CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept beleidsscan kommengebied Beuningen

Commissie Ruimte 28 mei 2024, gemeente BeuningenBij agendapunt: Bespreking ruimtelijk kader kommengebied - eerste raadpleging commissie (oordeelsvorming)10.783 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

CONCEPT 14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-

Beleidsanalyse kommengebied Beuningen 1

Inleiding

Binnen het grondgebied van de gemeente Beuningen wordt vanuit meerdere ambities en opgaven een claim gelegd op de beschikbare ruimte. Om hier grip op te krijgen en een integraal beeld te krijgen van ruimtelijke vragen en effecten op de kommengebieden wordt een ruimtelijk kader opgesteld. Het deelgebied ‘Kommen’ is het buitengebied ten zuiden van de oeverwallen. Kenmerkend voor het gebied zijn de grootschalige openheid en rechte verkaveling, met lange rechte wegen en laanbeplanting. Het ruimtelijk kader start met een inventarisatie van bestaand beleid. Hiermee kunnen eventuele kansen, hiaten en tegenstrijdigheden in beeld gebracht worden, alsook reeds vastgelegde beleidsuitgangspunten en toegezegde ontwikkelingen. Dit document vormt het resultaat van deze beleidsanalyse.

24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie: 2 Auteur: Martijn Fledderus Gecontroleerd door: Anneke Rommers

Figuur 1: Het landschap in de gemeente Beuningen incl. afbakening komgronden (Bron: Groenbeleidsplan gemeente Beuningen)

2

Analyse (beleids)documenten

In de analyse wordt per (beleids-)document een korte samenvatting gegeven en vervolgens (in het gele kader aan het eind van iedere paragraaf) een relatering aan mogelijke kansen, belemmeringen, uitgangspunten en/of voorwaarden specifiek voor het kommengebied. De grote lijnen worden aan het einde van dit rapport samengevat. Ook volgt aan het einde van dit document een onderlinge analyse van de informatie die uit de verschillende documenten is verzameld.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

1/26

CONCEPT Thema

§ 2.1

Kommengebied

Documentnaam Beantwoording raadvraag visualisatie ambities kommengebied + Projectopdracht Ruimtelijke kaders kommengebied gemeente Beuningen

Versie 2023 2024

Scope van document

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Raadsvraag en projectopdracht om te komen tot ruimtelijke kaders kommengebied (achtergrond bij dit project) Omgevingsvisi e

Groen en landschap

Recreatie en toerisme

Het Broek

Wonen

2.2

Omgevingsvisie Beuningen

2021

Visie op hoofdlijnen over de fysieke leefomgeving van de hele gemeente

2.3

Omgevingsvisie provincie Gelderland

2018

Provinciale omgevingsvisie

2.4

Groenbeleidsplan Beuningen

2022

Ambitie inclusief uitvoeringsplan ten aanzien van natuur en groen in de gemeente

2.5

Landschapsontwikkelingsplan (LOP) – Inventarisatie en analyse – Landschapsvisie – Uitvoeringsplan

2006 2006 2007

2.6

Landschapsontwikkelingsplan evaluatie 2012 & uitvoeringsstrategie 2013-2018

2013

Evaluatie van projecten tot dan toe en inzet voor vervolgperiode.

2.7

Toetsingskader Linten Ewijk

2019

Uitgangspunten en ontwerprichtlijnen voor ontwikkelingen langs de Historische Linten Ewijk

2.8

Brochure Landschapstypen Maas en Waal

2016

Brochure in opdracht van gemeenten uit het land van Maas en Waal gericht aan eigenaren van erven om deze landschappelijk goed in te richten.

2.9

Streekgids Land van Maas en Waal – Deelgebied Oeverwal en kom van Beuningen

2022

Provinciaal document als middel om te sturen en inspireren op streekeigen vormgeving en inpassing van ruimtelijke ontwikkelingen.

2.10

Visie recreatie & toerisme

2020

De visie voor een vitale recreatie- en toerismesector met ambities, aanpak en actiepunten voor 2021-2023

2.11

Omgevingsprogramma recreatie & toerisme buitengebieden

2021

Kaders en mogelijkheden voor toeristischrecreatieve initiatieven in de buitengebieden van de gemeente Beuningen

2.12

Presentatie Het Broek

2020(?) Perspectief voor het gebied Het Broek

2.13

Raadsbrief gebiedsontwikkeling Het Broek

2020

Raadsbrief m.b.t. recreatiebestemming en vervolgstappen Het Broek

2.14

Motie 10 puntenplan wonen

2020

Algemene kaders voor woningbouwontwikkelingen in de gemeente

2.15

Panorama 2040 omgevingsprogramma Woningbouw

2021

Globaal overzicht van mogelijke nieuwe woningbouwlocaties voor de gemeente

2.16

Omgevingsprogramma woningbouw – Structuurmodel Winssen (2.16.1) – Structuurmodel Ewijk (2.16.2) – Structuurmodel Beuningen Noord (2.16.3) – Structuurmodel Beuningen Oost/Weurt (2.16.4)

Groene 2.17 MetropoolRegio (GMR) Energie

2.18

2021 2021 ??? ???

Landschapsontwikkelingsplan dat het landschap beschrijft, verdeelt in 8 deelgebieden en ambities en projecten uiteenzet voor de drie gemeenten die in gezamenlijkheid dit LOP hebben opgesteld.

Concretere uitwerking woningbouwontwikkelingen voor 4 gebieden (structuurmodellen) + zes thema’s woningbouw

Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen

2023

Beschrijft de ambities, doelen en opgaven voor de fysieke leefomgeving in de GMR ArnhemNijmegen

Energievisie Energiek Beuningen

2016

Uitwerking ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn in de gemeente

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

2/26

CONCEPT Thema

§ 2.19

Documentnaam Mobiliteitsvisie

Versie 2023

Mobiliteit

Landbouw

Scope van document Ambities van de gemeente ten aanzien van mobiliteit

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024

2.20

(concept) Mobiliteitsplan

2024

Verdere uitwerking mobiliteitsvisie

2.21

Kijk op Agrarisch Beuningen

2023

Visie op agrarisch Beuningen, opgesteld door de agrarische belangenvereniging

2.22

Informatienota B&W Kijk op Agrarisch Beuningen

2023

Memo gemeente in reactie op de Kijk op Agrarisch Beuningen

2.23

Gemeentelijke uitwerking ‘Notitie functieverandering Buitengebied’ + B&W-voorstel Toevoeging functieveranderingsbeleid buitengebied en saldering

2010

Gemeentelijke beleidsregels voor functieverandering in het buitengebied naar wonen.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

2013

Versie 2

3/26

CONCEPT 14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-

2.1

Beantwoording raadsvraag visualisatie ambities kommengebied

Door fractie Beuningen Nu en Morgen is 21 mei 2023 de vraag gesteld aan het college om voor het kommengebied een kaart aan te reiken waarop aanwezige, toegezegde en toekomstig verwachte ruimtelijke ontwikkelingen worden geprojecteerd. Dit omdat verschillende ruimtevragers druk leggen op schaarse ruimte en om deze goed in balans te kunnen ontwikkelen. Omdat een integraal beeld van de ruimtelijke effecten van (toekomstige) keuzes ontbreekt, maakt dit het kommengebied binnen de gemeentegrenzen extra kwetsbaar.

