26021.16 - Bijlage 12 bij Toelichting - Mer-beoordelingsnotitie (A)
Tekst van het document
,
12 AUGUSTUS 2024
,
19
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
WATER 5. 4. 1
Hemelwater
Vermeden wordt dat hemelwater in contact komt met materialen die milieubelastende stoffen uitlogen. Deze materialen kunnen hierdoor niet de bodem en het water vervuilen. Uitspoeling van vervuilende stoffen via de bodem naar het oppervlaktewater wordt zo voorkomen. 5. 4. 2
Waterverbruik
Het waterverbruik binnen de inrichting wordt in hoofdzaak bepaald door de drinkwaterbehoefte van de dieren. Voor het bedrijf wordt grondwater gebruikt. Door het toepassen van lagedruksystemen wordt verspilling zoveel mogelijk voorkomen. Door toepassing van een hogedrukspuit en inweekmiddelen kunnen de stallen eenvoudiger sneller en met minder water worden gereinigd. Het spoelwater afkomstig van het reinigen wordt opgeslagen in de daarvoor bestemde spoelwateropslag. ,
ENERGIE Energieverbruikers op het bedrijf zijn de ventilatoren verlichting verwarming en overige installaties (voer drinkwater etc. ). Het verwachte energieverbruik in bedrijfssituatie 2 bedraagt circa 83. 750 kWh. Het energieverbruik wordt zoveel mogelijk beperkt door het toepassen van goede thermische isolatie en een energiezuinig ventilatiesysteem met klimaatcomputer. Er worden zoveel mogelijk ledlampen gebruikt zodat het energieverbruik zo laag mogelijk blijft. Tevens wordt gebruik gemaakt van daglicht middels daglicht doorlatende lichtplaten wat zorgt voor minder energieverbruik. Stal C is voorzien van 524 stuks zonnepanelen welke goed zijn voor het opwekken van zo’n 165. 000 kWh op jaarbasis. Daarmee kan het bedrijf ruimschoots in de eigen energiebehoefte voorzien. ,
,
,
,
,
,
,
GELUID Op het bedrijf zijn een aantal geluidsbronnen te benoemen. Voorbeelden van geluidsbronnen zijn verkeersbewegingen van voer- en veewagens ventilatoren en activiteiten als het laden en lossen van de dieren of het lossen van voer. De geluidbelasting veroorzaakt door het bedrijf wordt zoveel mogelijk beperkt zo zal er zoveel als mogelijk gebruik worden gemaakt van volle vrachten om het aantal verkeersbewegingen beperkt te houden. Er zullen weinig wijzigingen plaatsvinden die effect hebben op de geluidsbelasting voor omliggende voor geluidgevoelige objecten. ,
,
EMISSIEARME HUISVESTING Op 25 juni 2015 is het Besluit emissiearme huisvesting (Beh) gepubliceerd dat het Besluit huisvesting vervangt. Per 1 augustus 2015 is betreffend Besluit in werking getreden. In het Beh worden strenge eisen gesteld aan de ammoniakreductie voor diercategorieën in nieuwe en bestaande stalruimten. Daarnaast zijn er verdergaande eisen aan de fijnstofemissie bij pluimveestallen. Sinds 1 januari 2024 is het Beh onderdeel van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). De maximale emissiewaardes zijn afhankelijk van de oprichtingsdatum van het dierenverblijf ,
deze emissiewaarden zijn opgenomen in artikel 4. 818 tot en met 4. 823 van het Bal.
12 AUGUSTUS 2024
20
,
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
Voor het houden van vleeskuikenouderdieren geldt voor stallen opgericht op uiterlijk 30 juni 2015 een maximale emissiewaarde van 0435 kg NH 3 per dierplaats per jaar (= kolom A). Voor het houden van vleeskuikens geldt een maximale emissiewaarden van 0045 kg NH 3 per dierplaats per jaar. Voor stallen onderdeel van een IPPC-installatie opgericht op of na 1 januari 2020 geldt een emissieeis van respectievelijk en 0024 kg NH 3 per vleeskuiken per jaar (= kolom C). Aan de vereisten voor het aspect ammoniak wordt in bedrijfssituatie 2 ruimschoots voldaan. ,
,
,
RICHTLIJN INDUSTRIËLE EMISSIES (RIE) EN IPPC-BELEIDSLIJN De Richtlijn Industriële Emissies (RIE) verplicht de EU-lidstaten om bedrijven te reguleren middels een integrale vergunning gebaseerd op de Best Beschikbare Technieken (BBT). De Nederlandse overheid heeft deze richtlijn onder andere in de Wet milieubeheer en de Wet ammoniak en veehouderij geïmplementeerd. Met de Beleidslijn IPPC-omgevingstoets ammoniak en veehouderij kan het bevoegd gezag bepalen of er strengere eisen moeten worden opgenomen dan de BBT. Daarmee geeft de beleidslijn invulling aan de RIE die voorschrijft dat emissiegrenswaarden moeten worden gebaseerd op de beste beschikbare technieken waarbij ook rekening dient te worden gehouden met de technische kenmerken en de geografische ligging van de inrichting alsmede met de plaatselijke omstandigheden. ,
,
Toetsing IPPC-beleidslijn Toetsing aan deze beleidslijn gebeurt alleen bij een uitbreiding in dieraantallen. Daarbij moet rekening worden gehouden met de eerdere hoeveelheid vergunde dieren. De vergunde hoeveelheid ammoniak die bij die vergunde dieren hoorde doet voor de toepassing van de beleidslijn minder ter zake. ,
Ten aanzien van uitbreiding bij een IPPC-veehouderij geldt de volgende beleidslijn: ► ►
Bij uitbreiding kan worden volstaan met toepassing van BBT zolang de emissie niet meer bedraagt dan 5. 000 kg ammoniak per jaar. Bedraagt de jaarlijkse ammoniakemissie na uitbreiding bij toepassing van BBT meer dan 5. 000 kg dan dient boven het meerdere een extra reductie ten opzichte van BBT te worden gerealiseerd (=BBT+) De hoogte daarvan hangt af van de uitgangssituatie en de beschikbaarheid van verdergaande technieken in de betreffende diercategorie. Bedraagt de jaarlijkse ammoniakemissie na uitbreiding met toepassing van BBT (tot 5. 000 kg) en verdergaande technieken dan BBT (vanaf 5. 000 kg) daarna nog meer dan 10. 000 kg dan dient boven het meerdere een reductie van circa 85% te worden gerealiseerd (= ,
►
,
BBT++). In bedrijfssituatie 1 neemt het aantal gehouden vleeskuikenouderdieren af ten opzichte van de vergunde situatie. Er is geen sprake van uitbreiding waardoor niet getoetst hoeft te worden aan de IPPC-beleidslijn. In bedrijfssituatie 2 is sprake van het huisvesten van vleeskuikens in stallen A B C en H. De totale ammoniakemissie bedraagt met onderhavig plan slechts 1. 774 kg. Er wordt voldaan aan de IPPC-beleidslijn. ,
,
12 AUGUSTUS 2024
,
21
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
BEST AVAILABLE TECHNIQUES (BAT) REFERENCE DOCUMENTS (BREF) Voor de pluimveehouderij beschrijft het Europese referentiedocument (BREF Intensive Rearing of Poultry and Pigs) best beschikbare technieken ten aanzien van enkele aandachtspunten. Een samenvatting hiervan is opgenomen in tabel 4. Voor voedingstechnieken energie water en de emissies naar de lucht worden de voorgeschreven technieken op het bedrijf toegepast. ,
,
Tabel 4 Overzicht aandachtspunten BREF met voorbeeld BBT
Aandachtspunt Voedingstechnieken Emissies naar lucht Water Energie
Doel Beperken uitscheiding nutriënten Beperken ammoniakemissie Beperking waterverbruik Beperking energieverbruik
Voorbeeld BBT Fasevoedering warmtewisselaars Gebruik hogedrukspuit Frequentieregeling ventilatie
De mest wordt binnen de inrichting opgeslagen in de stallen en vaste mestopslag en van het bedrijf afgevoerd. Voor het reinigen van de stallen wordt gebruik gemaakt van een moderne hogedrukreiniger en inweekmiddelen. Door het toepassen van gladde materialen voor wanden en vloeren is het vuil gemakkelijk los te weken. Welke BBT kunnen worden toegepast is vastgelegd in de Regeling aanwijzing BBT-documenten. In deze regeling worden diverse handboeken diverse onderdelen van de Publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS) diverse documenten ten aanzien van water en diverse oplegnotities genoemd. Voor de intensieve veehouderij worden in de oplegnotitie (gebaseerd op een Europees Referentiedocument (BREF) voor de intensieve veehouderij) enkele systemen genoemd als best beschikbare techniek. ,
,
,
BBT-CONCLUSIES In 2017 is het document “BBT-conclusies” gepubliceerd en deze zijn per 1 januari 2024 opgenomen in het BLK. Hierin is omschreven wat van IPPC-bedrijven aan maatregelen en monitoring wordt verwacht voor de volgende bedrijfsprocessen en bedrijfsactiviteiten: ► ► ► ► ► ► ►
Beheer van voeding voor pluimvee en varkens Bereiding van voeder (malen mengen en opslag) Pluimvee- en varkenshouderij (huisvesting) Verzameling en opslag van mest Verwerking van mest Uitrijden van mest Opslag van dode dieren ,
Er wordt op onderhavige locatie meerfasenvoeding toegepast. Hierdoor wordt voldaan aan voedingsbeheer (BBT 3). Jaarlijks zal de uitgescheiden stikstof en fosfor worden gemonitord (BBT 24 & 25). Binnen de inrichting wordt het watergebruik geregistreerd worden waterlekken opgespoord en gerepareerd en hogedrukreinigers gebruikt voor het reinigen van stallen en uitrusting (BBT 5). Daarnaast wordt er zo min mogelijk water gebruikt worden de vervuilde zones van het erf zo klein mogelijk gehouden (BBT 6) en wordt het spoelwater uit de stallen opgeslagen in de spoelwaterput ,
,
en afgevoerd
(BBT 7).
