23015.5 - Bijlage 3 - Bijlagenboek Bestemmingsplan Trekzaag
Tekst van het document
Van: Maura Evers <mev@kragten.nl> Verzonden: donderdag 18 november 2021 10:11 Aan: *** *** ^.***@gembest.nb CC: Robert van Hooy <rvh@kragten.nl> Onderwerp: Verkeersgegevens tbv akoestisch onderzoek T rekzaag te Best
Beste ***, We hebben opdracht voor een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai voor de realisatie van 3 vrijstaande woningen aan de Trekzaag te Best. Ik zou graag voor de Trekzaag, Dissel, Kappost, Uitkanter, Oirschotseweg, Spoorweglaan en de Hoofdstraat de volgende informatie ontvangen; ^ Intensiteiten etmaalintensiteit (weekdag) 2032 danwel (recente) tellingen en aan te houden groeipercentage, indien geen intensiteiten voorhanden zijn kunt u dan een schatting geven. ^ Verkeersverdelingen: uurverdeling, licht/middel/zwaar en dag/avond/nacht ^ Wegdekverharding ^ Toegestane maximale snelheid Alvast bedankt voor uw reactie. Met vriendelijke groet, Maura Evers locatie Roermond
locatie 's-Hertogenbosch
Schoolstraat 8 6049 BN Herten Postbus 14 6040 AA Roermond
Hambakenwetering 5-J 5231 DD 's-Hertogenbosch Postbus 2309 5202 CH 's-Hertogenbosch
5
tel: direct: teams/skype:
+31 88 33 66 333 +31 88 33 66 303 mev@kragten.nl
web:
www.kragten.nl
********************************Djsc|ajmer**********************************
De informatie die is opgenomen in dit bericht kan vertrouwelijk zijn en is uitsluitend bestemd voor de geadresseerde(n). Indien u als niet-geadresseerde dit bericht ontvangt, wordt u verzocht direct de afzender hierover te informeren en het bericht te vernietigen. Op alle aanbiedingen, opdrachten en overeenkomsten met betrekking tot diensten, leveringen en/of werken aan/voor de gemeente Best zijn de algemene inkoopvoorwaarden van de gemeente Best van toepassing zoals weergegeven op www.gemeentebest.nl. Hierin is onder andere vastgelegd dat een overeenkomst pas tot stand komt nadat deze schriftelijk is bevestigd en het bevoegde bestuursorgaan haar heeft bekrachtigd. Om veilig vertrouwelijke informatie of grote bestanden te kunnen delen gebruiken we Cryptshare. Wilt u vertrouwelijke informatie of grote bestanden met ons delen? Maak dan gebruik van https://bestand.gemeentebest.nl
Meer informatie over de gemeente Best en hoe u met ons in contact kunt treden vindt u op onze website www.gemeentebest.nl
6
Bijlage 2
60
Externe veiligheid
Bestemmingsplan "Trekzaag" (ontwerp)
V ^rtrtí^ QUICKSCAN EXTERNE VEILIGHEID
TREKZAAG TE BEST
Opdrachtgever: Projectnr:
BRO BRO119
Datum:
31 januari 2022
krćy | ten
QUICKSCAN EXTERNE VEILIGHEID TREKZAAG TE BEST
Opdrachtgever: Projectnr:
BRO BRO119
Rapportnr: Status: Datum:
20220128-BRO11 3-RAP-EV 1.0 Definitief 31 januari 2022
Opsteller: RvH
T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
Verificatie: PC Validatie: PC
ISO 9001 ISO 14001 BUREAU VERITAS
J 828, © 2021 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
krakten
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
2
TRANSPORTASSEN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 5
2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
Inleiding..................................................................................................................................... 5 Wettelijk kader.............................................................................................................................. 5 Transport over waterwegen................................................................................................................. 6 Transport over wegen....................................................................................................................... 6 Transport over het spoor.................................................................................................................... 8
3
BLUSLEIDING..............................................................................................................10
3.1 3.2 3.3
Inleiding.................................................................................................................................... 10 Wettelijk kader............................................................................................................................ 10 Inventarisatie lokale buisleidingen ....................................................................................................... 10
4
EXTERNE VEILIGHEID INRICHTINGEN. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 11
4.1 4.2 4.3
Inleiding.................................................................................................................................... 11 Wettelijk kader ........................................................................................................................... 11 Inventarisatie relevante inrichting ........................................................................................................ 11
5
CONCLUSIE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
3 kraäţen
1
INLEIDING In opdracht van BRO is door Kragten een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico's ten behoeve van de te realiseren woningen aan de Trekzaag te Best. Deze planontwikkeling past niet in het vigerende bestemmingsplan, waardoor het aspect externe veiligheid nader beschouwd moet worden. De globale ligging van het plangebied is weergegeven in afbeelding 1.
fck . ^ 11 '
İ
-
»
İ
lís-
^
fģ' JÉ
JFįĘļ.
^ fÁ O Z Z -o ą "‘ź i
m t
s
Ą
ïTPţFiI plļ
/Ä
Afbeelding 1
T Globale ligging plangebied (bron: Signaleringskaartj
Ü,___
In het kader van het onderzoek naar het planvoornemen dienen de externe veiligheidsrisico's ten gevolge van activiteiten in de directe omgeving te worden geïnventariseerd. Externe veiligheidsrisico's kunnen ontstaan door het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen en over transportroutes (weg, spoor en water) en het gebruik of de opslag van gevaarlijke stoffen bij inrichtingen. In deze quickscan zijn de risicobronnen geïnventariseerd en is beoordeeld of de genoemde risicobronnen mogelijk een belemmering vormen voor de invulling van het plangebied. Indien risicobronnen een mogelijke belemmering vormen, is een vervolgonderzoek noodzakelijk.
4 kraäţen
2
TRANSPORTASSEN
2.1
Inleiding Eén van de aandachtspunten bij het ontwikkelen van een plan waar mensen verblijven, zoals de voorgenomen ontwikkeling, zijn de externe veiligheidsrisico's vanwege het transport van gevaarlijke stoffen over de weg, het spoor en het water. Bepaald dient te worden of het vervoer van gevaarlijke stoffen consequenties kan hebben voor de gewenste ontwikkeling.
2.2
Wettelijk kader Bij externe veiligheid wordt onderscheid gemaakt in de richtlijnen voor stationaire bronnen en transportassen. De regelgeving rond de risico's van het transport van gevaarlijke stoffen volgt per 1 april 2015 uit de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs, Stb. 2013, nr. 307). De Wvgs vervangt de nota en de Circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen (Rnvgs). In de Wvgs en het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) worden normwaarden gegeven voor twee verschillende typen risico's, het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. In de bijlagen van de Regeling basisnet is opgenomen voor welke transportroutes de externe veiligheidsrisico's bepaald moeten worden. In de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART) is vastgelegd hoe de risico's van transport van gevaarlijke stoffen berekend en geanalyseerd moeten worden. Het begrip risico wordt in beeld gebracht door middel van twee begrippen: het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een transportroute verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het vervoer van gevaarlijke stoffen.