24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

In de beantwoording is een kaart opgeleverd met: -

Groen: ruimtelijke ontwikkelingen die door de raad zijn vastgesteld Blauw: ruimtelijke ontwikkelingen waar aan wordt gewerkt en naar verwachting binnen twee jaar voor besluitvorming worden voorgelegd Rood: doorkijk naar verwachte ruimtelijke ontwikkelingen na 2025

Daarnaast spelen er nog meer ontwikkelingen die nog niet kunnen worden ingetekend. Ook worden ruimtelijke vraagstukken benoemd waar komende twee jaar aan wordt gewerkt (visie bedrijventerreinen, groene mantel, verstedelijkingsprogramma GMR, OV HUB-locatie zoektocht vanuit regio) en verder dan twee jaar vooruit (visie op groenblauw kommengebied, omgevingsprogramma landschap, uitwerking beleid vanuit omgevingsvisie en programma’s en locatie voor een nieuw onderstation in de driehoek BeuningenWijchen-Druten). Zie hieronder het kaartbeeld.

In maart 2024 is opvolgend de projectopdracht voor ruimtelijke kaders kommengebied gemeente Beuningen opgesteld. Doelstelling: Komen tot een

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

4/26

CONCEPT ruimtelijk kader voor het kommengebied waarmee zowel bestuurlijk als ambtelijk beter kan worden geanticipeerd op de gemeentelijke belangen in de verschillende regionale platvormen. Zodat de input van de raad wordt meegenomen in deze gesprekken over de gebiedsprocessen. De kaart bij de beantwoording van de raadsvraag vormt een eerste integraal beeld van geplande en voorziene ontwikkelingen en kan als goede basis dienen voor deze opdracht, door deze kwalitatief verder aan te vullen vanuit beleidsdocumenten en andere input. En daarmee een verder integraal beeld te krijgen van de ruimteclaims en ambities.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Het is ook van belang om bij de gemeente uit te vragen wat de status is van de genoemde ontwikkelingen waar de komende twee jaar en verder aan wordt gewerkt (genoemd in de tekst maar niet ingetekend).

2.2

Omgevingsvisie Beuningen

In de Omgevingsvisie wordt de visie voor de fysieke leefomgeving en ruimtelijke en sociale aspecten tot 2040 beschreven. Het document bestaat uit (algemenere) ambities, uitgewerkt in speerpunten, ten aanzien van de fysieke leefomgeving. Daarnaast wordt per gebied (Uiterwaarden, Oeverwallen, Kommen, Woongebied en Bedrijventerreinen) beschreven wat de gebiedsgerichte opgaven, waarden en ambities zijn. Het belangrijkste uitgangspunt is dat het karakter en de landschappelijke structuur behouden worden. Het gebied heeft cultuurhistorisch waardevolle elementen (in de vorm van traditionele T-boerderijen en historische lintbebouwing) en een duidelijke landschappelijke structuur (in de vorm van rechtlijnige wegen met agrarische erven door verkaveling). Dat betekent dat verdichting of recreatieve ontwikkelingen in principe niet aan de orde zijn. Ontwikkelingen zijn alleen mogelijk onder strikte voorwaarden: -

Landschappelijke structuren versterken, zoals laanbeplanting, is wel mogelijk als het daarmee de aantrekkelijkheid van het gebied vergroot en de ecologische verbindingen daarmee worden versterkt. Bij het Broek/Groene Heuvels kunnen recreatieve functies verder ontwikkeld worden. Daarnaast zijn ten noorden van de Maas en Waalweg en tussen de Jonkersstraat en Reekstraat (inclusief Beuningse plas) solitaire recreatieve functies onder voorwaarden mogelijk.

Een ander belangrijk uitgangspunt is dat de grootschalige agrarische functies behouden worden. De agrarische bedrijvigheid moet niet beperkt worden. Huidige agrarische functies kunnen wel gecombineerd worden met nieuwe functies (functieverbreding). Daarnaast kunnen nieuwe functies toegekend worden aan een voormalig agrarisch bouwperceel. Zo spreekt de gemeente over kleinschalige recreatief-toeristische bedrijven, wonen en lokale producenten van gezond en duurzaam voedsel als alternatieve functies. Wel geeft de gemeente onder speerpunt 12 aan dat megastallen, nieuwe vestiging van (niet-grondgebonden) agrarische bedrijven, intensieve veehouderij en glastuinbouw niet mogelijk zijn. Het derde belangrijke uitgangspunt is het vergroten van de biodiversiteit in de buitengebieden. De gemeente wil dit bereiken door onder andere groengebieden en -structuren verder te ontwikkelen en deze onderling met elkaar te verbinden. Om dit te ondersteunen wordt een notitie biodiversiteit opgesteld, worden agrariërs gestimuleerd om maatregelen te nemen om de

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

5/26

CONCEPT biodiversiteit te vergroten en wordt bij het beheer van de openbare ruimte rekening gehouden met de biodiversiteit. Op onderstaande kaart worden kenmerken van het kommengebied (lichtgroen) aangeduid met de blauwe bolletjes (toelichting in legenda rechtsonder).

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

De Omgevingsvisie biedt drie belangrijke uitgangspunten die relevant zijn om mee te nemen in de ruimtelijke kaders voor het kommengebied: (1) behoud van karakter en landschappelijke structuur, (2) behoud van grootschalige agrarische functies en (3) vergroten van biodiversiteit.

2.3

Omgevingsvisie provincie Gelderland

De Omgevingsvisie ‘Gaaf Gelderland’ van de provincie Gelderland (2018) staan de provinciale doelen en waarden voor de Gelderse ruimte en leefomgeving. NB: de provincie geeft op haar website aan dat de omgevingsvisie Gaaf Gelderland uit 2018 niet meer actueel is en toe is aan vernieuwing. In januari 2024 is zij dan ook gestart met een intensief traject om de omgevingsvisie te vernieuwen. Dat maakt claims uit de bestaande provinciale visie minder hard. De focus ligt op een duurzaam, verbonden en economisch krachtig Gelderland. Dit moet bereikt worden door zeven met elkaar samenhangende ambities na te streven: 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Energietransitie: van fossiel naar duurzaam Klimaatadaptatie: omgaan met veranderend weer Circulaire economie: sluiten van kringlopen Biodiversiteit: werken met de natuur Bereikbaarheid: duurzaam verbonden Vestigingsklimaat: een krachtige, duurzame topregio Woon- en leefomgeving: dynamisch, divers, duurzaam

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

6/26

CONCEPT De ambities zijn in meerdere of mindere mate relevant voor buitengebied/kommengebieden, maar het karakter van de visie is logischerwijs erg hoog-over. Samen met het feit dat de visie vernieuwd wordt betekent dit dat er weinig aanknopingspunten zijn om nu mee te nemen richting de ruimtelijke kaders voor het kommengebied.

2.4

Groenbeleidsplan Beuningen

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

In het Groenbeleidsplan wordt de visie van de gemeente Beuningen beschreven ten aanzien van haar groenstructuur. Deze visie krijgt handen en voeten door middel van vijf thema’s: gemeentelijk bomenbestand, biodiversiteit, klimaatadaptatie, functioneel en hoogwaardig nieuw groen, en samen met onze bewoners. Het document begint met een korte introductie over de kenmerken van het gemeentelijk groen. Vervolgens wordt de visie verder uitgewerkt en wordt per thema beschreven wat de huidige situatie is, wat het doel is en wat kansen en risico’s zijn die van invloed kunnen zijn op dat doel. Aan het einde van het document wordt het uitvoeringsprogramma beschreven. De gemeente wil de regionale structuurlijnen in de kommengebieden (Koningsstraat, Oude Wetering en Nieuwe Wetering) sterker tot uiting laten komen. Bij de Koningsstraat wil de gemeente meer beplanting langs de weg aanbrengen en bij de Weteringen willen ze natuurvriendelijke oevers toevoegen en ook beplanting. De gemeente wil in de toekomst meer natuur-recreatieve gebieden hebben en kijkt daarom naar de Beuningse plas en de Geertjesgolf bij Winssen. In die gebieden wordt nu zand gewonnen, maar als dat klaar is (ergens in 2036) dan liggen daar kansen. Bij de Komgronden in de regio ligt de nadruk op agrarisch gebruik, landschapsbeleving en recreatief gebruik. Hierbij zijn lange lanen met landschappelijke bomen gewenst.