12 AUGUSTUS 2024
22
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
Binnen de inrichting wordt gas gebruikt voor de verwarming er wordt gebruik gemaakt van warmteheaters (BBT8). Aangezien de omliggende woningen op redelijke afstand van de bedrijfslocatie af liggen is geen sprake van geluidoverlast (BBT 9). Daarbij worden operationele maatregelen genomen zoals lawaaierige activiteiten ’s nachts en tijdens het weekend vermijden met ervaren personeel werken en deuren zo veel mogelijk gesloten houden (BBT 10). ,
,
,
,
Binnen de inrichting wordt gebruik gemaakt van grover strooisel en wordt ad libitum-voedering toegepast (BBT 11). In bedrijfssituatie 2 wordt gebruik gemaakt van een hogere verticale afvoersnelheid van de afgewerkte stallucht(BBT 13). Er wordt met onderhavig plan voldaan aan de geurnormen (BBT 12). De mest wordt binnen de inrichting opgeslagen in de stallen (BBT 14). De stallen worden na iedere ronde gereinigd en het spoelwater wordt opgeslagen in de spoelwaterput. Er wordt geen mest of spoelwater uitgereden over het grasland binnen onderhavig bedrijf (BBT 20) om eventuele circulatie van ziektedruk te voorkomen.
BODEM Met de komst van de Omgevingswet is de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming 2012 (NRB) opgenomen in de wetgeving door in het Besluit activiteiten leefomgeving per activiteit de minimale bodem beschermende voorzieningen voor te schrijven. ,
VERKEER EN PARKEREN Binnen
de
inrichting zijn voldoende parkeerplaatsen aanwezig die zijn afgestemd op de parkeerbehoefte. Voor de ontsluiting van het bedrijf wordt gebruik gemaakt van de inrit vanaf de Kapelweg.
EXTERNE VEILIGHEID
Paragraaf 5. 1. 2 Bkl bevat de regels voor externe veiligheid. Voor het plaatsgebonden risico van een activiteit geldt een grenswaarde van ten hoogste 1 op de 1. 000. 000 per jaar voor kwetsbare en zeer kwetsbare gebouwen en kwetsbare locaties (art. 5. 7 Bkl). Hieraan wordt voldaan door inachtneming van de afstanden voor de activiteiten aangegeven in de daarbij aangegeven onderdelen van bijlage VII van het Bkl. ,
Met het voorgenomen initiatief worden er geen kwetsbare objecten binnen risicocontouren gerealiseerd. In de directe omgeving van het bedrijf zijn er geen risico’s die een belemmering vormen voor de realisatie van het initiatief en ook vormt dit initiatief geen (veiligheids-) belemmering voor de omgeving.
VOLKSGEZONDHEID Door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu is het rapport “Veehouderij en gezondheid omwonenden” (VGO) gepubliceerd. De onderzoeken daarvoor zijn uitgevoerd in een
12 AUGUSTUS 2024
23
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
concentratiegebied van veehouderij Oost-Brabant en Noord-Limburg en is niet representatief aan de omgeving van de bedrijfslocatie. In deze rapporten werden geen duidelijke consistente verbanden gevonden met bedrijven met bepaalde diersoorten (runderen pluimvee varkens). Dit wijst op een gemeenschappelijke factor die bij alle veehouderijen aanwezig is. Daarbij is gebleken dat er geen onderscheid gevonden is of het een groter of een kleiner bedrijf betreft. Verder blijkt steeds uit de VGO-onderzoeken dat bij omwonenden van veehouderijbedrijven minder COPD en (chronische) ziekte aan longen voorkomt. ,
,
Stallen stoten via hun ventilatielucht stofdeeltjes uit (fijnstof). Deze stofdeeltjes kunnen endotoxinen bevatten. Endotoxine is een deel van de celwand van bepaalde zogenaamde Gram-negatieve bacteriën en worden beschouwd als een algemene marker voor bacteriële blootstelling (Douwes et al. 2003). De endotoxineniveaus zijn gemiddeld circa 50% hoger voor meetlocaties op korte afstand van veehouderijbedrijven ( < 250 m) dan op grote afstand van veehouderijbedrijven ( > 1. 000 m). Concentraties op woonadresniveau zijn circa een factor 10 lager dan de endotoxineconcentraties ,
,
,
die op 100 meter van stallen van veehouderijbedrijven gemeten zijn. De jaargemiddelde endotoxineconcentraties zijn relatief laag maar zijn hoger wanneer de dichtstbijzijnde veehouderij meer nabij is of met meer veehouderijen in een straal van 1. 000 meter rond de meetlocaties. ,
Een groter aantal veehouderijen in een gebied kan bijdragen aan de verhoging van de blootstelling. De afstand tot het dichtstbijzijnde bedrijf ongeacht het type bedrijf was niet duidelijk geassocieerd met de longfunctie van omwonenden. Omdat de splines aangeven dat bij hogere bedrijfsdichtheden ( > 15-17 bedrijven in een straal van 1. 000 meter) associaties worden gevonden leveren klassieke lineaire regressieanalyse of een inter-kwartiel analyse geen significante verbanden op. Er bevinden zich circa 10 veehouderij bedrijven binnen een straal van 1 kilometer om het bedrijf heen. Dit betekent volgens het VGO-rapport dat er geen nadelige effecten verwacht worden voor omwonenden. Door het RIVM wordt verder gerapporteerd dat er sinds 2014 rond pluimveebedrijven geen nadelige effecten worden gevonden voor omwonenden. ,
,
,
12 AUGUSTUS 2024
24
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
Figuur 7 Straal van 1 kilometer rondom het bedrijf
Verder blijkt uit de onderzoeken dat de algehele gezondheidsweerstand van omwonenden veehouderijen hoger is.
van
Het bedrijf neemt de volgende maatregelen ten behoeve van de (volks-)gezondheid: ► ► ► ► ►
Met
Bezoekers hebben beperkt toegang tot het bedrijf. Voor bezoekers is er bedrijfskleding aanwezig. In een bedrijfsregister worden bezoekers geregistreerd. Dierenverblijven en erf worden frequent gereinigd. Er is een ongediertebestrijdingsplan om ziekte-insleep te voorkomen.
