06 Bijlage 6: Het Broek landschappelijke inpassing.pdf
Tekst van het document
1
2
4
3
5
6
Toegang recreatieplaats 2m breed, middels duiker conform de eisen van WSRL, lengte duiker 4m. Bos met 8 boomstammen 750m2
.
5
į
jįfc
1
Recreatieplaats met 6 fruitbomen, picknicktafel 2,4*1,5*0,7m (L*B*H), informatiebord 0,85*1,6m (B*H) en insectenhotel 1*0,4*1,5m (L*B*H).
įţį f?;. vVįį:;į V
Afmetingen struweelhaag (L*B*H): 1) 100*4*4m 2) : 50*4*4m 3) : 60*7*5m, uit te breiden in overleg Lage afscheiding van schapengaas 1,2m hoog 116m lang met aan weerszijden een houten f doorgang voor onderhoud (# 4) zie aanzicht F. Aardgastransportleiding met aan weerszijden hartlijn 5m vrij.
l®Ö| ;ż'.'.-.v. . .
;
Meidoornstruik ca. 7*3*4m (L*B*H) 1 Inkoopstation en 2 Trafostations Afmetingen: 5,9*2,4*2,5m (L*B*H)
Panelenveld ingezaaid met klaver grasmengsel. Onderhoudspad 3,5m breed, toegankelijk voor hulpdiensten.
In- en uitrit toegangspoort 4m breed Hekwerk(rode lijn) met om de ca.150m een fauna passage, met aan de noord en westzijde een meidoornhaag (mix met 750Zo meidoorn, 1 4 stuks/m, 1,20m hoog). Groenstrook met kruidenrijk grasland, tussen het hekwerk en de sloot, Sm^breed. B-watergang met natuurvriendelijke oever met rietzoom, 2-3m breed.
0,8ha aan de noordzijde en 1,4ha aan oostzijde: grasland voor begrazing. Meidoorhaag 577*1*1,2m (L*B*H), nader af te stemmen met omwonenden. Personnenbos
© DigitalGMbe
Groenstrook van 5m met kruidenrijk grasland tussen het hek en de sloot.
Nieuwe situatie tekening
'ìtalGlobe
Project No Project name
Zonnepark Het Broek
Site Location
Beuningen Personnenbos
kruidenrijkgrasland Grasland voor begrazing
solar development
Struweelhaag
Winschoterdiep 50
Size
14,5MW
Scale
1:3000
Meidoornstruik Hekwerk
Page Rev No
Maaiveld hoogte tussen +6,50-7,50m Bron: https://www.ahn.nl/ahn-viewer
Meidoornhaag Rietkraag
Rev date 18/10/2020
Issued for
Originator AVD
9723 AB Groningen
Drawing Nieuwe situatie - Title tekening Approved by Gutami/Date
Approved by Client/Date
1
2
3
4
5
7
6
8
10
LV Cable Trench
Toegang tot recreatieplaats 2m breed, middels duiker conform de eisen van WSRL, lengte duiker 4m.
A
9
A
Houten doorgang, zie aanzicht F.
Brandput met een capaciteit van 71,88m3Zu bij een afpomping tot 3,76m. Afstand tot ingang park 455m. Afstand tot opstelplaats hulpdiensten 825m. Afstand opstelplaats hulpdiensten tot sloot 60m.
B
Opstelplaats hulpdiensten 30*10m (L*B)
Houten doorgang
Houten doorgang
MV Cable Trench
4*^
© DtgiWlGlob*
m-x
Ontsluitingsroute 3,5m breed voor bouwverkeer, onderhoudsvoertuigen en hulpdiensten.
I DtgiialGlobf
B
jfr ŅŴ'
Toegangspoort 4m breed. Zie aanzicht E
® 0
C
C
Houten doorgang 4*1,2m (B*H)
kabels 400-800mm ingegraven. South 2 landscape space between rows 1,5m Gross parcel
D
13,5
D
Net Solar -:vv © OlgltaH ©DigrtalClobe ©DigitilGlobt
ÂH1 E
Houten doorgang
14,5 MWp 13,6 GWh/yrl 6.391 ton 994 kWh^2 940 kWh/kWp 540 6,48
Size solarpark (MWp) Total production GWh/yrl Co2 reduction Irradiance kWh/kWp (pv*sol) Zuid Module power (Wp) ha total modules
Net solar
Modules
E
MWp
Parcel 1
26.790
14,5
Totaal
26.790
14,5
MWp/ha
Technisch overzicht Project No Project name
Zonnepark Het Broek
Site Location
Beuningen Personnenbos
F
F
solar development Winschoterdiep 50
E
Size
14,5MW
o
Scale
1:3000 2
LD
Page Rev No
Rev date
0
18/10/2020
Issued for
Originator
9723 AB Groningen
Drawing Technisch overzicht - Title Approved by Gutami/Date
Approved by Client/Date
G
G
3,21 m
1,59 m
AVD
1 2
1
2
3
4
5
7
8
9
10
Doorsnede A A
mm
PHÕİ IŴI B
Meidoornstruik 3*4m (B*H)
Panelen 1,5m hoog Hekwerk 2m hoog Trafostation 6*2,5m (B*H)
Doorsnede B C'~
r
Bovenaanzicht Noordoostzijde ļtìto--
nďreİHPI piSq
----------------------------------------------------------
___________________ ^ r IT
___ I________ I________ I________ I________ I
Mi 111
Trafostation 2,5m hoog Hekwerk 2m hoog Panelen 1,5m hoog Groenzone 25m
Zonnepark
NVO 2-3m breed
Personnenbos
wmm
WŝMĩMîĩ
jíŝįÄSŞSjŴÊSÈìSïž
SÄŝÉ
Doorsnede C
D
MM .a-
E
Ti— 'n*- "Tir~~ "Tr~
"ì— S3 Groenzone 5m
Hekwerk 2m hoog Panelen 1,5m hoog Hekwerk 4*1,2m (B*H)
Bovenaanzicht Zuidwestzijde Doorsneden
Doorsnede D
Project No Project name
Zonnepark Het Broek
Site Location
Beuningen Personnenbos
solar development Winschoterdiep 50 9723 AB Groningen
Size Scale
1:200
Page Rev No
meidoornhaag 1*1,2m (B*H) Groenzone 5m
Onderhoudspad 3,5m breed
Rev date 18/10/2020
Issued for
Originator AVD
Drawing Doorsneden - Title Approved by Gutami/Date
Approved by Client/Date
1
2
3
4
5
7
6
8
9
10
A
- Maaiveld hoogte tussen +6,50-7,50m B
- Bron: https://www.ahn.nl/ahn-viewer - Hoogte van het maaiveld en de perceelgrenzen blijven onveranderd. C
i
D
E
Bestaande situatie tekening Project No Project name
Zonnepark Het Broek
Site Location
Beuningen Personnenbos
F
solar development Winschoterdiep 50 9723 AB Groningen
Size
Drawing Bestaande situatie - Title tekening
Scale 4
Page Rev No
Rev date
0
18/10/2020
Issued for
Originator
Approved by Gutami/Date
Approved by Client/Date G
AVD
1 2 7
8
9
10
1
2
4
3
5
Aanzicht E A
11 ī ŕįŵl
*»x
v
, tř 'į *
'
S
r‘\'"
IŴíll
ìM? m is^ras
In- en uitrit zonnepark Kleur hekwerk: antraciet Materiaal: metaal
;
j*
10
J
z
şWB^^wppppppĵ İ!X*X^XŴOX*X*X*X^X*a ^♦v*v*v »»»»»K I I»»; Wmmãmm KSW
AMRA
WWWWMmížm MİMMėéMšĩM
m
►»x wv AnA mm vm
AWAVE lVaVİ iVAVAn »»Xt v»:
ļS'^j^s
y'Vÿ^AŴŴ
šSÉi SSSra SSSSs
^5 ^59
1ì» &ÄAŕ® 2:Îŵi
3,50 m 3,00 m
A
ŬWV ĵĴAnA
ŕ ^íäŵfcîŕ#S7
KW&vwi*'•’, ' vř ÉÉÉìÉfef tëÉIİİÉ^-f®lêİì*^
'l"Ä üŕ
^sIjí^iÈ^feiSŵiiliifeî
ĮMŞM&
/Tf fjpt
fcŵivŵ-v Äi
ĩâfâijĩňfåňfå&ilĩt
ņttăBÈ Ĩ&tlÙtömm IP^É^ÄÄIÄ
.-fewa 3». Nřžŕ^^^pifelliíiä!«Bs
B
4 ŕV*" ^
9
teMMü ÊéļśÈ^sf^Sw^SŞ^^â^íKB^SSăÔíjţlfctofc 9 ' ' 1 ^ -‘ ‘ * I ».:
WĮBHSP!viţļïS^sŝŝS?ŵîvÄ P i ^ f* A ^"T^fļflļl t 359 ilľ
PÄfeJ^W ïwtwţÿf** 1 . ‘t;- ‘ ‘ 7 '
ŗ'-
SÉvSl’
MWWŹWMM4WĨ4W®M t *,ľ7.
Mintt
?7VL^'
**
8
»3W - jļajCJIHSTh
SS
9SSķ
7
6
B
3,00 m
± 4,00 m
3,00 m ļMŗŗmmpg 7
‘*Mİ
Aanzicht F
ÄSİ8ÉIS :
-
.v
dC
'^''y.'įŞ
|ÉpËİSïİï8BİĪl»tíİËÉlİl«í
.1^!.: :ŵ1M''
'h.
