CConstaterende datBernheze
Koppel je AI →
Document · PDF

Vaststelling bestemmingsplan 'Menzel 28, Nistelrode' - Toelichting

Commissie Ruimtelijke Zaken 30 november 2022, gemeente BernhezeBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan 'Menzel 28, Nistelrode'18.949 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

5.13 Volksgezondheid i.r.t. veehouderijen Algemeen Besmetting kan optreden door inademing van besmet stof van stallen, weilanden, ruwe wol en dierenhuiden, door direct contact met besmette dieren en door het nuttigen van besmette rauwe melk of onvoldoende verhit besmet vlees. Met name het verwaaien van ingedroogde en op weilanden uitgereden mest zou zorgen voor verspreiding van de bacteriën naar de mens. In de Handreiking veehouderij en volksgezondheid 2.0 (versie mei 2018) is een stappenplan opgenomen om te beoordelen of er knelpunten worden gevonden voor een bestemmingsplan en of nadere advisering vanuit de GGD wenselijk is Dit stappenplan is voor het te realiseren plan doorlopen. Endotoxinen Een veehouderij kan ten gevolge van blootstelling aan endotoxinen een effect hebben op de volksgezondheid. Endotoxinen zijn celwandresten van bacteriën die met name op de luchtwegen werken. Voor de beoordeling van endotoxinen is geen wettelijk kader vastgesteld. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt een door de Gezondheidsraad voorgestelde advieswaarde van 30 EU/m³ gehanteerd. Afstanden, waarbinnen deze advieswaarde wordt overschreden, zijn te berekenen door middel van het endotoxine-toetsingskader.

Omdat endotoxinen zich met (fijn)stofdeeltjes naar de omgeving verspreiden, zijn in het toetsingskader op basis van de fijnstofemissie afstanden bepaald die een te hoge blootstelling aan endotoxinen zullen voorkomen. Wat betreft mogelijke cumulatieve effecten wordt in het toetsingskader endotoxinen bij de beoordeling van individuele initiatieven een omgevingsbewuste benadering geadviseerd. Het plangebied ligt buiten de richtafstanden die aangehouden moeten worden rondom de varkensen pluimveehouderijen in de omgeving. Emissies De realisatie van een enkele woning zal niet leiden tot relevante emissies van geur, fijnstof of ammoniak.

73 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

Geur, aanvaardbaarheid woon-/leefklimaat Zie separate rapportage ‘Geurhinder’. Geconcludeerd wordt dat er sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat en dat er wordt voldaan aan de minimaal te hanteren afstand. Daarnaast levert het plan geen onevenredige belemmeringen op voor de veehouderijen in de omgeving. Veehouderij met meerdere diersoorten Op de locatie Menzel 32 is een kleinschalige veehouderij aanwezig met maximaal 6 paarden, 10 schapen, 18 runderen en 6 vleesvarkens. Er kan niet gesproken worden over een intensieve veehouderij. De geuremissie is beperkt en voldoet aan het geurbeleid. Aan de richtafstand (afstand bedraagt 40 meter) wordt niet voldaan maar tussen deze locatie en het plangebied bevindt zich meer geurgevoelige objecten. In dit kader wordt wel voldaan aan de afstandseisen. Opgemerkt dient te worden dat de locatie ligt binnen een extensiveringsgebied. Afstand t.o.v. geitenhouderij en/of pluimveebedrijven Uit het recente onderzoek Veehouderij en Gezondheid Omwonenden (VGO-3), uitgevoerd door het RIVM blijkt dat er geen sprake meer is van een statistisch significante associatie tussen een verhoogd risico op longontsteking en het wonen in de buurt van een pluimveehouderij. Met betrekking tot geitenhouderijen bevestigt het VGO-3 het vastgestelde verhoogde risico uit eerdere studies.

Binnen een straal van circa 2 kilometer rond geitenhouderijen is sprake van een verhoogd risico op longontsteking. Binnen 2 kilometer van het plangebied zijn geen bedrijven met geiten gelegen. Mestbewerking of mestverwerking Het plan betreft de bouw van een woning. Er zal geen mest bewerkt of verwerkt worden. Ongerustheid volksgezondheid omwonenden Gezien de realisatie van netto één woning voorzien wij geen ongerustheid over de volksgezondheid en is er ook geen ongerustheid bekend. Door GGD is op 1 februari 2021 een advies geschreven over de gezondheidskundige beoordeling van de ontwikkeling van Menzel 28 (zie bijlage). Door de GGD is het volgende geconcludeerd en geadviseerd: • Zowel de voor- als achtergrondgeurbelasting voldoet aan de gezondheidskundige advieswaarde. Echter, hierbij wordt wel een kanttekening geplaatst. In de directe nabijheid van de te bouwen woningen staan ook veehouderijen waar dieren zonder wettelijke emissiefactor worden gehouden. Hiervoor wordt een afstandscriterium gehanteerd, waaraan niet altijd wordt voldaan. Daarnaast worden op de zorgboerderij ook nog dieren gehouden, die niet in de berekeningen worden meegenomen. Geurhinder wordt door meerdere aspecten veroorzaakt dan enkel de geurbelasting. Wanneer geurhinder wordt ervaren, wordt geadviseerd om in overleg met de ondernemers te kijken hoe de geurbelasting eventueel teruggedrongen kan worden.