behulp
in Noord-Brabant beschikbare endotoxine tabel (Erbrink 2016) is een adviesafstand voor onderhavige locatie bepaald voor beide bedrijfssituaties. De adviesafstand bedraagt voor bedrijfssituatie 1 circa 177 meter en voor bedrijfssituatie 2 circa 218 meter. De dichtstbij liggende burgerwoning gelegen aan de Hagelaarweg 15A ligt op een afstand van circa 400 meter van de inrichting en is ruimschoots buiten de adviesafstanden gelegen. van
de
,
De bedrijfswoningen gelegen aan Kapelweg 25A Kapelweg 38 en Kapelweg 40 zijn voor beide bedrijfssituaties gelegen binnen de bovenstaande adviesafstanden. Dit geldt voor zowel bedrijfssituatie 1 als voor bedrijfssituatie 2. In onderstaande tabel 5 zijn de adviesafstanden per stal inzichtelijk gemaakt. ,
12 AUGUSTUS 2024
25
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
Tabel 5 Overzicht endotoxine adviesafstanden voor beide bedrijfssituaties
Stal
Fijnstofemissie (in kg/jaar)
A B
(in meters)
158 158 158 356
78 78 78 117
Fijnstofemissie (in kg/jaar)
Bedrijfssituatie 2 Endotoxine adviesafstand (in meters)
239 239 247 546
96 96 97 144
C H
Stal
Bedrijfssituatie 1 (= vigerend) Endotoxine adviesafstand
A B
C H
Afstand woningen (gevelemissiepunt) (in meters) 25A 107 124 160 183
38 160 152 135 117
40 182 169 141 116
Afstand woningen (gevelemissiepunt) (in meters) 25A 107 124 160 183
38 160 152 135 117
40 182 169 141 116
Uit de bovenstaande analyse blijkt dat de bedrijfswoningen gelegen aan de kapelweg 38 en Kapelweg 40 in bedrijfssituatie 2 gelegen zijn binnen de adviesafstand van stal H. Beide bedrijfswoningen behoren tot een varkenshouderij (intensieve veehouderij) en worden ook blootgesteld aan fijnstof/endotoxine afkomstig van de eigen dichterbij gelegen varkensstallen. In bedrijfssituatie 1 zijn de woningen gelegen op de adviesafstand van stal H. In de vigerende milieutoestemming bevinden de woningen zich reeds binnen de endotoxine adviesafstand. ,
,
OMKEERBAARHEID De meeste milieueffecten die kunnen optreden als gevolg van het realiseren van het initiatief kunnen worden tenietgedaan door het niet (meer) in gebruik hebben van de gebouwen zoals ze bedoeld zijn. Indien de inrichting buiten werking wordt gesteld zullen de emissies van onder andere ammoniak geur en fijnstof wegvallen het gebruik van grondstoffen zal stoppen en er zullen geen afvalstoffen en mest meer worden geproduceerd. Ook de effecten in de omgeving met betrekking tot volksgezondheid zullen verdwijnen wanneer er geen dieren meer worden gehouden. ,
,
,
Het bedrijf heeft in de afgelopen jaren al een bepaald effect op de natuur en omgeving gehad waardoor de eventuele schade die door het bedrijf is aangericht niet meer tenietgedaan kan worden. Ook het effect van de oprichting van stallen op de bodem(lagen) is al veroorzaakt en kan niet meer in originele staat worden teruggebracht. Voor onderhavig plan kan niet worden gesproken van omkeerbaarheid daar de op dit moment al veroorzaakte veranderingen aan bodem natuur en volksgezondheid niet meer ongedaan gemaakt kunnen worden. Wel is het zo dat de verlaging van de ammoniak en geuremissie in bedrijfssituatie 2 een gunstig effect zal hebben op de omgeving. ,
12 AUGUSTUS 2024
,
26
,
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
SLOTSOM Initiatiefnemer wil binnen de inrichting gelegen aan de Kapelweg 27 te Best naast de reeds vergunde bedrijfssituatie voor het houden van vleeskuikenouderdieren de mogelijkheid hebben om in de bestaande stallen A B C en H vleeskuikens te huisvesten. ,
,
,
,
De gewenste bedrijfssituaties worden daarmee als volgt: Het houden van 33. 600 vleeskuikenouderdieren en 12 pony’s in opfok ; óf Het houden van 83. 750 vleeskuikens en 12 pony’s in opfok. Door de bedrijfsvoeringen kunnen de milieueffecten welke beschreven zijn in deze MERbeoordelingsnotitie optreden. Deze effecten zijn nauwkeurig te beschrijven omdat er vastgestelde normen zijn waarvan uit gegaan dient te worden. Bij het toetsen aan deze normen is gebruik gemaakt van verschillende rekenprogramma’s. Uit voorgaande hoofdstukken valt te concluderen dat de voorgenomen activiteit geen belangrijke nadelige effecten heeft voor het milieu.
12 AUGUSTUS 2024
27
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
BIJLAGE 1A Milieutekening bedrijfssituatie 1
12 AUGUSTUS 2024
28
RENVOOI ALGEMEEN Staldoorsneden zijn genomen op de plaats in de richting van de stalletter
en
GEVELOPENINGEN deuropening
900
ep
7441+
luchtmengkast 4460+ stofkap
A
luchtmengkast
ep
vc golfplaten
isolatie
925
925
ep
ep
A
37 34
500-
C
2485+
2200+
isolatie
00 55
7. 200
VLEESKUIKEN OUDERDIEREN OW HE 4. 4. 1 + OW AP 2. 1
isolatie
3000+
2500+
metselwerk spouwmuur
ep
0 04 7
aanvoer beluchtingsbuizen
natuurlijke ventilatie
isolatie
metselwerk binnenwand 3300+
prefab gevelelement (200 mm)
I
F
prefab gevelelement (140 mm) stalen profielplaat gewapend beton
500-
drsn stofkap stal A
H
vc golfplaten
vc golfplaten
4900+
4000
vc golfplaten
3410+
stofkap
vc golfplaten
luchtmengkast
4745+
4460+
vc golfplaten
isolatie
ep
stofkap
ep
B
00 7 925 4
zonnepanelen
ep
mechanische ventilatie 4373
4000 ep
2200+
MATERIALEN
mechanische ventilatie 5500
mechanische ventilatie 4700
raamopening
1000
mechanische ventilatie 7400+
700-
VLEESKUIKEN OUDERDIEREN OW HE 4. 4. 1 + OW AP 2. 1
7. 200
VLEESKUIKEN OUDERDIEREN OW HE 4. 4. 1 + OW AP 2. 1
7. 200
prefab beton
PONY'S OW HL 4. 100
12
14. 250
VLEESKUIKEN OUDERDIEREN OW HE 4. 4. 1 + OW AP 2. 1
LOODS
kunststof
LEIDINGEN spoelwaterafvoer met schrobputje
VLOERARCERINGEN roostervloer - metaal of kunststof
VENTILATOREN
94000
ventilator verticale luchtstroom
36
2549kW ,
ventilator horizontale luchtstroom
3
33kW ,
aandrijving voerlijn
33
33kW
vijzel
6
45kW ,
handgereedschap waarin aangegeven het vermogen
1
5kW
lasapparaat waarin aangegeven het vermogen
1
1kW
compressor waarin aangegeven het vermogen
1
25kW ,
noodaggregaat (nsa) waarin aangegeven vermogen
1
60kW
tractor waarin aangegeven het vermogen
1
30kW
c. v. ketel waarin aangegeven het vermogen
1
28kW
heteluchtkanon/gasheater
3
120kW
elektrische boiler waarin aangegeven het vermogen
1
0kW
kadaverkoeling
3
3kW
veevoedersilo waarin aangegeven tonnage
6
85ton
handbrandblusser
6
63kg
1
motor eierband
5
165kW ,
2
motor uitdrijfsysteem
12
42kW ,
3
aanvoer voor mest droging
7
28kW
4
warmtewisselaar
3
225kW ,
5
ventilatieklep motor
14
168kW ,
6
koeling (koelmiddel R134A)
2
148kW ,
7
eier-inpakmachine
1
11kW ,
8
voerweger
4
4kW
9
luchtmengkast
5
125kW ,
ELEKTROMOTOREN
13300
voerlijn hanen voerlijn
750-75 750-
20-20-20-
voerlijn voerlijn waterlijn
beun
750750-75
2
9
3
2
2
stalen ligger
legnest
VERBRANDINGSMOTOREN
er
1
ldo z
waterlijn voerlijn voerlijn
beun
750750-75
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
AG
0 04 4 2
VERWARMING
stalen ligger
voerlijn
0 04 4 2
voerlijn hanen
ø800 095 ,
ø800 095 ,
H
ø800 095 ,
750-
750750-
20-20-
2
750-750-
20-
750-
9
3
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
beun
2
2
stalen ligger
voerlijn
voerlijn voerlijn waterlijn
TANKS
legnest
1
beun
VATEN
kk
stalen ligger
750750-75
-
waterlijn voerlijn voerlijn
-
OPSLAG
-
SILO'S
BRANDVEILIGHEID voerlijn voerlijn hanen stalen ligger
24 ø820 , 075
000 7
warmtewisselaar
DIVERSEN
voerweger 8
hut
24
4 stalen ligger
inloopput 2 m3
4
000 7
075 ø820
warmtewisselaar
,
94100
stalen ligger
5
stalen ligger
5
bestaand spant inkorten en op ligger laten dragen
voerlijn
7 voerlijn voerlijn voerlijn waterlijn
beun
00 261
2
ø450 , 037 ø450 , 037
ø450 , 037
9
ø450 , 037
ø450 , 037
3
ø450 , 037
2
ø450 , 037
C
legnest waterlijn voerlijn voerlijn voerlijn
beun
00 261
1
TOTALEN Elektromotorisch vermogen
8
Verbrandingsmotorisch
40 kW 82
voerlijn 5
5
12
inloopput 10 m3
6
1554kW ,
vermogen
90kW
SITUATIE
hygiënesluis
kadastrale gemeente:Best
11800
sectie:K schaal:1
5 89 5
nr:0415 , 0416 : 2000
1100 perceel
AG 6 0 kW 5, 42 71 1
kk
bouwvlak vigerend gebouw bestaand gebouw nieuw bedrijfswoning
20800
12000
2000
3000
berging
20000
omliggende bebouwing grens van de inrichting
kW 0 3
2 000
3 00 0
o p s la g v a s te m est
0 05 7
opslag vaste mest
F
12 pony's
erfverharding bestaande solitaire boom 0 00 5 1
00 03
I
spoelwater opslag 75m³
028 , ø400
garage
D
1
25, kW
solitaire boom p
parkeerplaatsen
i
informatiebord toegangshek
5
water
2 1P berging
39550
5 24 7 11
31850 ne ssu
,
gtidinnnDe Bw b
reou
v b e e no g hc s
toegangshek
82550
5
5
38
000 31
40
KKaappeell ww ee gg
kk
voerlijn ve rh ar ed ak edr
40 kW ø830 , 075
04 52 1
ø710 , 075
ø830 , 075
ø830 , 075
2
9
ø710 , 075
voerlijn voerlijn voerlijn waterlijn
beun
ø830 , 075
3
2
legnest
1
B
waterlijn voerlijn voerlijn voerlijn
5 douche
berging
douche
kleed/wasruimte 8
5
2 72 7
P 12
3800
0 00 8
E 12000
B p
H
9105
C
B
10
I
warmtewisselaar
5
4
F
ø920 , 110
G
n es Aw su uo t be gn g i
10 05,
5
o p s l a g r u i m te
denrne il u besv sen
voerlijn
01 , 502 1250ø 1 1ø 01 , 502 1250 1 øø1
04 52 1
2
ø400 , 028
ø400 , 028
9
ø400 , 028
beun
3
A
voerlijn voerlijn voerlijn waterlijn 2
beun
legnest
n o ië s h
hcgy
8
1
woonhuis
5
waterlijn voerlijn voerlijn voerlijn 40 kW
01 , 502 2501 1 øø1
TEKENING NIET GESCHIKT VOOR UITVOERING
voerlijn 5
G
i
P 12
5
ø400 , 028
A
6
ø920 , 110
0 00 7
E
D
voerlijn 5
25A
p ala st
douche
beun
i
5
kk
PROJECT
Aanvraag Omgevingsvergunning Mileubelastende activiteit voor het bedrijf aan de Kapelweg 27 te Best
ADVISEUR :
JB
GETEKEND :
AW
CONTROLE :
ONDERWERP
Plattegrond , doorsnede & situatie
SCHAAL:
1 : 200
FORMAAT:
841 x 1050
DATUM :
26 januari 2022
OPDRACHTGEVER
WIJZ. A :
19 september 2024 GW
Pluimveebedrijf De Bresser VOF
WIJZ. B :
Kapelweg 27
WIJZ. C :
5684 NT Best
WIJZ. D :
PROJECTNR.
