18 Aanvullende informatie n.a.v. hoorzittingen
Tekst van het document
Beleef de kracht van windturbines bij 11 BEAUFORT. Dé plek om op interactieve wijze meer te weten te komen over windturbines en duurzame energie in het algemeen. Kom te weten hoe een windturbine werkt, wat het nut ervan is en hoeveel geluid een windturbine maakt. Maar ook het belang van groene, duurzame energie en nog veel meer interessante wetenswaardigheden, ontdek je bij 11 BEAUFORT. Windturbines van dichtbij ervaren? Met een rondleiding en op een interactieve manier kom je alles te weten over windenergie, duurzame energie en Windpark Noordoostpolder.
Met vriendelijke groet, Camping de Muk, Camperverhuur Vonk, CRC Winssen
1
pror,:incielrenthe Bijlage H Obstakelvrije vlakken in relatie tot windenergie betrekking hebbende op helihaven EmmerCompascuum
PROVINCIE DRENTHE H ELIHAVEN H ELI.HOLLAND
16-R-243 Project: Advísering LHB Helihaven Heli Holland versus locatie Windturbines te plaatsen door Gemeente Emmen Jaar 201 6
Onderzoek is uitgevoerd in opdracht van: Provincie Drenthe,
Afdelingen: Team Verkeer en Vervoer (Mw. G. Akkerman) en Team Milieu, Bodem en Energie (Dhr G. Hotsma) Provinciehuis te Assen
Ref. Zaaknummer: 0201102216, d.d. 25 Mrt.2016
Verplichtingsnr:71974 d.d. 18 Apr 2016
Onderzoek is uitgevoerd en rapportage opgesteld door:
lr. lr.
Sj. Nooitgedagt
M. Ruis l.r.
-2-
proaincielrenthe INHOUDSOPGAVE
LIJST MET AFKORTINGEN
1.
2.
3.
5
OPDRACHT
-6-
1.1. INTRODUCTIE
-6-
1.2. VRAAGSTELLING
-6-
1.3. WERKZAAMHEDEN
6
ALGEMEEN
7
2.1.
ONDERZOEKSTEAM EN DATUM
2.2.
NORMEN
-7 -
2,3-
GEGEVENS
-7-
7
RAPPORTAGE
-8-
3.1.
INLEIDING
I
BESCHRIJVINGBESTAANDESITUATIE
8
3.2.
I I I
3.2.1. Locatie 3.2.2. Gebruik 3.2.3. Klimatologischeinformatie(wind) 3.2.4. Hoogtebeperkingen in verband met de vliegveiligheid 3.2.5. Huidige in- en uiwlieqruimte 3.2.6. Effect van plaatsen windturbines
9 9
9
3.3. GESPREKKEN MET FUNCTIONARISSEN EN BETROKKENEN
-10-10-10-10-
3.3.1. ProvincieDrenthe 3.3.2. HeliHolland 3.3.3. Ooerationeel en meteorologisch experts 3.3.4. Gemeente Emmen 3,3.5. Ministerie l&M (lL&T en DGB) 3.3.6. Agrariërs / veehouders
4.
-1t-
-'t1-12-
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
- 13 -
4.1.
BENODIGDE IN. EN UITVLIEGRUIMTE
-13-
42
LOCATIE WINDTURBINES
-13-
4.3.
OVERIGE AANBEVELINGEN
-14-15-
APPENDIX 1 APPENDIX 2 APPENDIX 3 APPENDIX 4 APPENDIX 5
-17 -
-19-24 -22 -
-3
pror,sincielrenthe -24 -24 -27
APPENDIX 6 APPENDIX 7 APPENDIX 8
-4-
prorsincielrenthe LIJST MET AFKORTINGEN
ADM AFL / AGL AIP D DGB
Aerodrome Design Manual (ICAO document) Air-Field-Lighting / Ai rport-Ground-Lighting Airport lnformation Publication Helicopter greatest overall dimension Di rectoraat-Generaal Bereikbaa rheid
Frangible (ity)
Final Approach and Take-Off Area Breekbaar (heid)
Gn
Groen
HAPI
Helicopter Approach Path lndicator
tcAo
lnternational Civil Aviation Organization lnspectie Leefomgeving en Transport
FATO
IL&T LDAH LHB LOA
Landing Distance Available for Helicopters
Min l&M MTOW
Ministerie van lnfrastructuur en Milieu Mean Sea Level Maximum Take-Off Weight
OLS
Obstacle Limitation Surface
RTODAH RWY
Rejected Take-off Distance Available for Helicopters Runway Visual Range Runway (Start-/Landings Baan)
SAR
Search And Rescue
TLOF
TWY
Touchdown and Lift-off area Taxiway (Rolbaan)
UDP
Uniforme Daglicht Periode
VFR
Visual Flight Rules Visual Meteorological Conditions
MSL
RVR
VMC
Luchthavenbesluit Lengte Over Alles
5
prooincielrenthe OPDRACHT lntroductie ln de provincie Drenthe, Gemeente Emmen ligt de helikopterluchthaven van Heli Holland Airservice. Om te voldoen aan de energiedoelstelling van de Provincie heeft de Gemeente Emmen ten noordoosten van de helihaven een zoekgebied (Pottendqk) vastgesteld voor het plaatsen van windturbines. Een aantal van de windturbines zijn gepland in de in- en uitvliegsector van Heli Holland, en leveren mogelijk een veiligheidsrisico op voor de vliegoperaties. Opmerking vooraf: al de locaties van windturbines die voorkomen in het rapport op kaarten,
zijn indicatief. De gemeente Emmen heeft op het moment van het verschijnen van dit rapport nog geen exacte windmolenopstelling gedefinieerd.
1.2. Vraagstelling De provincie Drenthe vraagt adviseur (ATN-Nooitgedagt B.V.) om: vast te stellen welke minimale in- en uitvliegruimte Heli Holland daadwerkelijk nodig heeft om veilig te kunnen opereren; en een onderbouwd advies te leveren of de geplande locaties van de
windturbines acceptabel zijn, danwel verplaatst of geannuleerd moeten worden. Het uiteindelijke advies moet resulteren in een veilige en operationeel bruikbare in- en uitvliegsector (vergunbaar met een Verklaring voorVeilig Gebruik Luchtruim van de lnspectie Leefomgeving en Transport) voor Heli Holland, waarbij zoveel mogelijk geplande windturbines behouden blijven. De Provincie heeft deze vraag ook aan lL&T voorgelegd, daarom wordt dit onderzoek daar waar
mogelijk met lL&T afgestemd. Het is de intentie dat alle betrokken partuen de gedane uitspraken en de voorgestelde maatregelen en/of acties kunnen accepteren.
1.3. Werkzaamheden De volgende werkzaamheden maken deel uit van de opdracht:
Beoordeling ligging helihaven t.o.v. heersende windrichting en de te gebruiken in- en uitvliegrichtingen, danwel in- en uitvliegsector; lnventarisatie van in de nabijheid gelegen obstakels zoals hoogspanningslijnen, boorlocaties, specifieke instellingen (Ziekenhuizen, Penitiaire instellingen etc. etc.), kerktorens, natuurgebieden en eventuele a gra riërs/veehouders; Beoordelen van geplande windturbines met een hoogte tussen de 180 en 210m welke door de Gemeente Emmen zijn voorgesteld om geplaatst te worden in het zoekgebied "Pottendijk"; Het onderzoeken en beoordelen of de voorgestelde windturbinelocaties: conflicteren met de obstakelvlakken van de helihaven, wat tot een beperking van de bedrijfsactiviteiten van Heli Holland zou kunnen leiden; en/of de vliegveiligheid in gevaar zou kunnen brengen tijdens de uitoefening van bedrijfsvluchten van en naar de helihaven; Het opnieuw vaststellen van de benodigde obstakelvrije vlakken en in- en uitvliegsector, conform de vigerende regelgeving (zie2.2\; Het opstellen van een adviesrapport met conclusies en aanbevelingen.
-6-
pror.tincie!renthe OPDRACHT
Onderzoeksteam en Datum De opdracht is uitgevoerd in de periode 6tlm22aprildoor:
lr. Sj. Nooitgedagt SAE lr. M. Ruis MovingDot
ATN-Nooitgedagt B.V.
Tijdens de uitvoering van de opdracht is met de volgende personen overlegd en/of gesproken over het onderzoek en de beoogde doelstellingen:
Mw. G. Akkerman Beleidscoórdinator Verkeer en Vervoer Provincie Drenthe Projectleider Milieu, Bodem en Energie Provincie Drenthe lng. G. Hotsma Dhr. R. Haring Directeur Heli Holland Air Services b.v. Dhr. B. Schouten Voorma lig heli koptervl ieger en consultant Movi ngDot Dhr. J. Pille Chef vlieger CHC Helikopters Holland lng. M. van Velzen Senior lnspecteur Luchtvaart lL&T lng. R.vanden Heuvel Senior Beleidsmedewerker Luchtvaartveiligheid DGB Dr. J. van der Meulen Weten scha ppel ijk beleidsmedewerker KNM I
Normen Bij de uitvoering van het onderzoek is gebruik gemaakt van de normen uit: ICAO Annex 14, Volume ll Heliports (4" en laatste editie juli 2013), ICAO Doc 9261-AN/903 Heliport Manual (editie: 1995)
Regeling Burgerluchthavens (geldend vanaf 01 -07-201 5) Regeling Veilig Gebruik Luchthavens en andere Terreinen (geldend vanaf 01-07-201s) Regeling tot wijziging van de regeling burgerluchthavens in verband met hoogtebeperkingen voor luchthavens die uitsluitend door helikopters worden gebruikt en het berekeningsvoorschrift voor windturbines (geldend vanaf 01-07-2016).
