CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Eindrapportage Synarchis

Raadsvergadering 20 december 2022, gemeente BeuningenBij agendapunt: Raadsvoorstel realisatie nieuw zwembad aan de Ooigraaf12.070 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

vi

\ Bijlage 5

synarchís

Kenmerken exploitatievormen

Gemeentelijke invloed Hiermee wordt gedoeld op de mate waarin de gemeente ook 'tijdens de rit' directe invloed op de uitvoering van de exploitatie kan uitoefenen. Het betreft dus de afstand tussen de gemeente en de exploitant. Bij gemeentelijk beheer en interne verzelf­ standiging is die afstand klein. Wanneer zij zelf exploiteert, kan de gemeente zich immers met alle details van de uitvoering bemoeien. Dat is bij interne verzelfstandiging in vrijwel gelijke mate het geval. Dat kan prettig zijn, maar er is ook het risico van politieke wispelturigheid. Bij externe verzelfstandiging is de afstand duidelijk groter, is de invloed op de dagelijkse gang van zaken een stuk kleiner en vindt sturing vooral door middel van de vooraf gemaakte afspraken plaats. Wel kan bijvoorbeeld via het aandeelhouderschap van de BV/NV worden bijgestuurd. Bij privatisering aan een lokale of landelijke partij is dat laatste ook niet het geval en is het vooraf overeengekomen contract leidend. Dat maakt het tevens lastiger om tussentijdse wijzigingen in bijvoorbeeld het gewenste activiteitenaanbod door te voeren.

Waarborging maatschappelijke functies Dit kenmerk heeft betrekking op de mate waarin de gemeente invloed kan uitoefenen op en zeggenschap heeft over zaken als het gebruik, de tarieven en de openstelling van de accommodaties. Bij gemeentelijk beheer en interne verzelfstandiging kan dit het meest eenvoudig worden geregeld. Ook bij externe verzelfstandiging is dat (in iets mindere mate) het geval. Bij privati­ sering bestaat daarentegen het risico, dat eigen exploitatiebelangen boven het algemene maatschappelijke belang gaan pre­ valeren. Weliswaar kunnen randvoorwaarden ten aanzien van tariefstijgingen en de openstelling prima in het contract worden vastgelegd, maar vooral bij een tegenvallende exploitatie kan de winstdoelstelling van een landelijke marktpartij en een lokale ondernemer met de maatschappelijke belangen van de gemeente gaan conflicteren.

Financiële exploitatie Dit kenmerk betreft de mate waarin de exploitatievorm leidt tot het op doelmatige en doeltreffende wijze met publieke middelen omgaan, alsmede het door een efficiënte en effectieve bedrijfsvoering realiseren van een zo goed mogelijk financieel resultaat. Externe verzelfstandiging en privatisering bieden daartoe de beste omstandigheden, mede doordat de gemeente op grotere afstand van de bedrijfsvoering staat, de mogelijkheden om commerciële activiteiten te ontplooien groter zijn en er een bedrijfs­ matige cao wordt gehanteerd. Voor marktpartijen speelt hun winstdoelstelling ook een rol, maar daar staat tegenover dat zij voor het overnemen van financiële risico's een ondernemersfee in rekening brengen. Bij gemeentelijk beheer en interne ver­ zelfstandiging is dit alles niet van toepassing en bij een lokale ondernemer is het meer persoonsafhankelijk dan bij een landelijke marktpartij.

Kennis en expertise Dit kenmerk heeft betrekking op de mate waarin de exploitatievorm aan het ontwikkelen en op peil houden van de - voor het managen van sportaccommodaties in toenemende mate noodzakelijke - specifieke kennis en ervaring bijdraagt. Deze exper­ tise is nodig om de juiste beslissingen te kunnen nemen over onder andere investeringen, onderhoud aan gebouwen en instal­ laties, nieuwe producten en diensten en innovaties, maar ook om een goede gesprekspartner voor de gebruikers en de gemeente te kunnen zijn. Dit is in de regel binnen gemeentelijke organisaties (ook in intern verzelfstandigde vorm) minder aanwezig en ook minder gemakkelijk te ontwikkelen. Door hun ondernemerschap en ervaring kunnen landelijke marktpartijen vaak adequater op veranderingen in de markt en de behoeften en wensen van gebruikers inspelen. In mindere mate geldt dat ook voor sportbedrijven (externe verzelfstandiging) en lokale ondernemers. Daarnaast hebben landelijke marktpartijen specia­ listische teams of afdelingen, die het lokale management ondersteunen en kennis ontwikkelen op het gebied van onder meer onderhoud, management, administratie, personeel en organisatie, marketing en financiën.

