Bijlage 1 Eindrapport intergemeentelijk zwembad Synarchis
Tekst van het document
intergemeentelijk zwembad basisscenario - wedstrijdbad 25 x 15,4 (6 banen) met deels beweegbare bodem en tribune - instructiebad 25 x 12,9 (5 banen) met beweegbare bodem - recreatiebad 225 m² - peuterbad 60 m² - glijbaan - whirlpool - sauna
993 206.000 22.296.000 1.631.000 36% 4.151 3.639 1.869 1.000 6.508
tabel 8.1: samenvatting
8.2
Aanvullende opties
De volgende tabel toont een samenvatting van het basisscenario en de aanvullende opties voor een intergemeentelijk zwembad. Daaruit blijkt dat de opties van een verbreding van het wedstrijdbad en een uitbreiding van het recreatiebad beide tot aanzienlijk hogere structurele kosten leiden. Daar staan echter een hoger bezoekersaantal en betere en uitgebreidere gebruiksmogelijkheden tegenover. De optie van een dieper wedstrijdbad brengt minder hoge extra kosten met zich mee, maar zorgt niet voor een hoger bezoekersaantal. Wel biedt die optie betere gebruiksmogelijkheden voor drie verenigingen, maar daar staat tegenover dat een andere vereniging het juist als een verslechtering van de gebruiksmogelijkheden beschouwt. Geen van de drie aanvullende opties zijn vanuit het oogpunt van de benodigde capaciteit noodzakelijk. Die capaciteit is immers in het basisscenario opgenomen.
22
voorzieningenaanbod zwemzaal
m² zwemwater aantal bezoeken per jaar investeringskosten totaal kosten per jaar besparing t.o.v. solitair m² bruto vloeroppervlak m² footprint m² parkeervoorzieningen m² groen m² totaal
intergemeentelijk zwembad basisscenario - wedstrijdbad 25 x 15,4 (6 banen) met deels beweegbare bodem en tribune - instructiebad 25 x 12,9 (5 banen) met beweegbare bodem - recreatiebad 225 m² - peuterbad 60 m² - glijbaan - whirlpool - sauna 993 206.000 22.296.000 1.631.000 36% 4.151 3.639 1.869 1.000 6.508
intermeentelijk zwembad breder wedstrijdbad - wedstrijdbad 25 x 21 (8 banen) met deels beweegbare bodem en tribune - instructiebad 25 x 12,9 (5 banen) met beweegbare bodem - recreatiebad 225 m² - peuterbad 60 m² - glijbaan - whirlpool - sauna 1.133 215.000 24.180.000 1.809.000 29% 4.459 3.935 2.203 1.074 7.212
intermeentelijk zwembad dieper wedstrijdbad - wedstrijdbad 25 x 15,4 (6 banen) met deels beweegbare bodem en tribune - instructiebad 25 x 12,9 (5 banen) met beweegbare bodem - recreatiebad 225 m² - peuterbad 60 m² - glijbaan - whirlpool - sauna 993 206.000 22.656.000 1.676.000 34% 4.151 3.639 1.869 1.000 6.508
intergemeentelijk zwembad groter recreatiebad - wedstrijdbad 25 x 15,4 (6 banen) met deels beweegbare bodem en tribune - instructiebad 25 x 12,9 (5 banen) met beweegbare bodem - recreatiebad 375 m² - peuterbad 60 m² - glijbaan - whirlpool - sauna 1.143 219.000 23.981.000 1.787.000 29% 4.585 4.073 2.119 1.105 7.297
tabel 8.2: samenvatting aanvullende opties
23
Bijlage 1
Ruimtelijk Programma van Eisen
Deze bijlage is separaat bijgevoegd.
i
Bijlage 2
Investeringskostenraming basisscenario
Deze bijlage is separaat bijgevoegd.
