22039.3 - Kaderbrief 2023
Tekst van het document
■WmĘņ.
WWi* C.'
'ř.'.ŴİJ 4.
r-1
iglãīäl
ĨİBİL
:"t- -"T
IHHH
'ŷįÊjğíffiâ
ĮssfipSgg i'“ V^ţŞ'.'ĩ
"
wmk
■jB
Jć-T
‘
' ' if/: i
1 ĮHĮB mm
Kaderbrief 2023 N
Archiefexemplaar van BL22-09440
- Kaderbrief 2023
T
Inhoudsopgave Inhoudsopgave.......................................................................................................................1 Inleiding................................................................................................................................ 2 Algemeen bestuur en intergemeentelijke samenwerking....................................................3 Integrale veiligheid............................................................................................................... 4 Verkeer en openbare ruimte.................................................................................................. 6 Economie............................................................................................................................... 8 Sociaal domein...................................................................................................................... 9 Cultuur, sport, recreatie & vrije tijd.................................................................................... 13 Duurzaamheid en milieu......................................................................................................
14 Ambitie ŭ doelen duurzaamheid.............................................................................................14 Energie besparen..................................................................................................................14 Duurzame energie opwekken.................................................................................................14 Regionale Energiestrategie: RES 2.0.......................................................................................14 Warmtetransitie....................................................................................................................14 Ruimte en bouwen.............................................................................................................. 16 Dienstverlening en bedrijfsvoering..................................................................................... 20 Financiën............................................................................................................................. 23 Bijlage.................................................................................................................................. 26
1
Inleiding Voor u ligt de kaderbrief voor de periode 2023-2026. Deze kaderbrief geeft richting aan de programmabegroting die we in augustus opstellen. De programmabegroting leggen we in november voor aan de gemeenteraad. We starten met een nieuwe raad en dat betekent automatisch een nieuw bestuursakkoord. Bij het opstellen van deze kaderbrief zijn we uitgegaan van continuering van de uitvoering van bestaande ambities. Dat doen we met alle uitdagingen die op dit moment een prominente rol spelen. Uiteraard zullen we -waar nodig- specifieke wensen van de raad verwerken in de nog op te stellen programmabegroting. Op 1 januari 2023 zal eindelijk de Omgevingswet van kracht zijn. Jaren geleden zijn we al gestart met de voorbereidingen hiervoor. We hopen onze Bestenaren goed te kunnen betrekken bij de uitvoering hiervan. Wonen en werken vraagt -net als mobiliteit- onverminderd onze aandacht. Niet alleen het opstellen van een bestemmingsplan is doorslaggevend om te kunnen bouwen, maar meer nog de beschikbaarheid van bouwvakkers en materialen vormt in de komende periode een forse uitdaging. De bouw van de gezamenlijke huisvesting, de ontwikkeling van onder andere de stationsomgeving en de uitvoering van het integraal huisvestingsplan voor scholen zijn majeure projecten die we ook niet zonder de tomeloze inzet van onze eigen medewerkers tot uitvoering kunnen brengen.
Met daarbij de intentie om tot 2030 maar liefst 3000 woningen te bouwen, is het in deze krappe arbeidsmarkt noodzaak om goed afgewogen keuzes te maken in prioriteit en volgordelijkheid. In 2023 bouwen we verder aan een sterke sociale basis voor iedereen. Dit betekent dat we sturen op zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie van harte stimuleren. De versterking van de sociale basisstructuur gaat onverminderd door. Eerder werd aangekondigd dat Beschermd Wonen zou worden overgeheveld naar de gemeenten met ingang van 1 januari 2023. Dit blijkt landelijk niet haalbaar te zijn en wordt daarom uitgesteld naar een later moment. Net als in andere jaren hebben we ook in 2023 te maken met de implementatie van nieuwe wet- en regelgeving. Zo zal de Wet Kwaliteitsborging tegelijk met de Omgevingswet worden ingevoerd. De effecten daarvan voor onze gemeente maken we de komende periode inzichtelijk. Op het gebied van digitale dienstverlening moeten we permanent scherp zijn. Cybercriminaliteit ligt voortdurend op de loer. Bewustwording is hierbij cruciaal. In 2023 krijgen inwoners en ondernemers het recht om digitaal met de overheid te communiceren, dan treedt de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (WMEBV) in werking. Privacy bescherming en informatieveiligheid worden daarmee steeds belangrijker.
Onze samenwerking in de regio is essentieel om Best blijvend te kunnen laten groeien. Dit geldt op veel gebieden. Diverse werkzaamheden worden buiten de eigen organisatie uitgevoerd in de verschillende gemeenschappelijke regelingen. Daarnaast zullen we samen in de Brainportregio moeten werken om wonen, werken en mobiliteit mogelijk te maken. Denk hierbij aan het proces van mobiliteitstransitie om de regio bereikbaar te kunnen blijven houden, de uitvoering van de versnellingsopgave wonen, maar ook de samenwerking binnen de RES-opgave. Sinds de oorlog in Oekraïne kunnen de doelen om te werken aan hernieuwbare energieopwekking op een warme belangstelling rekenen. Tot slot staat ook de verbetering van onze dienstverlening niet stil. Hiervoor investeren we in onze medewerkers om de inwoner van Best zo goed mogelijk van dienst te kunnen zijn.
2
Algemeen bestuur en intergemeentelijke samenwerking Intergemeentelijke samenwerking We richten ons samen op het verminderen van kwetsbaarheden in de organisatie en op het oppakken van maatschappelijke vraagstukken die de gemeente overstijgen. We blijven scherp op het resultaat: de juiste dingen doen en geen dubbel werk. Voor 2023 zijn de nieuwe samenwerkingsagenda's belangrijk van MRE (Metropool Regio Eindhoven) en SGE. De inhoud daarvan is pas duidelijk nadat we de begroting vaststellen.
3
Integrale veiligheid Samen met onze inwoners en bedrijven werken we aan onderhouden en verbeteren van het veiligheidsniveau van de woon- en leefomgeving in Best. We doen dat door zoveel mogelijk met alle partners in de zorg en veiligheid wijkgericht te werken. We zetten in voorkomen. Ondermijnende krachten en criminele samenwerkingsverbanden pakken we doordacht aan. We zetten hiervoor verschillende middelen in zoals onderzoek, toezicht, handhaving, voorlichting, zorg en preventie. We zetten ons in voor het verhogen van de meldingsbereidheid en weerbaarheid bij onze inwoners om samen de wijken veiliger te maken. Integraal Veiligheidsplan De Kempen 2023-2026 (IVP) Het IVP is het veiligheidsplan van het basisteam van de gemeenten Best, Waalre, Veldhoven, Eersel, Bergeijk, Bladel, Oirschot en Reusel De Mierden. In dit plan liggen de landelijke, integrale en lokale plannen vast. Het huidige IVP loopt nog tot en met december 2022. Halverwege 2022 betrekken we de nieuwe gemeenteraad bij de realisatie van het IVP De Kempen 2023-2026. In 2023 werken we met het nieuwe IVP en Uitvoeringsveiligheidsplan(UVP) 2023-2024. Jeugd en veiligheid In 2023 werken we voor de aanpak van overlast gevende jeugdgroepen actief samen met andere lokale partners. Denk aan politie en Lumens, volgens de methodiek van jeugdgroepen in beeld, en Aanpak Voorkomen Escalatie (AVE) gericht op jeugd.