A001103-11 TEKENINGNR.
Mb-24-1
WIJZ. E :
Postbus 396
6710 BJ Ede
Tel. 0318 - 675 400
E. info @agra-matic.nl 20240919_A001103-11_Bresser_Mb-23-1. vwx
© 2021 alle rechten voorbehouden
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
BIJLAGE 1B Milieutekening bedrijfssituatie 2
12 AUGUSTUS 2024
29
RENVOOI ALGEMEEN Staldoorsneden zijn genomen op de plaats en
GEVELOPENINGEN
mechanische ventilatie 7400+ ep
7441+
stofkap
A
925
ep
vc golfplaten
4460+
ep
isolatie
2200+ ep
stofkap
A
4460+
3 73 4
isolatie
ep
vc golfplaten
4745+
4000
stofkap
vc golfplaten
ep
vc golfplaten
2500+
2200+
isolatie
F
C
isolatie
natuurlijke ventilatie
0 05 5
2485+
H
isolatie
3000+
00 47
raamopening
1000
vc golfplaten
4900+
ep
deuropening
900
4000
3410+
B
00 7 925 4
zonnepanelen
ep
mechanische ventilatie 4373
vc golfplaten
4000 ep
925
ep
mechanische ventilatie 5500
mechanische ventilatie 4700
in de richting van de stalletter
MATERIALEN
3300+
I
metselwerk spouwmuur metselwerk binnenwand prefab gevelelement (200 mm)
drsn stofkap stal A
15. 744
VLEESKUIKENS OW HE 5. 9 + OW AP 2. 1
15. 744
VLEESKUIKENS OW HE 5. 9 + OW AP 2. 1
12
PONY'S OW HL 4. 100
16. 320
VLEESKUIKENS OW HE 5. 9 + OW AP 2. 1
35. 942
VLEESKUIKENS OW HE 5. 9 + OW AP 2. 1
prefab gevelelement (140 mm)
LOODS
stalen profielplaat gewapend beton prefab beton kunststof
LEIDINGEN spoelwaterafvoer met schrobputje
VLOERARCERINGEN roostervloer - metaal of kunststof
VENTILATOREN
94000
ventilator verticale luchtstroom
31
2838kW ,
ventilator horizontale luchtstroom
3
33kW ,
aandrijving voerlijn
16
16kW
vijzel
5
375kW ,
handgereedschap waarin aangegeven het vermogen
1
5kW
lasapparaat waarin aangegeven het vermogen
1
1kW
compressor waarin aangegeven het vermogen
1
25kW ,
noodaggregaat (nsa) waarin aangegeven vermogen
1
60kW
tractor waarin aangegeven het vermogen
1
30kW
c. v. ketel waarin aangegeven het vermogen
1
28kW
heteluchtkanon/gasheater
10
400kW
elektrische boiler waarin aangegeven het vermogen
1
0kW
kadaverkoeling
3
3kW
veevoedersilo waarin aangegeven tonnage
5
71ton
handbrandblusser
6
63kg
4
warmtewisselaar
3
225kW ,
5
ventilatieklep motor
6
072kW ,
6
koeling (koelmiddel R134A)
2
148kW ,
8
voerweger
3
3kW
9
luchtmengkast
0
0kW
13300
ELEKTROMOTOREN
inloopput 10 m3
40
40 waterlijn voerlijn waterlijn
VERBRANDINGSMOTOREN
er
voerlijn
ldo z
waterlijn
AG
voerlijn ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
0 04 4 2 ø800 095 ,
ø800 095 ,
waterlijn
ø800 095 ,
ø800 095 ,
VERWARMING 0 04 4 2
voerlijn
H
ø800 095 ,
ø800 095 ,
waterlijn
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
ø800 095 ,
voerlijn
TANKS
waterlijn voerlijn
VATEN
-
kk
waterlijn voerlijn
-
OPSLAG
-
SILO'S
BRANDVEILIGHEID
waterlijn 40
40
inloopput 10 m3
24 ø820 , 075
000 7
warmtewisselaar
DIVERSEN
voerweger 8
hut
24
4
inloopput 2 m3
000 7
voerlokaal 4
075 ø820
warmtewisselaar
,
89100
5000
5
40 waterlijn
TOTALEN
voerlijn
ø800 095 ,
00 261
Elektromotorisch vermogen
waterlijn
ø800 095 ,
ø800 095 ,
Verbrandingsmotorisch 00 261
voerlijn ø800 , 095
ø800 , 095
C
waterlijn voerlijn
ø800 , 095
ø800 , 095
kadastrale gemeente:Best sectie:K
waterlijn
82
5
12
inloopput 10 m3
90kW
SITUATIE
8
40
9113kW ,
vermogen
6
schaal:1
hygiënesluis
nr:0415 , 0416 : 2000
perceel
11800
bouwvlak vigerend
05 95
gebouw bestaand
5 89 5
gebouw nieuw
1100
bedrijfswoning
kk
omliggende bebouwing grens van de inrichting
AG 6 0 kW
erfverharding
20800
5, 927 5
bestaande solitaire boom 12000
2000
3000
20000
berging
14515
solitaire boom
o p s la g v a s te m est
3 00 0
p
parkeerplaatsen
i
informatiebord
kW 0 3
2 000
0 05 7
F
12 pony's
opslag vaste mest
toegangshek 0 00 5 1
00 03
I
spoelwater opslag 75m³
028 , ø400
garage
D
1
25, kW
water
5 2 1P
berging
39550
5 24 7 11
31850 ne ssu
,
gtidinnnDe Bw b
reou
v b e e no g hc s
toegangshek
82550
38
000 31
40
KKaappee l wweegg
5
40
i
waterlijn
25A voerlijn
04 52 1
p
voerlijn ø900 , 110
B
ø900 , 110
waterlijn
douche
douche
40
33 00 0
5
8
inloopput 10 m3 ø920 , 110
berging
douche
kleed/wasruimte voerlijn waterlijn
0 00 7
3800
5m
0 00 8
E 12000
p
7m
H
9105
C
B
A
I F
4
ø920 , 110
inloopput 10 m3
G
E
D
21 P
6 warmtewisselaar
2 72 7
25 m
waterlijn
5
6
kk kk
05,
n es Aw su uo t be gn g i
21 P
denrne il u besv sen
G
i
o p s l a g r u i m te
01 , 502 1250ø 1 1ø
5
40
n
waterlijn
01 , 502 1250 1 øø1
o ë h ig s h
cy
woonhuis
voerlijn waterlijn
ø700 , 075
04 52 1
voerlijn ø700 , 075
01 , 502 2501 1 øø1
A
waterlijn
ø700 , 075
voerlijn
TEKENING NIET GESCHIKT VOOR UITVOERING
waterlijn 40
5
PROJECT
Aanvraag Omgevingsverguning Milieubelastende activiteit 82550
voor het bedrijf aan de Kapelweg 27 te Best
KB
GETEKEND :
AW
CONTROLE :
ONDERWERP 52 00
ADVISEUR :
Plattegrond , doorsnede & situatie
SCHAAL:
1 : 200
FORMAAT:
841 x 1050
DATUM :
4 december 2023
OPDRACHTGEVER
WIJZ. A :
19 september 2024 GW
Pluimveebedrijf De Bresser VOF
WIJZ. B :
Kapelweg 27
WIJZ. C :
5684 NT Best
WIJZ. D :
PROJECTNR.
001103-15 TEKENINGNR.