Voor deze specifieke aangelegenheid zijn de normen aangevuld met aanbevelingen op het gebied van separatie van vliegverkeer en windturbines, zoals: CAP 764 (CAA Policy and Guidelines on Windturbines) van CAA UK.
Gegevens Ter oriëntatie zijn de volgende kaarten door de Provincie Drenthe en Heli Holland beschikbaar
gesteld: Topografische gebiedskaart van het gebied rond Heli Holland en Emmer-Erfscheidensveen, Gemeente Emmen (Appendix 1); Door Heli Holland geproduceerde kaartje (Google Maps) met de ingetekende voorgestelde windturbinelocaties en zonering van de in-en uitvliegroutes in het zoekgebied Pottendijk (op basis van het kaartje Readhuys/Íard), (Appendix 2).
7
pro,rsincielrenthe
RAPPORTAGE
lnleiding Deze rapportage weerspiegelt de resultaten van het onderzoek en de evaluatie van de bevindingen en gesprekken aangevuld met conclusies en aanbevelingen.
Beschrijving bestaande situatie Locatie De huidige helihaven van Heli Holland ligt aan de oostkant van Emmer-Compascuum iets ten westen van het dorp Emmer-Erfscheidenveen, ongeveer 2 kilometer ten oosten van de stad Emmen en grenst aan omliggend agrarisch gebied. De coórdinaten van de exacte locatie welke is vermeld in het LHB zijn: X:260.841 en Y:536.369
Gebruik De Helihaven bestaat uit een landingsfaciliteit, hangaar en gerelateerde voorzieningen ten behoeve van de bedrijfsvoering van het helikopterbedrijf Heli Holland (directeur René Haring). Helikoptervluchten van en naar de Helihaven worden uitgevoerd door o.a. Heli Holland en clientèle. De volgende helikoptertypen worden hiervoor gebruikt de Schweizer 269C, de H269, Schweizer 269D (H269), De Augusta Bell 2068, de Bell 2061, de EC 120 en EC 130, de AS 355 en de EC 155 (81). Vanaf de helihaven wordt uitsluitend binnen UDP gevlogen onder zichtvliegregels (VFR). De Schweizer H269 is het meest kritische toestel (Performance Class 3) waarmee gevlogen wordt. Klimatologische informatie (wind) Jaar 20í2
Normaal í981-2O10
t I f:ï w
-ï rtlLt/at 2.2o/o
z
N
I
&a
r-: gn
w
z
-B-
prooincielrenthe Windroos Hoogeven, jaar klimatologie
Windroos Eelde, jaar klimatologie
í januad Um 31 dftembe.(tljdvak 1981-2000)
1 lanuêd Um 31
d@mboí (tiidvak 1S71-2000)
-)
sliltoar 1%
i. l *% KNMI
(c, 2@2. RNMI Kimldqi*he Oietrd
I
30 9.0
&
KNMI
(c)2m2. (NrJl K[md4lsdo o6nsl
i
6.0- 8.9m/3
Bij het uitvoeren van de opdracht is rekening gehouden met de meest voorkomende en de overheersende windrichtingen die voorkomen in het betreffende gebied (zie bovenstaande statistische diagrammen). Als basis hiervoor zijn o.a. waarnemingen
van het KNMIgebruikt.
Hoogtebeperkingen in verband met de vliegveiligheid Op lage hoogte heeft een helikopter voorwaartse snelheid nodig om veilig te kunnen landen in het geval van een motorstoring. Een start- of landingsprocedure is dus niet verticaal. Zodra de helikopter een hoogte bereikt van 500 voet (150 meter), is de combinatie van hoogte en snelheid doorgaans voldoende om veilig te kunnen manoeuvreren. Om deze reden gelden er hoogtebeperkingen voor obstakels in de directe omgeving van de helihaven en onder de start- en landingsroutes. De dimensies van deze beperkingen zijn voorgeschreven door ICAO en de Nederlandse wet en moeten in het luchthavenbesluit worden opgenomen. Op een kaart worden deze beperkingen
gevisualiseerd als denkbeeldige vlakken met een bepaalde hoogte waar obstakels niet doorheen -sterktes veilig te kunnen starten en mogen penetreren. Om bij zoveel mogelijk windrichtingen nodig in landen, zijn obstakelvrije in- en uitvliegroutes tenminste twee richtÍngen, met een minimaal verschil in magnetische richting van 150 graden.
en
Huidige in- en uitvliegruimte Direct ten zuiden van de helihaven loopt een weg met lantaarnpalen en hoge bomen. Deze obstakels zijn te hoog om veilig overheen te starten en landen. ln westelijke richting ligt de woonkern van Emmen en in oostelijke richting de woonkern van Emmer-Compascuum. Ten noordwesten van de helihaven ligt een varkensstal en ten oosten een koestal. Om geluidsoverlast te voorkomen worden deze vliegrichtingen vermeden. ln de magnetische richtingen tussen 300 en 44 graden zijn geen beperkingen. Deze in- en uitvliegruimte wordt in de huidige situatie door Heli Holland benut en was oorspronkelijk in de BIGNAL verklaring vastgelegd. Gezien de ontwikkelingen en het overleg wordt het voorgesteld deze uitvliegruimte te wijzigen in: 280 en 26 graden. Effect van plaatsen windturbines
Ten noorden en noordoosten van de helihaven heeft de gemeente Ernmen de zoeklocatie "Pottendijk aangewezen voor het plaatsen van 50,5 MW aan windturbines. (Gemeentelijke structuurvisie Emmen, Windenergie, 28 juni 29'16). Dit gebied ligt deels in of naast de huidige in- en uiWliegsector van Heli Holland. Ten eerste zijn de turbines tot 210 meter hoog en vormen daardoor een statisch obstakel. Ten tweede genereren windturbines turbulentie die gevaarlijk kan zijn voor helikopters die daar achterlangs of er doorheen vliegen. Voor vliegverkeer gelden normen voor separatie ten opzichte van
-9-
provincielrenthe statische obstakels (zie 3,2.4).Er zijn echter geen normen voor separatie ten opzichte van turbulentie van windturbines. ln afiruachting van uitgebreider onderzoek en wettelijke criteria heeft CAA UK (de luchtvaartautoriteit van het Verenigd Koninkrijk) richtlijnen opgesteld (zie sectie 2.2). Hierin wordt geadviseerd om vrij te blijven van een windturbine tot 5 maal de rotordiameter benedenwinds van de turbine. De rotordiameter bedraagt 120/'130 meter (afhankelijk van het fabricaat en geïnstalleerde
type), wat een minimale separatie oplevert van 600/650 meter. Om de vliegveiligheid niet in het geding te laten komen moest het zoekgebied Pottendijk worden verkleind, of de vliegroute in noordoostelijke richting worden geannuleerd. Dit laatste bleek onacceptabel voor Heli Holland. Bij een westenwind wordt namelijk vanuit het oosten geland en bij een oostenwind wordt in de richting van het oosten gestart. Het niet kunnen uitvoeren van de betreffende vluchten door het plaatsen van windturbines zou verstrekkende gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering van Heli Holland. Het niet plaatsen van windturbines heeft echter ook gevolgen voor de energiedoelstellingen van de Gemeente Emmen en de Provincie Drenthe. Om een compromis te vinden zijn gesprekken gevoerd met diverse betrokkenen voorafgaand aan de vaststelling van de structuurvisie Emmen, Windenergie (zie sectie 3.3).
3.3. Gesprekken met functionarissen en betrokkenen Provincie Drenthe Op 6 april 2016 vond overleg plaats op het Provinciehuis te Assen met Beleids- coordinator luchtvaart Mw. Geertje Akkerman en de Projectleider windenergie Dhr. Gerlof Hotsma. Na introductie is het doel van het onderzoek toegelicht, waarbij vooral de mogelijke knelpunten en oplossingen uitgebreid zijn besproken. Het werd aanbevolen om de richtlijnen van de CAA UK aan te houden voor de separatie tussen windturbines en vliegverkeer.
HeliHolland Op 7 april 2016 is een bezoek gebracht aan de vestiging van Heli Holland te Emmercompascuum. Met de directeur René Haring is onder andere gesproken over: 1. de huidige locatie van de helihaven en de ligging t.o.v. omringende dorpen (met incidentele en aaneengesloten bebouwing); 2. bestaande obstakels binnen en naast de obstakelvlakken zoals stallen, boerderijen, geboomte (ca. l Bm) en hoogspanningsmasten (1 10 Kv, geschatte hoogte ca. 50m); 3. de huidige obstakelvlakken en in- en uitvliegroutes; 4. de geplande locaties van de windmolens en de verwachte impact op de vliegveiligheid; 5. de obstakelvlakken en in- en uitvliegroutes zoals in eerste instantie was voorgesteld door Adecs;
Op 19 April is er opnieuw een bezoek gebracht aan Heli Holland. Dit keer is er overeenstemming bereikt met René Haring over de aanpassing aan obstakelvlakken, in- en uiwlíegsector, en de voorgestelde locaties van de windturbines (zie hoofdstuk 4). Operationele en Meteorologische experts Op 12 april is gesproken met senior consultant Bram Schouten van MovingDot (voormalig luchtverkeersleider bij LVNL, en voormalig helikoptervlieger bij Defensie) om een onafhankelijke mening te verkrijgen over de ruimte die nodig is voor veilige helikopteroperaties in de nabijheid van de helikopterluchthaven.
