CConstaterende datBloemendaal
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Bijlage Boekwerk jaarrekening en jaarverslag 2025 2026000835.pdf

Raad 18 juni 2026, gemeente BloemendaalBij agendapunt: 5: Raadsvoorstel Jaarrekening 202524.788 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De voetbalvelden, tennisbanen en het sportclubgebouw zijn gerealiseerd en in gebruik genomen.

Het vergroten van de sociale woningbouwvoorraad. Activiteiten

Wat is gerealiseerd?

We willen meer aanbod voor sociale woningen in de gemeente. Actualisatie meerjarenprestatieafspraken (2023).

In 2023 zijn er meerjarige prestatieafspraken gemaakt voor de periode 2023-2026. In 2025 is er gewerkt aan uitvoeringsafspraken die voor

70 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

95% afgerond waren. Er is geen overeenstemming bereikt. Project opvang statushouders.

Er is regelmatig contact met de corporaties over woonplekken voor statushouders. Echter, gezien het beperkte aantal sociale huurwoningen en het beperkte aantal verhuringen in zijn totaliteit, kunnen de woningcorporaties niet de gehele taakstelling huisvesten. De totale taakstelling voor 2025 was 57, inclusief de resterende opgave van 21 statushouders uit 2024. Hiervan hebben we 20 statushouders weten te huisvesten in 2025. Wat betekent dat we de taakstelling niet hebben behaald in 2025 en een achterstand hebben van 37.

Woonwagenbeleid: Het woonwagenbehoefte onderzoek onder woonwagenbewoners is afgerond in 2023.

In 2025 is uitvoering gegeven aan het herijken van de Huisvestingsverordening. Hierin is een uitbreiding van toewijzingsregels voor woonwagenstandplaatszoekenden opgenomen. Ook zijn regels ten aanzien van een interesselijst toegevoegd. De vaststelling van de Huisvestingsverordening staat gepland voor maart 2026. Ambtelijke voorbereiding voor het opstellen van een Volkshuisvestingsprogramma heeft in 2025 plaatsgevonden. In dit programma zal in worden gegaan op de resultaten van het woonwagenbehoefte onderzoek, en het verder onderzoeken naar mogelijkheden tot uitbreiding van aantal woonwagen- standplaatsen. Het programma krijgt vervolg in 2026. Hiermee voldoet de gemeente aan haar wettelijke plicht ten aanzien van het ontwikkelen van Woonwagenbeleid

Herijking huisvestingsverordening.

De herijking van de Huisvestingsverordening is in 2025 uitgevoerd. De vaststelling van de Huisvestingsverordening staat gepland voor maart 2026.

Opstellen van woonzorgvisie en deze voorleggen aan de gemeenteraad.

Ambtelijke voorbereiding en verkenning ten aanzien van het opstellen van een woonzorgvisie (Volkshuisvestingsprogramma) heeft in 2025 plaatsgevonden.

Onderzoeken op welke locaties verdicht kan worden door bijvoorbeeld sloop- nieuwbouw van sociale woningbouw. Hiermee willen we meer sociale woningen realiseren (binnen bestaand stedelijk gebied) en krijgt de woningbouwvoorraad een kwaliteitsimpuls.

In 2025 zijn hiervoor geen werkzaamheden verricht.

Uitvoering geven aan de opkoop-bescherming.

In 2025 zijn hiervoor geen werkzaamheden verricht, wegens uitdagingen op het gebied van ambtelijke capaciteit.

Splitsen van woningen wordt niet algemeen toegestaan.

De Beleidsnotitie Woningsplitsing Bloemendaal is per 22-11-2024 van kracht. In het jaar 2025

71 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

zijn er geen splitsingsaanvragen geweest die binnen deze Beleidsnotitie pasten. Nader uitwerken van locaties tijdelijke huisvesting voor bijzondere doelgroepen.

Locatiestudie is opgezet. Meerdere bebouwde locaties in de gehele gemeente zijn onderzocht op ruimtelijke uitgangspunten en geschiktheid voor te huisvesten speciale doelgroepen. De studie is met het team wonen en de verantwoordelijke wethouders (Wonen en RO) besproken. Nu wordt de prioritering van te huisvesten speciale doelgroepen gemaakt. Hierna worden locaties gekoppeld aan doelgroepen en onderzocht hoe de locaties kunnen worden ingericht.

Stimuleren dat bestaand vastgoed (zoals kerken) wordt omgezet naar een woonbestemming.

Het opstellen van de Nota transformatie is stopgezet vanwege andere prioriteiten. Er wordt maatwerk geleverd per functiewijziging.

Opstellen leegstandsverordening.

De leegstandsverordening is in 2025 opgesteld en ter vaststelling aangeboden. Deze is aangehouden in de Commissie Samenleving.

Uitvoeren van de regionale woningbouwopgave. Activiteiten

Wat is gerealiseerd?

Realisatie regionaal woningbouwprogramma.

Hier wordt doorlopend uitvoering aan gegeven. Het streven is het toevoegen van 500 woningen voor 2030. We lopen achter in deze planning.

Bestaande woningbouwprojecten versnellen.

Door intensiever in te zetten op een beperkter aantal projecten wordt de realisatie van woningbouwprojecten versneld.

KENGETALLEN

Kengetal Gemiddelde WOZ-waarde, Bron: CBS Nieuw gebouwde woningen aantal per 1.000 woningen, Bron: BAG Demografische druk, Bron: CBS Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden, Bron: COELO Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden, Bron: COELO

Uitkomst 2024 Begroting 2025 Uitkomst 2025 € 904.000

nnb

€ 919.000

1,2

nnb

nnb

106,8%

nnb

106,7%

€ 1.770

nnb

€ 1.860

€ 1.988

nnb

€ 2.117

72 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

WAT HEEFT HET GEKOST? Bedragen * € 1.000

Lasten

Begroting Begroting na wijziging 4.709 6.506

Rekening

Saldo

7.049

543

Baten

-1.959

-2.593

-2.628

-35

Saldo voor Baten en Lasten

2.750

3.913

4.421

508

Toevoeging aan reserve Onttrekking aan reserve Totaal mutaties reserve Saldo

2.750

3.913

tabelcell

tableCell8

tableCell7

Uitsplitsing per taakveld

Begroting Begroting na wijziging 1.400 1.770

508

4.421

tableCell9

tableCell10

Rekening

Saldo

1.467

-303

8.1

Ruimte en leefomgeving

8.2

Grondexploitatie (nietbedrijventerreinen) Wonen en bouwen

3

1

0

-1

1.347

2.142

2.954

812

Totaal

2.750

3.913

4.421

508

8.3

Financiële toelichting van de afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de programmarekening. Ruimte en leefomgeving De implementatie van de Omgevingswet loopt tot 1 januari 2032. Het beschikbaar gestelde budget is daarmee bestemd voor de volledige implementatie, tot en met 2032. Momenteel wordt er gewerkt aan de omgevingsvisie en de eerste wijziging van het omgevingsplan, maar dit proces zal de komende jaren nog voortduren. Het restantbudget (€ 295.079) is om bovengenoemde reden overgeheveld naar 2026. Wonen en bouwen In de raad van 24 mei 2022 is voor de inrichting van de buitenruimte Oldenhove een incidenteel budget beschikbaar gesteld van € 150.000. Hiervan is tot en met 2025 € 8.429 besteed. Het restantbedrag (€ 141.571) is overgeheveld naar het begrotingsjaar 2026. Daarnaast is er een storting van € 1.080.000 gedaan in de algemene risicovoorziening Oldenhove op basis van een geactualiseerde businesscase en andere mogelijke tegenvallers. Ook is de verrekening van de servicekosten over 2023 en 2024 hier verantwoord. Als gevolg van een toename van grote bouwprojecten is een hogere opbrengst aan leges omgevingsvergunningen ontvangen van € 550.000. Dit bedrag heeft grotendeels betrekking op de leges eind 2025 voor het project Dennenheuvel.

