Bijlage 2 Groenbeleidsplan Beuningen
Tekst van het document
kleine geriefhoutbosjes. Bij de inrichting van het gebied houden we rekening met soorten die zich van nature thuis voelen in het oeverwallengebied: vogels als de patrijs en steenuil,
Afwijken van het richtgetal
amfibieën als de kamsalamander en knoflookpad en de kleine martersoorten (bunzing, wezel en hermelijn). Bij de aanplant kiezen we voor soorten die horen bij het landschap:
Lager dan het richtgetal groen
Hoger dan het richtgetal groen
inheemse gebiedseigen soorten, soorten van het hardhoutooibos en oude hoogstamrassen. Ook opkomende vormen van landbouw zoals een voedselbos, grondstoffenteelt voor
Woonkavels zijn groter dan 500 m2
Afwijkend ambitieniveau zoals
biobased bouwen en/of economie behoren ook tot de mogelijkheden.
Binnen 200 meter afstand is bruikbaar
vastgelegd in een Programma van
en toegankelijk groen aanwezig.
Eisen.
Streefbeeld inrichting landschapszones in het kommengebied
Weinig nevenfuncties.
De komgronden zijn veel later ontgonnen dan de oeverwallen en daarom veel planmatiger
Afwijkend planconcept, goedgekeurd
van opzet. Ze liggen lager dan de oeverwallen en zijn daardoor natter. Het gebied kent
door de gemeente.
een strokenverkaveling met lange kavels (kleiner van oppervlak dan op de oeverwallen),
Tabel 3: Principes richtgetal groen
61
1 planmatig van opzet en van elkaar gescheiden door sloten. Sommige kavels werden
voor de toepassing van bomen om de kwaliteit van groen in de wijk te vergroten. De aanplant
gemarkeerd door knotbomen. Percelen kunnen worden ingericht als kruidenrijk hooiland.
van bomen in verharding is een optie, mits wordt geïnvesteerd in een goede groeiplaats
Hier en daar kunnen rechte bospercelen of grienden (een vochtige akker waarop wilgenhout
boven- en ondergronds (die minimaal geschikt is voor een boom van de tweede grootte).
verbouwd wordt) gerealiseerd worden. Bij de inrichting van het gebied houden we rekening met soorten die zich van nature thuis voelen in het kommengebied, zoals de
We brengen in basiswijken bij vervanging van bomen minimaal een vergelijkbaar areaal en
grote modderkruiper en weidevogels. Bijvoorbeeld door weides te verlagen en daarmee te
kwaliteit terug
vernatten en natuurvriendelijke oevers te realiseren. Bij de soortkeuze voor de aanplant van
In basiswijken willen we de bestaande kwaliteit behouden door bij vervanging en
bossen nemen we de natuurlijke bosgemeenschappen als referentie.
reconstructie hetzelfde aantal bomen van dezelfde of betere kwaliteit terug te brengen.
We breiden bestaande landschappelijke structuren waar mogelijk uit met nieuw functioneel
We behouden in groene wijken bij vervanging van bomen de kwaliteit en uitstraling van de
en hoogwaardig groen
wijk
Een passende beplanting langs wegen in het buitengebied kan de landschapstypes
In groene wijken willen we het groene karakter en de kwaliteit van de wijk behouden door
herkenbaarheid geven en de samenhang van het landschap inzichtelijk maken.
toepassing van bomen binnen de beschikbare ruimte.
Waaloeverwallen: wegbeplantingen zijn belangrijke elementen in het kleinschalige landschap. Ze versterken het onregelmatige, historisch gegroeide wegenpatroon.
We compenseren openbaar groen dat verdwijnt
Z
In de Koningstraat is de beplanting op sommige plekken onderbroken en moet voor een
Wanneer openbaar groen verloren gaat door inbreiding of bijvoorbeeld de aanleg of
goede herkenbaarheid een doorgaande beplanting worden aangebracht.
uitbreiding van een inrit wordt één op één gecompenseerd. Dus een boom voor een boom
Komgronden: de grootschaligheid en het rationele patroon van de kommen kent lange,
en oppervlakte voor gelijkwaardige oppervlakte of minder oppervlakte met compensatie in
rechte, lokale wegen. Deze kunnen worden versterkt met wegbeplantingen.
kubieke meters. Wanneer de initiatiefnemer niet kan compenseren met gelijkwaardig groen,
Z
Beplante wegen houden we in stand.
dan is het mogelijk te compenseren met een geldelijke bijdrage die in verhouding staat tot
Z
Wegen of delen van wegen in het kommengebied die onbeplant zijn vullen we aan met
het verloren groen. Dit geld wordt ingezet voor aanleg of beheer van groen ergens anders.
wegbeplantingen. Z
Weteringen worden - buiten de vier meter-zone van het Waterschap - zichtbaar gemaakt door een lage oevervegetatie met opgaande struiken en hier en daar een boom.
Bovenlokale wegen: regionale of rijkswegen doorsnijden lokale patronen. Z
A73: alleen de op- en afritten en de kruisingen met het lokale wegenpatroon zijn beplant. -zdd
Rijkswaterstaat wil de zuidkant van de weg gaan beplanten. Z
A50: uitgangspunt is het herkenbaar maken van de doorsnijding van de verschillende landschapstypen.
We planten in grijze wijken bomen met een betere kwaliteit, wat betekent dat er meer
:
Ss
mmss
geïnvesteerd moet worden in de ondergrondse groeiplaats
Door de krappe stedenbouwkundige opzet is 1000Zo herplant van bomen in grijze wijken niet haalbaar. Het is bij reconstructie en vervanging daarom noodzakelijk minder bomen toe te passen , maar wel met een betere kwaliteit. We zoeken dus bewust naar goede mogelijkheden
' LŪĴi 4*'*-
Afbeelding 57: weteringen worden in de toekomst zichtbaar gemaakt met beplantingen.
62
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
Welke acties zíjn nodig om het beleid uit te voeren? De kansen per deelgebied in kaart brengen met daaraan gekoppeld een prioriteit in uitvoering. Bepalen aan welke kwaliteitseisen beplanting moet voldoen om hoogwaardig te zijn: o
Uitgangskwaliteit: kweekmethode (duurzaamheid/milieubelasting), herkomst en maat.
o
Groeiplaatskwaliteit: ondergrondse ruimte, bodem en bovengrondse ruimte.
o
Toekomstkwaliteit: omlooptijd gerelateerd aan reconstructie.
o
Beeldkwaliteit: bijdragend aan sfeer en beleving door bijvoorbeeld geur, kleur en sierwaardes.
o
Beheerkwaliteit: niveau A, B of C en beschikbare budgetten.
o
Maatschappelijke kwaliteit: hoeveel voordeel de beplanting levert voor de maatschappij.
Borgen aan welke functies nieuw groen moet voldoen (wensen en eisen): om te borgen wat we verstaan onder functioneel groen moeten we de effecten die we willen en verwachten van het groen beschrijven bij aanvang van een groenproject.
63
M Samen met onze bewoners Waar willen we naartoe?