Verder kunnen landschapselementen zoals bosjes aangeplant worden als ze passen binnen het verkavelingspatroon en als ze het zicht niet ontnemen. Wat betreft het bomenbestand wil de gemeente minimaal het huidige aantal bomen behouden en het liefste naar meer bomen (van 18.800 naar 26.000 in 2026). Daarnaast wil de gemeente de diversiteit van bomensoorten vergroten. Het Kommengebied wordt als kansrijke omgeving gezien voor de toevoeging van extra bomen door middel van aanplanting van nieuwe bomenlanen. Bovendien wil de gemeente de huidige lanen versterken en onderhouden. Dit versterkt ook het klimaatadaptieve doel van de gemeente. Wat betreft biodiversiteit in de Kommengebieden ervaren sommige diersoorten nadelen van het agrarisch gebruik van het land. Andere diersoorten profiteren hier juist van. Vooral landdieren hebben echter te weinig beschutting in de open velden en dat moet volgens de gemeente veranderen. Ook moeten er meer verbindingen komen voor landdieren (bij voorkeur onder de snelweg door). De gemeente wil landschapszones in het Kommengebied inrichten volgens een wensbeeld. Percelen kunnen worden ingericht als kruidenrijk hooiland. Hier en daar kunnen rechte bospercelen of grienden gerealiseerd worden. Uiteindelijk wordt bij de inrichting rekening gehouden met dier- en plantsoorten in de omgeving.

De gemeente wil de regionale structuurlijnen sterker tot uiting laten komen. Daarnaast dienen de bomen langs de wegen in het Kommengebied behouden te worden en wil de gemeente meer diverse soorten bomen aanplanten. Verder wil de gemeente de biodiversiteit vergroten door het voor dieren makkelijker te Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

7/26

CONCEPT maken om zich te bewegen in de omgeving en tussen de percelen. Om dit te bereiken wil de gemeente het Kommengebied inrichten volgens het hierboven beschreven wensbeeld.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024

2.5

Landschapsontwikkelingsplan

Versie 2

Deze paragraaf behandelt de volgende drie documenten: -

Inventarisatie en analyse: weergave van onderzoek naar de waarden van het gebied en te verwachten ontwikkelingen die van invloed zullen zijn op het landschap. Hieruit volgen de acht deelgebieden. Landschapsvisie: visie en inzicht in de ontwikkelingsmogelijkheden en keuzen in het landschap voor de komende 10 jaar. Uitvoeringsplan: uitgangspunten voor de uitvoering, vertaling van visie naar doelen naar projecten en overzicht van die projecten.

De documenten dateren uit 2006-2007 en zijn in gezamenlijkheid door de gemeenten Beuningen, Druten en Wijchen opgesteld. Het gebied is opgedeeld in acht deelgebieden (landschapstypen). Het LOP geeft vanuit landschappelijk oogpunt aan welke functies in de deelgebieden gewenst zijn, alsook welke landschappelijke randvoorwaarden gelden bij nieuwe ontwikkelingen en functieveranderingen. Ook zijn hoofddoelstellingen opgesteld: -

Versterken van de identiteit van het fraaie rivierenlandschap die zich uit in ecologische samenhang binnen/tussen de landschapstypen en tegengaan van versnippering van het landschap Daarvoor noodzakelijke actieve natuur- en landschapsontwikkeling Met vitaal platteland met ontwikkelingsmogelijkheden als uitgangspunt

In de Waal- en Maaskommen blijven lucht en ritme de belangrijkste eigenschappen, met een sterke agrarische sector, waarbij het ritme van waterlopen en wegen wordt versterkt.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

8/26

CONCEPT Voor de kommengebieden van Beuningen wordt een aantal zaken relevant geacht en/of als doelstelling benoemd in het LOP: -

-

-

Behouden grootschalig samenhangend open gebied met rationele verkaveling en groene erven in strak ritme Ontwikkelen lange wegbeplantingen / versterken grootschalige kamerstructuur door wegbeplantingen Op het streefbeeld ecologisch netwerk is voor het grondgebied van Beuningen m.n. het ontwikkelen van natuurvriendelijke oever langs wetering relevant. Op kaart beplantingen langs wegen en weteringen staat aangegeven: ruimtelijk versterken loop weteringen met lage oevervegetatie en afwisselende beplantingen. Ontwikkelen herkenbare doorlopende wegbeplanting langs Koningsstraat Voor landbouw beloningssystematiek opstellen voor natuurontwikkeling langs weteringen, en ten oosten van Beuningen kansen voor verbreding dus beloningssystematiek gericht op recreatief netwerk / paden. Verbeteren recreatieve verbindingen en opheffen barrières (zie bijbehorende kaart ontwikkelen recreatief netwerk), voor aan oostzijde van Beuningen

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Paragraaf 7.3 richt zich nog specifiek op kwaliteiten, waardering, problematiek, doelstellingen en acties omtrent dit deelgebied. Deze zijn in lijn en op sommige onderdelen nader geconcretiseerd met bovenstaande. De hierboven benoemde relevante aanduidingen en doelstellingen voor het Waalkommengebied vormen landschappelijke uitgangspunten vanuit het landschapskarakter van het gebied en worden in die zin meegenomen als ruimtelijk kader voor het kommengebied.

2.6

Landschapsontwikkelingsplan evaluatie 2012 & uitvoeringsstrategie 2013-2018

In dit document wordt het LOP geëvalueerd (2012) en een uitvoeringsstrategie daaraan gekoppeld voor de opvolgende periode (2013-2018). Onderdeel daarvan is een beoordeling van ambitie en haalbaarheid van alle thema’s uit het oorspronkelijke LOP om daarmee een realistisch perspectief te geven voor de vervolgperiode. Dit stuk betreft m.n. oordelen over voortzetten/stopzetten van de inzet op lopende projecten ten tijde van 2013, geen grote koerswijzigingen van het LOP an sich en geeft daarom geen directe input voor dit project.

2.7

Historische Linten Ewijk toetsingskader

Het document gaat in op de verdichtingsmogelijkheden en uitgangspunten langs de Historische Linten van Ewijk. Dit zijn doorgaande lijnen met hier en daar wat bebouwing, maar vooral veel gaten ertussen met uitzicht op het achterland en landschap. Het document bestaat uit een hoofdstuk over de stedenbouwkundige ordening en bebouwing, en een korte analyse van de huidige situatie. Wat in het document naar voren komt is dat de historische en culturele waarde van de Oude Linten zeer belangrijk is. Daarom is het uitgangspunt ook dat het blijft zoals het is met hier en daar enige toevoegingen en verbeteringen. Verdichting is mogelijk, maar alleen op kleine schaal zodat de vista’s (uitzichten

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

9/26

CONCEPT op achterland) blijven bestaan. Wat betreft infrastructuur zijn er ook geen plannen om die aan te passen. Dit geldt zowel voor de vorm van de wegen, als de parkeermogelijkheden.

 opmerking bij de vista’s en zicht op open achterland: hierin is de visie Historische linten Ewijk ingehaald door de huidige uitbreidingsplannen van Ewijk zuid. Een deel van het open achterland wordt in de toekomst woonwijk en de linten van Ewijk liggen straks niet meer op de overgang naar het open kommengebied maar in een (te ontwikkelen)woongebied.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Met betrekking tot het kommengebied geeft het toetsingskader met name als uitgangspunt het behoud van uitzicht op de kommengebieden door zorgvuldig om te gaan met lintbebouwing vanwege de cultuurhistorische waarde.