ii
Bijlage 3
Investeringskostenraming aanvullende opties
aanvullende opties breder wedstrijdbad dieper wedstrijdbad groter recreatiebad
meerkosten investering (excl. btw) 1.884.000 360.000 1.685.000
iii
Bijlage 4
Trends en ontwikkelingen
Maatschappij en sport Sportbeoefening wordt de laatste jaren steeds individueler en ongeorganiseerder.9 Mensen voelen zich minder verbonden aan verenigingen en gaan op zoek naar meer flexibele en meer individuele vormen van sporten en bewegen. Dit is terug te zien in het groeiend aantal leden van fitnesscentra, maar ook in de toename van het gebruik van de openbare ruimte voor onder andere wandelen, hardlopen, fietsen en bootcamp;10 hoewel steeds meer organisaties commerciële kansen zien in sport (denk bijvoorbeeld aan sportscholen), zijn sportverenigingen nog altijd de belangrijkste aanbieders van sportactiviteiten. Voor verreweg de meeste kinderen vanaf een jaar of zes is het de normaalste zaak van de wereld om zich bij één of meer sportverenigingen aan te sluiten. De circa 22.000 sportverenigingen in den lande bieden een ‘thuis’ aan meer dan vier miljoen sportieve inwoners en ruim één miljoen vrijwilligers;11 Covid-19 heeft een negatieve invloed op de sportdeelname gehad. In 2022 zijn ongeveer 700.000 mensen niet meer naar hun sport ‘teruggekeerd’. Dit is met name zichtbaar bij de jeugd van 13 tot 18 jaar, alsmede bij lager en middelbaar opgeleiden;12 ondanks – of wellicht dankzij – de individualisering en soortgelijke ontwikkelingen is er nog steeds behoefte aan ontmoeting en sociale verbondenheid.
Sportaccommodaties spelen hier soms op in door een plek te zijn waar men kan sporten én ontmoeten. Dit geldt ook voor de zwembaden in Beuningen en Wijchen; de ontgroening en vergrijzing van de samenleving vormt een bedreiging voor sportaanbieders die zich vooral concentreren op de jeugd, maar biedt tegelijkertijd kansen voor organisaties die aantrekkelijke programma’s en activiteiten voor senioren aanbieden. Senioren zijn niet alleen langer sportief actief, maar blijven ook tot op steeds hogere leeftijd vrijwilligerswerk doen. Dit draagt bij aan een gezondere veroudering;13 vanwege de toegenomen mobiliteit zijn mensen in de regel in staat en bereid om langer te reizen voor hun vrijetijdsbesteding dan voorheen. Hierdoor worden inwoners steeds minder afhankelijk van hun wijk/kern. Dit kan betekenen dat bepaalde voorzieningen in een wijk, zoals sportaccommodaties, een groter verzorgingsgebied krijgen. Het kan ook betekenen dat die voorzieningen steeds minder worden bezocht, doordat inwoners hun vertier buiten de eigen wijk zoeken. Dit geldt overigens in mindere mate voor (jonge) kinderen en senioren; verenigingen drijven op vrijwilligers, maar steeds meer verenigingen hebben moeite om bestuursfuncties, technisch kader, onderhoudsploegen en barteams in te vullen.
Ook verandert het karakter van het vrijwilligerswerk: er wordt minder vaak voor een functie gekozen, maar meer voor een specifiek project (met kop en staart). Daarnaast vragen verenigingen vaker om vrijwilligerswerk te doen, dat bij de professie aansluit. Daarbij kan worden gedacht aan een administrateur voor de kascontrolecommissie, of een ICT-er om de website te onderhouden; lokaal sport- en beweegbeleid kan tegenwoordig niet meer los worden gezien van de opgaven die gemeenten in het sociaal domein hebben. Mede als gevolg van de decentralisatie van zorgtaken (jeugdzorg, werk en inkomen en zorg aan langdurig zieken en ouderen) is er lokaal steeds meer oog voor de verbinding tussen sport, bewegen en het sociaal domein. Sportverenigingen worden nadrukkelijker aangesproken op en betrokken bij het leveren van maatschappelijke bijdragen (sport als middel). Deze ontwikkeling is terug te zien in het sport- en beweegbeleid van de gemeenten Beuningen en Wijchen. Daarin wordt sport immers niet slechts als doel op zich gezien, maar is het tevens een middel om doelen op het gebied van fysieke en mentale gezondheid, sociale cohesie en participatie te bereiken; duurzaamheid bij sportaccommodaties is een belangrijk item. Men is verplicht om energiebesparende maatregelen uit te voeren, die een terugverdientijd van minder dan vijf jaar hebben.
Ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid gaan snel. Gangbare maatregelen bij sportaccommodaties zijn het gebruik van zonnepanelen, waterbesparende maatregelen en LED-verlichting. Nieuwbouw moet voldoen aan de BENG-eisen (bijna energie neutrale gebouwen).
9
Bron: NOC*NSF, Zo sport Nederland, 2024. Bron: NOC*NSF, Zo sport Nederland, 2024. 11 Bron: NOC*NSF, Zo sport Nederland, 2024. 12 Bron: NOC*NSF, Zo sport Nederland, 2022. 13 Mulier Instituut, Factsheet ouderen in de sportvereniging. 10
iv
Zwemmen In het verleden is door veel gemeenten in zwembaden en de recreatieve voorzieningen bij zwembaden geïnvesteerd. Dit heeft tot een stijging van het aantal recreatieve zwembaden in de jaren ’90 geleid. In de afgelopen decennia is in zwembaden een verschuiving zichtbaar van recreatief bezoek naar begeleide (doelgroep)activiteiten. Hierbij spelen demografische ontwikkelingen, gewenning aan recreatieve zwemvoorzieningen en uitbreiding van andersoortige recreatieve voorzieningen (alternatieven) een rol. Nieuwe zwembaden zijn daarom vaker functioneler en minder op recreatie gericht dan voorheen. Dit is bijvoorbeeld zichtbaar in het nieuw te bouwen zwembad in Nijmegen, dat (in tegenstelling tot het huidige Sportfondsenbad Nijmegen West) geen specifiek recreatiebad krijgt; les zwemmen blijft een kerntaak van zwembaden, maar bezoekers stellen hier hoge eisen aan. Dat betreft vooral de kwaliteit van de instructeurs, de communicatie en de lengte van de wachtlijsten. Bij veel zwembaden is sprake van een wachtlijst. Daarnaast bieden zwembaden steeds vaker, naast het zwem-ABC, turbocursussen en zwemvaardigheidstrainingen aan; aquasporten, seniorenactiviteiten en (therapeutische) doelgroepactiviteiten zijn en blijven populair.
Kritische succesfactoren voor een aantrekkelijk aanbod zijn onder andere: een hoge kwaliteit van de instructeurs, een goede hygiëne en de combinatie van een sportieve en sociale functie; in de vergrijzende samenleving zijn zwembaden bij uitstek geschikt om een gevarieerd aanbod voor senioren te ontplooien. Zwemmen is vrij van schokbelasting en wordt steeds vaker voor preventieve zorg en revalidatie ingezet. Ook in Beuningen en Wijchen worden zwemactiviteiten voor senioren aangeboden; mede onder invloed van bezuinigingen, de reistijd en de vervoerskosten is het schoolzwemmen in veel gemeenten beperkt of afgeschaft. Ook in Beuningen en Wijchen wordt geen schoolzwemmen meer aangeboden; de Koninklijke Nederlandse Zwembond (KNZB) heeft circa 112.000 leden (2024). Dat is aanzienlijk lager dan de circa 140.000 leden in 2019. Gedurende de jaren waarin Covid-19 een grote impact op het verenigingsleven had (met name 2020 en 2021) is het aantal leden sterk gedaald, maar ook daarna is een afname zichtbaar. Hierbij moet worden opgemerkt, dat er wat betreft de ledenontwikkeling van individuele verenigingen grote verschillen kunnen bestaan.