Mb-24-2
WIJZ. E :
Postbus 396
6710 BJ Ede
Tel. 0318 - 675 400
E. info @agra-matic.nl 20240313_A001103-15_Bresser_Ma-23_v2024. vwx
© 2024 alle rechten voorbehouden
MER beoordelingsnotitie Kapelweg 27 te Best
BIJLAGE 2 Diertabel
12 AUGUSTUS 2024
30
Diertabel
Versie 2024. 03
Datum :
8-8-2024
Naam aanvrager Adres Postcode en plaats
Pluimveebedrijf de Bresser Kapelweg 27 5684 NT Best
Adres bedrijf Postcode en plaats
Kapelweg 27 5684 NT Best
VERGUND
Tel. E-mail Adviseur Specialist
WNB 7-7-2016 Versie
Diercategorie (groot-)ouderdieren van vleeskuikens (groot-)ouderdieren van vleeskuikens (groot-)ouderdieren van vleeskuikens (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Overige technieken (pluimvee) Pony's jonger dan 3 jaar -
TOTAAL
VERGUND
-
TOTAAL
BEOOGD
AmmoniakAmmoniakemissie
WABO 12-1-2017
-
TOTAAL
BEOOGD Diercategorie Vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) Vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) Vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) Vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) Pony's jonger dan 3 jaar -
TOTAAL
Geur
OW 2024 Stal A A B B C C H H F
Aantal dieren 7. 200
Bedrijfssituatie 1 OW-code HE 4. 4. 1 AP 2. 1 HE 4. 4. 1 AP 2. 1 HE 4. 4. 1 AP 2. 1 HE 4. 4. 1 AP 2. 1 HL 4. 100 -
Huisvestingssysteem Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf Ionisatie met negatieve coronadraden Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf Ionisatie met negatieve coronadraden Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf Ionisatie met negatieve coronadraden Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf Ionisatie met negatieve coronadraden Overige huisvestingsystemen -
OW-nummer nummer OW 2004. 13 OW 2009. 18 OW 2004. 13 OW 2009. 18 OW 2004. 13 OW 2009. 18 OW 2004. 13 OW 2009. 18 Traditioneel
Aantal dieren 7. 200 7. 200 7. 200
12. 000 12
-
33. 600
reductie %
Kg NH 3 p. pl. p. j. 025 , 0 025 , 0 025 , 0 , 025 0 13, 0
kg NH3 totaal 180000 , , 000 180000 , 000 , 180000 , 000 , , 356250 000 , 1560 , 000 , 897810 ,
Kg NH3 Besl Hv 0435 , , 0435 0435 , 025 , 0 0 0
Toetsing Beh ammoniak
AmmoniakAmmoniakemissie reductie % Kg NH 3 kg NH3 p. pl. p. j. totaal , , 0% 025 180000 0% 0 000 , 0% 025 , 180000 , 0% 0 000 , 0% 025 , 180000 , , 0% 0 000 0% 025 , 300000 , 0% 0 000 , 0% 13, 1560 , 0% 0 000 ,
Kolomindeling keuze A/B/C A A A A A A C C
Toetsing Beh ammoniak Kolomindeling keuze A/B/C A A A A A A C C -
Kg NH3 Besl Hv 0435 , 0 0435 , 0 0435 , 0 , 025 0 0 0
Kg NH3 Besl Hv , 0435 0 0435 , 0 0435 , 0 025 , 0 0 0
Kg NH3 Besl Hv , 313200 000 , 313200 , 000 , 313200 , , 000 300000 , 000 , 000 , 000 ,
, 1239600 voldoet aan Beh NH3 *Bij meerdere nageschakelde technieken moet het reductiepercentage zelf worden ingevuld. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal **Voor dit systeem gelden specifieke datums Toetsing Beh OW 2024 Bedrijfssituatie 2 AmmoniakAmmoniakemissie ammoniak Versie nr Aantal reductie % Kg NH 3 kg NH3 Kolomindeling Kg NH3 Kg NH3 Huisvestingssysteem OW-nummer Stal OW-code nummer p. pl. p. j. dieren totaal keuze A/B/C Besl Hv Besl Hv Luchtmengsysteem voor droging strooisellaag met warmtewisselaar OW 2010. 13 A HE 5. 8 15. 744 0% 0021 , 33062 , A 0045 , 70848 , Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 , , A AP 2. 1 0% 0 000 A 0 000 Luchtmengsysteem voor droging strooisellaag met warmtewisselaar OW 2010. 13 B HE 5. 8 15. 744 0% 0021 , 33062 , A 0045 , 70848 , Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 B AP 2. 1 0% 0 000 , A 0 000 , Luchtmengsysteem voor droging strooisellaag met warmtewisselaar OW 2010. 13 C 0% , , , , HE 5. 8 16. 320 0021 34272 A 0045 73440 Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 C AP 2. 1 0% 0 000 , A 0 000 , Luchtmengsysteem voor droging strooisellaag met warmtewisselaar OW 2010. 13 , , , , H HE 5. 8 35. 942 0% 0021 75478 C 0024 86261 Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 H AP 2.
1 0% 0 000 , C 0 000 , Overige huisvestingsystemen Traditioneel F HL 4. 100 12 0% 13, 1560 , 0 000 , 0% 0 000 , 0 000 , 83. 750 177435 , 301397 , voldoet aan Beh NH3 *Bij meerdere nageschakelde technieken moet het reductiepercentage zelf worden ingevuld. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal **Voor dit systeem gelden specifieke datums
Geuremissie
Fijnstof
reductie %Geuremissie-Geuremissie factor/diertotaal in OU/s 0% 093 , 669600 , , , 0% 093 669600 0% 093 , 669600 , 0% 093 , 1325250 , 0% , , 000 000 0% 000 , 000 , 0% 000 , 000 , 3334050 ,
reductie% 0% 0% 0% 0% 31% 0% 0% 0%
Fijn stofemissie PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 in gr/dier/jr totaal in gr/jr 43 309. 600 43 309. 600 43 309. 600 43 612. 750 0 -189. 953 0 0 0 0 1. 351. 598 #VERW!
Geur
Kg NH3 Huisvestingssysteem OW-nummer Stal OW-code nummer Besl Hv Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 A HE 4. 4. 1 0% 313200 , Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 0% , A AP 2. 1 000 Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 7. 200 B HE 4. 4. 1 0% 313200 , Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 B AP 2. 1 0% 000 , Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 7. 200 C HE 4. 4. 1 0% 313200 , Ionisatie met negatieve coronadraden OW 2009. 18 C AP 2. 1 0% 000 , Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 , H HE 4. 4. 1 14. 250 0% 356250 Warmtewisselaar ; 1–95% reductie PM10 OW 2021. 01 H AP 100. 4 0% 000 , Overige huisvestingsystemen Traditioneel F HL 4. 100 12 0% 000 , 0% 000 , 35. 850 1295850 , voldoet aan Beh NH3 *Bij meerdere nageschakelde technieken moet het reductiepercentage zelf worden ingevuld. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal **Voor dit systeem gelden specifieke datums
Versie nr Diercategorie (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) Pony's jonger dan 3 jaar
Toetsing Beh ammoniak Kolomindeling keuze A/B/C A A A C C
Kg NH3 Huisvestingssysteem OW-nummer Stal OW-code nummer Besl Hv Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 A HE 4. 4. 1 313200 , Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 , B HE 4. 4. 1 313200 Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 C HE 4. 4. 1 313200 , Grondhuisvesting met mestbeluchting ; Van bovenaf OW 2004. 13 H HE 4. 4. 1 356250 , Warmtewisselaar ; 1–95% reductie PM10 OW 2021. 01 , H AP 100. 4 000 Overige huisvestingsystemen Traditioneel F HL 4. 100 12 000 , 000 , 35. 850 1295850 , voldoet aan Beh NH3 *Bij meerdere nageschakelde technieken moet het reductiepercentage zelf worden ingevuld. Het berekende reductiepercentage is weergegeven bij de eerste nageschakelde techniek van de betreffende stal **Voor dit systeem gelden specifieke datums
Versie nr
Diercategorie (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Aanvullende technieken (pluimvee) (groot-)ouderdieren van vleeskuikens Overige technieken (pluimvee) Pony's jonger dan 3 jaar
Aantal dieren 7. 200 7. 200 7. 200 14. 250
AmmoniakAmmoniakemissie reductie % Kg NH 3 kg NH3 p. pl. p. j. totaal 0% 025 , 180000 , , , 0% 025 180000 0% 025 , 180000 , 0% 025 , 356250 , 0% , , 000 000 0% 130 , 1560 , 0% 000 , 000 , 897810 ,
Geuremissie
Fijnstof
reductie %Geuremissie-Geuremissie factor/diertotaal in OU/s 0% 093 , 669600 , 0% , 0 000 0% 093 , 669600 , 0% 0 000 , 0% 093 , 669600 , 0% 0 000 , , , 0% 093 1325250 0% 0 000 , 0% 0 000 , 0% 0 000 , 3334050 ,
reductie% 0% 49% 0% 49% 0% 49% 0% 31% 0% 0% 0%
Geur Geuremissie Fijnstof reductie %Geuremissie-Geuremissie reductie% factor/diertotaal in OU/s , , 0% 093 669600 0% 0% 0 000 , 49% 0% 093 , 669600 , 0% 0% 0 000 , 49% 0% 093 , 669600 , 0% , 0% 0 000 49% 0% 093 , 1116000 , 0% 0% 0 000 , 49% 0% 0 000 , 0% 0% 0 000 , 0%
, 841560
, 3124800
Geuremissie
reductie %Geuremissie-Geuremissie factor/diertotaal in OU/s 0% 033 , 519552 , , 0% 0 000 0% 033 , 519552 , 0% 0 000 , 0% , , 033 538560 0% 0 000 , , , 0% 033 1186086 0% 0 000 , 0% 0 000 , 0% 0 000 , 2763750 ,
reductie% 0% 49% 0% 49% 0% 49% 0% 49% 0% 0% 0%
Toetsing Beh fijn stof PM10
#VERW! #VERW!
