24052.5 - TOELICHTING bestemmingsplan Uitbreiding HS-station Best
Tekst van het document
Artikel 15 Waarde - Archeologie 5 (gebied met een middelhoge archeologische verwachting)
De voor Waarde - Archeologie 5 aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor instandhouding en bescherming van de in de grond aanwezige archeologische waarden.
Artikel 16 Waarde - Archeologie 4 (gebied met een hoge archeologische verwachting) De voor Waarde - Archeologie 4 aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor instandhouding en bescherming van de in de grond aanwezige archeologische waarden.
Artikel 17 Attentiezone Waterhuishouding De voor Attentiezone Waterhuishouding aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud, beheer en herstel van de waterhuishoudkundige situatie, gericht op het verbeteren van de condities voor de natuur(waarden)..
Artikel 18 Anti-dubbeltelregel Het artikel 'Anti-dubbeltelregel' bevat bepalingen om te voorkomen dat met het bestemmingsplan strijdige situaties ontstaan of worden vergroot. De redactie is wettelijk vastgelegd in het Besluit ruimtelijke ordening en overeenkomstig opgenomen.
Artikel 19 Algemene bouwregels In dit artikel is een regeling voor ondergronds bouwen opgenomen.
Artikel 20 Algemene gebruiksregels In deze algemene gebruiksregels wordt gebruik in strijd met het bestemmingsplan als strijdig gebruik aangemerkt.
Artikel 21 Algemene aanduidingsregels In de algemene aanduidingsregels zijn regels met betrekking tot algemeen geldende gebiedsaanduidingen opgenomen, waarin wordt aangegeven onder welke voorwaarden ontwikkelingen binnen deze zones mogelijk zijn. Het betreft de aanduidingen Geluidzone - industrie, Kecontour, Luchtvaartverkeerszone - ihcs en invliegfunnel, Luchtvaartverkeerszone - ils, Overige zone beperkingen veehouderij, Veiligheidszone - leiding enVrijwaringszone - radar.
Artikel 22 Algemene afwijkingsregels In deze regels zijn algemene afwijkingsbepalingen opgenomen. Zo is opgenomen dat binnen alle bestemmingen kan worden afgeweken van opgenomen maten tot een maximum van 10%. Ook kan
met 10% van het bouwvlak worden afgeweken. Tevens zijn afwijkingsregels opgenomen die het mogelijk maken bij meetverschillen ontwikkelingen toe te staan.
Artikel 23 Algemene wijzigingsregels In deze regels zijn algemene wijzigingsmogelijkheden opgenomen, hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan wijziging vanwege overschrijding van bestemmingsgrenzen of een wijziging van bedrijfsactiviteit.
Artikel 24 Overige regels In de overige regels zijn regels opgenomen over parkeren en gevoelige objecten.
Artikel 25 Overgangsrecht In de overgangsrechtregel is een regeling opgenomen voor bebouwing en gebruik dat al bestond bij het inwerking treden van het plan, maar dat strijdig is met de opgenomen regeling. Onder bepaalde voorwaarden mag deze strijdige bebouwing en/of strijdig gebruik worden voortgezet of gewijzigd. De redactie is wettelijk vastgelegd en overeenkomstig opgenomen.
Artikel 26 Slotregel In de 'slotregel' is de officiële naam van het plan bepaald. Onder deze naam kan het bestemmingsplan aangehaald worden.
Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid 6.1 Economische uitvoerbaarheid Exploitatie Op grond van artikel 3.1.6 onder 1 van het Besluit ruimtelijke ordening dient in het kader van de bestemmingsplanprocedure de economische uitvoerbaarheid van het plan te worden onderzocht. Enexis Netbeheer B.V. is al eigenaar van het perceel waarop de uitbreiding plaats vindt.
Er is bij dit plan geen sprake van een bouwplan zoals bedoeld in artikel 6.2.1 van het Besluit ruimtelijke ordening. Er hoeft daarom geen anterieure overeenkomst te worden afgesloten. Er wordt tussen de gemeente Best en Enexis wel een planschade overeenkomst afgesloten.