Met investeringen vanuit het preventief jeugdbeleid maken we de verbinding tussen politie en jongerenwerk sterker. Een verdere toelichting op het preventief jeugdbeleid vindt u in hoofdstuk 7 sociaal domein, onderdeel Jeugd - 'kansen voor jeugd'. Huisvesting arbeidsmigranten en kamergewijze verhuur In 2023 ligt het accent, net als in 2022, op het verbeteren van het beleid van nu. De afdeling Regie en Ontwikkeling komt in het najaar van 2022 met een nieuw. De doelstelling is om illegale en sociaal onwenselijke situaties, zoals uitbuiting, overbewoning en eventuele overlast te voorkomen en op te lossen. Door het preventieve karakter in het nieuwe beleid willen we nare situaties voorkomen. Zie hiervoor hoofdstuk 10, paragraaf Flexwonen/huisvesting arbeidsmigranten. Het aantal controles is meer omdat er een toename is van het aantal handhavers bij toezicht en handhaving. Bedrijventerreinen In 2023 is het hoofddoel om door te gaan met het KVO (Keurmerk Veilig Ondernemen) traject van bedrijventerrein 't Zand. Ook gaan we het KVO traject opstarten voor bedrijventerrein Breeven. Samen met ondernemers, politie en veiligheidsregio blijven we ons inzetten om de veiligheid op onze bedrijventerreinen verbeteren en de criminaliteit verlagen (zie ook hoofdstuk 6, Economie). De samenwerking met onze ondernemers en ketenpartners is hierin een must.
De andere doelen zijn: ^ Het stimuleren van de samenwerking tussen overheid en ondernemers; ^ Thema veiligheid op onze terreinen belangrijk laten blijven; ^ Criminaliteit en ondermijning (afname van gevoel van veiligheid) aanpakken. De bedrijventerreinen worden zo onaantrekkelijk voor de productie en opslag van hennep en synthetische drugs en andere vormen van criminaliteit. A en B evenementen Om bij A en B evenementen de veiligheid te verbeteren en het advies over veiligheid op te volgen, krijgt het in 2023 extra aandacht. Het risico op financiële schade is bij A en B evenementen of activiteiten groot. Door goede voorlichting en begeleiding verkleinen bij dit soort evenementen de risico's. De financiële middelen hiervoor schuiven we door naar 2023. 4
Ondermijning Het Bestuurlijk Overleg Ondermijning De Kempen werkt met een programmatische aanpak op ondermijning. De gemeente Best is ook in 2023 verplicht capaciteit te leveren aan alle thema's of samenwerkingsverbanden op lokaal- en (sub)regionaal niveau. Daarom is het nodig om middelen voor langere tijd in te zetten. Bests Lokaal Informatie Knooppunt (BLIK) In 2022-2023 komt er in Best een informatiepunt waar alle meldingen (meld misdaad anoniem), zoals signalen van fraude of ondermijning en ernstige zorgsignalen centraal worden verzameld en beoordeeld. Dit betreft een samenwerkingsverband tussen zorg, welzijn en veiligheid. Deze activiteiten vinden, vooralsnog, plaats binnen de bestaande middelen. Er zijn extra medewerkers en middelen nodig omdat er meer (belangrijk) werk ligt dan we kunnen uitvoeren. Hiervoor is wel geld nodig. Prostitutiecontroleteam (PCT) In 2022-2023 is, op basisteam niveau, het PCT actief op toezicht en handhaving van illegale prostitutie en uitbuiting. Acht gemeenten zijn verantwoordelijk voor de financiering. Voor Best betekent dit dat het betaald wordt met de middelen van het budget 'aanpak ondermijning'. Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (Wet Bibob) subsidies en aanbestedingen Het Bibob-beleid breidde in 2022 uitmet het thema vastgoedtransacties.
Het beleid is er om ondermijning en het ongewenst faciliteren van (georganiseerde) ondermijnende criminaliteit te voorkomen. De extra capaciteit die hiervoor nodig is, wordt in 2022 betaald met de bestaande middelen. In 2023 vindt een mogelijke uitbreiding van het Bibob-beleid plaats met subsidies en aanbestedingen.
5
Verkeer en openbare ruimte In onze regio zetten we in op een verdere economische ontwikkeling en verstedelijking om de internationaal concurrerende economische positie van de Brainportregio te behouden. Dit betekent investeren in extra woningen, arbeidsplaatsen en de leefomgeving. Samen met de gemeenten uit het stedelijk gebied zijn er afspraken gemaakt over de verstedelijkingsstrategie, op basis waarvan met het rijk en de provincie medio 2022 een verstedelijkingsakkoord wordt gesloten. In dit akkoord wordt onderkend dat investeren in het verbeteren van de bereikbaarheid van de regio noodzakelijk is, om de schaalsprong en daarmee behoud van de internationale positie van de Brainportregio te realiseren. Trendbreuk mobiliteit - mobiliteitstransitie Om de Brainportregio bereikbaar te houden, moet er anders omgegaan worden met mobiliteit. De gemeenten in de Brainportregio zetten voor de lange termijn daarom - samen met de provincie en het Rijk - in op een proces van mobiliteitstransitie. Dit betekent dat we inzetten op het gebruik van ander vervoer dan of naast de auto. Maatregelenpakket Randweg A2 Het rijk, provincie en regio zetten, voor de korte termijn, in op een maatregelpakket wat als doel heeft de verkeersproblemen in tijd naar achter te schuiven. Zij geven prioriteit aan de maatregelen die passen binnen de lange termijnstrategie.
Dit zijn mobiliteitshubs met bijbehorende (door)fietsroutes en OV-verbindingen. Mobiliteitshubs De regio zet in op een netwerk van zes regionale mobiliteitshubs. Dit zijn herkenbare, fijne overstaplocaties aan de rand van steden. De regionale mobiliteitshubs zijn belangrijk in het gehele land en liggen dichtbij een snelweg. Overstap is hierbij mogelijk is van auto op ander vervoer voor de 'last mile'. Twee regionale mobiliteitshubs liggen in of vlakbij Best, namelijk de hub A58 en de hub A2 Noord. De komende jaren gaan we werken aan een eerste stap in het realiseren van het totale netwerk. Station Best Het station is geen regionale mobiliteitshub, maar het is wel een schakel in het netwerk van mobiliteitshubs voor de Noordrand van de regio Eindhoven. Een goede verbinding op de rest van het netwerk is daarom belangrijk. De komende tijd onderzoeken we wat hiervoor nodig is. (Door)fietsroutes Het versterken van het netwerk van de snelle (door)fietsroutes is een belangrijk onderdeel van het Maatregelenpakket Randweg A2. En het draagt bij aan de mobiliteitstransitie. De gemeente Best werkt mede in het kader van het Maatregelpakket Randweg A2 aan de F2 (Den Bosch - Eindhoven), F58 (Tilburg - Eindhoven - Laarbeek) en het fietspad Pendelroute. De komende jaren leveren we deze fietsverbindingen in fasen op.
Verkeersveiligheid Verkeersveiligheid is iets waar we constant aandacht voor hebben en acties voor uitvoeren. Uitgangspunt daarbij is het landelijke uitgangspunt van een 'risico gestuurde aanpak'. De verkeersveiligheid van kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals fietsers, heeft voorrang. De aanpak van (door)fietsroutes maakt het mogelijk om een aantal verkeersveiligheidsknelpunten om deze routes aan te pakken. Beheer en onderhoud openbare ruimte
6
Met zorg voor de openbare ruimte willen we een bijdrage leveren aan een prettige en veilige woonomgeving. Dit vraagt een langdurige inspanning om onze ambities (vastgelegd in het 'Kwaliteitsplan Openbare Ruimte') te bereiken voor verhardingen, groen, meubilair en verzorging. De komende jaren moeten we ook rekening houden met de openbare ruimte van overmorgen. Door klimaatverandering is het belangrijk dat we in onze plannen ook nadenken over onderwerpen als wateroverlast, droogte, hitte, biodiversiteit en zo voort. In het 'Integraal Maatschappelijk Beheerkader Openbare Ruimte' zijn deze onderwerpen en gevolgen in beeld. Ook verwerken we ze in de verschillende beleidsplannen. De reguliere werkzaamheden voeren we uit volgens planning. En de budgetten die daarbij horen zetten we zo goed mogelijk in. Meldingen en verstoringen in de openbare ruimte verhelpen we op passende wijze met behulp van het meldingssysteem Fixi.
