CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

24048.4 - NIEUWE VERSIE - TOELICHTING Bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16 (VERSIE 30-5-2024)

Raadsvergadering 10 juni 2024, gemeente BestBij agendapunt: 24048 - Vaststellen bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-1630.282 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

De werkwijze van het onderzoek dient vastgelegd te worden in een door de bevoegde overheid goed te keuren Programma van Eisen (PvE). Voor het slaan van palen voor de stellingen voor aardbeienteelt kan een archeologievriendelijk palenplan worden gebruikt. Naar aanleiding van afstemming met het bevoegd gezag wordt geadviseerd het archeologisch vervolgonderzoek door middel van proefsleuven niet alleen betrekking te hebben op de nieuw te realiseren bouwkavels, maar ook maar ook op de locaties waar bodemingrepen gaan plaats vinden als gevolg van sloopwerkzaamheden (activiteit aanleggen). Het vereiste nader archeologisch proefsleuvenonderzoek is momenteel in voorbereiding voor de bouwlocaties en zal fasegewijs worden uitgevoerd, zodat de voorgenomen en noodzakelijke verplaatsing van de teeltondersteunende voorzieningen buiten het teeltseizoen plaats kan vinden. In afwachting van de resultaten van het proefsleuvenonderzoek zijn in dit bestemmingsplan de geldende archeologische dubbelbestemmingen overgenomen. Aanvullend zijn 2 voorwaardelijke verplichtingen aan de juridische regeling toegevoegd, zodat nader is geborgd dat oprichting van de nieuwe 2-onder-1kap woning tussen nr.

5 en 7 uitsluitend pas plaats kan vinden, nadat het proefsleuvenonderzoek ter plaatse is uitgevoerd en dat oprichting van het nieuwe bedrijfsgebouw en bedrijfswoning ten noorden van de Mosselaarweg pas plaats kan vinden, nadat op basis van een door het bevoegd gezag goedgekeurd nader archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betreffende gronden geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn, dan wel er niet langer archeologische begeleiding of zorg nodig is.

Cultuurhistorie Per 1 september 2017 is de Erfgoedwet in werking getreden. In een bestemmingsplan dient op grond van het Bro artikel 3.1.6 een beschrijving te worden opgenomen hoe met de in het gebied aanwezige cultuurhistorische waarden en in de grond aanwezige of te verwachten monumenten, rekening is gehouden. Ook de facetten historische bouwkunde en historische geografie dienen te worden meegenomen in de belangenafweging. Hierbij gaat het om zowel beschermde als niet formeel beschermde objecten en structuren. Bij de opstelling en uitvoering van ruimtelijke plannen moet met de cultuurhistorische (landschaps)waarden van bovenlokaal belang rekening worden gehouden. De provincie heeft hiertoe in haar Interimverordening cultuurhistorisch waardevolle gebieden aangeduid. Deze gebieden verdienen specifieke aandacht vanwege de onvervangbaarheid van de aanwezige waarden. Gemeenten dienen de cultuurhistorische waarden en kenmerken van deze gebieden te behouden, herstellen en/of duurzaam te ontwikkelen. Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen hier enkel worden toegestaan, indien zij de wezenlijke kenmerken en waarden van het gebied niet aantasten. Op basis van de Cultuurhistorische Waardenkaart van de provincie Noord-Brabant blijkt dat de planlocatie

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

73

niet is gelegen in een door de provincie aangeduid cultuurhistorisch waardevol gebied. De locatie maakt ook geen onderdeel uit van een overig waardevol historisch geografisch vlak. De Mosselaarweg is (evenals vele overige wegen in het buitengebied) wel aangeduid als historische weg van redelijk belang. Met de voorgestane ruimtelijke ontwikkelingen vindt er evenwel geen aantasting van de bestaande wegenstructuur plaats.