De hoogte van het GR representeert de kans per jaar per kilometer transportroute dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de transportroute in één keer het dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval op die transportroute. Overeenkomstig het Bevt (artikel 8, lid 1) en de HART (paragraaf 2.1) hoeven geen beperkingen aan het ruimtegebruik van een plan te worden gesteld in het gebied dat op meer dan 200 meter van een route of tracé ligt. Indien de risicobron op meer dan 200 meter afstand van het plangebied is gelegen, hoeft geen berekening plaats te vinden van de ligging van de plaatsgebonden risicocontouren of de (toename van) de hoogte van het groepsrisico. Een (beperkte) verantwoordingsplicht voor de hoogte van het groepsrisico is aan de orde indien een plangebied zich bevindt binnen het invloedsgebied van een risicobron. Het invloedsgebied wordt bepaald door de ^ letaliteitsafstand van de stofcategorieën die getransporteerd worden. In de HART zijn per stofcategorie en per modaliteit vaste afstanden opgenomen voor de begrenzing van het invloedsgebied. De ligging van het invloedsgebied per modaliteit is in navolgende tabel 1 weergegeven.
5 kraäţen
Tabel I
Invloedsgebied per stofcategorie Stofcategorie
Invloedsgebied ^ letaliteitsafstand (m)
Weg, water LF1
Spoor
Spoor
Weg 45
Water 35
LF2 LT1
C3 D3
35 375
45 730
35 600
LT2 LT3
D4
^.000
880 ^.000
880 n.v.t.
n.v.t. 40
n.v.t. n.v.t.
LT4 GF1
2.3
GF2 GF3
280
65
A
460
GT2 GT3 GT4
355 245
90 n.v.t.
B2 B3
995 ^.000
560 ^.000
1.070 n.v.t.
GT5
B3
^.000
^.000
n.v.t.
Transport over waterwegen Ten aanzien van de veiligheidsrisico's in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het water zijn uitsluitend waterwegen van belang waar vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. Op grond van de bovenstaande tabel is het maximale invloedsgebied voor transport van gevaarlijke stoffen over water 1.070 meter. Binnen deze afstand bevinden zich geen waterwegen waarover het transport van gevaarlijke stoffen is toegestaan. Het transport van gevaarlijke stoffen over water vormt geen belemmering voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde.
2.4
Transport over wegen Ten aanzien van de veiligheidsrisico's in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg zijn uitsluitend de transportassen van belang waar structureel vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. In beginsel zijn dit A- en N-wegen, binnen een straal van 4 km rondom het plangebied. Mogelijk relevant voor de planontwikkeling, binnen een straal van 4 km, zijn de volgende wegen: - A58 - A2 - A50 De ligging van het plangebied ten opzichte van deze wegen is weergegeven in afbeelding 2.
6 kraäţen
Achtse Barrier
Afbeelding 2
Ligging plangebied ļrode prikkerj ten opzichte van wegen (bron: Signaleringskaartļ
A58 Op circa 2,7 km ten zuiden van het plangebied bevindt zich de rijksweg A58 (wegvak B141). Deze weg is opgenomen in Basisnet. Uit Bijlage I Tabel Basisnet weg van de Regeling basisnet volgt dat voor deze weg ter hoogte van het plangebied een PR10-6-risicocontour van 18 meter en een PAG1 aanwezig is. Gelet op de ruimtelijke scheiding is plaatsgebonden risico en het PAG van deze weg geen aandachtspunt voor de planvorming. Aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze rijksweg is gelegen, hoeft de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico niet te worden berekend. Uit de jaarintensiteiten van Rijkswaterstaat (juni 201 9) blijkt dat over de A58, ter hoogte van het plangebied, LF1, LF2, LT1, LT2, GF1, GF2, GF3, GT3 en GT4-stoffen worden getransporteerd. Het plangebied ligt overeenkomstig tabel 1 binnen het invloedsgebied van deze weg. De risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over deze weg (toxisch scenario) moeten worden meegenomen in een beperkte verantwoording van het groepsrisico. A2 Op circa 1,1 km ten oosten van het plangebied bevindt zich de rijksweg A2 (wegvak B62). Deze weg is opgenomen in Basisnet. Uit Bijlage I Tabel Basisnet weg van de Regeling basisnet volgt dat voor deze weg ter hoogte van het plangebied geen PR10-6-risicocontour en geen PAG aanwezig is.
Het plaatsgebonden risico en het PAG vormen geen aandachtspunt voor de planvorming. Aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze rijksweg is gelegen, hoeft de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico niet te worden berekend. Uit de jaarintensiteiten van Rijkswaterstaat (juni 201 9) blijkt dat over de A2, ter hoogte van het plangebied, LF1, LF2, LT1, LT2, GF3 en GT3-stoffen worden getransporteerd. Het plangebied ligt overeenkomstig tabel 1 niet
1 Het plasbrandaandachtsgebied is een gebied als bedoeld in het Besluit transportroutes externe veiligheid. Dit is een gebied van 30 m parallel aan weerszijden van bepaalde transportroutes waarover grote hoeveelheden zeer brandbare vloeistoffen worden vervoerd
7 kraäţen
binnen het invloedsgebied van deze weg. De risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over deze weg vormen geen aandachtspunt voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde. A50 Op circa 3 kilometer van het plangebied in zuidoostelijke richting bevindt zich de rijksweg A50 (wegvak B7). Deze weg is opgenomen in Basisnet. Uit Bijlage I Tabel Basisnet weg van de Regeling basisnet volgt dat voor deze weg ter hoogte van het plangebied geen PR10-6-risicocontour en geen PAG aanwezig is. Het plaatsgebonden risico en het PAG vormen geen aandachtspunt voor de planvorming. Aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze rijksweg is gelegen, hoeft de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico niet te worden berekend. Uit de jaarintensiteiten van Rijkswaterstaat (juni 201 9) blijkt dat over de A50, ter hoogte van het plangebied, LF1, LF2, LT1, LT2, GF2, GF3 en GT3-stoffen worden getransporteerd. Het plangebied ligt overeenkomstig tabel 1 niet binnen het invloedsgebied van deze weg. De risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over deze weg vormen geen aandachtspunt voor de planvorming. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde.
