels verklaard door een rekening49
courantverhouding met het Ministerie als gevolg van het schatkistbankieren (€ 6.913.938), diverse nog te ontvangen bedragen van verschillende gemeenten (€ 210.955), terug te ontvangen bijdrage van de GGD Zeeland inzake voorschot opvang ontheemden Oekraïne en de nog te ontvangen bijdrage van het Rijk inzake meerkosten Covid-19 2022 (€ 132.121). Overlopende activa (in Euro's): Nog te ontvangen bedragen en vooruitbetalingen van/aan overheidslichamen Overige nog te ontvangen en vooruitbetaalde bedragen Totaal
31-12-2022 26.000 510.778 536.778
31-12-2021 20.000 455.687 475.687
31-12-2022 869 523.098 12.811 536.778
31-12-2021 7.125 451.780 16.782 475.687
Deze post kan als volgt worden gespecificeerd: Overlopende activa (in Euro's): Fietsplan Overige vooruitbetaalde bedragen Overlopende activa Totaal
De vooruitbetaalde bedragen bestaan voornamelijk uit kosten voor software licenties en opleidingen/trainingen binnen de brandweer. Deze post kan als volgt worden gespecificeerd: Liquide middelen (in Euro's) Bank Totaal
31-12-2022 11.049 11.049
31-12-2021 21.247 21.247
Deze liquide middelen zijn vrij opneembaar. We hebben een kredietfaciliteit van 2,4 miljoen bij de BNG. Schatkistbankieren Decentrale overheden zijn verplicht om hun overtollige middelen in 's Rijks schatkist aan te houden. Om het dagelijkse kasbeheer te vereenvoudigen is een drempelbedrag, afhankelijk van het begrotingstotaal, dat buiten de schatkist mag worden gehouden. Met ingang van 1 juli 2021 is de berekeningswijze veranderd. Het drempelbedrag is gelijk aan 2% van het begrotingstotaal indien het begrotingstotaal lager is dan € 500 miljoen. In het begrotingstotaal hoger is dan € 500 miljoen is de drempel gelijk aan € 10 miljoen plus 0,2% van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. De drempel is nooit later dan € 1 miljoen. De benutting van het drempelbedrag wordt berekend als gemiddelde over alle dagen in het kwartaal. Gemiddeld mag een decentrale overheid dus maximaal het drempelbedrag buiten de schatkist hebben gehouden. De berekening van het drempelbedrag en de benutting hiervan voor VRZ wordt hieronder weergegeven.
50
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar (1)
Drempelbedrag
1000
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
17
18
10
5
(3a) = (1) > (2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag
983
982
990
995
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
-
-
-
-
(2)
(1) Berekening drempelbedrag (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat
(1) = (4b)*0,0075 + (4c)*0,002 met een Drempelbedrag minimum van €250.000
37.083 37.083 -
1000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 (5a) (5b) (2) - (5a) / (5b)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) Dagen in het kwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen
Kwartaal 4
1.516
1.610
938
429
90
91
92
92
17
18
10
5