Kans: proactief communiceren
Inwoners van onze gemeente ervaren het openbaar groen en de uitstraling van
Door voorafgaand aan de werkzaamheden goed uit te leggen waarom we voor een bepaald
de leefomgeving iedere dag. Met hun ervaringen, ideeën, inbreng en participatie in beheer
beheer kiezen ontstaat meer begrip bij bewoners. Want bloemrijke bermen zijn juist gebaat
kunnen we beter werk leveren en zorgen voor een hogere kwaliteit en functionaliteit van
bij maaien in het voorjaar om de grassen te onderdrukken. En het vellen van bomen is soms
de openbare ruimte. Gemeente Beuningen betrekt haar bewoners daarom graag bij de
nodig vanwege de veiligheid. De gemeente kan winst halen door beter te communiceren.
ontwikkeling van plannen om te helpen onze gemeente duurzamer, prettiger en gezonder in te richten. Dat doen we op verschillende manieren, waarbij we telkens kijken naar wie op
Risico: bewoners willen niet hetzelfde
welke manier het beste kan bijdragen.
Onderlinge verschillen in de wijk kunnen tot wrijving zorgen. De één wil bijvoorbeeld graag een voetbalveldje voor de kinderen, de ander ervaart er overlast van. De gemeente wordt dan scheidsrechter tussen de bewoners, een positie die niet wenselijk is. Ook kan het voorkomen
Waar staan we nu?
dat een kleine groep hard lobbyt voor een project, terwijl er geen draagkracht is bij de grotere groep die zich niet laat horen. Een neutrale derde partij kan in deze gevallen uitkomst bieden.
De inrichting en het onderhoudsniveau van het gemeentelijk groen hebben een grote invloed op het algehele straatbeeld en daarmee de uitstraling van de persoonlijke leefomgeving van onze inwoners. Daarbij komt dat iedereen eigen ideeën heeft over groen: sommigen vinden dat groen wild en natuurlijk mag zijn, anderen zien het graag netjes en overlastvriendelijk. Het is daarmee een weerspiegeling van persoonlijke waarden. Dit maakt dat bewoners een sterke mening hebben over het openbaar groen; het verklaart de dagelijkse klachten, meldingen en persvragen over groen en bomen. En ook de vele groene bewonersinitiatieven en groene vrijwilligers.
Risico: geen bestendigheid Het ondersteunen van initiatieven van bewoners vraagt tijd en geld van de gemeente. Wanneer zo’n initiatief een succes is, is het de investering waard. Maar bewoners onderschatten vaak hoeveel tijd een project kost of krijgen te maken met veranderende (gezins-)omstandigheden en daardoor minder tijd. Dan komt het project terug bij de gemeente en vraagt het meestal om omvorming naar een ander project dat beter beheersbaar is. Dat betekent een dubbele investering.
Wat zijn de kansen en risico's? Kans: betrekken groene clubs De gemeente Beuningen kent een aantal actieve groene vrijwilligersclubs die zich inzetten
tót'
If;
I. ; p*
■j
voor een groen Beuningen. De groene vrijwilligers kunnen meer betrokken worden bij
i '
de uitvoer van het groenbeheer. Met name daar waar maatwerk bij kan dragen aan de landschappelijke of ecologische kwaliteit van het groen. ÊĒĒÊW
Kans: particulier groen behouden en stimuleren
^ ~’"V
Particulier groen is belangrijk, mooi en vaak cultureel waardevol; denk bijvoorbeeld aan de oude hoogstamboomgaarden in particulier bezit. De gemeente wil voorkomen dat groen op particuliere terreinen verdwijnt en daarvoor in samenspraak met de groene clubs
35a
inventariseren, voorlichten en ondersteunen. Afbeelding 58: participerende bewoners
64
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
Risico: participatie is te ingewikkeld
woon- of leefgebied raken. En we investeren daarbij in zorgvuldige, tijdige en continue
Participatie is een relatief nieuw gereedschap voor een gemeente. Er zijn inmiddels talloze
communicatie over onze activiteiten. Gemeente Beuningen heeft haar beleid betreffende
voorbeelden van en mogelijkheden tot participatie, van heel eenvoudig tot vrij ingewikkelde
participatie in een apart document vastgelegd. Het meest actuele document is hierin leidend.
processen. De valkuil is dan dat betrokkenen teveel willen binnen te weinig tijd. Door de juiste verwachtingen te scheppen bij de participanten, zal de uitkomst daarmee stroken.
We stimuleren inwoners die betrokken willen zijn bij het groenbeheer
Wanneer bewoners een groenvak willen adopteren dan is dat onder voorwaarden mogelijk. Risico: lange looptijd van projecten
We leggen de afspraken vast in een beheerovereenkomst.
Een andere uitdaging is het enthousiast houden van bewoners voor participatie. ‘Participatiemoeheiď kan resulteren in weinig draagvlak aan het begin van het proces. En
We bieden onze inwoners een handreiking voor initiatieven in de vorm van een stappenplan
gemeentelijke projecten kennen vaak een lange looptijd, waardoor bewoners halverwege de
Gemeente Beuningen wil samen met haar inwoners de omgevingsvisie waarmaken en hen
participatie afhaken. Het managen van verwachtingen is dus in iedere vorm van participatie
daarom uitnodigen tot initiatieven die passen binnen de visie. Het stappenplan 'ik heb een
de sleutel voor succes.
plan’ geeft handvatten voor ieder plan dat niet binnen het omgevingsplan past. De gemeente blijft wel regisseur en bepaalt spelregels, richtlijnen en beschikbare budgetten.
De gemeente Beuningen wil de inbreng en hoge mate van persoonlijke betrokkenheid van haar bewoners graag gebruiken om beter werk te leveren en de kwaliteit van de openbare ruimte te verhogen.
We bieden onze bewoners duidelijke protocollen voor de afhandeling van klachten en verzoeken
Gemeente Beuningen wil een goede balans tussen dienstbaar zijn aan haar bewoners en het waarborgen van een toekomstbestendige groene openbare ruimte. In het geval van klachten over openbaar groen hanteert de gemeente de volgende basisprincipes: 1.
Bestaand groen blijft in principe behouden. Door het belang van groen voor de leefomgeving en door jarenlange investeringen in openbaar groen is de gemeente zeer terughoudend in het verwijderen ervan.
2.
Subjectieve redenen - zoals overlast van schaduw of vallend blad - zijn geen reden om
3.
Goed gemotiveerde, objectieve klachten kunnen leiden tot aanpassingen. Er moet dan
het groen of het beheer ervan aan te passen. sprake zijn van een situatie die niet voldoet aan de kwaliteitseisen van de gemeente. De
Kansen benutten en risico's aanpakken
oplossing ligt in eerste instantie in beheermaatregelen. 4.
Groenstructuur op gemeente- of wijkniveau wordt zwaarder beschermd dan het groen op buurt- of straatniveau. De diverse niveaus zijn op de groenstructuurkaart terug te vinden.
We geven onze inwoners inspraak over hun woon- en leefgebied
5.
in de directe omgeving. Een klein groenvak in een stenige omgeving heeft een groter
Integrale samenwerking en partnerschap zijn onmisbaar voor duurzame ruimtelijke ontwikkeling. Veel bewoners zijn betrokken bij hun leefomgeving en willen hier graag aan meewerken of over meedenken. Gemeente Beuningen zorgt voor goed ingerichte participatieprojecten voor haar inwoners. We betrekken mensen bij beslissingen die hun
Het belang van een groenelement hangt af van de hoeveelheid en kwaliteit van het groen belang dan een vergelijkbaar groenvak in een groene omgeving.