Belangrijk is ook toekomstige bewoners over de geurbelasting te informeren. 74 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

• •

•

De fijnstof belasting PM 10 ligt onder de gezondheidskundige advieswaarde, die van PM2,5 ligt er net boven, zoals op veel plekken in Nederland. De ontwikkeling ligt niet binnen 50 meter van een drukke doorgaande weg (> 10.000 mve). De afstand tot de snelweg (A50) voldoet net aan de vanuit gezondheid gehanteerde afstand van 300 meter (bron google maps). De geluidsbelasting afkomstig van de Menzel of A50 ligt net boven de vanuit gezondheid gehanteerde advieswaarde van 50 dB op de gevel. Niet inzichtelijk is wat de gecumuleerde geluidsbelasting is en wat de geluidsbelasting gedurende de nacht is. Aanvullende berekeningen zijn nodig om inzicht te krijgen in hoeverre hinder/ slaapverstoring kan optreden. Kijk bij het ontwerp van de woningen in hoeverre het mogelijk is om hier rekening mee te houden, bijvoorbeeld door het zodanig ontwerpen van de woningen dat de slaapvertrekken aan de meest stille zijde zijn gelegen of door bij de keuze van ventilatievoorzieningen/ overige installaties de geluidsbelasting als afweegcriterium mee te nemen.

Met betrekking tot het laatste punt is cumulatie in het akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Menzel 28 opgenomen. CONCLUSIE Op korte afstand ligt een kleinschalige veehouderij, formeel wordt aan de eisen van de wet geurhinder voldaan. Hiervoor is een advies van GGD ontvangen. Na het doorlopen van de overige stappen in het stappenplan kan worden geconcludeerd dat er geen knelpunten worden gevonden voor de opgestelde plannen.

5.14 Bomen In de nabijheid van de nieuwbouwlocatie aan Menzel 28, bevinden zich twee platanen. Teneinde in beeld te hebben wat de (mogelijke) impact van de ontwikkeling op deze bomen is, heeft Hoogendoorn Boomadvies B.V. een Boomeffectanalyse op gesteld. De rapportage, d.d. 14 mei 2021, kenmerk P211595/BEA/MJH, is integraal als bijlage bij deze toelichting gevoegd. Vraagstelling Naast de boominventarisatie en de kwaliteitsopname is er behoefte aan een boomeffectanalyse. Dat is een gestandaardiseerde beoordeling die de te verwachten effecten in kaart brengt. In dit onderzoek staat de vraag centraal of de bomen in het perspectief van de voorgenomen herinrichting in de huidige verschijningsvorm op de huidige standplaats duurzaam behouden kunnen blijven. Om deze vraag te beantwoorden is kennis van de volgende deelaspecten van belang: • De actuele conditie, kwaliteit en toekomstverwachting van de bomen bij een onveranderde situatie. • De opstelling van een prognose van de effecten en wat de invloeden van de voorgenomen werkzaamheden zijn en het benoemen van de toekomstverwachting op basis van het huidige ontwerp. • De aanduiding van de handhaafbaarheid op basis van de verkregen resultaten. 75 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

•

De aanreiking van de te nemen maatregelen om de beschermwaardige bomen duurzaam te handhaven en te beschermen.