2.8

Brochure Landschapstypen Maas en Waal

Brochure in opdracht van gemeenten uit het land van Maas en Waal gericht aan eigenaren van erven om deze passend te maken met het landschap. Hiervoor geeft de brochure tips en inspiratie. De brochure richt zich op particuliere erven en op lokaal (detail)schaalniveau en heeft op zichzelf geen dwingende status. Om die redenen geeft het geen input richting het overkoepelende schaalniveau van de ruimtelijke kaders kommengebied.

2.9

Streekgids Land van Maas en Waal – Deelgebied Oeverwal en kom van Beuningen

De streekgidsen Ruimtelijke Kwaliteit en Landschap zijn in opdracht van de provincie Gelderland opgesteld met als doel te sturen en inspireren op een goede streekeigen vormgeving en inpassing van ruimtelijke ontwikkelingen en initiatieven in de provincie Gelderland. In de streekgids worden per deelgebied de kernkwaliteiten uitgewerkt die in vier thema’s besproken worden (met tussen haakjes wat daarin terugkomt m.b.t. het kommengebied): -

Landschappelijk karakteristiek (grootschalige rationeel verkavelde kom) Openheid, beslotenheid en ruimtebeleving; (waardevol (middel)groot open komgebied van Beuningse- en Winssensche Veld) Ordenende structuren; (de weteringen en leigraven door het hart van de kom en de snelwegen en N322) Stad-landrelatie (stedelijke ontwikkelingen (woonwijken, bedrijventerreinen) gekoppeld aan A37)

Daarnaast zijn per deelgebied ontwikkeldoelen en -principes uitgewerkt. Voor het kommengebied zijn dat: -

Versterk herkenbaarheid van de kommen: onderscheidend grondgebruik en inrichting. Dat wil zeggen als uitgangspunt nemen om het onderscheid tussen de kom en omliggende landschappen te versterken, d.m.v.: – Vernatten van de laagste delen van de kom – Het grondgebruik volgt de natuurlijke omstandigheden (broekbossen, grienden en waterberging in de natste delen, extensieve landbouw op de iets hogere delen) – Afwisseling van open en meer besloten delen (‘open kamers’). Zichtlijnen over het landschap respecteren;

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

10/26

CONCEPT –

-

-

Versterken van het recreatief netwerk door de kom, verbindt de kernen ecologisch en recreatief met de rivierduinen aan de overzijde van de kom, door natuurstroken. Weteringen en leigraven markeren: beleefbaar en manifest maken als structuurdragers van de kom, in combinatie met natuur-, klimaat- en wateropgaven. – Maak van de weteringen robuuste structuren door aan weerszijden een brede zone te ontwikkelen als waterbergingsgebied in combinatie met natuurontwikkeling, als broekbossen of rietvelden. Kies hierbij bewust voor lage of opgaande natuur, passend in het landschap; – Behoudt het rechte, gekanaliseerde karakter van de weteringen als gegraven waterlopen en behoud de aanliggende verkavelingsstructuur; – Ontwikkel recreatieve routes langs de weteringen met aansluitingen naar de kernen op de oeverwallen en rivierduinen; – Ontwikkel de waterlopen als doorgaande, herkenbare, blauwe lijn, ook binnen dorps- en stadskernen. Ontwikkel een groen-blauw raamwerk: gebiedsoverstijgend landschapspark met als onderdeel het kommengebied (zie document voor bijbehorende principes)

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

In de streekgids komen de inmiddels meermaals benoemde karakteristieken van het gebied terug. De kernkwaliteiten vormen een goede basis als onderlegger van het gebied. De ontwikkeldoelen en principes vormen bruikbare elementen om door te vertalen in ruimtelijke kaders voor het kommengebied.

2.10 Visie recreatie & toerisme 2020 De visie Recreatie en toerisme richt zich op een vitale recreatie- en toerismesector, die recht doet aan de landschappelijke en natuurlijke waarden binnen de gemeente. In de visie worden ambities, een aanpak op hoofdlijnen en actiepunten voor de opvolgende jaren (2021-2023) geschetst. Vier hoofdlijnen uit de eerdere visie uit 2015 waren: -

Inzetten op en meewerken aan kleinschalige ontwikkelingen die passen bij het gebied. Het oeverwallengebied is vooral geschikt voor natuurbeleving en extensieve recreatie. Grootschaligere evenementen en ontwikkelingen zijn passend binnen de kernen, op bestaande locaties zoals de Groene Heuvels, Hof van Wezel of anders in het kommengebied. Gemeente Beuningen profileren als uitloopgebied van de stad binnen het Rijk van Nijmegen.

Die zijn nog steeds actueel, zo wordt beschreven, maar worden wel nader uitgewerkt en geactualiseerd. Vier kernkwaliteiten vormen samen het recreatief-toeristisch potentieel van de gemeente. Deze kernkwaliteiten zijn: (1) het rivierenlandschap, (2) water, (3) archeologie en (4) kunst. De visie geeft tevens een beeld van het huidige

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

11/26

CONCEPT aanbod recreatief-toeristische voorzieningen, wandel- en fietsroutes en evenementen. Uiteindelijk komt de visie tot een overkoepelende ambitie en een aantal actielijnen: 1. 2. 3. 4. 5.

Het versterken van recreatief-toeristische verbindingen Het versterken van recreatief-toeristische infrastructuur Het vergroten van de recreatieve waarde van het water De potenties van het gebied ‘Het Broek’ beter benutten Sterker profileren van het aanbod in gemeente Beuningen

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Kaders en mogelijkheden voor specifiek het buitengebied volgen m.n. in het omgevingsprogramma (zie volgende paragraaf). Wel (potentieel) relevant zijn de wens tot het upgraden van het fietsroutenetwerk en wandel- en struinroutes, recreatie op en aan het water stimuleren en de visie op Het Broek.

2.11 Omgevingsprogramma recreatie & toerisme buitengebieden 2021 Eén van de actielijnen in de Visie Recreatie en Toerisme is de versterking van het voorzieningenaanbod. Het Omgevingsprogramma Recreatie & Toerisme stelt de ruimtelijke kaders en mogelijkheden voor toeristisch-recreatieve initiatieven in de buitengebieden van de gemeente Beuningen (Oeverwallengebied, Het Broek/Groene Heuvels, kommengebied). De bouwstenen voor het ruimtelijk kader zijn (deze zijn ieder uitgewerkt in een paragraaf): -

De natuurlijke en landschappelijke waarden van de buitengebieden De ruimtelijke opgaven van deze gebieden (of delen daarvan) De typering van verschillende recreatievormen (5 vormen)

Vervolgens volgt de uitwerking van een aantal deelgebieden (uiterwaarden, oeverwallen, kommen en Het Broek). In het kommengebied ligt de focus op behoud van landschappelijke waarden. Het gebied wordt verdeeld in deelgebieden ten zuiden en ten noorden van de A73/Maas en Waalweg. Dat geeft de volgende uitgangspunten: -

-

-

Het zuiden benadrukt openheid en agrarische functies, waarbij nieuwe recreatieve voorzieningen beperkt zijn tot agrarische bouwvlakken. Nieuwe solitaire ontwikkelingen zijn niet mogelijk, met uitzondering van watergerelateerde activiteiten. Investeringen in infrastructuur voor fietsers en voetgangers tussen Het Broek en de kernen moeten deze verbindingen aantrekkelijker en veiliger maken. De landschapszone tussen Beuningen en Weurt (inclusief de Beuningse Plas) en het gebied tussen Maas en Waalweg en de kern Winssen (Geertjesgolf) kunnen zich in de toekomst ontwikkelen als recreatieve uitloopgebieden voor de kernen. Nieuwe extensieve dagen verblijfsrecreatieve voorzieningen zijn hier mogelijk, maar wel met landschapsbehoud en bij voorkeur op bestaande bouwvlakken. Aan de Beuningse Plas is een nieuwe solitair gelegen extensieve dagrecreatieve voorziening wenselijk.