6.
Mocht een objectieve klacht leiden tot een aanpassing aan de inrichting of het beheer van groen, dan blijft het groenvak behouden. Mocht een objectieve klacht leiden tot het rooien van een boom, dan planten we een nieuwe, minder overlast gevende boom terug.
65
İA
Een uitwerking van subjectieve klachten, objectieve klachten en handelswijze van de gemeente staat in bijlage E - Protocol verzoeken en klachten over groen.
Belangrijke randvoorwaarden voor participatie Een succesvolle participatie staat of valt met een gedegen voorbereiding en een juiste volgorde: 1.
Doel: het formuleren van de probleemstelling of het doel van de participatie. Bijvoorbeeld: hoe moeten we een vrijgekomen budget voor de openbare ruimte besteden? Of, hoe en waar moeten we bomen die we willen kappen vervangen?
2.
\r
Belofte: formuleren wat de gemeente gaat doen met de uitkomst van de participatie. Is die informerend, adviserend, sturend of bindend (of iets daartussenin)?
3. Vorm: bepalen wat de vorm wordt van de participatie. Bijvoorbeeld een enquête, inloopavond of inspraakavond, het online reageren op plannen, enzovoort. 4.
Oproep: de doelgroep bepalen, zorgen dat zij de uitnodiging ontvangen en zich geroepen voelen erop te reageren.
5.
Participatiefase: zorgen dat de opkomst hoog is en dat iedere burger zijn of haar stem kan
ýl
j
laten horen. Eerlijk zijn over de mogelijkheden en onmogelijkheden. In het geval van een fysieke of digitale bijeenkomst zorgen voor een draaiboek, zodat de bijeenkomst goed verloopt.
urn
wi
6. Analyse en uitvoering: de uitkomsten van de participatie op een rij zetten en afhankelijk van de belofte overgaan tot uitvoering. 7.
Afbeelding 59: Bepalen wat de vorm wordt
Nazorg: bewoners laten weten wat er met de input gedaan is en aantonen hoe de participatie het verschil heeft gemaakt in hun eigen leefomgeving.
Door deze stappen te volgen zullen de verwachtingen kloppen met de uitkomsten en bewoners gestimuleerd zijn om een volgende keer weer mee te doen. 0
ts
Afbeelding 60: Zorgen dat de opkomst hoog is
66
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
o
Welke acties zíjn nodig om het beleid uit te voeren?
Het (jaarlijkse) budget bepalen om groene initiatieven te ondersteunen. Communicatie naar de bewoners bepalen en informatie bundelen voor klachtenafhandeling. Wijkcoördinatoren informeren over de mogelijkheid tot groene initiatieven. ^ Bepalen wanneer de participatie via de gemeente loopt en wanneer via een extern bureau (grootte of complexiteit van de projecten). Bepalen welke vorm van participatie bij welke projecten thuishoort. Aan tafel gaan met groene vrijwilligersclubs om kansen en initiatieven in kaart te brengen en elkaar regelmatig opzoeken wanneer dit relevant is.
X Uitvoeringsprogramma
68
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
- 69 -
r
Bijlage A - Landschapselementen Landschapselement
Kans voor
Inrichting/voorwaarde/beheer
Water zonder open rivierverbinding, zoals poelen, wielen/
Flora en fauna van niet stromend water, zoals de
Goede waterkwaliteit.
waaien en strangen (nevengeulen).
krabbenscheer.
Natuurlijk, zeer snelgroeiend rivierbos (ooibos) dat tegen
Bijzondere plantengroepen en vogels zoals fitis, blauwborst,
periodieke overstroming kan, met soorten als wilg, populier
nachtegaal, wielewaal en tjiftjaf.
Geen dunning of kap. Regelmatige overstroming.
en iep. Stroomdalgraslanden: open, grazige begroeiingen op droge,
Schaars geworden loopkevers, spinnen, bijen en
Begrazing om openheid te behouden. Erosie en
voedselarme, zandige en kalkhoudende stroomruggen,
spinnendoders. Karakteristieke planten als zachte haver,
sedimentatie.
oeverwallen en rivierduinen langs de rivier (Ewijkse plaat).
sikkelklaver, veldsalie, geoorde zuring.
Vochtig grasland
Ontwikkeling tot biodivers kruidenrijk grasland, eventueel
Hoge grondwaterstand met weinig wisselingen, geen
met behoud van agrarische functies. Kans voor weidevogels.
bemesting of enkel met ruige mest, gefaseerd maaien.
Wegbeplanting/lanen/wegbermen
Stapstenen voor flora en fauna zodat het verspreidings
Een rijke ondergroei en het inbrengen van andere soorten
gebied vergroot. Oude lanen zijn van groot belang voor
zodat de weerbaarheid tegen ziektes en plagen groter wordt
vleermuizen, in de gaten en spleten wonen de dieren.
en er voor meer soorten voedsel en onderdak te vinden is.
Ook gebruiken vleermuizen laanstructuren als dekking,
Gefaseerde vervanging, zodat oriëntatie voor vleermuizen
foerageergebied en verbinding tussen verblijfplaats en
niet wordt verstoord.
foerageergebied. Poel
Planten en dieren die afhankelijk zijn van water en plas-dras
Stilstaand water, voor salamanders is een maximale diepte
zones, zoals padden, salamanders en libellen. Drinkplaats
van 1 meter beneden de laagste grondwaterstand nodig.
voor vogels en zoogdieren.
Ligging bij voorkeur niet beschaduwd en in grasland of enkele meters van de bosrand. Periodiek oevers onderhouden.
Oever/waterkant
Oeverplanten, vogels, insecten, vissen en amfibieën.
Geleidelijke overgang van water naar land. Delen met ondieper water met lagere stroomsnelheid.
70
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
Landschapselement
Kans voor
Inrichting/voorwaarde/beheer
Akker (pachtgronden)
Vogels, kleine zoogdieren en insecten.
Het beplanten van akkerranden, slootranden en overhoeken met bloemenmengsels. Strokenteelt. Het werken met groenbemesters in plaats van dierlijke mest. Het in stand houden van de vruchtbare laag met bodemleven door alternatieve ploegmethodes te gebruiken, zoals bovenover ploegen, oflac ecoploeg of niet kerende grondbewerking.
Droog/vochtig bosje
Vogels en kleine zoogdieren.
Weinig ingrijpen, dood hout laten liggen. Inhammen creëren om een randbegroeiing te stimuleren.
Hoogstam fruitboomgaard
Kans voor vogels, insecten, vleermuizen, kleine zoogdieren
Een haag, kruidenstrook en bladstrooisellaag kunnen meer
en uilen.
dan 850Zo van de biodiversiteit van een fruitboomgaard bevatten.
Erfbeplanting
Eilanden in het landschap. Huisvesting en
Natuurvriendelijk beheer. Bloeiende en vruchtdragende
voedselvoorziening voor vogels, insecten en kleine
planten.
zoogdieren. Haag
Kwelbos
Knotboom (knot-es, knotwilg, knotpopulier)
Huisvesting voor vogels en insecten. Migratieroutes voor
Gebiedseigen soorten gebruiken. Bij voorkeur gemengde
kleine zoogdieren.
hagen gebruiken.