2.5
Transport over het spoor Ook ten aanzien van de veiligheidsrisico's in het plangebied als gevolg van het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor zijn uitsluitend spoorwegen van belang waar vervoer van gevaarlijke stoffen in bulkvervoer is toegestaan. Op een afstand van 30 meter vanaf de beoogde rooilijn van de woningen binnen het plangebied bevindt zich de spoorlijn Boxtel - Eindhoven (route 12). Deze spoorlijn is opgenomen in het Basisnet Spoor. Afbeelding 3 geeft de ligging van het plangebied ten opzichte van de genoemde spoorlijn.
ćä S?
ŕv|“
Afbeelding 3
ľm
Ligging plangebied ten opzichte van spoorlijn (bron: Signaleringskaartj
8 kraäţen
Gelet op de ruimtelijke scheiding is het plaatsgebonden risico en het PAG geen aandachtspunt voor het plan. Aangezien het plangebied is gelegen binnen een afstand van 200 meter van het spoor dient het groepsrisico middels een RBM II-berekening kwantitatief bepaald te worden. Uit bijlage II Tabel Basisnet spoor van de regeling basisnet volgt dat over deze spoorlijn, ter hoogte van het plangebied A, B2, C3 en D3-stoffen worden getransporteerd. De risico's als gevolg van transport van gevaarlijke stoffen over het spoor (BLEVE, toxisch en plasbrandscenario) moeten worden meegenomen in een verantwoording van het groepsrisico.
9 kraäţen
3
BUISLEIDING
3.1
Inleiding Bij de realisatie van (beperkt) kwetsbare objecten dient tevens rekening te worden gehouden met het vervoer van gevaarlijke stoffen door buisleidingen waarvoor bepaalde aan te houden risicoafstanden gelden. Deze afstanden zijn onder andere afhankelijk van de aard van de stof, de druk waaronder deze wordt getransporteerd, de diepteligging en de diameter en wanddikte van de buisleiding. Ten aanzien van de externe veiligheid gaat het vooral om de risico's in het geval er iets fout gaat met een hogedruk aardgastransportleiding. Maar ook andere buisleidingen kunnen een aandachtsgebied voor externe veiligheid hebben dat tot over het plan reikt. Bepaald dient te worden of eventueel aanwezige buisleidingen consequenties kunnen hebben voor het plangebied.
3.2
Wettelijk kader Per 1 januari 2011 is het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb) in werking getreden. Dit besluit sluit aan bij de risiconormering uit het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi). Dat betekent dat de toetsings- en bebouwingsafstand worden vervangen door een afstand voor het plaatsgebonden risico (PR) en een afstand voor het invloedsgebied van het groepsrisico (GR). Voor het PR geldt dat er binnen de 10-6-risicocontour geen kwetsbare objecten mogen worden gerealiseerd. Voor beperkt kwetsbare objecten geldt deze waarde als een richtwaarde. Voor het GR geldt, indien er objecten binnen het invloedsgebied liggen, een verantwoordingsplicht.
3.3
Inventarisatie lokale buisleidingen Eventuele risico's van buisleidingen zijn pas relevant indien de effecten van een ongeval het plangebied kan overschrijden. Om inzicht te krijgen in de bandbreedte van het invloedsgebied van buisleidingen is het Handboek buisleiding in bestemmingsplannen-Handreiking voor opstellers van bestemmingsplannen (geactualiseerde versie 2016) geraadpleegd, waarin uit tabel 5.1 1%-letaliteitsgrens bij hogedrukaardgastransportleidingen blijkt dat de grootst mogelijke 1%-letaliteitsafstand van een buisleiding 580 meter bedraagt. In de voorliggende situatie zijn geen buisleidingen binnen 580 meter van het plangebied aanwezig. Dit betekent dat het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen geen belemmering vormt voor de planontwikkeling. Een verantwoordingsplicht is dus niet aan de orde.
10 kraäţen
4
EXTERNE VEILIGHEID INRICHTINGEN
4.1
Inleiding Naast het vervoer van gevaarlijke stoffen over transportroutes en door buisleidingen, dient bij de realisatie van het plan rekening te worden gehouden met de opslag en het gebruik van gevaarlijke stoffen bij inrichtingen waarvoor ook aan te houden risicoafstanden gelden. Bepaald dient te worden of eventueel aanwezige risicovolle inrichtingen belemmeringen kunnen vormen voor de planrealisatie.
4.2
Wettelijk kader Voor risicovolle activiteiten en/of risicovolle installaties bij inrichtingen worden ten aanzien van het milieuhygiënische aspect externe veiligheid regels gesteld in het Activiteitenbesluit milieubeheer. In het Activiteitenbesluit milieubeheer wordt aangesloten op de van toepassing zijnde publicatiereeks Gevaarlijke Stoffen (PGS). Daarnaast is een aantal rechtstreeks geldende besluiten van belang waarin te respecteren veiligheidsafstanden en/of risicocontouren zijn opgenomen. Hierbij kan gedacht worden aan het Besluit risico's zware ongevallen (Brzo 2015), het Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi), de Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik en het Vuurwerkbesluit. Voor zover het Bevi, Brzo 2015 en de Circulaire opslag ontplofbare stoffen voor civiel gebruik niet van toepassing zijn, vallen activiteiten met gevaarlijke stoffen onder het Activiteitenbesluit milieubeheer. Indien de drempelwaarden uit bijlage 1 van het Activiteitenbesluit milieubeheer niet wordt overschreden, vallen activiteiten met de opslag van ontplofbare stoffen zoals genoemd in het Vuurwerkbesluit eveneens onder het Activiteitenbesluit milieubeheer. In specifieke gevallen kunnen aanvullende voorschriften zijn opgenomen in een individuele milieuvergunning.
De effecten met betrekking tot externe veiligheid worden uitgedrukt in te respecteren veiligheidsafstanden, plaatsgebonden risico en het groepsrisico.
4.3
Inventarisatie relevante inrichting Met behulp van de signaleringskaart is bepaald of het plangebied binnen de plaatsgebonden risicocontouren, danwel invloedsgebieden van omliggende risicovolle inrichtingen is gelegen. In de uitsnede in navolgende afbeelding is de ligging van relevante inrichtingen in de omgeving van het plangebied weergegeven.
kraäţen
innemingen RRGS
Best Åarle
lOTSEWt^
1 BEVI BRZO LPG ammoniak opslag emplacement ven/oer ontplofbarestoffen defensie vuurwerk nucleair overig
Overige zones n PR10-8 O Invloedsgebied Effectzones BEVI/LPG ! ABC-zones l.î Max. veiligheidsafstanden Afbeelding 4
Ligging inrichtingen ten opzichte van het plan Irode prikkerj (bron: Signaleringskaartj
Uit afbeelding 4 volgt dat het plangebied niet is gelegen binnen een invloedsgebied van een inrichting in de omgeving. Inrichtingen in de omgeving van het plangebied vormen geen belemmering voor de voorgenomen planontwikkeling. Een verantwoordingsplicht is niet aan de orde.
