CConstaterende datBeuningen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 01 Toelichting en regels bestemmingsplan Binnenweg 2 Ewijk

Raadsvergadering 12 november 2024, gemeente BeuningenBij agendapunt: Bestemmingsplan Binnenweg 2 Ewijk19.774 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

54

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Hoofdstuk 2 Artikel 3

Bestemmingsregels

Recreatie

3.1

Bestemmingsomschrijving

3.1.1

Algemeen

De voor 'Recreatie' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijfsmatig geëxploiteerde verblijfsrecreatie in de zin van verblijfsrecreatieve onderkomens in categorie 2; b. dagrecreatie; c. water, waterberging en waterhuishoudkundige voorzieningen; d. paden; e. groenvoorzieningen; f. de opwekking van duurzame energie in de vorm van windenergie en zonne-energie alsmede warmte-koude opslag; met bijbehorende bouwwerken en voorzieningen. 3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Binnen deze bestemming mogen gebouwen en andere bouwwerken ten dienste van deze bestemming worden gebouwd met inachtneming van de volgende regels: a. verblijfsrecreatieve onderkomens zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bouwvlak'; b. er zijn maximaal 8 verblijfsrecreatieve onderkomens toegestaan, met dien verstande dat: 1. het bebouwde oppervlakte per onderkomen niet meer mag bedragen dan 35 m²; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3,5 m; c. bijbehorende bouwwerken zijn uitsluitend toegestaan ter plaatse van de aanduiding 'bijgebouwen', met dien vestande dat: 1. de goothoogte niet meer mag bedragen dan 3,0 m; 2. de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 5,0 m; 3.3

Specifieke gebruiksregels

3.3.1

Strijdig gebruik

Onder gebruik strijdig met de bestemming wordt in ieder geval begrepen het gebruiken en/of laten gebruiken van gronden en/of opstallen voor: a. het opslaan, storten of bergen van materialen, producten en mest, behoudens voor zover zulks noodzakelijk is voor het op de bestemming gerichte gebruik; b. buitenopslag; c. vrijstaande bijgebouwen als zelfstandige woning en als afhankelijke woonruimte; d. woondoeleinden, met uitzondering van de toegestane bedrijfswoningen; e. het bewonen van bedrijfsruimte; f. de huisvesting van tijdelijke werknemers; g. voor permanente bewoning van verblijfsrecreatieve onderkomens; h. het gebruik van verblijfsrecreatieve onderkomens als solitaire recreatiewoning; i. lawaaisporten; j. seksinrichting.

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

55

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

3.3.2

Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing

Het gebruik van de verblijfsrecreatieve onderkomens, waarvoor in bijlage 1 van deze regels een landschappelijke inpassing is opgenomen, is uitsluitend toegestaan indien binnen 1,5 jaar na het verlenen van de omgevingsvergunning voor bouwen van de verblijfsrecreatieve onderkomens de landschappelijke inpassing is aangelegd en in stand wordt gehouden.

56

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Artikel 4 4.1

Waarde - Archeologie 2

Bestemmingsomschrijving

De voor Waarde - Archeologie 2 mede aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming(en), bestemd voor de bescherming en het behoud van de op en/of in deze gronden voorkomende en te verwachten archeologische waarden. Het gaat hierbij om waardevolle archeologische terreinen, historische dorpskern, oude woongronden, huisterpen en overige terreinen van archeologisch belang. 4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemeen

Op de gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie 2' mogen geen gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd. 4.2.2

Uitzonderingen

In afwijking van het bepaalde in 4.2.1 mogen op of in deze gronden gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd, mits het gaat om: a. vervanging van bestaande gebouwen of bouwwerken waarbij de oppervlakte voor zover gelegen op of onder maaiveld niet wordt uitgebreid en uitsluitend de bestaande fundering wordt benut; b. het uitbreiden van bestaande bebouwing tot maximaal 2,5 m uit de bestaande fundering; c. een gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde, met een oppervlakte van ten hoogste 100 m 2 d. een gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde, dat zonder graafwerkzaamheden niet dieper dan 0,3 m onder het bestaande maaiveld en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst. 4.3

Afwijken van de bouwregels

4.3.1 Afwijken a. Bij een vergunning van Burgemeester en Wethouders kan worden afgeweken van het bepaalde in 4.2.1 met inachtneming van de voor deze gronden geldende overige bouwregels. b. Vergunning als bedoeld in 4.3 sub a wordt verleend indien bij de aanvraag vergunning een archeologisch rapport wordt overlegd waaruit naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders blijkt dat: 1. de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld; 2. archeologische waarden door het uitvoeren van bouwactiviteiten niet of niet onevenredig worden geschaad, dan wel afdoende maatregelen zijn getroffen tot behoud van die waarden; 3. er geen archeologische waarden zijn. c. Aan de vergunning als bedoeld in 4.3 sub a kunnen Burgemeester en Wethouders in ieder geval de volgende voorwaarden verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het laten doen van opgravingen volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door Burgemeester en Wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE); 3.

de verplichting de uitvoering van de bouwwerkzaamheden die leiden tot bodemverstoring te laten begeleiden door een daartoe gecertificeerde instantie, volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door Burgemeester en Wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE).