Bij Winssen komt tussen de dijk en de Biezenwaard
Het bostype is vaak rijk in structuur en kent een opvallende
kwelwater omhoog. Vroeger was dit hoogstwaarschijnlijk
voorjaarsflora. Om de structuur gevarieerd te houden is het
een griend, nu is het een uniek en waardevol kwelbos met
van belang enige openheid te behouden, zodat de struiken
populieren en wilgen.
en kruidenlaag voldoende licht krijgt.
Vooral oude knotbomen bieden kansen voor een bijzondere
Regelmatig knotten (in Beuningen wordt om de drie jaar
flora en fauna, zoals mossen, varens, paddenstoelen.
geknot). Een onderbegroeiing van kruiden verhoogt de
steenuilen, kleine knaagdieren en insecten.
biodiversiteit ter plekke.
è 71
Bijlage B - Randvoorwaarden klimaatadaptief groen Soortkeuze in de stedelijke omgeving:
Kanttekening: gebruik siergrassen terughoudend. Er komen steeds meer berichten dat
V
De soort is bestand tegen droogte, hitte en vorst.
bepaalde soorten zich uitzaaien in de natuur. Siergrassen verdringen andere planten snel
V
Bij plaatsing langs een weg is een soort bestand tegen strooizout.
door hun groeiwijze.
V
De soort is: a. Een klimaatbestendige inheemse soort.
Randvoorwaarden in standplaats:
b. Een klimaatbestendige cultivar van een inheemse soort.
V
tot nul is (bijvoorbeeld bij steriele soorten die niet uitstoelen).
Bepaal de omlooptijd van de beplanting, waarbij gestreefd moet worden naar een zo lang mogelijke omlooptijd.
c. Een klimaatbestendige uitheemse soort waarbij de kans op invasief zijn zeer klein V
Geef beplanting voldoende onder- en bovengrondse groeiplaats om gedurende de omlooptijd te kunnen groeien.
Soortkeuze in de landschappelijke omgeving:
V
V
V
Gekeken wordt naar de plaatselijke omstandigheden en dan met name naar De soort is bestand tegen hitte en vorst, en waar nodig tegen droogte.
V
De soort is:
Laat blad waar mogelijk liggen of verhoog het organisch stofgehalte van de bodem op een andere manier (mulch, biochips).
grondwaterstanden of nabijheid van oppervlaktewater. V
Zorg voor een obstakelvrije ondergrondse zone volgens het Norminstituut Bomen.
V
Bundel kabels en leidingen waar mogelijk of leg ze in mantelbuizen.
a. Een klimaatbestendige inheemse soort op droge plekken. b. Een inheemse soort op vochtige plekken. c. Een klimaatbestendige uitheemse soort waarbij de kans op invasief zijn nul is (steriele soorten). d. Een uitheemse soort die zich alle vele eeuwen heeft bewezen in Nederland.
Soortkeuze in uiterlijke kenmerken: V
Bomen met groot blad verdampen meer water en geven meer schaduw dan bomen met klein blad.
V
Bomen met een groot opgeteld bladvolume verdampen meer water en geven meer schaduw dan bomen met een klein opgeteld bladvolume.
V
Grote bomen verdampen meer water en geven meer schaduw dan kleine bomen.
V
Heesters dragen wel bij in verdamping en het vasthouden van water in de bodem, maar hebben veel minder schaduwwerking.
V
Vaste planten dragen iets bij in verdamping en het vasthouden van water in de bodem, maar hebben nauwelijks schaduwwerking.
V
Een gazon draagt nauwelijks bij aan het verminderen van klimaateffecten. Eenmaal opgedroogd reflecteert het dezelfde hoeveelheid hitte als een klinkerbestrating.
72
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
A
Bijlage C - Instrumentarium 1: Is het groenelement voor minimaal
Bomenverordening
5007o zichtbaar vanuit de openbare
Voor de gemeente is de Bomenverordening het belangrijkste instrument om zowel
ruimte?
nee
Niet opnemen op de Groene Kaart
nee
Niet opnemen op de Groene Kaart
gemeentelijke als particuliere bomen te beschermen. Een belangrijk kenmerk aan het ontheffingen- en vergunningenstelsel in de Bomenverordening is de mogelijkheid tot bezwaar. Als een boom onder het kapverbod valt, kunnen belanghebbenden bezwaar maken. In het bepalen van een passende verordening is dan ook de balans gezocht tussen:
2: Voldoet het aan één of meer
Z
de gemeentelijke verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor een fraaie, gezonde leefomgeving met bomen;
criteria?
Z
de wens om bewoners niet onnodig te belasten met regelgeving;
Z
de wens om bewoners bezwaarmogelijkheid te bieden bij de omgang met de gemeentelijke bomen. 3: Groenelement opnemen op de
Systematiek bescherming
Groene Kaart
De Raad heeft gekozen voor de volgende systematiek (kenmerk Raadsvoorstel: 10.01466): Z
Alle particuliere houtopstanden vallen buiten het kapverbod van de Bomenverordening, behalve waardevolle en monumentale bomen (let op: particuliere houtopstanden kunnen nog wel beschermd zijn door middel van de Wet Natuurbescherming of het
Status groenelement ‘waardevol’ 4: Is het groenelement landelijk
bestemmingsplan buitengebied). Z
geregistreerd bij de Bomenstichting?
De gemeente legt waardevolle en monumentale bomen vast op een zogenaamde Groene Kaart. Dit zijn zowel gemeentelijke als particuliere bomen.
Z
Bomen op de Groene Kaart vallen onder het kapverbod.
Z
Alle gemeentelijke bomen met een omtrek vanaf 95 centimeter vallen onder het
Status groenelement ‘monumentaal’
kapverbod. Z
Monumentale en waardevolle bomen zijn zo bijzonder dat daarvoor het principe 'neetenzij’ geldt. Deze bomen mogen alleen weg in zeer uitzonderlijke situaties. Daarvoor geldt een ontheffingsstelsel.
Z
Gemeentelijke bomen mogen alleen worden gekapt na zorgvuldige afweging van belangen. Het principe hierbij is ja-mits’. Toestemming voor kap gebeurt dan ook via een
Motivering systematiek Voor deze systematiek is gekozen om de volgende redenen: Z
Bewoners van de gemeente worden niet onnodig belast met regelgeving.
Z
De meest waardevolle bomen blijven toch goed beschermd.
Z
Het is een duidelijk systeem: iedere particuliere boomeigenaar van een beschermde
vergunningenstelsel.
houtopstand wordt hiervan persoonlijk op de hoogte gebracht. Z
Om te beslissen of en hoe een groenelement op de Groene Kaart wordt opgenomen geldt de beslisboom rechts.
Bewoners hebben bezwaarmogelijkheid wanneer de grotere gemeentelijke bomen (omtrek vanaf 95 centimeter) worden gekapt.
Z
De boombeheerder houdt grip op het gemeentelijk bomenbestand. Alleen na zorgvuldige afweging mogen gemeentelijke bomen worden gekapt en de boombeheerder wordt daarbij geraadpleegd.