12 kraäţen
5
CONCLUSIE In opdracht van BRO is door Kragten een inventarisatie uitgevoerd van de externe veiligheidsrisico's ten behoeve van de te realiseren woningen aan de Trekzaag te Best. Deze planontwikkeling past niet in het vigerende bestemmingsplan, waardoor het aspect externe veiligheid nader beschouwd moet worden. Transport over het water De planlocatie bevindt zich niet binnen het invloedsgebied van een waterweg of spoorlijn waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over het water en het spoor vormen derhalve geen belemmering voor het plan. Een verantwoording is niet aan de orde. Transport over de weg Voor het plangebied is enkel de rijksweg A58 relevant. Deze weg is opgenomen in Basisnet. Gelet op de ruimtelijke scheiding is plaatsgebonden risico en het PAG van deze weg geen aandachtspunt voor de planvorming. Aangezien het plan op meer dan 200 meter van deze rijksweg is gelegen, hoeft de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico niet te worden berekend. Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van deze weg. Hierdoor dienen de risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen over deze weg (toxisch scenario) meegenomen te worden in een beperkte verantwoording van het groepsrisico.
Transport over het spoor Op een afstand van 30 meter vanaf de beoogde rooilijn van de woningen binnen het plangebied bevindt zich de spoorlijn Boxtel - Eindhoven (route 12). Deze spoorlijn is opgenomen in het Basisnet Spoor. Gelet op de ruimtelijke scheiding is het plaatsgebonden risico en het PAG geen aandachtspunt voor het plan. Aangezien het plangebied is gelegen binnen een afstand van 200 meter van het spoor dient het groepsrisico middels een RBM II-berekening kwantitatief bepaald te worden. De risico's als gevolg van transport van gevaarlijke stoffen over het spoor (BLEVE, toxisch en plasbrandscenario) moeten worden meegenomen in een verantwoording van het groepsrisico. Buisleidingen Het plangebied ligt niet binnen het invloedsgebied van een buisleiding waardoor transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. De risico's als gevolg van het transport van gevaarlijke stoffen door buisleidingen vormen derhalve geen belemmering voor het plan. Een verantwoording is niet aan de orde. Inrichtingen In de omgeving van het plangebied zijn geen risicovolle inrichtingen aanwezig waarvan het invloedsgebied tot over het plangebied reikt. De risico's als gevolg van inrichtingen vormen geen belemmering voor de planontwikkeling. Een verantwoordingsplicht is derhalve niet aan de orde.
13 kraäţen
VfŢ?rtrOİ'-P
EXTERNE VEILIGHEID SPOOR
TREKZAAG TE BEST
Opdrachtgever: Projectnr:
BRO BRO119
Datum:
31 januari 2022
krćy | ten kraäţen
EXTERNE VEILIGHEID SPOOR TREKZAAG TE BEST
Opdrachtgever: Projectnr:
BRO BRO119
Rapportnr: Status: Datum:
20220131-BRO119-RAP-RBM 1.0 Definitief 31 januari 2022
Opsteller: RvH Verificatie: T 088 - 33 66 333 F 088 - 33 66 099 E info@kragten.nl
PC Validatie: PC
ISO 9001 ISO 14001 BUREAU VERITAS J 828.
© 2022 Kragten Niets uit dit rapport mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke andere wijze dan ook zonder voorafgaande toestemming van Kragten. Het is tevens verboden informatie en kennis verwerkt in dit rapport ter beschikking te stellen aan
krakten
derden of op andere wijze toe te passen dan waaraan in de overeenkomst toestemming wordt verleend.
krąjlţcn
INHOUDSOPGAVE 1
INLEIDING. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 4
2
WETTELIJK KADER. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 6
2.1 2.2
Inleiding..................................................................................................................................... 6 Wettelijk kader.............................................................................................................................. 6
3
EXTERNE VEILIGHEID SPOOR. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 8
3.1 3.2 3.2.1 3.2.2
Transport gevaarlijke stoffen................................................................................................................ 8 Bepalen risicoafstanden..................................................................................................................... 8 Plaatsgebonden risicocontour/veiligheidsafstand.......................................................................................... 8 Groepsrisico-inventarisatieafstand.......................................................................................................... 8
4
BEPALING HOOGTE GROEPSRISICO SPOOR. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 10
4.1 4.1.1 4.1.2 4.2 4.2.1 4.2.2
Modellering van de bevolking............................................................................................................. 10 Basisinformatie personendichtheid........................................................................................................ 10 Personendichtheid plangebied............................................................................................................. 10 Hoogte van het groepsrisico.............................................................................................................. 10 Huidige situatie............................................................................................................................ 10 Beoogde situatie........................................................................................................................... 12
5
CONCLUSIE. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 13
BIJLAGEN BI
BEREKENING RBM II-EV HUIDIGE SITUATIE
B2
BEREKENING RBM II - EV BEOOGDE SITUATIE
3 kraäţen
1
INLEIDING In opdracht van BRO is door Kragten een onderzoek uitgevoerd naar de externe veiligheidsrisico's van het transport van gevaarlijke stoffen over het spoor ten behoeve van de realisering van drie woningen aan de Trekzaag te Best. Het plan past niet binnen de vigerende bestemming, waardoor een ruimtelijke procedure doorlopen dient te worden. De globale ligging van de planlocatie is weergegeven in afbeelding 1.
V\f
\ ļ, w
ALptMi 'ÿ
pi* * \
\ ţŭ
f, ^^
y \* Afbeelding 1
____ Zĩc_____ Ľ—
Ligging plangebied (bron: www.pdok.nlj
Het plangebied is gelegen in de nabijheid van een spoorlijn waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Onderzocht is of deze spoorlijn (Route 12: Boxtel - Eindhoven) een belemmering vormt voor het plangebied. Tevens is bepaald welke effecten het plan heeft op de hoogte van het groepsrisico van de betreffende spoorlijn. De berekeningen hebben overeenkomstig de voorschriften plaatsgevonden met het rekenprogramma RBM II. In afbeelding 2 is de globale ligging van het plangebied en de spoorlijn weergegeven.
4 kraäţen
Afbeelding 2
Ligging plan ten opzichte van spoorlijn Boxtel - Eindhoven (bron: signaleringskaartj
Aangezien het plangebied grenst aan een spoorlijn waarover structureel transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt, dient de invloed van het plan op de hoogte van het groepsrisico kwantitatief inzichtelijk gemaakt te worden. Onderstaande afbeelding geeft de plantekening.