' \i ^;-
-
s -
«:: "’^X. M* iĩ 'WV'T.
^äiiiişiSâäaEř
ff-.: - 'Cf v,. 7-.- ,, hh s.%,..-:|hi î;.-‘ |W||||HMIM 1iüäkïìöžafm i-;. ','ï' ,. * \*'ïİIIIIIIİİ| . ■'k-ť.z* r ,
jlilīlilliEi
lllllllllllllll
llllllllllllllllll
İIIIIIIIIIIIIIIIR1111111
D
^üäiaBĮāĮBįlSIlMSŠiB^ĮWŵ^SS,^^!
’
.';
r' -
MW
« ^ ., r,c»,pï.
V ( :.
.
CiSlï
ļMĘļHĚįsĮKtļįSįm
T'*i
\
V
■ :säiii^2İiąžaiJř'v."K '^,îÉ#!?ig@íiiii
^«'-'• ■ ^. ' v. S ľl5 XCŕlÂ,
i ^«MRUiRi
\
*^aiiu -i,\ì.;y..:' zl*x,c
^^řJífeî^āv^fe:^^^2îí:S^^İS!llîailillllilRBİİİIi ^:rLJt3H«:5*^jm3^a»:3»fí^^^ïĮ^!fài5;3İ^^'''3^JÏİİİIIII Ki^.^^aïíiiiíīiïiiìllfllllll IIIIIIIIIRIIIIII ----:^X:^Kä^^BaíBiä»KiìifiliìlHli^^^ai lllllllllllllll III RHffiSRBs^H^ ^ŵ, ^^ ;^’i5i:;iiiymmiii 11 iiiiiiiiiiiiiiiii i 5.. mir u m i n i m i \mm\ m ^;ì^üPİ«î3üì1 \;*#ņ ^^M»s»iiiï:^iiaMi i 'mn&z&ĩmå^'ţůw iiiiieiiiiiiih üüiiiiii HKtiiíĩi»k?if-ü«iįL iìì^
iŕ
^r7^«Ě;ľ!ĩiiiiniiiiiiiiiiiiiiHiiiiiiiiii I
m
iiiimiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiii
iimiiiii iniľ-ĩi
'Ēiïiit-itìĽSur^ř'ïXiieïïJi ui
\
I
ş?ipžS!
3,00 m
fŞÄ
4,00 m
Ŭ
:
!
:
k
f /^k
^
D
Jl
7 /ÍÉÉĮ
\
.o.' ,-
l
Į
nHMHMH mĩm ':'"-'' 'v ' 'Y ‘r ';V
y
- -
C
Í i
mrnm
liihiiM - u^^^rľļ ii in iiiiiii iiiiii ui iiiiii in iiiiiiiiiiiiiiiiii mil min b bí b ii I
Hekwerktype: schapengaas Kleur en materiaal gaas: antraciet, metaal r"— Kleur en materiaal paaltjes en doorgang: hout, hout
yj^-‘: 'r-: 'r-: pv y^r' y*r{: pv : ppp^
7
7 7
İÜ *.' i
'■ţìţśtyķ w
-‘•LL* ŕ.,-î". •C .rŵ,*. ŵ«:; ' ŴŴlfŞ
lĮÿÿĄ
p ' rľ-
z
P-LpP-L;
:ŵä|7^
E
ļ Į
E
SÄÖIi ÉÉ81
’ğÇļZZČ-
liâiÉÉ||te|s
995
Project No Project name
Zonnepark Het Broek
Site Location
Beuningen Personnenbos
solar development Winschoterdiep 50 9723 AB Groningen
Size
Drawing Hekwerk - Title
Scale 555jHg5 ļi - -S:.
rarşr
1
sssş
Rev No
şsfs
555^ į
sssş
Page
msn-s m raaşãSssg'
Iİ55I
Rev date 18/10/2020
LU
Issued for
Originator AVD
Approved by Gutami/Date
Approved by Client/Date
MEINS SPS-6000
meins
Meins SPS is a Power Station, Plug&Play filosophy, designed for photovoltaic installation with String Inverter. It consists of a Concrete enclosure, equipped with LV Panel and MV Switchgear, as well as a Power Transformer equipped with oil collection tank and perimeter fence.
-
mèS’, 5
m
- Tailored design based on customer requirements - Wide sizing range (power, voltage and current) - Concrete shelter providing a long term performance, free of maintenance High quality materials Full test on factory previous to departure Internal Arc Test compliance Easy transportation High manufacturing capacity and competitive leadtime Optimized ŝ(Ş) Z W Ratio
"Tailored Solution for Renewable Energy Industry"
meins.es
MEINS SPS-6000
meins Technical Specifications
SPS-6000 Transformer
Transformer Type
Corrugated Tank
AC Power
6000 kVA (400C)
Vector Group
Dy11y11
MV Voltage
30 kV
LV Voltage
600-600 V
Frequency
50 Hz
Off Load Tap changer
± 2 x 25/0
Maximum No-load Loss
UE548/2014
Maximum Load Loss
UE548/2014
Cooling Type
ONAN
Short circuit Voltage
8.0/
Winding Material
Al
Others
DGPT2, anchoring eyebolts, grounding terminal, LV terminal cover
MV Switchgear Insulation Type
SF6 - Outdoor
Rated Voltage
36 kV
Rated Current Rating
630 A
Short time current
Up to 20 kA Z 1s
Configuration
2L1P
Transformer protection device
Self powered relay (50,51,50N,51N)
Others
Voltage presence device, external trip coil, bushing type C, grounding terminal, C1 interlocking, Surge arrester (optional)
LV Panel ACB Specification
2x 3200 A Z 600 Vac Z 3P
MCCB Specification
24x 250 A Z 600 Vac Z 3P
Auxiliary Transformer
5 kVA, Dyn11, 800 V 1 400 V (higher sizing optional)
Optional
Protection for Datalogger, HO Device for PS signal monitoring, UPS system, Surge Arrester Class I+II, Aux Protection Board tailored according to external loads
Others Miscellaneous
Fire detecting system, Anti-intrusism detecting system, Security Tools
General Enclosure Material
Concrete Enclosure
Dimensions (W x H x D)
5900x2400x2500 mm
Weight
s 25 Tn
Operation Temperature Range
-15 0C ~ 60C (-13 0F ~ 140 "F)
Protection Rating
IP54
Relative Humidity
0/ ~ 95/
Max. Operating Altitude
2000 m (higher altitude available as optional)
Standards
IEC 60076, IEC 61439-1, IEC 62271-200, IEC 62271-202
"Tailored Solution for Renewable Energy Industry"
meins.es
p.54
SUSTAINABLE SURFACE TREATMENT
SUSTAINABLE SURFACE TREATMENT
To protect steel against environmental influences, different surface treatments are available.
DURABILITY
THICKNESS LOSS (AFTER FIRST YEAR OF EXPOSURE) ENVIRONMENT CATEGORY
PRE-GALVANIZING (enio.346) (Continuous hot dip galvanized coil) + Galvanized before rollforming + Standard: Z275 (275 gr. zinc7m2 - average 19 p zinc layer) + On request: Zn-coatings up to Z1200 (average 80 p) ZnMg: ZM310 (average 25 p) or ZM430 (average 35 p)
EXAMPLES OF TYPICAL ENVIRONMENTS IN A TEMPERATE CLIMATE (INFORMATIVE ONLY)
ZINC THICKNESS LOSS * pm
ZINC MAGNESIUM THICKNESS LOSS pm
EXTERIOR
INTERIOR
C2 low
0,1 to 0,7
cc0.4
Atmospheres with low level of pollution. Mostly rural areas.
Unheated buildings where condensation may occur, e.g. depots, sport halls.
C3 medium
0,7 to 2,1
c0.4
Urban and industrial atmospheres, moderate sulfur dioxide pollution. Coastal areas with low salinity.
Production rooms with high humidity and some air pollution, e.g. food-processing plants, laundries, breweries, dairies.
C4 high
2,1 to 4,2
c0.4
Industrial areas and coastal areas with moderate salinity.
Chemical plants, swimming pools, coastal ship- and boatyards.
C5-I very high (Industrial)
4,2 to 8,4
0.4
Industrial areas with high humidity and aggressive atmosphere.
Building or areas with almost permanent condensation and with high pollution.
C5-M very high (Marine)
4,2 to 8,4
tbd
Coastal and offshore areas with high salinity.
Buildings or areas with almost permanent condensation and with high pollution.
* Extract from EN-ISO 12944-2
HOT DIP GALVANIZING (en -ISO 1461) + After rollforming of the pickled material, profiles can be galvanized by dipping in a zinc bath + Minimum coating to EN-ISO 1461: see table below
By ffíf" J"jţ
AVERAGE MINIMUM COATING (EN-ISO 1461)
Steel thickness
Mean coating thickness (minimum) pm
steel > 6 mm
85 pm
3 mm c steel i 6 mm
70 pm
1,5 mm i steel i 3 mm
55 pm
-- -
►1' Īï.
DUPLEX POWDERCOATING
DUPLEX EPOXY-COAL TAR COATING
+ Applied after rollforming + Coating process: pre-galvanized or hot dip galvanized + powder coating + Polyester, epoxy or PU-coating + Electrostatic powdercoating in any RAL-colour + Colour and coating thickness to be specified
+ Applied after rollforming + Coating process: pre-galvanized or hot dip galvanized + epoxy-coal tar coating
■»*ï? '
V.J \İ
Bk v. '
ř
^
a.
