CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 13: Bij toelichting - Quickscan flora en fauna

Raadsvergadering 14 november 2023, gemeente BeuningenBij agendapunt: Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Augustuslaan/Krommehoekstraat10.189 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Indien de voorgenomen activiteiten uitgevoerd worden tijdens de voortplantingsperiode, dient een broedvogelscan uitgevoerd te worden om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te sluiten.

De kleine marterachtigen (bunzing, hermelijn en wezel) en de vaste rust-en voortplantingsplaats van de kleine

30

Quickscan Ecologisch Onderzoek Augustuslaan te Beuningen

1-11-2021

marterachtigen zijn beschermd. Kleine marterachtigen mogen niet gedood worden en de vaste rust-en/of voortplantingsplaats mogen niet zonder ontheffing beschadigd of vernield worden. Vaste rust-en voortplantingsplaatsen mogen echter wel verstoord worden. Voor het mogen uitvoeren van activiteiten, met negatieve effecten voor de kleine marterachtigen (met uitzondering van verstoring), dient een ontheffing van de verbodsbepalingen van de Wnb verkregen te zijn. Om een ontheffing te verkrijgen dient eerst nader onderzoek te worden uitgevoerd naar de functie van het plangebied voor kleine marterachtigen. Een volledig onderzoek, conform handreiking kleine marterachtigen, bestaat uit minimaal zes weken aaneengesloten onderzoek met wildcamera’s in de actieve periode (maart-augustus).

Overige beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën die in het plangebied aanwezigzijn mogen niet (opzettelijk) gedood worden. Indien niet voorkomen kan worden dat beschermde dieren gedood worden, dient een ontheffing van de verbodsbepalingen (doden) aangevraagd te worden of dient gewerkt te worden volgens een Gedragscode. Indien gekozen wordt om te werken volgens een gedragscode, dient voldaan te worden aan de gestelde eisen en voorwaarden. Een van de voorwaarden is, dat gewerkt moet worden buiten de kwetsbare periode. Er hoeft geen nader onderzoek uitgevoerd te worden en er hoeft geen ontheffing van de verbodsbepalingen aangevraagd te worden om de voorgenomen activiteiten uit te mogen voeren in het kader van de Wnb. Door het uitvoeren van de voorgenomen activiteiten, neemt de betekenis van het plangebied als foerageergebied, voorde in het plangebied foeragerende grondgebonden zoogdieren, vleermuizen, amfibieën en vogels, af. Dit kan echter alleen voor kleine marterachtigen tot wettelijke consequenties leiden in het kader van soortbescherming.

31

Quickscan Ecologisch Onderzoek Augustuslaan te Beuningen

1-11-2021

7. Bronnen >

Atlas van de amfibieën en reptielen van Nederland;

>

Atlas van de zoogdieren van Nederland;

>

Nieuwe atlas van de Nederlandse flora;

>

Kennisdocumenten soorten;

y

OmgevingsverordeningGelderland;

y

Quickscanhulp;

>

Veldbezoeken rapportage door ecoloog;

y

Wet Natuurbescherming.

y

www.aerius.nl

>

www.bijl2.nl

>

www.natura2ũũũ.nl

>

www.ndff.nl

>

www.pdok.nl

>

www.ruimtelijkeplannen.nl

>

www.rvo.nl

>

www.synbiosysalterra.nl

y

www.waarneming.nl

32

Quickscan Ecologisch Onderzoek Augustuslaan te Beuningen

1-11-2021

Bijlage 1: Foto’s

Bijlage 2: Toelichting Wet natuurbescherming

Drie beschermingsregimes De Wet natuurbescherming kent een apart beschermingsregime voor soorten van de Vogelrichtlijn, een apart beschermingsregime voor soorten van de Habitatrichtlijn (hetVerdragvan Bern en hetVerdragvan Bonn) en een apart beschermingsregime voor andere soorten, die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden. Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of ontheffing van de verboden. Alle vogels (ruim 700 soorten), zijn beschermd. Daarnaast worden ongeveer 230 overige Europese en nationale soorten beschermd. Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een ontheffing of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan: >

Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is.

>

Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geeft voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid.

>

Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort.

Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een ontheffing worden verleend. Vooreen aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingen mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode.

Soortenbeschermingen het‘nee, tenzij principe’ De verbodsbepalingen voor vogels en Habitatrichtlij nsoorten in de Wet natuurbescherming sluiten vrijwel één opéén aan bij de bepalingen uit de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De verbodsbepalingen zijn gericht op de bescherming van individuen van soorten. Ook voor de andere soorten, die niet op grond van de Vogel- of Habitatrichtlijn maar vanuit nationaal oogpunt beschermd worden, geldt dat de verbodsbepalingen zien op het individu, maar of ontheffing verleend kan worden, wordt afgewogen tegen het effect van de ingreep op het populatieniveau van de soort.