7
Economie Brainport Development In 2020 is bij motie van de gemeenteraad de wens uitgesproken om binnen de MRE-gemeenten tot een evenwichtige, gelijkwaardige wijze van samenwerking en financiering van Brainport Development NV te komen. De motie is overgebracht naar Stichting Brainport. In overleg met de gemeenteraad is besloten om te wachten op het nieuwe financieringsvoorstel vanuit Brainport. Dit voorstel wordt eind 2022/begin 2023 verwacht. Bed rijventerreinen We startten met het uitvoeringsplan van de bedrijventerreinenvisie. Voor een aantal activiteiten reserveerden we, al bij de vaststelling van de visie, geld. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om het traject Keurmerk Veilig Ondernemen. Hierbij werken we, in samenwerking met ondernemers, politie en veiligheidsregio toe naar het verbeteren van de veiligheid voor de lange termijn. Ook voor het vergroenen van de bedrijventerreinen reserveerden we geld. Het gaat hierbij om het opstellen van een groen ontwikkelplan. In de reguliere middelen is voor de uitvoering van de acties die hieruit voortkomen onvoldoende geld beschikbaar. Als het duidelijk is welke investeringen op het gebied van groen nodig zijn, gaan we geld vragen. Dit geldt ook voor de andere acties, zoals bijvoorbeeld het op de kaart zetten van de bedrijventerreinen, uit de bedrijventerreinenvisie. Winkelgebieden Op verzoek van de raad zetten we in op centrummanagement.
Daarbij is de opdracht: het verbreden naar alle winkelgebieden. Hiervoor startte per 1 januari 2022 een winkelgebiedenmanager. Voorheen vulde iemand binnen Stichting Centrummanagement deze functie vrijwillig in. Er is geen vrijwilliger te vinden voor deze functie. Vandaar dat er extra budget nodig is vanaf 2023 voor de inhuur van de winkelgebiedenmanager met deze bredere opdracht. Er is ook budget nodig voor activiteiten (bijvoorbeeld acties rondom de feestdagen, een modeshow of andere acties ter promotie van de winkelgebieden) op het Wilhelminaplein en in Heivelden. Daarnaast werken we aan een nieuw regionaal en lokaal detailhandelsbeleid. Dit beleid leggen we in 2023 voor ter besluitvorming aan de raad. Hierbij worden de kaders met betrekking tot detailhandel bijgewerkt. Hierbij nemen we onderwerpen zoals veranderende vraag detailhandelsruimten, transitie en transformatie van de detailhandel, supermarkten en compacte centrumgebieden mee.
8
Sociaal domein Transformatie Met de invoering van de Jeugdwet, Participatiewet en Wet Maatschappelijke Ondersteuning per 1 januari 2015 kreeg de gemeente veel extra bevoegdheden, taken en verantwoordelijkheden in het ondersteunen van haar inwoners. Hierdoor wilde het Rijk een inhoudelijke vernieuwing en cultuurverandering, gericht op de volgende doelen: ^ Meer participatie door inwoners; ^ Een meer zorgzame samenleving; ^ Een minder moeilijk en financieel houdbaar stelsel. Deze cultuurverandering in de samenleving ontwikkelt zich langzaam. Binnen de gemeente Best werken wij dagelijks aan deze doelen. Dit doen wij met een transformatieagenda, ingericht op drie onderwerpen: 1. Inclusieve samenleving; 2. Sterke sociale basis; 3. Afgestemde toegang of sociale basis. Deze drie sporen met bijbehorende actielijnen staan beschreven in de 'Notitie integraal sociaal domein: Beleid in uitvoering'. Inclusieve samenleving Gemeente Best heeft in lijn met het VN verdrag het inclusieve beleid geformuleerd waarbij in de uitvoering gewerkt wordt met jaarplannen. De bewustwording voor inclusief beleid is speerpunt in 2022 waarbij gestreefd wordt naar het zodanig inrichten van processen in de openbare ruimte en bij (woning)bouw dat toegankelijkheid vanaf de ontwerpfase wordt behartigd. Dit doel is nog niet bereikt en zal in 2023 moeten worden gecontinueerd.
Daarbij is aandacht nodig voor de integrale aansturing van inclusief beleid/uitvoering. Participatiewet: Participeren naar vermogen Iedereen die kan werken, maar het op de arbeidsmarkt zonder ondersteuning niet redt, valt onder de Participatiewet. Daarbij regelt de Participatiewet dat bijstand wordt verleend aan mensen die (tijdelijk) niet (volledig) kunnen rondkomen in basisbehoeften. Re-integratie Onder invloed van de krappe arbeidsmarkt zijn de inwoners, uit de bijstand, die kunnen werken grotendeels de bijstand uitgestroomd. De andere inwoners met een bijstandsuitkering staan, over het algemeen, wat verder af van de arbeidsmarkt. Voor zover deze inwoners al willen en kunnen werken, is er over het algemeen meer en vaker hulp nodig om deze inwoners uit te kunnen laten stromen. In 2023 verleggen wij onze focus naar deze doelgroep. Daarnaast hebben we aandacht voor inwoners die geen recht hebben op een uitkering en die niet zelf in staat zijn om zonder ondersteuning of begeleiding van de gemeente in een minimuminkomen te voorzien. Bijzondere aandacht gaat uit naar kwetsbare jongeren en nieuwkomers. WSD In het 'Actieplan Koers WSD 2022-2025 gemeente Best' wordt, de in 2021 door het DB-WSD vastgestelde algemene koers, vertaald naar hoe we het in Best kunnen doen.
Deels is het actieplan gericht op het verder ontwikkelen en implementeren van al genomen plannen en het behouden ervan. Voorbeeld hiervan is de pilot ontwikkelingsgerichte dagbesteding.
9
Daarnaast gaan we (ook) in 2023 aan de slag met enkele nieuwe ontwikkelthema's, waaronder: het werkdiagnose-instrument, brede aanpak kwetsbare jongeren en versteviging van de ketensamenwerking. Huis naar Werk De transformatie van de arbeidsmarkt is goed begonnen. Kenmerkend voor deze transformatie zijn: preventief, activerend en inclusief. Binnen het Huis naar Werk in Eindhoven gaan ze hiermee aan de slag. Inwoners uit de hele regio kunnen hier terecht met vragen op het gebied van uitkering, scholing en werk. Hierbij zoeken ze optimaal aansluiting en als het nodig is verwijzen ze door naar de lokale, standaard dienstverlening. Bijvoorbeeld op het gebied van de Participatiewet.
In de komende periode staat het verder ontwikkelen van het Huis naar Werk centraal. Een passend bestuur, rondom het Huis naar Werk in relatie tot andere vormen van regionale arbeidsmarktsamenwerking, is hier onderdeel van. Minimabeleid en schuldhulpverlening In 2022 zijn inwoners geconfronteerd met stijging van de energiekosten en inflatie. Een deel van de inwoners krijgt daardoor te maken met betalingsproblemen. Er is vanuit het Rijk een energiecompensatie geboden voor de lage inkomens die de gemeente verstrekt aan inwoners met inkomen tot 1200Zo van het minimumloon. Daarnaast gebruiken we het beschikbare noodfonds om, in overleg met Lumens-schuldhulp, financieel maatwerk te bieden. De mogelijkheden om minima te ondersteunen zijn de afgelopen maanden extra gecommuniceerd. De integrale werkwijze gericht op bereiken van inwoners, preventie, vroeg-signalering (schuldhulpverlening) en het bieden van maatwerk (vanuit samenwerking) zal ook in 2023 worden gecontinueerd. Jeugd Als gemeente vinden we het belangrijk dat ieder kind gezond, kansrijk en veilig op kan groeien in Best. Kansen voorjeugd In de afgelopen jaren hebben we geïnvesteerd in de goede sociale basis voor ieder kind. We hebben diverse preventieve voorzieningen, waar gebruik van wordt gemaakt.
Als gemeente willen we deze basis behouden en doorontwikkelen met als doel dat minder kinderen/ouders gebruik hoeven maken van het specialistische aanbod. Onderdeel daarvan is ook de samenwerking tussen alle partners in Kindcentra. Deze vorm van samenwerking kan vroegtijdig effectieve steun bieden aan ouders en jeugdigen tijdens de opvoeding. Eventuele vragen en problemen kunnen direct opgepakt worden. In 2022 is een convenant opgesteld om de samenwerking te bekrachtigen en in 2023 geven we verdere uitvoering aan deze doelstellingen. Kansrijke Start, Samen voor Preventie, maar ook met de uitvoering van het in 2021 opgestelde Gezondheidsakkoord en sport- en cultuuraanbod zijn onderdeel van de basisstructuur.
