02. Toelichting en regels bestemmingsplan Hutgraaf II_ Beuningen.pdf
Tekst van het document
De in sublid 6.3.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend voor zover de archeologische waardenniet onevenredig worden aangetast,hetgeen moet blijken uit een rapport datde aanvragerbij de aanvraag voor een omgevingsvergunning dient te overleggen. In het rapport moeten de archeologische waardenvan de gronden waarop de aanvraag betrekking heeft naarhet oordeel van het bevoegd gezag in voldoende mate zijn vastgesteld. Een rapport is niet noodzakelijk indien naarhet oordeel van het bevoegd gezag de archeologische waardevan de gronden in andere beschikbare informatie afdoende is vastgesteld; b. Indien het rapport of andere beschikbare informatie daartoe aanleidinggeeft, dient op advies van een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg, die voldoet aandoor het bevoegd gezag te stellen kwalificaties,zo nodig archeologisch vervolgonderzoek plaatste vinden. 6.3.4 Voorwaarden Overeenkomstig het in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht bepaaldekan het bevoegd gezag de omgevingsvergunning onder beperkingen verlenen en kan het voorschriften aande omgevingsvergunning verbinden, waaronderde verplichting tot het treffen van technische maatregelenwaardoor de archeologische waardenin de bodem kunnen worden behouden.
6.4
Wijzigingsbevoegdheid
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen, teneinde: a. de dubbelbestemming Waarde- Archeologie 2 geheel of gedeeltelijk te doen vervallen, indien op basis van aanvullend en/of definitief archeologisch onderzoek is aangetoond datop de betrokken gronden geen archeologische waarden(meer) aanwezigzijn dan wel er niet langer archeologische begeleiding of zorg nodig is; b. de dubbelbestemming Waarde- Archeologie 1 overeenkomstig het bestemmingsplan Kern Beuningen op te nemen, indien uit nader onderzoek blijkt, datter plaatsearcheologische waarden aanwezigzijn.
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
59
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Hoofdstuk3 Artikel7
Algemeneregels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaalin aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
60
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Artikel8 8.1
Algemenebouwregels
Parkeren
8.1.1 Parkeerregeling bouwen a. Een bouwwerk, uit het gebruik waarvaneen behoefte aanparkeergelegenheid voortvloeit, mag niet worden gebouwd of verbouwd, indien op het bijbehorende bouwperceel niet in voldoende parkeergelegenheid is voorzien. b. Voorafgaand aande verlening van een omgevingsvergunning wordt aande hand van de parkeernormering en aande hand van de van toepassing zijnde gebiedstypering volgens de volgende aanduiding: 1. 'overige zone - centrum'; 2. 'overige zone - schil centrum'; 3. 'overige zone - rest bebouwde kom'; 4. 'overige zone - buitengebied'; op het moment van aanvraag van de omgevingsvergunning bepaaldof is voorzien in voldoende parkeergelegenheid ten behoeve van het voorgenomen gebruik van het betreffende bouwwerk. c. Krachtens een voorschrift verbonden aande omgevingsvergunning moet: 1. in voldoende mate verzekerd zijn datvoldoende parkeergelegenheid zoals bedoeld onder b wordt gerealiseerd; 2. in voldoende mate verzekerd zijn datvoldoende parkeergelegenheid zoals bedoel onder b in stand wordt gehouden. 8.1.2 Afwijken van de bouwregels a. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaaldein sublid 8.1.1 onder a en b en toestaan, dat in minder dan voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand wordt gehouden op eigen terrein, indien: 1. er voldoende parkeergelegenheid in het openbaar gebied is, of; 2.
er door andere omstandigheden mede verband houdende met de aarden omvang van de nieuwe functie of het bouwwerk zoals dubbelgebruik, aanwezigheidspercentages en fietsgebruik volstaan kan worden met een lagere norm. b. Afwijken van de regels, als bedoeld onder a. is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantastingplaatsvindtvan: 1. de parkeersituatie in de openbare ruimte; 2. de woon- en leefsituatie. c. Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaaldein sublid 8.1.1 onder a en b, in die zin dat meer parkeerplaatsenworden geëist dan het aantaldatals voldoende parkeergelegenheid wordt beschouwd, indien het voorgenomen gebruik van het bouwwerk daartoe aanleidinggeeft. 8.2
Ondergeschiktebouwdelen
8.2.1
Overschrijding bouw- en bestemmingsgrenzen
Bij de toepassing van het bepaaldeten aanzienvan het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen, als plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen,gevel- en kroonlijsten, regenpijpen, stoeptreden, luifels, installaties,balkons en overstekende daken, buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouw-, c.q. bestemmingsgrenzen niet meer dan 1,0 m bedraagt.