Zorgplicht voor dieren en planten Of dier-en plantensoorten nu wettelijk beschermd zijn of niet, iedereen moet voldoende rekening houden met in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De wet erkent daarmee de intrinsieke waarde van in het wild levende soorten. De Memorie van Toelichting zegt het zo: “De zorgplicht houdt in dat eenieder voldoende zorg in acht moet nemen voor dein het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Overtreding van de zorgplicht is niet strafbaar gesteld; de zorgplicht kan wel door toepassing van bestuu rsdwang worden gehandhaafd”.

Vrijstelling regelgeving Onder de Wet natuurbescherming is niet altijd een ontheffing nodig bij handelingen met gevolgen voor beschermde plant-en diersoorten. In (veel) gevallen kunt u gebruik maken van een vrijstelling. Een vrijstelling is een uitzondering op een wettelijk verbod, die wordt vastgesteld vooreen van tevoren bepaalde categorie van gevallen. Er zijn verschillende vrijstellingen van de verboden voor beschermde soorten mogelijk. Een bekende en reeds in de praktijk toegepaste vorm van vrijstelling is die van de gedragscode. In de Wet natuurbescherming zijn voor beschermde soorten ook andere vormen van vrijstelling geïntroduceerd, zoals door middel van een Programmatische Aanpak of via een provinciale verordening. Overigens is ook een vrijstelling in de vorm van een ministeriële regeling mogelijk. Provinciale staten kunnen vrijstelling van de verbodsbepalingen verlenen. Dit moet worden geregeld in een provinciale verordening. Gedragscodes die zijn opgesteld onder de Flora- en faunawet kunnen worden uitgebreid ten aanzien van soorten die opgrond van de Wet natuurbescherming beschermd worden maar dat opgrond van de Flora-en faunawet nog niet waren. Goedkeuring van een gedragscode op grond van de Flora-en faunawet blijft ook onder de Wet natuurbescherming geldig, voorde duur van de goedkeuring.

Daarna dient de gedragscode voor goedkeuring getoetst te worden aan de Wet natuurbescherming.

Welke soorten zijn beschermd? De Wet natuurbescherming kent drie categorieën beschermde soorten: >

Ten eerste worden alle van nature in Nederland in het wild levende vogels beschermd volgens het

>

Ten tweede worden soorten beschermd opgrond van de Ha bitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van

y

Tenslotte is er een beschermingsregime voor‘andere soorten’ waaronder soorten vallen die vanuit nationaal

beschermingsregime van deVogelrichtlijn; Bonn; oogpunt bescherming behoeven. Figuur B2.1: Verbodsbepalingen Wet natuurbescherming. Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime andere

Vogel richtlijn ş 3.1 Wn

Habitatrichtlĩjn jj 3.2 Wn

soorten % 3.3 Wn

Art 3.1 lid ï

Art 3.5 lid ï

Art 3*10 lid ia

Het is verboden ín het wild levende

Het is verboden soorten ín hun

Het is verboden soorten opzettelijk te

vogels opzettelijk te doden ofte vangen.

natuurlijke verspreidingsgebied

doden of te vangen

opzettelijk te doden of te vangen Art 3.1 lid 2

Art 3.5 lid 4

Het is verboden opzettelijk nesten,

Het is verboden de voortplantingspiaat-

Het is verboden de vaste voortplanting-

rustplaatsen en eieren van vogels te

sen of rustplaatsen van dieren te

splaatsen of rustplaatsen van dieren

vernielen ofte beschadigen, of nesten

beschadigen of te vernielen

opzettelijk te beschadigen of te

van vogels weg te nemen

Art 3.10 lid ib

vernielen

Art 3-1 lid 3

Art 3.5 lid 3

Het is verboden eieren te rapen en deze

Het is verboden eieren van dieren in dc

onder zich te hebben

natuur opzettelijk te vernielen of te

Niet van toepassing

rapen Art3.1 lid4en lids

Art 3-5 lid a

Het is verboden vogels opzettelijk te

Het is verboden dieren opzettelijk te

Niet van toepassing

storen, tenzij de storing niet van

verstoren

wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Art 3.5 lid 5

Niet van toepassing

Art 3.10 lid ie

Het is verboden plantensoorten in hun

Het is verboden plantensoorten in hun

natuurlijke verspreidingsgebied

natuurlijke verspreidingsgebied

opzettelijk te plukken en te verzamelen,

opzettelijk te plukken en te verzamelen,

af te snijden, Ie ontwortelen of te

af te snijden, te ontwortelen of te

vernielen

vermelen

Vrijgestelde soorten In afwijking van de verboden in artikel 3.10, eerste lid, van de Wet is het toegestaan de onderstaande soorten weg te vangen (om doden te voorkomen) en de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze soorten opzettelijk te beschadigen of te vernielen wanneer er geen andere bevredigende oplossing bestaat. De vrijstelling is van kracht wanneer de handeling verband houdt met de volgende activiteiten: >

De ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daaropvolgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied;

>

Het bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer.