Binnen het plangebied is ook geen bebouwing van (rijks-) monumentale waarde gelegen. Op basis van het bestemmingsplan 'Buitengebied Best 2021' is de huidige bedrijfswoning op Mosselaarweg 7 echter wel aangeduid met de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarden'. De gemeente heeft ten behoeve van het bestemmingsplan 'Buitengebied Best 2021' een quickscan cultuurhistorische waarden laten uitvoeren op basis waarvan ca. 75 cultuurhistorisch waardevolle panden in het buitengebied zijn geselecteerd, waaronder ook de woning aan de Mosselaarweg 7. Deze cultuurhistorisch waardevolle panden worden planologisch beschermd. Sloop van deze panden is niet rechtstreeks toegestaan, in voorkomend geval dient een omgevingsvergunning te worden aangevraagd. Over het boerderijpand Mosselaarweg 17 staat in de quickscan cultuurhistorische waarden navolgende beschreven: Langgevelboerderij onder met riet gedekt wolfdak met een pannenvoet van rode en gesmoorde oude holle plannen. De gevels zijn opgebouwd in Vlaams verband met vlechtingen langs de topgevel. Het metselwerk is te dateren in de jaren '30 van de 20e eeuw. De vensters zijn vernieuwd, ook de oorspronkelijke stalvensters. In het dakvlak is later een dakvenster aangebracht. Volgens gegevens van de heemkundige kring zou in het bedrijfsgedeelte het oorspronkelijke gebint nog aanwezig zijn.

Op basis van een nader onderzoek (zie Bijlage 18 van de toelichting) blijkt dat het pand vanwege de oorspronkelijke ouderdom van beperkt cultuurhistorisch belang wordt geacht als uitdrukking van de agrarische en sociaaleconomische ontwikkeling in Best en met name in agrarische gebied van het vroegere gehucht Mosselaar. Doordat de buitenzijde vrijwel volledig opnieuw is opgetrokken, is er slechts sprake van beperkte architectuurhistorische waarde vanwege de hoofdvorm van een langgevelboerderij. De hoofdvorm is, op onderdelen na, grotendeels bewaard gebleven echter is de gaafheid van de langgevelboerderij aangetast door de vernieuwing van de gevels, wijziging in dakbedekking en nieuwe vensters en deuren, ondanks dat vrijwel alle gevelopeningen op de oorspronkelijke plaats zijn gelegen. Er zijn slechts enkele fragmenten van het oorspronkelijke bouwwerk bewaard gebleven. De historische restanten van de gebint- en kapconstructie en het oorspronkelijke metselwerkfragment van de brandmuur zijn van hoge kunsthistorische waarden. Vanwege cultuurhistorische en situationele waarde in relatie tot de beperkte gaafheid en beperkte architectuurhistorische waarden is er slechts sprake van beperkte zeldzaamheid op lokaal niveau.

Met het planvoornemen blijft het bestaande boerderij-pand gehandhaafd. Het pand zal wel worden gesplitst, met inachtneming van de benoemde aanwezige cultuurhistorische waarden. Er bevinden zich geen overige (rijks)monumenten of andere cultuurhistorische elementen die mogelijk 'aangetast' zouden kunnen worden met het voorgenomen initiatief.

Gevolg planvoornemen Gelet op bovenstaande vormt het aspect cultuurhistorie geen belemmering voor het planvoornemen.

4.10

Verkeer en parkeren

Verkeersgeneratie

74

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

Voor een vrijstaande koopwoning in het buitengebied geldt (op basis van de CROW) een maximale verkeersgeneratie van 8,6 verkeersbewegingen per etmaal. Voor een twee-onder-een-kapwoning (perceel > 275 m2 ) in het buitengebied geldt (op basis van de CROW) een maximale verkeersgeneratie van 8,2 verkeersbewegingen per etmaal. Voor een arbeidsextensief/bezoekersextensief agrarisch bedrijf in het buitengebied geldt (op basis van de CROW) een maximale verkeersgeneratie van 5,7 verkeersbewegingen per 100 m2 bvo.

Huidige situatie Ten zuiden van de Mosselaarweg zijn de bedrijfswoningen Mosselaarweg 5 en 7 gelegen. Op het achterterrein van Mosselaarweg 7 zijn twee bedrijfshallen gelegen ten behoeve van het aanwezige agrarische bedrijf in de vorm van een aardbeienkwekerij. Hiernaast is een bijgebouw voor de huisvesting van seizoenarbeiders gelegen. De percelen binnen het plangebied op het achterterrein van Mosselaarweg 5 en 7 zijn grotendeels in gebruik ten behoeve van de aardbeienkwekerij in de vorm van permanente teeltondersteunende voorzieningen. De overige percelen binnen het plangebied ten noorden van de Mosselaarweg zijn in de huidige situatie onbebouwd en feitelijk in gebruik als grasland/landbouwgrond.