-10-
provincielrenthe Dhr. Schouten adviseert om de huidige in- en uitvliegsector vrij te houden van windturbines. Op die manier is er voldoende manoeuvreerruimte om bij de overheersende windrichtingen en -sterktes veilig te kunnen starten en naderen. Ook is het ongewenst om laag bij de grond scherpe bochten te moeten maken, omdat in het geval van een motorstoring de helikopter zo snel mogelijk tegen de wind in moet worden gedraaid voor de landing. Een gecontroleerde landing bij een motorstoring is vooral in het geval van éénmotorige helikopters een kritische manoeuvre die in enkele seconden
moet worden uitgevoerd. Op 15 april is gesproken met Jurgen Pille, chef vlieger van CHC helikopters. Met Dhr. Pille is voornamelijk gesproken over het in- en uitvliegen met de meest kritische heli's die gebruik maken van gebogen in- en uíWliegroutes. Hij bevestigde de mening van Heli Holland dat deze "curved approaches" geen belemmering vormen voor hun meest kritische helikopter (H269). Op 18 april is gesproken met het KNMI Dr. Jitze van de Meulen die de volgende informatie verstrekte: Er zijn volgens het KNMI geen diepgaande onderzoeken geweest naar de effecten van turbulentie en "Vortex" bij windturbines. TNO heeft alleen onderzoek verricht naar geluidsproductie van windturbines op land en zee en de mogelijke verstoring van Radar. Uit onderzoek is gebleken dat de turbulentie achter de windturbine mede afhankelijk is van de weersomstandigheden en de hoeveelheid opgestelde turbines. De turbulentie kan (onder bepaalde omstandigheden) een afstand van 5 tot 7 keer de rotordiameter bereiken (benedenwinds) van de turbine. Gemeente Emmen Op 1 1 April is door de Prov. Drenthe (Hr. G. Hotsma) gesproken met Gemeente Emmen, Projectleider Windenergie (Hr Eric SnUder) over de voorgestelde locaties van de te plaatsen windturbines.
Daarbij werd verzocht of het mogelijk is om 4 van de in het planMER geprojecteerde windturbines te verplaatsen naar de noordzijde van het (gemarkeerde) zoekgebied. Dit voorstel werd door Gemeente Emmen van de hand gewezen, omdat het zoekgebied qua omvang inmiddels is vastgesteld op basis van de toepassing van de afstandsgrenzen to woongebieden. Dit om hinder te voorkomen voor de bewoners. Ministerie l&M (lL&T en DGB) Op 12 april is met Senior lnspecteur Maikel van Velzen van lL&T gesproken om inzicht te krijgen waar lL&T op toetst bij het aanvragen of wijzigen van een LHB. Op 13 april is per e-mail contact geweest met Senior Beleidsmedewerker Luchtuaartveiligheid Robbert van den Heuvel (DGB) over recente ontwikkelingen in de nationale wet- en regelgeving met betrekking tot helikopterluchthavens en windturbines. Er zijn geen richtlijnen of criteria voor de separatie van vliegverkeer ten opzichte van windturbines.
Deze zijn ook niet voorzien in de nabije toekomst. Windturbines worden behandeld als'gewone' obstakels in de zin van ICAO Annex l4,Vol.ll, hoofdstuk4.Êen eventueel onderzoek naar de gevolgen van turbulentie/windverstoring door windturbines en de invloed daarvan op het gebruik van luchtvaartuigen zal complex en omvangrijk zijn. Hier wordt op dit moment door het Ministerie van lenM nog geen onderzoek naar gedaan.
Ondanks dat er geen wettelijke normen bestaan voor de separatie van vliegverkeer ten opzichte van windturbines, geldt wel dat de Verklaring Veilig Gebruik Luchtruim kan worden ingetrokken indien later blijkt dat de vliegveiligheid in gevaar wordt gebracht door turbulentie van windmolens. Bovendien is het waarschijnlijk dat er in de toekomst wél wettelijke normen worden vastgesteld. Het is dus aan te raden om hierop te anticiperen door een grote marge aan te houden tussen vliegverkeer en windturbines.
-11 -
proaincielrenthe Agrariërs / veehouders ln de buurt van de Helihaven zijn een aantal veestallen (koeien- en varkensstallen) gesitueerd. Heli Holland vliegt nooit over deze stallen heen, om geen paniek of stress onder de dieren te veroorzaken. Veehouders hebben momenteel dan ook geen last van de operaties van Heli Holland. Er is geen overleg geweest met agrariërs en/of veehouders, omdat het niet voor de hand ligt dat Heli Holland in de toekomst wél over deze veestallen heen zal vliegen.
-12-
pror,tincielrenthe CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Benodigde in- en uitvliegruimte Aan de noordoostkant is het mogelijk voor Heli Holland om enige manoeuvreerruimte in te leveren. De in- en uitvliegsector komt dan tussen 280 en 26 graden magnetische richting te liggen. De sector dient vrij te blijven van windturbines, maar ook van turbulentie als gevolg van windturbines. Deze manoeuvreerruimte is nodig om bij zoveel mogelijk windrichtingen en -sterktes veilig te kunnen starten en naderen. Ook is het ongewenst om laag bij de grond scherpe bochten te moeten maken, omdat in het geval van een motorstoring (engine out) de helikopter zo snel mogelijk tegen de wind in moet worden gedraaid voor de landing. Dit geldt specifiek voor de meest kritische performance class 3 helikopter (H269).
Doordat de wet- en regelgeving in de tussentijd is aangepast geldt voor de obstakelvrije vlakken een helling van12,5o/o. Dit betekent dat de obstakelvlakken steiler lopen en op kleinere afstand van de helihaven een hoogte van 500 voet bereiken. De nieuwe in- en uitvliegsector heeft daardoor een radius van 1220 meter waar deze oorspronkelijk 3386 meter was. Om de benodigde obstakelvrije ruimte vast te leggen in het luchthavenbesluit, moet er een nieuwe kaart met hoogtebeperkingen worden getekend. De hoogtebeperkingen komen overeen met in- en uitvliegroutes langs de randen van de in- en uitvliegsector (zie Appendix 6, 7en 8). Deze voorgestelde in- en uitvliegroutes voor de helihaven Emmer-Compascuum en de daarbij behorende obstakelvlakken (Appendix 6 t/m 8) voldoen ons inziens aan de geldende wet- en regelgeving (zie hoofdstuk2.2), na de toepassing van de aanbevelingen zoals deze in dit rapport zijn
voorgesteld. ln de voorgestelde in- en uitvliegsector (Appendix 8) zijn geen obstakels die boven een hellend vlak van 12,5o/o (gerekend vanaf de FATO) uit komen.
Locatie windturbines Ten opzichte van de laterale grenzen van de in- en uitvliegsector moet een extra separatie worden
toegepast met windmolens om te voorkomen dat turbulentie van de windmolens de vliegveiligheid in gevaar brengt. Op basis van reeds uitgevoerd onderzoek van CAA UK en het advies van KNMI adviseren wij dat deze extra separatie tenminste 600/650m (5x rotordiameter) bedraagt. Dat leidt tot de volgende aan- bevelingen voor de geplande loctaties van de windturbines (zie kaart in Appendix 8): De twee in het planMER geprojecteerde windturbines die in de vliegsector (rood gemarkeerde
locaties) staan moeten worden geannuleerd. Voor de windturbines die buiten de vliegsector staan maar binnen de marge van 600/650 meter (oranje gemarkeerde locaties), geldt dat: 6. ze naar het oosten moeten worden verplaatst zodat ze buiten de marge van 650 meter staan (zie voorbeeld kaartje Appendix B Alternatief 243a); of
-13-
proaincielrenthe 7. ze op die locaties kunnen worden gerealiseerd, mits de turbines buiten bedrijf worden gesteld bij nader te bepalen windrichtingen tussen noord en oost. Deze beperking geldt alleen binnen UDP omdat er buiten UDP niet wordt gevlogen door Heli Holland.
Overige aanbevelingen Omdat Heli Holland gebruik kan maken van de hele in- en uitvliegsector en niet alleen de in- en uitvliegroutes waarop de obstakelvlakken zijn gebaseerd, verdient het de aanbeveling dat de hele sector wordt aangemerkt als gebied dat obstakelvrij moet worden gehouden. Dit zou vervolgens in het bestemmingsplan van de Gemeente moeten worden opgenomen om te voorkomen dat er in de toekomst vergunning wordt verleend voor het oprichten van obstakels in de vliegsector, zonder consultatie van Heli Holland. Heli Holland dient er op toe te zien dat deze sector vrij van obstakels brijft. Het wordt aanbevolen de aangepaste obstakelvlakken, zoals vermeld in dit rapport, die worden opgenomen in het nieuwe aangepaste LHB, op te nemen in het bestemmingsplan van de Gemeente Emmen, als daadwerkelijke en te gebruiken in- en uit-vliegsector. Bestemmingsplan en LHB moeten wat betreft obstakel vrije ruimte en obstakelvlakken overeenkomen.
OPGESTELD EN GEDATEERD: 20 SEPTEMBER 2018
lr. Sj. Nooitgedagt
frJJ*toorrGEtrÀGïr.r, Airport Engineers and Consultants
WWW: www.ATN-Nooitgedagt.com
-14-
prooincielrenthe APPENDIX 1 Kadastrale kaart gebied rond Heli Holland
-15-
proaincielrenthe Legenda Nêdeílsndr€ bovÊngfondËê hoogÊpannln0Bnct Bui*leHlng, NAM
-a !
HslrHott6nd
*crn eonè 3 lilomelêr om HJèliHollánd
t
,a
I
F
i
'lL I
'_\.{:!
.L. rl.
I :
i
I
t
1
'!
:
-16-
proaincieprenthe APPENDIX 2 Kaartje Heli Holland (Google Maps) met ingetekend indicatieve locaties van de windturbines in plan "Pottendijk".