' "- -
it*?* . ţ*m . 4vAķj;'
,
"lí İ
'
I Is*
-
11IŬÉÍ
p.55
Solar FlexRack Ground Screw Foundation Solution Rugged and Reliable Solar FlexRack’s ground screw solution expands the range of mounting solutions for EPCs and solar installers’ solar sites.
^ Solar FlexRack ground screws are reliable, regardless of rocky or difficult soil conditions ^ No refusals and associated contingency costs that can be experienced with piles in dense gravel (hard pan), rocks, boulders, or ledges ^ Relatively small or 'low impact' equipment can be used for installation (unlike the large, specialized pile drivers or quarry drill rigs needed for other foundational solutions) ^ Telescopic upright extension allows for easy vertical adjustments so racks transition perfectly across the row ^ Requires a smaller pre-drilled hole, reducing time and costs with faster drilling for extreme rock and ledge soil conditions Solar FlexRack projects include the assistance of our professional geotechnical engineers and licensed geologists to ensure the ground screw foundation design is optimized for each solar project. Construction - Continuous welded helix - Hot-dipped galvanized coating (DIN EN ISO 1461) for extended product life
Technical Specifications
Length
1,830 mm.
2,130 mm.
2,430 mm.
Shaft outer diameter
76.1 mm.
76.1 mm.
76.1 mm.
Inner diameter
68.9 mm.
68.9 mm.
68.9 mm.
Diameter setting
60 mm.
60 mm.
60 mm.
Depth setting
1,525 mm.
1,825 mm.
2,145 mm.
13 kg.
14 kg.
16 kg.
Weight
Size can be customized to your site requirements. Contact a Solar FlexRack Representative for more information.
40 Years & Over 2 Gigawatts Solar FlexRack, a division of Northern States Metals, is an integrated solar company that offers custom-designed, fixed tilt ground mount and single-axis solar tracking systems in the commercial, community solar and utility-scale solar mounting industries. Solar FlexRack offers full turnkey packages including engineering, geotechnical, pullout testing, field, layout, and installation services to address the actual site conditions of an installation and provide a full scope of services from design to delivery and installation. Solar FlexRack has completed over 2 GW of solar racking installations in 40 states across America and five countries globally. Learn more at http://solarflexrack.com Solar FlexRack
|
3207 Innovation Place, Youngstown, OH 44509
|
info@solarflexrack.com
JPLflscrfick A Division of Northern States Metals The most trusted name in solar trackers, mounting, 81 project support services
1.888.380.8138
www.solarflexrack.com
.
\ \ Ţ» \ ,L '
\AJ ■ď.W
MM
ì!-' ř
A\\\\v*.v rVi Wĩ
VVi t
5R*į
Orses Hekwerk 7 Gaashekwerk Orses is een breed toepasbaar hekwerk in diverse uitvoeringen
Met een hekwerk van Heras investeert u in de veiligheid en
met een interessante prijsstelling. Zowel het gaas als de
uitstraling van uw terrein. Onze producten zijn altijd onderdeel
bind- en de spandraden zijn verzinkt en geplastificeerd
van een totale beveiligingsoplossing. Compromisloze
en voldoen aan de hoge kwaliteitsnormen van Heras.
kwaliteit, met oog voor duurzaamheid en een aantrekkelijke prijsstelling.
De ronde staanders worden pneumatisch in de grond geheid en indien nodig worden ze voorzien van een schetsplaat voor extra stabiliteit. Als overklimbeveiliging kunt u kiezen voor een rechte- of schuine puntdraadhouder met prikkeldraad.
^ Transparant ^ Multi-toepasbaar ^ Scherp geprijsd
Al ons gaashekwerk is modulair uitbreidbaar tot een hoog beveiligingsniveau met hekwerkdetectie, zoals bijvoorbeeld Electric fence, waarmee ook risicovolle objecten buitengewoon goed beveiligd zijn.
Experts in perimeter protection
■nimiiBii
Tekeningen
Puntdraadhouders
Gaasverbinding
Met of zonder bovenbuis
Verankering
Waaier
Technische specificaties (afmetingen in mm) Type
Hoogte
Lengte verlengde staander
Puntdraden / gladde draden
OZ-10
1000
1930
Geen
OZ-12
1200
2230
Geen
OZ-15
1500
2400
Geen
OZ-18
1800
2600
Geen
OZ-20
2000
2850
Geen
Gaashekwerksysteem met bovenbuis en puntdraden ORIOS-10
1200
1930
2 (gladde draden)
ORIOS-12
1500
2230
2 (gladde draden)
ORIOS-15
2000
2400
3 (puntdraden)
ORIOS-18
2300
2600
3 (puntdraden)
ORIOS-20
2500
2850
3 (puntdraden)
Kleurstellingen
Vervolgens gaan de te coaten materialen in een oven, waarna
^ Gaas in geplastificeerde uitvoering. Standaard kleuren RAL
een duurzame coatlaag ontstaat met een dikte van gemiddeld
6005 (mosgroen), RAL 6009 (dennengroen), RAL 6014
80 |jm en een hardheid van 80 buchholz.
(Herasgroen), RAL 7030 (steengrijs) en RAL 9005 (zwart). Overige RAL kleuren op aanvraag.
Opties
^ Staanders en bovenbuis in verzinkte of gecoate uitvoering.
^ Uitvoering zonder bovenbuis
Puntdraadhouders in aluminium of gecoate uitvoering.
^ Gaasdikte 0 3,7 mm
Standaard coating in de kleuren RAL 6005 (mosgroen),
^ Aanbrengen en ingraven van kuikengaas
RAL 6009 (dennengroen), RAL 6014 (Herasgroen), RAL 7016
^ Iedere maas afknopen
(antracietgrijs), RAL 7030 (steengrijs), RAL 9005 (zwart) en
^ Hart op hart 2500 mm
RAL 9010 (wit).
^ Modulair uitbreidbaar met hekwerkdetectiesystemen, bijvoorbeeld Electric fence
Standaard ^ Staanders met een diameter van 0 60,3 mm
Ontzorgen
^ Hart op hart afstand staanders 3000 mm
Uiteraard kan Heras ook uw partner zijn in het verzorgen van:
^ Staander verlengd of op voetplaat
^ Snoeien begroeiing
^ Standaard gaasdikte 0 3 mm
^ Verwijderen obstakels
^ Grondverankeringsplaat ten behoeve van stabiliteit
^ Opbreken asfalt I klinkerbestrating ^ Herstellen bestrating
Coating
^ Afvoeren sloop- I snoeimaterialen
Indien er gekozen wordt voor een coating worden alle verzinkte en aluminium onderdelen chemisch voorbehandeld.
Bestelinformatie
Daarna wordt coatpoeder elektrostatisch aangebracht.
Neem contact op met de Heras vestiging bij u in de buurt voor de precieze bestelgegevens.
Hekdam 1 | Postbus 30 | 5688 ZG Oirschot | Nederland +31 499 551 255 | info@heras.nl | heras.nl
miiiuiiih
Productwijzigingen zijn voorbehouden zonder voorafgaande berichtgeving. Heras kan geen aansprakelijkheid aanvaarden voor de eventuele aanwezigheid van (zet)fouten en onvolledigheden. NL3A1A-1.2
Gaashekwerksysteem met bovenbuis, zonder puntdraden
CanadianSolar
NEW
HiKu SUPER HIGH POWER POLY PERC MODULE
420 W ~ 435 W CS3W-420|425|430|435P
MORE POWER 24 Z more power than conventional modules
Up to 4.5 Z lower LCOE Up to 2.7 Z lower system cost
linear power output warranty* years
Low NMOT: 42 ± 3 0C
©
Low temperature coefficient (Pmax):
-0.37 Z I oc
years
product warranty on materials and workmanship*
*According to the applicable Canadian Solar Limited Warranty Statement.
Better shading tolerance
MANAGEMENT SYSTEM CERTIFICATES*
MORE RELIABLE
ISO 9001:2015 I Quality management system ISO 14001:2015 I Standards for environmental management system OHSAS 18001:2007 I International standards for occupational health S& safety
PRODUCT CERTIFICATES* lower hot spot temperature
IEC 61215 I IEC 61730: VDE I CE IEC 61701 ED2: VDE I IEC 62716: VDE UL 1703: CSA Take-e-way
Cell crack risk limited in small region,
^ @,c c ®
Lower internal current,
enhance the module reliability
CERT
* As there are different certification requirements in different markets, please contact your local Canadian Solar sales representative for the specific certificates applicable to the products in the region in which the products are to be used.
***
Heavy snow load up to 5400 Pa, wind load up to 3600 Pa
CANADIAN SOLAR INC. is committed to providing high quality solar products, solar system solutions and services to custo mers around the world. No. 1 module supplier for quality and performanceIprice ratio in IHS Module Customer Insight Survey. As a leading PV project developer and manufacturer of solar modules with over 33 GW deployed around the world since 2001.