73 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

PARAGRAFEN De verplicht voorgeschreven paragrafen geven een “dwarsdoorsnede” van de begroting. Rond enkele thema’s (bijvoorbeeld het risicoprofiel, verbonden partijen, de bedrijfsvoering, financiering) wordt aanvullende informatie gegeven. De volgende paragrafen zijn verplicht voorgeschreven: 1. Weerstandsvermogen en risicobeheersing; 2. Lokale heffingen; 3. Onderhoud kapitaalgoederen; 4. Grondbeleid; 5. Bedrijfsvoering en overhead; 6. Financiering; 7. Wet open overheid; 8. Verbonden partijen. Waar mogelijk zijn de paragrafen gebaseerd op het reeds vastgestelde beleid voor het betrokken beleidsterrein. Waar mogelijk wordt verwezen naar de betrokken beleidsnota’s. De paragrafen behandelen voor het desbetreffende onderwerp de voortgang van de beleidsuitvoering zoals aangegeven in de nota('s), de nieuwe ontwikkelingen en de vraag of de inhoud van het beleid nog steeds van toepassing is. Bij deze benadering is het van belang dat de betreffende beleidsnota actueel blijft door deze periodiek (bijvoorbeeld één keer in de vier jaar) op actualiteit door te lichten en eventueel bij te stellen.

75 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICOBEHEERSING In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt de robuustheid van de begroting weergegeven ofwel het vermogen om niet begrote kosten te kunnen dekken. Onder weerstandsvermogen wordt in algemene zin verstaan de mogelijkheid om tegenvallers op te vangen. De paragraaf wordt opgesteld conform de door de gemeenteraad in november 2023 vastgestelde nota weerstandsvermogen en risicobeheersing 2023. Om een goed oordeel te kunnen geven over het weerstandsvermogen zijn twee elementen van belang: A. Beschikbare weerstandscapaciteit Dit zijn de middelen en mogelijkheden waarover een gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote risico's van materiële betekenis in financiële zin af te dekken. We onderscheiden incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Voor Bloemendaal is de incidentele weerstandscapaciteit € 33,9 miljoen en de structurele weerstandscapaciteit € 5,9 miljoen. Deze worden nader toegelicht onder A.

B. Benodigde weerstandscapaciteit (de risico's) Inventarisatie van de risico's die niet op een andere wijze zijn ondervangen en die een financieel gevolg kunnen hebben. Een risico is in dit verband een kans op het zich voordoen van een onvoorziene gebeurtenis met een nadelig gevolg. De risico's worden ingeschat op € 3,43 miljoen incidenteel en € 0,75 miljoen structureel. Deze worden nader toegelicht onder B. Ratio’s weerstandsvermogen De te berekenen ratio's worden beoordeeld met behulp van onderstaande normtabel. Normtabel weerstandsvermogen > 2,0

uitstekend

1,4 - 2,0

ruim voldoende

1,0 - 1,4

voldoende

<1,0

onvoldoende

De ratio’s van het weerstandsvermogen zijn als volgt berekend en zijn uitgesplitst in een ratio incidenteel weerstandsvermogen en een ratio structureel weerstandsvermogen: Ratio incidenteel weerstandsvermogen A. Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit

€ 33.859.569

_______________________________________ =

____________= 9,9

B. Benodigde incidentele weerstandscapaciteit

€ 3.433.000

Ratio incidenteel weerstandsvermogen inclusief niet vrij aanwendbaar Benodigde bufferreserve (90% incidenteel weerstandsvermogen)

€ 3.089.700

Vereist niveau flexibele algemene reserve (3% begrotingstotaal)

VOLDOENDE

9,9

19,05

77 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Zoals uit voorgaande blijkt heeft Bloemendaal voor het incidentele weerstandsvermogen een berekende ratio van 9,9. Dit komt volgens de normtabel overeen met de kwalificatie "uitstekend" voor het aanwezige incidentele weerstandsvermogen. Inclusief stille reserves-niet vrij aanwendbaar, rekening houdend met objecten die nodig zijn voor de bedrijfsvoering, is de ratio indicatief 14,3. De bufferreserve dient 90% te bedragen van het benodigde incidenteel weerstandsvermogen en de flexibele algemene reserve dient tenminste 3% te bedragen van het begrotingstotaal. Onderstaande tabel laat een stabiele ontwikkeling zien van het incidentele weerstandsvermogen in de afgelopen 3 jaar. Ontwikkeling incidentele weerstandsvermogen 2023

2024

2025

17,90

8,63

9,86

Ratio structureel weerstandsvermogen A. Beschikbare structurele weerstandscapaciteit

€ 5.855.962

_______________________________________ = B. Benodigde structurele weerstandscapaciteit

____________= € 3.027.120

1,93

De ratio structureel weerstandsvermogen is voldoende. Bedacht moet echter worden dat er omgebogen moet worden om de tegenvallers op te vangen als deze zich voordoen (zie de volgende paragraaf). BEREKENING VAN DE BESCHIKBARE WEERSTANDSCAPACITEIT De beschikbare weerstandscapaciteit van Bloemendaal bestaat uit het geheel van middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om risico’s in financiële zin af te dekken. Hierbij kan onderscheid worden gemaakt tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Beschikbare incidentele weerstandscapaciteit Bufferreserve

€ 3.483.036

Flexibele algemene reserve

€ 30.376.533

Reserve afbouw schulden Totaal incidentele weerstandscapaciteit:

€0 € 33.859.569

De incidentele weerstandscapaciteit is het vermogen om calamiteiten eenmalig op te vangen. Het zijn de direct aan te wenden middelen voor financiële tegenvallers. Dit betreft de flexibele algemene reserve en de bufferreserve. Bestemmingsreserves rekenen we niet mee, omdat de onttrekking uit deze reserves direct invloed heeft op de dekking van kosten in meerjarenperspectief. Ook worden de stille reserves buiten beschouwing gelaten. Ter indicatie is wel een "ratio incidenteel weerstandsvermogen inclusief stille reserves opgenomen". Beschikbare structurele weerstandscapaciteit - OZB woningen 5% boven macronorm, is dus vervangen miv jaarrek. 2023 door onbenutte OZB-cap tot art.12 norm Onvoorzien - Ombuigingsruimte (3% beinvloedbare lasten) Totaal:

€ 3.528.842 € 50.000 € 2.277.120 € 5.855.962

De structurele weerstandscapaciteit betreft de middelen, die permanent (jaarlijks in meerjarenperspectief) ingezet kunnen worden om tegenvallers op te vangen. Mogelijkheden zijn

78 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

om de OZB te verhogen, de post onvoorzien alsmede 3% op de lasten te bezuinigen. Dat laatste zal naar verwachting gevolgen hebben voor de dienstverlening en het voorzieningenniveau.

BEREKENING VAN DE BENODIGDE WEERSTANDSCAPACITEIT (DE RISICO'S) De berekening is conform de nota Weerstandsvermogen 2023. Een gemeente is vrij zelf de uitgangspunten en systematiek vast te stellen voor de wijze waarop het weerstandsvermogen wordt berekend. De manier om dit te doen is vastgelegd in de nota Weerstandsvermogen 2023 Gemeente Bloemendaal. De gehanteerde methode is normatief voor wat betreft risico’s in de klasse ‘laag’ en specifiek voor de risico’s in de klassen ‘gemiddeld ‘en’ hoog’. De klasse ‘laag’ omvat veel risico’s waarvan het niet doenlijk en zinvol is voor elk risico apart een waardering in geld aan te geven. Daarom wordt voor alle kleine en onbekende risico’s samen 3% van de structurele beïnvloedbare lasten als uitgangspunt genomen. Risico’s ‘midden’ en ‘hoog’ worden gewaardeerd in geld conform onderstaande systematiek. De onderscheiden risico’s worden niet afzonderlijk gekwantificeerd, maar ingedeeld in de klassen ‘hoog’, ‘midden’ of ‘laag’. De inschatting hangt vooral samen met de mate waarin het risico zich voor kan doen. Bij de vertaling naar het weerstandsvermogen wordt voor risico’s uit de klasse ‘hoog’ rekening gehouden met 60% van de geschatte financiële gevolgen. Bij risico’s uit de klasse ‘midden’ wordt rekening gehouden met 30% van de geschatte financiële gevolgen.