73
r
C Aanvraag
Ontheffingsstelsel Voor monumentale en waardevolle bomen geldt een ontheffingsstelsel. Dat is een zwaarder
De aanvrager moet aantonen dat: Z
alternatieven, zoals inpassing of verplanting, onhaalbaar zijn fysiekruimtelijke, sociaal-economische en/of maatschappelijke eisen;
bomen kan alleen toestemming worden verleend als:
Z
een deskundige heeft geoordeeld dat de boom onveilig is of;
Z
Z
beschermingsregime dan een vergunningenstelsel omdat monumentale bomen een hogere status hebben dan waardevolle bomen. Voor de kap van monumentale en waardevolle alternatieven om de boom te sparen redelijkerwijs niet mogelijk zijn;
Z Z
het verwijderingsbelang opweegt tegen het duurzaam behoud van het groenelement.
Bij het wegen van het verwijderingsbelang versus het duurzaam behoud van de boom, werkt de gemeente Beuningen volgens onderstaand schema. Dit geeft de principes weer. Uiteraard vergt elke beoordeling maatwerk.
de verwijdering van de boom bijdraagt aan fundamentele waarden zoals bijvoorbeeld veiligheid, volksgezondheid of milieu of een groot sociaal-economisch belang dienen en;
er sprake is van een situatie waarbij het naar boomdeskundige maatstaven niet langer verantwoord is de boom te handhaven omdat deze schade of letsel kan veroorzaken of;
op grond van
Z
het belang geldt voor een lange termijn.
Monumentale bomen hebben een dusdanig hoge waarde, zelfs op nationaal niveau, dat het ervaren van overlast geen reden kan zijn voor een ontheffing.
Vergunningenstelsel Voor gemeentelijke bomen geldt een vergunningenstelsel. Toestemming voor kap van
Status
Prioriteit laag
Prioriteit middel
Prioriteit hoog
Kernwoorden
Z
Tijdelijk effect
Z
Z
Z
Korte termijn
deze bomen kan worden geweigerd als de belangen van verlening niet opwegen tegen de belangen van behoud op basis van de volgende waarden :
belang Z
Niet-
Z
zwaarwegend belang
Algemeen
Zwaarwegend
maatschappelijk
algemeen
belang
maatschappelijk
Zwaarwegend
belang
individueel
Z
Blijvend effect
belang
Z
Lange termijn
Z
Blijvend effect
Z
Lange termijn
1.
plek. Het groene karakter gaat sterk achteruit bij verlies van de boom en dit kan niet worden gecompenseerd door overig groen in de omgeving. 2.
Waardevol
Ontheffing weigeren Ontheffing weigeren
Ontheffing weigeren Ontheffing verlenen
cultuurhistorische waarden De boom draagt bij aan de lokale, historische identiteit en het historisch besef. Van
belang
de boom is vastgelegd dat deze is geplant vanwege een bijzondere gebeurtenis of vanwege historisch nut. Of de waarde van de boom is onlosmakelijk verbonden met een
belang Monumentaal
waarden van beeldkwaliteit De boom markeert de plek door zijn omvang en is sterk bepalend voor de sfeer van de
historisch of monumentaal gebouw. Voorbeelden zijn herdenkingsbomen, bakenbomen, markeringsbomen, kapellenbomen, knotbomen en leibomen.
Ontheffing verlenen Ontheffing verlenen
3.
De boom biedt huisvesting aan een bij wet beschermde soort of maakt onderdeel uit van
Tabel4:Afweging ontheffingsplichtige bomen
Prioriteit hoog: zwaarwegend algemeen maatschappelijk belang waaronder redenen van
natuurwaarde essentieel leefgebied van een beschermde soort.
4.
bijzondere waarde
sociale of economische aard. Het bouwwerk of de aanleg moet in ieder geval bijdragen aan
De boom is bijzonder als gevolg van een weinig voorkomende soort, groeivorm of
fundamentele waarden zoals bijvoorbeeld veiligheid, volksgezondheid of milieu of een groot
snoeiwijze.
sociaal-economisch belang dienen. Het belang geldt voor een lange termijn.
5.
landschappelijke waarde
Prioriteit middel: enig algemeen maatschappelijk belang of zwaarwegend individueel
De boom groeit in het buitengebied en levert door zijn aanwezigheid een belangrijke
belang, van niet-tijdelijke aard.
bijdrage aan het landschap. Of de boom versterkt of begeleidt een ander belangrijk
Prioriteit laag: tijdelijk maatschappelijk belang of niet-zwaarwegend individueel belang.
landschappelijk element, of vormt een belangrijke oriëntatiepunt in het gebied.
74
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
A
Hoewel het beschermingsniveau bij gemeentelijke bomen wat lager ligt dan bij monumentale
gemaakt, kan worden overgegaan tot een noodprocedure. De gewone procedure tot het
en waardevolle bomen, is de gemeente toch terughoudend in het verlenen van een
verlenen van een ontheffing of een kapvergunning zou teveel tijd in beslag nemen. De
vergunning. Het gaat immers om bomen die een algemeen belang dienen. Bij de afweging of
gemeente gaat bij acute onveilige situaties over tot de procedure noodkap. In dat geval
een vergunning kan worden verleend worden de belangen tot boombehoud en de motivering
kan de boomdeskundige in samenspraak met de afdeling 'belastingen en buitenruimte’
om te verwijderen heel zorgvuldig tegen elkaar afgewogen. Als overlast de motivering is voor
toestemming geven tot de kap. Omwonenden worden als dat mogelijk is vooraf op de hoogte
een kapaanvraag hanteren wij het klachtenprotocol (zie bijlage E - Protocol verzoeken en
gesteld. Een bezwaarprocedure vooraf aan de noodkap is niet mogelijk. Bezwaar achteraf
klachten over groen).
is mogelijk door een bezwaarschrift binnen zes weken in te dienen. Noodkap moet daarom worden gemotiveerd en gedocumenteerd met bewijslast, zoals bijvoorbeeld foto’s van de
Herplant
situatie voor de kap.
Bij zowel een vergunning als een ontheffing bestaat de mogelijkheid om een herplantplicht op te leggen. De gemeente Beuningen maakt hierbij onderscheid tussen particuliere boomeigenaren en de gemeente zelf.
Particuliere bomen Dit betreft alleen monumentale of waardevolle bomen. De gemeente verleent hierbij alleen toestemming voor kap als daar heel goede redenen voor zijn. De gemeente vindt het niet redelijk om die particulieren vervolgens te belasten met een zware herplant, maar zal wel stimuleren om nieuwe bomen aan te planten.
Gemeentelijke bomen Als gemeentelijke bomen worden verwijderd, gaan wij uit van tenminste 100oZo vervanging. Dit mag ook op een andere locatie en/of met een andere boomsoort. Daarbij hanteren we een gewenste volgorde: 1.
Herplant op dezelfde plaats eventueel met betere ondergrondse voorzieningen.
2.
Herplant op een locatie vlakbij de plaats van kap.
3.
Herplant in de grijze wijken.
4.
Herplant in de kernen.
5.
Herplant in het buitengebied.
Tot herplant in het buitengebied mag alleen worden overgegaan als voorgaande gebieden geen goede herplantplek bieden. Dit om te voorkomen dat het stedelijk gebied minder groen wordt en daarmee minder klimaatbestendig.