CANADIAN SOLAR INC. 545 Speedvale Avenue West, Guelph, Ontario N1K 1E6, Canada, www.canadiansolar.com, support@canadiansolar.com
ENGINEERING DRAWING (mm)
Rear View
CS3W-420P 7 I-V CURVES
Frame Cross Section A-A
A
A
11
30 Grounding
Mounting Hole
10
10
9
9
8
8
7
7
6
6
5
5
4
4
3
3
2
2
1
1
0
0
40
V
V
45 1
1000 W/m2
M
800 W/m2
1
600 W/m2
M
400 W/m2
50
5 10 15 20 25 30 35 40 45 50
a a 450C 1 650C 1 50C
250C
200 W/m2
435P
MECHANICAL DATA Specification
Data Poly-crystalline
ELECTRICAL DATA | STC* CS3W
420P
425P
430P
420 W
425 W
430 W
435 W
Cell Type
Opt. Operating Voltage (Vmp) 39.5 V
39.7 V
39.9 V
40.1 V
Cell Arrangement
Nominal Max. Power (Pmax)
Opt. Operating Current (Imp)
10.64 A
10.71 A
10.78 A
10.85 A
Open Circuit Voltage (Voc)
48.0 V
48.2 V
48.4 V
48.6 V
Short Circuit Current (Isc)
11.26 A
11.29 A 19.240
11.32 A 19.460
11.35 A
Module Efficiency
19.010
Operating Temperature
-400C ~ +850C
Max. System Voltage
1500V (IEC/UL) or 1000V (IEC/UL)
Dimensions
144 [2 X (12 X 6) ] 2108 X 1048 X 40 mm (83.0 X 41.3 X 1.57 in)
Weight
24.9 kg (54.9 lbs)
Front Cover
3.2 mm tempered glass
19.690 Anodized aluminium alloy, Frame crossbar enhanced
TYPE 1 (UL 1703) or Module Fire Performance CLASS C (IEC 61730)
J-Box
IP68, 3 bypass diodes
Cable
4 mm2 (IEC), 12 AWG (UL)
Max. Series Fuse Rating
20 A
Application Classification
Class A
Portrait: 500 mm (19.7 in) (+J Z 350 Cable Length mm (13.8 in) (-); landscape: 1400 mm (Including Connector) (55.1 in); leap-frog connection: 1670 mm (65.7 in)*
Power Tolerance
0 ~ t 5 W
Connector
T4 series or H4 UTX or MC4-EVO2
Per Pallet
27 pieces
* Under Standard Test Conditions (STC) of irradiance of 1000 W/m2, spectrum AM 1.5 and cell temperature of 25^.
Per Container (40' HQ) 594 pieces * For detailed information, please contact your local Canadian Solar sales and technical representatives.
ELECTRICAL DATA | NMOT* CS3W
420P
425P
430P
435P
Nominal Max. Power (Pmax)
312 W
316 W
320 W
323 W
Opt. Operating Voltage (Vmp) 36.7 V
36.9 V
37.1 V
37.3 V
Opt. Operating Current (Imp)
8.51 A
8.57 A
8.62 A
8.68 A
Open Circuit Voltage (Voc)
45.0 V
45.2 V
45.4 V
45.6 V
Short Circuit Current (Isc)
9.08 A
9.11 A
9.13 A
9.16 A
* Under Nominal Module Operating Temperature (NMOT), irradiance of 800 W/m2' spectrum AM 1.5, ambient temperature 20^, wind speed 1 m/s.
TEMPERATURE CHARACTERISTICS Specification
Data
Temperature Coefficient (Pmax)
-0.37 O 1 OC
Temperature Coefficient (Voc)
-0.29 O 1 OC
Temperature Coefficient (Isc)
0.05 O 1 OC
Nominal Module Operating Temperature 42 ± 30C
PARTNER SECTION
* The specifications and key features contained in this datasheet may deviate slightly from our actual products due to the on-going innovation and product enhancement. Canadian Solar Inc. reserves the right to make necessary adjustment to the information described herein at any time without further notice. Please be kindly advised that PV modules should be handled and installed by qualified people who have professional skills and please carefully read the safety and installation instructions before using our PV modules.
CANADIAN SOLAR INC. 545 Speedvale Avenue West, Guelph, Ontario N1K 1E6, Canada, www.canadiansolar.com, support@canadiansolar.com August 2019. All rights reserved, PV Module Product Datasheet V5.583,EN
power in wire and cables
KBE BERLIN
KBE Solar DB EN 50618 made in 2^many H1Z2Z2-K 1500 V DC Erdverlegbar/ direct burial Höhere Wasserbeständigkeit/ higher water resistance Höhere mechanische Stabilität/ higher mechanical stability Höhere Temperaturstabilität/ higher temperature stability
KBE Elektrotechnik GmbH * Symeonstralie 8 * 12279 Berlin * GERMANY Tel: 4-49 (0)30125 208-100 * Fax: -t-49 (0)30125 208-140 * info@kbe-elektrotechnik.com * www.kbe-elektrotechnik.com
Power cable NAYY-J/O acc. to VDE 0276-603
O o O
o
o
O
Í"-
Nominal voltage Uo: Nominal voltage U: Maximum permitted operating voltage in threephase systems: Nominal voltage (DC): Test voltage: Protective conductor: Core identification:
Eca aluminium PVC DIV 4 PVC DMV5 black yes VDE 0482-332-1-2/IEC 60332-1-2 yes Í"-
CPR-performance: Conductor material: Insulation: Sheathing material: Colour outer sheath: Meter mark: Flame-retardant: UV-resistant: Maximum permitted conductor temperature, X: Permitted outer cable temperature, fixed, X: Permitted outer cable temperature, in motion/ during installation, X:
faber
-5 - +70 0C
NAYY-J
NAYY-O
600 V 1 kV 1,2 kV
600 V 1 kV 1,2 kV
1,5 kV 4 kV yes colours acc. to VDE 0293 (HD308)
1,5 kV 4 kV no colours acc. to VDE 0293 (HD308)
Application: For fixed Installation indoors, outdoors, in the ground, in water and in conrete.
-^VDEC"
CC
[||[
The products and Information presented here are for technical calculation only. They are subject to technical progress and In no way represent the ability of shipment. Outer diameters are approximately.
Table: Technical characteristics NAYY-J p/n
part name
Ri
Wi
Ibl
Ibe
[Q/km]
[mm]
[A]
[A]
Ik
Lb
[kAĮmH/km]
Rbv
Wm
Da
[mm]
[mm]
[mm]
Fzv
Al
G
158
1,8
10,5
480
46,4
180
1,8
12
750
72,5
195
1050
101,5
255
[N] [kg/km] [kg/km]
090215
NAYY-J 01X16 SW
RE
1,91
1
090216
NAYY-J 01X25 SW
RE
1,2
1,2
87
106
1,9
090217
NAYY-J 01X35 SW
RE
0,869
1,2
107
127
2,66
0,333
203
1,8
13,5
090218
NAYY-J 01X50 SW
RMv
0,641
1,4
131
151
3,8
0,325
231
1,8
15,4
1500
145
298
090219
NAYY-J 01X70 SW
RMv
0,443
1,4
166
185
5,32
0,309
255
1,8
17
2100
203
383
090220
NAYY-J 01X95 SW
RMv
0,32
1,6
205
222
7,22
0,302
285
1,8
19
2850
275
490
090221
NAYY-J 01X120 SW
RMv
0,253
1,6
239
253
9,12
0,294
300
1,8
20
3600
348
575
090222
NAYY-J 01X150 SW
RMv
0,206
1,8
246
275
11,4
0,29
330
1,8
22
4500
435
695
dbl_nayy.pdf Issue 12.02.2019 - Klaus Faber AG - Lebacher StraBe 152 - 156 - 66113 Saarbrücken ^ Germany ^ Phone +49 681 9711-0 - Fax -289
145
WT 7. Dam met duiker Wijziging algemene regel: Zaaknr.