Voor de twee bedrijfswoningen geldt momenteel een maximale verkeersgeneratie van (8,6 * 2 =) 17,2 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de aardbeienkwekerij met een bvo van 1.210 m2 bvo geldt een maximale verkeersgeneratie van ((1210/100) * 5,7 =) 69,0 verkeersbewegingen per etmaal.

In de huidige situatie is de maximale verkeersgeneratie van 87 verkeersbewegingen per etmaal.

Toekomstige situatie Met het planvoornemen worden een vrijstaande woning en twee twee-onder-een-kappers mogelijk gemaakt.. Daarnaast wordt een bedrijfsgebouw met 1.650 m2 bvo gerealiseerd.

Voor de vrijstaande koopwoning geldt een maximale verkeersgeneratie van 8,6 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de twee twee-onder-een-kappers geldt een maximale verkeersgeneratie van (8,2 * 2 =) 16,4 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de aardbeienkwekerij geldt een maximale verkeersgeneratie van ((1650/100) * 5,7 =) 94,1 verkeersbewegingen. In de toekomstige situatie geldt dan een maximale verkeersgeneratie voor het gehele plangebied van (119,1) 120 verkeersbewegingen. Dit is een toename van (120 - 87) = 33 verkeersbewegingen per etmaal extra. Deze verkeersbewegingen worden conform de bestaande situatie ook over de Mosselaarweg afgewikkeld. Dit zal gezien de geringe toename van het aantal verkeersbewegingen geen problemen opleveren voor de verkeersafwikkeling.

Parkeren Gemeente Best heeft het gemeentelijk parkeerbeleid vastgelegd in de Nota parkeernormen 2022 (vastgesteld door de gemeenteraad op 13 december 2021). Voor een aardbeienkwekerij zijn in de Nota geen specifieke parkeernormen opgenomen. Hierom wordt voor het agrarische bedrijf aangesloten bij de kengetallen zoals door de CROW aangeboden.

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

75

Voor een vrijstaande koopwoning in het buitengebied (idem voor rest bebouwde kom) geldt conform de gemeentelijke Nota parkeernormen een maximale parkeernorm van 2,0 per woning. Voor een twee-onder-een-kapwoning (perceel > 275 m2 ) in het buitengebied geldt conform de gemeentelijke Nota parkeernomen een maximale parkeernorm van 1,9 per woning. Voor een arbeidsextensief/bezoekersextensief agrarisch bedrijf in het buitengebied geldt een maximale parkeernorm van 0,8 per 100 m2 bvo . Voor de huisvesting van seizoenarbeiders geldt een maximale parkeernorm van 0, 4 parkeernorm per arbeider.

Huidige siutatie Voor de twee bedrijfswoningen geldt een maximale parkeernorm van (2,0 * 2=) 4,0 parkeerplaatsen. Voor de aardbeienkwekerij met een bvo van 1.210 m2 bvo geldt een maximale parkeernorm van ((1210/100) * 0,8 =) afgerond 10 parkeerplaatsen. In de huidige situatie bedraagt de parkeernorm 14 parkeerplaatsen. De bestaande locaties Mosselaarweg 5 en 7 beschikken over meer dan voldoende ruimte om hierin te voorzien.

Toekomstige situatie Met het planvoornemen worden een vrijstaande woning en twee twee-onder-een-kappers mogelijk gemaakt.. Daarnaast wordt een bedrijfsgebouw met 1.650 m2 bvo gerealiseerd.

