CConstaterende datBest
Koppel je AI →
Document · PDF

22010.6 - Toelichting ontwerpbestemmigsplan Steegsche Velden-Noord

Raadsvergadering 7 maart 2022, gemeente BestBij agendapunt: 22010 - Bestemmingsplan Steegsche Velden-Noord24.107 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

ŴARCADISlSä-""

Bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord Gemeente Best

NL.IMRO.0753.bpSteegscheVNoord-ON01 ONTWERP 3 augustus 2021

Archiefexemplaar van BL22-00991

- Bijlagen Raadsvoorstel BP toelichting

ŴARCADIS

Contactpersoon T M E

Arcadis Nederland B.V. Maastricht

DesignSi Consultancy for natural and built assets

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

Inhoudsopgave Toelichting

Toelichting Hoofdstuk 1

7 Inleiding

7

1.1

Aanleiding

7

1.2

Plangebied

7

1.3

Vigerend bestemmingsplan

8

1.4

Planopzet

8

1.5

Leeswijzer

9

Hoofdstuk 2

Planologisch kader

10

2.1

Rijksbeleid

10

2.2

Provinciaal beleid

12

2.3

Samenwerkingsverband Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE)

15

2.4

Gemeentelijk beleid

18

Hoofdstuk 3 Uitgangspunten en randvoorwaarden Steegsche Velden - Noord

26

3.1

Kwaliteiten Aarle - Steegsche Velden

26

3.2

Programmatische aspecten

26

3.3

Het bouwprogramma voor Steegsche Velden - Noord

26

3

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

0ARCADIS

(ontwerp)

3.4

Milieueffectrapportage

27

3.5

Ladder voor duurzame verstedelijking

28

3.6

Milieuaspecten

29

3.7

Cultuurhistorie en archeologie

41

3.8

Ecologie

45

3.9

Watertoets

46

3.10 Verkeerstoets

55

3.11 Radarverstoringsgebied vliegbasis Volkel

57

3.12 Kabels, leidingen en antennes

57

Hoofdstuk 4

Planvorming

58

4.1

Ambitie

58

4.2

Ruimtelijke kwaliteit

58

4.3

Structuren

58

4.4

Kwaliteitsverbetering van het landschap

60

4.5

Stedenbouwkundig schetsplan Steegsche Velden - Noord

63

4.6

Duurzaamheid

66

4.7

Beeldregieplan

67

Hoofdstuk 5

Economische uitvoerbaarheid

68

Hoofdstuk 6

Juridisch plan

69

6.1

Verbeelding

69

6.2

Planregels

69

6.3

Beschrijving van de bestemmingen

70

6.4

Wijze van toetsen

71

6.5

Handhaving

71

Hoofdstuk 7 7.1

Inspraak, overleg en zienswijzen

Vooroverleg en inspraak

73 73

4

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

PARCADIS

(ontwerp)

7.2

Zienwijzen

73

Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Principles

Onderbouwing Afsprakenkader en Brainport

Bijlage 2

Besluit PoHo

Bijlage 3

Bevestiging actualiteit besluit PoHo

Bijlage 4 Beleidsnotitie Nadere uitwerking Hogere waarde beleid voor uitbreiding Steegsche Velden Bijlage 5

Laddertoets

Bijlage 6

Bodemonderzoek

Bijlage 7

PFAS-onderzoek

Bijlage 8

Akoestisch onderzoek

Bijlage 9 Aanvraag hogere grenswaarden en ontwerp besluit hogere grenswaarden Bijlage 10

Geurhinder veehouderij

Bijlage 11

Memo archeologische waarden Steegsche Velden

Bijlage 12

Quickscan ecologie

Bijlage 13

Aeriusberekening

Bijlage 14

Waterhuishoudkundig plan

Bijlage 15

Beeldregieplan

Bijlage 16

Nota vooroverleg en inspraak

5

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

6

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

0ARCADIS

(ontwerp)

Toelichting Hoofdstuk 1

1.1

Inleiding

Aanleiding

De gemeente Best heeft het voornemen om het deelgebied Steegsche Velden - Noord in ontwikkeling te nemen. De voorgenomen woningbouwontwikkeling maakt deel uit van het gebied voor dorpsuitbreiding van Steegsche Velden en Aarlesche Erven in de gemeente Best. De ontwikkeling van het plangebied vindt gefaseerd plaats. De eerste fase van de woningbouwontwikkeling is Steegsche Velden-Oost (Fase A) met een plangebied dat iets meer dan 200 woningen omvat. De ontwikkeling van de woonwijk Steegsche Velden-Oost is bijna afgerond. De vraag naar woningen is sterk toegenomen in Nederland en aanmerkelijk groter dan het aanbod, waardoor veel regio's woningbouwopgaves hebben. In de Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) is ook een woningbouwopgave waarbij er veel nieuwe woningen gebouwd moeten worden om aan de woonbehoefte te kunnen voldoen. De gemeente Best heeft de opgave om in de periode 2010-2030 te voorzien in de bouw van circa 4.000 woningen. De SGE heeft de vervolgfase van Steegsche Velden positief beoordeeld. In fase B, Steegsche Velden - Noord zijn maximaal 122 nieuwe woningen gepland, waarvan ten minste 18 in de categorie sociaal. In de onderzoeken is uitgegaan van een aantal van maximaal 130 nieuwe woningen om geen onderschatting van de effecten te krijgen.

De vervolgfase vormt in ruimtelijk en stedenbouwkundig opzicht een natuurlijke afronding van het plan en de bebouwde kom van Best en de noordgrens van het SGE. Om de realisatie van de tweede fase van deze woningbouwopgave mogelijk te maken is op basis van een stedenbouwkundig plan het voorliggende bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord opgesteld. Ten behoeve van de ontwikkeling Steegsche Velden zijn geluidschermen langs de A2 gerealiseerd om het plangebied te beschermen tegen verkeerslawaai. Het voorliggend bestemmingsplan maakt naast de woningen, ook een geluidswal en een waterberging mogelijk. Deze laatste twee functies zijn gesitueerd aan de noordzijde van het plangebied. De geluidswal is bedoeld om de wijk te beschermen tegen verkeerslawaai. Aan de zuidoostzijde is een strook grond meegenomen, het plan is om hier een beleeftuin te maken.

1.2

Plangebied

Het plangebied Steegsche Velden - Noord ligt ten noorden van de kern Best en van de wijk Steegsche Velden-Oost. Het plangebied heeft een oppervlakte van ca. 9 hectare. Het gebied wordt globaal begrensd door de A2 en de afrit Best-West (afrit 27) van de A2 aan de oostzijde, de Bomenbeemd en de Bloemendonk aan de zuidwestzijde en aan agrarische gronden aan de noordzijde. Ten zuiden van het plangebied, tussen de wijk en het geluidscherm, is een groenstrook meegenomen. Het plangebied maakt onderdeel uit van het gebied voor dorpsuitbreiding Aarle - Steegsche Velden, zoals dat is opgenomen in de Structuurvisie Best 2030 en de Structuurvisie Buitengebied.

7

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

' *ĩtì*k*

V* \1 Aŕ

--

Plangebied Steegsche Velden - Noord

Het plangebied bestaat momenteel grotendeels uit agrarisch gebied (akkerbouw en grasland) met bebouwingselementen langs de bestaande wegen (woningen en (agrarische) bedrijfsbebouwing). In het noorden ligt, aangrenzend aan het plangebied, een voormalig agrarisch bedrijf met woning. Het Nationaal Landschap Het Groene Woud ligt hemelsbreed op circa 600 meter van het plangebied. Een klein deel van het plangebied maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan Steegsche Velden-oost. Door een wijziging in het bouwprogramma voor dit deel van het plangebied, wordt dit meegenomen in voorliggend bestemmingsplan. Hier zijn reeds enkele woningen gebouwd.

1.3

Vigerend bestemmingsplan

Met de inwerkingtreding van dit bestemmingsplan komen delen van onderstaande bestemmingsplannen te vervallen. In onderstaande tabel is aangegeven welke vigerende plannen het betreft.