Voor risico’s uit de klassen ‘hoog’ en ‘midden’ wordt onderscheid gemaakt in structurele en incidentele risico’s. Voor de dekking van structurele risico’s is veelal een structurele aanpassing binnen de exploitatie nodig. Voor incidentele risico’s kan het vermogen (reserves) ingezet worden. Het overzicht van risico’s wordt jaarlijks geactualiseerd bij begroting en jaarrekening. De lijst kan worden beschouwd als een reële inschatting op basis van de beschikbare informatie. Onderstaand is een samenvatting te zien van de inventarisatie van de risico’s, die niet op een of andere manier zijn ondervangen (waar geen voorziening voor is gevormd of verzekering voor is aangegaan) en een financieel gevolg kunnen hebben. Risico-inventarisatie Jaarrekening 2025 en berekend weerstandsvermogen Risico/Gevolg

Structureel

Incidenteel

hoog= 0,6 Kans dat Risico zich voordoet

Personeel en bedrijfsvoering Risico Ingediende of mogelijke claims tegen gemeente. Indien de omvang van een claim goed valt in te schatten en de kans als groot wordt beoordeeld dat de gemeente de claim verschuldigd is, dient e.a.a. overigens als voorziening verwerkt te worden in de jaarrekening. Gevolg PM Landelijk verbod op staalslakken. Gevolg - Verwijderen van de staalslakken(exclusief fundering onder de Meerweg). € 1.200.000 Park Lokhorsterduin. Gevolg - Park Lokhorsterduin kent het risico dat de ontwikkelaar niet alle afspraken nakomt uit de anterieure overeenkomst en/of failliet gaat. Hierbij zal de gemeente de openbare ruimte moeten inrichten. Niet de gehele waarborg die reeds is overgemaakt zal deze kosten dekken. € 1.000.000

79 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gladheidsbestrijding (afhankelijk van het weer). Gevolg - Boven de begrote stand-by vergoeding komen deze extra kosten. € 200.000 Risico op storm en langdurig slecht weer (afhankelijk van het weer). Gevolg - Het schoonhouden van wegen wordt bemoeilijkt door verzwarende weersomstandigheden en het steeds frequenter voorkomen van extremer weer/storm. € 300.000 Risico Locatiemanagers oorlog Oekraïne Gevolg - Risico van 4 locatiebegeleiders die in vaste dienst zijn, terwijl ze bekostigd worden uit een tijdelijke regeling. Als we rekening houden met een begeleid traject naar werk van 12 maanden, levert dit een kostenpost van € 383.000 op. € 383.000 Risico Vitaal Vogelenzang Gevolg - Opsomming risico's uit notitie grondexploitatie Vitaal Vogelenzang (AKROfinance) stikstof vraagstuk; hemelwater afvoeren van woningen naar wadi; goedkeuring ter plaatse van groenzone ter hoogte van bouwblokken 5, 4 en 6 i.v.m. bestaand maaiveld te behouden beplanting (Vliegroute Vleermuizen) in relatie tot onder vrij verval afstromen van vuilwater; uitloop van realisatie. Vanwege uitloop Natuurvergunning stikstof mogelijk meer kosten. € 200.000 Verkoop van de voormalige SAB school aan de Hospice. Gevolg - Kosten van wie asbestvervuiling op zich neemt (of 50/50). € 100.000 Risico Oplopende kosten verzorging en vervanging verouderen bomenstand. Kwantificeren is afhankelijk van de natuur.

Gevolg - Kosten waarvoor geen dekking is. € 50.000 €0

€ 3.433.000

€0

€0

Bestuur

Uitvoering collegeprogramma Risico (60% van 1.250.000) Open einde regelingen / decentralisatie taken Rijk (zoals Jeugdzorg, WMO, WWB, leerlingenvervoer, Spaarne Werkt). Voor inschatting van het structurele risico wordt 10% van de variabele lasten sociaal domein berekend. Gevolg - is dat de lasten stijgen door een aanzuigende werking van het open einde systeem. € 750.000

€0

Hoog

Samenwerking / Gemeenschappelijke regelingen e.a. Risico Weerstandsvermogen risico's laag en onbekend (3% van beïnvloedbare lasten). Gevolg € 2.277.120 Totaal risico's: Weerstandsvermogen:

€ 3.027.120

€ 3.433.000 € 6.460.120

80 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

KENGETALLEN Zoals uit onderstaande tabel blijkt, voldoet de gemeente Bloemendaal voor alle kengetallen aan de normen die de gemeenteraad stelt. De netto schuldquote is t.o.v. 2024 o.a. als gevolg van lagere uitzettingen in 's Rijks schatkist iets gestegen maar blijft ruim onder de 90%. De solvabiliteit is nagenoeg ongewijzigd en blijft ruimschoots boven de norm van 50%. De positieve afwijkingen t.o.v. de geraamde waarden in de begroting worden veroorzaakt door achterblijvende investeringsbestedingen. De toename van het kengetal grondexploitatie wordt veroorzaakt door de vermeerdering van de boekwaarde projectbegroting Vitaal Vogelenzang. Zodra de grond is verkocht daalt dit percentage naar nihil. De financiële positie van de gemeente Bloemendaal kan als goed worden bestempeld. De komende jaren zal het schuldniveau en de solvabiliteit van de gemeente de aandacht blijven vragen om deze beheersbaar te houden. Kengetallen

Rekening Begroting Rekening

Normering

2024

2025

2025

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

14,67%

41,73%

15,67% Lager dan 90%

13,60%

40,89%

14,48% Lager dan 90%

Solvabiliteitsratio

56,69%

49,58%

58,16% Hoger dan 50%

Structurele exploitatieruimte

3,50%

0,83%

Grondexploitatie

0,85%

0,00%

3,80% Hoger dan 0% 0,91% Lager dan 20%

200,02%

217,41%

201,02% Hoger dan 105%

Belastingcapaciteit / woonlasten

raad

81 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

LOKALE HEFFINGEN Deze paragraaf biedt inzicht in het beleid van de lokale heffingen en geeft een overzicht van de te ontvangen en te verantwoorden lokale heffingen en belastingen. Hiermee ontstaat inzicht in de totale lastendruk, wat van belang is voor de integrale afweging tussen enerzijds beleid en anderzijds inkomsten. De lokale heffingen vormen een belangrijke inkomstenbron van de gemeente. Doelstelling Doelstelling van lokale heffingen is het als gemeente verwerven van eigen middelen uit belastingen en overige heffingen ter dekking van algemene en specifieke uitgaven in het kader van de uitvoering van gemeentelijke taken. Wettelijk kader In artikel 219 van de Gemeentewet staat aangegeven op basis waarvan de gemeentelijke belastingen en heffingen kunnen worden geheven. Een deel van deze lokale heffingen staat opgesomd in de Gemeentewet zelf, daarnaast bieden bijzondere wetten de mogelijkheid om te heffen, bijvoorbeeld de Wet Milieubeheer (afvalstoffenheffing). Legitimatie (invoering, wijziging of intrekking) van lokale heffingen geschiedt door middel van door de gemeenteraad vast te stellen belastingverordeningen. De tarieven, grondslagen en overige bepalingen van de in deze paragraaf genoemde heffingen worden jaarlijks door de raad uiterlijk in de maand december voor het eerstvolgende belastingjaar vastgesteld.

Op 12 december 2024 heeft de gemeenteraad voor het heffen van lokale heffingen in 2025 de volgende verordeningen vastgesteld: • • • • • • • • • •

Verordening onroerende-zaakbelastingen Bloemendaal 2025; Verordening belasting op roerende woon- en bedrijfsruimten Bloemendaal 2025; Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2025; Verordening rioolheffing Bloemendaal 2025; Verordening toeristenbelasting Bloemendaal 2025; Verordening parkeerbelasting Bloemendaal 2025; Verordening precariobelasting Bloemendaal 2025; Verordening lijkbezorgingsrechten Bloemendaal 2025; Legesverordening Bloemendaal 2025; Verordening kwijtschelding Bloemendaal 2025.