Tabel B2.1: Lijst met soorten waarvoor een vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt als gevolg van

Ministerie LNV

WlvB RN art 3.11)

Zuid-Holland

Zeeland

Utrecht

Overijssel

Noord-Holland

Noord-Brabant

Limburg

Groningen

Gelderland

Friesland

Wetenschappelijke naam

Flevoland

Nederlandse naam

Drenthe

handelingen die in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd.

'

Amfibieën en reptielen Bruine kikker

Rana temporaria

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Gewone pad

Bufo bufo

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Hazelworm

Anguis fragilis

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Kleine watersalamander

Trìturus vulgaris

Levend barende hagedis

Zootoca vivipara

xl X

X

X

X

X

X

x2

Pelophylax rìdibundus Meerkikker

X

(Rana ridibunda)

Middelste groene kikker

Pelophylax klepton esculentus

! Bastaard kikker

(Rana esculenta)

X

X

X

X

X

Grondgebonden zoogdieren

DR

FL

FR

GD

GR

LB

NB

NH

ov

UT

ZL

ZH

MLNV

Aardmuis

Mìcrotusagretis

X

X

X

X

X

X

x

X

X

X

X

X

X

Bosmuis*

Apodem us sylvaticus

X

X

X

X

X

X

x

X

X

X

X

X

X

Bunzing

Mustena putorius

X

X

X

X

X

Dwergmuis

Micromys minutes

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Dwergspitsmuis

Sorexminutus

X

X

X

X

X

X

x

X

X

X

X

X

X

Egel

Erinaceus europaeus

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Eekhoorn

x3

Saurus vulgaris

Gewone bosspitsmuis

Sorex ananeus

X

X

X

X

X

X

x

X

X

X

X

X

X

Haas

Lepus europeus

X

X

X

X

X

x

x

X

X

X

X

X

X

Hermelijn

Mustela erminea

X

X

X

X

X

Huisspitsmuis*

Crocidura mssula

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Konijn

Oryctolagus cuniculus

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Molmuis

Arvicola schenvan

Ondergrondse woelmuis

Pitymys subterraneus

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Ree

Capreoius capreolus

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Rosse woelmuis

Clethrionomys glareolus

Steenmarter

Martes fiona

x X

x4

X

Tweekleurige bosspitsmuis

Sorex coronatus

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Veldmuis*

Microtusarvalis

X

X

X

X

X

x

x

X

X

X

X

X

X

Vos

Vulpes vulpes

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

Wezel

Mustela nivalis

X

X

X

X

X

Wild zwijn

Susscrofa

Woelrat

Arvicola terrestris

X

X

X

X

X X

X

X

X

X

x

X

x

X

X

X

X

Tabel B2.2: Lijst met soorten waarvoor een vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt als gevolg van handelingen die in het kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd. * voor deze soorten daarnaast algemene vrijstelling in/op gebouwen en bijbehorende erven Wnb3.10 3e lid xl^ vrijstelling geldt in de periode maart-april en juli toten met november x2- vrijstelling geldt in de periode 15 augustus toten met februari x3^ vrijstelling geldt in de periode juli, augustus en september X.A- vrijstelling geldt in de periode 15 augustus toten met 15 oktober Opmerking bij Friesland: in destukken wordt ook vrijstelling gegeven voor de mol, maar deze is niet beschermd onder de Wnb.

3.10.2.aZRnb3.31.d

ikvROen gebruikvan gebieden

3.10.2.d

voorkomen onnodig lijden

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

ikv beheer of onderhoud 3.10.2e/Rnb3L3Lb 3.10.2T7Rnb3.31.a

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

X

langbouw of bosbouw ikvbeheerofonderhoud overig

X

ikv beheer of onderhoud landsch

3.10.2.g

kwaliteiten bepaald gebied 3.10.2.İ 1 Rnb 3.31.C

Bestendig gebruik

(geldt alleen voor amfibieën) ikv bescherming wilde flora, fauna en habitats

X

X

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=3828e5a0-67a5-4030-a2c3-e84f9575e841