Bestemmingsplan

Vastgesteld door gemeenteraad

Buitengebied Best 2002 Buitengebied Best 2006 Steegsche Velden - oost Parkeernormen en archeologie

1.4

21 januari 2002 23 september 2008 7 mei 2011 6 februari 2017

Planopzet

Het bestemmingsplan bestaat formeel uit twee onderdelen: »

een verbeelding (NL.IMRO.0753.bpSteegscheVNoord-VO01), waarop de bestemmingen in het plangebied zijn weergegeven. Deze bestemmingen (met eventuele specifieke aanduidingen) zijn gerelateerd aan de in de planregels opgenomen juridische regeling.

8

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

«

de planregels waarin het gebruik van de binnen het plangebied aangegeven gronden en bouwwerken juridisch zijn geregeld. Deze regels zijn in de "Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen" (SVBP2012) zoveel mogelijk gestandaardiseerd (o.a. volgorde, indeling, benaming, begripsbepalingen, overgangsbepalingen en de slotbepaling).

Deze twee onderdelen dienen in samenhang te worden bekeken en zijn juridisch bindend. Het bestemmingsplan gaat vergezeld van een toelichting waarin de aan het plan ten grondslag liggende gedachten en de verantwoording als bedoeld in artikel 3.1.6 Bro zijn opgenomen. Ook maken de uitkomsten van het overleg als bedoeld in artikel 3.1.1 Bro deel uit van de toelichting.

1.5

Leeswijzer

Hoofdstuk 2 beschrijft, voor zover relevant, in hoofdlijnen de beleidsdocumenten die door de te onderscheiden overheden zijn gepubliceerd. Deze beleidsdocumenten vormen het planologisch kader op zowel rijks, provinciaal, regionaal als gemeentelijk niveau van onderhavig bestemmingsplan. De uitgangspunten, locatiekeuze en randvoorwaarden die ten grondslag liggen aan de voorgestane ontwikkeling komen vervolgens in hoofdstuk 3 aan bod. Hoofdstuk 4 beschrijft de planvorming op basis van ambitie en de structuren en het stedenbouwkundig plan. De economische uitvoerbaarheid wordt in hoofdstuk 5 toegelicht. Hoofdstuk 6 gaat vervolgens in op de juridische regeling van het bestemmingsplan en tenslotte wordt in hoofdstuk 7 ingegaan op de procedurele aspecten.

9

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

Hoofdstuk 2

Planologisch kader

Voor het plangebied zijn diverse beleidsstukken relevant. Het gaat hierbij om gemeentelijk, regionaal, provinciaal en nationaal beleid. Dit hoofdstuk bespreekt de hoofdlijnen van de beleidskaders die specifiek gelden voor de ontwikkeling van het plangebied Steegsche Velden - Noord.

2.1

Rijksbeleid

2.1.1

Nationale Omgevingsvisie

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. De Nationale Omgevingsvisie is de rijksvisie voor een duurzame fysieke leefomgeving en de opvolger van de Structruurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Met de NOVI kan het Rijk inspelen op de grote uitdagingen die er voor Nederland liggen. Allerlei trends en ontwikkelingen hebben invloed op de leefomgeving. Veranderende en groeiende steden, de overgang naar een duurzame en circulaire economie en het aanpassen aan de gevolgen van de klimaatverandering vormen een deel van de opgave. Dit biedt kansen, maar vraagt ook om zorgvuldige keuzes, want de ruimte, zowel boven- als ondergronds, is een schaars goed. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven aan het inrichten van de fysieke leefomgeving. De Nationale Omgevingsvisie richt zich daarbij op vier prioriteiten: 1. 2. 3. 4.

Ruimte maken voor klimaatverandering en energietransitie. De economie van Nederland verduurzamen en ons groeipotentieel behouden. Onze steden en regio's sterker en leefbaarder maken. Het landelijk gebied toekomstbestendig ontwikkelen.

ad 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering, zoals zeespiegelstijging, hogere rivierafvoeren, wateroverlast en langere perioden van droogte. Nederland is in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt maatregelen in de leefomgeving, bijvoorbeeld voldoende groen en ruimte voor wateropslag in onze steden. Voordeel is dat daarmee tegelijk de leefomgevingskwaliteit verbeterd wordt en het kansen biedt voor natuur. In 2050 heeft Nederland een duurzame energievoorziening. Dit vraagt ruimte, onder meer voor zonnevelden. Het Rijk zet zich daarnaast in voor het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal.

ad 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan Nederland zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Dit vraagt goede verbindingen via weg, spoor, lucht, water en digitale netwerken en een nauwe samenwerking met internationale partners,. Het Rijk zet in op een sterk en innovatief vestigingsklimaat met een goede quality of life: een leefomgeving die de inwoners volop voorzieningen biedt op het gebied van wonen, bewegen, recreëren, ontmoeten en ontspannen. Belangrijk is wel dat de Nederlandse economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. Het Rijk zet daarbij in op het gebruik van duurzame energiebronnen en op verandering van productieprocessen, zodat Nederland niet langer afhankelijk is van eindige, fossiele bronnen.

10

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

ad 3. Sterke en gezonde steden en regio's Nederland versterkt het Stedelijk Netwerk Nederland en breidt deze uit, waarbij de richting van de verstedelijking wordt gekoppeld aan die van de ontwikkeling van (OV-)infrastructuur. Wonen en werken worden zoveel mogelijk in elkaars nabijheid ontwikkeld in de regio's waar er vraag is. Om het netwerk als geheel te benutten, zijn goede verbindingen tussen de stedelijke regio's nodig. Het Rijk hanteert een integrale verstedelijkingsstrategie voor duurzame stedelijke ontwikkeling, waarbij verstedelijking geconcentreerd plaatsvindt in de regio. Bij de invulling van de integrale verstedelijkingsstrategieën op regionale schaal wordt ingezet op een voorkeursvolgorde voor de ontwikkeling van nieuwe woon- en werklocaties. Deze volgorde wordt ook gehanteerd als groei in niet-stedelijk gebied moet plaatsvinden. Het Rijk richt de leefomgeving zo in dat deze een actieve, gezonde leefstijl en maatschappelijke participatie bevorderd en versterkt het aanbod en de kwaliteit van het groen in de stad. Daarbij worden steden en regio's klimaatbestendig ingericht.

ad 4. Toekomstbestendigeontwikkeling van het landelijk gebied Nederland zet in op het verbeteren van de balans tussen landgebruik en de kwaliteit van landschap, bodem, water en lucht. Dit betekent dat landgebruik in balans wordt gebracht met natuurlijke systemen en dat ontwikkelingen in het landelijk gebied niet ten koste gaan van landschappelijke kwaliteiten. Het landgebruik moet meer afgestemd worden op zoetwaterbeschikbaarheid en -gebruik. Middels een voorkeursvolgorde regionaal waterbeheer wordt ingezet op het voorkomen van wateroverlast en tekorten. Het Rijk maakt een duurzaam en vitaal landbouw- en voedselsysteem mogelijk, gebaseerd op kringlopen en natuurinclusiviteit. De biodiversiteit wordt beschermd en versterkt en het natuurlijk kaptiaal wordt duurzaam benut. Het Rijk zet in op het versterken en beschermen van unieke landschappelijke kwaliteiten. Nieuwe ontwikkelingen in het landelijk gebied voegen landschapskwaliteit toe. Hierbij wordt het omgevingsbeleid landschapsinclusief. Om de beleidskeuzes op een heldere en voorspelbare manier te maken, hanteert de NOVI drie afwegingsprincipes, die helpen bij het prioriteren van de verschillende belangen en opgaven: 1. 2. 3.

Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Afwentelen wordt voorkomen.

ţAAATSCHĄpp

TOEKOMSTIGE NATIONALE STRATEGISCHE KEUZES

ONTWIKKELINGEN

GEBIEDSGERICHT MAATWERK

prioriteiten

afwegingsprincipes

nationale belangen en opgaven

Wmŝ

klimaatadaptatie en energīetransitie duurzaam economisch groeipotentieel

combineren boven enkelvoudig

sterke en gezonds steden en regio's

b identiteit

toekomstbestendīgē ontwikkeling van het landelijk gebied

kenmerken

afwentelen voorkomen

Afweging met NOVI

De uitvoering van de NOVI vraagt om nieuwe manieren van samenwerken met blijvende brede, maatschappelijke betrokkenheid en inzet van overheden. Hierbij hanteert het NOVI vier uitgangspunten: 1. We werken als één overheid, samen met de samenleving.