Fijn stofemissie PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 in gr/dier/jr totaal in gr/jr 43 309. 600 0 -151. 704 43 309. 600 0 -151. 704 43 309. 600 0 -151. 704 43 516. 000 0 -252. 840 0 0 0 0
Toetsing Beh fijn stof PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 Fijnstof PM10 totaal in gr/s in gr/dier/jr totaal in gr/jr , 00098 43 309. 600 -00048 , 0 0 00098 , 43 309. 600 -00048 , 0 0 00098 , 43 309. 600 , -00048 0 0 00164 , 30 360. 000 -00080 , 0 0 00000 , 0 0 00000 , 0 0
in gr/dier/jr 43 0 43 0 43 0 43 0 0 0
0%
Fijnstof
: BB
Fijnstof PM10Fijnstof PM10 Fijnstof PM10 totaal in gr/s in gr/dier/jr totaal in gr/jr 00098 , 43 309. 600 , -00048 0 0 00098 , 43 309. 600 -00048 , 0 0 00098 , 43 309. 600 -00048 , 0 0 , 00194 30 427. 500 -00060 , 0 0 00000 , 0 0 00000 , 0 0 00284 , 1. 356. 300 voldoet aan Beh PM10 #VERW!
totaal in gr/jr 309. 600 -151. 704 309. 600 -151. 704 309. 600 -151. 704 612. 750 -189. 953 0 0 896. 486
736. 848 #VERW!
Geur
: info @agra-matic.nl : KB
Toetsing Beh fijn stof PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 Fijnstof PM10 totaal in gr/s in gr/dier/jr totaal in gr/jr 00098 , 43 309. 600 , 00098 43 309. 600 00098 , 43 309. 600 00194 , 30 427. 500 , -00060 0 0 00000 , 0 0 00000 , 0 0 00429 , 1. 356. 300 voldoet aan Beh PM10 #VERW!
Fijn stofemissie PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10
: 0318-675400
26316000 ,
Fijn stofemissie PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 in gr/dier/jr totaal in gr/jr 22 346. 368 0 -169. 720 22 346. 368 0 -169. 720 22 359. 040 0 -175. 930 22 790. 724 0 -387. 455 0 0 0 0 939. 675 #VERW!
40326924 ,
, 00234
1. 288. 800 voldoet aan Beh PM10 #VERW!
Toetsing Beh fijn stof PM10 Fijnstof PM10Fijnstof PM10 Fijnstof PM10 totaal in gr/s in gr/dier/jr totaal in gr/jr 00110 , 22 346. 368 , -00054 0 0 00110 , 22 346. 368 -00054 , 0 0 , 00114 22 359. 040 -00056 , 0 0 , 575. 072 00251 16 -00123 , 0 0 00000 , 0 0 00000 , 0 0 00298 , 1. 626. 848 voldoet aan Beh PM10 #VERW!
OW 2004. 13 - Stalbeschrijving ouderdieren van vleeskuikens | Informatiepunt Leefomgeving
19-09-2024 , 15:00
Home
›Regelgeving
›Regels voor activiteiten
›Dierenverblijven
›Systeembeschrijvingen voor stallen
›OW 2004. 13
OW 2004. 13 - Stalbeschrijving ouderdieren van vleeskuikens Systeembeschrijving van een grondhuisvesting met mestbeluchting van bovenaf. Versienummer: OW 2004. 13. V1 van januari 2024.
Op deze pagina Diercategorie (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#hdb8b6591-09f5-46df-ba7dc2cd6e2952cf)
Emissiefactoren (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#heea54544-8bcd-48e6-bb8b0b038f29a472)
Korte omschrijving van het stalsysteem (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-200413/#h05b8dabb-3bee-4b0f-92c2-ef6ee4a61b8c)
Eisen aan de uitvoering (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#h6970a9e9-04db0f4f-0ce3-eed6c8c042fb)
Eisen aan het gebruik (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#h6a7f7689-8f5c-3b063b2a-88b46b4d8a54)
Nadere bijzonderheden (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#h058f7080-e6a041e3-a074-1b895e0fbbf5)
Afbeeldingen (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#hd4c4da85-e185-468c-b6c8de31090f3541)
Informatie bij (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#h93317b37-8614-e20e-bc261febd025106e)
Vorige versie (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/#hf0083dca-4151-4f67-88f80c 5edad749)
Diercategorie Ouderdieren van vleeskuikens van 19 weken en ouder.
Emissiefactoren Voor de emissiefactoren van het huisvestingssysteem zie HE4. 4. 1 bijlage V van de Omgevingsregeling ,
(https://wetten.overheid.nl/jci1.3:c:BWBR0045528&bijlage=V) ; .
Korte omschrijving van het stalsysteem Stal voorzien van betonvloer met daarop strooiselmateriaal waarin de dieren los worden gehouden. Een gedeelte van de vloer is verhoogd en voorzien van roosters met daaronder mestopslag. De ammoniakuitstoot wordt verminderd door het beluchten van de mest onder de roosters met lucht uit een warmtewisselaar of luchtmengkast.
Eisen aan de uitvoering . Hokuitvoering en roostervloer https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/
1/3
OW 2004. 13 - Stalbeschrijving ouderdieren van vleeskuikens | Informatiepunt Leefomgeving
19-09-2024 , 15:00
. Voer- en drinkwater . Beluchting
1. Hokuitvoering en roostervloer a. Er worden per m 2 in de dierruimte
7 - 8 dieren opgezet. Dit is inclusief de hanen.
b. Van de totale bruikbare dieroppervlakte bestaat maximaal 2/3 uit roostervloer en is minimaal 1/3 strooiselvloer.
2. Voer- en drinkwater De drinkwatervoorziening is aangebracht boven de roostervloer.
3. Beluchting Onder de roosters zijn buizen aangebracht waardoor lucht wordt aangevoerd. De buizen zijn evenwijdig aan de legnesten opgehangen en verticaal beweegbaar met het niveau van de mest mee (afstand tot de mest circa 200 mm). Per dier wordt 25 m³ lucht/uur over de mest geblazen waarvan minimaal 50% buitenlucht. De lucht heeft een minimale temperatuur van 24 °C. ,
,
Eisen aan het gebruik Er zijn geen specifieke eisen aan het gebruik.
Nadere bijzonderheden a. Controle
is mogelijk tijdens de inrichting en het gebruik van de stal.
De temperatuur van de lucht in de beluchtingsbuizen wordt geregistreerd en vastgelegd. Vastgelegde waarden van (minimaal) week geleden moeten opvraagbaar zijn. De temperatuur meten in het hoofdtoevoerkanaal. Voor controle op aanstaan van de beluchting dient hiervoor geschikte apparatuur (urenteller kWh-meter toerenteller of meetventilator) aanwezig te zijn waarmee het in bedrijf zijn van de beluchting afdoende kan worden aangetoond. een
,
,
,
b. De beschrijving is opgesteld op basis van een meetrapport. De emissie bedraagt 0250 kg NH 3 per dierplaats per jaar. ,
Afbeeldingen Let op: deze afbeeldingen voldoen niet aan de eisen voor digitale toegankelijkheid. Ervaart u hierdoor problemen? Neem dan contact (https://iplo. nl/toegankelijkheid/contactformulier-digitale-toegankelijkheid/) met ons op voor een passende oplossing.
Doorsnede
Plattegrond
Informatie bij https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/
2/3
19-09-2024 , 15:00
OW 2004. 13 - Stalbeschrijving ouderdieren van vleeskuikens | Informatiepunt Leefomgeving
Praktijkonderzoek van Animal Sciences Group van Wageningen UR tel. 0320-293211. ,
Vorige versie BWL 2004. 13 van april 2004.
https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2004-13/
3/3
05-04-2024 09:25
Home
›Regelgeving
OW 2009. 18 -Aanvullende technieken pluimvee , Ionisatie | Informatiepunt Leefomgeving
›Regels voor activiteiten
›Dierenverblijven
›Systeembeschrijvingen voor stallen
›OW 2009. 18
OW 2009. 18 -Aanvullende technieken pluimvee , Ionisatie Systeembeschrijving van het ionisatiesysteem met negatieve coronadraden. Versienummer OW 2009. 18 van januari 2024.