Afbeelding 3
Plantekening
5 kraäţen
2
WETTELIJK KADER
2.1
Inleiding Eén van de aandachtspunten bij het ontwikkelen van een plan waar mensen verblijven, zoals de voorgenomen ontwikkeling, zijn de externe veiligheidsrisico's vanwege het transport van gevaarlijke stoffen over het spoor. Bepaald dient te worden of het vervoer van gevaarlijke stoffen consequenties kan hebben voor de gewenste ontwikkeling.
2.2
Wettelijk kader De regelgeving rond de risico's van het transport van gevaarlijke stoffen volgt per 1 april 2015 uit de gewijzigde Wet vervoer gevaarlijke stoffen (Wvgs) (Stb. 201 3, nr. 307). De Wet vervoer gevaarlijke stoffen vervangt de nota en de circulaire Risiconormering vervoer gevaarlijke stoffen (Rnvgs). In de Wet vervoer gevaarlijke stoffen en het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) worden normwaarden gegeven voor twee verschillende typen risico's: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. In het Basisnet is de maximale omvang voor de verschillende transportmodaliteiten vastgelegd. Het Basisnet is een landelijk aangewezen netwerk voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. Binnen bepaalde grenzen wordt dit vervoer over weg, binnenwater en spoor gegarandeerd. Het Basisnet heeft betrekking op de Rijksinfrastructuur: hoofdwegen (snelwegen), hoofdwaterwegen (binnenwateren) en hoofdspoorwegen. In de Regeling basisnet is opgenomen waar risicoplafonds liggen langs transportroutes en welke regels er gelden voor ruimtelijke ontwikkeling. In de Handleiding Risicoanalyse Transport (HART) is vastgelegd hoe de risico's van transport van gevaarlijke stoffen berekend en geanalyseerd moeten worden.
Overeenkomstig het Bevt (artikel 8, lid 1) en de HART (paragraaf 2.1) hoeven geen beperkingen aan het ruimtegebruik van een plan te worden gesteld in het gebied dat op meer dan 200 meter van een route of tracé ligt. Indien de risicobron op minder dan 200 meter afstand van het plangebied is gelegen, dient een berekening plaats te vinden van de ligging van de plaatsgebonden risicocontouren of de (toename van de) hoogte van het groepsrisico. Risiconormen Het begrip risico wordt in beeld gebracht door middel van twee begrippen: het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR is de kans per jaar dat een persoon die onafgebroken en onbeschermd op een plaats langs een transportroute verblijft, komt te overlijden als gevolg van een incident met het vervoer van gevaarlijke stoffen. De hoogte van het GR representeert de kans per jaar per kilometer transportroute dat een groep van 10 of meer personen in de omgeving van de transportroute in één keer het dodelijk slachtoffer wordt van een ongeval op die transportroute.
6 kraäţen
Verantwoordingsplicht Conform het Bevt is een (beperkte) verantwoording aan de orde indien een plangebied zich binnen het invloedsgebied van een risicobron bevindt. Het invloedsgebied wordt bepaald door de 1 % letaliteitsafstand van de stofcategorieën die getransporteerd worden. In de HART zijn per stofcategorie en per modaliteit vaste afstanden opgenomen voor de begrenzing van het invloedsgebied. In de tabel zijn deze afstanden, voor de modaliteit spoor, weergegeven. Tabel I
Invloedsgebied per stofcategorie voor de modaliteit spoor
Stofcategorie
Invloedsgebied 1%-letaliteitsafstand (m)
A
460
B2
995
B3
M.000
C3
35
D3
375
D4
M.000
7 kraäţen
3
EXTERNE VEILIGHEID SPOOR
3.1
Transport gevaarlijke stoffen Ten aanzien van de veiligheidsrisico's is het spoor uitsluitend van belang indien hierover gevaarlijke stoffen in bulktransport worden getransporteerd. Uit bijlage II Tabel Basisnet Spoor, zoals opgenomen in de Regeling basisnet, blijkt dat dergelijke transporten structureel plaatsvinden over het nabijgelegen traject Roosendaal Oost Breda aansl. (route 12E^m 12G). In tabel 3 zijn de vervoershoeveelheden per stofcategorie opgenomen. Tabel 2
Vervoershoeveelheden gevaarlijke stoffen WKBV*
Categorie Spoorlijn Boxtel - Eindhoven (Route 1 2)
A
B2
C3
D3
3.650
2.300
4.600
3.750
A
B2
0
0
* Warme/Koude BLEVE verhouding
Naast de vervoershoeveelheden is bij het spoorvervoer ook de Warme/Koude BLEVE1 verhouding (hierna: wkbv) in de samengestelde trein bepalend voor het risico. Zowel brandbare (categorie A) als toxische (categorie B2) gassen dragen bij aan de wkbv-waarden. Tussen het Rijk en het bedrijfsleven (vervoerders, terminaloperators en de chemische industrie) zijn afspraken gemaakt om treinen zo veel mogelijk 'warme BLEVE-vrij' samen te stellen. Dat houdt in dat in dezelfde trein wagens met brandbare gassen (categorie A) zich niet direct voor of achter wagens met zeer brandbare vloeistoffen mogen bevinden. Die afspraken zijn verwerkt in wkbv-waarden per traject. Het groepsrisico dient te worden berekend op basis van de referentiehoeveelheden en de vastgelegde wkbv-waarden. De wkbv-waarden voor de spoortrajecten zijn in tabel 2 genoemd.
3.2
Bepalen risicoafstanden
3.2.1
Plaatsgebonden risicocontour/veiligheidsafstand In het kader van het plaatsgebonden risico is de contour waarbinnen geen kwetsbare objecten mogen worden opgericht de 10-6-contour. Binnen deze contour is het ontwikkelen van beperkt kwetsbare objecten alleen onder bepaalde voorwaarden mogelijk. Voor omgevingsbesluiten die ruimtelijke ontwikkelingen mogelijk maken langs doorgaande routes van spoorwegen die deel uitmaken van het Basisnet spoor kan de berekening van het plaatsgebonden risico achterwege blijven. Voor deze spoorlijnen gelden namelijk de veiligheidsafstanden die in de Regeling basisnet zijn opgenomen; uit bijlage II van de Regeling basisnet blijkt dat voor dit spoortraject sprake is van een PR 10-6 contour van 1 meter en een PAG2. Gezien de afstand van de beoogde rooilijn binnen het plangebied tot de spoorlijn (30 meter) vormen deze aspecten geen belemmering voor het plan.