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
61
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
8.2.2
Overschrijding bouwhoogte
Bij de toepassing van het bepaaldeten aanzienvan het bouwen is overschrijding van de bouwhoogte toegestaan door ondergeschikte bouwdelen, als gevelversieringen, ventilatiekanalen,installaties, regenpijpen, liftkokers e.d., mits de overschrijding van de maximum bouwhoogte niet meer dan 1,0 m bedraagt.
8.3
Bestaandemaatvoering
In afwijking van het voorgaande geldt voor bestaandegebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gebouwd krachtens een bouw- of omgevingsvergunning voor het bouwen, het volgende: a. indien en voor zover de bestaandemaatvoering en/of oppervlaktes en/of situering van gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, de genoemde maxima,danwel minima overschrijden, geldt de bestaandemaatvoering als maximum respectievelijk minimum. 8.4
Ondergrondsbouwen
Voor het bouwen van ondergrondse gebouwen gelden de volgende regels: a. ondergrondse gebouwen (kelders) zijn uitsluitend toegestaan ter plaatsevan de aanduiding 'bouwvlak'; b. ondergrondse gebouwen zijn uitsluitend toegestaan in één bouwlaag ondergronds tot maximaal 4,0 m onder peil.
62
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Artikel9 9.1
Algemenegebruiksregels
Parkeren
9.1.1 Parkeerregeling gebruik a. Indien voor de wijziging van het gebruik van gronden en bouwwerken een omgevingsvergunning is vereist, wordt deze omgevingsvergunning pas verleend als is verzekerd dat op het bijbehorende bouwperceel wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid; b. Of er in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien, wordt bepaaldaande hand van de parkeernormering en aande hand van de van toepassing zijnde gebiedstypering volgens de volgende aanduiding: 1. 'overige zone - centrum'; 2. 'overige zone - schil centrum'; 3. 'overige zone - rest bebouwde kom'; 4. 'overige zone - buitengebied'. c. Krachtens een voorschrift verbonden aande omgevingsvergunning moet: 1. in voldoende mate verzekerd zijn datvoldoende parkeergelegenheid zoals bedoeld onder b wordt gerealiseerd; 2. in voldoende mate verzekerd zijn datvoldoende parkeergelegenheid zoals bedoel onder b in stand wordt gehouden. 9.1.2 Afwijken gebruiksregels a. Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaaldein sublid 9.1.1 en toestaan, dat in minder dan voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand wordt gehouden op eigen terrein, indien: 1. er voldoende parkeergelegenheid in het openbaar gebied is, of; 2.
er door andere omstandigheden mede verband houdende met de aarden omvang van de nieuwe functie of het bouwwerk zoals dubbelgebruik, aanwezigheidspercentages en fietsgebruik volstaan kan worden met een lagere norm. b. afwijken van de regels, als bedoeld onder a. is slechts mogelijk, indien geen onevenredige aantastingplaatsvindtvan: 1. de parkeersituatie in de openbare ruimte; 2. de woon- en leefsituatie. c. Het bevoegd gezag kan afwijken van de parkeernormering, in die zin dat meer parkeerplaatsen worden geëist dan het aantaldatals voldoende parkeergelegenheid wordt beschouwd, indien het voorgenomen gebruik van het bouwwerk daartoe aanleidinggeeft.
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
63
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Artikel 10
Algemenewijzigingsregels
Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a. overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 2,5 m en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 /o worden vergroot. b. overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast,indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleidinggeeft. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 2,5 m en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 10 /o worden vergroot. c. het wijzigen van de lijst van bedrijfsactiviteiten, indien technologische ontwikkelingen of vernieuwde inzichten hiertoe aanleidinggeven.
64
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Hoofdstuk4 Artikel 11 11.1
Overgangs-en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrechtbouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezigof in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijktvan het plan, mag, mits deze afwijking naaraarden omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaanten gevolge van een calamiteitgeheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaanbinnen twee jaarna de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal10 /. c. Lid a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaarbestaanop het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maarzijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 11.2
Overgangsrechtgebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naaraarden omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in lid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaarwordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarnate hervatten of te laten hervatten. d. Lid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)
65
bestemmingsplan Hutgraaf2, Beuningen
Artikel 12
Slotregel
Deze regels worden aangehaaldals: Regels van het bestemmingsplan 'Hutgraaf2, Beuningen'
66
bestemmingsplan "Hutgraaf2, Beuningen" (ontwerp)