Vervolgens is in de raad van 6 februari 2025 de 1e wijziging op de Verordening afvalstoffenheffing Bloemendaal 2025 vastgesteld. Dit als gevolg van een aangenomen amendement D' Beperking verhoging afvalstoffenheffing 2025, ingediend door de fracties van de PvdA en de VVD op het voorstel belastingverordeningen 2025 in de raad van 12 december 2024. Bij de heffingen is een onderscheid tussen belastingen en retributies. Belastingen Belastingen hebben een algemeen karakter en geen directe relatie met een gemeentelijke taak. Zij worden onder meer geheven als een bijdrage in de kosten van de voorzieningen van openbaar nut die de gemeente heeft getroffen. Er is sprake van autonoom beleid ten aanzien van de hoogte van de belastingtarieven. Retributies Retributies hebben wel een directe relatie met een gemeentelijke taak, zoals de reinigingsdienst, rioleringen, begraafplaats en vergunningen / leges. Dat geld bestemt de gemeente uitsluitend voor

83 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

die doelen. Bij de retributies mogen de geraamde baten van de rechten niet uitgaan boven de geraamde lasten ter zake (maximaal kostendekkende tarieven). Uitvoering De aanslagen onroerende en roerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing worden via een gecombineerd biljet opgelegd. Deze aanslagoplegging en de daaraan gekoppelde invordering wordt namens de gemeente verzorgd door de gemeenschappelijke regeling ‘Gemeentebelastingen Kennemerland Zuid’ (GBKZ). Deze gemeenschappelijke regeling verzorgt ook de heffing en invordering voor de gemeenten Heemstede en Zandvoort. Wanneer een belastingplichtige er voor kiest om gebruik te maken van automatische incasso dan kan deze gecombineerde aanslag in zeven termijnen worden voldaan. Is er geen sprake van automatische incasso, dan moet de aanslag binnen twee maanden betaald zijn. Ontwikkelingen De lokale heffingen vormen naast de Algemene Uitkering van het Rijk een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente. Het merendeel van de lokale inkomsten bestaat uit onroerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing en rioolheffing.

BELEID OPBRENGST EN DEKKING Het beleid ten aanzien van de opbrengsten en de tarieven van de in deze paragraaf genoemde belastingen en retributies voor het jaar 2025 is als volgt bepaald: • onroerende zaakbelastingen: inflatie 3,3% koppeling met het landelijk inflatiecijfer voor de loon-/prijsontwikkeling (CPI) volgens het Centraal Planbureau (CPB); • roerende belasting op woon- en bedrijfsruimten: inflatie 3,3%; • rioolheffing: 100% kostendekking; • afvalstoffenheffing: 100% kostendekking; • begrafenisrechten: 100% kostendekking; • leges: inflatie 3,3%, 100% kostendekking; • precariobelasting: inflatie 3,3%; • parkeerbelasting: inflatie 3,3% en verdeling in seizoenen; • toeristenbelasting: inflatie 3,3% en verdeling per nacht op een kampeerterrein en bij andere verblijfsaccommodatie. Inflatiecorrectie Voor de heffingen en belastingen geldt een koppeling met het landelijk inflatiecijfer voor de loonen prijsontwikkeling van het Centraal Planbureau. Dit beleid betekent dat de onroerende zaakbelastingen, de roerende zaakbelastingen, de precariobelasting, de parkeer- en de toeristenbelasting en de leges 2025 ten opzichte van de tarieven 2024 minimaal trendmatig zijn verhoogd met 3,3%. OZB Er wordt gestuurd op realisatie van de te behalen inkomsten rekening houdende met de 3,3% prijsinflatie volgens de kadernota en de areaaluitbreiding als gevolg van nieuwbouw.

De laatste component dient om de korting op de inkomstenmaatstaf algemene uitkering te compenseren. De grondslag voor het heffen van onroerende zaakbelastingen in 2025 is de waarde van de woningen en niet-woningen per 1-1-2024 volgens de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ). Op basis van de bestandsgegevens is een prognose gemaakt van de belastingcapaciteit woningen en nietwoningen 2025. In de berekeningen voor 2025 is uitgegaan van een geraamde waardevermeerdering tussen 1-1-2023 en 1-1-2024 van 3,5% voor woningen en een waardevermeerdering van 1,25% voor niet-woningen. In de begroting 2025 is zowel bij de berekening van de algemene uitkering uit het gemeentefonds als de opbrengstramingen van de OZB met deze waardeontwikkeling rekening gehouden. Daarnaast is voor 0,2%

84 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

waardevermindering ingeboekt als gevolg van bezwaar en beroep voor woningen en 1% voor nietwoningen. Tevens is voor het niet gebruiken van niet-woningen een correctie van ca. 10% doorgevoerd evenals een correctie voor facultatieve vrijstellingen van ruim € 10,7 miljoen. Rioolheffing Voor de rioolheffing worden tarieven gehanteerd die hoogstens kostendekkend zijn. De geraamde baten mogen de geraamde lasten niet overschrijden. Hiertoe is een overzicht van baten en lasten opgenomen inclusief een toelichting van de beleidsuitgangspunten. De kosten worden voor 40% bij de eigenaar en voor 60% bij de gebruiker verhaald. Het eigenarentarief voor de rioolheffing is gebaseerd op de WOZ waarde. Het gebruikerstarief is gebaseerd op het waterverbruik. Op 16 december 2021 is het Waterplan voor de planperiode 2022-2026 vastgesteld. Uit het Waterplan is gebleken dat er geen sprake is van 100% kostendekkendheid. Dit is reden geweest om voor de komende begrotingsjaren naast de correctie voor inflatie een extra verhoging van 1,8% door te voeren. Daarnaast is conform de wens in het coalitieakkoord de gebruikersstaffel aangepast door het zwaartepunt van de heffing te verschuiven naar de groep die jaarlijks tussen de 250 m3 en 5.000 m3 gebruikt. Zo wordt zuinig watergebruik fiscaal beloond en het principe van de vervuiler betaalt extra benadrukt.

Afvalstoffenheffing Voor de afvalstoffenheffing geldt het beleid van volledige kostendekking. Evenals bij de rioolheffing geldt dat de geraamde baten de geraamde lasten niet mogen overschrijden. Voor het inzicht wordt verwezen naar het overzicht van baten en lasten en de bijbehorende toelichting op de beleidsuitgangspunten. De gemeente Bloemendaal heeft met Meerlanden een dienstverleningsovereenkomst afgesloten voor de huishoudelijke afvalinzameling. Grafrechten Ook voor de grafrechten geldt het beleid van volledige kostendekking. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor voorwerpen die vergunningplichtig zijn, terrassen en ligplaatsen. Parkeerbelasting De tarieven van de parkeerbelastingen liften jaarlijks mee met de inflatie-aanpassingen. De tarieven voor het strand werden van oudsher afgestemd op de Zandvoortse tarieven. Vanaf het belastingjaar 2021 is deze koppeling los gelaten. De betaaltijden zijn t.o.v. het voorgaande belastingjaar niet gewijzigd. De realisatie van deze belangrijke inkomstenbron van de gemeente is sterk afhankelijk van weersomstandigheden en wisselende aantallen evenementen. Indien geen, of te weinig, parkeerbelasting is voldaan, kan de gemeente een naheffingsaanslag opleggen, vermeerderd met kosten. Deze kostenopslag moet door de gemeente worden onderbouwd.

De gemeente moet kunnen laten zien dat de kosten per naheffingsaanslag (op ramingsbasis) gelijk of hoger liggen dan dit bedrag. Het maximumbedrag dat voor de kostenopslag in rekening kan worden gebracht bedraagt voor het belastingjaar 2025 € 78,80. Dit bedrag groeit jaarlijks mee met het prijsindexcijfer van de gezinsconsumptie. Toeristenbelasting De tarieven van de toeristenbelastingen in Bloemendaal liften normaliter jaarlijks mee met de inflatie-aanpassingen en werden van oudsher afgestemd op de Zandvoortse tarieven. De koppeling met de Zandvoortse tarieven is met ingang van het belastingjaar 2021 los gelaten. Naar aanleiding van de aangenomen motie in de raad van 20 april 2023 is het tarief toeristenbelasting vanaf het belastingjaar 2024 gedifferentieerd in een tarief per overnachting en in een tarief per overnachting op een kampeerterrein.