Organisatorische consequenties Een verandering van exploitatievorm kan gevolgen voor de gemeentelijke organisatie hebben. In de huidige situatie is sprake van exploitatie van De Plons door een lokale ondernemer (privatisering). Op het moment dat voor externe verzelfstandiging of privatisering wordt gekozen, is de nieuwe exploitant wettelijk verplicht om het huidige personeel van De Plons over te nemen (Overgang van Onderneming), maar zijn er voor de gemeentelijke organisatie geen consequenties. Bij een keuze voor externe verzelfstandiging in de vorm van een gemeentelijk sportbedrijf moet weliswaar een dergelijke organisatie worden opgericht, vii

\

synarchís

maar ook dat heeft voor de gemeente zelf geen gevolgen. Bij een keuze voor gemeentelijk beheer of interne verzelfstandiging ligt dat anders. De medewerkers worden dan namelijk ambtenaar, inclusief de bijbehorende (hogere) beloning. Daarnaast moet de gemeentelijke organisatie erop worden ingericht, omdat er dan sprake is van directe aansturing van de exploitatie door de gemeente.

Personele aspecten Dit kenmerk gaat over de mate waarin de exploitant een marktgerichte personele organisatie kan inrichten. Bij gemeentelijk beheer en interne verzelfstandiging hebben de medewerkers de ambtelijke status.7 In geval van externe verzelfstandiging of privatisering kan het personeel in een bedrijfsmatige cao worden ondergebracht, zoals de cao Zwembaden of de cao Verzelf­ standigde Maatschappelijke Organisaties (Vermo). Deze cao's zijn beter op de specifieke werks ituatie en werktijden van me­ dewerkers van sportaccommodaties toegesneden en zijn daarmee ook goedkoper voor de werkgever. Qua organisatie, werkgeverschap en aansturing bestaat er in principe geen onderscheid tussen de exploitatievormen. Wel worden er in een bedrijfsmatige werkomgeving ten aanzien van de benodigde specialismen vaak hogere kwaliteitseisen aan de medewerkers gesteld. Bij landelijke marktpartijen is een bijkomend voordeel, dat zij door hun schaalgrootte goed in staat zijn om vacatures snel in te vullen.

Continuïteit Dit kenmerk heeft betrekking op de mate waarin de exploitatievorm voor langere tijd de garantie op een kwalitatief goede exploitatie biedt. De continuïteit van de exploitatie blijkt in de praktijk sterk van de overeengekomen financiële randvoorwaarden en de kwaliteit van bestuur en management af te hangen. Privatisering aan een lokale ondernemer biedt echter minder continuïteitsgaranties dan de andere exploitatievormen, aangezien bestuur en management daarbij vaak in één persoon of echtpaar zijn verenigd. In de afgelopen jaren is het vaker voorgekomen dat de lokale exploitatie van een landelijke marktpartij failliet gaat, doordat het lokale werkkapitaal en de reserves zijn uitgeput. Dat kan bijvoorbeeld zijn veroorzaakt doordat er bij de aanbesteding te scherp is ingeschreven, of doordat de randvoorwaarden niet passend waren. Overigens is dit vooral bij zwembadexploitaties het geval geweest, onder andere in de gemeenten Altena en Zuidplas. Bij interne en externe verzelfstandiging speelt dit minder en bij gemeentelijk beheer is de continuïteitsgarantie het hoogst.

Financiële risico's gemeente Dit kenmerk heeft een relatie met het vorige, want het heeft betrekking op de mate waarin de exploitatievorm in staat is om financiële risico's voor de gemeente te beheersen. Dat heeft implicaties voor de continuïteit van de exploitatie. Goed manage­ ment blijkt in de praktijk het beste in staat te zijn om het exploitatieresultaat positief te beïnvloeden, vooral ook op het gebied van klantenbinding, acquisitie, personeelsbeleid en het organiseren van commerciële activiteiten. Een lokale ondernemer of landelijke marktpartij streeft naar winst en heeft daardoor een flinke prikkel om efficiënt te exploiteren en de financiële r isico's te beperken. Hierbij dient wel te worden opgemerkt, dat zij vanuit dat streven kosten voor management en beheer in rekening zullen brengen, alsmede een ondernemersfee voor het overnemen van de financiële risico's. Daarnaast worden die risico's overgenomen tot het lokaal ingebrachte en opgebouwde vermogen. Is dat op, dan is een verhoging van de exploitatiebijdrage nodig om een faillissement te voorkomen. Ook bij privatisering is het dus niet zo, dat de gemeente geen enkel financieel risico meer loopt. In wat mindere mate dan lokale ondernemers en landelijke marktpartijen hebben extern verzelfstandigde sportorganisaties een flinke exploitatieprikkel en opereren ze op een behoorlijke afstand van de gemeente.