De Nederlandse Onderwatersport Bond (NOB) is tussen 2019 en 2024 overigens even groot gebleven (circa 13.000 leden)14; als reactie op discussies over het voortbestaan van zwembaden in den lande worden in toenemende mate pogingen ondernomen om de zelfwerkzaamheid van verenigingen te vergroten en ook andere vrijwilligers in te zetten. De praktijk leert echter dat met name bij binnenzwembaden de mogelijkheden in dat opzicht niet moeten worden overschat. Het overgaan op sleutelbeheer door verenigingen blijkt vaak al een uitdagende en uiteindelijk ook maximale stap te zijn; onder invloed van verdrinkingsgevallen en ongelukken in zwembaden blijft de discussie over veiligheid actueel. Mede hierom is voor zwembaden het Keurmerk Veilig en Schoon15 opgesteld. De Meerval beschikt over dit keurmerk, maar De Plons niet.16
14
Bron: NOC*NSF, Zo sport Nederland, 2024. Het Keurmerk is een, door de zwembadbranche ingestelde, regeling met het wettelijk kader als basis en daarboven op een aantal extra kwaliteitseisen. 16 Bron: Stichting Zwembadkeur. 15
v
Bijlage 5
Exploitatieraming basisscenario
INTERGEMEENTELIJK ZWEMBAD basisscenario jaar 1
jaar 2
jaar 3
jaar 4
jaar 5
exploitatiebaten recreatief zwemmen banen zwemmen les zwemmen doelgroepen verenigingen/verhuur horeca totaal
388.000 109.000 854.000 160.000 209.000 209.000 1.929.000
395.000 109.000 854.000 160.000 209.000 210.000 1.937.000
395.000 109.000 868.000 160.000 209.000 211.000 1.952.000
401.000 109.000 881.000 160.000 209.000 214.000 1.974.000
401.000 109.000 895.000 166.000 215.000 216.000 2.002.000
exploitatielasten personeel energie water chemicaliën schoonmaak dagelijks onderhoud kantoor verkoop beheer en administratie accountant verzekeringen belastingen inkoop horeca overig totaal
1.041.000 309.000 24.000 15.000 31.000 142.000 40.000 59.000 118.000 22.000 30.000 40.000 70.000 40.000 1.981.000
1.041.000 311.000 24.000 15.000 31.000 142.000 40.000 35.000 118.000 22.000 30.000 40.000 70.000 41.000 1.960.000
1.041.000 313.000 24.000 15.000 31.000 142.000 40.000 35.000 118.000 22.000 30.000 40.000 70.000 41.000 1.962.000
1.041.000 316.000 24.000 15.000 32.000 142.000 40.000 35.000 118.000 22.000 30.000 40.000 71.000 41.000 1.967.000
1.041.000 320.000 25.000 15.000 32.000 142.000 40.000 35.000 118.000 22.000 30.000 40.000 72.000 42.000 1.974.000
exploitatieresultaat groot onderhoud exploitatieresultaat incl. groot onderhoud kapitaallasten (gemiddelde jaarlast) exploitatieresultaat incl. groot onderhoud en kapitaallasten
-52.000 394.000 -446.000 1.265.000 -1.711.000
-23.000 394.000 -417.000 1.265.000 -1.682.000
-10.000 394.000 -404.000 1.265.000 -1.669.000
7.000 394.000 -387.000 1.265.000 -1.652.000
28.000 394.000 -366.000 1.265.000 -1.631.000
vi
Bijlage 6
Investeringskostenraming zwembad Beuningen
Deze bijlage is separaat bijgevoegd.