8.2 Passiva 8.2.1 Vaste passiva Resultaatbestemming 2021 Het positieve resultaat van € 755.012 over 2021 is conform het bestuursbesluit als volgt verdeeld: 1. € 56.636 is toegevoegd aan de bestemmingsreserve “uitgestelde activiteiten”; 2. € 25.372 is toegevoegd aan de algemene reserve van de VRZ; 3. € 155.000 is toegevoegd aan de bestemmingsreserve “implementatie Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO)”; 4. € 50.000 is toegevoegd aan de bestemmingsreserve “Versterken informatiegestuurde veiligheid”; 5. € 350.000 is toegevoegd aan de bestemmingsreserve “Impulsgelden operationele leiding brandweer”; 6. € 118.004 is uitgekeerd aan de gemeenten. Algemene reserve Van het positieve resultaat in 2021 is € 25.372 toegevoegd aan de algemene reserve. Algemene reserve (in Euro's) Saldo
31-12-2022 1.408.296
31-12-2021 1.841.733
Algemene reserves (in Euro's) Beginsaldo Bij: toevoeging Af: onttrekking Saldo per 31-12
31-12-2022 1.841.733 25.372 -458.809 1.408.296
31-12-2021 1.490.829 350.904 0 1.841.733
Bestemmingsreserves
51
Bestemmingsreserves (in Euro's) Beginsaldo Bij: toevoeging Af: onttrekking Saldo per 31-12
31-12-2022 1.836.217 1.041.974 -1.046.834 1.831.358
31-12-2021 1.625.715 632.000 -421.497 1.836.217
De bestemmingsreserves zijn als volgt onderverdeeld: Saldo per 01-01-2022
Resultaat 2021 Toevoegingen
Onttrekkingen Saldo per 31-12-2022
Reserve transitie
206.439
-
-
128.640
Reserve Vernieuwing
58.462
-
-
-
77.799 58.462
Reserve Meldkamer
713.082
-
-
226.417
486.665
Reserve Crisisorganisatie
83.274
-
-
3.776
79.498
Reserve Uitgestelde activiteiten
588.040
56.636
-
400.621
244.056
Reserve implementatie BIO
-
155.000
-
155.000
-
Reserve versterken informatiegestuurde Veiligheid
-
50.000
-
50.000
-
Reserve impulsgelden operationele leiding BRW
-
350.000
-
73.180
276.820
Reserve Maritieme Veiligheid
-
-
430.338
-
430.338
Reserve Dekking afschrijving
186.920
-
-
9.200
177.720
1.836.217
611.636
430.338
1.046.834
1.831.358
Saldo mutaties 2022
Reserve Transitie Deze bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van de lasten van de transitie van Veiligheidsregio Zeeland, inclusief het regionaliseringproces van de brandweer. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve Vernieuwing Veiligheidsregio Zeeland Deze bestemmingsreserve is gevormd ter dekking van de lasten van vernieuwingsprojecten binnen Veiligheidsregio Zeeland, inclusief het regionaliseringproces van de brandweer.
Reserve Meldkamer De Reserve meldkamer wordt gebruikt voor het op een verantwoord niveau brengen en in stand houden van de huidige Meldkamer Zeeland-Brabant. Veiligheidsregio Zeeland heeft in 2018 een eenmalige rijksbijdrage van € 1.003.000 ontvangen ter dekking van frictie- en desintegratiekosten. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve Crisisorganisatie De Reserve crisisorganisatie is gevormd na een onderzoek van de Inspectie Gezondheidszorg en de Inspectie Veiligheid en Justitie naar het functioneren van de meldkamer en de crisisbestrijdings-organisatie. Naar aanleiding van de inspectie is er een plan van aanpak opgesteld en zijn middelen toegekend om de kwaliteit te verbeteren. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve uitgestelde activiteiten De reserve uitgestelde activiteiten is gevormd uit het resultaat 2020 met als doel om t/m 2023 achterstallige activiteiten door Covid-19 alsnog plaats te laten vinden en deze te financieren vanuit de bestemmingsreserve. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve implementatie BIO De reserve implementatie BIO is gevormd uit het resultaat 2021 met als doel om als VRZ te voldoen aan de wettelijke normen op het gebied van cyberweerbaarheid.