11

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

2. 3. 4.

We stellen de opgave(n) centraal. We werken gebiedsgericht. We werken permanent en adaptief aan de opgaven.

De ontwikkeling die met dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, doet op geen enkele wijze afbreuk aan het ruimtelijk beleid van het Rijk.

2.1.2

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro)

De nationale belangen uit de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte die juridische borging vragen, worden geborgd in het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro). De AMvB is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen en provinciale inpassingsplannen en zorgt voor sturing en helderheid van deze belangen vooraf. Met het Barro geeft het Rijk aan dat ingezet wordt op zuinig ruimtegebruik, bescherming van kwetsbare gebieden en bescherming van het land tegen overstroming en wateroverlast. In het Barro staat aan welke regels (rijksbelangen) de gemeenten en provincies zich moeten houden, bijvoorbeeld bij het opstellen van een bestemmingsplan. In het verlengde van het Barro is ook de Regeling algemene regels ruimtelijke ordening (Rarro) van kracht. Er zijn geen onderwerpen of rijksbelangen uit het Barro waarmee het voornemen strijdig is.

2.2

Provinciaal beleid

2.2.1

Omgevingsvisie Noord-Brabant 2018

Op 14 december 2018 is door Provinciale Staten van Noord-Brabant de Brabantse Omgevingsvisie vastgesteld. Deze Omgevingsvisie bevat de belangrijkste ambities voor de fysieke leefomgeving voor de komende jaren. Dat gaat om ambities op gebied van de energietransitie, een klimaatproof Brabant, Brabant als slimme netwerkstad en een concurrerende, duurzame economie. De omgevingsvisie geeft ook aan op welke nieuwe manieren de provincie met betrokkenen wil samenwerken aan omgevingsvraagstukken en welke waarden daarbij centraal staan. De Brabantse Omgevingsvisie geeft aan hoe de Brabantse leefomgeving er in 2050 uit zou moeten zien. En waar de provincie in 2030 tenminste moet staan om die lange termijndoelen te halen. De visie noemt een basisopgave en vier hoofdopgaven: « » « » «

De basis op orde: veiligheid, gezondheid en omgevingskwaliteit zijn van essentieel belang om goed te kunnen wonen, werken en leven in Brabant. Brabantse energietransitie: om Brabant op termijn energieneutraal te maken moeten we minder energie gebruiken en meer duurzame energie op gaan wekken. Slimme netwerkstad: de manier waarop we ons verplaatsen verandert en we stellen andere eisen aan steden. Dit heeft gevolgen voor het netwerk van steden en dorpen. Klimaatproof Brabant: als gevolg van klimaatverandering krijgen we meer extremen in temperatuur en neerslag. Hoe gaan we deze gevolgen aanpakken. Concurrerende, duurzame economie: Brabant wil top kennis- en innovatieregio blijven, waarbij de omslag naar een circulaire economie nodig is en digitalisering steeds belangrijker wordt.

Deze vier hoofdopgaven zijn belangrijk voor heel Brabant en spelen ook in de hele provincie. Bij de uitwerking van de vier hoofdopgaven is de basisopgave 'een veilige, gezonde leefomgeving met een goede omgevingskwaliteit' leidend. Om de doelen van de hoofdopgave 'Werken aan de slimme netwerkstad' te bereiken, wordt ingezet op een samenhangende ruimtelijke koers waarin stad, land en mobiliteit met elkaar verbonden worden. Ingezet wordt op duurzame verstedelijking waarbij uitbreiding van het bestaande stedelijke gebied in steden en dorpen wenselijk is vanuit kwalitatieve overwegingen en bij een concrete marktvraag. De komende 10 jaar ligt er een forse woningbouwopgave (ca. 120.000 woningen), daarna loopt de

12

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

woningbouwopgave in omvang terug. Een andere belangrijke opgave voor de provincie is het toekomstbestendig maken van het stedelijk netwerk: er is een meer circulair stedelijk netwerk nodig, waarin een transitie plaatsvindt naar duurzame energie, waarin rekening wordt gehouden met de gevolgen van klimaatverandering (klimaatadaptatie) en waar de kringlopen van grond- en bouwstoffen, water en energie verkorten. Daarnaast gaat de provincie Noord-Brabant samen met de steden op zoek naar mogelijkheden om de verbinding tussen stad, dorp en landelijk gebied te versterken. Hier liggen kansen in de opgaven voor klimaatadaptatie en energietransitie. Het versterken van de verbinding tussen stad en land kan bijvoorbeeld ook door te zorgen voor goede verkeersveilige fietsverbindingen tussen stad en het landelijke gebied. Het streven naar een stedelijk netwerk dat de gezondheid en het leefklimaat van de Brabanders versterkt betekent dat er aandacht is voor de milieukwaliteit en een aantrekkelijke en bereikbare groene omgeving en voorzieningenstructuur. Nabijheid en menging van wonen, werken, voorzieningen, parken en natuur draagt niet alleen bij aan gezondheid, maar nodigt ook uit tot sociale contacten. De voorgenomen woningbouwontwikkeling Steegsche Velden - Noord die met dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, past binnen het beleid van de Omgevingsvisie Noord-Brabant.

2.2.2

Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant 2019

De interim omgevingsverordening vervangt zes provinciale verordeningen en is beleidsneutraal van karakter. Er zijn in de Interim omgevingsverordening geen beleidswijzigingen doorgevoerd, behalve als deze voortvloeien uit vastgesteld beleid zoals de omgevingsvisie. Het is een 'Interim' omgevingsverordening, om daarmee te benadrukken dat dit een tussenstap is naar de 'definitieve' omgevingsverordening gebaseerd op de Omgevingswet. De definitieve verordening wordt tegelijk met de Omgevingswet van kracht. In de definitieve verordening worden, in tegenstelling tot de interim verordening, ook beleidswijzigingen verwerkt. Per onderwerp zijn in de verordening gebieden tot op perceelsniveau begrensd. De onderwerpen in de verordening komen uit de provinciale omgevingsvisie en structuurvisie; de belangrijkste onderwerpen in de Interim omgevingsverordening zijn: » omgevingskwaliteit; » stedelijke ontwikkelingen; » duurzame energie; « natuurgebieden en andere gebieden met waarden; » agrarische ontwikkelingen; » overige ontwikkelingen in het buitengebied. Voor sommige onderwerpen zijn in de verordening regels opgenomen waarmee gemeenten rekening moeten houden bij het opstellen van ruimtelijke plannen. In de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant wordt onderscheid gemaakt tussen rechtstreeks werkende regels en instructieregels gemeenten.

Voor het plangebied zijn de volgende aanduidingen van toepassing: » «

Verstedelijking afweegbaar Groenblauwe mantel

13

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

Verstedelijking afweegbaar - instructieregels gemeenten: stedelijke ontwikkeling en erfgoed_____________________________________________________

Groenblauwe gebied

instructieregels gemeenten - basiskaart landelijk

Verstedelijking afweegbaar Een bestemmingsplan dat voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen stedelijk gebied en bevat, conform 'artikel 3.42 duurzame stedelijke ontwikkeling' een onderbouwing dat de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken en dat het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: « » » » » »

bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water; geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie.

In afwijking van artikel 3.42 kan een bestemmingsplan, ter plaatse van 'verstedelijking afweegbaar' voorzien in de nieuwvestiging van een duurzame stedelijke ontwikkeling als: » « » »

binnen stedelijk gebied feitelijk of vanuit kwalitatieve overwegingen onvoldoende ruimte beschikbaar is; transformatie van cultuurhistorisch waardevol of geschikt leegstaand vastgoed niet tot de mogelijkheden behoort; de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken; de stedenbouwkundige- en landschappelijke inrichting rekening houdt met de omgevingskwaliteit en structuren in het gebied en de naaste omgeving waaronder een duurzame afronding van het stedelijk gebied.