Dat is anders bij interne verzelfstandiging en - uiteraard - gemeentelijk beheer. Bij die laatste twee exploitatievormen zijn de fluctuaties in het exploitatieresultaat door­ gaans groter dan bij de andere exploitatievormen en is de prikkel om efficiënt te exploiteren en binnen de kaders van de vooraf vastgestelde exploitatiebijdrage te blijven kleiner.

7 Sinds 1 januari 2020 hebben ambtenaren zo veel mogelijk dezelfde rechten als werknemers in het bedrijfsleven gekregen. Voor hen geldt sindsdien ook het private arbeids- en ontslagrecht. Daarnaast is de aanstelling voor ambtenaren verdwenen. In plaats daarvan krijgen ze nu een arbeidscontract. Dit alles is omschreven in de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren. Dit betekent echter niet, dat de ambtelijke status verdwijnt. Iedere medewerker blijft ambtenaar. Daarnaast veranderen de arbeidsvoorwaarden van ambtenaren niet. Daarmee blijft een ambtelijke toezichthouder duurder dan een toezichthouder die conform een van de vermelde bedrijfsmatige cao's wordt beloond.

Viii

\

synarchís

Aansprakelijkheid gemeente Dit kenmerk betreft de mate waarin de gemeente met aansprakelijkheidskwesties kan worden geconfronteerd. Dat is in grote mate het geval bij gemeentelijk beheer. Is er bijvoorbeeld sprake van financiële malversaties, een verdrinking of andere onvei­ lige situaties, dan is de gemeente aansprakelijk. Datzelfde geldt bij interne verzelfstandiging. Bij externe verzelfstandiging ligt de aansprakelijkheid bij het bestuur van de rechtspersoon. In geval van bijvoorbeeld onbehoorlijk bestuur en wanbeleid zijn de bestuursleden hoofdelijk aansprakelijk. De gemeente is niet aansprakelijk, maar wel de personen die eventueel vanuit de ge­ meentelijke organisatie in het bestuur zitting nemen. Bij privatisering ligt de aansprakelijkheid ook bij de directie en het bestuur van de rechtspersoon. Aangezien de bestuursfuncties vanuit de landelijke of lokale marktpartij, is de aansprakelijkheid voor de gemeente gering. Zij beperkt zich dan tot de verantwoordelijkheid van de gemeente als opdrachtgever/subsidieverstrekker en als eigenaar van de accommodatie.

Fiscale aspecten Om te voldoen aan de Europese btw-richtlijn is sinds 1 januari 2019 de wet- en regelgeving op fiscaal gebied veranderd. Volgens het zogeheten Sportbesluit wordt gesproken van het 'geven van gelegenheid tot sportbeoefening', op het moment dat een exploitant een sportaccommodatie ter beschikking stelt én voldoende aanvullend dienstbetoon verricht. Er is dan niet meer alleen sprake van verhuur. In dat geval moet 90Zo btw worden betaald over de baten, maar bestaat er tevens recht op aftrek van btw over de lasten (210Zo). Dat leidt derhalve tot een financieel voordeel voor de exploitant. Sinds 1 januari 2019 is de btw-vrijstelling verruimd. De exploitatie en het beheer van sportaccommodaties zijn vrijgesteld van btw. Dat heeft negatieve financiële consequenties voor exploitanten. Daarom bestaan er twee compensatieregelingen: een specifieke uitkering voor gemeenten en gemeentelijke sportbedrijven (SPUK Sport) en een subsidieregeling voor verenigingen en stichtingen (BOSA). Het is echter onzeker of deze regelingen na 2023 worden voortgezet en zo ja, in welke vorm. Bij gemeentelijk beheer, interne verzelfstandiging en externe verzelfstandiging in de vorm van een gemeentelijk sportbedrijf8 wordt het btw-nadeel door de SPUK Sport gecompenseerd, mits het totale beschikbare budget van de SPUK Sport niet wordt overschreden.