Passende jeugdhulp dichtbij huis In 2023 blijven we voorrang geven aan het versterken van de verbinding tussen basisvoorzieningen, preventie en gespecialiseerde jeugdhulp. Dit is in mei 2022 bekrachtigd door de colleges en vormgegeven in de regiovisie, Governance en transformatie-agenda. Zo zorgen we dat we samen met zorgaanbieders en andere sociale partners voor de gewenste doorontwikkeling. Ook de toepassing van de multi-aanpak moet bijdragen aan meer effectiviteit bij multi-problemen.
10
De kosten voor de regionale samenwerking hebben een negatief effect op de bijdrage van de regiogemeenten. De financiële risico's bij jeugdbescherming en jeugdreclassering zijn in 2022 nog steeds aanwezig en hebben mogelijk effect in 2023. Landelijk wordt ingezet op de vermindering van jeugdzorg plus. We kunnen op dit moment nog niet inschatten of dit in 2023 effect heeft op de financiën van de gemeente.
Huisvesting voor de IKCs In de huisvestingsagenda van het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs (IHP) staan drie huisvestingsopgaven:
^
^
^
IKC De Zevensprong Voorkeursscenario is dat we verder voorbereiden en uitwerken. Eind 2022 hopen we het werk te kunnen gunnen. Daarna kunnen we, begin 2023, starten met de uitvoering. Met betrekking tot de begroting van 2023 en de uitvoering van de bouwprojecten zijn we vooral bezorgd over de sterke stijging van de bouwkosten. Om de projecten door te kunnen laten gaan, is hiervoor (naar verwachting) meer geld nodig. Nieuwe school Aarlesche Erven Het Rijk gaf toestemming voor een nieuwe basisschool in Aarlesche Erven. Op tijd starten met de bouw van de school is van belang voor de (op)bouw en woonkwaliteit van de wijk. Dit vergroot de aantrekkingskracht van de wijk en is goed voor de snelheid van de bouw van de woningen. We zijn nu bij de ontwerpfase. Het schoolbestuur (bouwheer) maakte projectgroepen om het project uit te voeren. Wij verwachten dat in 2023 het definitieve ontwerp gereed is, de aanbesteding van het bouwproject kan plaatsvinden en we in de tweede helft 2023 starten met de bouwwerkzaamheden. Ook hierbij hebben we zorgen over de te verwachte sterke stijging van de bouwkosten. IKC Bricks De basisschool Bricks bestaat al even. Vanwege de hoge leeftijd van het gebouw is in het IHP opgenomen dat we een afweging maken of deze school in aanmerking komt voor renovatie, vernieuwbouw of nieuwbouw. Daarbij kijken we ook naar de omgeving.
Dit project zit nog in de opstartfase. In het tweede kwartaal van 2022 vindt er een Project Start up plaats en richten we de projectorganisatie in. In de tweede helft van 2022 hopen we de resultaten van het onderzoek naar de beste oplossing voor deze onderwijsvoorziening te hebben. In 2023 kan het project vervolgens worden voorbereid en aanbesteed zodat in 2024 kan worden gestart met de uitvoering. De sterke stijging van de bouwkosten heeft ook hier een financieel risico.
(Wet) maatschappelijke ondersteuning De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015 zorgt ervoor dat inwoners zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en kunnen deelnemen aan het dagelijkse leven. Gemeenten bieden ondersteuning aan inwoners die hier hulp bij nodig hebben. Wat inwoners zelf en met hun eigen netwerk kunnen staat daarbij voorop. Toename vraag, afname arbeidskrachten en prijsstijging Als gevolg van verschillende demografische en maatschappelijke ontwikkelingen zien we een toenemende vraag naar ondersteuning (thuis). Daarnaast hebben we te maken met een krapte op de arbeidsmarkt. Er zijn tekorten aan geschikte medewerkers voor zorg en ondersteuning. Tot slot zijn er prijsstijgingen als gevolg van stijgende lonen en inflatie. Dit dwingt ons om van maatwerk naar
11
voorliggend veld te bewegen en dat we meer inzetten op preventie. We doen dit door te investeren en ontwikkeling van laagdrempelige en toegankelijke voorliggende voorzieningen. Sterke sociale basis met meer vrij toegankelijke voorzieningen In 2023 bouwen we verder aan een sterke sociale basis voor iedereen. Deze sociale basis stelt inwoners in staat om zich te kunnen redden op alle levensterreinen met zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg (zelfredzaamheid). Maar óók om zoveel mogelijk actief mee te kunnen doen aan het maatschappelijke leven en deel uit te maken van een sociaal netwerk van voldoende kwantiteit en kwaliteit (maatschappelijke participatie). We zetten in op versterken en verder uitbouwen van de sociale basisstructuur met het netwerk van professionele en vrijwilligersorganisaties. Daarin zien we een toenemende rol voor (professionele) organisaties om, naast persoonlijke ondersteuning, met name "samenredzaamheid" te organiseren. We gebruiken daarbij een integrale, in plaats van een doelgroep- of themagerichte aanpak.
We gaan aan de slag met: ^ Ondersteuning vrijwilligersorganisaties o Gericht op deskundigheidsbevordering en signalering; ^ Algemene voorzieningen respijtzorg o Vooruitlopend op dagbesteding, laagdrempelig en normaliserend; ^ Plan van aanpak sociaal basisteam volwassenen o Ondersteuningsvragen worden zoveel mogelijk door het basisteam en netwerk van vrijwilliger(organisaties) daaromheen opgelost; ^ Preventieve actie o Gericht op vroegtijdige voorbereiding op en rol van jongere ouderen in de derde levensfase. Waarbij een link is met verschillende acties uit het Gezondheidsakkoord. Beschermd Wonen naar gemeenten Gemeenten worden verantwoordelijk voor nieuwe cliënten voor beschermd wonen. Beschermd wonen wordt daarmee een aanvulling op de reguliere maatwerkvoorzieningen. De rol van Eindhoven als centrumgemeente vervalt over een tijd. Deze doordecentralisatie was gepland per 1 januari 2023, maar wordt vanwege haalbaarheid landelijk uitgesteld. De activiteiten voor de uitvoering gaan in de regio Eindhoven door. De gemeenten trekken (in ieder geval tot 2026) samen op in de organisatie en het betalen van de kosten. Op basis van een innovatiebudget werken ze aan een regionaal plan van aanpak. Een belangrijk doel is om de lokale basisstructuur te versterken.
Hierin krijgen onder andere projecten vanuit het netwerk "Samen Verder" (inloopgroepen, digitale hulpverlening, match care en bereikbaarheid) een plek.
12
Cultuur, sport, recreatie ŭ vrije tijd Sport, cultuur en de mogelijkheid van vrijetijdsbesteding zijn op zichzelf belangrijk. Daarbij is actief bezig zijn in een mooie en goede omgeving, samen met anderen, ook inspirerend en gezond. Sport- en cultuurteam Tuurlijk Met ingang van het schooljaar 2020-2021 startte het combinatiefunctieteam Tuurlijk. Zij laten kinderen (en volwassenen) sport en cultuur beleven binnen en buiten school. Juist ook door de verbinding met verenigingen en volwassenen, biedt het team bepaalde groepen kinderen meer kansen op een gezonde toekomst. Ook organiseert Tuurlijk sport- en beweegactiviteiten voor ouderen, gericht op fit en gezond zijn en blijven. Hiermee stimuleren zij een gezonde leefstijl voor diverse doelgroepen. De nieuwe versterkte aanpak laat nu al de eerste positieve resultaten zien. Hiervoor ontvangen we geld vanuit het Rijk. Gelet op de positieve resultaten willen we de inzet uitbreiden als daar ook vanuit het Rijk middelen voor beschikbaar komen. Cultureel Programma In het schooljaar 2021-2022 startten scholen met een aanvullend programma voor alle kinderen waardoor kinderen een cultureel curriculum gaan opbouwen. Het culturele aanbod is zowel binnen als buitenschools. Door middel van een verschillend aanbod en duidelijke opbouw willen we alle kinderen een culturele ontwikkeling bieden.