Groenblauwe mantel Een bestemmingsplan van toepassing op de Groenblauwe mantel: » » »

strekt tot behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en de daarmee samenhangende ecologische waarden en kenmerken en landschappelijke waarden en kenmerken; stelt regels ter bescherming van de ecologische, landschappelijke en hydrologische waarden en kenmerken van het gebied; borgt dat een ontwikkeling gepaard gaat met een positieve bijdrage aan de bescherming en ontwikkeling van de ecologische waarden en kenmerken en landschappelijke waarden en kenmerken.

14

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

De toelichting bij een bestemmingsplan bevat een beschrijving van de aanwezige ecologische waarden en kenmerken en landschappelijke waarden en kenmerken. De voorgenomen woningbouwontwikkeling Steegsche Velden - Noord die met dit bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt, is niet strijdig met de Interim omgevingsverordening.

Kwaliteitsverbeteringlandschap Vanuit het bereiken van een goede omgevingskwaliteit geldt in Brabant sinds 2014 de regeling Kwaliteitsverbetering landschap. In artikel 3.9 van de Interim Omgevingsverordening is dan ook voorgeschreven dat een bestemmingsplan dat een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk maakt in Landelijk gebied tevens erin voorziet dat die ontwikkeling gepaard gaat met een fysieke verbetering van de landschappepelijke kwaliteit van het gebied of de omgeving. In de toelichting dient een gemeente aan te geven dat de inzet van de kwaliteitsverbetering past binnen het beleid voor een gebied of de omgeving en op welke wijze dit geborgd is in het plan. Het aantonen kan bijvoorbeeld door aan te geven dat de maatregelen passen bij het aanwezige landschapstype of door te verwijzen naar een landschapsplan of gemeentelijke structuurvisie waarin landschapsdoelen zijn opgenomen. De verordening biedt dus de mogelijkheid dat de kwaliteitsverbetering niet op dezelfde plek plaatsvindt als de ontwikkeling. Het is aan de gemeente om hiervoor beleid te ontwikkelen. In geval de kwaliteitsverbetering elders wordt uitgevoerd, geldt ter plaatse van de ontwikkeling uiteraard wel een goede landschappelijke inpassing. De uitvoering dient financieel, juridisch en feitelijk geborgd te zijn in het plan.

Een verbetering van de landschappelijke kwaliteit kan mede de volgende aspecten omvatten: « » » « » » »

de op grond van deze verordening verplichte landschappelijke inpassing; het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land; het behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen; het wegnemen van verharding; het slopen van bebouwing; de realisering van het Natuur Netwerk Brabant en ecologische verbindingszones; het aanleggen van extensieve recreatieve mogelijkheden.

Met het onderhavige bestemmingsplan wordt voldaan aan de eisen van de kwaliteitsverbetering landschap. Daartoe wordt verwezen naar paragraaf 4.4 van deze toelichting.

2.3

Samenwerkingsverband Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE)

In de wetenschap dat samenwerken sterker maakt, hebben negen gemeenten in het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) hun krachten gebundeld. Het stedelijk gebied vormt het hart van Brainport en is een sterke internationaal georiënteerde regio met innovatieve bedrijvigheid en een hoogwaardig woon- en leefklimaat. De gemeenten Best, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Helmond, Nuenen, Oirschot, Son en Breugel, Veldhoven en Waalre vormen samen het Stedelijk Gebied Eindhoven. De 9 gemeenten hebben als belangrijkste opdracht om de ambities van Brainport 2020 en de doorontwikkeling daarvan te faciliteren met hoogwaardige werkgebieden, een gevarieerd wervend woonklimaat en een aansprekend pakket aan voorzieningen. Op 1 januari 2014 hebben de gemeenten hun krachten gebundeld en sindsdien werken zij samen op de drie thema's ‘Wonen’, ‘Werken’ en ‘Voorzieningen’. De thema's sluiten aan bij het leven van de inwoners uit het stedelijk gebied. Door samenwerking en afstemming zetten de gemeenten in op oplossingen die passen bij de behoeften van hun inwoners. Om sturing te geven aan de samenwerking tussen de negen gemeenten is een Bestuurlijk Platform ingericht. In het Bestuurlijk Platform is elke gemeente vertegenwoordigd. Het platform bewaakt en ontwikkelt de gezamenlijke visie en borgt de integraliteit van de processen binnen de samenwerking.

15

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

Afsprakenkader Wonen 2017 In het “Afsprakenkader Wonen 2017” van het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) is vastgesteld welke plannen binnen het stedelijk gebied regionaal worden afgestemd. Het gaat daarbij om nieuwe bestemmingsplannen, herzieningen en/of actualisaties. Specifiek voor fase B van de ontwikkeling van Steegsche Velden, zijnde Steegsche Velden - Noord, is categorie c van toepassing, gezien de ligging in het zoekgebied verstedelijking en omdat het aantal woningen groter is dan 75. Het Afsprakenkader Wonen benoemt binnen het SGE meerdere kwadranten die elk hun eigen specifieke woonmilieus kennen. Best staat als kwadrant 'Noordrand' aangegeven. Het woonmilieu hierbij is 'suburbaan - landelijk'. Daarbij gelden voor de Noordrand (i.c. Steegsche Velden) de volgende steekwoorden: » « » »

Groen en recreatief Landschappelijke kwaliteit (Auto)bereikbaarheid Midden-Brabant en de Randstad Gericht op forensen

KWADRANTEN

Cíntrynt SohaiM

ShoP»4cuírure

Çontrum Interna hona*f ShopsÄcultuřo OlHIUV oud iunť intomaboį Xlmbÿ mo

Indeling van kwadrant gebieden door de SGE

In het Afsprakenkader zijn de negen gemeenten tot de volgende uitgangspunten en afspraken gekomen die betrekking hebben op de voorgenomen ontwikkeling, deze afspraken zijn: »

«

De Perspectiefnota wordt door de negen gemeenten in samenwerking met de provincie nader uitgewerkt in een regionale visie op wonen. Waaraan elke gemeente invulling geeft via haar eigen woonvisie. Bij het opstellen van de regionale visie wordt de ‘kwadrantenbenadering’ gebruikt als verdieping. De visie is gebaseerd op feitelijke analyses en houdt rekening met andere belangrijke beleidsvelden in de regio. Hiermee worden de woningbouwplannen in het Stedelijk Gebied vervolgens op elkaar afgestemd. We werken de Brainport principles nader uit in praktisch hanteerbare principes en gebruiken deze als bindend kader bij alle nieuwe woningbouwontwikkelingen. Vanuit deze Brainport principles worden de thema's voor de waardecreatie aangedragen.

16

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

«

»

We geven ruim baan aan initiatieven die uitgaan van herstructurering, transformatie en inbreiding. Dit betreft de locaties binnen het bestaand stedelijk gebied zoals dat is aangegeven in de provinciale Verordening Ruimte 2014. Het SGE heeft een bestuursopdracht voor de aanpak van een negental majeure projecten gegeven. Deze opdracht is in een half jaar tijd concreet uitgewerkt en vervolgens jaarlijks gemonitord in SGE verband en met de provincie. Het gaat hierbij vooral om een nadere positionering en profilering van de locatie in de regio, de daarop afgestemde programmering en de fasering in tijd.

Het plan in relatie tot de Regionale Kwadrantenbenadering Steegsche Velden voldoet door de opzet en invulling van het stedenbouwkundig plan alsook door zijn ligging bij uitstek aan de kwalificatie van een suburbaan landelijk woonmilieu. In het Afsprakenkader is voor Best als uitgangspunt gesteld dat er gericht moet worden op “ruim opgezette groen stedelijke- en dorpse woonmilieus in de randgemeenten”. De stedenbouwkundige visie van het plan Steegsche Velden heeft juist het uitgangspunt van een groen stedelijke- en dorpse basis als opzet. Daarnaast voorziet het plan in de genoemde behoefte aan (grotere) woningen met buitenruimte. Ten aanzien van het aspect bereikbaarheid is duidelijk dat de locatie hier bovengemiddeld scoort, zowel via het Openbaar Vervoer met het ondergronds treinstation, alsook via de weg met A2, A58 en A50. Best vormt van hieruit in feite de ontvangst van de Brainportregio. Ten aanzien van de aspecten; 'groen en recreatief en 'landschappelijke kwaliteit' wordt in de planvorming invulling gegeven door aan te sluiten op een wandelroute (ommetje) en door de recreatieve inrichting van de zone aan de noordzijde van het plangebied. De conclusie is dat het plan Steegsche Velden - Noord binnen de SGE invulling geeft aan het kwadrant Noordrand.