Voor de twee vrijstaande koopwoningen (burgerwoning op Mosselaarweg 5 en bedrijfswoning op Mosselaarweg 16) geldt een maximale parkeernorm van (2,0 * 2 =) 4,0 parkeerplaatsen. Voor de twee twee-onder-een-kappers (Mosselaarweg 7 en Mosselaarweg ong. (tussen 5 en 7) geldt een maximale parkeernorm van (1,9 * 4 =) 7,6 parkeerplaatsen. Voor het bedrijfsgebouw van de aardbeienkwekerij geldt een maximale parkeernorm van ((1650/100) * 0,8 =) 13,2 parkeerplaatsen. Voor de huisvesting van 20 seizoenarbeiders dienen 8 parkeerplaatsen te worden gerealiseerd. In de toekomstige situatie geldt een maximale parkeernorm van (4,0 + 7,6 + 13,2+ 8 ) 33 parkeerplaatsen voor het plangebied. Met het planvoornemen wordt hierin voorzien. Het parkeren zal op eigen terrein gesitueerd worden. Bij de woningen zal realisering van minimaal 2 parkeervoorzieningen op de eigen oprit plaatsvinden. Dit betreft dus in totaal 8 plaatsen. Op het erf van het agrarisch bedrijf dienen 25 plaatsen te worden gerealiseerd. Gezien de ruime opzet van het terrein van het agrarische bedrijf, zijn er voldoende mogelijkheden om in parkeren op eigen terrein te voorzien. Aan de voorzijde van het nieuwe bedrjifsgebouw zullen deze parkeervoorzieningen worden gerealiseerd.

4.11

Infrastructuur

4.11.1 Leidingen Aan de noordrand van het plangebied is een 380 kv hoogspanningsverbinding tussen Geertruidenberg en Eindhoven gesitueerd. Daarnaast bevindt zich hier ook een waterleiding. Ter beveiliging van deze leidingen gelden rondom deze leidingen beschermingszones. Binnen deze beschermingszones zijn activiteiten zoals het plaatsen van bebouwing, verstoring van de grond en het

76

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

aanbrengen van (diepwortelende) beplanting omgevingsvergunningplichtig. Betreffende leidingen zijn conform hun huidige tracé met aanvullende beschermingszones opgenomen op de verbeelding (met de dubbelbestemmingen 'Leiding - Hoogspanningsverbinding' respectievelijk 'Leiding Water') en voorzien van een bijbehorende beschermingsregeling, conform de geldende regeling. In verband met eventuele magnetische straling adviseert het Rijk de magneetveldzone uit te (laten) rekenen als er plannen zijn om binnen de rekenafstand in de RIVM-netkaart een gevoelige bestemming te realiseren. Voor de hoogspanningsverbinding binnen het plangebied geldt conform de RIVM-netkaart een rekenafstand van 100 meter. Hierbinnen worden met het bestemmingsplan geen gevoelige bestemmingen gerealiseerd. In het plangebied zijn geen overige leidingen met een planologisch relevante beschermingszone gelegen, noch overlapt een beschermingszone van een andere planologisch relevante leiding met het plangebied. 4.11.2 Radarverstoringsgebied Als gevolg van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) is de gemeente Best gelegen onder het radarverstoringsgebied van een radar op de vliegbasis van Woensdrecht en Volkel. Deze zone is vastgelegd om te voorkomen dat hoge gebouwen en/of bouwwerken het functioneren van de radar van het vliegveld verstoren.

De zone betreft een cirkel met een straal van 75 kilometer, gemeten vanaf de positie van de radar. Deze cirkel bestaat uit een kern met een straal van 15 kilometer met een maximale bouwhoogte voor bouwwerken (in het algemeen) en daaromheen een ring die doorloopt tot 75 kilometer van de radar met een maximale bouwhoogte voor (alleen) windturbines. De planlocatie is gelegen op een afstand van circa 70 kilometer van het radarstation van vliegbasis Woensdrecht, circa 20 kilometer van het radarstation van vliegbasis Volkel en circa 35 kilometer van het nieuwe radarstation Herwijnen. Er gelden derhalve geen hoogtebeperkingen voor gebouwen binnen de planlocatie. Voor oprichting van windturbines geldt een hoogtebeperking van maximaal 90 meter boven NAP. Dit bestemmingsplan voorziet niet in oprichting van grootschalige windturbines. Voor het radarverstoringsgebied is in dit bestemmingsplan volledigheidshalve conform het bestemmingsplan 'Buitengebied Best 2021' ter signalering een beschermingsregeling opgenomen gekoppeld aan de aanduiding 'vrijwaringzone - radar', die op de verbeelding is opgenomen.