Op deze pagina Diercategorie (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#h20b0615a-7081-0d7f-893f2fb803e5116e)
Reductiepercentages (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#hf018fb92-d629-04b3a360-5c3d26b9dd34)
Werkingsprincipe (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#ha439b3e6-1392-1550-5c1fed67ab34b1f3)
Uitvoeringseisen: bouwkundig (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#h6d43698d0a14-44c5-a4d9-3bb386ed9ba5)
Uitvoeringseisen: technisch (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#h5de33f4b6374-2ef9-49fd-2c3e1f50378e)
Gebruikseisen systeem (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#ha0425337-096de877-e4ad-0cdbd9 0662)
Meetrapport (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#h5e53d1e9-8304-0e19-cc618811cf1726eb)
Afbeelding (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#hfcb4c7b9-0f52-988e-7e38bb88eecec560)
Vorige versie (https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/#haf7e3c2c-3ac8-d6de-3c7ddf485f99220e)
Diercategorie Voor de diercategorieën waarbij dit systeem kan worden toegepast zie code AP2. 1 in bijlage VI van de Omgevingsregeling ,
(https://wetten. overheid. nl/BWBR0045528/#BijlageVI)
Reductiepercentages Voor de reductiepercentages van het systeem zie code AP2. 1 in bijlage VI van de Omgevingsregeling ,
(https://wetten. overheid. nl/BWBR0045528/#BijlageVI)
.
Werkingsprincipe De emissie van fijnstof (PM)10 wordt beperkt door middel van het geven van een negatieve lading aan de stofdeeltjes in de stal. Hiervoor wordt in de stal een ionisatiesysteem met coronadraden aangebracht dat negatieve ionen verspreid. Door de negatieve lading slaan de stofdeeltjes neer op geaarde materialen in de stal.
Uitvoeringseisen van het systeem: bouwkundig https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/
1/4
05-04-2024 09:25
OW 2009. 18 -Aanvullende technieken pluimvee , Ionisatie | Informatiepunt Leefomgeving
Eisen volgens beschrijving waarmee systeem wordt gecombineerd.
Uitvoeringseisen van het systeem: technisch . Huisvestingsvorm . Ionisatiesysteem . Eisen registratie
1. Huisvestingsvorm Volgens beschrijving waarmee systeem wordt gecombineerd.
2. Ionisatiesysteem coronadraden voor het in de lucht brengen van negatief geladen ionen worden onder het plafond aangebracht in de lengterichting van de stal
a. De
,
,
b. Per m 2 leefoppervlakte is minimaal 045 m coronadraad geïnstalleerd ,
c. De
afstand tussen coronadraden en plafond is regelbaar
d. De bekleding van de plafondplaten aan de stalzijde bestaat uit te aarden materiaal e. Plafondplaten en stalinventaris
worden geaard om opbouw van elektrostatische spanningen te voorkomen en stofaccumulatie
te bevorderen
f. Per coronadraad een voedingsapparaat g. Het vermogen van het
ionisatiesysteem wordt gelimiteerd tot maximaal 20 mA ,
h. Aanbeveling om indien mogelijk de draden zo op te hangen dat ze vanaf de vloer niet door personen zijn aan te raken. De minimale afstand tot de vloer van de stal vanaf de onderste punt van de coronadraden is 25 m. ,
i. Een minimale afstand tot geaarde objecten van 02 m en de afstand tussen de coronadraden en brandbare oppervlakten (zoals bekabeling en isolatiemateriaal) bedraagt circa 03 m. ,
,
j. Het systeem is voorzien van een veiligheidssysteem dat zorgt voor het uitschakelen van het systeem bij het optreden van vlambogen. k. Het is toegestaan om in de stal voor koeling van de stallucht gebruik te maken van een nevelinstallatie (adiabatische koeling).
3. Eisen registratie De volgende registratieapparatuur is aanwezig: Apparatuur
voor
het registreren van het in gebruik zijn van het ionisatiesysteem (een urenteller en een (k)Wh-meter)
Apparatuur
voor
het registreren van de instellingen van de regeling van de ionisatieapparatuur
Als in de stal gebruik wordt gemaakt van een nevelinstallatie voor luchtkoeling dan dient ook het aantal keren en de tijdsperiode dat het ionisatiesysteem is uitgeschakeld hiervoor te worden geregistreerd. ,
Gebruikseisen systeem . Leefoppervlak . Ionisatie . Beveiliging . Reiniging . Eisen onderhoud . Opleveringsverklaring . Registratie https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/
2/4
05-04-2024 09:25
OW 2009. 18 -Aanvullende technieken pluimvee , Ionisatie | Informatiepunt Leefomgeving
1. Leefoppervlak Aantal dieren/m 2 leefoppervlak volgens beschrijving waarmee systeem wordt gecombineerd.
2. Ionisatie a. Uitgestuurde
voltage naar de coronadraden bedraagt -30 kV (gelijkspanning)
b. Uitgestuurde mA naar de coronadraden is minimaal 13 mA per coronadraad ,
vanaf 0 dagen leeftijd. Bij de systemen waar eieren worden uitgebroed in de stal en daarna de kuikens in dezelfde stal worden opgefokt tot een bepaalde leeftijd (categorieën AP4. 1 en AP4.2) de ionisatie inschakelen bij overplaatsen naar de vervolghuisvesting.
c. Ionisatie
,
d. Bij het gebruik van een nevelinstallatie voor luchtkoeling staat het ionisatiesysteem uit wanneer deze nevelinstallatie in werking is.
3. Beveiliging Het systeem is beveiligd t. a. v. interne storingen en overbelasting (te hoge stroomsterkte door o. a. aanraken).
4. Reiniging Na elke ronde worden wanden plafonds en objecten gereinigd van het aangehechte stof. Na reiniging worden de coronadraden (afstand tot het plafond) het voltage en ampèrage opnieuw ingesteld. ,
,
5. Eisen onderhoud afsluiten van een onderhoudscontract met de leverancier of een andere deskundige partij wordt sterk aanbevolen. Een onderhoudscontract is een goed middel om te voorkomen dat de gebruiker problemen krijgt bij het afleggen van een verantwoording bij de handhaving. In het onderhoudscontract zou een jaarlijkse controle en onderhoud van het ionisatiesysteem moeten zijn opgenomen. Verder zijn in dit contract de taken van de leverancier/deskundige partij opgenomen.
a. Het
b. Wekelijkse controle van het ionisatiesysteem op o. a. : goede werking aansluiting op voedingsapparatuur breuk in coronadraden contact maken met geaarde elementen in de stal
6. Opleveringsverklaring Er is een opleveringsverklaring aanwezig. In deze verklaring staan de specifieke kenmerken van de aangelegde installatie beschreven. Met de opleveringsverklaring wordt ook aangetoond dat het ionisatiesysteem in overeenstemming met de in deze systeembeschrijving beschreven eisen is aangelegd en geïnstalleerd.
7. Registratie Ten behoeve van een controle op de werking van het ionisatiesysteem moeten de volgende gegevens automatisch worden geregistreerd: het uitgestuurde voltage ; het uitgestuurde ampèrage Van de geregistreerde waarden moet tijdens de controle een uitdraai van de huidige en vorige productieperiode opvraagbaar zijn.
Meetrapport Measures to reduce fine dust emission from poultry houses: reduction from broiler houses by ionization (Rapport 215 ASG-Veehouderij). ,
https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/
3/4
05-04-2024 09:25
OW 2009. 18 -Aanvullende technieken pluimvee , Ionisatie | Informatiepunt Leefomgeving
Afbeelding Let op: deze afbeelding voldoet niet aan de eisen voor digitale toegankelijkheid. Ervaart u hierdoor problemen? Neem dan contact (https://iplo. nl/toegankelijkheid/contactformulier-digitale-toegankelijkheid/) met ons op voor een passende oplossing.
Dwarsdoorsnede en plattegrond
Vorige versie BWL 2009. 18. V3 van maart 2023.
https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2009-18/
4/4
11-03-2024 16:40
Home
OW 2010. 13 - Stalbeschrijving pluimvee | Informatiepunt Leefomgeving
›Regelgeving
›Regels voor activiteiten
›Dierenverblijven
›Systeembeschrijvingen voor stallen
›OW 2010. 13
OW 2010. 13 - Stalbeschrijving pluimvee Systeembeschrijving stal met luchtmengsysteem voor droging strooisellaag in combinatie met een warmtewisselaar. Versienummer: OW 2010. 13. V1 van januari 2024.
Inhoud Diercategorie Emissiefactoren Werkingsprincipe Uitvoeringseisen systeem: bouwkundig Uitvoeringseisen systeem: technisch Gebruikseisen systeem Meetrapporten Afbeeldingen Vorige versie
Diercategorie Ouderdieren van vleeskuikens in opfok jonger dan 19 weken (HE3.4) vleeskuikens (HE5.8) parelhoenders (HF1.8) kalkoenen (HG1.3 HG2.3 HG4. 5). ,
,
,
,
,
Emissiefactoren Voor de emissiefactoren van het huisvestingssysteem zie bijlage V van de Omgevingsregeling ,
(https://wetten. overheid. nl/BWBR0045528#BijlageVI) .