Het Portefeuillehoudersoverleg Wonen Stedelijk Gebied Eindhoven heeft deze casus in haar vergadering van 21 december 2017 besproken. Overwegende dat: « »

»

Steegsche Velden fase B een afronding is van een vergaand gerealiseerde woonwijk (200 woningen); In de planvorming altijd al is uitgegaan van een ontwikkeling met circa 300 woningen, maar dat de afronding met fase B echter niet eerder kon plaats vinden vanwege een milieucontour, die inmiddels is opgeheven; Het Coördinatieteam een positief advies heeft uitgebracht.

Verder heeft het Portefeuillehoudersoverleg Wonen Stedelijk Gebied Eindhoven het volgende besloten: 1. 2. 3.

De verdere ontwikkeling van Steegsche Velden fase B past binnen het 'Afsprakenkader Wonen 2017". Met deze toetsing en dit besluit heeft ook de regionale afstemming plaatsgevonden. In fase B dient vastgehouden te worden aan de beeldregie en de kwaliteit van het reeds gerealiseerde deel van Steegsche Velden en ruimte worden geboden aan particulier opdrachtgeverschap.

Toetsing Brainport Principles Artikel 3.42 lid 1 sub a. van de Interim Omgevingsverordening bepaalt dat ingeval voorzien is in de nieuwbouw van woningen het bestemmingsplan een verantwoording bevat over het aantal te realiseren wooneenheden in relatie tot de afspraken die hierover in het regionaal ruimtelijk overleg zijn gemaakt. Het plan voldoet aan de regionale afspraken. De locatie is afgestemd met de provincie en de regio en vastgelegd in het Afsprakenkader Wonen SGE 2017. Het plan is conform de regionale afspraken getoetst aan de Brainport Principles (zie Bijlage 1) en voldoet, zo blijkt uit het positieve advies van het Coördinatieteam Wonen SGE (zie Bijlage 2 en Bijlage 3).

17

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

2.4

Gemeentelijk beleid

2.4.1

Structuurvisie Best 2030

Op 9 mei 2011 heeft het gemeentebestuur de Structuurvisie Best 2030 vastgesteld met daarin een toekomstbeeld dat bestaat uit twee delen. Deel A bevat de structuurvisie met een ontwikkelingskader en een lange termijn-beeld. De visie is een ruimtelijk casco voor concrete projecten en is zowel kaderstellend als inspirerend. Deel B bevat het ruimtelijk programma voor de korte en middellange termijn en wordt periodiek geactualiseerd. Best wil onder andere bouwen voor de eigen woningbehoefte. De opvang van de regionale behoefte is hieraan ondergeschikt, maar reeds gemaakte afspraken worden gerespecteerd. In dat licht wil Best groeien naar een gemeente met maximaal 34.000 inwoners. Dit is voldoende om bestaande afspraken na te komen en tegelijkertijd de gemoedelijke en dorpse sfeer te behouden. Deze keuze betekent dat het aanwijzen van nieuwe, andere uitbreidingslocaties niet nodig is. De geplande woningbouwlocaties Dijkstraten, Aarlesche Erven en Steegsche Velden en de overige 'harde' en 'zachte' plannen zowel binnen als buiten bestaand bebouwd gebied zijn voldoende om aan de vraag tot 2030 te voldoen. De structuurvisie bevat de kaart 'Ruimtelijk Fundament kaart”. Hierin is de planlocatie opgenomen in de zone 'gebied voor dorpsuitbreiding'.

dok; ■■■■■Kür. ■nu

Ruimtelijk Fundament

Ruimtelijke fundament kaart van de structuurvisie Best 2030

Gebied voor dorpsuitbreiding Met andere gemeenten in de regio (BOR (Bestuurlijk Overleg Rand)-gemeenten) heeft Best afgesproken om vanaf 2010 een gedeelte van de Eindhovense woningbehoefte op te vangen. In deze afspraken staat een netto bouwtaak voor circa 2.600 woningen tot 2020. Voor de periode 2020-2030 worden ca. 1.500 woningen voorzien. Een deel hiervan wordt gerealiseerd in reeds bekende uitbreidingslocaties, die in

18

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

deze structuurvisie zijn aangeduid als ‘Gebied voor dorpsuitbreiding’, zo ook de voorgenomen woningbouw ontwikkeling Steegsche Velden - Noord. De gebieden aangemerkt voor dorpsuitbreiding komen als eerste in aanmerking om te worden getransformeerd van onbebouwd gebied naar bebouwd gebied in de vorm van wonen en daar bijhorende voorzieningen. Bij de inrichting van ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met de kwaliteiten en structuren in het gebied en de omgeving. De natuurlijke ondergrond en de historisch gegroeide structuur van Best dienen te worden meegenomen bij de planvorming. Het programma moet gerealiseerd worden binnen de maat en schaal van het landschap. De voorgenomen ontwikkeling van Steegsche Velden - Noord is in overeenstemming met de Structuurvisie Best 2030.

2.4.2

Structuurvisie Buitengebied 2016

Op 4 april 2016 heeft het gemeentebestuur de Structuurvisie buitengebied vastgesteld. Dit is een partiele herziening van de Structuurvisie Best 2030 en heeft betrekking op het gehele grondgebied van de gemeente Best (de bebouwde kom en het buitengebied) en schetst het ruimtelijke toekomstbeeld tot 2030. Deze structuurvisie is een inspiratiebron en afwegingskader voor initiatieven in het buitengebied. Het stedelijk gebied en het gebied waar de structuurvisie 'Groene Mantel met rode knopen' geldt, maken er dus geen onderdeel van uit. Met de Structuurvisie Best 2030 heeft de gemeenteraad aangegeven te bouwen voor de eigen woningbehoefte en daaraan ondergeschikt opvang van de regionale opgave. Woningbouwlocaties als Steegsche Velden zijn voldoende om aan de vraag tot 2030 te voldoen. Dat betekent dat, ondanks de aanduiding 'zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling' ten oosten van de A2 geen stedelijke uitbreidingslocaties aan de orde zijn.

[ ~ 1 Bsslnirgsbied Aanduiding - lnlĽ[|i Hlie sud-llnü

Structuur - Bestaand sredeiij k gebied. stede lijk unanUalleļeUHl I------ | Aanduiding- Regionaal bedrliinenterreln Aanduiding - Zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling, kern in lendelijk gebied Aanduiding - Zoekgebied voor stedelijke ontwikkeling, iiedeli|k

tunceniiuiiegcLied Strudiiur - Bestaand siedelijk gebied, kern In lendelijk gebied Uitsnede themakaart stedelijke ontwikkeling (Verordening ruimte 2014; Structuurvisie Buitengebied 2016)

19

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

De vereiste kwaliteitsverbetering dient in de bebouwingsconcentratie zelf te worden gerealiseerd. Zo wordt gestreeft naar versterking van de ruimtelijke kwaliteit van een bebouwingsconcentratie ets geheel. Voorkomen dient te worden dat aile open plekken in bebouwingsconcentraties worden bebouwd. In de afbeelding hierna zijn de te onderscheiden deelgebieden in het buitengebied van Best weergegeven. Het plangebied is gelegen in de aanduiding 'gebied voor dorpsuitbreiding'.

Structuurvisie

buitengebied

Agranscn-recrealief landKhap Recieati0fcr«d5chop

De Mortelen/De.

