21004.2 - Reacties en antwoorden Concept-RES MRE - overheden (1)
Tekst van het document
De besparingsaanpak wordt afgestemd op de doelgroep, de stakeholders en het gebouw. Deze aanpak wordt uitgewerkt in energiebesparingsplannen per doelgroep: wonen, bedrijven en gemeentelijke/maatschappelijk vastgoed. Hierin wordt per doelgroep en soort gebouw in beeld gebracht welke besparingsaanpak (route, aanbod, communicatie) hier het beste bij aansluit en dus het grootste effect zal hebben. De aanpak wordt in het traject richting RES 1.0 vertaald in afspraken over samenwerking en ambities, met gemeenten en met stakeholders. De uivoering moet op lokaal niveau plaatsvinden.
4. Duurzame opwek 4.1De zonneladder is de basis van de systematiek van de RES, maar dit betekent niet dat de volgende trede pas wordt ingezet als de voorgaande trede ten volste is benut. 4.2 De opgave zo groot is dat het bestaande dak oppervlakte (ruimschoots) onvoldoende is. 4.3 Grootschalige opwek van elektriciteit op land alleen mogelijk is als: - Er een integrale afweging is gemaakt van alle belangen. - Lokale opgaven gekoppeld worden aan de energieopgave. - De ruimtelijke kwaliteit gewaarborgd blijft. - De opbrengsten lokaal terugvloeien in de samenleving. - Er een gedegen proces wordt doorlopen met de belanghebbenden in onze gemeente. 4.4 Er een integrale visie komt op de toekomst van Sonniuswijk (binnen de omgevingsvisie). 4.5 Lokaal deze unieke kans voor bedrijven in het buitengebied benut wordt om een bijdrage te laten leveren aan het transitie van het landelijk gebied. Waardoor de negatieve uitstoot (stkstof, ammoniak, CO2, drijfmest) kan worden omgezet naar een posit eve impact. 4.9 Er zo veel mogelijk gebruik gemaakt wordt van de potente van de inpassing langs bestaande infrastructuur. In het geval van Son langs de A50 en het Wilhelminakanaal. 4.7 Het college vragen om actef grondbeleid te onderzoeken voor energieopwekking.
Wat betreft de punten die worden genoemd die betrekking hebben op de regionale aanpak kan het volgende worden aangevuld: In het kader van de PlanMER gaan wij zorgvuldig naar de zoekgebieden voor grootschalige opwek kijken, die uit de eerste analyse naar voren zijn gekomen. Die gebieden zijn naar voren gekomen, rekening houdende met wetgeving die andere gebieden uitsluit In het planMER worden omgevings- en milieuaspecten onderzocht en de mogelijke (financiële) koppelingen met brede thema's die in de concept-RES naar voren zijn gekomen. Dit vormt de basis voor verdere afwegingen. We bewaken de ruimtelijke kwaliteit door expliciet te streven naar: - maximale inzet op besparing, zuinig en meervoudig ruimtegebruik; - het benutten van de gebiedspecifieke meekoppelkansen; - waar mogelijk energievraag en -aanbod zo dicht mogelijk bij elkaar te houden; - het hanteren van de ‘zonneladder' bij het bepalen van de locaties voor zonne-energie. Bij de verdere uitwerking van de zoekgebieden, waaronder ook het zoekgebied ‘no-regreť voor opwekking van energie uit zon op daken en restgronden, wordt ook de toepassing van de zonneladder verder uitgewerkt. We nemen als voorwaarde mee naar het Rijk dat nu al volop moet worden ingezet op het uitbreiden van het elektriciteitsnet door Enexis en Tennet
Toelichting: in het duurzaamheidsbeleid van 2012 en 2016 heeft de gemeenteraad de ambitie uitgesproken om in 2030 een klimaatneutrale gemeenschap te zijn. De opgave van de RES is ingrijpend, maar gaat veel minder ver dan de lokale ambitie. Het bod van de MRE aan de Rijksoverheid is2 TWh. 0.9 TWh van deze 2 TWh bestaat uit noregret maatregelen (daken, infrastructuur, pauzelandschappen, etc.) of al bestaande projecten. De rest van het bod (1.1 TWh) moet komen vanuit grootschalige opwekking van elektriciteit op land (zon of wind). Het totale elektriciteitsgebruik in de regio is 5.55 TWh en de totale energievraag (exclusief mobiliteit) is 14.25 TWh (zie bijlag+D248e 5 van de concept RES). De RES gaat dus maar over 360 Zo van het totale elektriciteitsgebruik en 14% van de totale energievraag in de regio (exclusief mobiliteit). De ambitie de gemeenteraad van Son en Breugel gaat dus veel verder (100% van de totale energievraag duurzaam inclusief mobiliteit in 2030). Het bod is in lijn met de ambitie van het klimaatakkoord (70% van de elektriciteitsverbruik in Nederland is in 2030 duurzaam opwekt en 38ĩi van de duurzame elektriciteitsopwekking moet komen uit de opgave van de RES). De zoekgebieden voor de overige opwekking van grootschalige elektriciteit zijn nog indicatief. Binnen Son en Breugel is Sonniuswijk is aangewezen als een zoekgebied op basis van de potentie.
De Sonniuswijk is bied kansen door onder andere het aantal agrariërs dat gaat stoppen en de ligging onder de aanvliegroute van Eindhoven Airport. Er is nu al een verandering gaande in het gebied. Op ambtelijk niveau wordt er nu gewerkt aan een integrale visie op Sonniuswijk (waar mogelijk binnen de omgevingswet). De RES is een bouwsteen voor de integrale visie, maar er spelen ook andere belangen zoals de natuurontwikkeling, agrarische belangen, cultureel erfgoed en woningbouwprogrammering. De verandering biedt ook de kans voor het buitengebied om een substantiële positieve bijdrage te leveren op het gebied van energie. Uiteindelijk blijft de gemeenteraad aan zet met het vaststellen van de omgevingsvisie en het omgevingsplan. We pleiten voor energiecorridors, langs het kanaal, de A50, A2, A58, A67. Langs deze wegen op de zogenaamde restgronden is veel mogelijk. Dan hoeven we beperkt gebruik te maken van vruchtbare landbouwgrond en natuurgebied. Een bundeling van kleinere maatregelen kan ook een grote energiebijdrage betekenen. Voor grote windturbines is meer grond nodig en de gemeente zou hier een actief grondbeleid in moeten voeren. Onderzoek toont aan dat windenergie echt rendabel wordt als er minimaal drie windturbines bij elkaar staan, als één wingebied. Met zonnepanelen alleen redden we het niet.
Reacties concept-RES Metropoolregio Eindhoven - overheden