Cultuureducatie met Kwaliteit werkt hierbij als leidraad. Om dit doel te bereiken is een lokale samenwerking nodig tussen scholen, kinderopvang en culturele aanbieders. Afgelopen jaar hebben we twintig procent van het MDO- budget ingezet voor film en dans educatie. De eerste resultaten zijn zeer positief. Aankomend jaar gebruiken we deze middelen voor de thema's muziek en theater. Volgend jaar beoordelen we dit en bekijken we of twintig procent voldoende is.
13
Duurzaamheid en milieu Ambitie ft doelen duurzaamheid Energietransitie en klimaatadaptatie vallen onder duurzaamheid. Afval en biodiversiteit zijn ondergebracht bij Beheer. De doelen van Best voor de energietransitie komen uit landelijke afspraken, waaronder het Klimaatakkoord. De taakstelling uit het Klimaatakkoord is: in 2030 moeten we 49Zo CO2 afname realiseren ten opzichte van 1990, en in 2050 een CO2 afname van 95Zo. Hierbij hoort ook de doelstelling van het aandeel van Duurzame Energie (DE) in het totale verbruik. De taakstelling in 2023 voor Best is een aandeel van 160Zo hernieuwbare energieopwekking (in Best is dat met name zon-energie). Om dit te bereiken is het volgende nodig: ^ Energie besparen; ^ Duurzame energie opwekken. Energie besparen Voor de haalbaarheid van de taakstelling van de energietransitie is besparen van groot belang. De energie die niet wordt verbruikt, hoeven we ook niet op te wekken. We zetten steeds in op het Regionaal EnergieLoket (REL), de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven en de Regeling Reductie Energiegebruik Woningen (RREW). Om isoleren bij onze inwoners aan te moedigen werken we regionaal aan het project De Groene Zone (2.0) Isoleren. Het doel is om in regionaal verband het project 'De Groene Zone Isoleren' op te zetten voor woningisolatie voor inwoners. Zij nemen zorgen uit handen.
Ze doen bijvoorbeeld de aanleg, subsidieaanvraag en bekijken de mogelijkheid voor een lening. In de Kaderbrief voor 2023 nemen we concrete middelen op in de vorm van een revolverend fonds. Het geld betalen deelnemers weer in maximaal vijftien jaar terug. Duurzame energie opwekken We moeten niet alleen besparen, maar ook duurzame energie opwekken. Dit geldt zowel kleinschalig, voor inwoners als grootschalig voor bedrijven. Om energieopwekking bij inwoners te aan te moedigen werken we aan vervolg voor De Groene Zone Zonnepanelen. Hiervoor zijn in Kaderbrief 2023 concrete middelen opgenomen. Ook deze middelen zijn in de vorm van een koop op afbetaling (revolverend). Het beleid en de afweging van duurzame energieopwekking voor grootschalige opwek van zon en wind is vastgelegd in de 'Visie duurzame energieopwekking buitengebied' en het 'Afwegingskader zonnevelden buitengebied'. Verder worden regionaal bindende afspraken gemaakt in de Regionale Energiestrategie (RES). Regionale Energiestrategie: RES 2.0 De gemeenteraad stelde de eerste Regionale Energiestrategie (RES 1.0) vast. Vanaf 2022 loopt naar de RES 2.0. We verwachten dat de RES 2.0 in 2023 wordt aangeboden aan de gemeenteraad. Het doel van de RES is een uitvoeringsprogramma waarbij gemeenten lokaal aan de slag gaan om toe te werken naar energiebesparing en de grootschalige opwek.
Voor de opwek hebben de 21 gemeenten van de Metropoolregio Eindhoven (MRE) een aanbod gedaan aan het Rijk. In Best zijn plannen voor grootschalige opwek die bij kan dragen aan dit doel. Een verwacht knelpunt in de periode tot 2030 is het volle energienetwerk van Enexis voor (terug)levering van elektriciteit. In de tussentijd moet Enexis investeren om het netwerk aan te passen. De invloed van de gemeente is hierop beperkt. Wat we kunnen doen is helpen afstemmen, overleggen, ondersteunen en (juridisch) mogelijk maken van de uitbreiding. Warmtetransitie
14
Het doel van de warmte transitie is aardgasvrij te worden. In januari 2022 stelde de raad de Transitievisie Warmte (TVW) vast. In de volgende fase onderzoeken we de haalbaarheid van een warmtevoorziening in Naastenbest-Midden en een project in Heivelden. In 2023 moet de haalbaarheid van een warmtenet hier helder worden. Hiervoor maken we gebruik van geld van het Rijk. Milieu Geluid en lucht We beogen een geluidniveau en luchtkwaliteit passend bij een gezonde leefomgeving. Dit doen we door uitvoering te geven aan het aanvullingsbesluit Geluid (nieuwe geluidregels onder de Omgevingswet) en aan het Programma Geluid en het decentraal Uitvoeringsplan Luchtkwaliteit volgens het ambitieniveau uit de Omgevingsvisie. De resultaten hiervan monitoren we jaarlijks. Bij de uitvoering van deze plannen is de integrale afweging en samenhang met andere thema's zoals mobiliteit, stedenbouw, volkshuisvesting en duurzaamheid essentieel. Bodem Gemeenten krijgen met het inwerking treden van de Omgevingswet een aantal nieuwe taken en verantwoordelijkheden voor bodem. Deze taken en verantwoordelijkheden lagen tot nu toe bij de provincie. Bij aanvang van het overdrachtstraject was het uitgangspunt dat deze verschuiving budgetneutraal plaatsvindt.
Duidelijkheid omtrent het budget laat echter al geruime tijd op zich wachten waardoor niet met zekerheid te stellen is dat de verschuiving inderdaad budgetneutraal plaats vindt. De Omgevingsdienst zorgt er voor dat op dit taakgebied voldoende expertise aanwezig is en blijft.
Afvalinzameling Op het gebied van afvalinzameling zoeken we de juiste balans tussen de milieudoelstellingen, ons serviceniveau en de bijbehorende kosten. We houden daarbij ook rekening met veranderende regelgeving op het gebied van diverse afvalstromen. We brengen de mogelijkheden en de gevolgen van te maken keuzes in beeld. Daarna leggen we ze aan de raad voor om op die manier het afvalbeleid van de toekomst vorm te geven.
15
Ruimte en bouwen Omgevingswet De verwachting is dat de Omgevingswet op 1 januari 2023 in werking treedt. Deze wet is bedoeld om het op termijn makkelijker te maken voor inwoners en ondernemers. Bijvoorbeeld door eenvoudigere regels, snellere processen en meer lokale afweging. Een deel van de voorbereidingswerkzaamheden loopt door tot na inwerkingtreding van de wet (formeel tot eind 2029). Omgevingsplan Begin 2022 startten we met het ontwerpen van een nieuw, definitief omgevingsplan. In dat plan gaan we de omgevingsvisie vertalen naar de planologische regeling en maken we een begin met de omzetting van de juridische regels naar toepasbare regels. Ook gaan we aan de slag met de vraag welke activiteiten vergunningsvrij zijn, onder de meldplicht of onder de vergunningplicht vallen. Zo kunnen inwoners en ondernemers uiteindelijk heel eenvoudig via internet vaststellen of hun plan te realiseren is en wat ze daarvoor nodig hebben.
Het definitieve omgevingsplan moet uiteindelijk de huidige bestemmingsplannen, verordeningsregels voor de fysieke leefomgeving en de regels uit de zogenoemde bruidsschat vervangen We verwachten dat de eerste versie van het definitieve omgevingsplan dat het definitieve omgevingsplan voor Hoge Akker, Speelheide en de Leeuwerik eind 2024 klaar is. Structurele effecten De inwerkingtreding van de Omgevingswet, maar ook de eigen keuzevrijheid van de gemeente hebben invloed op het 'vergunningenpakket'. De veranderingen zijn bedoeld voor een betere dienstverlening. Maar ze leiden ook zeker tot een andere legesopbrengst. De mate waarin voor- of nadelen ontstaan, is afhankelijk van de keuzes die de komende tijd gemaakt worden. Bij het maken van de keuzes nemen we in onze afwegingen mee wat de gevolgen zijn voor onze toekomstige financiële plaatje. Ook de formatieve en organisatorische gevolgen en de gevolgen voor de samenwerking met ketenpartners (zoals de ODZOB) zijn daar onderdeel van.