De Mortelen i De Seheehen Heide-

bosgebied

De Weut Geaed voor dorpsuitbreiding Recreatieve pooit Recreatie! medegebruik Groene verbinding Recreatieve verbinding •,ľi. uilii.. : Wand» r hets'vooraening

Meuwe Hade

Landschappelijke -cologische -s-fbmŭngszone

M | .1. Él HM |H | Plangebied

ňqaabest Aêritcht Heide

Gemeente Best

ARCADIS 4+3Blí 1:32.00)

8010**0721

Kaartbeeld structuurvisie Buitengebied

De voorgenomen ontwikkeling van Steegsche Velden - Noord is in overeenstemming met de structuurvisie Buitengebied 2016.

2.4.3

Woonvisie 2017

Door de vele veranderingen in de maatschappij en nieuwe wet- en regelgeving, heeft de gemeente Best de Woonvisie 2017 opgesteld. Wonen is geen geïsoleerd onderwerp, maar heeft betrekking heeft op alle aspecten van het leven en de leefomgeving, naast andere vormen van ruimtegebruik, zoals bedrijvigheid, groen, water, recreatie, cultuur. Wonen heeft ook veel raakvlakken met leefbaarheid, duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit, zorg en welzijn. Visies en beleid zoals de structuurvisie, de nota groene mantel met rode knopen, duurzaamheidsbeleid en regionale woningbouw afspraken in het Stedelijk Gebied Eindhoven (SGE) worden meegenomen. Al deze onderwerpen komen terug in deze woonvisie. Best maakt onderdeel uit van een grotere woning- en economische markt, dus mag de relatie met de regio niet ontbreken. Bij de keuzes die gemaakt worden in projectontwikkeling en aanpalende beleidsvelden biedt de woonvisie houvast. De visie is een doorkijk naar het wonen in Best in de toekomst. In de komende 10 jaar gaat de gemeente het woningbestand uitbreiden met 1.600 woningen. Deze

20

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

uitbreiding vindt vooral plaats in Steegsche Velden, Dijkstraten, Aarlesche Erven en door particuliere initiatieven (vaak inbreidingslocaties). Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de ruimte die de nieuwe woningbouwprogrammering wellicht biedt om in te kunnen spelen op actuele ontwikkelingen in bestaande wijken.

2.4.4

Groenbeleidsplan 2012

De gemeente Best hecht grote waarde aan het groen en heeft daarom een beleidskader opgesteld in de vorm van een Groenbeleidsplan voor Best. Het Groenbeleidsplan 2012 heeft tot doel richting te geven aan de ontwikkelingen en het beheer van het openbaar groen in de gemeente. Dit groenbeleid vormt het kader voor de ontwikkeling in de komende jaren. Het plan geeft de visie op groen weer, voor nieuwe ontwikkelingen en het bestaand groen. Voor het groen in de gemeente zijn vijf centrale doelstellingen geformuleerd: » » »

« »

Sfeer en imago van gemeente gestalte geven: groen behouden en als een belangrijke voorwaarde voor een wervend woonmilieu inzetten; Verbindende factor van groen benadrukken; groen creëert samenhang in de gemeente en vormt verbinding tussen diverse gebieden en functies; Gebruik en waarden van het groen op elkaar afstemmen: het groen vervult gebruikswaarde, belevingswaarde en ecologische waarde. Aard, omvang en inrichting/bereikbaarheid bepalen de passende functie van het groen; Gebruikers betrekken bij de openbare ruimte: gebruikers zich verantwoordelijk laten voelen bij het groen, door samen met de omgeving in contact te blijven over wensen en prioriteiten; Afweging maken tussen de waarde/functie van groen en andere claims op de ruimte: voorwaarden voor boven- en ondergrondse ruimte vastleggen zodat waardevolle bomen en waardevol groen in wijken op een passende wijze worden ingevuld binnen de mogelijkheden.

De voorgenomen woningbouwontwikkeling Steegsche Velden - Noord wordt een woonwijk met een groen karakter en zal voldoen aan het Groenbeleidsplan. In het stedenbouwkundig schetsplan is aangegeven dat aangesloten wordt op de groenstroken structuur en het bestaande geluidscherm langs de A2. Ook is in het plan een groenstrook toegevoegd met veel ruimte en kwaliteit die gebruikt kan worden voor recreatie. Binnen deze strook zijn plannen voor een beleeftuin. Midden door de wijk loopt een groene loper van het zuiden naar het noorden en deze 'groene loper' wordt voorzien van een wandelpad.

2.4.5

Water- en rioleringsplan

Het Water- en rioleringsplan (WRP) is een beleidsplan dat op hoofdlijnen de invulling van de gemeentelijke watertaken weergeeft. Door middel van het WRP legt de gemeente vast wat zij wil bereiken en wat de rol van inwoners en bedrijven is ten aanzien van afval-, hemel-, en grondwater. Het WRP vervult hiermee vier hoofdfuncties: » » » »

Kader gemeentelijke zorgplichten overzicht beleidskeuzes ten aanzien van stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Interne afstemming met andere vakdisciplines binnen de gemeentelijke organisatie. Externe afstemming met de waterpartners en de relatie met inwoners en bedrijven. Continuïteit en voortgangsbewaking vanwege de relatief lange levensduur van stedelijke water voorzieningen is een lange termijn aanpak essentieel (begroting en evaluatie).

Het planvoornemen voldoet aan de uitgangspunten van het WRP. In paragraaf 3.9 is uitgewerkt hoe voldaan wordt aan de normen van de gemeente Best.

21

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

2.4.6

Best Mobiel

De gemeenteraad van gemeente Best heeft op december 2017 de mobiliteitsvisie 'Best Mobiel' vastgesteld. Deze visie vervangt het Gemeentelijk Verkeers- en Vervoer Plan (GVVP) uit 2008. De actualisatie van de mobiliteitsaanpak was noodzakelijk om aan te sluiten bij de huidige trends en ontwikkelingen. Belangrijk is wat ontwikkelingen rondom en in Best betekenen voor de mobiliteit in Best. Best maakt onderdeel uit van een grote en actieve regio. Om samen met de regio actief te blijven en aan te sluiten bij de ontwikkelingen is deze mobiliteitsaanpak gemaakt. De ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit gaan snel. Hierdoor is het moeilijk om te voorspellen wat er in de toekomst wordt verwacht. Om te zorgen dat er ingespeeld kan worden op nieuwe ontwikkelingen, is er gekozen voor een adaptieve aanpak. Met deze aanpak legt de gemeente vast waar ze naar toe wil, waar de prioriteiten worden gelegd en waarom er iets gedaan moet worden, maar er wordt nog niet vastgelegd hoe dit precies gedaan gaat worden. Met de mobiliteitsaanpak wordt gericht op het jaar 2030. Uitgangspunt van deze aanpak is dat mobiliteit geen doel op zich is, maar een voorwaarde voor het duurzaam economisch en sociaal functioneren van Best en haar omgeving. Onder deze mobiliteitsaanpak ligt een uitvoeringsprogramma. Het uitvoeringsprogramma maakt duidelijk ‘hoe’ de gemeente de mobiliteitsaanpak wil uitvoeren.

Het is concreet voor de korte termijn, maar geeft ook een doorkijk naar 2030. De gemeente actualiseert het uitvoeringsprogramma elke twee jaar. In paragraaf 3.10 is de verkeerstoets opgenomen waarin wordt toegelicht hoe de voorgenomen woningbouwontwikkeling aansluit op de ambities en normen van de gemeente Best. Het hoofddoel van de Bestse mobiliteitsaanpak is: Versterk het duurzaam economisch en sociaal functioneren van Best en omgeving. Dit hoofddoel is uitgewerkt in drie ambities. Deze ambities geven samen antwoord op de vraag ‘wat de gemeente wil bereiken’: 1. Versterk de bereikbaarheid van economische locaties en (woon)voorzieningen; »

» » » »

Basis op orde: Om de mobiliteit te sturen wil de gemeente meer inzicht in verkeersdata. Moderne technieken bieden de mogelijkheid om meer data in te winnen en te gebruiken. Verkeerslichten en mobiele telefoons kunnen een schat aan informatie leveren. Co-modaliteit: verschillende vervoerssystemen naast elkaar en in samenhang met elkaar. Er wordt ingezet op voetgangers, fietsverkeer, openbaar vervoer en autoverkeer. Lokale co-modaliteit: hierbij wordt de co-modaliteit op enkele gebieden gefocust: Centrumgebied, lokale hoofdstructuur. bereikbaarheid bedrijventerreinen. Verkeerskundig beheer verkeerslichten: Hierbij gaat het erom dat de gemeente de verkeerslichten optimaal wil laten functioneren. Parkeren bij nieuwe ontwikkelingen: De gemeente heeft een co-modale insteek in de nota Parkeernormen. Bij regionale parkeervraagstukken gaat wil gemeente met andere gemeentes uit de regio als één overheid gaan denken.