Datum vastgesteld:
20170338 65
27-06-2017
4
omschrijving wijziging:
criteria aangescherpt, taalgebruik vereenvoudigd
Waterschap
Rivierenland
Artikel 1. Criteria Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de keur, voor het aanleggen, verlengen, vervangen en behouden van een dam met duiker in een oppervlaktewaterlichaam, voor zover: 1. dit plaatsvindt in een oppervlaktewaterlichaam met een B- en/of C-status, en; 2. deze wordt aangelegd op minimaal 10,00 m van een bestaand ondersteunend kunstwerk en 20,00 m benedenstrooms vanaf een stuw, en; 3. deze wordt aangelegd zonder knikpunten of bochten, en; 4. deze bedoeld is als perceelontsluiting en aansluit op eigendom van de initiatiefnemer of rechthebbende, en; 5. in de nieuwe situatie de volledige duiker voldoet aan de volgende maatvoering: Onderdeel
Criteria
Type duiker
rond
Maximale totale duikerlengte
Particulier gebruik Bedrijfsmatig gebruik
12,00 m
Minimale inwendige diameter duiker in B-water
Landelijk gebied
0,47 m
Stedelijk gebied
0,80 m
Minimale inwendige diameter duiker in C-water
Landelijk gebied
0,47 m
Stedelijk gebied
0,47 m
Hoeveelheid lucht in de duiker t.o.v. winterpeil
Droge sloot
volledig
Watervoerende sloot
0,20 m
Uitsteken van de duiker buiten de dam
10,00 m
0,10 m
Artikel 2. Voorwaarden Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel: 1. damt het oppervlaktewaterlichaam, indien nodig, niet eerder af dan na overleg met de toezichthouder van het waterschap; 2. verwijdert slib op locatie van de aan te leggen dam met duiker 3. legt de duiker in het midden van het oppervlaktewaterlichaam aan; 4. voorziet verbindingen tussen duikerelementen van een waterdichte afdichting; 5. beschermt het talud van de dam met duiker op doelmatige wijze tegen uitspoeling; 6. fundeert de duiker dusdanig dat verzakken van deze duiker, met meer dan de natuurlijke maaivelddaling, wordt voorkomen; 7. verwijdert bij vervanging de oude duiker volledig; 8. verlengt een bestaande duiker met hetzelfde materiaal duikerbuis; 9. past een betonbuis, of een PE-buis toe met een gladde egale binnenwand (geen staal en/of spirosol); 10. plaatst een object zoals een toegangshek, container of tuinhuisje zodanig dat de toegangsfunctie van de dam behouden blijft; 11. fundeert een object op een dam met duiker zo, dat het object eenvoudig te verwijderen is; 12. voorziet, indien wenselijk, de uiteinden van de duiker van frontmuren conform de algemene regel 'WT 15. Frontmuren bij dammen met duikers'; 13. verankert de frontmuren van de duiker onderling; 14. houdt de constructie in een goede staat van onderhoud;
15. hanteert principetekening 12: dam met duiker in B- of C-water als uitgangspunt voor de uitvoering; 16. houdt het doorstroomprofiel van de dam met duiker in stand; 17. plaatst de dam met duiker op een afstand van tenminste 8,00 m van aanwezige bermobjecten zoals bomen en verkeersborden als de dam met duiker in een oppervlaktewaterlichaam wordt gelegd die door het waterschap wordt onderhouden; 18. voldoet aan de algemene regel 'WE 7. Uitweg', als de dam met duiker fungeert als perceelontsluiting naar een weg in beheer bij het waterschap. Artikel 3. Melding
1. 2.
3. 4.
Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, meldt dit tenminste twee weken voor aanvang van de activiteiten aan het waterschap. De melding wordt schriftelijk of digitaal gedaan via het Omgevingsloket Online of met behulp van het daarvoor aangeboden meldingsformulier. Daarbij wordt in ieder geval vermeld: a. naam, adres en telefoonnummer van meldingsplichtige, aannemer en/of uitvoerder; a. het adres of de locatie waar de activiteiten plaatsvinden; b. een situatietekening op een goed leesbare schaal waarop duidelijk is aangegeven: locatie, afmetingen van de activiteit, diameter en materiaalkeuze van de duiker, legenda en noordpijl. Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, meldt de aanvang van de activiteiten 2 werkdagen van te voren bij de toezichthouder (startmelding). De uitvoering van de toegestane werken start binnen een jaar na dagtekening van de instemmingsbrief van het waterschap. Als dit niet het geval is, vervalt de instemming.
Artikel 4. Overgangsrecht
1.
2.
3.
Een watervergunning verleend voor inwerkingtreding van deze algemene regel voor, op grond van deze algemene regel, meldingplichtige activiteiten wordt aangemerkt als een melding als bedoeld in deze algemene regel. Indien voor de activiteiten als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, direct voor inwerkingtreding van deze algemene regel een watervergunning krachtens de Keur Waterschap Rivierenland 2014 in werking was, worden de voorschriften van de watervergunning gelijkgesteld met maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 3.10, derde lid, van de keur. Indien voor het uitvoeren van de activiteiten als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, direct voor inwerkingtreding van deze algemene regel een watervergunning is aangevraagd of een melding is gedaan en nog niet op die aanvraag of melding is beslist, wordt de aanvraag gelijkgesteld met een melding als bedoeld in deze algemene regel.
Toelichting
Kader Op grond van artikel 3.2, eerste lid, van de keur, is het verboden zonder watervergunning van het bestuur gebruik te maken van een waterstaatswerk of bijbehorende beschermingszones door, anders dan in overeenstemming met de waterhuishoudkundige functies, daarin, daarop, daarboven, daarover of daaronder handelingen te verrichten, werken te behouden of vaste substanties of voorwerpen te leggen, te laten staan, te vervangen, te verwijderen of te vervoeren. Op grond van artikel 3.10 van de keur kan het bestuur algemene regels stellen die een vrijstelling van die vergunningplicht ínhouden. In deze algemene regel is hiervan gebruik gemaakt. Indien de activiteiten niet voldoen aan de algemene regel, dan geldt de vergunningplicht waarbij de activiteiten worden getoetst aan de beleidsregels. Begripsbepaling De begrippen die zijn gedefinieerd in de keur zijn ook van toepassing voor de bepalingen in deze algemene regels. Daarnaast wordt in deze algemene regel verstaan onder: Duiker: Stedelijk gebied: Landelijk gebied:
Risico's
Buis in gronddam gelegen in een oppervlaktewaterlichaam. Gebied dat zich bevindt binnen de door de betrokken gemeente als 'bebouwde kom' aangewezen gebied. Gebied buiten de bebouwde kom.
Het aanleggen, verlengen of vervangen van een dam met duiker is een veel voorkomende activiteit. De relevante waterhuishoudkundige belangen kunnen in dit geval voldoende worden gewaarborgd door het stellen van een algemene regel. In oppervlaktewaterlichamen met een B- en/of C-status heeft het aanbrengen van een dam met duiker een gering effect op de doorstroming van het oppervlaktewaterlichaam, indien aan de gestelde criteria en voorwaarden wordt voldaan. Om de doorstroming te waarborgen is de lengte van de duiker gelimiteerd en een minimale grootte van de diameter bepaald. De diameter verschilt in stedelijk gebied en landelijk gebied, omdat buien in stedelijk gebied in het algemeen sneller tot hogere afvoerdebieten leiden. Het betreft in deze algemene regel alleen de eerste perceelontsluiting. Voor het maken van een uitrit naar een weg van het waterschap bestaat een algemene regel. De uitrit naar de weg mag niet breder zijn dan is aangegeven in deze algemene regel. De breedte van de dam met duiker moet hierop worden aangepast. Indien de criteria niet of niet volledig van toepassing zijn of indien het voorgenomen werk in afwijking van de voorwaarden zal worden uitgevoerd, kan met het waterschap in overleg worden getreden over een mogelijke watervergunning. Melding De melding kan digitaal en schriftelijk worden gedaan.
Een digitale melding kan via het Omgevingsloket Online (OlO) worden ingediend. Het OlO is te bereiken via: www.omgevingsloket.nl. Het is ook mogelijk om de melding schriftelijk te verrichten. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een door het waterschap beschikbaar gesteld formulier. Dit formulier is te bereiken via: www.waterschaprivierenland.nl.
WT 11. Natuurvriendelijke oever Wijziging algemene regel: Zaaknr.
Datum vastgesteld:
omschrijving wijziging:
Waterschap Rivierenland Artikel 1. Criteria
Vrijstelling wordt verleend van het verbod, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de keur, voor het aanleggen en behouden van een natuurvriendelijke oever langs een oppervlaktewaterlichaam, voor zover: 1. deze niet wordt aangelegd aan een oppervlaktewaterlichaam gelegen langs een weg van het waterschap en in een waterkering en/of bijbehorende beschermingszone, en; 2. deze wordt aangelegd langs B- en C wateren, met uitzondering van die oppervlaktewaterlichamen die door het waterschap worden onderhouden, en; 3. geen oppervlaktewaterlichaam wordt gedempt of versmald, en; 4. de natuurvriendelijke oever minimaal 25,00 m lang is, en; 5. het oppervlaktewaterlichaam een minimale waterdiepte heeft van 0,50 m ten opzichte van zomer/streefpeil. Artikel 2. Voorwaarden
Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel: 1. voorziet de plas-drasoever die wordt aangelegd met een nevengeul om de 25,00 m van een opening van minimaal 1,00 m breed; 2. beschermt taluds op doelmatige wijze tegen uitspoeling en inzakking; 3. voorkomt beschadigingen of verzakkingen van de beschoeiing, het talud of maaiveld, die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de waterdoorvoer; 4. hanteert principetekening 'NVO (natuurvriendelijke oever)' als uitgangspunt voor de uitvoering. 5. hanteert, indien een plas-drasoever wordt aangelegd, de volgende maatgeving: a. de plas-drasoever is minimaal 2,00 m breed; b. de diepte van de plas- drasoever is 30 tot 50 cm onder zomerVstreefpeil peil; c. het talud onder de plas-drasoever is 1:3 of flauwer of afgewerkt met een beschoeiing; d. het talud boven de plas-drasoever is 1:2 of flauwer; 6. legt, bij afwezigheid van een plas-dras oever, het gehele talud aan met een helling van minimaal 1:3; 7. eventuele aanplant van vegetatie bestaat uit inheemse soorten. Artikel 3. Melding
1. 2.
3. 4.
Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, meldt dit tenminste twee weken voor aanvang van de activiteiten aan het waterschap. De melding wordt schriftelijk of digitaal gedaan via het Omgevingsloket Online of met behulp van het daarvoor aangeboden meldingsformulier. Daarbij wordt in ieder geval vermeld: a. naam, adres en telefoonnummer van meldingsplichtige, aannemer en/of uitvoerder; a. het adres of de locatie waar de activiteiten plaatsvinden; b. een situatietekening op een goed leesbare schaal waarop duidelijk is aangegeven: locatie, afmetingen van de activiteit, waaronder taludhellingen, breedte en diepte van de eventuele plasdrasoever, bestaand en nieuw tracé, type kabel/leiding, materiaalkeuze en toe te passen bijbehorende voorzieningen, legenda en noordpijl. Degene die activiteiten uitvoert als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, meldt de aanvang van de activiteiten 2 werkdagen van te voren bij de toezichthouder (startmelding). De uitvoering van de toegestane werken start binnen een jaar na dagtekening van de instemmingsbrief van het waterschap. Als dit niet het geval is, vervalt de instemming.