Enexis is eigenaar van de grond waarop de ontwikkeling plaats gaat vinden en daarbij is er sprake van een uitbreiding van een bestaande inrichting, waarvan de aanlegkosten door Enexis worden gedragen. Tevens neemt Enexis de kosten op zich voor het opstellen van het bestemmingsplan, de bijbehorende onderzoeken. Hiermee is de economische uitvoerbaarheid van voorliggend plan voldoende aangetoond.
Handhaving Een van de uitgangspunten bij het ontwikkelen van een bestemmingsplan is dat het plan handhaafbaar dient te zijn. Handhaving van het ruimtelijk beleid is een voorwaarde voor het behoud en de ontwikkeling van de ruimtelijke kwaliteit. Handhaving op het gebied van ruimtelijke ordening spitst zich toe op het gebruik van de gronden en opstallen en het uitvoeren van werken en werkzaamheden waarvoor een vergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden nodig is.
De handhaving van de regelgeving van het bestemmingsplan is de bevoegdheid van burgemeester en wethouders. De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) bevat hiervoor de wettelijke grondslag. Het gaat daarbij met name om de planregels inzake het bouwen en het gebruik van gronden en bouwwerken. De Wabo bevat een algemeen verbod om gronden en bouwwerken te gebruiken in strijd met het bestemmingsplan.
De planregels in dit plan zijn voldoende duidelijk, concreet en toepasbaar om te kunnen handhaven. Handhaving van het plan zal in de praktijk primair plaatsvinden via de bestemmingsplantoets in het kader van de omgevingsvergunning en door feitelijk toezicht op de aanwezigheid van bouwwerken en op de gebruiksactiviteiten.
6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid De procedures voor vaststelling van een bestemmingsplan zijn door de wetgever geregeld. Aangegeven is dat tussen gemeente en verschillende instanties waar nodig overleg over het plan moet worden gevoerd alvorens een ontwerpplan ter visie gelegd kan worden. Pas daarna wordt de wettelijke procedure met betrekking tot vaststelling van het bestemmingsplan opgestart (artikel 3.8 Wro). Gronden binnen het plangebied zijn in eigendom van Enexis zodat de uitvoering van het plan feitelijk gerealiseerd kan worden.
Vooroverleg Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) schrijft voor dat een bestuursorgaan dat belast is met de voorbereiding van een ruimtelijk plan, daarbij overleg pleegt met de besturen van betrokken gemeenten en waterschappen en met die diensten van Rijk en provincie die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. Artikel 3.1.6 Bro bepaalt daarnaast dat in de toelichting de uitkomsten van dit overleg worden beschreven. De binnengekomen vooroverlegreacties worden samengevat en beantwoord in een Reactienota.
Participatieproces Voorafgaand aan het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan wordt de directe omgeving geïnformeerd middels een informatieve brief en een informatiebijeenkomst. De naast gelegen woningen (buren) worden eerder geïnformeerd in een gesprek die met hun gepland wordt.
Vastellingsprocedure Nadat alle vooroverlegreacties bekend zijn, is het ontwerp bestemmingsplan opgesteld. Dit ontwerp bestemmingsplan heeft van 20 december 2023 tot en met 30 januari 2024 gedurende zes weken ter inzage gelegen. In de periode heeft het ontwerp bestemmingsplan ter voldoening aan artikel 3.8. van de Wet op de ruimtelijke ordening voor een ieder ter inzage gelegen in het gemeentehuis te Best. Daarnaast is het ontwerp digitaal raadpleegbaar geweest via www.ruimtelijkeplannen.nl . Gedurende deze termijn kon een ieder naar keuze schriftelijk of mondeling een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan kenbaar maken aan de raad van de gemeente Best. @PM: 4 zienswijzen bespreken?
Beroep Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij
de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.