2. Vergroot de bijdrage aan de kwaliteit van de leefomgeving voor nu en in de toekomst; «

«

»

«

Verkeersveiligheid: Deze mobiliteitsaanpak zet in op een duurzaam veilig verkeerssysteem, waarbij verkeersdeelnemers zich bewust zijn van hun eigen rol. Verkeersveiligheid is een harde randvoorwaarde. Het verbeteren van de verkeersveiligheid blijft een voortdurend aandachts- en actiepunt. Evenals de provinciale doelstelling gaat ook de gemeente Best voor 0 verkeersdoden. Prioriteit voor gezonde mobiliteit: Door meer gebruik te maken van de fiets of door te lopen wordt de gezondheid op twee manieren bevorderd. Lopen en fietsen levert beweging op, wat gezond is. Als door te lopen of fietsen een verplaatsing niet met een gemotoriseerd voertuig wordt gemaakt, levert het ook een reductie op van schadelijke uitstoot. Prioriteit geven aan een gezonde mobiliteit betekent overigens niet dat de auto actief geweerd wordt. Prioriteit voor duurzame en schone mobiliteit: Een duurzame en schone mobiliteit wordt bereikt door in te zetten op een tweetal sporen: inzetten op schoner verplaatsen en inzetten op minder/anders verplaatsen. Beleving openbaar gebied: De gemeente Best streeft een prettige beleving van het openbaar gebied

22

ŴARCADIS

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord (ontwerp)

na door: de openbare ruimte waar mogelijk in te richten als verblijfsruimte. Het saneren van (overbodige) verkeersmaatregelen, bewustwording creëren over parkeerproblemen in bestaande gebieden en onderhoudsknelpunten reactief oppakken. 3. Lever een bijdrage aan een toegankelijke omgeving voor iedereen. »

«

»

Fysieke toegankelijkheid: Mensen met hulpmiddelen zoals bijvoorbeeld een rolstoel of met een andere zichtbare of niet zichtbare handicap moeten zo veel mogelijk zelfstandig gebruik kunnen maken van het Bestse mobiliteitssysteem. Openbaar vervoer en doelgroepenvervoer: Door waar mogelijk mensen die gebruik maken van het doelgroepenvervoer via het reguliere openbare vervoer te verplaatsen, worden meerdere doelen bereikt: zelfstandig reizen bevordert het gevoel van eigenwaarde, door verschillende vervoerssystemen te integreren ontstaat er meer ‘massa’ aan reizigerspotentieel, wat meer kansen biedt voor beter en betaalbaar openbaar vervoer en de betaalbaarheid van beide vervoerssystemen wordt groter. Betaalbaarheid: Nieuwe initiatieven moeten betaalbaar zijn. Niet alleen voor de gemeente, vaak in de rol van wegbeheerder, maar ook voor de Bestenaar in zijn/haar rol als weggebruiker.

Hoofddoel: Versterk het duurzaam economisch en sociaal functioneren van Best en omgeving

Ambitie 1

Ambitie 2

Versterk de

Vergroot de bijdrage aan

Lever een bijdrage aan

bereikbaarheid van

de kwaliteit van de

een toegankelijke

economische locaties en

leefomgeving voor nu en in

omgeving voor

woonvoorzieningen

de toekomst

iedereen

1.

4,

Ambitie 3

Basis op orde

Verkeersveiligheid

Fysieke toegankelijkheid

Co-moda iteit

Prioriteit voor gezonde

Openbaar vervoer en

Lokale co-modaliteit

mobiliteit

doelgroepenvervoer

Verkeerskundig

Prioriteit voor duurzame en

Betaalbaarheid

beheer

schone mobiliteit

verkeerslichten

4.

Beleving openbaar gebied

Parkeren bij nieuwe ontwikkelingen

Afbeelding: Overzicht ambities Best Mobiel

Het planvoornemen voldoen aan de mobiliteitsvisie van Best.

2.4.7

Uitvoeringsprogramma Lucht

Het Uitvoeringsprogramma Lucht 2015-2020 is een vervolg op het Inventarisatierapport Luchtkwaliteit 2008 en het Luchtkwaliteitsplan 2009 en geeft invulling aan de daarin gestelde doelen. Het Uitvoeringsprogramma Lucht schetst het op dat moment actuele beleid van regelgeving, beleid en getroffen maatregelen omtrent luchtkwaliteit. Daarnaast geeft het een overzicht van de maatregelen voor de periode tot en met 2020 met een positieve bijdrage op de luchtkwaliteit en een gunstig effect op de gezondheid. Met het Uitvoeringsprogramma Lucht wil de gemeente bereiken dat:

23

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

« » » »

de concentratie (ultra)fijnstof (PM10, PM2i5) en stikstofdioxide (NO2) onder de wettelijk norm blijft; luchtkwaliteit structureel wordt meegenomen in de besluitvorming omtrent ruimtelijke en infrastructurele ontwikkelingen ten aanzien van wonen en werken; kwetsbare groepen niet worden gehuisvest op nieuwe locaties waar sprake is van hogere concentratie luchtverontreinigde stofffen, in casu drukke (snel)wegen; door communicatie, voorlichting, acties en maatregelen de bijdrage van inwoners, bedrijven en gemeente) aan een verbetering van de luchtkwaliteit toeneemt.

Met het plan wordt voldaan aan de eisen uit het Uitvoeringsprogramma Lucht. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 3.6.4.

2.4.8

Hogere Waardebeleid

Decentralisatie van de hogere waardeprocedure is onderdeel van de gewijzigde Wet geluidhinder die per 1 januari 2007 van kracht is geworden. Dit houdt in dat de bevoegdheden voor het vaststellen van hogere waarden voortaan bij het college van burgemeester en wethouders liggen. Dit geldt voor zones langs spoorwegen en wegen, bij reconstructie van wegen en voor gemeentelijke industrieterreinen. Gedeputeerde Staten blijven overigens bevoegd om hogere waarden vast te stellen. Dit geldt voor de aanleg van (hoofd)spoorwegen, provinciale wegen en zones rond industrieterreinen van regionaal belang. Verder blijven Gedeputeerde Staten bevoegd wanneer de Minister van Infrastructuur en Milieu een weg c.q. spoorweg wil veranderen in situaties waarin de Tracéwet niet van toepassing is. Om hogere waardebesluiten te kunnen nemen is, zonder dat er ontheffingenbeleid is, een uitgebreide motivatie nodig bij elke te verlenen hogere waarde. Om dit te voorkomen kan het college ontheffingenbeleid vaststellen, zodat de hogere waardeprocedure binnen het ruimtelijke ordeningproces, niet tot vertraging zal leiden. Om hieraan te voldoen heeft de gemeente op 4 maart 2008 het 'Gemeentelijke ontheffingenbeleid hogere waardeprocedure ingevolge de Wet geluidhinder (hierna: de beleidsregel) vastgesteld.

Deze beleidsregel komt er kort gezegd op neer dat wanneer het uitvoeren van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de verwachte geluidbelasting op de gevel van de betrokken woningen of andere geluidgevoelige bestemmingen, onvoldoende doeltreffend zal zijn, dan wel stuit op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeers- of vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard, een hogere waarde mogelijk is. Daarnaast moet de geluidbelasting op de gevels van verblijfsruimten en de eventuele gecumuleerde geluidsbelasting worden beoordeeld. De gemeente Best hanteert daarbij het hogere waardebeleid zoals dat voorheen door de provincie Noord - Brabant opgesteld is en geïnterpreteerd is. Dat wil zeggen dat in een uitleggebied de voorkeursgrenswaarde van 48 dB niet overschreden mag worden. Een uitleggebied heeft de volgende kenmerken: » «

Het betreft veelal uitbreidingsgebieden aan de randen van de bebouwde kom van steden en dorpen. Het betreft veelal voornamelijk braakliggende gebieden van een zekere omvang waar nagenoeg geen bebouwing aanwezig is.