Voor de Omgevingswet zijn eerder al middelen opgenomen in de programmabegroting. Op basis van de huidige inzichten verwachten wij dat deze middelen voldoende zijn tot 2024. Wet kwaliteitsborging bouw Tegelijkertijd met de Omgevingswet treedt ook de Wet Kwaliteitsborging bouw (Wkb)in werking. Het doel van deze wet is, aan de ene kant, een betere positie van de bouwconsument (zo wordt de aannemer meer dan nu aansprakelijk). Aan de andere kant leidt het tot een betere bouwkwaliteit. De focus verplaatst van het plan en de vergunning als "papieren tijger" naar het eindresultaat met een betere interne kwaliteitsborging door de bouwers. Vergunningverlening
Met de nieuwe systematiek van zowel de Omgevingswet als de Wkb, waarbij het doel is het makkelijker maken, worden bouwactiviteiten vergunningsvrij. Tenzij in de wet beschreven staat dat er een vergunningplicht geldt. Er is een 'knip' gemaakt in de huidige vergunningsplichtige activiteiten voor het bouwen: ruimtelijk regels (omgevingsplanactiviteit) en technische regels (bouwactiviteit). Voor technische bouwactiviteiten geldt dat deze vergunningsvrij worden, tenzij is geregeld dat een vergunning nodig is. Daar waar wél een vergunning nodig is voor bouwen wordt de technische toets voor een groot deel van de vergunningen (de kleinere, gevolgklasse-1 bouwwerken) neergelegd bij een private kwaliteitsborger. Hiervoor wordt bij de inwerkingtreding van de Wkb een meldingsplicht ingevoerd. Het kan zijn dat er nog een aanvraag moet worden gedaan voor een
16
Omgevingsplan activiteit. Dit voor bijvoorbeeld bouw- of sloopveiligheid, het beperken van overlast en hinder of voor een monument of het gebruik van een pand of terrein. Het vervallen van de vergunningplicht voor een groot deel van de bouwactiviteiten betekent dat we vanaf inwerkingtreding minder aanvragen om een bouwvergunning binnen krijgen en behandelen. Hiervoor kunnen we dan ook geen leges in rekening brengen. Dus missen we hierdoor inkomsten. Daar staat tegenover dat er ook minder uitgaven zullen zijn door het wegvallen van de technische bouwtoets bij vergunningen. Hoe dit zich tot elkaar verhoudt, ook met betrekking tot toezicht en handhaving is nog niet bekend. Toezicht en handhaving
Meer vrijheid aan de voorkant zorgt in vrijwel alle gevallen voor een grotere noodzaak van toezicht aan de achterkant. Hoeveel extra toezicht (en indien nodig handhaving) nodig is, is afhankelijk van de Omgevingsplan vergunningen. Maar ook in hoeverre we loslaten en wat verstandig is. Dit zijn beleidsmatige keuzes die nog gemaakt moeten worden. Versnellingsopgave Wonen Best heeft de ambitie om een comfortabele en inclusieve woongemeente te zijn. De komende jaren staan in het teken van een forse woningbouwopgave, waarin deze begrippen (onder andere verankerd in de lokale Inclusie Agenda (2020)) steeds het vertrekpunt vormen voor de invulling van onze woningbouwlocaties. Tot 2040 heeft de gemeente op basis van het Afsprakenkader Wonen van het SGE de ruimte om tot circa 4.100 woningen te bouwen. Voor de eigen woonbehoefte moet de gemeente zo'n 2.400 woningen bouwen. Hiervan is ongeveer een derde bedoeld voor sociale koop- en huurwoningenwoningbouw. Een deel van de plannen hiervoor is inmiddels 'hard'. Dit wil zeggen: vastgestelde plannen op basis waarvan de gemeente omgevingsvergunningen kan verlenen voor het bouwen van woningen. Daarnaast zijn er veel woningbouwplannen in voorbereiding. De gemeente zet zich in om deze plannen zo snel mogelijk 'hard' te krijgen. Van belang is dat we de goede keuzes maken in welke plannen we wanneer oppakken.
Daarvoor gaan we kijken welke plannen voorrang krijgen om op te pakken. Naast dat een plan moet aansluiten bij de ambities uit onze omgevingsvisie, kijken we zeker ook naar kwaliteit, programma en haalbaarheid. Om de uitdagingen die de versnelling met zich meebrengt het hoofd te bieden is het nodig de ambtelijke capaciteit per 2023 uit te breiden met één fulltime werknemer voor projecten en ruimtelijk beleid. Nieuwe woonwijken Met de realisatie van de projecten Aarlesche Erven, Steegsche Velden en Dijkstraten levert de gemeente een grote bijdrage om in de grote woningbehoefte te voorzien. Voor Dijkstraten is de verwachting dat we in 2024 de afrondende fase bereiken. Op dat moment wordt de bouw van de laatste appartementencomplexen afgerond en de laatste gebieden woonrijp gemaakt. In Aarlesche Erven en de vervolgfase van Steegsche Velden is er volgend jaar volop bouwontwikkeling.
De woningbouw stopt niet bij deze locaties. De overige plannen en ideeën staan op de gemeentelijke woningbouwlijst die regelmatig gedeeld worden met de gemeenteraad. Eén van de plannen die in het oog springt is De Boomgaard. Daar vindt op dit moment op initiatief van de grondeigenaar een haalbaarheidsonderzoek plaats. We kijken naar de mogelijkheden om het gebied tussen Zomereik, Bosseweg en Oranjestraat te herontwikkelen naar woningbouw binnen een gevarieerd woonmilieu, met plek voor diverse doelgroepen zoals senioren, doorstromers en starters. Als uit dit onderzoek 17
blijkt dat het plan haalbaar is, dan start het vervolgtraject in de planvorming. Dat vervolgtraject start naar verwachting nog in 2022 en loopt naar verwachting door in 2023. Uiteindelijk moet het leiden tot een vast te stellen ruimtelijk plan op basis waarvan de woningbouw uitgevoerd wordt. Op basis van de signalen uit de markt is het nodig een winstwaarschuwing af te geven. De afgelopen 3 jaar zijn in onze gemeente gemiddeld meer dan 200 woningen per jaar bijgebouwd. Dat bouwtempo proberen we vast te houden. De uitdagingen op de arbeidsmarkt en de schaarste aan bouwmaterialen kunnen de beoogde versnelling in de woningbouw echter negatief beïnvloeden. Stationsomgeving Inmiddels voerden we een onderzoek uit naar de haalbaarheid van een transformatie van de stationsomgeving. Ook hebben we een voorkeursrecht (eerste recht van koop voor de gemeente) gevestigd op de locatie. In vervolg op de verkenning stelde de raad de kaders vast voor de stedenbouwkundige uitwerking. Samen met een private ontwikkelpartner gaven we de opdracht voor de stedenbouwkundige uitwerking van de oostzijde en de gemeente voor de westzijde en tunneldek. Dit vormt de basis voor een gezamenlijk onderzoek naar de financiële, commerciële, juridische en politiek-bestuurlijke haalbaarheid van de transformatie.
Daarnaast wordt de invulling, concretisering en financiële vertaling onderzocht van de mogelijke gewenste aanpassingen van het station en omgeving (westzijde). Dit doen we samen met onze mobiliteitspartners. Deze onderzoeken en de uitwerkingen vinden in 2022 en in 2023 plaats. Uitgaven die we voor de stationsomgeving maken zijn met name interne uren en daarnaast het inzetten van externe expertise. Een groot gedeelte van deze kosten verhalen we op derden.