Artikel 4. Overgangsrecht
1.
2.
3.
Een watervergunning verleend voor inwerkingtreding van deze algemene regel voor, op grond van deze algemene regel, meldingplichtige activiteiten wordt aangemerkt als een melding als bedoeld in deze algemene regel. Indien voor de activiteiten als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, direct voor inwerkingtreding van deze algemene regel een watervergunning krachtens de Keur Waterschap Rivierenland 2009 in werking was, worden de voorschriften van de watervergunning gelijkgesteld met maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 3.10, derde lid, van de keur. Indien voor het uitvoeren van de activiteiten als bedoeld in artikel 1 van deze algemene regel, direct voor inwerkingtreding van deze algemene regel een watervergunning is aangevraagd of een melding is gedaan en nog niet op die aanvraag of melding is beslist, wordt de aanvraag gelijkgesteld met een melding als bedoeld in deze algemene regel.
Toelichting
Kader Op grond van artikel 3.2, eerste lid, van de keur, is het verboden zonder watervergunning van het bestuur gebruik te maken van een waterstaatswerk of bijbehorende beschermingszones door, anders dan in overeenstemming met de waterhuishoudkundige functies, daarin, daarop, daarboven, daarover of daaronder handelingen te verrichten, werken te behouden of vaste substanties of voorwerpen te leggen, te laten staan, te vervangen, te verwijderen of te vervoeren. Op grond van artikel 3.10 van de keur kan het bestuur algemene regels stellen die een vrijstelling van die vergunningplicht ínhouden. In deze algemene regel is hiervan gebruik gemaakt. Indien de activiteiten niet voldoen aan de algemene regel, dan geldt de vergunningplicht waarbij de activiteiten worden getoetst aan de beleidsregels. Begripsbepaling De begrippen die zijn gedefinieerd in de keur zijn ook van toepassing voor de bepalingen in deze algemene regels. Daarnaast wordt in deze algemene regel verstaan onder: Beplanting: Peil: Profiel: Natuurvriendelijke oever:
Bomen, struiken en lage beplanting, uitgezonderd gras. In het peilbesluit vastgestelde waterstand. Breedte en diepte van het oppervlaktewaterlichaam als aangegeven op de legger of keurkaart. Oever die zo is aangelegd dat het niet alleen dient om de afvoercapaciteit van het oppervlaktewaterlichaam te verbeteren, maar ook om landschappelijke en ecologische functies te versterken. Oever aangelegd conform algemene regel 'WT 11. Natuurvriendelijke oever'.
Risico's Het aanleggen van een natuurvriendelijke oever betreft vanuit waterhuishoudkundig oogpunt een relatief eenvoudig werk. De relevante waterhuishoudkundige belangen, zoals het behoudt van het doorstroomprofiel en de bescherming van het talud tegen uitspoeling, worden gewaarborgd door het stellen van voorwaarden. De criteria en voorwaarden hebben met name betrekking op de inrichting van de natuurvriendelijke oever waarmee wordt beoogd een interessante habitat te creëren voor diverse flora en fauna. Oppervlaktewaterlichamen langs een weg of waterkering worden uitgesloten van deze algemene regel, omdat het verflauwen van het talud een negatieve invloed kan hebben op de sterkte van de oever en de functie die deze vervuld voor het naastgelegen perceel. Indien de criteria niet of niet volledig van toepassing zijn of indien het voorgenomen werk in afwijking van de voorwaarden zal worden uitgevoerd, kan met het waterschap in overleg worden getreden over een mogelijke watervergunning. Melding De melding kan digitaal en schriftelijk worden gedaan. Een digitale melding kan via het Omgevingsloket Online (OLO) worden ingediend. Het OLO is te bereiken via: www.omgevingsloket.nl. Het is ook mogelijk om de melding schriftelijk te verrichten. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van een door het waterschap beschikbaar gesteld formulier.
Dit formulier is te bereiken via: www.waterschaprivierenland.nl.
BLUSWATERVOORZIENING
Bronbemaling Diepdrainage
Raaljmakers on Zn. Bronbemaling B.V. Erfstroat 0 5408 SJ Vol kei Tel (0413) 27 30 65 Fax (0413)27 41 90 E-mail. info(Q)raaiJmakersbronbemaling nl Intamel: www.raaijmakersbronbemaling.nl IBAN. NL55RABO0154904961 BTW nr. NL806172733B01 Handolsregistor nr. 16029196
Retourbemaling Grondboringen
RAAMMAKERS en Zn. BV
Wilhelminalaan 81 6641 KN Beuningen Volkel,
04-04-2016
Tostcertificaat Brandput Boordatum
1-4-2016
Testdatum
1-4-2016
Locatie
Wilhelminalaan 8:
Plaats
Beuningen
X=
Coördinaten
180072
Y“
428029
17 m-mv
Diepte
7-17
Filterstclling
m-mv
Diameter bron 0
250 mm
Ontwerp debiet
60 mVuur bij een afpomping tot maximaal ó'/mi-mv
De put is door ons gedurende 35 minuten belast met een bovengrondse pomp. teneinde te bepalen (middels een debietmeter in de afvoerleiding) wat de capaciteit van de put is. De volgende gegevens hebben wij geregistreerd: Debietmeterstand
Waterstand in de put in
in m3
meters onder bovenkant put
Bij aanvang
1955
2,3 meter
Na 5 minuten pompen
1959,06
3,7 meter
Na 20 minuten pompen
1977,08
3,73 meter
na 35 minuten pompen
1995
3,76 meter
bij een afpomping tot
3,76 meter
Berekende capaciteit :
71,88 mVliur
Wij vertrouwen u hiermee van dienst te zijn geweest. Hoogachtend, Raaijmakers en Zn. Bronbemaling B.V.
Raammakers en Zn Bronbemaling B.V Volkel /įy Tel. 0413-273
Lars Bongers
rZlĵCĨ, Wr«hL Oo/o
-V van loapawunQ AJgamene voonvaanjan voor hot uitvooroo van “,VOOT" ^ V*" v«K«to V”
“L ““‘“"‘•wont -Botooho- tlogonwoord« oo V*orow OodarvoMoo ! "Üf Ur ï*0epcfl—“I * OtWo vort do ArrorvOMOoioototochtbook l» "P Oe V*™*» «mn v* o ooo oraowloor too.
«OOtooo# .ocovoofdoh van opdfocnioowr, «onlw door on. umr okkoť|h «omwaan
k
19001 i'unti
CII1IMUIII
VCA*
MilttlMIttlMtltti
ciitiiictm
alfa
BRL2100
niiKUiiiintiii
opdrachtgever: goorlocatie goordatum
Zwambagt wilhelminalaan 81 te Beuningen 01-04-2016
goringsnummer
Bron 1 180072 428029
Bron 0-
Boorgat 0
0,00 klei. zwak s
bruin/Wauw
Dantomet afdichting
4 50 uiterst grof zand. zwak siltlg. bruin
.9 00
uiterst grof zand, matig grindig. bruir
filtergrind
-14.00
uiterst grof zand. matig grindig, grijs
-17 00 einde boring
Bronbemaling Diepdroinage
Retourbemaling Grondboringen
RAAIJMAKERS en Zn. BV
Datum: 07-04-2016 getekend volgens NEN 5104
,yt ‘Ç *gK
nog1
Vi -
jřįw^s* rJ\J ’H -. - ^
v! -1
WŞ
it__ ii—j ■.-13,
•'Z
ñvvV mi;
irSfeiă -?r rt
I// 'T
'U'‘,
:om
IDQľľuk// ' ODD
- i 4ŬJC* 'l' -i:
11
İHH 1ODCD0
.'X, «w!
^ i ^ i'
Ĵ5EŜ AľA RţJK
-
ÉL#
fcĩ'uä
■H
H H H Blom Ecologie b.v. Ecologisch advies fe onderzoek
Blom Ecologie b.v. Buro Waalbrug
ADVIES k ONDERZOEK
T.a.v. dhr. R. Van den Oetelaar Schoenaker 10
Zandweg 46
6641 SZ Beuningen
4181 PM Waardenburg
10418 82Û288
Datum
18 augustus 2020
Kenmerk
BE/2020/553/r
Uw kenmerk
Email d.d. 10-07-2020
Auteur(s)
M.A. Brinkbaumer
Collegiale toets
ir. ing. K.J. Rebergen
e infc@blomecotagíe.n] i www.blomecologie.nl
KvK 67221904 BTW 856882999B01 IBAN NL21RABÜ0314240683
Quickscan Wet natuurbescherming Wilhelminalaan ong. te Beuningen Aan de Wilhelminalaan ong. te Beuningen is een agrarisch grasland gelegen, hoofdzakelijk in gebruik als grasland. De initiatiefnemer is voornemens een zonnepark te realiseren op de planlocatie. Van de noordelijke zijde van de planlocatie wordt 1,5 hectare gebruikt voor een ecologische inpassing bestaande uit nieuwe aanplant van bos welke wordt verbonden met het Personnenbos ten oosten, er wordt een natuurlijke oever gerealiseerd en het plaatsen van een knotwilgenrij. De beoogde ontwikkeling heeft mogelijk een negatief effect op beschermde flora en fauna (soortenbescherming), beschermde natuurgebieden (gebiedsbescherming) en/of beschermde houtopstanden. Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling geldt de wettelijke verplichting onderzoek te verrichten naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de mogelijke effecten van de ruimtelijke ingreep daarop. Middels voorliggend ecologisch oriënterend onderzoek is de (potentiële) aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de betekenis van de planlocatie voor deze soorten in kaart gebracht. Buro Waalbrug begeleidt de ruimtelijke procedure en heeft Blom Ecologie B.V. verzocht de planlocatie te onderzoeken op aanwezigheid van beschermde flora en fauna en deze vervolgens te toetsen aan de effecten van de werkzaamheden.