4.12

Mer - beoordeling

Zoals uit artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) voortvloeit, dient in de toelichting bij het bestemmingsplan gemotiveerd te worden in welke mate rekening is gehouden met diverse ruimtelijke belangen. In artikel 3.1.6, lid 5 van het Bro wordt verwezen naar enkele milieuaspecten die in de toelichting terug dienen te komen. Daarbij wordt eveneens verwezen naar de milieueffectrapportage (m.e.r.). Dit is een wettelijk instrument dat als doel heeft milieuaspecten volwaardig te betrekking in de ruimtelijke afweging die gemaakt wordt ten behoeve ruimtelijke plannen en besluiten. Er zijn in beginsel drie afzonderlijke situaties die kunnen leiden tot een m.e.r.-plicht bij een bestemmingsplan: a. b. c.

Er is een passende beoordeling nodig in het kader van de Wet natuurbescherming; Het bestemmingplan is genoemd in kolom 3 van een activiteit of geval genoemd in onderdeel C of D van de bijlage van het Besluit milieueffectrapportrage; Het bestemmingplan is genoemd in kolom 4 van een activiteit of geval genoemd in onderdeel C of D van de bijlage van he Besluit milieueffectrapportage.

Ook als een project onder de drempelwaarde uit lijst D valt, kan een project belangrijke nadelige gevolgen hebben, als het bijvoorbeeld in of nabij een gevoelig natuurgebied ligt. Voor elk besluit of plan dat betrekking

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

77

heeft op activiteit(en) die voorkomen op de D-lijst en die beneden de drempelwaarden vallen, moet dan ook een toets moet worden uitgevoerd of belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen worden uitgesloten. Voor deze toets wordt de term vormvrije m.e.r.-beoordeling gehanteerd. Beoordeling plan In dit geval is geen passende beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming nodig. Om te bepalen of een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk is, dient bepaald te worden (1) of de ontwikkeling de drempelwaarden uit lijst D van het Besluit m.e.r. overschrijdt, (2) of de ontwikkeling in een gevoelig gebied ligt en (3) of er belangrijke milieugevolgen zijn.

1. Drempelwaarden Besluit m.e.r. Het planvoornemen voorziet in de verplaatsing van een bestaand agrarisch bedrijf alsmede herontwikkeling van de voormalige agrarische bedrijfslocaties naar een tweetal woonbestemmingen alsmede toevoeging van één Ruimte-voor-Ruimte woning en realisatie van aanvullende landschapsversterkende maatregelen op omliggende aangrenzende agrarische gronden. Voor een dergelijke activiteit is activiteit D 11.2 uit de bijlage van het Besluit m.e.r. het meest relevant. Het gaat daarbij om de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. Gelet op het feit dat het hier gaat om toevoeging van slechts 1 woning is deze activiteit niet aan te merken als een 'stedelijk ontwikkelingsproject', overeenkomstig de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (201901439/1/R1). Bovendien zou een milieueffectrapportage verplicht zijn in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer, een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m² of meer. Het planvoornemen valt ver onder de drempelwaarde van 2.000 woningen en de oppervlakte van het plangebied blijft ver beneden de 100 ha.

Daarmee is geen sprake van een m.e.r.beoordelingsplichtige activiteit, zoals omschreven in de C- of D-lijst van het Besluit m.e.r., waarvoor op grond van het Beluit m.e.r. een m.e.r. beoordeling noodzakelijk is.

2. Ligging binnen een gevoelig gebied In onderdeel A van de bijlage bij het Besluit m.e.r is bepaald wat verstaan wordt onder een 'gevoelig gebied'. Als gevoelig gebied zijn gebieden aangewezen die beschermd worden op basis van de natuurwaarden, landschappelijke waarden, cultuurhistorische waarden en waterwingebieden. Onderhavig plangebied is niet gelegen binnen een 'gevoelig gebied' zoals gedefinieerd in het Besluit m.e.r. In de hoofdstukken 3 en 4 van de toelichting is reeds aangegeven dat het plan gelet op de aard, omvang en ligging geen negatieve effecten heeft ten opzichte van dergelijke gevoelige gebieden.

3. Belangrijke milieugevolgen In Hoofdstuk 4 van deze toelichting zijn verschillende milieuaspecten afgewogen. Daaruit is gebleken dat onderhavig plan geen negatieve effecten heeft ten aanzien van deze aspecten.