In dat geval ontvangt men namelijk een lagere uitkering. Er kan een beroep worden gedaan op de SPUK Sport voor de btw over investeringen, onderhoud en exploitatie, uiteraard voor zover er btw over wordt betaald. Bij stichtingen en verenigingen is de BOSA niet bedoeld voor compensatie van het btw-nadeel met betrekking tot exploitatie­ kosten, zoals de energielasten, maar alleen voor btw-compensatie met betrekking tot investeringen, materialen en groot on­ derhoud. Bovendien geldt hierbij: wie het eerst komt, het eerst maalt. Is het potje leeg als een exploitant een aanvraag doet, dan ontvangt hij niets. Voor bedrijven met een winstoogmerk geldt een uitzondering. Zij vallen namelijk niet onder de verruiming van de btw-vrij stelling. De definitie van een ^inst beogende instelling' was echter lange tijd niet geheel duidelijk. In eerste instantie leek het er op dat commerciële landelijke en lokale marktpartijen aan de definitie voldeden en derhalve geen btw-nadeel gingen ondervinden. De vervolgens gepubliceerde wettekst van het Belastingplan 2019 leek die partijen echter toch niet als winst beogend aan te merken.9 Sindsdien zijn de betrokken partijen in overleg over de uitwerking van de wijzigingen. Op het moment van schrijven is (vrijwel) zeker, dat marktpartijen buiten de btw-vrijstelling blijven en dus in het ^ude' regime blijven vallen.

Voor hen bestaat dan ook geen compensatieregeling.

8 In het geval van het gemeentelijk sportbedrijf dient de gemeente wel een bestuurlijk en een financieel belang in dat bedrijf te hebben. 9 Volgens het Belastingplan 2019 wordt geen winst beoogd, indien geen exploitatieoverschot wordt behaald zonder direct of indirect ontvangen bijdragen, die hoger zijn dan de normale waarde voor de daarvoor verrichte dienst. Ook wordt geen winst beoogd, als de exploitant een sportaccommodatie huurt van een publiekrechtelijk lichaam en de bijbehorende huurvergoeding lager is dan de integrale kostprijs.

ix

\ Bijlage 6 Scenario 1 scenario 1 totaal Beuningen Oost Beuningen West Ewijk Weurt Winssen

Scenario 2 scenario 2 totaal Beuningen Oost Beuningen West Ewijk Weurt Winssen

synarchís

Demografische prognose gemeente Beuningen 2022 26.247

2025 26.495

2030 26.786

2035 26.501

2040 26.316

2042 26.264

8.976 8.411 4.152 2.518 2.190

8.894 8.262 4.626 2.521 2.192

8.802 8.351 4.927 2.498 2.208

8.737 8.263 4.838 2.471 2.192

8.707 8.227 4.744 2.446 2.192

8.691 8.230 4.723 2.428 2.192

2022 26.247

2025 26.495

2030 27.996

2035 29.350

2040 30.321

2042 30.376

8.976 8.411 4.152 2.518 2.190

8.894 8.262 4.626 2.521 2.192

8.764 8.188 5.545 2.776 2.723

8.756 7.967 6.267 3.426 2.934

8.844 7.888 6.852 3.684 3.053

8.871 7.945 6.840 3.659 3.061

x

synarchís Bijlage 7

Exploitatiebegroting

NIEUWBOUW ZWEMBAD BEUNINGEN - BASISSCENARIO jaar 1

jaar 2

jaar 3

jaar 4

jaar 5

exploitatiebaten recreatief zwemmen les zwemmen doelgroepen verenigingen/verhuur horeca

48.100 431.100 47.000 48.600 41.300

48.100 442.200 47.000 48.600 42.000

48.100 442.200 47.000 48.600 42.000

52.100 453.300 47.000 48.600 43.400

52.100 453.300 47.000 48.600 43.400

totaal

616.100

627.900

627.900

644.400

644.400

personeel energie water chemicaliën schoonmaak dagelijks onderhoud kantoor verkoop beheer en administratie accountant verzekeringen belastingen inkoop horeca overig

379.100 89.300 9.900 4.400 15.000 47.000 12.300 30.800 61.600 9.200 10.500 14.800 13.800 24.600