Noodkap Wanneer een acuut onveilige situatie ontstaat, bijvoorbeeld wanneer bomen dreigen om te vallen bij storm of als een ziekte wordt geconstateerd die de boom instabiel heeft
______________________________ - 75 -
è
r
Bijlage D - Beheer bomen Deskundig boombeheer is een harde voorwaarde voor duurzaam behoud van het
Onderhoudssnoei: bomen in de onderhoudssnoeifase worden zo min mogelijk gesnoeid. In
bomenbestand. Enerzijds willen wij dat bomen gaan voldoen aan het beeld dat wij voor
principe worden alleen probleemtakken verwijderd. Een regelmatige controle van de bomen
ogen hebben op het moment van aanplant. Anderzijds is er ook sprake van een wettelijke verplichting. Wij moeten voldoende zorg aan onze bomen besteden, zodat ze geen schade
Gemiddeld worden bomen in deze fase eens per drie jaar gesnoeid.
moet uitwijzen of sprake is van probleemtakken en hoe hoog de urgentie tot snoeien is.
of letsel veroorzaken aan anderen. Controleren en snoeien zijn de belangrijkste maatregelen aan bomen.
Prioriteiten
Snoeien
andere bomen. Hierbij gelden de volgende prioriteiten:
Snoeien betekent werken naar een eindbeeld om te voldoen aan de voorwaarden die de
1.
Binnen het regulier snoeiprogramma kunnen bomen met voorrang worden gesnoeid boven
omgeving aan de boom stelt. Het resultaat is een boom die voldoende is opgekroond en een
bijvoorbeeld dood hout uit de bomen valt. De drukst gebruikte plekken worden daarom
kroon heeft met een goede architectuur. Tot de boom voldoende is opgekroond, spreken we van begeleidingssnoei. Is die fase al bereikt? Dan spreken we van onderhoudssnoei.
Locaties met een hoog risico: locaties met een hoge gebruiksdruk zijn risicovol als hier met de hoogste prioriteit gesnoeid.
2. Achterstallig en verwaarloosd onderhoud: binnen het snoeiprogramma moet ook een hoge prioriteit uitgaan naar bomen waar achterstallig of verwaarloosd onderhoud is
Planmatig werken
ontstaan. Dit moet zo snel mogelijk worden weggewerkt, om toename van problemen
Het snoeien van bomen moet zorgvuldig gebeuren en op deskundige wijze. Hier geldt ook
te voorkomen. Achterstallig onderhoud leidt tot gevaarlijke situaties (vorming van dood
dat het snoeien tijdig, dus op jonge leeftijd, en frequent moet gebeuren. Dat is beter voor de
hout). Ook kan het leiden tot snoeiwonden die dermate groot zijn dat overgroeiing niet
boom, maar bespaart ook geld en voorkomt schade. Dit betekent vooral planmatig werken:
meer mogelijk is. Tot slot is het wegwerken van achterstallig onderhoud relatief duur. Een
Z
Op het moment van ontwerp en aanplant moet het eindbeeld worden vastgesteld. Leg de gewenste opkroonhoogte vast en kies waar mogelijk voor vrij uitgroeiende bomen.
Z
extra argument om dit zo snel mogelijk op te lossen en zo veel mogelijk te voorkomen. 3.
Overlast: sommige bomen veroorzaken overlast als gevolg van hun omvang of dichte bladerdek. Uit het klachtenprotocol blijkt of er noodzaak is tot snoei.
Van elke boom is bekend in welke snoeifase (begeleidingssnoei of onderhoudssnoei) deze zich bevindt. Door periodiek te controleren, wordt de ontwikkeling van de
Z
Z
bomen bijgehouden en vervolgens geregistreerd in de gemeentelijke database. Door
Controleren
de benodigde maatregelen in elke snoeifase goed in te plannen en uit te voeren, kan
Om aansprakelijkheidsstelling voor schade te voorkomen is het nodig dat de gemeente
achterstallig onderhoud worden voorkomen!
haar bomen regelmatig controleert en vervolgens op de juiste wijze onderhoudt. Dit noemt
Pas in de onderhoudsfase is sprake van een volledige functievervulling. In die fase vraagt
men de 'zorgplicht’ die een boomeigenaar of beheerder voor zijn bomen heeft. Daarvoor
een boom relatief weinig onderhoud. Feitelijk plukt de gemeente dan pas de vruchten
is het nodig dat de gemeente een systematische boomcontrole uitvoert. Daarbij wordt
van haar jarenlange investering in de vorm van begeleidingssnoei.
de controlefrequentie afgestemd op het mogelijk risico dat de gemeente loopt. De term
De bomen hebben dan een enorm kapitaal opgebouwd. Boomtechnisch en financieel is
risico vertaalt zich in dit geval als risico = kans x gevolg. Wat is de kans dat een boom of
het daarom zinvol om deze bomen zo lang mogelijk te laten staan.
tak bezwijkt? En wat is het mogelijke gevolg daarvan? Daarbij worden alle bomen van de gemeente ondergebracht in categorieën:
Frequenties
Z
Algemene zorgplicht
Begeleidingssnoei: de mate en frequentie waarin een boom gesnoeid wordt, is afgestemd op
Z
Verhoogde zorgplicht
de groeikracht en conditie van de boom. Een boom mag na gesnoeid te zijn, geen terugval in
Z
Onderzoeksplicht
conditie krijgen. Ook daarom is de inzet van een deskundige snoeier van belang. Gemiddeld worden bomen in de begeleidingssnoeifase eens per drie jaar gesnoeid.
76
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
Frequenties Algemene Zorgplicht - normale controle en aansluitend onderhoud Alle bomen vallen minimaal onder de algemene zorgplicht. Er bestaat geen wettelijke norm voor de frequentie van deze controle. Door deze bomen eens per drie jaar te controleren werken wij zoals de meeste Nederlandse gemeenten doen. Deze frequentie kan worden bijgesteld op basis van een risico-inschatting. Bomen die staan in gebieden met een hoge gebruiksdruk moeten mogelijk vaker worden gecontroleerd (verhoogde zorgplicht). Bomen in heel rustige gebieden kunnen goed gemotiveerd minder vaak worden gecontroleerd. Het bomenbeheerplan kan daar duidelijkheid over verschaffen. Onderzoeksplicht - nader (inwendig) onderzoek en aansluitend maatregelen of onderhoud Als bij een boomcontrole een gebrek aan de boom wordt geconstateerd waarvan de controleur het risico niet kan inschatten, dan kan hij een nader technisch onderzoek voorschrijven. Op deze boom rust dan de plicht om die te laten onderzoeken. Meestal blijven bomen die een nader technisch onderzoek hebben gehad onder de verhoogde zorgplicht vallen. Aansluitend op het onderzoek kunnen maatregelen vallen als kap, snoei, verankering enzovoort.
è 77
Bijlage E - Protocol verzoeken en klachten Bij klachten en/of verzoeken van bewoners analyseren wij de vraag om de motivering helder
1. Subjectieve motivering
te krijgen. We werken hierbij volgens onderstaand analyseschema. De nummers verwijzen
Overlast is een subjectief begrip. Waar de één schaduw van een grote boom toejuicht om
naar de aanvullende informatie in de paragrafen.
de koelte, vindt de ander dat zijn leefgenot wordt beperkt omdat het te donker is. Ook schaduwwerking op zonnepanelen verstaan we daaronder. En waar de één bloesemdracht
1. Subjectieve motivering?
Basisprincipes blijven gelden: geen
en herfstblad waardeert om de seizoensbeleving, ziet de ander rommel dat van de boom
aanpassing van groen
valt. Dergelijke subjectieve vormen van overlast zijn geen reden om aanpassingen aan ons groen te doen of ons beheer te wijzigen. Door groen weg te halen om subjectieve vormen van overlast, zouden wij:
nee
V V 2. Objectieve motivering en oplosbaar door middel van beheer?
onze groenstructuur niet kunnen behouden en ontwikkelen; de positieve waarden van het groen wegnemen en daarmee onze omgeving minder toekomstbestendig maken;
Uitvoering beheermaatregelen
V
de bewoners die de positieve kanten van groenaspecten zien tekort doen.