In deelgebied het Broek is een verdere bundeling en concentratie van zowel intensieve als extensieve dag- en verblijfsrecreatieve voorzieningen gewenst Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

12/26

CONCEPT (verbreding en verdieping van het aanbod in voorzieningen en evenementen). Wel ligt er daarbij een relatie met het kommengebied, waar het open landschap en de agrarische functies centraal staan. Er zijn verschillende aanleidingen die maken dat een kwaliteitsimpuls nodig is. Daarom wordt in het omgevingsprogramma het ontwikkelingskader voor Het Broek gepresenteerd. De belangrijkste opgaven zijn: -

Dit gebied duurzamer en aantrekkelijker te maken en om recreatie en toerisme in gemeente Beuningen te bevorderen; De regio Rijk van Nijmegen en Land van Maas en Waal verbinden met het gebied Het Broek. Laat het gebied onderdeel zijn van de omgeving: betrekken van de omliggende kernen Hernen, Bergharen, Leur, Ewijk en Winssen. Het gebied beter bereikbaar en verkeersveilig maken voor inwoners uit de omliggende kernen, met name voor fietsers en wandelaars. Het landschap van het gebied versterken en op onderdelen accentueren. Het gebied verbinden met de natuurwaarden (versterking biodiversiteit), versterken duurzaamheid. Verbinding leggen met omliggende agrarische bedrijven. Het versterken van de leefbaarheid en voorzieningenstructuur van de omgeving. Het versterken van de kwaliteit van recreatiegebied De Groene Heuvels en de daarop aanwezige bedrijven en activiteiten. Een duurzame borging van evenementen zoals Down The Rabbit Hole op het recreatiegebied De Groene Heuvels.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Vervolgens worden verschillende kansen voor het gebied uitgebreider besproken. Met het omgevingsprogramma wordt de basis gelegd voor Het Broek als sterk recreatief-toeristisch middelpunt in de gemeente Beuningen en de regio. De figuur hieronder toont een overzicht van de ruimtelijke kaders uit het omgevingsprogramma recreatie & toerisme per deelgebied op kaart:

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

13/26

CONCEPT 14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Figuur 2: Ruimtelijke kaders recreatie per deelgebied (Bron: omgevingsprogramma recreatie & toerisme)

Het omgevingsprogramma recreatie en toerisme geeft een aantal concrete ruimtelijke uitgangspunten mee die van belang zijn als ruimtelijke kaders voor het kommengebied. Deze zijn hierboven puntsgewijs beschreven. Ook de vanuit dit programma gehanteerde opdeling tussen noord en zuid van de A73/Maas en Waalweg is relevant. Het Broek kent haar eigen uitgangspunten en opgaven. In de context van deze beleidsanalyse zijn met name de wensen relevant die gaan om de verbinding tussen Het Broek en daarbuiten: wandel- en fietsroutes vanuit omliggende kernen, verbinding met het omliggende agrarische gebied en verbindingen met natuurwaarden en in de toekomst met de op te leveren recreatieve gebieden Geertjesgolf en de Beuningse Plas.

2.12 Presentatie Het Broek LOS stadomland (landschapsadvies) en Dynamic-Concepts (recreatie en toerisme) hebben in opdracht van de gemeente Beuningen en samen met partijen uit het gebied een perspectief voor het gebied Het Broek ontwikkeld. In deze presentatie wordt dat perspectief gepresenteerd in de vorm van een ideeënschets/verkenning. Het eerste deel van de presentatie bevat verschillende (maatschappelijke) opgaven en trends en hun mogelijke kans/koppeling met Het Broek. Daarnaast wordt de ruimtelijke context geschetst op een aantal aspecten (historie, landschap, natuur, ontsluiting auto en langzaam verkeer en bestaande functies). Deel twee vormt een verkenning van ambitie en scenario’s. Kern van de ambitie is een door een beter programma op de Groene Heuvels én integrale verbinding van omgevingswaarden in het Broek komen te tot een gezonde maatschappelijke en economische basis om Het Broek, de Groene Heuvels en voorzieningen duurzaam te exploiteren. Daarna volgen concrete

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

14/26

CONCEPT aanknopingspunten op de onderwerpen (subpunten alleen daar waar relevant voor kommengebieden): -

-

-

-

-

-

Regio Bereikbaar o O.a.: realiseer directe LV-verbindingen naar Bergharen en Hernen; een fietspad langs de Ficarystraat (veilig en verlicht); Elsenpas als fietsroute bij drukke dagen; de weteringen als kano-route met een rondje via de plas; meer struinroutes, een rondje Beuningen. Landschap o O.a.: behoud en versterking openheid van de komgronden; Ficarystraat wordt Ficarylaan door een dubbele bomenrij; de weteringen accenturen met beplanting; populierenbosjes op strategische plekken; ontwikkelen patroon van wegbeplanting en weteringen van de komgronden; behoud de intimiteit van de Groene Heuvels. Natuur o O.a.: De Woezikse Leigraaf versterken als ecologische structuur; beplanting lang de Weteringen; meer biodiversiteit onder andere door beplatingsplan Groene Heuvels; ruimte voor adaptatie. Agrarische sector o O.a.: buitengebiedsondernemers bieden hun erf aan en laten zich zien; ruimte voor sterke agrarische sector met ontwikkeling en schaalvergroting. Hernen, Leur, Bergharen o O.a.: ontwikkelen toerisme en recreatie door kleinschalige voorzieningen en routes; schaarweide ontwikkelen als centrum voor buitensport ook voor gebruikers van de Groene Heuvels, of vice versa; lokale ondernemers ondernemen mee op het recreatieterrein (realisatie en beheer) en de dorpen organiseren hun evenement op het recreatieterrein. Duurzaamheid

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Er worden drie scenario’s geschetst die opbouwend zijn in intensiteit en uitgaan van ‘verbinding met waarden’. Deze worden min of meer vertaald naar aandachtspunten voor drie fases van ontwikkeling. Inhoudelijk is een groot deel van bovenstaande gericht op ontwikkeling binnen de locatie Het Broek. Met name waar het gaat om verbinding met omliggend gebied wordt het inhoudelijk interessant voor de ruimtelijke kaders kommengebied. Dit betreft met name hetgeen dat benoemd wordt onder ‘bereikbaar’, ‘landschap’, ‘natuur’, ‘agrarische sector’ en ‘Hernen, Leur, Bergharen’. Deze presentatie is een verkenning en geen vastgesteld beleid.

2.13 Raadsbrief gebiedsontwikkeling Het Broek Op 9 juli 2020 is voor raads- en commissieleden een (digitale) informatiebijeenkomst plaats gevonden, waarbij de ideeën van de gebiedsontwikkeling van Het Broek zijn gepresenteerd. Naar aanleiding van die presentatie is de vraag gesteld of de bestemming van het gebied tot ‘groen’ en/of ‘wonen’ niet is onderzocht. In deze brief wordt die vraag beantwoord alsook het vervolg geschetst.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

15/26

CONCEPT Uitgangspunt voor het te ontwikkelen perspectief is de bestemming recreatie, dit overeenkomstig de structuurvisie en het vigerende bestemmingsplan Buitengebied. Vanuit het besef dat onze gemeente een woongemeente is, willen wij dat er ruimte blijft in onze gemeente voor recreatie en toerisme. Ook de uitdagingen en daaruit volgende opgaven in het recreatiegebied worden benoemd met verwijzing naar de presentatie hierboven. Deze wordt nogmaals neergezet als een eerste schets, waarin nog alle ruimte is voor verbetering en/of aanvulling, zo lang dit past binnen de ambitie recreatie en toerisme en met oog voor de agrarische bedrijfsvoering.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

De visie op de gebiedsontwikkeling Het Broek is geland in de Omgevingsvisie voor de gehele gemeente en is daarnaast geland in het omgevingsprogramma Recreatie en Toerisme De brief besluit anno 2020 met de constatering dat dit project nog een lange weg te gaan heeft maar dat met een gezamenlijke aanpak met alle partijen een gezonde toekomst tegemoet kan zien. De raadsbrief geeft m.n. context bij de ontwikkeling van Het Broek en bevestigt dat in de Omgevingsvisie en het omgevingsprogramma recreatie en toerisme inhoudelijk de bijbehorende uitgangspunten opgenomen zijn. Geen nieuwe uitgangspunten t.o.v. de eerder besproken documenten.