3.2.2
Groepsrisico-inventarisatieafstand Voor de berekening van de hoogte van het groepsrisico is inzicht benodigd in de personendichtheid binnen het invloedsgebied van de transportas voor gevaarlijke stoffen. De groepsrisico-inventarisatieafstand is de afstand tussen de spoorlijn en de grens van het invloedsgebied.
1 2
boiling liquid expanding vapour explosion, oftewel kokende vloeistof-gasexpansie-explosie Het plasbrandaandachtsgebied is een gebied als bedoeld in het Besluit transportroutes externe veiligheid. Dit is een gebied van 30 m parallel aan weerszijden van bepaalde transportroutes waarover grote hoeveelheden zeer brandbare vloeistoffen worden vervoerd
8 kraäţen
Onder het invloedsgebied wordt verstaan: het gebied waar dodelijke slachtoffers kunnen vallen als gevolg van een ongeluk met een gevaarlijke stof. Dit gebied wordt bepaald door de berekening van het grootst mogelijke ongeval waar nog bij ^ van de blootgestelde personen dodelijk letsel optreedt (^ letaliteitsgrens). Binnen dit gebied worden de personen meegeteld voor de hoogte van het groepsrisico. De berekening wordt uitgevoerd met het rekenprogramma RBM II. RBM II (versie 2.3) betreft een gestandaardiseerde rekenmethodiek voor het berekenen van risico's van vervoer van gevaarlijke stoffen voor de omgeving. In de Handreiking Risicoanalyse Transport (HART) zijn per stofcategorie en per modaliteit vaste afstanden opgenomen voor de begrenzing van het invloedsgebied (zie tabel 1). Op basis van de vervoersgegevens blijkt dat over het spoor brandbare en toxische stoffen worden vervoerd. De toxische stoffen bepalen de begrenzing van het invloedsgebied. Uit tabel 1 volgt dat de grens van het invloedsgebied, als gevolg van het transport van B2, 995 meter bedraagt. De personen binnen dit gebied worden meegeteld voor de hoogte van het groepsrisico. Binnen de primaire zone groepsrisico dient een gedetailleerde beschouwing van de bevolking plaats te vinden op basis van populatiegegevens.
Voor de modaliteit spoor wordt de primaire zone groepsrisico bepaald door de groepsrisicobepalende stof GF3 (brandbaar gas, cat. A). Uit tabel 4-2 in de HART blijkt dat hiervoor een afstand van 460 meter is bepaald. Buiten deze contour, maar binnen het invloedsgebied, kan een meer globale beschouwing plaatsvinden.
9 kraäţen
4
BEPALING HOOGTE GROEPSRISICO SPOOR
4.1
Modellering van de bevolking De hoogte van het groepsrisico dient te worden bepaald binnen het invloedsgebied van de transportroute. In de HART is in hoofdstuk 4 beschreven hoe de modellering van de risico's dient plaats te vinden. Hierbij is onder andere aangegeven hoe de bevolking moet worden geïnventariseerd. In de voorliggende situatie is het noodzakelijk om de populatie in de zone tot 995 meter te beschouwen.
4.1.1
Basisinformatie personendichtheid De modellering van de bevolking is gebaseerd op de populatieservice. De populatieservice levert populatiebestanden voor groepsrisicoberekeningen met o.a. RBMII. Het doel van de populatieservice is het beschikbaar stellen van informatie over personendichtheden geschikt voor de bepaling/berekening van het groepsrisico van een inrichting, transportroute of buisleiding vallend onder Bevi, Bevt of Bevb. De populatieservice is gebaseerd op de Basisadministratie Adressen en Gebouwen (BAG). De BAG bevat alle benodigde gegevens ten aanzien van gebouwgebonden activiteiten. Het bronbestand is gecontroleerd en waar nodig aangepast.
4.1.2
Personendichtheid plangebied In de huidige situatie zijn geen woningen binnen het plangebied aanwezig. Om die reden wordt voor de huidige situatie geen rekening met personen binnen het plangebied gehouden. Voor de populatie binnen het plangebied in de beoogde situatie (realisatie 3 woningen) wordt, conform de Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico, uitgegaan van een bezettingsgraad van 2,4 personen per woning met een aanwezigheidspercentage van 50% in de dag- en 100% in de nachtperiode. Dat betekent dat de populatie binnen het plangebied toeneemt met 3,6 personen in de dagperiode en 7,2 in de nachtperiode.
4.2
Hoogte van het groepsrisico Ten behoeve van de ontwikkeling van het plan is zowel voor de huidige als voor de beoogde situatie het groepsrisico berekend. Deze berekeningen zijn opgenomen in bijlagen B1 en B2.
4.2.1
Huidige situatie Onderstaande grafiek toont het groepsrisico in de huidige situatie. De drie gekleurde gebieden in de grafiek zijn roze (groter dan de oriëntatiewaarde), geel (minder dan de oriëntatiewaarde, maar groter dan 0,1 keer de oriëntatiewaarde) en groen (minder dan 0,1 keer de oriëntatiewaarde).
10 kraäţen
F---'
Afbeelding 4
F
fN-curve berekend groepsrisico, huidige situatie
Uit afbeelding 4 blijkt dat in deze situatie het groepsrisico niet wordt overschreden. In bijlage I is de volledige rapportage van de rekenresultaten voor de huidige situatie opgenomen. Het hoogste groepsrisico ligt ten oosten van het plangebied (zie gele cirkel in onderstaande afbeelding). Legenda 0 0 Locatie(s) met het hoogste groepsrisico
Ä. 3 @ Hoogste groepsrisico per km
«o ^- ļ,
B 0 Hoog groepsrisico
0 hoogste oog groepsrisico
B 0 Laag groepsrisico
0 ''
planlocatie
w*
pűjŕv*
- 1 véé'İ
4
A:j įr U,'** * » \« d.Wľiŕ'.ľ.ule•ufc*''
Afbeelding 5
A S
^1
*
Locatie hoogste groepsrisico
kraäţen
4.2.2
Beoogde situatie De berekende fN-curve van het groepsrisico in de beoogde situatie is in onderstaande afbeelding weergegeven.
' (234 : 2, IE-008}
Afbeelding 6
624 (624: 1,2E-009)
fN-curve berekend groepsrisico, beoogde situatie
De belangrijkste kenmerken van de fN-curves zijn onderstaand samenvattend weergegeven. Tabel 3
Samenvatting kenmerken fN-curves
Situatie
Normwaarde*
Aantal slachtoffers
Frequentie
Spoor - huidig
0,001 17/jaar
234
2,1 x 10-8 Z
jaar
Spoor- beoogd
0,001 17/jaar
234
2,1 x 10-8
Z
jaar
*
Normwaarde: de maximale waarde van het groepsrisico ten opzichte van de oriëntatiewaarde. De maximale waarde wordt berekend als het product van de frequentie met het kwadraat van het aantal slachtoffers. Een normwaarde > 0,01 betekent een overschrijding van de oriëntatiewaarde.