Met ingang van 2023 is er structureel budget beschikbaar voor dit thema. Het restantsaldo valt per 31-12-2022 vrij in de exploitatie. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve versterken informatiegestuurde veiligheid De reserve versterken informatiegestuurde veiligheid is gevormd uit het resultaat 2021 met als doel de informatiepositie binnen de VRZ te versterken en te innoveren op gebied van informatiegestuurde veiligheid. Met 52
ingang van 2023 is er structureel budget beschikbaar voor dit thema. Het restantsaldo valt per 31-12-2022 vrij in de exploitatie. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve impulsgelden operationele leiding brandweer De reserve impulsgelden operationele leiding brandweer is gevormd uit het resultaat 2021 met als doel om via en voltijdsopleiding aan het NIPV brandweerofficieren op te leiden om zo de piketten op sterke te kunnen houden. Voor de onttrekkingen 2022 wordt verwezen naar de recapitulatie onttrekkingen reserves. Reserve Maritieme Veiligheid Deze reserve is gevormd vanuit het restant van de programmagelden Maritieme Veiligheid. Dit programma is gestopt per 1 april 2022. Met goedkeuring van het Bestuur en de Raden zijn de resterende gelden is een bestemmingsreserve gestopt met als doel Maritieme Veiligheid verder te ontwikkelen en achterstallige trainingen in te halen. Reserve dekking afschrijving In 2016 is een toevoeging gedaan van € 230.000 ter dekking van de afschrijvingslasten van de verbouwingen van de kazernes Middelburg Stromenweg en Borssele Quistenburg. Dit omdat geen sprake is van ‘reguliere vervanging’ na de afschrijvingstermijn. De onttrekkingen hebben betrekking op de dekking van de afschrijvingslasten van bovenstaande investeringen. Voorzieningen Voorziening Verlofsparen Saldo mutaties 2022
Saldo per 01-01-2022 -
-
Toevoegingen Onttrekkingen 337.312 337.312 -
Saldo per 31-12-2022 337.312 337.312
Door een wijziging in de CAR (-UWO) Veiligheidsregio’s met betrekking tot verlofsparen moet met ingang van 2022 een voorziening gevormd zijn voor de bovenwettelijke uren met een onregelmatig verloop. Voor een verdere toelichting omtrent de vorming en de hoogte van de voorziening wordt verwezen naar de toelichting op het programma onvoorzien in paragraaf 4.8. Vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer Onder de vaste schulden met een rente typische looptijd van één jaar of langer zijn de langlopende leningen opgenomen met een rente typische looptijd van 1 jaar of langer. Vaste schulden met een rentetypische Saldo 1 looptijd van één jaar of langer (in Euro's) januari 2022 Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken en overige financiële instellingen 25.607.922 Binnenlandse bedrijven 0 Totaal vaste schulden
Aflossingen
Saldo per 31 december 2022
0 0
1.833.804 0
23.774.118 0
0
1.833.804
23.774.118
Vermeerderingen
25.607.922
De rentelast voor de leningen bedroeg in 2022 € 305.016. 8.2.2 Vlottende passiva Netto vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan 1 jaar (in Euro's) Kasgeldleningen aangegaan bij openbare lichamen Overige kasgeldleningen Banksaldi Overige schulden Totaal
31-12-2022 0 0 765 4.427.808 4.428.573
31-12-2021 0 0 364 6.819.933 6.820.297
Deze post kan als volgt worden gespecificeerd: 53
Kortlopende schulden (in Euro's) Crediteuren Nog te betalen bedragen Belastingdienst, loonheffingen en sociale lasten Belastingdienst, omzetbelasting Credit saldo BNG Totaal
31-12-2022 1.082.884 1.693.308 1.629.266 22.350 765 4.428.573
31-12-2021 3.051.790 1.897.294 1.687.881 182.968 364 6.820.297
In de post crediteuren zijn geen bedragen opgenomen die langdurig open staan. De nog te betalen bedragen bestaan onder andere uit de nog te betalen vergoedingen brandweervrijwilligers 2022 (€ 500.302), rente langlopende leningen (€ 255.419), afrekening meldkamer 2022 (€ 95.638), afrekening gasverbruik 2022 (€ 104.015) en een stelpost energielasten (€ 222.018). Overlopende passiva met een specifiek bestedingsdoel Van Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangt VRZ voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel, die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren. Onder de overlopende passiva Projecten worden bijdragen van derden opgenomen waarvan de besteding gebonden is. Het verloop van deze post in het boekjaar is als volgt:
1 2 3 4
Projectomschrijving (in Euro's) Project Deltawateren Project Nucleaire Veiligheid CTB gelden Opvang ontheemden Oekraïne Totaal
01-01-2022 430.338 35.573 562.894 0 1.028.805
Toevoegingen Realisatie 2022 0 0 0 0 0 11.406 217.000 120.575 217.000 131.981
Vrijgevallen / terugbet. bedragen 430.338 0 0 0 430.338
31-12-2022 0 35.573 551.488 96.425 683.486
Project Deltawateren: De realisatie is de dotatie aan de bestemmingsreserve Maritieme Veiligheid. In 2022 is de evaluatie van het programma Maritieme Veiligheid afgerond en gepresenteerd aan het Algemeen Bestuur. Tevens is aan het bestuur toestemming gevraagd om het restantsaldo van de subsidiegelden te mogen doteren aan een bestemmingsreserve om achterstallige activiteiten alsnog uit te kunnen voeren. Het Algemeen Bestuur heeft op 7 juli 2022 ingestemd met het vormen van de bestemmingsreserve Maritieme Veiligheid. Project Nucleaire Veiligheid: Voor de verbetering van de voorbereiding door de veiligheidsregio’s op kernongevallen is in het verleden door het Rijk geld beschikbaar gesteld. CTB gelden: Vanuit het Ministerie van J&V heeft de VRZ in 2021 € 992.422,78 ontvangen inzake ondersteuning naleving controle op coronatoegangsbewijzen. De uitkeringen aan de gemeenten zijn afgerond. Terugbetaling zal gaan plaats vinden na het verslagjaar 2023. De gemeenten in Zeeland moeten eerst in de SiSa-regeling aangeven dat een eindverantwoording plaatsvindt. Zodra alle Zeeuwse gemeenten dit hebben aangegeven moet het restant bij de bijdrage worden terugbetaald aan het Ministerie van J&V.