-17 -
proaincielrenthe
-18-
proztincieprenthe APPENDIX 3 Kl imatolog ische (wind)informatie
W
Windroos Eelde, iaar klimatobgie l Fnlrit/m 31 dwnber ffidvak 1971-2m)
Wndrooo Hoogeveen, jaar klimatokrgb 1 FÍuai |tm 31 duilÈer (liÍlvak í981-2fi10)
snittr
sn\rs
1%
1%
íf Y
<= 29 mls
#tt
z
KNM | (c)2@. Kilffr KfnaHoÉróaDiarct
3.O- 5.9 mrs 6.0 - E.9 ÍÍila >= 9.0 ntb
rtqtt KNM I (Q 2qI2. Kt{lr{ KffigËàê ÍlrrÉ
til ilt
-19-
I
<= 2"9 rr5 3.0 - 5.9 mrs 6.0 - 8"9 ÍÍÍ3 >= 9"0 nrÍe
prooincielrenthe
APPENDIX 4
lnformatie verstrekt door Heli-Holland m.b.t Engine-out karakteristiek voor de meest kritische Helikopter de H269C.
-20 -
pror:incielrenthe
IIKORSI{Y AIRCBAFT GORP. llodrl l6eC Hrllcoptrr
Opcrrtlonr t Frríormlncr Pllot'r Fllght trnurl
I E
I
I? l
a
a
a
tt lit|lm-Ë
I
tr
Aulorotstiofl, 471 Ro{or rpm
Figure E- 10. Rate of De*eenr
Rdrrurd: 07 Dre 2012
8.11
-21 -
prooinci,eprenrhe
APPENDIX 5 lnformatie van Raedthuys (vnnoerurRcv) m.b.t Windturbine locaties in zoekgebied Pottendijk
-22-
proaincielrenthe
Locatie Fottendijk
RAEDTHUYS,
fu,*4
ïNRDENERCY
*prnerle rn6 van Ëaedthuy:lYrrd bij het *peilbrar maken von dere ap:tetlingsv;lrlanl. "l{91 rï /{t Lirtf trr.l dr, vcu rgrsfe/de l{:srÍ r"re í dr erg: ltelfutg vc.il Wtnítpsrk PaltendrlÍ à€ iv r.rgt frít' í oe der/d ftrhften $rÉf {Jf ..nri#cfré'ndÈr Êe rsdr*n Areryor:r r{ {ítrl er bq Faftend4* ritrË rr}ilqlslii*jh*ue* rSrr gnr rtt rtvÈtíeg met ríe *rrrwonendqx dr rprfeli;*g oon fe FJoJSfr!. llet Ís usrr síl! pr'htf I qecn ;:r*blrc.rn uls rïr" g6rlggr:le. r-r/ Wind*rorilS àesjirtt ,Íe uacrgesl*lde op:tr,llng t+rj te dele."r nrÈl íJg lrr:!ïcrrr-r1. derr tVt' hsbben ,rmnrPrg er*ílcel .n{tÈtfe.rrd m€t ir{,f openbit(}r rnoken u,ir!, LlnÍÈ *ËilrSlgllen k*t herlt
wtl uni* u**rlrurrÍ*Í*rlr:*erg*v*lr,{lrrt$en|rr:Ê,"n:ctrnq, lr1:rrrÍf bi1 eér!pldd{rtdr*psleiïrnrJ*ptt irfgi t:rtdgrl l{tn urlr,Írrf n alr g*"velq vt* t!'rr.l$q rnf Í dr n**,ern*ndrl al rníné*r íurrnlr rtnrvfgr /íel;
li*llcr:i/ "
23
prooinci.elrenthe APPENDIX 6 ln- en uitvliegroutesl-sectoren 1 : 500
-24 -
orooincie [)renthe tl ambulance-post
posltie heli-hollal-d rtÍ"
i
i
i
t
I
\ I
I
I
l
1.
I
i
I
FIÊST
sÉgfrolr
:m*' Wltí'dn
I
-25 -
pror,tincieprenthe APPENDIX 7 ln- en uitvliegroutes/-sectoren 1 : 2.000
-zo-
brooincie., llrenthe , I ! t
I , , , , I I , t
,
t I I
I
I
I , ,
, , , ,
, , ,
,
r'i
I
KOEIEÍ{sTAL
t
T
,
I
l
I
f rb,.t_
l f j+f
I
\
L I I I
*
f CÊd&hr{Ém
tarda.lsÈalt
fiooqffidrln€ri.r
ÍbsxqredrJ
ÉlÊsÍ s sËriloil lffi
r*ir.t!
*
.__^4
!ht:!-!]
ru .
.-Y:ft:'
'1
|ct.ll*til
{Ê! nóIrG
rEËffi*
F'l; nEi,iji- iieir* -t; tuÊr 20m fl1ffiffi e lËrtrÉtE U@á
-27 -
-t'- ..
prooincíeprenthe APPENDIX 8 ln- en uiwliegroutesl-sectoren 1 : 10.000 en het alternatief, kaartje 243a.
-28 -
pro,uincieprenthe De locaties van de windturbines zijn indicatief.
I
il
)
I
\
I
t{
I
t
I Forftla sindh&l$g hj6*rïw" fi.-ilfikn I I
a 6 I
I
r
t(ff**q{ ldËffih.páíbg Te anrolrcn
I
k}filÊgsmt - -rdf,E
1
\
lladfdí&tÊ
nos$br#rMtrfl (l$!F4Ercffi! H!*!nr,0 rnr* l3?gm raÉ!Í --_" se l!fi;dFq 3jÉ& rdru:
},ffi
-29 -
!4
-0t-
. i: &r
r*:f,
6ff€
- ir i!{ÍrTlr{ HtrroÈ+ |tB
.t
ll
.t.
i:=j
il I
rttilti$F;Fld tf lifsy
**t**t,*
L; it{ it.:
t-'
:--,:+-+-
-!*i
L,] if
,t# rFeilA
+:,i
lt
|í|nrJ ursEË .lrsa F|,lrl{,t{
1 :lcr
iff.'
.":, :i# ,ifldl
srFtl uJottr
Ítar0lr&rÍ
ffi#r
4a
.
lspa.sur*oc|
*ritul,rrrr$oorl
,s$ --i
EltJ'IJilTT
rgflsffir|IIf,
llr -ul
-*_- -,.
|,É{rFu|rrJ' I
Ëstl|drollr.r lír:í't t
,6T|€Hll I $€ÍrH troÍoJÍr'|lt &:tltrlllttFÍf* rllË*
J"-^)
a
I
t
I
3
t
a
"'.-l*
,
1t
o
I
lr i
I a
a
ï.
t\,
ï
f*t t
)
il
t
t
tl 'le4ecrpur uÍrz seurqJnlpuriv\ ep ue^ seqecol oo
prooincielrenthe
Bijlage I Milieuberekeningen incl. M.e.r.- Beoordelingsnotitie
EdFltruhoí 80
Ittt *n Orth
) ) adecs )
inÍoi6a.decc-el:inf r*.ol ,.YurwtÈdÊÊr-rÍÍinf rafi ;
árr irrfr;r
Milieuberekeningen en m,e. r. beoorde I i n gs notitie Helihaven Heli Holland Airservice B.V. te Emmer-Compascuum
Colofon Opdrachtgever
Provincie Drenthe
Bestemd voor
mw. G. Akkerman
Auteur(s)
ir, W.B. Haverdings
Controle door
ing. P. Frankena
Datum
15 juni 2016
Kenmerk
pd160508v3.not/wH/kd
Opgesteld door
Advanced Decision Systems Airinfra BV
KvK nummer
: 08092107
Tonder voorafgaande, schriftelijke toestemming van de opdrachtgever of Adecs Airinfra BV is het niet
toegestaan deze uitgave of delen ervan te vermenigvuldigen of op enige wijze openbaar te maken.
2
lnleiding In het kader van de wijziging van het luchthavenbesluit voor de helikopterluchthaven Heli Holland Airservice B.V. (hierna te noemen: Heli Holland)te Emmer-Compascuum, is ereen onderzoek naarde mogelijke milieueffecten gedaan door Adecs Airinfra. Op basis van deze analyse is vervolgens geadviseerd of er een milieueffectrapport opgesteld dient te worden. In voorliggende notitie wordt de analyse en het advies toegelicht. In deze procedure is de provincie Drenthe de initiatiefnemer. Leeswijzer
De notitie bevat naast deze inleiding nog vijf hoofdstukken:
2: Een toelichting op het wettelijk kader en de besluitvorming.
3: Een beschrijving van de wijziging van het luchthavenbesluit, de belangrijkste aanleiding voor de aanpassing van het luchthavenbesluit, de aanpassing van de hoogtebeperkingen, komt in dit hoofdstuk
aan bod.
4: Opgave van de invoergegevens voor de berekeningen (geluid en externe veiligheid). 5: De resultaten van de berekeningen en beschrijving van overige effecten. 6: Conclusie ten aanzien van de m.e.r.-beoordeling.
De m.e.r.-procedure Een milieueffectrapportage (m.e.r.) is een uitgebreid onderzoek naar allerlei effecten op natuur, milieu en leefbaarheid. Een milieueffectrapportage is altijd gekoppeld aan een besluit, bijvoorbeeld een bestemmingsplan of in dit geval een luchthavenbesluit. Niet voor alle projecten is het opstellen van een milieueffectrapport (MER) noodzakelijk. Voor een groot aantal projecten volstaat een globale beoordeling van de milieueffecten.
Wettelijk kader Het Besluit milieueffectrapportage, gekoppeld aan de Wet milieubeheer (Wm), bevat in de Bijlage een
lijst met activiteiten waarvan de bijbehorende besluiten m.e.r.-plichtig (C-lijst) of m.e.r.beoordelingsplichtig (D-lijst) zijn. Op 21 februari 2011 is het besluit genomen tot wijziging van
het Besluit milieueffectrapportage en het Besluit omgevingsrecht (reparatie en modernisering milieueffectrapportage). Vanaf l april 2011 zijn de wijzigingen van kracht. Over luchthavens is vanaf die datum het volgende opgenomenl
-3-
Bijlage Activiteiten
Gevallen
Plannen
Besluiten
(drempelwaarde) De aanleg, de inrichting of het gebruik van een luchthaven als bedoeld in de Wet luchtvaart.