Conclusie met betrekking tot het plangebied Gelet op de hierboven beschreven beoordeling is het niet nodig een nadere m.e.r.-beoordeling uit te voeren.

78

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische aspecten

Algemeen

De Wet ruimtelijke ordening (Wro) verplicht gemeenten bestemmingsplannen op te stellen. In de Wro en het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is nader uitgewerkt uit welke onderdelen een bestemmingsplan (ook: wijzigingsplan) in ieder geval moet bestaan. Het gaat om een verbeelding met planregels en een toelichting daarop. Daarnaast biedt zowel de Wro als het Bro opties voor een nadere juridische inrichting van een bestemmingsplan. Hierbij moet worden gedacht aan de toepassing van afwijkingsmogelijkheden en wijzigingsbevoegdheden en het toepassen van nadere eisen. Het juridisch bindende onderdeel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden en gebouwen en bepalingen betreffende de toegelaten bebouwing. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor de toepassing van de regels evenals de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het voor de burgers bindende onderdeel van het bestemmingsplan. Bij bestemmingsplannen gaat het om de belangen van burgers en bedrijven. Zij dienen zich snel en op eenvoudige wijze een juist beeld te kunnen vormen van de planologische mogelijkheden en beperkingen op één of meerdere locatie(s).

Daarnaast is de vergelijkbaarheid van ruimtelijke plannen van belang voor degenen die deze plannen in grotere samenhang wensen te bezien. Hierbij kan gedacht worden aan degenen die betrokken zijn bij de planvoorbereiding, de planbeoordeling en het monitoren van beleid. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op eenzelfde manier worden verbeeld. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zo ook voor de regels. Voor bestemmingsplannen, zoals dit plan, is het verplicht de regels van de SVBP te volgen.

5.2

Toelichting, regels en verbeelding

5.2.1 Toelichting Voorliggend document is de toelichting van het bestemmingsplan. De toelichting is bestaande uit een inleiding, een hoofdstuk waarin het plangebied en het geldende bestemmingsplan beschreven worden. Na dit inleidende hoofdstuk wordt in Hoofdstuk 2 het project nader omschreven door de planomgeving, de huidige situatie en het planvoornemen te beschrijven. In Hoofdstuk 3 wordt het planvoornemen vervolgens getoetst aan de vigerende beleidskaders op verschillende niveaus (Rijk, provincie en gemeente). In Hoofdstuk 4 wordt het planvoornemen getoetst aan de hand van relevante milieu- en omgevingsaspecten, waarna in Hoofdstuk 5 de juridische aspecten van het plan worden toegelicht. Tenslotte komen in Hoofdstuk 6 de maatschappelijke en economische haalbaarheid van het plan aan bod. 5.2.2 Regels De regels behorende bij dit bestemmingsplan bestaan uit inleidende regels, bestemmingsregels, algemene regels en overgangs- en slotregels. Een bestemmingsartikel (Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels) wordt uit de volgende leden in deze volgorde opgebouwd: bestemmingsomschrijving; bouwregels; nadere eisen;

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

79

afwijken van de bouwregels; specifieke gebruiksregels; afwijken van de gebruiksregels; omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden. Ontwikkelingen die niet in de regels mogelijk zijn gemaakt, zijn uitsluitend mogelijk via een buitenplanse procedure. De regels bij dit bestemmingsplan worden gewijzigd ten opzichte van het geldende bestemmingsplan. Echter waar mogelijk is wordt aangesloten bij regels van het bestemmingsplan 'Buitengebied Best 2021'. De regels hebben betrekking op de in de verbeelding opgenomen bestemmingen en aanduidingen. 5.2.3 Verbeelding Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden aangewezen en begrensd.