Opvang ontheemden Oekraïne: In 2022 heeft VRZ namens de gemeenten en GGD Zeeland een declaratie van € 217.000 ingediend bij het Ministerie van J&V inzake de dekking voor de te verwachten kosten die gemaakt moeten worden voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne. Vanuit dit bedrag is er € 168.000 betaald aan GGD Zeeland inzake communicatie en kosten voor jeugdgezondheidszorg (JGZ). Eind december 2022 is gebleken dat GGD Zeeland de kosten voor JGZ moet declareren bij de gemeenten en niet in rekening mag brengen bij het Ministerie. Het te veel ontvangen bedrag van € 161.656 zal door GGD Zeeland worden terugbetaald aan VRZ. VRZ zal na bij definitieve afrekening bij het Ministerie de te veel ontvangen gelden terugbetalen. 54
Overige overlopende passiva Overlopende passiva (in Euro's) Overige vooruitontvangen bedragen Totaal
31-12-2022 49.467 49.467
31-12-2021 68.950 68.950
8.3 Niet uit de balans blijkende verplichtingen Voor de komende jaren zijn we verbonden aan een aantal, niet uit de balans blijkende, financiële verplichtingen. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste verplichtingen: Niet uit de balans blijkende verplichtingen (in Euro's) Diverse verzekeringen Gas, water en elektra Huur onroerend goed Schoonmaak kazernes Inzet koel- bluscapaciteit westerschelde Meldkamer Zeeland - Brabant Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) Keuring/onderhoud roerende zaken Opleidingen brandweer Software/licenties Convenant Reddingsbrigade Samenwerking Veiligheidsregio's Personeel van derden Overig Totaal
601.810 294.763 10.386 149.322 101.184 726.592 342.426 112.233 111.022 1.098.970 33.700 138.678 14.572 18.757 3.754.415
9. Wet Normering Topinkomens 2022 Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Het bezoldigingsmaximum in 2022 voor VRZ is € 209.000. Dit geldt naar rato van de duur en/of omvang van het dienstverband. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen en gewezen topfunctionarissen met dienstbetrekking. Gegevens 2022 bedragen x € 1 Functiegegevens
E. van der Reijden Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2022
01-01 t/m 31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 125.591,01
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.807,56
Subtotaal
€ 148.398,57
55
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 216.000,00
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag11 Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
€ 148.398,57
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Gegevens 2021 bedragen x € 1
E. van der Reijden
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2021
01-01 t/m 31-12
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
1,0
Dienstbetrekking?