In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een luchthaven die de
beschikking krijgt over een start- of landingsbaan met een lengte van 2.100 meter of meer.
De
structuurvisie, bedoeld in de
artikelen 2.2 Wet
Ten aanzien van de luchthaven Schiphol een luchthavenindel ingbesluit
ruimtelijke
of een
en 2,3 van de
ordening.
c 6.1 De aanleg,
de
In gevallen waarin de
De
inrichting of het gebruik van een
activiteit betrekking heeft op structuurvisie,
luchthaven als bedoeld in de Wet luchtvaart.
een luchthaven die:
bedoeld in de
1.
de beschikking
artikelen 2.2
krijgt over een start- of
en 2.3 van de
landingsbaan met een
Wet
lengte van 1.000 meter of
ruimtelijke
meer of
ordening.
uchthavenverkeerbeslu it als bedoeld in respectievelijk de I
artikelen 8.4 en 8.15 van de Wet luchtvaart. Ten aanzien van een andere luchthaven een luchthavenbesluit als bedoeld in de Wet luchtvaart. Een luchthavenbesluit als bedoeld in de Wet
luchtvaart.
2. uitsluitend geschikt is voor het starten of landen van hel rs
D
6.1
geva
n
De wijziging in de activiteit betrekking heeÍt op De
D
Ten aanzien van de
luchthaven Schiphol een
een startof landingsbaan met een
structu u rvisie,
van een start- of
bedoeld in de
besluit tot vaststelling of
landingsbaan, de
lengte van 1.000 meter of
artikelen 2.2
wijziging van een
verlenging,
meer dan wel een
en 2.3 van de
luchthavenindelingbesluit
verbreding of
Wet
of een
verharding
luchthaven die uitsluitend geschikt is voor het starten
ruimtelijke
luchthavenverkeerbesluit
daarvan, of de
of landen van helikopters,
ordening.
als bedoeld in
intensivering of wijziging van het gebruik van de luchthaven dan wel de wijziging van de
en een wijziging omvat van
ligging
6.2
vl
1.
Het
beperkingengebied,
bedoeld in hoofdstuk 8 of
De
et gebruik van de luchthaven of van het banenstelsel, wrJzrgrn9 van
luchtvaart, voor zover dit is vastgesteld op grond
respectievelijk de artikelen 8.4 en 8.15 van de Wet luchtvaart. Ten aanzien van een andere luchthaven een besluit tot vaststelling of luchthavenbesluit als bedoeld in die wet.
van het
-4-
dan wel de wijziging van de luchtverkeerswegen of de wijziging van de vliegroutes.
externeveiligheidsrisico of geluidbelasting, of
2.
De grenswaarden,
bedoeld in artikel 8.17,
vijfde lid, onder a tot en met c, artikel 8.44, eerste lid, onder a, of artikel 8.70, tweede lid, juncto artikel 8.44, eerste lid, onder a, of de grenswaarden voor
geluidbelasting, bedoeld in
artikel 10.17, tweede lid, van de Wet luchtvaart, tenzij:
a) De voorgenomen wijziging leidt tot een beperkingengebied als bedoeld onder 1) dat
valt op of binnen het geldende beperkingengebied of
tot grenswaarden als bedoeld onder 2) die een gelijk of beter beschermingsniveau bieden dan de geldende
grenswaarden, of
b) het beperkingengebied
vervalt.
M.e.r. beoordelingsplicht De helihaven te Emmer-Compascuum is een bestaande luchthaven uitsluitend geschikt voor het starten
en landen van helikopters. Het vigerende luchthavenbesluit is uitgegeven door de Provincie Drenthe in 2013.
In hoofdstuk 3 is een beschrijving gegeven van de wijzigingen die in het luchthavenbesluit aangebracht worden, maar vooruitlopend hierop kan al gesteld worden dat deze wijzigingen geen wijziging in het gebruik of wijziging van de inrichting veroorzaken. Derhalve zijn onderdelen D6.1 en D6.2 niet direct van toepassing en geldt de m.e.r.-beoordelingsplicht niet. Echter is er uit zorgvuldigheidsoverwegingen besloten om de mogelijke milieueffecten en noodzaak voor een m.e.r. wel teonderzoeken.
-5-
Wanneer een activiteit een m.e.r.-beoordelingsplicht heeft, dient het bevoegd gezag te beoordelen of
het opstellen van een milieueffectrapport (MER) noodzakelijk is vanwege belangrijke nadelige milieugevolgen. Drie wettelijke criteria spelen mee bij de beoordeling: 1. Kenmerken van het project;
2. 3.
Plaats van het project;
Kenmerken van mogelijke effecten.
Daarnaast zijn in Bijlage III van de Europese richtlijn milieueffectbeoordeling verschillende subcriteria genoemd. De m.e.r.-beoordelingsprocedure volgt het volgende schema
Wordt de activiteit en
ls er vanwege de activiteit
bijbehorend besluit genoemd tnde lijst in Bijlage D van het
op belangrijke nadelig milieugevolgen?
Besluit m il ieueffectrapportage?
Geen MER nodig
Het bevoegd gezag houdt bij zijn beslissing rekening met de in Bijlage III bij de EEG-richtlijn m i I ieueffectbeoordel
in
g aa ngegeven criteria.
Besluitvorming
Het bevoegd gezag is op grond van artikel 7.L7,lid 4 Wet milieubeheer verplicht om mededeling te doen van het m.e.r.-beoordelingsbesluit door:
1.
kennisgeving in één of meer dag-, nieuws- of huis-aan-huisbladen en alleen in het geval dat er beslist is dat er voor de activiteit geen milieueffectrapport moet worden gemaakt, (ook) kennisgeving in de Staatscourant;
2. 3.
terinzagelegging; alleen in het geval dat er sprake is van mogelijke belangrijke nadelige
milieugevolgen in een ander land, ook nog kennisgeving in een publicatie in dat andereland.
-6-
Tegen het m.e.r.-beoordelingsbesluit staat geen direct bezwaar en beroep open. Belanghebbenden
kunnen wel bezwaar of beroep indienen bij het (moeder)besluit in het kader waarvan de m.e.r.beoordeling plaatsvond, wat in dit geval de wijziging van het luchthavenbesluit zal zijn.
In dit document is beschreven of er omstandigheden zijn die kunnen leiden tot belangrijke nadelige milieugevolgen. Alleen als er sprake is van dergelijke omstandigheden is het opstellen van een MER noodzakelijk. Het besluit of er wel/niet een MER wordt opgesteld, wordt genomen door Gedeputeerde Staten van de Provincie Drenthe in het kader van de voorbereiding van de wijziging van het luchthavenbesluit voor Provinciale Staten.
-7 -
De wijziging van het luchthavenbesluit Helihaven Emmer-Compascuum bevindt zich ten noordoosten van Emmen en is in onderstaande
figuur met achtergrondkaart weergegeven.
,ï
:
l
i
l l
..itrt"
I
I
i I
't
1
i 3,
,l:
I
i l
, !: I
i
I !
:
I
Ë1?
:,
ll.t "'1"
:
'
.
{c{
' ,
, ia,
;! ri ?{
'
1- ,; l:
{i
:l
t'
I
1: :
Í:,:
il
T,
ï!
i:. í
i:
{:
!I
I l l
t'
i,
l-*
T.
i*
I
.
t,
5.;,
*
ë
I.
ll: ir
:
t.',-
53ri k)(t l
lr i, t, à t
t
I !
i
i
r Í.
i i
1,
I
I
:
'il
frrtmrcB
rl
! :
!r rl =r i
i
1
!
l I
: :
.:
.
l
]8+ l*t{
& | #]4
ËflnaaÍt
I i
;l
I
'ï
I
I
I
I
+
-l
I
I'
:
1
i
ri?É *L\J
I
i
Q:
{; il i
t
a
t ii
l
I.t
i
I
I
.i it
rl
!
t
È
ii t't !i rr I
:
:
;";
I
i
:
'r
it;r-!
l
$c.gr.tr
I
Br $$d
Figuur 'l Ligging helihaven Emmer-Compascuum met aanduiding van het zogeheten luchthavengebied (rood), het terrein dat in eigendom is van de exploitant.
B
2 opgenomen hoogtebePerkingen.
) Íq,.G
t
41
tlr I
m!
"1
d
Ë
r tt!
r -r3
lta,@
ËÍ.1Ë
ff8.m
tÉtm
Aloirlih0tFÍ|{*frí.}fnrÉFhËlm*{fl$àqts}, Figuur 2 Ligging obstakelvrije vlakken rondom helihaven Emmer-Compascuum
lÉi.m rydidÉhdlrrff t{r!t0
?Í!-ffi
fi].tm
r 1€0rul..!a*ilr
rrttgl$fi*.ítr'
fia-m
volgens het vigerende luchthavênbesluit (o.b.v. lCAo Annex 14 volume I heliports, 3rd edition)'
gebruikt kunnen worden in de luchthavenbesluiten.
op basis van de 4eeditie van ICAO Annex 14 deel II zijn gekromde hoogtebeperkingsvlakken gedefinieerd, deze zijn opgenomen in figuur 3
(overzicht) en in figuur 4 (ingezoomd).