vii
Bijlage 7
Exploitatieraming zwembad Beuningen
ZWEMBAD BEUNINGEN jaar 1
jaar 2
jaar 3
jaar 4
jaar 5
exploitatiebaten recreatief zwemmen banen zwemmen les zwemmen doelgroepen verenigingen/verhuur horeca totaal
22.000 55.000 583.000 83.000 89.000 55.000 887.000
22.000 55.000 583.000 83.000 89.000 55.000 887.000
22.000 55.000 596.000 83.000 89.000 56.000 901.000
22.000 55.000 596.000 83.000 89.000 56.000 901.000
22.000 55.000 610.000 83.000 91.000 57.000 918.000
exploitatielasten personeel energie water chemicaliën schoonmaak dagelijks onderhoud kantoor verkoop beheer en administratie accountant verzekeringen belastingen inkoop horeca overig totaal
467.000 155.000 14.000 6.000 19.000 79.000 26.000 38.000 76.000 17.000 19.000 26.000 18.000 27.000 987.000
467.000 155.000 14.000 6.000 19.000 79.000 26.000 23.000 76.000 17.000 19.000 26.000 18.000 27.000 972.000
467.000 156.000 15.000 6.000 19.000 79.000 26.000 23.000 76.000 17.000 19.000 26.000 19.000 28.000 976.000
467.000 156.000 15.000 6.000 19.000 79.000 26.000 23.000 76.000 17.000 19.000 26.000 19.000 28.000 976.000
467.000 160.000 15.000 6.000 19.000 79.000 26.000 23.000 76.000 17.000 19.000 26.000 19.000 28.000 980.000
exploitatieresultaat groot onderhoud exploitatieresultaat incl. groot onderhoud kapitaallasten (gemiddelde jaarlast) exploitatieresultaat incl. groot onderhoud en kapitaallasten
-100.000 217.000 -317.000 678.000 -995.000
-85.000 217.000 -302.000 678.000 -980.000
-75.000 217.000 -292.000 678.000 -970.000
-75.000 217.000 -292.000 678.000 -970.000
-62.000 217.000 -279.000 678.000 -957.000
viii
Bijlage 8
Investeringskostenraming zwembad Wijchen
Deze bijlage is separaat bijgevoegd.
ix
Bijlage 9
Exploitatieraming zwembad Wijchen
ZWEMBAD WIJCHEN jaar 1
jaar 2
jaar 3
jaar 4
jaar 5
exploitatiebaten recreatief zwemmen banen zwemmen les zwemmen doelgroepen verenigingen/verhuur horeca totaal
382.000 65.000 285.000 97.000 145.000 134.000 1.108.000
388.000 65.000 285.000 97.000 145.000 135.000 1.115.000
388.000 65.000 285.000 97.000 145.000 135.000 1.115.000
395.000 65.000 298.000 97.000 145.000 138.000 1.138.000
395.000 65.000 298.000 104.000 150.000 139.000 1.151.000
exploitatielasten personeel energie water chemicaliën schoonmaak dagelijks onderhoud kantoor verkoop beheer en administratie accountant verzekeringen belastingen inkoop horeca overig totaal
736.000 262.000 20.000 11.000 26.000 110.000 34.000 50.000 100.000 19.000 25.000 30.000 45.000 32.000 1.500.000
736.000 264.000 20.000 11.000 26.000 110.000 34.000 30.000 100.000 19.000 25.000 30.000 45.000 32.000 1.482.000
736.000 264.000 20.000 11.000 26.000 110.000 34.000 30.000 100.000 19.000 25.000 30.000 45.000 32.000 1.482.000
736.000 270.000 21.000 12.000 27.000 110.000 34.000 30.000 100.000 19.000 25.000 30.000 46.000 32.000 1.492.000
736.000 272.000 21.000 12.000 27.000 110.000 34.000 30.000 100.000 19.000 25.000 30.000 46.000 33.000 1.495.000
exploitatieresultaat groot onderhoud exploitatieresultaat incl. groot onderhoud kapitaallasten (gemiddelde jaarlast) exploitatieresultaat incl. groot onderhoud en kapitaallasten
-392.000 305.000 -697.000 927.000 -1.624.000
-367.000 305.000 -672.000 927.000 -1.599.000
-367.000 305.000 -672.000 927.000 -1.599.000
-354.000 305.000 -659.000 927.000 -1.586.000
-344.000 305.000 -649.000 927.000 -1.576.000
x
11