Omdat groen het maatschappelijk belang dient, vinden wij dat onze bewoners de lusten en nee
lasten van groen dienen te accepteren.
3. Objectieve motivering, beoordeling
2. Oplosbaar door beheermaatregelen
omstandigheden
Oplosbare overlast is door beperkte beheeringrepen te verhelpen of te verminderen. Denk daarbij aan het snoeien van laaghangende, overhangende takken, het bestrijden van plaagdieren of een extra schoffelronde. In enkele gevallen kan zelfs het omvormen of vervangen van het groen onder deze noemer vallen, bijvoorbeeld wanneer:
3A. Veiligheid (wortelopdruk, zichthoeken, sociale veiligheid)?
3B. Schade?
Veilige situatie herstellen
Afweging van redelijkheid tussen basisprincipes en geleden schade
V
de overlast aantoonbaar zal toenemen, ondanks de beheeringrepen;
V
het groen aan het einde van zijn omlooptijd is;
V
het beperken van de overlast een repeterende (en dus dure) maatregel zal zijn;
V
omvormen of vervangen snel tot een duurzaam resultaat leidt;
V
de maatregel past binnen het normale onderhoudsbudget.
Wanneer overlast wordt opgelost door beperkte beheeringrepen, moet de technische, organisatorische en financiële kant goed geborgd zijn. Het mag geen continue stroom van Afweging van alle belangen door 3C. Maatschappelijk belang?
ingrepen zijn met als doel achterstallig onderhoud weg te werken.
college van burgemeester en wethouders
3. Objectieve motivering en omstandigheden Bij objectieve overlast is sprake van aantoonbare negatieve gevolgen van groen, die niet
3D. Onevenredig grote overlast?
78
Nadere afweging van feiten en
persoons- of meninggebonden zijn. Een uitwerking hiervan, leest u in de volgende paragrafen.
belangen
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
A
3A. Veiligheid
Belang van het groen
Fysieke veiligheid: veiligheidsaspecten hebben vaak te maken met het verkeerskundig
V
gebruik van de openbare ruimte. Denk aan de vlakheid en beloopbaarheid van voetpaden
V V V
Welke waarde heeft dit groen voor flora en fauna? Maakt het deel uit van een ecologische structuur? Vormt het een biotoop?
sociale veiligheid is heel belangrijk. Het is echter een vorm van veiligheid die moeilijker objectief te bepalen is.
In hoeverre draagt dit groen bij aan het karakter van de omgeving? Is het beeldbepalend voor het straatbeeld of niet?
de wegbeheerder is vastgelegd in artikel 174. Sociale veiligheid: wij willen dat iedereen zich vrij kan bewegen in de openbare ruimte, dus
Op welke schaal is dit groen van belang? Hebben alleen de mensen uit de straat profijt van dit groen of ook andere mensen?
en uitzichthoeken bij inritten en kruispunten. Dit onderdeel toetsen wij daarom aan de wettelijke normen die worden gesteld in het Burgerlijk Wetboek. De aansprakelijkheid van
Welke waarde heeft dit groen voor onze groenstructuur?
V
Is het groen vitaal? En hoe lang kan het groen zijn functie nog vervullen?
3B.Schade
Belang van de verzoeker
Economische schade kan worden aangetoond met schaderapporten en facturen. De
V
Wat is de aard van de klachten? Denk aan:
gemeente maakt een afweging tussen de waarde van het groen en de schade voor de
^ gezondheidsredenen zoals bij allergie en plaagdieren;
bewoner. Hierbij wegen wij mee:
^ ruimtelijke aspecten zoals schaduwwerking op en toegankelijkheid van particulier terrein;
V
de waarde van het groen voor onze groenstructuur;
V
de hoogte van het schadebedrag;
^ schade aan woningen, bijvoorbeeld door schurende takken of wortelgroei;
V
de kans op herhaling;
^ bruikbaarheid van ramen en deuren van tuin en woning, zoals belemmering van zicht
V
door bladmassa en het belemmeren van de toegang door overhangende takken.
of wij redelijkerwijs van een burger mogen verwachten dat hij dergelijke overlast ervaart van het openbaar groen.
V
Hoe lang duurt de overlast op jaarbasis? Heeft men er het hele jaar last van, enkele
3C. Maatschappelijk belang
V
Is er sprake van een duurzame situatie?
Maatschappelijk belang is wanneer de ingreep minimaal op wijkniveau van belang is. Een
V
Wat kan de verzoeker zelf doen om minder overlast te ervaren en is dit redelijkerwijs van
maanden, weken of dagen?
clubhuis voor een buurtvereniging valt daar bijvoorbeeld niet onder, een grote supermarkt
een burger te verlangen?
wel. In die gevallen brengen wij de waarde van het groen in beeld en laten de eindafweging over behoud, aanpassing of verwijdering over aan het college van burgemeester en
Waardering groen
wethouders.
Ook bij objectieve overlast nemen wij de waarde van het groen mee in onze overwegingen. In
3D. Onevenredig grote overlast
Als het nodig is om bijzondere constructies te treffen om de overlast te beperken en groen zo
Als er sprake is van objectieve onevenredig grote overlast en het groen moet worden
te kunnen behouden, kunnen wij ons dat in sommige gevallen voorstellen. Denk bijvoorbeeld
verwijderd, zorgen wij voor een uitgebreide motivering. Daarmee laten we zien dat wij de
aan wortelbruggen om wortelopdruk te verhelpen of het inpassen van waardevol groen in
ingreep in het groen goed hebben overwogen en dat werkelijk sprake is van objectieve
een nieuwbouwproject. Ook als groen wordt verwijderd omwille van objectieve redenen,
overlast. Wij wegen het belang van het groen af tegen het belang van de bewoner.
blijft de compensatierichtlijn gewoon van kracht.
ons meest waardevolle groen zijn wij bereid wat meer te investeren dan in ons overige groen.
79
r
Bijlage F - Verklarende woordenlijst Biodiversiteit
De hoeveelheid aan verschillende planten en dieren
Doorwortelbare ruimte
binnen een bepaald gebied (ook soortenrijkdom). Biotoop
Ruimtelijk min of meer hetzelfde gebied. Dit gebied wordt
De hoeveelheid bruikbare grond die een boom tot zijn beschikking heeft.
Ecosysteemdienst
gekenmerkt door eigenschappen die verschillen van de
Een dienst die een natuurlijk systeem van alle planten en dieren in een bepaald gebied aan de mens levert.
omgeving en wordt daarom bewoond door een typische levensgemeenschap.