ja
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
€ 128.998,38
Beloningen betaalbaar op termijn
€ 22.209,12
Subtotaal
€ 151.207,50
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
€ 209.000,00
Bezoldiging
€ 151.207,50
De binnen onze organisatie geïdentificeerde leidinggevende topfunctionarissen met een dienstbetrekking hebben geen dienstbetrekking bij meerdere WNT-plichtige instelling(en) als leidinggevende topfunctionaris (die zijn aangegaan met ingang van 1 januari 2018). 1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder Topfunctionarissen inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog vier jaar als topfunctionaris worden aangemerkt met een totale bezoldiging van € 1.800 of minder. Gegevens 2022 Naan topfunctionaris
Functie
H.J.A. van Merrienboer
Voorzitter AB (01-01 t/m 31-12)
G.M. Dijksterhuis
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
M. Mulder
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
J.F. Mulder
Lid AB (01-01 t/m 30-09)
56
I.M.M. Jense – van Haarst
Lid AB (01-10 t/m 31-12)
A.M.T.N. Naterop
Lid AB (01-01 t/m 30-09)
C. Jansen op de Haar
Lid AB (01-10 t/m 31-12)
H.M. Bergmann
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
G.L. Meeuwisse
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
P. van Wingerden – Boers
Lid AB (01-01 t/m 13-03)
J.S. van Egmond
Lid AB (14-03 t/m 31-12)
J.C. van der Hoek
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
M.M.D. Vermue
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
M.L.P. Sijbers
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
R.J. van der Zwaag
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
R.B. van den Tillaar
Lid AB (01-01 t/m 31-12)
Overige rapportageverplichtingen op grond van de WNT Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn geen overige functionarissen met dienstbetrekking die in 2022 een bezoldiging boven het individuele WNT-maximum hebben ontvangen. In 2022 zijn geen ontslaguitkeringen betaald aan overige functionarissen die op grond van de WNT dienen te worden vermeld, of die in eerdere jaren op grond van de WNT vermeld zijn of hadden moeten worden.
57
10. Vaststelling jaarrekening 2022 Dagelijks Bestuur De jaarrekening 2022 is vastgesteld en aangeboden aan het Algemeen Bestuur op 7 juli 2023. Het Dagelijks Bestuur van de Veiligheidsregio Zeeland, De secretaris,
de voorzitter,
E. van der Reijden
H.J.A. van Merrienboer
Algemeen Bestuur De jaarrekening 2022 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Zeeland in de openbare vergadering van 7 juli 2023. Het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Zeeland, De secretaris,
de voorzitter,
E. van der Reijden
H.J.A. van Merrienboer
58
11. Bijlagen Bijlage 1 Realisatie begrote investeringen 2022 Rijlabels Lasten INV 001 C2000 Portofoons, mobilofoons, luistersets INV 002 ICT INV 003 Bluskleding INV 004 Inventaris kazernes INV 009 Warmtebeeldcamera's INV 010 P2000 Pagers INV 011 Explosie- en CO-meters INV 015 MDT's (Ipads op de voertuigen) INV 016 Ipads brandweer ROL INV 017 Midlife vervanging banden + straalpijpen INV 020 Precom-schermen INV 022 Duikmaterialen INV 035 Verbouwing Segeerssingel 10 Middelburg INV 036 I&A Telefoons INV 039 Energiebesparende maatregelen INV 040 Ademluchttoestellen INV 041 Ademluchtmaskers INV 042 Ademluchtcilinders INV 044 Werkplaatsinrichting MTL INV 045 Vaartuigen search & rescue INV 051 Airbaghoezen INV 057 Mobiele Escaperoom Brandveilig Leven INV 058 Blushelmen INV 059 Blushandschoenen INV 060 Bluslaarzen INV 063 Medische tenten MIRG Eindtotaal
Budget 2022 2.866.502 50.000 187.500 70.000 25.000 20.000 475.000 181.000 23.100 23.843 47.865 25.000 24.549 8.000 25.000 12.800 795.726 289.498 321.182 45.656 20.694 41.273 20.000 27.000 21.000 60.200 25.616 2.866.502
Realisatie 2022 2.132.001 33.205 167.771 69.202 25.000 19.406 32.534 0 19.446 20.001 45.565 24.800 22.780 0 24.997 0 787.925 270.157 320.861 42.555 20.694 41.273 20.000 19.653 20.624 57.936 25.616 2.132.001