10
s t{
tr
s *
&
ftÉltë r$fitlstrÍï{á; t
lNodcs, rl:&l{lF
&
6 LsÈrÉkot( @ ltrstu mqr. bq#Ítrg I t*rrn:rctw
I 1
I
I I
h-ffi
t
nÍt lEg#{Írr-t&F I I t I
tiÊdÊílsLd3 oosgspafr d r9$':íl
I
í*mtnlmurl
I
i_i
I
l,ttrï{tr|ÍC:re ]?)Cm,{lir,4
*4ldfft rg i6Ë f3Ê6m rtrÍ{t
lYi4Ên I
Anffi 14 (sÊ{8l(eltl8{íAn
rar:st|fl'4u
íx!J-i
t
1U000
windturbines zijn indicatief.
11
N
arnbulance-psst I
I I I
I I I
I
t I
t,-
positie
s Fr#Í ÉÉcflofd
krÉFl.tftÈ.d
_l$ _
wÉOfi
Figuur 4 lngezoomde ligging gewijzigde obstiakelvríje vlakken rondom helihaven Emmer-Compascuum
o.b.v. ICAO Annex '14 volume ll (Heliports), 4th edition 2013.
13
provincielrenthe
Het huidige gebruik in het luchthavenbesluit is gedefinieerd door de gebruiksbepalingen uit een verklaringl
van de Directie Luchtvaartinspectie. Volgens de verklaring mogen per etmaal maximaal 15 helikopterbewegingen in of vanuit noordoostelijke richting plaatsvinden en maximaal 36 helikopterbewegingen in of vanuit westnoordwestelijke richting. Helikopterbewegingen zijn alleen tussen zonsopkomst en zonsondergang toegestaan voor helikopters met een maximale lengte van 16 meter. Hierin
komt in het nieuwe luchthavenbesluit geen verandering. Voor het huidige luchthavenbesluit zijn, evenals voor de vergunning die voor het luchthavenbesluit in werking
was, geluidsberekeningen uitgevoerd. De in- en uitvliegsector die daarin gebruikt werd, is in figuur 5 gepresenteerd.
537 0{X}
s3{r 540
t :! t
*t-
I
hïr s3s-ffio
i I
I I
I l
280.500 261 000 ndtdrge ssc{or t!{}',{i {ï**il lnecnre*rattt
t*1 .5{0
lunkerrrnttt huA$s ssdoÍ
Figuur 5 ln- en uitvliegsector zoals geleverd bij de geluidsberekening voor het huidige luchthavenbesluit.
De gehele sector loopt van 3000 tot 44" met het midden op 352". Deze sector wordt gewijzigd in een sector
die loopt van 2800 tot 10" met het midden op 325o, zoals in figuur 6 is aangegeven.
lAfz: Directie Luchtvaartinspectie, Aan: Gemeente Emmen op 8 mei í989 met kenmerk LyLT 4087
-14-
prowincielrenthe
le F * t'. 537 000
I I
I
l t 1
I
H s$ ioc
"1 --j
1:i
i -.i
l itr!i
I
l "l ,{ l{
!
53d.000
{ {
I I
I I
260.500
1
I
tÉ't 000
I
: I
I l
2É1.5{0
!unb*'en ruU*E sarhÍ{foqÈ} lRacnaerhefi ntru$e €€elor lI'0i6) Figuur 6 ln- en uitvliegsector zoals geleverd bij de geluidsberekening voor de wijziging van het luchthavenbesluit.
Voor het luchthavenbesluit zijn onderstaande contouren nodig
), :
Geluid (Lo"n): 70, 56 en 48 dB(A); Externe veiligheid (plaatsgebonden risico): 10-sen 10-6.
De rekenmethodiek om tot deze contouren te komen is vastgelegd in het Besluit burgerluchthavens. Het Ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft voor geluid en externe veiligheid twee rekenmodellen beschikbaar gesteld die de rekenvoorschriften volgen, te weten Lr"n-tool c.q. GEVERS. Deze programma's zijn gebruikt voor het berekenen van de contouren. Om tot een goed beeld van het gebruik te komen en de informatie uit de vergunning juist te interpreteren is de helihaven bezocht en de exploitant geraadpleegd. De gehanteerde invoer is in het volgende hoofdstuk weer9egeven.
-15-
provincielrenthe
Invoer In onderstaande paragrafen worden de invoergegevens van de helihaven beschreven. Dit betreft zowel kenmerken van de helihaven als gegevens over het gebruik van de luchthaven door het helikopterverkeer. De toegepaste invoergegevens zijn gebaseerd op de gegevens zoals toegepast voor de vigerende vergunning
(luchthavenbesluit). Indien de benodigde gegevens afwijkend zijn van hetgeen in het luchthavenbesluit is gehanteerd, dan is dat aangegeven.
In- en uiWliegrichting De helihaven bevindt zich op de coórdinaten 52o 48" 12' N, 60 57" 25' E. In het rijksdriehoekstelsel (RD)
komt dit overeen met een x-coórdinaat van 260875 en een y-coórdinaat van 536274. De richtingen waarin een helikopter vanaf de helihaven of naar de helihaven toe mag vliegen, worden bepaald
door de in- en uitvliegsector. Voor helihaven Emmer-Compascuum wordt deze sector in het huidige luchthavenbesluit begrensd door richting noordoost en richting westnoordwest (figuur 5), dit wordt veranderd in een sector die meer naar het westen gedraaid is (figuur6). Volgens opgave van de exploitant wordt met name het westelijk deel van de sector gebruikt door het helikopterverkeer. De verdeling van de sector in west en oost is in figuur 7 weergegeven. Het gebruik van
het westelijke deel (donkerblauw) wordt op 7oo/o gesteld. De overige 30o/o procent van de helikopterbewegingen vindt plaats in de oostelijke sector (lichtblauw), zoals ook tabel 1 laat zien. De gehele sector loopt van 2800 tot 10o met het midden op 3250. Omdat er geen registratie plaatsvindt of het verkeer
van de oostelijke of westelijke sector gebruik maakt, volstaat het om slechts één handhavingspunt te gebruiken. Het huidige handhavingspunt ligt op 100 meter van de helihaven in deze richting 3520 met coórdinaten (260.841, 536.369). De ligging is door de aanpassing van de in- en uitvliegsector nu niet meer in het midden van de sector, maar vanwege het gebrek aan registratie kan de ligging hetzelfde blijven en heeft dit in de handhaving geen gevolgen.
-16-
proaincielrenthe
i
tI I
i r
Í
! J
I
537 00$
l
i l I
i i
I
t I
I
I
t
534 500
I
t
t ,
,4
J
.,1
I
3.
Í
t-
f
r
+.i
I
I
I
a.-
t
I l* i I
,. !
53*-000
i
I
il
180.500 lunkertrelÍt
I
I
261 000
261.500
ruLnaÊ B€ch.{?09íil fRnmnrnen nreurïs .ác{Éí (:tf*)
Figuur 7 ln- en uitvliegsêctor en ligging handhavingspunt.
Tabel I
Kenmerken sector
Beginhoek
Eindhoek
Aandeel staÉs
Aandeel landingen
West
280"
3260
7Oolo
7Oolo
Oost
3260
10"
3Oo/o
30o/o
Sectordeel
Deze sectoren zijn gedefinieerd en toegepast in zowel het rekenmodel voor geluid als het rekenmodel voor
externe veiligheid.
Verkeerssa menstelli n g Voor de aantallen helikopterbewegingen is uitgegaan van hetgeen in het luchthavenbesluit is gegeven. Dit betreft per etmaal maximaal 15 helikopterbewegingen in of vanuit noordoostelijke richting en maximaal 36
helikopterbewegingen in of vanuit westnoordwestelijke richting, alleen tussen zonsopkomst en zonsondergang. Om de aantallen op jaarbasis te bepalen worden deze aantallen met 365 vermenigvuldigd, ofwel betreft het in totaal 18.615 helikopterbewegingen. Evenals in het vigerende luchthavenbesluit is de verdeling van het verkeer over helikoptertypen en de verdeling over het etmaal gebaseerd op de opgave van de exploitant. Deze verdeling is gebaseerd op de
verdeling van de periode 1 december 2010 tot 1 december 2011. In tabel 2 is de verdeling over helikoptertypen vermeld en welke kenmerken deze helikoptertypen hebben. Dit is dezelfde verdeling als in
-17 -
provincie!renthe
het vigerende luchthavenbesluit is toegepast. Ten opzichte van de berekeningen van het vigerende luchthavenbesluit zijn de Appendices vernieuwd. Deze Appendices bepalen onder andere de indeling van de vliegtuigen en helikopters in geluidscategorieën. Door het toepassen van de thans geldende Appendices, versie 13.3, zijn er enkele wijzigingen in de indeling van de typen te constateren in tabel 2. De berekeningen zijn uitgevoerd met de nieuwste versie van de Appendices (13.3). Tabel 2
aantal heli
met kenmerken en
categorie Type Schweizer 269C
Eurocopter EC120 Schweizer 269D Aerospatiale AS355
Agusta-Bell 2068 Bell 2061
Eurocopter ECl5581 Eurocopter EC130
APp.