Erosie
Verplaatsing van stenen en zand (verweringsmateriaal) door een rivier, zee of wind. Door een uitschurende
Blokverkaveling
Verkavelingstype met een verdeling in relatief kleine,
werking wordt steeds meer materiaal afgebroken en
rechthoekige of onregelmatige percelen. Dit type
meegenomen.
verkaveling volgt de loop van natuurlijke elementen zoals een beek.
Glanshaverhooiland
Kruidenrijke graslanden op redelijk vochthoudende, voedselrijke bodem. Het zijn vooral hooilanden die
Bodemkwaliteit
De capaciteit van de bodem om onder wisselende
tweemaal per jaar gemaaid worden.
omstandigheden te functioneren als het gaat om het op peil houden van de kringloop van voedingsstoffen en van het bodemleven, en het voorzien van steun aan wortels
Gebiedseigen
Van nature voorkomend in het gebied.
Geriefhoutbos
Bosje door de boer aangeplant voor eigen gebruik. Levert
van planten.
meestal essenhout voor gereedschapsstelen, berkenhout
Bodemleven
Levensgemeenschap van alle organismen in de bodem.
voor bezems en overig hout voor de kachel. Deze bosjes
Boom 1e grootte
Boom met een volwassen hoogte hoger dan twaalf meter.
die weinig bruikbaar zijn voor weiland.
Boom 2e grootte
Boom met een volwassen hoogte tussen de zes en twaalf
liggen vaak in de laagste delen van de polder, op plekken
Groenstructuur
Het geheel van parken, plantsoenen, wegbeplantingen en eventueel natuurgebieden in een regio of gemeente.
meter. Boom 3e grootte
Boom met een volwassen hoogte lager dan zes meter.
Hemelwater
Bosgemeenschap
Gebiedseigen plantengemeenschap (soorten) met een
Houtopstand
Neerslag: regen, sneeuw en hagel. Een zelfstandige eenheid van bomen, boomvormers,
bepaalde samenstelling en structuur passend bij de
struiken, hakhout of griend, die een oppervlakte
bodem en grondwaterstand.
grond beslaat van tien are of meer, of bestaat uit een
Een bepaalde soort waarvan het behoud, het herstel of
gerekend over het totaal aantal rijen.
rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, Doelsoort
de terugkeer als een doelstelling van het natuurbehoud wordt gezien.
Inklinken
Daling van het grondoppervlak door verdroging of onttrekken van grondwater. Dit komt vooral voor in veen en kleigebieden.
ê 80
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
Klimaatadaptie
Klompenpad
Het aanpassen van onze omgeving met als doel de
Natuurvriendelijke oever
Een oever die door de mens is ingericht waarbij
negatieve gevolgen van klimaatverandering beter aan te
ontwikkeling van natuur, landschap en ecologie expliciet
kunnen.
wordt gestimuleerd.
Wandelpaden die tussen zonsopgang en ondergang open
Nevengeul
Een min of meer parallel aan de hoofdstroom van
zijn voor wandelaars. De paden lopen over particuliere
een rivier of beek lopende watergang. Rivieren in
grond, soms door weilanden met vee.
Nederland bestonden vroeger voor een belangrijk deel uit nevengeulen. Tegenwoordig worden ze door de mens
Komgronden
Laaggelegen, natte gebieden naast oeverwallen.
gegraven om de rivier meer waterbergend vermogen te
Komgronden zijn gevormd toen rivieren nog niet bedijkt
geven.
waren. Bij overstromingen nam de watersnelheid achter de oeverwallen af, waardoor de fijne kleideeltjes konden
Oeverwal
bezinken en zo dikke lagen zware klei ontstonden.
Een natuurlijke hoogte langs een rivier die ontstaat omdat bij overstromingen het grofste materiaal in het water dichtbij de rivier wordt afgelegd/gedeponeerd.
Landschapselement
Bouwsteen van het landschap, samen vormen ze de structuur van het landschap. Bijvoorbeeld een houtwal,
Omgevingskwaliteit
vrijstaande boom, poel en boomgaard, maar ook een
De kwaliteit van de ruimtelijke omgeving en van het milieu (de leefbaarheid) van die omgeving.
kerktoren, weg, sloot of dijk. Ooibos
Een natuurlijk bos langs rivieren. Ooi is een oud woord
Leefomgeving
Alles wat je om je heen ziet.
voor nat terrein bij een rivier.
Mantel
Zone met struikgewas tussen bomen/bos en grasland.
Participatie
Actieve deelname aan besluitvorming.
Mozaïeklandschap
Onregelmatige uit een blokverkaveling door vererving
Populatie
Groep organismen van dezelfde soort die niet van elkaar gescheiden zijn.
ontstane verkaveling. Natura2000
Europees netwerk van beschermde natuurgebieden.
Rivierduin
Een door zandverstuiving ontstane verhoging van het grondoppervlak langs een rivier.
Natuurlijk evenwicht
Toestand waarbij de grootte van elke populatie in een ecosysteem schommelt om een bepaalde waarde.
Rode lijst
bedreigd of kwetsbaar zijn.
Dit evenwicht kan verstoord worden wanneer er zich veranderingen voordoen in één van de biotische of
Sedimentatie
abiotische componenten van het ecosysteem. Natuur Netwerk Nederland
Een netwerk in Nederland waar de natuur voorrang heeft.
Lijst van planten en dieren die volgens bepaalde criteria
Afzetten van verplaatst verweringsmateriaal door water, ijs of wind.
Soortenrijkdom
De hoeveelheid aan verschillende planten en dieren binnen een bepaald gebied (ook biodiversiteit).
è 81
r
E Sortiment
De verscheidenheid aan rassen en soorten. Sortiment gaat
Wortelopdruk
Het opdrukken van bestrating door wortels. Wortelopdruk
over levende organismen in tegenstelling tot assortiment
wordt vaak veroorzaakt doordat de boomwortels op zoek
(de verzameling aan niet levende artikelen).
gaan naar voedsel en zuurstof wanneer de groeiplaats dat onvoldoende biedt.
Strang
Een nevengeul van een rivier binnen een uiterwaard. Het zijn vaak half-dichtgeslibde restanten van de vroegere
Zand- en grindbank
Opeenhoping van zand of grind.
hoofdgeul, die ontstonden toen rivieren nog niet werden ingeperkt door dijken. Strokenverkaveling
Verkavelingstype waarbij grond in meer of minder regelmatige lange stroken is verdeeld.
Struweel
Vegetatie van hoofdzakelijk struiken van een tot vijf meter hoog.
Tiny Forest
Een dichtbegroeid minibos met verschillende inheemse bomen en struiken.
Uiterwaard
Het land tussen een winterdijk en de rivier dat kan overstromen bij hoogwater.
Verkaveling
De manier waarop stukken land zijn ingedeeld.
Voedselbos
Een door mensen ontworpen bos, gericht op duurzame voedselproductie. Natuurlijke bos-ecosysteem dienen als voorbeeld voor voedselbossen.
Wadi
Een ondiepe greppel waarin het regenwater wordt opgevangen bij heftige regenbuien, waarna het langzaam in de bodem kan zakken.
Wiel
Een diep gat ontstaan door een dijkdoorbraak, gevuld met water.
Windsingel
Een rij bomen dwars op de heersende windrichting om de kracht van de wind te breken.
82
Groenbeleidsplan Beuningen 2022
A
83
Gemeente
LEUNINGEN i