2.14 Motie tien puntenplan Wonen Op 17 november 2020 is de motie 10 puntenplan Wonen aangenomen in de gemeenteraad. Daarbij zijn 10 punten overgenomen als kader voor de woningbouwontwikkeling in de gemeente. In dit document worden de tien punten kort besproken. Uit deze punten zijn de zes thema’s uit het omgevingsprogramma gevormd (zie 2.15). Punt vier gaat in op dorps wonen en beschrijft dat het dorpse karakter van belang is. Daarom wordt uitgegaan van een lage dichtheid. Alleen in het geval van hoogbouw dichtbij de kernen mag de verdichting wat hoger zijn. Punt zes en zeven gaan in op de stedenbouwkundige en landschappelijke structuur. Deze moeten vooral gehandhaafd worden zoals ze nu zijn. Bij voorkeur moet gebouwd worden vanuit de kernen en de cultuurhistorische aspecten van het landschap, zoals de historische linten, moeten behouden worden. Punt negen gaat over groen in de omgeving en dat punt geeft aan dat er minimale verstening plaats dient te vinden, dat er maximale groentoepassing moet zijn ter compensatie van bomenkap en opoffering van grond (hierbij houdt de gemeente ongeveer 100m2 openbare ruimte aan per woning) en dat er inheemse soorten gebruikt worden die extensief onderhoud kunnen hebben. De gemeenteraad heeft ingestemd met het 10 puntenplan Wonen in 2020. Die tien punten vormen het richtinggevende kader voor nieuwbouw in de gemeente.

De punten wijzen op het dorpse wonen in de regio en het behoudt van het cultuurhistorische landschap. Verder dient er voldoende rekening te worden gehouden met natuur en groen.

2.15 Panorama 2040 woningbouw In het panorama 2040 woningbouw wordt een schets gegeven van de kenmerken van de vier verschillende kernen en hoe de woningbouw zich in Beuningen de afgelopen decennia heeft ontwikkeld. Daarnaast wordt per kern

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

16/26

CONCEPT beschreven welke locaties mogelijk geschikt zijn om woningen te gaan bouwen voor de toekomst. Ten slotte worden zes algemene thema’s onderscheiden met elk een aantal randvoorwaarden die de toekomstige uitbreidingen vorm geven. In het algemeen wenst de gemeente de vier kernen van elkaar gescheiden te houden. Dat betekent dat de kernen niet aan elkaar gebouwd gaan worden met nieuwe uitbreidingen. De gemeente behoudt hiermee de Beuningse kernwaarden groen-blauw-rust-ruimte. De gemeente is van plan ongeveer 2000 woningen te bouwen, waarbij rekening wordt gehouden met deze waarden.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Wat betreft de thema’s en randvoorwaarden wordt gesteld dat de ontwikkellocaties zich oriënteren op bestaande dorpsharten en dat de bestaande stedenbouwkundige, landschappelijke en cultuurhistorische structuren leidend zijn voor de ontwikkeling van woningen (randvoorwaarden 2.3 en 2.4). Verder vinden de ontwikkelingen in beginsel plaats buiten de hindercontouren en wil de gemeente wat betreft bereikbaarheid de huidige infrastructuur optimaliseren (en recreatieve / langzaamverkeersroutes toevoegen) (randvoorwaarden 3.1 en 4.2). De gemeente wil de huidige kernen behouden en vooral aan de dorpsharten woningen toevoegen. Ze wil de kernen niet aan elkaar bouwen. Voor het landschap eromheen betekent het weinig verandering en vooral optimalisering van huidige infrastructuur. Uitbreiding Ewijk zuid in bestaand kommengebied Uitbreiding Winssen in oeverwal/kommengebied; versterken linten Winssen in kommengebied Beoogde uitbreiding Weurt mogelijk deels in Kommengebied Extra infrastructuur moet een plek krijgen in het kommengebied

2.16 Omgevingsprogramma Woningbouw Het Omgevingsprogramma bestaat uit vier structuurmodellen voor elke kern van de gemeente. Hieronder worden deze structuurmodellen behandeld.

2.16.1 Structuurmodel Winssen Het structuurmodel van Winssen geeft verdere richting aan de woningbouwontwikkelingen ten opzichte van het panorama, maar geeft nog niet exact aan waar wat wordt gebouwd. Per ontwikkellocatie worden specifieke randvoorwaarden en uitgangspunten beschreven, zoals dichtheden, woningtypen en sfeerbeelden. Ten zuiden van Winssen, tussen de Kennedysingel, de Leegstraat, de Geerstraat en de Van Heemstraweg is een gebied aangewezen waar 375 tot 425 woningen gebouwd zullen worden. Dit gebied bestaat nu nog voornamelijk uit boomgaarden en kwekerijen en zal dus aangepast worden met woningen en groen. Dit gebied ligt gedeeltelijk in het oeverwallengebied en gedeeltelijk in het kommengebied. Naast de uitbreiding Winssen zuid, is ook aan de historische linten rondom Winssen mogelijkheid voor nieuwbouw. Hier staat echter centraal dat de historische linten hun karakteristieke eigenschappen behouden en de nieuwe woningen mogen hieraan geen afbreuk doen. Er is daarom ook maar ruimte voor ongeveer 75 woningen.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

17/26

CONCEPT De gemeente heeft één specifieke plek uitgekozen ten zuiden van Winssen om de grootste woningaantallen te bouwen, deels vallen deze op oeverwalgronden, deels op de komgronden. De openheid van de komgronden tussen Winssen en de Van Heemstraweg staat dus onder druk. Daarnaast is er aandacht voor nieuwbouw langs de historische linten, maar daarbij wordt aangegeven dat het er niet teveel mogen zijn en dat het karakter van de historische linten bewaard moet blijven.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

2.16.2 Structuurmodel Ewijk Het structuurmodel Ewijk geeft verdere richting aan de woningbouwontwikkelingen ten opzichte van het panorama, maar geeft nog niet exact aan waar wat wordt gebouwd. Per ontwikkellocatie worden specifieke randvoorwaarden en uitgangspunten beschreven, zoals dichtheden, woningtypen en sfeerbeelden. Ten westen en ten zuidwesten van Ewijk dienen de meeste woningen gebouwd te worden. Langs de Burgemeester Sprengerlaan richting de A50 aan de westkant en langs de Koningstraat en De Steeg in het zuidwesten. In het zuidwesten ligt de Plas van Melssen en die plas komt in een nog nader te bepalen vorm terug in de nieuwe opzet. Dit gebied ligt volgens de kaart uit het Groenbeleidsplan volledig in het kommengebied. Wat betreft de gebieden bestaat het nu vooral nog uit akkerlanden met hier en daar woningen langs de linten. Het idee is dat er ongeveer 650 woningen in Ewijk-Zuid bijkomen en ongeveer 350 bij Ewijk-West. Hier staat wel centraal dat de woongebieden groene kwaliteit hebben en een lage tot gemiddelde dichtheid hebben. De gemeente heeft twee specifieke plekken uitgekozen ten westen en ten zuidwesten van Ewijk om de grootste woningaantallen te bouwen. De woningen in het zuiden worden rondom de Plas van Melssen gebouwd en er moet nog bepaald worden wat met die plas gedaan gaat worden. Deze woningbouwontwikkelingen vallen binnen de komgronden.