Op de verbeelding zijn de volgende bestemmingen en aanduidingen opgenomen: Enkelbestemming: Agrarisch Enkelbestemming: Agrarisch - Agrarisch bedrijf Enkelbestemming: Agrarisch met waarden - Landschapswaarden Enkelbestemming Groen Enkelbestemming: Wonen Dubbelbestemming - Leiding - Hoogspanningsverbinding Dubbelbestemming - Leiding - Water Dubbelbestemming: Waarde - Archeologie 3 Dubbelbestemming: Waarde - Archeologie 4 Dubbelbestemming: Waarde - Archeologe 5 Gebiedsaanduiding: geluidzone - hogere grenswaarde Gebiedsaanduiding: overige zone - attentiezone waterhuishouding Gebiedsaanduiding: overige zone - esdekken agrarisch Gebiedsaanduiding: overige zone - groenblauwe mantel Gebiedsaanduiding: vrijwaringszone - radar Gebiedsaanduiding; wetgevingszone - voorwaardelijke verplichting archeologisch onderzoek Gebiedsaanduiding: wetgevingszone - voorwaardelijke verplichting archeologisch onderzoek 2 Functieaanduiding: cultuurhistorische waarden Functieaanduiding: specifieke vorm van agrarisch - permanente teeltondersteunende voorzieningen Functieaanduiding: specifieke vorm van verkeer - onverharde weg Bouwvlak Bouwaanduiding: twee-aaneen Maatvoeringsaanduiding: maximum aantal wooneenheden Figuur: hartlijn leiding - hoogspanningsverbinding Figuur: hartlijn leiding - water Voor de benaming van de bestemmingen en aanduidingen is aangesloten bij het bestemmingsplan 'Buitengebied Best

2021'. Voor het overige wordt aangesloten bij het SVBP.

80

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Financiële uitvoerbaarheid

Ten behoeve van het voornemen is een anterieure overeenkomst gesloten met de initiatiefnemer. Voor de gemeente zijn geen kosten verbonden aan het bestemmingsplan anders dan bestemmingsplan- en procedurekosten en planschaderisico. Overige zaken in relatie tot de financiële haalbaarheid zijn voor de initiatiefnemer. Omdat er een anterieure overeenkomst is afgesloten met de initiatiefnemer, is het kostenverhaal 'anderszins verzekerd' en hoeft er geen exploitatieplan opgesteld te worden. De gemeente acht de economische uitvoerbaarheid van het plan voldoende verzekerd. Op grond van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat het plan economisch uitvoerbaar is.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

De maatschappelijke uitvoerbaarheid heeft als doel aan te tonen dat het plan maatschappelijk draagvlak heeft. In het kader van de omgevingsdialoog zijn direct omwonenden in een eerder stadium reeds geïnformeerd over het voornemen, waarbij ieder de mogelijkheid had om een reactie te geven. Voor de tervisielegging van het ontwerp bestemmingsplan zijn de omwonenden op een informatie-avond ter plaatse op woensdag 15 november 2023 opnieuw geïnformeerd over de stand van zaken van het voornemen met een nadere toelichting op de plannen, waarbij tevens de plannen voor de herontwikkeling van de nabij gelegen locatie aan de Mosselaarweg 10 opnieuw zijn toegelicht, aangezien initiatiefnemers gezamenlijk de voorgenomen landschappelijke kwaliteitsverbetering van de achterliggende agrarische gronden willen oppakken. Op de avond wordt door omwonenden onder meer gevraagd om een toelichting op de reden van de verplaatsing en nadere uitleg van de plannen. Daarnaast wordt aangegeven dat men bezorgd is over extra overlast als er nieuwe wandelpaden worden gecreëerd en wordt extra aandacht gevraagd voor goede inrichting (in verband met de waterstand ter plaatse) en beheer van de wandelpaden. Het geanonimiseerde verslag van deze informatieavond ten behoeve van de omgevingsdialoog is als Bijlage 19 bij de toelichting van het bestemmingsplan gevoegd.

Vooroverleg In het kader van artikel 3.1.1 Bro is overleg gevoerd over het voorontwerp bestemmingsplan met de gebruikelijke overlegpartners, waaronder Waterschap De Dommel en provincie Noord-Brabant. De provincie verzoekt onder meer om een nadere motivering van de voorgenomen plannen met betrekking tot de noodzaak van de verplaatsing alsmede de voorziene realisering van permanente teeltondersteunende voorzieningen mede in relatie tot de gewenste ontwikkelingsrichting van het gebied. Ten behoeve van het behoud van de voormalige bedrijfswoning aan de Mosselaarweg 7 is een aanvullende kwaliteitsverbetering noodzakelijk op basis van de provinciale regeling 'maatwerk met als doel omgevingskwaliteit'. Voor de functiewijziging van de voormalige bedrijfswoningen in burgerwoningen is een goede landschappelijke inpassing vereist. Voor de voorgenomen woningsplitsing van de bestaande woning zal nader aangetoond dienen te worden dat hiermee wordt bijgedragen aan behoud en versterking van de cultuurhistorische waarden.