85 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Kwijtscheldingsbeleid De gemeente voert een kwijtscheldingsbeleid conform de Invorderingswet 1990 en e.e.a. is vastgelegd in de verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Indien een belastingplichtige niet of over te weinig financiële middelen beschikt om de belastingaanslag te voldoen, wordt voor 100% kwijtschelding verleend indien uit een vermogenstoets en een inkomenstoets blijkt dat het inkomen gelijk is aan of minder dan het wettelijk minimuminkomen (bijstandsnorm). Kwijtschelding wordt alleen verleend indien het een aanslag betreft voor onroerende zaakbelastingen, roerende zaakbelastingen, afvalstoffenheffing (alleen voor de eerste afvalcontainer, niet voor extra containers) en rioolheffing voor het gebruikersgedeelte. De overige heffingen zijn in de verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen uitgesloten van kwijtschelding. Het bedrag aan kwijtscheldingen bedroeg : Kwijtschelding Rekening 2024 Afvalstoffenheffing € 82.645 Rioolheffing € 33.424 RZB € 38 Totaal € 116.107

Begroting 2025 € 90.000 € 45.000 € 0 € 135.000

Rekening 2025 € 89.540 € 37.449 € 0 € 126.989

OVERZICHT PER HEFFING Onroerende zaakbelastingen Onder de naam “onroerende zaakbelastingen” worden ter zake van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken twee directe belastingen geheven: een gebruikersbelasting voor niet-woningen en een eigenarenbelasting voor woningen en niet-woningen. Op basis van de Wet Waardering Onroerende Zaken (wet WOZ) wordt van elke individuele onroerende zaak de waarde per 1 januari van ieder kalenderjaar vastgesteld. Voor de heffingsmaatstaf wordt uitgegaan van een te betalen percentage van waarde van de (niet) woning. De waarde die op het aanslagbiljet 2025 staat vermeld, is de waarde per waardepeildatum 1-1-2024. Belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten Onder de naam “belastingen op roerende woon- en bedrijfsruimten” worden ter zake van binnen de gemeente gelegen roerende zaken twee directe belastingen geheven: een gebruikersbelasting en eigenarenbelasting van roerende woon- of bedrijfsruimten. De basis van wetgeving, heffingsmaatstaf en waardepeildatum is gelijk aan de onroerende zaakbelastingen. Tabel overzicht onroerende zaakbelasting (in €) Opbrengst Eigenaren woningen Eigenaren niet-woningen Gebruikers niet-woningen Totaal Roerende zaakbelasting

Rekening 2024 10.368.511 513.379 555.934 11.437.824 1.631

Begroting 2025 10.903.092 1.325.157 654.806 12.883.055 1.501

Rekening 2025 10.840.547 1.260.957 639.493 12.740.997 0

Tarieven Eigenaren woningen Eigenaren niet-woningen Gebruikers niet-woningen

2024 0,1078% 0,3926% 0,2435%

2025 0,1114% 0,4605% 0,2710%

Normpercentages ministerie BZK OZB eigenaren woning

2024 0,0890%

2025 0,0941%

86 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

OZB eigenaren niet-woningen OZB gebruikers niet-woningen Totaal ozb niet-woningen

0,2933% 0,2231% 0,5164%

0,3079% 0,2342% 0,5421%

Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven van de eigenaren en gebruikers van woningen en niet-woningen. De geraamde opbrengst wordt in de verhouding 40-60 toegerekend aan respectievelijk eigenaren en gebruikers. De rioolheffing voor gebruikers wordt geheven op basis van het aantal m3 afgevoerd water vanuit het perceel. Naast een basistarief voor de schijf wordt een variabel tarief boven het basis-tarief per m3 gehanteerd. De gebruikersstaffel kent een fijne opbouw waarbij het zwaartepunt van de heffing is gelegd bij de groep die jaarlijks tussen de 250m3 en 5.000m3 gebruikt. De binnen die groep gehanteerde staffels (=250-500m3, 500-1.000m3 en 1.0005.000m3) zijn progressief ingericht. Door het zwaarder belasten van deze groep wordt zuinig watergebruik fiscaal beloond en het principe van de vervuiler betaalt (profijtbeginsel) extra benadrukt. De groep gebruikers vanaf 5.000m3 zijn verder degressief ingericht, zodat de zeer kleine groep grootverbruikers met een maatschappelijke functie (denk aan zorginstellingen) niet onevenredig zwaarder worden belast. De rioolheffing voor de eigenaren wordt geheven op basis van de WOZ waarde. De rioolheffing is gebaseerd op het Programma Water dat in de raad van 16 december 2021 is vastgesteld.

Tevens is een overzicht van baten en lasten opgenomen welke inzicht geeft in de toegerekende taakvelden van zowel de directe lasten als de indirecte lasten overhead en BTW. Voor de wijze waarop de overhead is toegerekend wordt verwezen naar de paragraaf overhead. Afwijkingen worden toegelicht in programma 7 Volksgezondheid en Milieu. Tabel overzicht rioolheffing (bedragen in €) Opbrengst

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

2.845.476

3.284.309

3.120.531

375.667

337.300

401.225

3.221.143

3.621.609

3.521.756

92,1

93

97,2

Woningen Niet-woningen Totaal Dekkingspercentage Tarieven

2024

2025

Eigenaren woningen

0,01345%

0,01414%

Eigenaren niet-woningen

0,02940%

0,02247%

Gebruik 1-250 m3 Gebruik 251-500 m3

140,69 140,69+2,97 var.

156,17 156,17+3,30 var.

Gebruik 501-1.000 m3

883,79+3,22 var.

980,34+3,57 var.

Gebruik 1.001-5.000 m3

2.493,84+3,47 var.

2.767,44+3,85 var.

Gebruik 5.001-10.000 m3

16.365,04+0,30 var.

18.174,24+0,33 var.

Gebruik10.001-20.000 m3

17.851,24+0,20 var.

19.839,24+0,22 var.

Gebruik meer dan 20.000 m3

19.832,84+0,10 var.

22.059,24+0,11 var.

Aansluitingen

2024

2025

Riool gebruik woning

9.959

10.062

475

469

Riool gebruik niet woning

Berekening van kostendekkendheid van de rioolheffing Kosten taakveld 7.2 Riolering, incl. omslagrente Kosten taakveld 2.1 Verkeer en vervoer Kosten taakveld 6.3 Inkomensregelingen Inkomsten taakveld 6.3 Inkomensregelingen Inkomsten taakveld 7.2 Riolering, excl. heffingen

€ 3.524.748 211.853 37.449 -615 -828.270

%

87 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Inkomsten taakveld 0.10 Mutaties reserves Netto kosten Toe te rekenen kosten: Overhead incl. omslagrente BTW Totale kosten Opbrengst heffingen Dekkingspercentage Inkomsten taakveld 7.2 Riolering, bijdrage uit voorziening*

-144.202 2.800.963 317.857 505.356 3.624.176 100% -3.521.756 97,2% -102.420

2,8%

*=de realisatie 2025 betekent een kostendekkingsnorm van 97,2%. Het tekort is gecompenseerd met een onttrekking van € 102.420 aan de egalisatievoorziening riolering welke daarvoor toereikend is. Het taakveld 7.2 Riolering vormt de kern van de directe lasten van de kosten onderbouwing voor de rioolheffing. Onder dit taakveld vallen de kosten ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan: • •

De inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater; en De inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken.

De kosten van het straatvegen onder taakveld 2.1 Verkeer en Vervoer biedt ondersteuning aan de uitvoering van de kernactiviteit riolering. Straatvegen doet de gemeente om drie redenen. Voor het functioneren van de riolering, vanwege het feit dat mensen hun afvalstoffen weggooien en voor de verkeersveiligheid. Om die reden wordt 1/3 van de kosten van het straatvegen toegerekend aan riolering, 1/3 aan verkeer en vervoer en 1/3 aan afval. De rioolheffing maakt onderdeel uit van het gemeentelijke kwijtscheldingsbeleid. De kwijtscheldingscomponent van het taakveld Inkomensregelingen wordt toegerekend aan de kosten onderbouwing van de rioolheffing. Het taakveld 7.2 Riolering heeft ook directe inkomsten zoals de verhuur van pompinstallaties en een bijdrage van de gemeente Hillegom. Daarnaast zijn enkele rioolinvesteringen in het verleden met dekkingsreserves opgevangen. De onttrekkingen uit de reserves dienen ter dekking van de afschrijvingslasten. Naast de directe lasten vanuit de verschillende taakvelden worden tevens indirecte lasten (overhead) aan de rioolheffing toegerekend. De overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Voor de methodiek van de toerekening wordt verwezen naar de paragraaf overhead.

Tenslotte wordt op basis van artikel 228a, derde lid, van de Gemeentewet de verrekenbare BTW, die ingevolge de Wet op het BTW-compensatiefonds recht geeft op een bijdrage uit het fonds, aan de kosten van de rioolexploitatie toegerekend.