Onderzoeksdoelen Middels dit oriënterende onderzoek worden de volgende onderzoeksvragen beantwoord: ^ Welke, krachtens de Wet natuurbescherming, beschermde flora en fauna zijn (potentieel) aanwezig op de planlocatie? ^ Welke negatieve effecten treden op voor (potentieel) aanwezige flora en fauna als gevolg van de beoogde ruimtelijke ingreep? • Heeft de beoogde ruimtelijke ingreep een negatief effect op het de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden of de wezenlijke kenmerken en waarden van Gelders Natuurnetwerk? • Heeft de beoogde ruimtelijke ingreep een negatief effect op houtopstanden die middels de Wet natuurbescherming zijn beschermd? ^ Dienen er vervolgstappen in het kader van de Wet natuurbescherming te worden genomen, en zo ja, welke?
CCO-IO-giľ (de; v) 1 wetenschap die de betrekkingen tussen de organismen en hun omgeving bestudeert 2 die betrekkingen zelf; iXO-IO-gtSi'h (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord)
1 m.b.t. de ecologie, 2 milieuvriendelijk; flo-ľfí (de, v(m); meervoud: flora's) 1 alle planten van een bep. gebied, 2 boek dat de opsomming en beschrijving ervan bevat; filll-ìUÌ (de; v(m); meervoud: fauna's) 1 de dierenwereld van een gebied.
Planlocatie De planlocatie betreft een agrarisch graslandperceel gelegen aan de Wilhelminalaan op een ongenummerd perceel ten oosten van Wilhelminalaan 81 te Beuningen (figuur 1). De planlocatie betreft een grasland bestaande uit een monocultuur van Engels raaigras ten behoeve van de melkveehouderij (Wilhelminalaan 81). De planlocatie is omgeven door jaarrond waterdragende kavelgrenssloten. Het grasland wordt jaarlijks 3-5 maal gemaaid en meermaals geïnjecteerd met drijfmest, waardoor er sprake is van een verstoorde en voedselrijke bodem. Ten noorden van de planlocatie bevindt zich een brede rietkraag naast de kavelgrenssloot. In figuur 2 en bijlage 1 zijn een aantal foto's opgenomen die een impressie geven van de planlocatie en de directe omgeving hiervan. De directe omgeving van de planlocatie wordt gekenmerkt door landelijk gebied bestaande uit veeteelt, graslanden en houtopstanden. Direct ten oosten van de planlocatie is het Personnenbos gelegen, enkel gescheiden door een kavelgrenssloot. De dichtstbijzijnde autosnelweg is de A73, gelegen op een afstand van ca. 450 m ten noorden en 900 m ten oosten. Legenda ] onderzoeksgebied
Figuur 1
De planlocatie (rood omkaderd) is gelegen aan de Wilhelminalaan ong. te Beuningen (bron kaartmateriaal: arcgis.com).
jļfeiiŵèMİ^iátoį»tì -«••'jřľ'i
Figuur 2
2
ìMeĘįĘüĚ.
tff/ JssJiit M_____ Fotografische indruk van de planlocatie en de directe omgeving hiervan.
Functieverandering en effecten De beoogde ingrepen zijn permanent van karakter. De beoogde ontwikkeling betreft de realisatie van een zonnepark op de planlocatie. Onderstaand volgt een korte opsomming van de ingrepen en effecten: ^ ^ ^ ^
egaliseren terrein (indien nodig): graafwerkzaamheden en grondtransport; aanleg natuurvriendelijke oever: algemene graafwerkzaamheden; realisatie zonnepark: bouwwerkzaamheden van zonnepanelen (tafels); revitalisatie terrein en aanleg verharding: allerhande (straat- en hoveniers) werkzaamheden;
y ■
-
/ń
't y/ i
f,
Figuur 3
Visuele representatie van de beoogde situatie (bron: Buro Waalbrug).
Methode Dit oriënterend onderzoek verkent alle relevante vakgebieden met betrekking tot de Wet natuurbescherming. Hierbij wordt een beoordeling gegeven van de aanwezigheid van specifieke potentie voor beschermde flora en fauna op de planlocatie, de betekenis van de planlocatie voor de aanwezige soorten en de effecten van de voorgenomen ingrepen op de soorten. Dit onderzoek bestaat uit een veldbezoek en raadpleging van externe bronnen. Veldbezoek Het veldbezoek is een momentopname van de aanwezige flora en fauna. Tijdens het veldbezoek is de planlocatie nauwkeurig onderzocht, waarbij ook gelet werd op sporen en delen of restanten van planten en/of dieren. Het veldbezoek heeft plaatsgevonden op 14 juli 2020 en is uitgevoerd door M.A. Brinkbaumer. De weersomstandigheden tijdens het veldbezoek waren; lichte miezer, 8/8 bewolkt, 180 Celsius en windkracht 0-1 (Bft). Externe bronnen Vaak zijn er al gegevens bekend over een planlocatie en de directe omgeving hiervan. Deze gegevens worden onder andere beheerd in rapporten en naslagwerken en door de Nationale Database Flora en Fauna (NDFF). Raadpleging van externe bronnen levert vaak nuttige aanvullende informatie op en biedt daarmee een vollediger beeld van de (mogelijk) aanwezige flora en fauna.
3
Wet natuurbescherming Per 1 januari 2017 zijn drie voormalige wetten; de Flora- en faunawet samen met de Boswet en de Natuurbeschermingswet 1998, vervangen door de Wet natuurbescherming (Wnb). Bevoegdheden zijn met het ingaan van deze wet overgedragen van het rijk naar de provincie. Algemene zorgplicht In de Algemene zorgplicht (art. 1.11) wordt voorgeschreven dat nadelige gevolgen voor flora en fauna voorkomen moet worden. Het uitgangspunt van de Algemene zorgplicht is dat het doden, verwonden, verontrusten of beschadigen van flora en fauna wordt vermeden. Deze zorgplicht geldt voor iedereen. (a) Soortenbescherming De soortenbescherming is opgedeeld in de volgende beschermingsregimes: Vogelrichtlijnsoorten (art. 3.1), Habitatrichtlijnsoorten (art. 3.5) en Andere soorten (art. 3.10). Hierin worden ook rust- en voortplantingsverblijfplaatsen en het functioneel leefgebied beschermd. Bij negatieve effecten op soorten in de specifieke soortenbescherming geldt een ontheffingsplicht. Van de verboden als bedoeld in Andere soorten art. 3.10 eerste lid kan door bevoegd gezag vrijstelling verleend worden voor het opzettelijk doden of vangen van individuen en voor het opzettelijk beschadigen of vernielen van vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen voor bepaalde soorten.
In de verordening Ruimte van de provincie Gelderland is voor de volgende soorten vrijstelling opgenomen in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen: Tabel 1 Vrijgestelde soorten in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen in de provincie Gelderland. Aardmuis Gewone bosspitsmuis Ondergrondse woelmuis Bastaardkikker Gewone pad Ree Bosmuis
Haas
Rosse woelmuis
Bruine kikker Dwergmuis Dwergspitsmuis
Huisspitsmuis Kleine watersalamander Konijn
Tweekleurige bosspitsmuis Veldmuis Vos
Egel
Meerkikker
Woelrat
(b) Gebiedsbescherming Naast de specifieke soortenbescherming kent Nederland ook gebiedsbescherming, waarbij bepaalde gebieden extra bescherming genieten. Het gaat hier hoofdzakelijk om Natura 2000gebieden en het Gelders Natuurnetwerk en de Groene ontwikkelingszone. In deze gebieden mogen in principe geen werkzaamheden binnen de grenzen uitgevoerd worden. Voor werkzaamheden in Natura 2000-gebieden is bij mogelijke effecten een Voortoets vereist en binnen het Gelders Natuurnetwerk geldt het 'nee, tenzij'-principe. In bepaalde gevallen dient er natuurcompensatie uitgevoerd te worden. Ten aanzien van Natura 2000-gebieden kunnen ook externe effecten als stikstofdepositie en licht- of geluidsuitstraling van invloed zijn. Ten aanzien van het Gelders Natuurnetwerk en de Groene ontwikkelingszone geldt dat externe werking geen toetsingskader is. Bij negatieve effecten op beschermde natuurgebieden geldt een ontheffingsplicht. (c) Houtopstanden Houtopstanden onder de Wnb betreffen zelfstandige eenheden van bomen, boomvormers, struiken, hakhout of griend, met een oppervlakte van 1000 m2 of meer, of een rijbeplanting met meer dan 20 bomen. Het is verboden een houtopstand geheel of gedeeltelijk te vellen of te doen vellen, met uitzondering van het periodiek vellen van griend- of hakhout, zonder voorafgaand melding te doen bij gedeputeerde staten.