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

81

In het bestemmingsplan is het voornemen nader toegelicht en zijn de plannen mbt de noodzakelijke permanente teeltondersteunende voorzieningen geconcretiseerd. Voor de burgerwoonbestemmingen aan de zuidzijde van de Mosselaarweg is een landschapsplan opgesteld, waarvan de realisering als voorwaardelijke verplichting in de regels is geborgd. Voor het behoud en splitsing van de cultluurhistorische langgevelboerderij aan de Mosselaarweg 7 is de vereiste fysieke tegenprestatie in de vorm van kwaliteitsverbetering van het landschap met een voorwaardelijke verplichting geborgd.

Het waterschap verzoekt om een nadere uitwerking van de waterparagraaf alsmede borging van de waterbergingsopgave in de juridische regeling. In het ontwerp bestemmingsplan is ten behoeve van de waterbergingsopgave een voorwaardelijke verplichting toegevoegd in de juridische regeling. Daarnaast zijn de plannen met betrekking tot de teeltondersteunende voorzieningen nader geconcretiseerd en ingeperkt. Er is hierbij geen sprake van toename van verharding. Hemelwater wordt zoveel mogelijk opgevangen. De waterparagraaf is met inachtneming van de opmerkingen nader aangevuld. Ten behoeve van de aanvullende kwaliteitsverbeteringsmaatregelen op de achterliggende agrarische gronden (onder meer realisering van een flauwe oever van de oostelijk gelegen A-watergang) heeft nadere afstemming met het waterschap plaats gevonden.

Zienswijzen en beroep Het ontwerpbestemmingsplan 'Mosselaarweg 5-7-16' heeft met ingang van 13 december 2023 tot en met 23 januari 2024, gedurende zes weken ter inzage gelegen in het gemeentehuis te Best. De bekendmaking is gepubliceerd op de gemeentelijke website en in het Gemeenteblad. Het bestemmingsplan was tevens digitaal raadpleegbaar op de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Tijdens deze periode kon een ieder een zienswijze over het bestemmingsplan indienen. Gedurende de terinzagelegging zijn er drie zienswijzen binnengekomen. De drie ingebrachte zienswijzen zijn opgenomen in de 'Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen'. In de nota zijn de ingekomen zienswijzen in samenvatting weergegeven, voorzien van een reactie van de gemeente en een conclusie ten aanzien van de noodzaak om het bestemmingsplan aan te passen op basis van de overwegingen ingebracht in de zienswijzen. Daarnaast is in de nota een overzicht opgenomen van de (ondergeschikte) aanpassingen die ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan worden doorgevoerd op basis van ambtshalve verbeteringen.

De aanpassingen hadden ondermeer betrekking op een uitwerking/aanvulling van het landschappelijk inrichtingsplan en de kwaliteitsberekening, nadere uitwerking van de waterbergingsvoorzieningen, aanvulling van de beschermingsregeling rondom de hoogspanningsverbinding en schrappen van de eerder opgenomen wijzigingsbevoegdheden, vanwege de inwerking getrede Omgevingswet. De Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen is als bijlage bij het vaststellingsbesluit aan het bestemmingsplan toegevoegd. Het bestemmingsplan is op 10 juni 2024 met inachtneming van de ingediende zienswijzen gewijzigd vastgesteld. Na vaststelling wordt het bestemmingsplan voor de tweede maal zes weken ter visie gelegd. Gedurende deze periode kunnen belanghebbenden tegen het vaststellingsbesluit beroep instellen bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Tevens kan er beroep worden ingesteld tegen de eventueel gewijzigde onderdelen. Indien geen beroep wordt ingesteld, is het plan na deze beroepstermijn onherroepelijk en treedt het plan in werking.

82

bestemmingsplan Mosselaarweg 5-7-16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14203441/2