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

57

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

4.3.2

Advies

Indien sprake is van een activiteit waarvoor een omgevingsvergunning is vereist, wint de aanvrager vooraf archeologisch advies in bij de door Burgemeester en Wethouders aangewezen archeologisch deskundige. 4.3.3

Beoordeling

Alvorens de omgevingsvergunning als bedoeld in 4.3.1 te verlenen, vragen Burgemeester en Wethouders advies aan een archeologisch deskundige. 4.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.4.1

Werken en werkzaamheden waarvoor een omgevingsvergunning verplicht is

Het is verboden op of in de gronden met de bestemming 'Waarde - Archeologie 2' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van Burgemeester en Wethouders de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren, te doen of te laten uitvoeren: a. het ontgronden, afgraven, saneren, onderzuigen, egaliseren, verlagen, afplaggen en/of anderszins ingrijpend wijzigen van de bodemstructuur; b. het ophogen van de bodem hoger dan 0,3 m; c. het graven, verbreden, verdiepen van watergangen en waterpartijen; d. het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en bomen; e. het rooien van diepwortelende beplantingen en bomen, waarbij de stobben worden verwijderd f. het aanleggen van drainage; g. het aanleggen van ondergrondse leidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur; h. het uitvoeren van heiwerkzaamheden of het op andere wijze indrijven van objecten in de bodem; i. het uitvoeren van werkzaamheden ter verhoging of verlaging van de grondwaterstand; j. het verwijderen van ondergrondse fundamenten en het verwijderen en/of uittrekken van heipalen. 4.4.2

Uitzonderingen

Het in 4.4.1 gestelde verbod geldt niet voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden: a. die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van een bouwplan waarbij het bepaalde in 4.3.1 in acht is genomen; b. die in het kader van het normale beheer en onderhoud worden uitgevoerd; c. die worden uitgevoerd in bestaande weg- en/of leidingcunetten; d. die een oppervlakte beslaan van ten hoogste 100 m 2; e. die niet dieper reiken dan 0,3 m beneden het bestaande maaiveld; f. die worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits verricht door een daartoe gecertificeerde instantie; g. waarmee op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan: 1. is begonnen, voor zover daarvoor tot dat tijdstip geen omgevingsvergunning was vereist; 2. is of mag worden begonnen krachtens een verleende omgevingsvergunning.

58

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

4.4.3 Voorwaarden omgevingsvergunning a. Vergunning als bedoeld in 4.4.1 wordt verleend indien bij de aanvraag vergunning een archeologisch rapport wordt overlegd waaruit naar het oordeel van Burgemeester en Wethouders blijkt dat: 1. de archeologische waarde van het terrein in voldoende mate is vastgesteld; 2. archeologische waarden door het uitvoeren van de werken en/of werkzaamheden niet of niet onevenredig worden geschaad, dan wel afdoende maatregelen zijn getroffen tot behoud van die waarden; 3. er geen archeologische waarden zijn. b. Aan de vergunning als bedoeld in 4.4.1 kunnen Burgemeester en Wethouders in ieder geval de volgende voorwaarden verbinden: 1. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; 2. de verplichting tot het laten doen van opgravingen volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door Burgemeester en Wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE); 3. de verplichting de uitvoering van de bouwwerkzaamheden die leiden tot bodemverstoring te laten begeleiden door een daartoe gecertificeerde instantie, volgens de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie (KNA) en een door Burgemeester en Wethouders goedgekeurd archeologisch Programma van Eisen (PvE). 4.4.4

Advies

Indien sprake is van een activiteit waarvoor een omgevingsvergunning is vereist, wint de aanvrager vooraf archeologisch advies in bij de door Burgemeester en Wethouders aangewezen archeologisch deskundige. 4.4.5

Beoordeling

Alvorens de omgevingsvergunning als bedoeld in 4.4.1 te verlenen, vragen Burgemeester en Wethouders advies aan een archeologisch deskundige. 4.5

Wijzigingsbevoegdheid

Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen, teneinde: a. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van aanvullend en/of definitief archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken gronden geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn dan wel er niet langer archeologische begeleiding of zorg nodig is; b. de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' op te nemen, indien uit nader onderzoek blijkt, dat ter plaatse archeologische waarden aanwezig zijn.