88 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Afvalstoffenheffing De gemeente is onder meer verantwoordelijk voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Het restafval en gft-afval in de gehele gemeente wordt alternerend ingezameld. Deze inzamelmethodiek evenals de harmonisatie heeft als basis gediend voor de tariefbepaling. Afvalstoffenheffing wordt geheven van degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Afwijkingen worden toegelicht in programma 7 Volksgezondheid en Milieu. Tabel overzicht afvalstoffenheffing (bedragen in €) Opbrengst

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

4.103.415 96,1

4.460.800 89,5

4.340.077 96,0

Afvalstoffenheffing Dekkingspercentage: Tarieven

2024

2025

Verzamelcontainer

322,00

332,63

Restafvalcontainer 140 liter

303,74

313,76

Restafvalcontainer 240 liter

522,00

570,22

Berekening van kostendekkendheid van de afvalstoffenheffing Kosten taakveld 7.3 Afval, incl. omslagrente

€ 4.121.618

Kosten taakveld 2.1 Verkeer en vervoer

211.853

Kosten taakveld 6.3 Inkomensregelingen

89.540

Inkomsten taakveld 6.3 Inkomensregelingen Inkomsten taakveld 7.3 Afval, excl. heffingen Netto kosten

%

-615 -815.260 3.607.136

Toe te rekenen kosten Overhead incl. omslagrente BTW

124.893 788.417

Totale kosten

4.520.446

Opbrengst heffingen

-4.340.077

Inkomsten taakveld 7.3 Afval, bijdrage voorziening afvalstoffenheffing*

100%

0

Dekkingspercentage

96,0%

*=de realisatie 2025 betekent een kostendekkingsnorm van 96,0%. Het tekort ad € 180.369 is ten laste van de algemene middelen gebracht. De egalisatievoorziening afval is nul en niet toereikend. Het taakveld 7.3 Afval vormt de kern van de directe lasten van de kosten onderbouwing die te maken heeft met het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval. Dit betreft het gft-afval en het restafval. Dit geldt voor zowel de directe uitgaven als de directe inkomsten. De kosten van het straatvegen onder taakveld 2.1 Verkeer en Vervoer biedt ondersteuning aan de uitvoering van de kernactiviteit afval. Straatvegen doet de gemeente om drie redenen. Voor het functioneren van de riolering, vanwege het feit dat mensen hun afvalstoffen weggooien en voor de verkeersveiligheid. Om die reden wordt 1/3 van de kosten van het straatvegen toegerekend aan riolering, 1/3 aan verkeer en vervoer en 1/3 aan afval. De afvalstoffenheffing maakt onderdeel uit van het gemeentelijke kwijtscheldingsbeleid. De kwijtscheldingscomponent van het taakveld Inkomensregelingen wordt toegerekend aan de kosten onderbouwing van de afvalstoffenheffing.

89 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Het taakveld 7.3 Afval heeft ook directe inkomsten zoals de vergoeding van Verpact en opbrengsten oud papier en textiel. Naast de directe lasten vanuit de verschillende taakvelden worden tevens indirecte lasten (overhead) aan de afvalstoffenheffing toegerekend. De overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Voor de methodiek van de toerekening wordt verwezen naar de paragraaf overhead. Tenslotte wordt op basis van artikel 15.33, derde lid, van de Wet Milieubeheer de verrekenbare BTW, die ingevolge de Wet op het BTW-compensatiefonds recht geeft op een bijdrage uit het fonds, aan de kosten van de afvalexploitatie toegerekend. Begrafenisrechten Op basis van de verordening lijkbezorgingsrechten Bloemendaal worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaatsen (het recht om begraven te worden) en voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten (het onderhouden van het graf). De begrafenisrechten worden alleen verhoogd indien dit nodig is om kostendekkend te zijn. Afwijkingen worden toegelicht in programma 7 Volksgezondheid en Milieu. Tabel overzicht begrafenisrechten (bedragen in €) Opbrengst Begrafenisrechten Dekkingspercentage

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

425.542 129,2

338.442 66

405.793 77,4

Berekening van kostendekkendheid van de begrafenisrechten

€

Kosten taakveld 7.5 Begraafplaatsen, incl. omslagrente

403.792

Inkomsten taakveld 7.5 Begraafplaatsen, excl. heffingen

-73.324

Netto kosten

330.468

%

Toe te rekenen kosten Overhead incl. omslagrente BTW

193.507 0

Totale kosten

523.975

Opbrengst heffingen

-405.793

Dekkingspercentage Baten taakveld 7.5 Begraafplaatsen, Onttrekking voorziening begraafplaatsen*

100% 77,4%

-96.233

*=de realisatie 2025 betekent een kostendekkingsnorm van 77,4%. Het tekort ad € 118.182 is gecompenseerd met een onttrekking van € 96.233 aan de egalisatievoorziening begraafplaatsen welke daarmee is opgesoupeerd. Het resterende tekort ad € 21.949 is ten laste van de algemene middelen gebracht. Het taakveld 7.5 Begraafplaatsen vormt de kern van de directe lasten van de kosten onderbouwing die te maken heeft met het gebruik van de begraafplaats(en) en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaatsen. Naast de directe lasten vanuit de verschillende taakvelden worden tevens indirecte lasten (overhead) aan de begrafenisrechten toegerekend. De overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Voor de methodiek van de toerekening wordt verwezen naar de paragraaf overhead.

90 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Legesverordening Onder de naam ‘leges’ wordt een aantal verschillende rechten geheven ter zake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten. Hierbij valt te denken aan leges voor de afgifte van vergunningen, zoals kapvergunningen, omgevingsvergunningen etc. en het afgeven van documenten zoals reisdocumenten en rijbewijzen. De belangrijkste zijn in onderstaande tabel opgenomen. Afwijkingen worden toegelicht in de diverse programma's. Tabel overzicht leges (bedragen in €) Opbrengsten

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

GBA (60020310-837000)

20.900

20.500

20.573

Huwelijksvoltrekkingen (60020270-837001)

130.176

115.000

115.698

Reisdocumenten (60020230-837001)

369.729

240.000

398.165

Rijbewijzen (60020220-837001)

93.784

105.000

94.581

Eigen verklaringen (60020240-837001)

7.480

10.500

7.557

Naturalisatie (60020260-837001)

53.131

30.000

30.084

Verklaring omtrent gedrag (60020250-837001)

4.300

5.000

5.162

Parkeervergunningen (60630310-837007)

115.558

119.895

38.706

Ontheffing/verg.bijz.wetten (61020210-837009)

21.613

20.000

18.908

Uitwegvergunningen/Kabel (62010210-837009)

6.795

3.000

0

Leges onth./verg. APV (63020110-837009)

20.686

15.000

18.229

Kapvergunningen (65070310-837009)

32.682

28.000

2.965

Registratie kinderopvang (66010113-837009)

4.219

5.500

1.749

1.230.430

750.000

1.299.754

Woonruimtebel. (secr.leges) (68030140-837000)

289

12.000

18.009

Woonruimtebel.(over.leges) (68030140-837009)

0

700

0

2.111.772

1.480.095

2.070.140

Bouwvergunningen (68030110-837008)

Totaal Tarieven

2024

2025

Paspoort ouder dan 18 jaar

83,87

86,85

Paspoort jonger dan 18 jaar

63,42

65,70

Id.kaart ouder dan 18 jaar

75,80

78,50

Id.kaart jonger dan 18 jaar

40,92

42,35

Rijbewijs

51,11

52,10

91 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Precariobelasting Ter zake van het hebben van voorwerpen op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, wordt een precariobelasting geheven. Tabel overzicht precariobelasting (bedragen in €) Opbrengst Precariobelasting

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

66.811

60.000

107.711

Parkeerbelasting In het kader van de parkeerregulering wordt een parkeerbelasting geheven. Tabel overzicht parkeerbelasting (bedragen in €) Opbrengst Parkeerbelasting Tarieven Max. naheffingsaanslag

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025

2.266.997

2.340.000

2.280.204

2024

2025

76,70

78,80

Kop Zeeweg Bloemendaal aan Zee per uur (zomer/wintertarief)

4,65/1,70

4,80/1,75

Bloemendaal-dorp per uur

1,70

1,75

Toeristenbelasting Ter zake van het houden van verblijf binnen de gemeente door natuurlijke personen die niet als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens zijn ingeschreven, wordt een toeristenbelasting geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Tabel overzicht toeristenbelasting (bedragen in €) Opbrengst Toeristenbelasting

Rekening 2024

Begroting 2025

Rekening 2025 1.915.027

2.634.404

2.195.125

Tarieven

2024

2024

Per overnachting hotel

5,15

5,30

Per overnachting camping

3,95

4,10

452.937

428.773

Aantal overnachtingen

Het beleid is erop gericht de bedoelde heffingen op een efficiënte wijze op te leggen en te innen. In het raadsvoorstel bij de belastingverordeningen wordt nader ingegaan op de belastingtarieven en belastingaanpassingen.