Uit de resultaten blijkt dat zowel vóór als na planrealisatie het groepsrisico minder dan de oriëntatiewaarde bedraagt. De voorgenomen planontwikkeling is niet van invloed op de hoogte van het groepsrisico. De locatie met het hoogste groepsrisico ligt dan ook op dezelfde locatie als in de huidige situatie (afbeelding 5). Aangezien het groepsrisico rekenkundig niet toeneemt, dient de hoogte van het groepsrisico, overeenkomstig artikel 8 van het Besluit externe veiligheid transportroutes en het gemeentelijk uitvoeringsbeleid, beperkt verantwoord te worden.
12 kraäţen
5
CONCLUSIE In opdracht van BRO is door Kragten een onderzoek uitgevoerd naar de externe veiligheidsrisico's van het transport van gevaarlijke stoffen over het spoor ten behoeve van de realisering van drie woningen aan de Trekzaag te Best. Het plan past niet binnen de vigerende bestemming, waardoor een ruimtelijke procedure doorlopen dient te worden. Voor de spoorlijn Boxtel - Eindhoven (route 12) is sprake van een PR 10-6-contour van 1 meter en een PAG. Gezien de afstand van de beoogde rooilijn binnen het plangebied tot de spoorlijn (30 meter) vormen deze aspecten geen belemmering voor het plan. Naast het plaatsgebonden risico is de hoogte van het groepsrisico een aandachtspunt bij de planvorming. Als gevolg van de planontwikkeling vindt een marginale verhoging van de personendichtheid plaats. Het groepsrisico neemt niet toe door planrealisatie en bedraagt minder dan de oriëntatiewaarde. De voorgenomen planontwikkeling is niet van invloed op de hoogte van het groepsrisico. De hoogte van het groepsrisico dient, overeenkomstig artikel 8 van het Besluit externe veiligheid transportroutes en het gemeentelijk uitvoeringsbeleid, beperkt verantwoord te worden.
13 kraäţen
BIJLAGEN
B1-1 kraäţen
B1 BEREKENING RBM II - EV HUIDIGE SITUATIE
B1-2 krajîţen
Rapportage T rekzaag Best - huidige situatie
Versie: 2.3.0 Build: 535 Releasedatum: 14-11-2013 Datum: 28-1-2022, tijd: 9:53:51
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
2
1 Projectgegevens
1.1 Samenvatting Eigenschap
Waarde
Eenheid
Projectnaam Omschrijvng Modaliteit Weerfile Totale lengte van de route
Trekzaag Best - huidige situatie Trekzaag Best - huidige situatie Spoor Eindhoven 2222
m
Berekend Gemiddelde afstand tot de contouren
Groepsrisico's
Contour
Afstand
1/j
m
10-5
Niet aanwezig
10-6
Niet aanwezig
10-7 10-8 OpperVak onder de contouren
Niet aanwezig Niet aanwezig
Contour
Oppervlak
1/j
m2
10-5
Niet aanwezig
10-6
Niet aanwezig
10-7 10-8
Niet aanwezig Niet aanwezig
1.2 Versies Onderdeel
Versie
Datum
RBM_II.exe Parameters Weer Scenariobestand Stoffenbestand Helpbestand Systeemdatum
2.3.0 Build: 535 1.3. 1.0 nvt Niet ingevuld 2.2 -
14/11/2013 14/11/2013 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 24-8-2012 28-1-2022
Punt
X-waarde
Y-Waarde
Linksonder
153300
389400
1.3 Werkgebied
rbmI Project: Trekzaag Best - huidige situatie
3
Rechtsboven
157350
393450
1.4 Algemene gegegevens Eigenschap
Waarde
Projectnaam
Trekzaag Best - huidige situatie
Omschrijvng Extra informatie Projectcode Datum afronding Uitgevoerd door
Trekzaag Best Geen informatie BRO119 Niet ingevuld
Analist
Niet ingevuld
Telefoon
Niet ingevuld
E-mail Bedrijf
Niet ingevuld Nietingevuld
Postadres Postcode Plaats In opdracht van
Nietingevuld Nietingevuld Nietingevuld
Naam
Nietingevuld
Telefoon E-mail Organisatie contactpersoon Postadres Postcode Plaats
Nietingevuld Nietingevuld Nietingevuld Nietingevuld Nietingevuld Nietingevuld
1.4.1 Weer: Eindhoven Eigenschap
Waarde
Eenheid
Weerstation Specificaties Aantal windrichtingen Aantal weers klassen Begin van de dag (hh:mm) Begin van de nacht (hh:mm)
Eindhoven CPR 18E pag. 4.27 12 6 08:00 18:30
Meteo gegevens Meteo gegevens Weerstabili
B
D
D
D
E
F
Windsnelh
m/s
3,0
1,5
5,0
9,0
5,0
1,5
6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6
o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o
1,800 2,300 2,900 2,400 1,900 1,600 1,400 1,600 1,700 1,200 1,100 1,200
1,000 1,300 0,900 0,800 0,800 1,100 1,200 1,400 1,500 1,300 0,900 0,900
1,900 1,900 2,100 1,600 1,600 1,400 2,400 3,800 4,900 3,500 2,400 2,100
1,400 1,000 1,800 1,500 1,100 0,600 2,100 6,300 9,200 5,800 3,200 2,300
0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000
0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000
rbmI Project: Trekzaag Best - huidige situatie
4
Meteo gegevens Weerstabili
B
D
D
D
E
F
Windsnelh
m/s
3,0
1,5
5,0
9,0
5,0
1,5
6:0 0:1 1:1 1:2 2:2 2:3 3:3 3:4 4:4 4:5 5:5 5:6
o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o o/o
0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000 0,000
0,800 1,400 1,100 0,800 1,300 1,500 1,800 1,900 1,800 1,500 1,100 0,900
1,000 1,400 2,000 1,500 1,600 1,700 2,600 4,100 4,400 2,500 1,400 1,100
0,400 0,600 1,000 1,000 0,800 0,600 1,800 5,100 6,300 2,800 1,000 0,600
0,600 0,900 1,500 1,200 1,000 0,800 0,900 1,300 1,200 0,800 0,500 0,400
1,800 2,700 2,900 1,800 2,400 2,500 2,500 2,400 1,800 1,700 1,400 1,700
2 Situatie plot + PR-contouren
4'^ ama
1H '
«įŵJÌÉ
ï'- ã
i ' ',-
3*
ľSk 'Hfc 4S
ŕ" **E A. - 'l-
ľl,
,
~
, v,
^'EEİIİľ. :.Ai.. si
.O? ÉM*® SS*0Sfc
äūàM “ ĈW1
MBS
»p V'fcŵ r“—’ —ssssU-ŕ' ’ ŴįVļÄ -Z íÿ ’vl*»-
ríSř-^Ä
rbmI Project: Trekzaag Best - huidige situatie
5
Figuur 1
3 Groepsrisico's
3.1 Groepsrisicocurve
Oriëntatiewaarde
■Groepsrisico’
loogste groepsrisico per km. Deelroute 1, 675-1673
3.1.1 Kenmerken van het berekende groepsrisico
Eigenschap
Waarde
Naam GR-curve Normwaarde (N:F) Max. N (N:F) Max. F (N:F) Naam GR-curve Normwaarde (N:F) Max. N (N:F)
Groepsrisico van de totale route. 0,00162 (160 : 6,3E-008) 624 (624 : 1,3E-009) 3,7E-007 (11 : 3,7E-007) Hoogste groepsrisico per km. Deelroute 1,675-1673 0,00117 (234 : 2,1E-008) 624 (624 : 1,2E-009)
Max. F (N:F)
1,9E-007 (11 : 1,9E-007)
4 Route en transportgegevens
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
6
4.1 Spoorroute: Spoor Eigenschap
Waarde
Unit
Omschrijving
Spoor12AO
Type spoorwegtraject Breedte
Hoge snelheid 9
Frequentie (1/vtg.km)
6,072E-008
m
Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Niet waar Coordinaten X (rdm)
Y (rdm)
m
m
153930,00 154725,00
393295,00 391922,00
Transport van voorgaand traject
Niet waar
Transport Stof
A (brandbare gassen) B2 (giftige gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen)
Aantal transp.