2.16.3 Structuurmodel Beuningen-Noord/Oeverwallengebied Dit structuurmodel is nog niet gereed. Echter is naar verwachting (gezien de locatie) de invloed op het kommengebied gering.

2.16.4 Structuurmodel Beuningen Oost – Weurt Dit structuurmodel is nog niet gereed. Er is invloed op het gebied dat onderdeel is van de kommen, maar dat is afhankelijk van de uitwerking.

2.17 Regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen Het regioarrangement Groene Metropoolregio Arnhem-Nijmegen beschrijft de ambities, doelen en opgaven voor de fysieke leefomgeving rondom de hoofdopgaven energie/economie, verstedelijking/wonen (incl. mobiliteit) en landelijk gebied. In het document worden drie sturende principes onderscheiden: ruimtelijke kwaliteit, water en bodem sturend, en brede welvaart. Deze worden behandeld aan de hand van drie verhaallijnen: landbouw en natuur, klimaat en energie, en leefbare dorpen en steden. In de Groene Metropoolregio is er bij een aantal gebieden sprake van (grote) ruimtedruk en mobiliteitsdruk. Daarom heeft de regio een paar gebieden in het

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

18/26

CONCEPT vizier waarbij ze een gebiedsproces wil starten. Een van de gebieden waar de regio een gebiedsproces wil starten, is het gebied tussen Nijmegen-West, Beuningen en Wijchen. Een gebiedsproces houdt in dat het gebied een speciale aanpak krijgt waarbij met belanghebbenden/partners keuzes en of combinaties van opgaven in beeld gebracht worden. De verschillende ruimteclaims worden tegen elkaar opgelegd om te kijken waar zaken gecombineerd kunnen worden en waar gekozen moet worden. Deze keuzes worden vervolgens weloverwogen en gezamenlijk gemaakt door te vertalen naar lokaal of provinciaal omgevingsbeleid én begrotingen. Een volgende stap is om per gebied een plan van aanpak te ontwikkelen en uit te voeren. Het uitgangspunt voor het gebiedsproces is dat voorkomen wordt dat het stedelijke wegennet wordt overbelast.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Punt vijf van de eerste verhaallijn gaat over klimaatadaptatie bij hoge zandgronden en komgronden. Bij de komgronden speelt de problematiek van verdroging, wateroverlast bij piekbuien en grondwateronttrekking. Onttrekking van het grondwater voor drinkwater, landbouw of industrie, zorgt voor een (lokale) daling van de grondwaterstand. Daarom wordt er gekeken naar maatregelen om het (grond)water langer in het gebied te houden. Daarbij wordt gezocht naar verbetering van de bodemkwaliteit in de komgronden om zo het waterbergende vermogen, de sponswerking, van de bodem te vergroten. Punt acht van de eerste verhaallijn gaat over een gedifferentieerde aanpak voor de verduurzaming van de landbouw. Dit heeft onder andere betrekking op de komgebieden tussen Beuningen en Wijchen. De regio wil dit op twee manieren aanvliegen. Enerzijds kan de kringlooplandbouw ondersteund worden op de plekken waar daar energie voor is. Anderzijds kunnen gebiedsprocessen gefaciliteerd worden in de landbouwhubs. Dit helpt agrariërs en andere betrokkenen hier korte ketens en groenblauwe dooradering te realiseren via een dekkend en langdurig verdienmodel. De kwaliteit van het landschap is hierbij een belangrijk aandachtspunt.

Er wordt gezocht naar verbreding van de agrarische bedrijfsvoering en alternatieve verdienmodellen waarbij de ecologische en landschappelijke kwaliteiten op die plekken worden versterkt en/of behouden. In het regioprogramma van de Groene Metropoolregio wordt benadrukt dat er bij een aantal gebieden, waaronder tussen Beuningen en Nijmegen, grote ruimtedruk is en dat er daarom een gebiedsproces gestart wordt. De regio zet in op maatregelen tegen droogte en wateroverlast bij de komgronden in de regio en wil daarom het grondwatergebruik beperken en de bodemkwaliteit van de komgronden vergroten. De regio zet ook in op verduurzaming van de landbouw en wil hiervoor kringlooplandbouw ondersteunen of gebiedsprocessen faciliteren in de landbouwhubs.

2.18 Energievisie Energiek Beuningen De Energievisie van de gemeente is in 2016 opgesteld en bestaat uit een beschrijving van de ambitie van de gemeente om in 2040 energieneutraal te zijn. Verder geeft het document aan hoe het staat met het energieverbruik in de gemeente in 2016, welke stappen gezet dienen te worden richting 2040 en de rol van de gemeente in dat proces. De gemeente heeft aangegeven dat ze al relatief goed bezig is met het opwekken van duurzame energie. Dat komt vooral door de afvalverbrandingsinstallatie van ARN. De gemeente gaat ervan uit dat ARN zal

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

19/26

CONCEPT blijven functioneren op het huidige niveau, maar geeft daarbij wel aan dat er meer moet gebeuren. Het belangrijkste uitgangspunt lijkt de plaatsing van tien windturbines te zijn in het landelijk gebied. De werkgroep windenergie heeft aangegeven dat de windturbines uiterlijk in 2025 operationeel moeten zijn en dat er tien stuks moeten komen. Op de kaart van figuur drie is met paars aangegeven welke gebieden geschikt zijn voor de plaatsing van de windturbines.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

Figuur 3: Potentiële locaties duurzame energie (bron: Energievisie Energiek Beuningen)

De werkgroep zonne-energie heeft aangegeven dat er vooral veel zonnepanelen op daken van huizen gebouwd moeten worden, maar dat er ook een veld met zonnecellen gebouwd moet worden. Dit veld zou bij de Lage Woerd gebouwd kunnen worden, maar over concrete locaties wordt nog niets vermeld. Deze visie is verouderd. Nu wordt gewerkt aan 5 windturbines en vier zonnevelden. Er zijn in het kommengebied vier locaties aangewezen (ook allemaal vergund) voor zon op veld in het Kommengebied. Er zijn vijf locaties in beeld voor windturbines, nadere uitwerking begint dit jaar. In de energievisie beschrijft de gemeente de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Om deze ambitie te bereiken wil de gemeente: Ruimte bieden aan vijf windturbines De windturbines komen in principe in het kommengebied nabij de A73. Vier locaties voor zon op veld zijn vergund in het kommengebied en in verschillende stadia van uitvoering. (zie overzichtskaart verwachte ruimtelijke ontwikkelingen in het kommengebied paragraaf 2.1).

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

20/26

CONCEPT 2.19 Mobiliteitsvisie Gemeente Beuningen In de mobiliteitsvisie beschrijft de gemeente op basis van een verkenning wat de huidige situatie is van de mobiliteit in de gemeente. Hierbij worden ook de verwachtingen voor de toekomst beschreven. Aan het einde van het document worden de ambities en doelen voor mobiliteit beschreven. Op basis van de conclusies uit de verkenning worden drie ambities opgesteld: verkeersveiligheid verbeteren, gezonde mobiliteit bevorderen en toekomstbestendigheid waarborgen. Bij verkeersveiligheid wordt benoemd dat de gemeente een passende wegencategorisering en een standaardaanpak voor onveilige verkeerspunten wil ontwikkelen, maar wat dat concreet betekent is nog onduidelijk.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

De gemeente wil ook het fietsnetwerk en voetgangersnetwerk herzien en bevorderen dat mensen sneller de fiets pakken. Daarnaast wil de gemeente toegankelijkheid van wegen behouden en vergroten. Voor de toekomstbestendigheid wil de gemeente de bereikbaarheid van de gemeente behouden, ondanks de nieuwe (woningbouw)plannen. Daarnaast wil de gemeente duurzame mobiliteit stimuleren door te kijken naar laadvoorzieningen en deelmobiliteit. In de mobiliteitsvisie schetst de gemeente voor het grootste deel de huidige situatie van de mobiliteit in de gemeente met behulp van een verkenning. Vervolgens worden op basis van die verkenning drie ambities opgesteld: verkeersveiligheid verbeteren, gezonde mobiliteit bevorderen en toekomstbestendigheid waarborgen. Deze ambities worden in algemene zin behandeld, maar leveren in deze visie geen concrete uitgangspunten op voor het kommengebied.