92 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

LOKALE LASTENDRUK In onderstaande tabellen wordt inzicht verstrekt in de ontwikkeling van de woonlasten over de voorbije jaren. Woonlasten eigen woning De woonlasten van een gezin in een eigen woning met een gemiddelde WOZ-waarde van € 1.107.535 in 2025, een afvalemmer van 240 liter en een waterverbruik lager of gelijk aan 250 m3.

2023

2024

2025

Afwijking in % tussen 2024 en 2025

1.147,55

1.178,45

1.233,79

4,7%

Afvalstoffenheffing

444,12

522,00

570,22

9,2%

Rioolheffing eigenaar

140,69

147,03

156,61

6,5%

Rioolheffing gebruik

142,00

140,69

156,17

11,0%

Totaal woonlasten

€ 1.874,36

€ 1.988,17

€ 2.116,79

6,5%

113,81

128,62

9,48

10,72

Woonlasten eigen woning Bloemendaal Onroerende-zaakbelastingen

Stijging t.o.v. voorgaand jaar Stijging t.o.v. voorgaand jaar per maand

Woonlasten huurwoning De woonlasten van een gezin in een huurwoning met een afvalemmer van 240 liter en een waterverbruik lager of gelijk aan 250 m3.

Woonlasten huurwoning

2023

2024

2025

Afwijking in % tussen 2024 en 2025

444,12

522,00

570,22

9,2%

Bloemendaal Afvalstoffenheffing Rioolheffing gebruik

142,00

140,69

156,17

11,0%

Totale woonlasten

€ 586,12

€ 662,69

€ 726,39

9,6%

76,57

63,70

6,38

5,31

Stijging t.o.v. voorgaand jaar Stijging t.o.v. voorgaand jaar per maand

Tenslotte wordt u een overzicht geboden van de woonlasten voor een éénpersoons- en meerpersoonshuishouden en de tarieven voor de onroerende zaakbelasting van Bloemendaal ten opzichte van het landelijk gemiddelde zoals deze door het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (=COELO) in de atlas van de lokale lasten wordt gepresenteerd. Het COELO hanteert hiervoor zijn eigen normen. In de hierna gepresenteerde getallen wordt weergegeven wat een huishouden in een woning met een gemiddelde waarde betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Bedragen in €

Bloemendaal

Nederland gemiddeld

Woonlasten

2023

2024

2025

2023

2024

2025

Eenpersoonshuishouden

1.734

1.770

1.860

867

911

964

Meerpersoonshuishouden

1.874

1.988

2.117

944

994

1.053

Tarief woningen (%)

0,1031

0,1078

0,1114

0,0890

0,0909

0,0924

Tarief niet-woningen (%)

0,7264

0,6361

0,7315

0,5381

0,5605

0,5753

Onroerende zaakbelasting

93 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Uit de COELO Atlas van de lokale lasten 2025 blijkt dat de OZB 2025 (0,1114%) in Bloemendaal ca. 20,5% boven het landelijk gemiddelde van 2025 (0,0924%) ligt.

94 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN In deze paragraaf komen de volgende kapitaalgoederen van de gemeente aan de orde: • Wegen • Openbare verlichting • Bruggen • Riolering • Water • Beschoeiingen • Openbaar groen • Sportaccommodaties en sportvelden • Gebouwen en woningen

1A. WEGEN Beleidskader Het groot wegonderhoud wordt planmatig uitgevoerd op basis van de systematiek van rationeel wegbeheer. De kosten van het groot onderhoud worden gedekt via de voorziening rationeel wegbeheer. Wegreconstructies (geheel vervangen van de weg en fundering) worden gefinancierd door middel van investeringskredieten. Kwaliteitsniveau Voor de fiets- en voetpaden wordt de beeldkwaliteit “basis” gehanteerd. Voor overige wegen geldt de beeldkwaliteit “laag”. Beheers- en onderhoudsplannen Het Wegbeheerplan 2023-2026 is op 22 december 2022 door de gemeenteraad vastgesteld. Jaarlijks stelt het college het onderhoudsplan vast. Uitgevoerd groot onderhoud 2025 Het groot wegonderhoud in 2025 is uitgevoerd volgens het op 6 mei door B&W vastgestelde onderhoudsplan. Er is in 2025 groot wegonderhoud uitgevoerd op de volgende wegen: ASFALTONDERHOUD Mollaan-Brederodelaan

vervangen deklaag door stil SMA

Korte Zijlweg

vervangen deklaag door stil SMA

Hartenlustlaan

aanbrengen rode coating

Midden Duin en Daalseweg

vervangen deklaag, herstraten voetpad

Bovenweg

vervangen deklaag westelijke rijbaan

Park Brederode

aanbrengen halfverharding Padvast op voetpad

Park Brederode

aanbrengen nieuwe slijtlaag op voet- en fietspaden

Dr. Dirk Bakkerlaan

slijtlaag rijbaan

diverse wegen

asfaltreparaties

diverse wegen

scheuren repareren

Acacialaan, Simon de Heerplantsoen, hertenkamp

aanbrengen halfverharding wandelpaden

Leverantie materialen

inkoop t.b.v. klein onderhoud

95 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

ONDERHOUD BESTRATING M.H. Tromplaan en Piet Heinlaan herbestraten rijbaan en trottoir Vijverweg

vervangen trottoirs

Acacialaan

vervangen trottoirs

Popellaan

vervangen trottoirs

Oranjelaan

herstraten rijbaan en vervangen trottoirs

De Ruyterlaan-Luciapad

ophogen en herstraten voetpaden

diverse wegen

kleine herbestratingsprojecten

De kosten van het groot onderhoud zijn in het onderhoudsplan geraamd op € 1.247.285. De werkelijke kosten bedroegen € 1.254.929.

Uitgevoerd regulier onderhoud Klein wegonderhoud

Het hele jaar door zijn plaatselijke reparaties aan bestratingen uitgevoerd door twee onderhoudsploegen.

Verkeersregelinstallaties

Regulier onderhoud en storingsafhandeling van verkeerslichten en knipperlichtinstallaties op zebrapaden.

Kabels en leidingen

In 2025 zijn 49 vergunningen aan nutsbedrijven verleend en 430 meldingen van graafwerkzaamheden in openbaar terrein afgehandeld.

De wegen zijn het gehele jaar schoongehouden en plaatselijk gerepareerd op de afgesproken beeldkwaliteit. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

96 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

1B. OPENBARE VERLICHTING Beleidskader Openbare verlichtingsbeleid is vastgelegd in het beleidsplan openbare verlichting 2016-2026, vastgesteld door de raad in april 2016. De belangrijkste beleidsuitgangspunten zijn: • • • • • • •

Lichtmasten en armaturen worden vervangen aan het eind van de economische levensduur. Bij vervanging van armaturen wordt duurzame (led)verlichting toegepast. De doelstellingen van het Energie-akkoord ten aanzien van energiebesparing worden nagestreefd, o.a. door toepassing van dimbare verlichting. In het buitengebied wordt geen nieuwe verlichting aangebracht en waar mogelijk verlichting verwijderd. Lichthinder en lichtvervuiling worden zo veel mogelijk voorkomen. Verlichting wordt vervangen aan het einde van de economische levensduur. In 2026 wordt een beleidsplan 2026-2036 opgesteld.

