23005.4 - Bijlage 2 - Regels BP Oirschotseweg ong. (nabij 96, 98)
Tekst van het document
f.
het opslaan, opgeslagen houden, storten of lozen van vaste of vloeibare afvalstoffen behoudens voor zover zulks noodzakelijk is in verband met het op de bestemming gerichte gebruik van de grond.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
36
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Artikel 10 Algemene aanduidingsregels 10.1
Cultuurhistorische waarden
10.1.1 Sloopverbod van cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en bouwwerken en bomen Het is verbonden om een gebouw, bouwwerken geen gebouw zijnde of een boom ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' geheel te slopen respectievelijk te kappen.
10.1.2 Omgevingsvergunning voor het gedeeltelijk slopen van cultuurhistorisch waardevolle gebouwen en bouwwerken en bomen a
Sloopvergunningplichtige activiteiten
Het is verboden om op de gronden met de functieaanduiding 'cultuurhistorische waarde' zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een gebouw, bouwwerk geen gebouw zijnde of een boom gedeeltelijk te slopen respectievelijk te kappen.
b
Uitzonderingen vergunningplicht
Het in a vervatte verbod geldt niet voor sloopwerkzaamheden: 1.
waarvoor
2.
omgevingsvergunning om te slopen is verleend; die het normale onderhoud betreffen;
3.
die reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan.
c
ten
tijde
van
het
van
kracht
worden
van
het
bestemmingsplan
een
Criteria voor omgevingsvergunning om te slopen
De in a genoemde vergunning kan slechts worden verleend: 1.
2.
indien uit een cultuur-ŵouwhistorisch projectonderzoek blijkt, dat de cultuurhistorische waarden niet op onaanvaardbare wijze worden verstoord, c.q. worden behouden, versterkt en/of ontwikkeld; indien uit een onderzoek als genoemd onder sub a blijkt dat de aanwezige waarden worden verstoord dan wel vernietigd wordt gemotiveerd hoe men vanuit die waarden nieuwe ontwikkelingen realiseert die binnen de karakteristiek als gebleken uit het cultuurhistorische
3.
basisonderzoek passen; indien de instandhouding geen bijdrage meer levert aan de cultuurhistorische waarde van het object en de omgeving.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
37
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
10.2 Luchtvaartverkeerszone - ils Al dan niet in afwijking van het elders in de planregels bepaalde, geldt ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'luchtvaartverkeerzone - ils' ten behoeve van het nauwkeuriger uitvoeren van naderingen door vliegverkeer rondom de start- en landingsbaan een bouwverbod voor gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, indien deze een bouwhoogte kennen, die de aangeven waarde (uitgedrukt in meters boven NAP), overschrijdt. Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van een hogere bouwhoogte, onder de voorwaarde dat de werking van de ILS niet in onaanvaardbare mate negatief wordt beïnvloed. Hiertoe dienen zij schriftelijk advies in te winnen bij Defensie.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
38
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Artikel 11 Algemene afwijkingsregels 11.1
Algemeen
Het bevoegd gezag kan bij omgevingsvergunning afwijken: a.
van de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot niet meer dan 100Zo van die
b.
maten, afmetingen en percentages. van de regels en toestaan dat de bestemmingsgrenzen of het bouwvlak in geringe mate wordt overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft, waarbij geldt dat de natuurlijke, landschappelijke, hydrologische en archeologische waarden niet onevenredig worden aangetast.
c.
d.
van de regels voor de bouw van dierenverblijven binnen de bestemming 'Wonen', waarbij de volgende voorwaarden gelden: 1. 2.
Per bouwperceel mag slechts één dierenverblijf worden gebouwd c.q. aanwezig zijn. Er mogen uitsluitend vrijstaande dierenverblijven worden gebouwd als schuilgelegenheid of
3.
nachtverblijf voor het houden van vee met een hobbymatig c.q. geen bedrijfsmatig karakter. De oppervlakte van het dierenverblijf mag maximaal 20 m2 bedragen en de bouwhoogte
4.
maximaal 3 m. Het moet een constructie betreffen die minimaal aan één zijde (half)open is.
5. 6.
De afstand tot de as van de weg mag niet minder bedragen dan 15 m. De afstand tot de perceelsgrens mag niet minder bedragen dan 2 m.
van de regels ten behoeve van een overschrijding van de maximaal toegestane bouwhoogte van gebouwen voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers, lichtkappen en technische ruimten, met dien verstande dat: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting niet meer mag bedragen dan 10o7o van het 2.
betreffende platte dakvlak of de horizontale projectie van het schuine dakvlak; de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 1,50 maal de maximaal toegestane (nok)hoogte van het betreffende gebouw, met dien verstande dat de maximale hoogte van schoorstenen 15 meter bedraagt.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
39
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Artikel 12 Algemene wijzigingsregels Burgemeester en wethouders zijn bevoegd de in het plan opgenomen bestemmingen te wijzigen ten behoeve van: a.
overschrijding van bestemmingsgrenzen, voor zover dit van belang is voor een technisch betere realisering van bestemmingen of bouwwerken dan wel voor zover dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3 meter en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 100Zo worden vergroot;
b.
overschrijding van bestemmingsgrenzen en toestaan dat het beloop van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeersveiligheid en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft. De overschrijding mag echter niet meer bedragen dan 3 meter en het bestemmingsvlak mag met niet meer dan 1007o worden vergroot;
c.
het wijzigen van de lijst van bedrijfsactiviteiten, indien technologische ontwikkelingen of vernieuwde inzichten hiertoe aanleiding geven;
d.
het aanpassen van opgenomen bepalingen in de voorafgaande artikelen, waarbij verwezen wordt naar bepalingen in wettelijke regelingen, indien deze wettelijke regelingen na het tijdstip van de tervisielegging van het ontwerpplan worden gewijzigd.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
40
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Artikel 13 Overige regels 13.1
Parkeren
13.1.1 Parkeernormen Bij het verlenen van een omgevingsvergunning of een wijzigingsplan voor het bouwen of uitbreiden van een gebouw staat vast dat voldaan wordt aan de normen en eisen, zoals opgenomen in de 'Nota Parkeernormen 2015'. Indien de ‘Nota Parkeernormen 2015’ wordt gewijzigd, wordt met deze wijziging rekening gehouden.
13.1.2 Afwijken parkeernormen Burgemeester en wethouders kunnen één of meer bepalingen van deze nota buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing - gelet op het belang waarvoor deze nota tot stand is gebracht - leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Een en ander dient in een collegebesluit vastgelegd te zijn.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
41
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
Artikel 14 Overgangsrecht 14.1 a.
Overgangsrecht bouwwerken
Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2.
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee
b.
jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van sub a een omgevingsvergunning verlenen voor
c.
het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in sub a met maximaal 100Zo. Sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
14.2 Overgangsrecht gebruik a.
Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
b.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde in sub a te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze
c.
verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
d.
Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik, dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
14.3 Hardheidsclausule Voor zover toepassing van het overgangsrecht gebruik leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard voor een of meer natuurlijke personen, die op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan grond en opstallen gebruiken in strijd met het voordien geldende bestemmingsplan kan het bevoegd gezag ten behoeve van die persoon of personen van dat overgangsrecht afwijken.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
42
Bestemmingsplan ‘Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best' - Regels
Artikel 15 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Oirschotseweg ong. (nabij 96 en nabij 98) Best'.
ONTWERP Crijns Rentmeesters bv
43