Overgangszone bebouwde kom en buitengebied Met de Structuurvisie Best 2030 en de Structuurvisie buitengebied heeft de gemeenteraad de lijn Heuveleindseweg-Aarleseweg-Mosselaarweg-Hokkelstraat-Nieuwe Dijk als grens bepaald tussen stedelijk en landelijk gebied van Best en daarmee het noordwesten van Stedelijk Gebied Eindhoven. Op basis van de uitgangspunten van de Structuurvisie Buitengebied zet de gemeente in op de realisatie van een 'zachte', planologisch verantwoorde overgangszone tussen de bebouwde kom en het buitengebied. Dit is een ontwikkeling die zich over meerdere jaren uitspreidt. Onderdeel van deze gebiedsontwikkeling is een ecologisch-recreatieve structuur met nadrukkelijk aandacht voor biodiversiteit. Vanaf 2023 wordt dit verder opgepakt. Herijking Woonvisie De gemeentelijke woonvisie is inmiddels ruim vier jaar oud. De kern van de visie is nog steeds actueel. Toch behoeft de visie herijking, onder andere op basis van de meest recente inzichten over de woningbehoefte en prognoses (Provinciale bevolkings- en woningbehoefteprognoses (2020), Quick scan woningmarkt (2020) en Regionaal woningbehoefteonderzoek (2021)). Maar ook gegeven de landelijke ontwikkelingen, waarbij het rijk steviger de regie op wonen wil gaan voeren. We starten met de voorbereidingen van de herijking in 2022.
In lijn met de Omgevingswet spreken we dan niet meer van een visie, maar van een Woonprogramma. Het programma borduurt verder op de begin 2022 vastgestelde omgevingsvisie, waarin comfortabel en inclusief wonen centrale begrippen zijn. (In samenspraak met de raad) stelt het college het Woonprogramma begin 2023 vast. Niet alleen de bekende woonthema's krijgen een plek; in het kader van de vergrijzing en ontwikkelingen in de zorg, maken de woonzorgopgaven integraal onderdeel uit van het programma. Met de vaststelling start meteen de uitvoering van de acties die eruit voortvloeien. De keuzes in het programma kunnen effect hebben op inzet van tijd en geld. Bij het maken van de keuzes nemen we in onze afwegingen mee wat de gevolgen zijn voor onze toekomstige financiële huishouding, evenals de formatieve en organisatorische gevolgen en onze samenwerking met onze woonpartners. 18
Kamergewijze verhuur/huisvesting arbeidsmigranten In 2023 komt een beleidsnotitie kamergewijze verhuur I woningsplitsing | huisvesting arbeidsmigranten gereed. Deze notitie is in lijn met het regionale Afsprakenkader huisvesting arbeidsmigranten en de lokale beleidskoers van de gemeente (onder andere vastgelegd in de Bedrijventerreinenvisie, 2021). De beleidsnotitie krijgt een doorvertaling in een overkoepelende ruimtelijke regeling die naar verwachting eind 2023 wordt vastgesteld door de gemeenteraad. Om grip te houden op de kamergewijze verhuur in de (woon)wijken, overwegen we een vergunningstelsel voor woningsplitsing en kamerbewoning te introduceren. De formatieve gevolgen van dit nieuwe instrument zijn we nog aan het onderzoeken (zie ook hoofdstuk, Integrale veiligheid). Uitvoering Structuurvisie buitengebied Het uitvoeringsdeel van de Structuurvisie buitengebied wordt ingericht als een programma binnen de Omgevingsvisie. De afgelopen jaren lag de focus op het hydrologisch herstel van het Langven en de recreatief-landschappelijke gebiedsontwikkeling in De Vleut. Met ingang van 2023 wordt gewerkt met een programmatische aanpak van de in de visie opgevoerde uitvoeringsprojecten. Bijzondere aandacht heeft de vastgestelde aanpak met integraal beheer van het natuurgebied Nieuwe Heide en Oud Meer in samenwerking met gemeente Son en Breugel.
Verder is van belang dat de gemeente de verplichting nakomt om vanuit provinciaal beleid reeds gerealiseerde stedelijke ontwikkelingen te compenseren met investeringen in het landschap. Hiervoor resteert nog een opgave die we (co)financieren uit het Landschapsfonds. Bij extra ambities zijn aanvullende financieringsmiddelen vereist. Het Groene Woud en Van Gogh Nationaal Park Het succesvolle streeknetwerk in Het Groene Woud (stedendriehoek Den Bosch-Tilburg-Eindhoven) met uitvoeringsprojecten op natuur en landschap, erfgoed en (vrijetijds)economie wordt voortgezet als onderdeel van de netwerksamenwerking Van Gogh Nationaal Park. In Stedelijk Gebied Eindhovenverband wordt deelgenomen aan Van Gogh Nationaal Park, waarbij alle individuele gemeenten zijn vertegenwoordigd in het Strategisch Partneroverleg. In 2023 wordt de samenwerking geëvalueerd. Bestemmingsplan buitengebied Na een uitgebreide voorbereidingsprocedure bieden we de integrale herziening van het bestemmingsplan buitengebied in 2022 ter vaststelling aan de raad. Gezien het grote aantal verschillende meningen is het reëel dat beroepsgang volgt naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Dit betekent dat in 2023, 2024 en wellicht 2025 inzet van de gemeente nodig is om te komen tot een onherroepelijk bestemmingsplan. Dit is afhankelijk van het verloop van de beroepsprocedure.
Bij toegekende beroepen dient de gemeenteraad herstelbesluiten te nemen. Wilhelminadorp en Kantonnier We zijn bezig met de wijkversterkingsaanpak van Wilhelminadorp en Kantonnier en geven dat steeds meer vorm naar de wensen van de inwoners. Het proces van inwonersparticipatie is leidend in de benadering van deze wijken. We werken aan versterking van vertrouwen in elkaar. Het wijkteam wordt als een van de middelen ingezet en de bekendheid van het team neemt steeds meer toe. De bereidheid om meldingen te doen onder de buurtbewoners neemt significant toe. Kleine en grotere zaken worden voortvarend afgestemd en opgepakt. Het verder vorm geven van het participatieproces met betrekking tot de gebiedsvisie vraagt in 2023 extra inzet en middelen. De huidige financiering van het Rijk voor de wijkversterking vervalt eind 2022. We gaan door met verfijning van de inzet van het wijkteam en het bestaande sociale media project met bestaande middelen.
19
Dienstverlening en bedrijfsvoering Personeel en Organisatie Nieuwe wetgeving, overgedragen (Rijks)taken, afspraken in de regio, gemeentelijke ambities maar ook uitbreiding van areaal vragen extra inzet van medewerkers. Een aantal taken kan worden opgevangen door de aanwezige medewerkers, maar niet alles. Extra capaciteit is dan ook noodzakelijk. Het strategisch personeelsplan geeft ons inzicht in onze toekomstige personeelsvraag. We hebben aandacht voor kwetsbare functies (eenpitters) en tijdige vervanging van uitstroom. Het opnieuw invullen van al dan niet geplande vacatures is erg lastig. De enorme krapte van de arbeidsmarkt merken we dagelijks in onze bedrijfsvoering. Met de nodige aandacht, creativiteit en actieve werving weten we veel vacatures (voornamelijk ook met tijdelijke inhuur) toch in te vullen. Toch legt de moeilijke werving druk op het verder waarmaken van onze doelen of dromen. We kijken daarom wat voorrang krijgt en wat we later oppakken. Om te voorkomen dat vacatures ontstaan moeten we in gesprek zijn en blijven met onze medewerkers. Maar ook ervoor zorgen dat we de ambities van medewerkers kunnen ondersteunen. Ook willen we een aantrekkelijke werkgever zijn. Werving en selectie richt zich meer en meer op competenties.
Of te wel: heeft de nieuwe kandidaat de juiste vaardigheden, houding en gedrag naast de benodigde kennis en kunde? Organisatieontwikkeling Nu corona niet meer 'de' reden is om thuis te werken, zien we toch dat veel medewerkers de voorkeur hebben om (gedeeltelijk) te kunnen thuiswerken. Hierop willen we op inspelen en dit accepteren. Dit past ook binnen onze filosofie om een moderne, wendbare, daadkrachtige en goed ingerichte ambtelijke organisatie te zijn waar tijd- en plaatsonafhankelijk gewerkt kan worden. Tegelijkertijd vraagt het om een andere wijze van afstemmen, waarbij efficiency en contact met collega's hand in hand samen gaan. Een wijze van werken die we de komende jaren verder gaan ontwikkelen. Medewerkers Belevingsonderzoek Begin 2022 werden de resultaten van het Medewerkers BelevingsOnderzoek bekend. Dit is een onderzoek naar de wijze waarop medewerkers in hun werk staan en betrokken zijn bij de organisatie maar ook welke factoren daarop van invloed zijn. De resultaten geven handvatten waar we de komende tijd mee aan de slag kunnen. Belangrijke onderwerpen zijn vitaliteit, welzijn en (persoonlijk) leiderschap van de medewerkers.