MTOW
sET/
LHB
13.3
(ks)
METI'
50,6 o/o
011
011
930
SEP
9.4It
27,7 o/o
011
010
t.720
SET
5.148
8,1 o/o
010
010
1 .160
SET
1.508
5,9
o/o
010
010
2.400 MET
1.092
2,8
o/o
010
010
1.520
SET
520
!,4 o/o
010
010
1.520
SET
260
2,2 o/o
oL2
016
4.920
MET
4t6
o/o
010
010
2.400 SET
260
Verdeling ICAOtypetypen
H269 EC20 s330 AS55 806 806 EC55 EC30
SEP/
L,4
Aantal bewegingen
1OO o/o
TOTAAL
18.615
. SEP/SET/MET: single engine piston/ single engine turbine/ multi engine turbine
In de geluidsberekening wordt rekening gehouden met een toeslag voor vluchten die na 19.00 uur plaatsvinden door te rekenen met een zogeheten nachtstraffactor. In de avonduren (19.00-23.00 uur) worden
een factor 3,16 gehanteerd. Op de helihaven komen geen nachtvluchten voor. In deze uren (23.00-07.00 uur) zou een factor 10 gelden. In tabel 3 is de verdeling tussen dag en avond weergegeven, gebaseerd op de periode 1 december 2011 tot 1 december 2OL2, wat resulteert in een gemiddelde straffactor van 1,05. Tabel3 Nachtstraffactor Dag O7.OO19.OO uur Aandeel
Straffactor
Avond 19,OO23.OO uur
Nacht 23.OOO7.OO uur
Totaal
97,8o/o
2,2o/o
Oo/o
100o/o
1
3,16
10
I,O5
Meteotoeslag Voor het berekenen van het geluid en het plaatsgebonden risico (PR) gelden regels over het toepassen van meteotoeslag.
Voor de 10-s PR-contour wordt normaal een meteotoeslag van 20olo gehanteerd om verschillen in gebruik (verschillende vliegrichtingen) vanwege de jaarlijks variërende windcondities op te vangen. Voor de 10-6 PR-contour wordt geen meteotoeslag toegepast. De toepassing van de meteotoeslag volgt uit
het rekenvoorschrift. Aangezien er alleen maar sectoren ten noorden van de helihaven worden gebruik en geen tegenovergestelde sectoren, is in deze berekening echter ook voor de 10-s PR-contour geen meteotoeslag toegepast. De verdeling binnen de sector kan wel variëren vanwege de windrichting, maar deze
richtingen worden niet geregistreerd door de exploitant. In de handhavingsberekening zal worden uitgegaan van een vaste verdeling over de sector. Er is daarom geen aanleiding tot het toepassen van meteotoeslag. In de geluidsberekening is om dezelfde reden geen meteotoeslag toegepast.
-18-
proaincielrenthe
Milieugevolgen Door wijziging van het luchthavenbesluit zal het feitelijk gebruik van de helihaven niet veranderen en zullen
ook de werkelijke milieueffecten ook niet veranderen. De berekende effecten zullen wel wijzigen door het gebruik van de recentere Appendices (voor het berekenen van de geluidsbelasting van vliegverkeer wordt gebruik gemaakt van standaard voorgeschreven gegevens over geluidsniveaus en vliegprestaties) en andere
aan- en uitvliegsectoren (vanwege aanpassingen aan hoogtebeperkingen en om bouw van windturbines mogelijk te maken). Om de effecten op langere termijn te beoordelen wordt naar de worstcase-ontwikkeling gekeken, dit betreft
de helikopterbewegingen die ook zijn toegepast voor de vergunde situatie in het luchthavenbesluit. Ten opzichte van het vigerende luchthavenbesluit zullen twee zaken wijzigen:
1. de grenswaarden worden aangepast;
2. beperkingengebieden worden aangepast. ad 1. De ontwikkeling van de luchthaven zal door het luchthavenbesluit worden gelimiteerd door de grenzen aan
de geluidsbelasting. Door de aanpassing van de Appendices en de wijziging van de aan- en uitvliegroute zal de grenswaarde in het bestaande handhavingspunt wijzigen. Desondanks kan gesteld worden dat de
werkelijke milieueffecten die samenhangen met geluid niet zullen verslechteren vanwege het aangepaste luchthavenbesluit ten opzichte van het huidige luchthavenbesluit. Dit is nader toegelicht bij de beschrijving van het onderdeel geluid. ad 2. De ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving van de helihaven zullen beperkt worden binnen de (grotere) beperkingengebieden. Hiermee kan voorkomen worden dat er nieuwe gehinderden zullen ontstaan vanwege nieuwbouw in de directe omgeving van de helihaven of dat de helihaven beperkt wordt in het veilig gebruiken van de huidige locatie. Binnen de relevante contouren van geluid en het plaatsgebonden risico zal bijvoorbeeld
niet zomaar meer een nieuwe woning geplaatst kunnen worden. Dit kan beschouwd worden als een verbetering ten opzichte van de huidige situatie als men de kans op het ontstaan van hinderbeoordeelt.
Effecten op het gebied van landschap, archeologie, cultuurhistorie, bodem en (grond)water blijven ongewijzigd door de wijziging van het luchthavenbesluit. De effecten die hebben te maken met het leefmilieu voor de mens (geluid, externe veiligheid, geur, emissies) verkeer en veryoer en beschermde natuur (flora en fauna) zijn hieronder in het kort beschreven. Geluid
Op basis van de verkeerssamenstelling is voor het luchthavenbesluit (zie tabellen in paragraaf 4.2) een Lo"n-
geluidsberekening uitgevoerd. Hieruit volgt de grenswaarde in het handhavingspunt €F d€ Loen-coÍltouren. De berekening is zoveel mogelijk gebaseerd op het huidige luchthavenbesluit en alleen daar waar noodzakelijk aangepast/geactualiseerd. De wijziging van het luchthavenbesluit heeft onder andere betrekking op het aanpassen van de in- en uitvliegsector. Er zijn echter sinds 2012 ook aanpassingen aangebracht aan de geluids- en indelingstabellen ('Appendices') die gevolgen hebben voor de uitkomsten van de berekeningen.
-19-
proaincielrenthe
Voor het vigerende luchthavenbesluit was Appendices versie 11.2 de meest actuele, inmiddels is dat versie
13.3. Naast veranderingen in de geluidsdata zijn er ook veranderingen in indeling van typen in geluidscategorieën. Het verschil ten gevolge van de verandering van de Appendices is weergegeven in figuur 8. Uit deze figuur volgt dat er sprake is van behoorlijk grotere contouren. Deze verandering is echter niet het gevolg van een feitelijke toename van de geluidsbelasting, er zitten ook niet meer helikopterbewegingen in de berekening, maar dit komt puur doordat de geluidsdata in de modellen en de indeling van de typen over
geluidscategorieën aangepast is. De aanpassingen van de Appendices zijn uitgevoerd om de berekeningsresultaten beter overeen te laten komen met de praktijk.
530*00
5S !i(Xl
5'3S.tro
Frl.$GI
537_fiX!
53Ê..3fi!
É3É"0{*
535
,5!s ?58-{00 258.500 250"00r} A58,i00 rBO:000 !00.5do 281.000 llltl aanl uen-cmhilrduírËrd LHË nutÀpp 'i,tr"3{ÁDËCS à0l00$lo-t54à11IH,$l @}
201.500
f fo oel*1 uuen"coírtcuí í0Érríïr LHB nÉt App 13 3 ({DËcs udtàoÈ?0-15d?11X {odE hrrfl .rt.qo €(A) Ldsn-c!Írh{Í yigËcFd LHB {ADÊC$ 201Aqfia-152S} {Í,+f.kÍÍn
r\'5{t €(*l Ldeo'codouÍ vl0€íËrït LHE {ÀËEcs 20149?0{-1546} to.to lrÍ4 Figuur I 48 en 56 dB(A) Lden-contouren vigerende luchthavenbesluit (App 1 1 .2) en vigerende luchthavenbesluit (App 1 3.3).
De wijziging van het luchthavenbesluit houdt ook in dat de aan- en uitvliegsectoren aangepast worden. In
figuur 9 zijn behalve de wijzigingen door de Appendices ook de wijzigingen in aan- en uitvliegsectoren verwerkt. Uit figuur 9 volgt dat ten opzichte van het vigerende luchthavenbesluit met Appendices 13.3 de contouren van het aangepaste luchthavenbesluit (tevens met Appendices
-20 -
provincielrenthe
13.3 berekend) de draaiing laten zien ten gevolge van de aanpassing van de in- en uitvliegsectoren.
:"-
* 1-:-** "-';'-
iadecs ,
Ti-*
"
i alrlnlra
Fa$soo i I
i I I I
5$ 5{O i I
iT
I
t
53S.n{O
537.5{f
.ï[' , t
537.0{4
4 s3a,Etrl
'g
t{ .4
ËÍJÀtF
á3Ê.0{xi
535 500
g*8-frro 158.300
25ï
',.:.!. i
t;
og3g1.9qc*1
DOo 159,500 2Ê0.000 2gê.5dc 2êr.Í160 2Ë:.$00
lm oapl men'coírrour sËÍ€€p*!r LHE {ADËcs all605?s_11343Í} Í4.s3 kí!'} fra C{n1 U.tcn.Eoniórr rpn€ap*l Ll'€ {ÀE€Ê5 t{í80640-t3343? io,51 kflt} /v,lg dÊ{A) Ld€n-contrur,4eErsíw LHÊ m€tApp 13.} IAÓECS 20r6{15e0-ili42ï1} (tt,ll klrrr} r':N€ dP{Ál Ldrí.cmFuÍ vigèrÈr.|d U'lB nrtt,ÀNS f 3 3 {ÁI}Ee$ A0!SO5?D-154?1 ll {035 krrf} rr-..18 <t€(A) Ldan-c.nFÀ,Í v$etend LHB (AOEC6 201!0m{-152f1
t2.*l krÍr:t
,ïs6 d(A) LdÈn-conrour ,,1íF{€nd Lr-rÊ {AnÈgÈ È01Ês2$.r_1$àst t0.!$ krï4 Figuur 9 48 en 56 dB(A) Lden-contouren vigerende luchthavenbesluit (App 1 1 .2), vigerende luchthavenbesluit (App 1 3.3) en
aangepaste luchthavenbesluit (App 13.3).