Kwaliteitsniveau De openbare verlichting wordt beheerd op beeldkwaliteit “basis”. Beheers- en onderhoudsplannen Het onderhoud bestaat in hoofdzaak uit kleinschalige vervanging van lichtmasten en armaturen en daarnaast uit schadereparatie en storingsafhandeling. Voor grootschalige vervanging worden investeringskredieten beschikbaar gesteld. Uitgevoerde werkzaamheden 2025 In 2025 is de straatverlichting in het westen van Bennebroek vervangen door dimbare ledverlichting. Per 31-12-2025 zijn ruim 4.200 van de 4.980 verlichtingsarmaturen uitgerust met dimbare ledverlichting. Gedurende het jaar zijn 192 storingen aan lichtmasten verholpen en is 87 keer een storing in het voedingsnet opgelost. Er zijn 12 lichtmasten vervangen na aanrijdingen. Achterstallig onderhoud Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

1C. BRUGGEN Beleidskader De uitgangspunten voor het beheer van de gemeentelijke bruggen zijn vastgelegd in het beheerplan bruggen en beschoeiingen 2025-2028, dat op 3 juli 2025 is vastgesteld door de gemeenteraad. Klein en groot onderhoud van bruggen wordt ten laste van het structurele budget Onderhoud bruggen uitgevoerd. Voor vervanging worden investeringskredieten beschikbaar gesteld. Bij groot onderhoud en vervanging worden duurzame en onderhoudsarme materialen en constructies toegepast. Kwaliteitsniveau De bruggen worden beheerd op het beeldkwaliteitsniveau “basis”. Beheers- en onderhoudsplannen Het beheerplan bruggen en beschoeiingen 2025-2028 beschrijft op welke wijze de bruggen worden beheerd en bevat een meerjarenonderhouds- en vervangingsplan.

97 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Financiële consequenties Voor nieuwbouw en vervanging van bruggen worden investeringskredieten beschikbaar gesteld. Klein en groot onderhoud van bruggen wordt ten laste van het structurele budget Onderhoud bruggen uitgevoerd die toereikend zijn voor de uitvoering van het meerjaren onderhoudsplan. Uitgevoerde werkzaamheden 2025 Ten laste van het reguliere onderhoudsbudget is in 2025 klein onderhoud uitgevoerd aan een aantal bruggen in de gemeente. Er is geen sprake van achterstallig onderhoud.

2. RIOLERING Beleidskader Vervanging en onderhoud van riolering vindt planmatig plaats op basis van het Programma Water 2022-2026, vastgesteld door de gemeenteraad op 16 december 2021. De kosten worden ten laste gebracht van de rioolexploitatie. De kosten van het rioolbeheer worden structureel gedekt door de rioolheffing. Kwaliteitsniveau In het Programma Water zijn ingrijpmaatstaven opgenomen voor reparatie of vervanging van riolering. Beheers- en onderhoudsplannen De beheer- en onderhoudsprogramma's voor de periode 2023-2026 zijn opgenomen in het Programma Water. Financiële consequenties In het Programma Water 2022-2026 zijn meerjarenplanningen en –ramingen voor onderhoud en vervanging van riolering opgenomen. De benodigde budgetten en investeringskredieten zijn opgenomen in de begroting. De baten (uit de rioolheffing) zijn structureel in evenwicht met de lasten. Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud. De onderhoudskosten waren geraamd op € 468.628,00 maar de werkelijke kosten bedroegen € 541.651,00. In het kader van het dagelijks beheer zijn in 2025 de volgende activiteiten uitgevoerd: Onderdeel

Activiteiten

Riolering

Afhandelen meldingen rioolverstoppingen. Onder het hoofdstuk Volksgezondheid en Milieu bij riolering zijn de rioolvervangingen vermeld. In de Julianalaan en de Louise de Collignylaan zijn noodreparaties uitgevoerd vanwege instorting van de riolering.

Duikers

Regulier onderhoud.

IBA's, rioolpompen en riool Regulier onderhoud en inspectie, afhandeling storingen. gemalen Straatkolken

Alle kolken zijn 2 keer leeggezogen, daarnaast regulier verhelpen van verstoppingen.

Drainage

De drainage is doorgespoten en de diepdrainage ontijzerd.

98 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

Grondwater

De deepwell pompen zijn onderhouden en de afvoerleidingen zijn gereinigd.

3A. WATER Beleidskader Vervanging en onderhoud van drainagesystemen vindt planmatig plaats op basis van het Programma Water 2022-2026, vastgesteld door de gemeenteraad op 16 december 2021. De kosten worden ten laste gebracht van de rioolexploitatie. De kosten van het grondwaterbeheer worden structureel gedekt door de rioolheffing. Kwaliteitsniveau In het Programma Water zijn maatstaven opgenomen voor aanleg of vervanging van drainage. Beheers- en onderhoudsplannen De beheers- en onderhoudsprogramma's voor de periode 2023-2026 zijn opgenomen in het Programma Water. Financiële consequenties In het Programma Water zijn meerjarenplanningen en –ramingen voor aanleg, onderhoud en vervanging van drainage opgenomen. De benodigde budgetten en investeringskredieten zijn opgenomen in de begroting. De baten (uit de rioolheffing) zijn structureel in evenwicht met de lasten. Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud. De onderhoudskosten waren geraamd op € 221.309,00 maar de werkelijke kosten bedroegen € 191.562,23.

Onderdeel

Activiteiten

Planvorming

Ten behoeve van de vervanging van deepwell pompen in Duin en Daal is er onderzoek gedaan naar aanleg van een drainage stelsel en regenwater afvoer in deze wijk. In de omgeving Kleverlaan en Bispinckpark is ook een onderzoek naar verbetering van waterafvoer gestart. Dit onderzoek loopt nog.

99 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

3B. BESCHOEIINGEN Beleidskader Onderhoud en vervanging van beschoeiingen wordt planmatig uitgevoerd op basis van een door de raad vastgesteld beheerplan en door het college vastgestelde onderhoudsplannen. De vervangingskosten worden gedekt door investeringskredieten. Kwaliteitsniveau Aan beschoeiingen en keermuren wordt de functionele eis gesteld dat de oeverbescherming op veilige wijze gewaarborgd is. Beheers- en onderhoudsplannen Het beheerplan bruggen en beschoeiingen 2025-2028 is vastgesteld door de gemeenteraad op 3 juli 2025. Uitgevoerde werkzaamheden 2025 In 2025 is de beschoeiing van de twee vijvers aan de Spiegelenburghlaan in Aerdenhout vervangen. Ook is een nieuwe damwand geplaatst ter vervanging van de beschoeiing langs de Leidsevaart ter hoogte van de Ixialaan in Bennebroek. De vervanging van een houten damwand langs de Bennebroekervaart aan de Meerweg is in 2024 gestart en in 2025 afgerond. Achterstallig onderhoud Er is geen achterstallig onderhoud.

4A. OPENBAAR GROEN Het openbaar groen bestaat uit openbaar plantsoen, (laan) bomen, bos- en duinparken en speelplaatsen. Plantsoen De plantsoenen zijn in 2025 onderhouden op het door de gemeenteraad vastgestelde kwaliteitsniveau ‘basis’ (rapportcijfer 5-7). Dat blijkt uit een kwaliteitsmeting door een externe deskundige. Binnen dit onderhoudsniveau is er geen sprake van het ontstaan van achterstanden of kapitaalvernietiging. De volgende onderhoudswerkzaamheden zijn in 2025 o.a. uitgevoerd: Soort openbaar groen

Belangrijkste onderhoudsmaatregel

Kengetallen

1x gecontroleerd; aandachtsbomen 2x gecontroleerd

17.000 st

4x onderhouden

2.300 st

2x geknipt

3.500 st

Bosplantsoen

5x onderhouden

13,8 ha

Sierheesters

7x onderhouden

8,3 ha

Bodembedekkers

7x onderhouden

1,0 ha

Vaste planten

7x onderhouden

1.800 m2

Wisselperken oorlogsmonumenten

10x onderhouden

50 m2

Hagen

2x geknipt; 4x onderhouden

9.950 m2

Gazon

in het groeiseizoen eens per 10 dagen gemaaid (25 x)

17,4 ha

3 of 5x gemaaid

25,0 ha

Laanbomen en parkbomen (bij benadering) Boomspiegels Stamlot

Bermen

100 Gewaarmerkt voor verificatiedoeleinden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.bloemendaal.nl/api/v1/meetings/2713/documents/27553