Het plangebied Steegsche Velden - Noord kan worden aangemerkt als een uitleggebied, zodat daarvoor in beginsel geen hogere waarden kunnen worden verleend. Slechts in bijzondere omstandigheden biedt de beleidsregel ruimte om in uitbreidingsgebieden een hogere geluidsgrenswaarde toe te staan. Deze bijzondere omstandigheden zijn: « »

Er is een duidelijke relatie tussen de weg en de ontheffingswoningen. Het is in alle redelijkheid niet mogelijk om voldoende geluidreducerende voorzieningen te treffen. Daarmee worden maatregelen bedoeld aan de geluidbron of in het overdrachtsgebied die zorgen voor een reductie tot de voorkeursgrenswaarde op alle woonlagen.

24

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ŴARCADIS

(ontwerp)

Om de ontwikkelingen in de onderhavige plangebied Steegsche Velden - Noord mogelijk te maken is een nadere uitwerking van de beleidsregel opgesteld, te weten de 'beleidsnotitie Nadere uitwerking Hogere waarde beleid voor uitbreiding Steegsche Velden' (hierna: beleidsnotitie), vastgesteld door burgemeester en wethouders van Best op 12 maart 2019. Zie voor deze beleidsnotitie bijlage 4. In deze beleidsnotitie is uiteen gezet waarom hier sprake is van een bijzonder omstandigheid. In de voorbereiding van het bestemmingsplan zijn namelijk alle mogelijke varianten van geluidsafscherming onderzocht om het geluid van de A2 in het uitbreidingsgebied Steegsche Velden Noord te verminderen. Er wordt een hoge geluidsafscherming aan de noordzijde van het plangebied geplaatst (geluidwal met scherm), haaks op het bestaande scherm. Met de afscherming kan echter niet worden bereikt dat alle woonlagen voldoen aan de voorkeursgrenswaarde. Zonder ontheffing kunnen vrijwel alleen woningen met één bouwlaag gebouwd worden met daarboven een zogenaamde dove kap. De meeste mensen willen dit echter niet. Zij willen graag een woning met twee bouwlagen en een kap, omdat ze dan meer slaapkamers en meer (praktische) ruimte hebben. Ook is de woning dan bruikbaarder voor een veel bredere doelgroep. Deze woningen sluiten kortom veel beter aan bij de wensen van inwoners.

De doelgroep voor grondgebonden woningen met één bouwlaag is veel kleiner; het is dus ook niet reëel de vervolgfase te vullen met dit specifieke woningtype. Daarnaast zorgen gebouwen met meer bouwlagen ook voor geluidsafscherming van het achterliggende gebied. Hierdoor hoeven er minder hogere grenswaarden te worden toegekend. Bij alle woningen, waarvoor een hogere waarde nodig is, voldoet minimaal één zijde van de woning aan de voorkeursgrenswaarde. Het is daarmee mogelijk om een buitenruimte en minimaal één verblijfsruimte aan de geluidluwe gevel te situeren. Dit wordt vastgelegd in de ‘hogere waarde’ besluiten en de omgevingsvergunning van de woningen waar de geluidbelasting hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. Om het woon- en leefklimaat verder te beschermen, worden ook eisen gesteld aan de isolatie van de gevels en daken van de geluidgevoelige gebouwen, zodat het niveau binnen goed is. Hierdoor is sprake van een goed woon- en leefklimaat voor de woningen. In paragraaf 3.6.2 wordt ingegaan op het uitgevoerde geluidsonderzoek ter plaatse van het plangebied.

25

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

0ARCADIS

(ontwerp)

Hoofdstuk 3 Uitgangspunten en randvoorwaarden Steegsche Velden - Noord

3.1

Kwaliteiten Aarle - Steegsche Velden

De ontwikkeling van het totale plangebied Aarle - Steegsche Velden, betreft de gebiedsontwikkeling van de uitbreidingslocatie van Best aan de noordwest zijde. De voorgenomen woningbouwontwikkeling Steegsche Velden - Noord maakt hier onderdeel van uit. De belangrijkste kwaliteiten om het plangebied te ontwikkelen tot een nieuw woongebied zijn: » » »

»

3.2

Goede bereikbaarheid van de planlocatie door de ligging ten opzichte van Rijksweg A2 en A58 en het treinstation van Best. De landschappelijke kwaliteiten van het nabij gelegen Nationaal Landschap Het Groene Woud verweven in de wijk; (groenstedelijk woonmilieu, 'zachte' overgang naar het buitengebied). De landschappelijke kwaliteiten van het nabij gelegen Nationaal Landschap Het Groene Woud benutten en waar mogelijk versterken door de ontwikkeling breder te trekken dan de wijk. In het plan Steegsche Velden - Noord is een recreatieve route opgenomen. Benutten en herstellen van cultuurhistorische routes en elementen (o.a. brinken, plaetsen, coulissen, waterlopen, kleinschaligheid, linten).

Programmatische aspecten

In het plangebied Steegsche Velden - Noord zal enkel een woningbouwprogramma worden gerealiseerd. Het programma dient gerealiseerd te worden binnen de maat en schaal van Best en in het bijzonder Steegsche Velden met als uitgangspunt voornamelijk grondgebonden woningen. Met de regio heeft Best afgesproken om een gedeelte van de Eindhovense woningbehoefte op te vangen. Voor de periode 2020-2030 werden ca. 1.500 woningen voorzien. Inmiddels is dit achterhaald door de Woondeal, zoals afgesloten tussen de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, het Stedelijk Gebied Eindhoven en de provincie Noord-Brabant, waarbij is afgesproken dat er in de periode 2019 tot en met 2023 27.000 woningen mogen worden gerealiseerd om in de woningbehoefte te voorzien. Voor de gemeente Best leidt dit tot een aanzienlijke uitbreiding van de bouwopgave. Een deel van deze nieuwbouw wordt gerealiseerd in reeds bekende uitbreidingslocaties, die in deze structuurvisie zijn aangeduid als ‘Gebied voor dorpsuitbreiding’, zo ook de voorgenomen woningbouwontwikkeling Steegsche Velden - Noord. De gebieden aangemerkt voor dorpsuitbreiding komen als eerste in aanmerking om te worden getransformeerd van onbebouwd gebied naar bebouwd gebied in de vorm van wonen en daarbij horende voorzieningen.

Bij de inrichting van ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met de kwaliteiten en structuren in het gebied en de omgeving. De natuurlijke ondergrond en de historisch gegroeide structuur van Best dienen te worden meegenomen bij de planvorming. Het programma moet gerealiseerd worden binnen de maat en schaal van het landschap.

3.3

Het bouwprogramma voor Steegsche Velden - Noord

Binnen het plangebied Steegsche Velden - Noord zijn maximaal 136 woningen woningen voorzien. Het betreft 14 bestaande bouwtitels en 122 nieuwe bouwtitels. De locaties met de bestaande bouwtitels zijn aan de zuidwestzijde (aanduiding 'specifieke vorm van wonen - 7' op de verbeelding; hier zijn 11 bestaande bouwtitels aanwezig) en aan de zuidoostzijde (aanduiding 'specifieke vorm van wonen - 12'; hier zijn 3 bestaande bouwtitels aanwezig) van het plangebied gelegen. De toegestane typologie van de woningen varieert en is mede afhankelijk van de locatie. De volgende

26

bestemmingsplan Steegsche Velden - Noord

ť* ARCADIS

(ontwerp)

typologiën zijn aan de orde: » Vrijstaand; « Twee-aaneengebouwd; » Geschakeld; » Aaneengebouwd. Daarbij wordt in de uitgifte voor een deel rekening gehouden met particulier opdrachtgeverschap. Op de verbeelding zijn 12 verschillende locaties aangegeven. In de regels is vervolgens uiteengezet welke mogelijkheden er op die locaties aanwezig zijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11105834/1