Ondanks de verandering van de contour neemt de feitelijke geluidsemissie niet toe. De verandering van de
contour wordt uitsluitend veroorzaakt door theoretische modelwijzigingen en niet door feitelijke wijzigingen in het gebruikvan de helihaven. In figuur 10 en tabel 4zijnde resultaten van de geluidsberekening gegeven,
waaruit blijkt dat de aanpassing van de Appendices een zeer groot effect heeft op de waarde in het handhavi ngspunt.
De Loun-contour van 48 dB(A), de blauwe contour, geeft het zogeheten afwegingengebied weer. Hierbinnen
dient in het luchthavenbesluit een afweging te worden gemaakt ten aanzien van ruimtelijke beperkingen. De rode 56 dB(A) Lo""-contour is het gebied waarbinnen geen nieuwbouw van woningen of geluidsgevoelige gebouwen mag plaatsvinden, tenzij er een verklaring van geen bezwaar is afgegeven. Bedrijfswoningen zijn
21
proaincie!renthe
wel toegestaan. De 56 dB(A) Laen-contour omsluit geen woningen of geluidsgevoelige gebouwen. De groene 70 dB(A) Laen-cohtour is het gebied waarbinnen woningen of geluidsgevoelige gebouwen van de functie ontheven moeten worden. Deze contour is echter nauwelijks zichtbaar en bevat eveneens geen woningen of geluidsgevoelige gebouwen.
538 5{.
334ffir
537 5fl!
s3tffio
536 50C
t *ooto ássÉó znt
.ci)0 25Ê.dd0 !58.500 2c'*s00 tts.g0o 269,000 2gJ.csd 1s1.000 28'l.50s loa oal*1 Lcen'rqrlhuraÈflÈêpsl LHa {ffËcs ?01608Ê0-123a3?l (4,83 kmrl f :e AS{nt lOra.conhqr ouq!tïlri tft€ {ABE6 t$t60530-1?3437 (0,61 hírt'} ! lo uaq*1 t-oen.conro{r eÊflgÉpËr LHÉ tÁÍl€eg i$t 605?0- I a34i I (0,0ó knÍ}
Figuur 10 48, 56 en 70 dB(A) Lden-contouren voor het aangepaste luchthavenbesluit.
Tabel
4 Maximaal
Ligging Handhavinqspunt
ten
ln
van het luchthavenbesluit
MTG Ld.n MTG La.n (dB(A)) (dB(A)) Vigerend Vigerend LHB met
MTG La"n (dB(A)) Aangepast
Xcoórdinaat Ycoórdinaat
LHB
Appendices 13.3
LHB
260.841 536.369
60,97
67,32
67,Ol
Externe veiligheid
Naast geluid speelt ook externe veiligheid een rol bij het vaststellen van het luchthavenbesluit. Externe veiligheid rondom luchthavens beschrijft het risico van de luchthaven voor de omgeving. De risicomaat die hierbij gehanteerd wordt, is het plaatsgebonden risico (PR). Het plaatsgebonden risico is gedefinieerd als de
22-
pro,uincielrenthe
kans per jaar dat een denkbeeldige persoon die zich permanent op dezelfde locatie in de omgeving van een luchthaven bevindt, komt te overlijden door een direct gevolg van een vliegtuigongeval (helikopterongeval). Het luchthavenbesluit dient contouren te bevatten ter aanduiding van het plaatsgebonden risico van 10-s /jaar
en 10-6 fiaar. Deze contouren dienen net als de l-den-contouren als minimale eisen voor de beperkingengebieden. Op basis van hetzelfde scenario dat voor de Lo"n-berekening is gebruikt, is het plaatsgebonden risico berekend.
Uit de berekening van het plaatsgebonden risico volgen de PR-contouren die in figuur 11 zijn weergegeven. In deze figuur zijn tevens (met stippellijnen) de PR-contouren voor het vigerende luchthavenbesluit opgenomen. Voor zowel de 10's PR-contour als de 10-6 PR-contour is in beide situaties geen meteotoeslag gehanteerd.
Het plaatsgebonden risico neemt niet toe ten opzichte van de situatie die overeenkomt met het huidige luchthavenbesluit, er vindt alleen een verdraaiing plaats ten gevolge van de verandering van de in- en uitvliegsector. Er kan geconcludeerd worden dat de wijziging van het luchthavenbesluit geen negatief gevolg zal hebben op de externe veiligheid.
)) ades dlldfra
)
534 t50
53Ê.5{r0
536 ?ÈO
!*
1 534{H0
2È0.000
s0.25d
!60-5{0
1s{.}50
'26r_ffiI
lfroug"bot d"n rbhr 10{ lË6r. nr ÁDËC$ ló160530-111216} {0,1S loïf} 20r€{15?O-rl2:18i {0,0? kvÍf} fRtoatr6etonOan.Ébo 10'; EaÍ. nr ^gEcg /1/Flásltr{rbor$ánrhko lO4ri1rÉnd LHB {Fer nr AOECS St20206-!0531 (O,28 krnti
r\r PlË@Êboít{tÉn ÍÈ&{r r0"5{gÊrcÍd LHa {Bêí. hr: AI}Éc.g 81?02tr_ng53l Ís,01 knÍ} Figuur 1 1 PR-contouren van 10-sen í0-6.
23
prorsincielrenthe
Woningen of gehinderden binnen de contouren
Binnen contouren van geluid en externe veiligheid bevinden zich geen woningen, kwetsbare of geluidsgevoelige gebouwen. Wel is er een bedrijfswoning waar de havenmeester zelf woont. Geur en emissles
Op het gebied van geur en emissies zijn de gevolgen van de wijziging van het luchthavenbesluit neutraal te
noemen. De milieueffecten van deze onderdelen zijn namelijk direct afhankelijk van het aantal helikopterbewegingen. Doordat de wijziging van het luchthavenbesluit geen wijziging in het aantal helikopterbewegingen en de gebruikte typen aanbrengt, zijn de effecten op het gebied van geur en emissies even groot als die in het huidige luchthavenbesluit. Verkeer en vervoer
Het luchthavenbesluit zal geen extra verkeersaantrekkende werking tot gevolg hebben. Op het gebied van verkeer en vervoer zijn er geen wijzigingen ten opzichte van het vigerende luchthavenbesluit. Beschermde natuur
Er is geen uitvoerig onderzoek uitgevoerd naar de beschermde natuur (flora en fauna) in de omgeving van de helihaven Emmer-Compascuum. Door de wijziging van het luchthavenbesluit zal het werkelijke
vliegverkeer niet veranderen en zullen de effecten gelijk blijven. Ook de nachtelijk actieve soorten, zoals vleermuizen e.d. zullen geen (extra) hinder ondervinden door invoering van het luchthavenbesluit, aangezien de luchthaven alleen tussen zonsopgang en zonsondergang open is. De Natura 2OOO-gebieden die in de buurt liggen zijn de volgende:
) 5 li l -l
Bargerveen
Lieftinghsbroek Mantingerzand Elperstroomgebied Drouwenerzand
De dichtstbijzijnde (Bargerveen) ligt op circa 15 kilometer ten zuidoosten van de helihaven. De overige
gebieden liggen meer dan 20 kilometer afstand. De afstanden zijn zodanig groot dat er geen effecten van de helihaven worden verwacht op deze gebieden.
-24 -
proaincielrenthe
Beoordeling van de milieueffecten De kenmerken van de activiteit, de plaats, de samenhang met andere activiteiten in de omgeving en de milieugevolgen kunnen er toe leiden dat er een MER opgesteld moet worden.
In het geval van de wijziging van het luchthavenbesluit voor Heli Holland is er geen wijziging van het gebruik van de luchthaven waardoor de kenmerken van de activiteit, de plaats, de samenhang met andere activiteiten
in de omgeving en de milieueffecten onveranderd blijven. De wijziging van het luchthavenbesluit leidt uitsluitend tot een aangepaste beperking voor het geluid (in een handhavingspunt) en tot een aangepast gebied waar beperkingen aan nieuwe bestemmingen kan worden opgelegd. Door de aanpassing van de aan-
en uitvliegrichtingen zou het huidige handhavingspunt verlegd kunnen worden naar de gebruikelijke ligging in het midden van de sector. De exploitant houdt echter geen registratie bij van de gebruikte sector en in de handhavingsberekening wordt altijd uitgegaan van een vaste verdeling van het verkeer over de sectoren. De ligging is door de aanpassing van de in- en uitvliegsector nu niet meer in het midden van de sector, maar vanwege het gebrek aan registratie kan de ligging hetzelfde blijven en heeft dit in de handhaving geen gevolgen. De (milieu)gevolgen die voor het luchthavenbesluit voor helihaven Emmer-Compascuum afgewogen zijn, zijn in onderstaande tabel opgenomen en voorzien van een aanduiding of een uitgebreid MER voor dat aspect een
meerwaarde kan hebben voor het luchthavenbesluit. Tabel
5 Overzicht van mi
Aspect
en eÍfecten.
Effecten
MER-meerwaarde?
Landschap
Geen
Nee
Archeologie
Geen
Nee
Cultuurhistorie
Geen
Nee
Bodem
Geen
Nee
(Grond)water
Geen
Nee
Geluid
Neutraal*
Nee
Externe veiligheid
Neutraal
Nee
Geur
Geen
Nee
Emissies
Geen
Nee
Verkeer en vervoer
Geen
Nee
Beschermde natuur
Geen
Nee
* Dit betreft het werkelijke geluid, de theoretisch berekende geluidsbelasting verandert wel ook draait de contour enigszins. Opgemerkt wordt dat het afwegingsgebied qua ligging verandert. Dit valt als onderwerp echter niet onder de m. e. r,- beoordelingsproced u re.
Op basis van tabel 5 en de overige beschrijvingen in deze notitie is het advies dat er in de procedure voor de wijziging van het luchthavenbesluit voor helihaven Emmer-Compascuum het opstellen van een MER