Verdere ontwikkeling van zowel interne als externe dienstverlening blijft belangrijk. We sluiten aan op wat echt bijdraagt en van toegevoegde waarde is, naast wat wettelijk geregeld is. We zetten in op het "Werken volgens de bedoeling". We kijken vooral wat onze inwoner vraagt en hoe die het beste geholpen kan worden. Dit is een manier van werken die ingezet is door de transformatie Sociaal Domein en nu versterkt wordt door de invoering van de Omgevingswet. Samen gaan (gezamenlijke huisvesting met Bestwijzer) Op 12 juli 2021 gaf de raad het college opdracht om het huisvestingsscenario nieuwbouw op eigen grond en aan het Dorpsplein verder uit te werken. In 2022 en 2023 werken we dit voorkeursscenario voor de nieuwe gezamenlijke huisvesting verder uit. We bepalen de vorm van eigendom en beheer voor de nieuwe gezamenlijke plek. Verder maken we een keuze voor de inrichting van het bouwproces (bouworganisatievorm). Tot slot stellen een voorlopig ontwerp op aan de hand van het 20
aangescherpte ruimtelijk-functioneel en technisch programma van eisen. Vanuit de gedeelde ambitie van deelnemers en organisaties werken we aan een verbetering van de samenwerking en dienstverlening. Dienstverlening in het (toekomstige) publieksgebied van de gezamenlijke huisvesting èn in de huidige situatie. De focus ligt daarbij op de verbinding tussen vrijwilligersorganisaties en professionele organisaties. Medio 2023 leggen we het voorlopig ontwerp en een berekening van de kosten voor de nieuwe gezamenlijke huisvesting aan de raad voor. In de bijlage ziet u dat een investeringsbedrag van C 20,6 miljoen wordt geraamd voor de jaren 2024 en 2025. De jaarlijkse lasten van deze investering drukken vanaf 2027 op onze begroting. Dienstverlening Veranderingen in technologie en organisatie, in in- en externe ontwikkelingen, vragen nu om een actuele focus op dienstverlening. (Digitale) dienstverlening kan namelijk vraaggericht zijn maar dat hoeft niet. Wij zijn er tenslotte voor iedereen die gebruik maakt van de openbare ruimte. We richten ons vooral op het proces hoe we het beste vragen van inwoners kunnen opvangen of kunnen beantwoorden. Daarom zetten we in op onder meer serviceformules, klantreizen en een versterking van de klantgerichte benadering. Volgens de werkwijze van Werken volgens de bedoeling. We maken werk van de verbinding met inwoners- en overheidsparticipatie.
Zij zijn met elkaar gekoppeld. De huidige capaciteit vraagt om versterking. De prioriteiten leggen we vast in een Werkplan dienstverlening 2022-2024. Dit wordt een integraal plan waar ook bereikbaarheid en toegankelijkheid een plek in krijgen. Samen met medewerkers maken we handvaten die medewerkers elke dag kunnen gebruiken. Inwoners- en overheidsparticipatie De burgerpeiling in 2020 "Waar staat je gemeente" laat zien dat de samenleving meer aandacht vraagt voor inwoners- en overheidsparticipatie. In vervolg hierop legt het college in het najaar 2022 een nieuw inwoners- en overheidsparticipatiebeleid voor aan de gemeenteraad. De uitvoering van het nieuwe beleid vraagt de organisatie om anders te werken maar ook de inzet van extra medewerkers. De gevraagde capaciteit zetten we in om de organisatie te ondersteunen en faciliteren. Daarbij vervullen deze medewerkers een centrale coördinatietrol bij het opzetten van een goed participatieproces (ook met externen). Procesoptimalisatie en basisregistraties Effectief en efficiënt werken vraagt om actuele, waar mogelijk, ook digitale processen. Daar maken we stappen in. Vanuit de vraag van de klant stroomlijnen we de processen, zodat we overbodige stappen kunnen schrappen. We boeken vooruitgang op de weg naar een 'lean' organisatie.
Hiermee bedoelen we een organisatie continue werk aan verbetering en het minimaliseren van verspillingen. Een investering in de capaciteit voor applicatiebeheer basisregistraties is noodzakelijk. Digitale bedrijfsvoering De informatie en gegevens zijn de zuurstof van elke overheidsorganisatie. Het voldoen aan wettelijke eisen en een goede dienstverlening aan inwoners, bedrijven en ketenpartners kan niet zonder goede informatievoorziening (IV) en inzet van ICT. Informatie, gegevens en ICT zijn voor overheidsorganisaties dan ook belangrijke strategische bedrijfsmiddelen, net als mensen, geld en tijd. Met name de ontwikkelingen op het gebied van ICT en digitalisering gaan daarin zo snel, dat ook wij in een steeds hoger tempo voor nieuwe kansen, vraagstukken en afwegingen komt te staan. Tegelijkertijd hebben we - net als andere gemeenten - een bepaalde hoeveelheid geld te besteden en verschillende mogelijkheden om het aan uit te geven.
21
Informatievoorziening en ICT worden alleen nog maar belangrijker. Dat is wat zeker is. Daarom is investering nodig in IV en ICT. Daarin moeten we wel de juiste keuzes maken die passen bij onze behoeften en plannen voor de toekomst. De komende tijd gaat onze aandacht uit naar datagedreven werken, "Cloud computing", digitaliseren processen en dienstverlening, informatiebeveiliging en regievoeren. Wet Open Overheid In mei 2022 trad het eerste deel van de Wet Open Overheid (Woo) in werking. Deze wet vraagt ons om nog opener te zijn wat betreft informatie. De Woo vervangt hiermee de Wet Openbaarheid van Bestuur (Wob). In 2023, zo is de verwachting, is de landelijke software beschikbaar waar overheidsinstanties hun informatie kunnen publiceren. Ook wel Plooi. Hier plaatsen we, als het zo ver is, al onze informatie op zodat meer inzichtelijk is voor inwoners. Wet modernisering elektronisch berichtenverkeer Met de komst van de Wet Modernisering Elektronisch Bestuurlijk Verkeer (WMEBV), die in 2023 van kracht wordt, krijgen inwoners en ondernemers het recht om digitaal met de overheid te communiceren. De gemeente moet de digitale kanalen aanwijzen die ze daarvoor kunnen gebruiken. Bij het gebruik van de digitale kanalen gelden nieuwe waarborgen, zoals notificatie, ontvangstbevestiging en termijnverlenging bij storing.
Door deze nieuwe wetten wordt digitalisering van de dienstverlening en bedrijfsvoering nog belangrijker en wordt nog meer aandacht gevraagd voor privacy bescherming en informatieveiligheid. Cybercriminaliteit en technologie Als gemeente hebben we een grote verantwoordelijkheid waar het gaat om het op orde hebben van onze informatiebeveiliging en informatieveiligheid. Er zijn nieuwe digitale risico's. Denk aan: cyberaanvallen en cybercriminaliteit. Mensen ervaren veel hinder, angst en dreiging door digitale criminaliteit. In het nieuwe Integraal Veiligheidsplan De Kempen 2023-2026 wordt extra aandacht besteed aan preventie in samenwerking met de politie. Via voorlichting en scholing moeten we investeren in vergroting van de digitale weerbaarheid van iedereen die in Best woont of werkt, daarbij is specifieke aandacht noodzakelijk voor kwetsbare doelgroepen; Blijvend investeren in kennis en expertise van onze medewerkers op het gebied van privacy en informatiedeling is een must. Om de digitale veiligheid te kunnen blijven garanderen moeten we investeren in onze digitale infrastructuur.