383.600 90.600 10.000 4.500 15.200 47.000 12.300 18.800 61.600 9.200 10.500 14.800 14.000 24.600

383.600 92.000 10.200 4.600 15.500 47.000 12.300 18.800 61.600 9.200 10.500 14.800 14.000 24.600

396.700 93.300 10.300 4.600 15.700 47.000 12.300 18.800 61.600 9.200 10.500 14.800 14.500 24.600

396.700 94.700 10.500 4.700 15.900 47.000 12.300 18.800 61.600 9.200 10.500 14.800 14.500 24.600

totaal

722.300

716.700

718.700

733.900

735.800

exploitatieresultaat

-106.200

-88.800

-90.800

-89.500

-91.400

groot onderhoud

125.400

125.400

125.400

125.400

125.400

exploitatieresultaat incl. groot onderhoud

-231.600

-214.200

-216.200

-214.900

-216.800

kapitaallasten (gemiddelde jaarlast)

554.100

554.100

554.100

554.100

554.100

exploitatieresultaat incl. groot onderhoud en kapitaallasten

-785.700

-768.300

-770.300

-769.000

-770.900

exploitatielasten

synarchís Bijlage 8

Samenvattend overzicht

samenvatting configuratie bassins

m2 zwemwater binnen m2 zwemwater buiten totaal aantal bezoeken per jaar gebruik banen zwemmen gebruik vrij zwemmen overdekt gebruik vrij zwemmen buiten gebruik les zwemmen gebruik doelgroepen gebruik verenigingen stichtingskosten (excl. btw) exploitatietekort kosten groot onderhoud kapitaallasten (gemiddelde jaarlast) totale structurele kosten per jaar

basisscenario W-bad 25 x 10,4 (4 banen) I-bad 12 x 10 whirlpool horecavoorziening 380 0 78.000 + + + + + 9.436.000 91.400 125.400 554.100 770.900

xii

synarchís samenvatting configuratie bassins

m2 zwemwater binnen m2 zwemwater buiten totaal aantal bezoeken per jaar meerwaarde voor

stichtingskosten (excl. btw) exploitatietekort kosten groot onderhoud kapitaallasten (gemiddelde jaarlast) totale structurele kosten per jaar

5e baan W-bassin

dieper W-bassin

W-bassin 25 x 12,9 (5 banen) i.p.v. 25 x 10,4 (4 banen) 63 0

W-bassin max. diepte 3,00 i.p.v. 2,50

5.000 vooral verenigingen (hoewel geen Caccommodatie), in mindere mate ook banen zwemmen, vrij zwemmen, les zwemmen

1.000 verenigingen (duiken, onderwatersport, synchroonzwemmen)

1.000 flexibiliteit programmering, les zwemmen, doelgroepen

1.500 flexibiliteit programmering, les zwemmen, doelgroepen

500.000 15.400 8.000 29.400 52.800

275.000 10.100 4.400 16.100 30.600

225.000 1.000 3.600 14.200 18.800

421.000 2.800 6.700 26.600 36.100

0 0

bew. bodem W-bassin

bew. bodem I-bassin

W-bassin gedeeltelijk I-bassin volledig beweegbare bodem i.p.v. beweegbare bodem i.p.v. vaste bodem aflopende bodem 0 0 0 0

glijbaan

sauna

buitenbad

tube-glijbaan (30 m), skim-out

cabine, dompelbad, kleedkamer

buitenbad, ligweide, afgiftepunt horeca

0 0

0 0

0 300

1.000 2.300 10.000 vooral vrij zwemmen, vrij zwemmen, vrij zwemmen onoverdekt in mindere mate ook les doelgroepactiviteiten voor zwemmen senioren, Reumapatiëntenvereniging

250.000 10.600 4.000 14.700 29.300

Xiii

80.000 4.900 1.300 4.700 10.900

2.500.000 64.100 40.000 146.800 250.900

V Bijlage 9

synarchís

Aanbestedingsstrategie

Deze bijlage is separaat bijgevoegd.

XiV

s' narchis

Synergie tussen expertises

V

JŔ

naa □ □D

n

beleidsontwikkeling H

beheer S

huisvesting ã

aanbesteden Â

marketing

exploitatie

programmamanagement

projectmanagement

Kade 52» 3371 EP Hardinxveld-Giessendam ) 0184 616 544 » info@synarchis.nl

www.synarchis.nl

\

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=fce923f1-9e5a-4f0f-a097-6c4f5496fedc