2.20 Mobiliteitsplan 2035 Gemeente Beuningen (concept) Het mobiliteitsplan is een verdere uitwerking van de mobiliteitsvisie. De drie doelen uit de mobiliteitsvisie: verbeteren van de verkeersveiligheid, bevorderen gezonde mobiliteit en waarborgen toekomstbestendigheid worden elk in een apart hoofdstuk verder uitgewerkt. De uitwerking is gericht op de toekomst tot 2035 en na het mobiliteitsplan volgt nog een uitvoeringsprogramma waarin prioriteiten en integraliteit met andere onderwerpen worden behandeld. Voor wat betreft de verkeersveiligheid wordt bij een aantal wegen snelheidsverlagingen overwogen en wordt gekeken naar het aanpassen van sommige wegen en kruispunten. Verder wordt vanwege de nieuwbouw een nieuwe ontsluitingsweg bij Ewijk West en Zuid onderzocht. Dit zal verder beschreven worden in het uitvoeringsprogramma en dit is wellicht relevant voor de Steeg en de Elsenpas in het kommengebied. Voor de gezonde mobiliteit legt de gemeente de nadruk op fiets- en voetgangers. Voor fietsers wordt gekeken of de huidige fietsroutes versterkt of verlengd kunnen worden. De gemeente heeft bijvoorbeeld de ambitie om het Batavierenpad langs de Van Heemstraweg door te trekken tot aan Druten. De gemeente ambieert ook twee nieuwe fietsroutes. De eerste via de Goudwerf richting Beuningen om de nieuwbouw van Ewijk te ondersteunen.

De andere vanaf de Wilhelminalaan via de Elsenpas richting de Groene Heuvels. Bij de laatste wordt overwogen om een deel van de Elsenpas autovrij te maken om fietsers een veiligere weg te bieden.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

21/26

CONCEPT Voor de toekomstbestendigheid wordt vanuit de Groene Metropoolregio gekeken naar mobiliteitshubs waar mensen makkelijk kunnen overstappen van auto op trein of bus. In het document wordt een zoeklocatie langs de A73 bij Beuningen genoemd. De gemeente ziet een kans om zo’n hub te gebruiken voor extra opstapplaatsen van buslijnen of een P&R locatie. In het mobiliteitsplan wordt aan de hand van de drie hoofddoelen besproken wat de gemeente wil bereiken ten aanzien van mobiliteit. De gemeente kijkt voor de verkeersveiligheid naar het verlagen van snelheden en het aanpassen van wegen en kruispunten. Ook onderzoekt de gemeente een nieuwe ontsluitingsweg voor de nieuwbouw in Ewijk.

14-05-2024nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-0524nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nlNL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-05-24nl-NL15-052414-05-2024 Versie 2

De gemeente legt voor de gezonde mobiliteit de nadruk op fiets- en voetgangers en de gemeente kijkt specifiek of de fietsroute Batavierenpad verlengd kan worden richting Druten en of er nieuwe fietsroutes kunnen ontstaan via de Goudwerf richting Beuningen en tussen de Wilhelminalaan en de Groene Heuvels via de Elsenpas. De gemeente overweegt om de laatste fietsroute autovrij te maken. Voor de toekomstbestendigheid wordt vanuit de GMR gekeken naar een mobiliteit hub bij de op- en afrit van de A73 bij Beuningen. Hier ziet de gemeente kansen voor extra opstapplaatsen van bussen en een P&R locatie.

2.21 Kijk op agrarisch Beuningen Werkgroep Agrarisch Beuningen is in juli 2022 tot stand gekomen door grote zorgen over stikstofbeleid en verschillende gebiedsvisies in de gemeente. De sector ziet ontwikkelingen bij elkaar komen en mist beleid voor agrarisch toekomstperspectief. De werkgroep is er voor alle agrariërs en ondernemers in het groen in de gemeente Beuningen. Zij heeft een ‘kijk op agrarisch Beuningen’ opgesteld waarin zij aangeeft wat haar zorgen, wensen en ambities zijn voor agrarisch Beuningen. De gemeente wordt hierin opgeroepen om te komen met een lokaal en integraal toekomstperspectief voor het buitengebied. Het document loopt verschillende aspecten langs. -

-

Ruimte: Voor een gezonde en sterke agrarische sector in de gemeente Beuningen is ontwikkelingsruimte van groot belang, om allerlei redenen (meer grondgebonden veehouderijen, extensivering, meer biodiversiteit, kortere voedselketens, veevoer van dichtbij, en samenwerkingen met collega’s). Andere opgaven beperken in de gemeente Beuningen juist steeds meer de ruimte voor de agrarische sector. Individuele bedrijven hebben meer areaal nodig, maar dan is ook toekomstperspectief nodig, waarvoor boeren een lokaal integraal gebiedsperspectief een belangrijk instrument kan zijn, aldus de werkgroep, met als wenkend perspectief een betere Beuningse landbouwstructuur. Om de maatschappelijke wensen aan landbouw te kunnen voldoen, stelt de werkgroep in feite een aantal voorwaarden, zoals zorgvuldige omgang met landbouwgrond, nieuwe verdienmodellen, behoud van zo veel mogelijk landbouwareaal, etc. Agrarische functies: Er is voldoende schaal en ruimte nodig in bouwblokken om moderne agrarische functies rendabel te krijgen. Vrijkomende landbouwgrond moet volgens de werkgroep agrarische bestemming behouden. Ook aan verbreding met nevenactiviteiten (recreatie, zorg en detailhandel op de boerderij) moet door de gemeente ruimer beleid en een faciliterende/ regulerende aangehouden worden.

Documentreferentie Dd8fdkQd68.docx

22/26

CONCEPT -

-

-

VAB-beleid moet volgens de werkgroep zorgen voor mogelijkheden om te kunnen slopen en bijvoorbeeld rood voor rood aan de randen van de kernen te stimuleren. Optimalisatie en ontwikkeling van bedrijven: strategische keuzes bedrijven mogelijk maken Lokale marktkansen: belemmeringen voor thuisverkoop zoveel mogelijk wegnemen Natuur en landschap: agrarische ondernemers betrekken bij beheer natuur en hen hiervoor belonen. Volgens werkgroep is er geen verdere uitbreiding nodig, maar kan wel inspelen op lokale specifieke wensen. Werkgroep vindt het van belang dat boeren de regie houden over landschapselementen en ook kunnen gaan verdienen aan het beheer ervan. Arbeid, personeel en huisvesting: goede huisvesting van seizoensarbeiders, liefst mogelijk maken op eigen bedrijf. Behoud verdienmodel lage emissies: werkgroep wil niet gekort worden op dieraantallen of afgerekend worden op onrealistische aantallen, en in gesprek over het toekomstperspectief, kavelruil stimuleren en ruimte krijgen voor innovatieve oplossingen. Gebiedsprocessen: de werkgroep constateert verschillende gebiedsprocessen zonder integrale agenda en getrechterd overzicht. o Wonen en industrie: voorkeur eerst te kijken binnen de kernen voordat wordt gekeken naar het buitengebied. o Mobiliteit en infrastructuur: zuidelijke structuurweg onder Ewijk die het kommengebied doorsnijdt wordt als bedreigend ervaren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=210e2830-96f6-4adf-8484-0250b0ecce05