In de genoemde en bij deze toelichting gevoegde rapportage, is per boom een overzicht van bevindingen opgenomen. Op basis van de Boomeffectanalyse kan tot de volgende conclusies worden gekomen: 1. In de actuele situatie is de conditie van beide platanen normaal zoals van de soort verwacht kan worden. Beide platanen zijn onbeschadigd, de kwaliteit van beide bomen is goed. De onderlinge afstand tussen de bomen, waartussen de inrit gerealiseerd dient te worden, is ruim 9 meter. 2. De te verwachten effecten van de aanleg van de inrit op basis van het ontwerp zijn niet of nauwelijks van invloed op deze platanen, mits de randvoorwaarden en aanbevelingen worden nageleefd. 3. De insteek van het cunet van de toegangsweg dient bij boomnummer 1 aan de westzijde en bij boomnummer 2 aan de oostzijde op ten minste 1,50 meter afstand van de stamvoet te worden gerealiseerd. Uitgraving van het cunet tot maximaal 30 cm beneden maaiveld. Het cunet afvullen met grof zoet zand en verdichten tot maximaal 2,5 Mpa. Vervolgens bijvoorbeeld betonklinkerkeien maximaal 10 cm dik aanbrengen. De greppel ontdoen van de graszode, maximaal 15 cm diep uitgraven en afvullen met grof zand. Dieper uitgraven zal resulteren in ernstige wortelschade. 4. Voorafgaand aan de bouwwerkzaamheden is de plaatsing van vaste bouwhekken rondom de bomen noodzakelijk.

De minimale afstand aan de opritzijde waarop de bouwheken worden geplaatst dient 150 cm te zijn. Aan de rijwegzijde tevens bouwhekken plaatsen om het aanrijden van de stamvoeten door lossend bouwverkeer te voorkomen. Daarnaast zijn de boombeschermende maatregelen van toepassing, zoals in bijlage 1 en 2 van de bijgevoegde rapportage zijn opgenomen. 5. Om de effecten van de werkzaamheden niet van invloed te laten zijn, dienen de boombeschermende maatregelen en aanbevelingen te worden nageleefd. CONCLUSIE

Indien de voorgestelde boombeschermende maatregelen en aanbevelingen worden nageleefd, zullen er geen negatieve effecten zijn op de bomen.

5.15 M.e.r.-beoordeling Toetsingskader De milieueffectrapportage (m.e.r.) is een hulpmiddel om bij diverse procedures het milieubelang een volwaardige plaats in de besluitvorming te geven. Een m.e.r. is verplicht bij de voorbereiding van plannen en besluiten over initiatieven en activiteiten van publieke en private partijen die belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu kunnen hebben. 76 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

Behalve aan de uitvoeringsaspecten bedoeld in de Awb en het Bro dient ook te worden getoetst aan het Besluit m.e.r.. Per 1 april 2011 is het Besluit m.e.r gewijzigd. De belangrijkste aanleidingen hiervoor zijn de modernisering van de m.e.r wetgeving in 2010 en de uitspraak van het Europese Hof van 15 oktober 2009. (HvJ EG 15 oktober 2009, zaak C-255/08 – Commissie vs. Nederland) Uit deze uitspraak volgt dat de omvang van een project niet het enige criterium mag zijn om wel of geen me.r.-(beoordeling) uit te voeren. Ook als een project onder de drempelwaarde uit lijst C en D zit, kan een project belangrijke nadelige gevolgen hebben, als het bijvoorbeeld in of nabij een kwetsbaar natuurgebied ligt. Gemeenten en provincies moeten daarom per 1 april van 2011 ook bij kleine bouwprojecten beoordelen of een m.e.r.-beoordeling nodig is. Achterliggende gedachte hierbij is dat ook kleine projecten het milieu relatief zwaar kunnen belasten en ook bij kleine projecten van geval tot geval moet worden beoordeeld of een MER nodig is. Een m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag om te beoordelen of bij een project belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. Het toevoegen van netto één nieuwe woning wordt niet beschouwd als een stedelijk ontwikkelingsproject in de zin van het Besluit m.e.r.. CONCLUSIE Een vormvrije m.e.r.-beoordeling kan daarmee achterwege blijven.

77 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

HOOFDSTUK 6 JURIDISCHE PLANBESCHRIJVING 6.1 Inleiding Een bestemmingsplan is een zogenaamd bindend plan. Dat wil zeggen dat het bindend is voor zowel de overheid als voor de burgers. Regels (voorschriften) en verbeelding (de plankaart) zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. De toelichting is niet juridisch bindend, maar moet zoals de naam al zegt worden gezien als een nadere toelichting op de regels en de verbeelding. Bovendien geeft het inzicht in de afweging die tot het bepalen van de bestemmingen heeft geleid.

6.2 Toelichting verbeelding De verbeelding is getekend op een kadastrale ondergrond, schaal 1:1.000. Op de verbeelding is een aantal bestemmingen (Agrarisch met waarden – Leefgebied dassen en Waarde-Archeologie) en aanduidingen (Bouwvlak, Specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte’, Specifieke bouwaanduiding-dove gevel, twee-aaneen, aantal bedrijfswoningen en maximaal aantal wooneenheden en ‘specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing, ‘specifieke vorm van agrarisch – zorgboerderij’ en ‘specifieke vorm van agrarisch – kleinschalig kampeerterrein’).