Ingeval een houtopstand geheel of gedeeltelijk is geveld, dient deze binnen drie jaar herplant te worden. Het vellen van houtopstanden is niet meldingsplichtig in het kader van de Wnb als het één van de volgende typen houtopstanden betreft:
4
a) houtopstanden binnen de bij besluit van de gemeenteraad vastgestelde grenzen van de bebouwde kom; b) houtopstanden op erven of in tuinen; c) fruitbomen en windschermen om boomgaarden; d) naaldbomen, kennelijk bedoeld om te dienen als kerstbomen, indien niet ouder dan twintig jaar; e) kweekgoed; f) uit populieren of wilgen bestaande: (1) wegbeplantingen, (2) beplantingen langs waterwegen en/of (3) éénrijige beplantingen langs landbouwgronden; g) het dunnen van een houtopstand; h) uit populieren, wilgen, essen of elzen bestaande beplantingen die kennelijk zijn bedoeld voor de productie van houtige biomassa, indien zij: (1) ten minste eens per tien jaar worden geoogst, (2) bestaan uit minstens tienduizend stoven per hectare per beplantingseenheid, zijnde een aaneengesloten beplanting die niet wordt doorsneden door onbeplante stroken breder dan twee meter, en (3) zijn aangelegd na 1 januari 2013.
Beoordeling (a) soortenbescherming Op basis van het veldbezoek en de bureaustudie wordt per soortgroep besproken wat de potentie van de planlocatie en de directe omgeving daarvan voor het voorkomen van soorten is, en welke effecten daarop te verwachten zijn ten gevolge van de beoogde ontwikkeling. Voor een aantal van de nationaal beschermde soorten (beschermingsregime 'Andere soorten') geldt vrijstelling in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen (zie soortenbescherming). In de voorliggende beoordeling is specifiek gelet op de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten waarvoor geen vrijstelling geldt c.q. soorten waarvoor een ontheffingsplicht noodzakelijk is. Vaatplanten In de directe omgeving van de planlocatie is een enkele waarneming bekend van de grote bosaardbei (NDFF 2010-2020). Gedurende het veldbezoek zijn geen beschermde planten en/of sporen hiervan aangetroffen. De waarneming van de grote bosaardbei is afkomstig uit het naastgelegen Personnenbos. Aangezien het een uitgesproken bossoort betreft, is er op het grasland van de planlocatie geen geschikte groeiplaats aanwezig. Derhalve is aanwezigheid van de grote bosaardbei op de planlocatie uitgesloten. De planlocatie is een zeer voedselrijke, kalkloze poldervaaggrond met een monocultuur van Engels raaigras.
Ter plaatse van de planlocatie is slechts sprake van inheemse of aangeplante vaatplanten zonder beschermde status. Enkele waargenomen soorten betreffen: gewone smeerwortel, grote brandnetel, hondsroos, lisdodde, riet, rode klaver, scherpe boterbloem en witte klaver. Op de planlocatie zijn geen bomen of struiken aanwezig. De beoogde ontwikkeling leidt niet tot aantasting van beschermde en/of kwetsbare vegetatie. Beschermde planten stellen over het algemeen specifieke eisen aan hun milieu, zoals kalkhoudende schrale grond of stikstofarme blauwe graslanden. Gelet op de functie, ligging en het gebruik van het perceel in relatie tot de habitatpreferentie van kwetsbare en zeldzame soorten wordt de aanwezigheid hiervan niet verwacht. Daarnaast zijn beschermde planten niet aangetroffen gedurende het veldbezoek, waarmee negatieve effecten ten aanzien van beschermde vaatplanten derhalve kunnen worden uitgesloten. Grondgebonden zoogdieren Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid bekend van de volgende zoogdieren: aardmuis, bever, beverrat, bosmuis, bruine rat, bunzing, das, dwergmuis, egel, haas, konijn, mol, ree, rosse woelmuis, steenmarter, veldmarter en vos (NDFF 2010-2020). Voor de volgende soorten geldt dat deze beschermd zijn onder de Wet natuurbescherming en dat er geen vrijstelling geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen: bever, bunzing, das en steenmarter.
Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen aangetroffen van (beschermde) zoogdieren. De bever komt voor in aaneengesloten watergangen met goed uittreedbare oevers waar voldoende houtige begroeiing aanwezig is.
5
Aangezien de kavelgrenssloten langs de planlocatie beschikken over steile overs en er geen sprake is van houtige beplanting binnen de begrenzing van de planlocatie is er geen sprake van functioneel leefgebied van de bever. Er worden geen sloten gedempt, wel wordt er een natuurlijke oever gerealiseerd. Hier worden geen negatieve effecten ten aanzien van de bever beoogd. De das leeft in gebieden die bestaan uit een combinatie van diverse habitattypen. Vaak zijn dit zowel hooggelegen als laaggelegen gronden die op korte afstand van elkaar liggen, in meestal kleinschalige akker- en weidelandschappen met voldoende bosjes, houtwallen, singels en heggen. Belangrijk voor het habitat van de das is dat er voldoende voedselaanbod is, een goed vergraafbare grond aanwezig is, voldoende dekking in de vorm van bijvoorbeeld houtwallen of heggen is en het gebied weinig wordt verstoord (BIJ12 kennisdocument Das, 2017). In de Personnenbos is een dassenburcht aanwezig (Leemreise, 2020). Derhalve is aannemelijk dat de planlocatie onderdeel uitmaakt van foerageergebied. Hiervoor is echter door dhr. P. Leemreise van Natuurbank Overijssel een notitie over opgesteld waarin vastgesteld is dat er geen negatieve effecten optreden bij het ontwikkelen van het zonnepark. Echter zijn er enkele adviezen t.a.v. de das opgesteld (zie overig te treffen maatregelen).
De bunzing en steenmarter komen voor in kleinschalig landschap met voldoende schuilgelegenheden. De soorten worden geregeld waargenomen in de buurt van menselijke bebouwing, de steenmarter verblijft verder ook geregeld in oude schuren en gebouwen. De bunzing vermijd bebouwing. De planlocatie is echter een geregeld verstoord grasland (maai- en mestwerkzaamheden) zonder enige beschutting. Derhalve zal het voorkomen van de soorten minimaal zijn en wegens ontbreken van geschikte groenstructuren en gebouwen zijn verblijfplaatsen uitgesloten. Het is echter niet uitgesloten dat incidenteel een bunzing of steenmarter op doortrek zich op het perceel bevindt, gezien het ontbreken van groenstructuren is het uitgesloten dat er sprake is van een essentiële migratieroute. Aangezien de planlocatie toegankelijk blijft en er geen sprake is van afname functionaliteit zijn er geen negatieve effecten beoogd voor de bunzing en steenmarter. Gelet op het gebruik van de locatie en de afwezigheid van gunstige migratieroutes in de directe omgeving van de locatie is het aannemelijk dat soorten van de Habitatrichtlijn en niet vrijgestelde Andere soorten niet op de locatie voorkomen. De planlocatie heeft enkel mogelijk een functie voor algemene soorten. Dit betreft met name egel, konijn, mol en veldmuis.
Dergelijke soorten zijn dermate opportunistisch dat in de directe omgeving voldoende vergelijkbaar habitat aanwezig is waar ze zich al dan niet tijdelijk kunnen ophouden. Bovendien geldt voor dergelijke algemene soorten vrijstelling in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen. Op en rondom de planlocatie zijn geen holen, nesten of sporen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van beschermde zoogdiersoorten die buiten de Verordening uitvoering Wet natuurbescherming van de provincie vallen (zie Wnb art 3.10). Effecten op beschermde zoogdieren zijn uitgesloten. Vleermuizen Binnen een straal van 2 km is het voorkomen bekend van de volgende vleermuissoorten: gewone dwergvleermuis, laatvlieger, rosse vleermuis en ruige dwergvleermuis (NDFF 2010 2020). Onder de Wet natuurbescherming zijn alle in Nederland voorkomende vleermuizen als Habitatrichtlijnsoorten beschermd. Laanvormige bomenrijen, oude bomen met gaten en scheuren, (oude) gebouwen met kieren en spleten en/of structuurrijke groenelementen kunnen een functioneel onderdeel zijn van een vleermuishabitat (BIJ12 kennisdocument Gewone dwergvleermuis, 2017; Limpens et al., 1997; Dietz et al., 2011). De planlocatie is volledig vrij van bebouwing en bomen waardoor vaste rust- en/of verblijfplaatsen van vleermuizen per definitie uitgesloten zijn.
Mogelijk dat de planlocatie onderdeel uitmaakt van algemeen foerageergebied van soorten met verblijfplaatsen in de directe omgeving. Aangezien de planlocatie open ruimte betreft en er beter geschikt foerageer gebied op korte afstand is (bosrand) zijn negatieve effecten uitgesloten. Aangezien er geen lijnvormige structuren verwijderd wordt, is er geen sprake van negatieve effecten ten aanzien van vliegroutes. In de luwte van opgaande vegetatie van het Personnenbos kunnen vliegbewegingen en foerageeractiviteiten van vleermuizen plaatsvinden. Hierbij kan sprake zijn van tijdelijke