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

59

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Hoofdstuk 3 Artikel 5

Algemene regels

Anti-dubbeltelbepaling

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 6 6.1

Algemene bouwregels

Ondergeschikte bouwdelen

bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen zoals plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding niet meer dan 1,0 m bedraagt. 6.2

Afwijkende maatvoering

In afwijking van het voorgaande geldt voor bestaande gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, het volgende: a. indien en voorzover de bestaande maatvoering en/of oppervlaktes en/of situering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de genoemde maxima, danwel minima overschrijden, geldt de bestaande maatvoering als maximum respectievelijk minimum. 6.3

Parkeerregeling bouwen

a. Een bouwwerk, uit het gebruik waarvan een behoefte aan parkeergelegenheid voortvloeit, mag niet worden gebouwd of verbouwd, indien op het bijbehorende bouwperceel niet in voldoende parkeergelegenheid is voorzien. b. Voorafgaand aan de verlening van een omgevingsvergunning wordt aan de hand van de parkeernormering en aan de hand van de van toepassing zijnde gebiedstypering volgens de volgende aanduiding: 1. 'buitengebied' op het moment van aanvraag van de omgevingsvergunning bepaald of is voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van het voorgenomen gebruik van het betreffende bouwwerk. c. Krachtens een voorschrift verbonden aan de omgevingsvergunning dient: 1. in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeergelegenheid zoals bedoel sub b in stand wordt gehouden; 2. in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeergelegenheid zoals bedoeld sub b wordt gerealiseerd. 6.4

Afwijken van de bouwregels

6.4.1 Minder dan voldoende parkeergelegenheid a. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.3 sub a en sub b en toestaan, dat in minder dan voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand wordt gehouden op eigen terrein, indien: 1. er voldoende parkeergelegenheid in het openbaar gebied is, of; 2. er door andere omstandigheden mede verband houdende met de aard en omvang van de nieuwe functie of het bouwwerk zoals dubbelgebruik, aanwezigheidspercentages en fietsgebruik volstaan kan worden met een lagere norm. b. afwijken van de regels, als bedoeld onder a. is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. de parkeersituatie in de openbare ruimte; 2. de woon- en leefsituatie.

60

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

6.4.2

Meer dan voldoende parkeergelegenheid

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in 6.3 sub a en sub b, in die zin dat meer parkeerplaatsen worden geëist dan het aantal dat als voldoende parkeergelegenheid wordt beschouwd, indien het voorgenomen gebruik van het bouwwerk daartoe aanleiding geeft.

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

61

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Artikel 7 7.1

Algemene gebruiksregels

Parkeerregeling gebruik

a. Het planologische gebruik van gronden en bouwwerken mag niet zodanig worden gewijzigd, dat daardoor op het bijbehorende bouwperceel niet in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien. Deze regeling geldt niet voor het bestaande gebruik van gronden en bouwwerken passend binnen de regels van het geldende bestemmingsplan. b. Of er in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien, wordt bepaald aan de hand van de parkeernormering en aan de hand van de van toepassing zijnde gebiedstypering volgens de volgende aanduiding: 1. 'buitengebied'. c. de parkeergelegenheid dient in stand gehouden te worden. 7.2

Afwijken van de gebruiksregels

7.2.1 Minder dan voldoende parkeergelegenheid a. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.1 en toestaan, dat in minder dan voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand wordt gehouden op eigen terrein, indien: 1. er voldoende parkeergelegenheid in het openbaar gebied is, of; 2. er door andere omstandigheden mede verband houdende met de aard en omvang van de nieuwe functie of het bouwwerk zoals dubbelgebruik, aanwezigheidspercentages en fietsgebruik volstaan kan worden met een lagere norm. b. afwijken van de regels, als bedoeld onder a. is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van: 1. de parkeersituatie in de openbare ruimte; 2. de woon- en leefsituatie. 7.2.2

Meer dan voldoende parkeergelegenheid

Het bevoegd gezag kan afwijken van de parkeernormering, in die zin dat meer parkeerplaatsen worden geëist dan het aantal dat als voldoende parkeergelegenheid wordt beschouwd, indien het voorgenomen gebruik van het bouwwerk daartoe aanleiding geeft.

Artikel 8 8.1

Algemene wijzigingsregels

Wijziging gebiedsindeling

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen in die zin dat de begrenzing tussen de gebieden met verschillende gebiedstyperingen wordt aangepast.

62

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Hoofdstuk 4 Artikel 9

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

9.1

Overgangsrecht bouwwerken

9.1.1

Algemeen

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 9.1.2

Afwijken bij omgevingsvergunning

Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in 9.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 9.1.1 met maximaal 10 %. 9.1.3

Uitzondering

Het bepaalde in 9.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 9.2

Overgangsrecht gebruik

9.2.1

Algemeen

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 9.2.2

Strijdig gebruik

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in 9.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 9.2.3

Onderbroken gebruik

Indien het gebruik, bedoeld in 9.2.1, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 9.2.4

Uitzondering

Het bepaalde in 9.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

63

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Artikel 10

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Recreatiesuites Doddendael'.

64

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

65

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Bijlagen regels

66

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

bestemmingsplan Recreatiesuites Doddendael

Bijlage 1

Landschappelijke inpassing

bestemmingsplan "Recreatiesuites Doddendael" (definitief)

67

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Beuningen&id=d0cf5dea-cdc5-4f15-9544-9232486d9ea6