6.3 Toelichting regels De planregels zijn verdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 geeft de inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsplanregels weergegeven. In dit hoofdstuk worden de op de verbeelding opgenomen bestemmingen geregeld. In hoofdstuk 3 zijn algemene regels opgenomen waaronder de anti-dubbeltelbepaling en algemene regels voor afwijken bij omgevingsvergunning. In hoofdstuk 4 zijn de overgangsregels en is de slotregel opgenomen. Een bestemmingsartikel is als volgt opgebouwd: - Bestemmingsomschrijving - Bouwregels - Nadere eisen - Afwijking van de bouwregels - Specifieke gebruiksregels - Afwijking van de gebruiksregels - Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden - Wijzigingsbevoegdheden

78 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

6.4 Toelichting bestemmingen 6.4.1 Agrarisch met waarden – Leefgebied dassen De voor “Agrarisch met waarden – Leefgebied dassen” aangewezen gronden zijn bestemd voor behoud, herstel en ontwikkeling van landschappelijke en natuurwaarden, die relevant zijn voor het leefgebied van de dassen, agrarisch grondgebruik. Burgerwoningen zijn toegestaan ter plaatse van de aanduiding “Specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte”. De woning die ter plaatse van de aanduiding “specifieke vorm van wonen – ruimte voor ruimte” – binnen het bouwvlak - mag worden opgericht, moet - samen met de bedrijfswoning - als ‘tweeaaneen’ worden opgericht. Deze woning mag een inhoud hebben van maximaal 1.000 m³. Bij de woning zijn bijgebouwen toegestaan met een oppervlakte van maximaal 100 m². ‘ Voor de aanduiding ‘Specifieke vorm van groen – landschappelijke inpassing’ geldt een voorwaardelijke verplichting voor realisering en in stand laten van een bij de regels gevoegde inrichtingsschets. Verder is de bestaande zorgboerderij en het kleinschalig kampeerterrein positief bestemd met een aanduiding: ‘specifieke vorm van agrarisch – zorgboerderij’, respectievelijk ‘specifieke vorm van agrarisch ‘kleinschalig kampeerterrein’.

6.4.2 Waarde-Archeologie 2 De voor “Waarde - Archeologie 2” bestemde gronden zijn mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden en gronden, met een hoge archeologische verwachtingswaarde.

79 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

HOOFDSTUK 7 UITVOERBAARHEID 7.1 Economische uitvoerbaarheid Het verhaal van plankosten via een exploitatieplan is uitgangspunt in de Wet ruimtelijke ordening. In de wet is ook bepaald dat van een exploitatieplan kan worden afgezien als verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan begrepen gronden anderszins is verzekerd. De voorgestane ontwikkeling aan Menzel 28 in Nistelrode betreft een particulier initiatief. De met de ontwikkeling gepaard gaande kosten worden dan ook gedragen door de desbetreffende particuliere initiatiefnemer. Hiermee is de financiële haalbaarheid voor de gemeente gegarandeerd. Dit plan heeft geen financiële consequenties voor de gemeente. De initiatiefnemers zullen voor vaststelling van onderhavig bestemmingsplan een anterieure overeenkomst met de gemeente Bernheze sluiten. Hierin zal tevens het verhaal van eventuele planschade op de initiatiefnemer worden geregeld. Kostenverhaal is hiermee ‘anderszins’ verzekerd. CONCLUSIE Het plan is financieel uitvoerbaar.

7.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid Het bestemmingsplan is conform artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening in vooroverleg gezonden naar de betreffende personen en instanties. Hierna heeft het ontwerpbestemmingsplan de procedure van artikel 3.8 en verder van de Wet ruimtelijke ordening doorlopen. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken ter visie gelegen, waarbij de mogelijkheid bestond om zienswijzen in te dienen. Er is één zienswijze ingediend. In de als bijlage bij deze toelichting gevoegde Nota zienswijzen, bestemmingsplan ‘Menzel 28, Nistelrode’, is de zienswijze samengevat weergegeven. Tevens is in deze nota de reactie van de gemeente opgenomen en aangegeven hoe de zienswijze is verwerkt in het vastgestelde bestemmingsplan.

80 Bestemmingsplan Menzel 28 Nistelrode Toelichting

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Bernheze&id=8457bf7f-4396-4961-962b-4723530150c3