Verschil 734.501 16.795 19.729 798 0 594 442.466 181.000 3.654 3.842 2.300 200 1.769 8.000 3 12.800 7.801 19.341 321 3.101 0 0 0 7.347 376 2.264 0 734.501
Doorschuif 2023 678.755 442.466 181.000 8.000 12.800 7.801 19.341 0 7.347 678.755
Jaarstukken 2022 59
Bijlage 2 Overzicht van baten en lasten per taakveld Realisatie 2022 Crisisbeheersing en brandweer Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 510 Rente 720 Mutatie voorzieningen 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 360 Huren 380 Overige goederen en diensten 431 Inkomensoverdrachten - Rijk 432 Inkomensoverdrachten - gemeenten 433 Inkomensoverdrachten - gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten - overige overheden 438 Inkomensoverdrachten - overige instellingen en personen 710 Mutatie reserves Subtotaal Crisisbeheersing en brandweer Mutaties reserves Lasten 710 Mutatie reserves Baten 710 Mutatie reserves Subtotaal mutatie reserves
30.894.019 17.379.310 140.859 155.424 8.190.621 844.917 362.216 273.282 337.312 3.210.078 -37.575.464 -54.074 -850 -1.026.987 -7.023.670 -29.162.152 1.000 -306.000 -2.732 0 -6.681.445
430.338 430.338 -1.505.643 -1.505.643 -1.075.305
Overhead Lasten 110 Salarissen en sociale lasten 210 Belastingen 351 Ingeleend personeel 380 Overige goederen en diensten 433 Inkomensoverdrachten – gemeenschappelijke regelingen 436 Inkomensoverdrachten – overige overheden 510 Rente 730 Afschrijvingen Baten 352 Uitgeleend personeel 380 Overige goederen en diensten
8.422.577 5.601.515 11.437 128.040 2.286.962 25.687 58.716 54.282 255.937 -52.095 -44.710 -7.385
Subtotaal Overhead Eindtotaal
8.370.482 613.731
Jaarstukken 2022 60
Uitkeringscode
A2
A12
A18
Verstrekker
JenV
JenV
JenV
Ontvanger
Juridische grondslag
Specifieke uitkering
Veiligheidsregio’s
Bekostiging eerste opvang ontheemden Oekraïne door Veiligheidsregio’s
Veiligheidsregio's
Incidentele bijdrage ondersteuning naleving controle op coronatoegangsbewijzen
Besluit veiligheidsregio's artikelen 8.1, 8.2 en 8.3 Veiligheidsregio's
Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR)
Indicator
Correctie besteding (jaar T-1) Vanaf SiSa 2022 van toepassing i.v.m. SiSa tussen medeoverheden
Indicator
Aard controle n.v.t. Indicator: A18/04 € 120.575 Ja
Aard controle n.v.t. Indicator: A18/05
Aard controle n.v.t. Indicator: A18/06 Nee
Aard controle n.v.t. Indicator: A18/07
Indicator
Aard controle n.v.t. Indicator: A12/05
Eindverantwoording (Ja/Nee)
Aard controle R Indicator: A12/04 € 440.934 Ja
Cumulatieve besteding (t/m jaar T) in inclusief uitvoering door andere medeoverheden vanaf SiSa 2022
Indicator
Aard controle n.v.t. Aard controle R Aard controle R Indicator: A18/01 Indicator: A18/02 Indicator: A18/03 1 Meerkosten coördinerende € 94.832 € 94.832 gemeente 2 Hotels/centra 3 Overige specifieke meerkosten 4 Overige Meerkosten € 25.743 € 25.743 Berekening totale besteding Project afgerond in jaar T? Eventuele toelichting als bij de Volledig zelfstandige uitvoering (zelfstandige uitvoering inclusief (Ja/Nee) vorige indicator “nee” is ingevuld (Ja/Nee) uitvoering door andere partijen, niet zijnde medeoverheden, jaar T) Som indicator 02
Aard controle R Aard controle n.v.t. Aard controle R Indicator: A12/01 Indicator: A12/02 Indicator: A12/03 € 0 Nee € 11.406 Naam Kostensoort Besteding per kostensoort Cumulatieve besteding per (zelfstandige uitvoering inclusief kostensoort (t/m jaar T inclusief uitvoering door andere partijen, uitvoering door andere niet zijnde medeoverheden, jaar medeoverheden vanaf SiSa 2023) T)
Aard controle R Indicator: A2/01 € 6.891.549 Besteding in (jaar T) Zelfstandige uitvoering (Ja/Nee) (zelfstandige uitvoering inclusief uitvoering door andere partijen, niet zijnde medeoverheden)
Indicator Besteding (jaar T)
SiSa bijlage verantwoordingsinformatie 2022 op grond van artikel 3 van de Regeling informatieverstrekking sisa - d.d. 20-1-2023
Indicator
Bijlage 3 SiSa 2022
Jaarstukken 2022
61