Werkingsprincipe Ammoniakemissiebeperking is gebaseerd op het drogen en verwarmen van de mest-/strooisellaag door middel van een onderhoudsvriendelijke warmtewisselaar in combinatie met: continu draaiende circulatieventilatoren of ,
een
in hoogte verstelbaar verdelersysteem met buizen op dierniveau.
Met warme ventilatielucht vanuit de stal wordt in één of meer warmtewisselaar(s) verse lucht opgewarmd. De opgewarmde verse ventilatielucht wordt bij het gebruik van circulatieventilatoren boven in de nok van stal gebracht. Vervolgens wordt deze lucht door circulatieventilatoren vermengd met warme lucht bovenin de stal en naar één of beide staluiteinden gestuwd. Via de topgevelwand(en) wordt de lucht terug over de strooisellaag geleid. Bij het gebruik van verdeelbuizen wordt de opgewarmde verse ventilatielucht via een in hoogte verstelbaar verdelersysteem gelijkmatig over de strooisellaag geleid. Door het mengen van de stallucht wordt een gelijkmatige temperatuur in de gehele stal bereikt. De mest/strooisellaag wordt gedroogd en de kooldioxide (CO)2 andere gassen (o. a. ammoniak) en waterdamp worden bij de dieren afgevoerd. ,
https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2010-13/
1/6
11-03-2024 16:40
OW 2010. 13 - Stalbeschrijving pluimvee | Informatiepunt Leefomgeving
De technische uitvoering van het systeem: bouwkundig 1. Stalvloeruitvoering De totale stalvloerconstructie inclusief eventueel onderliggende zandlaag heeft een warmteweerstand (Rc-waarde) van minimaal 05. ,
De technische uitvoering van het systeem: technische voorzieningen . Huisvestingsvorm . Drinkwater . Verwarmings- en luchtcirculatiesysteem . Warmtewisselaar . Bij toepassing circulatie-ventilatoren . Bij toepassing buizen . Registratieapparatuur . Capaciteit
1. Huisvestingsvorm De huisvestingsvorm is een volledige strooiselvloer.
2. Drinkwater De drinkwatervoorziening is voorzien van een anit-morssysteem.
3. Verwarmings- en luchtcirculatiesysteem a. Er is sprake van
minimaal één warmtewisselaar die verse lucht opwarmt voor één of twee stallen. Deze lucht wordt met circulatieventilatoren vermengd met in de nok van de stal aanwezige warme lucht of via een in hoogte verstelbaar verdelersysteem gelijkmatig over het strooisel geleid. ,
b. Er is aanvullende verwarming aanwezig om de gewenste staltemperatuur te bereiken. Dit kan zowel in de stal als bij de warmtewisselaar.
4. Warmtewisselaar a. Warmtewisselaar(s)
kunnen zowel buiten naast de stal zijn opgesteld als binnen in de stal zijn geplaatst. De warmtewisselaar ,
warmt vers binnenkomende ventilatielucht op alvorens deze in de stal komt.
b. Het thermische rendement van de wisselaar is minimaal 70% bij warmtevraag op basis van: (T inblaas – T buiten) / (T afzuig – T buiten) x 100%. minimaal geïnstalleerde capaciteit van de warmtewisselaar(s) bedraagt 035 m 3 per dierplaats per uur (of minimaal 8 m 3 per m 2 staloppervlak). Bij vleeskuikens kan een productiewijze worden toegepast waarbij kuikens in de stal uit het ei komen en daarna opgefokt gedurende een beperkte periode in deze stal. Na de opfokperiode worden de dieren overgeplaatst naar een vervolghuisvesting. Deze productiewijze is met bijbehorende leeftijden voor overplaatsen vastgelegd in categorie AP4. Afhankelijk van de leeftijd van overplaatsen is de ventilatiebehoefte in de uitbroed/opfokstal mogelijk lager dan de hier gevraagde minimale capaciteit. In dat geval kan de geïnstalleerde capaciteit van de uitbroed/opfokstal worden aangehouden.
c. De
,
,
,
5. Bij toepassing circulatie-ventilatoren a. De
lucht wordt in de nok van de stal gebracht. Bij opstelling van de warmtewisselaar buiten de stal kan dit door middel van een buis tot in de nok of door middel van een inblaassysteem met lamellen in de zijgevel en een luchtopvang in de nok van de stal.
b. Bij de toepassing van meerdere warmtewisselaars verdeeld over de lengte van de stal wordt bij de warmtewisselaar de verse lucht in dezelfde richting uitgeblazen als de lucht stromingsrichting van de circulatieventilatoren. ,
https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2010-13/
2/6
11-03-2024 16:40
OW 2010. 13 - Stalbeschrijving pluimvee | Informatiepunt Leefomgeving
circulatieventilatoren worden bovenin de nok van de stal geplaatst op een onderlinge afstand van maximaal 20 meter en op maximaal 15 meter onder de nok van de stal. Deze circulatieventilatoren houden continu de luchtbeweging in de stal op gang.
c. De
,
d. De minimale ventilatorcapaciteit van de circulatieventilatoren is minimaal 20 m 3 per m 2 staloppervlak.
6. Bij toepassing buizen a. Bij gebruik van verdeelbuizen
wordt de lucht over de gehele lengte van de stal op dierniveau te verdeeld.
b. De lucht wordt via minimaal twee rijen in de lengte richting opgehangen en horizontaal in hoogte verstelbare buizen verdeeld. In de breedte van de stal is sprake van een evenredige verdeling van de buizen. ,
aantal buizen is volgens opgave leverancier. De buizen zijn aan weerszijden voorzien van gaatjes. Afstand diameter en hoek volgens opgave van leverancier.
c. Het
,
7. Registratieapparatuur De volgende registratieapparatuur is aanwezig: Apparatuur
voor
het registreren van het aanstaan van de warmtewisselaar (urenteller).
Apparatuur
voor
het registreren van de gerealiseerde temperatuurcurve binnen- inblaas- en buitentemperatuur. ,
,
Apparatuur voor het registreren van het gerealiseerde ventilatiedebiet in warmtewisselaar en ventilatorcapaciteit circulatieventilatoren.
8. Capaciteit a. Installatie in bestaande stallen: Te installeren capaciteit van de warmtewisselaar en aanvullende Watt per m 2 bij 35 ºC omgevingstemperatuur. Capaciteit volgens opgave leverancier.
verwarming is minimaal 125
b. Installatie in nieuwbouw: te installeren capaciteit van de warmtewisselaar en aanvullende verwarming is minimaal 100 Watt per m 2 bij 35 ºC omgevingstemperatuur. Capaciteit volgens opgave leverancier. Als datum voor ‘nieuwbouw’ wordt 1 januari 2000 aangehouden. Stallen gebouwd voor die datum moeten voldoen aan de eis van bestaande stallen.
Gebruikseisen systeem . Leefoppervlak . Luchtstroming bij toepassing circulatie-ventilatoren . Luchtstroming bij toepassing buizen . Instelling temperatuurcurve . Instelling ventilator in warmtewisselaar wanneer er verwarmd wordt . Instelling ventilator in warmtewisselaar wanneer er niet verwarmd wordt . Instelling bij toepassing circulatieventilatoren . Instelling bij toepassing buizen . Registratie
1. Leefoppervlak a. Bij (groot-)ouderdieren van vleeskuikens , dieren per m).2
2 in opfok tot 19 weken: Minimaal 900 cmen maximaal 1100 cm 2 per dier bij opzet (83 à ,
111
b. Bij ouderdieren van vleeskalkoenen in opfok tot 6 weken: Minimaal 625 cm 2 per dier bij opzet (16 dieren per m).2 c. Bij ouderdieren van
vleeskalkoenen in opfok tot 6-30 weken: Minimaal 1330 cm 2 per dier bij opzet (75 dieren per m).2 ,
2 d. Bij vleeskalkoenen: Mannelijke dieren: Minimaal 3330 cm/dier op 10 weken leeftijd (30 dieren per m)2 Vrouwelijke dieren: 2 2 Minimaal 2040 cm/dier op 10 weken leeftijd (49 dieren per m). ,
,
2. Luchtstroming bij toepassing circulatie-ventilatoren https://iplo. nl/regelgeving/regels-voor-activiteiten/dierenverblijven/systeembeschrijvingen-stallen/ow-2010-13/
3/6
11-03-2024 16:40
OW 2010. 13 - Stalbeschrijving pluimvee | Informatiepunt Leefomgeving
De lucht in het bovenste deel van de stal wordt via circulatieventilatoren via de eindgevel(s) naar beneden geleid en vervolgens goed verdeeld over het strooiseloppervlak geblazen. Het betreft hier de lucht onder het dak/de nok van de stal. De lucht is daar warmer dan elders in de stal.
3. Luchtstroming bij toepassing buizen De opgewarmde verse ventilatielucht wordt via de buizen aan een in hoogte verstelbaar verdelersysteem gelijkmatig over het strooiseloppervlak geblazen. De hoogte van de buizen wordt versteld met de leeftijdscurve van de dieren variërend van minimaal 50 cm tot maximaal 150 cm. Tijdens het schoonmaken van de stal zijn de buizen tot aan het dak op te takelen.