Transp. middel
Transp. overdag Transp. werkweek
Aantal C3 wagons
1/jaar
o/o
3650
SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33 trein) SKW vloeistof 33
71,4
0
71,4
0
71,4
NVT
SKW zeer giftige vloeistof
71,4
NVT
2300 4600
3750
33
o/o
Wissels
Ja
Lengte
501
m
Eigenschap
Waarde
Unit
Omschrijving
Spoor12AP
Type spoorwegtraject
Hoge snelheid
4.2 Spoorroute: SpooK^
Breedte 9 Frequentie (1/vtg.km) 2,772E-008 Beginpunt is eindpunt voorgaand traject Waar Coordinaten X (rdm)
Y (rdm)
m
m
154725,00 156826,00
391922,00 388251,00
Transport van voorgaand traject
Waar
m
Transport Stof
A (brandbare gassen) B2 (giftige
Aantal transp.
Transp. middel
Transp. overdag Transp. werkweek
1/jaar
o/o
3650
SKW druk 33 (bonte trein) SKW druk (bont 33
2300
Aantal C3 wagons
o/o 71,4
0
71,4
0
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
gassen) C3 (zeer brandbare vloeistoffen) D3 (giftige vloeistoffen)
4600
3750
7
trein) SKW vloeistof
SKW zeer giftige vloeistof
33
71,4
NVT
33
71,4
NVT
Wssels
Nee
Lengte
1721
m
Waarde
Eenheid
5 Standaard bebouwing
5.1 0753100000000211-wonend Eigenschap Naam
0753100000000211._wonend
Omschrijving Type bebouwing Aantal mensen Dag
wonen Woonbebouwing
Nacht
285,1
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
Oppervlak Com plexteit bouwvlak Herkomst data
862,951 Ok NBB
m2
Eigenschap
Waarde
Eenheid
Naam
0753100000002032._wonend
Omschrijving Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
1/ha 142,6
--
5.2 0753100000002032-Wonend
1/ha 280,2 560,3
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
Oppervlak Com plexteit bouwvlak Herkomst data
513,982 Ok NBB
--
m2
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
8
5.3 0753100000002033-wonend Eigenschap
Waarde
Naam
0753100000002033_wonend
Omschrijvng Type bebouwing
wonen Woonbebouwing
Aantal mensen Dag Nacht
Eenheid
1/ha 158 315,9 --
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak
593,744
Com plexteit bouwVak Herkomst data
Ok NBB
m2
5.4 0753100000002034-Wonend Eigenschap
Waarde
Naam
0753100000002034_wonend
Omschrijvng Type bebouwing
wonen Woonbebouwing
Aantal mensen Dag Nacht
156 311,9
Eenheid
1/ha
--
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak Com plexteit bouwVak Herkomst data
601,386 Ok NBB
m2
Eigenschap
Waarde
Eenheid
Naam
0753100000002063_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
5.5 0753100000002063-Wonend
1/ha 59,78 119,6 --
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak Com plexiteit bouwvlak Herkomst data
2876,55 Ok NBB
m2
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
9
5.6 0753100000002071-wonend Eigenschap
Waarde
Naam
075310000000207^wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
Eenheid
1/ha 147,3 294,6 --
Fractie buitenshuis Dag
0,07
Nacht
0,01
OpperVak Com plexteit bouwVak Herkomst data
1844,62 Ok NBB
m2
Waarde
Eenheid
5.7 0753100000002072-Wonend Eigenschap Naam
0753100000002072_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen
Fractie buitenshuis Dag Nacht
Woonbebouwing 1/ha 268,4 536,9 -0,07 0,01
OpperVak
1000,88
Com plexteit bouwVak Herkomst data
Ok NBB
m2
5.8 0753100000002073-Wonend Eigenschap
Waarde
Naam
0753100000002073_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
Eenheid
1/ha 93,58 187,2 --
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak Com plexteit bouwVak Herkomst data
1921,1 Ok NBB
m2
rbmII Project: Trekzaag Best - huidige situatie
10
5.9 0753100000002077-wonend Eigenschap
Waarde
Naam
0753100000002077_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
Eenheid
1/ha 68,41 136,8 --
Fractie buitenshuis Dag
0,07
Nacht
0,01
OpperVak Com plexteit bouwVak Herkomst data
1028,34 Ok NBB
m2
Waarde
Eenheid
5.10 0753100000002747-Wonend Eigenschap Naam
0753100000002747_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing 1/ha 145,3 290,7 --
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak
979,379
Com plexteit bouwVak Herkomst data
Ok NBB
m2
5.11 0753100000002762-Wonend Eigenschap
Waarde
Naam
0753100000002762_wonend
Omschrijvng Type bebouwing Aantal mensen Dag Nacht
wonen Woonbebouwing
Eenheid
1/ha 104,9 209,7 --
Fractie buitenshuis Dag Nacht
0,07 0,01
OpperVak Com plexteit bouwVak Herkomst data
819,905 Ok NBB
m2